Debat in de Digitale Hofstad

Stemmen uit de Haagse Wijken

Turkse Spionnen in Den Haag ?? – de nasleep

AD 25.02.2020

De “Grijze Wolven” ook in Den Haag ??

Maandag 24.02.2020 werd duidelijk dat vijf partijen in de Haagse gemeenteraad (Haagse Stadspartij, de Partij voor de Dieren, de SP, GroenLinks en de PvdA) willen weten of de gemeente subsidie geeft aan een organisatie die banden heeft met de rechts-nationalistische Turkse organisatie de ‘Grijze Wolven’. Het gaat om de Turks Islamitisch Culturele Stichting.

Eerder deze maand verscheen het rapport ‘De hand van de overheid voedt nog altijd de Grijze Wolven’, samengesteld door het linkse actieplatform Doorbraak. Dit rapport suggereert dat de Haagse stichting Türk Islam Kültür Vafki, ofwel de Turks Islamitisch Culturele Stichting, banden heeft met de Grijze Wolven en dat deze organisatie subsidie heeft ontvangen van de gemeente.

De Grijze Wolven zijn een Turkse nationalistische beweging die wordt geassocieerd met de extreemrechtse politieke partij MHP. Volgens een rapport van het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid uit 2017 is de organisatie in het verleden in verband gebracht met rechts-nationalistisch geweld tegen onder andere Koerden, Alevieten en linkse politieke tegenstanders.

Vlaggen van de Grijze Wolven

Voor de Haagse Stadspartij, de Partij voor de Dieren, de SP, GroenLinks en de PvdA genoeg reden om aan de bel te trekken. De politieke partijen (De Haagse Stadspartij, Partij voor de Dieren, SP, GroenLinks en PvdA) baseren zich op een recent rapport van de anti-fascistische onderzoeksgroep Doorbraak.

Taylan Devrim (een schuilnaam)  van Doorbraak: ,,TICS is direct verbonden met Turkije. Ze doet zich in Den Haag voor als progressief, sociaal en liberaal. Wanneer je de Turkstalige publicaties leest die ze verspreiden, dan wordt er keiharde rechtse propaganda verkondigd.”

Naast het rapport baseren zij zich op foto’s op de Facebookpagina van de stichting waarop bijeenkomsten te zien zijn waar vlaggen van de Grijze Wolven aan de muur hangen en waar het handgebaar van de beweging wordt gemaakt.

Aan het college vragen de partijen of de banden tussen de stichting en de Grijze Wolven ooit zijn onderzocht. Ook vragen zij of het klopt of de stichting subsidie ontvangt en of dit wenselijk is als deze inderdaad aan de Turkse beweging is gelieerd. Volgens het rapport van Doorbraak heeft de stichting in totaal 17.150 euro ontvangen. Een deel daarvan moet nog verantwoord worden. De kans bestaat dat de gemeente dit alsnog terugvordert.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Ottomaanse Rijk

Zo wordt een terugkeer van het Ottomaanse Rijk, dat in z’n hoogtijdagen een gebied van China tot diep in Europa omvatte, verheerlijkt, meent Devrim. ,,Annexeren, dat is uiteindelijk het doel. Vijanden daarin zijn onder andere Alevieten en Koerden. In Turkije, maar ook hier in Nederland.”

Devrim pleit niet voor een verbod van TICS. ,,Maar het moet wel duidelijk zijn waar ze voor staan. Op dit moment maken Haagse politici en de politie gebruik van het centrum om met de Turkse gemeenschap te spreken. Ook ontvangt het centrum subsidiegeld voor wijkactiviteiten.”

Terrorist

“Er wordt gesproken over ‘Grijze Wolf’, dus dat betekent dat er een rechtspersoon zou bestaan waarmee wij als stichting verbonden zouden zijn, dat is niet juist”, zegt Islam Democraten-fractievoorzitter Tahsin Çetinkaya in het Den Haag FM-programma Rob’s Tussendoortje.

Tahsin reageert daarmee op vragen die door vijf partijen werden gesteld over een subsidie die de Turks Islamitisch Culturele Stichting heeft gekregen, Çetinkaya is voorzitter van deze stichting. “We hebben geen enkele Geen juridische band, met welke organisatie dan ook.”

Tahsin Çetinkaya is voorzitter van de  Turks Islamistisch Culturele Stichting (TICS) in de Kempstraat. Hij vindt de beschuldigingen ‘onnozel’. ,,Als ik het goed begrijp word ik er nu van beticht een racist te zijn, een terrorist zelfs. Het omgekeerde is het geval: we helpen de gemeenschap waar we kunnen en openen ook de deuren voor onze zogenaamde vijanden.”

Als voorbeeld noemt hij een recente uitvaart van een Irakees-Koerdische man. ,,De familie kwam naar ons toe, ze hadden geen geld om die begrafenis te regelen. Dan omarmen we die mensen en helpen ze verder. Wij zijn er alleen maar op gericht om het goede te doen, in Transvaal en in heel Den Haag.”

De grijze wolf staat voor Turkije, zoals de oranje leeuw voor Nederland staat. Daar hoef je niets achter te zoeken, aldus Tahsin Çetinkaya.

Çetinkaya erkent dat TICS subsidie ontvangt van de gemeente. ,,Denk je dat we ook maar een cent zouden krijgen als we een risico vormen? We worden ervan beschuldigd geweld te gebruiken. Ik vraag aan die mensen: over welke incidenten hebben jullie het dan? Ons centrum is de afgelopen jaren de dupe geworden van agressieve acties van Koerdische Arbeiderspartij PKK. Niet omgekeerd.”

In het centrum zijn diverse symbolen van de Grijze Wolven goed zichtbaar. Daar is niets geks aan, vindt Çetinkaya. ,,De grijze wolf staat voor Turkije, zoals de oranje leeuw voor Nederland staat. Daar hoef je niets achter te zoeken. Hetzelfde geldt voor de vlag met de drie halve manen: dat is eenvoudigweg een voorloper van de huidige Turkse vlag.”

Vragen

“Partijen hebben recht om vragen te stellen”, aldus  Tahsin. Ik heb er geen bezwaar tegen. Alleen waar ik me niet in kan vinden is de inleiding. In de inleiding wordt gesuggereerd dat wij Koerden en Alevieten zouden aanvallen. Dat moet eerst bewezen worden. Je moet dan ook bewijzen dat onze stichting deze mensen aangevallen zou hebben. De andere vragen over subsidie doet mij geen pijn.”

Wie zijn die “Grijze Wolven”?

De Milliyetçi Hareket Partisi (MHP) of Partij van de Nationalistische Beweging is wat de naam aangeeft: nationalistisch, maar dan wel erg extreem. De partij werd in 1969 opgericht door de voormalige kolonel Alparslan Türkesh, die in 1960 nog betrokken was bij een staatsgreep tegen een democratische regering.

De ideologie van de MHP gaat echter terug op ideeën die in de 19e eeuw ontstonden over de verheerlijking van het “superieure” Turkse ras en natie die de islambeschaving op een hoger niveau getild zouden hebben. In die periode tierden overigens gelijkaardige -zij het dan christelijk geïnspireerde- nationalismen in Duitsland, Frankrijk, Engeland en Rusland en andere Europese landen. Zowel de Jong-Turkse junta (1908) als Mustafa Kemal “Atatürk”, in 1923 de oprichter van de Republiek Turkije, tankten ideologisch uit dat vaatje, net zoals de MHP later.

Het Turkse nationalisme dreef op frustratie over het verval van het eens zo machtige Ottomaanse rijk en kende veel gezichten, van het republikeinse “kemalisme” van Atatürk, tot enkel op Anatolië (Turkije nu) gerichte nationalisme, maar vooral in het “panturanisme”, het streven naar een groot “Turan”, het ideaal van de eenheid van alle Turkssprekende volkeren, van de Balkan in Europa over het Midden-Oosten en de Kaukasus tot Centraal-Azië, de bakermat van de Turkse volkeren. Voor sommigen mag daar Mongolië bij.

Dat bracht de ideologie in botsing met bestaande grenzen, met het Russische rijk en nadien de Sovjet-Unie, met China (dat Xinjiang of Oost-Turkestan controleert), maar ook met minderheden zoals Armeniërs, Koerden, Grieken, Joden en deels ook Arabieren en Perzen.

“Wij tegen hen”

Dat gewelddadige confrontatie niet gemeden werd, bleek tijdens de Armeense genocide van een eeuw geleden, de brutale verdrijving van de Griekse minderheid uit de jonge Turkse republiek en de mislukte strijd van Jong-Turkse leiders in de Kaukasus en Centraal-Azië in de jaren 20.

In een meer recent verleden hakten knokploegen van de MHP in de jaren 60 en 70 gewelddadig in op linkse groepen en vakbonden in Turkije of minderheden zoals de Koerden of de alevieten, een uit het sjiisme gegroeide religieuze beweging. Na de staatsgreep van 1980 werd de MHP net als andere partijen verboden en onderdrukt, om nadien terug te keren.

De MHP neemt dan wel deel aan verkiezingen, maar heeft een sterke arm in de paramilitaire vleugel van “Idealisten”, die ook “Grijze Wolven” genoemd worden. Sommige “wolven” vochten in de jaren 90 in de strijd van Azerbeidzjan tegen Armenië in Nagorno-Karabach of met Tsjetsjenen tegen de Russen en meer recent zouden “vrijwilligers” opgemerkt zijn bij de Turkse inval in de Syrisch-Koerdische enclave Afrin.

In eigen land zijn andersdenkende Turken  -journalisten, politici of gewone burgers- die als “verraders” worden bestempeld, het slachtoffer, maar ook Chinese restaurants en toeristen. Dat laatste als reactie tegen de Chinese onderdrukking van de (Turkse) Oeigoeren in Xinjiang in Centraal-Azië. Toen per vergissing ook Zuid-Koreaanse toeristen belaagd werden, reageerde een leider van de “wolven” als volgt: “Chinezen of Koreanen, ze hebben allemaal spleetogen”.

De sterke arm van de “wolven” reikt ook tot onder de Turkse “diaspora” in Europa en tot in België toe. Volgens het magazine Der Spiegel zouden er in Duitsland -dat een grote Turkse minderheid heeft- zo’n 10.000 sympathisanten van de Grijze Wolven of de MHP zijn.

Meer dan ooit kan de MHP nu wegen op het beleid van Erdogan, nu die partij meer de islamitische kaart trekt en de president nationalistische gevoelens uitbuit. Dat kan gevolgen hebben voor wat overblijft van de democratie in Turkije -altijd al een wankel gegeven- en voor het beleid van Ankara tegenover Europa en in buurlanden zoals Syrië. Of zoals MHP-leider Devlet Bahçeli eind vorig jaar zei: “‘Als we niet in de NAVO blijven, is dat niet het einde van de wereld”.

Geschiedenis van het gebaar

Kortom, zijn de Grijze Wolven middels het pact dat zij met “de duivel” sloten de stoottroepen van de Turkse staat of is het “slechts” een gebaar ????

Er is een belangrijk verschil tussen de Grijze Wolven, een rechtse groepering, en het Grijzen Wolven gebaar.

Iets wat te vaak wordt weggelaten in de media. Waardoor missconcepties ontstaan. Het gebaar is al meer dan duizend jaar oud en werd doorheen de geschiedenis gekaapt door verschillende bewegingen en politieke organisaties. Een extreme organisatie kaapte het gebaar tot diens symbool in de jaren 60’ en ’70 en pleegde ook geweld. Wat niet goed valt te praten natuurlijk. Maar daar hebben de Turken helemaal niets mee te maken.

Het Grijze Wolven gebaar – met het bekende handgebaar met pink en wijsvinger – werd duizend jaar geleden gebruikt door Turkstalige nomaden, die vanuit Centraal-Azië naar het westen trokken, als begroetingsmiddel of om een goede prestatie te vieren zoals een overwinning of een succesvolle jacht.

Turkse nomaden die in groepen trokken en elkaar tegenkwamen maakten het gebaar om erop te wijzen dat ze van het Turkse ras waren. Het gebaar is zelfs terug te traceren tot de zesde eeuw. Een aantal jaren geleden hebben archeologen in China een beeld – die het Grijze Wolven gebaar deed – opgegraven. Het beeld dateert uit de zesde eeuw na christus.

Volgens historici zou het gebaar overgewaaid zijn van de boeddhistische cultuur in de pre-islamitische periode. De Turken hebben zich pas in de 11de – 12de eeuw bekeerd tot de islam. Het Grijze Wolven gebaar dateert uit de periode toen de Turken nog niet in aanraking waren gekomen met de islam.

Betekenis van het gebaar in de 21ste eeuw

Voor diezelfde reden heeft het gebaar een belangrijke betekenis voor de Turken maar dan vooral de Turkse rechtse nationalisten maar ook de seculiere linkse Turken. In die context gebruiken Turkse nationalisten in Turkije het gebaar om aan te tonen dat hun roots en afstamming tot ver in het verleden reikt. Zowel Turkse nationalisten als seculiere Turken maken het gebaar.

Zelfs Kemal Kılıçdaroğlu, de voorzitter van de grootste seculiere linkse oppositiepartij in Turkije, deed het gebaar een aantal keren tijdens een van zijn politieke bijeenkomsten.

Vorige zomer organiseerde de oppositieleider een ‘mars voor gerechtigheid’ en tijdens deze mars deed hij het Grijze Wolven gebaar. Vaak wordt het gebaar in de media geassocieerd met de aanhangers van de MHP, de Partij van de Nationalistische Beweging, een rechts-nationalistische politieke partij of met ‘de Grijze Wolven’, een beweging die zich in de jaren ’60 en ’70 schuldig maakte aan criminele feiten.

Maar niets is dus minder waar. Tegenwoordig heeft het gebaar een symbolische betekenis in Turkije en wordt het door meeste Turken gebruikt ongeacht hun politieke voorkeur.

lees: RIS 304685 Gemeentesteun aan de Grijze Wolven 17.02.2020

lees: RIS 304685_Gemeentesteun_aan_de_Grijze_Wolven_Bijlage_1 februari 2017

lees: RIS 304685_Gemeentesteun_aan_de_Grijze_Wolven_Bijlage_2 05.02.2020

zie ook: Turkse Spionnen in Den Haag ??

Zie ook: De Lange arm van Erdogan in Rotterdam en verder !! – deel 2

Zie ook: Verhoogde dreiging door aanslagen en extremisme – deel 17- Parlementaire ondervraging

Zie ook: Verhoogde dreiging door aanslagen en extremisme – deel 16

Zie ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 15

Hoe Nederland Turks extreemrechts nationalisme subsidieert onder het mom van integratie

VN 28.02.2020 Het echte multiculturele drama, schrijft Zihni Özdil, is dat Nederland blijft geloven dat het goed is om Turkse ultra-nationalisten te subsidiëren. ‘We hebben al eerder gezien wat voor kruitvat er inmiddels is.’

Stel: Turkije heeft zich in de jaren na de Tweede Wereldoorlog economisch hard ontwikkeld. En stel: Nederland is arm en grotendeels agrarisch gebleven. De Turkse industrie bloeit en al snel ontstaat er een arbeidstekort. Ankara besluit vervolgens om ‘gastarbeiders’ uit Nederland te halen.

Grote groepen mensen uit gebieden als Staphorst, de Achterhoek, Zuid-Limburg, Zeeland en Friesland vertrekken naar Turkije om daar te werken. Na een paar jaar brengen ze hun vrouwen en kinderen over. De Turkse overheid constateert dat de Nederlanders geen ‘gasten’ meer zijn. Vanuit Ankara besluit men dan integratiebeleid te maken. En stel dat de Turkse overheid dan organisaties zoals de SGP, Opus Dei en de NSB gaat subsidiëren om in Turkije de ‘integratie’ van Nederlanders te bevorderen.

Deze ultraconservatieve en extreemrechtse clubs krijgen geld en faciliteiten om allerlei stichtingen, scholen, media en internaten op te richten in Turkije. Dit noemt men in Turkije ‘multicultureel’ en ‘integratie met behoud van de eigen cultuur’. Deze clubs slagen er vervolgens in om Nederlanders in Turkije vijftig jaar lang te hersenspoelen en in de houdgreep te houden. En linkse Turkse intellectuelen zijn de grootste pleitbezorgers van Nederlandse neonazi’s, zwarte-kousengereformeerden en schimmige katholieke sektes.

Dat klinkt ondenkbaar. Toch is dit exact wat er is gebeurd in Nederland toen de gastarbeiders hiernaartoe kwamen. Vooral Turkse Nederlanders hebben dit ‘integratiebeleid’ omarmd. Van de extreemrechtse Grijze Wolven tot het Turkse overheidsorgaan Diyanet en de fundamentalistische Milli Görüş en Gülen: deze clubs hebben van de Nederlandse overheid alle middelen gekregen om hun tentakels diep in de Turkse gemeenschap in Nederland te boren. Met als resultaat dat het wereldbeeld van veel Turkse Nederlanders vandaag de dag zwaar conservatief-religieus, patriarchaal, antisemitisch, homofoob en Turks-nationalistisch is.

Uit allerlei peilingen blijkt dat Turkse Nederlanders zich van alle etniciteiten het minst identificeren met Nederland, de grootste taalachterstand hebben, het minst buiten de ‘eigen’ etniciteit trouwen en het meest gescheiden van andere groepen leven.

Een hele generatie Nederlanders die nota bene hier is geboren en getogen wordt nog steeds met de paplepel ingegoten dat ze geen Nederlanders zijn.

Zo zit Nederland vol deels illegale Turkse moskee-internaten die worden gerund door fundamentalistische en extreemrechtse clubs uit Turkije. In 2012 was er enige ophef over dergelijke internaten in Rotterdam. De door de PvdA gedomineerde deelgemeente wist dat ze brandonveilig waren, maar kneep een oogje dicht. NRC Handelsblad maakte naar aanleiding daarvan een fotoreportage. En zoals altijd wanneer buitenstaanders op bezoek komen, zetten die internaten hun beste beentje voor. Op de foto’s zijn nette slaapzalen, computerruimtes en braaf studerende leerlingen te zien. De boodschap: ‘Kijk maar, er gebeuren geen rare dingen.’

Als je de Turkse taal niet machtig bent en de context niet kent, ben je makkelijk te beduvelen. Op een van die foto’s leest een jongen een boek. Op de kaft in het Turks de titel De brieven van onze martelaren. De auteur van dat boek is een Turkse ex-soldaat en extreemrechtse ideoloog die in zijn boeken onder meer schrijft over ‘de Europese en zionistische samenzwering tegen de Turkse natie’. Zo wordt een hele generatie Nederlanders die nota bene hier is geboren en getogen nog steeds met de paplepel ingegoten dat ze geen Nederlanders zijn.

DEKMANTELS

Vooral beleidsmakers en ambtenaren weten al heel lang wat voor vlees ze in de kuip hebben. Neem bijvoorbeeld de extreemrechtse Grijze Wolven. Op vragen van de SP over subsidie aan een van de vele dekmantels van de Grijze Wolven reageerde het Haagse college in 2003 zo: ‘De gemeente geeft subsidie aan de Turkse Culturele Stichting in Den Haag voor sociaal culturele activiteiten die integratie in de Haagse samenleving bevorderen (bijvoorbeeld taalles, computercursussen, sport). De opstelling van een organisatie over zaken die primair de binnenlandse aangelegenheden van het herkomstland betreffen speelt in beginsel geen rol bij de beoordeling van een subsidieverzoek.’

De op segregatie gerichte onverschilligheid stoelt op het Nederlandse beleid van ‘integratie met behoud van de eigen identiteit’.

Dit citaat is slechts een greep. Er zijn de afgelopen dertig jaar ontelbare beleidsstukken verschenen waarmee Nederlandse overheidssteun aan extreemrechtse Turkse nationalisten wordt goedgepraat.

Zelfs onthullingen hadden geen effect. In 1997 schreven journalisten Stella Braam en de inmiddels overleden Mehmet Ülger een boek over de aanwezigheid van de Grijze Wolven in Nederland. Hun journalistieke spitwerk onthulde tot in detail hoeveel en welke dekmantelorganisaties er actief zijn in Nederland. En hoe ze op allerlei manieren steun krijgen van de Nederlandse overheid.

‘Laat die Turken maar in hun eigen cultuur,’ zeiden ambtenaren aan wie Braam en Ülger vroegen waarom ze subsidie verstrekten aan Turkse extremisten.

Deze op segregatie gerichte onverschilligheid stoelt op het Nederlandse beleid van ‘integratie met behoud van de eigen identiteit’. In 1981 was dat in het Beleidsplan culturele minderheden in het onderwijs al het doel van de regering. Terwijl de rest van Nederland aan het onkerkelijken was, stelde de Minderhedennota van 1983 dat ‘religie een functie heeft in de ontwikkeling van de zelfwaarde van etnische minderheden’.

De beleidsstukken, academische discussies en politieke programma’s die volgden, waren doorspekt met termen als ‘tolerantie’ en ‘eigen cultuur’. Anno 2020 gaat die onverschillige overheidshulp onverminderd door. Met het geld van de Nederlandse belastingbetaler krijgen extreemrechtse Turkse nationalisten nog steeds subsidie en faciliteiten om hun ideologie te verspreiden. En dat allemaal nog steeds onder het mom van ‘integratie’ en ‘emancipatie’.

Het is een grote fout geweest van Nederland om het integratiebeleid zo in te vullen.

Neem bijvoorbeeld die Turks Islamitisch Culturele Stichting in Den Haag. Een notoire Grijze Wolven-club. Een snelle scan van openbare bronnen tot 2018 leert dat deze stichting minstens 30.000 euro subsidie heeft ontvangen. De voorzitter is de extreemrechtse Turkse nationalist Tahsin Çetinkaya, die ook fractievoorzitter is van de Islam Democraten in Den Haag. Ook is hij een belangrijke spilfiguur in de banden die de Grijze Wolven hebben met de politieke partij DENK. Zo stond Nur Icar, de fractievertegenwoordiger van Çetinkaya, ook op de provinciale kandidatenlijst van DENK in Zuid-Holland.

Den Haag is slechts een topje van de ijsberg. De Grijze Wolven zijn overal in Nederland georganiseerd en gesubsidieerd, met als dekmantel allerlei ‘culturele’ organisaties.

IN EEN HOUDGREEP

Hoe nu verder? Het is in elk geval niet vol te houden dat de integratie succesvol is als minderheden gesegregeerd van de rest van Nederland door extreemrechtse organisaties uit andere landen in een houdgreep worden gehouden. Het is een grote fout geweest van Nederland om het integratiebeleid zo in te vullen, en een grote schandvlek dat het werk van Stella Braam en Mehmet Ülger op geen enkele manier tot beleidswijzigingen leidde.

In 2020 vindt het echte multiculturele drama plaats in de Turks-Nederlandse gemeenschap. Als Nederlandse beleidsmakers en ambtenaren blijven geloven dat extreemrechtse Turkse nationalisten subsidiëren goed is zolang Turken in Nederland maar niet te veel overlast veroorzaken, zal dat drama uiteindelijk kunnen ontvlammen in een explosieve tragedie.

We hebben in 2017, met de rellen bij het Turkse consulaat en de demonstratie op de Erasmusbrug in Rotterdam, gezien wat voor kruitvat er inmiddels is: een ultranationalistische Turkse, ironisch genoeg in Nederland geboren en getogen generatie die goed georganiseerd is en zodra een leider in Turkije met zijn vingers knipt, klaarstaat om actie te ondernemen in Nederland.

Voorzitter Turkse stichting: Geen juridische band met welke organisatie dan ook

Den HaagFM 26.02.2020 “Er wordt gesproken over ‘Grijze Wolf’, dus dat betekent dat een rechtspersoon zou bestaan waarmee wij als stichting verbonden zouden zijn, dat is niet juist”, zegt Islam Democraten-fractievoorzitter Tahsin Çetinkaya in het Den Haag FM-programma Rob’s Tussendoortje.

Tahsin reageert daarmee op vragen die door vijf partijen werden gesteld over een subsidie die de Turks Islamitisch Culturele Stichting heeft gekregen, Çetinkaya is voorzitter van deze stichting. “We hebben geen enkele juridische band, met welke organisatie dan ook.”

“Onze activiteit is bekend bij de gemeente, politie en overheid. Aanvragen voor subsidies worden netjes getoetst. Als het anders zou zijn, het OM is het stadhuis zelfs binnengestapt, waarom zouden ze dat bij ons niet doen?”, vervolgt Tahsin. “Partijen hebben recht om vragen te stellen.

Ik heb er geen bezwaar tegen. Alleen waar ik me niet in kan vinden is de inleiding. In de inleiding wordt gesuggereerd dat wij Koerden en Alevieten zouden aanvallen. Dat moet eerst bewezen worden. Je moet dan ook bewijzen dat onze stichting deze mensen aangevallen zou hebben. De andere vragen over subsidie doet mij geen pijn.”

Maandag werd duidelijk dat vijf partijen in de Haagse gemeenteraad (Haagse Stadspartij, de Partij voor de Dieren, de SP, GroenLinks en de PvdA) willen weten of de gemeente subsidie geeft aan een organisatie die banden heeft met de rechts-nationalistische Turkse organisatie de ‘Grijze Wolven’. Het gaat om de Turks Islamitisch Culturele Stichting.

Haagse partijen stellen vragen over subsidies aan Turkse stichting

OmroepWest 24.02.2020 Geeft de gemeente Den Haag subsidie aan een organisatie die banden heeft met de rechts-nationalistische Turkse organisatie de ‘Grijze Wolven’? Vijf partijen in de gemeenteraad hebben hierover vragen gesteld. Het gaat om de Turks Islamitisch Culturele Stichting (TICS). Voorzitter van deze stichting is Tahsin Çetinkaya, fractievoorzitter van de Islam Democraten in de Haagse raad.

Eerder deze maand verscheen het rapport ‘De hand van de overheid voedt nog altijd de Grijze Wolven’, samengesteld door het linkse actieplatform Doorbraak. Dit rapport suggereert dat de Haagse stichting Türk Islam Kültür Vafki, ofwel de Turks Islamitisch Culturele Stichting, banden heeft met de Grijze Wolven en dat deze organisatie subsidie heeft ontvangen van de gemeente.

De Grijze Wolven zijn een Turkse nationalistische beweging die wordt geassocieerd met de extreemrechtse politieke partij MHP. Volgens een rapport van het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid uit 2017 is de organisatie in het verleden in verband gebracht met rechts-nationalistisch geweld tegen onder andere Koerden, Alevieten en linkse politieke tegenstanders.

Vlaggen van de Grijze Wolven

Voor de Haagse Stadspartij, de Partij voor de Dieren, de SP, GroenLinks en de PvdA genoeg reden om aan de bel te trekken. Naast het rapport baseren zij zich op foto’s op de Facebookpagina van de stichting waarop bijeenkomsten te zien zijn waar vlaggen van de Grijze Wolven aan de muur hangen en waar het handgebaar van de beweging wordt gemaakt.

Aan het college vragen de partijen of de banden tussen de stichting en de Grijze Wolven ooit zijn onderzocht. Ook vragen zij of het klopt of de stichting subsidie ontvangt en of dit wenselijk is als deze inderdaad aan de Turkse beweging is gelieerd. Volgens het rapport van Doorbraak heeft de stichting in totaal 17.150 euro ontvangen. Een deel daarvan moet nog verantwoord worden. De kans bestaat dat de gemeente dit nog terugvordert.

Al langer signalen

Fractievoorzitter van de SP Lesley Arp ving al langer signalen op van de mogelijke banden tussen de stichting en de Grijze Wolven. Het rapport van Doorbraak zette een paar recente feiten op een rijtje. Dat bracht haar en haar collega’s ertoe om de vragen te stellen. ‘Op de Facebookpagina van de stichting staan recente posts met veel symboliek van de radicaal rechtse beweging. Waarom subsidiëren wij dit?’

Arp wil graag opheldering hebben over wat precies de relatie is tussen de stichting en de Grijze Wolven. Ook wil ze weten of de gemeente scherp genoeg is bij het verstrekken van subsidies. ‘Dus ook van andere organisaties die extremisme en intolerantie prediken.’

‘Geen extremistische betekenis’

Fractievoorzitter van de Islam Democraten in de Haagse raad Tahsin Çetinkaya is voorzitter van de Turks Islamitisch Culturele Stichting. Volgens hem proberen zowel Doorbraak als de vraagstellers zijn organisatie in een fout hoekje te drukken. Hij overweegt dan ook juridische maatregelen tegen beide. ‘Ze associëren ons met moordenaars.’

‘Er is geen club die “Grijze Wolven” heet’, aldus Çetinkaya. Het symbool van de wolf, zoals dat ook op de vlaggen staat, wordt volgens hem door Turken over de hele wereld gebruikt, net als het gebaar. ‘Het heeft geen extremistische betekenis.’

Koerden en Alevieten

Çetinkaya vertelt dat iedereen welkom is bij zijn stichting. ‘We zijn al dertig jaar maatschappelijk betrokken en hebben een goede verstandhouding met de buurt. Koerden, Alevieten, Ghanezen, Bulgaren, iedereen komt bij ons langs. Iedereen is welkom en ik ga met iedereen in gesprek.’

LEES OOK: Turkse stichting ‘betreurt’ dodelijke steekpartij: ‘We wensen nabestaanden veel sterkte toe’

Meer over dit onderwerp: GRIJZE WOLVEN TICS DEN HAAG

Haagse politiek: ‘Stop subsidie extreem-rechtse Grijze Wolven’

AD 24.02.2020 Den Haag moet geen cent subsidie meer geven aan de Turks Islamitisch Culturele Stichting (TICS) op de Kempstraat. De stichting verspreidt het extreem-rechtse gedachtegoed van de Turkse Grijze Wolven in de stad. Dat beweren vijf lokale partijen, die raadsvragen stellen.

De politieke partijen (De Haagse Stadspartij, Partij voor de Dieren, SP, GroenLinks en PvdA) baseren zich op een recent rapport van de anti-fascistische onderzoeksgroep Doorbraak. Taylan Devrim (een schuilnaam)  van Doorbraak: ,,TICS is direct verbonden met Turkije. Ze doet zich in Den Haag voor als progressief, sociaal en liberaal. Wanneer je de Turkstalige publicaties leest die ze verspreiden, dan wordt er keiharde rechtse propaganda verkondigd.”

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Ottomaanse Rijk

Zo wordt een terugkeer van het Ottomaanse Rijk, dat in z’n hoogtijdagen een gebied van China tot diep in Europa omvatte, verheerlijkt, meent Devrim. ,,Annexeren, dat is uiteindelijk het doel. Vijanden daarin zijn onder andere Alevieten en Koerden. In Turkije, maar ook hier in Nederland.”

Devrim pleit niet voor een verbod van TICS. ,,Maar het moet wel duidelijk zijn waar ze voor staan. Op dit moment maken Haagse politici en de politie gebruik van het centrum om met de Turkse gemeenschap te spreken. Ook ontvangt het centrum subsidiegeld voor wijkactiviteiten.”

Terrorist

Tahsin Çetinkaya is voorzitter van de  Turks Islamistisch Culturele Stichting (TICS) in de Kempstraat. Hij vindt de beschuldigingen ‘onnozel’. ,,Als ik het goed begrijp word ik er nu van beticht een racist te zijn, een terrorist zelfs. Het omgekeerde is het geval: we helpen de gemeenschap waar we kunnen en openen ook de deuren voor onze zogenaamde vijanden.”

Als voorbeeld noemt hij een recente uitvaart van een Irakees-Koerdische man. ,,De familie kwam naar ons toe, ze hadden geen geld om die begrafenis te regelen. Dan omarmen we die mensen en helpen ze verder. Wij zijn er alleen maar op gericht om het goede te doen, in Transvaal en in heel Den Haag.”

De grijze wolf staat voor Turkije, zoals de oranje leeuw voor Nederland staat. Daar hoef je niets achter te zoeken, aldus Tahsin Çetinkaya.

Çetinkaya erkent dat TICS subsidie ontvangt van de gemeente. ,,Denk je dat we ook maar een cent zouden krijgen als we een risico vormen? We worden ervan beschuldigd geweld te gebruiken. Ik vraag aan die mensen: over welke incidenten hebben jullie het dan? Ons centrum is de afgelopen jaren de dupe geworden van agressieve acties van Koerdische Arbeiderspartij PKK. Niet omgekeerd.”

In het centrum zijn diverse symbolen van de Grijze Wolven goed zichtbaar. Daar is niets geks aan, vindt Çetinkaya. ,,De grijze wolf staat voor Turkije, zoals de oranje leeuw voor Nederland staat. Daar hoef je niets achter te zoeken. Hetzelfde geldt voor de vlag met de drie halve manen: dat is eenvoudigweg een voorloper van de huidige Turkse vlag.”

Intimidatie

Klinkklare onzin, stelt Devrim van Doorbaak. ,,Dat is zeggen dat je een Swastika gebruikt als een oud Oosters teken, dat niets te maken heeft met het hakenkruis van nazi-Duitsland. Die symbolen staan wel degelijk voor een ideologie, die binnen het centrum ook door middel van feesten, congressen, vrouwen- en kinderclubjes volop wordt verspreid.”

Fatima Faïd van de Haagse Stadspartij nam het initiatief tot de raadsvragen. ,,TICS doet zich voor als zelforganisatie in Transvaal, maar is in feite een politieke organisatie. Heel gek dat daar gemeenschapsgeld naartoe gaat. Ik ken de verhalen van intimidatie vanuit het centrum uit eerste hand. Dat speelde bijvoorbeeld in stembureaus tijdens de laatste Turkse verkiezingen.”

Polarisatie

Het is niet de eerste keer dat er raadsvragen worden gesteld over het centrum. Çetinkaya: ,,Het gebeurt eens in de zoveel jaren. Eerder beantwoordde het college dat subsidie niet in gevaar is, omdat de activiteiten passen in gemeentelijke beleid.”

Çetinkaya zegt dat de aandacht voor zijn centrum alleen maar leidt tot polarisatie. ,,We zijn juist op de goede weg met alle verschillende bevolkingsgroepen in de stad. Dit roept heel veel irritatie op.”’

februari 27, 2020 Posted by | aanslag, AKP, Armeense genocide, ataturk, bedreiging, coup, dreiging, Erdogan, extreem rechts, Fethullah Gülen, grijze wolf, islam, koerden, kruistochten, MHP, moslim, Mustafa Kemal, Ottomaanse Rijk, President Tayyip Recep Erdogan, Tayyip Recep Erdogan, terreur, terreurdreiging, terrorisme, TICS, turkije | , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Turkse Spionnen in Den Haag ?? – de nasleep

Verhoogde dreiging door aanslagen en extremisme – deel 17- Parlementaire ondervraging

Hoe gaat de Tweede Kamer onderzoek doen?
De parlementariërs grijpen naar een nieuw middel: de mini-enquête. Of officiëler: de parlementaire ondervraging. Het is eigenlijk een flitsversie van zijn bekendere broertje: de parlementaire enquête.

Op zes dagen komen negentien betrokkenen en deskundigen aan bod. Het gaat om AIVD-baas Dick Schoof, maar ook terreurdeskundigen en vooral: de leiding van diverse moskeeën. Aan de hand van de ondervragingen maakt de commissie een verslag dat de Kamer kan gebruiken als achtergrondinformatie bij het nog te voeren Kamerdebat.

AD 10.02.2020

Waar draait het om?

Door het ondervragen van negentien deskundigen en betrokkenen wil de Tweede Kamer onderzoeken of de financiering van islamitische instellingen tot radicalisering leidt.

Telegraaf 12.02.2020

De vraag is: wat willen andere landen in ruil voor de financiering van islamitische instellingen in ons land?

Het gaat hierbij vooral om geld uit ‘onvrije landen’, als Saoedi-Arabië, Golfstaten, of Turkije. Volgens deskundigen kleeft aan het geld ook de verspreiding van fundamentalisme. Het kabinet werkt aan een wet om de geldstromen transparanter te maken, maar de Tweede Kamer hoopt via de ondervragingen (onder ede) die vandaag 10.02.2020 beginnen meer ‘efficiënte maatregelen’ te bedenken.

Telegraaf 11.02.2020

Het parlementaire onderzoek

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren financiering hebben aangevraagd in Golfstaten of daadwerkelijk geld hebben ontvangen uit deze landen. Het gaat om miljoenen euro’s uit Koeweit en Saudi-Arabië.

AD 17.02.2020

De hoorzittingen van de Tweede Kamer nemen in totaal twee weken in beslag. In de eerste week worden deskundigen gehoord. In de tweede week worden de besturen van de omstreden As-Soennah-moskee en de alFitrah-moskee onder ede gehoord.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Hoe groot is het probleem?

De nieuwe generatie salafistische moslims in Nederland vormt een serieuze bedreiging voor de Nederlandse rechtsstaat op de lange termijn. Dat heeft AIVD-directeur Schoof gezegd in zijn verhoor door de Tweede Kamer-commissie die ongewenste beïnvloeding van moskeeën onderzoekt.

Terreurdeskundige Ronald Sandee vertelde in zijn verhoor dat de Moslimbroederschap, gefinancierd door Qatar, veel invloed heeft in de Blauwe moskee in Amsterdam. Jonge Nederlandse en Engels sprekende imams prediken daar met succes een soort “Nedersalafisme” voor een jong publiek. Dat toelaten is naïef, zegt Sandee.

Telegraaf 11.02.2020

Invloed van extreme moslimpredikers is moeilijk in tabellen te vatten, maar de AIVD maakt zich bijvoorbeeld al langer zorgen over de invloed vanuit Golfstaten. In Utrecht bijvoorbeeld ligt de alFitrah-moskee al jaren onder vuur, waar kinderen geleerd wordt te leven volgens de orthodoxe islam.

AD 01.04.2020

AD 01.04.2020

En de Haagse as-Soennah-moskee zou gefinancierd worden door een organisatie uit Koeweit met sprekers die de jihad goedpraten. Vorig jaar nog berichtte NRC dat op zo’n vijftig moskeescholen kinderen leerden dat zij afvallige moslims dood zouden moeten wensen.

Homo’s zouden de doodstraf verdienen. Vooral het salafisme zou aan terrein winnen door de financiering van ver. Die geloofsuitleg van de islam verwerpt democratie en bestempelt de omgang met niet-moslims als verwerpelijk. Ook de Nederlandse Syriëgangers hangen vaak deze stroming aan.

Hoe reageren moskeeën?
Een aantal is verbolgen en spreekt van een hetze. Het bestuur van de as-Soennah-moskee weigerde aanvankelijk te komen opdraven voor de ondervraging. De geldstroom ontkennen ze niet altijd. Zo doneerde Koeweit 1,3 miljoen euro voor de financiering van de Blauwe Moskee in Amsterdam-Slotervaart.

Een topambtenaar van het Koeweitse ministerie van Religieuze Zaken werd later voorzitter van het bestuur van de Blauwe Moskee. Volgens een vertrouwelijke memo van de antiterrorismecoördinator NCTV, in handen van Nieuwsuur, waren er vier jaar geleden nog 13 salafistische moskeeën in Nederland, nu zijn dat er 27.

Het aantal salafistische predikers verdubbelde van 50 naar 110. Toch ontkennen veel moskeeën dat er met de geldstromen invloed ‘gekocht’ wordt. Dat zullen zij dan ook voor de commissie getuigen, is de verwachting.

Wat gaat de commissie dan achterhalen?
Volgens commissievoorzitter Michiel Rog (CDA) zijn er ook ‘relevante’ documenten gevorderd bij een aantal ministeries en islamitische instellingen. Die zouden geldstromen in kaart kunnen brengen, al wilde hij dat vorige week nog niet prijsgeven.

Daarnaast worden deskundigen, maar ook de (voormalige) burgemeesters van Den Haag en Utrecht gehoord die van dichtbij kunnen hebben gezien wat de uitwerking van giften is geweest.

Komt er daarmee duidelijkheid?
Dat valt te betwijfelen. De commissie vroeg ook om de boekhouding van de alFitrah-moskee, die ook een islamles verzorgt. Maar die weigert tot dusver de documenten over te dragen. Ook worden er geen geldschieters, bijvoorbeeld medewerkers van ambassadeurs van de onderzochte landen, verhoord.

Of dit te maken heeft met diplomatieke betrekkingen, wilde commissieleider Rog niet zeggen. Die vroeg evenmin gegevens op bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, terwijl daar al jarenlang een lijst ligt van de door de Golfregio gefinancierde moskeeën.

Telegraaf 22.02.2020

Telegraaf 22.02.2020

Waar draait het om?
Grote vraag is: wat willen andere landen in ruil voor de financiering van islamitische instellingen in ons land? Het gaat hierbij vooral om geld uit ‘onvrije landen’, als Saoedi-Arabië, Golfstaten, of Turkije. Volgens deskundigen kleeft aan het geld ook de verspreiding van fundamentalisme. Het kabinet werkt aan een wet om de geldstromen transparanter te maken, maar de Tweede Kamer hoopt via de ondervragingen (onder ede) die vandaag beginnen meer ‘efficiënte maatregelen’ te bedenken.

AD 14.02.2020

Wat kinderen op salafistische moskeescholen leren

Nieuwsuur en NRC deden vorig jaar onderzoek naar het lesmateriaal van informele salafistische scholen. De kinderen leren welke mensen ‘vijanden’ of ‘ongelovigen’ zijn. Ook gaat het over de doodstraf voor mensen die vreemdgaan, homoseksuelen en afvalligen. Kinderen krijgen hierbij invuloefeningen en multiple choice vragen. Ze moeten bijvoorbeeld kiezen welke straf de juiste is: a. zweepslagen, b. stenigen, c. doden met een zwaard.

Telegraaf 14.02.2020

Diplomatiek

Diplomatiek overleg heeft wel nut gehad, zegt hij. Sommige ambassadeurs die optraden als bemiddelaar tussen de geldschieters en Nederlandse moskee-organisaties zijn daar na gesprekken mee opgehouden.

Ook bepaalde landen die al dan niet via stichtingen hier geld uitdeelden, zagen daar vanwege de goede betrekkingen met Nederland van af. Om welke landen en ambassadeurs het gaat wilde Schoof niet zeggen.

Terreurdeskundige Ronald Sandee vertelde in zijn verhoor dat de Moslimbroederschap, gefinancierd door Qatar, veel invloed heeft in de Blauwe moskee in Amsterdam. Jonge Nederlandse en Engels sprekende imams prediken daar met succes een soort “Nedersalafisme” voor een jong publiek. Dat toelaten is naïef, zegt Sandee.

Ook het toelaten van moskeeën van de Turkse overheid met door Turkije betaalde imams is naïef, vindt hij. Daar zit een politieke en religieuze strategie achter, namelijk het beïnvloeden van Nederlandse Turken. Sandee: “Het zou helpen als Nederland af en toe zegt ‘Tot hier en niet verder’.”

De Tweede Kamercommissie wil van Schoof weten wat er aan te doen is. Als voorbeeld noemt de commissie de aanpak van problemen op het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.

De overheid is verschillende keren teruggefloten vanwege de eigen regels. Minister Slob had volgens de rechter de geldkraan niet mogen dichtdraaien. En de AIVD had volgens de toezichthouder de waarschuwing voor de school niet zorgvuldig genoeg opgeschreven.

Telegraaf 19.02.2020

Wet

De Raad van State buigt zich op korte termijn over een wetsvoorstel van het kabinet om ongewenste financiering uit ‘onvrije landen’ te kunnen beperken. Dit vertelde topambtenaar Mark Roscam Abbing vandaag. Hij werd gehoord in het parlementaire onderzoek naar buitenlandse financiering van met name islamitische instellingen.

Vorig jaar meldde het kabinet al zo’n wet te overwegen, maar dat dit complex is vanwege de grondwettelijke godsdienstvrijheid. Ook is het lastig te bewijzen dat geld bedoeld is voor onwenselijke uitingen. Uit Roscam Abbings opmerkingen valt op te maken dat het kabinet nu toch een wettelijke formule denkt te hebben gevonden, al zei hij ook: ,,Het is echt een zoektocht.” Het advies van de Raad van State is doorgaans de voorbode van het naar de Tweede Kamer sturen van een wetsvoorstel.

Verhoordagen

Maandag 10.02.2020, woensdag 12.02.2020 en donderdag 13.02.2020 waren de eerste verhoordagen.

Van de burgemeesters wil de commissie weten hoe een stad met problematische moskeeën moet omgaan en of de burgemeesters wel voldoende kunnen ingrijpen als bijvoorbeeld kinderen op Koranscholen leren dat niet-moslims vijanden zijn.

Die vijandigheid werd donderdag 13.02.2020 duidelijk, door de bedreigingen en verdachtmakingen van mensen die hun verhaal aan de commissie vertelden. De verhoren met bepaalde moskeebesturen liepen stroef.

Politiek verslaggever Arjan Noorlander: “Om die reden vraagt de commissie zich af of de verhoren wel nieuwe informatie gaan opleveren. Sluiten de betrokken moskee-besturen niet juist de luiken door alle aandacht? Aan de andere kant toont juist die weigerachtigheid aan dat er wel degelijk problemen zijn met salafistische moskeeën.”

Dreigementen

De AIVD waarschuwt er al langer voor. De nieuwe generatie salafistische moslims in Nederland vormt een serieuze bedreiging voor de Nederlandse rechtsstaat op de lange termijn, zei directeur Schoof. De mensen die vorige week werden verhoord bevestigden dit beeld.

Eerste reeks

Lees hier de artikelen:

‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën

Samenvatting: Wie is de baas in de moskeeën? Spanning rond Kamer-onderzoek neemt toe

Tweede reeks

Vanaf maandag 17.02.2020 staan er weer spannende verhoren op de agenda van de Tweede Kamercommissie die ongewenste, buitenlandse beïnvloeding van moskeeën onderzoekt.

“De commissie voelt de spanning. Deze week komen bestuurders van moskeeën langs die bepaald niet staan te springen om informatie te delen. Sterker nog, zij beschuldigen de Tweede Kamer van een heksenjacht,” zegt politiek verslaggever Arjan Noorlander van Nieuwsuur:

AD 18.02.2020

Vandaag 17.02.2020 gaat het om de As-Soenah-moskee in Den Haag, die onlangs opnieuw in opspraak kwam omdat een medewerker wordt vervolgd voor het aanbevelen van vrouwenbesnijdenis.

Telegraaf 18.02.2020

Oud-burgemeester Krikke van Den Haag werd ook verhoord.

Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig
Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’

Woensdag 19.02.2020 staat de alFitrah-moskee in Utrecht op de agenda. Die begon weken geleden al een strijd met de Tweede Kamer. Het moskeebestuur weigerde informatie te geven, waarop de Kamer het bestuur voor de rechter daagde. Het hoger beroep dient op vrijdag 21 februari. Toch moet het bestuur woensdag verschijnen. De Utrechtse burgemeester Van Zanen komt ook.

Het is dus de vraag of het deze week vanaf 17.02.2020 beter gaat. Donderdag 20.02.2020 komt de moskeeketen Diyanet van de Turkse overheid aan bod. Hier gaat het niet over rechtstreekse financiering uit Koeweit of Qatar, maar over religieuze en politieke invloed van de Turkse overheid, die de meeste imams opleidt en betaalt.

Voormalig PvdA-Kamerlid Keklik Yücel vertelde de commissie eerder dat Turkije via de moskeeën religieus nationalisme verspreidt onder Turkse Nederlanders. “Al zijn ze op Nederlands grondgebied, mentaal zijn ze in Turkije”, zei zij. Andersdenkenden worden bedreigd. Ook de laatste verhoren zullen dus zeker tot discussie leiden.

Politiek verslaggever Arjan Noorlander: “Maar zelfs als het laatste verhoor achter de rug is, hebben we nog geen volledig beeld van wat de commissie weet. Want in de voorbereiding zijn bij verschillende bronnen grote hoeveelheden informatie opgevraagd. Dan gaat het over bankgegevens en netwerken van personen in binnen en buitenland die de gang van zaken binnen de Nederlandse moskeeën naar hun hand willen zetten. Het blijft dus spannend.”

De commissie wil het eindrapport in april 2020 af hebben.

Het parlementaire onderzoek

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren miljoenen euro’s uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië hebben aangevraagd.

De hoorzittingen (schema) van de Tweede Kamer nemen in totaal twee weken in beslag.

De commissie, die uit negen Kamerleden bestaat, heeft de ondervraging grofweg opgesplitst in twee onderdelen. De commissie heeft tijdens een persconferentie op donderdag 6 februari 2020 bekend gemaakt wie zij heeft opgeroepen voor verhoor en wanneer. Dit is het verhoorschema. Updates kunt u regelmatig vinden op de commissiepagina van deze site.

Alle openbare verhoren zijn te bekijken of te beluisteren via de livestream en via de app Debat Direct.

Telegraaf 21.02.2020

Terugblik;

De Laatste verhoordag van de Tweede Kamercommissie die ongewenste beïnvloeding van moskeeën onderzoekt is achter de rug. Grote vraag is wat de conclusie van de commissie zal zijn: is er sprake van die beïnvloeding uit “onvrije landen”, en zo ja, moet de overheid ingrijpen?

Telegraaf 20.02.2020

Een terugblik op twee weken verhoren onder ede.

Het meest spraakmakende verhoor was dat met imam Suhayb Salam van de alFitrah-moskee in Utrecht, gisteren. Hij weigerde meteen al op te staan bij het afleggen van de belofte en noemde het verhoor een poppenkast.

Telegraaf 20.02.2020

Commissie krijgt ruzie met ondervraagde Salam

Het verhoor van Salam krijgt een juridisch staartje. Hij wilde nauwelijks antwoord geven op vragen over zijn moskeescholen, waar kinderen leren dat andersgelovigen slecht zijn en dat homoseksualiteit bestraft moet worden. Ook wilde hij niet zeggen of er niet-wettige islamitische huwelijken worden gesloten.

De commissie onderzoekt of hij voor meineed kan worden vervolgd. Zulke juridische stappen moeten wel kans van slagen hebben, want het proces verliezen zou schadelijk kunnen zijn voor het aanzien van de commissie.

AD 20.02.2020

En dan is er morgen het hoger beroep van de stichting alFitrah van dezelfde imam Salam. Die moet volgens een uitspraak van de rechter informatie en documenten aan de Tweede Kamer geven, op straffe van een dwangsom. De stichting vecht dat aan.

Geen invloed in ruil voor geld

Dan de centrale onderzoeksvraag. Uit geen van de verhoren is gebleken dat er een direct verband is tussen geld uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië en religieuze invloed. Er zijn geen contracten boven water gekomen waarin een geldschieter eist dat er bepaalde religieuze lessen worden gegeven, of bepaalde imams moeten preken.

De tot de islam bekeerde Nederlander Jacob van der Blom haalde bijvoorbeeld miljoenen binnen uit Qatar en Koeweit. Maar hij bestrijdt dat daar religieuze invloed voor werd teruggevraagd. Ook El Damanhoury van de Al-Fourqaan moskee in Eindhoven, Taheri van de As-Soennah-moskee in Den Haag en Salam van alFitrah zeggen dat hun geldschieters geen invloed hebben op de religieuze koers.

Toch worden er soms mensen uit deze landen benoemd in moskeebesturen, bijvoorbeeld vlak nadat er een grote financiële donatie is gedaan. Maar de betekenis daarvan is onduidelijk.

AD 21.02.2020

Van discussie tot bedreigingen

Wat de onderzoekscommissie ook heeft opgeleverd is veel discussie buiten de verhoorzaal. Vier islamitische organisaties stuurden een brandbrief aan Tweede Kamervoorzitter Arib. Zij vinden het niet eerlijk dat alleen moskeeën en hun geldstromen worden onderzocht.

En op sociale media discussiëren mensen over de vraag welke islamitische organisaties eigenlijk welke moslims en moskeeën vertegenwoordigen.

  ⵔⵉⴹⵡⴰⵏ @___redone

RMMN heeft meer letters in haar naam dan dat ze moskeeën vertegenwoordigen. Ze vertegenwoordigen alleen de moskee in Ijsselstein en Nijmegen. En de voorzitter Yahya Bouayafa hebben we al vier jaar niet hebben gezien. Hoe zit dat? @michelrog #POCOB #POCOBTK

Saïd Bouharrou, vice-voorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland, werd na zijn verhoor aangevallen op sociale media. Hij had gezegd dat de AIVD terecht waarschuwt voor de negatieve invloed van een kleine groep jongere, fundamentalistische moslims.

Hajer Harzi kreeg via haar dochter dreigvideo’s toegestuurd. “Een kogel is zo besteld”, riepen gemaskerde jongens in een filmpje. Zij had de commissie verteld over de invloed van extremistisch gedachtengoed in de moskee Al Houda in Geleen.

Bouharrou en Harzi worden op sociale media door sommige mensen voor leugenaar of verrader uitgemaakt, terwijl anderen hen juist dapper vinden en het voor ze opnemen.

Telegraaf 20.02.2020

Hoe gaat het dan wel?

Uit verschillende verhoren kwam naar voren dat sommige Nederlandse moslims zich laten beïnvloeden door buitenlandse ultra-orthodoxe stromingen. Dat gaat via informele internationale netwerken en via sociale media zoals YouTubefilmpjes, niet zozeer via formele financiële overeenkomsten. De groep salafistische en ultra-orthodoxe moslims in Nederland is hierdoor gegroeid, blijkt uit onderzoek van de AIVD.

Islamitische organisaties die geen problemen hebben met salafisme of juist kiezen voor een orthodoxere koers, zoeken zelf hun financiers op in de Golfstaten. Zij weten via hun netwerk hoe zij dat moeten doen.

Met het geld worden koranscholen bekostigd en nieuwe moskeeën gebouwd door steeds professioneler opererende Nederlandse organisaties. Die hebben een aantrekkingskracht voor bepaalde jonge moslims en gezinnen die er zelf voor lijken te kiezen strenger in de leer te zijn dan hun ouders.

De commissie moet een voorzet geven aan de Tweede Kamer of hier wel of niet moet worden ingegrepen. Bijvoorbeeld door de Onderwijsinspectie zeggenschap te geven over informele weekendscholen, of door openbaarheid van donaties uit het buitenland te verplichten. Maar elke maatregel die de vrijheid van godsdienst in gevaar brengt, zal moeilijk bespreekbaar zijn.

In april 2020 wil de commissie het eindrapport klaar hebben.

Twee weken verhoren

Lees hier de artikelen over de eerdere verhoordagen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig
Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’
Ruzie in verhoorzaal Tweede Kamer, imam Salam oneens met commissie
Turkse moskeeën: wij bedrijven geen politiek namens de regering-Erdogan

lees: Aanpak salafisme behoeft belastende feiten Elsevier 28.02.2020

lees: Brief TK Aanpak ongewenste buitenlandse financiering 20.02.2020

Zie ook: Gebiedsverbod in Den Haag Imam Fawaz Jneid – de nasleep – deel 3

Zie ook: As-Soennah-moskee in Den Haag onder de loep

Zie ook: As-Soennah-moskee in Den Haag onder de loep

Zie ook: Is de zoon van Imam El Alami Amaouch welkom in Nederland ??

Zie ook: Gebiedsverbod in Den Haag voor Imam El Alami Amaouch ???

Zie ook: De Lange arm van Erdogan in Rotterdam en verder !! – deel 2

Zie ook: Verhoogde dreiging door aanslagen en extremisme – deel 16

Zie ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 15

Zie verder ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 14

Zie dan ook nog: Verhoogde dreiging geweldsincidenten rond de Tweede Kamerverkiezingen in maart 2017

En zie verder ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 13

zie dan ook nog: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 12

zie verder ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 11

en zie ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 10

zie dan ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 9

zie ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 8

zie ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 7

en zie ook nog: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 6

zie verder dan ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 5

zie dan ook verder nog: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 4

en zie dan ook nog: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 3

verder zie dan ook: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 2

zie ook nog verder dan: Verhoogde dreiging aanslagen door extremisme – deel 1

Hof: alFitrah-moskee moet stukken overhandigen aan onderzoekscommissie

NU 24.03.2020 Het gerechtshof in Den Haag heeft dinsdag bepaald dat de alFitrah-moskee en stichtingen daaromheen financiële documenten moeten verstrekken aan de onderzoekscommissie van de Tweede Kamer. Deze doet onderzoek naar de financiering van verschillende moskeeën in Nederland.

De beslissing in hoger beroep is gelijk aan die van de rechtbank in januari van dit jaar, met het verschil dat er alleen documenten verstrekt hoeven te worden over personen of gelden uit zogenoemde onvrije landen.

De parlementaire ondervragingscommissie doet onderzoek naar mogelijke buitenlandse beïnvloeding van moskeeën in Nederland. Geldschieters uit Saoedi-Arabië, Qatar, Koeweit en Turkije zouden invloed kopen door islamitische instellingen te financieren en af te dwingen dat er een orthodoxe interpretatie van de islam verspreid wordt.

Het bestuur van de alFitrah-moskee in Utrecht weigerde financiële stukken vrij te geven en zei niet aan de vorderingen te kunnen voldoen, omdat zij veel documenten niet meer hebben nadat hun administratie in 2016 in beslag werd genomen.

3,5 jaar geleden viel de FIOD binnen in het pand van de moskee, omdat de belastingdienst vermoedde dat de organisatie geld witwaste en terrorisme financierde.

Het gerechtshof is van oordeel dat dit geen reden is om niet aan het onderzoek mee te werken. “Wanneer de stichtingen bepaalde documenten niet meer hebben, kunnen zij dat concreet aan de commissie laten weten en zo veel mogelijk informatie geven zonder documenten”, aldus het hof Den Haag.

Zie ook: Wat twee weken onderzoek naar moskeefinanciering heeft opgeleverd

Lees meer over: Utrecht  Binnenland

AlFitrah-moskee moet meewerken aan onderzoek Tweede Kamer

NOS 24.03.2020 De AlFitrah-moskee in Utrecht moet meewerken aan het onderzoek van de Tweede Kamer naar ongewenste buitenlandse financiering. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag bepaald. Het hoger beroep was aangespannen door de moskee-stichting.

AlFitrah moet nu alsnog overzichten geven van bankrekeningen, donaties en mensen die kwamen preken of lesgeven uit landen als Koeweit en Saudi-Arabië. De stichting krijgt hier twee weken de tijd voor. Volgt de stichting de uitspraak niet op, dan bedraagt de dwangsom duizend euro per week, per gelieerde stichting, voor elk informatieonderdeel dat niet wordt gegeven.

De rechter geeft alFitrah op een punt gelijk. De onderzoeksvraag van de parlementaire commissie, “ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen” is te ruim. De stichtingen hoeven geen informatie te verstrekken over personen of financiële transacties die alleen afkomstig zijn uit vrije landen, zoals Nederland.

Poppenkast

Imam Salam van de alFitrah-moskee is tegen het Kameronderzoek maar verscheen wel bij zijn verhoor door de commissie. Dat liep uit op een ruzieachtige situatie die weinig informatie opleverde. Salam noemde het verhoor een schijnvertoning en een poppenkast.

Twee weken verhoren

Lees hier de artikelen over de verhoordagen van de onderzoekscommissie:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig
Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’
– Ruzie in verhoorzaal Tweede Kamer, imam Salam oneens met commissie
Turkse moskeeën: wij bedrijven geen politiek namens de regering-Erdogan

Bekijk ook;

Volg Frankrijk en stop de buitenlandse imams

AD 10.03.2020 De mini-enquête in Tweede Kamer over buitenlandse geldstromen naar Nederlandse moskeeën heeft aangetoond dat het tijd is imams hier op te leiden die passen bij onze rechtsstaat, stelt Yasemin Cegerek (PvdA), wethouder in Heerde.

Met de migratiegolf in de jaren 60 en 70 hebben zich in Nederland veel moslims gevestigd. Op kousenvoeten kwam de islam het land binnen. Mensen hielden gebedsdiensten in provisorische ruimten, in achterafzaaltjes of een verlaten kantoor.

Later werden dat imposante gebedshuizen. En in veel gevallen was daar niks mis mee. Maar soms ook wel. Want uiterst orthodoxe stromingen binnen de islam zagen kans om invloed te kopen.

Door dure gebedshuizen in Nederland te financieren met als doel radicale imams uit bijvoorbeeld de Golfstaten te laten prediken. De mini-enquête van de Tweede Kamer over de ongewenste buitenlandse financiering van moskeeën laat zien hoe dat soms gaat.

Terecht waarschuwt de Arnhemse burgemees­ter Ahmed Marcouch voor een nieuwe generatie salafisten

Zo vestigde behalve de gematigde islam ook de radicale islam zich. Via internet, bijeenkomsten in huiskamers en in de omgeving van moskeeën worden jongeren geronseld.

Terecht waarschuwen de Arnhemse burgemeester Marcouch en de AIVD voor een nieuwe generatie salafisten die de regels van de Nederlandse rechtsstaat verwerpt. Er is nog een probleem: de lange arm van Ankara. Hoogleraar Erik-Jan Zürcher constateert dat via Diyanet de Turkse staat controle houdt op wat er gebeurt in Turkse moskeeën.

Hier gaat het niet om salafisme, maar om een buitenlandse mogendheid die migranten en hun nakomelingen – die Turkije ten onrechte nog beschouwt als onderdanen – politiek probeert te sturen en te beïnvloeden. Diyanet is in 1924 door Atatürk opgericht om islam te moderniseren. Nu lijkt er een omgekeerde beweging gaande.

De opkomst van de radicale islam en de lange arm van Ankara zijn twee verschillende problemen. Maar hebben dezelfde oplossing: imams uit het buitenland weren. De Franse president Macron kondigde onlangs aan dat hij deze imams niet meer in zijn land aan het werk wil zien.

Dat verdient navolging. Er moet ons alles aan gelegen zijn om hier voorgangers op te leiden die de leer van de islam nastreven die past bij een democratische rechtsstaat. Geen radicale variant.

Veel mensen denken dat moslims alleen maar radicaliseren, maar de tegengestelde ontwikkeling, liberalisering, is óók gaande en even belangrijk. Moslimfeminisme, ontkerkelijking, gemengde huwelijken, bekering en de positie van de LHBTI-gemeenschap; het speelt er ook allemaal. Als je hiermee te maken hebt, dan lijkt het me een eenzame worsteling. En juist die ontwikkeling moeten we steunen.

Dat kan door duidelijke en transparante regels voor de financiering van moskeeën. Door te komen met een verbod op salafistische organisaties, die regels van de democratische rechtsstaat verwerpen en waar wordt aangezet tot geweld en martelaarschap.

En door de Fransen te volgen: zelf imams opleiden en buitenlandse imams weren. Met die maatregelen steunen we gematigde krachten en bestrijden we radicalisering.

Yasemin Cegerek (PvdA) is wethouder in Heerde.

Vanaf Yahya Bouyafa’s mail- en Facebook-account werd steun betuigd aan terreurorganisatie Hamas.

Baas moskeeraad treedt terug om antisemitische berichten

Telegraaf 03.03.2020  De voorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën in Nederland (RMMN) treedt terug na berichtgeving in De Telegraaf. Zowel vanaf het e-mailadres van voorzitter Yahia Bouyafa als vanaf zijn Facebook-account bleken antisemitische berichten te zijn verstuurd met een steunbetuiging aan terreurgroep Hamas.

Joodse organisaties waren woedend en eisten opheldering van de voorzitter van de RMMN. De vicevoorzitter van die organisatie hield twee weken geleden in de Tweede Kamer juist een gloedvol betoog tégen extremisme bij moslims.

Die week dook ook een e-mailbericht op uit 2014, waarin voorzitter Bouyafa stelt dat Hitler een Jood was en Hamas een legitieme verzetsgroep die steeds sterker wordt. Ook schreef hij dat alle Joden zullen worden verdreven uit Israël. De RMMN stelde aanvankelijk dat de e-mail ’niet authentiek was’, maar toen dook een Facebook-bericht op uit 2015 waarin Bouyafa ook stelde dat Hitler een Jood was.

Antisemitische complottheorie

Joodse organisaties noemden dat een kwaadaardige, antisemitische complottheorie. „Die drukt de gedachte uit dat Joden de Holocaust zelf hebben veroorzaakt om de oprichting van Israël te bewerkstelligen”, stelde Aron Vrieler van het CIDI. „Puur antisemitisme, en bovendien een regelrechte aanval op onze herinnering aan de Holocaust en de Tweede Wereldoorlog.”

BEKIJK OOK:

Uitspraak ’Hitler was een Jood’ van baas moskeekoepel roept weerzin op

Vicevoorzitter Saïd Bouharrou is twee weken geleden een onderzoek begonnen naar de herkomst van de antisemitische berichten. Dat heeft voor zover bekend nog geen resultaten opgeleverd.

Alle vertrouwen in de uitkomst

Yahia Bouyafa reageerde twee weken lang niet op een verzoek tot toelichting. Maandag liet hij weten dat de berichten niet van hem zijn en dat hij ze verafschuwt. „Maar omdat de berichten aan mij zijn toegeschreven is na onderling overleg besloten dat ik tijdelijk terugtreed als voorzitter zodat het onderzoek in alle rust en transparantie kan worden uitgevoerd. Ik heb alle vertrouwen in de uitkomst daarvan.”

“Omdat de berichten aan mij zijn toegeschreven is na onderling overleg besloten dat ik tijdelijk terugtreed als voorzitter”

Vicevoorzitter Bouharrou zei dat hij gruwde van de teksten. „Bizar, dit staat mijlenver van alles wat wij doen. De Raad neemt hier afstand van en ik distantieer me van elke komma. De Joodse gemeenschap dragen wij een warm hart toe. Ik wil niets weten van dit soort flauwekul.”

Bouyafa gold jaren als invloedrijk bestuurder in islamitisch Nederland, maar hij treedt zelden in de schijnwerpers. Hij bestuurde allerlei landelijke moslimclubs, waaronder de Federatie Islamitische Organisaties Nederland (FION). Die club geldt als zusterorganisatie van de fundamentalistische Moslim Broederschap. Bouyafa ontkende dat hij betrokken was bij de broederschap.

BEKIJK MEER VAN; samenleving islam Saïd Bouharrou Yahia Bouyafa RMMN Raad van Marokkaanse Moskeeën Holocaust

Wat twee weken onderzoek naar moskeefinanciering heeft opgeleverd

NU 21.02.2020 Worden Nederlandse moskeeën door buitenlandse financiers onder druk gezet om orthodoxe boodschappen te verspreiden en radicale predikers uit te nodigen? Op die vraag hoopte de parlementaire ondervragingscommissie de afgelopen twee weken antwoord op te krijgen. Is dat gelukt?

Waarom onderzoekt de Kamer mogelijke ongewenste beïnvloeding van moskeeën?

De commissie wil inzicht krijgen in de mogelijke buitenlandse beïnvloeding van moskeeën in Nederland. Geldschieters uit Saoedi-Arabië, Qatar, Koeweit en Turkije zouden invloed kopen door islamitische instellingen te financieren en af te dwingen dat er een orthodoxe interpretatie van de islam verspreid wordt.

Aanleiding voor de ondervraging zijn berichten van NRC en Nieuwsuur waaruit bleek dat het ministerie van Buitenlandse Zaken over een lijst beschikt van moskeeën die geld hebben aangevraagd bij buitenlandse geldschieters. De lijst is geheim gehouden, terwijl de Kamer al jarenlang om inzicht vraagt.

Parlementaire ondervraging, wat is dat?

  • De parlementaire ondervraging is een iets lichtere versie van de parlementaire enquête. Het wordt ook wel de flits enquête genoemd. Dat betekent dat de voorbereiding minder intensief is, en het onderzoek van kortere duur. Wel zijn getuigen verplicht te verschijnen en worden zij onder ede verhoord.

Wat zijn we nu te weten gekomen?

De commissie sprak onder meer met AIVD-baas Dick Schoof, de Utrechtse burgemeester Jan van Zanen en vertegenwoordigers van de Haagse as-Soennah-moskee en de Utrechtse stichting alFitrah.

Inlichtingenchef Schoof waarschuwde voor een nieuwe generatie salafisten, orthodoxe moslims, die hun visie op de islam in moskeeën en islamitische instellingen doordrukken. Vicevoorzitter van Raad van Marokkaanse Moskeeën Said Bouharrou beaamde dat. Volgens hem gaat het om ongeveer twintig moskeeën waar de strenge leer de overhand heeft gekregen. Volgens Bouharrou dringt een kleine groep moslims de orthodoxe interpretatie op bij andere moskeegangers.

Hajer Harzi, oud-penningmeester van de Geleense Al Houda-moskee vertelde de commissie hoe radicale moslims de moskee overnamen. Na het verhoor ontving zij naar eigen zeggen bedreigingen.

Er zijn duidelijk zorgen over de invloed van de salafistische leer op sommige moskeeën. Volgens Schoof mag de invloed van de orthodoxe stroming niet onderschat worden: ze spreken goed Nederlands, kennen hun weg op sociale media en willen een parallelle samenleving optuigen waar de salafistische leer naast de Nederlandse rechtstaat komt te staan. Hoe groot deze nieuwe generatie is, is volgens Schoof niet te zeggen.

Waarom is er zoveel te doen rond salafisme?

Is de commissie erachter gekomen of er sprake is van ongewenste beïnvloeding?

Ondanks alle aanwijzingen dat het salafisme voet aan de grond krijgt in Nederland, is niet bewezen dat Saoedi-Arabië, Qatar, Koeweit en Turkije invloed zouden inkopen om moskeeën tot een orthodoxe koers te dwingen.

Aanwijzingen zijn er wel, maar die kunnen niet hard gemaakt worden. Moskeeën as-Soennah en alFitrah erkennen geld te hebben ontvangen uit de Golf, maar bestrijden met klem dat de geldschieters zich bemoeien met de koers van de moskee.

Wettelijk gezien is financiering vanuit het buitenland ook niet verboden en de politiek wil zelf ook niet aan een verbod. Een exclusief verbod op buitenlandse financiering van moskeeën kan niet, omdat dit in strijd is met de vrijheid van godsdienst.

Bovendien zou het verbod voor alle religieuze instellingen moeten gelden, en dat willen de christelijke partijen niet. In het regeerakkoord is afgesproken om geldstromen vanuit onvrije landen zoveel mogelijk te beperken. Drie jaar later onderzoekt het kabinet nog steeds of dat juridisch wel haalbaar is.

Tot nieuwe inzichten lijkt de commissie niet gekomen te zijn. De commissie heeft geen stukken bij het ministerie van Buitenlandse Zaken opgevraagd.

Wel zijn er stukken opgevraagd bij de moskeeën, maar ook daar kwam geen hard bewijs uit naar voren. De stukken van alFitrah ontbraken, omdat de stichting die niet wil vrijgeven. De commissie heeft geprobeerd de documenten via de rechter te krijgen, maar het hoger beroep diende pas op vrijdag, een dag na het laatste verhoor.

De commissie komt naar verwachting eind april met een eindverslag.

Lees meer over: Politiek

Kabinet wil verbod op ongewenste financiering moskeeën en organisaties

NOS 21.02.2020 Het kabinet wil geldstromen uit “onvrije landen” naar moskeeën, religieuze en maatschappelijke organisaties verbieden. Ook wil het kabinet dat deze organisaties verplicht worden grote donaties van buiten de Europese Unie openbaar te maken.

In een brief aan de Tweede Kamer omschrijft het kabinet wat wordt bedoeld met onvrije landen: “Het betreft landen waar normen gelden die haaks staan op de kernwaarden van onze democratische rechtsstaat. Het gaat daarbij om landen die geen godsdienstvrijheid, vrijheid van meningsuiting of vrijheid van vereniging kennen, en niet, of slechts in beperkte mate, voldoen aan de normen van rechtsstatelijkheid.”

Omdat de twee maatregelen juridisch erg ingewikkeld zijn, wordt eerst advies gevraagd aan de Raad van State. Het verbod op geldstromen mag niet in strijd zijn met “grondwettelijke en Europees-rechtelijke vrijheden”. Voor de verplichte transparantie van donaties is al een wetsvoorstel in de maak.

Parlementair onderzoek

Gisteren was de laatste verhoordag van het parlementaire onderzoek naar ongewenste beïnvloeding van moskeeën. Het ging daarbij vooral over geldstromen van miljoenen euro’s uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië naar Nederlandse salafistische en ultra-orthodoxe moskeeën.

Directeur van de AIVD Schoof zei in zijn verhoor dat financiering vanuit de Golfstaten op zichzelf geen probleem hoeft te zijn, maar wel als daarmee salafistische ‘aanjagers’ worden gesteund. De politieke stroming van het salafisme wil zich volgens de AIVD bemoeien met de politiek in Nederland.

Verschillende organisaties, zoals het Contactorgaan Moslims en Overheid en de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland, hebben tegen de commissie gezegd een convenant te willen sluiten over openheid over donaties. Maar volgens die instanties willen nog niet genoeg organisaties meewerken.

Onderzoekscommissie van de Tweede Kamer

Lees hier de artikelen over alle verhoordagen;
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig
Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’
Ruzie in verhoorzaal Tweede Kamer, imam Salam oneens met commissie
Turkse moskeeën: wij bedrijven geen politiek namens de regering-Erdogan

Kabinet wil ’fout geld’ naar moskeeën aanpakken

Telegraaf 21.02.2020 In de week van het omstreden verhoor van imam Salam in de Tweede Kamer, sorteert het kabinet voor op het aanpakken van buitenlandse financiering van moskeeën.

Hiermee wordt een voornemen uit het regeerakkoord verder vormgegeven. Het kabinet wil een verbod van financiering uit onvrije landen richting maatschappelijke en religieuze organisaties. „Het gaat daarbij om landen die geen godsdienstvrijheid, vrijheid van meningsuiting of vrijheid van vereniging kennen”, aldus minister Koolmees (Sociale Zaken).

Of het voornemen ook in daden kan worden omgezet is nog onduidelijk. Koolmees wil eerst advies van de Raad van State ’gezien de complexiteit van dergelijke maatregelen’.

Ordinaire ruzie

Een speciale ondervragingscommissie van Kamerleden doet momenteel onderzoek naar ongewenste geldstromen naar moskeeën. Het verhoor van imam Salam van de Utrechtse alFitrah-moskee leidde tot een ordinaire ruzie, waar de geestelijke geen respect toonde voor de volksvertegenwoordiging en geen antwoorden gaf op een aantal gestelde vragen.

BEKIJK OOK:

Gelukkig mislukte poging Salam bij Op1 te krijgen

In het parlement wordt gevreesd dat golfstaten via forse donaties extremistisch islamitisch gedachtegoed proberen te verspreiden in Nederland. De commissie houdt verhoren en doet eigen onderzoek om met voorstellen te komen deze geldstromen en invloeden aan te pakken.

BEKIJK OOK:

Wanvertoning van een imam die geen opening van zaken wil geven

Grote moeite

Het feit dat Koolmees tweeënhalf jaar na zijn aantreden niet zelf met een plan komt om de geldstromen aan te pakken, geeft aan dat het kabinet grote moeite heeft om de wensen uit het regeerakkoord in daden om te zetten.

BEKIJK OOK:

Onheilspellend gevoel bij optreden imam Salam

Dit komt onder meer vanwege grondwettelijke vrijheden rond vereniging en godsdienst. Zo is het Den Haag al lange tijd een doorn in het oog dat er door moskeeën Koranlessen kunnen worden aangeboden aan kinderen, zonder dat de overheid in de gaten kan houden of die wel conform Nederlandse wetgeving plaatshebben. Een Koranles is officieel geen onderwijs en valt dus buiten de bevoegdheid van de Inspectie van het Onderwijs.

Koranles

In de Kamerverhoren van deze week werd duidelijk dat kinderen op de alFitrah-moskee maar liefst veertien uur Koranles krijgen, waar ze onder meer te horen krijgen dat het vieren van Sinterklaas en Kerstmis niet goed is.

BEKIJK OOK:

’Koranlessen alFitrah-moskee riskant voor kinderen’

Deze vieringen zouden immers christelijk zijn en daarmee taboe. Ook heeft de Kamer zorgen over wat kinderen wordt aangeleerd over homoseksualiteit, polygamie en uithuwelijking. Aangetroffen lesmateriaal uit Saudie-Arabië beloofde niet veel goeds.

BEKIJK OOK:

Beelden: moskeevoorzitter ruziet met Tweede Kamerleden

De Utrechtse burgemeester Van Zanen heeft eens verkend of de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd op de moskee afgestuurd kon worden, maar dit bleek niet mogelijk. Hij raadde de commissie aan met een voorstel te komen om een dienst in te stellen die toch kan meekijken bij de Koranlessen.

Aanpakken bestuurders

Tot nu toe komt het kabinet niet verder dan het aanpakken van bestuurders in moskeeën die zich niet aan regels houden. Ook is er een wet in de maak waarmee er meer transparantie rond buitenlandse financiering moet komen.

Dit is volgens Koolmees ’een eerste stap’ op weg naar inzicht krijgen in aard en omvang van de geldstromen. Het aanpakken ervan is een tweede en daartoe wordt nu advies gevraagd aan de Raad van State.

BEKIJK MEER VAN; misdaad, recht en justitie overheidsbeleid overheid islam mensheid Wouter Koolmees Salam Jan van Zanen Den Haag alFitrah-moskee

Kabinet wil ’fout geld’ naar moskeeën aanpakken

MSN 21.02.2020 In de week van het omstreden verhoor van imam Salam in de Tweede Kamer, sorteert het kabinet voor op het aanpakken van buitenlandse financiering van moskeeën.

Hiermee wordt een voornemen uit het regeerakkoord verder vormgegeven. Het kabinet wil een verbod van financiering uit onvrije landen richting maatschappelijke en religieuze organisaties. „Het gaat daarbij om landen die geen godsdienstvrijheid, vrijheid van meningsuiting of vrijheid van vereniging kennen”, aldus minister Koolmees (Sociale Zaken).

Of het voornemen ook in daden kan worden omgezet is nog onduidelijk. Koolmees wil eerst advies van de Raad van State ’gezien de complexiteit van dergelijke maatregelen’.

Ordinaire ruzie

Een speciale ondervragingscommissie van Kamerleden doet momenteel onderzoek naar ongewenste geldstromen naar moskeeën. Het verhoor van imam Salam van de Utrechtse alFitrah-moskee leidde tot een ordinaire ruzie, waar de geestelijke geen respect toonde voor de volksvertegenwoordiging en geen antwoorden gaf op een aantal gestelde vragen.

In het parlement wordt gevreesd dat golfstaten via forse donaties extremistisch islamitisch gedachtegoed proberen te verspreiden in Nederland. De commissie houdt verhoren en doet eigen onderzoek om met voorstellen te komen deze geldstromen en invloeden aan te pakken.

Grote moeite

Het feit dat Koolmees twee-en-een-halfjaar na zijn aantreden niet zelf met een plan komt om de geldstromen aan te pakken, geeft aan dat het kabinet grote moeite heeft om de wensen uit het regeerakkoord in daden om te zetten.

Dit komt onder meer vanwege grondwettelijke vrijheden rond vereniging en godsdienst. Zo is het Den Haag al lange tijd een doorn in het oog dat er door moskeeën Koranlessen kunnen worden aangeboden aan kinderen, zonder dat de overheid in de gaten kan houden of die wel conform Nederlandse wetgeving plaatshebben. Een Koranles is officieel geen onderwijs en valt dus buiten de bevoegdheid van de Inspectie van het Onderwijs.

Koranles

In de Kamerverhoren van deze week werd duidelijk dat kinderen op de alFitrah-moskee maar liefst veertien uur Koranles krijgen, waar ze onder meer te horen krijgen dat het vieren van Sinterklaas en Kerstmis niet goed is.

Deze vieringen zouden immers christelijk zijn en daarmee taboe. Ook heeft de Kamer zorgen over wat kinderen wordt aangeleerd over homoseksualiteit, polygamie en uithuwelijking. Aangetroffen lesmateriaal uit Saudie-Arabië beloofde niet veel goeds.

De Utrechtse burgemeester Van Zanen heeft eens verkend of de inspectie Jeugdzorg op de moskee afgestuurd kon worden, maar dit bleek niet mogelijk. Hij raadde de commissie aan met een voorstel te komen om een dienst in te stellen die toch kan meekijken bij de Koranlessen.

Aanpakken bestuurders

Tot nu toe komt het kabinet niet verder dan het aanpakken van bestuurders in moskeeën die zich niet aan regels houden. Ook is er een wet in de maak waarmee er meer transparantie rond buitenlandse financiering moet komen.

Dit is volgens Koolmees ’een eerste stap’ op weg naar inzicht krijgen in aard en omvang van de geldstromen. Het aanpakken ervan is een tweede en daartoe wordt nu advies gevraagd aan de Raad van State.

Laatste verhoordag commissie moskeeën, wat heeft het opgeleverd?

NOS 20.02.2020 De laatste verhoordag van de Tweede Kamercommissie die ongewenste beïnvloeding van moskeeën onderzoekt is achter de rug. Grote vraag is wat de conclusie van de commissie zal zijn: is er sprake van die beïnvloeding uit “onvrije landen”, en zo ja, moet de overheid ingrijpen?

Een terugblik op twee weken verhoren onder ede.

Het meest spraakmakende verhoor was dat met imam Suhayb Salam van de alFitrah-moskee in Utrecht, gisteren. Hij weigerde meteen al op te staan bij het afleggen van de belofte en noemde het verhoor een poppenkast.

Commissie krijgt ruzie met ondervraagde Salam

Het verhoor van Salam krijgt een juridisch staartje. Hij wilde nauwelijks antwoord geven op vragen over zijn moskeescholen, waar kinderen leren dat andersgelovigen slecht zijn en dat homoseksualiteit bestraft moet worden. Ook wilde hij niet zeggen of er niet-wettige islamitische huwelijken worden gesloten.

De commissie onderzoekt of hij voor meineed kan worden vervolgd. Zulke juridische stappen moeten wel kans van slagen hebben, want het proces verliezen zou schadelijk kunnen zijn voor het aanzien van de commissie.

En dan is er morgen het hoger beroep van de stichting alFitrah van dezelfde imam Salam. Die moet volgens een uitspraak van de rechter informatie en documenten aan de Tweede Kamer geven, op straffe van een dwangsom. De stichting vecht dat aan.

Geen invloed in ruil voor geld

Dan de centrale onderzoeksvraag. Uit geen van de verhoren is gebleken dat er een direct verband is tussen geld uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië en religieuze invloed. Er zijn geen contracten boven water gekomen waarin een geldschieter eist dat er bepaalde religieuze lessen worden gegeven, of bepaalde imams moeten preken.

De tot de islam bekeerde Nederlander Jacob van der Blom haalde bijvoorbeeld miljoenen binnen uit Qatar en Koeweit. Maar hij bestrijdt dat daar religieuze invloed voor werd teruggevraagd. Ook El Damanhoury van de Al-Fourqaan moskee in Eindhoven, Taheri van de As-Soennah-moskee in Den Haag en Salam van alFitrah zeggen dat hun geldschieters geen invloed hebben op de religieuze koers.

Toch worden er soms mensen uit deze landen benoemd in moskeebesturen, bijvoorbeeld vlak nadat er een grote financiële donatie is gedaan. Maar de betekenis daarvan is onduidelijk.

Van discussie tot bedreigingen

Wat de onderzoekscommissie ook heeft opgeleverd is veel discussie buiten de verhoorzaal. Vier islamitische organisaties stuurden een brandbrief aan Tweede Kamervoorzitter Arib. Zij vinden het niet eerlijk dat alleen moskeeën en hun geldstromen worden onderzocht.

En op sociale media discussiëren mensen over de vraag welke islamitische organisaties eigenlijk welke moslims en moskeeën vertegenwoordigen.

  ⵔⵉⴹⵡⴰⵏ @___redone

RMMN heeft meer letters in haar naam dan dat ze moskeeën vertegenwoordigen. Ze vertegenwoordigen alleen de moskee in Ijsselstein en Nijmegen. En de voorzitter Yahya Bouayafa hebben we al vier jaar niet hebben gezien. Hoe zit dat? @michelrog #POCOB #POCOBTK

Saïd Bouharrou, vice-voorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland, werd na zijn verhoor aangevallen op sociale media. Hij had gezegd dat de AIVD terecht waarschuwt voor de negatieve invloed van een kleine groep jongere, fundamentalistische moslims.

Hajer Harzi kreeg via haar dochter dreigvideo’s toegestuurd. “Een kogel is zo besteld”, riepen gemaskerde jongens in een filmpje. Zij had de commissie verteld over de invloed van extremistisch gedachtengoed in de moskee Al Houda in Geleen.

Bouharrou en Harzi worden op sociale media door sommige mensen voor leugenaar of verrader uitgemaakt, terwijl anderen hen juist dapper vinden en het voor ze opnemen.

Hoe gaat het dan wel?

Uit verschillende verhoren kwam naar voren dat sommige Nederlandse moslims zich laten beïnvloeden door buitenlandse ultra-orthodoxe stromingen. Dat gaat via informele internationale netwerken en via sociale media zoals YouTubefilmpjes, niet zozeer via formele financiële overeenkomsten. De groep salafistische en ultra-orthodoxe moslims in Nederland is hierdoor gegroeid, blijkt uit onderzoek van de AIVD.

Islamitische organisaties die geen problemen hebben met salafisme of juist kiezen voor een orthodoxere koers, zoeken zelf hun financiers op in de Golfstaten. Zij weten via hun netwerk hoe zij dat moeten doen.

Met het geld worden koranscholen bekostigd en nieuwe moskeeën gebouwd door steeds professioneler opererende Nederlandse organisaties. Die hebben een aantrekkingskracht voor bepaalde jonge moslims en gezinnen die er zelf voor lijken te kiezen strenger in de leer te zijn dan hun ouders.

De commissie moet een voorzet geven aan de Tweede Kamer of hier wel of niet moet worden ingegrepen. Bijvoorbeeld door de Onderwijsinspectie zeggenschap te geven over informele weekendscholen, of door openbaarheid van donaties uit het buitenland te verplichten. Maar elke maatregel die de vrijheid van godsdienst in gevaar brengt, zal moeilijk bespreekbaar zijn.

In april 2020 wil de commissie het eindrapport klaar hebben.

Twee weken verhoren

Lees hier de artikelen over de eerdere verhoordagen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig
Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’
Ruzie in verhoorzaal Tweede Kamer, imam Salam oneens met commissie
Turkse moskeeën: wij bedrijven geen politiek namens de regering-Erdogan

’Veel Nederturken zijn blij met bemoeienis van Ankara’

Telegraaf 20.02.2020 Tegen beïnvloeding van Turkse Nederlanders vanuit Ankara is niet meer te doen. Volgens hoogleraar Erik-Jan Zürcher heeft de Turkse gemeenschap ook behoefte aan bemoeienis uit het moederland.

„Beïnvloeding vanuit Turkije in Europa is er zeker”, zei de hoogleraar Turkse talen en culturen op de laatste dag van de parlementaire verhoren over ongewenste buitenlandse beïnvloeding. Donderdag stond de beïnvloeding vanuit Turkije centraal. Zürcher schetste een beeld van sterke wisselwerking tussen de Turkse regering en de gemeenschappen binnen Nederland en andere Europese landen.

De hoogleraar stipt aan dat de Turkse bemoeienis in Europa een behoefte vervult. „De Turken in Europa voelen de ’successen’ die Erdogan heeft geboekt ook echt als iets waardoor zij zelf steviger in hun schoenen staan.”

Erik-Jan Zurcher, hoogleraar Turkse talen en culturen aan de universiteit van Leiden, tijdens de de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie over moskeeën en islamitische organisaties. Ⓒ ANP

BEKIJK OOK:

Beelden: moskeevoorzitter ruziet met Tweede Kamerleden

Aan die Turkse beïnvloeding valt volgens Zürcher weinig te doen. Volgens hem zijn de instrumenten die nodig zijn om in te grijpen er al. „Anders dan goed monitoren wat er gebeurt en bestaande wetgeving handhaven, is er niet veel meer wat je kan doen.”

Diyanet-moskeeën

De commissie wilde in het tweede verhoor van Murat Türkmen, secretaris van de omstreden Islamitische Stichting Nederland, weten of via de zogeheten Diyanet-moskeeën ook politieke invloed op Turkse Nederlanders wordt uitgeoefend. Die stipte in zijn openingsstatement al aan dat zijn organisatie alleen een religieus doel heeft.

Maar de commissie confronteerde hem met allerlei incidenten die op heel andere doelen wezen. Zo was er een imam die een jihadpreek gaf in Hoorn. Een gratis busreis naar Almelo om te protesteren tegen de onthulling van een monument voor de Armeense genocide, waarvoor geïnteresseerden zich bij Diyanet konden aanmelden. Of de voormalige ISN-voorzitter Yusuf Acar die een lijst van Gülenisten in Nederland doorspeelde aan Ankara.

Ottomaanse marsmuziek

Volgens Türkmen waren het ’incidenten’. Hij zei vaak dat hij niet veel van de zaken af wist, omdat het voor zijn benoeming in het ISN-bestuur gebeurd was. Dat er bij het protest in Almelo Ottomaanse marsmuziek werd gespeeld, dat had volgens Türkmen ’misschien niet mogen gebeuren’. Dat een Gülenist die op de doorgespeelde lijst stond aan de commissie had verklaard dat hij vreesde voor zijn familie in Turkije, vond Türkmen ’wel vervelend’.

De verhoren van Zürcher en Türkmen waren de laatste in een reeks van de afgelopen twee weken. De commissie, onder leiding van CDA-Kamerlid Michel Rog gaat nu aan de slag met alle informatie. In de loop van april hoopt hij de bevindingen te kunnen presenteren. Maar het kan zijn dat de commissie besluit extra verhoren af te nemen.

Imam Suhayb Salam

Rog reageerde nog kort op de vraag of zijn commissie onderzoek doet naar meineed door imam Suhayb Salam van de alFitrah-moskee. Hij schoffeerde woensdag de Kamer tijdens een onheilspellend verhoor en weigerde, ook al stond hij onder ede, op sommige vragen antwoord te geven.

„We gaan de schriftelijke informatie naast de verklaringen onder ede leggen”, zei Rog over het mogelijke meineed. „Dat gaan we heel zorgvuldig wegen.”

BEKIJK OOK:

Onheilspellend gevoel bij optreden imam Salam

BEKIJK MEER VAN; samenleving misdaad, recht en justitie islam politiek conflicten, oorlog en vrede Erik-Jan Zürcher Islamitische Stichting Nederland Diyanet

Murat Turkmen, secretaris van de Islamitische Stichting Nederland (ISN) ANP

Turkse moskeeën: wij bedrijven geen politiek namens de regering-Erdogan

NOS 20.02.2020 De 148 Turkse moskeeën van Islamitische Stichting Nederland (ISN) bedrijven geen politiek en geven geen politieke boodschappen door namens de regering-Erdogan, zegt secretaris Türkmen. Hij werd verhoord op de laatste verhoordag van de Tweede Kamer-commissie die onderzoek doet naar beïnvloeding van moskeeën.

Aan Türkmen had de commissie geen vragen over salafisme of geldstromen uit Qatar of Koeweit, maar over nationalistische invloed van de Turkse regering via de stichting ISN, ook bekend als Hollanda Diyanet Vakfi.

Alle imams zijn in Turkije opgeleid en worden betaald door de Turkse overheid. Ook moeten zij verantwoording afleggen aan de Turkse attaché in Rotterdam en komen zij regelmatig bij elkaar om over preken te praten. Maar politieke instructies krijgen zij niet, denkt Türkmen. “Het gaat bijvoorbeeld over orgaandonatie, roken en alcohol, trouwstoeten die zich moeten gedragen of andere maatschappelijke ontwikkelingen.”

Na de coup

Türkmen verzekerde de commissie dat de acties van oud-bestuurder Acar fout waren en niet meer voorkomen. Acar verzamelde vlak na de couppoging in Turkije namen van Nederlandse Gülen-aanhangers en gaf die door aan de Turkse regering.

“Dat is spionage”, zei Türkmen. “We leven hier in Nederland, dat had nooit mogen gebeuren.” Acar was zowel diplomaat als bestuurder van de moskee-organisatie. Dat kan nu niet meer, zei Türkmen tegen de Kamercommissie. Volgens hem is ISN een Nederlandse organisatie, die alleen maar gebruikmaakt van de diensten van het Turkse ministerie van godsdienstzaken.

De commissie van de Tweede Kamer zei regelmatig dat er al een uitgebreid vooronderzoek was geweest. Of de commissie ook de conclusie trekt dat er van nationalistische of politieke beïnvloeding geen sprake is moet in het eindrapport blijken.

Dat wordt in april 2020 verwacht.

Eerdere verhoordagen

Lees hier de artikelen over de vijf eerdere verhoordagen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig
Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’
Ruzie in verhoorzaal Tweede Kamer, imam Salam oneens met commissie

Erik-Jan Zürcher, hoogleraar Turkse talen en culturen aan de universiteit van Leiden, tijdens de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie over de buitenlandse invloed op moskeeën en islamitische organisaties. © ANP

‘Turken wordt ingeprent dat Nederland hen vijandig gezind is’

AD 20.02.2020 De Turkse gemeenschap in Nederland staat dagelijks bloot aan propaganda waarin het Westen de vijand is. Die boodschap had de hoogleraar Turkse talen en culturen Erik-Jan Zürcher vanmorgen in zijn verhoor in de mini-enquête naar ongewenste buitenlandse beïnvloeding van islamitische instellingen.

De boodschap is: je leeft in een land dat Turkije slecht gezind is, Erik-Jan Zürcher , Universiteit Leiden.

,,De boodschap is: je leeft in een vijandig land. Je leeft in een land dat Turkije slecht gezind is,’’ vatte Zürcher het samen. Zo’n 70 procent van de Turkse gemeenschap in Nederland is daar volgens hem vatbaar voor.

Volgens hem gaat de beïnvloeding niet via de Turkse moskeeën in Nederland, hoewel het overgrote deel is aangesloten bij de Turkse overheidsorganisatie Diyanet, dat imams en de vrijdagpreken aanlevert. Daarmee zijn in feite Turkse ambtenaren hier actief, beaamde Zürcher.

Diyanet valt rechtstreeks onder president Erdogan en voegt zich naar de wensen van de Turkse regering. Maar, stelde Zürcher, de organisatie verspreidt niet stelselmatig een anti-Europese of anti-Nederlandse boodschap. Diyanet focust op religieuze boodschappen en die zijn doorgaans gematigd van toon. ,,Radicalisering is geen issue bij Diyanet.’’

Propaganda

De antiwesterse propaganda verspreidt Turkije via sociale media en tv en kranten, die bijna allemaal het standpunt van de regering-Erdogan uitdragen. Sinds 2010 bestaat daarnaast het ‘Presidium voor Turken in het Buitenland en Verwante Gemeenschappen’, dat vooral via uitwisselingsprogramma’s en beurzen de band met de Turkse diaspora van 6,5 miljoen mensen te versterken.

Dat een groot deel van de Turkse Nederlanders open staat voor Ankara’s propaganda, komt omdat zij met Erdogan het gevoel hebben dat moslims niet welkom zijn in het Westen. ‘Dat maakt het probleem niet kleiner maar groter,’ schrijft Zürcher in een notitie ten behoeve van zijn verhoor.

Verbieden

Zürcher staat afwijzend tegen het verbieden van Diyanet in Nederland, waardoor de Turkse imams zouden moeten vertrekken. ,,Het probleem is: waar vervang je de mensen dan door?’’ Hij denkt dat er geen draagvlak is in de Turks-Nederlandse gemeenschap voor Nederlandse imams, nog los van het feit dat een Nederlandse imamopleiding nog steeds niet goed van de grond is gekomen.

Hij acht het effectiever wanneer Nederland in Europees verband de beïnvloeding van eigen onderdanen aan de kaak stelt.

‘Lange arm’
Het doorspelen van namen van Nederlandse sympathisanten van Fethullah Gülen, de grootste tegenstander van de Turkse president, aan Turkije had nooit mogen gebeuren. Dat zei Murat Türkmen, secretaris van de Turkse overheidsinstantie Diyanet, vanmiddag in een ander verhoor. Die organisatie, waar ook veel Nederlandse moskeeën aan zijn verbonden, wordt regelmatig ‘de lange arm van Turkije’ genoemd.

Het Turkse staatspersbureau Anadolu publiceerde in 2016 een lijst met Nederlandse organisaties die de omstreden prediker Gülen zouden steunen. De Turkse regering beschuldigt Gülen ervan achter de mislukte staatsgreep van 2016 te zitten. Sindsdien vervolgt president Erdogan de Gülenisten, aanhangers van de predikant. Türkmen benadrukt dat de schuldige oud-voorzitter deze lijst verspreidde op persoonlijke titel, niet uit naam van de stichting.

Diyanet wordt vaak verweten een verlengstuk van de regering in Ankara te zijn, die invloed uitoefent op Turkse Nederlanders. Türkmen werd hierover gehoord in een onderzoek naar ongewenste buitenlandse beïnvloeding van Nederlandse moskeeën.

Of een Turkse imam in Nederland wat hem betreft loyaal zou moet zijn aan Nederland of Turkije, wilde Türkmen niet zeggen. Wel zegt hij dat ‘het gewoon niet kan’ als de Turkse overheid aan een imam vraagt om namen door te geven.

De verhoren van de Tweede Kamer zijn vandaag afgesloten. De onderzoekscommissie verwacht eind april de resultaten aan de Kamervoorzitter aan te bieden.

Moskeeverhoren: omstreden Islamitische Stichting Diyanet gehoord

Telegraaf 20.02.2020 De secretaris van de omstreden Islamitische Stichting Nederland (Hollanda Diyanet Vakfi), de koepelorganisatie van Nederlandse moskeeën, wordt donderdag door de Tweede Kamer gehoord. Hiermee worden de twee weken durende verhoren over buitenlandse beïnvloeding van Nederlandse moskeeën afgesloten.

Eind 2016 kwam deze stichting in het nieuws omdat de voorzitter ervan werd beschuldigd informatie te hebben doorgespeeld aan Turkije. Hij zou namen van zogenoemde Gülenisten hebben doorgespeeld aan Ankara. De Turkse regering ziet aanhangers van de Turkse geleerde Fethullah Gülen als terroristen.

Ook hoogleraar Turkse talen en culturen Erik-Jan Zürcher neemt op de laatste dag plaats bij de onderzoekscommissie van de Tweede Kamer.

Eerder deze week werden een voormalige bestuursvoorzitter van de As-Soennah-moskee uit Den Haag en de bestuursvoorzitter van de Utrechtse alFitrah-moskee al gehoord.

Eind april 2020 publiceert de onderzoekscommissie de uitkomst van het onderzoek.

Loog imam Salam onder ede? ‘Meineed is enorm pittig misdrijf’

RTL 20.02.2020 Heeft imam Suhayb Salam gisteren gelogen terwijl hij onder ede stond? De Kamercommissie die hem ondervroeg over ongewenste financiering van moskeeën, onderzoekt of er sprake is geweest van meineed. Als dat zo is, is dat een enorm pittig misdrijf, zegt hoogleraar Henny Sackers.

De verhoren voor de parlementaire onderzoekscommissie gebeuren allemaal onder ede: alle mensen die gehoord worden, moeten voorafgaand aan het verhoor verklaren dat ze de waarheid spreken.

Niet de waarheid

Over één zaak kan alvast vastgesteld worden dat imam Salam van de Utrechtse alFitrah-moskee in ieder geval niet de waarheid sprak. Hij zei onder ede tegen de commissie dat hij de financiële stukken van de moskee, die de fiscale opsporingsdienst FIOD eerder in beslag had genomen, niet heeft teruggekregen.

Maar in een eerder stuk van de rechtbank (van 17 januari), zit een bijlage waarin de stichting aangeeft de stukken in januari 2017 terug te hebben gekregen.

Dit is dat fragment:

Bekijk deze video op RTL XL

Salam zei onder ede dat hij de stukken van de moskee niet heeft teruggekregen.

Voor het onderzoek naar meineed vergelijkt de Kamercommissie informatie uit het vooronderzoek met wat Salam heeft gezegd heeft op het verhoor.

Hoogleraar: ‘Pittig misdrijf’

Als daaruit blijkt dat de imam inderdaad meineed heeft gepleegd, is dat volgens hoogleraar sanctierecht Henny Sackers een ‘schoffering van de rechtsstaat’. Daarom zijn de sancties niet mals. “Als je meineed hebt gepleegd kun je een maximale gevangenisstraf van zes jaar krijgen en een geldboete van maximaal 20.000 euro. Afhankelijk van de ernst van de valse verklaringen.”

Heb je als getuige of deskundige gelogen tijdens een strafzaak en heeft dit gevolgen gehad voor de verdachte? Dan kan volgens de hoogleraar die celstraf zelfs oplopen tot negen jaar en een maximale geldboete van ongeveer 76.000 euro.

Sackers: “Het komt ook voor dat je in bepaalde situaties je beroep niet meer mag uitvoeren en je hebt bovendien een zwaar strafblad.”

Imam Salam van de omstreden moskee

Bekijk deze video op RTL XL

Imam Salam werd gisteren onder ede gehoord en deed een paar opvallende uitspraken.

RTL Nieuws; Rechtspraak Moskee

Ruzie in verhoorzaal Tweede Kamer, imam Salam oneens met commissie

NOS 19.02.2020 In de verhoorzaal in de Tweede Kamer is onenigheid ontstaan tussen de parlementaire onderzoekscommissie en bestuurder en imam Suhayb Salam van de alFitrah-moskee in Utrecht. Het verhoor is inmiddels afgerond. “Schijnvertoning. Poppenkast”, waren de laatste woorden van Salam.

De commissie wilde weten hoe Salam de financiën van de moskee en de koranscholen heeft geregeld. In een vragensessie hierover gaf de commissie aan dat een bepaald antwoord van Salam voldoende was. De commissie stelde een volgende vraag, maar Salam bleef doorpraten.

Salam stelde enkele malen dat hij gaat over hoe hij antwoord wil geven, en niet de commissie. Die heeft veel vragen en wil een bepaalde snelheid en volgorde van onderwerpen aanhouden. Commissievoorzitter Rog greep in: “Wij bepalen hier de orde. Als het zo gaat, moet ik dit verhoor afbreken en dat wil ik niet.”

Commissie krijgt ruzie met ondervraagde Salam

Regelmatig herhaalde zich de situatie dat de commissie een vraag stelde en Salam daar doorheen bleef praten. Hij zei: “U gaat hier niet de hogere over mij spelen.” Voorzitter Rog schakelde op een gegeven moment de microfoon van Salam uit. Die reageerde boos en zei dat de commissie hem de mond wilde snoeren. Uiteindelijk ging het verhoor toch verder.

Salam wilde geen antwoord geven op de vraag of er in zijn moskee islamitische huwelijken worden gesloten zonder voorafgaand burgerlijk huwelijk. Salam antwoordde dat het aan een vader is om zijn dochter weg te geven. Commissievoorzitter Rog vindt dit geen antwoord op de vraag en beraadt zich op volgende stappen.

De commissie stelde hem ook vragen over het vieren van kinderverjaardagen, of Salam zegt dat gelovigen niet naar ‘ongelovige’ psychologen mogen, en andere vermeende uitspraken en theologische voorschriften. Daar gaf hij ook geen rechtstreeks antwoord op maar zegt dat de stichting zelf zorgt voor gelovigen die in nood zijn.

De bestuursvoorzitter van alFitrah heeft volgens zijn islamitische principes bezwaar tegen de commissie en het onderzoek. De Kamer spande eerder een rechtszaak aan tegen de stichting alFitrah omdat deze geen informatie wilde geven. Het hoger beroep dient op 21 februari.

Imam Suhayb Salam: wie wordt hier nu ongewenst beïnvloed

Eerdere verhoordagen

Er zijn al vier eerdere verhoordagen geweest. Lees hier de artikelen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig
Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren miljoenen euro’s uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië hebben aangevraagd.

Moskeevoorzitter ruziet met Tweede Kamerleden

Telegraaf 19.02.2020 Het verhoor van de geestelijke en bestuursvoorzitter Salam van de Utrechtse alFitrah moskee is woensdagmiddag uitgelopen op een ruzie met de Tweede Kamerleden die hem bevroegen. De getuige wenste niet onderbroken te worden en beschuldigde de Tweede Kamer ervan mee te doen met het demoniseren van moslims.

Het begin van het verhoor had voorspellende waarde, toen commissievoorzitter Rog aankondigde dat Salam ‘ervoor had gekozen niet te gaan staan bij het afleggen van de eed.’

Het wekte de indruk dat de getuige weinig respect had voor zijn aanstaande ondervragers. Dat bleek inderdaad het geval. Het gesprek verliep in grimmige sfeer, omdat Salam de vragen van de gekozen volksvertegenwoordigers niet, onvolledig of onduidelijk beantwoordde.

De commissie doet onderzoek naar buitenlandse geldstromen richting moskeeën in Nederland en mag onder ede getuigen horen om de waarheid boven tafel te krijgen. Maar dat ging lastig bij dit verhoor, omdat Salam antwoorden gaf die niet pasten bij de vragen die gesteld werden. Andere antwoorden wilde hij echter niet geven.

„Of ik geef antwoord, of we gaan naar de rechter”, dreigde Salam. Hij trof de commissie al eerder in de rechtszaal, want zijn moskee weigert interne documenten over mogelijke geldstromen te verstrekken aan de commissie. De rechter gaf de commissie gelijk.

Gesprek ontspoort

Voorzitter Rog probeerde de orde te herstellen, maar ook daarna ontspoorde het gesprek nog regelmatig na onduidelijke of wisselende antwoorden. Op de vraag of hij kinderen aanleert om geen Sinterklaas te vieren, zoals het Verweij Jonker instituut constateerde, kwam bijvoorbeeld het antwoord dat Noord-Nederland geen carnaval viert.

Waarom had hij al vijf jaar geen jaarverslag bij de Kamer van Koophandel ingeleverd? Jaarverslagen kunnen ook mondeling, zei de bestuursvoorzitter.

En hoe zit het met de financiële geldstromen in zijn moskee? „Dat weet de penningmeester.”

Wie bepaalt de inhoud van de Koranlessen die de moskee 14 uur per week aan kinderen geeft? „Dat bepaalt de islam”, zei Salam.

„Alle mensen zijn welkom bij ons” sprak hij vervolgens spottend tegen Kamerlid Stoffer van de streng-christelijke SGP. „Als u geïnteresseerd bent, bent u welkom.”

BEKIJK OOK:

’Koranlessen alFitrah-moskee riskant voor kinderen’

Mannelijke fans

Op de publieke tribune zat een groepje mannelijke fans van de geestelijke, waarvan eentje net als Salam zelf in een gewaad en met een mutsje op. Zij konden zijn grappen en het gesar wel waarderen.

Des te groter waren hun vernietigende blikken richting een meisje elders op de tribune dat het waagde zachtjes te klappen toen voorzitter Rog de orde probeerde te herstellen. Ook viel op dat Kamerlid Kuzu (Denk), die ook in de commissie zit, af en toe glimlachend de confrontatie tussen zijn collega’s en de moskeebestuurder gadesloeg. Onderzoekster Pels had eerder woensdag verklaard dat bezoekers van de alFitrah moskee aangespoord zijn om op Denk te stemmen.

Nadat Salam ook nog had gezegd dat vicevoorzitter Bouharrou van de Marokkaanse moskeeën eerder deze week bij de commissie had gelogen en tien keer meineed had gepleegd, noemde hij het werk van de commissie ’een beetje schofterig’, ‘een schijnvertoning’ en diens leden zouden ‘meerdere leugens’ hebben verteld.

„Als moslims laten we ons niet demoniseren. Het is een hetze waar u ook aan bijdraagt.”

De commissie zegt zich te beraden over wat ze doet met het feit dat Salam op bepaalde vragen geen antwoorden wilde geven. Ook leek de commissie te suggereren dat ze over informatie beschikt, waaruit zou blijken Salam zelf niet de waarheid heeft verteld.

Tweets by ‎@wouterdewinther

Loog imam Salam van alFitrah-moskee onder ede? Onderzoekscommissie onderzoekt uitlatingen

AD 19.02.2020 Bestuursvoorzitter en Imam Suhayb Salam van de alFitrah-moskee heeft mogelijk gelogen terwijl hij onder ede stond. De ondervragingscommissie beraadt zich na bestudering van zijn antwoorden op stappen tegen Salam, die vandaag hard botste met de commissie tijdens zijn verhoor.

De parlementaire ondervragingscommissie onderwierp Salam vandaag urenlang aan een verhoor en denkt dat hij tijdens antwoorden op verschillende vragen mogelijk niet de waarheid heeft gesproken. ,,We bestuderen zorgvuldig de antwoorden die de heer Salam onder ede heeft gegeven.” Dat laat de commissie weten in een statement.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Een woordvoerder van de Kamercommissie legt uit dat niet alleen uitvoerig gekeken wordt naar antwoorden die Salam vandaag gaf bij de ondervragingscommissie. Ook uitlatingen die hij eerder al bij de rechter onder ede deed liggen onder een vergrootglas. ,,We beoordelen alle antwoorden en beslissen daarna over mogelijke vervolgstappen.”

Invloed

Tijdens het verhoor door de commissie vandaag werd duidelijk dat de Utrechtse burgemeester Jan van Zanen niet heeft kunnen vaststellen dat buitenlandse financiers invloed uitoefenen op de gang van zaken binnen alFitrah. Dat verklaarde hij persoonlijk voor de commissie, die namens de Tweede Kamer ongewenste buitenlandse beïnvloeding van islamitische instellingen onderzoekt.

Van Zanen vertelde de commissie dat al kort na zijn aantreden in 2014 hem verontrustende berichten bereikten over de moskee. Het contact tussen de gemeente en alFitrah staat op een laag pitje sinds het kritische onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut. Volgens Van Zanen houdt imam Suhayb Salam de boot af. Verder zei Van Zanen dat hij de stellige indruk heeft dat Salam ook buiten Utrecht actief is.

Tumultueus

Het verhoor van Salam ontaardde eerder vanmiddag in een tumultueuze sessie, waarin de beschuldigingen over de tafel vlogen.

Aan het einde leek commissievoorzitter en CDA-Kamerlid Michel Rog te zinspelen op meineed gepleegd door Salam, omdat deze verklaarde geen stukken te bezitten over financiën van zijn moskeeorganisatie. ,,U beschikt wel degelijk over de stukken. U ontkent nu dat u daarover beschikt”, zei Rog. Salam ontkende ook dat zijn stichting een bankrekening heeft, wat volgens Rog wel het geval is.

Meteen na afloop van het verhoor, met de microfoon nog aan, deed Salam het geheel af als ‘een poppenkast’. Eerder sprak hij van een schijnvertoning, waarbij hij niet de kans kreeg leugens te weerleggen.

Flitsenquête

We zitten hier niet in een rechtbank. Ik hoop dat u weet wat uw grenzen en mijn grenzen zijn, aldus Suhayb Salam.

Salam was opgeroepen als getuige in de flitsenquête naar buitenlandse geldstromen richting islamitische instellingen. Later vandaag verschijnt de Utrechtse burgemeester Jan van Zanen.

Salam betichtte D66-Kamerlid Rutger Schonis van ‘schofterig gedrag’ toen hij hem niet liet uitpraten. Rog dreigde het verhoor te schorsen toen Salam erop stond dat hij kon uitpraten: ,,Of u laat mij uitpraten of ik ga naar de rechter.” En: ,,We zitten hier niet in een rechtbank. Ik hoop dat u weet wat uw grenzen en mijn grenzen zijn.”

Suhayb Salam tijdens het verhoor vanmiddag. © ANP

Salam weigert op te staan

Wij moslims bepalen mede de normen en waarden. Of het u bevalt of niet

De stemming werd al voor aanvang gezet, toen Salam weigerde te staan bij het afleggen van de eed. Vervolgens las hij een verklaring voor waarin hij stelde dat grondrechten van moslims ‘stelsel- en planmatig worden ondermijnd.’ Een aantal politici heeft ‘heropvoeding nodig’, zei hij. Later in het verhoor stelde hij dat de overheid ‘onderdrukkend’ bezig is. ,,Wij moslims bepalen mede de normen en waarden. Of het u bevalt of niet.”

Salam zei circa 1,5 miljoen euro uit Koeweit te hebben ontvangen, onder andere voor de aankoop van een pand in Utrecht. Volgens hem zijn ‘bemoeials’ van de AIVD de afgelopen jaren tot zes keer toe in Koeweit geweest met vragen over mogelijke donaties aan de Al Fitrahmoskee van Salam in Utrecht.

Alarmerend beeld

Eerder op de dag schetste onderzoeker Trees Pels van het Verweij-Jonker Instituut een alarmerend beeld van de organisatie van Salam, waar kinderen tijdens buitenschoolse lessen aangeleerd zou worden zich van de samenleving af te keren. Volgens Salam is dat ver verwijderd van de waarheid. Zijn organisatie doceert op jaarbasis honderden kinderen. ,,Er is zelfs een jaar geweest dat we de duizend haalden.”

Hij zei ‘100 procent’ transparant te zijn over de financiële gang van zaken bij Al Fitrah. Jaarverslagen worden volgens hem mondeling afgehandeld en niet schriftelijk vastgelegd. Hij beschuldigde een eerdere getuige, Saïd Bouharrou, van meineed. De vicevoorzitter van de Raad van Marokkaanse moskeeën verklaarde maandag dat mensen van Al-Fitrah hebben geprobeerd in Nijmegen voet aan de grond te krijgen.

Islamitisch huwelijk

Salam weigerde ja of nee te zeggen op de vraag of hij islamitische huwelijken heeft afgesloten. ,,We begeleiden de mensen in hoe zij volgens de islam behoren te leven. Als ze ons vragen: doen jullie aan huwelijken, dan is ons antwoord heel simpel: als deze meid een vader heeft, dan kan hij haar zelf huwen.”

Voorzitter Rog wees hem op zijn medewerkingsplicht. ,,U heeft de commissie meerdere keren geen antwoord gegeven op de vraag of het voorgekomen is dat u of anderen binnen Al Fitrah islamitische huwelijken hebben gesloten.” Hij ontkende dat zo’n huwelijk strafbaar is, hoewel commissielid Chris Stoffer hem artikel 449 uit het wetboek van Strafrecht voorhield.

Het verhoor van Trees Pels kwam vanmorgen als eerst aan bod © ANP

Ook op de vraag of hij moslims doceert niet mee te doen aan Nederlandse feestdagen en hen aanraadt niet-gelovigen niet aan te kijken, kwam geen simpel ja of nee. Zijn omstandige antwoorden klonken wel als een bevestiging, al benadrukte hij dat het de kinderen vrij staat zelf te beslissen.

In de verhoren van de ondervragingscommissie van de Tweede Kamer staat vandaag de Utrechtse alFitrah-moskee centraal. We volgden de verhoren in dit liveblog, dat inmiddels is afgesloten. 

© Aangeboden door RTL Nieuws Imam Salam, bestuursvoorzitter en geestelijke leider van de Stichting alFitrah

Omstreden imam tijdens roerig verhoor: ‘Wij laten ons door niemand domineren’

MSN 19.02.2020 “Schijnvertoning. Poppenkast.” Deze woorden klonken in de verhoorzaal van de Tweede Kamer uit de mond van de omstreden Utrechtse imam Suhayb Salam. De imam stond voor een speciale commissie die onderzoek doet naar ongewenste buitenlandse financiering van moskeeën.

Al voordat het verhoor begon, had imam Salam al ruzie met de parlementaire onderzoekscommissie. “Ik weiger te staan bij het afleggen bij de eed”, sprak de imam van de Utrechtse alFitrah-moskee. Die moskee ligt onder een vergrootglas, onder andere omdat de kinderen bang gemaakt zouden worden voor Nederlandse tradities.

1,5 miljoen uit Koeweit

Vooraf wilde Salam geen inzicht geven in de boekhouding van zijn ultra-orthodoxe moskee. Onder ede gaf de imam toe: zijn moskee kreeg 1,5 miljoen uit Koeweit. “Zonder voorwaarden.”

Over de rest van de financiën van zijn moskee kon hij weinig zeggen. “Ik heb geen inzicht in onze jaarverslagen. Ik ben niet echt een financieel expert. Dat heeft onze penningmeester”. Zijn verweer was dat de Fiod de stukken in beslag heeft genomen. Eerder deze week zei de oud-voorzitter van de As-Soennah moskee in Den Haag dat zij 2,5 miljoen kregen uit Koeweit. Ook zonder voorwaarden.

‘We laten ons door niemand domineren’

De commissie onder leiding van CDA’er Michel Rog had veel vragen aan de imam. Regelmatig kwam het tot een flinke clash. Zo vond de imam dat hij ging over hoe hij antwoord wilde geven, en niet de commissie. “Ik bepaal wanneer u geantwoord hebt en niet u”, zei Salam met ferme toon.

“Ik wil niet dat mijn antwoorden afgehakt worden. We zitten hier niet in een rechtbank.” Bij een van de clashes moest per ongeluk een glas water van de imam het ontgelden. Volgens de imam heeft de moskeestichting een breed scala aan activiteiten. “We hebben een hele brede inzet. Het programma wordt bepaald door de islam.”

Hij vond verder dat de overheid ‘onderdrukkend bezig is.’ “Moslims bepalen mede de normen en waarden. Of u dat nu bevalt of niet.”

Verjaardag vieren?

De ondervragingscommissie wilde ook weten of de imam de kinderen doceerde dat zij geen verjaardagen, kerst, of Sinterklaas mogen vieren. “Wat ik doceer, is dat wij moslims zijn en dat wij vrijheden hebben. En wij laten ons door niemand domineren”, antwoordde de imam.

Op de vraag of de vrouw een man de hand kan schudden zei hij: “Als de vrouw ervoor kiest de man geen hand te schudden dan is dat gewaarborgd in de wet. Dat is vrijheid van godsdienst.”

‘Vader huwt de vrouw’

De ondervragingscommissie wilde verder weten of de imam ook islamitische huwelijken buiten de Nederlandse wet om sluit. “Wij begeleiden mensen. Degene die de vrouw huwt, is haar vader.”

De commissie concludeerde: er kwam geen antwoord op de vraag. Dat gold voor meerdere vragen die aan de imam werden gesteld. Die eindigde het tumultueuze verhoor met de woorden: “Schijnvertoning. Poppenkast.”

Verhoren over ongewenste financiering moskeeën

  • Een speciale commissie van de Tweede Kamer doet onderzoek naar ongewenste buitenlandse financiering van moskeeorganisaties.
  • En of dat leidt tot radicale beïnvloeding.
  • Uit de verhoren wordt vooral duidelijk dat er achter moskeemuren dingen gebeuren die misschien onwenselijk zijn,maar daarmee zijn ze nog niet onwettig.
  • De commissie onder leiding van CDA-Kamerlid Michel Rog ondervraagt daarvoor allerlei betrokkenen onder ede.
  • Vandaag was dat onder meer de Utrechtse imam Suhayb Salam.

Islamitische hogeschool neemt schoorvoetend afstand van uitspraken eigen rector

Telegraaf 19.02.2020 De islamitische hogeschool IUASR in Rotterdam neemt vlak voor een door het kabinet gestelde deadline afstand van een deel van de omstreden uitspraken van haar eigen rector, Ahmet Akgündüz. De vraag is nu of minister Van Engelshoven (Onderwijs) hiermee genoegen neemt.

Rector Akgündüz ligt bij de D66-bewindsvrouw onder een vergrootglas sinds hij discriminerende en opruiende uitspraken heeft gedaan. Hij zei op de Turkse televisie dat tegenstanders van de Turkse president Erdogan volgens de Koran afgeslacht mogen worden. Ook sprak hij zijn walging uit over een ’Europese islam’ die ruimte biedt voor homo’s en vrouwelijke imams.

Bekijk ook:

Onderzoek naar bizarre uitspraken islamitische rector R’dam

Van het kabinet kreeg de islamitische hogeschool de opdracht om via een advertentie in een landelijke krant afstand te nemen van de uitspraken. Dat lijkt de school woensdag te hebben gedaan in het Nederlands Dagblad, een krant met een relatief kleine oplage en een betaalmuur.

„De IUASR neemt afstand van voornoemde uitlatingen van Prof. Dr. A. Akgündüz voor zover die zijn opgevat als rechtvaardiging voor het oproepen tot geweld”, luidt de verklaring.

’Juristen kijken ernaar’

Het ministerie van Onderwijs laat weten dat juristen de advertentie momenteel bestuderen en wegen. Als het door minister Van Engelshoven te licht wordt bevonden dan dreigt de hogeschool haar accreditatie te verliezen. De studenten hebben dan geen recht meer op studiefinanciering en kunnen geen bachelor meer halen. „Er wordt nu gekeken of ze voldaan hebben aan het verzoek. En hoe dit juridisch zit”, aldus een woordvoerder van de D66-bewindsvrouw.

VVD-Kamerlid Dennis Wiersma zit op het vinkentouw. Hij vraagt zich af waarom de school zo lang wacht met het afstandnemen van de de uitspraken van Akgündüz. „En waarom sturen ze hem niet de laan uit?”

De procedure die nodig is om de school de duimschroeven aan te draaien en de accreditatie te omtnemen vindt hij sowieso te lang. Een Kamermeerderheid is dat met hem eens. Minister Van Engelshoven moet met een plan komen om dat te verkorten.

Bekijk meer van; politiek discriminatie universiteit onderwijzen en leren islam Ahmet Akgündüz Rotterdam IUASR

Trees Pels, emeritus hoogleraar en senior onderzoeken bij het Verweij-Jonker instituut, tijdens de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie. Ⓒ ANP

’Koranlessen alFitrah-moskee riskant voor kinderen’

Telegraaf 19.02.2020 De Tweede Kamer kreeg woensdagochtend een duister beeld over de invloed op kinderen van orthodoxe Koranlessen in de Utrechtse alFitrah moskee.

Onderzoekster Trees Pels van het Verwey-Jonker Instituut vertelde aan de parlementaire ondervragingscommissie dat er intimidatie plaatsheeft en fundamentalisme hoogtij viert. De lessen zouden ’riskant’ zijn en ’afstand tot de samenleving bevorderen’.

„De boodschap is zeer fundamentalistisch en dogmatisch”, vertelde Pels, die twee onderzoeken deed naar de pedagogische kwaliteiten van wat er aan Koranlessen wordt aangeboden in de moskee.

Kinderen krijgen al op jonge leeftijd les. Dit gebeurt buiten het zicht van de onderwijsinspectie, want die houdt op dit soort ’onderwijs’ geen toezicht.

Streng-islamitische norm

Volgens Pels gaat het om veertien uur per week. Daar leert men niet alleen maar de Koran te lezen, maar doet men aan religieuze en morele vorming naar streng-islamitische norm. Kinderen kunnen er al op zeer jonge leeftijd mee in aanraking komen.

„Kinderen krijgen te horen dat Allah hen zal straffen als ze zich niet aan de norm houden”, aldus Pels. Ze noemde als voorbeeld dat meisjes wordt aangeleerd om niet alleen uit te gaan of op schoolreisje mee te gaan. Daar moest dan een chaperonne mee. „Ze kregen op hun kop en werden geïntimideerd als dat wel was gebeurd.”

Sinterklaas

De moskeelessen ondermijnen wat men op Nederlandse scholen leert, verklaarde Pels. „Kinderen kunnen ontmoedigd raken om mee te doen met regulier basisonderwijs.” De onderzoekster noemde als voorbeeld deelname aan vieringen, zoals Sinterklaas. „Kinderen worden angstig gemaakt om mee te doen.”

Weliswaar zou gezegd worden dat kinderen een eigen keuze moeten maken, maar Pels signaleerde dat druk van de moskee en ouders zwaar kan wegen voor kinderen. Ze waarschuwde dat de Koranlessen het kritisch denkvermogen van kinderen ondermijnen.

De aantrekkingskracht van de moskee komt volgens haar bijvoorbeeld voort uit het feit dat moslims zich in de moskee veilig zouden voelen om zichzelf te zijn. Tot een paar jaar geleden werd stemmen bij verkiezingen ontmoedigd, hoorde de commissie. Tegenwoordig is men daar wat gematigder over, maar wel met een duidelijk stemadvies. „Denk”, zei Pels.

Later woensdag spreekt de commissie die onderzoek doet naar buitenlandse geldstromen richting moskeeën in Nederland, met alFitrah-bestuursvoorzitter en geestelijk leider Salam en de Utrechtse burgemeester Van Zanen.

‘Financiers as-Soennah moskee kwamen uit buitenland, maar hadden geen invloed’

Den HaagFM 17.02.2020 De as-Soennah moskee krijgt geld uit het buitenland, maar volgens voormalig voorzitter Abdelhamid Taheri hebben de financiers geen invloed op het beleid van de moskee. Taheri werd maandag onder ede gehoord naar aanleiding van berichten over geldstromen naar moskeeën in Nederland vanuit dubieuze golfstaten. Ook ex-burgemeester Pauline Krikke moest voor de commissie verschijnen.

Aanleiding voor de parlementaire ondervraging is een onderzoek van NRC Handelsblad en tv-programma Nieuwsuur. Daaruit blijkt dat islamitische instellingen, waaronder de as-Soennah moskee, in Nederland subsidie hebben aangevraagd en ontvangen uit Golfstaten als Saudi-Arabie en Koeweit. Het zou gaan om miljoenen euro’s.

Inlichtingendienst AIVD waarschuwde de gemeente Den Haag in 2017 al voor een omstreden financier van de as-Soennah moskee. Het islamitische centrum ontving volgens de dienst steun van een Koeweitse liefdadigheidsinstelling die in verband wordt gebracht met terrorisme. Ook zouden met de geldstroom extremistische ideeën kunnen mee vloeien.

Het moskeebestuur liet eerder weten weleens geld te hebben gekregen vanuit Koeweit, maar dat er ‘op geen enkele wijze invloed is uitgeoefend’. De moskee zou de weldoeners nadrukkelijk hebben gezegd op geen enkele wijze bemoeienis te dulden.

Taheri vertelde dat de moskee geld uit diverse bronnen krijgt. Voor de dagelijkse gang van zaken komt het geld volgens de moskee uit Nederland, bijvoorbeeld door inzamelingen tijdens het vrijdaggebed. Alleen voor bijzondere uitgaven wordt er subsidie in het buitenland gevraagd.

‘Financiers as-Soennah moskee kwamen uit buitenland, maar hadden geen invloed’

OmroepWest 17.02.2020 De as-Soennah moskee krijgt geld uit het buitenland, maar volgens voormalig voorzitter Abdelhamid Taheri hebben de financiers geen invloed op het beleid van de moskee.

Taheri werd maandag onder ede gehoord naar aanleiding van berichten over geldstromen naar moskeeën in Nederland vanuit dubieuze golfstaten. Ook ex-burgemeester van Den Haag Pauline Krikke moest voor de commissie verschijnen.

Aanleiding voor de parlementaire ondervraging is een onderzoek van NRC Handelsblad en tv-programma Nieuwsuur. Daaruit blijkt dat islamitische instellingen, waaronder de as-Soennah moskee, in Nederland subsidie hebben aangevraagd en ontvangen uit Golfstaten als Saudi-Arabie en Koeweit.

Het zou gaan om miljoenen euro’s. Inlichtingendienst AIVD waarschuwde de gemeente Den Haag in 2017 al voor een omstreden financier van de as-Soennah moskee. Het islamitische centrum ontving volgens de dienst steun van een Koeweitse liefdadigheidsinstelling die in verband wordt gebracht met terrorisme. Ook zouden met de geldstroom extremistische ideeën kunnen mee vloeien.

Het moskeebestuur liet eerder weten weleens geld te hebben gekregen vanuit Koeweit, maar dat er ‘op geen enkele wijze invloed is uitgeoefend’. De moskee zou de weldoeners nadrukkelijk hebben gezegd op geen enkele wijze bemoeienis te dulden.

Taheri vertelde dat de moskee geld uit diverse bronnen krijgt. Voor de dagelijkse gang van zaken komt het geld volgens de moskee uit Nederland, bijvoorbeeld door inzamelingen tijdens het vrijdaggebed. Alleen voor bijzondere uitgaven wordt er subsidie in het buitenland gevraagd.

Bemiddelaar

Deze buitenlandse subsidies waren het onderwerp van de parlementaire ondervraging. Taheri vertelde een bemiddelaar in Koeweit te hebben die voor de Haagse moskee in het land op zoek ging naar fondsen en donaties.

Hierbij ging het om bedragen tot 2,5 miljoen euro. Bij vragen moest Taheri toegeven dat hij niet wist waar het geld precies vandaan kwam. Hij kon niet garanderen dat er geen sprake is geweest van inmenging door deze buitenlandse financiers.

De berichten waren voor een meerderheid van de gemeenteraad reden om af te willen van de samenwerking met de moskee. De as-Soennah-moskee kreeg tussen 2013 en 2017 nog ruim 43.000 euro van Den Haag voor onder meer taallessen en het vrijwilligersproject rond de jaarwisseling. Daar ging een streep doorheen.

Pauline Krikke

Ook voormalig burgemeester Pauline Krikke moest verschijnen voor de commissie. Zij verklaarde dat gemeenten en andere overheden meer mogelijkheden moeten krijgen om de financiering van kerken en moskeeën te controleren. Ook moet een minister geld kunnen laten terugstorten of bevriezen, mocht dit met een ‘giftige boodschap’ vanuit het buitenland geschonken zijn.

Verder wilde de voormalig burgemeester niet veel kwijt. Zo wilde ze geen antwoorden geven op vragen over hoe de informatie over de financiering van de as-Soennah moskee tot haar kwam. ‘Ik weet niet zeker of ik dit mag delen, dus daar wil ik niets over zeggen’, verklaarde ze.

Onder ede

De onderzoekscommissie startte vorige week met de openbare verhoren onder ede. De tweede week begon maandag met het verhoor van Saïd Bouharrou, vice-voorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland. Verschijnen voor de onderzoekscommissie is verplicht.

LEES OOK: Taheri en Krikke verhoord over financiering moskeeën

Meer over dit onderwerp: AS SOENNAH MOSKEE PAULINE KRIKKE

Abdelhamid Taheri, voormalig bestuursvoorzitter van de moskee As-Soennah, tijdens de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie. Ⓒ ANP

Moskee kreeg 2,5 miljoen uit Koeweit ’zonder voorwaarden’

Telegraaf 17.02.2020 De omstreden moskee As-Soennah in Den Haag kreeg in 2014 en 2015 in totaal bijna 2,5 miljoen euro uit Koeweit zonder dat er speciale voorwaarden zijn gesteld. Dat zegt Abdelhamid Taheri, tot september vorig jaar bestuursvoorzitter van het gebedshuis.

Het geld was aangevraagd voor speciale projecten, zoals het drukken van de koran, aldus Taheri tegen de Tweede Kamer. Een commissie van de Kamer onderzoekt of moskeeën worden beïnvloed door buitenlands geld. De vrees bestaat dat streng islamitische landen met hun geld hier de radicalisering van jongeren aanjagen.

„We zijn onafhankelijk”, benadrukte Taheri. Volgens hem zijn er geen eisen aan de donaties verbonden. „Daar maak ik me geen zorgen om. Absoluut niet. Op geen enkele manier.” Er zou dan ook geen link zijn met extremistische organisaties.

BEKIJK OOK:

Haagse raad wil af van subsidie As Soennah-moskee

BEKIJK OOK:

Tweede verhoorweek omstreden moskeeën begonnen

Volgens hem komen de schenkingen uit islamitische inzamelingen, en gaat het om aalmoezen. De aanvragen zouden zijn geregeld via een contactpersoon in Koeweit, een sjeik die ook in As-Soennah predikte.

Oud-burgemeester van Den Haag Pauline Krikke, die te maken had met As-Soennah, zei in haar verhoor dat er te weinig bevoegdheden voor gemeenten zijn. Ze vindt dat er een landelijk expertisecentrum moet komen. Ook moet een minister geld kunnen laten terugstorten of bevriezen, mocht dit met een „giftige boodschap” vanuit het buitenland geschonken zijn. „Als dit geregeld is, is dat een hele forse stap.”

BEKIJK MEER VAN; samenleving politiek islam Abdelhamid Taheri Den Haag As-Soennah Koeweit

Pand dat As Soennah met ‘aalmoezen’ uit Koeweit kocht door truc ineens twee keer zo duur

AD 17.02.2020 Vragen naar de achtergrond van de partijen die tonnen beschikbaar stelden aan de As-Soennah moskee? Dat deed het bestuur niet, totdat Nieuwsuur over dubieuze donors berichtte, stelde ex-voorzitter Taheri vandaag. Daar is de Tweede Kamer, die hem onder ede hoorde, nog niet klaar mee.

Taheri was tot een half jaar geleden de aanvoerder van de salafistische moskee aan de Haagse Fruitweg, die door leden van de Hofstadgroep bezocht werd in de jaren voordat een lid hiervan Theo van Gogh vermoordde. In de jaren daarna baarde imam Fawaz Jineid opzien met zijn preken vol boodschappen die recht ingingen tegen wat goed gebruik is in Nederland.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

De imam werd in 2012 aan de kant gezet, waarna het leek of de moskee liberaler werd. Tot bleek dat in online religieuze lessen meisjesbesnijdenis werd gepromoot.

Opmerkelijk

Toen hierover ophef ontstond, haalde As-Soennah het filmpje offline. Vandaag tijdens de parlementaire mini-enquête naar buitenlandse beïnvloeding vertelde Taheri dat er intern iets was misgegaan, toevallig juist net deze ene keer waar ophef over ontstond. ,,Wij hebben een religieuze commissie die alle docenten van de juiste informatie en stencils voorziet. Maar die was net deze ene keer niet geweest.” Een opmerkelijk relaas, het filmpje stond toen namelijk al twee jaar online.

Dit naar de Nederlandse samenleving toe tolerantie prediken, maar binnen de eigen kring iets heel anders verkondigen werd vorige week door AIVD-baas Dick Schoof ‘façadepolitiek’ gedoopt. Taheri wierp verre van zich dat As-Soennah zich van zulke praktijken zou bedienen. ,,Dat kan je als imam niet maken, daar prikken jongeren doorheen.”

Dubieuze stichtingen

Dat kan zijn, maar na de woorden van Schoof prikt de onderzoekscommissie van de Kamer ook door dubbele boodschappen uit de moskee heen. En die kwamen er, juist toen het verhoor van Taheri richting de kern ging: financiering van dubieuze stichtingen uit golfstaten, die contact zouden hebben met terreurorganisaties.

  JW Navis @jwnavis

&quot;Op een gegeven moment kwam een toerist, die hier toevallig op zakenreis was, bij ons spreken tijdens het vrijdaggebed. Daarna bespraken we dat we voor dodenwassingsruimte geld nodig hadden. Korte tijd later hoorden we dat een Koeweitse prinses geld wilde schenken&quot; <a href=”https://twitter.com/hashtag/assoennah?src=hash&amp;ref_src=twsrc%5Etfw”>#assoennah</a>

In 2014 en 2015 werd door zo’n club uit Koeweit een bedrag van 2,5 miljoen overgemaakt naar As-Soennah. Niet ineens, maar in meerdere stortingen, maar in vier. Of Taheri dat niet gek vond? Waar hij eerst zei dat niet hij, maar de penningmeester verstand van financiën had, antwoordde hij nu dat ‘er soms wel eens nabetalingen komen, omdat een collecte langer voortduurt’. Maar, riposteerde Kamerlid Aukje de Vries: ‘Deze stortingen werden allen op dezelfde dag overgemaakt’. Toen bleef Taheri het antwoord schuldig.

De moskee was volgens Taheri aanvankelijk niet geïnteresseerd in de herkomst van dit grote bedrag, bestemd voor de aankoop van een gebouw aan de Radarstraat waar de As -Soennah Holding BV ‘maatschappelijke activiteiten’ zou gaan ontplooien. Pas na berichtgeving hierover in opnieuw Nieuwsuur, werd dit onderzocht.

De naam van de stichting? Taheri zou het niet weten, zegt hij als hem de naam wordt voorgehouden. ‘Ik ken alleen de Arabische naam’. Het geld bestaat uit aalmoezen, iedereen in de islamitische staten is gehouden 2 procent van zijn inkomsten aan deze ‘za’kaat’ te besteden. Speciale commissies selecteren als bestemming doelen in landen die qua islam nog ‘ontwikkelingslanden’ zijn, zoals Nederland.

Aalmoezen

Van dit geld maakte As-Soennah gebruik voor de aanschaf van het pand. Van de herkomst van het geld zei Taheri niets te weten, wel wist hij weer precies dat er een speciale vastgoedtruc werd uitgehaald bij de aanschaf van het pand aan de Radarstraat. Dat verdubbelde hierdoor op slag in waarde.

De verkoper verkocht het pand op papier voor één miljoen aan een tussenpersoon, die het pand dezelfde dag voor 1,9 miljoen aan As-Soennah doorverkocht. Hoe die winst (betaald met de ‘aalmoezen’ uit Koeweit) is verdeeld, wil de parlementaire onderzoekscommissie graag weten.

Stampij

Gek genoeg ontbraken alle notulen en bestuursverslagen van As-Soennah uit de jaren dat deze giften binnenkwamen, althans toen deze door de Kamer met een gerechtelijke vordering werden opgevraagd. Werd er in die jaren dan niets genotuleerd, was de vraag aan Taheri. ‘O zeker wel. Maar niet alles’.

Die stukken zijn ondanks een gerechtelijk bevel niet aan de Tweede Kamer gegeven. Taheri’s advocaat maakte hierover stampij, daarna werden de antwoorden weer vaag. Zo vaag, dat het niet uitgesloten is dat binnenkort ook de penningmeester van de moskee nog onder ede uitleg mag komen geven.

Na Taheri werd ex-burgemeester Krikke gehoord. Zij bleek  niets te weten over de geldstromen en de gemeente was ook niet bij machte er iets aan te doen.

As Soennah onder vuur in Tweede Kamer om financiering, Krikke aan het woord

AD 17.02.2020 De Haagse As Soennah moskee staat vandaag centraal bij de parlementaire verhoren over de financiering van moskeeën door buitenlandse mogendheden. Behalve de oud-voorzitter zal ook ex-burgemeester Krikke onder ede worden ondervraagd.

Daarbij draait het met name om de bedragen die de moskee volgens inlichtingendienst AIVD ontving van de Revival of Islamic Heritage Society (RIHS). Dat is een liefdadigheidsinstelling uit Koeweit die door de Verenigde Staten in verband wordt gebracht met het financieren van terroristen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

RIHS gaf in Nederland geld voor het verspreiden van de islam en de bouw van moskeeën, maar zou daarnaast ook Jahbat Al Nusra hebben gefinancierd. Dat is een van de strijdende partijen in Syrië en Irak. De militie geldt als de lokale tak van Al Qaeda, het terreurnetwerk dat achter de aanslagen van 11 september 2001 in de VS zat.

De financiering van de As Soennah door RIHS is daarmee brisant want de circa 60 jongeren uit Den Haag die geronseld werden voor de jihad en ten strijde trokken in het Midden-Oosten, sloten zich na hun uitreis bijna allemaal aan bij Al Nusra.

Voormalig burgemeester van Den Haag Pauline Krikke. © Still uit video

‘Light-versie’

Het parlementaire onderzoek dat nu loopt, een ‘light-versie’ van een parlementaire enquête, richt zich op de vraag of met de buitenlandse oliedollars ook invloed in de Nederlandse moskeeën is gekocht. Sinds een aantal jaren maakt het salafisme, een van de meest orthodoxe stromingen binnen de islam, een grote opmars door in Nederland. De aanhangers zijn zó fanatiek, dat ze liberalere moslims de les lezen dat zij niet gelovig genoeg zouden zijn. Hierdoor raakte deze groep in de verdrukking en kon het salafisme nog verder groeien.

De omstreden imam Fawaz Jneid riep vanaf het spreekgestoelte van het gebedshuis aan de Fruitweg openlijk op om ten strijde te trekken in Syrië. De moskee nam afscheid van hem, waarna Jneid zijn toevlucht zocht tot onder meer een boekwinkel. Hierop nam burgemeester Krikke een onorthodoxe maatregel: ze legde de imam een gebiedsverbod op voor zowel de Schilderswijk als Transvaal. Jneid vocht dit aan bij de rechter, maar die gaf Krikke gelijk.

Fawaz Jneid. © ANP

Samenwerking met moskee

De in oktober opgestapte burgemeester brak in haar benadering van de As Soennah pontificaal met het beleid van haar voorganger Jozias van Aartsen. Die zocht de samenwerking op met de moskee, onder meer om in de wijk de rust te bewaren tijdens oud en nieuw. Dat was zó succesvol, dat de gemeente ook na de dagenlange rellen vanwege de dood van Mitch Henriquez in 2015 haar toevlucht tot de moskee zocht, om de geest weer in de fles te krijgen.

As-Soennah © ANP

Hierop verschenen vrijwilligers van de As Soennah getooid in gele hesjes in de straten. Op slag keerde de rust terug. Daar was iedereen blij mee, maar het riep tegelijk de vraag op wie nu echt de baas was in de Schilderswijk: het bevoegd gezag of de moskee. Na de onthullingen over de verdachte geldstromen van Nieuwsuur verbrak de gemeente de samenwerking met de buurtvaders.

Verslaggever Jan-Willem Navis is bij de zitting aanwezig en twittert live mee. 

  https://twitter.com/jwnavis?ref_src=twsrc%5Etfw

Oud-burgemeester Krikke: expertisecentrum financiering moskeeën nodig

NOS 17.02.2020 Er moet een landelijk expertisecentrum komen dat de buitenlandse financiering onderzoekt van organisaties die “giftige boodschappen” verspreiden. Oud-burgemeester van Den Haag Pauline Krikke deed die oproep tegenover de Tweede Kamercommissie die zich buigt over de buitenlandse beïnvloeding van moskeeën.

Krikke doelt niet alleen op moskeeën, maar ook op christelijke en niet-religieuze organisaties. Die kunnen ook ongewenste boodschappen verspreiden, benadrukte ze. “Bijvoorbeeld het ontkennen van de gelijkwaardigheid tussen man en vrouw, het ontkennen van homoseksualiteit of het belemmeren van de keuzevrijheid bij abortus.”

Het landelijke expertisecentrum moet signalen verzamelen en organisaties onderzoeken. Daarbij moeten er geen verschillen zijn tussen gemeenten, zoals nu wel het geval is. Ze deed de oproep twee jaar geleden ook al, na het nieuws dat de Haagse As-Soennah-moskee een omstreden Koeweitse investeerder had.

Besnijdenis

Krikke was uitgenodigd door de commissie omdat zij als burgemeester van Den Haag te maken had met deze As-Soennah-moskee. Ze heeft uiteindelijk de subsidiekraan van de stichting helemaal dichtgedraaid.

Ook heeft ze de bestuurders aangesproken op een video op de website waarin vrouwenbesnijdenis werd aangeprezen. “Vrouwenbesnijdenis is zo’n ernstige verminking van een vrouwenlichaam, daar kun je niet zo lichtvaardig over zijn”, zei Krikke.

Abdelhamid Taheri, tot voor kort bestuursvoorzitter van As-Soennah, vertelde de commissie dat hij de besnijdenisvideo er vervolgens “direct heeft afgehaald”. Daarop vroeg de commissie hoelang de video dan online heeft gestaan. “Ik denk een of twee jaar”, antwoordde Taheri.

“De man is eindverantwoordelijk voor het gezin, net als in het christelijke geloof”, aldus Abdelhamid Taheri, oud-bestuursvoorzitter van de As-Soennah-moskee.

De commissie vroeg ook naar een filmpje waarin wordt gezegd dat vrouwen niet zonder begeleiding van een man op straat mogen. Volgens Taheri moet de commissie kijken naar de context. “Er is een onderscheid tussen de theologische uitleg en de maatschappelijke uitleg”, zei hij.

Mensen moeten het niet zo letterlijk nemen, was de boodschap van Taheri. “De man is eindverantwoordelijk voor het gezin, net als in het christelijke geloof.” Hij vindt dat mannen de keus moeten hebben vrouwen wel of geen hand te geven.

As-Soennah kreeg miljoenen uit Koeweit, maar veel kon Taheri daar niet over zeggen. Hij verwees regelmatig naar de penningmeester. Taheri ontkent dat de geldschieters invloed op de religieuze koers van de moskee hebben gekocht.

Mogelijk geld terugstorten

Krikke zei dat burgemeesters bij signalen van ultraorthodoxe invloeden geen enkele mogelijkheid hebben om de buitenlandse financiering te onderzoeken. Het expertisecentrum waarvoor zij pleit, zou die mogelijkheden wel moeten hebben. De verantwoordelijke minister kan daarna besluiten dat het geld moet worden teruggestort.

Eerder vandaag zei de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland dat de bevindingen van inlichtingendienst AIVD kloppen, dat een kleine groep jongere, orthodoxe moslims steeds meer invloed krijgt. Vicevoorzitter Saïd Bouharrou vindt ondersteuning van de overheid belangrijk, maar zei dat vooral moslims zelf weerbaarder moeten worden.

Eerdere verhoordagen

Vorige week maandag, woensdag en donderdag waren de eerste twee verhoordagen. Lees hier de artikelen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
– Samenvatting: Wie is de baas in de moskeeën? Spanning rond Kamer-onderzoek neemt toe

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren miljoenen euro’s uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië hebben aangevraagd. (Verhoorschema)

Taheri en Krikke verhoord over financiering moskeeën

OmroepWest 17.02.2020 Met grote tegenzin verschijnt de Haagse as-Soennah moskee maandag voor de onderzoekscommissie van de Tweede Kamer. De commissie onderzoekt de financiering van moskeeën in Nederland en heeft voormalig moskeevoorzitter Abdelhamid Taheri opgeroepen voor een openbaar verhoor onder ede. Ook ex-burgemeester Pauline Krikke van Den Haag wordt maandag verhoord. De relatie tussen Den Haag en de as-Soennah moskee is al jaren stroef.

video

KIJK TERUG: Openbaar verhoor Pauline Krikke (beeld: Tweedekamer.nl):

Een deel van de Nederlandse politiek heeft het op moslims gemunt. Dat is de stellige overtuiging van het bestuur van de as-Soennah moskee. De parlementaire mini-enquête naar ‘ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen’ zou daar een voorbeeld van zijn. De commissie wil erachter komen of er geldstromen uit het buitenland komen die leiden tot deze ongewenste beïnvloeding.

‘Deze parlementaire ondervraging onderzoekt enkel en alleen de financiële geldstromen van moskeeën. Het is de zoveelste poging om de islam en moslims in de verdachtenbank te duwen’, is de reactie van het moskeebestuur nadat Taheri door de onderzoekscommissie is opgeroepen voor verhoor. Maar iedereen die wordt opgeroepen, is verplicht om te komen en dus zal Taheri er ook aan moeten geloven.

Bekijk hier het verhoor terug van Adelhamid Taheri:

video

Imam Fawaz Jined

Het Haagse stadsbestuur worstelt al jaren met de moskee. Zo ligt voormalig burgemeester Wim Deetman geregeld in de clinch met de omstreden imam Fawaz Jined, de toenmalige voorganger van de as-Soennah. In 2004 wenst de imam Theo van Gogh een ongeneselijke ziekte toe. Een paar maanden later wordt Van Gogh vermoord. Ook kreeg Fawaz boetes voor het sluiten van sharia-huwelijken en zou hij voorstander zijn van vrouwenbesnijdenis. In 2012 wordt hij na een ruzie uit het moskeebestuur van de as-Soennah gezet.

Na het vertrek van imam Fawaz ontspant de relatie tussen de gemeente en de as-Soennah zich. Volgens burgemeester Jozias van Aartsen, de opvolger van Deetman, bestrijdt het nieuwe moskeebestuur in tegenstelling tot Fawaz, terrorisme wel. Van Aartsen zet vrijwilligers van de as-Soennah zelfs in als troef tegen de overlast tijdens de jaarwisseling. In de Schilderswijk en Transvaal gaan groepen moskeevrijwilligers de straat op om de rust in de wijken te houden.

Salafistische ordetroepen

Partijen als de VVD, het CDA en de PVV in de Haagse gemeenteraad en later ook een meerderheid van de Tweede Kamer veroordelen de inzet van deze vrijwilligers. De PVV spreekt van ‘salafistische ordetroepen’ die de gemeente tijdens de jaarwisseling de straat op stuurt. De partijen en een Kamermeerderheid willen dat de samenwerking verbroken wordt.

Maar dat weigert Van Aartsen keer op keer. Hij blijft vasthouden aan de vrijwilligers omdat ze geen preken houden of mensen bekeren, maar slechts de politie helpen. ‘Dat zouden meer mensen moeten doen’, zegt hij in januari 2016.

Gedachtepolitie

Bovendien verdedigt hij het salafisme. Uit AIVD-rapporten blijkt volgens hem dat salafisme een orthodoxe beleving van het geloof is en ‘nul komma nul te maken heeft met terrorisme’. Ook wil hij geen gedachtepolitie zijn. ‘In de Oudejaarsnacht zijn honderden mensen actief. Ik kan niet aan iedereen vragen wat hij of zij denkt. Dat valt onder de vrijheid van godsdienst en meningsuiting’, reageert hij. De as-Soennah-vrijwilligers blijven daarom met oud en nieuw de straat op gaan.

Pauline Krikke die in 2017 Van Aartsen opvolgt, volgt deze lijn in eerste instantie. Maar in mei 2018 worden de banden tussen de gemeente en de moskee alsnog definitief verbroken.

Dubieuze golfstaten

Aanleiding zijn berichten van NRC Handelsblad en het tv-programma Nieuwsuur waarin wordt gesteld dat onder meer de as-Soennah moskee geld kreeg van dubieuze golfstaten. In 2011 zou de moskee om geld gevraagd hebben in Saoedi-Arabië en in 2017 zou geld zijn ontvangen vanuit Koeweit. Voormalig bestuursvoorzitter Taheri heeft dit altijd ontkend.

Maar de berichten zijn voor een meerderheid van de gemeenteraad reden om af te willen van de samenwerking met de moskee. De as-Soennah moskee krijgt tussen 2013 en 2017 nog ruim 43.000 euro van Den Haag voor onder meer taallessen en het vrijwilligersproject rond de jaarwisseling. Maar daar gaat voortaan een streep door. Ook stopt de jaarlijkse inzet van vrijwilligers van de as-Soennah moskee tijdens de jaarwisseling.

Parlementaire ondervraging

Bovendien leiden de berichten tot een parlementaire ondervraging die vorige week is gestart met de openbare verhoren. De tweede week begint maandag met het verhoor van Saïd Bouharrou, de vice-voorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland en daarna volgen voormalig voorzitter van de as-Soennah moskee Abdelhamid Taheri om 13.00 uur en Pauline Krikke om 15.30 uur.

LEES OOK:

Meer over dit onderwerp: AS SOENNAH MOSKEE VERHOREN PARLEMENTAIRE VERHOREN GELDSTROMEN PAULINE KRIKKE

Marokkaanse moskeeën geven AIVD gelijk: ‘Orthodoxen zetten gelovigen onder druk’

NOS 17.02.2020 De Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland onderschrijft de bevindingen van inlichtingendienst AIVD dat een kleine groep jongere, orthodoxe moslims voor problemen zorgt in moskeeën. De andere gelovigen worden door hen onder druk gezet om mee te doen met de ‘strenge’ koers.

“Er wordt tegen hen gezegd ‘je bent geen goede moslim'”, zegt vicevoorzitter Saïd Bouharrou. Ook worden de mensen die niet willen meedoen beschuldigd van het zaaien van verdeeldheid onder moslims. Hij ondervond dit zelf na zijn medewerking aan een onderzoek van tv-programma Nieuwsuur.

Bouharrou werd vanmorgen verhoord door de parlementaire onderzoekscommissie die onderzoek doet naar beïnvloeding door onvrije landen van moskeeën en andere islamitische organisaties.

Ongewenst

Hij zei dat de invloeden uit de golfstaten aangepakt moeten worden. De alFitrah-moskee probeert bijvoorbeeld bij andere moskeeën te infiltreren, vertelde Bouharou. “We moeten iets doen om die invloeden kleiner te maken.” Hij vindt het “per definitie” ongewenst als mensen uit het buitenland in Nederlandse moskeebesturen zitten.

Bouharrou is geschrokken van de bedreigingen aan het adres van Hajer Harzi, die voor de Tweede Kamercommissie beschreef hoe dreigend het eraan toeging in de Al Houda-moskee in Geleen. Hij vindt de getuigenis van Harzi dapper: “Zulke helden hebben we meer nodig in het land.”

Bouharrou legde een verklaring af, waarin hij afstand nam van de buitenlandse invloeden:

Marokkaanse moskeeën: een minderheid veroorzaakt problemen

Volgens Bouharrou zijn er vijftien tot twintig moskeeën die ultra-orthodox zijn en waar de problemen spelen. De stille meerderheid laat niet van zich horen, zei hij. Toch denkt hij dat de moslimgemeenschap door sterker op te treden, zelf het probleem kan oplossen.

“De oplossing zit erin dat zij het openbare debat aangaan.” Dat betekent ook op sociale media tegen orthodoxe of extremistische predikers ingaan. De rol van de overheid is beperkt denkt Bouharrou, omdat je al snel op het terrein van de vrijheid van godsdienst komt.

Maar bepaalde verplichtingen tot openbaarheid en transparantie, en het ondersteunen van de “weerbaarheid” van moslims kan helpen, verwacht hij.

Spanning

Vandaag is de vierde dag dat de Tweede Kamercommissie mensen onder ede verhoort. De spanning voor de commissie loopt op. Deze week komen vertegenwoordigers van moskeeën langs die liever niets prijsgeven, zoals de As-Soenah-moskee in Den Haag en de alFitrah-moskee in Utrecht.

Achter de schermen heeft de commissie ook veel informatie over bankgegevens en netwerken opgevraagd. In april moet het eindrapport klaar zijn.

Eerdere verhoordagen

Maandag, woensdag en donderdag waren de eerste twee verhoordagen. Lees hier de artikelen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën
– Samenvatting: Wie is de baas in de moskeeën? Spanning rond Kamer-onderzoek neemt toe

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren miljoenen euro’s uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië hebben aangevraagd. (Verhoorschema)

Tweede verhoorweek omstreden moskeeën begonnen

Telegraaf 17.02.2020  Vrijwel alle naar schatting 500 moskeeën in Nederland krijgen geld uit het buitenland: uit Europa, Marokko of de Golfstaten. Dat is niet per definitie ongewenst, zei Saïd Bouharrou van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland in de Tweede Kamer.

Hij getuigde daar in het grote onderzoek van de Kamer naar ongewenste beïnvloeding van moskeeën door uiterst orthodoxe landen. Het parlement vreest radicalisering van jongere moslims. Moskeeën als alFitrah in Utrecht en As-Soennah (Den Haag) kwamen al in opspraak.

Volgens Bouharrou kan het bij geldstromen om inzamelingen voor het goede doel gaan. Daar kan een stichting van profiteren die onvoldoende geld heeft om een moskee te bouwen.

Maar buitenlandse financiering is wel ongewenst als er voorwaarden aan een gift worden verbonden. Als bijvoorbeeld een organisatie uit de golfstaat Koeweit een bepaalde ultra-orthodoxe prediker eist, die “verwerpelijk” dingen zegt over vrouwen of joden. Of als een gulle gever invloed wil hebben op lesmateriaal voor islamonderwijs. “Niet altijd wordt goed gekeken naar wat er in staat. De bewustwording moet groter worden”, aldus Bouharrou.

Salafistische aanjagers

De bestuurder van de Marokkaanse moskeekoepel onderschreef de woorden van AIVD-baas Dick Schoof dat er een groeiende groep ’salafistische aanjagers’ is die andere gelovigen onder druk zet en met financiële en ideologische steun uit de Golstaten. Hij benadrukte dat het om een beperkte groep gaat, waarvan de moslimgemeenschap zelf ’het grootste slachtoffer’ is.

Bouharrou nam stellig afstand van de bedreigingen die de Geleense moskeebestuurder Hajer Harzi ten deel vielen na haar getuigenis voor de ondervragingscommissie van de Kamer. Hij prees haar stellingname. „Zulke helden hebben we meer nodig.” Bouarrou pleitte voor meer transparantie bij de financiering van moskeeën. En verbod op geldstromen uit het buitenland ziet hij niet zitten. „Een paardenmiddel.”

Tweets by ‎@Nielsrigter

Wie is de baas in de moskeeën? Spanning rond Kamer-onderzoek neemt toe

NOS 16.02.2020 Vanaf vandaag staan er weer spannende verhoren op de agenda van de Tweede Kamercommissie die ongewenste, buitenlandse beïnvloeding van moskeeën onderzoekt.

“De commissie voelt de spanning. Deze week komen bestuurders van moskeeën langs die bepaald niet staan te springen om informatie te delen. Sterker nog, zij beschuldigen de Tweede Kamer van een heksenjacht,” zegt politiek verslaggever Arjan Noorlander van Nieuwsuur:

Vandaag gaat het om de As-Soenah-moskee in Den Haag, die onlangs opnieuw in opspraak kwam omdat een medewerker wordt vervolgd voor het aanbevelen van vrouwenbesnijdenis. Oud-burgemeester Krikke van Den Haag wordt ook verhoord.

Woensdag staat de alFitrah-moskee in Utrecht op de agenda. Die begon weken geleden al een strijd met de Tweede Kamer. Het moskeebestuur weigerde informatie te geven, waarop de Kamer het bestuur voor de rechter daagde. Het hoger beroep dient op vrijdag 21 februari. Toch moet het bestuur woensdag verschijnen. De Utrechtse burgemeester Van Zanen komt ook.

Zorgen

Van de burgemeesters wil de commissie weten hoe een stad met problematische moskeeën moet omgaan en of de burgemeesters wel voldoende kunnen ingrijpen als bijvoorbeeld kinderen op Koranscholen leren dat niet-moslims vijanden zijn.

Die vijandigheid werd donderdag duidelijk, door de bedreigingen en verdachtmakingen van mensen die hun verhaal aan de commissie vertelden. De verhoren met bepaalde moskeebesturen liepen stroef.

Noorlander: “Om die reden vraagt de commissie zich af of de verhoren wel nieuwe informatie gaan opleveren. Sluiten de betrokken moskee-besturen niet juist de luiken door alle aandacht? Aan de andere kant toont juist die weigerachtigheid aan dat er wel degelijk problemen zijn met salafistische moskeeën.”

Dreigementen

Terug naar afgelopen week. De AIVD waarschuwt er al langer voor. De nieuwe generatie salafistische moslims in Nederland vormt een serieuze bedreiging voor de Nederlandse rechtsstaat op de lange termijn, zei directeur Schoof.

De mensen die vorige week werden verhoord bevestigden dit beeld.

Bestuurders Laaouej en Harzi van gebedshuis Al Wasatia werden in Geleen hun moskee uitgewerkt door jongere, orthodoxe geloofsgenoten. Die lieten imams met terroristische contacten preken. Na hun verhoor door de Tweede Kamer werden zij bedreigd.

Harzi vertelde er over in Op1. De commissie vindt de bedreigingen onacceptabel !!

Dat het moeilijk wordt om achter de oorzaak van toenemend salafisme in Nederland te komen bleek donderdag. De Blauwe Moskee en de Al-Fourqaan moskee zijn betaald met miljoenen euro’s uit Qatar en Koeweit. Hebben die landen daardoor invloed, wil de commissie weten.

Nee, zei de tot de islam bekeerde Nederlander Jacob van der Blom van de Blauwe Moskee in Amsterdam. De geldschieters stellen volgens hem geen eisen. Dat er extremistische sprekers in de moskee komen heeft te maken met “open staan” voor alle meningen, zei hij.

Van der Blom vindt het niet verdacht dat de betalingen soms via vier tussenpersonen in Nederland terecht kwamen. “Zo willen zij dat regelen.”

Nasr El Damanhoury van de Al-Fourqaan moskee in Eindhoven en van de stichting Al Waqf was betrokken bij diverse omstreden salafistische projecten. Hoe dat zit wilde El Damanhoury niet kwijt. Hij had vooral kritiek op de Tweede Kamer-commissie.

Eerdere verhoordagen

Maandag, woensdag en donderdag waren de eerste twee verhoordagen.

Lees hier de artikelen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’
Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën

Het is dus de vraag of het deze week beter gaat. Donderdag komt de moskeeketen van de Turkse overheid aan bod. Hier gaat het niet over rechtstreekse financiering uit Koeweit of Qatar, maar over religieuze en politieke invloed van de Turkse overheid, die de meeste imams opleidt en betaalt.

Voormalig PvdA-Kamerlid Keklik Yücel vertelde de commissie eerder dat Turkije via de moskeeën religieus nationalisme verspreidt onder Turkse Nederlanders. “Al zijn ze op Nederlands grondgebied, mentaal zijn ze in Turkije”, zei zij. Andersdenkenden worden bedreigd. Ook de laatste verhoren zullen dus zeker tot discussie leiden.

Noorlander: “Maar zelfs als het laatste verhoor achter de rug is, hebben we nog geen volledig beeld van wat de commissie weet. Want in de voorbereiding zijn bij verschillende bronnen grote hoeveelheden informatie opgevraagd. Dan gaat het over bankgegevens en netwerken van personen in binnen en buitenland die de gang van zaken binnen de Nederlandse moskeeën naar hun hand willen zetten. Het blijft dus spannend.”

De commissie wil het eindrapport in april 2020 af hebben.

Het parlementaire onderzoek

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren miljoenen euro’s uit Qatar, Koeweit en Saudi-Arabië hebben aangevraagd.

De hoorzittingen (schema) van de Tweede Kamer nemen in totaal twee weken in beslag.

Bekijk ook;

AANPAK SALAFISME: ‘HET IS VIJF VOOR TWAALF’

BB 16.02.2020 ‘Salafistische organisaties infiltreren moskeeën en nemen ze over. Het is vijf voor twaalf’, zegt de Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch. Donderdag was hij gastheer van een kennisbijeenkomst in zijn stad over het tegengaan van radicalisering en extremisme. Marcouch weet zelf hoe het is om te radicaliseren en waarschuwt voor verminderde aandacht. ‘Rust is schijn en verslapping levensgevaarlijk.’

‘Iedereen doordrongen van ernst’
‘De bijeenkomst was geslaagd’, aldus Marcouch. ‘Gelukkig zijn zowel minister Grapperhaus, de NCTV en burgemeesters als de andere deelnemers doordrongen van de ernst. Er is een duidelijke behoefte aan kennis en daarom krijgt dit een vervolg.’

Marcouch wijst erop dat radicalisering van jongeren een gevaar blijft dat voortdurend op de loer ligt, hoewel het dreigingsniveau is gedaald van 4 naar 3 en er minder uitreizigers zijn. ‘Salafistische organisaties zijn sluw en sterk gedreven voor hun gewelddadige machtsideologie onze jongeren te mobiliseren, met kinderen en al.

Investeren in vitale aanpak
In hun antidemocratische, antiwesterse ideologie, die streeft naar een superieure natie met aanhangers van het salafisme, de sharia en één leider (Khalif), wordt geweld niet geschuwd. ‘We hebben onze handen vol aan jonge mensen, soms hele jonge kinderen, die geïnfecteerd zijn met dit gedachtegoed en worden geronseld als IS-strijder in het Midden-Oosten of voor aanslagen bij ons.’

Marcouch waarschuwt dat zij straks terugkeren of vanuit de gevangenis in onze steden en dorpen komen. ‘Daar moeten we de samenleving voor beschermen, dus moeten wij als bestuurders blijven investeren in de vitaliteit van onze aanpak.

Dat betekent: het salafisme kennen, het gevaar beseffen, overal bovenop zitten, korte lijnen, een goede informatiepositie, opsporen en bestraffen en dit uiteraard voor zijn met heel veel aandacht voor opvoeding en vooruitzicht op een waardevolle plek in onze samenleving.’

Jonge kinderen weerbaar maken
Ook minister Grapperhaus liet tijdens de bijeenkomst weten het belangrijk te vinden dat de aandacht niet verslapt. Marcouch memoreert dat het kabinet Rutte-1 de aanpak van radicalisering in 2010 beëindigde en later alles halsoverkop weer moest worden opgetuigd toen de salafisten door Den Haag marcheerden. ‘Te laat. Honderden jongeren waren al uitgereisd. Veel gemeenten hadden geen idee van het fenomeen. Dat moet ons niet weer overkomen.’

Volgens Marcouch dient de preventieve aanpak onderdeel te zijn van het reguliere jeugdbeleid. ‘Wij dienen jonge kinderen weerbaar te maken tegen de dagelijkse salafistische indoctrinatie via de ouders. We moeten hen corrigeren en ervan doordringen dat zij niet van doen hebben met een edele religieuze islamrichting, maar met een vijandige gewelddadige machtsideologie.’

Lokroep jihadisme
In zijn toespraak van afgelopen donderdag zei Marcouch dat tijdig de helpende hand bieden hem zelf indertijd ‘als worstelende jongeman die zijn identiteit zocht’ ook terug op het juiste pad heeft gebracht. ‘Ik dreef af, radicaliseerde in mijn opvattingen. Wie mij kende, kon de eerste tekenen zien. Wij allen kunnen dit, mits wij ons verdiepen, het gevaar zien en aandacht hebben.

Ik raakte als jongeman zo begaan met verdrukte moslims in oorlogsgebieden, dat ik dacht: ‘ik moet niet alleen weten en voelen, maar ook doén: een daad stellen, actie ondernemen, reisplannen maken’. Ik kwam hieruit dankzij mijn omgeving. Mijn nieuwe studievrienden brachten mij ertoe een kritische geest te ontwikkelen die nadenkt over mijn geloof, mijn omgeving en mijzelf.’

Aan de telefoon noemt Marcouch dat ‘de lokroep van het jihadisme’. ‘Je krijgt dat binnen via predikanten, in mijn tijd nog via cassettebandjes: de dood boven het leven verheerlijken, hunkeren naar een snelle dood in de strijd, martelaarschap, de heilstaat, één leider, superioriteit, andersgelovigen en -denkenden afwijzen en als minderwaardig afschilderen.’

Neem als bestuurder stelling tegen salafisme
Het salafisme een ‘sterk gewelddadig machtsbeluste ideologie’, benadrukt Marcouch. ‘Deze politieke ideologie gebruikt de orthodoxe religie als masker. Mensen schieten te vaak in de ‘scheiding kerk-en-staat reflex’, maar je moet als bestuurder wel degelijk stelling nemen tegen het antidemocratische salafisme, want het ondermijnt de samenleving.’

De ideologie stelt dat joden en christenen jouw vijanden zijn en dat Nederland niet jouw samenleving is. ‘Dat is de islamitische staat. We hebben met ISIS gezien hoe dat is. Dit is geen theorie. Dit is geen boekenkastwijsheid. Jongens en meisjes worden geronseld en de dood ingelokt. Het is ernstig en gevaarlijk. Laat je geen rad voor ogen draaien door salafisten met sussende praatjes over geweldloze terugkeer naar een zuivere religie.’

Islamitische gemeenschap mobiliseren
Vorig jaar is de Arnhemse aanpak geëvalueerd door de Universiteit Utrecht. De persoonsgerichte aanpak blijkt te werken. ‘We hebben zoveel mogelijk contact met ouders en moeders. Je leert hen om bepaalde symptomen te herkennen en biedt steun als ze vastlopen.’ Daarnaast is het van belang om de islamitische gemeenschap te mobiliseren.

‘Dat doen wij. Het is heel belangrijk om dogma’s en theologische concepten die salafisten misbruiken theologisch te weerleggen. Dat heeft mij toen als radicaliserende jongeling geholpen. Je hebt dan gereedschap, gaat vragen stellen. Je leert autonoom te denken en verantwoordelijkheid te nemen voor je daden. De islamitische gemeenschap is daarbij cruciaal.’

Redelijke imams opleiden
Maar de Arnhemse burgemeester ziet deze gemeenschap worstelen met de radicale salafistische organisaties. ‘Hun predikanten uit Saoedi-Arabië hebben gemakkelijk toegang tot Nederland, terwijl evenwichtige imams uit Marokko moeilijk een visum krijgen.

Er is een schrijnend tekort aan goede imams. Moskeeën zitten met gaten en salafistische imams springen daarin. Als gemeente werken wij goed samen door de gemeenschap te steunen en hen ervan te weerhouden om salafistische imams aan te stellen en activiteiten te ontplooien die radicalisering aanmoedigen.

De rijksoverheid moet deze gemeenschap ook bijstaan, zodat ze weerbaarder worden. Er is krapte op de arbeidsmarkt. Een goede gezaghebbende imamopleiding is er nog niet in Europa. Redelijke imams opleiden helpt tegen de opkomst van salafisten in moskeeën. Daar moeten we nu mee beginnen, want het is vijf voor twaalf.’

GERELATEERDE ARTIKELEN;

‘Geen reden voor bezorgdheid over buitenlandse financiering van moskeeën in Den Haag en Leiden’

OmroepWest 14.02.2020 Het onderzoek van een Tweede Kamercommissie naar buitenlandse financiering van sommige moskeeën moet het salafisme niet in een hoek drijven. Dat vindt onder anderen Abdel Bouzzit van de Leidse Imam Malik Moskee. Hij vindt dat kwade invloeden van buiten bestreden moeten worden. Maar de manier waarop de Kamercommissie nu te werk gaat vindt hij een gemiste kans.

Samen met een aantal gematigde moslims neemt Bouzzit, ook bestuurder van de regionale moskeekoepel, het op voor hun meer orthodoxe geloofsgenoten. Bouzzit zegt het een kwalijke zaak te vinden dat het onderzoek zich vooral richt op de moslims en de islam.

‘Het onderzoek is wat mij betreft op een verkeerde manier gestart’, zegt Bouzzit. ‘Als er beïnvloeding van buitenaf is, dan is dat kwalijk. Maar het is even kwalijk als dat gebeurt bij andere geloofsstromingen of bij politieke organisaties. Daar zien we ook beïnvloeding.’

Definitie salafisme

Daarmee ontkent hij niet dat er binnen het orthodox salafisme, waar het in het onderzoek veel over gaat, anti-democratisch gedachtegoed leeft. ‘Daar gaat het wat mij betreft mis, maar dat gedachtegoed kun je ook vinden bij andere moslims.’

Bouzzit pleit er dan ook vooral voor te kijken naar het gedrag van mensen en organisaties. En hij vindt dat een term als ‘salafisme’ eerst goed gedefinieerd moet worden. ‘Dan weten we in ieder geval waar we het over hebben als we in gesprek gaan met elkaar.’

Geen buitenlandse invloed in Leidse en Haagse regio

Volgens Bouzzit is er in de Leidse regio en Den Haag geen reden voor bezorgdheid over buitenlandse financiering van moskeeën. ‘Ik heb heel veel contacten, maar ik merk op geen enkele manier dat hier invloed is gekocht door het buitenland.’

Dat komt volgens Bouzzit omdat de koepelorganisatie de laatste jaren stevig heeft ingezet op het professionaliseren en weerbaar maken moskeeën en hun imams. ‘In onze regio hebben we bestuursleden aan het roer die weten wat de gevaren zijn en die weten hoe je die buiten de deur houdt. Dat zien we helaas niet in heel Nederland, maar hier werken we er keihard aan.’

Maandag moet de Haagse As-Soennah moskee voor de onderzoekscommissie van de Tweede Kamer komen, om te praten over financiering van moskeeën in Nederland. Ook ex-burgemeester Pauline Krikke van Den Haag wordt dan verhoord daarover.

LEES OOK: As-Soennah moskee opgeroepen voor verhoor onder ede vanwege buitenlandse geldstroom

Meer over dit onderwerp: ISLAM LEIDEN IMAM MALIK MOSKEE SALAFISME

Getuige moskeeverhoren: ‘Ze sturen vreselijke bedreigingen via mijn dochter’

NOS 14.02.2020 Een moskeebestuurslid dat in de Tweede Kamer is gehoord, wordt naar eigen zeggen hevig bedreigd. “Dit gun je niemand”, zei Hajer Harzi in talkshow Op1, waar duidelijk werd dat ze ook aangifte heeft gedaan.

Harzi getuigde voor de Kamercommissie over de groeiende invloed van extremistisch gedachtegoed in moskee Al Houda in Geleen. Vlak daarna kreeg haar dochter bedreigende video’s toegestuurd.

“Een kogel is zo besteld”, riepen de jongens in het filmpje, vertelde Harzi in de talkshow:

‘Ze stuurden naar mijn kind: een kogel is zo besteld’

In de toegestuurde video werd het bestuurslid naar eigen zeggen ook uitgemaakt voor ongelovige, jood en allerlei “vreselijke dingen. Mijn dochter is boos en zegt het niet meer aan te kunnen. Ik heb haar ervan moeten overtuigen dat het tegen mij is gericht en niet tegen haar.”

Ook op sociale media is Harzi uitgescholden vanwege haar getuigenis. Ze wordt onder meer uitgemaakt voor leugenaar. Ondanks alle kritiek en beledigingen blijft Harzi achter haar getuigenis staan.

Het parlementaire onderzoek

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren financiering hebben aangevraagd in Golfstaten of daadwerkelijk geld hebben ontvangen uit deze landen. Het gaat om miljoenen euro’s uit Koeweit en Saudi-Arabië.

De hoorzittingen van de Tweede Kamer nemen in totaal twee weken in beslag. In de eerste week worden deskundigen gehoord. In de tweede week worden de besturen van de omstreden As-Soennah-moskee en de alFitrah-moskee onder ede gehoord.

Bekijk ook;

Abdallah Laaouej, voorzitter van gebedshuis Al Wasatia, en penningmeester Hajer Harzi, tijdens de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie. Ⓒ ANP

’Bedreiging tegen getuige Geleense moskee onacceptabel’

Telegraaf 13.02.2020 De bedreiging van getuigen uit Geleen die voor de ondervragingscommissie vertelden over dubieuze financiering van moskeeën is ’onacceptabel’. Dat zegt voorzitter Michel Rog van de commissie.

De bedreigingen waren vooral gericht tegen Hajer Harzi, die een dag eerder tegenover de commissie had verteld hoe een ’gewoon moskeetje’, Al Houda in Geleen, was overgenomen door salafisten. Die werkten de oude imam eruit omdat die niet streng genoeg in de leer was, trokken miljoenen aan uit de Golf en programmeerden predikers die de moskeegangers stimuleerden zich af te keren van de Nederlandse samenleving.

Harzi vertelde hoe ze erover vruchteloos aan de bel had getrokken bij de gemeente en hoe ze later haar vrees zag bevestigd toen twee moskeebestuurders werden gearresteerd voor witwassen, lidmaatschap van een criminele organisatie en ronselen voor de jihad.

En waarvoor integratiedeskundige en voormalig PvdA-Kamerlid Kelik Yücel als getuige na Harzi al had gewaarschuwd, gebeurde nog geen dag later: er kwamen doodsbedreigingen binnen die rechtstreeks verwezen naar de stichting achter de nieuwe, gematigde moskee die Harzi had opgericht. De bedreigingsvideo, waarin de boodschap werd verkondigd door gemaskerde mannen, zou zelfs zijn gericht aan haar dochtertje, zo berichtte De Limburger.

BEKIJK OOK:

Het minimumpakket van integratie

Zorgen om intimidatie

„Als dit klopt, wil ik namens de hele commissie aangeven dat we dit zorgelijk vinden”, reageerde Rog na een dag van verhoren. „En dat het niet acceptabel is dat iemand die onder ede getuigt voor de Tweede Kamer slachtoffer wordt van bedreigingen of intimidatie.”

Harzi toonde zich tijdens het verhoor strijdbaar, en lijkt ook nu niet van haar stuk gebracht. Donderdagavond doet ze haar relaas nog eens in tv-programma Op1.

BEKIJK OOK:

’De complottheorieën schallen door de klas’

Ook de voormalig directeur van de omstreden stichting Waqf, Nasr el Damanhoury, moest donderdag komen opdraven. Zijn stichting kwam negatief in het nieuws nadat hij voor een stichting gevestigd in Duitsland 1,7 miljoen euro uit Qatar had geregeld om een Rotterdams ROC-gebouw op te kopen.

Na ophef kwam de voorziene koranschool er niet, maar volgens de beleggingsadviseur was dat nooit de bedoeling. „Het was gewoon een investeringsobject”, zo zei El Damanhoury in een stekelig verhoor.

Onmacht

Het toonde de onmacht bij de opdracht waartoe de Tweede Kamer zich met de parlementaire ondervragingen heeft gesteld: uitzoeken wat er tegen ongewenste buitenlandse beïnvloeding kan worden gedaan. De voorlopige conclusie luidt: bar weinig.

Om te beginnen is buitenlandse financiering van religieuze instellingen niet verboden. Opsporingsdiensten kunnen dus ook niet handhaven, stelde Maarten Rijssenbeek van het Financieel Expertisecentrum (FEC), gehoord als deskundige.

Het samenwerkingsverband van de opsporingsdiensten en financiële toezichthouders doet een proef op dit onderwerp, ziet de miljoenen vanuit de Golfstaten op rekeningen van stichtingen of imams voorbij komen, een spoor dat geregeld doodloopt als bedragen contant worden opgenomen.

Maar informatie doorgeven aan gemeenten mag het FEC niet. „Bovendien hebben we problemen met het in kaart brengen van stichtingen, vooral als ze geen goede-doelenstatus hebben. Ze hebben amper administratieplicht. Toezicht en transparantie ontbreken.”

Is die openheid er wel, dan is er nog amper gereedschap om op te treden. Bekeerling en fondsenwerver Jacob van der Blom maakt er tijdens het verhoor geen geheim van dat hij voor de financiering voor de Blauwe Moskee in Amsterdam 2,6 miljoen euro uit Koeweit regelde en 3 ton uit Qatar.

Dat het geld vanaf het Koeweitse ministerie van Religieuze Zaken via nogal wat tussenstations bij Europe Trust Nederland dat de moskee aankocht, vindt Blom niet gek. Dat een jaar na de financiering vanuit Koeweit een topambtenaar van dat religie-ministerie voorzitter werd van die Europe Trust, vond hij evenmin opmerkelijk. De bank noch de gemeente stelde volgens Blom ooit een vraag over de financiering

BEKIJK OOK:

AIVD-baas Schoof: invloed salafisten bij omstreden moskeeën neemt toe

BEKIJK OOK:

Verspreiding salafisme moet worden gestopt

Parlementair journalist Niels Rigter doet verslag vanuit Den Haag;

Tweets by ‎@Nielsrigter

Nasr El Damanhoury, voormalig directeur Stichting Waqf, op de achtergrond commissieleden Kuzu en Segers ANP

Stroeve verhoordag parlementaire commissie invloed op moskeeën

NOS 13.02.2020 De parlementaire onderzoekscommissie van de Tweede Kamer die ongewenste beïnvloeding van moskeeën en islamitische organisaties onderzoekt heeft een lastige derde dag achter de rug. De verhoren van vandaag over de geldstromen en wat de geldschieters ervoor terug willen, liepen stroef en leverden weinig nieuwe informatie op.

De tot de islam bekeerde Nederlander Jacob van der Blom bestrijdt dat er sprake is van religieuze bemoeienis door Qatar en Koeweit met Nederlandse moskeeën. “Je hoeft maar één keer te laten zien dat je met het geld hebt gedaan wat is beloofd en daarna ben je helemaal klaar”, zei hij.

Van der Blom haalde in Qatar en Koeweit miljoenen euro’s binnen voor de financiering van drie islamitische instellingen in Nederland: de Blauwe Moskee in Amsterdam, Stichting Sociaal Cultureel Centrum Nederland in Den Haag en de moskee De Middenweg in Rotterdam.

Als er in de Blauwe Moskee omstreden predikers worden uitgenodigd, zoals Umair Bantvawala en Haitham al-Haddad, dan is dat volgens Van der Blom uit vrije keus. “Bantvawala was uitgenodigd door de jongerenorganisatie. Die zijn daar vrij in, anders ben je ook weer zo betuttelend bezig.”

Foutje

Tijdens het verhoor maakte Kamerlid Van den Berge een foutje. In plaats van tesquia, wat aanbevelingsbrief betekent, zei hij taqqiya. Dat betekent in grote lijnen dat een moslim de waarheid mag verhullen als de islam in gevaar komt.

Van der Blom reageerde daar boos op. Na het verhoor zei hij dat de commissie wat hem betreft de scheiding tussen kerk en staat met voeten treedt. “Ik ben bang dat de schade die de commissie op deze manier aanricht een grotere impact zal hebben op radicalisering dan je met miljoenen uit het buitenland kunt doen.”

Eerdere verhoordagen

Maandag en woensdag waren de eerste twee verhoordagen. Lees hier de artikelen:
‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’
‘Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’

Een andere getuige van vandaag, de voormalig directeur van Stichting Waqf El Damanhoury, stak zijn ongenoegen ook niet onder stoelen of banken. Hij vindt het onterecht dat alleen islamitische organisaties worden onderzocht.

Damanhoury werd als Egyptenaar door de Saudische oprichters van Waqf naar Nederland gehaald. Hij haalde voor verschillende projecten geld op of adviseerde daar over. Ook over de Al-Fourqaan moskee in Eindhoven. Dat mede-oprichter imam Bakri dubieuze contacten had met extremisten en terroristen wist hij niet. “Ik heb goede herinneringen aan de samenwerking.”

Getuigen bekritiseerd en bedreigd

Twee getuigen die gisteren aan het woord kwamen, voorzitter Laaouej en penningmeester Harzi van gebedshuis Al Wasatia in Geleen, hebben dreigementen ontvangen na hun verhoor door de Tweede Kamer.

Dagblad De Limburger meldt dat de dochter van Harzi een video kreeg waarin drie vermomde jongens zeggen: ‘Op een dag een molotovcocktail door die kankerkerk van jullie’.” Laaouej en Harzi richtten een eigen gebedshuis op nadat zij en de imam door een nieuw bestuur van orthodoxe moslims uit hun vorige moskee waren gepest.

Commissievoorzitter Rog: bedreigingen onacceptabel

Dagblad Trouw liet vanmorgen twee bestuurders van moslimorganisaties aan het woord die erg kritisch waren over een andere belangrijke getuige van gisteren. Die sprak over de invloed van jonge, orthodoxe moslims op de gang van zaken in moskeeën en hun contacten met buitenlandse geldschieters.

Volgens hen is vicevoorzitter El Boujoufi van het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO) niet goed op de hoogte. “Hij spreekt duidelijk niet toereikend Nederlands om zonder tolk verhoord te worden over zo’n ingewikkelde kwestie.”

Het parlementaire onderzoek

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren financiering hebben aangevraagd in Golfstaten of daadwerkelijk geld hebben ontvangen uit deze landen. Het gaat om miljoenen euro’s uit Koeweit en Saudi-Arabië.

De hoorzittingen van de Tweede Kamer nemen in totaal twee weken in beslag. In de eerste week worden deskundigen gehoord. In de tweede week worden de besturen van de omstreden As-Soennah-moskee en de alFitrah-moskee onder ede gehoord.

Bekijk ook;

De Arnhemse burgemeester Marcouch op het congres over radicalisering ANP

Burgemeester Marcouch: maak islamitische gemeenschap weerbaar tegen salafisme

NOS 13.02.2020 Burgemeester Ahmed Marcouch van Arnhem is bezorgd over de invloed van het salafisme. Dat zei hij op een congres over radicalisering in Arnhem. Het oud-Tweede Kamerlid voor de PvdA ziet de invloed van de fundamentalistische stroming groeien in Nederland. Hij wil dat de islamitische gemeenschap weerbaar wordt gemaakt om salafisten buiten de deur te houden.

“Mijn oproep is vooral: laten we alert en waakzaam zijn”, lichtte Marcouch toe in het radioprogramma Nieuws en Co. “Radicalisering is gevaarlijk en hardnekkig. En het heeft langjarige investeringen nodig om te voorkomen dat onze samenleving wordt ontwricht en ondermijnd. En ook om te voorkomen dat salafistische organisaties nog meer kinderen en jongeren infecteren met dit gedachtegoed.”

Op de bijeenkomst in Arnhem zei Marcouch dat hij een verdubbeling ziet van het aantal salafistische moskeeën in Nederland. “Dat heeft er vooral mee te maken dat de islamitische gemeenschap kampt met schrijnende tekorten aan goede imams. En wat je ziet is dat salafistische organisaties vaak imams aandragen, waardoor ze via de imam de moskee in hun macht krijgen.”

“Het gaat hier over een machtsideologie die antidemocratisch is en geweld predikt”, aldus Burgemeester Marcouch van Arnhem over het salafisme.

Het is niet voor het eerst dat Marcouch zich hard uitspreekt tegen het salafisme. Na berichtgeving van Nieuwsuur en NRC over salafistisch lesmateriaal op islamitische basisscholen sprak hij van “het voorportaal van de gewelddadige jihad”. Ook als Kamerlid, wat hij tot 2017 was, noemde Marcouch de geloofsstroming een “kweekvijver voor het jihadisme” en “een gewelddadige ideologie”.

De burgemeester staat niet alleen. AIVD-directeur Schoof getuigde begin deze week voor een Tweede Kamercommissie die onderzoek doet naar ongewenste beïnvloeding van moskeeën. Hij waarschuwde daar voor de nieuwe generatie “salafistische aanjagers” die op een professionele manier en met steun uit Golfstaten druk uitoefent op moskeeën, scholen en gematigde gelovigen.

“Ze kunnen dus het preekgestoelte betreden en zo ook hun gedachtegoed in moskeeën krijgen”, waarschuwt Marcouch. “Het is heel belangrijk om naast de islamitische gemeenschap te gaan staan, om ze weerbaar te maken. We moeten ze mobiliseren om zich uit te spreken tegen dit salafisme en om te voorkomen dat de moskee wordt overgenomen.”

Scheiding kerk en staat

Daarom pleit de burgemeester voor een nieuwe aanpak. “We zeggen te vaak als overheden: er is hier een scheiding van kerk en staat, dus zoek het zelf maar uit. Maar het gaat hier niet zozeer erover dat je je bemoeit met de inhoud van religie. Het gaat hier over een machtsideologie die antidemocratisch is en geweld predikt als middel om een heilstaat en superioriteit vorm te geven.”

“We zien waar het toe leidt. We hebben op dit moment honderden jongeren in beeld die we gevaarlijk vinden. We hebben gezinnen in onze samenleving die een zoon of dochter verloren zijn aan dat gedachtegoed. Sommigen zijn gesneuveld, anderen proberen terug te keren en weer anderen zitten in de gevangenis en komen daarna ook weer onze samenleving in.”

Daarom wil Marcouch dat er meer kennis wordt uitgewisseld over het salafisme en dat er een scherpe definitie wordt opgesteld. “We weten veel meer sinds de moord op Theo van Gogh, maar we zijn er nog lang niet. Er is nog heel veel discussie over de definitie van het salafisme en intussen worden onze wijken geïnfecteerd met dit gedachtegoed.”

Bekijk ook;

De Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch (links) en minister Ferd Grapperhaus (midden) van Veiligheid en Justitie bij de conferentie in Arnhem over radicalisering. © ANP

‘Radicalisering begint al op kinderdagverblijven’: Marcouch slaat alarm over salafisten

AD 13.02.2020 De invloed van salafisme groeit. Zelfs op kinderdagverblijven is deze fundamentalistische stroming binnen de islam al merkbaar. Dat zegt de Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch.

Marcouch maakt zich grote zorgen over de groeiende invloed van salafisme, dat zei hij donderdag tijdens een congres over radicalisering in Arnhem ,,Via moskeeën, scholen en zelfs al op kinderdagverblijven is sprake van een groeiende invloed op onze kinderen.’’

De Arnhemse burgervader wees er op dat het aantal salafistische moskeeën in Nederland de afgelopen vier jaar is verdubbeld. Marcouch: ,,Predikers van een tweede generatie staan op. Die nieuwe aanjagers spreken vaardig Nederlands, kennen het rechtssysteem en domineren nieuwe media. Het gedachtegoed drukt de goedwillende moslims, moskeebesturen en imams weg.’’

Salafisme?

Het salafisme is een ultraorthodoxe-stroming binnen de islam uit Saoedi-Arabië.  Salafisten streven naar een tijdperk zoals die bestond tijdens het leven van de profeet Mohammed. Waarin de wetten van de Koran letterlijk worden toegepast.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

‘Doodstraf voor homoseksualiteit’

Marcouch staat bekend om zijn stevige kritiek op het salafisme en staat daarin zeker niet alleen. Zo liet Dick Schoof, directeur van de AIVD, afgelopen week weten signalen te krijgen dat op speciale weekendscholen en kinderdagverblijven kinderen worden geïndoctrineerd met salafistisch gedachtegoed.

Daar zouden ze onder meer te horen krijgen dat homoseksualiteit met de dood bestraft moet worden. Volgens Marcouch is het van levensbelang dat jongerenwerkers, gematigde imams en docenten tijdig de signalen opvangen en aan de bel trekken.

,,Radicalisering ontstaat snel, maar zeker niet in één nacht. Wie zich erin verdiept heeft, kan het zien aankomen. Wie op de hoogte is van de signalen, en met interesse en aandacht kijkt, ziet: andere vrienden, verandering in kleding en taalgebruik, inhuizige sessies in plaats van hangen op straat, en plotseling conservatieve opvattingen over mannen en vrouwen, over andersgelovigen en andersdenkenden.’’

Predikers van een tweede generatie staan op. Die nieuwe aanjagers spreken vaardig Nederlands, kennen het rechtssys­teem en domineren nieuwe media, aldus Ahmed Marcouch, Burgemeester van Arnhem.

Lof voor Arnhemse aanpak

Ferdinand Grapperhaus, minister van Justitie en Veiligheid, sprak ook op het congres en prees de ‘Arnhemse aanpak’. In het najaar van 2018 hield de politie in Arnhem drie jonge Jihadisten aan, die plannen hadden voorbereid voor een aanslag in Nederland.

Grapperhaus: ,,In Arnhem is door vroegtijdig ingrijpen erger voorkomen. Laat dat een les voor de rest van het land zijn: het feit dat al lang geen aanslag is gepleegd, betekent niet dat geen dreiging meer bestaat. Ondergronds blijft het altijd nog borrelen, de dreiging is niet verdwenen.’’

Minister Ferd Grapperhaus van Veiligheid en Justitie tijdens de conferentie over radicalisering. Op de eerste rij Arnhemse burgemeester Ahmed Marcouch, coordinator terrorismebestrijding Pieter Jaap Aalbersberg en hoogleraar Micha de Winter. De bijeenkomst is georganiseerd door de Arnhemse burgemeester. © ANP

Dialoog aangaan

Volgens Micha de Winter, hoogleraar pedagogiek van de Universiteit Utrecht, kan salafisme in het onderwijs het best worden bestreden door de dialoog aan te gaan.

,,Het is heel makkelijk om meteen alle luiken dicht te trekken. Maar juist door open te staan voor de ander, bereik je meer. Iemand die zegt dat homoseksualiteit strafbaar is, moet je wijzen op de de Nederlandse normen en waarden en grondwet. Dat kan zorgen voor conflict, maar dat is beter dan iedereen zomaar z’n gang te laten gaan.’’

Nasr El Damanhoury, voormalig directeur Stichting Waqf, tijdens de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie. © ANP

‘Overheid mist slagkracht bij toezicht op terreurfinanciering’

AD 13.02.2020 De overheid mist slagkracht bij het toezicht op stichtingen die betrokken kunnen zijn bij terreurfinanciering, zo zei een financieel expert in de ‘flitsenquête’ naar ongewenste buitenlandse beïnvloeding van islamitische instellingen.

Financieel expert Maarten Rijssenbeek stelt dat er ‘nu vaak weinig financiële informatie beschikbaar is ten aanzien van maatschappelijke en religieuze organisaties’. Het gaat vaak om stichtingen die niet verplicht zijn een jaarrekening met de inkomsten en uitgaven te openbaren.

Rijssenbeek werkte bij het Financieel Expertise Centrum (FEC), waarin justitie, politie en toezichthouders met elkaar samenwerken, onder meer op het gebied van terreurbestrijding.

Tegenover de parlementaire commissie – die onderzoek doet naar de gevolgen van buitenlandse geldstromen uit met name de Golfregio en Turkije naar islamitische instellingen – zei hij dat het FEC soms bevoegdheden mist om in actie te komen.

Zo gebeurt het dat een buitenlandse financiering als risicovol wordt gezien, en er niet of nauwelijks juridische middelen zijn om deze tegen te houden. ,,Je loopt al snel tegen grondwettelijke vrijheden aan’’, zoals de vrijheid van godsdienst en van meningsuiting.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Maarten Rijssenbeek, voormalig projectleider van het Financieel Expertise Centrum (FEC), tijdens de de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie. © ANP

Vastgoed

Het FEC signaleert dat soms grote bedragen vanuit het Midden-Oosten naar stichtingen in Nederland of predikers gaan. ,,Soms om vastgoed mee te kopen om er een moskee in te vestigen. Maar soms worden er grote bedragen opgenomen en raken we het spoor kwijt.’’

Rijssenbeek was de derde en laatste getuige die donderdag onder ede werd gehoord. Eerder op de dag verschenen Jacob van der Blom, voorzitter van de Amsterdamse Blauwe Moskee, en Nasr el Damanhoury, tot ruim een jaar geleden directeur van de orthodox-islamitische stichting Al Waqf uit Eindhoven. Beiden waren betrokken bij fondsenwerving in Golfstaten.

Grimmig

Hun verhoren verliepen in soms grimmige sfeer. El Damanhoury antwoordde vaak alleen met een afgemeten ‘ja’ of ‘nee’. Hij zei uitstekend te hebben samengewerkt met een andere bestuurder van Al Waqf en niets te weten van diens vermeende connectie met terreurgroepen.

Het gebouw moest per se naar niet-mos­lims, aldus Nasr el Damanhoury, ex-directeur Al Waqf.

Hij keek teleurgesteld terug op de mislukte vastgoedtransactie met geld uit Qatar in Rotterdam, waar hij in 2016 mee bezig was geweest. De gemeente stak daar destijds een stokje voor, uit angst dat er een fundamentalistisch islamitisch centrum zou komen. Die angst was ongegrond, aldus El Damanhoury, want er zou helemaal geen religieus centrum komen. ,,Dat hebben de media ervan gemaakt.’’

Hij was het slachtoffer geworden van de gemeente Rotterdam en de Nederlandse overheid, die Qatar onder druk zetten om af te zien van de transactie. Zo maakten ze ‘misbruik van mijn transparantie’, aldus El Damanhoury. ,,Het gebouw moest per se naar niet-moslims.’’

Hij kon zich niet meer herinneren of hij in 2016 een aanbevelingsbrief had geschreven waarmee een omstreden moskeebestuurder uit Geleen donaties uit de Golfregio wilde werven.

Jacob van der Blom, voorzitter Vereniging Landelijk Platform Nieuwe Moslims, tijdens de de openbare verhoren van de parlementaire ondervragingscommissie. Hij zou volgens terreurdeskundige Sandee banden hebben met de Moslimbroederschap. © ANP

Voorman moskeeën ontkent banden met Moslimbroederschap

AD 13.02.2020 In een grimmig verhoor kreeg Jacob van der Blom, voorzitter van de Amsterdamse Blauwe Moskee en oprichter van de Rotterdamse moskee De Middenweg, vanochtend het vuur na aan de schenen gelegd in de flits-enquête naar beïnvloeding van islamitische instellingen door buitenlandse geldstromen.

De parlementaire commissie die het onderzoek uitvoert naar ongewenste beïnvloeding vanuit de Golfregio bevroeg Van der Blom uitvoerig over contacten met controversiële Arabische voormannen en eventuele banden met de Moslimbroederschap.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Kamerlid Niels van den Berge (GroenLinks) vroeg naar contacten met de Britse shariageleerde Haitam al-Haddad, die heeft verkondigd dat afvallige moslims de doodstraf verdienen en overspel met steniging moet bestraft. Al-Haddad is onder meer in de Blauwe Moskee uitgenodigd.

Op de vraag hoe dat te rijmen valt met Van der Bloms wens een ‘tolerante islam’ te verspreiden, zei hij dat hij ruimte wil bieden aan allerlei verschillende meningen. Zolang er geen antidemocratisch gedachtegoed wordt uitgedragen en geestelijken bereid zijn mediavragen te beantwoorden, is iedereen welkom, aldus Van der Blom.

Moslimbroederschap

Op de vraag of hij banden heeft met de Moslimbroederschap – een internationale organisatie die volgens een aantal kenners islamisering van de samenleving nastreeft – zei hij dat dat ‘afhangt van de definitie van Moslimbroederschap’. ,,Ik ken alleen de Moslimbroederschap als Egyptische partij. Daarbuiten heb ik geen idee wat Moslimbroederschap zou moeten zijn.’’

Afgelopen maandag stelde een andere getuige, terreurdeskundige Ronald Sandee, dat Van der Blom banden heeft met de broederschap. Van der Blom was nauw betrokken bij het werven van gelden in Qatar en Koeweit voor de bouw van de Blauwe Moskee en De Middenweg. Hij is tevens voorzitter van de stichting Ontdek Islam, die in 2013 100.000 korans weggaf. Van der Blom vertelde de commissie dat dat werd gefinancierd dankzij een gift van een stichting uit Egypte.

Hij ontkende ooit te maken te hebben gehad met ongewenste buitenlandse beïnvloeding. Van der Blom was eerder adjunct-directeur van de Rotterdamse Essalammoskee, de grootste van Nederland, die is neergezet met miljoenen uit de Verenigde Arabische Emiraten.

Ik heb geen idee wat Moslimbroe­der­schap zou moeten zijn, aldus Jacob van der Blom.

Liggen de moskeeën eindelijk eens onder een loep, krijg je dit

Trouw 12.02.2020 De eerste twee dagen van de verhoren over buitenlandse financiering van moskeeën in de Tweede Kamer zitten erop. In de islamitische gemeenschap klinkt kritiek.

“Ik heb mijn popcorn al bijna op”, grapt Halil Karaaslan, oud-voorzitter van het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO). Hij volgde woensdag de tweede verhoordag van de Tweede Kamercommissie die de buitenlandse financiering van moskeeën onderzoekt. Hij bedoelt ermee te zeggen: ik heb met kromme tenen gekeken.

Ook Abdelhamid Bouzzit, bestuurder van de regionale moskeekoepel Stichting Islamitische Organisaties Regio Haaglanden (SIORH), is ­uiterst kritisch. Zowel de insteek van de commissie als het optreden van woordvoerders namens de islamitische ­gemeenschap baren hen zorgen.

Transparantie

Maandag en woensdag ondervroeg de commissie een zestal hoge ambtenaren, moskeebestuurders, en onder­nemers met terrorisme- en radicaliseringsbureau’s. Inhoudelijk leverde dat weinig nieuwe inzichten op. Er kwamen vooral mensen aan het woord die al eens rapporten hebben geschreven of eerder in de media zijn verschenen. “Zonde”, zegt Bouzzit. “Nu er een commissie is die de onderste steen ­boven moet halen, hoop je dat ze een goed beeld krijgen van wat de moslimgemeenschap allemaal doet om dat transparant te maken en kwade invloeden buiten te houden. En dan krijg je dit.”

Van enkele personen die zijn uitgenodigd trekken Karaaslan en Bouzzit de deskundigheid in twijfel. “Waar zijn de academici die al jaren onderzoek doen naar de islam in Nederland?”, vraagt Bouzzit zich af. Ze betwijfelen daarnaast de geschiktheid van degenen die namens de gemeenschap spreken. Steen des aanstoots was het optreden van CMO-voorzitter Driss El Boujoufi. Bouzzit: “Zijn verhaal rammelde aan alle kanten.”

Gebrekkig Nederlands

El Boujoufi vertelde over het convenant buitenlandse ­financiering, dat de overheid en moskeeorganisaties twee jaar geleden wilden opstellen. Hierin moesten bindende afspraken met moskeeën ­komen te staan. Volgens El Boujoufi stond het CMO daar pal achter, en lag een enkele andere moskeeorganisatie dwars.

Dat is echter onjuist: het CMO stapte zelf uit het overleg, ­samen met andere moskeeorganisaties, omdat ze vonden dat de afspraken voor alle ­religieuze gemeenschappen zouden moeten gelden, en niet alleen voor de islamitische gemeenschap. Eén moskeeorganisatie zag wel iets in het convenant. “Het is kwalijk en pijnlijk om te zien dat hij kennelijk niet goed op de hoogte is”, zegt Karaaslan.

“Maar ook helpt het een verkeerd beeld de ­wereld in, alsof er een meerderheid zou zijn geweest voor zo’n convenant. Dat klopt niet.”

Ook El Boujoufi’s gebrekkige beheersing van de Nederlandse taal is een probleem, zeggen de twee. Bouzzit: “Hij spreekt duidelijk niet toereikend Nederlands om zonder tolk verhoord te worden over zo’n ingewikkelde kwestie.”

De onprofessionaliteit bij het CMO wijt Bouzzit vooral aan een gebrek aan contact met de achterban. “Daardoor is er niemand die hen terugfluit of terechtwijst.” Voor Karaaslan, die er korte tijd voorzitter was, speelde dit gegeven mee bij zijn besluit om zich binnen een jaar terug te trekken. “Het CMO functioneert gewoon niet. En vandaag was wel weer een bevestiging dat ze in ieder geval niet mijn stem vertegenwoordigen.”

Lees ook:

Afspraak over buitenlandse financiering moet gelden voor moskee én kerk, vinden moslims

Het klopt niet dat afspraken over financiering van gebedshuizen alleen gaan over moskeeën, vinden vier moslimorganisaties. Dus praten ze niet langer over een convenant dat buitenlandse financiering inzichtelijk moet maken. 

Is de buitenlandse financiering van Nederlandse moskeeën per se ongewenst?

De overheid worstelt al jaren met buitenlandse financiering van islamitische organisaties in Nederland. Wat maakt het vraagstuk zo lastig?

Meer over; Abdelhamid Bouzzitreligie en geloofgeloofislamCMOHalil KaraaslanDriss El BoujoufipolitiekMarije van Beek

 

Hajer Harzi en Abdallah Laaouej van gebedshuis Al Wasatia bij de parlementaire ondervragingscommissie ANP

Moskeeverhoren Tweede Kamer: ‘gematigde moslims overheerst door radicalen’

NOS 12.02.2020 Gematigde moslims hebben in verschillende moskeeën in Nederland last van overheersing door orthodoxe geloofsgenoten en hun buitenlandse geldschieters. Dat blijkt uit verschillende verhoren door de Tweede Kamercommissie die ongewenste beïnvloeding van moskeeën onderzoekt.

Vicevoorzitter El Boujoufi van het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO) vertelt dat een nieuwe generatie gelovigen en Nederlandse bekeerlingen de besturen van een aantal moskeeën heeft overgenomen en vergaande veranderingen doorvoert.

Zij hebben contacten gelegd in Saudi-Arabië, Qatar, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten om geld in te zamelen. Soms komen vertegenwoordigers van deze buitenlandse geldschieters in het moskeebestuur. El Boujoufi: “Die hebben helemaal niets met de Nederlandse samenleving, dus dan denk ik: waarom?”

Veel weerstand

El Boujoufi wilde een convenant sluiten met alle moskeeën om buitenlandse financiering te weren of openbaar te maken. Maar hij kwam veel weerstand tegen. Bedreigingen wil hij het niet noemen, hij spreekt van meningsverschillen.

De ouderen willen het houden zoals het is, legt El Boujoufi uit. Die zijn naar Nederland gekomen om te werken en begonnen bijvoorbeeld met eigen spaargeld in een oud schoolgebouw een moskee om te kunnen bidden. De jonge generatie die hier is geboren wil grotere, nieuwe moskeeën en heeft geen bezwaar tegen geld en invloed van salafistische geldschieters.

De vicevoorzitter van het CMO vindt dat er iets moet worden gedaan tegen de inmenging van buitenlandse geldschieters. Door de overheid, maar ook door de moslims zelf. “De oude generatie zegt: ‘Er is rook, we moeten de ramen openzetten, dan weten we waar de rook vandaan komt’,” zegt El Boujoufi. “De jonge generatie zegt: ‘Er is helemaal geen rook.'”

Jongens en meisjes leren op sommige islamscholen om zich tegen de samenleving te keren, zegt hij. “Ik maak me zorgen over de jeugd. Ik ben ook vader en grootvader. Ik wil niet dat er een negatief beeld van moslims ontstaat.”

Weggepest

Voorzitter Laaouej en penningmeester Harzi van gebedshuis Al Wasatia in Geleen hebben deze ervaring ook. Zij richtten het gebedshuis op nadat zij door een nieuw bestuur van orthodoxe moslims uit hun vorige moskee waren gewerkt.

Dit nieuwe bestuur van de Al Houda-moskee ging contacten aan met onduidelijke geldschieters. De imam werd weggepest en vervangen door buitenlandse imams uit onder meer Egypte. Toen er een terroristische imam met banden met al-Qaida kwam preken, trok Harzi aan de bel bij de burgemeester.

“Maar die deed helemaal niets”, zegt ze. Pas na een jaar vond er een gesprek plaats, maar omdat het moskeebestuur helemaal geen openheid gaf, wilde de burgemeester niet verder praten.

‘Blanke meesters’

Harzi werd geregeld bedreigd. “Ik heb me teruggetrokken omdat ik dacht: het wordt gevaarlijk.” Ook voor dit verhoor werd zij aangesproken door een gelovige. “Hij zei: ga je bij je blanke meesters getuigen?”

Laaouej: “Er is echt vijandigheid. Na vandaag krijgen we weer van alles over ons heen. Maar wij hebben de waarheid gesproken en wij zijn daar trots op. Dan zou je eigenlijk steun moeten krijgen.”

Het parlementaire onderzoek

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren financiering hebben aangevraagd in Golfstaten of daadwerkelijk geld hebben ontvangen uit deze landen. Het gaat om miljoenen euro’s uit Koeweit en Saudi-Arabië.

De hoorzittingen van de Tweede Kamer nemen twee weken in beslag. In de eerste week worden onder anderen deskundigen gehoord. In de tweede week worden de besturen van de omstreden As-Soennah-moskee en de alFitrah-moskee onder ede gehoord.

Bekijk ook;

Moskeeën kwamen er onderling niet uit: onenigheid over geld uit het buitenland

AD 12.02.2020 Een poging van moskeeorganisaties om afspraken te maken over regels voor het aanvaarden van buitenlands geld, is afgeketst op onderlinge onenigheid. Dit vertelde een voorman van de belangrijkste koepelorganisatie van Nederlandse moskeeën woensdag in de flits-enquête naar buitenlandse beïnvloeding.

In zijn verhoor in het parlementaire onderzoek naar ongewenste buitenlandse beïnvloeding uit onvrije landen sprak Driss el Boujoufi over een vergevorderde poging om een convenant te sluiten met de overheid over regels en voorwaarden aan buitenlandse financiering van islamitische instellingen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

El Boujoufi is vicevoorzitter van het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO), de koepelorganisatie waar het overgrote deel van de moskeeën in Nederland bij is aangesloten.

Vanwege de aanhoudende berichten over ongewenste inmenging uit het buitenland, nam het CMO met de Raad van Marokkaanse Moskeeën het initiatief voor een convenant over de condities rond het aanvaarden van buitenlands geld. Hierover is 2,5 jaar lang onderhandeld binnen het CMO, aldus El Boujoufi. Het ministerie van Sociale Zaken haalde een extern bureau erbij om het te begeleiden.

Dwars

Volgens El Boujoufi lagen vorig jaar echter ‘twee of drie’ islamitische bestuurders dwars, met steun van een hoogleraar. Ze menen dat een convenant impliceert dat ze iets te verbergen hebben, aldus El Boujoufi. Ook vinden ze het principieel onjuist dat buitenlandse financiering alleen voor moslims aan voorwaarden zou zijn verbonden. Eventuele beperkingen zouden volgens hen moeten gelden voor álle religies en daarvoor moet de regering dan maar een wet maken.

El Boujoufi wilde niet zeggen welke moskeebesturen het verzet leidden, maar zei wel dat de vorige voorzitter van het CMO tegenstander was. Begin 2019 trad Halil Karaaslan af als voorzitter, na nog geen jaar in functie te zijn geweest. El Boujoufi zei geen voorstander te zijn van een compleet verbod op buitenlandse financiering. ,,Wel van een verbod op financiering die de eenheid in de samenleving belemmert.’’

Volgens hem telt Nederland op een totaal van 500 moskeeën ‘niet meer dan’ 10 tot 12 salafistische gebedshuizen, die een fundamentalistische islam aanhangen. Tot frustratie van de onderzoekscommissie weigerde hij namen te noemen.

Salafistisch

Hij onderschreef wel de waarschuwingen die de topman van de AIVD, Dick Schoof, maandag uitte over een toenemende invloed van ‘salafistische aanjagers’. ,,Als we stil blijven, neemt het alleen maar toe,’’ aldus El Boujoufi.

Daarbij zei hij – naar het voorbeeld van de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb – dat iedere belijdende moslim salafist is, hijzelf incluis. Het probleem zit hem met name bij de ‘politieke salafisten’, die het isolement opzoeken.

Hij vertelde drie jaar geleden zelf geld te hebben opgehaald in Marokko, voor een conferentie van het CMO in Nederland met andere religieuze stromingen. Daarbij had hij overlegd met de Nederlandse ambassadeur in Rabat en in Nederland met de ministeries van Sociale Zaken, Justitie en Buitenlandse Zaken. ,,Alleen op voorwaarde van transparantie wilden we het geld aanvaarden. En de andere kant stelde geen voorwaarden. Anders had ik het niet geaccepteerd.’’

Weerspreken

Bestuurders van moskeeorganisaties die betrokken waren bij de gesprekken over een convenant, weerspreken de lezing van Driss el Boujoufi. Halil Karaaslan, tot begin vorig jaar voorzitter van het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO), stelt dat de koepelorganisatie helemaal geen voorstander was van het maken van afspraken rondom buitenlandse geldstromen. ,,Tijdens mijn voorzitterschap was de meerderheid van het CMO tegen een convenant. Dat gold ook voor drie andere moskeeorganisaties waarmee we hierover spraken.’’

Volgens Karaaslan was sprake van een generatiekloof. ,,Oudere moskeebestuurders zeiden: laten we nou maar doen wat de overheid wil. Ik vond het principieel onjuist om alleen voor moslims beperkingen af te kondigen. Er lag ook helemaal geen convenant. Het ging steeds om de vraag óf dat er moest komen.’’

Abdel Bouzzit, woordvoerder namens een aantal Haagse moskeeën, valt Karaaslan bij. ,,Alleen de Raad van Marokkaanse Moskeeën was voorstander van een convenant. Alle anderen waren tegen.

‘Turks-Nederlandse jongeren kwetsbaar voor religieus fanatisme’

AD 12.02.2020 Turks-Nederlandse jongeren worden in hun denken en doen beïnvloed door een uit Turkije geëxporteerde ‘giftige mix’ van nationalisme en religie. Dit stelde integratiedeskundige en oud-PvdA-Kamerlid Keklik Yücel vanmiddag tijdens de flitsenquête naar ongewenste beïnvloeding vanuit onvrije landen.

In een notitie die ze schreef met het oog op haar verhoor, waarschuwt Yücel dat Turks-Nederlandse jongeren kwetsbaar zijn voor ‘religieus fanatisme’. Dit ‘Turks salafisme’ heeft nauwe banden met het nationalisme van de Turkse president Recep Tayyip Erdogan, aldus Yücel. Ze wijst erop dat één op de tien jihadgangers uit Nederland Turkse roots heeft.

Lees ook;

Lees meer

De Turkse invloed in Nederland neemt volgens haar toe. ,,Er is een te grote groep die zich helemaal identificeert met de Turkse identiteit.” Dat komt doordat de Turkse regering via bijvoorbeeld Diyanet (het ministerie van Religieuze Zaken) in Nederland moskeeën bezit, maar ook omdat Turkse Nederlanders zich niet welkom voelen in Nederland. Ze spreekt van discriminatie en uitsluiting. ,,Als Nederland doen we het niet goed.”

Gebrek aan maatregelen

Bent u joods, juf? Want dan wil ik geen les van u, aldus Leerlingen van Turks-Nederlandse afkomst tegen docenten, aldus Yücel.

Yücel klaagt over het gebrek aan maatregelen in Nederland nadat in 2014 Turkse Nederlanders een brief op hun deurmat vonden die hen maande op de AKP van Erdogan te stemmen. ,,Die mensen voelen zich in de kou staan.”

Ze werd ook bevraagd over de angst in de Nederlands-Turkse gemeenschap om kritisch te zijn op de Turkse regering en refereerde aan de vele bedreigingen die Turks-Nederlandse politici krijgen wanneer ze kritische vragen stellen over ‘de lange arm van Ankara’. Yücel is voorstander van een verbod op buitenlandse financiering uit onvrije landen.

Pikant is dat ze in haar notitie schrijft dat de huidige fractievoorzitter van Denk, Tunahun Kuzu, toen hij nog in de PvdA-fractie zat met Yücel  – haar voortdurend probeerde te dwarsbomen. Kuzu is lid van de onderzoekscommissie die haar verhoorde, maar was zelf niet betrokken bij haar ondervraging. Daarin werd niet gerept van haar kritiek op Kuzu.

Invloed Koranscholen

Yücel uit zich negatief over de invloed van Koranscholen, die in het weekend leerlingen onderwijzen en hen ‘soms behoorlijk hardhandig’ inprenten dat vragen stellen zeer onbetamelijk is. Ze krijgen ‘ontspoorde opvattingen’ mee. Ter illustratie somt ze citaten van leerlingen op: ,,Bent u joods, juf? Want dan wil ik geen les van u.” En: ,,De doden van Charlie Hebdo zijn verdiend meester, zij hebben Mohammed besmeurd.”

Terreurdeskundige Ronald Sandee wordt door een speciale commissie van de Tweede Kamer verhoord over de beïnvloeding uit onvrije landen van Nederlandse moskeeën en islamitische organisaties. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

‘Invloed salafisten neemt toe’

NRC 10.02.2020 Eerste dag parlementaire ondervraging Deskundigen waarschuwden maandag voor een speciale commissie voor buitenlandse financiering van Nederlandse moskeeën.

Onder twaalf fel schijnende lampen en tegenover vier scherp kijkende Kamerleden verklaarden maandag de eerste deskundigen in de parlementaire ondervraging over beïnvloeding uit onvrije landen op – voornamelijk – moskeeën en islamitische organisaties.

De baas van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) Dick Schoof, terreurdeskundige Ronald Sandee en ambtenaar Mark Roscam Abbing waarschuwden alle drie dat de invloed van salafisten op Nederlandse moskeeën toeneemt. Zij krijgen steun uit met name de Golfstaten.

De commissie, bestaande uit Tweede Kamerleden, onderzoekt die buitenlandse beïnvloeding na publicaties van Nieuwsuur en NRC. Daaruit bleek dat zeker dertig Nederlandse moskeeën en islamitische organisaties financiering hadden aangevraagd in ‘onvrije landen’ als Saoedi-Arabië en Koeweit. De komende twee weken worden in totaal achttien deskundigen en getuigen, zoals moskeebestuurders, gehoord.

Volgens inlichtingenchef Schoof kunnen salafistische „aanjagers”, mensen binnen de islamitische gemeenschappen die verdere invloed van hun beweging promoten, een steeds dominantere positie verwerven dóór de buitenlandse steun die ze ontvangen.

Het gaat om een kleine groep die een „disproportionele rol” heeft in moskeeën. „Ze duwen concurrerend aanbod weg. Op sociale media beheersen ze de markt, omdat ze een stevige uitgangspositie hebben door die buitenlandse steun.”

Lees ook: Geheime lijsten financiering moskeeën onthuld

Die dominantere positie verwerven salafisten ook omdat ze steeds „professioneler” zouden opereren. „Het zijn mensen die de Nederlandse samenleving goed kennen, de taal spreken, de wetten kennen, weten hoe ze onlinemassamedia moeten gebruiken”, aldus Schoof.

Facadepolitiek

Jongeren die online zoeken naar informatie over de islam komen daardoor vaak terecht bij salafistische organisaties en aanjagers, zei Mark Roscam Abbing. Hij leidt een ambtelijke taskforce die gemeenten adviseert bij de aanpak van ‘problematisch anti-democratisch gedrag’ en ‘ongewenste beïnvloeding’. Die ‘aanjagers’ zoeken volgens de deskundigen vaak de randen van de wet op, zonder eroverheen te gaan. Schoof: „Ze kennen de bandbreedte van de Nederlandse rechtsstaat.”

Zo lijken die organisaties naar buiten toe vaak modern en vreedzaam, maar prediken ze binnenskamers antidemocratische en soms gewelddadige ideeën, aldus Schoof. Hij noemt dat „facadepolitiek”: „Men zegt het een, maar het doet het ander.

De publieke kant ziet er prima uit, op de statuten van zo’n stichting is niks aan te merken. Maar in de beslotenheid van de eigen kring wordt dan bijvoorbeeld gepredikt dat het oké is om homo’s te vermoorden. Of dat je bij een strafbaar feit geen aangifte bij de politie moet doen, maar het binnen de eigen islamitische kring moet oplossen.”

Die beïnvloeding met „antidemocratisch gedachtegoed” vindt volgens Schoof al plaats bij buitenschoolse schoollessen en de opvang van peuters en kleuters. „Ze krijgen daar gedachtegoed te horen dat intrinsiek strijdig is met waar de democratische rechtsstaat voor staat, bijvoorbeeld over homoseksuelen. Daarin zit vaak een impliciete afwijzing van die rechtsstaat”, aldus Schoof.

Een organisatie die zich sluipenderwijs met antidemocratische ideeën vestigt in Nederlandse moskeeën is bijvoorbeeld het Moslimbroederschap, waarschuwde terreurdeskundige Ronald Sandee, die jarenlang voor de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) werkte.

Volgens hem staan onder meer de Blauwe Moskee in Amsterdam en Centrum de Middenweg in Rotterdam onder invloed van die organisatie, die een shariastaat wil vestigen en waarvan leden geheimzinnigheid beloven. Zo zou de bouw van die moskeeën deels gefinancierd zijn vanuit aan het Moslimbroederschap gelieerde stichtingen. Ook spreken er volgens Sandee regelmatig predikers uit die hoek.

Ondermijning rechtsstaat

Het risico van de toenemende invloed van salafisten, aldus Schoof: het ontstaan van een parallelle samenleving „die de Nederlandse rechtsstaat ondermijnt”. „Ze jagen antidemocratisch gedachtegoed aan, dat de democratische rechtsstaat ondermijnt en bedreigt.

Als zo’n parallelle structuur ontstaat, is het risico dat de democratische rechtsstaat op termijn conform die parallelle samenleving moet worden gestructureerd.” Daarmee komen burgerlijke en democratische vrijheden onder druk te staan, waarschuwde Schoof.

Lees ook: De Dordtse moskee kreeg 88.888 dollar uit Saoedi-Arabië

Maar de aanpak van buitenlandse beïnvloeding kan lastig zijn, temperde ambtenaar Roscam Abbing de verwachtingen. „Een verbod op financiering uit onvrije landen kan tot gevolg hebben dat geld vaker via Europese landen naar Nederland komt.”

En omdat ‘problematisch gedrag’ vaak niet strafbaar is – het prediken van antidemocratische ideeën is in een liberale rechtsstaat niet verboden – is informatie over geldstromen vaak moeilijk te delen binnen de overheid.

Roscam Abbing pleitte er daarom voor dat de overheid ook inzet op het versterken van „weerbaarheid” van kwetsbare groepen binnen Nederlandse moskeeën tegen radicalere stromingen. Ook zou het aanbod aan islamitische organisaties „pluriformer” moeten zijn, om bijvoorbeeld te voorkomen dat islamitische ouders hun kind enkel bij een salafistische organisatie geloofsonderwijs kunnen bieden. „Je moet voorkomen dat mensen alleen naar moskeeën kunnen waar zorgelijk gedrag plaatsvindt.”

Woensdag hoort de commissie deskundigen over de „gevolgen voor de gemeenschap” van ongewenste buitenlandse beïnvloeding.

Lees ook deze artikelen;

Spannende verhoren over de invloed van buitenlandse geldschieters op moskeeën

9 februari 2020

Oproep aan Kamer: kijk niet alleen naar buitenlandse beïnvloeding van islam

5 februari 2020

Kamercommissie sleept bestuur Al Fitrah-moskee voor de rechter

12 januari 2020

Theoloog: ‘Zolderimam weet niet wat jongeren bezighoudt’

7 februari 2020

‘Met buitenlandse financiering is niets mis’

9 februari 2020

Topambtenaar Abbing: beperk financiering islamitische instellingen uit ‘onvrije landen’

AD 10.02.2020 De Raad van State buigt zich op korte termijn over een wetsvoorstel van het kabinet om ongewenste financiering uit ‘onvrije landen’ te kunnen beperken. Dit vertelde topambtenaar Mark Roscam Abbing vandaag. Hij werd gehoord in het parlementaire onderzoek naar buitenlandse financiering van met name islamitische instellingen.

Vorig jaar meldde het kabinet al zo’n wet te overwegen, maar dat dit complex is vanwege de grondwettelijke godsdienstvrijheid. Ook is het lastig te bewijzen dat geld bedoeld is voor onwenselijke uitingen. Uit Roscam Abbings opmerkingen valt op te maken dat het kabinet nu toch een wettelijke formule denkt te hebben gevonden, al zei hij ook: ,,Het is echt een zoektocht.” Het advies van de Raad van State is doorgaans de voorbode van het naar de Tweede Kamer sturen van een wetsvoorstel.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Roscam Abbing werd maandag als derde en laatste gehoord, op de eerste dag van de openbare verhoren in de enquête naar buitenlandse financiering. Hij is voorzitter van een taskforce die zich bezighoudt met ongewenste buitenlandse financiering.

Verschillende ministeries werken samen met de politie om gemeenten en gemeenschappen te adviseren over onder andere problematisch gedrag van salafisten. Die taskforce speelde een voorname rol bij de omgang met het islamitische Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Onderwijsminister Arie Slob wilde de bekostiging van de school staken, maar is door de rechter teruggefloten.

Podium

Achteraf gezien is er misschien te weinig aan de buitenwacht uitgelegd waarom overheidsoptreden in dit geval gerechtvaardigd was, aldus Roscam Abbing. In bedekte termen riep hij de politiek op zich minder te focussen op repressie en het onderdrukken van ongewenste geluiden, en meer op het weerbaar maken van de welwillende meerderheid van de moslimgemeenschap.

Eerder schreef Roscam Abbing dat nogal wat politieke partijen nadenken over een verbod op buitenlandse financiering en trachten te voorkomen dat ‘aanjagers’ van salafistische geluiden een podium krijgen.

Hij waarschuwde dat ‘bovenmatig repressief handelen’ averechts kan uitpakken en ongewenste buitenlandse beïnvloeding juist in de hand werkt. In zijn verhoor bepleitte Roscam Abbing ‘het versterken van de weerbaarheid’. ,,Mensen met rare ideeën houd je altijd. Als je mensen zover kan krijgen dat ze zich niet laten overtuigen, zouden we echt aan de winnende hand zijn.”

Hij bepleitte ook een speciale wet voor de taskforce, om het nemen van maatregelen een betere basis te geven. Dat zou er ook toe kunnen leiden financieel gevoelige informatie die nu niet met de taskforce mag worden gedeeld, daar wel op tafel belandt.

‘Jonge generatie salafistische aanjagers is serieuze dreiging’

NOS 10.02.2020 De nieuwe generatie salafistische moslims in Nederland vormt een serieuze bedreiging voor de Nederlandse rechtsstaat op de lange termijn. Dat heeft AIVD-directeur Schoof gezegd in zijn verhoor door de Tweede Kamer-commissie die ongewenste beïnvloeding van moskeeën onderzoekt.

“Op dit moment zien we een tweede generatie ontstaan”, zegt Schoof. “Ze schrijven en spreken goed Nederlands. Ze kennen het rechtssysteem. Op sociale media domineren ze de markt, om het zo te noemen. Ze streven naar een parallelle samenleving waar de regels van de Nederlandse rechtsstaat niet gelden.”

Deze jonge Nederlandse salafisten krijgen financiële en andere steun uit Golfstaten. Zij proberen met professionele methoden invloed te krijgen in moskeeën, op scholen en zetten gematigde gelovigen onder druk, blijkt uit AIVD-onderzoek.

Kinderopvang

Ook in het onderwijs en de kinderopvang krijgen salafisten steeds meer voet aan de grond, zegt Schoof. “Heel jonge kinderen tussen 0 en 4 jaar krijgen daar al dat gedachtegoed te horen.”

De organisaties maken gebruik van façadepolitiek, zoals Schoof het noemt. Naar buiten gematigd en extremisme afkeuren, maar vervolgens in eigen kring prediken dat je homo’s mag vermoorden.

Wat kinderen op salafistische moskeescholen leren

Nieuwsuur en NRC deden vorig jaar onderzoek naar het lesmateriaal van informele salafistische scholen. De kinderen leren welke mensen ‘vijanden’ of ‘ongelovigen’ zijn. Ook gaat het over de doodstraf voor mensen die vreemdgaan, homoseksuelen en afvalligen. Kinderen krijgen hierbij invuloefeningen en multiple choice vragen. Ze moeten bijvoorbeeld kiezen welke straf de juiste is: a. zweepslagen, b. stenigen, c. doden met een zwaard.

De Tweede Kamercommissie wil van Schoof weten wat er aan te doen is. Als voorbeeld noemt de commissie de aanpak van problemen op het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.

De overheid is verschillende keren teruggefloten vanwege de eigen regels. Minister Slob had volgens de rechter de geldkraan niet mogen dichtdraaien. En de AIVD had volgens de toezichthouder de waarschuwing voor de school niet zorgvuldig genoeg opgeschreven.

Schoof wilde als AIVD-directeur niet zeggen hoe de wetgeving veranderd zou moeten worden. Wel denkt hij dat het dwingen van organisaties tot openheid over wat zij doen een stuk zou helpen. “Maar wetten verzinnen voor de geldstromen is heel ingewikkeld. Die lopen via tussenpersonen, dus je kunt alles verhullen wat je wilt.”

Diplomatiek

Diplomatiek overleg heeft wel nut gehad, zegt hij. Sommige ambassadeurs die optraden als bemiddelaar tussen de geldschieters en Nederlandse moskee-organisaties zijn daar na gesprekken mee opgehouden.

Ook bepaalde landen die al dan niet via stichtingen hier geld uitdeelden, zagen daar vanwege de goede betrekkingen met Nederland van af. Om welke landen en ambassadeurs het gaat wilde Schoof niet zeggen.

Terreurdeskundige Ronald Sandee vertelde in zijn verhoor dat de Moslimbroederschap, gefinancierd door Qatar, veel invloed heeft in de Blauwe moskee in Amsterdam. Jonge Nederlandse en Engels sprekende imams prediken daar met succes een soort “Nedersalafisme” voor een jong publiek. Dat toelaten is naïef, zegt Sandee.

Ook het toelaten van moskeeën van de Turkse overheid met door Turkije betaalde imams is naïef, vindt hij. Daar zit een politieke en religieuze strategie achter, namelijk het beïnvloeden van Nederlandse Turken. Sandee: “Het zou helpen als Nederland af en toe zegt ‘Tot hier en niet verder’.”

Het parlementaire onderzoek

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van NRC en Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren financiering hebben aangevraagd in Golfstaten of daadwerkelijk geld hebben ontvangen uit deze landen. Het gaat om miljoenen euro’s uit Koeweit en Saudi-Arabië.

De hoorzittingen van de Tweede Kamer nemen in totaal twee weken in beslag. In de eerste week worden deskundigen gehoord. In de tweede week worden de besturen van de omstreden As-Soennah-moskee en de alFitrah-moskee onder ede gehoord.

Bekijk ook;

Een politieauto bij de As-Soennah moskee. Archieffoto. Ⓒ ANP

AIVD-baas Schoof: invloed salafisten bij omstreden moskeeën neemt toe

Telegraaf 10.02.2020 De baas van de geheime dienst AIVD Dick Schoof ziet een nieuwe generatie ’salafistische aanjagers’ aan invloed winnen die op sociale media ’de markt overheersen’. Zij prenten al bij hele jonge kinderen de boodschap in dat de Nederlandse rechtstaat niet deugt.

Dat zei de AIVD-baas als eerste deskundige die werd gehoord door de parlementaire ondervragingscommissie over buitenlandse financiering van moskeeën. De Kamer wil weten waar dat tot radicalisering leidt. Het gaat daarbij niet alleen om moskeeën, maar ook om koranscholen.

Vaak lijkt vanaf de buitenkant alles in orde, zei Schoof, die in dit verband spreekt van facadepolitiek. „Ze kennen de grenzen van de Nederlandse rechtstaat goed, dus naar buiten toe zullen ze nooit over die grens heen gaan. In de beslotenheid van een preek wordt expliciet gezegd dat je homo’s mag vermoorden.”

De gevolgen van die invloed zijn zorgelijk, zegt Schoof. Gewone moslims worden onder druk gezet en beperkt in hun vrije geloofsbeleving. Bovendien kan er een ’parallelle samenleving’ ontstaan die de Nederlandse samenleving met al haar vrijheden ondermijnt.

De financiering vanuit de Golfregio loopt via stichtingen en tussenpersonen en is vaak lastig te achterhalen, zei de AIVD-directeur. Bovendien blijkt uit de praktijk dat het lastig is er iets tegen te doen, zeker strafrechtelijk. Het mislukte optreden van onderwijsminister Slob en de gemeente Amsterdam tegen het Cornelius Haga Lyceum onderstreept dat. Toch blijkt de waarschuwing van de AIVD over antidemocratische elementen in de school staan, zei Schoof.

Moslimbroeders

Terreurdeskundige Ronald Sandee sprak over de invloed van de Moslimbroederschap. Landen als Koewet, Qatar en Turkije kopen met miljoenen invloed bij moskeeën als de Blauwe Moskee in Amsterdam en de Essalam Moskee in Rotterdam. „Wie betaalt, bepaalt.” De financiering loopt vaak via trustfondsen als de Europe Trust Nederland (uit Qatar). Soms komt het volgens Sandee ook op ’pallets met bankbiljetten in privévliegtuigen’, waarna het via tussenpersonen met duffelbags naar moskeeën in Nederland en Duitsland wordt gebracht.

Of de bank over dergelijke hoeveelheden contanten geen vragen stelt, zo wilde de ondervragingscommissie weten. Sandee: „De bank wel, maar een notaris misschien niet.”

Waar Saudi-Arabië en de Emiraten zich minder zijn gaan inlaten met de Moslimbroeders, zijn Qatar en Turkije juist actiever geworden, zegt Sandee.

BEKIJK OOK:

Verspreiding salafisme moet worden gestopt 

Verhoren

De Kamercommissie gaat de komende weken negentien personen ondervragen. Dick Schoof van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst is de eerste die wordt gehoord. Daarna volgen onder anderen terreurdeskundigen, integratiedeskundigen en moslimorganisaties. Volgende week staan de omstreden moskeeën As-Soennah (Den Haag) en alFitrah (Utrecht) in de schijnwerpers. De laatste verhoren zijn donderdag 20 februari.

Het onderzoek wordt gedaan door een zogenoemde parlementaire ondervragingscommissie. Het is een kortere variant van een parlementaire enquête. Maar ook bij deze mini-enquête staan ondervraagden onder ede en zijn ze verplicht mee te werken.

BEKIJK OOK:

Mini-enquête financiering moskeeën voor de bühne 

BEKIJK OOK:

Salafisten kunnen nu hun gang gaan 

Volg de laatste berichten van parlementair journalist Niels Rigter; Tweets by ‎@Nielsrigter

AIVD: kleine groep salafisten overheerst op internet en sociale media

AD 10.02.2020 Met een nieuwe generatie ‘salafistische aanjagers’, gefinancierd vanuit de Golfregio, wint deze (zeer) orthodoxe stroming binnen de islam aan invloed. Dit zei AIVD-topman Dick Schoof maandag in het eerste openbare verhoor van de van de parlementaire ‘mini-enquête’ naar ongewenste buitenlandse beïnvloeding van vooral islamitische instellingen.

,,We zien een soort tweede generatie ontstaan die goed de Nederlandse wetgeving kent, goed Nederlands spreekt en gemakkelijk de weg vindt, waardoor hun invloed groeiende is,’’ zei Schoof, die om operationele redenen geen namen wilde noemen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Door de financiële steun uit het buitenland duwen de salafisten concurrerend aanbod weg, aldus Schoof. ,,In markttermen gesproken overheersen ze bijna de markt op internet en social media, omdat ze een stevige uitgangspositie hebben dankzij de financiering.’’

De groep is relatief klein, maar sterk georganiseerd en daardoor ‘disproportioneel aanwezig’. ,,We maken ons meer zorgen over salafistische aanjagers dan enige tijd geleden.’’

Façadepolitiek

Men zegt het één en doet het ander, aldus Dick Schoof, AIVD.

De problematische gevallen onder de aanjagers stimuleren ‘antidemocratisch gedachtegoed’, via gesprekken, onderwijs en bijvoorbeeld kinderopvang. Zo zijn er moskeeën waar kinderen tussen de 0 en 4 jaar ‘op hele eenvoudige manieren gedachtegoed te horen krijgen dat intrinsiek strijdig is met de rechtsstaat’.

In de openbaarheid is daar dan doorgaans niets van te merken. Schoof sprak over ‘façadepolitiek’. ,,Men zegt het één en doet het ander.’’ Als voorbeeld noemde hij een preek waarin expliciet wordt gezegd dat je homoseksuelen kan vermoorden. ,,Dat zal men aan de buitenkant nooit zeggen, sterker nog men zal er afstand van nemen.’’

Doel is het creëren van een ‘parallelle samenleving’. Op langere termijn is dat een dreiging die een halt moet worden toegeroepen, aldus Schoof.

Haga Lyceum

Schoof kreeg ook vragen over het Amsterdamse Cornelius Haga Lyceum, waarvoor de inlichtingendienst vorig jaar waarschuwde vanwege vermeende salafistische invloeden. Volgens de rechter zijn daar onvoldoende ernstige indicaties voor. Schoof houdt vol dat de AIVD terecht aan de bel trok. Maar vervolgens was het voor de gemeente Amsterdam en andere overheidsinstanties lastig om de juiste maatregelen te kunnen treffen, aldus de AIVD-chef.

Met de mini-enquête wil een meerderheid van de Tweede Kamer deze week en volgende week de gevolgen blootleggen van – met name Arabische – geldstromen naar moskeeën. Hiervoor worden in totaal 19 mensen gehoord.

Later maandag wordt nog terreurdeskundige Ronald Sandee gehoord, naast Mark Roscam Abbing, voorzitter van de Taskforce Problematisch gedrag en ongewenste buitenlandse financiering. In de Taskforce werken verschillende ministeries samen met de politie om gemeenten en gemeenschappen te adviseren over onder andere problematisch gedrag van salafisten.

‘Moskeeën in Rotterdam en Amsterdam in de greep van conservatieve Moslimbroeders’

AD 10.02.2020 De Rotterdamse moskee De Middenweg en de Amsterdamse Blauwe Moskee zijn in de greep van Moslimbroeders. Die boodschap had terreurdeskundige en onderzoeker Ronald Sandee maandag tijdens zijn verhoor in de mini-enquête van de Tweede Kamer naar ongewenste buitenlandse beïnvloeding van islamitische instellingen.

Hoewel beiden dat zelf steevast ontkennen, noemde Sandee bestuursvoorzitter Jacob van der Blom en imam Yassin Elforkani van de Blauwe Moskee als Moslimbroeders. Van der Blom is ook oprichter van De Middenweg.

Lees ook;

Lees meer

Hard bewijs heeft Sandee niet, maar: ,,Als het loopt als een eend, kwaakt als een eend, dan kan het een eend zijn.’’ Van der Blom en Elforkani ‘volgen de ideologie’ van de Moslimbroeders.

De moskee in Nieuw-West, neergezet met geld uit Koeweit en Qatar, speelde een grote rol in het verhoor. Sandee, oud-medewerker van de militaire inlichtingendienst, vertelde ook uitvoerig over de internationale Moslimbroederschap. Volgens hem streeft die organisatie een ‘shariastaat’ na, waarin de islam leidend is.

Sluiers

Moslimbroeders zijn in het algemeen hoogopgeleid, welsprekend en ‘anti-integratief’, aldus Sandee. Ze stimuleren volgens hem vrouwen om sluiers te dragen en hameren op ‘islamofobe’ tendensen in de samenleving.

Sandee noemde de Blauwe Moskee als pregnant voorbeeld van beïnvloeding vanuit de Golfregio. Toen Koeweit rond 2006 instapte als financier, trad bij het bedrijf dat het vastgoed in eigendom heeft een hoge Koeweitse functionaris aan die volgens Sandee ook nu nog de koers van de moskee mede bepaalt.

Sandee zei ook verhalen te hebben gehoord over jonge bekeerlingen in de Blauwe Moskee die ‘behoorlijk intimiderend’ hun opvattingen opdringen. ,,Maar dat is alleen hear say.’’

Middenweg

In de Blauwe Moskee, maar ook bij De Middenweg (eveneens vanuit de Golfregio gefinancierd en met dezelfde eigenaar als de Blauwe Moskee) zie je volgens Sandee aan de sprekers en trainingen de invloed van de Moslimbroeders. In dat verband noemde hij ook de Essalammoskee in Rotterdam, de grootste van Nederland.

Ten aanzien van de geldstromen uit de Golf is Nederland ‘een beetje te naïef, misschien goedgelovig’. ,,Ik heb het gevoel dat landen als Turkije en Qatar een hele bewuste strategie volgen om moslimgemeenschappen in het buitenland te beïnvloeden. Maar we zitten vast aan die vrijheid van religie.’’

Hij bepleitte maatregelen om buitenlandse financiering aan banden te leggen. Hij noemde de islamwet uit Oostenrijk als voorbeeld, die een verbod op buitenlandse financiering bevat. Ook opperde hij een Europees verbod. ,,Dat zou een mogelijkheid zijn om in 1 klap van ongewenste beïnvloeding af te komen.’’

Vastgoed

De parlementaire commissie stelde de nodige vragen over Jacob van der Blom, ex-directeur bij de Essalammoskee die volgens Sandee op goede verkeert met Qatar Charity, een voorname donateur van islamitische instellingen in Europa. Van der Blom is al jaren bestuurder van Europe Trust Nederland, de eigenaar van de Middenweg en Blauwe Moskee. Volgens Sandee is dat de Nederlandse vastgoedtak van de Moslimbroeders, die dient als filiaal van het in Birmingham moederbedrijf gevestigde Europe Trust. ,,Ik heb het gevoel dat als Europe Trust in Birmingham het vastgoed opeist, dat ook gebeurt.’’

De laatste tijd signaleert Sandee een kruisbestuiving tussen Moslimbroeders en salafisten. ,,Een soort nedersalafisme of nederbroederschap.’’

Sandee werd ook bevraagd over een uitvoerig artikel dat hij vorig jaar schreef voor een Amerikaanse onderzoekssite, waarin hij de vloer aanveegde met het Amsterdamse deradicaliseringsbeleid, dat volgens hem aan de leiband loopt van dubieuze figuren. Signalen over radicaliserende mensen zijn onder het tapijt geveegd, aldus Sandee.

‘Flitsenquête’ naar geldstroom moskeeën: dit moet je weten

AD 10.02.2020 Door het ondervragen van negentien deskundigen en betrokkenen wil de Tweede Kamer onderzoeken of de financiering van islamitische instellingen tot radicalisering leidt. Maar of de commissie veel boven water zal krijgen, valt te bezien. Zes vragen over de kwestie.

Waar draait het om?
Grote vraag is: wat willen andere landen in ruil voor de financiering van islamitische instellingen in ons land? Het gaat hierbij vooral om geld uit ‘onvrije landen’, als Saoedi-Arabië, Golfstaten, of Turkije. Volgens deskundigen kleeft aan het geld ook de verspreiding van fundamentalisme. Het kabinet werkt aan een wet om de geldstromen transparanter te maken, maar de Tweede Kamer hoopt via de ondervragingen (onder ede) die vandaag beginnen meer ‘efficiënte maatregelen’ te bedenken.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Hoe groot is het probleem?
Invloed van extreme moslimpredikers is moeilijk in tabellen te vatten, maar de AIVD maakt zich bijvoorbeeld al langer zorgen over de invloed vanuit Golfstaten. In Utrecht bijvoorbeeld ligt de alFitrah-moskee al jaren onder vuur, waar kinderen geleerd wordt te leven volgens de orthodoxe islam.

En de Haagse as-Soennah-moskee zou gefinancierd worden door een organisatie uit Koeweit met sprekers die de jihad goedpraten. Vorig jaar nog berichtte NRC dat op zo’n vijftig moskeescholen kinderen leerden dat zij afvallige moslims dood zouden moeten wensen.

Homo’s zouden de doodstraf verdienen. Vooral het salafisme zou aan terrein winnen door de financiering van ver. Die geloofsuitleg van de islam verwerpt democratie en bestempelt de omgang met niet-moslims als verwerpelijk. Ook de Nederlandse Syriëgangers hangen vaak deze stroming aan.

Hoe gaat de Tweede Kamer onderzoek doen?
De parlementariërs grijpen naar een nieuw middel: de mini-enquête. Of officiëler: de parlementaire ondervraging. Het is eigenlijk een flitsversie van zijn bekendere broertje: de parlementaire enquête.

Op zes dagen komen negentien betrokkenen en deskundigen aan bod. Het gaat om AIVD-baas Dick Schoof, maar ook terreurdeskundigen en vooral: de leiding van diverse moskeeën. Aan de hand van de ondervragingen maakt de commissie een verslag dat de Kamer kan gebruiken als achtergrondinformatie bij het nog te voeren Kamerdebat.

Hoe reageren moskeeën?
Een aantal is verbolgen en spreekt van een hetze. Het bestuur van de as-Soennah-moskee weigerde aanvankelijk te komen opdraven voor de ondervraging. De geldstroom ontkennen ze niet altijd. Zo doneerde Koeweit 1,3 miljoen euro voor de financiering van de Blauwe Moskee in Amsterdam-Slotervaart.

Een topambtenaar van het Koeweitse ministerie van Religieuze Zaken werd later voorzitter van het bestuur van de Blauwe Moskee. Volgens een vertrouwelijke memo van de antiterrorismecoördinator NCTV, in handen van Nieuwsuur, waren er vier jaar geleden nog 13 salafistische moskeeën in Nederland, nu zijn dat er 27.

Het aantal salafistische predikers verdubbelde van 50 naar 110. Toch ontkennen veel moskeeën dat er met de geldstromen invloed ‘gekocht’ wordt. Dat zullen zij ook voor de commissie getuigen, is de verwachting.

Wat gaat de commissie dan achterhalen?
Volgens commissievoorzitter Michiel Rog (CDA) zijn er ook ‘relevante’ documenten gevorderd bij een aantal ministeries en islamitische instellingen. Die zouden geldstromen in kaart kunnen brengen, al wilde hij dat vorige week nog niet prijsgeven.

Daarnaast worden deskundigen, maar ook de (voormalige) burgemeesters van Den Haag en Utrecht gehoord die van dichtbij kunnen hebben gezien wat de uitwerking van giften is geweest.

Komt er daarmee duidelijkheid?
Dat valt te betwijfelen. De commissie vroeg ook om de boekhouding van de alFitrah-moskee, die ook een islamles verzorgt. Maar die weigert tot dusver de documenten over te dragen. Ook worden er geen geldschieters, bijvoorbeeld medewerkers van ambassadeurs van de onderzochte landen, verhoord.

Of dit te maken heeft met diplomatieke betrekkingen, wilde commissieleider Rog niet zeggen. Die vroeg evenmin gegevens op bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, terwijl daar al jarenlang een lijst ligt van de door de Golfregio gefinancierde moskeeën.

De alFitrah-moskee in Utrecht. © ANP

Kamer ondervraagt oud-burgemeester Pauline Krikke in onderzoek illegale geldstromen

Den HaagFM 07.02.2020 Oud-burgemeester Pauline Krikke wordt binnenkort gehoord door een speciale commissie van de Tweede Kamer. Ook bestuurders van de omstreden moskeeën As-Soennah in Den Haag en alFitrah in Utrecht worden ondervraagd. De commissie onderzoekt de financiering van moskeeën in Nederland. Ze wil erachter komen of er geldstromen uit het buitenland vloeien die leiden tot ‘ongewenste beïnvloeding’.

Het onderzoek naar illegale geldstromen vanuit het buitenland begint maandag 10 februari. Er wordt afgetrapt met een verhoor van Dick Schoof, hoofd van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.

Het bestuur van de as-Soennah moskee is ook opgeroepen voor verhoor onder ede. Verschijnen is verplicht, maar het bestuur van de moskee zei eerder nog niet te weten of het op komt dagen. De alFitrah-moskee weigerde aanvankelijk inzage in de financiën, maar de rechtbank dwong de stichting mee te werken. De moskee heeft tot op heden de benodigde documenten niet aangeleverd aan de Kamercommissie.

Twee verhoorweken
Ook terreurdeskundige Ronald Sandee, integratiedeskundige en voormalig Kamerlid Keklik Yücel en vicevoorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN) Saïd Bouharrou zijn opgeroepen. De ondervraging is opgesplitst in twee delen. In de eerste week worden deskundigen en mensen uit de gemeenschap gehoord over beïnvloeding en gevolgen. De tweede verhoorweek richt zich op de moskeeën en de Islamitische Stichting Nederland.

De verhoren duren tot en met 20 februari. Er wordt een verslag gemaakt met daarin de maatregelen en oplossingen die de commissie aandraagt. Dit verslag biedt de commissie naar verwachting eind april aan de Tweede Kamer aan.

Kamer ondervraagt oud-burgemeester Pauline Krikke in onderzoek illegale geldstromen

OmroepWest 06.02.2020 De Haagse oud-burgemeester Pauline Krikke wordt binnenkort gehoord door een speciale commissie van de Tweede Kamer. Ook bestuurders van de omstreden moskeeën As-Soennah in Den Haag en alFitrah in Utrecht worden ondervraagd. De commissie onderzoekt de financiering van moskeeën in Nederland. Ze wil erachter komen of er geldstromen uit het buitenland vloeien die leiden tot ‘ongewenste beïnvloeding’.

Het onderzoek naar illegale geldstromen vanuit het buitenland begint maandag 10 februari. Er wordt afgetrapt met een verhoor van Dick Schoof, hoofd van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.

Het bestuur van de as-Soennah moskee is ook opgeroepen voor verhoor onder ede. Verschijnen is verplicht, maar het bestuur van de moskee zei eerder nog niet te weten of het op komt dagen. De alFitrah-moskee weigerde aanvankelijk inzage in de financiën, maar de rechtbank dwong de stichting mee te werken. De moskee heeft tot op heden de benodigde documenten niet aangeleverd aan de Kamercommissie.

Twee verhoorweken

Ook terreurdeskundige Ronald Sandee, integratiedeskundige en voormalig Kamerlid Keklik Yücel en vicevoorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN) Saïd Bouharrou zijn opgeroepen. De ondervraging is opgesplitst in twee delen. In de eerste week worden deskundigen en mensen uit de gemeenschap gehoord over beïnvloeding en gevolgen. De tweede verhoorweek richt zich op de moskeeën en de Islamitische Stichting Nederland.

De verhoren duren tot en met 20 februari 2020. Er wordt een verslag gemaakt met daarin de maatregelen en oplossingen die de commissie aandraagt. Dit verslag biedt de commissie naar verwachting eind april aan de Tweede Kamer aan.

Meer over dit onderwerp: PAULINE KRIKKE DEN HAAG AS-SOENNAH MOSKEE TWEEDE KAMER

De Essalam-moskee in Rotterdam kwam in het nieuws door buitenlandse financiering en imams ANP

Besturen omstreden moskeeën As-Soennah en alFitrah onder ede verhoord

NOS 06.02.2020 Maandag begint de parlementaire commissie die ongewenste beïnvloeding van moskeeën, islamitische scholen en andere organisaties gaat onderzoeken. “We willen weten hoe we deze beïnvloeding kunnen doorbreken”, zegt voorzitter Michel Rog (CDA).

In zes dagen tijd, tussen 10 en 20 februari, worden vertegenwoordigers van moskee-organisaties, onderzoekers en terreurdeskundigen gehoord. Het eerste verhoor is met directeur Schoof van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD).

Moskeeën

In de tweede week worden de besturen van de As-Soennah-moskee in Den Haag en de alFitrah-moskee in Utrecht verhoord. As-Soennah heeft vooraf informatie aangeleverd die de commissie had opgevraagd.

AlFitrah maakte daar bezwaar tegen en wil de commissie geen documenten sturen. De Tweede Kamer begon daar een rechtszaak over en kreeg gelijk. Op 21 februari 2020 dient het hoger beroep van de moskee-stichting.

“Maar”, zegt commissievoorzitter Rog, “dit ontslaat het bestuur van alFitrah niet van medewerking aan het verhoor.” Dat staat gepland voor woensdag 19 februari 2020.

Het bestuur van de Utrechtse alFitrah-moskee vindt dat de commissie buiten zijn bevoegdheden treedt met het opvragen van alle stukken. “De zaak ligt bij het gerechtshof en we willen dat eerst voorleggen aan een hogere rechter”, zegt de advocaat van het bestuur in het radioprogramma Nieuws en Co.

Miljoenen euro’s

De aanleiding van het onderzoek door de Tweede Kamer is berichtgeving van Nieuwsuur. Daaruit bleek dat zeker dertig islamitische organisaties in Nederland de afgelopen jaren financiering hebben aangevraagd in Golfstaten of daadwerkelijk geld hebben ontvangen uit deze landen.

Het gaat om miljoenen euro’s uit Koeweit en Saudi-Arabië. Van dat geld worden onder meer ultraorthodoxe imams ingehuurd.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken bleek jarenlang in het geheim lijstjes bij te houden over deze geldstromen, gebaseerd op vrijwillig verstrekte informatie van de ambassades van Koeweit en Saudi-Arabië. De Tweede Kamer kreeg deze informatie niet, en besloot daarom tot dit parlementaire onderzoek.

Brandbrief

Vier islamitische organisaties maakten deze week bezwaar tegen de opzet van het onderzoek. In een brandbrief aan Tweede Kamervoorzitter Arib stelden zij dat de onderzoekscommissie ook moet kijken naar buitenlandse geldstromen voor christelijke politieke partijen, kerken en synagoges.

“De brief is een laatste poging om te wijzen op wat er volgens ons fout is aan het onderzoek”, zei Abdelhamid Bouzzit, moskeebestuurder van het Islamitisch Centrum Imam Malik in Leiden.

Maar de onderzoekscommissie houdt zich aan het oorspronkelijke plan:

Onderzoek Tweede Kamer buitenlandse financiering moskeeën van start

Onder ede

De verhoren vinden onder ede plaats. De eed wordt afgenomen met de zin “Zo waarlijk helpe mij God Almachtig” en de belofte “Dat verklaar en beloof ik”. Moslims die de eed moeten afleggen mogen van de commissie zelf een zin bedenken, bijvoorbeeld: “Zo waarlijk helpe mij Allah Almachtig.”

De commissieleden zijn voorzitter Michel Rog (CDA), ondervoorzitter Ronald van Raak (SP), Gert-Jan Segers (ChristenUnie), Mark Harbers (VVD), Edgar Mulder (PVV), Rutger Schonis (D66), Niels van den Berge (GroenLinks), Chris Stoffer (SGP) en Tunahan Kuzu (Denk).

Ze worden live uitgezonden op tweedekamer.nl.

Verhoorschema ‘Beïnvloeding in Nederland’, maandag 10 februari:

10.00 uur Dick Schoof, directeur AIVD
13.00 uur Ronald Sandee, terreurdeskundige
15.30 uur Mark Roscam Abbing, Taskforce Problematisch Gedrag en Ongewenste Buitenlandse Financiering

Bekijk ook;

Kamer ondervraagt omstreden moskeeën As-Soennah en alFitrah

Telegraaf 06.02.2020 De Tweede Kamer begint volgende week gemankeerd aan de ondervragingen over ongewenste geldstromen naar moskeeën vanuit onvrije landen als Saoedi-Arabië, Koeweit en Qatar. Moskeeschool AlFitrah weigert namelijk nog altijd om gevorderde documenten aan de Kamer te overhandigen. Het ministerie van Buitenlandse Zaken is niet eens om medewerking gevraagd.

Vanaf volgende week worden onder meer bestuurders van de omstreden moskeeën As-Soennah in Den Haag en alFitrah in Utrecht onder ede ondervraagd door de Tweede Kamer, evenals de Islamitische Stichting Nederland, de Nederlandse tak van het Turkse moskeenetwerk Diyanet. Doel van de verhoren is uiteindelijk om maatregelen te kunnen nemen om de ongewenste beïnvloeding vanuit het buitenland te kunnen stoppen.

De Kamer debatteert er al jaren vrijwel vruchteloos over. Wetgeving om geldstromen naar moskeeën uit ’onvrije landen’ aan banden te leggen, laat nog op zich wachten. De openbare verhoren, onder ede, moeten leiden tot ’effectieve maatregelen om deze invloed te doorbreken’.

Moskeeschool zet hakken in zand

AlFitrah weigerde de door de ondervragingscommissie gevorderde documenten te overhandigen. En hoewel de rechter de commissie in het gelijk stelde, komt de moskeeschool nog altijd niet over de brug. Het hoger beroep dient op vrijdag 21 februari, een dag na het laatste verhoor van de ondervragingscommissie.

„Ook zonder de stukken heeft de commissie voldoende informatie om de verhoren te kunnen beginnen”, zegt commissievoorzitter Michel Rog (CDA). De ondervragingscommissie vorderde ook documenten van banken en van de ministeries van Financiën, Justitie en Veiligheid, en Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Waarom Buitenlandse Zaken niet om informatie is gevraagd, wilde Rog niet zeggen.

Openbare lijst geldstromen

Minister Blok (Buitenlandse Zaken) heeft de roep van de Kamer om openbaarmaking van de lijsten met moskeeën die financiering krijgen uit Golfstaten altijd willen tegenhouden. Juist door diplomatieke vertrouwelijkheid, gaf een land als Saudi-Arabië informatie over de moskeeën, zo redeneerde de bewindsman.

Behalve moskeebestuurders en burgemeesters verhoort de Kamer ook AIVD-baas Dick Schoof en terreurdeskundige Ronald Sandee.

BEKIJK OOK: 

alFitrah-moskee moet openheid geven over financiën 

BEKIJK OOK: 

Moskeebezoeker: ’Nederland is een giftige slang die constant op de loer ligt’ 

BEKIJK OOK: 

Onderzoekers: ’School Utrechtse moskee lijkt op sekte’ 

Kamer ondervraagt omstreden moskeeën As-Soennah en alFitrah

AD 06.02.2020 Bestuurders en ex-bestuurders van de omstreden moskeeën As-Soennah in Den Haag en alFitrah in Utrecht worden ondervraagd door de Tweede Kamer. Het onderzoek naar illegale geldstromen vanuit het buitenland begint maandag 10 februari.

Er wordt afgetrapt met een verhoor van Dick Schoof, hoofd van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst. Ook onder anderen ex-burgemeester Pauline Krikke van Den Haag wordt gehoord.

Een speciale commissie van de Tweede Kamer onderzoekt de financiering van moskeeën in Nederland. Ze wil erachter komen of er geldstromen uit het buitenland vloeien die leiden tot ‘ongewenste beïnvloeding’.

De alFitrah-moskee weigerde aanvankelijk inzage in de financiën, maar de rechtbank dwong de stichting mee te werken. De moskee heeft tot op heden de benodigde documenten niet aangeleverd aan de Kamercommissie.

Verhoren

Ook terreurdeskundige Ronald Sandee, integratiedeskundige en voormalig Kamerlid Keklik Yücel en vicevoorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN) Saïd Bouharrou zijn opgeroepen. De ondervraging is opgesplitst in twee delen. In de eerste week worden deskundigen en mensen uit de gemeenschap gehoord over beïnvloeding en gevolgen. De tweede verhoorweek richt zich op de moskeeën en de Islamitische Stichting Nederland.

De verhoren duren tot en met 20 februari. Er wordt een verslag gemaakt met daarin de maatregelen en oplossingen die de commissie aandraagt. Dit verslag biedt de commissie naar verwachting eind april aan de Tweede Kamer aan.

In 2016 deed de FIOD een inval bij de Al-Fitrah-moskee ANP

AlFitrah-moskee moet documenten openbaren

NOS 17.01.2020 De alFitrah-moskee uit Utrecht moet een onderzoekscommissie van de Tweede Kamer inzage geven in de financiën. Dat heeft de voorzieningenrechter in een kort geding besloten. De documenten moeten de parlementaire ondervragingscommissie helpen bij het onderzoek naar financiering van salafistische moskeeën.

De rechtbank beveelt alFitrah en aanverwante stichtingen om de administratie en financiële gegevens aan de commissie over te dragen. Als zij blijven weigeren, kan er een dwangsom volgen.

De alFitrah-moskee is een van de islamitische organisaties die door de commissie worden onderzocht. Het onderzoek werd ingesteld na de onthulling van Nieuwsuur en NRC dat verschillende islamitische organisaties miljoenen euro’s uit de Golfregio hebben ontvangen. Er bestaan vermoedens dat daarmee religieus fundamentalisme wordt gestimuleerd en integratie in de Nederlandse samenleving wordt tegengewerkt.

Verdwenen documenten

De stichting alFitrah en de Kamercommissie stonden tegenover elkaar voor de rechter omdat de stichting weigert opening van zaken te geven. Imam Suhayb Salam zei gisteren in de rechtszaal dat hij de stukken niet meer heeft, omdat die in beslag zijn genomen door de FIOD en het Openbaar Ministerie bij een inval in 2016. De advocaat van de Kamercommissie stelde daarop dat de moskee die stukken inmiddels terug heeft.

AlFitrah wordt nu gedwongen medewerking te verlenen in de zoektocht naar de ‘verdwenen’ documenten. De rechtbank vindt dat de stichting een betere onderbouwing van de verdwijning moet geven. Ook moet zowel de Kamercommissie als alFitrah nagaan of er bij de FIOD documenten voorhanden zijn.

Vrijheid van godsdienst

Het moskeebestuur stelde in de zitting dat het onderzoek in strijd is met de vrijheid van godsdienst, maar daar gaat de rechter niet in mee. Het verstrekken van gegevens brengt de belijdenis van een godsdienst niet in het geding, oordeelt de rechtbank.

Volgens CDA-Kamerlid Michel Rog, die de ondervragingscommissie voorzit, zijn de opgevraagde documenten noodzakelijk om het onderzoek voort te zetten. Zodra de gegevens beschikbaar zijn, hoopt de commissie verder te kunnen met de voorbereiding voor de openbare verhoren. Die moeten volgende maand plaatsvinden.

Voor die eerste verhoren zijn al mensen uitgenodigd, maar niet de salafistische prediker Salam.

Bekijk ook;

Advocaat Anis Boumanjal van de alFitrah-moskee komt aan bij de rechtbank ANP

Kamercommissie en imam steggelen voor rechter over ‘verdwenen’ documenten

NOS 16.01.2020 De islamitische Stichting alFitrah heeft wel degelijk de documenten in bezit die door de Tweede Kamer worden opgeëist. Dat zei advocaat Van Uden van de parlementaire ondervragingscommissie vanochtend bij een zitting bij de rechtbank in Den Haag.

De Tweede Kamer wil de stukken hebben voor het onderzoek van een Kamercommissie naar de financiering van salafistische moskeeën. Omdat de Utrechtse stichting weigert stukken over te dragen, is de commissie naar de rechter gestapt.

De Utrechtse imam Suhayb Salam zegt de stukken niet meer te hebben, omdat die 3,5 jaar geleden in beslag zijn genomen door de FIOD en het OM. Dat gebeurde bij een inval in zijn islamitisch centrum in de Utrechtse wijk Overvecht. Maar volgens de advocaat van de Kamercommissie heeft hij die stukken inmiddels weer terug. Bovendien wil de commissie ook de stukken van daarna.

De Kamer vermoedt onder meer dat de stichting geld uit het buitenland heeft gekregen, waarmee religieus fundamentalisme wordt gestimuleerd en de integratie in de Nederlandse samenleving wordt tegengewerkt. Onder de stichting vallen een moskee en andere organisaties waarvan Salam de leiding heeft.

Verhoren

Op 10 februari beginnen in de Tweede Kamer de verhoren waarmee het parlement meer zicht probeert te krijgen op “ongewenste beïnvloeding van maatschappelijke en religieuze organisaties in Nederland, zoals moskeeën, uit onvrije landen”.

Voor die eerste verhoren zijn al mensen uitgenodigd, maar niet de salafistische prediker Salam. Toch eist de commissie wel dat hij alle stukken aanlevert over een periode van 10 jaar.

Geen parlementaire enquête

Volgens de advocaat van Salam, Boumanjal. gaat de commissie zijn boekje te buiten. Hij wees er vandaag op dat de ondervragingscommissie niet de status heeft van een parlementaire enquête.

De commissie zou geen nieuw onderzoek mogen doen, maar enkel mogen putten uit al bestaande onderzoeken, zoals die van de FIOD en wetenschappelijke studies. Advocaat van Uden van de Tweede Kamercommissie wierp tegen dat de verzoeken om informatie te krijgen van alFitrah wel degelijk passen bij een parlementaire ondervraging.

Imam Salam zei tijdens de zitting dat er geen stukken van na de inval van 2016 meer zijn. Allereerst omdat er geen notulen meer worden gemaakt. En ook omdat alFitrah en stichtingen die daaraan zijn verbonden nauwelijks nog actief zijn. De advocaat zei wel dat er in het verleden geld is geaccepteerd uit Koeweit. Dat ging volgens hem om “liefdadigheidsgeld”.

Er kwam geen geld uit Turkije en Saudi-Arabië, benadrukte hij.

Onveilige landen

Tijdens de zitting was er veel discussie over een lijst met “onveilige landen” en “deels onveilige landen”. De Kamercommissie wil weten of er geldstromen uit die landen gaan naar islamitische organisaties.

Advocaat Boumanjal vindt het slordig dat er geen duidelijke definitie is van die deels onveilige landen. “Want welke landen vallen daaronder?”, zo vroeg hij zich hardop af. “Is Polen ook een onvrij land omdat rechters daar hun werk niet vrijelijk kunnen doen?”.

Niet duidelijk werd tijdens de zitting of andere islamitische organisaties gevraagde documenten wel hebben gegeven aan de Kamercommissie. In het belang van het onderzoek wilde de advocaat van de commissie niet laten weten wie er verder wordt onderzocht. De rechter doet vrijdag uitspraak.

Bekijk ook;

VVD: Onderzoek of grond onder moskee As-Soennah kan worden afgepakt

AD 14.01.2020 De Haagse VVD roept de gemeente op om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn om de As-Soennah moskee van haar plek te krijgen. Het gebedshuis staat op grond die de gemeente in erfpacht heeft uitgegeven.

Als de gemeente het voor elkaar krijgt om de moskee die erfpacht te ontnemen, kan het gebedshuis de grond niet meer gebruiken en moet het verhuizen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Aanleiding voor de oproep van de VVD is de kritiek van het moskeebestuur op het parlementaire onderzoek naar buitenlandse geldstromen richting Nederlandse gebedshuizen. Met oliedollars uit bijvoorbeeld Qatar en Saoedi-Arabië wordt zo het salafisme verspreid, een orthodoxe stroming binnen de islam die wordt aangehangen door veel jihadisten. De As-Soennah werd hier vaak mee in verband gebracht, ze staat bekend als een van de meest omstreden moskeeën van het land.

Verhoren

In februari moeten de verhoren gaan plaatsvinden in de Tweede Kamer. Verschijnen is verplicht voor getuigen die worden opgeroepen. Zij staan ook onder ede. Een uitnodiging voor dit gesprek wekte felle toorn van het As-Soennah-bestuur, blijkt uit een vorige week verspreid persbericht. De islamitische kerkleiders onderzoeken of ze onder het verhoor kunnen uitkomen.

Wij willen dat de gemeente kijkt of hier sprake is van ondermij­ning, aldus De Graaf.

,,Deze organisatie laat nu voor de zoveelste keer zien lak te hebben aan onze rechtsstaat”, zegt VVD-fractievoorzitter Frans de Graaf. ,,Wij willen dat de gemeente kijkt of hier sprake is van ondermijning.”

© ANP

Voorbeelden die de VVD opsomt van die houding, zijn het promoten van meisjesbesnijdenis en gastsprekers die de oorlog in Syrië en Irak verheerlijkten. ,,En zo heeft As-Soennah een veel langer trackrecord opgebouwd”, vindt de voorman van de liberalen in de gemeenteraad. Hij noemt de driedelige documentaire De Lokroep, waarin As-Soennah veelvuldig voorkomt, ‘ontluisterend’.

Anbi-status

De moskee genoot tot 2018 een officiële anbi-status van de Belastingdienst. Daarmee kan belastingvrij geschonken worden door donateurs, de fiscus erkent hiermee organisaties van algemeen nut. Maar toen na een wetswijziging verplicht werd gesteld dat anbi’s op hun website moesten publiceren hoeveel inkomsten en uitgaven er jaarlijks zijn, bleef As-Soennah in gebreke. In 2018 is de belastingvrijstelling stopgezet.

Mogelijk kan via de gemeente wel openheid worden afgedwongen over de geldstromen, oppert de VVD in vragen aan het stadsbestuur. Dit omdat de gemeente eigenaar is van de grond, die verhuurt ze, via erfpacht, aan de stichting achter de moskee. Vorig jaar besloot de gemeenteraad dat Den Haag actieve grondpolitiek mag inzetten om ongewenste ontwikkelingen te stoppen.

Ondermij­ning valt onder die ongewenste ontwikke­lin­gen, aldus De Graaf.

,,Ondermijning valt onder die ongewenste ontwikkelingen”, legt De Graaf uit, ,,daarom vragen we om uit te zoeken welke mogelijkheden er juridisch zijn.”

De grond onder de moskee afpakken door de erfpacht op te zeggen, is voor de overheid een kwestie van lange adem. Erfpacht kent ingewikkelde algemene voorwaarden. Bij het opzeggen van de pacht moet de gemeente altijd de gebouweigenaar uitkopen.

Het bedrijventerrein rond de Fruitweg waar de moskee staat, is volgens Haagse misdaadbestrijders een knooppunt van criminele activiteiten. Dat staat in het Ondermijningsbeeld dat vorige maand verscheen.

Moskee as-Soennah schoffeert parlement en wil niet op komen dagen bij ondervraging

AD 09.01.2020 Het bestuur van de extreem orthodoxe as-Soennah moskee overweegt niet te verschijnen bij een parlementaire ondervraging over financiering vanuit oliestaten. Dit omdat ze het onderzoek naar deze dubieuze financieringen vanuit landen als Qatar en Saoedi-Arabië ‘een vuile campagne’ tegen de islamitische gemeenschap vinden.

Uit onderzoek van NRC en Nieuwsuur in 2018 blijkt dat de moskee gefinancierd wordt door een organisatie uit Koeweit met sprekers die de jihad goedpraten. Toen bleek dat ook tientallen andere islamitische organisaties miljoenen subsidie ontvingen uit Saoedi-Arabië en Koeweit, besloot het kabinet over te gaan op een parlementaire ondervraging. Deze verhoren beginnen in februari.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

In ruil voor de oliedollars zou in Nederland de salafistische leer gepredikt, die ook wordt aangehangen door de meeste van de honderden polderjihadi’s die voor IS en Al-Qaeda vechten. De as-Soennah moskee ontkende na het verschijnen van het onderzoek direct dat dit bij hen gebeurd was. Er zou wel geld zijn binnengekomen maar geen bemoeienis zijn geduld vanuit het Midden-Oosten.

De moskee twijfelt om gehoor te geven aan de oproep mee te werken aan de ondervraging. ‘De hele opzet is doordrenkt met vooringenomenheid en is een aanfluiting voor de Tweede Kamer. Geert Wilders heeft in het verleden honderdduizenden dollars van neoconservatieve organisaties in Amerika gekregen om zijn anti-moslimboodschap te zaaien.

Wat de politiek nu oogst is een samenleving waar moslimhaat eerder de norm is dan uitzondering.’ schrijft de religieuze instelling in een verklaring op Facebook. Verschijnen voor de parlementaire commissie is echter verplicht. Wie niet kom, riskeert te worden gegijzeld door justitie.

As-Soennah moskee opgeroepen voor verhoor onder ede vanwege buitenlandse geldstroom

Den HaagFM 09.01.2020 Het bestuur van de as-Soennah moskee is opgeroepen voor verhoor onder ede door de parlementaire commissie die de financiering van moskeeën in Nederland onderzoekt. Verschijnen is verplicht, maar het bestuur van de moskee weet nog niet of het op komt dagen.

De parlementaire ondervraging werd ingesteld na berichtgeving van Nieuwsuur en NRC dat tientallen islamitische organisaties financiering hadden aangevraagd in Saoedi-Arabië of Koeweit en miljoenen euro’s zouden hebben ontvangen uit deze landen. Nieuwsuur en NRC ontdekten dat de as-Soennah moskee gefinancierd werd door een Koeweitse organisatie wiens predikers de jihad goedpraten.

Het moskeebestuur liet toentertijd weten weleens geld te hebben gekregen vanuit het buitenland. “Maar er is op geen enkele wijze invloed uitgeoefend. Sterker nog, er is expliciet met de weldoeners afgesproken dat Stichting as-Soennah op geen enkele wijze bemoeienis duldt.” Het begin van de verhoren staat gepland voor februari.

Verdachte van oproepen vrouwenbesnijdenis: ‘Mij is onrecht aangedaan’

OmroepWest 18.12.2019 ‘Ik vind dat mij onrecht is aangedaan’, aldus een 32-jarige medewerker van de as-Soennah moskee in Den Haag. Hij heeft zich woensdag voor het eerst moeten verantwoorden voor de rechter. Het Openbaar Ministerie verdenkt hem van opruiing en het aanzetten tot geweld. De verdachte zou in een video op de website van de moskee vrouwenbesnijdenis hebben aanbevolen.

Vrouwenbesnijdenis is strafbaar.

Bij de ingreep wordt een deel van de clitoris weggesneden en wordt de ingang van de vagina grotendeels dichtgenaaid. In de bewuste video zou de verdachte (een oud-docent van de moskee) hebben gezegd dat besnijdenis verplicht is voor mannen en wordt aanbevolen voor vrouwen. ‘De wijsheid die hier achter zit, is dat de penis wordt gereinigd van de onreinheden en bij de vrouw worden haar lusten minder.’

De zaak komt aan het rollen als Shirin Musa van vrouwenrechten organisatie Femmes for Freedom naar aanleiding van de video als eerste aangifte doet tegen de moskee. Musa: ‘Net zoals ze prediken dat je geen varkensvlees mag eten en vijf keer per dag moet bidden, doceren zij ook dat vrouwen genitaal verminkt moeten worden.

Nou, en ik ben een moslimvrouw en ik kan u één ding vertellen: dit is niet wat de islam voorschrijft.’ Velen volgden haar voorbeeld, want volgens de officier van justitie liggen er nu 138 aangiften tegen de verdachte.

‘Vervolging onder druk van de media’

De moskee heeft de bewuste video inmiddels verwijderd. Advocaat Yasar Özdemir staat de verdachte woensdag bij. Tijdens de zitting spreekt hij het vermoeden uit dat het Openbaar Ministerie onder meer onder druk van de media tot vervolging is overgegaan. De verdachte: ‘Ik vind dat mij onrecht is aangedaan.’

Eerder zei de oud-voorzitter van de moskee, Abdelhamid Taheri, dat het niet de eigen mening van de verdachte was. ‘Hij heeft gewoon een tekst voorgelezen tijdens een les over islamitische jurisprudentie.’ Taheri vraagt zich af of je in Nederland dan niet uit een geschiedenisboek iets mag voorlezen wat niet jouw mening is? De moskee zou vrouwenbesnijdenis dus niet aanbevelen.

Miranda van Dam  Miranda van Dam@Miranda_van_Dam

De advocaat van verdachte krijgt het woord. Hij heeft het vermoeden dat het OM onder meer door druk in de media heeft besloten tot vervolging #vrouwenbesnijdenis

09:07 – 18 dec. 2019  Andere Tweets van Miranda van Dam bekijken

‘De gezondheid van burgers is in het geding’

Daar is advocaat Carene van Vliet het niet mee eens. ‘De moskee heeft nooit expliciet afstand gedaan. Van ontkenning is geen sprake.’ Van Vliet staat de eerste aangeefster Musa bij. ‘Ons doel is dat mensen weten dat je dit niet mag zeggen. We willen voorkomen dat er ook maar een vader is die naar aanleiding van die video tegen zijn dochter zegt: dit moeten we doen. De gezondheid van de burgers is in het geding.’

De Haagse zaak is woensdag nog niet inhoudelijk behandeld. Tijdens de regiezitting konden de partijen hun onderzoekswensen aangeven. Zowel het OM als de verdediging, ‘voor ons is het helder’, had deze niet. Dat betekent dat het onderzoek nu is afgerond en de zaak binnenkort inhoudelijk wordt behandeld.

Zeker 75 aangiften tegen Haagse moskee om aanraden vrouwenbesnijdenis

RTL 14.12.2019 Er zijn de afgelopen maanden tussen de 75 en 125 aangiften gedaan tegen de As-Soennah-moskee in Den Haag, meldt het Openbaar Ministerie. De moskee kwam onder vuur te liggen omdat die in 2015 een video op hun website deelde waarin vrouwenbesnijdenis werd aanbevolen.

De 32-jarige medewerker van de moskee die in de video te zien is, moet woensdag voor de rechter verschijnen. In de video uit 2015 zei de man: “Besnijdenis is verplicht voor de mannen en aanbevolen voor de vrouwen.” De video is inmiddels verwijderd. De prediker wordt vervolgd voor opruiing en het aanzetten van geweld tot vrouwen.

Genitale verminking

De aangifteactie is in gang gezet door vrouwenrechtenorganisatie Femmes for Freedom. Die deed de eerste aangifte en riep iedereen op om hetzelfde te doen. “We zijn heel blij dat is besloten de man te vervolgen”, zegt oprichter Shirin Musa. “Het liefste zou ik het hele moskeebestuur woensdag zien zitten bij de rechter. Dat is verantwoordelijk voor wat ze online zetten.”

Lees ook:

Geen subsidie meer voor Haagse moskee na ‘verwerpelijke uitspraken’

Op vrouwenbesnijdenis staat in Nederland maximaal 12 jaar cel. Musa noemt de aanbevelingen van de prediker geen besnijdenis, maar genitale verminking. “De ingreep beperkt je hele functioneren in de samenleving. Ik merk aan de meisjes aan wie ik les geef hoeveel last ze ervan hebben”, zegt ze.

Niet op grond van geloof

“Het is heel belangrijk dat hiertegen wordt opgetreden. Het is een gevaar voor de Nederlandse samenleving. Dit is niet op grond van geloof, dit is gewoon het aanbevelen van verminking”, zegt Musa. Haar organisatie roept iedereen nog steeds op aangifte te doen.

RTL Nieuws; Openbaar Ministerie Moskee Islam Den Haag

Zo’n 100 aangiften tegen as-Soennah moskee voor opruiing en aanzetten tot geweld

OmroepWest 14.12.2019 Er liggen zo’n 100 aangiften tegen de as-Soennah moskee in Den Haag wegens opruiing en het aanzetten tot geweld. Dat zegt het Openbaar Ministerie (OM). Woensdag moet een 32-jarige medewerker uit diezelfde stad zich verantwoorden voor de rechter, omdat hij vrouwenbesnijdenis zou hebben aanbevolen in een filmpje op de website van de moskee.

Vrouwenbesnijdenis is strafbaar. Bij de ingreep wordt een deel van de clitoris weggesneden en wordt de ingang van de vagina grotendeels dichtgenaaid. Shirin Musa van vrouwenrechten organisatie Femmes for Freedom deed als eerste aangifte tegen de moskee. Zij noemt het trouwens geen besnijdenis, maar spreekt van genitale verminking.

Musa: ‘Want het is geen snee die je ervan krijgt. Nee je wordt echt verminkt. Je kan dan moeilijk plassen, moeilijk menstrueren, je kunt niet goed zitten. Seks gaat moeizaam. Het is echt een verminking voor het leven, zowel geestelijk als lichamelijk.’

As-Soennah moskee: ‘De docent deelde niet zijn eigen mening’

In de video op de site van de moskee zegt de verdachte (een oud-docent van de moskee) dat besnijdenis verplicht is voor mannen en wordt aanbevolen voor vrouwen. ‘De wijsheid die hier achter zit, is dat de penis wordt gereinigd van de onreinheden en bij de vrouw worden haar lusten minder.’ De bewuste video is inmiddels verwijderd.

Oud-voorzitter van de moskee, Abdelhamid Taheri, zei eerder dat het niet de eigen mening van de verdachte was. ‘Hij heeft gewoon een tekst voorgelezen tijdens een les over islamitische jurisprudentie.’ Taheri vraagt zich af of je in Nederland dan niet uit een geschiedenisboek iets mag voorlezen wat niet jouw mening is? De moskee zou vrouwenbesnijdenis dus niet aanbevelen.

Bedoeling moskee ‘klip en klaar’

Aangeefster Musa gelooft niets van deze argumentatie. Volgens haar is het klip en klaar dat de moskee vrouwelijke genitale verminking aanbeveelt. ‘Net zoals ze prediken dat je geen varkensvlees mag eten en vijf keer per dag moet bidden, doceren zij ook dat vrouwen genitaal verminkt moeten worden. Nou, en ik ben een moslimvrouw en ik kan u één ding vertellen: dit is niet wat de islam voorschrijft.’

Nadat de organisatie Femmes for Freedom vorig jaar aangifte deed, volgden velen haar voorbeeld. In totaal dus zo’n honderd. Woensdag is de eerste zittingsdag, maar dan wordt de zaak nog niet inhoudelijk behandeld. De verdediging en het OM kunnen dan hun eventuele onderzoekswensen kenbaar maken. Advocaat Yasar Özdemir staat de 32-jarige verdachte bij. Hij wil graag nog een aantal getuigen horen. ‘En mogelijk ook een deskundige.’

Sticker scare bear Femmes for Freedom

Özdemir ziet de zitting met vertrouwen tegemoet. Hij denkt namelijk dat de rechter tot een andere oordeel komt dan het Openbaar Ministerie. ‘Het is in deze zaak heel belangrijk de uitingen van mijn cliënt te zien in de context waarin ze zijn gedaan.’

Aangeefster Musa is woensdag ook aanwezig. ‘We hebben speciaal stickers van een scare bear laten maken die we gaan uitdelen. Ik hoop dat de man wordt veroordeeld. Zodat het duidelijk is dat je in naam van religie of de vrijheid van meningsuiting of wat dan ook, geweld tegen vrouwen niet mag prediken.’

Meer over dit onderwerp:

VROUWENBESNIJDENIS FEMMES FOR FREEDOM AS-SOENNAH MOSKEE

Zo’n 100 aangiften tegen as-Soennah moskee voor opruiing en aanzetten tot geweld

Den HaagFM 14.12.2019 Er liggen zo’n 100 aangiften tegen de as-Soennah moskee wegens opruiing en het aanzetten tot geweld. Dat zegt het Openbaar Ministerie (OM). Woensdag moet een 32-jarige medewerker uit diezelfde stad zich verantwoorden voor de rechter, omdat hij vrouwenbesnijdenis zou hebben aanbevolen in een filmpje op de website van de moskee.

Vrouwenbesnijdenis is strafbaar. Bij de ingreep wordt een deel van de clitoris weggesneden en wordt de ingang van de vagina grotendeels dichtgenaaid. Shirin Musa van vrouwenrechten organisatie Femmes for Freedom deed als eerste aangifte tegen de moskee. Zij noemt het trouwens geen besnijdenis, maar spreekt van genitale verminking.

In de video op de site van de moskee zegt de verdachte (een oud-docent van de moskee) dat besnijdenis verplicht is voor mannen en wordt aanbevolen voor vrouwen. “De wijsheid die hier achter zit, is dat de penis wordt gereinigd van de onreinheden en bij de vrouw worden haar lusten minder.” De bewuste video is inmiddels verwijderd.

Oud-voorzitter van de moskee, Abdelhamid Taheri, zei eerder dat het niet de eigen mening van de verdachte was. “Hij heeft gewoon een tekst voorgelezen tijdens een les over islamitische jurisprudentie.” Taheri vraagt zich af of je in Nederland dan niet uit een geschiedenisboek iets mag voorlezen wat niet jouw mening is? De moskee zou vrouwenbesnijdenis dus niet aanbevelen.

Aangeefster Musa gelooft niets van deze argumentatie. Volgens haar is het klip en klaar dat de moskee vrouwelijke genitale verminking aanbeveelt. “Net zoals ze prediken dat je geen varkensvlees mag eten en vijf keer per dag moet bidden, doceren zij ook dat vrouwen genitaal verminkt moeten worden. Nou, en ik ben een moslimvrouw en ik kan u één ding vertellen: dit is niet wat de islam voorschrijft.”

Nadat de organisatie Femmes for Freedom vorig jaar aangifte deed, volgden velen haar voorbeeld. In totaal dus zo’n honderd. Woensdag is de eerste zittingsdag, maar dan wordt de zaak nog niet inhoudelijk behandeld. De verdediging en het OM kunnen dan hun eventuele onderzoekswensen kenbaar maken. Advocaat Yasar Özdemir staat de 32-jarige verdachte bij. Hij wil graag nog een aantal getuigen horen. ‘En mogelijk ook een deskundige.’

februari 11, 2020 Posted by | 2e kamer, aanslag, Abdulkadir Geylani-moskee, aivd, Arnoud van Doorn, As-Soennah moskee, bedreiging, boerka, debat, Dick Schoof, Diyanet, dreiging, grondwet, haatimam, haatzaaien, homo, is, isis, islam, moskee, moslim, NCTV, nikab, salafisten, Syriëgangers, terreur, terreurdreiging, terrorisme, turkije, veiligheid, Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding | , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Verhoogde dreiging door aanslagen en extremisme – deel 17- Parlementaire ondervraging

Op weg naar een nieuwe Koude Oorlog ???

Staat de verhouding Nederland-Rusland en de rest van de wereld weer op scherp ???

Het kabinet kiest voor een koersvast en realistisch Ruslandbeleid. De afgelopen vijf jaar is de relatie met Rusland complex gebleven. Nederland ziet daarom geen reden om de huidige houding tegenover Rusland, die te karakteriseren valt als een combinatie van druk en selectieve samenwerking, ingrijpend te wijzigen. Dat schrijft minister Blok van Buitenlandse Zaken in een brief aan de Kamer, waarin hij reflecteert op het Nederlandse Ruslandbeleid.

De brief is een reactie op een motie van de D66-Kamerlid Verhoeven en Stoffer van de SGP, die door de hele Kamer werd gesteund. De twee Kamerleden hadden om een Ruslandstrategie gevraagd. Eerder dit jaar kwam het kabinet ook al met een Chinastrategie.

Rusland is de afgelopen jaren doorgegaan op de ingeslagen weg van confrontatie met Westerse mogendheden. Dat leidt tot zorgen over veiligheid in veel Europese landen, waaronder Nederland.

De minister wijst erop dat Rusland doelbewust desinformatie verspreidt en spioneert. “Rusland beschikt over een offensief cyberprogramma.” Hij noemt als voorbeelden desinformatie over MH17 en de poging om de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag te hacken.

Die zorgen zijn er ook over de aantasting van de mensenrechten in Rusland. ‘De cyberoperatie tegen de OPCW hier op Nederlandse bodem vorig jaar, maar ook de aanslag op de voormalige Russische dubbelspion Skripal bij onze Britse buren, drukken ons met de neus op de feiten’, aldus Blok.

Het kabinet hecht aan samenwerking met partners vis-a-vis Rusland. Het belang van die internationale samenwerking blijkt ook uit de internationale steun die Nederland en de andere landen van het Joint Investigation Team krijgen voor de inzet voor gerechtigheid na het neerhalen van vlucht MH17.

AD 24.12.2019

Het is de vraag of de door Blok gewenste harde koers op de langere termijn internationaal nog op veel steun kan rekenen. Vooral de Franse president Emmanuel Macron heeft zich de afgelopen maanden, onder andere in NAVO-verband, opgeworpen als pleitbezorger van dialoog met Rusland.

Door hem geïnitieerde vredesgesprekken tussen Rusland en Oekraïne, eerder deze maand, liepen op weinig uit. En ook Duitsland vaart met de omstreden Nord Stream-gasdeals een eigen koers die tot verdeling leidt tussen Oost-en West-Europa.

De machtspolitiek in de VN, de steun aan de Syrische dictator Assad. Het schenden van het INF-verdrag, waarmee Europa opeens weer beducht moet zijn voor Russische kruisraketten. „Op heel veel vlakken is er eerder een verslechtering. Als je de laatste state of the union hoort van Poetin. De taal die hij uitsloeg, de borstklopperij, het was heel dreigend.”

“De taal die Poetin uitsloeg, de borstklopperij, het was heel dreigend”

Uitgerekend tegen deze achtergrond zoekt de Franse president Macron openlijk toenadering tot Rusland. Zo zag de Fransman in de gevangenenruil met Oekraïne een teken dat Poetin zijn agressieve buitenlandbeleid aan het veranderen was.

Blok weet beter: de onwettig aangehouden Oekraïense marinemannen die Rusland vrijliet, waren makkelijk wisselgeld tegen die Russische gevangenen. Onder hen was immers Vladimir Tsemach, een Oekraïner die tijdens de aanslag op MH17 de leiding had over de luchtafweer in Oost-Oekraïne.

Hij is verdachte in het proces dat in maart begint. Na de ruil heeft Rusland hem niet uitgeleverd, zoals Nederland had gevraagd, maar hem weer laten terugkeren naar Oost-Oekraïne. Daarmee is de kans verkeken dat Tsemach terecht zal staan – Rusland en Oekraïne leveren immers volgens hun eigen grondwetten geen onderdanen uit. Bovendien heeft Oekraïne in het oosten nog altijd weinig te zeggen.

Wat doet dit voor de steun die Nederland zo nodig heeft voor het proces tegen de MH17-verdachten?

„Voor ons staat in de verhouding met Rusland MH17 bovenaan. Altijd. Het is ook nodig dat Nederland hier steeds de leiding blijft nemen. Bij elke gelegenheid waar we internationaal optreden, stellen we het aan de orde. Zolang wij het op de agenda blijven zetten, merk ik dat wij steun krijgen. Zouden we ermee ophouden, dan zouden andere landen denken: dan gaan wij het ook niet doen.”

Sancties blijven toch een lastig instrument. We kunnen wel vaststellen dat ze niet helpen Rusland op andere gedachten te brengen. Hoe lang moet je er nog mee doorgaan?

„Zolang er geen ander gedrag is van Rusland zullen we die sancties voortzetten. Er is altijd een reden voor die sancties. Zolang die reden geldt, gelden wat mij betreft ook de sancties. Daar moet je standvastig in zijn. Je merkt wel steeds twijfel bij andere landen wanneer we sancties verlengen. Gelukkig hebben we de Europese landen afgelopen week toch nog op één lijn gekregen.”

Goed, die sancties zijn verlengd. Maar Rusland trekt zich er niks van aan. Tijd voor iets anders, zou je zeggen.

„Sancties zijn ook niet de enige drukmiddelen. Na de moord op Skripal hebben met we, net als een hoop andere Europese landen, Russische diplomaten uitgewezen. Na de hack bij de OPCW hebben we samen met de Britten gewerkt aan een Europees sanctieregime voor cyberaanvallen. Een doorbraak. Vorige week is daar ook nog een sanctiemechanisme tegen mensenrechtenschendingen bij gekomen.”

Die gevangenis is gebouwd, maar er zitten nog geen gevangenen in. Wie moeten op die sanctielijst?

„We zijn nu bezig daar namen onder te krijgen. Daar hebben we zeker gedachten over, maar het helpt in deze fase niet als ik die namen noem.”

Toch is het niet alleen een vijandsbeeld dat het kabinet schetst in zijn nieuwe Ruslandaanpak.

„Rusland is en blijft een grote buur, een kernwapenstaat. We moeten in gesprek blijven, al is het alleen maar om nucleaire ongelukken te voorkomen. Niet voor niets is Nederland voorstander van overleg tussen de NAVO en Rusland.”

Behalve een niet te negeren machtsfactor is Rusland ook een economische macht waarmee Nederland een stevige handelsrelatie heeft. Ons land is na China en Duitsland de derde handelspartner van Rusland.

Zo’n vierhonderd Nederlandse bedrijven zijn in Rusland gevestigd. Ongeveer drieduizend Nederlandse ondernemingen zijn actief op de Russische markt. De vraag naar Nederlandse technologie voor de Russische landbouw is de afgelopen jaren gestegen.

Nord stream 2

Dan is er ook nog Nord Stream 2, de pijplijn die Russisch gas via de Baltische zee en Duitsland naar Europa brengt. Het project nadert de eindfase.

Nordstream 2 is eigendom van het Russische staatsgasbedrijf Gazprom, maar de aanleg wordt medegefinancierd door westerse bedrijven, waaronder het Brits-Nederlandse Shell. Jaarlijks zal er tot 55 miljard kubieke meter Russisch gas doorheen gaan stromen. Daar zit een duidelijke strategie achter.

Momenteel exporteert Gazprom al zo’n 170 miljard kubieke meter per jaar naar Europa. Maar driekwart daarvan stroomt via pijpleidingen door Polen en Oekraïne. Met dat laatste land is Moskou verwikkeld in een burgeroorlog (Oost-Oekraïne). In 2014 annexeerde het bovendien de Krim.

Het Nordstream 2-project is een geopolitieke splijtzwam. Duitsland noemt de import van Russisch gas een economische noodzaak om de afstoot van kolen- en kernenergie te kunnen opvangen. Ook Nederland steunt het project. Maar veel andere Europese lidstaten vrezen juist een veiligheidsprobleem.

“We maken onszelf veel te afhankelijk van Rusland”, meent de Duitse Europarlementariër Manfred Weber. De voorzitter van de Europese Christendemocraten heeft op het punt van Nordstream 2 felle kritiek op zijn eigen regering in Berlijn. “Economische motieven spelen hier geen rol.

Dit is een puur politieke kwestie. Dat de Duitse oud-bondskanselier Gerhard Schröder voorzitter is van het bestuur van Nordstream, zegt al genoeg. Europa kan zijn gasinkopen beter uitspreiden over verschillende leveranciers. Je moet jezelf niet afhankelijk maken van Moskou.”

De Amerikaanse president Trump heeft inmiddels sancties aangekondigd tegen bedrijven die meewerken aan de aanleg van de gaspijpleiding Nord Stream 2 die van Rusland naar Duitsland loopt. Veel bedrijven dreigen te worden getroffen, waaronder het Nederlands-Zwitserse offshoreconcern Allseas van de Nederlander Edward Heerema.

Dat heeft inmiddels zijn werkzaamheden voor Nord Stream 2 gestaakt. Ook olieconcern Shell en baggeraars Van Oord en Boskalis zijn bij het project betrokken.

Wat wil president Trump bereiken met de sancties?

Trump dreigt al langer met sancties tegen de Europese deelnemers aan het omstreden Nord Stream-project. Volgens de Amerikaanse president maakt Europa zich met de intensieve gasimport tot „gijzelaar” van Rusland. „Wij beschermen Duitsland, Frankrijk en al deze landen, en dan sluiten enkele landen een pijpleidingdeal met Rusland en betalen zo miljarden aan de Russische schatkist.”

Maar de president houdt ook de eigen handelsbelangen goed voor ogen, waarbij het de vraag is hoe realistisch die zijn. Trump ziet graag dat Amerikaanse gasbedrijven meer vloeibaar aardgas (lng) gaan afzetten in Europa, iets waar Rusland voor dekomende jaren ook op inzet.

Vooralsnog ligt het zwaartepunt van de Amerikaanse lng-export echter in Zuid-Amerika en Azië, waar bedrijven meer gas goedkoper kunnen afzetten. De details van de sancties moeten nog bekend worden.

Waarom ligt Nord Stream 2 zo gevoelig?

De pijpleidingen (Nord Stream 2 is een aanvulling op een eerdere, parallelle Nord Stream-pijp) zorgen al jaren voor verdeeldheid binnen Europa. Tegenstanders in vooral Oost-Europa beschouwen het als een geopolitiek instrument waarmee Rusland Oost-Europese landen politiek en financieel kan afknijpen.

Nu moet Rusland nog veel gas exporteren via de pijplijn die door Oekraïne loopt. Voorstanders zien in de naar schatting 10 miljard euro kostende pijp liever een commercieel project, dat op termijn kan voorzien in een kwart van de Europese gasvraag en een schoner alternatief biedt voor vervuilende steenkool.

Lees ook: Nord Stream 2 is bijna klaar, debat over Russisch gas nog niet

Hoe reageert Rusland op de sancties?

„Dergelijke stappen zullen niet zonder gepaste reactie blijven”, zei Kremlin-woordvoerder Dmitri Peskov maandag 23.12.2019. Hij wilde niet zeggen welke maatregelen Moskou overweegt. De Russische Buitenlandminister Sergej Lavrov zei dat na invoering van de sancties „geen enkel land ter wereld nog zal twijfelen aan de onbetrouwbaarheid van de VS als partner”.

Daarom wil Rusland dat de aanleg van de omstreden Nord Stream 2-gasleiding gewoon verder gaat. En daarvoor zegt het land een speciaal schip achter de hand te hebben. Door sancties van Amerika heeft de aanleg al enige vertraging opgelopen.

Pijplegschip

Het Zwitsers-Nederlandse bedrijf Allseas, dat de pijpleiding legde met behulp van twee schepen, schortte het werk op om Amerikaanse sancties te voorkomen. President Vladimir Poetin wil dat door de inzet van het schip de bouw van de leiding kan worden voortgezet.

Kan dit gevolgen hebben voor de Nederlandse gasvoorziening?

Nederland is al ruim anderhalf jaar geen (netto)exporteur meer van aardgas. Door de aardbevingsproblemen in Groningen loopt de binnenlandse productie snel terug. In 2022 wordt de Groningse productie mogelijk al beëindigd. Dan is Nederland nog niet helemaal afhankelijk van buitenlands gas.

Op dit moment komt de helft van de Nederlandse gasproductie van de zogeheten kleine velden, die deels in de Noordzee liggen. Maar ook de productie van die kleine gasvelden neemt af, vooral omdat veel velden geleidelijk uitgeput raken.

zie ook: Over de Rooie vanwege het Schaliegas – deel 10 – nasleep

Al met al wordt de import van aardgas elk jaar belangrijker. Vorig jaar werd voor zo’n 38 miljard kubieke meter gas gebruikt, en naar schatting zo’n 5 miljard daarvan kwam uit Rusland. Die Russische import neemt zonder meer toe, is de verwachting van experts.

Toch lijkt niemand nog nerveus. Eventuele vertraging bij Nord Stream 2 zal niet snel tot problemen in Nederland leiden. Van prijsstijgingen is geen sprake. Integendeel, door een deal vorige week tussen Rusland en Oekraïne over de doorvoer van Russisch gas, dalen de prijzen juist. Gas via Nord Stream 1 is door de nieuwe afspraken voor in elk geval vijf jaar verzekerd.

Heeft Nederland een alternatief voor Russisch gas?

Naast Rusland is ook Noorwegen een grote gasexporteur in Europa, maar qua productie zit dat land aan zijn maximum. De import van vloeibaar gas, lng, zou een beter alternatief kunnen zijn voor Russisch gas. Lng kan met tankers uit het Midden-Oosten, zoals uit Qatar, komen, en ook de Verenigde Staten – een grote producent van schaliegas – exporteren lng.

Nadeel van lng is dat het duurder is dan Russisch en Noors aardgas dat – niet vloeibaar – via pijpleidingen Nederland binnenkomt. De beschikbaarheid van lng zorgt er in elk geval voor dat Rusland de prijs van aardgas de komende jaren niet onbeperkt kan verhogen.

Pers

Rusland zal maatregelen nemen tegen Britse media die actief zijn op Russisch grondgebied. Het gaat om een vergelding voor maatregelen van Britse autoriteiten tegen Russische journalisten.

Kruisraketten

Rusland kan sinds kort een wapen inzetten dat het land volgens president Poetin weer op de top van de apenrots zet als het gaat om militaire slagkracht. De hypersonische Avangard-raket vliegt 27 keer sneller dan het geluid richting zijn doel en kan onderweg van koers veranderen, waardoor geen afweersysteem het uit de lucht kan halen, claimt Moskou.

Rusland heeft al eerder in 2018 op staatstelevisie reeds beelden getoond van het afvuren van een hypersonische raket, de kinzjal (dolk). Een MiG-31 straaljager schoot het projectiel af, dat volgens het Kremlin met 12.000 kilometer per uur, tien keer de snelheid van het geluid, op zijn doel af vliegt.

Tegenaanval

De wapens zullen volgens de president niet gebruikt worden om andere landen aan te vallen. Wel stelt Poetin dat het gebruik van kernwapens op Rusland of haar bondgenoten, gezien zal worden als een aanval die vraagt om een onmiddelijke reactie in de vorm van een tegenaanval.

De dreigende taal van de Russische president Vladimir Poetin aan het adres van NAVO-landen is ”onacceptabel’’ voor het militaire bondgenootschap. Zijn uitlatingen zijn contraproductief, stond toen in een NAVO-verklaring.

”We willen geen nieuwe Koude Oorlog of een nieuwe wapenwedloop’’, aldus de NAVO. De alliantie voegde eraan toe dat de raketafweersystemen in Europa niet zijn gericht op Rusland, maar dienen als verdediging tegen dreigingen van verder weg.

Washington maakte duidelijk dat de VS begint met onderzoek, ontwikkeling en het ontwerpen van nieuwe raketsystemen en Moskou zal nu hetzelfde doen, kondigde minister van Defensie Sergej Sjojgoe aan. Het gaat om een op land gestationeerde kruisraket, gebaseerd op een bestaande versie voor schepen, de Kalibr.

Rusland zet vaart achter de ontwikkeling van twee nieuwe op land gestationeerde raketsystemen. Dit gebeurt in reactie op de terugtrekking door Washington uit het nucleair wapenbeheersingsverdrag INF. De systemen moeten in 2021 operationeel zijn, meldt het Russische ministerie van Defensie.

China, Rusland en Iran beginnen vrijdag aan gezamenlijke marineoefeningen in de Golf van Oman. Het Chinese ministerie van Defensie maakte dat donderdag bekend. Het testen duurt tot en met maandag.

Volgens het ministerie is de oefening „niet noodzakelijk verbonden met de regionale situatie.” De gezamenlijke test komt in een periode van oplopende spanningen tussen de VS en Iran.

Ook gaat Moskou werken aan hypersonische raketten voor de langere afstand. Die zullen minstens vijf keer de snelheid van het geluid bereiken, aldus de Russen.

Moskou beschuldigt de Verenigde Staten ervan valse voorwendselen te bedenken om het INF-verdrag te verlaten, waar ze toch al wilden uitstappen.

Dat heeft mogelijk ook gevolgen voor ons land. Nederland huisvest zeer waarschijnlijk zo’n twintig kernwapens op vliegbasis Volkel. F-16’s kunnen deze bommen afgooien, maar recent barstte hier een discussie los of de opvolger van dit toestel, de Joint Strike Fighter (JSF), dit ook moet kunnen. D66-leider Rob Jetten maakte bekend dat zijn partij dit niet wil, wat hem niet erg in dank werd afgenomen door coalitiepartners VVD en CDA.

Kortom, staat er al weer een kernwapenwedloop op stapel ?? Of Zijn we inmiddels op weg naar een nieuwe Koude Oorlog ook in Nederland ?? Zie nog meer en nog veel meer !!!!

lees: kamerbrief met kabinetsreactie op aiv-adviesrapport kernwapens in een nieuwe geopolitieke werkelijkheid 18.04.2019

lees: Rusland geeft beelden vrij van test met hypersonische raket NU 11.03.2018

lees: NAVO noemt dreigende taal president Poetin onacceptabel NU 02.03.2018

zie ook: JSF-gedonder gewoon nog verder !!!! – deel 3

zie ook: JSF-gedonder gaat gewoon verder !!!! – deel 2

zie ook: JSF-gedonder gaat gewoon verder !!!! – deel 1

zie ook: En weer kijkt de hele wereld naar Rusland en de OPCW in Den Haag CyberhackSpy

zie ook: De hele wereld kijkt naar de OPCW in Den Haag en Rusland Skrypal

zie ook: En weer kijkt de hele wereld naar de OPCW in Den Haag

zie ook: De hele wereld kijkt naar OPCW in Den Haag

zie ook: De hele wereld kijkt naar OPCW in Den Haag – deel 3

zie ook: De hele wereld kijkt naar OPCW in Den Haag – deel 2

zie ook: De hele wereld kijkt naar OPCW in Den Haag – deel 1

Zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 17

Zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 16

Zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 15

zie ook: Dick Schoof versus de Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 14

Zie dan ook: Herdenking MH17 17.07.2014 – 17.07.2018 – Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 13

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 12

zie verder ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 11

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 10

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 9

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 8

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 7

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 6

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 5

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 4

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 3

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 2

zie ook: Nasleep afwikkeling MH17 vliegtuigcrash Oekraïne – deel 1

Of Russische superraket werkt of niet, ‘in VS en China zijn ze geschrokken’

NOS 28.12.2019 Rusland kan sinds gisteren een wapen inzetten dat het land volgens president Poetin weer op de top van de apenrots zet als het gaat om militaire slagkracht. De hypersonische Avangard-raket vliegt 27 keer sneller dan het geluid richting zijn doel en kan onderweg van koers veranderen, waardoor geen afweersysteem het uit de lucht kan halen, claimt Moskou.

Of de raket echt zo baanbrekend is als de Russen beweren, moeten nog blijken, zegt wapendeskundige Sico van der Meer van onderzoeksinstituut Clingendael. “Een wapenwedloop is namelijk ook deels bluf”, aldus Van der Meer. “Maar reken maar dat ze hier in Washington en Peking van zijn geschrokken.”

Van der Meer zegt dat de Russen al decennia op zoek zijn naar een manier om dreigender te worden op het wereldtoneel sinds de Amerikanen onder president Bush aankondigden een raketschild te bouwen. “De Russen leunden vooral op hun kernraketten om internationaal druk uit te oefenen, maar die zijn waardeloos met zo’n schild. Met deze nieuwe raket zijn ze op papier weer net zo sterk als de Amerikanen.”

Propaganda en bangmakerij

Wapenexperts betwijfelen of de Russen de raket daadwerkelijk in gebruik hebben genomen. Het kan ook om een vergevorderde testfase gaan, zoals bijvoorbeeld de defensie-expert van de BBC schrijft.

Van der Meer deelt die twijfels. “Het is ook elkaar bang maken en het is propaganda richting zowel de Amerikanen als de eigen bevolking. Poetin kondigde tijdens een persconferentie vorig jaar naast deze raket bijvoorbeeld ook allerlei andere sciencefictionwapens aan die waarschijnlijk nog lang geen werkelijkheid zijn, zoals een raket op kernenergie die in theorie oneindig kan rondvliegen.”

Toch denkt hij wel dat de Russen in het geval van de Avangard voorloper zijn als het gaat om dergelijke geavanceerde wapens. “Ze zijn er al jaren mee bezig en andere landen zoals de VS, China en India werken hier ook aan. Hypersonische wapens zijn een beetje het nieuwste snufje op de wapenmarkt. Om hun claims te onderbouwen, zullen ze nu een arsenaal moeten opbouwen en via testen moeten aantonen dat de raketten structureel werken.”

Wapenwedloop

Eerder dit jaar zegde de Amerikaanse president Trump nog een belangrijk verdrag met Rusland op over wapenbeheersing. Of een nieuwe versie van dat zogenoemde INF-verdrag inmiddels een utopie is met de hypermoderne Russische raket? Van der Meer durft het niet te zeggen.

“Nu er zo veel geld in nieuwe wapens wordt gepompt, lijkt zo’n nieuw verdrag onlogisch. En Trump is bijvoorbeeld volop bezig met zijn Space Force, dus de wedloop speelt op verschillende fronten”, zegt hij, doelend op het nieuwe Amerikaanse legeronderdeel dat buitenaardse militaire operaties gaat coördineren.

“Aan de andere kant kunnen landen bij zo’n snelle wapenwedloop de kans op escalatie als te groot beschouwen of het wordt te duur, waardoor er misschien wel nieuwe afspraken komen. Het hangt boven alles af van de wereldleiders. Dat zag je in de Koude Oorlog met Reagan en Gorbatsjov, die een vertrouwensband ontwikkelden wat in 1987 uiteindelijk leidde tot het INF-verdrag.”

“Bij dit soort wapens heb je niet meer de tijd om een foutje te herstellen”, aldus Clingendael-onderzoeker Sico van der Meer.

Hoe dan ook is de nieuwe raket van de Russen slecht nieuws voor de mondiale veiligheid, zegt Van der Meer. Hij wordt er als Europeaan “best somber” van. “Wij zitten precies tussen al die wereldmachten in en de kans op escalatie wordt alleen maar groter. Als zo’n wapen per ongeluk wordt afgevuurd, heb je eigenlijk meteen een wereldoorlog. Zo’n hypersonisch wapen is niet meer af te remmen.”

De gevolgen zijn dan meteen gigantisch, zegt Van der Meer. Daarbij verwijst hij naar een recent onderzoek van de Amerikaanse Princeton-universiteit. Onderzoekers simuleerden daar een situatie waarin Rusland een raket met kernkop als waarschuwing had gelanceerd. In de vijf daaropvolgende uren zouden in de VS, Rusland en NAVO-landen meer dan 91 miljoen doden en gewonden vallen.

“Bij dit soort wapens heb je niet meer de tijd om een foutje te herstellen”, zegt Van der Meer. “Het zijn allemaal leuke ontwikkelingen voor de wapenindustrie, maar het is slecht nieuws voor de rest van de wereld.”

Bekijk ook;

De Russische president Vladimir Poetin tijdens zijn gesprek met de Russische militaire leiders dinsdag in het nationale defensie-controlecentrum in Moskou.

De Russische president Vladimir Poetin tijdens zijn gesprek met de Russische militaire leiders dinsdag in het nationale defensie-controlecentrum in Moskou. © AP

Rusland neemt hypersonisch wapen in gebruik

AD 28.12.2019 Het Russische leger heeft vrijdag een nieuw, hypermodern intercontinentaal kernwapen in gebruik genomen dat vliegt met 27 keer de snelheid van het geluid. Volgens de Russische president Vladimir Poetin is de hypersonische Avangard-raket een technologische doorbraak die is te vergelijken met de lancering van de eerste satelliet door de Sovjet-Unie in 1957 en plaatst de raket Rusland op eenzame hoogte in de mondiale wapenwedloop.

De nieuwe generatie Russische kernwapens kunnen vrijwel iedere plek ter wereld bereiken en ook het Amerikaanse raketschild ontwijken, aldus Poetin.

Lees ook;

Lees meer

,,Vandaag hebben we een unieke situatie in onze nieuwe en recente geschiedenis. Andere landen proberen ons in te halen. Geen ander land heeft de beschikking over hypersonische wapen, laat staan hypersonische wapens die over continentale afstand reiken’’, aldus Poetin.

De Avangard wordt gelanceerd bovenop een intercontinentale ballistische raket en kan kernwapens dragen tot 2 megaton. Waar een reguliere raket doorgaans een voorspelbare route volgt, kan de Avangard door een ‘glijsysteem’ scherpe en onverwachte manoeuvres maken richting zijn doel. Daardoor is het moeilijker de raket te onderscheppen.

De Russische minister van Defensie Sergei Shoigu bracht Poetin vrijdag de mededeling dat de eerste raketeenheid die is uitgerust met de Avangard gevechtsklaar is. ,,Ik feliciteer u met deze mijlpaal voor het leger en de gehele natie’’, zei Shoigu later in een conference call met de hoogste militaire leiders van het Russische leger.

Poetin onthulde de ontwikkeling van de Avangard en andere moderne wapensystemen in zijn state-of-the-nation speech in maart 2018. Toen sprak hij al over de moeilijk te pareren vliegbewegingen van de raket. ,,Hij gaat als een meteoriet op zijn doel af, als een vuurbal’’, aldus de Russische leider destijds.

China en VS

Ook China heeft zijn eigen hypersonische raket inmiddels getest. Die zou vijf keer sneller gaan dan het geluid. De VS werkt sinds 2000 aan de ontwikkeling van hypersonische wapens, blijkt uit een onderzoek van het Congres dat in juli van dit jaar werd gepubliceerd. Het Pentagon liet in een reactie weten dat het ,,niet ingaat op Russische claims’’ over de Avangard.

Defensieminister Mark Esper zei in augustus dat hij gelooft dat ,,het waarschijnlijk een kwestie is van een paar jaar’’ voordat de VS ook over een dergelijke raket beschikt. Hij noemde de ontwikkeling van een hypersonische raket toen ,,een prioriteit’’.

Een door het Russische ministerie van Defensie vrijgegeven foto van de lancering van een intercontinentale ballistische raket. © AP/Ministerie van Defensie Rusland

Rusland claimt ingebruikname van hypersonische nucleaire raket

NU 28.12.2019 Rusland zegt dat het vrijdag zijn eerste hypersonische nucleaire raketten in gebruik heeft genomen. Het Russische ministerie van Defensie maakte niet bekend waar de raketten zich op dit moment bevinden.

President Vladimir Poetin kondigde het nieuwe raketsysteem, genaamd Avangard, vorig jaar aan. Volgens het Kremlin kunnen de wapens bijna elk punt op de aarde raken en raketschilden van Amerikaanse makelij ontwijken. Ook kunnen de raketten andere nucleaire en conventionele wapens afschieten.

Ondanks de oorlogszuchtige propaganda van de Russen, trekken westerse experts in twijfel hoe geavanceerd het wapenprogramma daadwerkelijk is. Volgens het Pentagon is Rusland niet zo superieur als het land zich nu voordoet, omdat de Amerikanen al sinds 2000 over hypersonische wapens beschikken.

Hypersonische raketten worden met behulp van conventionele ballistische raketten naar een hoogte tussen de 40 en 100 kilometer gestuwd. Vervolgens komt de gestroomlijnde kop los en glijdt deze op zijn doel af.

De objecten kunnen vanwege hun vorm een onvoorspelbare koers volgen. Ook volgen de raketten een veel lager en directer pad dan de gebogen koers van een ballistische raket. Volgens experts zijn de wapens hierdoor moeilijker te traceren via de radar, waardoor raketafweergeschut minder tijd heeft om te reageren.

Poetin overziet test van ‘onzichtbare’ kernraket in Rusland

Lees meer over: Rusland  Buitenland

Rusland neemt raket in gebruik die afweersystemen ‘nutteloos’ maakt

NOS 27.12.2019 Rusland heeft na jaren testen een raket in gebruik genomen waarmee andere landen het nakijken hebben als het gaat om moderne wapens, aldus president Poetin.

Minister van Defensie Sjojgoe liet Poetin weten dat de raket vandaag is ondergebracht bij een eenheid in de zuidelijke Oeral. Hij sprak daarbij over een “mijlpaal voor het leger en het hele land”. Poetin beschouwt de raket als een technologische doorbraak die vergelijkbaar is met de lancering van de eerste Sovjet-satelliet in 1957.

Hypersonisch

De Avangard-raket is volgens de Russen in staat om hypersonische snelheden te bereiken, oftewel minimaal vijf keer de snelheid van het geluid (zo’n 6200 kilometer per uur).

Het wapen vliegt na lancering net als andere intercontinentale raketten tot hoog in de atmosfeer. Bij terugkeer naar het aardoppervlak ‘glijdt’ de kernkop vervolgens met een enorme snelheid naar het doel, waarbij hij ondertussen scherpe manoeuvres kan maken.

Volgens Poetin is de raket daardoor praktisch niet neer te halen. Afweersystemen zijn nutteloos, zei hij in maart vorig jaar tijdens een persconferentie, toen hij de raket aankondigde.

Nieuwe wapenwedloop

Bij een test een jaar geleden vloog de raket volgens een onderminister van Defensie zelfs 27 keer sneller dan het geluid. Daarbij werd een doel geraakt dat zo’n 6000 kilometer verderop lag, op het schiereiland Kamtsjatka.

De ronkende woorden uit Rusland over de Avangard passen in de opgelaaide wapenwedloop tussen de VS en Rusland. In februari zegde de Amerikaanse president Trump een belangrijk verdrag over wapenbeheersing tussen de twee landen op.

Dat zogenoemde INF-verdrag stamde uit de Koude Oorlog. Het werd in 1987 ondertekend in Washington door de Amerikaanse president Reagan en Sovjetleider Gorbatsjov.

Na 31 jaar kwam in augustus definitief een einde aan het INF-verdrag:

Sinds het opzeggen van het verdrag test zowel Rusland als de VS weer geregeld raketten en investeren de landen volop in nieuwe rakettechnologie. Zo is de VS ook bezig hypersonische raketten te ontwikkelen.

Bekijk ook;

Opvarenden van een ​​speciaal pijplegschip werken aan de aanleg van de omstreden Nord Stream 2-gasleiding. Beeld © AFP

Rusland wil aanleg omstreden gasleiding voortzetten

MSN 26.12.2019 Rusland wil dat de bouw van de omstreden Nord Stream 2-gasleiding verder gaat. Daarvoor zegt het land een speciaal schip achter de hand te hebben. Door sancties van Amerika heeft de aanleg al enige vertraging opgelopen.

Pijplegschip

Het Zwitsers-Nederlandse bedrijf Allseas, dat de pijpleiding legde met behulp van twee schepen, schortte het werk op om Amerikaanse sancties te voorkomen. President Vladimir Poetin wil dat door de inzet van het schip de bouw van de leiding kan worden voortgezet.

© Aangeboden door RTL Z

In 2016 kocht de Russische energiereus Gazprom een ​​speciaal pijplegschip genaamd Academic Cherskiy dat als laatste redmiddel kon worden gebruikt als Europese bedrijven stopten met werken aan Nord Stream 2.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Amerika is tegen de aanleg van de gasleiding. Het land vreest dat Europa daardoor te afhankelijk wordt van Russisch gas.

Het Nederlands-Zwitserse bedrijf Allseas, dat de pijpleiding legde met behulp van de schepen Pioneering Spirit en Solitaire, schortte het werk daarop op om Amerikaanse maatregelen te voorkomen.

Lees ook: Nederlands bedrijf stopt werk aan omstreden gaspijpleiding na dreiging sancties

 

Nieuwe gasdeal met Oekraïne is een overwinning voor Moskou

Trouw 24.12.2019 Moskou en Kiev hebben op de valreep een deal gesloten over het transport van Russisch gas door Oekraïne naar Europa. Ondanks een ogenschijnlijk compromis, trekt Rusland op meerdere fronten aan het langste eind.

De timing van de gasdeal tussen Oekraïne en Rusland had voor Moskou niet beter gekund. Vlak voor de aankondiging van de overeenkomst kondigden de Verenigde Staten sancties af tegen aannemers die betrokken zijn bij de aanleg van de Nord Stream 2-pijpleiding.

Hierdoor loopt deze nieuwe gasleiding, die Russisch gas via de Oostzee zonder tussenkomst van Oekraïne direct naar Europa moet vervoeren, vertraging op tot de tweede helft van 2020.

Tegelijkertijd liep de bestaande gasdeal van beide landen per 1 januari af. Om te voorkomen dat de export van gas naar Europa vrijwel stil zou vallen, was Moskou er veel aan gelegen om voor het einde van het jaar een nieuwe overeenkomst met Kiev te sluiten.

Oekraïne wilde op zijn beurt uitkomen op een langdurig contract, zodat het zich ook de komende jaren verzekerd weet van inkomsten voor de doorvoer van Russisch gas.

De deal die onlangs werd gesloten, heeft op eerste gezicht veel weg van een compromis. Het Russische gasbedrijf Gazprom stuurde oorspronkelijk aan op een overeenkomst voor de korte termijn om de periode tot voltooiing van het Nord Stream 2-project te overbruggen.

Daarna zou het bedrijf de vrije hand hebben om gas direct naar Europa te transporteren zonder tussenkomst van Kiev. Daar zag Oekraïne geen heil in. De regering in Kiev wilde het liefst een deal van tien jaar met een jaarlijkse doorvoer van 65 miljard kubieke meter gas.

Gazprom weet zich verzekerd van gasleveranties aan Europa

De uiteindelijke overeenkomst is vijf jaar geldig. In 2020 zal Moskou nog 65 miljard kubieke meter gas door Oekraïense leidingen transporteren, maar in de jaren daarna wordt de hoeveelheid teruggeschroefd naar 40 miljard kubieke meter.

Daarmee lijkt Moskou aan het langste eind te trekken. Gazprom weet zich verzekerd van gasleveranties aan Europa terwijl Nord Stream 2 wordt afgebouwd en kan daarna de kraan iets dichtdraaien om deze op den duur naar eigen goeddunken verder af te sluiten.

Een ander belangrijk punt van de deal is de afwikkeling van diverse juridische geschillen tussen de twee landen. Volgens het akkoord betaalt Rusland eenmalig drie miljard dollar aan Oekraïne naar aanleiding van een conflict over de hoeveelheid gas die Moskou in de afgelopen jaren aan Kiev leverde.

Ondanks de fikse som die Gazprom aan de Oekraïense evenknie Naftogaz moet betalen, staat daar tegenover dat Kiev de overige miljardenclaims laat vallen. Daarmee trekt Moskou ook in de juridische strijd aan het langste eind.

Lees ook:
Waarom de VS de aanleg van de Nord Stream 2-gaspijp willen voorkomen

Amerika probeert met sancties de aanleg van Nord Stream 2 te verhinderen. Dat is rijkelijk laat: de gaspijpleiding is bijna af.

MEER OVER; MOSKOU ECONOMIE, BUSINESS EN FINANCIËN OEKRAÏNE EUROPA KIEV ECONOMISCHE SECTOR GAZPROM ENERGIE EN HULPBRONNEN JARRON KAMPHORST

Blok wil ‘steeds assertiever’ Moskou temmen met Ruslandstrategie

Elsevier 23.12.2019 Nederland moet druk blijven zetten op Rusland, dat steeds ‘assertiever’ wordt. Dat schrijft minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok (VVD) in een brief aan de Tweede Kamer, waarin staat dat het kabinet een ‘koersvast en realistisch Ruslandbeleid’ moet blijven voeren. Sinds vijf jaar geleden de Krim werd bezet en vlucht MH17 uit de lucht werd geschoten, waarbij Moskou nog altijd elke betrokkenheid ontkent, zijn Nederland en veel andere westerse landen de koers van president Vladimir Poetin steeds meer gaan wantrouwen. Wat wil Nederland?

‘Rusland is de afgelopen jaren doorgegaan op de ingeslagen weg van confrontatie met westerse mogendheden,’ schrijft Blok in de brief, die hij stuurt op verzoek van Kamerleden Kees Verhoeven (D66) en Chris Stoffer (SGP). Namens de gehele Tweede Kamer hadden zij de minister gevraagd met een Rusland-strategie te komen, in navolging van zijn China-strategie van begin oktober.

Het Nederlandse Ruslandbeleid: koersvast en realistisch. Druk uitoefenen als het moet, en selectief samenwerken in het Nederlands belang.

Lees hier meer: https://t.co/eVC8TdKNkA

 © ANP Foto pic.twitter.com/AwrIdUOrFG

Net als de Chinezen vormen ook de Russen voor het kabinet en voor veel coalitie- en oppositiepartijen een bron van zorg, bijvoorbeeld wat betreft veiligheid en mensenrechten. ‘We kunnen niet naïef zijn over onze veiligheid en we moeten pal staan voor onze waarden,’ schrijft Blok. Dat doet Nederland volgens de minister door te investeren in defensie, cyberveiligheid. Ook ‘laten we ons horen als de mensenrechten onder druk staan,’ zegt de minister.

Sinds MH17 leven Nederland en Rusland op gespannen voet

De relatie tussen Nederland en Rusland kwam op scherp te staan nadat op 17 juli 2014 vlucht MH17 uit de lucht werd geschoten boven Hrabove in Oost-Oekraïne, waarbij de 298 inzittenden omkwamen, onder wie 196 Nederlanders. Nederland en de andere landen uit het onderzoeksteam JIT (Joint Investigation Team) geloven dat Rusland daarvoor verantwoordelijk is, maar de Russische regering in Moskou ontkent elke betrokkenheid.

Lees ook het commentaar van Eric Vrijsen terug: Moskou zwijgt, maar net rond MH17-verdachten sluit zich

In juni maakte het Openbaar Ministerie bekend drie Russen en één Oekraïner te vervolgen voor de ramp, maar mede door gebrekkige Russische medewerking lijkt de kans klein dat de verdachten ooit voor de rechter zullen verschijnen. Vooral bij de Oekraïner Vladimir Tsemach, die ten tijde van de ramp de leiding had over de luchtafweer in Oost-Oekraïne, lijkt dat uitgesloten omdat Rusland hem heeft laten terugkeren naar Oost-Oekraïne.

Dat frustreert Blok, maar om het recht te doen zegevieren, is het volgens hem toch noodzakelijk dat Nederland aandacht voor de vervolging van de daders blijft vragen. ‘Voor ons staat in de verhouding met Rusland MH17 bovenaan. Altijd,’ zegt Blok maandag in gesprek met De Telegraaf. ‘Het is ook nodig dat Nederland hier steeds de leiding blijft nemen. Bij elke gelegenheid waar we internationaal optreden, stellen we het aan de orde.’

‘Desinformatie’ om verkiezingen te beïnvloeden? Bewijs is er niet

In zijn brief aan de Tweede Kamer haalt Blok ook het onderwerp ‘desinformatie’ aan. Rusland zou bewust onjuistheden verspreiden, onder meer over de MH17-ramp, om twijfel te zaaien over de Russische betrokkenheid.

De minister verwijst naar een brief die de – tijdelijk teruggetreden – minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren in oktober aan de Kamer stuurde. Online verspreide desinformatie zou zijn bedoeld om verkiezingsuitslagen te manipuleren, zoals bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 zou zijn gebeurd.

Uit een onderzoek van de Universiteit van Amsterdam waarvoor Ollongren opdracht gaf, blijkt echter dat ‘geen Nederlandstalige buitenlandse desinformatiecampagne of nep-actiegroepen gevonden (…) rond Provinciale Staten- en Europese parlementsverkiezingen van 2019’.

Ook onderzocht NRC vorig jaar de invloed van Russische ‘trollen’ die via berichten op Twitter op grote schaal nepnieuws zouden verspreiden in Nederland. Uiteindelijk vond de krant minstens 940 Nederlandstalige tweets die in 2016 en 2017 waren verstuurd en waarmee anonieme accounts afkomstig uit de Russische stad Sint-Petersburg een ‘anti-islamsentiment’ zouden hebben geprobeerd aan te wakkeren. Bewijs dat het Kremlin hierbij was betrokken, had het avondblad overigens niet.

Serieuzer van aard is de poging, in april vorig jaar, van de Russische geheime dienst GROe om de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag te hacken. Spionnen probeerden zo geheime informatie over de affaire rond de in het Britse Salisbury vergiftigde dubbelspion Sergej Skripal te verkrijgen. De Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) maakte in oktober 2018 bekend dat deze poging was mislukt, mede door een aantal elementaire fouten van de kant van de Russische spionnen.

Lees ook het commentaar van Eric Vrijsen terug: Russische spionnen leverden broddelwerk

Ondanks het mislukken van de hackpoging is het kabinet daardoor nog meer op zijn hoede, schrijft Blok. ‘De cyberoperatie tegen de OPCW hier op Nederlandse bodem vorig jaar, maar ook de aanslag op de voormalige Russische dubbelspion Skripal bij onze Britse buren, drukken ons met de neus op de feiten.’

Diplomatieke rel na vergiftiging Skripal

Met Skripal is direct een van de grootste internationale diplomatieke rellen met Rusland van de laatste jaren genoemd. De Verenigde Staten en de meeste EU-landen hielden Moskou verantwoordelijk voor een aanval met zenuwgas op 4 maart in het Engelse Salisbury. Daardoor belandden de Russische dubbelspion en zijn dochter Julia in het ziekenhuis.

Ruim twintig landen, waaronder de Verenigde Staten, Australië, Canada, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk, Italië en ook Nederland, zetten als reactie op de vergiftiging van Skripal zo’n 150 Russische diplomaten uit. Rusland betaalde met gelijke munt terug door evenzoveel staatsambtenaren uit die landen uit te wijzen. In die periode werd ook wel gesproken van een mogelijke nieuwe Koude Oorlog, onder anderen door secretaris-generaal Antonio Guterres van de Verenigde Naties.

Lees ook deze blog van Bram Boxhoorn: Praat met Rusland, zonder te zwijgen over MH17 en Krim

De diplomatieke rel kwam allerminst uit het niets. In juli 2014 stelde de Europese Unie sancties in tegen Rusland, waardoor zakendoen met ondernemers uit dat land moeilijker is geworden. Deze sancties werden opgelegd omdat Rusland in het voorjaar van dat jaar het Oekraïense schiereiland de Krim bezette.

Sindsdien vechten Oekraïne en pro-Russische rebellen die zich van het land willen afscheiden een oorlog uit in de Oost-Oekraïense regio Donbas. Hoewel de Russische president Poetin en de Oekraïense president Volodomir Zelensky begin deze maand met elkaar in gesprek gingen, lijkt het einde van de strijd nog niet aanstaande.

Blok wil doorgaan met sancties tegen Rusland: ‘Er is altijd een reden’

De sancties die zowel de EU als de Verenigde Staten de afgelopen jaren hebben ingesteld, lijken Rusland niet op andere gedachten te hebben gebracht. ‘Zolang er geen ander gedrag is van Rusland zullen we die sancties voortzetten,’ antwoordt Blok op een vraag van De Telegraaf  hoe zinvol de strafmaatregelen zijn. ‘Er is altijd een reden voor die sancties.

Zolang die reden geldt, gelden wat mij betreft ook de sancties.’ Sterker nog: in een toespraak kondigde Blok twee weken geleden een nieuw EU-mechanisme aan om sancties te kunnen opleggen aan ‘mensenrechtenschenders waar dan ook ter wereld’, en dus ook aan Rusland.

Dat is hard nodig, vindt het kabinet. In de brief van Blok is een uitgebreide passage opgenomen over mensenrechten. ‘De ruimte voor onafhankelijke NGO’s om in Rusland te werken is de afgelopen jaren gekrompen,’ schrijft de minister.

Nederland zal Russische non-gouvernementele organisaties in Rusland blijven steunen, en Nederlandse diplomaten zullen ‘indien nodig als waarnemer aanwezig zijn bij rechtszaken’. De VVD-minister noemt als voorbeelden van geschonden rechten in Rusland de vervolging van lhbti’s (lesbiennes, homo’s, biseksuelen, transgenders en interseksuelen) in Tsjetsjenië, godsdienstvrijheid en vrijheid van meningsuiting voor de oppositie.

Rusland op het wereldtoneel: steun aan Assad, militaire investeringen

Ook op het wereldtoneel zijn de Russische inspanningen zorgwekkend, vindt Blok. ‘In Syrië schaarde Rusland zich sinds 2015 achter het regime van Assad door op grote schaal militaire middelen in te zetten, inclusief tegen de Syrische burgerbevolking,’ wijst de minister op de rol van het regime van president Poetin in de Syrische burgeroorlog.

‘Mede daardoor heeft president Assad in militair opzicht het initiatief naar zich toe kunnen trekken.’ Ruslands steun aan de socialistische dictator Nicolas Maduro in Venezuela is voor het kabinet evenmin een goed teken. Nederland steunt net als de rest van de EU en de Verenigde Staten oppositieleider Juan Guaidó, die zich uitriep tot president. Na een golf van protesten onder de Venezolaanse bevolking in het voorjaar, lijkt Maduro mede door Russische steun de macht weer steviger in handen te hebben gekregen.

Dichter bij huis ziet Blok grote Russische investeringen in ‘militaire capaciteiten en afschrikking’, wat vooral in het Europese deel van Rusland heeft geleid tot een grotere en sterkere Russische krijgsmacht.

De minister wijst onder meer op de ontwikkeling van een ‘nieuw grondgelanceerd kruisvluchtwapen (dat ook met een nucleaire lading kan worden uitgerust), hetgeen leidde tot het einde van het INF-verdrag’. In combinatie met de retoriek van Poetin, volgens de minister ‘borstklopperij (…), heel dreigend’, is het extra belangrijk dat Nederland en andere NAVO-leden hun defensie-uitgaven opschroeven.

Witte Huis zet Europa onder druk om afstand te nemen van Rusland

De minister volgt daarin de lijn van de Amerikaanse ambassadeur in Nederland, Pete Hoekstra. Laatstgenoemde vraagt het kabinet voortdurend – zo ook op Het Grote Defensiedebat van Elsevier Weekblad in oktober – om meer geld uit te geven aan militaire middelen, deels om zich zo nodig tegen Rusland te kunnen verweren.

Meer over dit onderwerp: Russische gaspijp splijt het Westen en Poetin profiteert

Ook in economisch opzicht wil het Witte Huis de Russen treffen. Vrijdag ondertekende president Donald Trump, die Moskou al meermaals sancties oplegde, een wet om Europese bedrijven sancties op te leggen die meewerken aan de aanleg van de Russische gaspijplijn Nord Stream 2.

Washington is van mening dat Europa zich te afhankelijk maakt van Rusland als het op grote schaal Russisch gas importeert. Blok is het met Trump en Hoekstra oneens: ‘Het kan niet zo zijn dat een ander land ons vertelt waar wij onze energie vandaan hebben,’ zegt hij tegen De Telegraaf. Daarnaast vindt hij dat niet westerse landen niet te hard moeten zijn: ‘Waar Rusland over de schreef gaat, moeten we maatregelen nemen, zoals sancties; maar daarnaast wil ik ook een normale relatie.’

Kabinet wil normale relatie: ‘Rusland is méér dan het Kremlin’

Die relatie is volgens het kabinet nodig omdat Rusland een buurland is van de EU ‘en een geostrategische speler met wie Nederland een eeuwenlange geschiedenis’ en ‘aanzienlijke economische, maatschappelijke en culturele banden’ deelt.

Minister Stef Blok;

‘We delen belangen in het bestrijden van terrorisme, georganiseerde misdaad en proliferatie van kernwapens, maar ook het tegengaan van klimaatverandering. Als we niet in gesprek blijven, kunnen we ook niet voor onze belangen opkomen. Open lijnen met de Russen zijn bijvoorbeeld nodig om militaire ongelukken en een nieuwe wapenwedloop te voorkomen. (…)

Rusland is méér dan het Kremlin. Daarom is het belangrijk niet alleen met machthebbers in Moskou te spreken, maar ook met andere groepen in de samenleving.’

Gerelateerde artikelen;

Ruslandstrategie van Blok: we blijven in gesprek met ‘assertief’ Rusland

NOS 23.12.2019 Rusland probeert waar mogelijk EU-lidstaten tegen elkaar uit te spelen, keert zich steeds verder af van de internationale rechtsorde en treedt steeds repressiever op tegen bedreigingen voor de gevestigde orde. Dat schrijft minister Blok van Buitenlandse Zaken aan de Tweede Kamer.

De minister wijst erop dat Rusland doelbewust desinformatie verspreidt en spioneert. “Rusland beschikt over een offensief cyberprogramma.” Hij noemt als voorbeelden desinformatie over MH17 en de poging om de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag te hacken.

“Het strategische belang van de Nederlandse politiek en rechtspraak is voor Rusland sterk toegenomen sinds het besluit van Nederland en Australië om Rusland aansprakelijk te stellen voor zijn aandeel in het neerhalen van vlucht MH17”, schrijft Blok. Dat aansprakelijk stellen gebeurde vorig jaar.

Nucleaire strijdkrachten

Maar de dreiging is niet alleen digitaal. “Rusland is de afgelopen jaren voortgegaan met op grote schaal te investeren in militaire capaciteiten en afschrikking”, schrijft Blok. Met name in het Europese deel van Rusland zijn de Russische conventionele en nucleaire strijdkrachten daardoor, zowel kwantitatief als kwalitatief, sterk verbeterd.”

De Russische “assertiviteit” leidt er volgens Blok toe dat de veiligheidssituatie van de Europese Unie minder voorspelbaar, minder stabiel en minder veilig is geworden.

Ook de situatie in Rusland zelf baart Blok zorgen. De staat heeft volgens hem de greep op de politiek, media en maatschappij verder verstevigd. “Daardoor is de mensenrechtensituatie de afgelopen jaren, ook op de bezette Krim, verslechterd.”

Belangrijke geostrategische speler

Ondanks alles pleit de minister ervoor om in gesprek te blijven met Rusland en om vooral op economische gebied te blijven samenwerken. Beide landen zijn belangrijke handelspartners van elkaar.

“Als Rusland onze (veiligheids)grenzen overschrijdt, zal Nederland, zoveel mogelijk in internationaal verband, stelling nemen en op gepaste wijze optreden”, concludeert Blok. “Tegelijkertijd is Rusland een belangrijke geostrategische speler op het Europese continent. Daarom is het cruciaal met Rusland in gesprek te blijven.”

De brief is een reactie op een motie van de D66-Kamerlid Verhoeven en Stoffer van de SGP, die door de hele Kamer werd gesteund. De twee Kamerleden hadden om een Ruslandstrategie gevraagd. Eerder dit jaar kwam het kabinet ook al met een Chinastrategie.

Daarop kwam flinke kritiek vanuit de Kamer, zegt politiek verslaggever Wilco Boom, omdat daarin beperkt aandacht werd besteed aan de mensenrechtensituatie in het land. “Maar deze Ruslandstrategie lijkt aanmerkelijk kritischer, dus zal waarschijnlijk beter in de smaak vallen”, zegt Boom.

“De Russen willen met iedereen praten. De vraag is wat de resultaten zijn van die gesprekken”, aldus Correspondent David-Jan Godfroid.

Dat de minister benadrukt in gesprek te willen blijven met de Russen begrijpt hij wel. “Want hij weet dat Nederland te klein is om in zijn eentje veel te kunnen doen.”

Correspondent David-Jan Godfroid beaamt dat. “Nederland doet er in het geopolitieke machtsspel niet veel toe in Rusland. Alleen MH17 is in het land politiek gezien een graat in de keel”, zegt hij.

Toch denkt hij dat Rusland wel bereid is om de tafel te gaan met Blok. “De Russen willen namelijk met iedereen praten. Dat doen ze ook voortdurend. De vraag is wat de resultaten zijn van die besprekingen. Nederland heeft bijvoorbeeld een keer gesproken met de Russen over de aansprakelijkheidsstelling rond MH17. Niemand weet of er daarna meerdere gesprekken zijn gevoerd en of het iets heeft opgeleverd.”

Bekijk ook;

Blok over bewogen jaar: van ‘ideale flexkracht van kabinet’ naar ‘die man moet weg’

Nederland koersvast richting Rusland

RO 23.12.2019 Het kabinet kiest voor een koersvast en realistisch Ruslandbeleid. De afgelopen vijf jaar is de relatie met Rusland complex gebleven. Nederland ziet daarom geen reden om de huidige houding tegenover Rusland, die te karakteriseren valt als een combinatie van druk en selectieve samenwerking, ingrijpend te wijzigen. Dat schrijft minister Blok van Buitenlandse Zaken in een brief aan de Kamer, waarin hij reflecteert op het Nederlandse Ruslandbeleid.

Rusland is de afgelopen jaren doorgegaan op de ingeslagen weg van confrontatie met Westerse mogendheden. Dat leidt tot zorgen over veiligheid in veel Europese landen, waaronder Nederland.

Die zorgen zijn er ook over de aantasting van de mensenrechten in Rusland. ‘De cyberoperatie tegen de OPCW hier op Nederlandse bodem vorig jaar, maar ook de aanslag op de voormalige Russische dubbelspion Skripal bij onze Britse buren, drukken ons met de neus op de feiten’, aldus Blok.

‘We kunnen niet naïef zijn over onze veiligheid en we moeten pal staan voor onze waarden. Daarom investeren we in de Nederlandse defensie, in onze cyberveiligheid en laten we ons horen als de mensenrechten onder druk staan.’

Het kabinet hecht aan samenwerking met partners vis-a-vis Rusland. Het belang van die internationale samenwerking blijkt ook uit de internationale steun die Nederland en de andere landen van het Joint Investigation Team krijgen voor de inzet voor gerechtigheid na het neerhalen van vlucht MH17.

Rusland is een buurland van de EU en een geostrategische speler met wie Nederland een eeuwenlange geschiedenis deelt. Ook hebben onze landen aanzienlijke economische, maatschappelijke en culturele banden.

Daarom vindt het kabinet het belangrijk de kanalen open te houden. ‘We delen belangen in het bestrijden van terrorisme, georganiseerde misdaad en proliferatie van kernwapens, maar ook het tegengaan van klimaatverandering.

Als we niet in gesprek blijven, kunnen we ook niet voor onze belangen opkomen. Open lijnen met de Russen zijn bijvoorbeeld nodig om militaire ongelukken en een nieuwe wapenwedloop te voorkomen’, aldus minister Blok.

De minister stelt ten slotte: ‘Rusland is méér dan het Kremlin. Daarom is het belangrijk niet alleen met machthebbers in Moskou te spreken, maar ook met andere groepen in de samenleving’. Waar mogelijk geeft het kabinet de maatschappelijke dialoog tussen Nederlanders en Russen steun in de rug.

Minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken naast zijn Russische ambtgenoot Sergej Lavrov, bij een persconferentie in Moskou vorig jaar.

Minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken naast zijn Russische ambtgenoot Sergej Lavrov, bij een persconferentie in Moskou vorig jaar. Foto EPA/MAXIM SHIPENKOV

‘Dialoog met Rusland is enorm verschraald’

NRC 23.12.2019 Ruslandstrategie – Minister Blok bepleit een voortzetting van de strenge koers jegens Moskou. Onder ambtenaren en zakenmensen klinkt kritiek op dit beleid. „Nederland ziet dialoog als beloning.”

„Helderheid” over de relatie met Rusland en een „toekomstgerichte” strategie, dat is waar de Tweede Kamer precies een jaar geleden per motie op aandrong bij minister Blok (Buitenlandse Zaken, VVD). Met zijn zondagavond gepubliceerde ‘Ruslandstrategie’ gaf Blok gehoor aan dat verzoek. Zijn boodschap: het „realistische” beleid van „druk en dialoog” dat Nederland sinds 2015 voert blijft onveranderd.

Bloks inspanningen zijn er vooral op gericht om ‘MH17’ bovenaan de agenda te houden, zo liet hij maandag weten aan De Telegraaf. Zowel bij de Russen als in internationaal verband, waar de politieke steun voor een harde lijn ondanks aanhoudende sancties lijkt af te brokkelen.

De vraag is hoeveel vruchten de Nederlandse druk tot nog toe heeft afgeworpen. Ondanks veel bewijs ontkent Moskou nog altijd iets met MH17 te maken te hebben en weigert het medewerking aan het MH17-onderzoek. „Vliegtuig? Wat voor vliegtuig? Ik begrijp er niets van”, reageerde president Vladimir Poetin vorig jaar gevraagd naar een reactie op onderzoeksresultaten van het Joint Investigation Team (JIT).

Onlangs liet Moskou de bij een Russisch-Oekraïense gevangenenruil vrijgekomen MH17-verdachte Volodymyr Tsemach ontkomen naar de Donbas. In maart 2020 begint bij de rechtbank op Schiphol het MH17-proces, waarbij zijn getuigenis van groot belang zou zijn geweest.

Ook internationaal lijken politieke druk en harde woorden weinig uit te halen. Met een keur aan acties – van militaire interventies in Oekraïne en Syrië tot het Olympische dopingschandaal en de hack vorig jaar bij de OPCW in Den Haag – toont Moskou dat het vooralsnog geen millimeter toegeeft.

Ondanks de vastberaden woorden klinkt in Den Haag dan ook kritiek op het Nederlandse Ruslandbeleid. De indruk bestaat zelfs dat de minister het gesprek met Moskou liever uit de weg gaat.

„De dialoog met Rusland is de laatste jaren enorm verschraald, dat komt omdat Nederland dialoog ziet als beloning”, aldus de reactie van een Haagse betrokkene, die niet met naam genoemd wil worden. „Je kunt veel creatiever invulling geven aan de relatie met Rusland dan Nederland nu doet”.

Ook het Europese optreden krijgt kritiek. „Er is op dit moment geen EU-Rusland-dialoog. Europa moet harder nadenken over de relatie met Rusland”, zei de eerder dit jaar uit Moskou vertrokken ambassadeur Renée Jones-Bos op een internationale ambassadeursbijeenkomst in Brussel.

Kleinste schouders

Ook het Nederlandse bedrijfsleven ziet gebrek aan politieke wil en interesse tot samenwerking met Rusland, buiten de politieke pijnpunten om. „Het is een feit dat Nederland de sanctieregels strenger uitlegt dan andere landen.

Begrijpelijk, maar het midden- en kleinbedrijf heeft daaronder te lijden, terwijl de Russische gasleveranties aan Nederland juist enorm zijn toegenomen”, zegt ondernemer Jeroen Ketting van zakelijk dienstverlener Lighthouse Group in Moskou. „Je kunt je afvragen of de kleinste schouders die zware last moeten dragen.”

Lees ook: Duitsland in het nauw om aanleg gaspijpleiding

Het is de vraag of de door Blok gewenste harde koers op de langere termijn internationaal nog op veel steun kan rekenen. Vooral de Franse president Emmanuel Macron heeft zich de afgelopen maanden, onder andere in NAVO-verband, opgeworpen als pleitbezorger van dialoog met Rusland.

Door hem geïnitieerde vredesgesprekken tussen Rusland en Oekraïne, eerder deze maand, liepen op weinig uit. En ook Duitsland vaart met de omstreden Nord Stream-gasdeals een eigen koers die tot verdeling leidt tussen Oost-en West-Europa.

Lees ook dit onderzoeksverhaal over de Russische ambassade in Den Haag als zenuwcentrum voor spionage

Lees ook deze artikelen;

Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken): „Zolang er geen ander gedrag is van Rusland zullen we de sancties voortzetten. Daar moet je standvastig in zijn.” Ⓒ ERAN OPPENHEIMER

Minister Stef Blok: ’MH17 staat altijd bovenaan’

Telegraaf 23.12.2019 Nederland gaat niets veranderen aan zijn houding tegenover Rusland. Dat is opvallend, in een Europa waar immers stemmen opgaan voor een meer ontspannen band met Moskou. „In Europa lijken hier en daar wat openingen te ontstaan”, zegt minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken). „Wij drukken de andere kant op.”

Redenen genoeg waarom Nederland druk blijft zetten op Rusland, zo meldt Blok in de ’Ruslandbrief’ die maandag naar de Tweede Kamer gaat. Aan het gedrag van Rusland is niks verbeterd, stelt Blok. Al in 2015 kon het kabinet vaststellen dat de relaties met Rusland over de hele linie moeilijker waren geworden.

Rusland voerde oorlog in Oost-Oekraïne, nam de Krim in en had de hand in de aanslag op het burgervliegtuig MH17. Nog altijd ontkent Moskou zijn rol bij die aanslag, zaait het twijfel over het onderzoek en werkt het gerechtigheid tegen.

Er waren politieke moorden op Brits en Duits grondgebied. Er was de heterdaad in Den Haag bij de poging om het netwerk van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) te hacken en de moord op spion Skripal in Engeland te verdoezelen.

De machtspolitiek in de VN, de steun aan de Syrische dictator Assad. Het schenden van het INF-verdrag, waarmee Europa opeens weer beducht moet zijn voor Russische kruisraketten. „Op heel veel vlakken is er eerder een verslechtering. Als je de laatste state of the union hoort van Poetin. De taal die hij uitsloeg, de borstklopperij, het was heel dreigend.”

“De taal die Poetin uitsloeg, de borstklopperij, het was heel dreigend”

Uitgerekend tegen deze achtergrond zoekt de Franse president Macron openlijk toenadering tot Rusland. Zo zag de Fransman in de gevangenenruil met Oekraïne een teken dat Poetin zijn agressieve buitenlandbeleid aan het veranderen was.

Blok weet beter: de onwettig aangehouden Oekraïense marinemannen die Rusland vrijliet, waren makkelijk wisselgeld tegen die Russische gevangenen. Onder hen was immers Vladimir Tsemach, een Oekraïner die tijdens de aanslag op MH17 de leiding had over de luchtafweer in Oost-Oekraïne.

Hij is verdachte in het proces dat in maart begint. Na de ruil heeft Rusland hem niet uitgeleverd, zoals Nederland had gevraagd, maar hem weer laten terugkeren naar Oost-Oekraïne. Daarmee is de kans verkeken dat Tsemach terecht zal staan – Rusland en Oekraïne leveren immers volgens hun eigen grondwetten geen onderdanen uit. Bovendien heeft Oekraïne in het oosten nog altijd weinig te zeggen.

Wat doet dit voor de steun die Nederland zo nodig heeft voor het proces tegen de MH17-verdachten?

„Voor ons staat in de verhouding met Rusland MH17 bovenaan. Altijd. Het is ook nodig dat Nederland hier steeds de leiding blijft nemen. Bij elke gelegenheid waar we internationaal optreden, stellen we het aan de orde. Zolang wij het op de agenda blijven zetten, merk ik dat wij steun krijgen. Zouden we ermee ophouden, dan zouden andere landen denken: dan gaan wij het ook niet doen.”

Sancties blijven toch een lastig instrument. We kunnen wel vaststellen dat ze niet helpen Rusland op andere gedachten te brengen. Hoe lang moet je er nog mee doorgaan?

„Zolang er geen ander gedrag is van Rusland zullen we die sancties voortzetten. Er is altijd een reden voor die sancties. Zolang die reden geldt, gelden wat mij betreft ook de sancties. Daar moet je standvastig in zijn. Je merkt wel steeds twijfel bij andere landen wanneer we sancties verlengen. Gelukkig hebben we de Europese landen afgelopen week toch nog op één lijn gekregen.”

Goed, die sancties zijn verlengd. Maar Rusland trekt zich er niks van aan. Tijd voor iets anders, zou je zeggen.

„Sancties zijn ook niet de enige drukmiddelen. Na de moord op Skripal hebben met we, net als een hoop andere Europese landen, Russische diplomaten uitgewezen. Na de hack bij de OPCW hebben we samen met de Britten gewerkt aan een Europees sanctieregime voor cyberaanvallen. Een doorbraak. Vorige week is daar ook nog een sanctiemechanisme tegen mensenrechtenschendingen bij gekomen.”

Die gevangenis is gebouwd, maar er zitten nog geen gevangenen in. Wie moeten op die sanctielijst?

„We zijn nu bezig daar namen onder te krijgen. Daar hebben we zeker gedachten over, maar het helpt in deze fase niet als ik die namen noem.”

Toch is het niet alleen een vijandsbeeld dat het kabinet schetst in zijn nieuwe Ruslandaanpak.

„Rusland is en blijft een grote buur, een kernwapenstaat. We moeten in gesprek blijven, al is het alleen maar om nucleaire ongelukken te voorkomen. Niet voor niets is Nederland voorstander van overleg tussen de NAVO en Rusland.”

Behalve een niet te negeren machtsfactor is Rusland ook een economische macht waarmee Nederland een stevige handelsrelatie heeft. Ons land is na China en Duitsland de derde handelspartner van Rusland.

Zo’n vierhonderd Nederlandse bedrijven zijn in Rusland gevestigd. Ongeveer drieduizend Nederlandse ondernemingen zijn actief op de Russische markt. De vraag naar Nederlandse technologie voor de Russische landbouw is de afgelopen jaren gestegen.

Dan is er nog Nord Stream 2, de pijplijn die Russisch gas via de Baltische zee en Duitsland naar Europa brengt. Het project, dat de eindfase nadert, wordt deels gefinancierd door het Nederlandse Shell.

BEKIJK OOK: 

Rel om Nord Stream 2 raakt Nederland ook 

De Verenigde Staten, onze machtigste bondgenoot, vinden dat wij ons hiermee uitleveren aan de Russen. Ze dreigen met sancties voor westerse bedrijven die zich met het project inlaten. Wat vindt u daarvan?

„De mening ken ik. Dit is een nationale beslissing waar we zelf over gaan. Nederland moet voor zijn energieleveranties niet afhankelijk zijn van één land. De VS levert ook graag LNG (vloeibaar gemaakt aardgas). Er staat een grote LNG-terminal in Rotterdam. Ze zijn welkom, maar het kan niet zo zijn dat een ander land ons vertelt waar wij onze energie vandaan halen.”

Maar we máken ons toch afhankelijker van Rusland? Het kabinet erkent zelf dat gas een geopolitiek wapen is.

„Daarom staat onze LNG-terminal ook open voor gas uit de VS, uit Algerije en Qatar. Daarom zetten we in Europa in op alternatieve energiebronnen. Bovendien is de Amerikaanse aanname verkeerd. Die gaat uit van de redenering dat het verbreken van handelsrelaties zou helpen de spanningen te verminderen. Juist niet. Waar Rusland over de schreef gaat, moeten we maatregelen nemen, zoals sancties; maar daarnaast wil ik ook een normale relatie.”

Dat is toch dubbel? Zo van: ik vind je gevaarlijk, maar heb je nodig.

„Omdat er grote veiligheidsbelangen spelen, moet je in gesprek blijven. Een land volkomen isoleren, maakt de mogelijkheid van akkoorden sluiten over ontwapening kleiner.”

Het helpt dan wel als die uitnodigende hand ook een vuist kan maken. Waarom voldoet Nederland dan nog steeds niet aan zijn NAVO-verplichtingen?

„We hebben in het regeerakkoord en daarna afspraken gemaakt over verhoging van de defensie-uitgaven en daar houden we ons aan. Het gaat de goede kant op, maar we zijn er inderdaad nog niet. Bij een volgend kabinet moet er nog een schep bovenop.”

Hoe staat het met de steun van de VS voor MH17?

„Die is op dit punt onvoorwaardelijk. Het dwingt ook respect af zoals we ons opstellen: een land van 17 miljoen inwoners dat het toch maar opneemt tegen het grote Rusland. Maar ook hier geldt: als wij er niet meer om zouden vragen, zou het ook bij de VS van de radar verdwijnen.”

BEKIJK MEER VAN; overheid internationale betrekkingen Stef Blok Rusland Nederland Oekraïne Malaysia Airlines-vlucht 17

Blok presenteert ‘nieuwe’ Ruslandstrategie: ‘We blijven selectief verbinding zoeken’

AD 23.12.2019 Het kabinet past de houding richting Rusland niet aan, hoewel het land zich steeds meer afkeert van de internationale wereldorde. Als dat in het Nederlandse belang is, blijft het kabinet ‘selectief’ verbinding zoeken.

Dat schrijft minister Stef Blok aan de Tweede Kamer, die hem unaniem om een Ruslandstrategie had verzocht. Maar van een nieuwe strategie is geen sprake: het beleid van de afgelopen jaren, ‘druk en dialoog’, blijft ook de komende jaren in stand.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Wel zijn er zorgen, vooral over de manier waarop Rusland de lidstaten van de Europese Unie uit elkaar probeert te spelen. In sommige Europese landen, Hongarije bijvoorbeeld, wordt gepleit voor meer ontspanning in de relatie met Europa – iets wat Rusland zelf ook zou willen.

Tegelijkertijd, zo constateert Blok, streeft het land naar ‘een veiligheidsarchitectuur in Europa waarin de rol van de Navo aanzienlijk is verzwakt of is uitgespeeld’.

MH17

De diplomatieke spanning met het land begon met de Russische annexatie van het Oekraïense schiereiland de Krim. Daarna bemoeide Rusland zich actief met de oorlog in het oosten van Oekraïne, waarboven vlucht MH17 werd neergehaald.

‘Waarheidsvinding’ en Rusland ‘aanspreken’ op de verplichting volledig mee te werken aan het strafrechtelijke onderzoek blijven voor Nederland prioriteit ‘ook in de toekomst’.

Rusland verspreidt daarnaast nepnieuws, stelt zich dreigend en intimiderend op tegen de Baltische Staten en Polen en maakt zich schuldig aan spionage. Dat laatste ook op Nederlands grondgebied, getuige de verijdelde Russische hack bij de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag in 2018.

Rusland gebruikte volgens onderzoek een chemisch wapen op Brits grondgebied om de dubbelspion Sergej Skripal uit te schakelen.

Wissel getrokken

Dat alles ‘bemoeilijkt de samenwerking met Rusland’, stelt de VVD-bewindsman, en ‘heeft een wissel getrokken op stabiliteit en veiligheid in Europa’.

Toch is Nederland ‘gebaat bij een economische dialoog met Rusland’, omdat ‘de staat’ voor het grootste deel de Russische economie bepaalt. Tegelijkertijd is de Russische blik als gevolg van de westerse sancties meer gericht op economische samenwerking met Aziatische landen, met name China.

Minister Blok: Rusland blijft het Westen confronteren

NU 23.12.2019 Volgens buitenlandminister Stef Blok is de relatie met Rusland de afgelopen vijf jaar “complex gebleven”. Hij schrijft aan de Tweede Kamer dat Rusland de afgelopen jaren onverminderd is doorgegaan met het opzoeken van confrontaties met “westerse mogendheden”.

“Dat leidt tot zorgen over veiligheid in veel Europese landen, waaronder Nederland”, licht Blok toe. “Die zorgen zijn er ook over de aantasting van de mensenrechten in Rusland.”

Als voorbeeld noemt Blok onder meer de cyberoperatie tegen de in Den Haag gevestigde toezichthouder OPCW van vorig jaar en ook de aanslag op het leven van de voormalige Russische spion Sergei Skripal in het Verenigd Koninkrijk.

“We kunnen niet naïef zijn over onze veiligheid en we moeten pal staan voor onze waarden. Daarom investeren we in de Nederlandse defensie en in onze cyberveiligheid en laten we ons horen als de mensenrechten onder druk staan.”

Kabinet kiest voor ‘druk en selectieve samenwerking’

Volgens Blok zal het kabinet kiezen voor een combinatie van “druk en selectieve samenwerking” als Ruslandbeleid.

Blok schrijft wel in contact te willen blijven met het land, omdat er nog altijd gezamenlijke belangen zijn. “We delen belangen in het bestrijden van terrorisme, georganiseerde misdaad en proliferatie van kernwapens, maar ook het tegengaan van klimaatverandering.”

Strategie uitgewerkt op verzoek van Kamer

De Ruslandstrategie van Bloks ministerie is uitgewerkt op verzoek van de Tweede Kamer. Een motie daarover werd vorig jaar tijdens het debat over de cyberoperatie tegen de OPCW door de hele Kamer gesteund.

In 2015 kwam het toenmalige kabinet ook met een beleidsbrief ten aanzien van Rusland. Destijds werd geschreven dat Rusland zich openlijk leek af te keren van de internationale rechtsorde, mensenrechten en Europese veiligheid.

“De afgelopen jaren heeft deze trend zich doorgezet”, aldus Blok. “Dat leidt tot meer onzekerheid en onvoorspelbaarheid.”

Lees meer over: Rusland Politiek

Nederland kiest voor harde diplomatieke koers richting Rusland

Trouw 23.12.2019 De nieuwe diplomatieke strategie van het kabinet ten opzichte van Rusland laat nauwelijks ruimte voor toenadering. MH17 domineert de relatie, en ook over tal van andere zaken heeft Den Haag klachten.

Het kabinet zet in op een harde diplomatieke koers richting Rusland. Mogelijkheden voor een betere relatie met Moskou zijn er nauwelijks, zo oordeelt minister van buitenlandse zaken Stef Blok in een op verzoek van de Kamer opgestelde Ruslandstrategie.

Deels komt dat door een lijst aan onderwerpen waarover Rusland met meer Westerse landen botst. Het gaat dan om de agressie tegen Oekraïne, de steun aan president Assad in Syrië, aanslagen op naar Europa gevluchte dissidenten en digitale spionage.

Toen Russische spionnen vorig jaar betrapt werden bij een poging de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens in Den Haag te hacken, sloeg Nederland publiekelijk terug door hun namen te noemen en gezichten te tonen.

Nog belangrijker voor Nederland is MH17. In De Telegraaf zei Blok maandag dat dit onderwerp ‘altijd bovenaan’ staat in de Nederlandse verhouding met Rusland. In maart begint het proces tegen een aantal Russische verdachten en het Openbaar Ministerie heeft bij het vervolgonderzoek hoge figuren in het Kremlin in het vizier.

De aandacht voor MH17 betekent dat Nederland op het wereldtoneel diplomatiek krediet inzet om medestanders tegen Rusland te vinden. Den Haag klaagt dat Moskou niet meewerkt aan het strafproces, iets wat volgens een resolutie van de VN-Veiligheidsraad wel moet.

Blok vindt dat hij ook in gesprekken met andere landen telkens over MH17 moet beginnen, zodat die zien hoe belangrijk het voor Nederland is en ze diplomatieke rugdekking blijven geven.

Druk houden op Rusland

Hieruit volgt dat Nederland binnen de Europese Unie een belangrijke plek inneemt in de groep landen die via economische sancties druk op Rusland willen houden. Blok herhaalt dat de strafmaatregelen van kracht moeten blijven zolang Rusland de steun aan strijdgroepen in het oosten van Oekraïne niet staakt.

Er zijn ook landen, zoals Hongarije of Italië, die wel van de sancties af willen om weer ongestoord handel te kunnen drijven met Rusland.

Met de Ruslandstrategie neemt Nederland nadrukkelijk afstand van de Franse president Emmanuel Macron. Die zei in november dat hij samen met Hongarije toenadering tot Rusland probeert te zoeken, omdat het land een belangrijke partner kan zijn in de strijd tegen islamitisch terrorisme.

Begin dit jaar stelde defensie de auto tentoon die Russische spionnen gebruikten bij een poging de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens te hacken. Beeld ANP

Volgens Macron heeft Moskou baat bij een betere relatie met Europa. Niet alleen omdat terrorisme een bedreiging vormt voor Rusland, ook omdat het land door de Europese sancties afhankelijker wordt van China. Door goede banden met Europa te onderhouden, kan Rusland voorkomen dat de opkomende Aziatische grootmacht te veel invloed over hem krijgt.

Nederland gaat niet mee in deze analyse van Macron. De strategie besteedt nauwelijks aandacht aan wat de opkomst van China betekent en beschrijft vooral de onderwerpen waar Nederland met Rusland van mening over verschilt. In gesprekken met Rusland wil het kabinet die punten nog eens herhalen.

Blok erkent dat dialoog in de Navo-Rusland de afgelopen jaren weinig heeft opgeleverd. Deze ontmoetingen komen er vooral op neer dat beide partijen een lijst met klachten over de ander voorlezen. Toch pleit Blok niet voor een andere aanpak.

Het kabinet erkent wel het belang van handel met Rusland, omdat het land een van de belangrijkste handelspartners van Nederland buiten de EU is. Toch wordt deze handelsrelatie niet gebruikt als een aanknopingspunt om ook aan een betere diplomatieke band te werken.

Nederland heeft sinds 2014 geen minister meer op handelsmissie naar Rusland gestuurd en in de nieuwe strategie staat geen voornemen om dat te doen. In gesprekken over handel wil het kabinet ook klagen over oneerlijke handelspraktijken en corruptie in Rusland. Zo blijft de politieke relatie waarschijnlijk nog jaren ijzig.

Lees ook: 

Waarom de VS de aanleg van de Nord Stream 2-gaspijp willen voorkomen

Amerika probeert met sancties de aanleg van de Nord Stream 2 te verhinderen. Dat is rijkelijk laat: de gaspijpleiding is al bijna af.

Macron neemt Trump’s rol van onruststoker bij de Navo over

De Franse president schopt zijn bondgenoten al wekenlang hard tegen de schenen. Daardoor komt er weinig terecht van een hechtere Europese defensiesamenwerking.

Meer over; Rusland politiek internationale betrekkingen Nederland internationale organisaties Marno de Boer

Niet iedereen wordt nerveus van de Amerikaanse gassancties

MSN 23.12.2019 De Amerikaanse president Trump heeft sancties aangekondigd tegen bedrijven die meewerken aan de aanleg van de gaspijpleiding Nord Stream 2 die van Rusland naar Duitsland loopt. Veel bedrijven dreigen te worden getroffen, waaronder het Nederlands-Zwitserse offshoreconcern Allseas van de Nederlander Edward Heerema.

Dat heeft inmiddels zijn werkzaamheden voor Nord Stream 2 gestaakt. Ook olieconcern Shell en baggeraars Van Oord en Boskalis zijn bij het project betrokken. Acht vragen over de sancties en de gevolgen.

  1. Wat wil president Trump bereiken met de sancties?

Trump dreigt al langer met sancties tegen de Europese deelnemers aan het omstreden Nord Stream-project. Volgens de Amerikaanse president maakt Europa zich met de intensieve gasimport tot „gijzelaar” van Rusland. „Wij beschermen Duitsland, Frankrijk en al deze landen, en dan sluiten enkele landen een pijpleidingdeal met Rusland en betalen zo miljarden aan de Russische schatkist.”

Maar de president houdt ook de eigen handelsbelangen goed voor ogen, waarbij het de vraag is hoe realistisch die zijn. Trump ziet graag dat Amerikaanse gasbedrijven meer vloeibaar aardgas (lng) gaan afzetten in Europa, iets waar Rusland voor dekomende jaren ook op inzet. Vooralsnog ligt het zwaartepunt van de Amerikaanse lng-export echter in Zuid-Amerika en Azië, waar bedrijven meer gas goedkoper kunnen afzetten. De details van de sancties moeten nog bekend worden.

  1. Waarom ligt Nord Stream 2 zo gevoelig?

De pijpleidingen (Nord Stream 2 is een aanvulling op een eerdere, parallelle Nord Stream-pijp) zorgen al jaren voor verdeeldheid binnen Europa. Tegenstanders in vooral Oost-Europa beschouwen het als een geopolitiek instrument waarmee Rusland Oost-Europese landen politiek en financieel kan afknijpen.

Nu moet Rusland nog veel gas exporteren via de pijplijn die door Oekraïne loopt. Voorstanders zien in de naar schatting 10 miljard euro kostende pijp liever een commercieel project, dat op termijn kan voorzien in een kwart van de Europese gasvraag en een schoner alternatief biedt voor vervuilende steenkool.

  1. Hoe reageert Rusland op de sancties?

„Dergelijke stappen zullen niet zonder gepaste reactie blijven”, zei Kremlin-woordvoerder Dmitri Peskov maandag. Hij wilde niet zeggen welke maatregelen Moskou overweegt. De Russische Buitenlandminister Sergej Lavrov zei dat na invoering van de sancties „geen enkel land ter wereld nog zal twijfelen aan de onbetrouwbaarheid van de VS als partner”.

  1. Kan dit gevolgen hebben voor de Nederlandse gasvoorziening?

Nederland is al ruim anderhalf jaar geen (netto)exporteur meer van aardgas. Door de aardbevingsproblemen in Groningen loopt de binnenlandse productie snel terug. In 2022 wordt de Groningse productie mogelijk al beëindigd. Dan is Nederland nog niet helemaal afhankelijk van buitenlands gas.

Op dit moment komt de helft van de Nederlandse gasproductie van de zogeheten kleine velden, die deels in de Noordzee liggen. Maar ook de productie van die kleine gasvelden neemt af, vooral omdat veel velden geleidelijk uitgeput raken.

Al met al wordt de import van aardgas elk jaar belangrijker. Vorig jaar werd voor zo’n 38 miljard kubieke meter gas gebruikt, en naar schatting zo’n 5 miljard daarvan kwam uit Rusland. Die Russische import neemt zonder meer toe, is de verwachting van experts.

Toch lijkt niemand nog nerveus. Eventuele vertraging bij Nord Stream 2 zal niet snel tot problemen in Nederland leiden. Van prijsstijgingen is geen sprake. Integendeel, door een deal vorige week tussen Rusland en Oekraïne over de doorvoer van Russisch gas, dalen de prijzen juist. Gas via Nord Stream 1 is door de nieuwe afspraken voor in elk geval vijf jaar verzekerd.

  1. Heeft Nederland een alternatief voor Russisch gas?

Naast Rusland is ook Noorwegen een grote gasexporteur in Europa, maar qua productie zit dat land aan zijn maximum. De import van vloeibaar gas, lng, zou een beter alternatief kunnen zijn voor Russisch gas. Lng kan met tankers uit het Midden-Oosten, zoals uit Qatar, komen, en ook de Verenigde Staten – een grote producent van schaliegas – exporteren lng.

Nadeel van lng is dat het duurder is dan Russisch en Noors aardgas dat – niet vloeibaar – via pijpleidingen Nederland binnenkomt. De beschikbaarheid van lng zorgt er in elk geval voor dat Rusland de prijs van aardgas de komende jaren niet onbeperkt kan verhogen.

  1. Hoe reageert Shell op de perikelen bij Nord Stream 2?

Shell behoort met vier andere westerse concerns tot de medefinanciers van de pijpleiding. Het olie- en gasconcern heeft een lening uitstaan van 285 miljoen dollar. Verder voorziet Shell het project van 665 miljoen dollar via een combinatie van leningen en garanties.

Het bedrijf zegt in een reactie de Amerikaanse sancties te betreuren. De pijpleiding is volgens Shell „een belangrijk project”, omdat de gasproductie in Europa afneemt. Het bedrijf bekijkt momenteel de implicaties van de Amerikaanse maatregelen. Het concern is een van de belangrijkste afnemers van Amerikaans vloeibaar gas.

  1. Wat zijn de gevolgen voor andere Nederlandse bedrijven?

Drie Nederlandse bedrijven bouwen mee aan Nord Stream 2. Het Delftse Allseas van Edward Heerema, statutair gevestigd in Zwitserland, en baggeraars Van Oord uit Rotterdam en Boskalis uit Papendrecht.

Halverwege 2017 tekenden de baggeraars een contract voor ongeveer 250 miljoen euro. Voor dat geld zouden ze met valpijpschepen en grind de zeebodem onder de pijpleiding effenen. Overheidskredietverzekeraar Atradius DSB was bereid om de klus te dekken, maar de bedrijven zetten de kredietaanvraag niet door. De aangekondigde sancties zijn niet direct gericht tegen deze werkzaamheden, laat een woordvoerder van Van Oord weten.

Allseas wordt wel direct getroffen. Een woordvoerder laat weten dat het offshorebedrijf de werkschepen inmiddels heeft weggehaald. De sancties komen niet onverwacht. „Sinds het moment dat dit traject is gaan lopen, zijn we met de klant in gesprek over deze situatie.”

Over wat het stoppen Allseas gaat kosten, wil de woordvoerder niks zeggen. „Maar de sancties hebben veel meer gevolgen dan alleen dit werk. Als ons personeel de VS niet meer in en uit mag en wij niet meer voor Amerikaanse bedrijven kunnen werken, zoals voor ExxonMobil, dan heeft dat heel veel impact.”

  1. Wat deed Allseas daar precies?

Allseas had de klus gekregen om twee parallelle gaspijpleidingen in de Oostzee te leggen over een lengte van 1.200 kilometer. Het bedrijf had daartoe twee van z’n grootste schepen naar de Oostzee gevaren.

Dat waren de Pioneering Spirit, met 382 meter lengte en 571 opvarenden het grootste schip ter wereld in zijn soort, en de Solitaire, dat dit record had tot de oplevering van de Pioneering Spirit in 2014. In de Duitse territoriale wateren heeft Allseas leidingen gelegd met het schip Audacia.

De sancties zijn specifiek gericht tegen het werk van Allseas. De woordvoerder: „Wat wij kunnen met deze schepen is uniek in de wereld. Als je wil dat dit project stopt, dan moet je deze sancties afkondigen.”

Inspectie van pijpen voor Nord Stream 2 in 2016. President Trump dreigde al langer met sancties tegen deelnemers aan het project.

Inspectie van pijpen voor Nord Stream 2 in 2016. President Trump dreigde al langer met sancties tegen deelnemers aan het project. Foto Jens Buettner/EPA

Niet iedereen wordt nerveus van de Amerikaanse gassancties

NRC 23.12.2019 Acht vragen Europese deelnemers aan het omstreden Nord Stream-project krijgen te maken met Amerikaanse sancties. Waarom is het project zo omstreden?

De Amerikaanse president Trump heeft sancties aangekondigd tegen bedrijven die meewerken aan de aanleg van de gaspijpleiding Nord Stream 2 die van Rusland naar Duitsland loopt. Veel bedrijven dreigen te worden getroffen, waaronder het Nederlands-Zwitserse offshoreconcern Allseas van de Nederlander Edward Heerema.

Dat heeft inmiddels zijn werkzaamheden voor Nord Stream 2 gestaakt. Ook olieconcern Shell en baggeraars Van Oord en Boskalis zijn bij het project betrokken. Acht vragen over de sancties en de gevolgen.

1. Wat wil president Trump bereiken met de sancties?

Trump dreigt al langer met sancties tegen de Europese deelnemers aan het omstreden Nord Stream-project. Volgens de Amerikaanse president maakt Europa zich met de intensieve gasimport tot „gijzelaar” van Rusland. „Wij beschermen Duitsland, Frankrijk en al deze landen, en dan sluiten enkele landen een pijpleidingdeal met Rusland en betalen zo miljarden aan de Russische schatkist.”

Maar de president houdt ook de eigen handelsbelangen goed voor ogen, waarbij het de vraag is hoe realistisch die zijn. Trump ziet graag dat Amerikaanse gasbedrijven meer vloeibaar aardgas (lng) gaan afzetten in Europa, iets waar Rusland voor dekomende jaren ook op inzet. Vooralsnog ligt het zwaartepunt van de Amerikaanse lng-export echter in Zuid-Amerika en Azië, waar bedrijven meer gas goedkoper kunnen afzetten. De details van de sancties moeten nog bekend worden.

2. Waarom ligt Nord Stream 2 zo gevoelig?

De pijpleidingen (Nord Stream 2 is een aanvulling op een eerdere, parallelle Nord Stream-pijp) zorgen al jaren voor verdeeldheid binnen Europa. Tegenstanders in vooral Oost-Europa beschouwen het als een geopolitiek instrument waarmee Rusland Oost-Europese landen politiek en financieel kan afknijpen.

Nu moet Rusland nog veel gas exporteren via de pijplijn die door Oekraïne loopt. Voorstanders zien in de naar schatting 10 miljard euro kostende pijp liever een commercieel project, dat op termijn kan voorzien in een kwart van de Europese gasvraag en een schoner alternatief biedt voor vervuilende steenkool.

Lees ook: Nord Stream 2 is bijna klaar, debat over Russisch gas nog niet

3. Hoe reageert Rusland op de sancties?

„Dergelijke stappen zullen niet zonder gepaste reactie blijven”, zei Kremlin-woordvoerder Dmitri Peskov maandag. Hij wilde niet zeggen welke maatregelen Moskou overweegt. De Russische Buitenlandminister Sergej Lavrov zei dat na invoering van de sancties „geen enkel land ter wereld nog zal twijfelen aan de onbetrouwbaarheid van de VS als partner”.

4. Kan dit gevolgen hebben voor de Nederlandse gasvoorziening?

Nederland is al ruim anderhalf jaar geen (netto)exporteur meer van aardgas. Door de aardbevingsproblemen in Groningen loopt de binnenlandse productie snel terug. In 2022 wordt de Groningse productie mogelijk al beëindigd. Dan is Nederland nog niet helemaal afhankelijk van buitenlands gas.

Op dit moment komt de helft van de Nederlandse gasproductie van de zogeheten kleine velden, die deels in de Noordzee liggen. Maar ook de productie van die kleine gasvelden neemt af, vooral omdat veel velden geleidelijk uitgeput raken.

Al met al wordt de import van aardgas elk jaar belangrijker. Vorig jaar werd voor zo’n 38 miljard kubieke meter gas gebruikt, en naar schatting zo’n 5 miljard daarvan kwam uit Rusland. Die Russische import neemt zonder meer toe, is de verwachting van experts.

Toch lijkt niemand nog nerveus. Eventuele vertraging bij Nord Stream 2 zal niet snel tot problemen in Nederland leiden. Van prijsstijgingen is geen sprake. Integendeel, door een deal vorige week tussen Rusland en Oekraïne over de doorvoer van Russisch gas, dalen de prijzen juist. Gas via Nord Stream 1 is door de nieuwe afspraken voor in elk geval vijf jaar verzekerd.

5. Heeft Nederland een alternatief voor Russisch gas?

Naast Rusland is ook Noorwegen een grote gasexporteur in Europa, maar qua productie zit dat land aan zijn maximum. De import van vloeibaar gas, lng, zou een beter alternatief kunnen zijn voor Russisch gas. Lng kan met tankers uit het Midden-Oosten, zoals uit Qatar, komen, en ook de Verenigde Staten – een grote producent van schaliegas – exporteren lng.

Nadeel van lng is dat het duurder is dan Russisch en Noors aardgas dat – niet vloeibaar – via pijpleidingen Nederland binnenkomt. De beschikbaarheid van lng zorgt er in elk geval voor dat Rusland de prijs van aardgas de komende jaren niet onbeperkt kan verhogen.

Lees meer over Russisch gas in Nederland

6. Hoe reageert Shell op de perikelen bij Nord Stream 2?

Shell behoort met vier andere westerse concerns tot de medefinanciers van de pijpleiding. Het olie- en gasconcern heeft een lening uitstaan van 285 miljoen dollar. Verder voorziet Shell het project van 665 miljoen dollar via een combinatie van leningen en garanties.

Het bedrijf zegt in een reactie de Amerikaanse sancties te betreuren. De pijpleiding is volgens Shell „een belangrijk project”, omdat de gasproductie in Europa afneemt. Het bedrijf bekijkt momenteel de implicaties van de Amerikaanse maatregelen. Het concern is een van de belangrijkste afnemers van Amerikaans vloeibaar gas.

7. Wat zijn de gevolgen voor andere Nederlandse bedrijven?

Drie Nederlandse bedrijven bouwen mee aan Nord Stream 2. Het Delftse Allseas van Edward Heerema, statutair gevestigd in Zwitserland, en baggeraars Van Oord uit Rotterdam en Boskalis uit Papendrecht.

Halverwege 2017 tekenden de baggeraars een contract voor ongeveer 250 miljoen euro. Voor dat geld zouden ze met valpijpschepen en grind de zeebodem onder de pijpleiding effenen. Overheidskredietverzekeraar Atradius DSB was bereid om de klus te dekken, maar de bedrijven zetten de aanvraag niet door. De aangekondigde sancties zijn niet direct gericht tegen deze werkzaamheden, laat een woordvoerder van Van Oord weten.

Allseas wordt wel direct getroffen. Een woordvoerder laat weten dat het offshorebedrijf de werkschepen inmiddels heeft weggehaald. De sancties komen niet onverwacht. „Sinds het moment dat dit traject is gaan lopen, zijn we met de klant in gesprek over deze situatie.”

Over wat het stoppen Allseas gaat kosten, wil de woordvoerder niks zeggen. „Maar de sancties hebben veel meer gevolgen dan alleen dit werk. Als ons personeel de VS niet meer in en uit mag en wij niet meer voor Amerikaanse bedrijven kunnen werken, zoals voor ExxonMobil, dan heeft dat heel veel impact.”

8. Wat deed Allseas daar precies?

Allseas had de klus gekregen om twee parallelle gaspijpleidingen in de Oostzee te leggen over een lengte van 1.200 kilometer. Het bedrijf had daartoe twee van z’n grootste schepen naar de Oostzee gevaren. Dat waren de Pioneering Spirit, met 382 meter lengte en 571 opvarenden het grootste schip ter wereld in zijn soort, en de Solitaire, dat dit record had tot de oplevering van de Pioneering Spirit in 2014. In de Duitse territoriale wateren heeft Allseas leidingen gelegd met het schip Audacia.

De sancties zijn specifiek gericht tegen het werk van Allseas. De woordvoerder: „Wat wij kunnen met deze schepen is uniek in de wereld. Als je wil dat dit project stopt, dan moet je deze sancties afkondigen.”

Lees ook deze artikelen;

’Nord Stream 2-leiding eind 2020 klaar’

Telegraaf 23.12.2019 De aanleg van de omstreden gaspijpleiding Nord Stream 2, die loopt vanuit Rusland naar Duitsland via de Oostzee, moet in de tweede helft van 2020 zijn voltooid. Dat meldde een hoge Duitse ambtenaar die namens de Berlijn de coördinatie over het project heeft.

De eerder door de VS ingestelde sancties zorgen voor een vertraging van enkele maanden. Dit omdat het Nederlands-Zwitserse bedrijf Allseas na die aankondiging zijn werkzaamheden aan de pijpleiding stillegde. Met het Russisch-Duitse project was een bedrag van 10 miljard euro gemoeid. Door de beslissing van Allseas valt het project iets duurder uit.

Bekijk ook: 

Rel om Nord Stream 2 raakt Nederland ook 

De Amerikaanse president Donald Trump tekende eerder wetgeving, waarmee de VS strenge economische sancties opleggen aan ondernemingen die zijn betrokken bij de aanleg. Washington is tegen de pijpleiding, omdat het Kremlin daarmee meer invloed in West-Europa zou krijgen.

december 24, 2019 Posted by | 2e kamer, aanslag, aardgaswinning, BUK, dreiging, Erdogan, EU, europa, Gaswinning, Gazprom, mh17, MH17-ramp, MH17-tribunaal, Nederland, Nord Stream 2, novitsjok, Oekraïne, opcw, Poetin, politiek, President Tayyip Recep Erdogan, Rusland, Sergej Skripal, Tayyip Recep Erdogan, turkije | , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Op weg naar een nieuwe Koude Oorlog ???

Kabinet Rutte 3 – versus troepenmacht Afghanistan – deel 6

Kamerdabat

Het SP-Kamerlid Karabulut heeft vandaag een debat over de kwestie aangevraagd en kreeg daarbij steun van vrijwel de hele Tweede Kamer. “Eerlijke overheidscommunicatie is enorm belangrijk, zeker bij militaire missies”, stelt D66’er Sjoerdsma. “We moeten realistisch zijn over wat op korte termijn bereikt kan worden en de overheid moet daarover transparant rapporteren.”

AD 29.01.2020

AD 28.01.2020

“Het Amerikaanse volk is voortdurend voorgelogen.” Dat was de stevige conclusie van de voorzitter van het instituut dat heeft onderzocht of het Amerikaanse geld voor de strijd in Afghanistan goed wordt besteed. Het onderzoek moest eigenlijk geheim blijven, maar maandag 09.12.2019 publiceerde The Washington Post erover.

AD 31.12.2019

Tot op de dag van vandaag zijn er duizenden buitenlandse militairen in het land. Onder hen ook Nederlanders. In totaal zijn er sinds 2002 zo’n 29.000 Nederlandse militairen uitgezonden geweest, van wie er 25 zijn omgekomen. Op dit moment zitten er nog zo’n 160 Nederlanders in het noorden van het land. De strijd heeft Nederland naar schatting miljarden gekost.

Telegraaf 01.02.2020

Onvolledige informatie aan de 2e Kamer inzake Kunduz periode 2011 tot 2013

De Tweede Kamer is onvolledig en onjuist geïnformeerd over de resultaten van de Nederlandse trainingsmissie in de Afghaanse provincie Kunduz in de periode 2011 tot 2013. Dat blijkt donderdag uit onderzoek van de Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (IOB), de onafhankelijke evaluatiedienst van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

In rapportages over het aantal getrainde agenten werden afgehaakte cursisten meegeteld, werden cursisten die verschillende trainingen ontvingen meerdere malen meegeteld en werden certificaten uitgedeeld aan mensen die daarvoor niet in aanmerking kwamen, staat in het rapport.

SP’er Karabulut wil parlementair onderzoek

SP-Kamerlid Sadet Karabulut vindt het rapport onthutsend. “Om een militaire bijdrage in Afghanistan te verkopen aan de Tweede Kamer en de bevolking, zijn zaken mooier voorgesteld zijn dan ze waren”, aldus de SP’er. “Er is ronduit gelogen over behaalde resultaten.”

Ze verwijst naar de Afghanistan Papers The Washington Post waaruit blijkt dat de Amerikaanse regering de Amerikaanse bevolking jarenlang heeft voorgelogen over de oorlog in Afghanistan.

Kabinet: Kamer moet kunnen vertrouwen op nauwkeurige missieresultaten

Het kabinet spreekt in een reactie van “een ernstige conclusie”. “De Kamer moet erop kunnen vertrouwen dat rapportages een zo nauwkeurig mogelijke weergave van de missieresultaten bevatten”, staat in de Kamerbrief.

“Ook in de Haagse realiteit moet acceptatie zijn voor onwelgevallige berichten, en die moeten hun weg kunnen vinden in rapportages aan uw Kamer.”

lees: brief beleidsreactie post-missie beoordeling geintegreerde politietrainingsmissie Kunduz 30.01.2020

lees: rapport politietrainingsmissie Kunduz november 2019

lees: samenvatting rapport politietrainingsmissie Kunduz november 2019

lees: The Washington Post The Afghanistan Papers A secret history of the war  09.12.2019

Zie ook: Kabinet Rutte 3 – versus troepenmacht Afghanistan – deel 5

zie verder: Kabinet Rutte 3 – versus troepenmacht Afghanistan – deel 4

zie ook nog: Kabinet Rutte 3 – versus troepenmacht Afghanistan – deel 3

en zie ook: Kabinet Rutte 3 – versus troepenmacht Afghanistan – deel 2

en zie verder ook: Kabinet Rutte 3 – versus troepenmacht Afghanistan – deel-1

VN: vorig jaar meer dan 3000 burgerdoden in Afghanistan

MSN 22.02.2020 Meer dan 10.000 burgers zijn vorig jaar gedood of gewond geraakt bij het conflict in Afghanistan. Het gaat om ruim 3400 doden en bijna 7000 gewonden. Bijna alle burgers in het land zijn op enige wijze persoonlijk geraakt door het aanhoudende geweld, zegt het hoofd van de VN-missie in het land.

Het is het zesde jaar op rij dat melding is gemaakt van meer dan 10.000 slachtoffers, stelt VN-missie UNAMA in een verklaring. De meeste slachtoffers vielen door toedoen van groepen die vechten tegen de autoriteiten.

In het land is zaterdag een gedeeltelijk bestand ingegaan. De Taliban, de Verenigde Staten en de Afghaanse autoriteiten hebben afgesproken het geweld gedurende zeven dagen te verminderen. Als dat lukt, kan vervolgens een echt vredesakkoord worden gesloten. Dat moet op 29 februari gaan gebeuren.

“Het is absoluut noodzakelijk dat alle partijen nu doorpakken en een einde maken aan de strijd”, zegt VN-gezant Tadamichi Yamamoto. Hij stelt dat vrede al te lang op zich laat wachten en dat de levens van burgers beschermd moeten worden.

VS en Taliban maken afspraken over ‘verminderd geweld’ in Afghanistan

NU 21.02.2020 De Verenigde Staten en de Taliban hebben vrijdag afspraken gemaakt over ‘verminderd geweld’ in Afghanistan. Deze periode duurt zeven dagen. Het is de bedoeling dat de twee partijen hierna een vredesakkoord gaan ondertekenen.

“Dit is een belangrijke stap in de lange weg naar vrede”, zegt de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo. “Ik roep alle Afghanen op deze kans te grijpen.”

Een leider van de Taliban benadrukt dat het niet om een wapenstilstand gaat: “Elke partij heeft het recht om zichzelf te beschermen, maar er zullen geen aanvallen op elkaar komen.” Voorgaande pogingen om vredesovereenkomsten te sluiten faalden omdat de Taliban internationale troepen aanviel.

De afspraken gaan om middernacht (lokale tijd) in. Een woordvoerder van de gewapende groepering zegt dat de overeenkomst op 29 februari wordt ondertekend in het bijzijn van internationale waarnemers.

Pompeo zegt dat het vredesakkoord er komt als de afspraken voor de komende zeven dagen een succes blijken. Mogelijk worden de afspraken na de ondertekening verlengd. Ook volgen er na 29 februari onderhandelingen tussen de Taliban en een Afghaanse delegatie met onder meer regeringsmedewerkers.

Na ondertekening akkoord meer onderhandelingen

Zowel de Taliban als de Verenigde Staten treffen voorbereidingen voor de vrijlating van gevangenen. Daarnaast praten ze ook over de politieke situatie in Afghanistan en het gedeeltelijk terughalen van de Amerikaanse troepen in het land.

Vertegenwoordigers van de Verenigde Naties en de Taliban onderhandelen al sinds 2018 in Doha, de hoofdstad van Qatar, over de toekomst van Afghanistan. In deze plaats wordt ook het vredesakkoord ondertekend.

Lees meer over: Afghanistan  Buitenland

In december vorig jaar voerden de Taliban een bomaanslag uit in de Afghaanse stad Baghram EPA

VS en Taliban akkoord over ‘verminderd geweld’ in Afghanistan

  Secretary Pompeo @SecPompeo

After decades of conflict, we have come to an understanding with the Taliban on a significant reduction in violence across #Afghanistan. This is an important step on a long road to peace, and I call on all Afghans to seize this opportunity.

NOS 21.02.2020 Volgende week, op 29 februari, moet er een vredesakkoord worden getekend. Het zou dan voor het eerst zijn dat de Amerikanen een akkoord sluiten met de Taliban, de grootste gewapende groep in Afghanistan. In het land zijn nu nog zo’n 12.000 Amerikaanse militairen actief. Als er een deal komt, worden zij gedeeltelijk teruggehaald.

Minister Pompeo zei eerder dat een vredesakkoord de opmaat is naar een permanent staakt-het-vuren in het land. Afghanistan wordt al twintig jaar geteisterd door oorlog. Tijdens zijn verkiezing in 2016 beloofde president Trump een einde te maken aan de Amerikaanse bemoeienis in het land.

Afghaanse onderhandelingen

Het vredesakkoord moet op termijn de aanzet worden tot vredesonderhandelingen tussen Afghaanse partijen. Wie aan de Afghaanse onderhandelingen gaan meedoen en wanneer die beginnen, is onduidelijk. De Taliban weigeren te onderhandelen met de regering-Ghani en hebben de verkiezingsuitslag verworpen.

Bekijk ook;

Taliban doden Afghaanse militairen ondanks deal met VS

Telegraaf 17.02.2020 Zeker vijf Afghaanse militairen zijn om het leven gekomen bij gevechten in het noorden van hun land. Daar bestormden strijders van de Taliban een basis. Dat gebeurde enkele dagen nadat de VS en de opstandelingen hadden gemeld dat een deal was gesloten over het verminderen van het geweld.

De aanval vond plaats in de provincie Kunduz. De politie meldt dat de gevechten uren duurden en dat aan beide kanten slachtoffers vielen. De woordvoerder van de Taliban beweerde dat negentien leden van de veiligheidstroepen zijn gedood.

De VS strijden al jaren tegen de Taliban. Na de aanslagen van 11 september 2001 vielen de Amerikanen Afghanistan binnen omdat het Taliban-bewind terroristen zou helpen. De Taliban-heersers werden afgezet, maar blijven tot op de dag van vandaag verzet bieden.

De Amerikaanse minister Mark Esper (Defensie) bevestigde vorige week dat een overeenkomst is gesloten met de Taliban. Die moet gedurende zeven dagen leiden tot minder geweld. Die deal werd gezien als een belangrijke stap richting een uitgebreider bestand.

Het is nog onduidelijk wanneer de overeenkomst precies ingaat. Een Amerikaanse functionaris zei vrijdag dat dat „heel snel” zou gebeuren.

BEKIJK OOK:

VS en Taliban sluiten akkoord

BEKIJK MEER VAN; defensie terrorisme Verenigde Staten Taliban

Taliban doden Afghaanse militairen ondanks deal met VS

MSN 17.02.2020 Zeker vijf Afghaanse militairen zijn om het leven gekomen bij gevechten in het noorden van hun land. Daar bestormden strijders van de Taliban een basis. Dat gebeurde enkele dagen nadat de VS en de opstandelingen hadden gemeld dat een deal was gesloten over het verminderen van het geweld.

De aanval vond plaats in de provincie Kunduz. De politie meldt dat de gevechten uren duurden en dat aan beide kanten slachtoffers vielen. De woordvoerder van de Taliban beweerde dat negentien leden van de veiligheidstroepen zijn gedood.

De VS strijden al jaren tegen de Taliban. Na de aanslagen van 11 september 2001 vielen de Amerikanen Afghanistan binnen omdat het Taliban-bewind terroristen zou helpen. De Taliban-heersers werden afgezet, maar blijven tot op de dag van vandaag verzet bieden.

Belangrijke stap

De Amerikaanse minister Mark Esper (Defensie) bevestigde vorige week dat een overeenkomst is gesloten met de Taliban. Die moet gedurende zeven dagen leiden tot minder geweld. Die deal werd gezien als een belangrijke stap richting een uitgebreider bestand.

Het is nog onduidelijk wanneer de overeenkomst precies ingaat. Een Amerikaanse functionaris zei vrijdag dat dat “heel snel” zou gebeuren.

Doorbraak op komst? Eind van oorlog in Afghanistan lijkt in zicht

RTL 15.02.2020 Een mijlpaal in de Afghanistan-oorlog: Amerika en de Taliban hebben een tijdelijke wapenstilstand afgesproken. Vanaf het moment dat die ingaat, wordt een week lang in het hele land niet gevochten. Daarna volgen gesprekken over een vredesdeal. Inzet: het terugtrekken van de meeste westerse troepen.

De oorlog in Afghanistan duurt al ruim achttien jaar en heeft tienduizenden mensen het leven gekost. De fase die nu aanbreekt, kan beslissend zijn. Maar weet jij nog wat zich in Afghanistan afspeelt? Hier zijn de vier belangrijkste vragen (én antwoorden).

1. Hoe bijzonder is dit?

Dit is een doorbraak. Na lange, uitzichtloze jaren van vechten is er nu voor het eerst een deal tussen de Amerikanen en de Taliban, de grootste gewapende en machtigste groep in Afghanistan. Het is de afgelopen jaren al vaker geprobeerd tijdens overleg in Qatar, maar nu liggen er dus echte afspraken. Bijvoorbeeld over de terugtrekking van de Amerikaanse troepen.

Trump in Afghanistan in 2019. Hij belooft de oorlog te beëindigen. © ANP

Vooral voor president Trump is dit een opsteker. Het beëindigen van de dure oorlogen in het buitenland was één van zijn verkiezingsbeloften. En laat het nu weer een verkiezingsjaar zijn in de VS. Trump wil graag laten zien dat hij inderdaad de man is die de soldaten naar huis haalt. Maar zover is het nog niet, en het kan natuurlijk nog fout gaan. Daarover lees je zo. Eerst:

2. Hoe begon de oorlog ook alweer?

De directe aanleiding vormden de aanslagen van 11 september 2001, toen terreurgroep al-Qaeda de VS aanviel. Gekaapte vliegtuigen vlogen de Twin Towers binnen, en het Pentagon. Die dag kwamen bijna 3000 mensen om.

De top van al-Qaeda, met leider Osama bin Laden, hield zich schuil in Afghanistan. De groep had daar ook trainingskampen. De streng-religieuze Taliban, die de macht hadden in Afghanistan, weigerden Bin Laden uit te leveren. Ook een resolutie van de VN-Veiligheidsraad om dat te doen, legden ze naast zich neer.

Al Qaeda-leider Osama bin Laden in Afghanistan, in 1998. © Getty Images

In oktober 2001 begon de Amerikaanse aanval, operatie Enduring Freedom. In november dat jaar viel de hoofdstad Kabul, en was het Taliban-regime gevlucht. Maar niet verslagen. Wat volgde was een gewapende opstand tegen de westerse troepen in het land. Want veel landen kwamen Amerika te hulp. Ook Nederland.

Geholpen heeft dat niet veel, want inmiddels hebben de Taliban het halve land weer onder controle. En zijn er nog steeds aanslagen. Osama bin Laden wist te vluchten, maar werd uiteindelijk in mei 2011 door de Amerikanen gedood in buurland Pakistan.

Opmars van de Taliban in de provincie Helmand in 2017. © ANP

3. Wat is nu precies afgesproken?

Het akkoord wordt waarschijnlijk morgen officieel bekendgemaakt. De details zijn via woordvoerders al wel uitgelekt. Mogelijk vanaf maandag wordt zeven dagen lang niet gevochten. Dus geen aanslagen, geen bermbommen, geen Amerikaanse bombardementen. Als de wapenstilstand houdt, kan nog voor het einde van deze maand een vredesakkoord worden getekend – dat is althans het plan.

De Amerikanen beginnen dan met het terugtrekken van alvast vierduizend van de twaalfduizend militairen in het land. De Taliban beloven plechtig dat Afghanistan geen toevluchtsoord meer zal worden voor terreurgroepen.

Afghanistan in cijfers

Afghanistan is voor de Amerikanen de langstlopende oorlog ooit. Het geweld heeft volgens een inventarisering van het Watson Institute sinds 2001 aan ongeveer 150.000 mensen het leven gekost:

  • 2409 Amerikanen
  • 1141 bondgenoten (onder wie 25 Nederlandse militairen)
  • 42.200 vijandelijke strijders
  • 39.000 Afghaanse burgers

De kosten van de oorlog voor de Amerikanen zijn astronomisch: 1000 miljard dollar. Dat is 1.000.000.000.000 dollar.

Afscheid in Kamp Holland. In Afghanistan kwamen ook meer dan 20 Nederlanders om. © ANP

Goed om te onthouden: dit is een afspraak tussen Amerika en de Taliban. De Afghaanse regering is er nog niet bij betrokken. Die wordt door de Taliban niet erkend, maar moet zich van de Amerikanen wel aan de afspraak houden. Dat kan dus een probleem worden, want de Afghaanse premier is helemaal niet blij met deze gang van zaken. De vrees bij veel Afghanen is dat ze niet zonder de Amerikaanse bescherming tegen de Taliban op kunnen. Maar de regering-Trump lijkt vastbesloten dit door te zetten.

Het is de bedoeling dat na het ondertekenen van het akkoord de Afghaanse regering apart gaat onderhandelen met de Taliban, over de toekomst van het land. Dit wordt het moeilijkste deel. De Taliban eisen ook dat voor die tijd 5000 gevangengenomen strijders worden vrijgelaten. De onderhandelingen tussen de Afghanen onderling moeten in maart beginnen. Op neutraal terrein. Duitsland en Noorwegen hebben zich aangeboden

Unieke beelden van de Taliban in Afghanistan

Bekijk deze video op RTL XL

Een blik achter de schermen bij de Taliban.

4. Wordt het eindelijk vrede in Afghanistan?

De toekomst voorspellen is lastig, maar de voortekenen zijn niet erg gunstig. De hoop is dat de Taliban, als ze de politiek ingaan, zullen stoppen met hun gewapende activiteiten. Maar de vrees is dat het, als ze weer aan de macht komen, een terugkeer betekent naar hun fundamentalistische regime van vóór de westerse inval. Toen hadden vrouwen geen rechten en was muziek (en zelfs vliegeren) verboden. Wat zal overblijven van de vooruitgang die is geboekt op het gebied van bijvoorbeeld vrouwenrechten of democratie?

Afghanistan is vanouds een land van krijgsheren en machtige stamhoofden, die vooral handelen uit eigenbelang. Sommigen zijn nog altijd actief, zelfs in de huidige Afghaanse regering. De kans bestaat dat ze net als vroeger weer onderling gaan vechten, of met de Taliban, en dat het land verder in chaos en geweld wegzakt. Voor westerse troepen lijkt de oorlog voorbij, voor de Afghaanse bevolking is het afwachten.

Vrouwenrechten en democratie. Wat blijft er van over in Afghanistan? © Getty Images

meer: Berry Swart Donald Trump  Osama Bin Laden  NAVO  VN-Veiligheidsraad  Taliban  Oorlog in Afghanistan  Afghanistan

 

VS en Taliban sluiten akkoord

Telegraaf 14.02.2020 De Verenigde Staten en de Afghaanse Taliban hebben een akkoord bereikt over het verminderen van het geweld gedurende zeven dagen. Het zou gaan om een belangrijke eerste stap richting een wapenstilstand. De Amerikaanse functionaris die dit München bekendmaakte, zei dat die periode nog moet ingaan.

De gemaakte afspraken zijn volgens hem erg specifiek, ze gaan over het hele land en ze betreffen ook de Afghaanse regeringstroepen. Zo zouden er geen (zelfmoord-)aanslagen zijn en zouden overheidsgebouwen, dichtbevolkte plaatsen en hoofdwegen niet meer bestookt worden.

Het akkoord zou vrijwel een wapenstilstand inhouden als een soort oefening voor een echt bestand later. De leiders van de strijdende partijen zouden bijvoorbeeld ook kunnen zien welke eenheden of strijdgroepen hun bevel van geweld af te zien opvolgen.

De strijd in Afghanistan wordt volgens onder meer de The New York Times in toenemende mate bepaald door bendes en milities van etnische stammen die op eigen houtje opereren.

BEKIJK MEER VAN; terreurdaad terrorisme München Verenigde Staten Afghaanse Taliban

’VS en Taliban naderen akkoord’

Telegraaf 12.02.2020 De Verenigde Staten en de Taliban naderen een akkoord over het terugtrekken van Amerikaanse militairen en het verminderen van het geweld in Afghanistan. Dat meldt de Afghaanse president Ashraf Ghani, na overleg met de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo.

De Taliban en de VS onderhandelen met elkaar in Dubai. „Vandaag heeft Pompeo mij geïnformeerd over de vooruitgang in de gesprekken met de Taliban”, aldus Ghani op Twitter. „De Taliban hebben een voorstel ingediend over het blijvend verminderen van geweld. Dit is een goede ontwikkeling en ik ben blij dat ons standpunt om vrede te bewerkstelligen zijn vruchten begint af te werpen.”

In september bereikten de twee partijen al bijna een akkoord, maar toen trok president Donald Trump zich op het laatste moment terug. Pas nadat de VS en de Taliban een akkoord bereiken, is de terreurorganisatie bereid om met de Afghaanse overheid te onderhandelen.

BEKIJK MEER VAN; gewapend conflict overheid terrorisme Taliban

Twee Amerikaanse soldaten gedood bij schietpartij in Afghanistan

NU 09.02.2020 Twee Amerikaanse soldaten zijn om het leven gekomen toen een man in Afghaans legeruniform een groep militairen onder vuur nam, aldus Amerikaanse autoriteiten zaterdag.

Zes anderen raakten gewond. De schietpartij vond plaats in de provincie Nangarhar, waar een Amerikaans-Afghaanse groep soldaten terugkeerde van een militaire operatie, aldus een woordvoerder van de Amerikaanse strijdkrachten in Afghanistan.

“We zijn nog informatie aan het verzamelen. De oorzaak en het motief van de aanval is nog onbekend”, aldus de woordvoerder.

Er zijn ongeveer 13.000 Amerikaanse soldaten in Afghanistan gestationeerd als onderdeel van een NAVO-missie om Afghaanse troepen op te leiden en voor het uitvoeren van operaties tegen terrorisme in de regio.

Twee weken geleden stortte er een Amerikaans vliegtuig neer in Afghanistan, waarbij ten minste twee mensen om het leven zijn gekomen. De Taliban eiste verantwoordelijkheid op voor de crash van dat vliegtuig, maar Amerikaanse autoriteiten hebben dat altijd ontkend.

De Verenigde Staten onderhandelt al maanden met de Taliban in Afganistan over een vredesakkoord. Eind vorig jaar werd nog een wapenstilstand afgesproken.

Lees meer over: Afghanistan  Buitenland

Man in Afghaans legeruniform schiet twee Amerikaanse militairen dood

NOS 09.02.2020 In het oosten van Afghanistan zijn twee Amerikaanse militairen doodgeschoten door een man in een Afghaans legeruniform. De man opende met een machinegeweer het vuur op de Amerikanen. Zes militaren raakten gewond.

Of de schutter ook echt een militair van het Afghaanse leger was, is onduidelijk. “We zijn nog bezig met het verzamelen van informatie, we weten nog niets over het motief”, zegt een woordvoerder van het Amerikaanse leger in Afghanistan in een persbericht.

Volgens Amerikaanse media kan er sprake zijn geweest was van een infiltrant onder de Afghaanse troepen, mogelijk van een terreurbeweging, die het vuur op Amerikanen opende. Zo’n zogenoemde ‘green-on-blue’-aanval is iets waar Amerikanen in het verleden geregeld mee werden geconfronteerd in Afghanistan.

Onderhandelingen met Taliban

Gisteren meldde de Amerikaanse krant The New York Times op basis van anonieme bronnen dat bij het incident zeker elf militairen om het leven waren gekomen; vijf of zes aan Amerikaanse kant en zes aan Afghaanse kant.

Maar volgens officiële Amerikaanse cijfers ligt het aantal slachtoffers dus beduidend lager. Daarnaast melden de Amerikanen niets over Afghaanse slachtoffers.

Het incident komt op een gevoelig moment. De VS onderhandelt al maanden met de Taliban over vrede. Dat moet uiteindelijk leiden tot terugtrekking van alle Amerikaanse troepen uit Afghanistan. De VS wil dan wel dat de Taliban beloven om het geweld in Afghanistan te verminderen.

Bekijk ook;

Tweede Kamer vergeeft kabinet onjuist informeren over Kunduzmissie

NU 06.02.2020 Dat het kabinet de Tweede Kamer onjuist en onvolledig geïnformeerd heeft over de Kunduzmissie vindt de Tweede Kamer onacceptabel, maar wat VVD, CDA, D66, GroenLinks en PvdA betreft is dat voor de minister van Defensie of minister van Buitenlandse Zaken geen reden om daar politieke consequenties aan te verbinden. PVV en SP zijn het vertrouwen in het Afghanistanbeleid van het kabinet kwijt en eisen opheldering.

“Dit is eens, maar nooit meer”, zei D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma donderdag in een debat in de Tweede Kamer. VVD, CDA, GroenLinks en PvdA sloten zich daarbij aan.

Dit tot ongeloof van SP’er Sadet Karabulut. Zij eist een parlementair onderzoek: “Wie neemt hier verantwoordelijkheid over?”

Ook Raymond de Roon (PVV) wil opheldering. Wat de PVV’er betreft moet de Algemene Rekenkamer in kaart brengen hoeveel de oorlog in Afghanistan de Nederlandse schatkist heeft gekost en of het geld op de juiste plekken terecht is gekomen.

Blok erkent fouten en belooft beterschap

Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) erkende dat “een aantal zaken” in de informatievoorziening aan de Kamer niet goed zijn gegaan.

Tegelijkertijd vindt hij dat Afghanistan er momenteel beter bij ligt dan in 2001. Blok beloofde aan de slag te gaan met de aanbevelingen in het rapport. Zo staat hij open voor een onafhankelijke evaluatie aan het einde van missies. Tussentijdse checks vindt hij onverstandig, omdat het gedurende een missie lastig is om militair gevoelige informatie met derden te delen, denkt hij.

De Kamer zou aanvankelijk debatteren over de Afghanistan Papers, waaruit blijkt dat de Amerikaanse regering de Amerikaanse bevolking jarenlang heeft voorgelogen over de oorlog in Afghanistan.

Nadat vorige week uit onderzoek van de Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (IOB) bleek dat het kabinet de Tweede Kamer onjuist en onvolledig heeft geïnformeerd over de Kunduzmissie, verschoof de focus van het debat naar de Nederlandse inzet.

Uit de rapporten blijkt dat betrokkenen bij de missie druk ervoeren om positief over de missie te berichten, ook al kwam dat niet overeen met de werkelijkheid.

‘De Kamer is voorgelogen’

Hoewel VVD, CDA, en D66 het onjuist informeren afkeuren, wezen zij er ook op dat de Tweede Kamer de Kunduzmissie bemoeilijkte door zelf allerlei toezeggingen te eisen. “Dat is ons als Kamer aan te rekenen”, zei Martijn van Helvert (CDA).

Hij herinnerde de Kamer eraan dat het IOB-rapport op voorspraak van het CDA is opgesteld. “Nu moeten we leren van de fouten die zijn gemaakt”, aldus Van Helvert. Dat vindt ook GroenLinks: “Verkeerd informeren is onacceptabel, maar het is belangrijk om te kijken wat niet goed is gegaan, om fouten in de toekomst te voorkomen.”

De partijen zien dat het ministerie van Defensie heeft uitgesproken meer transparantie rond de missies te betrachten. Zo moeten zaken die fout gaan in alle eerlijkheid gerapporteerd worden.

Karabulut heeft geen goed woord over voor de houding van haar collega-Kamerleden: “We zijn voorgelogen”. Ze vindt dat Nederland koste wat het kost zichzelf een oorlog heeft in gerommeld, omdat het geen ‘nee’ kon zeggen tegen de Amerikanen. Dat nu blijkt dat de Amerikanen jarenlang hebben gelogen over de Afghanistanoorlog, maakt dat voor haar extra wrang.

Lees meer over: Politiek

Blok in Afghanistan-debat: meer transparantie, ook als het negatief is

NOS 06.02.2020 “Het eerste slachtoffer van een oorlog is de waarheid.” Meerdere Tweede Kamerleden namen die uitdrukking vandaag in de mond in het debat over de oorlog in Afghanistan. De vraag die voorlag was: in hoeverre zijn we misleid over de voortgang van de strijd?

SP-Kamerlid Karabulut, die het debat had aangevraagd, sprak van een oorlog gebaseerd op leugens. “Ik pik het niet dat we worden voorgelogen.”

Aanleiding voor het debat was Amerikaans onderzoek uit december waaruit naar voren kwam dat bij betrokkenen al vanaf het begin duidelijk was dat de oorlog voor de VS niet te winnen was. Vorige week kwam daar een analyse bij over de Nederlandse trainingsmissie in Kunduz.

Rooskleuriger

Over de resultaten van die missie werd destijds te rooskleurig gerapporteerd aan de Kamer om het politieke draagvlak voor de missie niet te verliezen, was een van de conclusies. Nederland heeft twee grote missies gedaan in het land: in Uruzgan van 2006-2010 en in Kunduz van 2011-2013.

“Niemand is geholpen bij het rooskleuriger maken”, stelde VVD-Kamerlid Bosman. “De politiek niet, de maatschappij niet, maar ook de militairen niet.” De onderzoekers van het ministerie van Buitenlandse Zaken concludeerden dat betrokkenen bij de missie “druk ervoeren om een positiever beeld neer te zetten dan er was”.

Minister Blok van Buitenlandse Zaken gaat maatregelen nemen om dit soort situaties voortaan te voorkomen. Hij wil bij nieuwe missies meer stilstaan bij het belang van eerlijk rapporteren. “Laat je niet beïnvloeden, rapporteer gewoon, ook als het misschien negatief is.”

“De luiken bij defensie moeten open. Wij moeten transparant zijn”, voegde zijn Defensie-collega Bijleveld daaraan toe. Beiden noemden het “zeer zorgelijk” dat mensen zich onder druk gezet voelden om positief verslag te doen.

Patroon

Van Ojik van GroenLinks zei dat hij een patroon zag. “Een rapport over de missie in Mali blijft maanden in een la liggen. En om erachter te komen dat de gematigde rebellen die we steunen in Syrië minder gematigd zijn, moeten Nieuwsuur en Trouw eraan te pas komen.”

“Wie denkt dat desinformatie iets is van Rusland of China, die heeft het mis”, voegde De Roon (PVV) daaraan toen. “Misleiding en desinformatie van de regering zien we ook bij andere missies.”

Minister Blok wilde er niet aan dat de oorlog in Afghanistan was gebaseerd op leugens, zoals Karabulut tijdens het debat een aantal keer herhaalde. “Ik blijf bij de constatering dat onze mensen een ingewikkelde klus hebben geklaard en nog steeds klaren, dat het minder snel gaat dan we hoopten, maar dat niet de keuze had moeten zijn dat we de Afghanen niet hadden moeten helpen.”

Een aantal Kamerleden sloot zich daarbij aan. “We hebben niet alles bereikt wat we hoopten, maar we hebben ook niet gefaald”, zei Sjoerdsma van D66. “Het startpunt was 2001 en er is sindsdien vooruitgang geboekt”, stelde Van Helvert van het CDA.

Bekijk ook;

Debat over Afghanistan-missie: hoe rooskleurig werd het ons voorgesteld?

NOS 06.02.2020 19 jaar duurt de strijd in Afghanistan: duizenden westerse militairen zijn omgekomen en een veelvoud aan Afghaanse strijders en burgers. Toch is het nog geen veilig, stabiel land. Tot vandaag zijn aanslagen aan de orde van de dag en winnen de Taliban terrein.

Vandaag debatteert de Tweede Kamer over de oorlog in Afghanistan. Aanleiding is Amerikaans onderzoek waaruit naar voren kwam dat bij betrokkenen al vanaf het begin duidelijk was dat de oorlog niet te winnen was. “Het Amerikaanse volk is voortdurend voorgelogen”, was de stevige conclusie van de voorzitter van het onderzoeksinstituut.

Vorige week kwam daar Nederlands onderzoek bij met een soortgelijke uitkomst. Onderzoekers van Buitenlandse Zaken concludeerden dat betrokkenen bij de Nederlandse missie in Kunduz (2011-2013) “druk ervoeren om een positiever beeld neer te zetten dan er was”. De ontwikkelingen werden te rooskleurig voorgesteld om het politieke draagvlak voor de missie niet te verliezen.

Premier Rutte in 2013 op bezoek in Kunduz ANP

Die Kunduz-missie kwam moeizaam tot stand. Omdat gedoogpartij PVV de missie niet steunde, moest het VVD/CDA-kabinet oppositiepartijen over de streep trekken. Dat lukte, maar met strenge voorwaarden van vooral GroenLinks en de ChristenUnie. Zo mocht het alleen een ‘trainingsmissie’ zijn en geen ‘vechtmissie’.

Dwangbuis

“Daar zijn toen zulke scherpe eisen gesteld. Die missie zei meer over de vierkante kilometer die het Binnenhof heet, dan over de situatie in Afghanistan”, stelt militair historicus Rein Bijkerk. “Kunduz was een dwangbuis. En dan worden aan het eind dingen opgeteld bij de succesfactoren die er eigenlijk niet bij horen.”

“Kennelijk is er vaak de neiging om de voortgang van een militaire missie positiever voor te stellen dan het is”, zegt GroenLinks-Kamerlid Van Ojik. “Terwijl we er als parlement op moeten kunnen vertrouwen dat ons niet een te positief beeld wordt voorgespiegeld uit angst dat we anders onze steun intrekken.”

De VVD sluit zich daarbij aan. “Wees nou open en transparant”, adresseert Kamerlid Bosman het kabinet. “Het is mijn verantwoordelijkheid als Kamerlid om troepen naar missiegebied te sturen, dan wil ik wel de informatie hebben.”

19 jaar oorlog

De oorlog in Afghanistan begon in 2001, toen een coalitie onder leiding van de VS het land binnenviel. Directe aanleiding waren de aanslagen van 11 september. Het Afghaanse Taliban-regime bood onderdak aan het brein achter die aanslagen, Osama bin Laden.

Tot op de dag van vandaag zijn er duizenden buitenlandse militairen in het land, ook Nederlanders. In totaal zijn er sinds 2002 zo’n 29.000 Nederlandse militairen uitgezonden geweest, 25 van hen zijn omgekomen. De strijd heeft Nederland naar schatting miljarden gekost.

Voor de trainingsmissie naar het relatief rustige Kunduz was er de missie naar Uruzgan van 2006-2010. Daar werd stevig gevochten, ook door de Nederlanders. In tegenstelling tot de Kunduz-missie was daarvoor ook mandaat.

“Voor deelname in Uruzgan was er een concrete beloning: we mochten destijds aanschuiven bij de G20”, stelt Bijkerk. “Dat werd heel belangrijk gevonden in politiek Den Haag.”

Maar zo werd de Nederlandse deelname destijds niet ‘verkocht’, zegt de historicus. “Wij hebben geen traditie om er al te open voor uit te komen dat we het ook doen voor invloed en aanzien. Wij zeggen liever dat we graag goed willen doen in den vreemde, dat we vooral om ethische redenen ergens naartoe gaan. De machtspolitieke component blijft meer verholen.”

Die missie sloeg nergens op, dat wist Nederland ook, aldus Willem van de Put, ex-directeur hulporganisatie.

Terwijl dat verreweg de belangrijkste reden was, schetst Willem van de Put. “Het was een lange, grote cynische manier om in het gevlij te komen bij de grootmachten.” Van de Put was bijna 20 jaar lang directeur van hulporganisatie HealthNet TPO, die onder meer ziekenhuizen bouwde in Afghanistan. “Die missie sloeg nergens op, dat wist Nederland ook.”

Volgens Van de Put is Afghanistan er slechter uitgekomen. “Met ons geld hebben wij daar de oorlogseconomie op poten gezet. Wij hebben daar warlords beschermingsgeld betaald zodat wij onze gevulde koeken van A naar B konden vervoeren.”

Dat de Afghanen slechter af zijn nu, vindt ook SP-Kamerlid Karabulut. “Als je kijkt wat we wilden bereiken, en wat het uiteindelijk heeft opgeleverd. Dan moet je concluderen dat deze oorlog is mislukt. De veiligheidssituatie is daar nu belabberd.”

Het debat van vandaag wordt gehouden op initiatief van Karabulut, die naar eigen zeggen was geschrokken van The Afghanistan Papers. “Wij zijn onderdeel van die coalitie, dus wij zijn ook voorgelogen.” Ze hoopt dat er een parlementair onderzoek komt. “Om te achterhalen hoe we ons zo hebben laten meeslepen.”

Bekijk ook;

Kamer kreeg vals beeld over Kunduz-missie, maar toch is het oordeel mild

AD 31.01.2020 Het onjuist informeren van de Tweede Kamer is doorgaans een politieke doodzonde. Toch blijft de verontwaardiging goeddeels uit nu blijkt dat de resultaten van de politietrainingsmissie in Kunduz veel te rooskleurig zijn voorgesteld.

In de zomer van 2011 werden 160 Nederlandse militairen en 9 politiefunctionarissen naar de Afghaanse provincie Kunduz gestuurd om daar mensen op te leiden tot politieagent. Tijdens een groot deel van deze missie, die tot 2013 duurde, bleek ter plekke dat er veel te weinig Afghanen waren om te kunnen opleiden. De Nederlanders zaten soms duimen te draaien, maar die onwelkome werkelijkheid werd niet aan de Kamer gemeld

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Dat blijkt uit de zogeheten post-missiebeoordeling (PMB), die het kabinet zeven jaar na dato naar het parlement heeft gestuurd. Ambtenaren die destijds rapportages schreven voor de Tweede Kamer voelden zich onder druk gezet een positief beeld te schetsen, ‘ook al klopte die niet met de werkelijkheid’, stellen de onderzoekers.

Tussentijds afgehaakte cursisten werden zodoende meegeteld in het aantal opgeleide agenten. Ook werden cursisten die verschillende trainingen ontvingen meerdere malen meegeteld en kregen mensen een certificaat die hier volgens de richtlijnen niet voor in aanmerking kwamen.

Opvallend mild

De Kamer stond recentelijk meermaals op de achterste benen toen bleek dat zij in het verleden onvolledig en onjuist is geïnformeerd. Deze week nog werd minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus op het matje geroepen nadat deze krant had gemeld dat zeven medewerkers van de inspectie hadden gemeld dat onder druk van topambtenaren onderzoeksresultaten van rapporten waren afgezwakt. Ook zouden rapporten zijn achtergehouden voor de Tweede Kamer, iets wat Grapperhaus overigens stellig ontkent.

Premier Mark Rutte tijdens zijn bezoek aan de politietrainingsmissie in de Afghaanse provincie Kunduz in 2011. © ANP

In het geval van de onjuiste Kunduz-rapportages is de Kamer juist opvallend mild. Alleen de SP trekt fel van leer. Volgens Kamerlid Sadet Karabulut is er over de missie ‘gelogen’. Zij eist een parlementair onderzoek.

Dat onderzoek lijkt er niet te komen. Veel partijen reageren relatief lauw. CDA-Kamerlid Martijn van Helvert spreekt op Twitter van een ‘stevig rapport’, maar vindt het vooral belangrijk dat de missie nu geëvalueerd is. ,,Niet om elkaar intern nog even af te maken, maar om ervan te leren voor de toekomst!”, stelt hij. GroenLinks-Kamerlid Bram van Ojik wil van het kabinet weten of de Kamer bewust een te rooskleurig beeld kreeg voorgeschoteld.

Beducht

Andere partijen zijn terughoudend of houden zich onbereikbaar. Wat hier vermoedelijk meespeelt is dat de Kunduz-missie destijds pas na veel politiek gekrakeel tot stand kwam. Met name de fracties van GroenLinks en ChristenUnie stelden in 2011 allerlei aanvullende eisen voordat zij als oppositiepartijen akkoord konden gaan.

Het kabinet van VVD en CDA kwam hieraan ondanks bezwaren tegemoet. Daardoor werd de uitvoerbaarheid van de missie bemoeilijkt, terwijl het kabinet er tegelijkertijd voor beducht was om het broze draagvlak niet te verspelen.

De missieleiding in Kunduz en Den Haag was er daarom veel aan gelegen om een zo gunstig mogelijk beeld te schetsen van de missie. Behalve VVD, CDA, GroenLinks en ChristenUnie hadden ook SGP en D66 zich achter de uitzending van militairen geschaard. PVV, PvdA, SP en Partij voor de Dieren waren tegen de missie.

Dit moet natuurlijk niet zo, aldus Mark Rutte.

Het kabinet erkent dat er fouten zijn gemaakt. ,,Dit moet natuurlijk niet zo”, aldus minister-president Mark Rutte, die tegelijkertijd benadrukt dat er ‘gelukkig ook dingen goed zijn gegaan’. Hij vindt dat er lessen getrokken moeten worden uit het feit dat ambtenaren druk hebben gevoeld om vooral positief te informeren. Het moet volgens hem gaan ‘om de feiten en niks anders dan de feiten’.

Gevoeligheid

Tegelijkertijd voelt het kabinet er niets voor om in de toekomst niet zelf te rapporteren over de geboekte resultaten maar deze taak uit te besteden aan een onafhankelijke partij, zoals de onderzoekers voorstellen.

De ministers achten het onwaarschijnlijk dat onderzoek ter plaatse door een derde partij mogelijk is, ‘gezien de politieke gevoeligheid van missies en de belangen van partners en bondgenoten’. Ook dient volgens het kabinet rekening gehouden te worden met ‘praktische beperkingen’ zoals vertrouwelijkheid en veiligheidsvereisten.

Rutte: rapport Kunduz ‘niet goed’

MSN 31.01.2020 Zelfs de kok en de schoonmaker werden meegeteld in de statistieken. De tien jaar geleden in politiek Den Haag zo moeizaam tot stand gekomen Kunduz-missie – waarbij Nederlandse militairen lokale politieagenten zouden opleiden in deze noordelijke provincie van Afghanistan – moest en zou een succes worden. Dus wrongen de politiek verantwoordelijken in Nederland en de leidinggevenden in Afghanistan zich in allerlei bochten om het ook echt een succes te laten lijken.

Dit blijkt uit een onderzoek van de IOB, de evaluatiedienst van het ministerie van Buitenlandse Zaken, dat naar de Tweede Kamer is gestuurd. Dat de ruim 280 miljoen euro kostende missie niet de resultaten had opgeleverd zoals tevoren werd verwacht, was kort na de beëindiging ervan in 2014 al in grote lijnen bekend.

Maar nieuw is wel dat voor het onderzoek ondervraagde betrokkenen zeggen „druk” te hebben ervaren om in rapportages „goede resultaten te laten zien”. Ook werd volgens veel geïnterviewden „voor het eerlijke verhaal te weinig ruimte geboden”.

Oppoetsen resultaten

Het eerlijke verhaal was dat er minder agenten werden opgeleid dan gerapporteerd. Agenten die dezelfde opleiding meerdere keren volgden werden bijvoorbeeld meerdere keren meegeteld. Ook deden mensen aan de zes weken durende opleiding mee die niet tot de doelgroep behoorden. Voorts werden een bij het politie-opleidingscentrum werkzame kok en een schoonmaker in de resultaatcijfers opgenomen.

Het oppoetsen van de behaalde resultaten doet denken aan de onthullingen van vorig jaar november in The Washington Post waaruit bleek dat de Amerikanen niet de waarheid is verteld over de oorlog in Afghanistan die de Verenigde Staten begin deze eeuw begonnen, na de aanslagen van 9/11. Het verloop van de strijd verliep moeizamer en de resultaten waren minder.

Het is dan ook niet toevallig dat het Kunduz- evaluatierapport van de Nederlandse inspectiedienst naar de Tweede Kamer werd gestuurd samen met antwoorden van het Nederlandse kabinet op vragen van het Kamerlid Sadet Karabulut (SP) over de Amerikaanse kwestie.

Daarin erkent minister Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) dat het om een „ernstige” zaak gaat. „Transparantie over wat wel en niet goed gaat bij militaire operaties is van belang” schrijft hij. Maar het kabinet moet volgens hem „ook de hand in eigen boezem steken” waarbij hij verwijst naar de bevindingen van de Kunduz-evaluatiecommissie.

Ook premier Rutte (VVD) beaamde vrijdag na afloop van de ministerraad dat er fouten zijn gemaakt. „Dit is niet goed, dit wil je niet”, zei hij. In een brief aan de Kamer naar aanleiding van de evaluatie schrijft het kabinet dat het parlement „er op dient te kunnen vertrouwen dat informatie die over missiebijdragen wordt gerapporteerd een zo correct mogelijke weergave is van de realiteit.”

Evaluatieonderzoek

Het kabinet voelt echter niets voor de suggestie van de IOB om tussentijds en na afloop van militaire missies evaluatieonderzoek te laten verrichten door een onafhankelijke partij.

„Gezien de politieke gevoeligheid van missies en de belangen van partners en bondgenoten is het onwaarschijnlijk dat een derde partij tijdens het verloop van de missie ter plaatse onderzoek kan uitvoeren”, schrijven de meest betrokken ministers.

Er is veel te doen geweest over het nieuwe Afghaanse avontuur van Nederland in Kunduz. Nadat in 2010, ten koste van een kabinetscrisis, Nederland besloten had niet langer grootschalig militair in Afghanistan aanwezig te blijven in de strijd tegen het terrorisme, zocht het eerste kabinet Rutte een mogelijkheid om toch nog iets te kunnen betekenen in het land.

Nederland zou daardoor een rol kunnen blijven spelen in de internationale coalitie. Of, zoals D66-leider Alexander Pechtold het destijds verwoordde: „We moesten ons vlaggetje op de kaart van Afghanistan houden”.

Samen met GroenLinks gaf hij de aanzet tot een motie die het kabinet opriep om Nederland mee te laten helpen aan het trainen van politieagenten. Dat het niet om militairen ging maar om civiele agenten was voor GroenLinks essentieel. Het uiteindelijke kabinetsvoorstel leidde tot een hilarisch debat waarbij premier Rutte talloze toezeggingen deed aan GroenLinks – waaronder een ‘agentvolgsysteem’ – om de partij maar te behouden voor de benodigde meerderheid.

Afghaanse tolken naar Nederland

Afghaanse tolken en hun gezinnen die gevaar lopen omdat ze voor Nederlandse militaire missies in Afghanistan hebben gewerkt, worden naar Nederland gehaald. Dat bevestigden bronnen vrijdag aan persbureau ANP na berichtgeving van radioprogramma Argos.

Meerdere gezinnen zijn al aangekomen in Nederland of hebben zich gemeld bij de Nederlandse ambassade in Kabul. Om veiligheidsredenen noemt de overheid op dit moment geen precieze aantallen.

Vorig jaar bleek dat van de ruim honderd tolken die van 2006 tot 2010 hebben geholpen bij de Nederlandse missie in Uruzgan er later vier zijn vermoord.

Een kwart zou zijn ondergedoken na doodsbedreigingen door de Taliban of de terreurgroep Islamitische Staat (IS).

Zie ook: Afghaanse tolken naar Nederland gehaald

Kabinet informeerde Kamer onvolledig en onjuist over missie Kunduz

NU 31.01.2020 De Tweede Kamer is onvolledig en onjuist geïnformeerd over de resultaten van de Nederlandse politietrainingsmissie in de Afghaanse provincie Kunduz in de periode 2011 tot 2013. Dat blijkt donderdag uit onderzoek van de Directie Internationaal Onderzoek en Beleidsevaluatie (IOB), de onafhankelijke evaluatiedienst van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

In rapportages over het aantal getrainde agenten werden afgehaakte cursisten meegeteld, werden cursisten die verschillende trainingen ontvingen meerdere malen meegeteld en werden certificaten uitgedeeld aan mensen die daarvoor niet in aanmerking kwamen, staat in het rapport.

“Nederlandse betrokkenen binnen alle onderdelen van de missie ervoeren druk om in rapportages een positief beeld te schetsen, ook al klopte dit niet met de werkelijkheid”, schrijven de onderzoekers. “Hierdoor werd aan de Kamer niet altijd transparant gerapporteerd over de voortgang van de missie.”

“Hoewel er tijdens de missie onvoldoende mensen beschikbaar waren om te trainen, wilde de missieleiding in Den Haag en Kunduz een zo gunstig mogelijk beeld van de missie creëren in de media en de Tweede Kamer”, aldus de IOB.

Zo is onjuist gemeld dat bijna tweeduizend agenten alfabetiseringsonderwijs hebben afgerond. Ook de resultaten van andere projecten zijn onvolledig, onder meer omdat rapportages bij sommige projecten “overwegend kritiekloos” waren. “Dit maakt het ook voor IOB moeilijk betrouwbare uitspraken te doen over de kwaliteit van deze projecten.”

SP’er Karabulut wil parlementair onderzoek

SP-Kamerlid Sadet Karabulut vindt het rapport onthutsend. “Om een militaire bijdrage in Afghanistan te verkopen aan de Tweede Kamer en de bevolking, zijn zaken mooier voorgesteld zijn dan ze waren”, aldus de SP’er. “Er is ronduit gelogen over behaalde resultaten.”

Ze verwijst naar de Afghanistan Papers waaruit blijkt dat de Amerikaanse regering de Amerikaanse bevolking jarenlang heeft voorgelogen over de oorlog in Afghanistan.

Karabulut vindt dat een parlementair onderzoek nodig is om inzicht te krijgen in de Nederlandse rol in de oorlog in Afganistan. “Wie gaat hier nu verantwoordelijkheid voor nemen?”

Martijn van Helvert (CDA) vindt het goed dat er onafhankelijk is gekeken naar de Kunduz-missie. “Het is een mooi rapport met positieve punten”, zegt hij. “Maar het onderzoek heeft ook pittige bevindingen. Transparantie moet er altijd zijn in rapportages bij zowel positieve als negatieve zaken.”

Tegelijkertijd wijst hij ook op de rol van de Kamer. “Het toont de lastige manier waarop de missie tot stand is gekomen. De Kamer legde destijds beperkingen op en Kamerleden gingen zich er tot operationeel niveau mee bezighouden.”

Kabinet: Kamer moet kunnen vertrouwen op nauwkeurige missieresultaten

Het kabinet spreekt in een reactie van “een ernstige conclusie”. “De Kamer moet erop kunnen vertrouwen dat rapportages een zo nauwkeurig mogelijke weergave van de missieresultaten bevatten”, staat in de Kamerbrief.

“Ook in de Haagse realiteit moet acceptatie zijn voor onwelgevallige berichten, en die moeten hun weg kunnen vinden in rapportages aan uw Kamer.”

Het kabinet schrijft aan de slag te gaan om in de toekomst opener over missieresultaten te communiceren en ervoor te zorgen dat er voldoende ruimte is voor kritische geluiden.

De IOB raadt het kabinet aan om de tussentijdse evaluatie en de eindevaluatie te laten uitvoeren door een onafhankelijke partij, in plaats van door de betrokken ministeries zelf.

Dat ziet het kabinet echter niet zitten. “Gezien de politieke gevoeligheid van missies en de belangen van partners en bondgenoten is het onwaarschijnlijk dat een derde partij tijdens het verloop van de missie ter plaatse onderzoek kan uitvoeren.” Het kabinet laat wel de optie open om een onafhankelijke partij te betrekken bij de eindevaluatie.

Druk op ambtenaren leidde tot te rooskleurig beeld Kunduz-missie

AD 31.01.2020 De Tweede Kamer is indertijd onvolledig en onjuist geïnformeerd over de politietrainingsmissie in de Afghaanse provincie Kunduz. Reden daarvoor was dat de missieleiding druk uitoefende op ambtenaren om in rapportages aan het parlement een positief beeld te schetsen, ‘ook al klopte dat niet met de werkelijkheid’.

Hoewel er feitelijk te weinig cursisten waren om te trainen, kreeg de Kamer een rooskleurig beeld voorgeschoteld, zo blijkt uit de post-missiebeoordeling (PMB), die het kabinet naar de Kamer heeft gestuurd.

Zo werden in rapportages over het aantal getrainde agenten reeds afgehaakte cursisten meegeteld, werden cursisten die verschillende trainingen ontvingen meerdere malen meegeteld, en kregen mensen een certificaat die hier volgens de richtlijnen niet voor in aanmerking kwamen

Ook werd de Kamer verteld dat bijna 2000 agenten alfabetiseringsonderwijs zouden hebben afgerond, terwijl dat aantal feitelijk sloeg op het aantal agenten dat een vorm van onderwijs had gehad in plaats van een afgeronde opleiding.

Krap

Uit het rapport blijkt dat de missieleiding er veel aan gelegen was om het draagvlak voor de missie te behouden. De parlementaire steun voor de politiemissie, die tussen 2011 en 2013 werd uitgevoerd, was relatief krap en kwam pas tot stand nadat het kabinet eisen van toenmalige oppositiepartijen GroenLinks en ChristenUnie had ingewilligd.

Toezeggingen die aan deze partijen werden gedaan bemoeilijkten de missie en sloten niet aan bij de behoeften van de Afghanen en internationale bondgenoten, zo wordt geconcludeerd in het rapport. Door Nederland getrainde politiemensen mochten bijvoorbeeld alleen binnen Kunduz geplaatst worden en alleen defensief worden ingezet. Ook was de missieduur te kort om institutionele en culturele veranderingen te kunnen bereiken.

‘Ernstige conclusie’

Het kabinet erkent in een reactie dat er fouten zijn gemaakt. Achteraf blijkt dat er ‘op verschillende niveaus en bij verschillende departementen onvoldoende ruimte en aandacht’ was om de ‘negatieve en positieve kanten van de missieresultaten op een evenwichtige manier te rapporteren’, schrijven de ministers Stef Blok (Buitenlandse Zaken), Ank Bijleveld (Defensie), Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) en Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid).

,,Dit is een ernstige conclusie”, concluderen zij in de brief. Het parlement moet er volgens het viertal op kunnen vertrouwen dat rapportages een zo nauwkeurig mogelijke weergave van de missieresultaten bevatten.

,,Personeel moet de ruimte voelen om kritische of negatieve inzichten te kunnen rapporteren en leidinggevenden moeten ervoor zorgen deze boodschappen op een evenwichtige en transparante wijze doorklinken in rapportages aan Den Haag. Ook in de Haagse realiteit moet acceptatie zijn voor onwelgevallige berichten, en die moeten hun weg kunnen vinden in rapportages aan uw Kamer”, aldus de kabinetsleden.

Ministers: voortgang trainingsmissie in Afghanistan te rooskleurig voorgesteld

NOS 30.01.2020 De Tweede Kamer is destijds verkeerd ingelicht over het verloop van de Kunduz-politietrainingsmissie in Afghanistan. De ontwikkelingen werden te rooskleurig en positief voorgesteld om het politieke draagvlak voor de missie niet te verliezen.

Tot die conclusie komen onderzoekers van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Onder meer de ministers Blok (Buitenlandse Zaken) en Bijleveld (Defensie) noemen in een brief aan de Tweede Kamer de conclusies “ernstig”. Ze vinden het onderzoek een reden voor het kabinet “de hand in eigen boezem te steken”.

De missie vond van 2011 tot 2013 plaats in de Afghaanse provincie Kunduz. Nederlandse militairen trainden daar lokale politieagenten. Het politieke draagvlak was van meet af aan een probleem. De PVV, die het kabinet-Rutte 1 van CDA en VVD gedoogsteun gaf, wees de missie af.

Met moeite kreeg het kabinet steun van oppositiepartijen. Die stelden – met name GroenLinks en de ChristenUnie – strenge voorwaarden. Zo mocht het alleen een ‘trainingsmissie’ heten en geen ‘vechtmissie’.

Onder druk gezet

De onderzoekers concluderen nu dat betrokkenen bij de missie “druk ervoeren om een positiever beeld neer te zetten dan er was”. Er werd een te gunstig beeld van het aantal opgeleide Afghanen geschetst; reeds afgehaakte cursisten telden alsnog mee, anderen werden dubbel geteld. Ook zouden er onterecht certificaten zijn uitgereikt.

Het versterken van de rechtsstaat ter plekke is ook minder goed gelukt dan de Kamer te horen kreeg.

Het vorige kabinet gaf al toe dat de opzet van de Kunduz-missie te wensen overliet. Zo werd erkend dat er te weinig trainers waren.

Het kabinet zegt te werken aan verbeterpunten en bij ontwerpen voor nieuwe missies voortaan uitgebreider in te gaan op de risico’s.

Gevechten bij plek waar toestel neerstortte in Afghanistan

MSN 28.01.2020 Afghaanse troepen zijn slaags geraakt met de Taliban toen ze probeerden het wrak van een Amerikaans vliegtuig in de bergen te bereiken. Volgens de politiechef in de betrokken provincie Ghazni zijn die troepen in een hinderlaag gelopen en werden ze gedwongen zich terug te trekken. De Afghaanse strijdkrachten en hun bondgenoten proberen dinsdag het wrak vanuit de lucht te bereiken.

Maandag stortte een Amerikaans toestel neer in de bergachtige provincie. Het was volgens Washington een militair vliegtuig van het type Bombardier E-11A bestemd voor communicatiedoeleinden. Het is niet bekendgemaakt hoeveel mensen aan boord waren. Volgens de Amerikanen is het niet neergeschoten. De Taliban zeggen dat zij het hebben neergehaald en dat er belangrijke officieren van de CIA aan boord waren.

Het wrak van de Amerikaanse Bombardier E-11A in de Afghaanse provincie Ghazni. © AFP

Afghaanse troepen en taliban slaags op plek waar VS-toestel crashte

AD 28.01.2020 Afghaanse troepen zijn slaags geraakt met de taliban toen ze probeerden het wrak van een Amerikaans vliegtuig in de bergen te bereiken. De taliban claimden gisteren het toestel te hebben neergehaald tijdens een verkenningsvlucht boven het oosten van het land.

De Afghaanse strijdkrachten en hun bondgenoten proberen vandaag het wrak vanuit de lucht te bereiken. Volgens de politiechef in de betrokken centraal gelegen provincie Ghazni zijn die troepen in een hinderlaag gelopen en werden ze gedwongen zich terug te trekken.

Gisteren stortte een Amerikaans toestel neer in de bergachtige provincie. Na eerdere berichten over een gecrasht passagierstoestel bleek het om een militair toestel te gaan. Volgens Washington betrof het een Bombardier E-11A bestemd voor communicatiedoeleinden.

Lees ook;

Lees meer

CIA

De Amerikanen hebben niet bekendgemaakt hoeveel passagiers er aan boord waren. Wel hebben ze laten weten dat het toestel niet is neergeschoten. De taliban betwisten dat. Volgens hen hebben zij het vliegtuig neergehaald en waren er belangrijke officieren van de CIA aan boord. In het gebied waar het vliegtuig neerkwam is het bitterkoud.

De taliban hebben het gebied waar het toestel terechtkwam in handen. © EPA

Twee lichamen neergestorte Amerikaanse vliegtuig in Afghanistan geborgen

NU 28.01.2020 De stoffelijke resten van twee inzittenden van het Amerikaanse vliegtuig dat maandag neerstortte in Afghanistan zijn dinsdag geborgen, meldt het Amerikaanse ministerie van Defensie. De identiteit van de slachtoffers wordt nog onderzocht.

Het vliegtuig stortte maandag neer in de provincie Ghazni in Afghanistan. Vlak daarna eiste de Taliban de verantwoordelijkheid op voor het neerhalen van het vliegtuig. Het Pentagon ontkent dat de Taliban bij de crash betrokken is.

Eerder op de dinsdag braken er in het gebied van de vliegtuigcrash gevechten uit tussen het Afghaanse leger en strijdkrachten van de Taliban, toen het leger namens de Amerikanen het vliegtuigwrak, dat op grondgebied van de Taliban ligt, probeerde te bereiken. Later kreeg een reddingsteam toegang tot het wrak, waarna twee lichamen zijn geborgen.

Hoeveel mensen er precies in het gecrashte vliegtuig zaten, is nog steeds onduidelijk. Een woordvoerder van de Taliban zegt dat er zes lichamen op de plek van de crash zijn aangetroffen. Volgens Amerikaanse bronnen zaten er echter minder dan vijf mensen in het vliegtuig.

Eerste beelden van neergestort vliegtuig in Afghanistan

Lees meer over: Afghanistan  Taliban  Verenigde Staten  Buitenland

Twee lichamen geborgen bij gecrasht Amerikaans vliegtuig Afghanistan

NOS 28.01.2020 De Verenigde Staten hebben twee lichamen geborgen bij het Amerikaanse vliegtuig dat gisteren crashte in Afghanistan, bevestigt het Pentagon. Ook is de dataopslag van het vliegtuig teruggehaald.

De twee waren de enigen in het vliegtuig, zeggen de Amerikanen. De identiteit van de inzittenden is nog niet bekend gemaakt, omdat de families eerst op de hoogte moeten worden gesteld.

Vandaag braken gevechten uit tussen Afghaanse regeringstroepen en de Taliban rond de rampplek. Het toestel stortte door onduidelijke oorzaak neer in de Oost-Afghaanse provincie Ghazni, die onder controle staat van de islamitische terreurbeweging Taliban.

Veel vragen

Er zijn nog veel vragen over de toedracht van de crash van het vliegtuig, een Bombardier E11A, dat gebruikt werd voor communicatie tussen grondtroepen en spionagevluchten. De Taliban zeggen het toestel te hebben neergehaald, waarbij “veel” Amerikaanse militairen zouden zijn gedood.

Maar het Amerikaanse leger doet die verklaring af als “misleidend”. Zij stellen dat er geen reden is om te denken dat de crash is veroorzaakt door toedoen van vijanden. Het eerste onderzoek zou duiden op een technisch mankement, meldt Reuters.

Bekijk ook;

VS bergen resten inzittenden van in Afghanistan gecrasht toestel

Telegraaf 28.01.2020 Amerikaanse militairen zijn er in geslaagd in het oosten van Afghanistan de stoffelijke resten te bergen van de inzittenden van Amerikaans militair vliegtuig dat er maandag neerstortte. Een anonieme legerfunctionaris zei dat de slachtoffers worden geïdentificeerd.

Het is niet duidelijk hoe de berging is uitgevoerd. Eerder op dinsdag werd bekend dat Afghaanse troepen zijn slaags geraakt met de Taliban toen ze probeerden het wrak van het vliegtuig te bereiken. Volgens de politiechef in de betrokken bergachtige provincie Ghazni zijn die troepen in een hinderlaag gelopen en werden ze gedwongen zich terug te trekken.

Het is niet duidelijk hoe de berging is uitgevoerd. Eerder op dinsdag werd bekend dat Afghaanse troepen zijn slaags geraakt met de Taliban toen ze probeerden het wrak van het vliegtuig te bereiken. Volgens de politiechef in de betrokken bergachtige provincie Ghazni zijn die troepen in een hinderlaag gelopen en werden ze gedwongen zich terug te trekken.

BEKIJK OOK: 

Taliban claimen neerhalen militair toestel met Amerikanen 

BEKIJK OOK: 

VS bevestigen crash legervliegtuig in Afghanistan 

Het was volgens Washington een militair vliegtuig van het type Bombardier E-11A bestemd voor verbindingsdoeleinden. Het is niet bekendgemaakt hoeveel mensen aan boord waren. Volgens de Amerikanen is het niet neergeschoten. De Taliban zeggen dat zij het hebben neergehaald en dat er belangrijke officieren van de CIA aan boord waren.

BEKIJK MEER VAN; lucht- en ruimtevaartongeval/-incident misdaad gewapend conflict overheid bomaanslagen Ghazni Taliban

VS bevestigen crash legervliegtuig in Afghanistan

Telegraaf 27.01.2020 De Verenigde Staten bevestigen dat er een militair vliegtuig is neergestort in Afghanistan. Er zijn geen aanwijzingen dat het toestel uit de lucht is geschoten, aldus een legerwoordvoerder in een verklaring. Hij sprak niet over mogelijke slachtoffers. Een anonieme Amerikaanse functionaris zei eerder dat vermoedelijk minder dan tien mensen aan boord waren.

Het toestel van het type Bombardier E-11A crashte maandag in de provincie Ghazni, ten zuidwesten van hoofdstad Kabul. Dat gebeurde volgens lokale bronnen in bergachtig gebied waar de Taliban actief zijn. Die opstandelingen beweerden ook dat ze het toestel hadden neergehaald, zonder in detail te treden over hoe ze dat gedaan zouden hebben.

Eerder was bericht dat een passagiersvliegtuig was neergestort van Ariana Afghan Airlines, maar die luchtvaartmaatschappij sprak dat tegen.

 Tariq Ghazniwal@TGhazniwal

Another video of #American aircraft shot dawned by #Taliban in #Ghazni #Afghanistan

285 5:24 PM – Jan 27, 2020 227 people are talking about this

  Manu Gómez@GDarkconrad

#Ariana Afghan Airlines Boeing 737-470 flight AFG507A crashed minutes after take off from #Kabul

42 11:07 AM – Jan 27, 2020 74 people are talking about this

VS bevestigt vliegtuigcrash in Afghanistan en ontkent betrokkenheid Taliban

NU 27.01.2020 Het Amerikaanse leger heeft maandag bevestigd dat er een Amerikaans militair vliegtuig is neergestort in Afghanistan. Het Pentagon ontkent dat het vliegtuig is neergehaald door de Taliban.

De Taliban eiste maandag kort na de crash de verantwoordelijkheid op voor het neerhalen van het vliegtuig. De VS zei al eerder dat hier nog geen indicaties voor waren. Het Pentagon ontkent nu dat de Taliban bij de crash betrokken is.

Er loopt nog een onderzoek om de daadwerkelijke oorzaak van de crash te achterhalen.

Het vliegtuig stortte maandag neer in de provincie Ghazni in Afghanistan. In het gebied zijn veel rebellen van de Taliban aanwezig.

Eerste beelden van neergestort vliegtuig in Afghanistan

Eerste beelden van neergestort vliegtuig in Afghanistan

Onduidelijk hoeveel mensen aan boord waren

Het Amerikaanse leger heeft bevestigd dat het om een Amerikaanse Bombardier E-11A gaat, een klein Amerikaans militair vliegtuig dat gebruikt wordt door de Amerikaanse luchtmacht.

Lokale autoriteiten meldden eerst dat het om een Boeing van Ariana Afghan Airlines ging, maar de vliegmaatschappij liet al snel weten dat zij geen toestel uit de vloot misten.

Het is nog niet duidelijk hoeveel mensen aan boord waren, maar volgens de VS waren er minder dan tien inzittenden. Volgens de Taliban zouden er geen overlevenden zijn. De VS heeft dit nog niet bevestigd.

Lees meer over: Afghanistan  Taliban  Verenigde Staten  Buitenland

VS bevestigt vliegtuigcrash in Afghanistan en ontkent betrokkenheid Taliban

MSN 27.01.2020 Het Amerikaanse leger heeft maandag bevestigd dat er een Amerikaans militair vliegtuig is neergestort in Afghanistan. Het Pentagon ontkent dat het vliegtuig is neergehaald door de Taliban.

De Taliban eiste maandag kort na de crash de verantwoordelijkheid op voor het neerhalen van het vliegtuig. De VS zei al eerder dat hier nog geen indicaties voor waren. Het Pentagon ontkent nu dat de Taliban bij de crash betrokken is.

Er loopt nog een onderzoek om de daadwerkelijke oorzaak van de crash te achterhalen.

Het vliegtuig stortte maandag neer in de provincie Ghazni in Afghanistan. In het gebied zijn veel rebellen van de Taliban aanwezig.

Onduidelijk hoeveel mensen aan boord waren

Het Amerikaanse leger heeft bevestigd dat het om een Amerikaanse Bombardier E-11A gaat, een klein Amerikaans militair vliegtuig dat gebruikt wordt door de Amerikaanse luchtmacht.

Lokale autoriteiten meldden eerst dat het om een Boeing van Ariana Afghan Airlines ging, maar de vliegmaatschappij liet al snel weten dat zij geen toestel uit de vloot misten.

Het is nog niet duidelijk hoeveel mensen aan boord waren, maar volgens de VS waren er minder dan tien inzittenden. Volgens de Taliban zouden er geen overlevenden zijn. De VS heeft dit nog niet bevestigd.

VS onderzoekt mogelijk neerhalen militair vliegtuig door Taliban

MSN 27.01.2020 De Verenigde Staten onderzoeken of het maandag in Afghanistan neergestorte vliegtuig een van hun militaire toestellen was. De Taliban claimt dat zij het toestel hebben neergehaald boven eigen grondgebied.

Op beelden die rondgaan op sociale media is inderdaad een neergestorte Bombardier E-11A te zien, die gebruikt wordt door de Amerikaanse luchtmacht.

Het is echter nog niet bevestigd dat de beelden kloppen. Ook is onbekend hoeveel mensen aan boord waren van het vliegtuig.

Het toestel stortte rond 13.10 uur neer in de provincie Ghazni. In eerste instantie meldden lokale autoriteiten dat het ging om een Boeing van Ariana Afghan Airlines, maar al snel kon de nationale vliegmaatschappij meldden dat zij geen toestel uit de vloot missen.

Afghaanse militairen maken zich gereed om de plek van de crash te bezoeken EPA

VS: gecrasht toestel Afghanistan was Amerikaans militair vliegtuig

NOS 27.01.2020 Het vliegtuig dat vandaag crashte in de Oost-Afghaanse provincie Ghazni, is een klein Amerikaans militair vliegtuig. Dat heeft het Amerikaanse leger bevestigd. Eerder zei de islamitische terreurbeweging Taliban ook al dat om een toestel van de Amerikaanse luchtmacht ging.

Volgens de Amerikanen gaat het om een toestel van het type Bombardier E-11A, dat onder meer door het leger gebruikt wordt voor communicatie tussen grondtroepen en spionagevluchten. Over de oorzaak van de crash is nog niets bekend. Ook is niet duidelijk of er militairen om het leven zijn gekomen.

Het Amerikaanse leger zegt dat er “geen indicaties zijn” dat de crash veroorzaakt is door toedoen van vijanden.

Eerder claimden de Taliban dat het vliegtuig door hen is neergehaald, ook al bestond daar verwarring over. In de ene verklaring werd gemeld dat het vliegtuig was gecrasht, in een andere versie zeiden de Taliban het toestel te hebben neergehaald.

In eerste instantie werd gemeld dat het een vliegtuig zou zijn van maatschappij Ariana Afghan Airlines, met aan boord mogelijk meer dan tachtig inzittenden, maar de directeur van het bedrijf ontkende dat al snel. “Er was een crash, maar niet met een toestel van Ariana. De twee vliegtuigen die vandaag vlogen, zijn veilig aangekomen op hun bestemming.”

De provincie Ghazni ligt ten zuidwesten van de hoofdstad Kabul. De regio is deels in handen van de Taliban. Het toestel crashte in onherbergzaam gebied.

Bekijk ook;

In Afghanistan neergestort vliegtuig is van VS, onderzoek naar rol Taliban

NU 27.01.2020 Het vliegtuig dat maandag in Afghanistan is neergestort, is een militair toestel van de VS. De Taliban claimt dat zij het toestel hebben neergehaald boven eigen grondgebied.

Op beelden die rondgaan op sociale media is de neergestorte Bombardier E-11A te zien, die gebruikt wordt door de Amerikaanse luchtmacht.

Autoriteiten van de VS hebben aan persbureau Reuters bevestigd dat het gaat om een militair vliegtuig. Het Pentagon bevestigt de crash, maar ontkent dat de Taliban het vliegtuig heeft neergehaald. Er zouden nog “geen indicaties zijn” dat het toestel is neergehaald. Het is nog niet gemeld hoeveel mensen precies aan boord waren, maar het zou om minder dan tien inzittenden gaan.

Het toestel stortte rond 13.10 uur neer in de provincie Ghazni. In eerste instantie meldden lokale autoriteiten dat het ging om een Boeing van Ariana Afghan Airlines, maar al snel kon de nationale vliegmaatschappij melden dat zij geen toestel uit de vloot missen.

Eerste beelden van neergestort vliegtuig in Afghanistan

Lees meer over: Afghanistan  Verenigde Staten

Taliban claimen neerhalen militair toestel met Amerikanen

Telegraaf 27.01.2020 De Taliban zeggen dat ze boven de Afghaanse provincie Ghazni een vliegtuig met Amerikaanse militairen hebben neergehaald. Afghaanse media berichtten dat volgens de Taliban alle mensen aan boord, onder wie hoge CIA-officieren, zijn omgekomen. Het is onduidelijk hoeveel mensen in het toestel zaten.

Anonieme militaire functionarissen in Washington hebben bevestigd dat een klein militair vliegtuig in Afghanistan is neergestort. Er zijn volgens de bronnen geen aanwijzingen dat het is neergeschoten. Er zouden minder dan tien mensen aan boord zijn geweest.

Afgaande op opgedoken beelden lijkt het te gaan om een relatief klein spionagevliegtuig, een Bombardier E-11A. Luchtvaartautoriteiten in Kabul hebben bevestigd dat „een vliegtuig dat geen vrachtvliegtuig was en kennelijk was bedoeld voor militaire operaties, in Afghanistan was opgestegen en is neergestort in gebied in het oosten van het land dat door de Taliban wordt beheerst.” Volgens politiebronnen vloog het van Kandahar naar Kabul.

Eerder maandag werd bekend dat er in Afghanistan een vliegtuig was neergestort, maar onduidelijk is wat voor toestel. Een vicepresident van het land beweerde aanvankelijk dat een groot passagiersvliegtuig van de nationale luchtvaartmaatschappij was neergestort.

BEKIJK OOK: 

VS bevestigen crash legervliegtuig in Afghanistan 

BEKIJK MEER VAN; bomaanslagen defensie spionage en geheime diensten Kabul Taliban

Taliban claimen neerhalen Amerikaans militair toestel boven Afghanistan

AD 27.01.2020 De taliban hebben vanmiddag het neerhalen van een Amerikaans militair toestel boven Afghanistan geclaimd. Daarbij zouden alle inzittenden, inclusief hoge officieren, zijn omgekomen. Het toestel voerde waarschijnlijk een verkenningsvlucht uit boven het oosten van het land. Het Pentagon weigert vooralsnog te reageren op de crash.

Anonieme militaire functionarissen in Washington hebben bevestigd dat een klein militair vliegtuig in Afghanistan is neergestort. Er zijn volgens de bronnen geen aanwijzingen dat het is neergeschoten. Er zouden minder dan tien mensen aan boord zijn geweest.

Luchtvaartautoriteiten in Kabul hebben bevestigd dat ‘een vliegtuig dat geen vrachtvliegtuig was en kennelijk was bedoeld voor militaire operaties, in Afghanistan was opgestegen en is neergestort in gebied in het oosten van het land dat door de Taliban wordt beheerst’. Volgens politiebronnen vloog het van Kandahar naar Kabul.

Onduidelijkheid

Aanvankelijk was er een hoop onduidelijkheid over het neergestorte vliegtuig. Lokale media meldden in eerste instantie dat het een passagiersvliegtuig van Ariana Afghan Arilines betrof, maar de luchtvaartmaatschappij ontkende dat.

Het toestel stortte vandaag rond 13.00 uur (lokale tijd) neer in de centraal gelegen provincie Ghazni ten zuidwesten van hoofdstad Kaboel, aldus een woordvoerder van de gouverneur. ,,Het toestel staat in brand en dorpelingen proberen de vlammen te doven,” vervolgt hij.

Afghaanse hulpdiensten zijn onderweg naar de plek van het ongeval. Het zou in het gebied aan de voet van het Hindu Kush-gebergte bitterkoud zijn, meldt persbureau AP. De regio waarin het toestel neerstortte is in handen van de taliban. Volgens de politie in Ghazni is het gebied ‘niet veilig’ door de aanwezigheid van opstandelingen.

Leden van het Afghaanse leger maken zich klaar om naar de plek van de vliegtuigcrash te vertrekken. © REUTERS

Amerikaans onderzoek

res7cuefox5 @res7cuefox5

RT <a href=”https://twitter.com/airlivenet?ref_src=twsrc%5Etfw”>@airlivenet</a>: The crashed plane in the east of Afghanistan looks to be a Bombardier E-11A from the US Air Force <a href=”https://t.co/MRZX3h7VxJ”>https://t.co/MRZX3h7VxJ</a> <a href=”https://t.co/WWQJCrATit”>

Taliban claimen neerhalen militair toestel Afghanistan

MSN 27.01.2020 De Taliban claimt een Amerikaans toestel te hebben neergehaald en zegt dat daarbij alle inzittenden zijn omgekomen. Het Amerikaanse leger doet onderzoek. Volgens Amerikaanse media zijn zeker twee piloten omgekomen.

Het toestel stortte maandag rond 13.10 uur (lokale tijd) neer in de provincie Ghazni ten zuidwesten van hoofdstad Kabul. Mogelijk vloog het tussen Kandahar en de hoofdstad Kabul. Het toestel stortte neer in gebied dat in handen is van de Taliban.

Op beelden die circuleren op sociale media is een Bombardier E-11A met het logo van de Air Force te zien. De Amerikaanse nieuwszender CBS News meldt op basis van Afghaanse bronnen dat de lichamen van twee piloten zijn gevonden. Of er meer doden zijn gevallen, is nog onduidelijk.

Logo Air Force

Op beelden op Twitter is een vliegtuig te zien dat het logo draagt van de Amerikaanse Air Force. Het is onduidelijk wat de oorzaak van de crash is en hoeveel mensen er aan boord waren. Het toestel E-11A wordt door het leger normaal gebruikt voor elektronische toezicht van Afghanistan vanuit de lucht.

Eerder werd gemeld dat het om een toestel van de Afghaanse vliegtuigmaatschappij Ariana Airlines zou gaan, maar dat wordt door de maatschappij zelf ontkent.

Op deze, nog niet geverifieerde beelden, zou het neergestorte toestel te zien zijn:

Lees ook:

Passagiersvliegtuig neergestort in Afghanistan

RTL Nieuws / AP; Vliegtuigongeluk  Taliban  Defensie  Afghanistan

Vliegtuig stort neer in Afghanistan, Taliban claimen veel doden

NOS 27.01.2020 In het oosten van Afghanistan is een vliegtuig neergestort. Dat gebeurde rond 13.00 uur lokale tijd in de provincie Ghazni, ten zuidwesten van de hoofdstad Kabul. Volgens de islamitische terreurbeweging Taliban gaat het om een toestel van de Amerikaanse luchtmacht, maar die informatie is nog niet bevestigd.

Een woordvoerder van de terreurbeweging zegt dat er door crash “veel” Amerikaanse militairen om het leven zijn gekomen, onder wie verschillende hoge officieren. Die informatie is nog niet bevestigd. De terreurgroep staat erom bekend aantallen slachtoffers vaak te overdrijven. Ook is niet duidelijk of de Taliban zelf achter de crash zitten, of dat het toestel door een andere oorzaak is neergekomen.

Een woordvoerder van het Amerikaanse leger wil tegenover het Amerikaanse persbureau AP nog niet reageren en zegt de zaak te onderzoeken. Op sociale media circuleert beeldmateriaal van wat mogelijk de restanten zijn van een militair vliegtuig dat de Amerikanen gebruiken om boven Afghanistan te surveilleren. De woordvoerder benadrukt dat het nog onduidelijk is om wat voor soort vliegtuig het gaat.

Nog veel onduidelijk

In eerste instantie werd over de crash gemeld dat het een vliegtuig zou zijn van Ariana Afghan Airlines, met aan boord mogelijk meer dan tachtig inzittenden. Volgens de directeur van de luchtvaartmaatschappij klopt dat niet. “Er was een crash, maar niet met een toestel van Ariana. De twee vliegtuigen die vandaag vlogen, zijn veilig aangekomen op hun bestemming.”

Het gebied is moeilijk bereikbaar door de vele bergen. De Taliban hebben een deel van de regio onder controle.

Eerste beelden van neergestort vliegtuig in Afghanistan Video

NU 27.01.2020 In het oosten van Afghanistan is maandag een militair vliegtuig van de Verenigde Staten neergestort. De Taliban claimt dat zij het toestel hebben neergehaald boven eigen grondgebied. Het is nog niet bekend of er overlevenden zijn.

Veel onduidelijkheid over neergestort vliegtuig in Afghanistan

NU 27.01.2020 Een vliegtuig is maandag neergestort in Afghanistan, melden lokale autoriteiten. Het is echter nog onduidelijk van welke luchtvaartmaatschappij het toestel is. Ook is nog niet bekend of er overlevenden zijn.

Volgens lokale media zouden er 83 inzittenden aan boord van het vliegtuig zijn. Het toestel stortte rond 13.10 uur neer in de provincie Ghazni. Dit gebied is in handen van de Taliban.

In eerste instantie meldden de lokale autoriteiten dat het ging om een Boeing van Ariana Afghan Airlines. De nationale vliegmaatschappij van Afghanistan ontkende dit echter. Het luchtvaartbedrijf liet weten geen toestel uit zijn vloot te missen.

Ook is nog onduidelijk om welke vlucht het gaat. In eerste instantie meldden de autoriteiten dat het gecrashte vliegtuig onderweg was van de westelijk gelegen stad Herat naar de hoofdstad Kaboel in het oosten van het land, maar deze berichten zijn nog niet bevestigd.

Eerste beelden van neergestort vliegtuig in Afghanistan

Lees meer over: Afghanistan  Boeing  Buitenland

Taliban: Geen sprake van plannen voor wapenstilstand in Afghanistan

AD 30.12.2019 Berichten dat de taliban gisteren zou hebben ingestemd met een tijdelijk staakt-het-vuren worden door de Afghaanse guerrillabeweging zelf tegengesproken. Een wapenstilstand zou de aanzet zijn voor een vredesverdrag met de Verenigde Staten. ‘Het feit is dat het Islamitische Emiraat van Afghanistan geen plannen heeft voor een staakt-het-vuren’, leest het vandaag in een verklaring.

Gisteren berichtten diverse media dat de hoogste taliban-raad het eens was geworden over een tijdelijke wapenstilstand. Een staakt-het-vuren was een van de eisen die Washington eerder stelde aan het bereiken van een vredesakkoord in Amerika’s langstlopende conflict (achttien jaar) en ’s werelds dodelijkste van het afgelopen jaar.

In september strandden eerdere besprekingen tussen de VS en de taliban, nadat de beweging een aanslag in Kaboel had opgeëist. Die bomaanslag kostte twaalf mensen het leven, waaronder dat van een Amerikaanse militair. Begin deze maand staken beide partijen in Qatar toch de koppen weer bij elkaar.

Lees ook;

Lees meer

Terugtrekking Amerikanen

Op 12 december kwamen de onderhandelingen weer stil te liggen na een nieuwe aanslag met een autobom op de grootste Amerikaanse basis in Afghanistan, de luchtmachtbasis in Bagram. Daarbij kwamen zeker 73 mensen om het leven. President Trump bezocht de basis in november nog.

De besprekingen over een wapenstilstand werden een week later weer hervat. Washington zou deze week plannen aankondigen om ongeveer 4000 manschappen uit Afghanistan terug te trekken. Ook de taliban heeft in de gesprekken aangegeven dat terugtrekking van de Amerikaanse soldaten een vereiste is voor vrede.

Nog wel instemmen

Persbureau AP meldde gisteren dat nog niet duidelijk was wanneer de aangekondigde wapenstilstand moest ingaan en hoe lang deze zou gaan duren. Het vermoeden was dat het om een periode van tien dagen zou gaan. Ook moest de taliban-leiding nog wel instemmen met het voornemen.

Vier leden van een onderhandelingsdelegatie van de taliban zouden vorige week met de hoogste raad hebben overlegd. De Amerikanen reageerden niet direct op de berichten over een staakt-het-vuren, hoewel zo’n afspraak een einde aan de achttien jaar durende operatie in Afghanistan zou kunnen betekenen.

‘Geen plannen’

De VS heeft op dit moment nog zo’n 12.000 troepen in Afghanistan. De terugtrekking uit het land is een verkiezingsbelofte van president Trump. Andere eisen van de VS zijn dat de taliban terreurorganisatie Al-Qaida verbiedt Afghanistan als basis te gebruiken en dat de raad in gesprek gaat met de zittende regering.

Vandaag laat de taliban in een verklaring weten dat er van een staakt-het-vuren geen sprake is. ,,De afgelopen dagen hebben sommige media valselijk gemeld dat er een wapenstilstand zou zijn’’, aldus de beweging. ,,Het feit is dat het Islamitische Emiraat van Afghanistan geen plannen van die aard heeft.’’

Nieuwe wapenstilstand in Afghanistan om vredesbesprekingen af te ronden

NU 29.12.2019 De Taliban is zondagavond akkoord gegaan met een nieuwe staakt-het-vuren in Afghanistan om de vredesbesprekingen met de Verenigde Staten te voltooien, meldt AP. Alleen het hoofd van de islamitische beweging moet zijn goedkeuring nog geven, maar dat wordt als een formaliteit gezien.

De exacte duur van de wapenstilstand is niet bekendgemaat maar naar verluidt gaat het om een periode van om en nabij de tien dagen.

Eerder deze maand hadden beide partijen de vredesbesprekingen over de toekomst van Afghanistan hervat. In september noemde de Amerikaanse president Donald Trump de gesprekken “dood” nadat de Taliban meerdere aanslagen in de Afghaanse hoofdstad Kaboel had gepleegd, waarbij een Amerikaanse soldaat om het leven kwam.

Trump wil belangrijke verkiezingsbelofte inlossen

Trump wil de strijdbijl met de Taliban zo snel mogelijk begraven met het oog op de presidentsverkiezingen in 2020. Het beëindigen van de langste oorlog uit de historie van de VS gold bij de laatste verkiezingen in 2016 als een van zijn belangrijkste verkiezingsbeloftes.

Amerikaanse soldaten zijn al zo’n achttien jaar gestationeerd in het land en de oorlog zou de VS al zo’n 2 duizend miljard dollar hebben gekost. Momenteel zouden er nog zo’n 12.000 Amerikaanse soldaten in Afghanistan actief zijn.

Een van de grote struikelblokken bij de onderhandelingen is de eis van de VS dat de Taliban straks in gesprek moet met de door VS gesteunde Afghaanse regering. Momenteel weigert de islamitische beweging enig contact. Ook moet de Taliban laten zien dat zij de veiligheid in het land kunnen bewaren als alle buitenlandse troepen vertrekken.

Taliban-militanten hadden eerder op de zondag nog een aanslag gepleegd waarbij zeventien mensen om het leven kwamen, aldus AP. In de laatste week werd nog een Amerikaanse soldaat gedood bij gevechten in de provincie Kunduz en werden zeventien Afghaanse soldaten gedood bij vuurgevechten.

Lees meer over: Afghanistan  Taliban  Verenigde Staten  Donald Trump  Buitenland

Afghaanse troepen in gebied dat recent nog in handen was van de Taliban EPA

Taliban akkoord over staakt-het-vuren in Afghanistan

NOS 29.12.2019 De hoogste raad van de Taliban is het eens geworden over een staakt-het-vuren in Afghanistan, waarmee toegewerkt kan worden naar een vredesverdrag met de Verenigde Staten.

Het is onduidelijk wanneer de wapenstilstand moet ingaan. Ook hebben de Amerikanen nog niet gereageerd op het nieuws uit Afghanistan.

Het staakt-het-vuren was een van de eisen van Washington voor een vredesverdrag. De Amerikanen onderhandelen al maanden met de Taliban over vrede. Die gesprekken leken in september gestrand na een aanslag in Kabul die werd opgeëist door de Taliban, maar begin deze maand gingen de partijen toch weer met elkaar om de tafel.

De Taliban – wie zijn dat eigenlijk?

De VS wil dat de Taliban beloven om het geweld in Afghanistan te verminderen en stoppen met het toestaan dat terreurorganisaties als Al-Qaida het land gebruiken als uitvalsbasis. Verder eist de VS dat de Taliban directe gesprekken gaan voeren met de Afghaanse regering over de toekomst van het land. De Taliban hebben dat altijd geweigerd.

Andersom willen de Taliban dat de Amerikanen hun 12.000 soldaten na achttien jaar terugtrekken uit het land. Het voorgenomen staakt-het-vuren maakt dat op papier mogelijk, waarmee een einde kan komen aan de langste oorlog in de geschiedenis van het Amerikaanse leger.

Bekijk ook;

Gekidnapte vredesactivisten Afghanistan weer vrij

NOS 26.12.2019 Een groep gekidnapte vredesactivisten in Afghanistan is vrijgelaten. De 27 leden van de People’s Peace Movement (PPM) werden dinsdag ontvoerd, vermoedelijk door de Taliban.

Volgens een leider van de Afghaanse vredesorganisatie liep hun konvooi in een hinderlaag in de provincie Farah, in het westen van het land. De daders dwongen het konvooi van zes auto’s tot stoppen en reden met de inzittenden naar een onbekende locatie.

De Taliban zeggen dat de PPM wordt gefinancierd door de Afghaanse overheid, maar de activisten ontkennen dat. In oktober werden zes activisten van de PPM ontvoerd door de Taliban. Ook die waren na korte tijd weer vrij.

Onderhandelingen

De PPM zet zich in voor een staakt-het-vuren in het door geweld geteisterde Afghanistan, dat ongeveer voor de helft in handen is van de Taliban.

Begin deze maand werden de onderhandelingen over vrede tussen de Taliban en de Verenigde Staten weer opgestart. In september leek een akkoord ophanden, maar president Trump stopte de gesprekken na een aanslag in Kabul die werd opgeëist door de Taliban.

De Taliban – wie zijn dat eigenlijk?

Bekijk ook;

27 door taliban ontvoerde vredesactivisten vrijgelaten in Afghanistan

AD 26.12.2019 In Afghanistan zijn 27 vredesactivisten vrijgelaten nadat zij dinsdag waren gekidnapt, meldt de BBC vandaag. Het gaat om leden van de People’s Peace Movement (PPM), die door de taliban werden ontvoerd toen zij de provincie Farah binnengingen.

De activisten reden in zes auto’s toen zij, in het district Bala Buluk, werden tegengehouden op een hoofdweg. De taliban stapte in de voertuigen en reed het konvooi naar een onbekende locatie. Volgens PPM zelf was het de vierde keer dat leden van de groep werden ontvoerd door de taliban.

De taliban is van mening dat de PPM, die van dorp naar dorp reed om actie te voeren voor de vrede, gefinancierd wordt door de Afghaanse regering. De beweging zelf ontkent dat. De taliban claimde niet de verantwoordelijkheid voor de ontvoering.

Leden van de PPM houden sinds begin vorig jaar protestmarsen in verschillende gebieden in Afghanistan en eisen een staakt-het-vuren. Door de acties krijgen ze nationaal, maar ook internationaal veel steun. Lokale stamhoofden hebben onderhandeld met de taliban voor de vrijlating van de activisten.

Amerikaanse militair komt om in Afghanistan, Taliban eist aanval op

Telegraaf 23.12.2019 Een Amerikaanse soldaat is tijdens gevechten in Afghanistan omgekomen. Dat laat het Amerikaanse leger weten. De Taliban claimen een aanval te hebben uitgevoerd waarbij de militair zou zijn gesneuveld. Ook zouden ze diverse Amerikaanse en Afghaanse troepen hebben verwond.

In een WhatsApp-bericht stelt een woordvoerder van de Taliban dat strijders „een Amerikaans voertuig in het Char Dara district in Kunduz hebben opgeblazen.”

Het afgelopen jaar zijn meer dan tien buitenlandse militairen omgekomen in Afghanistan. Ongeveer 20.000 buitenlandse troepen, waarvan de meeste afkomstig zijn uit de VS, zijn in Afghanistan als onderdeel van een NAVO-missie om Afghaanse troepen te trainen, helpen en te adviseren.

BEKIJK MEER VAN; terreurdaad terrorisme internationale militaire interventie Afghanistan Taliban

23 soldaten gedood bij aanslag Afghanistan

Telegraaf 14.12.2019 Bij een aanslag op een militaire basis in de provincie Ghazni zijn 23 Afghaanse soldaten om het leven gekomen, meldden de autoriteiten zaterdag. De provincie ligt in het zuidoosten van Afghanistan.

De Taliban hebben de aanslag opgeëist en claimen 32 soldaten te hebben gedood, maar dat aantal kan niet worden bevestigd. Zij zouden bij de militaire eenheid zijn geïnfiltreerd, omdat het Afghaanse leger een personeelstekort heeft en nauwelijks mogelijkheden om nieuwe rekruten te screenen.

Bekijk meer van; bomaanslagen terrorisme Kabul Afghanistan Ghazni Taliban

Oorlog in Afghanistan niet te winnen? Tweede Kamer wil een debat

NOS 10.12.2019 “Het Amerikaanse volk is voortdurend voorgelogen.” Dat is de stevige conclusie van de voorzitter van het instituut dat heeft onderzocht of het Amerikaanse geld voor de strijd in Afghanistan goed wordt besteed. Het onderzoek moest eigenlijk geheim blijven, maar gisteren publiceerde The Washington Post erover.

Uit 400 interviews met hoge militairen en ambtenaren, komt het beeld naar voren dat bij betrokkenen al vanaf het begin duidelijk was dat de oorlog niet te winnen was. “Ongelooflijk, schokkend, heftig, heel groot”, zijn woorden die SP-Kamerlid Karabulut in de mond neemt over het onderzoek dat door The Washington Post The Afghanistan Papers wordt genoemd. Dat is een verwijzing naar de Pentagon Papers uit 1971, waaruit bleek dat het Amerikaanse volk en het Congres werden voorgelogen over het verloop van de Vietnamoorlog.

Alle drie de presidenten (Bush jr., Obama, Trump) die de VS de afgelopen achttien jaar heeft gehad, zouden hebben geweten dat een stabiel Afghanistan onmogelijk was. “Het is ongelooflijk dat president na president hiervan wist”, zegt Karabulut. “Het is voor ons de vraag of dat ook geldt voor kabinet na kabinet. Zijn wij ook voorgelogen?”

Het SP-Kamerlid heeft vandaag een debat over de kwestie aangevraagd en kreeg daarbij steun van vrijwel de hele Tweede Kamer. “Eerlijke overheidscommunicatie is enorm belangrijk, zeker bij militaire missies”, stelt D66’er Sjoerdsma. “We moeten realistisch zijn over wat op korte termijn bereikt kan worden en de overheid moet daarover transparant rapporteren.”

Verjaagd, niet verslagen

De oorlog in Afghanistan begon in 2001, toen een coalitie onder leiding van de VS het land binnenviel. Directe aanleiding waren de aanslagen van 11 september. Het Afghaanse Taliban-regime bood onderdak aan het brein achter die aanslagen, Osama bin Laden. Het regime werd al snel verjaagd, maar nooit echt verslagen.

Tot op de dag van vandaag zijn er duizenden buitenlandse militairen in het land. Onder hen ook Nederlanders. In totaal zijn er sinds 2002 zo’n 29.000 Nederlandse militairen uitgezonden geweest, van wie er 25 zijn omgekomen. Op dit moment zitten er nog zo’n 160 Nederlanders in het noorden van het land. De strijd heeft Nederland naar schatting miljarden gekost.

“Opnieuw is gebleken hoe makkelijk het is om je in een oorlog te storten”, zegt PVV-Kamerlid De Roon. “En hoe moeilijk het is om je er weer uit te wurmen met goed fatsoen. Nederland zit ook met zijn vingers tussen de deur.” VVD-Kamerlid Bosman wil inhoudelijk niet reageren op The Afghanistan Papers. Hij wil eerst weten wat het kabinet ervan vindt.

In een reactie op het artikel van The Washington Post zegt minister Bijleveld van Defensie dat “de veiligheidssituatie in Afghanistan altijd ingewikkeld is geweest en nog steeds niet stabiel is”. Dat is volgens haar de reden dat Nederland er nog steeds aanwezig is en de missie heeft verlengd tot eind 2021. “We kijken daarbij niet naar een einddatum, maar naar een eindsituatie, namelijk dat Afghanistan weer in staat is voor haar eigen veiligheid te zorgen.”

The Afghanistan Papers bevestigen wat ik onlangs merkte toen ik de troepen daar bezocht”, zegt SP-Kamerlid Karabulut. “Het is daar nog steeds niet veilig, terwijl de oorlog met zijn achttien jaar inmiddels al volwassen is. Ik vraag al jaren aan het kabinet: wordt het nou veiliger? Maar het werd dus nooit veiliger.”

Terwijl veiligheid na het verjagen van de Taliban wel de insteek leek te zijn. Er werden scholen gebouwd, wegen aangelegd, verkiezingen georganiseerd, en duizenden en duizenden Afghaanse agenten en militairen getraind, onder meer door de Nederlanders. Toch werd het nooit echt een veilig land. Tot op de dag van vandaag zijn aanslagen aan de orde van de dag en winnen de Taliban aan terrein.

Wie zijn de Taliban eigenlijk en wat willen ze?

De Taliban – wie zijn dat eigenlijk?

Volgens Afghanistan-expert Olivier Immig was veiligheid helemaal nooit het hoofddoel. “Het is mij volstrekt duidelijk dat het Westen altijd een ander doel heeft gehad dan het helpen van de Afghanen. Het ging over Osama bin Laden, over partnerschappen tussen landen, over het redden van de NAVO, over vijandschappen zoals met Rusland.”

En dat geldt ook voor ons land, denkt Immig. “Nederlandse deelname ging over onze vriendschap met de VS.”

Toch vindt hij het te ver gaan om te zeggen dat er de afgelopen achttien jaar niets goeds is gebeurd. “Miljoenen kinderen zijn de afgelopen jaren naar school gegaan. Zij hebben iets anders meegekregen dan het traditionele koranonderwijs. Die kinderen weten nu wat meer van de wereld. Dat is positief, in westerse ogen in ieder geval.”

Grotere ambities zijn niet echt waargemaakt, vindt Immig. En dat blijkt ook uit de woorden van een diplomaat die wordt aangehaald in The Afghanistan Papers. “We vallen arme landen niet binnen om ze rijk te maken. We vallen autoritaire landen niet binnen om ze democratisch te maken. We vallen gewelddadige landen binnen om ze vreedzaam te maken. En we hebben duidelijk gefaald in Afghanistan.”

Vredesoverleg

Ondertussen zijn de VS en de Taliban aan het onderhandelen over vrede. President Trump heeft meermaals gezegd dat hij graag weg wil uit het land. Op dit moment zijn er nog zo’n 13.000 Amerikaanse militairen in Afghanistan. De VS wil dat de Taliban beloven om het geweld te verminderen.

Dat er wordt gesproken over een vredesverdrag noemt Afghanistan-expert Immig onzinnig. “De Taliban worden de baas of ze vechten door totdat ze dat zijn.” Volgens hem hebben ze een prima kans om uiteindelijk aan het langste eind te trekken. “De Taliban hoeven niet zoveel, ze hebben niet zoveel, ze kunnen zich goed verschuilen en ze hebben een ideologie waar ze voor willen sterven.”

Bekijk ook;

Amerikanen jarenlang voorgelogen: ‘We wisten niet wat we in Afghanistan deden’

AD 10.12.2019 De VS boekte vooruitgang in de oorlog in Afghanistan, hielden generaals, ministers, diplomaten en ambtenaren jarenlang vol. Ze wisten wel beter, bevestigen documenten. De Washington Post wist een serie vertrouwelijke interviews op de kop te tikken die een onthutsend beeld schetsen van de manier waarop de Amerikaanse overheid de bevolking misleidde.

Onder zowel de presidenten Bush, Obama als Trump is de situatie in Afghanistan voortdurend rooskleuriger voorgesteld dan die was. Ambtenaren, politici en hoge militairen wisten ondertussen heel goed dat de Amerikanen hun oorlog tegen de Taliban niet konden winnen, terwijl ze grote sommen geld verspilden en Afghanistan alleen maar onveiliger en corrupter werd.

De documenten zijn opgesteld door onderzoekers die in opdracht van de overheid bestudeerden welke fouten zijn gemaakt in Afghanistan. Hun rapporten werden eerder openbaar, maar harde kritiek die werd geuit in interviews die ze afnamen niet. De Washington Post wist in de rechtbank 2000 pagina’s aan uitgewerkte gesprekken te bemachtigen.

Lees ook;

‘VS misleidden publiek jarenlang over oorlog in Afghanistan’

Lees meer

Amerikaanse troepen tijdens een trainingssessie van Afghaanse soldaten in Herat. © EPA

‘Afghanistan niet begrepen’

We begrepen Afghanis­tan niet, we wisten niet wat we deden, aldus Generaal Douglas Lute, Leider Afghanistan-beleid VS .

Meer dan 400 generaals, diplomaten, hulpverleners en Afghaanse ambtenaren vertellen daarin wat misging. ,,We begrepen Afghanistan niet. We wisten niet wat we deden”, zei bijvoorbeeld generaal Douglas Lute, die de leiding had over het Afghanistan-beleid in de regeringen van Bush en Obama.

De VS viel in 2001 Afghanistan binnen om wraak te nemen voor de aanslagen op de Twin Towers in New York. De man daarachter, Osama bin Laden, verschool zich in Afghanistan. De VS wilde voorkomen dat het Taliban-regime meer terroristen de ruimte zou geven. Diverse Navo-bondgenoten, waaronder Nederland, sloten zich bij de inval aan.

De Amerikaanse president Donald Trump tussen soldaten tijdens een verrassingsbezoek aan Afghanistan in november. © AFP

Voortdurend voorgelogen

Inmiddels is de strijd de langste oorlog in de Amerikaanse geschiedenis. De regering Trump onderhandelt op dit moment met de Taliban, en overweegt de 13.000 Amerikaanse militairen in Afghanistan deels terug te trekken. Al eerder schetsten onderzoeksjournalisten en getuigen in hoorzittingen in het Congres het falen en manipuleren van feiten in Afghanistan. Nu publiceert de Washington Post de kritiek die direct betrokkenen binnenskamers uitten. ,,Het Amerikaanse volk is voortdurend voorgelogen”, oordeelt de inspecteur-generaal die de interviews leidde, John Sopko.

Statistieken werden gemanipuleerd, stelden diverse geïnterviewden, zodat het leek alsof de VS aan de winnende hand was. En als de cijfers slecht waren, hielden het Witte Huis en het Pentagon vol dat ze eigenlijk een gunstige betekenis hadden – meer Amerikaanse doden door zelfmoordacties betekende dan bijvoorbeeld dat de Taliban te laf waren om te vechten. ,,De waarheid was zelden welkom”, zei een kolonel, Bob Crowley.

Kogelinslagen in de ramen van een gepantserd Amerikaans legervoertuig. © AFP

‘Geen enkel verschil’

We doodden zo veel mensen en het maakte geen enkel verschil,aldus Michael Flynn, Ex-baas militaire inlichtingendienst .

Een belangrijke bron is Michael Flynn, ex-baas van de militaire inlichtingendienst van de internationale troepenmacht in Afghanistan en als adviseur nationale veiligheid van president Trump al snel ontslagen. Het ontbrak overheidsmedewerkers aan de moed om de waarheid te vertellen, zei hij. ,,Een tijdje voelde ik me misschien goed over operationeel succes, maar na 2006 was dat voor mij irrelevant, want we doodden zo veel mensen en het maakte geen enkel verschil.”

In de strijd in Afghanistan kwamen 2300 Amerikanen om, en raakten ruim 20.000 militairen gewond. Meer dan 50.000 Afghaanse veiligheidsmensen zijn omgekomen sinds zij in 2014 officieel de leiding kregen. Sinds 2001 heeft de Amerikaanse overheid volgens een schatting van Brown University bijna een biljoen (een 1 met twaalf nullen) dollar uitgegeven aan Afghanistan, nog zonder de kosten van de CIA en zorg voor veteranen.

Amerikaanse militairen bij het lichaam van een bij een zelfmoordaanslag omgekomen Afghaan. © AFP

Corruptie aangewakkerd

,,Ons beleid was om een sterke centrale overheid te creëren, wat idioot was, want Afghanistan kent historisch geen sterke centrale overheid”, zei een medewerker van het ministerie van Buitenlandse Zaken over mislukte pogingen van stammenland Afghanistan een democratie te maken. ,,Het tijdspad om een sterke centrale overheid te creëren is 100 jaar, en die hadden we niet.”

Politici en beleidsmakers bleven maar geld sturen voor scholen, bruggen en wegen, met het idee dat het de stabiliteit ten goede zou komen, schetsen hulpverleners in de interviews. Ze klagen dat ze het geld niet uitgegeven kregen, en dat al die dollars corruptie aanwakkerden waar de VS vervolgens weinig aan deed. ,,Ons grootste project, triest genoeg en onbedoeld, kan wel eens de ontwikkeling van massale corruptie zijn,” zei Ryan Crocker, voormalig ambassadeur in Kabul.

De interviews doen veel analisten denken aan de Vietnamoorlog in de jaren zestig. In 1971 kwamen explosieve documenten over die oorlog boven water die ook toonden dat de overheid het publiek om de tuin geleid had, de beroemde Pentagon Papers. Een woordvoerder van het ministerie van defensie stelt nu dat ‘het niet de bedoeling’ was om het Congres of het publiek te misleiden over Afghanistan. ,,De meeste personen die zijn geïnterviewd hebben het voordeel dat ze achteraf praatten.”

Amerikaanse soldaten op een bergrand houden gebied in de gaten tijdens een bezoek van Navo-generaal Scott Miller. © AFP

Zo’n 12.000 Amerikaanse militairen werden in Afghanistan gestationeerd voor operatie Resolute Support. © EPA

Een militair op wacht bij een controlepunt in Jalalabad. © EPA

Regering VS gaf jarenlang onrealistisch beeld van oorlog Afghanistan

NU 09.12.2019 De Amerikaanse regering heeft jarenlang de Amerikaanse bevolking voorgelogen over hoe het er daadwerkelijk aan toeging tijdens de oorlog in Afghanistan, meldt The Washington Post maandag op basis van opgevraagde overheidsdocumenten.

Functionarissen van de Amerikaanse regering schetsten met valse beweringen een veel rooskleuriger beeld van de oorlog, terwijl zij eigenlijk al wisten dat deze niet te winnen was. Dat blijkt uit 2.000 pagina’s aan aantekeningen van interviews met mensen die een directe rol speelden tijdens de oorlog, van diplomaten tot generaals tot hulpverleners.

The Washington Post kreeg de documenten in bezit na een juridische strijd van drie jaar met de Amerikaanse regering.

De oorlog in Afghanistan begon achttien jaar geleden op 7 oktober 2001 als een reactie op de aanslagen in New York op 11 september 2001. Het oorspronkelijke doel was om terreurgroep Al-Queda aan te vallen, die een thuis werd geboden door de Afghaanse Taliban. Hoewel het Talibanregime vrij snel verslagen was, bleef de VS in Afghanistan gestationeerd om het Afghaanse leger en politie op te leiden.

Nederland was ook onderdeel van de missie in Afghanistan en leverde onder meer personeel en materiaal om de plaatselijke politie te trainen.

‘We hadden geen idee wat we aan het doen waren’

Sinds het begin van de oorlog zijn ruim 775.000 Amerikaanse soldaten ingezet in Afghanistan, waarbij 2.300 Amerikaanse doden en 20.589 gewonden vielen. Ook vielen er 62.000 Afghaanse militaire doden en lopen de cijfers over Afghaanse burgerdoden uiteen van 38.000 tot 170.000 doden.

“We hadden geen idee wat we aan het doen waren”, aldus een generaal die tijdens het presidentschap van Bush en Obama in Afghanistan gestationeerd was. “Als het Amerikaanse volk eens op de hoogte zou zijn van deze disfunctie… 2.300 levens zijn er verloren.”

In de interviews stellen meerdere Amerikaanse overheidsfunctionarissen dat hun oorlogstrategieën fataal tekortschoten en dat er enorm veel geld werd verspild om Afghanistan om te vormen naar een moderne staat. Het Ministerie van Defensie, Buitenlandse Zaken en het Amerikaanse agentschap voor internationale ontwikkeling hebben gezamenlijk sinds 2001 tussen de 934 en 978 miljard dollar uitgegeven aan de oorlog.

Amerikaanse bevolking werd opzettelijk misleid

De geïnterviewden geven verder aan dat de Amerikaanse regering opzettelijk de bevolking misleidde. “Alle data werd aangepast om een zo mooi mogelijk beeld te schetsen”, aldus een legerkolonel.

“Wat hebben we nou gekregen voor deze inspanning van bijna 1 biljoen?”, vraagt een voormalig militair van het Amerikaanse elitekorps zich af. “Na de dood van Osama Bin Laden zei ik dat Osama ons waarschijnlijk vanuit zijn zeemansgraf uitlacht om de bedragen die we in Afghanistan hebben uitgegeven.”

Zie ook: Al 18 jaar oorlog in Afghanistan: ‘Ruim 3,7 miljoen kinderen geen onderwijs’

Lees meer over: Afghanistan  Verenigde Staten  Buitenland 

december 12, 2019 Posted by | 2e kamer, aanslag, afganistan, dreiging, is, isis, islam, Kunduz, politiek, Rutte 3, sp, terreurdreiging, terrorisme, veiligheid | , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Kabinet Rutte 3 – versus troepenmacht Afghanistan – deel 6

Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 9

Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte tijdens het debat gisteravond

Verlenging Missie Irak tot 2021

De Tweede Kamer is akkoord met een verlenging van de missie in Irak tot eind 2021. Maar partijen dringen er wel op aan om druk te zetten op de Iraakse regering om het harde optreden tegen betogers te stoppen.

De missie maakt deel uit van de strijd van een internationale coalitie tegen terreurgroep IS. Ongeveer zestig Nederlandse militairen trainen Iraakse en Koerdische militairen. Ook zijn er kleine bijdrages aan missies van de NAVO en EU.

De dreiging van IS is nog steeds niet verdwenen en daarom moet Nederland volgens een ruime meerderheid van de Kamer actief blijven in het Arabische land. Over de verlenging werd 19.12.2019 gedebatteerd.

AD 20.12.2019

Motie van wantrouwen

Informatie over burgerdoden heeft geen rol gespeeld in de beslissing over de verlenging van de missie in Syrië en Irak.

Dat zei premier Mark Rutte 27.11.2019 in een urenlang debat. Het kabinet overleefde een motie van wantrouwen van de SP.

Telegraaf 05.03.2020

AD 04.03.2020

De Tweede Kamer debatteerde met premier Rutte en minister Bijleveld over het bombardement. De vraag was vooral wie daar op welk moment vanaf wist. Een motie van wantrouwen van de SP tegen Rutte en Bijleveld kreeg geen Kamermeerderheid.

Met terugwerkende kracht is het lastig te begrijpen hoe er in juni 2015 door het toenmalige kabinet is gereageerd op het bericht dat bij een aanval van een Nederlandse F-16 op een IS-bommenfabriek in het Iraakse Hawija waarschijnlijk burgerslachtoffers waren gevallen. Internationale media spraken direct al van zo’n zeventig slachtoffers.

Hoewel het kabinet twee weken later over een verlenging van de missie van de militairen moest beslissen, is de informatie niet gedeeld in de ministerraad. Toenmalig Defensieminister Jeanine Hennis vermoedt dat ze premier Rutte destijds wel heeft geïnformeerd en ze weet het zeker over toenmalige collega Koenders van Buitenlandse Zaken. Die twee zeggen daar geen herinnering aan te hebben.

Daar moet allemaal niets achter worden gezocht, hield Rutte gisteren 27.11.2019 vol tegenover een kritische Tweede Kamer. Alles is destijds ‘volgens de regels verlopen’. De informatie over de burgerdoden ‘is niet bewust achtergehouden uit angst dat de verlenging in gevaar zou komen’, zoals de oppositie vermoedt.

Telegraaf 11.02.2020

Mogelijke burgerslachtoffers waren “niet relevant” voor het besluit om te verlengen, zo verdedigde Rutte het Kabinetsoptreden. “Er is altijd een risico op burgerslachtoffers.”

Alle procedures zijn correct gevolgd na de melding van burgerslachtoffers door een Nederlandse aanval in Irak in 2015, benadrukte premier Mark Rutte woensdagavond. Maar hij snapt ook het “ongemak” dat er bij de Kamer hierover heerst.

Rutte kon zich informatie van Hennis niet herinneren

Waarom gingen de alarmbellen niet af toen media een dag na de aanval meldden dat er zeker zeventig burgerdoden waren gevallen, vroegen partijen herhaald. “Omdat het werd onderzocht”,zo verklaarde Rutte keer op keer. En de internationale coalitie kon op basis van die openbare bronnen niks vaststellen.

Daarna sleepte het dossier zich weer verder…….!!!!!!

Het industriegebied in Hawija Irak is volledig verwoest  foto NOS

Schadecompensatie

Dertig slachtoffers en nabestaanden van Nederlandse bombardementen in Irak willen daarvoor gecompenseerd worden door de Nederlandse staat. Dat bevestigt hun advocaat Liesbeth Zegveld.

Bij een aanval door een Nederlandse F-16 op de plaats Hawija kwamen in juni 2015 zeker zeventig onschuldige burgers om het leven, onthulden de NOS en NRC vorige maand. Het bombardement was gericht op een autobommenfabriek van IS, maar doordat daar veel meer munitie lag dan gedacht, werd ook de wijk eromheen verwoest.

Telegraaf 07.03.2020

Zegveld vertegenwoordigt 28 nabestaanden van het bombardement op Hawija en twee mensen die slachtoffer zijn geworden van een Nederlandse aanval op een woonhuis in de stad Mosul, een paar maanden later. Daarbij vielen vier doden.

“Waar het om gaat is de vraag: wat heeft Nederland gedaan om te voorkomen dat er zo veel burgerslachtoffers zouden vallen”, zegt Zegveld. “Het is natuurlijk een IS-gebied, maar bewoners hadden bijvoorbeeld gewaarschuwd kunnen worden met pamfletten met de tekst: mensen, het is niet zeker dat het hier vannacht veilig is.”

Geen rechtszaak

De slachtoffers hebben aangegeven hulp te willen en zijn via een journalist en een lokale organisatie in contact gekomen met Zegveld. De zaak is nog in een pril stadium; de groep nabestaanden breidt zich nog steeds uit. De advocaat heeft nu twee vertaalde verklaringen.

Ze zegt een rechtszaak te willen voorkomen. “Het is een schande als het tot een vordering zou moeten leiden.” Ze wil met de lijst met namen naar Defensie in de verwachting dat die de nabestaanden gaat compenseren.

Defensieminister Bijleveld liet tijdens een debat woensdagavond 27.11.2019 nogmaals weten inderdaad met een regeling voor nabestaanden bezig te zijn. Hoe die eruit moet komen te zien is onduidelijk. Eerder zei ze dat het geen erkenning is van schuld, maar een blijk van goede wil.

‘Nederland had plicht om te helpen’

Advocaat Zegveld vindt dat Nederland de slachtoffers eerder had moeten helpen. “Het is idioot als je mensen vijf jaar laat zitten. Er is geen proactieve houding. Ze hadden heel veel schade kunnen beperken door mensen tegemoet te komen, dat is ook hun plicht.” De advocaat zegt ook dat Nederland de plicht had om na de aanval hulp te bieden.

Instanties die de NOS heeft gesproken, denken dat er in totaal honderden mensen zijn die een naaste zijn verloren of materiële schade hebben.

Een Nederlands bombardement in Irak vier jaar geleden is gruwelijk misgegaan, zo blijkt uit onderzoek van NOS en NRC. Tientallen burgers kwamen bij een luchtaanval op een bommenfabriek in Hawija om het leven. Hoe dat precies heeft kunnen gebeuren, is onduidelijk. Inwoners van het stadje vinden de schuldvraag niet zo interessant.

Zij vragen zich vooral af wanneer ze eindelijk een schadevergoeding krijgen.

De enorme ravage die het bombardement op 3 juni 2015 aanricht blijft bij de internationale media niet onopgemerkt. Op beelden van die nacht is te zien hoe het ziekenhuis in Hawija overspoeld wordt met gewonden. Inwoners spreken van “een atoombom die insloeg” en die vijftig kilometer verderop, in Kirkuk, nog te horen was. “Een complete woonwijk is verwoest”, schrijft persbureau Reuters.

De wijk werd door de Amerikaanse generaal John Hesterman op een persconferentie na de luchtaanval omschreven als een “industriegebied”. Dat is wat overdreven als je oude foto’s van de wijk bekijkt. Er stonden inderdaad grote gebouwen: een elektriciteitscentrale, een brandweerkazerne en een ijsfabriek. Maar er was vooral laagbouw: kleine panden waar winkeltjes, een naaiatelier en een theehuis voor een levendige sfeer zorgden.

Bekijk ook;

Dossier luchtaanval Hawija

Live AD

Teruglezen: Het Tweede Kamerdebat over burgerdoden Irak NRC

Verslaggever Inge Lengton live bij het debat;

  Tweets by ‎@IngeLengton

Dossier Luchtaanval Hawija NRC

lees: Stand van zaken over de uitvoering van verschillende moties en toezeggingen 24.03.2020

lees: Brief van de minister van Defensie aan dhr. M. Esper, minister van Defensie van de Verenigde Staten bijlage 1 13.01.2020

lees: Vertaling van de antwoordbrief van de ondersecretaris van defensie van de Verenigde Staten bijlage 2 28.02.2020

lees: Besluit en bijlage Def op Wob-verzoek defensie onderzoek Hawija Redacted 17.02.2020

lees: Brief MIN DEF Antwoorden Kamervragen burgerslachtoffers Karabulut 25.11.2019

lees: Brief MIN DEF Beantwoording nadere vragen over de wapeninzet in Hawija 25.11.2019

lees: Brief MIN DEF SV Karabulut over passage uit boek missie F16 25.11.2019

lees: Beantwoording nadere vragen over de wapeninzet in Hawija brief 25.11.2019

lees: regeling Werkzaamheden over antwoorden op vragen over de 70 burgerdoden in Irak Brief 20.11.2019

lees: Feitenrelaas inzake de transparantie over burgerslachtoffers bij luchtaanvallen brief 05.11.2019

lees: Transparantie burgerslachtoffers bij luchtaanvallen in de strijd tegen ISIS brief 04.11.2019

lees: kamerbrief over het iob onderzoek naar stabilisatieprogrammas in syrie  7 september 2018

lees: rapport review of the monitoring systems of three projects in syria  7 september 2018

lees: Civilian Casualty Review Report Redacted 17.04.2018

lees: kamerbrief met voortgangsrapportage nederlandse bijdrage in strijd tegen isis 13.04.2018

lees: kamerbrief aanvullende artikel 100 brief nederlandse bijdrage aan de strijd tegen isis 29.01.2016

Zie ook: Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 8

Zie ook: Kabinet Rutte 2 en 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 7

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 6

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 5

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 4

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 3

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 2

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 1

Bijleveld lichtte Kamer verkeerd in: VS telde zeventig burgerdoden Hawija wel mee

NOS 24.03.2020 De Amerikanen gaan er wel degelijk al jaren van uit dat er bij de luchtaanval op Hawija zeventig burgerdoden zijn gevallen. Dat schrijft minister Bijleveld vandaag in een brief aan de Tweede Kamer. Dat is anders dan de minister eerder aan de Tweede Kamer meldde.

De kwestie draait om de vraag of de Amerikanen de zeventig burgerdoden wel of niet meerekenen in hun statistieken. In december liet Bijleveld de Kamer weten het te hebben nagevraagd bij Centcom (het hoofdkwartier van de militaire missies) en dat de burgerslachtoffers in Hawija die “zeer waarschijnlijk bij deze wapeninzet zijn gevallen, geen deel uitmaken van het totale aantal van 1347”. Bijleveld doelde daarmee op het totale aantal door de Amerikanen gerapporteerde burgerdoden in Syrië en Irak.

Daar komt Bijleveld nu dus van terug. Ze heeft het nagevraagd bij haar Amerikaanse collega van Defensie, en die heeft via zijn onderminister laten weten dat de Amerikanen al sinds 2017 de doden in Hawija meetellen in de statistieken. Volgens Bijleveld ligt de schuld van het verkeerd inlichten bij de Amerikanen. “Ik betreur dat deze informatie afwijkt van de informatie die eerder van Centcom is ontvangen en is gemeld in het interpellatiedebat”, schrijft ze aan de Kamer.

Rutte

Dat de Amerikanen geen duidelijkheid zouden geven over het aantal doden vormde een cruciaal element in de verdedigingslinie van premier Rutte en minister Bijleveld in het debat in november. Omdat de Amerikanen het officiële dodental nooit hadden vastgesteld, was de ernst van de situatie op het ministerie van Defensie nooit helemaal duidelijk. Het is daarom niet vreemd dat zowel de Tweede Kamer als collega-ministers nooit zijn gewezen op de ernst van het incident, zo was de redenatie van het kabinet.

“Centcom zegt zelf dat er op geen enkele manier is vast te stellen hoeveel burgerslachtoffers er zijn gevallen,” zei Rutte in het debat. Na afloop noemde hij het aantal “een gerucht” en “geen relevant getal”.

Debat

Eerder al lieten Amerikaanse defensiewoordvoerders aan NRC en NOS weten dat het aantal van zeventig doden wel degelijk deel uitmaakte van de statistieken. Dat het aantal nooit “bevestigd was”, zoals het kabinet meermalen schreef, is volgens hen logisch. Centcom baseert zich doorgaans op berichtgeving van media en ngo’s, omdat onderzoek op de grond nagenoeg onmogelijk is. De conclusie dat het “waarschijnlijk” is dat er zeventig burgerdoden zijn gevallen, is dan ook de hardste conclusie die Centcom kan geven.

Bij het Nederlandse bombardement op Hawija vielen in 2015 dus zeventig burgerslachtoffers.

Door de Tweede Kamer was al een debat aangevraagd om het voor de vierde maal te hebben over de luchtaanval op Hawija, naar aanleiding van documenten die waren vrijgegeven. Het is vanwege de coronacrisis onduidelijk wanneer het debat zal plaatsvinden.

Te gek voor woorden

GroenLinks-Kamerlid Isabelle Diks vindt het “te gek voor woorden” dat Bijleveld nu met deze nieuwe informatie komt. Toch heeft de bestrijding van corona wat haar betreft vanzelfsprekend voorrang.

SP’er Sadet Karabulut wil voor nu een zogeheten schriftelijk overleg, zodat er toch gedebatteerd kan worden over de kwestie zonder dat de Kamerleden en de minister bij elkaar hoeven te komen. “Maar we komen hier over te spreken”, laat ze weten. “De minister heeft veel vragen te beantwoorden.”

Bekijk ook;

Bijleveld lichtte kamer verkeerd in over burgerdoden aanval Hawija

Telegraaf 24.03.2020 De burgerdoden van de Nederlandse luchtaanval op Hawija in Irak zijn wel degelijk opgenomen in de Amerikaanse maandelijkse rapporten over burgerslachtoffers van de internationale strijd tegen terreurgroep IS. Minister Ank Bijleveld van Defensie zei eerder in de Tweede Kamer dat dit niet zo was. De bewindsvrouw schrijft aan de Kamer dat te betreuren.

Bijleveld had eind vorig jaar, toen ze de Kamer inlichtte, andere informatie van de Amerikanen gekregen. „Ik ben uitgegaan van de informatie die ik via officiële kanalen van CENTCOM ontving”, schrijft ze aan de Kamer. CENTCOM is het Amerikaanse militaire hoofdkwartier belast met de strijd tegen IS. Eind vorige maand heeft het Pentagon Bijleveld laten weten dat Hawija toch is meegenomen in de statistieken.

Luchtaanval op IS

De Tweede Kamer wil precies weten hoe de Nederlandse luchtaanval op de IS-bommenfabriek in Hawija in juni 2015 is verlopen. Al direct na de aanval repten internationale media over zeventig burgerslachtoffers, maar een officieel dodental is nooit vastgesteld. De Kamer is in de maanden na de aanval onjuist over de burgerdoden geïnformeerd door toenmalig minister Jeanine Hennis van Defensie. Pas afgelopen najaar werd de Kamer op de hoogte gebracht.

Bijleveld overleefde begin november ternauwernood een „heel heftig debat” over de kwestie. Ondanks „oprechte excuses” steunde bijna de hele oppositie een motie van wantrouwen tegen haar. Later die maand moest premier Mark Rutte zich ook in de Kamer in een urenlang debat voor de kwestie verantwoorden. Vooral dat de alarmbellen binnen het kabinet niet afgingen nadat media zoveel burgerdoden hadden gemeld, riep veel vragen op.

Een definitief eindrapport van de Amerikanen naar de aanval van Nederlandse F-16’s is er ook nooit gekomen. Bijleveld heeft nu van het Pentagon te horen gekregen dat zo’n ’closure report’ destijds „geen vereiste” was voor onderzoek naar meldingen over burgerslachtoffers. De Amerikanen blijven er verder bij dat de rapporten over de aanval op Hawija niet gedeeld kunnen worden met de Tweede Kamer, ook niet vertrouwelijk. Bijleveld had daarom verzocht.

BEKIJK MEER VAN; gewapend conflict defensie Ank Bijleveld Hawija Irak Tweede Kamer der Staten-Generaal Islamitische Staat Defensie

Nabestaande luchtaanval Mosul wil twee miljoen dollar van Nederlandse staat

NOS 06.03.2020 Basim Razzo, een Irakees die zijn familie verloor bij een Nederlandse luchtaanval in Mosul in 2015, wil ruim twee miljoen dollar van de Nederlandse overheid. De man stelt de staat aansprakelijk voor de dood van zijn vrouw, dochter, broer, en neef en voor het verlies van zijn huis en inkomen.

Volgens zijn advocaat Liesbeth Zegveld was de luchtaanval een “internationale onrechtmatige daad” omdat het woonhuis geen militair doelwit was. “Gezien de zeer beperkte en tegenstrijdige inlichtingen had Nederland moeten afzien van de aanval”, schrijft ze aan Defensie.

Het verhaal van Basim Razzo

Razzo werkt in 2015 bij een telecombedrijf en woont met zijn vrouw en 21-jarige dochter in een villawijk in Mosul. Zijn broer en schoonzus wonen met hun twee kinderen in de villa ernaast. Zijn zoon verblijft in Erbil. Op videobeelden die de VS heeft vrijgegeven is te zien hoe op 21 september 2015 twee bommen beide huizen in enkele seconden verwoesten. Alleen Basim en zijn schoonzus overleven de aanval.

Vergissing

In november erkende minister Bijleveld van Defensie dat de aanval was uitgevoerd door Nederlandse F-16-piloten, en dat het een vergissing was. De inlichtingen “die hebben geleid tot het identificeren van het doel waren onjuist”, liet ze de Kamer weten.

Een van de Nederlandse piloten die de aanval uitvoerden, zei tegen De Telegraaf dat hij nachtenlang niet kon slapen toe hij ontdekte dat bij de aanval een onschuldige familie om het leven was gekomen. Dat was “een klap in mijn gezicht”, vertelde hij.

Het Amerikaanse ministerie van Defensie deed uitgebreid onderzoek naar de aanval. The New York Times kreeg het rapport in 2017 in handen. Daarin staat dat de internationale coalitie dacht dat de twee villa’s van IS’ers waren.

Met een drone hadden ze de huizen ongeveer anderhalf uur geobserveerd. Ze zagen geen wapens, maar het viel op dat er geen vrouwen en kinderen bij de huizen te zien waren, alleen mannen. Ook werd de poort opengedaan als er een auto aankwam, wat de indrukt wekte dat er een toegangscontrole was. Achteraf kwamen ze tot de conclusie dat er niets was dat de familie linkte aan IS.

Vijftienduizend dollar

Als blijk van goede wil boden de Amerikanen na de aanval Razzo 15.000 dollar aan. Dat heet hij geweigerd, omdat het volgens hem in geen verhouding staat tot alle schade die hij heeft geleden.

Sinds de aanval is Razzo naar eigen zeggen niet meer in staat om te werken. Hij kreeg granaatscherven in zijn rug en kan maar een paar honderd meter lopen. Een vervolgoperatie zou uitkomst kunnen bieden, maar daar heeft hij het geld niet voor.

Het huis van Basim Razzo voor de aanval Basim Razzo

Omdat de aanval is uitgevoerd door Nederlandse piloten, en Nederland de inlichtingen heeft beoordeeld en de aanval heeft goedgekeurd, wordt de staat nu aansprakelijk gesteld.

Bijleveld

Nadat minister Bijleveld in november had erkend dat Nederland betrokken was bij de luchtaanvallen in Hawija en Mosul, kondigde ze zelf al aan dat ze gaat onderzoeken hoe ze de slachtoffers van beide aanvallen financieel kan compenseren. Op de uitkomst van dat onderzoek wil Razzo dus niet wachten.

Uit eerdere betalingen die Nederland heeft gedaan aan nabestaanden in Afghanistan, blijkt dat de kans klein is dat Nederland een bedrag voorstelt dat in de buurt komt van de eis van Razzo. Tot dusver ging het om nooit meer dan enkele tienduizenden euro’s.

Advocaat Zegveld heeft het kabinet drie weken gegeven om te reageren.

Slachtoffer Nederlandse vergisbom claimt miljoenen smartengeld

Telegraaf 06.03.2020  De Irakees die vier familieleden verloor door een Nederlands vergisbombardement op Mosoel, vraagt de Nederlandse staat smartengeld. De claim kan oplopen tot twee miljoen dollar.

Basim Razzo verloor zijn dochter, vrouw, broer en neef bij het bombardement in de nacht van 21 september 2015. Hij raakte niet alleen zijn dierbaren kwijt maar ook zijn huis, grond, baan en reputatie. Ook raakte hij blijvend gehandicapt. En dat allemaal omdat de Amerikaanse inlichtingendienst had gemeld dat Razzo’s huis eigenlijk een IS-hoofdkwartier was. Razzo had niets met IS te maken.

De Telegraaf onthulde in november dat een Nederlandse F-16-vlieger de aanval op het woonhuis had gepland en uitgevoerd, op basis van die foute informatie. De vlieger deed zijn verhaal in deze krant en in het boek Missie F-16: „Ik werd misselijk toen ik het hoorde. Ik kon twee nachten niet slapen.”

’Bombardement onrechtmatig’

Minister Bijleveld van Defensie stelde na de onthullingen over Nederlandse vergisbombardementen dat Nederland ’wel verantwoordelijk maar niet aansprakelijk is’ in geval van burgerslachtoffers in de strijd tegen IS. Advocate Liesbeth Zegveld stelt de staat toch aansprakelijk. „Het bombardement is onrechtmatig.

Het gebruik van geweld tegen personen die niet rechtstreeks aan vijandelijkheden deelnemen is verboden op grond van geschreven en ongeschreven humanitair recht. Zeker gezien de beperkte en tegenstrijdige inlichtingen had Nederland dienen af te zien van de luchtaanval.” Volgens Zegveld is Nederland medeverantwoordelijk, omdat het samen optrekt met de Amerikanen, van wie de inlichtingen kwamen.

Razzo heeft goede hoop: „Ik ben natuurlijk nerveus voor de uitkomst van de zaak. Dit is de laatste kans.” Bij een poging om de schade te verhalen in de VS kreeg hij een aanbod van slechts 15.000 dollar. „Dat heb ik natuurlijk van de hand gewezen. Ik zei: dat is belachelijk, een belediging.” Zijn Amerikaanse advocaat had de schade becijferd op tussen de 1 en 2 miljoen dollar.

De aanval werd uitgevoerd op basis van slechts anderhalf uur videomateriaal van een Amerikaanse drone. Op die beelden waren geen wapens of verdachte activiteiten te zien, alleen iemand die het hek open deed voor een naderende BMW. Dat werd uitgelegd als signaal dat er een hooggeplaatst figuur aan kwam rijden.

Basim Razzo

’Vrouw bedekt onder puin’

„Ik keek nog wat YouTube-filmpjes die nacht”, vertelt Razzo. „Ik riep mijn dochter Tuka dat ze moest gaan slapen. Rond middernacht ging ik naast mijn vrouw in bed liggen. Ik werd wakker van een ongelofelijke explosie, een geluid dat ik nog nooit had gehoord.

Het rook branderig. Ik zag de sterrenhemel, dus het dak van de slaapkamer was ingestort. Ik keek opzij en zag dat mijn vrouw met puin was bedekt. Ik wist meteen dat ze weg was. Ik riep naar mijn dochter Tuka. Geen antwoord.”

De Nederlandse vlieger had ook de planning gedaan voor de aanval. „Het was een officiële missie waarvan we al dagen van tevoren wisten dat we hem gingen doen. Ik was de mission commander. Alles tot aan de debriefing was succesvol. Pas weken later hoorde ik dat er iets aan de hand was met deze missie.”

BEKIJK OOK:

Nabestaande Nederlandse vergisbom wil genoegdoening

BEKIJK OOK:

F-16-vlieger ziek van vergisbom

© Foto Evert-Jan Daniels Een Nederlandse F-16 in Jordanië, van waaruit de aanvallen op Irak werden uitgevoerd.

Slachtoffer Nederlandse luchtaanval eist 2,3 miljoen dollar

MSN 06.03.2020 Een burgerslachtoffer van een Nederlandse luchtaanval in Irak eist 2,3 miljoen dollar (ruim twee miljoen euro) aan smartengeld en andere vergoedingen van Nederland. De 61-jarige Basim Razzo, hoofd van een Irakese familie waarvan vier leden omkwamen bij een Nederlandse luchtaanval in september 2015, heeft vrijdag minister Ank Bijleveld (Defensie, CDA) aansprakelijk gesteld.

Het is de eerste schadeclaim van een burgerslachtoffer als gevolg van een Nederlandse militaire actie in de strijd tegen Islamitische Staat (2014-2018). Het kabinet schreef begin november vorig jaar dat bij twee Nederlandse luchtaanvallen burgerdoden waren gevallen, vier in Mosul en een onbekend aantal in Hawija, in het noorden van Irak.

Bij het bombardement op Mosul was er volgens Amerikaanse inlichtingen een hoofdkwartier van IS gevestigd in de twee villa’s. In werkelijkheid woonden er twee families die geen banden hadden met IS. Razzo, opgeleid in de VS en in Mosul actief als accountmanager voor het Chinese telecombedrijf Huawei, brak tijdens het bombardement zijn heup, linkervoet en schaambeen. Door granaatscherven in zijn rug kan hij niet meer lopen en werken. Zijn vrouw, dochter, broer en neefje kwamen om. Beide villa’s werden verwoest.

Volgens Razzo’s advocaat Zegveld was de aanval onrechtmatig. „Het oorlogsrecht verbiedt het bombarderen van burgerdoelen, en er was geen legitieme reden waarom dat hier toch gebeurde”, aldus de advocaat.

Het inlichtingenproces dat voorafging aan het bombardement toont volgens Zegveld grote tekortkomingen. Uit Amerikaanse documenten blijkt volgens haar dat analisten verregaande conclusies trokken op basis van relatief kortdurende beelden van drones boven de villa’s. Verdeeld over drie dagen was er een uur en 35 minuten gefilmd. Dat is „uitzonderlijk kort en afwijkend van de militaire norm”, zegt Zegveld.

Volgens Nederland moet een doel „uren en zelfs dagen achter elkaar” worden gefilmd om een goed beeld te krijgen, aldus de advocaat. De beelden van de Amerikaanse drones toonden slechts de villa’s en een man die een hek opende voor een naderende auto. Strijders, wapens, zwarte vlaggen of andere signalen van de aanwezigheid van IS werden niet waargenomen. Wel dook er later informatie op dat er in de buurt van de villa’s een IS-hoofdkwartier was geweest. Het Amerikaanse leger heeft beelden van de aanval op YouTube gezet.

Eerder, in 2017, hadden de VS al hun fout toegegeven aan Razzo en hem een bedrag van 15.000 dollar geboden. Dat heeft hij geweigerd omdat het bedrag veel te laag was om alle schade te compenseren en bijvoorbeeld een rugoperatie te kunnen betalen. Omdat Nederland toegaf de bom te hebben gegooid, heeft Razzo nu minister Bijleveld aansprakelijk gesteld.

Overigens lijkt de kans klein dat Razzo de gevraagde twee miljoen dollar krijgt. Bij eerdere schadevergoedingen, bijvoorbeeld in Afghanistan, heeft Defensie nooit zulke hoge bedragen uitgekeerd.

Luchtmacht wil opheldering van OM dat bombardement Irak ‘moord’ noemt

AD 04.03.2020 De hoogste generaal van de luchtmacht, Dennis Luyt, wil opheldering van het Openbare Ministerie waarom ze een bombardement in Irak bestempelen als ‘moord’. Denk-kamerleden noemden dat ook zo in een debat vorig jaar november en worden daarvoor nu niet vervolgd nadat 3500 militairen aangifte deden.

 LtGen Dennis Luyt @dennisluyt

We zoeken uit bij ⁦<a href=”https://twitter.com/Het_OM?ref_src=twsrc%5Etfw”>@Het_OM</a>⁩ wat ze nu precies gezegd hebben. Want ik kan me niet voorstellen dat het OM het binnen de regels van het oorlogsrecht en met mandaat toepassen van geweld door onze militairen als ‘moord’ bestempelt. To be continued! <a href=”https://t.co/xplLPu8zY7″>https://t.co/xplLPu8zY7</a>

De uitleg van het OM om de Kamerleden niet te vervolgen maakt veel los onder militairen. Generaal Luyt kan zich niet voorstellen dat het geweld dat militairen mét toestemming van de politiek mogen gebruiken, wordt bestempeld als ‘moord’, zo laat hij in een reactie op Twitter weten. Zeker niet als dat binnen de regels van het oorlogsrecht wordt gedaan. Ook Kamerleden zijn ontstemd. VVD-er André Bosman heeft een debat aangevraagd met minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid.

Inmiddels is er overleg tussen ministers Ank Bijleveld van Defensie en Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid over de passage in een brief die het OM stuurde aan advocaat Michael Ruperti. Hij deed namens de 3500 mensen aangifte tegen de Denk-Kamerleden Özturk en Azarkan omdat ze militairen beschuldigden van moord. Dat gebeurde in een debat over een bombardement waarbij 74 doden vielen, zeer waarschijnlijk ook burgers.

Het OM vindt de uitlating niet strafbaar. In beginsel is het beledigend, maar in dit geval niet onnodig grievend omdat moord juridisch immers ‘doden met voorbedachten rade’ is, zo staat in de brief. Bij dit bombardement – net als bij zo veel militaire acties – is daarvan sprake, aldus het OM. Al heeft die voorbedachten rade geen betrekking op de eventuele burgerdoden.

Lees ook;

Lees meer

Tientallen reacties

Vooral die uitleg schokt veel militairen die aangifte deden. Bij advocaat Michael Ruperti kwamen vanmorgen tientallen reacties binnen van militairen. Ruperti heeft aangekondigd een procedure te starten om af te dwingen dat het OM de Denk-Kamerleden alsnog moet vervolgen.

Volgens hem klopt de redenering van het OM niet. Sinds de strafzaak tegen militair Eric O. die bij een schietincident betrokken was in Irak in 2003 ligt er een afspraak dat militairen die handelen volgens het oorlogsrecht en het geweldsmandaat dat de politiek hen opdraagt, niet vervolgd kunnen worden voor moord. Als er iets misgaat en er onbedoeld dodelijke slachtoffers vallen, kunnen ze wel worden vervolgd omdat ze het dienstvoorschrift niet hebben nageleefd.

Denk-Kamerleden niet vervolgd voor moordbeschuldiging tegen militairen

NOS 04.03.2020 Het Openbaar Ministerie gaat twee Kamerleden van Denk niet vervolgen voor het gebruik van het woord ‘moord’ in verband met een bombardement door de Nederlandse luchtmacht in 2015 in Irak. Bij dat bombardement op een bommenfabriek van Islamitische Staat in de stad Hawija kwamen meer dan zeventig burgers om.

De uitspraken zijn gedaan in de Tweede kamer en vallen daarom onder de parlementaire onschendbaarheid, concludeert het OM. Daarbij is de term ‘moord’ dagelijks taalgebruik wanneer iemand een ander doodt. Dodelijk geweld door militairen binnen hun bevoegdheden valt niet onder deze term, maar het OM vindt de uitlatingen niet onnodig beledigend.

Denk-Kamerleden Öztürk en Azarkan zouden daarom niets strafbaars hebben gedaan. Tijdens een Kamerdebat in november nam Denk-Kamerlid Öztürk het woord ‘moord’ in de mond. “Deze minister ziet niet de ernst van deze moord in”, zei hij. Zijn partijgenoot Azarkan verdedigde dat ’s avonds in het tv-programma Pauw.

Azarkan niet verrast

Azarkan zei vanochtend in het NOS Radio 1 Journaal dat het OM hem nog niet op de hoogte had gebracht van het besluit, maar dat het nieuws hem niet verbaast. “Vrijwel elke rechtsgeleerde was van mening dat wat de heer Öztürk in de Kamer zei onder het recht valt van een Kamerlid.”

Ook zou Öztürk nooit de militairen zelf hebben willen aanvallen. “Het was een debat met de minister van Defensie. Daar richtte hij zich toe. Dat advocaat Ruperti daar een heel circus van maakt en aangifte doet, terwijl hij weet dat dat kansloos is, dat is buitengewoon jammer.”

Advocaat Ruperti deed samen met 1200 militairen en veteranen aangifte tegen de beide Kamerleden. Zij zouden zich schuldig hebben gemaakt aan het zaaien van haat, belediging en laster. Ook eisten ze dat de Kamerleden openlijk hun excuses zouden aanbieden.

Ruperti zei tegen het AD dat hij naar het gerechtshof stapt om het OM te dwingen de zaak voor de rechter te brengen.

Vakbond mogelijk naar rechter

De militaire vakbond ACOM laat het er niet bij zitten. “We vinden dit weer een trap na, niet van de Kamerleden maar van het Openbaar Ministerie”, zei voorzitter Jan Kropf in het NOS Radio 1 Journaal. “Dit betekent dat iedereen, militairen maar ook politieagenten, die in de lijn van hun werk een slachtoffer maakt een moordenaar is.”

Kropf stelt dat je met de redenering van het OM militairen die op missie gaan van poging tot moord kunt beschuldigen. “Ik vind dat een hele rare kwalificatie.”

Vakbond ACOM overweegt naar de rechter te stappen om het OM tot vervolging van de Kamerleden te dwingen. “Wat natuurlijk de discussie is, is of het vrij mogen spreken in een Kamerdebat betekent dat je dit moet toelaten. Want waar ligt dan de grens?”

 Andre Bosman @andrebosman

Bizarre uitspraak van @Het_OM . Snappen ze daar iets van oorlogsrecht? Deze uitspraak zet de militair in een volstrekt fout daglicht en doet onrecht aan de inzet van de militair. Hier moet @ferdgrapperhaus zeer snel uitleg over geven!

15 uur geleden

VVD-Kamerlid Bosman noemt het besluit van het OM bizar. “Deze uitspraak zet de militair in een volstrekt fout daglicht en doet onrecht aan de inzet van de militair”, schrijft hij op Twitter. Hij wil uitleg van minister Grapperhaus van Justitie.

Bekijk ook;

OM betreurt ophef over term moord na bombardement

AD 04.03.2020 Het Openbaar Ministerie betreurt de ophef die is ontstaan over de uitleg om twee DENK-kamerleden niet te vervolgen nadat ze militairen beschuldigden van moord na een bombardement in Irak.

De officier van justitie schreef in een brief aan de 3500 militairen die aangifte deden dat de DENK-kamerleden Özturk en Azarkan niets strafbaars hebben gedaan omdat er in juridische zin sprake is van moord, zoals bij heel veel militaire operaties. Die uitleg leidde bij militairen van hoog tot laag geschokte reacties. Luchtmachtgeneraal Dennis Luyt wilde opheldering van het OM en ook minister van Defensie Ank Bijleveld reageerde ontstemd. ,,Ik sta voor mijn mensen. De kwalificatie moord of moordenaars in verband met het werk dat zij moeten doen, werp ik verre van mij.’’

Het OM vindt nu dat het beter had moeten uitleggen dat militairen niet beticht kunnen worden van een strafbaar feit zolang zij binnen hun geweldsinstructie handelen. In het dagelijks taalgebruik wordt moord echter wel vaak gebruikt voor het doden van een ander, en zo hebben ook de twee DENK-kamerleden dat volgens het OM ook gedaan. Voor het OM valt dat binnen de vrijheid van het politieke debat en is dat niet strafbaar.

Advocaat Michael Ruperti, die aangifte deed namens de 3500 militairen, neemt geen genoegen met die uitleg. ,,In brief staat duidelijk dat militaire operaties gekwalificeerd worden als moord. Dat hadden ze niet moeten doen.”

DENK-Kamerlid Selcuk Öztürk niet vervolgd om ‘moord-opmerking’

MSN 04.03.2020 DENK-Kamerlid Selçuk Öztürk wordt niet vervolgd om zijn ‘moord-opmerking’, waarmee hij eind vorig jaar in opspraak kwam. Het Openbaar Ministerie oordeelt dat hij niets strafbaars heeft gedaan. Dat schrijft het AD.

Aangifte militairen

Ruim zeshonderd militairen en veteranen deden vorig jaar aangifte tegen Tweede Kamerlid Selcuk Öztürk (DENK). Zij vonden dat die over de schreef ging toen hij de Nederlandse luchtaanval die Iraakse burgers in 2015 het leven kostte ‘moord’ noemde. Öztürk maakte zich volgens de militairen daarmee schuldig aan het zaaien van haat, belediging en laster.

Kamerdebat

De gewraakte term viel eind vorig jaar in het Kamerdebat over de luchtaanval. Het kwam Öztürk meteen op een schrobbering te staan van voorzitter Khadija Arib en vrijwel alle andere aanwezige Kamerleden. Ze vroegen hem zijn woorden terug te nemen, maar hij weigerde. De nabestaanden spreken ook van moord, stelde hij.

Parlementaire onschendbaarheid

Volgens het AD schrijft het Openbaar Ministerie (OM) nu in een brief aan de advocaat van Öztürkdat hij niet vervolgd kan worden. Omdat hij zijn uitspraak deed tijdens een debat in de Tweede Kamer, geniet hij parlementaire onschendbaarheid.

Uitspraak op tv

Later die avond herhaalde mede-partijgenoot Farid Azarkan de uitspraak op tv. Maar ook Azarkan wordt volgens het OM niet veroordeeld. De uitspraak was weliswaar ‘beledigend’, maar volgens de brief niet ‘onnodig grievend’ en daarom niet strafbaar.

OM: Denk mag ons leger ‘moordenaars’ noemen

Telegraaf 04.03.2020 De Denk-Kamerleden die Nederlandse militairen beschuldigden van moord na een bombardement in Irak, worden niet vervolgd. Bij de aanval vielen vermoedelijk ook burgerdoden.

De Kamerleden hebben volgens het Openbaar Ministerie niets strafbaars gedaan. Bij de militaire actie was er sprake van „doden met voorbedachten rade” en dat is in juridische zin „moord”, aldus het OM. Vooral die uitleg schokt militairen die aangifte deden. Dat meldt het AD

Denk-Kamerlid Selçuk Özturk raakte in november in opspraak tijdens een debat over een Nederlands bombardement bij het Iraakse Hawija, waarbij 74 slachtoffers vielen, vermoedelijk ook veel burgers. Dat kon gebeuren omdat de informatie niet deugde. De vliegers viel niets te verwijten.

Toch zei Özturk dat de militairen „willens en wetens” onschuldige burgers hebben vermoord. Zijn partijgenoot Farid Azarkan herhaalde dat diezelfde avond op tv.

BEKIJK MEER VAN; defensie misdaad Selçuk Öztürk Amsterdam Denk-Kamerleden

Defensie wist dat bombardement Hawija gevaarlijker kon zijn dan berekend

NU 18.02.2020 Het ministerie van Defensie wist dat het bombardement op de Iraakse stad Hawija in 2015 gevaarlijker kon uitpakken dan was gebleken uit de risicoanalyse, blijkt uit documenten die de rijksoverheid maandag heeft vrijgegeven. Door het bombardement vielen minstens zeventig doden.

In de documenten is te lezen dat er voorafgaand aan het bombardement een Collateral Damage Estimate (CDE) is uitgevoerd. Hierbij wordt berekend hoe groot de risico’s van een aanval zijn.

Defensie keek ook naar aanvallen die in het verleden zijn uitgevoerd en wat voor schade bijkomende explosies als gevolg van de bommen zouden veroorzaken. Hieruit bleek dat de extra schade van het bombardement groter kon zijn dan in de CDE was berekend.

Wel zou deze schade naar verwachting binnen het complex blijven dat Defensie wilde aanvallen. Ook had de missie alleen tot materiële schade moeten leiden, doordat deze ’s nachts werd uitgevoerd. De officier die moest bepalen of de aanval zou doorgaan, besloot dat het militaire voordeel belangrijker was dan de mogelijke extra schade.

De vliegers die de missie hebben uitgevoerd, hebben dit volgens het ministerie van Defensie “zorgvuldig en zonder fouten” gedaan. Ook zou het juiste doel zijn geraakt. De bijkomende schade van de missie kwam neer op de verwoesting van vierhonderd gebouwen.

Kabinet verzweeg burgerdoden lange tijd

In juni 2015 voerden Nederlandse F-16’s een luchtaanval uit op een bommenfabriek van IS. Bij de aanval werd ook een woonwijk verwoest.

In de fabriek bleken veel meer explosieven te liggen dan vooraf werd aangenomen. Naast de tientallen dodelijke slachtoffers raakten ongeveer honderd mensen gewond.

Een aantal dagen na de aanval zei de toenmalige defensieminister Jeanine Hennis-Plasschaert in een antwoord op Kamervragen dat er voor zover bekend geen burgerslachtoffers waren gevallen.

De Luchtmacht wist echter direct dat er zogenoemde nevenschade was. Ook bleek later uit een Amerikaans rapport dat de kans groot was dat er bij de aanval wel degelijk burgerslachtoffers waren gevallen. De Kamer bleek dus verkeerd geïnformeerd.

Huidig minister van Defensie Ank Bijleveld verklaarde in november vorig jaar – een aantal weken nadat NRC en de NOS eigen onderzoek naar de luchtaanval publiceerden – dat het ministerie van Algemene Zaken en premier Mark Rutte op de hoogte waren van de burgerdoden. Een dag later zei Rutte dat hij zich dit niet kon herinneren.

Zie ook: Waarom kan Rutte zich de burgerdoden in Hawija niet herinneren?

Lees meer over: Irak Politiek

OM-onderzoek naar burgerdoden Hawija was laat en beperkt

NOS 18.02.2020 Het onderzoek van het Openbaar Ministerie naar het bombardement in Hawija was beperkt en kwam pas na een jaar op gang. Dat blijkt uit interne documenten en antwoorden van het OM die in bezit zijn van NOS en NRC.

Bij de aanval van een Nederlandse F-16 op de bommenfabriek van IS in 2015 kwamen zeker zeventig Iraakse burgers om het leven, bleek in oktober vorig jaar. Een complete wijk werd verwoest. Het was een van de bloedigste aanvallen van de internationale coalitie in de strijd tegen IS.

Het onderzoek van het OM kende meerdere beperkingen. Pas na vijftien maanden werden de piloten voor het eerst gehoord. Betrokken militairen uit andere coalitielanden kregen bovendien niet het verzoek om mee te werken en er is geen onderzoek gedaan in Irak. Bovendien had het Openbaar Ministerie alleen de beschikking over informatie die in het bezit was van Nederland.

Minister Bijleveld van Defensie werd in november naar de Kamer geroepen om zich te verantwoorden voor het incident. Het kabinet beschouwde de zaak als afgehandeld omdat het Openbaar Ministerie de gebeurtenis heeft onderzocht. “Die hebben ernaar gekeken en die hebben vastgesteld dat hier rechtmatig is gehandeld”, zei Bijleveld.

Geen onderzoek rechtmatigheid

De rechtmatigheid van de aanval is echter nooit specifiek onderzocht. Dat gebeurt alleen als Defensie aangifte doet tegen een militair. Het uitgangspunt was volgens het OM om “effectief onderzoek te doen naar de feiten en omstandigheden waaronder de burgerslachtoffers zijn gevallen.” Het onderzoek was niet gericht op de vraag “of de geweldsaanwending rechtmatig is”. Die vraag zou pas opkomen als er nieuwe aanwijzingen waren dat militairen het oorlogsrecht hadden geschonden.

Wel is er geprobeerd om meer duidelijkheid te krijgen over het aantal burgerdoden, al waren de onderzoeksmethoden “zeer beperkt” omdat onderzoekers Irak niet in konden en men “in grote mate afhankelijk was van informatie van derden”.

Het OM wilde naar buiten toe voorkomen dat het beeld zou ontstaan “alsof het OM ‘goedkeuring’ heeft gegeven aan de inzet”, schrijft een medewerker in een mail aan zijn collega’s. “Dit is wat het OM betreft een ongewenst effect.”

Jaloud-zaak

Het doel van het onderzoek was vooral om problemen in de toekomst te voorkomen, zo blijkt uit antwoorden van het OM. “Gezien de mogelijkheid van een klacht (…) dient Nederland effectief onderzoek te doen”.

Aanleiding voor deze werkwijze was de Jaloud-zaak. In 2014 had het Europees Hof voor de Rechten van de Mens geoordeeld dat het Openbaar Ministerie ernstig tekort was geschoten in het onderzoek naar de dood van de Irakees Azhar Jaloud. Die was in 2004 doodgeschoten bij een checkpoint in Irak. Het OM oordeelde dat de Nederlandse luitenant die hierbij betrokken was geen blaam trof. De familie van Jaloud startte een zogeheten artikel 12-procedure, om het OM alsnog tot vervolging te dwingen.

Vanwege het stevige oordeel van het Europees Hof in de Jaloud-zaak, en de mogelijkheid dat ook nabestaanden van toekomstige slachtoffers een procedure beginnen, besloot het Openbaar Ministerie voortaan elk incident te onderzoeken waarbij melding wordt gedaan van burgerdoden.

Jaar later

Dat het vijftien maanden duurde voordat de twee piloten van het Hawija-bombardement werden gehoord is opvallend, omdat in de Jaloud-zaak het Europees Hof het OM juist had verweten dat de betrokken militair “met een vertraging van zes uur” werd geïnterviewd. Die militair had daardoor volgens het Europees Hof de kans gekregen zijn eigen versie van de werkelijkheid te construeren.

Dat het onderzoek zo lang op zich liet wachten lag in eerste instantie aan Defensie. Hoewel er op de video van de piloten een ongekende explosie te zien is, en de fabriek dicht bij een woonwijk lag, spreekt de luchtmachtcommandant in zijn verslag van het bombardement met geen woord over de mogelijkheid van burgerdoden. Hij benoemt alleen de aanzienlijke schade aan diverse gebouwen. Was dat wel gebeurd, dan was er volgens het OM direct een onderzoek gestart.

Verslaggever Lex Runderkamp bezocht de plek waar de Nederlandse F-16-bom viel. Hij zag vier jaar na dato nog veel schade:

Dit is de plek waar de Nederlandse F-16-bom viel

Maar ook als Den Haag een paar dagen later bericht krijgt van het Pentagon, dat er waarschijnlijk burgerdoden zijn gevallen bij de aanval, wordt het OM niet ingelicht. Defensie besluit in plaats daarvan zelf onderzoek te gaan doen.

Ook het ministerie van Justitie en Veiligheid, waar ze weet hebben van de mogelijke burgerdoden, informeert het OM niet. Mogelijk gaan ze ervan uit dat het OM al is ingelicht door Defensie. “Er wordt nu, zoals gebruikelijk, onderzoek uitgevoerd (…) Ook het OM en de Koninklijke Marechaussee zijn hierbij betrokken”, schrijft een ambtenaar twee dagen na de aanval aan de minister van Justitie. Dat klopt dus niet.

Telefonisch interview

Pas als Defensie een tweede rapport uit de Verenigde Staten ontvangt, wordt in maart 2016 – negen maanden na de aanval – het OM op de hoogte gebracht. Die starten nog dezelfde dag een onderzoek.

Maar ook het OM wacht dan nog een half jaar met horen van de piloten. Het onderzoek loopt vertraging op doordat het specialistisch onderzoeksteam van de marechaussee dat belast is met de zaak, onderzoek moet doen naar een mortierongeluk in Mali. Pas in september 2016 vindt het eerste interview plaats. Een van de twee piloten is op dat moment met verlof in Nederland, en moet telefonisch worden geïnterviewd door de marechaussee vanuit Jordanië.

Het OM werkt inmiddels aan een nieuwe procedure waarin onder andere geregeld moet worden dat Defensie eerder melding maakt van mogelijke burgerdoden als men daar weet van heeft. Hoe dat geregeld moet worden, is nog onduidelijk, laat het OM weten. “We kunnen Defensie hier niet zonder meer toe verplichten.”

De vlucht werd uitgevoerd vanaf de luchtmachtbasis in Jordanië Defensie

Hoe Nederland groen licht gaf voor een bomaanval waarbij 70 doden vielen

NOS 18.02.2020 Bij een Nederlandse luchtaanval in Irak in 2015 zijn zeker zeventig mannen, vrouwen en kinderen om het leven gekomen, bleek eind oktober. Driemaal werd er over gedebatteerd in de Tweede Kamer, maar een belangrijke vraag bleef onbeantwoord: hoe heeft het mis kunnen gaan? Nu, vier maanden later, is een deel van die vraag te beantwoorden.

Een reconstructie op basis van interne documenten die op verzoek van NOS en NRC zijn verstrekt met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur en gesprekken met diverse betrokkenen.

In het voorjaar van 2015 weet bijna niemand in Hawija dat aan de rand van hun stad de grootste bommenfabriek van terreurgroep IS ooit staat. Voor de bezetting door IS was het een druk gebied met garages en kleine autobedrijfjes. Nu worden er autobommen gefabriceerd, die mogelijk worden ingezet in een groot deel van Irak. Het fabrieksterrein is afgesloten voor burgers, om te voorkomen dat het bestaan van de fabriek uitkomt.

Trucks, humvees en bommenauto’s

Toch krijgt de internationale coalitie eind mei lucht van de bommenfabriek. Meerdere bronnen uit Hawija – mogelijk infiltranten bij IS – bevestigen dat er tientallen trucks, humvees en bommenauto’s in het gebouw staan. Het is een geweldige opsteker voor de coalitie, die samen met de Koerdische Peshmerga probeert de frontlinie bij het nabijgelegen Kirkuk te verdedigen en regelmatig te maken heeft met IS-autobommen.

Beelden van een drone, die permanent boven Hawija hangt, worden bestudeerd. Hoeveel auto’s rijden de fabriek binnen? Hoe groot is de fabriek en hoeveel munitie zou er kunnen liggen? Hoe ziet het dagelijks leven op straat eruit? De coalitie krijgt foto’s van dicht bij de fabriek, waarop te zien is dat er nog meer auto’s en explosieven naar binnen worden gebracht.

Nul doden

Voor alle coalitielanden geldt in 2015: als vooraf duidelijk is dat er ook maar één burgerdode zal vallen, mag een aanval niet uitgevoerd worden. Om dat te berekenen, wordt gebruikgemaakt van Amerikaanse software die de zogenaamde Non-combatant Casualty Cut-off Value (NCV) berekent: het aantal burgers dat mogelijk om zal komen bij de aanval. De procedure begint met het trekken van een cirkel rondom het doel waar de schade naar verwachting zal optreden.

Op onderstaande satellietbeelden is goed te zien hoe het het complete industrieterrein in Hawija is weggevaagd door de aanval. Beweeg naar links of rechts om het verschil te zien.

voor en na

De berekening wordt gemaakt door Amerikaanse militairen in Qatar, maar omdat Nederland de aanval op Hawija heeft toegewezen gekregen, kijkt een Nederlandse militair – de zogeheten Red Card Holder – over de schouder van zijn Amerikaanse collega’s mee. De bommenfabriek ligt op tweehonderd meter van een woonwijk. Zonder voorzorgsmaatregelen lijken burgerdoden niet te voorkomen, dus worden er maatregelen in het systeem ingevoerd.

Ondanks het gebruik van een precisiegeleide glijbom volgt uit de berekening dat er mogelijk een klein aantal burgers zal omkomen. Pas als wordt ingevoerd dat de aanval ’s nachts zal plaatsvinden – als niemand meer op straat is – komt de uitkomst op NCV = 0. De aanval mag in principe doorgaan.

Maar in de Amerikaanse procedure, de Collateral Damage Estimation (CDE), kan één ding niet: het is niet in staat om uit te rekenen hoe groot de impact is van de tweede ontploffing, die zal ontstaan door het exploderen van de munitie in de fabriek. Een losse inschatting moet worden gemaakt, op basis van eerdere aanvallen op bommenfabrieken.

Daaruit komt naar voren dat de nevenschade groter zou kunnen zijn dan de CDE aangeeft. Maar omdat de impact naar verwachting beperkt zal blijven tot het industriegebied, gaat men ervan uit dat er alleen materiële schade zal zijn. De aanval krijgt groen licht van de Nederlandse Red Card Holder.

Volledig fout

Op 2 juni scheert rond middernacht de eerste Nederlandse F-16 vlak over de stad. De bewoners van Hawija weten dan hoe laat het is: ze rennen in het donker naar buiten, in afwachting van de bom die zal vallen. Een paar minuten later volgt een tweede F-16, een korte knal en een gigantische tweede explosie die 400 huizen tot op een kilometer verderop gedeeltelijk doet instorten en op 60 kilometer nog te horen is. Meer dan 70 burgers verliezen het leven.

IS is een geweldige slag toegebracht. De Koerdische militairen in Kirkuk zijn opgelucht. Maar de schade in Hawija is gigantisch. De uitkomst van de berekeningen blijkt volledig fout te zijn. Er ligt 18.000 kilo springstof in de fabriek, veel meer dan ze verwacht en berekend hadden. Niet alleen het industriegebied, maar ook de nabijgelegen wijken worden daardoor getroffen. Of de informatie van een informant uit Hawija – die NOS en NRC vertelde dat hij gemeld heeft dat vier vrachtwagens de fabriek daags voor de aanval waren binnengereden – de internationale coalitie heeft bereikt is niet duidelijk.

De F-16’s vliegen nog een extra rondje boven Hawija om een Battle Damage Assessment te doen, maar door de enorme hitte en rook blijkt dat onmogelijk. Onbemande vliegtuigjes moeten worden ingezet om de schade op te nemen. Later die week worden nog meerdere vluchten uitgevoerd, en blijkt hoe groot de schade op de grond is.

Ook vier jaar later was die nog goed te zien, zag onze verslaggever in oktober !!

Op het ministerie van Defensie in Den Haag kijkt men na afloop puur naar de rechtmatigheid van de aanval. Hoe men zo verrast kon zijn door de hoeveelheid explosieven, en of de procedures wel voldoen, wordt niet onderzocht. Alleen de Amerikanen hebben daarnaar gekeken. In een rapport dat ook naar Nederland is gestuurd, komen ze met twee aanbevelingen, waarvan één door het Amerikaanse Centcom wordt overgenomen, zo staat in het rapport.

Wat die aanbevelingen zijn wil Defensie niet kwijt, omdat de informatie door de Amerikanen is geclassificeerd. Wel is duidelijk dat Nederland sinds Hawija geen enkele aanval meer heeft uitgevoerd op bommenfabrieken in de buurt van woonwijken.

Bekijk ook;

In de wijk waar de bom is gevallen staat niets meer overeind NOS

Bombardement in Hawija was riskanter dan berekend, maar werd toch doorgezet

NOS 18.02.2020 Voor het Nederlandse bombardement in het Iraakse Hawija, waarbij zeker zeventig burgers om het leven kwamen, was bekend dat “de verwachte nevenschade groter zou kunnen zijn” dan uit berekeningen naar voren kwam. Dat blijkt uit interne documenten van Defensie, die met een beroep van NOS en NRC op de Wet openbaarheid van bestuur zijn vrijgegeven.

De berekeningen werden gemaakt in de zogenoemde CDE, de Collateral Damage Estimation. Daarmee werd ingeschat hoeveel burgerdoden er te verwachten waren. Voor alle landen in de internationale coalitie gold in 2015: als vooraf duidelijk was dat er ook maar één burgerdode zou vallen, mocht een aanval niet worden uitgevoerd. Ook bij de aanval op Hawija was dat berekende aantal nul.

Maar de Amerikaanse software was niet in staat om uit te rekenen hoe groot de impact zou zijn van een tweede ontploffing, die kan ontstaan bij het bombarderen van een bommenfabriek, zoals in Hawija. Dus werd een inschatting gemaakt op basis van eerdere aanvallen op bommenfabrieken. Men concludeerde daaruit dat de verwachte nevenschade groter zou kunnen zijn dan de berekeningen lieten zien, maar dat de schade “niet buiten het industriële complex zou reiken en er bij nacht dus alleen materiële schade zou zijn”.

Met de kennis van nu blijkt dat een misvatting te zijn geweest. Meer dan 400 gebouwen raakten beschadigd, en meer dan zeventig burgers kwamen om het leven. Defensie wijt dat aan de aanwezigheid van meer munitie in de fabriek dan men van tevoren wist. De procedure deugde wel, concludeert het ministerie.

“De mogelijke schade werd door de Nederlandse Red Card Holder (RCH) beoordeeld als niet buitensporig in verhouding tot het verwachte militaire voordeel”. Zo staat beschreven in het onderzoek dat Defensie zelf naar het incident deed.

Verslaggever Lex Runderkamp was vorig najaar in Hawija; vier jaar na de bomaanval was daar nog veel schade te zien.

Dit is de plek waar de Nederlandse F-16-bom viel

Driemaal moest het kabinet zich dit najaar voor de kwestie verantwoorden in de Tweede Kamer. Volgens premier Rutte kon de Kamer al die jaren niet worden bijgepraat over het incident omdat het “protocol” het op dat moment niet toeliet vanwege de veiligheid van de vliegers.

“Het is niet zo dat kennis over wel of geen burgerslachtoffers gedeeld had kunnen worden met de Kamer, want vanwege de veiligheid van vliegers was het protocol op dat moment dat dit niet met de Kamer werd gedeeld”,Premier Rutte op 27 november in de Tweede Kamer

NRC en NOS vroegen ook alle documenten op die betrekking hebben op het transparantiebeleid van het kabinet, maar nergens blijkt dat er een protocol was dat niet toestond dat de Kamer werd geïnformeerd. Het enige protocol dat is gedeeld is “de procedure minimaliseren/melden burgerslachtoffers”, waarin de afspraken staan die de betrokken ministeries maakten bij de aanvang van de missie tegen IS in 2014.

Uit dat protocol blijkt juist het tegendeel: “Per casus (…) wordt bezien of de Tweede Kamer op de hoogte moet worden gesteld”, zo is de afspraak bij incidenten met burgerdoden. In geen enkel document wordt verwezen naar de veiligheid van de vliegers of afspraken die met vliegers zouden zijn gemaakt.

Pas als minister van Defensie Bijleveld in 2019 gehoor wil geven aan de wens van Kamer om transparanter te zijn, wordt de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) gevraagd om een analyse te maken van de “mogelijke risico’s voor de veiligheid” wanneer het beleid zou worden aangepast. Wat de uitkomst van die analyse is, wordt niet vermeld.

Bekijk ook;

 

Nederland hoort nabestaanden van burgerslachtoffers te compenseren

NU 10.02.2020 Als Nederland deelneemt aan een militaire ingreep in het buitenland en burgerslachtoffers veroorzaakt, dan kan de Staat volgens de wet verplicht worden om schadeclaims van bijvoorbeeld nabestaanden te honoreren, blijkt uit een in 2014 opgesteld document dat maandag door het ministerie van Defensie is vrijgegeven.

In de nota worden geen procedures genoemd die slachtoffers moeten doorlopen. Ook eventuele geldbedragen worden niet verder uitgelicht.

De richtlijnen van het departement staan haaks op de lijn die Defensieminister Ank Bijleveld volhield rondom de doden bij luchtaanvallen in 2015 in de Iraakse stad Hawija. Tenminste zeventig mensen kwamen daarbij om het leven. Bijleveld stelde dat nabestaanden voor compensatie in eerste instantie bij Irakese autoriteiten moesten aankloppen, omdat Irak onder andere Nederland had gevraagd om hulp in de strijd tegen Islamitische Staat (IS).

Een woordvoerder van Defensie laat in gesprek met het NRC weten dat het departement nog steeds achter dat standpunt staat. Echter blijkt uit het document dat er geen verdrag is met Irak waarin mogelijke schadeclaims zijn opgenomen. “Noch is er de verwachting dat dit verdrag er gaat komen.”

‘Document gaat rol spelen in mogelijke zaak Irakezen tegen de Staat’

Het dagblad berichtte al eerder dat tientallen Irakezen een schadeclaim voorbereiden tegen de Nederlandse Staat, omdat zij vinden dat ze slachtoffer zijn geworden van de luchtaanval in Hawija. Hun advocaat Liesbeth Zegveld voorspelt dat het document “een rol gaat spelen bij de komende procedure”.

Nederland nam van oktober 2014 tot en met juni 2016 deel aan de missie om IS te bestrijden in Irak. In 2018 werd de missie weer hervat en uitgebreid naar Syrië. Nederlandse F-16’s hebben ongeveer drieduizend missies voltooid en in zeven van de tien missies hun wapens ingezet.

Lees meer over: Politiek  Ministerie van Defensie

De omgeving van de explosievenfabriek in Hawija werd volledig verwoest NOS

Defensie had in 2014 al richtlijn voor compensatie burgerslachtoffers Irak

NOS 10.02.2020 Defensie heeft in 2014 intern al afgesproken dat Nederland een schadevergoeding zou betalen aan nabestaanden van eventuele slachtoffers van Nederlands militair ingrijpen in Irak.

Dat blijkt uit stukken uit dat jaar die het ministerie van Defensie vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Toch heeft het kabinet geen enkele poging gedaan om nabestaanden van Nederlandse bombardementen in Hawija en Mosul te compenseren.

Bij een bombardement door een Nederlandse F-16 kwamen in 2015 in Hawija zeker zeventig burgers om het leven. Het doelwit was een bommenfabriek van Islamitische Staat, maar daar lag zo’n grote hoeveelheid explosieven dat een nabijgelegen wijk volledig werd verwoest.

Nadat de NOS en NRC Handelsblad daar in oktober over hadden bericht, zei minister Bijleveld dat zij ervan uitging dat Irak voor de schadevergoeding voor de nabestaanden zou opdraaien. “Het is de internationale afspraak dat het in het land zelf wordt afgewikkeld”, zei Bijleveld, al moest ze wel erkennen dat dit “niet allemaal zo makkelijk en soepel” zou gaan.

Compensatieregelingen

Uit de interne stukken die nu naar de Kamer zijn gestuurd, blijkt dat Defensie in 2014 ervan uitging dat Nederland een verantwoordelijkheid zou hebben voor eventuele burgerslachtoffers.

“Indien er sprake is van burgerslachtoffers door Nederland, worden er compensatieregelingen opgesteld”, meldt een bijlage bij de nota ‘Procedure minimaliseren/melden burgerslachtoffers’ van het ministerie van Defensie.

“Er is geen verdrag met Irak waarin eventuele schadeclaims zijn opgenomen, noch is er de verwachting dat er een verdrag gaat komen. De Nederlandse staat kan op basis van wettelijke aansprakelijkheid worden aangesproken. Deze aansprakelijkheid is niet uit te sluiten. We kennen hiervoor geen standaardprocedures of geldbedragen.”

Verslaggever Lex Runderkamp bezocht de plek waar de Nederlandse F-16-bom viel. Zo zag het er in oktober uit:

Dit is de plek waar de Nederlandse F-16-bom viel

“Dit document gaat zeker een rol spelen bij de komende procedure van de slachtoffers van Hawija en Mosul”, zegt advocaat Liesbeth Zegveld die zestig nabestaanden bijstaat. “Er blijkt namelijk duidelijk uit dat Nederland verantwoordelijkheid neemt voor burgerslachtoffers, inclusief de civiele procedures die hieruit voortvloeien. En zo hoort het ook.”

Volgens minister Bijleveld is nooit met zekerheid vastgesteld dat er bij de Nederlandse luchtaanval op de bommenfabriek in Hawija burgers zijn omgekomen. Bij een aanval op Mosul in 2015, waarbij het doel geen IS-hoofdkwartier maar een woonhuis bleek te zijn, staat volgens de minister wel vast dat er twee burgers zijn overleden. Toch heeft defensie ook in die zaak nooit contact gezocht met de nabestaanden.

Pas na de publicatie van NOS en NRC over Hawija heeft de minister aan de Kamer toegezegd om te gaan kijken naar de mogelijkheid om een schadevergoeding uit te keren.

Niet eerder mogelijk

Een woordvoerder van het ministerie van Defensie zegt dat het tot nu toe niet mogelijk was om over te gaan tot het aanbieden van een vrijwillige vergoeding, want dat zou hebben “geleid tot het openbaar worden van de exacte locatie, datum en het vermoedelijke aantal burgerslachtoffers van deze aanvallen. Naar het oordeel van het kabinet was dit gedurende de hele inzetperiode omwille van veiligheidsredenen niet mogelijk.”

Met andere woorden: zolang de aanvallen niet publiekelijk door het kabinet waren erkend, hoefde er niet te worden overgaan tot het uitkeren van vergoedingen.

De volledige reactie van Defensie

Zoals de minister in de brief van 4 november 2019 heeft aangegeven, geldt op grond van het algemene internationaalrechtelijke beginsel van soevereiniteit van een staat, dat het aan Irak zelf is hoe wordt omgegaan met schade die als gevolg van het verzoek tot militaire steun wordt veroorzaakt.

Hieruit vloeit voort dat Iraakse burgers in eerste instantie terecht kunnen bij de Iraakse autoriteiten. Voor staatsaansprakelijkheid en de verdeling daarvan is geen specifiek verdrag tussen Nederland en Irak vereist. De uitspraken over de verantwoordelijkheid van Irak zijn gebaseerd op de algemeen geldende rechtsregels daaromtrent in het internationaal recht.

Zowel voor Hawija als Mosul is Defensie van mening dat er geen sprake is van onrechtmatig geweldgebruik. Daarmee is er geen sprake van civielrechtelijke aansprakelijkheid en vormen deze gevallen geen aanleiding om over te gaan tot het uitkeren van een schadevergoeding. Wel kan Defensie besluiten over te gaan tot een vrijwillige vergoeding.

Het aanbieden van een vrijwillige vergoeding voordat Defensie betrokkenheid bij de Hawija- en Mosul-casus had vrijgegeven, had echter geleid tot het openbaar worden van de exacte locatie, datum en het vermoedelijke aantal burgerslachtoffers van deze aanvallen. Naar het oordeel van het kabinet was dit gedurende de hele inzetperiode omwille van veiligheidsredenen niet mogelijk. De Kamer is hierover geïnformeerd in de brief van 4 november jl.

Momenteel onderzoekt Defensie de mogelijkheden om de getroffen gemeenschappen n.a.v. de wapeninzet te compenseren door middel van een vrijwillige vergoeding.

Bekijk ook;

Iraaks slachtoffer Nederlandse bommen wacht nog steeds op ‘sorry’ van de minister

AD 24.01.2020 In november erkende het ministerie van Defensie dat het Nederlandse bommen waren die het huis én het gezin van Basim Razzo vernietigde. Nu bijna drie maanden later heeft weduwnaar Razzo nog niets gehoord van de Nederlandse autoriteiten. ,,Ik vind dat ik recht heb op een verontschuldiging.’’

Jarenlang zweeg het Nederlandse ministerie van Defensie. Maar afgelopen november gaf minister Ank Bijleveld (CDA) toe dat de bommen die op 20 september 2015 de woningen van Basim Razzo en zijn broer in de Iraakse stad Mosul vernietigde, waren afgeworpen door een Nederlandse piloot.

Bij de aanval kwamen Basims vrouw Mayada, zijn dochter Tuqa (21), zijn broer Mohannad en zijn neef Najib (18) om. Het Nederlandse bombardement bleek gebaseerd op onjuiste informatie van de Amerikanen. Die dachten dat de twee woonhuizen een hoofdkwartier van terreurgroep IS waren. Maar de bewoners bleken niets met IS te maken te hebben, gaf de VS later toe.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Uit fatsoen en als een morele daad van erkenning verwacht ik dat Nederland contact opneemt, aldus Basim Razzo.

Razzo, die zelf zwaargewond raakte bij de aanval: ,,Ik kan geen reden bedenken waarom ik nog niets van de Nederlandse overheid heb gehoord. Uit fatsoen en als een morele daad van erkenning van verantwoordelijkheid verwacht ik dat ze contact opnemen en het juiste doen. Ik vind dat ik recht heb op een officiële verontschuldiging en daarna een echte compensatie voor het verlies van vier levens en twee huizen.’’

De Irakees wordt inmiddels bijgestaan door de Nederlandse advocate Liesbeth Zegveld. Zij gaat de Nederlandse staat aansprakelijk stellen voor de materiële (zijn woning, zijn auto en de medische kosten) en de immateriële schade (het overlijden van vier familieleden). ,,Maar het is eigenlijk schandelijk dat we daarvoor een juridische procedure moeten volgen’’, stelt Zegveld. ,,Er is zeker een schikking mogelijk.’’

Ik heb vertrouwen in de menselijk­heid van het Nederland­se systeem en vertrouw erop dat ik gerechtig­heid krijg, aldus Basim Razzo.

Razzo zelf: ,,Ik heb vertrouwen in de menselijkheid van het Nederlandse systeem en ik vertrouw erop dat ik gerechtigheid zal krijgen.’’ Een eerdere ‘genoegdoening’ van het Amerikaanse leger van 15.000 dollar weigerde hij vanwege het lage bedrag en omdat de VS niet de verantwoordelijkheid voor de aanval op zich wilde nemen.

Basim Razzo verloor zijn gezin en zijn woning in Irak door een Nederlandse bom. De bom werd afgeworpen na foutieve inlichtingen van de Amerikanen. © privé

De woningen van Basim Razzo en zijn broer Mohannad vier weken voor de aanval. © TerraServer, DigitalGlobe

De twee woningen na de aanval © TerraServer, DigitalGlobe

Nederland, dat onderdeel uitmaakt van de door de Amerikanen aangevoerde anti-IS coalitie, wilde jarenlang geen openheid van zaken geven, maar in november erkende Bijleveld de Nederlandse betrokkenheid bij twee incidenten: de aanval op de woning van Razzo en een bombardement in de Iraakse stad Hawija. Bij die aanval op een bommenfrabriek van IS vielen in de directe omgeving meer dan zestig burgerslachtoffers omdat er in het complex veel meer explosieven aanwezig dan de Coalitie dacht.

Hawija

Bij het bombardement in Hawija is veel lastiger te reconstrueren wie precies slachtoffers zijn van de aanval, bij de aanval in Mosul is dat duidelijk: Basim en de enige andere overlevende, zijn schoonzus. Razzo is niet lastig te traceren. ,,Mijn gegevens zijn doorgegeven aan het ministerie.’’ Hij spreekt ook vloeiend Engels; Razzo woonde jarenlang in de VS voor hij terugverhuisde naar Irak.

Een woordvoerder van het ministerie van Defensie zegt niet te weten waarom er nog geen contact met Razzo is opgenomen. Wel zegt hij dat er over enkele weken een brief naar de Tweede Kamer gaat waarin de minister verder ingaat op de afhandeling van de bombardementen. ,,Nederland is wel verantwoordelijk, maar niet aansprakelijk. Desondanks willen we kijken wat we op vrijwillige basis voor de gemeenschappen kunnen doen.’’

Bij het bombardement kwamen Basims vrouw Mayada (links), zijn broer Mohannad (midden), zijn neef Najib (rechts) en zijn dochter Tuqa (onder) om. © privé

© privé

‘Slachtoffers van Nederlandse bom in Hawija melden zich voor compensatie’

NU 17.01.2020 Tientallen mensen eisen een schadevergoeding van de Nederlandse staat voor het vernietigen van een woonwijk in de Iraakse stad Hawija in 2015, meldt Trouw. De slachtoffers worden bijgestaan door advocaat Liesbeth Zegveld.

Zegveld bereidt een zaak tegen de Nederlandse staat voor. Inmiddels hebben zich zestig mensen bij haar gemeld, omdat ze een compensatie van de staat willen voor de veroorzaakte schade.

Dit aantal kan nog oplopen. De hoogleraar, gespecialiseerd in oorlogsrecht, werkt samen met de hulporganisatie Al Gad in de Iraakse stad Kirkuk. Bij deze organisatie hebben zich al duizenden mensen gemeld.

Al Gad werkt sinds oktober aan de Hawija-zaak. Tofan Awad, die de organisatie leidt, identificeert de slachtoffers en controleert of de meldingen kloppen. Hij verzamelt ooggetuigenverklaringen en ondersteunend bewijs.

‘Bewijsmateriaal verzamelen is niet makkelijk’

Bewijsmateriaal verzamelen is “bepaald niet makkelijk”, stelt Awad in Trouw. Hawija was in 2015 bezet door Islamitische Staat (IS). Doordat er geen overheidsziekenhuizen en plaatselijke overheid waren, was er geen goede burgerregistratie. Sterfgevallen moeten nu door getuigen bevestigd zijn en ook gewonden moeten met bewijs komen.

Volgens de organisatie zijn waarschijnlijk niet alle meldingen van slachtoffers van de Nederlandse bom.

Zegveld vraagt zich in Trouw af of de staat zal vasthouden aan de opstelling dat er rechtmatig gehandeld is, maar dat er onjuiste inlichtingen waren over de hoeveelheid explosieven in de fabriek en over de nabijheid van burgers. “Ik hoop dat Nederland voor slachtoffers van Hawija alsnog zijn verantwoordelijkheid neemt”, zegt ze.

Burgerdoden werden lang verzwegen

In juni 2015 voerden Nederlandse F-16’s een luchtaanval uit op een bommenfabriek van IS. Bij de aanval werd ook een woonwijk verwoest. In de fabriek bleken veel meer explosieven te liggen dan vooraf werd aangenomen.

Er vielen minstens zeventig doden. Ook raakten ongeveer honderd mensen gewond. Het Nederlandse kabinet gaf dit in oktober toe, nadat de burgerdoden eerder werden verzwegen.

Zegveld zegt in Trouw dat er “extra leed is toegevoegd door te zwijgen”.

Lees meer over: Irak Politiek

Het industriegebied in Hawija is volledig verwoest NOS

60 mensen willen vergoeding van Staat om aanval Hawija

NOS 17.01.2020 Zestig mensen hebben zich gemeld bij advocaat Liesbeth Zegveld omdat ze een schadevergoeding willen van de Nederlandse Staat wegens het bombardement op Hawija in Irak. Volgens de advocaat kan dat aantal nog oplopen. Zegveld bereidt namens de slachtoffers een schadeclaim voor.

In oktober onthulden NOS en NRC dat in 2015 bij een aanval van een Nederlandse F-16 in Irak zeker zeventig burgers zijn gedood. Door het bombardement op een autobommenfabriek van IS en de daarop volgende explosies werd een wijk in Hawija verwoest. Het was een van de bloedigste aanvallen van de internationale coalitie in de strijd tegen IS.

Rol van Nederland

Slachtoffers en nabestaanden hebben de hulp gevraagd van Zegveld. “Waar het om gaat is de vraag: wat heeft Nederland gedaan om te voorkomen dat er zo veel burgerslachtoffers zouden vallen”, zei ze eerder. Ze vindt dat bewoners gewaarschuwd hadden kunnen worden met pamfletten dat er een bombardement zou komen.

Sinds het nieuws over het bombardement bekend werd heeft de Tweede Kamer meerdere keren over de kwestie gedebatteerd. Daarbij ging het over de vraag of er doelbewust informatie is achtergehouden na het Nederlandse bombardement. Premier Rutte zei in een debat eind november dat er geen sprake is van een doofpot.

Wel erkende hij dat er in een brief van toenmalig minister Hennis over de luchtaanval een fout stond. Er werd gesuggereerd dat er geen burgerdoden waren, terwijl er zo’n 70 slachtoffers bleken te zijn.

Bekijk ook;

VS en bondgenoten staken trainingsmissie in Irak, militairen extra beveiligd

NU 04.01.2020 De Verenigde Staten en hun bondgenoten staken vanwege de verhoogde dreiging van een aanval uit Iran per direct en voor onbepaalde tijd trainingen van Iraakse militairen in opleiding, laat een woordvoerder van de NAVO zaterdag weten. De bescherming van alle troepen die meedoen aan de militaire operatie Inherent Resolve (OIR) wordt opgeschaald.

Dat besluit zou ook Nederlandse militairen en experts onder verscherpt toezicht stellen. Nederland nam samen met veertien andere bondgenoten van de VS deel aan OIR.

“De veiligheid van ons personeel in Irak gaat boven alles”, zegt woordvoerder Dylan White van de NAVO. “Wij blijven alle nodige voorzorgsmaatregelen nemen. De NAVO-missie wordt voortgezet, maar de trainingsactiviteiten worden tijdelijk opgeschort.”

Uit een Kamerbrief (meer) van medio oktober blijkt dat in Noord-Irak en Bagdad ten minste zestig Nederlandse militairen actief zijn, mogelijk gesteund door twintig experts. De Nederlandse militairen geven onder meer trainingen aan Koerdische en Iraakse militairen in het gebied.

Uitgerekend in Bagdad vond in de nacht van vrijdag op zaterdag een nieuwe luchtaanval plaats. Een konvooi van de door Iran gesteunde militiegroepering Popular Mobilisation Forces (PMF) werd onder vuur genomen. Ten minste zes mensen kwamen daarbij om het leven, aldus Iraakse staatsmedia.

Het land vermoedt dat de Amerikanen achter de aanval zitten. In de drie uitgebrande auto’s zouden medici en geen hooggeplaatste militairen hebben gezeten.

Een woordvoerder van de OIR ontkent zaterdagochtend dat de internationale coalitie de laatste dagen luchtaanvallen heeft uitgevoerd ten noorden van Bagdad.

Trump: ‘VS wil oorlog met Iran voorkomen, niet starten’

Conflict tussen Iran en VS escaleert na dood Iraanse generaal

De spanningen tussen de VS en Iran zijn opgelaaid nadat de Amerikanen vrijdag de Iraanse generaal Qassem Soleimani doodden bij een luchtaanval op een vliegveld in Irak. Soleimani gold als de belangrijkste militair en op grootayatollah Ali Khamenei na machtigste man in Iran. Hij wordt zaterdag begraven in Bagdad.

Iran zint op wraak en dreigt hard terug te slaan naar de Amerikanen. President Donald Trump nam daarom de beslissing om drieduizend extra militairen naar het gebied te sturen om de veiligheid in de regio te waarborgen. Eerder deze week ging een bataljon van 750 militairen hen al voor.

Sinds mei hebben de Amerikanen al ongeveer veertienduizend extra militairen naar het Midden-Oosten gestuurd naar aanleiding van de groeiende onrust.

Democraat Sanders wil met wet macht Trump aan banden leggen

De lijn van Trump kwam hem op kritiek van de Democraten te staan. Chuck Schumer, de Democratische fractievoorzitter in de Senaat, vindt dat Trump “niet het recht heeft om een oorlog met Iran te beginnen”. Volgens hem moet het Amerikaanse Congres, waarin de Democraten de scepter zwaaien, daar toestemming voor geven.

Presidentskandidaat Bernie Sanders wil verdere “militaire plannen” van Trump met een wetsvoorstel dwarsbomen. In de nacht van vrijdag op zaterdag introduceerde hij een maatregel waarmee het Congres straks vrijwel iedere uitgave van Trump in het Midden-Oosten moet goedkeuren.

Zie ook: Aanval op Iraanse generaal is kantelpunt: alles wat je erover moet weten

Lees meer over: Iran  Verenigde Staten  Donald Trump  Buitenland  Spanningen Iran

Onder dit soort erbarmelijke omstandigheden moesten de Nederlandse commando’s in Irak hun ’medische wonderen’ verrichten. Ⓒ Ministerie van Defensie

Nederlandse gewondenverzorgers onderscheiden voor werk in Irak

Telegraaf 19.12.2019 Nederlandse militaire gewondenverzorgers hebben eind 2016 in Irak honderden levens gered tijdens de slag om Mosul. Aan de inzet van deze special forces medics werd geen ruchtbaarheid gegeven, maar deze komt naar buiten nu veertien militairen van het Korps Commandotroepen en MARSOF-mariniers ervoor worden onderscheiden.

Elitemilitairen geven altijd hoog op van hun training. Daarop zijn kapitein Matthijs en de korporaals Nick, Henk en Joris geen uitzondering. Maar wat zij tussen oktober en december 2016 te verstouwen kregen, daar kon geen training hen op voorbereiden. De commando’s waren in Noord-Irak voor het opleiden van lokale speciale eenheden, toen de strijd tegen IS naar een climax ging met de aanval op Mosul, het laatste bolwerk van het kalifaat.

In het veld krijgen teamleider Matthijs en gewondenverzorger Nick door dat er grote behoefte is aan militairen die een opvangpost kunnen bemannen buiten Mosul. De plek waar de eerste medische handelingen zullen worden verricht om gewonden te stabiliseren voor vervoer naar een ziekenhuis, een uur verderop in Erbil. Met niet meer dan wat ze in hun rugzakken hebben, vertrekt een groepje commando’s en mariniers richting het aanstaande front.

Ⓒ Ministerie van Defensie

„’s Ochtends stond ik nog op de schietbaan instructie te geven, ’s avonds waren we bezig de tenten op te zetten die we van de Irakezen hadden gekregen; en toen kwamen al de eerste gewonden”, vertelt geneeskundige Henk. Zijn leidinggevende Matthijs knikt. „We hebben spullen en medicijnen bij elkaar gezocht en zijn aan de slag gegaan. Ons werk doen op een geïsoleerde plek, met weinig middelen, zonder hulp van buitenaf; dat is waarvoor special forces zijn opgezet.”

Van ’s ochtends vroeg tot het invallen van de duisternis krijgen de Nederlanders een stroom van ernstig gewonden in hun tenten. Eerst veel burgers, dan vooral militairen. De mensen worden neergelegd op veldbedjes en daar moeten Nick, Henk en Joris werk doen dat in Nederland het domein is van traumateams: schotwonden ontsmetten en hechten, tourniquets waarmee ernstige bloedingen worden gestopt aanleggen en door explosieven afgeblazen ledematen verbinden. Tijd om erover na te denken is er nauwelijks. De ambulances blijven komen.

Levensreddend werk in een tentje in Irak.

Levensreddend werk in een tentje in Irak.

Ⓒ Ministerie van Defensie

„Je komt in een soort van rush. Je doet je ding en blijft doorgaan. De positieve feedback van de Irakezen helpt en wanneer je ziet dat je mensen kunt redden, krijg je daar ook een boost van”, vertelt korporaal Henk. „Er waren ook wel minder leuke dingen”, zegt Nick met gevoel voor understatement. „Mensen die onder je ogen dood gaan en kinderlijkjes die worden binnengebracht; maar je kunt het er wel met de man naast je over hebben. Als je dan denkt: we hebben er alles aan gedaan, dan is het goed.”

Collega Joris knikt. „Als we ’s avonds het bloed van de vloer dweilden, hadden we het er ook wel over. Natuurlijk maak je krankzinnige situaties mee. Dat je aan het lunchen bent in een ruimte waar in de hoek drie bodybags liggen. Je kunt die stoffelijke overschotten meegeven aan een ambulance, maar wat als er dan nieuwe gewonden worden binnengebracht die naar het ziekenhuis moeten? Dan kun je die ambulance beter laten wachten en de lege plekken voor die patiënten gebruiken. Dat soort ethische dilemma’s waren er vrijwel permanent en er is niemand die deze voor je oplost.”

Bewijs

Maar liefst 798 gewonden passeren de Nederlandse post, die mee verhuist met het opschuivende front. De Nederlanders ’verliezen’ maar tien tot twintig patiënten. Het team concludeert dat de meeste gewonden het zonder de eerste hulp niet hadden gehaald. Het belang dat de Irakezen aan het werk hechten, is volgens Matthijs het ultieme bewijs van het Nederlandse succes. Toen de commando’s en mariniers vanwege het wachten op politieke toestemming voor een verplaatsing niet actief waren, werd een deel van de operatie in Mosul stilgelegd.

Ⓒ Ministerie van Defensie

„Zonder de zekerheid dat iemand voor ze zou zorgen wanneer ze gewond raakten, was de wil van de Irakezen om te vechten niet groot”, legt de officier uit. „Dat is logisch. Als militair wil je die zekerheid hebben. Ik weet na Mosul dat als je gewond raakt, je niet in betere handen kunt zijn dan bij deze jongens.”

’Zonder hen was ik dood in Iraakse greppel geëindigd’

De Nederlandse cameraman Sebastiaan Knoops werkte zich bij CNN op naar de eredivisie van de tv-journalistiek: filmen in oorlogs- en crisisgebieden. Alles ging crescendo, tot een oktoberdag in 2016, die hij alleen dankzij onwaarschijnlijk veel geluk en Nederlandse gewondenverzorgers wist te overleven.

Knoops is die dag vanuit het Iraakse Erbil onderweg naar Mosul. De CNN-ploeg rijdt in een gepantserde suv en heeft een Britse oud-militair van de elite-eenheid SAS bij zich als veiligheidsadviseur. De dreiging blijkt alleen niet van het slagveld te komen, maar vanuit het brein van de lokale chauffeur.

„Hij kreeg een epileptische aanval”, vertelt Knoops. „De chauffeur duwde het gaspedaal daardoor helemaal in en de auto ging steeds harder rijden. Onze veiligheidsman probeerde zijn voet van het pedaal te krijgen, maar dat lukte niet. We schijnen tegen de 200 km/u te hebben gereden en toen flipte de auto. Ik ben eruit geslingerd en met mijn hoofd tegen een rots geklapt.”

Cameraman Sebastiaan Knoops dankt zijn leven aan de hulp van de Nederlandse commando’s in Irak.

Cameraman Sebastiaan Knoops dankt zijn leven aan de hulp van de Nederlandse commando’s in Irak.

Midden in de woestijn eindigen met zwaar inwendig letsel, ernstig hoofd- en hersenletsel en veel bloedverlies. De kans dit te overleven zou normaal heel erg klein zijn, constateert Knoops nu. Maar na het ongeluk keren zijn kansen. Een ambulancebemanning ziet de crash gebeuren. Nog voor de wielen van de over de kop geslagen suv zijn gestopt met draaien, beginnen de broeders met de hulpverlening. Het tweede geluk is dat de Nederlandse commando’s zich twee dagen eerder hebben gemeld bij de lokale autoriteiten. Daardoor weten de ambulancemedewerkers waar ze Knoops heen kunnen brengen.

„Een van de risico’s die je loopt met hersenschade, is stikken”, vertelt de Nederlander. „De commando’s hadden twee uur voor mijn ongeluk zuurstofflessen gekregen, Daarmee konden ze me redden. Ze brachten me daarna naar Erbil. Ik was de hele tijd bij bewustzijn, maar ik kan me er niets meer van herinneren. De hele maand na het ongeluk ben ik kwijt. Ik heb alles wat er is gebeurd van anderen gehoord.”

“De hele maand na het ongeluk ben ik kwijt”

In Erbil kiezen de elitemilitairen er op advies van een Nederlandse arts voor Knoops naar een privéziekenhuis te brengen. Die keuze blijkt essentieel. De zorg in het hospitaal is uitstekend. De artsen doen hun werk zo goed, dat de cameraman in Nederland niet opnieuw onder het mes hoeft. Hij kan er beginnen met revalidatie. Terwijl Knoops werkt aan wat een volledig herstel zal worden, staan de commando’s aan zijn bed.

„Ze hadden nog wat voor me meegenomen: mijn laarzen. Ik dacht dat ik die kwijt was geraakt, maar zij bleken die voor me te hebben bewaard. Ik kreeg ze terug met het stof en de modder er nog op. Het is heel simpel, zonder de Nederlanders was ik dood in een Iraakse greppel geëindigd. Daarom ben ik ze enorm dankbaar.”

Bekijk meer van; gewapend conflict krijgsmacht Sebastiaan Knoops Mosoel Irak

Missie in Irak tot 2021, Kamer wil druk op Bagdad

Telegraaf 19.12.2019 De Tweede Kamer is akkoord met een verlenging van de missie in Irak tot eind 2021. Maar partijen dringen er wel op aan om druk te zetten op de Iraakse regering om het harde optreden tegen betogers te stoppen.

De missie maakt deel uit van de strijd van een internationale coalitie tegen terreurgroep IS. Ongeveer zestig Nederlandse militairen trainen Iraakse en Koerdische militairen. Ook zijn er kleine bijdrages aan missies van de NAVO en EU.

De dreiging van IS is nog steeds niet verdwenen en daarom moet Nederland volgens een ruime meerderheid van de Kamer actief blijven in het Arabische land. Over de verlenging werd donderdag gedebatteerd.

In het midden en zuiden van Irak wordt al vele weken betoogd tegen de slechte economische toestand, de corruptie en de invloed van Iran. De politie treedt hard op. Er vielen al meer dan vijfhonderd doden.

Demonstraties Irak

De Kamer is zeer bezorgd over het neerslaan van de demonstraties. Er moet een „stevig signaal” naar de regering in Bagdad worden gestuurd dat een regering die zo optreedt niet op steun hoeft te rekenen, zei Joël Voordewind (ChristenUnie). Volgens Bram van Ojik (GroenLinks) moet gekeken worden of de missie kan worden aangepast.

Het kabinet deelt de zorgen van de Kamer. We gaan niet zonder voorwaarden door met de missie, aldus minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken). Als de Iraakse regering grenzen overschrijdt, zal dat volgens hem helder worden aangegeven. Door Nederland getrainde troepen zouden niet betrokken zijn bij het onderdrukken van de protesten.

Meerderheid

Een ruime meerderheid van de Kamer steunt de verlenging. Sadet Karabulut (SP) vindt dat de bijdrage moet worden opgeschort vanwege het harde optreden tegen de betogers. SP, PVV en DENK stemmen tegen verlenging.

Bekijk meer van; burgerlijke onrust Irak Tweede Kamer der Staten-Generaal

Kamer steunt missie in Irak, maar wil druk op regering om geweld tegen betogers

AD 19.12.2019 De Tweede Kamer is akkoord met een verlenging van de missie in Irak tot eind 2021. Maar partijen dringen er wel op aan om druk te zetten op de Iraakse regering om het harde optreden tegen betogers te stoppen.

De missie maakt deel uit van de strijd van een internationale coalitie tegen terreurgroep IS. Ongeveer zestig Nederlandse militairen trainen Iraakse en Koerdische militairen. Ook zijn er kleine bijdrages aan missies van de NAVO en EU.

De dreiging van IS is nog steeds niet verdwenen en daarom moet Nederland volgens een ruime meerderheid van de Kamer actief blijven in het Arabische land. Over de verlenging werd vanmiddag gedebatteerd.

In het midden en zuiden van Irak wordt al vele weken betoogd tegen de slechte economische toestand, de corruptie en de invloed van Iran. De politie treedt hard op. Er vielen al meer dan vijfhonderd doden.

Demonstraties

De Kamer is zeer bezorgd over het neerslaan van de demonstraties. Er moet een ‘stevig signaal’ naar de regering in Bagdad worden gestuurd dat een regering die zo optreedt niet op steun hoeft te rekenen, zei Joël Voordewind (ChristenUnie). Volgens Bram van Ojik (GroenLinks) moet gekeken worden of de missie kan worden aangepast.

Het kabinet deelt de zorgen van de Kamer. We gaan niet zonder voorwaarden door met de missie, aldus minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken). Als de Iraakse regering grenzen overschrijdt, zal dat volgens hem helder worden aangegeven. Door Nederland getrainde troepen zouden niet betrokken zijn bij het onderdrukken van de protesten.

Een ruime meerderheid van de Kamer steunt de verlenging. Sadet Karabulut (SP) vindt dat de bijdrage moet worden opgeschort vanwege het harde optreden tegen de betogers. SP, PVV en Denk stemmen tegen verlenging.

Bijleveld gaat Amerikanen nog een keer vragen naar burgerdoden Hawija

NOS 19.12.2019 Minister Bijleveld van Defensie gaat nog een keer bij de Amerikaanse legerleiding navragen op welk moment duidelijk was dat er bij het bombardement van Nederlandse F16’s op het Iraakse Hawija zeker 70 burgers zijn gedood.

Dat zegde ze toe in het interpellatiedebat over de kwestie in de Tweede Kamer. Het kabinet heeft tot nu toe gezegd dat nooit officieel is vastgesteld hoeveel burgerdoden er zijn gevallen, en dat daarom de ernst van de situatie nooit echt is doorgedrongen in Den Haag. Pas vorige maand drong dat besef door, zegt het kabinet.

Maar een Amerikaanse kolonel meldt vandaag aan de NOS en NRC Handelsblad dat de 70 doden van de luchtaanval in 2015 al sinds 1,5 jaar worden meegerekend in het totale aantal burgerdoden dat bij de missie in Irak is gevallen. Tijdens het debat eisten Kamerleden van onder meer SP en D66 daar opheldering over. Vooral oppositiepartijen vermoeden dat de Kamer onjuist is geïnformeerd over de burgerslachtoffers door Nederlands vuur.

Officiële lijn

Bijleveld verwees naar de officiële informatie die ze van de Amerikanen krijgt. “Daar moet ik het mee doen, de informatie uit de officiële lijn.” Ze heeft op verzoek van de Kamer specifiek gevraagd of de mogelijke burgerdoden van Hawija zijn meegeteld bij het totaal. Ze las het officiële antwoord van het Amerikaanse hoofdkwartier Centcom in de Kamer voor.

Daarin staat dat alleen de daadwerkelijk vastgestelde burgerdoden zijn meegeteld. Bij Hawija is het wel aannemelijk dat er onschuldige slachtoffers zijn gevallen, maar het precieze aantal is volgens Centcom niet vast te stellen.

“Ik vind het waardeloos wat er nu gebeurt”, zei Bijleveld tijdens het debat. De kolonel die de NOS en NRC gesproken hebben is volgens haar niet een woordvoerder van Centcom.

“Maar ik ben uiteraard bereid om nog een keer navraag te doen. En als ik nieuwe informatie krijg, zal ik dat delen met de Kamer. Ik wil geen enkele burgerdode verzwijgen. Het kabinet vindt het al akelig genoeg dat dit gebeurd is in Hawija.”

Woordvoerder Centcom

In het debat meldde minister Bijleveld dat kolonel Myles Caggins geen officiële woordvoerder van Centcom is. Hij is dat wel, maar niet voor het hoofdkwartier van Centcom in Florida. Caggins werkt namens Centcom in Bagdad als woordvoerder van de internationale coalitie Operatie Inherent Resolve, waar Nederland deel van uitmaakt.

Sinds 2016 worden de burgerdoden-rapportages niet meer gemaakt door het Centcom-hoofdkwartier in Florida, maar door een team dat werkzaam is voor de internationale coalitie. Namens hen voert Caggins het woord. Het Nederlandse ministerie van Defensie onderhoudt contacten met Centcom via een Nederlandse liaison die werkzaam is namens Nederland in Florida.

Bekijk ook;

© Foto Bart Maat/ANP Minster Ank Bijleveld van Defensie (CDA) moest donderdag opnieuw naar de Kamer over het bombardement van Nederlandse F-16’s op Hawija.

Opnieuw irritatie in Kamer om Hawija-bombardement

MSN 19.12.2019 Het lag nog op de loer, op de laatste dag voor het Kerstreces: een nieuw politiek ongeluk. Na het aftreden van staatssecretaris Menno Snel (Financiën, D66), woensdag vanwege de toeslagenaffaire, waren donderdag alle ogen gericht op CDA’er Ank Bijleveld. De minister van Defensie wachtte een lastig debat rondom ‘Hawija’, het Nederlandse bombardement in Irak in juni 2015. Het was alweer het derde debat over dit onderwerp in twee maanden tijd, de SP had het aangevraagd.

De centrale vraag in het debat: vielen er nu wel of niet zeventig doden als gevolg van die bomaanval, ruim vier jaar geleden? Een Nederlandse F-16 mikte op een bommenfabriek van terreurgroep IS en veroorzaakte onbedoeld een kettingreactie aan explosies. Volgens Bijleveld is het precieze aantal burgerdoden nooit vastgesteld door ‘Centcom’, het Amerikaanse opperbevel.

De minister bezwoer de Tweede Kamer donderdag dat dit deze week nog „op zeer hoog niveau” door de Amerikanen is bevestigd. Hierover waren twijfels ontstaan door berichtgeving in radioprogramma De Nieuws BV. Volgens Bijleveld zijn de Hawija-slachtoffers nooit meegeteld in de officiële lijst met burgerdoden in de strijd tegen IS.

Maar klopt dit wel? Donderdag concludeerde Airwars, een collectief dat onderzoek doet naar burgerslachtoffers, dat ‘Hawija’ wel degelijk in tabellen is verwerkt. Een opvallende piek in het aantal burgerdoden rond juni 2015 zou alleen te verklaren zijn door het Nederlandse bombardement.

Vlak voor het debat kwamen NRC en NOS met nog een bevestiging. Volgens kolonel Myles Caggins, woordvoerder bij Centcom in Bagdad, telt de internationale anti-IS-coalitie „de ongeveer zeventig doden uit de luchtaanval op Hawija in 2015 al zeker achttien maanden mee in het totale aantal burgerdoden”. Het zette het debat op scherp. Houdt het kabinet iets achter?

Begin november leek er nog niet veel aan de hand. Toen bevestigde Defensie de zeventig doden nog. Eind van de maand trokken zowel Bijleveld als premier Mark Rutte (VVD) dat getal echter plotseling in twijfel. In een Kamerdebat, op 27 november, zeiden ze dat helemaal niet vaststond dat er zoveel doden waren gevallen – navraag bij Centcom had dat uitgewezen. Na het debat betitelde de premier tegenover BNR de getallen over zeventig doden zelfs als „geruchten” en „irrelevant”.

Deze donderdag was Bijleveld in het debat duidelijk verrast door de verklaring van Caggins dat de zeventig doden wat de VS betreft onbetwist zijn. Ze noemde de kolonel „een meneer die ik niet ken” en de almaar groeiende verwarring „vervelend en waardeloos”. Ze voelde zich zelfs genoodzaakt om te citeren uit een officieel antwoord van Centcom waarin het opperbevel zwart op wit verklaart dat de burgerdoden in Hawija „waarschijnlijk” zijn maar „onmogelijk te bevestigen” – en dus ook niet in de tabellen staan.

„Ik zal nooit enigerlei slachtoffer ontkennen”, zei de minister, „maar ik moet het doen met de officiële lijn”. Die was „altijd consistent” geweest, aldus Bijleveld. „Maar wat het ingewikkeld maakt is dat die kolonel nu weer wat anders zegt.”

Het leidde tot irritatie in de Kamer. Hoe kan het opperbevel steeds iets anders zeggen? Nemen de Amerikanen Nederland soms „niet serieus genoeg”, wilde Isabelle Diks (GroenLinks) weten. En is die onduidelijke informatievoorziening niet problematisch bij missies waarin ook Nederlandse militairen hun leven riskeren? CDA-Kamerlid Martijn van Helvert eiste op hoge toon dat Kamervoorzitter Khadija Arib een brief stuurt aan Centcom waarin de Kamer „zeer nauwkeurige communicatie” eist van het Amerikaanse leger.

De ergernis over de onduidelijke communicatie van de Amerikanen kwam Bijleveld niet slecht uit. Wat een debat had moeten worden over de vraag of de minister de Kamer onjuist heeft geïnformeerd, werd uiteindelijk een debat over de enorme ruis die er kennelijk op de transatlantische lijn zit.

Met medewerking van Jannie Schipper en Kees Versteegh.

Correctie (19 december 2019): In een eerdere versie werd er verwezen naar een piek in data over burgerslachtoffers in maart 2017, dat moet juni 2015 zijn. Hierboven is de tekst aangepast.

Ook derde debat Hawija doet mist rond Nederlands bombardement niet verdwijnen

AD 19.12.2019 De mist rond het Nederlandse bombardement in het Iraakse Hawija is na drie Kamerdebatten nog altijd niet opgetrokken. Er blijft onduidelijkheid bestaan over informatie die minister Ank Bijleveld van Defensie daarover aan de Kamer heeft gegeven. ,,Ik vind het eerlijk gezegd ook waardeloos dat dit gebeurt.”

Bijleveld moest zich gisteren weer verantwoorden voor de luchtaanval die een Nederlandse F-16 uitvoerde in de nacht van 2 op 3 juni 2015 in Irak. Daarbij was een bommenfabriek het doelwit, maar omdat daar meer springstof lag dan gedacht, vielen er burgerdoden. Mogelijk wel zeventig.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Lijnrecht

Dit keer wordt Bijleveld in de problemen gebracht door woordvoerders van het Amerikaanse commandocentrum Centcom. Na vragen door verschillende media geven die woordvoerders antwoorden die lijnrecht ingaan tegen de informatie die Bijlevelds ministerie van Defensie ontving.

Zo zei een woordvoerder tegen radioprogramma De Nieuws BV dat er door Centcom wel degelijk een eindrapport van de Nederlandse aanval was opgemaakt. Bijleveld had dit altijd ontkend. Daar blijft ze ook bij: ,,Centcom heeft keer op keer bevestigd dat er geen closure report is.” Defensie kreeg een voorlopig rapport en een aanvullend rapport en daarmee beschouwde Centcom de zaak gesloten. Waarom er geen derde rapport kwam met ‘closure’ erop, is niet bekend.

Piek

Het komt behoorlijk onzorgvul­dig en chaotisch over, aldus GroenLinks-Kamerlid Isabelle Diks.

Maar toen het debat al in volle gang was, kwamen NOS en NRC met nieuws over de officiële tabel van het aantal bevestigde burgerslachtoffers, die tussen mei en juli 2015 opeens een opmerkelijke piek laat zien in het aantal doden. Bijleveld schreef de Kamer dat dit níet door Hawija veroorzaakt is, maar een woordvoerder van de missie tegen IS zegt dat de zeventig burgerdoden die daar vielen wél worden meegeteld in de statistieken – al anderhalf jaar.

,,U zegt: het heeft niets met Hawija te maken”, zei SP-Kamerlid Sadet Karabulut, die het debat aanvroeg. ,,Maar dat blijkt wél zo te zijn.” GroenLinks-Kamerlid Isabelle Diks vroeg zich af ‘wat is er in vredesnaam aan de hand met de informatie-uitwisseling tussen Centcom en het ministerie’. ,,Het komt behoorlijk onzorgvuldig en chaotisch over.” Ook Bijleveld was zichtbaar getergd door de nieuwe informatie van ‘een kolonel in Bagdad’.

Officieel antwoord

Volgens de CDA-bewindsvrouw had ze deze week nog officieel de vraag aan Centcom gesteld of Hawija onderdeel is van het totaal aantal bevestigde slachtoffers. ,,Ik lees u het officiële antwoord even voor, in het Engels: ‘No, Centcom only reports confirmed numbers’.” Alleen bevestigde doden. En ze herhaalde: ,,Ik moet handelen op basis van officiële informatie en documenten, niet op mediaberichten.”

De Kamer wil wel dat Bijleveld nogmaals bij Centcom informeert hoe het nou écht zit. Bijleveld kan het boek Hawija daarmee nog niet dichtdoen. Vorige maand voerde Bijleveld al twee keer eerder een moeizaam debat met de Kamer over de kwestie, waarbij ze een motie van wantrouwen doorstond omdat de coalitiepartijen haar bleven steunen.

VS spreekt Bijleveld tegen: burgerdoden Hawija al 1,5 jaar meegeteld

NOS 19.12.2019 “Een gerucht” en “geen relevant getal”. Dat zei premier Rutte na afloop van het debat eind november over de zeventig burgerdoden van het Nederlandse bombardement in Hawija. Toch stelt een woordvoerder van het Amerikaanse Centcom, het hoofdkwartier van de Amerikaanse militaire missies, dat de 70 burgerdoden al zeker 1,5 jaar worden meegeteld in de statistieken.

Vanmiddag wordt minister Bijleveld van Defensie daarom opnieuw over de kwestie bevraagd in de Tweede Kamer.

Het was een cruciaal element in de verdedigingslinie van premier Rutte en minister Bijleveld tijdens het debat. Omdat de Amerikanen het officiële dodental nooit hadden vastgesteld, was de ernst van de situatie op het ministerie van Defensie nooit helemaal duidelijk.

“Centcom zegt zelf dat er op geen enkele manier is vast te stellen hoeveel burgerslachtoffers er zijn gevallen,” aldus Rutte. Het is daarom niet vreemd dat zowel de Tweede Kamer als collega-ministers nooit zijn gewezen op de ernst van het incident, zo is de redenatie van het kabinet. Sterker nog, zo stelde Rutte na afloop, het is nog altijd niet duidelijk hoeveel mensen zijn omgekomen.

Doden tellen al anderhalf jaar mee

Dat ligt toch anders, blijkt uit antwoorden die NRC en NOS vandaag ontvingen van de Amerikaanse woordvoerder van de missie in Bagdad, kolonel Myles Caggins. “De internationale coalitie telt de ongeveer zeventig doden uit de 2015 Hawija luchtaanval al zeker achttien maanden mee in het totale aantal burgerdoden”, mailt hij op vragen van NOS en NRC. In totaal zouden er 1347 doden zijn gevallen bij aanvallen van de internationale coalitie, waaronder dus de 70 uit Hawija.

Gisteren nog liet Bijleveld weten het zelf ook te hebben nagevraagd bij Centcom, en dat de burgerslachtoffers die “zeer waarschijnlijk bij deze wapeninzet zijn gevallen, geen onderdeel uitmaken van het totale aantal van 1347”.

‘Misverstand’

Los van de antwoorden van kolonel Caggins zijn er nog meer aanwijzingen dat de Amerikanen al veel langer uitgaan van 70 doden.

Zo staat dat dodental in een e-mail die NOS en NRC in december 2018 ontvingen van Centcom. Kolonel Sean Ryan, op dat moment woordvoerder van de operatie tegen IS, liet weten dat bij de aanval op Hawija “helaas 70 burgers zijn gedood.”

Als minister Bijleveld in het tweede debat geconfronteerd wordt met de e-mail zegt ze dat dit is nagevraagd bij Centcom en dat dit op een misverstand berust. “Het is ook voor Centcom onduidelijk waarom de betrokken woordvoerder tegenover NRC en NOS is afgeweken van de officiële conclusies”, zegt ze. Ook Centcom komt met een nieuwe verklaring: “Het aantal burgerdoden kunnen we niet bevestigen.”

Na het debat hebben NOS en NRC opnieuw contact gezocht met kolonel Ryan, die inmiddels een andere baan heeft bij het Amerikaanse leger. Hij neemt het aantal van zeventig niet terug en laat weten dat zijn informatie in 2018 afkomstig was van de strike cell, een team uit Qatar dat alle informatie voor en na een luchtaanval bijhoudt. Volgens Ryan wordt deze informatie “constant geëvalueerd en geüpdatet”. Als er nieuw bewijs is over burgerdoden, dan past het team de informatie aan.

Op de vraag van NOS en NRC aan Centcom hoe het kan dat volgens Ryan het aantal doden in 2018 wél is vast te stellen, en op dit moment niet meer, komt geen antwoord.

Een enorme piek in 2015

Een tweede aanwijzing is een rapport (.pdf) uit 2018 van de National Defense University, een Amerikaanse militaire opleiding. In een grafiek met het aantal door Centcom officieel gerapporteerde burgerslachtoffers, is een enorme piek te zien in juni 2015, het moment van de aanval op Hawija. Volgens de grafiek zijn er tussen de vijftig en honderd officieel gemelde doden en gewonden in die maand.

Minister Bijleveld liet gisteren weten, na vragen van SP-Kamerlid Sadet Karabulut, dat in de grafiek inderdaad het aantal officieel bevestigde burgerslachtoffers te zien is. Maar het gaat hier volgens Bijleveld niet om de aanval op Hawija. In deze periode voerde de internationale coalitie namelijk “alleen al in de omgeving Kirkuk ruim veertig luchtaanvallen uit”.

De ontkenning van Bijleveld is opvallend, omdat er in deze periode nauwelijks bevestigde burgerslachtoffers zijn gevallen. Airwars – dat fulltime onderzoek doet naar burgerslachtoffers – analyseerde alle rapportages over burgerslachtoffers van Centcom. De conclusie: Centcom heeft over deze periode (mei-juli 2015), los van Hawija, slechts zes burgerdoden en vier gewonden bij luchtaanvallen in Irak gemeld.

Chris Woods, de directeur van Airwars, vindt het antwoord van de minister dan ook onbegrijpelijk. “Iedereen die even de tijd neemt om de cijfers te analyseren, ziet dat het wel om Hawija moet gaan.”

De tachtig mysterieuze doden

De derde aanwijzing is een maandrapportage die Centcom in april 2017 publiceerde. Daarin schrijft Centcom onderaan het verslag dat er nog tachtig doden zijn gevallen die “tot nu toe niet zijn gerapporteerd”.

Drie Amerikaanse hoge militairen lieten na deze publicatie aan Airwars en het Amerikaanse Foreign Policy weten dat het om doden gaat die gevallen zijn bij bombardementen van niet-Amerikaanse landen. “Maar de bondgenoten hebben de Verenigde Staten en de internationale coalitie onder druk gezet om details over deze aanvallen niet naar buiten te brengen”, aldus Foreign Policy.

Chris Woods van Airwars is, na het analyseren van alle aanvallen, ervan overtuigd dat zeventig van de tachtig doden betrekking hebben op Hawija. Volgens hem hebben de Amerikanen de cijfers in 2017 naar buiten gebracht uit frustratie over het gebrek aan transparantie bij de andere coalitielanden, waaronder Nederland.

Bekijk ook;

Bijleveld opnieuw op het matje om onduidelijkheid burgerdoden Hawija

NU 19.12.2019 Opnieuw is er onduidelijkheid over het aantal doden als gevolg van het Nederlandse bombardement op de Iraakse stad Hawija. Minister Ank Bijleveld (Defensie) moest zich donderdag opnieuw tegenover de Tweede Kamer verantwoorden naar aanleiding van nieuwe berichten dat er wel degelijk bevestigd wordt dat er zeventig doden zijn gevallen, terwijl het kabinet blijft volhouden dat er geen specifieke aantallen zijn vastgesteld.

“De aantallen zijn niet bevestigd”, hield Bijleveld de Kamer voor in een speciaal ingelast interpellatiedebat.

Eerder deze week meldde het radioprogramma De Nieuws BV dat uit navraag is gebleken dat Centcom, het Amerikaanse commandocentrum dat het aantal slachtoffers bij de luchtaanvallen in kaart brengt, wel een afsluitend rapport heeft opgemaakt over de bombardementen op Hawija. En daar zijn zeventig doden bij gevallen, wist de woordvoerder tegenover De Nieuws BV te melden.

Minister Bijleveld en premier Mark Rutte stelden onlangs in een debat juist dat dit zogenoemde closure report over de aanval op Hawija, nooit is opgemaakt.

SP wil opheldering en erkenning

Rutte en Bijleveld moesten in het debat eind november opheldering bieden of het kabinet voor de Kamer bewust heeft verzwegen dat bij het bombardement burgerslachtoffers zijn gevallen. Dat was volgens Rutte niet het geval, omdat er dus geen definitief oordeel was geveld over het specifieke aantal doden. Het aantal van zeventig doden deed hij tegenover BNR Nieuwsradio af als “geen relevant getal” en een “een gerucht”.

SP-Kamerlid Sadet Karabulut wil opheldering over de tegenstrijdige berichten. Ook eist zij erkenning van het kabinet dat er wel degelijk burgerdoden zijn gevallen en duidelijkheid of er toch een eindrapport is en of de Kamer door het kabinet verkeerd is geïnformeerd. Zij roept het kabinet op om de rapporten van Centcom openbaar te maken.

Bijleveld: woordvoerder heeft zich vergist

Om de zaak voor het kabinet nog gecompliceerder te maken, meldden NRC Handelsblad en NOS nog tijdens het debat dat kolonel Myles Caggings, woordvoerder bij Centcom in Bagdad, dat de zeventig doden in Hawija al zeker achttien maanden meetellen in de overzichten van het aantal burgerdoden. Ook de Amerikaanse kolonel Sean Ryan bevestigt de zeventig burgerdoden

Bijleveld benadrukte donderdag nogmaals dat het kabinet de Kamer juist heeft geïnformeerd. Volgens de CDA-bewindsvrouw heeft de woordvoerder van Centcom zich tegenover De Nieuws BV vergist. De woordvoerder heeft verwezen naar een rapport uit juni 2015, maar dat rapport heeft nooit de stempel closure report gekregen. Bijleveld: “Navraag leert dat de woordvoerder doelde op het rapport waar de kamer over is gerapporteerd. Deze week heeft Centcom nogmaals bevestigd dat er geen closure report is.”

De kolonels in de berichtgeving van NRC en NOS zijn volgens Bijleveld niet de officiële woordvoerders van Centcom. Dat er opnieuw onduidelijk is ontstaan noemt de minister “waardeloos”.

D66 eist actie van kabinet: zorg voor eindrapport

Maar daar neemt onder meer coalitiepartij D66 geen genoegen mee. Kamerlid Salima Belhaj wil dat de minister gaat uitzoeken waarom er nooit een eindrapportage is opgemaakt en wat Nederland heeft gedaan om duidelijkheid hierover te krijgen.

Zij wil dat het kabinet bij Centcom alsnog het verzoek doet om een eindrapportage op te maken en om volledige medewerking te verlenen. “Transparantie over burgerdoden hoort bij een volwaardige democratie.”

Lees meer over: Politiek

Bijleveld: Kamer niet verkeerd geïnformeerd over Nederlandse luchtaanval in Irak

AD 18.12.2019 De Tweede Kamer is niet verkeerd geïnformeerd over een eindrapport van de Amerikanen over het  Nederlandse bombardement op het Iraakse Hawija. Daarbij vielen in 2015 mogelijk 70 burgerdoden. Dat schrijft minister Ank Bijleveld van Defensie vanavond aan de Tweede Kamer. Morgen wacht haar op de valreep van het kerstreces wederom een zwaar debat over de kwestie.

Deze week meldde radioprogramma De Nieuws B.V. dat het Amerikaanse commandocentrum Centcom op vragen van het programma antwoordde dat er wel degelijk een zogeheten closure report was opgemaakt. Bijleveld ontkende vorige maand in een Kamerdebat dat de Amerikanen ooit zo’n definitief eindrapport hadden opgemaakt. Bij de luchtaanval van een Nederlandse F-16 op een bommenfabriek in Irak waren waarschijnlijk zeventig burgerslachtoffers te betreuren.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

‘Verwarring’

Dat leidde tot vragen uit de Tweede Kamer. Had de minister de Kamer nou weer verkeerd geïnformeerd? SP-Kamerlid Sadet Karabulut slaagde er met hulp van regeringspartij D66 in een debat aan te vragen. In aanloop naar dat – voor Bijleveld derde – debat over de kwestie schrijft de CDA-bewindsvrouw dat er sprake is van ‘verwarring’.

Een persvoorlichter van Centcom gaf aan De Nieuws B.V. weliswaar mondeling aan dat er een closure report is gemaakt, maar bij navraag door het ministerie van Defensie op ‘zeer hoog militair niveau’ wordt ‘nogmaals bevestigd dat er nooit een closure report is opgevraagd’. De persvoorlichter heeft volgens Bijleveld voor ‘verwarring’ gezorgd.

Persvoorlichter

Bijleveld heeft twee Centcom-rapporten: het voorlopige rapport van 15 juni  2015 over de Nederlandse aanval en het aanvullende onderzoek van 20 augustus 2015. Uit navraag blijkt dat de persvoorlichter op dat rapport heeft gedoeld, aldus Bijleveld. Daarop zijn niet de woorden ‘closure report’ te lezen, melden ingewijden, wat wél op het afgeronde Amerikaanse onderzoek naar twee burgerdoden door een Nederlandse bom in de Iraakse stad Mosul staat.

Ondanks Bijlevelds ontkenning kan het debat  morgen nog wel eens spannend worden voor de minister. Coalitiepartijen zijn bang dat D66 uit is op de scalp van de CDA-minister nu D66-staatssecretaris Snel vandaag het veld ruimde over de toeslagenaffaire bij de Belastingdienst. Begin november haalde een motie van wantrouwen tegen Bijleveld het net niet, omdat de voltallige coalitie achter haar bleef staan.

Het is overigens niet de eerste keer dat Centcom-woordvoerders tegen de media andere dingen zeggen dan hoge militairen aan het ministerie laten weten. Eerder was er al verwarring over het schriftelijke antwoord van Centcom op vragen van NRC dat er in Hawija zeventig burgerdoden waren gevallen. Volgens Bijleveld houdt Centcom echter tegen haar ministerie vol dat het exacte aantal niet met zekerheid is te zeggen.

Op pad met VN-gezant Hennis: ’70 burgerdoden had ik heus wel onthouden’

Elsevier 04.12.2019 Oud-minister van Defensie Jeanine Hennis (VVD) voelt zich in de rug aangevallen door de Haagse rel over de burgerdoden bij een bombardement in Irak in juni 2015. Zij kreeg het verwijt dat zij de Kamer zou hebben voorgelogen, maar kon zich hiertegen niet verdedigen. In Elsevier Weekblad spreekt zij zich voor het eerst uit over deze kwestie.

Minister Ank Bijleveld (CDA) meldde op 4 november in een Kamerbrief dat er bij het bombardement 70 burgerdoden vielen en dat Hennis destijds de Kamer verkeerd had ingelicht. Hennis kreeg de avond tevoren te horen wat Bijleveld van plan was. Uit de reportage in Elsevier Weekblad blijkt dat zij hierdoor compleet werd overvallen. Zij was onderweg, had geen toegang tot de documenten van destijds en kon zich niet verweren.

Lees het hele interview met Jeanine Hennis: ‘Het aantal van 70 doden zou ik echt wel hebben onthouden’

Kwestie werd in Irak opgepikt en uitvergroot op sociale media

Hennis bezweert dat ze de Kamer niet heeft voorgelogen. De kwestie werd ook in Irak opgepikt en op sociale media uitvergroot. ‘Als het aantal van 70 burgerdoden toen bekend was geweest, dan had ik dat heus wel onthouden,’ zegt ze in het interview.

november 28, 2019 Posted by | 2e kamer, Centcom, debat, dreiging, Hawija, Irak, is, isis, islam, Mark rutte, politiek, terreur, terreurdreiging, tweede kamer | , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 9

Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 8

AD 07.11.2019

Telegraaf 07.11.2019

Spoeddebat 2e Kamer

De Tweede Kamer heeft tijdens een spoeddebat op dinsdag 05.11.2019 harde kritiek op minister Ank Bijleveld van Defensie geuit. De CDA-bewindsvrouw had eerder openheid van zaken moeten geven over burgerslachtoffers bij een Nederlandse luchtaanval in Irak in 2015. De Kamer werd daarover onjuist geïnformeerd.

AD 28.11.2019


Telegraaf 28.11.2019

AD 28.11.2019

AD 21.11.2019

Onjuiste informatie aan de 2e Kamer inzake de “kwestie Irak” !!

Minister Ank Bijleveld heeft uiteindelijk op dinsdag 05.11.2019 excuses gemaakt omdat de Tweede Kamer door haar voorganger verkeerd is geïnformeerd over een dodelijke aanval in Irak door Nederlandse F-16’s. Bijlevelds voorganger, Jeanine Hennis, had in 2015 gemeld dat er geen burgerdoden waren gevallen, maar dat was foute informatie. “Ik bied daarvoor oprechte excuses aan”, zegt Bijleveld nu

© Foto Lex van Lieshout Minister Ank Bijleveld (Defensie) en kolonel-vlieger Peter Tankink (directie Operaties) tijdens een persconferentie over een aanval van een Nederlandse F-16 op een autobommenfabriek van IS in het Iraakse Hawija in 2015.

Op maandag 04.11.2019 maakte minister Bijleveld reeds bekend dat bij de aanval van Nederlandse F-16’s op een IS-doelwit in Irak in 2015 circa zeventig doden waren gevallen, onder wie burgers. Het is de eerste keer dat het kabinet zo open over een aanval is. 

AD 26.11.2019

Zeker zeventig burgers zijn in 2015 om het leven gekomen door een aanval van een Nederlandse F-16 op een autobommenfabriek van IS in het Iraakse Hawija. Dat melden NOS en NRC op basis van bronnen.

Volgens NOS en NRC heeft het Amerikaanse Pentagon bevestigd dat bij de aanval in de nacht van 3 juni zeventig burgers omkwamen. De NOS schrijft echter dat ooggetuigen spreken van veel meer doden, onder wie zeker 23 kinderen.

Ook waren er honderden gewonden. Deze site schreef al eerder dat er aanwijzingen waren dat het een Nederlands vliegtuig was dat de bom afwierp. Dat geldt ook voor een bombardement in 2015 bij Mosul waar eveneens burgerslachtoffers bij vielen. Zowel de Nederlandse als de Amerikaans overheid weigerde toen meer informatie vrij te geven over die aanvallen.

Hoeveel doden er zijn gevallen bij beide incidenten, en om welke aanvallen het gaat kreeg de Kamer voor het eerst van het kabinet te horen, ruim vier jaar nadat beide incidenten plaatsvonden, en ruim twee weken nadat de NOS en NRC Handelsblad daarover berichtten.

Rechter

Eerder besloot de rechter juist nog dat Nederland niet meer openheid hoeft te geven over de luchtaanvallen. Advocate Liesbeth Zegveld had namens twee Irakezen om meer informatie gevraagd over een bombardement op een konvooi voertuigen vanuit Mosul in 2015.

Het bleek om een stoet taxi’s te gaan waarmee burgers uit de stad vluchten. Twee passagiers, die familieleden verloren bij de aanval, hebben een procedure tegen de Nederlandse staat lopen. Zij willen weten of het een Nederlandse bom was die hun geliefden doodde.

Pas na vier jaar en vijf maanden erkent de Nederlandse staat verantwoordelijkheid voor het bombardement op een bommenfabriek in de Iraakse stad Hawija, in de nacht van 2 op 3 juni 2015. De Nederlandse regering wist al binnen twee weken dat daarbij tientallen burgers om het leven kwamen – het bleken zeventig doden, onder wie 22 vrouwen en 26 kinderen. Maar het duurde tot deze maandag voordat minister Ank Bijleveld (Defensie, CDA) bereid was meer details prijs te geven.

Die late openheid komt nadat NRC en NOS op 18 oktober na onderzoek hadden geconcludeerd dat de bom die bewuste nacht werd afgeworpen door een Nederlandse F-16. Als onderdeel van de strijd tegen Islamitische Staat, waaraan Nederland in coalitieverband deelneemt.

Bijleveld heeft met dit dossier een politiek probleem geërfd van haar voorganger Jeanine Hennis (VVD). Naar nu blijkt is niet alleen de kennis verzwegen dát er burgerslachtoffers zijn gevallen in Hawija. Ook werd de Tweede Kamer er verkeerd over geïnformeerd.

Telegraaf 09.11.2019

Op 24 juni 2015 antwoordde toenmalig minister van Defensie Hennis schriftelijk op vragen van de Kamer dat voor zover bekend geen burgerslachtoffers waren gevallen. Toch beschikte het ministerie toen al over een Amerikaans verslag waarin die slachtoffers wel staan vermeld. Bijleveld zegt nu: „We hadden er niets over kunnen zeggen, dat had de lijn moeten zijn. Maar dit zeggen, was verkeerd.”

Een week na die aanval meldde toenmalig minister Jeanine Hennis van Defensie aan de Kamer dat Nederland niet betrokken was bij luchtaanvallen in Irak waarbij burgerslachtoffers zouden zijn gevallen. Dat was niet correct, aldus Bijleveld nu.

Die ontkenning was fout, stelt minister Bijleveld vandaag. Of minister Hennis niet wist van de Amerikaanse conclusies, of dat ze bewust niet de waarheid sprak, schrijft ze niet. Maar het is niet de enige keer dat Hennis de Nederlandse betrokkenheid bij de dood van burgerdoden stellig ontkent.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Lees meer;

Een tweede keer dat er burgerslachtoffers vielen was in de nacht van 20 op 21 september 2015. Toen werd een aanval uitgevoerd op een vermeend hoofdkwartier van IS in de Iraakse stad Mosul. Dat bleek achteraf een complex met twee woonhuizen te zijn. Bij die aanval kwamen vier mensen uit één familie om. Deze site schreef begin dit jaar al dat Nederland waarschijnlijk verantwoordelijk was voor die aanval, op het huis van Basim Razzo en zijn gezin . Defensie wilde dat toen niet bevestigen.

De Tweede Kamer wil nu opheldering van Bijleveld, die politieke verantwoordelijkheid draagt voor de uitspraken van haar voorganger. Er werden al eerder vragen gesteld over de effecten van Nederlandse bombardementen boven Syrië en Irak, over deze specifieke aanval, maar tot maandag gaf de minister geen reactie.

GroenLinks noemt de zaak „heel ernstig” en Tweede Kamerlid Sadet Karabulut (SP) schrijft dat „Bijleveld zich niet moet verschuilen achter haar voorganger.” Joël Voordewind (ChristenUnie) noemt de kwestie „zeer kwalijk en verontrustend”. Tweede Kamerlid Salima Belhaj (D66) zegt precies te willen weten wie wat wanneer wist. Alle fracties, inclusief de gehele coalitie, willen spoedig in debat met de minister.

Want het parlement moedwillig onjuist informeren geldt als politieke doodzonde. Wat ook niet helpt: minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) zei in december tegen EenVandaag dat „we geen precieze aantallen kennen”, als het gaat over burgerslachtoffers. „We hebben niet altijd gedetailleerde informatie wat er op de grond gebeurt.” Blok richtte zich hier weliswaar niet rechtstreeks tot de Kamer, maar dat het niet klopt wat hij zei, is nu duidelijk.

Telegraaf 08.11.2019

AD 08.11.2019

Spontane openheid of afgedwongen?

Het is voor het eerst dat Nederland openheid geeft over de toedracht van een luchtaanval waarbij zoveel burgerslachtoffers vielen. In de brief die minister Bijleveld maandag naar de Kamer stuurde, erkent de staat ook de verantwoordelijkheid voor een tweede geval waarbij burgers om het leven kwamen: bij een aanval in september 2015 op een vermeend hoofdkwartier van IS in Mosul. Het doelwit klopte niet, het bleek een woonhuis, en was gebaseerd op verkeerde inlichtingen. Er kwamen „zeer waarschijnlijk” vier burgers om het leven.

Bijleveld moet de Kamer ook op een andere vraag antwoord geven: is de huidige openheid van de Nederlandse regering over de burgerslachtoffers een eigen beleidskeuze, of kón ze niet anders door de publiciteit? De minister zegt nu dat ze „sowieso van plan was” de Kamer te informeren. En dat het niets te maken had met de publicaties in de media.

Het is een opvallende verklaring voor een bewindspersoon van een ministerie dat bekend staat om een doorgaans juist behoudende koers. Ze „moest”, zegt Bijleveld in een interview met NRC, „de vliegers en anderen nog spreken” voordat ze de Tweede Kamer kon informeren. Die piloten sprak de minister afgelopen donderdag, bijna twee weken na publicatie van het onderzoek. Een gebeuren na de aankomst van de eerste F-35 in Leeuwarden waarbij die vliegers elkaar sowieso al zouden treffen.

Is afgedwongen openheid – ook over het onjuist informeren van de Kamer – voldoende voor een geloofwaardig verhaal van de minister van Defensie? Deze vragen zijn mogelijk deze week al actueel. Op dinsdag debatteert de Tweede Kamer over de begroting voor Defensie. De kunst voor Bijleveld wordt nu om dat debat niet alleen over Hawija en over het vertrouwen in haar eigen positie te laten gaan.

Telegraaf 14.11.2019

Meer tijd nodig voor onderzoek

Pas eind volgende week hoopt het kabinet duidelijkheid te kunnen geven op de vraag wanneer welke minister wist over de burgerdoden door een luchtaanval van Nederlandse F-16’s in Irak ruim vier jaar geleden. Dat heeft minister Ank Bijleveld (Defensie) de Tweede Kamer donderdag 14.11.2019 laten weten.

Vorige week werd duidelijk dat de Kamer door Defensie over de kwestie onjuist is geïnformeerd. Het leidde tot een motie van wantrouwen van bijna de hele oppositie tegen Bijleveld. Zij hoorde pas enkele dagen voor het debat dat de Kamer was voorgelogen. De volksvertegenwoordiging wil nu volledige openheid van zaken, want het is volgens Bijleveld „aannemelijk” dat de meest betrokken ministeries kort na de aanval al op de hoogte zijn gebracht.

Het kabinet slaagde er niet in om nog voor woensdag 13.11.2019 informatie naar de Tweede Kamer te sturen over wie precies wat wist over het bombardement in 2015 op de Iraakse plaats Hawija. Bij een Nederlandse luchtaanval vielen destijds zeker zeventig burgerslachtoffers.

Toenmalig Defensie-minister Hennis meldde de Kamer, onjuist, dat er geen burgerslachtoffers waren en haar opvolger Bijleveld bood vorige week excuses aan voor die verkeerde informatie. Bijleveld noemde het aannemelijk dat ook andere ministeries op de hoogte waren gebracht van het incident, waaronder het departement van de premier. Met name eventuele betrokkenheid van premier Rutte ligt politiek gevoelig.

Zo volledig mogelijk

De Tweede Kamer wil nu precies weten wie wanneer op de hoogte is gesteld en welke kabinetsleden van de burgerdoden hebben geweten. Kamerleden wilden die informatie nog voor morgen ontvangen. Dan begint de behandeling in de Kamer van de begroting voor Buitenlandse Zaken.

Maar Bijleveld schrijft nu aan de Kamer, mede namens Rutte en de ministers Blok, Kaag en Grapperhaus, dat zij niet in staat is de antwoorden voor morgen af te hebben. Ze benadrukt dat het kabinet “zo volledig mogelijk wil zijn in de beantwoording van de vragen”.

Rapport hoofdkwartier Centcom zoek

Het kabinet kan een belangrijk rapport rond het Nederlandse bombardement in Irak in 2015, waarbij zeventig burgerdoden zijn gevallen, niet vinden. Dat meldt Elsevier Weekblad. Daardoor heeft het kabinet grote moeite een feitenrelaas over de kwestie op te stellen, iets wat minister van Defensie Ank Bijleveld vorige week heeft toegezegd tijdens het debat daarover.

Tijdens het debat vorige week baseerde zowel de minister als de Kamerleden zich op een ‘voorlopig rapport’ van het Amerikaanse militaire hoofdkwartier Centcom van 15 juni 2015 over de ‘nevenschade’ bij het bombardement op een bommenfabriek van Islamitische Staat in het Iraakse Hawija. Daarbij zijn zeventig doden gevallen, waaronder onschuldige burgers.  De voorlopig versie van het rapport zou echter nogal beknopt geweest zijn, zonder details.

In het kort

Dit gebeurde er in de zomer van 2015:

De nacht van 2 op 3 juni 2015

In de nacht van 2 op 3 juni 2015 bombardeert Nederland een bommenfabriek van IS bij de Iraakse stad Hawija. Door foute inlichtingen zijn meer bommen in de fabriek dan gedacht en zijn de ontploffingen groter.

4 juni 2015

Persbureau Reuters spreekt in een artikel voor het eerst over ‘ongeveer 70 doden, inclusief burgers’ bij een luchtaanval op een fabriek in Hawija.

9 juni 2015

Hennis wordt voor het eerst gebriefd over onderzoek naar de luchtaanval, waaruit naar voren komt dat het ‘geloofwaardig’ is dat er bij de luchtaanval ook burgerslachtoffers zijn gevallen.

15 juni 2015

Hennis ontvangt het definitieve onderzoek van CENTCOM, het Amerikaanse hoofdkwartier voor alle militaire missies in het Midden-Oosten. Nederland werkt hiermee samen tijdens de oorlog tegen IS. Ook in het definitieve onderzoek wordt het ‘geloofwaardig’ geacht dat er burgerslachtoffers zijn gevallen. Het aantal van 70 wordt niet genoemd.

23 juni 2015

Minister Hennis informeert vervolgens de Kamer verkeerd. In antwoorden op Kamervragen schrijft ze: “Voor zover op dit moment bekend, is er geen sprake geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers door luchtaanvallen in Irak.”

En dit is wat er nu 27.11.2019 bekend is over de informatievoorziening rond de aanval in Hawija;

Oktober 2014: Nederland begint bijdrage aan luchtcampagne van anti-IS-coalitie boven Irak.

Nacht van 2 op 3 juni 2015: Nederlandse F-16’s voeren een aanval uit op IS-faciliteit waar autobommen worden geproduceerd. Uit de eigen Battle Damage Assessment blijkt direct dat er sprake is van ‘onbedoelde nevenschade’, kortom: schade aan gebouwen.

4 juni 2015: Reuters meldt dat bij het bombardement op Hawija ‘een hele wijk’ is weggevaagd. Betrokkenen ter plaatse schatten het aantal doden op zeventig, zowel IS-terroristen als burgers. In de Stuurgroep Missies en Operaties (SMO) wordt de aanval besproken, inclusief de ‘secundaire explosies’, het ‘zorgvuldige targeting proces’ en de ‘mogelijkheid van eventuele burgerslachtoffers’. De ministers van Defensie, Buitenlandse Zaken en Justitie worden schriftelijk geïnformeerd. Algemene Zaken, het departement van premier Rutte, was afwezig in de SMO van 4 juni.

Juni 2015-mei 2016: tijdens deze hele periode is in de SMO met geen woord gerept over de aanval op Hawija.

9 juni 2015: minister van Defensie Hennis wordt gebriefd over de aanval. Voorlopig onderzoek door Centcom, het Amerikaanse hoofdkwartier van de anti-IS-coalitie, wijst uit dat het ‘geloofwaardig’ is dat er burgerslachtoffers zijn gevallen. Het ‘voorlopige onderzoek’ ontvangt Defensie op 15 juni.

23 juni 2015: In antwoord op Kamervragen, schrijft Hennis dat voor zover op dat moment bekend in de luchtcampagne tegen IS geen sprake is geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers.

Augustus 2015: Het Internationale Rode Kruis overhandigt aan Nederlandse ambassade in Bagdad een vertrouwelijke lijst van onbevestigde gevallen met burgerslachtoffers, waarin een aanval op Hawija op 4 november genoemd wordt waarbij naar verluidt 170 burgers waren gedood. De niet-gouvernementele organisatie Airwars spreekt in een openbaar rapport over tussen de 70 en 150 burgerdoden in Hawija.

Jan/feb 2016: Het initiële onderzoek van Centcom (d.d. 15 juni 2015) wordt door Defensie naar het OM gestuurd. De Yweede Kamer wordt erover ingelicht dat er twee gevallen van mogelijke burgerslachtoffers worden onderzocht.

1 juni 2017: De Tweede Kamer wordt vertrouwelijk ingelicht over gevallen waarbij mogelijk sprake was van burgerslachtoffers door Nederlandse wapeninzet.

13 april 2018: Minister Bijleveld licht de Kamer in over uitkomsten van onderzoeken van het Openbaar Ministerie naar aanvallen waarbij mogelijk sprake was van burgerslachtoffers. Locatie, datum en vermoedelijk aantal slachtoffers worden niet genoemd omdat ‘de inzet nog gaande was’.

1 januari 2019: De F-16-missie is afgelopen, het argument dat in april 2018 werd gehanteerd om informatie achter te houden, vervalt. Defensie ‘gaat aan de slag met een nieuwe toets van mogelijkheden van meer transparantie’.

Mei 2019: Minister Bijleveld zegt toe na het zomerreces te komen met een reactie op voorstellen van Kamerleden omtrent meer transparantie inzake mogelijke burgerslachtoffers.

30 september 2019: Minister Bijleveld vraagt de Kamer om meer tijd voor deze inhoudelijke reactie, ‘in het kader van zorgvuldigheid’.

18 oktober 2019: NRC en NOS melden dat Nederlandse F-16’s de luchtaanval op Hawija uitvoerden. Het Pentagon heeft desgevraagd gezegd dat er daarbij zeventig burgerdoden vielen. Bijleveld belooft dat de Kamer ‘op korte termijn’ wordt geïnformeerd over de haalbaarheid van meer transparantie.

4 november 2019: minister Bijleveld meldt de Kamer dat ‘op basis van de door Centcom aangehaalde open bronnen’ bij een Nederlandse aanval op Hawija in juni 2015 ‘ongeveer 70 slachtoffers’ zijn gevallen, ‘zowel IS-strijders als burgers’.

Dossier luchtaanval Hawija

Live AD

Teruglezen: Het Tweede Kamerdebat over burgerdoden Irak NRC

Verslaggever Inge Lengton live bij het debat;

  Tweets by ‎@IngeLengton

Dossier Luchtaanval Hawija NRC

lees: Brief MIN DEF Antwoorden Kamervragen burgerslachtoffers Karabulut 25.11.2019

lees: Brief MIN DEF Beantwoording nadere vragen over de wapeninzet in Hawija 25.11.2019

lees: Brief MIN DEF SV Karabulut over passage uit boek missie F16 25.11.2019

lees: Beantwoording nadere vragen over de wapeninzet in Hawija brief 25.11.2019

lees: regeling Werkzaamheden over antwoorden op vragen over de 70 burgerdoden in Irak Brief 20.11.2019

lees: Feitenrelaas inzake de transparantie over burgerslachtoffers bij luchtaanvallen brief 05.11.2019

lees: Transparantie burgerslachtoffers bij luchtaanvallen in de strijd tegen ISIS brief 04.11.2019

lees: kamerbrief over het iob onderzoek naar stabilisatieprogrammas in syrie  7 september 2018

lees: rapport review of the monitoring systems of three projects in syria  7 september 2018

lees: kamerbrief met voortgangsrapportage nederlandse bijdrage in strijd tegen isis 13.04.2018

lees: kamerbrief aanvullende artikel 100 brief nederlandse bijdrage aan de strijd tegen isis 29.01.2016

Bekijk ook;

Zie ook: Kabinet Rutte 2 en 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 7

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 6

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 5

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 4

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 3

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 2

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 1

Kamer: nieuw onderzoek kabinet naar burgerslachtoffers Irak

NOS 03.12.2019 De Tweede Kamer wil dat het kabinet in Irak een nieuw onderzoek gaat doen naar de burgerslachtoffers die daar vier jaar geleden zijn gevallen bij een Nederlandse luchtaanval. Een motie daarover die vorige week werd ingediend door onder meer de regeringspartijen D66, CDA en ChristenUnie kreeg vandaag steun van een Kamermeerderheid. Coalitiegenoot VVD stemde tegen.

Vorige week verantwoordde het kabinet zich voor de gang van zaken rond de aanval op de Iraakse plaats Hawija en voor de onduidelijkheid over welke minister nu precies van wat op de hoogte was. Na een urenlang debat hield het kabinet de steun van de meerderheid: een motie van wantrouwen werd verworpen.

Nader onderzoek ter plaatse

Maar een meerderheid onder leiding van D66-Kamerlid Belhaj blijft er niet tevreden over dat nog steeds niet vaststaat hoeveel burgerslachtoffers er precies door Nederlandse toedoen zijn gevallen. Daarom moet het kabinet “ter plaatse nader onderzoek doen, waar mogelijk in samenwerking met niet-gouvernementele organisaties, de VN en lokale autoriteiten”.

Minister Bijleveld is niet erg enthousiast over dat verzoek. Ze wil de Kamer geen valse hoop bieden dat het aantal burgerslachtoffers uiteindelijk toch komt vast te staan. Ze gaat wel kijken hoe ze de motie gaat uitvoeren: “Ik zal mijn uiterste best doen.” Bijleveld benadrukte dat de situatie in Irak nog steeds onveilig is en dat dat het onderzoek bemoeilijkt.

Een idee van een deel van de oppositie om een zogenoemde parlementaire ondervraging te houden en zo meer duidelijkheid te krijgen over de Nederlandse betrokkenheid bij het bombardement haalde het niet. Ook de wens van een aantal oppositiepartijen om ex-minister Hennis geen gezant in Irak meer te laten zijn, kreeg geen meerderheid.

Bekijk ook;

Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte tijdens het debat gisteravond © ANP

Kamer blijft na debat achter met een kater: ‘Wie gelooft deze premier nog?’

AD 28.11.2019 Tijdens het debat over de burgerdoden in Irak werd het op een gegeven moment zelfs regeringspartner ChristenUnie te veel. Hoe kon premier Mark Rutte zo ijzerenheinig blijven volhouden dat er niet over de kwestie gelogen is?

Met terugwerkende kracht is het lastig te begrijpen hoe er in juni 2015 door het toenmalige kabinet is gereageerd op het bericht dat bij een aanval van een Nederlandse F-16 op een IS-bommenfabriek in het Iraakse Hawija waarschijnlijk burgerslachtoffers waren gevallen. Internationale media spraken direct al van zo’n zeventig slachtoffers.

Hoewel het kabinet twee weken later over een verlenging van de missie van onze militairen moest beslissen, is de informatie niet gedeeld in de ministerraad. Toenmalig Defensieminister Jeanine Hennis vermoedt dat ze premier Rutte destijds wel heeft geïnformeerd en ze weet het zeker over toenmalige collega Koenders van Buitenlandse Zaken. Die twee zeggen daar geen herinnering aan te hebben.

Lees ook;

Kabinet doorstaat motie van wantrouwen rond burgerdoden Irak

Lees meer

© ANP

Regels

Er is geen doofpot, aldus Premier Rutte.

Maar daar moet allemaal niets achter worden gezocht, hield Rutte gisteren vol tegenover een kritische Tweede Kamer. Alles is destijds ‘volgens de regels verlopen’. De informatie over de burgerdoden ‘is niet bewust achtergehouden uit angst dat de verlenging in gevaar zou komen’, zoals de oppositie vermoedt.

En dat Hennis de Tweede Kamer destijds meldde dat er bij de acties van Nederlandse F-16’s ‘voor zover op dit moment bekend geen burgerslachtoffers waren gevallen’ (terwijl ze toen al wél wist van Hawija) was geen bewuste leugen, volgens Rutte. Het was ‘een fout zinnetje’. Punt. De premier benadrukte tot twee keer toe: ,,Er is geen doofpot.”

Vooraf hadden de oppositiepartijen besloten de aanval te openen op Ruttes achilleshiel: zijn geloofwaardigheid. Zijn imago heeft de afgelopen negen jaar tijdens zijn premierschap al de nodige krassen opgelopen door verbroken beloftes en plotseling geheugenverlies in lastige dossiers. Daar kwam zijn ‘niet actieve herinnering’ aan de burgerdoden in Irak nog eens bovenop. ,,Ik kan geen herinnering faken”, stelde Rutte.

Geen geloof

Nu iedereen in Den Haag verwacht dat Rutte bij de komende Kamerverkiezingen nog één keer de kar gaat trekken als lijsttrekker van zijn VVD, is dit de tactiek waarmee zijn tegenstanders hem willen verslaan. ,,Wie gelooft deze premier nog?,’’ verzuchtte zowel PVV-leider Wilders, als SP-leider Marijnissen, als FvD-voorman Baudet. ,,Het wordt wel heel moeilijk deze premier nog te geloven’’, beklaagden GroenLinks-leider Klaver en 50Plus-baas Krol zich.

Rutte wierp zelf óók de vertrouwensvraag op. ,,Als u mij niet gelooft, ga ik wat anders doen.” Een motie van wantrouwen tegen zijn kabinet werd verworpen; voor GroenLinks en PvdA ging het opzeggen van het vertrouwen in het héle kabinet een stap te ver. Toch moest Rutte toezien hoe er wederom een stukje van zijn geloofwaardigheid werd afgeknabbeld.

Tegelijkertijd kreeg de unaniem verontwaardigde oppositie geen vat op de premier. Niet dat ze het niet probeerden. Maar Rutte bleef herhalen wat hij wilde zeggen. Er was niet zo veel aan de hand. Het ‘oogde ongemakkelijk’, dat wel.

De oppositiepartijen waren verbaal zo murw geslagen dat ze voor Defensieminister Ank Bijleveld – die begin deze maand nog stuntelde in een debat over dezelfde kwestie – amper kritische vragen over hadden. De minister waarvan aan het begin werd gedacht dat zij in de grootste politieke problemen zou komen, kwam zo geen moment in gevaar.

Onderzoek

Na twee debatten en meerdere Kamerbrieven is in elk geval één ding duidelijk: niemand sloeg alarm bij het bericht dat er mogelijk burgerdoden waren gevallen door een Nederlandse bom. Betrokken bewindslieden vroegen niet door. Voor het besluit om de missie te verlengen was het volgens Rutte niet van belang, en de Amerikanen kwamen nooit met een eindrapport. Daardoor is ‘tot op de dag van vandaag’ niet duidelijk hoeveel doden er precies zijn gevallen.

Defensie moet daarom ter plekke onderzoek gaan doen in Hawija, wil de Kamer. Maar fact-finding wordt vier jaar na dato wel lastig, stelde Bijleveld, die waarschuwde voor valse hoop. ,,We gaan alle feiten niet boven tafel krijgen.” Maar de Kamer vindt dat het in elk geval geprobeerd moet worden. Dat is, stelde initiatiefnemer D66-Kamerlid Salima Belhaj, een ‘morele plicht’.

Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte tijdens het debat in de Tweede Kamer. Foto: ANP/ Koen van Weel

Kabinet overleeft affaire rond burgerdoden in Irak – Rutte herinnert zich niet ‘vermoedelijk’ te zijn geïnformeerd door Hennis

BIN 28.11.2019 Informatie over burgerdoden heeft geen rol gespeeld in de beslissing over de verlenging van de missie in Syrië en Irak. Dat zei premier Mark Rutte gisteravond in een urenlang debat. Het kabinet overleefde een motie van wantrouwen van de SP.

Jesse Klaver vroeg zich in het debat af of er mogelijk niet over burgerslachtoffers werd gerept omdat er drie weken na de aanval beslist moest worden over verlenging. “Dat is echt onzin”, reageerde Rutte. “Er is geen doofpot.”

Ook Thierry Baudet vermoedde dat er niks is gezegd over burgerdoden om de verlenging van de missie niet in gevaar te brengen. “Dit gaat om de integriteit van de democratie.”

Mogelijke burgerslachtoffers waren “niet relevant” voor het besluit om te verlengen, zo verdedigde Rutte het Kabinetsoptreden. “Er is altijd een risico op burgerslachtoffers.”

Alle procedures zijn correct gevolgd na de melding van burgerslachtoffers door een Nederlandse aanval in Irak in 2015, benadrukte premier Mark Rutte woensdagavond. Maar hij snapt ook het “ongemak” dat er bij de Kamer hierover heerst.

Rutte kan zich informatie van Hennis niet herinneren

Waarom gingen de alarmbellen niet af toen media een dag na de aanval meldden dat er zeker zeventig burgerdoden waren gevallen, vroegen partijen herhaald. Omdat het werd onderzocht, verklaarde Rutte keer op keer. En de internationale coalitie kon op basis van die openbare bronnen niks vaststellen. Daarna sleepte het dossier zich voort.

Ook het idee dat daardoor de Kamer verkeerd is geïnformeerd over de verlenging, klopte volgens de premier niet. Het protocol was destijds dat de Kamer nooit zou zijn geïnformeerd over burgerslachtoffers. PVV-voorman Geert Wilders zei dat de Kamer is “gepiepeld en dat is onvergeeflijk”.

De procedure is inmiddels veranderd. De Kamer wordt nu zo snel mogelijk op de hoogte gesteld als er burgerdoden vallen door een Nederlandse inzet.

Rutte herhaalde zich niet te kunnen herinneren dat toenmalig minister Jeanine Hennis van Defensie hem “vermoedelijk” op de hoogte heeft gesteld van mogelijke burgerdoden. Hennis weet ook niet meer waarom zij de Kamer enkele weken na de actie onjuist heeft geïnformeerd.

Kabinet overleeft motie van wantrouwen

Rutte hield strak aan zijn verdedigingslinie vast. Het lukte de oppositie niet om die te doorbreken. “Het kabinet doet hier te gemakkelijk over”, oordeelde Klaver. De coalitiepartijen waren mild. Zij willen vooral dat Defensie transparanter wordt. Een voorstel van D66 en ChristenUnie om ter plekke in Hawija onderzoek te doen naar burgerslachtoffers kreeg steun van een meerderheid.

Minister Ank Bijleveld (Defensie) stond door het optreden van Rutte in de luwte. Slechts een half uur was ze aan het woord. Ze kreeg begin deze maand na een slecht optreden een motie van wantrouwen aan haar broek, die door vrijwel de hele oppositie werd gesteund. Een tweede motie van wantrouwen van de SP, die ook tegen de rest van het kabinet was gericht, haalde het woensdag bij lange na niet.

Kabinet doorstaat motie van wantrouwen rond burgerdoden Irak

AD 28.11.2019 Het kabinet heeft in de kwestie over de Nederlandse betrokkenheid bij burgerdoden in Irak opnieuw een motie van wantrouwen doorstaan. Die kreeg alleen steun van de SP, PVV, Partij voor de Dieren, Denk, 50Plus, Forum voor Democratie en eenpitter Femke Merel van Kooten-Arissen.

Het is een kwestie van vertrouwen. Het is de vraag of u mij gelooft. Zo niet, dan ga ik iets anders doen. Zo ja, dan blijf ik, aldus Premier Rutte

Minister-president Mark Rutte stelde tijdens het debat zelf de vertrouwensvraag toen hij – tot ongenoegen van de Kamer – bleef volhouden dat hij zich niet herinnert dat Hennis hem destijds heeft ingelicht over het bombardement.

,,Dat wil niet zeggen dat het niet gebeurd is. Maar ik moet hier de waarheid spreken. Ik kan geen herinnering faken”, stelde Rutte. ,,Het is een kwestie van vertrouwen. Het is de vraag of u mij gelooft. Zo niet, dan ga ik iets anders doen. Zo ja, dan blijf ik.”

Rutte kan aanblijven, nu de motie die het vertrouwen in hem, Defensieminister Ank Bijleveld en ‘het hele kabinet’ werd verworpen.

Bijleveld wachtte voor de tweede keer deze maand een zwaar debat over de burgerdoden die door toedoen van een Nederlandse bom vielen in Hawija en hoe de Kamer daarover vervolgens verkeerd werd geïnformeerd. Zij kreeg echter nauwelijks kritische vragen, omdat de oppositie nu vooral Rutte bestookte met vragen.

Geen herinnering

Geert Wilders (PVV), Thierry Baudet (FvD), Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte © ANP

,,Het einde van dit kabinet is nabij en de burger zal zeggen: premier Rutte? Ik heb geen actieve herinneringen aan die man’’, zei PVV-leider Geert Wilders met een verwijzing naar Ruttes eigen verweer. Zelfs de doorgaans voorzichtige oppositiepartij SGP zei ‘kristalheldere’ antwoorden van de premier te verlangen en niet dat hij ‘ergens geen actieve herinnering aan heeft’.

Een groot deel van de oppositie verdenkt het vorige kabinet onder leiding van Rutte ervan dat bewust is gelogen over de burgerdoden. De Tweede Kamer moest in de weken na het misgelopen bombardement in 2015 instemmen met een verlenging van de missie van de Nederlandse F-16’s in het gebied.

Vrijwel alle oppositiepartijen vinden het al te toevallig dat uitgerekend in de dagen na het bombardement in zowel een brief aan de Tweede Kamer als in een Kamerdebat door toenmalig Defensieminister Jeanine Hennis is gezegd dat er ‘voor zover op dit moment bekend geen burgerslachtoffers waren gevallen’.

Inmiddels is bekend dat al direct na het bombardement begin juni 2015 bekend was dat de explosie veel groter was dan gedacht en dat er waarschijnlijk burgerslachtoffers waren gevallen. In allerlei – buitenlandse – media werd toen al gesproken over zeventig slachtoffers. Dat was dus vóór Hennis de Tweede Kamer verkeerd informeerde.

Verlengen van missie

Dit debat gaat niet over burgerdo­den, maar over betrouw­baar­heid van de premier, aldus Thierry Baudet, FvD.

,,Was het verlengen van de missie belangrijker dan het delen van de waarheid?’’, sneerde GroenLinks-leider Jesse Klaver gisteravond. Ook andere oppositiepartijen vonden de samenloop van omstandigheden te toevallig. ,,Dit debat gaat niet over burgerdoden, maar over betrouwbaarheid van de premier”, vond Forum voor Democratie-voorman Thierry Baudet. ,,De totale militaire misser moest uit het nieuws gehouden worden, want de missie moest koste wat kost verlengd worden.’’

Hennis heeft laten weten dat ze Rutte ‘vermoedelijk’ wel gebeld heeft, maar dat ze hem ‘niet alarmerend’ heeft verteld over de mogelijkheid van burgerdoden. ,,Hoe kun je niet alarmerend worden geïnformeerd over burgerdoden?’’, vroeg SP-leider Lilian Marijnissen zich af. ,,Waarom heeft de premier niet doorgevraagd? Had dat iets te maken met het verlengen van de missie die niet in gevaar mocht komen?’’

Dat ontkent Rutte. Volgens hem zijn de burgerdoden niet besproken in de ministerraad destijds. ,,Dat is ook logisch. Voor het nemen van het besluit om de missie te verlengen was dat ook niet relevant. We wisten altijd dat bij deze missie risico was op burgerslachtoffers. Het ging om levensgevaarlijk gebied.’’

Niet bewust

Volgens Rutte is er destijds een fout gemaakt, maar mag niet de conclusie worden getrokken dat de Kamer bewust is voorgelogen. ,,Het was beleid de Kamer niet te informeren over burgerdoden om de veiligheid van onze vliegers niet in gevaar te brengen.

Er had destijds in die brief moeten staan: u krijgt die informatie niet.’’ In plaats daarvan kwam er ‘een verkeerd zinnetje’ in een Kamerbrief. Achteraf, zegt hij, is niet meer ‘te reconstrueren’ hoe die fout gemaakt is. Maar, benadrukte de premier tot twee keer toe: ,,Er is geen doofpot.”

Dit kwam Rutte op harde kritiek te staan. Klaver: ,,Hoe kunt u dit iets anders noemen dan een leugen als Defensie wist dat die burgerdoden er waren?’’ Ook regeringspartij ChristenUnie had moeite met Ruttes uitleg. ,,Deze fout moet bewust zijn gemaakt”, vermoedde Kamerlid Joël Voordewind.

De SGP wilde vervolgens weten of Hennis nog is gevraagd hoe het ‘foute zinnetje’ in de brief kwam die onder haar verantwoordelijkheid naar de Kamer werd gestuurd. Dat moest Rutte eerst even navragen, maar het antwoord was ‘ja’. Volgens Rutte zegt Hennis niet te weten waarom maar ‘volgens haar is het niet bewust verkeerd in de Kamerbrief terechtgekomen’.

Hoe kunt u dit iets anders noemen dan een leugen als Defensie wist dat die burgerdo­den er waren?, aldus Jesse Klaver, GroenLinks.

Onderzoek

De regeringspartijen namen het op voor Rutte en huidige Defensieminister Bijleveld. Sloeg D66-Kamerlid Salima Belhaj tijdens het vorige debat nog een harde toon aan, nu was haar boodschap milder.

Ze kwam met een motie die Defensie oproept onderzoek te doen in Hawija. In 2015 was dat door het gevaar in de door IS gedomineerde regio niet mogelijk, maar nu wel, stellen de democraten. Het voorstel, dat mede wordt ingediend door het CDA, krijgt steun van een Kamermeerderheid.

Maandag bleek dat er door de Amerikanen nooit een eindrapport werd opgemaakt van het misgelopen bombardement. Daardoor is ‘tot op de dag van vandaag’ niet duidelijk hoeveel burgers de dood vonden.

Volgens D66 en CDA heeft Nederland ‘de morele plicht’ om dat alsnog in kaart te brengen én te onderzoeken hoe het kon gebeuren dat er in de bommenfabriek – het doelwit van de Nederlandse bom – veel meer springstof lag dan gedacht.

Volgens Bijleveld gaat zo’n ‘fact-finding mission na vier jaar heel erg lastig worden’. Ze zei de Kamer geen valse hoop te willen geven. ,,We gaan alle feiten niet boven tafel krijgen.”

Rutte ontkent doofpot rond Hawija-bombardement

Trouw 28.11.2019 De oppositie probeerde woensdagavond in het debat over het bombardement op het Iraakse Hawija met vermoedens premier Rutte klem te zetten. Die gaf geen krimp.

Een nieuw debat over burgerdoden in Haijwa, een nieuwe motie van wantrouwen voor Ank Bijleveld. Opnieuw kwam de minister van defensie niet ongeschonden uit een confrontatie met de Tweede Kamer over een Nederlands bombardement boven Irak, juni 2015. Daarbij vielen naar alle waarschijnlijkheid tientallen burgerdoden.

Drie weken geleden moest alleen Bijleveld de klappen van de oppositie opvangen, dit keer waren de pijlen vooral gericht op premier Mark Rutte. Ook hij moest een motie van wantrouwen incasseren van SP, PVV, Denk, 50Plus, Partij voor de Dieren, Forum voor Democratie en het lid Van Kooten. Beide bewindslieden hielden aan het begin van de nacht steun van een ruime Kamermeerderheid.

Toch werd het een bij vlagen vervelend debat voor Bijleveld en zeker voor Rutte. Meerdere fracties geloven niet dat Rutte ‘geen herinneringen’ heeft aan burgerdoden bij het bombardement op Hawija, zoals hij zelf verklaart.

Onder meer Jesse Klaver (GroenLinks) en Geert Wilders (PVV) vermoeden dat de zaak destijds bewust is weggemoffeld, omdat het kabinet nog diezelfde maand moest beslissen over verlenging van de Nederlandse missie. Nieuws over burgerslachtoffers zou dit besluit in de weg kunnen staan.

Klaver noemde het ‘moeilijk voor te stellen dat er in het kabinet wel is gesproken over verlenging van de missie, en dat de burgerdoden daarbij niet zijn genoemd.’ Gezien de belangstelling die de premier doorgaans heeft voor internationale politiek en veiligheid, is het volgens de fractieleider van GroenLinks ook ongeloofwaardig dat hij zegt zich niets te herinneren van het bombardement.

Rutte ontkent stellig dat er motief was om te liegen. “Er is geen sprake van een doofpot”, zei hij tijdens het debat. Het was kabinetsbeleid om tijdens een missie niets te zeggen over burgerdoden. “Er had dus nooit iets aan de Kamer gemeld kunnen worden over Hawija.”

Er is volgens Rutte alleen een fout gemaakt door toenmalig defensieminister Hennis, kort na het bombardement, door de Kamer te vertellen dat daar geen burgerslachtoffers waren gevallen. Ze had moeten zwijgen, aldus de premier.

Rutte ziet ook geen enkele reden om destijds nieuws over burgerdoden te verdoezelen. Het had, zegt hij, sowieso geen rol gespeeld bij het besluit om de militaire missie boven Irak te verlengen. “We wisten altijd dat het risico op burgerdoden bestond.”

Veel meer dan verwijzen naar een mogelijk motief konden Kamerleden uiteindelijk niet. Daarmee werd de zaak het woord van Rutte tegen vermoedens van oppositieleden. De premier: “Het is aan de Kamer of u mij gelooft of niet. Zo niet, dan ga ik wat anders doen.”

Geheugenverlies

Naast de mogelijkheid van toedekken probeerden oppositiepartijen Rutte te pakken op zijn geheugenverlies, dat volgens hen geveinsd is. De premier houdt vol dat hij zich niet herinnerd dat hij destijds is geïnformeerd over mogelijke burgerslachtoffers, terwijl Hennis vermoedt dat zij hem dit wel verteld heeft.

Wilders trok een vergelijking met ontbrekende herinneringen bij de memo’s over de dividendbelasting, de door Zijlstra verzonnen ontmoeting met Poetin, en de bonnetjesaffaire van Teeven en Opstelten. Telkens had Rutte geen ‘actieve herinnneringen’.

De Tweede Kamer wil dat defensieminister Ank Bijleveld een nieuw onderzoek naar het precieze aantal slachtoffers in Hawija instelt. Dat zegde ze toe, tegelijkertijd temperde de minister de verwachtingen over wat er vier jaar later nog boven tafel komt. “Ik zal mijn uiterste best doen. Maar ik wil geen valse hoop bieden.”

Lees ook:

De Nederlandse bom op de bomfabriek in Hawija trof IS hard

Het kabinet moet de Kamer overtuigen dat Rutte echt niets wist, en dat er om goede redenen verschillen zijn tussen wat Bijleveld in een brief en in een eerder debat meldde. 

Meer over; Mark Rutte politiek Hawija Ank Bijleveld Marno de Boer

Rutte over Hawija: suggestie oppositie ’echt onzin’

Telegraaf 28.11.2019 Premier Rutte en minister Bijleveld (Defensie) hebben bij het debat over burgerdoden in Irak voldoende vertrouwen gehouden van de Tweede Kamer.

Een motie van wantrouwen, ingediend door de SP, kreeg steun van de PVV, 50Plus, FvD, de Dierenpartij, Denk en Van Kooten. GroenLinks, dat steevast over ’leugens’ sprak, steunde de motie niet. Toch suggereerde voorman Klaver dat de informatie over mogelijke burgerdoden bij de luchtaanval in 2015 bewust onder de pet was gehouden om de verlenging van de missie niet in gevaar te brengen.

De minister-president stelt dat het altijd zo is geweest dat er risico’s zijn op burgerdoden bij dit soort operaties. „Het vermoeden dat het is toegedekt vanwege het verlengingsbesluit is gewoon niet waar”, zegt Rutte. „Echt onzin.” Hij stelt verder dat de Tweede Kamer in die tijd nooit geïnformeerd werd over slachtoffers om militairen in het veld niet in gevaar te brengen. Ook niet vertrouwelijk.

Desondanks zei toenmalig Defensieminister Jeanine Hennis enkele weken na de aanval in een brief aan de Kamer dat er geen burgerdoden waren gevallen. Volgens Rutte was dat een ’fout’. Hennis, zo stelt de premier, had moeten zeggen dat er geen informatie over burgerdoden werd gedeeld.

PVV-voorman Geert Wilders vindt dat de Kamer is „gepiepeld en dat is onvergeeflijk”. GroenLinks-leider Jesse Klaver is van mening dat er geen sprake is van een fout: „het is een leugen.”

De Kamer voert vanavond een kritisch debat over de informatie die is gedeeld over een Nederlandse luchtaanval in Irak in 2015. Daarbij vielen mogelijk 70 burgerslachtoffers.

Uit een brief van defensieminister Bijleveld blijkt dat behalve toenmalig minister Hennis ook ministers Van der Steur (Justitie) en Koenders (Buitenlandse Zaken) waren ingelicht over mogelijke burgerslachtoffers bij een bombardement van 3 juni 2015 op een autobommenfabriekje in Hawija.

De informatie was met Ruttes ministerie Algemene Zaken gedeeld. Hennis had volgens haar eigen herinnering ’vermoedelijk’ ook de premier mondeling op de hoogte gesteld van de bevindingen – grotere explosie dan verwacht, nader onderzoek nodig naar burgerslachtoffers. Rutte sluit niet uit dat het gesprek heeft plaatsgevonden, maar kan zich het niet herinneren.

SP: heeft Rutte dan niet doorgevraagd?

„Dat hebben we eerder gehoord”, hoont SP-fractieleider Marijnissen, die het spannende debat over de F-16 luchtaanval aftrapte. Ze wees erop dat de premier wel vaker op cruciale momenten zijn geheugen kwijt lijkt te zijn. Het verbaast haar dan ook niet dat dit bij de luchtaanval mogelijk opnieuw is gebeurd. „Kwam het hem goed uit, of drong het echt niet door en hebben we een ander probleem te pakken?”, wil zij van Rutte weten. „Heeft hij dan niet doorgevraagd?”

GL-leider Klaver denkt dat het het kabinet wel goed uitkwam om gegevens over de burgerdoden niet naar boven te laten komen. Toen de berichten over mogelijke slachtoffers naar buiten kwamen via diverse media en de Amerikanen die er onderzoek naar deden, moest Nederland beslissen over het verlengen van de Nederlandse militaire missie in Irak.

„Was het verlengen van de missie belangrijker dan de waarheid?”, wil Klaver weten. „Het heeft er alle schijn van dat cruciale info werd achtergehouden.” Hij wil een tijdlijn over de besluitvorming van de missie.

Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte buigen zich over de burgerdoden in Irak. Op de voorgrond enkele prominente Kamerleden.

Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte buigen zich over de burgerdoden in Irak. Op de voorgrond enkele prominente Kamerleden. Ⓒ ANP

Oppositieleider Wilders (PVV) vindt dat de Hawija-kwestie „aan alle kanten stinkt”. Hij heeft er moeite mee om de herinneringen van voormalig minister Hennis over het voorval te geloven.

Hij vraagt zich af hoe het kan dat zij niet geheel zeker weet dat zij premier Rutte ervan op de hoogte heeft gebracht, maar dat zij wel zeker lijkt te weten dat dit op een manier gebeurde die niet alarmerend was. „Hoe kan dat?”, wil Wilders weten. „Volgens mij kan alleen een geboren leugenaar dat.”

Leugenmachine

Ook hij wijst erop dat de VVD en de premier wel vaker aan geheugenverlies lijken te lijden, zoals bij de memo’s over de dividendtaks en het uit de duim gezogen bezoekje van Halbe Zijlstra aan het buitenhuis van Poetin. „De VVD is één grote leugenmachine”, concludeert de PVV’er. Hij weet het zeker. „Het einde van het kabinet is nabij en de burger zal zeggen: premier Rutte? Ik heb geen actieve herinnering aan die man.”

Ⓒ ANP

Wilders richt zijn pijlen ook op de PvdA. Niet alleen de premier zou namelijk over de mogelijke burgerdoden zijn geïnformeerd, maar ook toenmalig PvdA-ministers Koenders (Buitenlandse Zaken) en Ploumen (Buitenlandse Handel). Volgens Wilders waren de PvdA-bewindslieden betrokken bij de brief die waarin Bijlevelds voorganger de Tweede Kamer verkeerd informeerde. „De handtekeningen van Koenders en Ploumen stonden eronder”, schampert hij. Hij noemt de PvdA ’medeschuldig’.

De coalitie is beduidend milder. D66-Kamerlid Belhaj wil 4,5 jaar na de luchtaanval dat er alsnog een nieuw onderzoek wordt gedaan naar de hoeveelheid burgerdoden in Hawija. Een Kamermeerderheid lijkt dat te gaan steunen.

Maar minister Bijleveld en premier Rutte lijken van D66 verder weinig te hoeven vrezen. Belhaj vindt dat Bijleveld haar verantwoordelijkheid heeft genomen. Wel wil ze weten waarom de CDA-bewindsvrouw de afwikkeling zo ’onhandig’ heeft gedaan.

CDA-Kamerlid Van Helvert roemt precisiebombardementen van onze F-16-vliegers. „Maar juist als het fout gaat, moet Defensie zorgvuldig informeren”, erkent hij. Hij wil dat het kabinet kritisch terugblikt en lessen trekt.

Verslaggever Inge Lengton is live bij het debat aanwezig; Tweets by ‎@IngeLengton

Rutte bestrijdt kwade opzet bij achterhouden burgerdoden Hawija

NU 27.11.2019 Premier Mark Rutte bestrijdt de suggestie dat het ministerie van Defensie in 2015 bewust heeft verzwegen dat er mogelijk burgerdoden waren gevallen bij de aanval op Hawija om op die manier de verlenging van de IS-missie in Irak niet te dwarsbomen. “Er is geen sprake van doofpot”, zei de minister-president woensdagavond tijdens een debat in de Tweede Kamer.

Volgens Rutte was het voor de besluitvorming om de missie te verlengen “niet relevant” dat er burgerslachtoffers waren gevallen, omdat er rekening werd gehouden met het risico op burgerslachtoffers. Bovendien, zo stelt Rutte, is het nooit duidelijk geworden hoeveel doden er officieel zijn gevallen.

GroenLinks en Forum voor Democratie (FVD) vermoeden dat er moedwillig informatie is achtergehouden om ervoor te zorgen dat een verlenging van de IS-missie zou doorgaan. “Was het verlengen van de missie belangrijker dan het delen van de waarheid?” vroeg Jesse Klaver (GroenLinks). Thierry Baudet (FVD): “Dit debat gaat niet meer alleen over de burgerdoden, maar over de betrouwbaarheid van deze premier en deze regering.”

De twee partijleiders wezen op de informatie over mogelijke burgerslachtoffers als gevolg van Nederlandse bombardementen die het ministerie van Defensie begin juni 2015 al had, maar verzweeg voor de Kamer.

Niet lang daarna kondigde het kabinet aan de IS-missie te verlengen en schreef het in een brief aan de Kamer dat Nederland, voor zover bekend, niet betrokken is geweest bij luchtaanvallen waar burgerslachtoffers zijn gevallen.

In een debat op 30 juni van dat jaar sprak de Kamer vervolgens over de verlenging van de missie, maar zonder alle informatie.

Baudet ziet motief voor verzwijgen

Volgens Baudet doet het kabinet alsof het om “een slordigheid gaat”, maar hij vermoedt kwade opzet. De FVD-leider ziet “een motief” om de informatie achter te houden en dat is dat het voor het kabinet heel moeilijk zou worden om instemming van de Kamer te krijgen voor de verlenging van de missie als bekend zou worden dat Nederlandse bommen “een hele woonwijk hebben weggevaagd”.

Klaver denkt er, in andere bewoordingen, hetzelfde over. “Het heeft er alle schijn van dat doorgaan missie zo belangrijk was, dat cruciale informatie is achtergehouden.”

Hij wil alle documenten inzien die geleid hebben tot het kabinetsbesluit om de missie te verlengen. Dat moet ook duidelijk maken wat premier Rutte precies wist en wanneer hij precies op de hoogte is gesteld van het aantal burgerdoden.

Rutte: ‘Kans op burgerslachtoffers altijd aanwezig’

Volgens Rutte gaat het om niet meer dan een fout in de Kamerbrief van 23 juni 2015. In de brief wordt gemeld dat er voor zover bekend geen burgerslachtoffers zijn gevallen, maar het beleid was dat het kabinet geen mededelingen zou doen over de missies.

Voor de besluitvorming in de ministerraad is het volgens de premier niet relevant geweest om te weten of er burgerslachtoffers zijn gevallen, omdat het risico daarop bekend was. Maar wat Klaver betreft is dát niet relevant. “Het gaat erom dat de ministerraad een besluit heeft genomen zonder alle relevante informatie.”

Ook coalitiepartij ChristenUnie is kritisch. Joël Voordewind wil weten hoe de fout in de Kamerbrief terecht is gekomen. “Hoe en waarom is de Kamer destijds verkeerd geïnformeerd?” Volgens de premier is het echter onmogelijk om te reconstrueren hoe de fout in de brief is beland.

Baudet vraagt zich af of Rutte weg mag komen met ‘sorry’

Bijleveld overleefde eerder motie van wantrouwen

De Kamer debatteerde voor de tweede keer in korte tijd over burgerdoden in Hawija. Twee weken geleden overleefde defensieminister Bijleveld ternauwernood een motie van wantrouwen nadat zij moest toegeven dat de Tweede Kamer in 2015 verkeerd is geïnformeerd over de Nederlandse betrokkenheid bij burgerdoden in Irak.

Bijleveld voegde daaraan toe dat dat het ministerie van Buitenlandse Zaken en van Algemene Zaken, het ministerie van premier Rutte, in 2015 op de hoogte zijn gesteld. Maar daar staat de premier helemaal niets van bij.

Uit de Kamerbrief van afgelopen maandag blijkt dat toenmalig minister van Defensie Jeanine Hennis in 2015 de toenmalig minister van Buitenlandse Zaken, Bert Koenders, mondeling heeft geïnformeerd over Hawija en dat ze de premier “vermoedelijk” over dit onderwerp heeft gesproken. De toon van haar boodschap zou “niet alarmerend” zijn geweest. Premier Rutte zegt zich dat gesprek niet te kunnen herinneren, maar sluit ook niet uit dat het wel heeft plaatsgevonden.

Ondanks dat meerdere partijen in de Kamer het moeilijk konden geloven dat de premier zich daar niets over kon herinneren, bleef Rutte volhouden dat hij er geen herinnering aan heeft. Of de premier daarover de waarheid vertelt, is volgens Rutte “een kwestie van vertrouwen”.

Een klein deel van de oppositie heeft dat vertrouwen niet meer. De SP diende met de steun van PVV, PvdD, 5PLUS, DENK, FVD en Lid Van Kooten-Arissen een motie van wantrouwen in tegen Bijleveld, Rutte en het hele kabinet, maar haalde geen meerderheid. Ook het voorstel om een parlementaire ondervraging lijkt te stranden. Over die motie, waar PVV, GroenLinks, SP, PvdD, 50PLUS, DENK, FVD en Lid Van Kooten-Arissen achter staan, wordt op een later moment gestemd.

Lees meer over: Politiek

Rutte ontkent doofpot burgerdoden Irak

RTL 27.11.2019 Er was volgens premier Rutte geen doofpot over de mogelijke burgerdoden tijdens een Nederlandse bomaanval op Hawija in Irak in 2015. Dat zei hij vanavond tijdens een pittig debat in de Tweede Kamer. Oppositiepartijen houden grote moeite met zijn verhaal.

Premier Rutte moest samen met minister Ank Bijleveld tekst en uitleg geven over de communicatie rond de burgerdoden die vielen tijdens een Nederlands bombardement in Irak, in 2015.

‘Geen herinnering’

De Kamer wilde weten wat Rutte wist over het Nederlandse bombardement op een IS-bommenfabriek in Irak. De premier herhaalde tijdens het debat meerdere keren dat hij ‘geen herinnering heeft aan informatie in de maand juni in 2015’.

Rutte zei: “Ik kan u niet dwingen om mij te geloven. Het is een vertrouwensvraag. Ik kan een herinnering die ik niet heb, niet faken.”

Grote moeite houden met het geheugen

De oppositie blijft grote moeite houden met het haperende geheugen van Rutte. PVV-voorman Geert Wilders vindt dat de Kamer is ‘gepiepeld en dat is onvergeeflijk’.

Ook Jesse Klaver heeft veel moeite met Ruttes verhaal. “Het heeft er alle schijn van dat voor het doorgaan van de missie cruciale informatie is achtergehouden.”

De SP stelde dat de waarheid nog altijd niet boven tafel is, daarom diende de partij een motie van wantrouwen in tegen Rutte, minister Bijleveld en het hele kabinet. De SP kreeg daarbij de steun van oppositiepartijen PVV, Partij voor de Dieren, Forum voor Democratie, Denk en het onafhankelijk Kamerlid Van Kooten-Arissen.

 floor bremer @floorbremer

Een pittig #debat voor Premier Rutte en minister Bijleveld van Defensie, op dit moment in de Tweede Kamer. Over een Nederlands bombardement in Irak, vier jaar geleden. Wie wist wat wanneer? En waarom is de Kamer boos? Hier een samenvatting in anderhalve minuut:

4  7:37 PM – Nov 27, 2019 See floor bremer’s other Tweets

Wanneer wist hij dat wel?

Wanneer de premier wel wist dat er burgerdoden waren gevallen? De topambtenaren van Rutte zijn in mei 2016 over definitieve rapporten geïnformeerd.

Maar hoeveel burgerdoden er bij de aanval zijn gevallen, blijft tot de dag van vandaag onduidelijk. Rutte zei: dat er bij de aanval ‘zeer waarschijnlijk burgerslachtoffers zijn gevallen,’ maar er zijn volgens hem geen aantallen genoemd.

Fout

Dat toenmalig minister van Defensie-Jeanine Hennis- enkele weken na de aanval in een brief aan de Kamer zei dat er geen burgerdoden waren gevallen. was volgens Rutte een fout, maar geen doelbewuste misleiding.

De oppositie vond dat weinig geloofwaardig, maar van opzet is volgens Rutte ‘0,0 bewijs’.

‘Niet relevant voor de verlenging van de missie’

De oppositie verdenkt Rutte ervan, dat hij de burgerdoden geheim willen om te voorkomen dat de Kamer bezwaar zou willen maken tegen de verlenging van de missie in Irak. Dat besluit volgde korte tijd na de aanval. Volgens de premier is dat verwijt ‘grote onzin.’

Dat er burgerdoden zijn gevallen was volgens hem ‘niet relevant’ voor het besluit tot verlenging van de missie. “Er is altijd een risico op burgerslachtoffers”, zei hij.

Meer transparantie

Wel beloven Rutte en minister Bijleveld de Tweede Kamer voortaan meer transparantie te geven over missies. Er zijn daarvoor nieuwe beleidsregels opgesteld.

Lees ook:

Harde kritiek tijdens debat burgerdoden Irak: ‘Kan ik Rutte nog geloven?’

Het bombardement op Hawija

Vanaf oktober 2014 tot juli 2016 nam Nederland voor het eerst deel aan een F-16-missie boven Irak en Syrië. Na publicaties van NRC en NOS dit najaar blijkt dat Nederland verantwoordelijk is geweest voor een bombardement op een bommenfabriek van IS in Hawija, Irak. Zeker 70 burgers zouden daarbij om het leven. Zowel Defensie als het Openbaar Ministerie onderzocht het bombardement. Volgens Defensie zijn alle procedures gevolgd. Het OM vindt geen strafbare feiten.

De toenmalige minister van Defensie, Jeanine Hennis, wist al in 2015 over de burgerdoden, maar gaf foute informatie aan de Tweede Kamer. Op 23 juni 2015 zei ze dat geen sprake is geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers door luchtaanvallen in Irak. Daarvoor bood huidig minister Ank Bijleveld tijdens een debat begin november haar excuses aan.

RTL Nieuws; Mark Rutte  Ank Bijleveld

De Tweede Kamer eiste van premier Rutte en minister van Defensie Ank Bijleveld opheldering over de burgerslachtoffers in Hawija.

De Tweede Kamer eiste van premier Rutte en minister van Defensie Ank Bijleveld opheldering over de burgerslachtoffers in Hawija. Foto David van Dam

Wie wist wat en op welk moment?

NRC 27.11.2019 In de Tweede Kamer kwam de vraag op of de verlenging van de Irak-missie een rol speelde bij de verhulling van informatie. Een motie van wantrouwen werd verworpen.

Hoe kan het dat niemand – premier Mark Rutte voorop – in 2015 gealarmeerd raakte van het Nederlandse bombardement op het Irakese Hawija, waarvan van meet af aan duidelijk was dat er meer schade, en „waarschijnlijk” burgerslachtoffers bij waren gevallen?

Die vraag werd, in vele gedaantes, op woensdagavond gesteld door alle partijen én regeringspartijen D66 en ChristenUnie aan premier Mark Rutte (VVD) en minister Ank Bijleveld (Defensie, CDA).

Lees ook de reconstructie van NRC: Nederlandse bom doodde 70 mensen

In het eerste deel van het debat over de burgerslachtoffers die vielen in Hawija en over de vraag wie daarover wat en op welk moment wist, richtte de Tweede Kamer zich vooral op Rutte.

Maar ook de „zwijgcultuur” bij het ministerie van Defensie kwam aan bod (PvdA), de „selectieve dementie” van premier Rutte (Denk) en de vraag of „dit kabinet de waarheid wel wíl weten” (SP). D66 vroeg de minister alsnog een onderzoek in te stellen naar het exacte aantal burgerdoden dat in 2015 viel.

GroenLinks kwam met nieuwe feiten: want op 19 juni 2015, tien dagen nadat de toenmalige Defensieminister Jeanine Hennis (VVD) was gebrieft over de schade die het Nederlandse bombardement had aangericht, verstuurde het toenmalige kabinet-Rutte II een brief aan de Tweede Kamer, waarin ze aankondigde de Nederlandse bijdrage aan de anti-IS-coalitie in Irak te verlengen. „Was het verlengen van de missie belangrijker dan het delen van de waarheid?”, vroeg Jesse Klaver.

Want die kennis, die niet werd vermeld in het overzicht dat Bijleveld al eerder naar de Tweede Kamer stuurde, schijnt nieuw licht op de context van die tijd: uit die verlengingsbrief blijkt dat in de ministerraad in juni 2015 met zekerheid is gesproken over de Nederlandse bijdrage in Irak. Zijn de burgerdoden daar ter sprake gekomen?

Nee, zei Rutte stelllig, toen hij begon de Kamer te antwoorden. De premier ontkende dat er bewust informatie voor de Kamer is achtergehouden, met als doel de missie in Irak te verlengen. Ook nadat Joël Voordewind van coalitiepartij ChristenUnie dat nadrukkelijk had gezegd. „Er is geen doofpot”, zei Rutte. En ook: „Ik kan geen herinneringen faken die ik niet heb.”

Afgeweken van de officiële lijn

Echt spannend werd het niet voor Rutte en Bijleveld. Dat het Amerikaanse opperbevel Centcom aan NRC en NOS had laten weten dat het om zeventig burgerdoden ging, weersprak Bijleveld, die het bij de Amerikanen had nagevraagd.

„Ook voor Centcom is het onduidelijk waarom die woordvoerder is afgeweken van officiële lijn”, zei ze. Rutte bleef volhouden dat hij geen herinneringen had aan dat hij geïnformeerd zou zijn in juni 2015. Maar ook als dat wel zo was, zei hij, had hij dat niet kunnen delen. Want het beleid was om over lopende operaties niets te zeggen.

Voor een deel van de oppositie was die uitleg onvoldoende: een motie van wantrouwen werd gesteund door de SP, de PVV, de Partij voor de Dieren, 50Plus, Denk en de eenmansfractie Van Kooten-Arissen – en werd verworpen.

Er stond duidelijk meer op het spel, in dit debat. De plenaire vergaderzaal van de Tweede Kamer was voller: er waren meer Kamerleden aanwezig, meer fotografen, meer publiek. Ank Bijleveld had goed nagedacht: droeg ze drie weken geleden tijdens het eerste debat over Hawija nog een fleurige blouse, op woensdagavond zat ze in het zwart in ‘vak K’.

Ook de PvdA kreeg kritiek. Want ook ministers van die partij (Bert Koenders, toen minister van Buitenlandse Zaken en Lilianne Ploumen, toen minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) ondertekenden samen met Hennis op 23 juni 2015 de brief met daarin onjuiste informatie aan de Kamer. „U heeft honderd kilo boter op uw hoofd”, verweet Geert Wilders (PVV) de PvdA.

Het was diezelfde Wilders die de meeste oppositie bedreef, de eerste uren. Als enige fractievoorzitter onderbrak hij de regeringspartijen tijdens hun bijdrage met vragen over de stabiliteit van de coalitie en wees hij fijntjes op de onderlinge onmin tussen regeringspartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie.

Zoals op ChristenUnie-voorman Gert-Jan Segers, die tegen NU.nl zei over het vergeten van informatie over burgerslachtoffers door Rutte: „Ik denk wel dat ik het zou hebben onthouden.” Bijleveld zou volgens Wilders „met twinkelende oogjes” Rutte bij het onderwerp betrokken hebben.

D66-Kamerlid Salima Belhaj beet hij toe dat haar partij „broodroof” pleegde. „U maakt ons als oppositie overbodig.” „Dit gaat over oorlog”, reageerde Belhaj. „Ik probeer hier serieus mee om te gaan, ik wil ontdekken wat er is gebeurd.” Dit debat zal daarvan slechts het begin zijn.

GroenLinks en FVD: Kwade opzet bij achterhouden burgerdoden Hawija

MSN 27.11.2019 GroenLinks en Forum Voor Democratie (FVD) vermoeden dat het ministerie van Defensie in 2015 bewust heeft verzwegen dat er mogelijk burgerdoden waren gevallen bij de aanval op Hawija om op die manier de verlenging van de IS-missie in Irak niet te dwarsbomen.

“Was het verlengen van de missie belangrijker dan het delen van de waarheid?” vroeg Jesse Klaver (GroenLinks) aan het kabinet tijdens het Kamerdebat woensdagavond.

Thierry Baudet (FVD): “Dit debat gaat niet meer alleen over de burgerdoden, maar over de betrouwbaarheid van deze premier en deze regering.”

De twee partijleiders wezen in het debat op de informatie over mogelijke burgerslachtoffers als gevolg van Nederlandse bombardementen.

Deze informatie had het ministerie van Defensie begin juni 2015 al, maar verzweeg dat voor de Kamer. Niet lang daarna kondigde het kabinet aan de IS-missie te verlengen en schreef het in een brief aan de Kamer dat Nederland voor zover bekend niet betrokken is geweest bij luchtaanvallen waar burgerslachtoffers zijn gevallen.

In een debat op 30 juni van dat jaar sprak de Kamer over de verlenging van de missie, maar zonder alle informatie.

Baudet ziet motief voor verzwijgen

Volgens Baudet doet het kabinet alsof het om “een slordigheid gaat”, maar hij vermoedt kwade opzet. De FVD-leider ziet “een motief” om de informatie achter te houden en dat is dat het voor het kabinet heel moeilijk zou worden om instemming van de Kamer te krijgen voor de verlenging van de missie als bekend werd dat Nederlandse bommen “een hele woonwijk hebben weggevaagd”.

Klaver denkt er, in andere bewoordingen, hetzelfde over. “Het heeft er alle schijn van dat doorgaan missie zo belangrijk was, dat cruciale informatie is achtergehouden”, aldus de GroenLinks-leider.

Hij wil alle documenten inzien die geleid hebben tot het kabinetsbesluit om de missie te verlengen. Dat moet ook duidelijk maken wat premier Rutte precies wist en wanneer hij precies op de hoogte is gesteld van het aantal burgerdoden.

Baudet sluit zich bij die oproep aan. “De Kamer moet staan voor eigen relevantie in de rechtsstaat. Wij moeten afdwingen dat we serieus worden genomen.”

Volgens Rutte gaat het om een fout in een Kamerbrief. In de brief wordt gemeld dat er voor zover bekend geen burgerslachtoffers zijn gevallen, maar het beleid was dat het kabinet geen mededelingen zou doen over de missies. “Er is geen sprake van een doofpot”, aldus Rutte.

Bijleveld overleefde eerder motie van wantrouwen

De Kamer debatteert voor de tweede keer in korte tijd met minister Ank Bijleveld (Defensie) over de burgerdoden bij de Nederlandse luchtaanval op de Iraakse stad Hawija. Twee weken geleden overleefde Bijleveld ternauwernood een motie van wantrouwen nadat zij moest toegeven dat de Tweede Kamer in 2015 verkeerd is geïnformeerd over de Nederlandse betrokkenheid bij burgerdoden in Irak.

Bijleveld voegde daaraan toe dat dat het ministerie van Buitenlandse Zaken en van Algemene Zaken, het ministerie van premier Rutte, in 2015 op de hoogte zijn gesteld. Maar daar staat de premier helemaal niets van bij.

Uit de Kamerbrief van afgelopen maandag blijkt dat Hennis in 2015 de toenmalig minister van Buitenlandse Zaken, Bert Koenders, mondeling heeft geïnformeerd over Hawija en dat ze de premier “vermoedelijk” over dit onderwerp heeft gesproken. De toon van haar boodschap zou “niet alarmerend” zijn geweest. Premier Rutte zegt zich dat gesprek niet te kunnen herinneren, maar sluit ook niet uit dat het wel heeft plaatsgevonden.

Meerdere partijen geloven niet de premier niets meer kan herinneren. PVV-leider Geert Wilders: “Wij moeten geloven dat zijn geheugen haperde? Denkt premier Rutte dat we gek zijn?”

Harde kritiek tijdens debat burgerdoden Irak: ‘Kan ik Rutte nog geloven?’

RTL 27.11.2019 “Het kabinet liegt en bedriegt de boel bij elkaar.” “Kan ik de premier nog geloven met zijn haperende geheugen?” De oppositie komt met harde kritiek tijdens het debat waarin premier Rutte en minister Bijleveld tekst en uitleg moeten geven over de communicatie rond de burgerdoden die vielen tijdens een bombardement in Irak, vier jaar geleden.

Wie wist wat, op welk moment? Om hoeveel slachtoffers ging het nu precies, én: hoe is vervolgens de Kamer geïnformeerd?

Dat zijn de vragen die centraal staan in het pittige debat waarin premier Rutte en Defensie-minister Bijleveld tekst en uitleg moeten geven over de communicatie rond de burgerdoden die vielen tijdens een Nederlands bombardement in Irak, vier jaar geleden.

‘Deze kwestie stinkt’

De oppositiepartijen hebben allemaal moeite met het verhaal van de premier. Ze eisen dat de waarheid boven tafel komt. Rutte zegt zich niet te kunnen herinneren dat hij is geïnformeerd over het bombardement. Eerder zei minister Bijleveld nog ‘dat het aannemelijk is dat de meest betrokken ministeries wel zijn geïnformeerd’.

“Deze hele kwestie stinkt”, concludeert PVV-leider Wilders. Voor hem is het duidelijk: de premier liegt. Ook de SP twijfelt aan zijn geloofwaardigheid. “Rutte wil ons doen geloven dat hij er herinneringen aan heeft. Dat hebben we eerder gehoord”, zegt SP-leider Lilian Marijnissen.

Ook Jesse Klaver heeft veel moeite met Ruttes verhaal. “Het heeft er alle schijn van dat voor het doorgaan van de missie cruciale informatie is achtergehouden.”

 floor bremer @floorbremer

Een pittig #debat voor Premier Rutte en minister Bijleveld van Defensie, op dit moment in de Tweede Kamer. Over een Nederlands bombardement in Irak, vier jaar geleden. Wie wist wat wanneer? En waarom is de Kamer boos? Hier een samenvatting in anderhalve minuut:

4  7:37 PM – Nov 27, 2019 See floor bremer’s other Tweets

Harde klappen

Niet alleen de premier, maar ook Defensie-minister Ank Bijleveld krijgt harde kritiek, van zowel de oppositie- als de regeringspartijen.

Bijleveld gaf in een eerder debat, drie weken geleden, toe dat haar voorganger Hennis de Kamer verkeerd had geïnformeerd. Die wist destijds over de burgerdoden, maar loog daarover tegen de Tweede Kamer. Minister Bijleveld bood daarvoor excuses aan.

Motie van wantrouwen

Bijlevelds optreden was tijdens dat debat zwak, wat leidde tot een motie van wantrouwen. Die werd gesteund door bijna alle oppositiepartijen.

Het is er volgens Marijnissen sinds het vorige debat niet veel beter op geworden. Volgens de SP schoffeert de minister de Kamer en alle Nederlanders. “Want wij hebben recht op de waarheid”, stelt Marijnissen.

 floor bremer @floorbremer

Het #debat over de burgerdoden in Irak is begonnen. Meteen op tafel: de geloofwaardigheid van premier Rutte en zijn haperende geheugen:

27  7:24 PM – Nov 27, 2019 30 people are talking about this

Cruciale informatie achtergehouden

GroenLinks-leider Klaver wil van het kabinet weten of, tijdens het praten over verlenging van de missie in Irak, gesproken is over de burgerslachtoffers bij de aanval in juni 2015. “Het heeft er alle schijn van dat verlenging zo belangrijk was, dat het ministerie van Defensie cruciale informatie heeft achtergehouden.”

Joël Voordewind van regeringspartij ChristenUnie concludeert dat Defensie doelbewust informatie verzwijgt. “Is die verkeerde reflex om informatie achter te houden inmiddels onderdeel van de cultuur geworden?”, vraagt hij zich af.

Het bombardement op Hawija

Vanaf oktober 2014 tot juli 2016 nam Nederland voor het eerst deel aan een F-16-missie boven Irak en Syrië. Na publicaties van NRC en NOS dit najaar blijkt dat Nederland verantwoordelijk is geweest voor een bombardement op een bommenfabriek van IS in Hawija, Irak. 70 burgers kwamen daarbij om het leven. Zowel Defensie als het Openbaar Ministerie onderzocht het bombardement. Volgens Defensie zijn alle procedures gevolgd. Het OM vindt geen strafbare feiten.

De toenmalige minister van Defensie, Jeanine Hennis, wist al in 2015 over de burgerdoden, maar gaf foute informatie aan de Tweede Kamer. Op 23 juni 2015 zei ze dat geen sprake is geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers door luchtaanvallen in Irak. Daarvoor bood huidig minister Ank Bijleveld tijdens een debat begin november haar excuses aan.

Lees ook:

‘Rutte geïnformeerd over bombardement, maar niet over 70 slachtoffers’

RTL Nieuws; Mark Rutte  Ank Bijleveld  Tweede Kamer  Ministerie van Defensie  Defensie

Debat burgerdoden Irak: oppositie ziet gegoochel met waarheid, Rutte niet

NOS 27.11.2019 Mogelijke burgerdoden hebben geen rol gespeeld bij het besluit om de missie in Syrië en Irak te verlengen. Dat zei premier Rutte in het tweede debat in korte tijd over de slachtoffers die in 2015 in Irak vielen door een Nederlandse luchtaanval.

“Bij de strijd tegen IS was er altijd een risico op burgerslachtoffers”, zei de premier. Het gegeven dat er een onderzoek liep naar eventuele burgerslachtoffers was volgens Rutte “niet relevant” voor de besluitvorming over de missieverlenging.

GroenLinks, SP en Forum voor Democratie vroegen zich eerder vanavond hardop af of er een verband was. “Was het verlengen van de missie belangrijker dan het delen van de waarheid?”, zei Klaver van GroenLinks. Fractieleider Baudet van FvD sloot zich daarbij aan. “Ze wilden de missie in Irak verlengen, dus moesten ze uit het nieuws houden dat daar burgerslachtoffers waren gevallen.”

Gepiepeld

Het verlengen gebeurde eind juni 2015, het Nederlandse bombardement was begin die maand. Toenmalig minister Hennis zei in juni in de Kamer tot twee keer toe dat Nederland niet betrokken was bij bombardementen waarbij burgerdoden waren gevallen, terwijl ze toen al wist dat dat vermoedelijk wel was gebeurd.

“We zijn gepiepeld”, zei PVV-leider Wilders hierover. “De Kamer stemt in zonder het te weten.”

Rutte erkende wel dat er een fout zat in een brief van het kabinet aan de Kamer uit juni 2015. Daarin stond: “Voor zover op dit moment bekend is er geen sprake geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers door luchtaanvallen in Irak.”

Volgens de premier had daar moeten staan: “Die informatie geven we u niet.” Het beleid was toen om dit type informatie bij lopende missies niet met de Tweede Kamer te delen, aldus Rutte. “We wilden onze vliegers namelijk niet in gevaar brengen.”

Rutte: brief aan de Kamer bevatte een fout, niet een leugen

Klaver accepteerde dat niet. “De informatie was beschikbaar, en de Kamer is willens en wetens verkeerd geïnformeerd.” Hij kreeg bijval van ChristenUnie-Kamerlid Voordewind: “De fout, zoals de premier dit noemt, is wel heel opmerkelijk. Wie zegt mij dat er de volgende keer niet weer een fout in een brief staat?”

De aanval waar het om gaat, was op 3 juni 2015. Een Nederlandse F-16 bombardeerde toen de Iraakse stad Hawija. Daarbij kwamen zeker 70 burgers om. Of de Kamer daarover is geïnformeerd is één vraag die voorligt, maar het debat gaat ook over de vraag of Rutte er destijds over wist.”

Hoe goed is de politieke antenne van onze minister-president eigenlijk afgesteld?”, aldus PvdD-fractieleider Ouwehand.

Defensieminister Bijleveld schreef maandag in een Kamerbrief dat haar voorganger Hennis premier Rutte vermoedelijk mondeling had geïnformeerd op een “niet alarmerende” toon. De premier heeft de afgelopen weken meermaals gezegd (vanavond ook) zich het gesprek met Hennis niet te kunnen herinneren, hoewel hij ook niet uitsluit dat het heeft plaatsgevonden.

“Hoe goed is de politieke antenne van onze minister-president eigenlijk afgesteld?”, zei PvdD-fractieleider Ouwehand daar vanavond over. Partijleider Marijnissen van de SP vroeg zich af hoe het kan dat berichten over mogelijke burgerslachtoffers de kwalificatie “niet alarmerend” hebben meegekregen.

Een opvallend moment in het debat was toen Rutte zei dat het Amerikaanse leger, dat de leiding had over de missie, nooit heeft kunnen vaststellen dat er 70 burgerslachtoffers zijn gevallen. Terwijl een woordvoerder van de legerleiding van de VS (Centcom) dat in 2018 heeft laten weten aan NRC.

 Ben Meindertsma @ben_meindertsma

Voor de goede orde: dit is wat Kolonel Sean Ryan van Centcom in december 2018 aan NOS/NRC (via @JournaJannie) laat weten. Gaat Bijleveld zo uitleg over geven.

Minister Bijleveld stelde even later dat Centcom desgevraagd aan haar heeft laten weten dat de woordvoerder is afgeweken van de officiële conclusies. “In hun onderzoek concluderen ze dat er zeer waarschijnlijk burgerslachtoffers zijn gevallen, en dat het onderzoek niet in staat was om het specifieke aantal vast te stellen.”

Persbureau Reuters schreef daags na het bombardement dat er volgens getuigen zo’n 70 doden waren gevallen. “In openbare bronnen werd al snel de beroemde 70 genoemd”, zei Rutte vanavond. “In de toekomst zou het goed zijn als dat soort informatie meteen naast de wél bevestigde informatie wordt gelegd. Dat is hier niet gebeurd.”

D66-Kamerlid Belhaj pleitte in het debat voor een nieuw onderzoek naar de burgerslachtoffers. “Hoe kan het dat vier jaar later nog niet vaststaat hoeveel burgerslachtoffers er zijn gevallen? Nederland heeft de morele plicht om dit zo goed mogelijk in kaart te brengen.” Coalitiegenoot ChristenUnie sloot aan bij de roep om een onderzoek.

Begin deze maand debatteerde de Tweede Kamer ook al over deze kwestie met minister Bijleveld. Toen ging het debat vooral over het onjuist informeren van de Kamer. Bijleveld bood hiervoor “oprechte excuses” aan en overleefde een motie van wantrouwen.

Bekijk ook

GroenLinks en FVD: Kwade opzet bij achterhouden burgerdoden Hawija

MSN 27.11.2019 GroenLinks en Forum Voor Democratie (FVD) vermoeden dat het ministerie van Defensie in 2015 bewust heeft verzwegen dat er mogelijk burgerdoden waren gevallen bij de aanval op Hawija om op die manier de verlenging van de IS-missie in Irak niet te dwarsbomen.

“Was het verlengen van de missie belangrijker dan het delen van de waarheid?” vroeg Jesse Klaver (GroenLinks) aan het kabinet tijdens het Kamerdebat woensdagavond.

Thierry Baudet (FVD): “Dit debat gaat niet meer alleen over de burgerdoden, maar over de betrouwbaarheid van deze premier en deze regering.”

De twee partijleiders wezen in het debat op de informatie over mogelijke burgerslachtoffers als gevolg van Nederlandse bombardementen.

Deze informatie had het ministerie van Defensie begin juni 2015 al, maar verzweeg dat voor de Kamer. Niet lang daarna kondigde het kabinet aan de IS-missie te verlengen en schreef het in een brief aan de Kamer dat Nederland voor zover bekend niet betrokken is geweest bij luchtaanvallen waar burgerslachtoffers zijn gevallen.

In een debat op 30 juni van dat jaar sprak de Kamer over de verlenging van de missie, maar zonder alle informatie.

Baudet ziet motief voor verzwijgen

Volgens Baudet doet het kabinet alsof het om “een slordigheid gaat”, maar hij vermoedt kwade opzet. De FVD-leider ziet “een motief” om de informatie achter te houden en dat is dat het voor het kabinet heel moeilijk zou worden om instemming van de Kamer te krijgen voor de verlenging van de missie als bekend werd dat Nederlandse bommen “een hele woonwijk hebben weggevaagd”.

Klaver denkt er, in andere bewoordingen, hetzelfde over. “Het heeft er alle schijn van dat doorgaan missie zo belangrijk was, dat cruciale informatie is achtergehouden”, aldus de GroenLinks-leider.

Hij wil alle documenten inzien die geleid hebben tot het kabinetsbesluit om de missie te verlengen. Dat moet ook duidelijk maken wat premier Rutte precies wist en wanneer hij precies op de hoogte is gesteld van het aantal burgerdoden.

Baudet sluit zich bij die oproep aan. “De Kamer moet staan voor eigen relevantie in de rechtsstaat. Wij moeten afdwingen dat we serieus worden genomen.”

Volgens Rutte gaat het om een fout in een Kamerbrief. In de brief wordt gemeld dat er voor zover bekend geen burgerslachtoffers zijn gevallen, maar het beleid was dat het kabinet geen mededelingen zou doen over de missies. “Er is geen sprake van een doofpot”, aldus Rutte.

Bijleveld overleefde eerder motie van wantrouwen

De Kamer debatteert voor de tweede keer in korte tijd met minister Ank Bijleveld (Defensie) over de burgerdoden bij de Nederlandse luchtaanval op de Iraakse stad Hawija. Twee weken geleden overleefde Bijleveld ternauwernood een motie van wantrouwen nadat zij moest toegeven dat de Tweede Kamer in 2015 verkeerd is geïnformeerd over de Nederlandse betrokkenheid bij burgerdoden in Irak.

Bijleveld voegde daaraan toe dat dat het ministerie van Buitenlandse Zaken en van Algemene Zaken, het ministerie van premier Rutte, in 2015 op de hoogte zijn gesteld. Maar daar staat de premier helemaal niets van bij.

Uit de Kamerbrief van afgelopen maandag blijkt dat Hennis in 2015 de toenmalig minister van Buitenlandse Zaken, Bert Koenders, mondeling heeft geïnformeerd over Hawija en dat ze de premier “vermoedelijk” over dit onderwerp heeft gesproken. De toon van haar boodschap zou “niet alarmerend” zijn geweest. Premier Rutte zegt zich dat gesprek niet te kunnen herinneren, maar sluit ook niet uit dat het wel heeft plaatsgevonden.

Meerdere partijen geloven niet de premier niets meer kan herinneren. PVV-leider Geert Wilders: “Wij moeten geloven dat zijn geheugen haperde? Denkt premier Rutte dat we gek zijn?”

LIVE | Wilders: Burger zal straks zeggen: Rutte? Ik heb geen actieve herinnering aan die man

AD 27.11.2019 Wat heeft het ministerie van Defensie begin juni 2015 nou precies aan het kabinet gedeeld over de burgerdoden bij een Nederlands bombardement in Irak? En is premier Rutte nou wel of niet op de hoogte gesteld? De Kamer eist vanavond tijdens het debat over de kwestie duidelijke antwoorden van de premier en minister Ank Bijleveld (Defensie). Mis niks van het debat met ons liveblog.

Bij een Nederlands bombardement op een bommenfabriek van Islamitische Staat in Hawija kwamen waarschijnlijk zo’n zeventig burgers om het leven. Minister Bijleveld legde begin deze maand tijdens een zwaar debat al verantwoording af over de kwestie, nadat bleek dat haar voorgangster Jeanine Hennis wist dat het ‘geloofwaardig’ was dat er bij de aanval burgerslachtoffers waren gevallen, maar aan de Kamer schreef dat er ‘voor zover op dit moment bekend’ geen burgerdoden waren gevallen.

Bijleveld maakte excuses, en beloofde een feitenrelaas met daarin duidelijk over de vraag wie wat op welk moment wist. Dat liet echter lang op zich wachten en gaf uiteindelijk ook niet alle antwoorden. Zo schreef Bijleveld in een brief dat Hennis ‘vermoedelijk’ premier Rutte ingelicht heeft nadat zij begin juni 2015 hoorde over een Nederlands bombardement in Irak. Ze informeerde in elk geval Bert Koenders, destijds minister van Buitenlandse Zaken.

De gesprekken zouden niet op alarmerende toon zijn gevoerd, maar Hennis zou ‘feitelijk melding’ hebben gemaakt van een tweede explosie na het bombardement van een Nederlandse F-16. ‘Nader onderzoek moest vaststellen of er burgerdoden zouden zijn gevallen’, schrijft Bijleveld. De Kamer wil vanavond exact horen wat het ministerie nu precies gedeeld heeft over het bombardement, en zal het Bijleveld opnieuw lastig maken.

De Kamer wil vanavond exact horen wat het ministerie nu precies gedeeld heeft over het bombardement, en zal het Bijleveld opnieuw lastig maken. 

Rutte zegt zich ondertussen niet te kunnen herinneren dat hij direct werd ingelicht na de luchtaanval. Totaal ongeloofwaardig, stellen oppositiepartijen, die eisen dat het kabinet alle feiten op tafel legt.

Opnieuw debat over burgerdoden in Irak, oppositie is kritisch

NOS 27.11.2019 De Tweede Kamer debatteert met premier Rutte en Defensieminister Bijleveld over het bombardement op het Iraakse Hawija in 2015.Bij dat bombardement vielen zeker 70 burgerslachtoffers; het debat vanavond gaat vooral om de vraag: wie wist daar op welk moment van?

SP en GroenLinks richten pijlen op Rutte

MSN 27.11.2019 SP en GroenLinks richten hun pijlen tijdens het debat over burgerdoden in Irak op premier Mark Rutte. Zij vragen zich af of de verlenging van de missie in Irak, enkele weken na de aanval van Nederlandse F-16’s waarbij tientallen doden vielen, een rol heeft gespeeld bij het stilhouden van de burgerslachtoffers.

Lilian Marijnissen (SP) begrijpt niet waarom de alarmbellen in het kabinet niet afgingen na mediaberichten over veel burgerdoden. “Kwam het gewoon niet goed uit?”, vraagt ze zich af.

In het licht van de verlenging moet er in het kabinet gesproken zijn over burgerslachtoffers, denkt Jesse Klaver van GroenLinks. Dat besluit werd drie weken na de aanval genomen. “Het heeft er alle schijn van dat voor het doorgaan van de missie cruciale informatie is achtergehouden.”

De PvdA had bijna uitsluitend vragen aan minister Ank Bijleveld van Defensie. Er moet een einde komen aan de “beruchte Defensiecultuur” van geslotenheid, zei John Kerstens. Hij werd aangevallen door onder anderen Geert Wilders (PVV) omdat destijds ook PvdA-ministers op de hoogte werden gesteld van de gevolgen van de aanval. “U hebt boter op uw hoofd”, zei Tunahan Kuzu (Denk).

Wilders over Hawija: deze kwestie stinkt van alle kanten

Telegraaf 27.11.2019 Het kabinet krijgt van de oppositie de wind van voren over de manier waarop informatie is gedeeld over een Nederlandse luchtaanval in Irak in 2015. Daarbij vielen mogelijk 70 burgerslachtoffers. „Deze kwestie stinkt van alle kanten”, stelt PVV-leider Wilders.

Uit een brief van defensieminister Bijleveld blijkt dat behalve toenmalig minister Hennis ook ministers Van der Steur (Justitie) en Koenders (Buitenlandse Zaken) waren ingelicht over mogelijke burgerslachtoffers bij een bombardement van 3 juni 2015 op een autobommenfabriekje in Hawija. De informatie was met Ruttes ministerie Algemene Zaken gedeeld.

Hennis had volgens haar eigen herinnering ’vermoedelijk’ ook de premier mondeling op de hoogte gesteld van de bevindingen – grotere explosie dan verwacht, nader onderzoek nodig naar burgerslachtoffers. Rutte sluit niet uit dat het gesprek heeft plaatsgevonden, maar kan zich het niet herinneren.

SP: heeft Rutte dan niet doorgevraagd?

„Dat hebben we eerder gehoord”, hoont SP-fractieleider Marijnissen, die het spannende debat over de F-16 luchtaanval aftrapte. Ze wees erop dat de premier wel vaker op cruciale momenten zijn geheugen kwijt lijkt te zijn. Het verbaast haar dan ook niet dat dit bij de luchtaanval mogelijk opnieuw is gebeurd. „Kwam het hem goed uit, of drong het echt niet door en hebben we een ander probleem te pakken?”, wil zij van Rutte weten. „Heeft hij dan niet doorgevraagd?”

GL-leider Klaver denkt dat het het kabinet wel goed uitkwam om gegevens over de burgerdoden niet naar boven te laten komen. Toen de berichten over mogelijke slachtoffers naar buiten kwamen via diverse media en de Amerikanen die er onderzoek naar deden, moest Nederland beslissen over het verlengen van de Nederlandse militaire missie in Irak.

„Was het verlengen van de missie belangrijker dan de waarheid?”, wil Klaver weten. „Het heeft er alle schijn van dat cruciale info werd achtergehouden.” Hij wil een tijdlijn over de besluitvorming van de missie.

Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte buigen zich over de burgerdoden in Irak. Op de voorgrond enkele prominente Kamerleden.

Ank Bijleveld, minister van Defensie en premier Mark Rutte buigen zich over de burgerdoden in Irak. Op de voorgrond enkele prominente Kamerleden. Ⓒ ANP

Oppositieleider Wilders (PVV) vindt dat de Hawija-kwestie „aan alle kanten stinkt”. Hij heeft er moeite mee om de herinneringen van voormalig minister Hennis over het voorval te geloven.

Hij vraagt zich af hoe het kan dat zij niet geheel zeker weet dat zij premier Rutte ervan op de hoogte heeft gebracht, maar dat zij wel zeker lijkt te weten dat dit op een manier gebeurde die niet alarmerend was. „Hoe kan dat?”, wil Wilders weten. „Volgens mij kan alleen een geboren leugenaar dat.”

Leugenmachine

Ook hij wijst erop dat de VVD en de premier wel vaker aan geheugenverlies lijken te lijden, zoals bij de memo’s over de dividendtaks en het uit de duim gezogen bezoekje van Halbe Zijlstra aan het buitenhuis van Poetin. „De VVD is één grote leugenmachine”, concludeert de PVV’er. Hij weet het zeker. „Het einde van het kabinet is nabij en de burger zal zeggen: premier Rutte? Ik heb geen actieve herinnering aan die man.”

Ⓒ ANP

Wilders richt zijn pijlen ook op de PvdA. Niet alleen de premier zou namelijk over de mogelijke burgerdoden zijn geïnformeerd, maar ook toenmalig PvdA-ministers Koenders (Buitenlandse Zaken) en Ploumen (Buitenlandse Handel).

Volgens Wilders waren de PvdA-bewindslieden betrokken bij de brief die waarin Bijlevelds voorganger de Tweede Kamer verkeerd informeerde. „De handtekeningen van Koenders en Ploumen stonden eronder”, schampert hij. Hij noemt de PvdA ’medeschuldig’.

De coalitie is beduidend milder. D66-Kamerlid Belhaj wil 4,5 jaar na de luchtaanval dat er alsnog een nieuw onderzoek wordt gedaan naar de hoeveelheid burgerdoden in Hawija. Een Kamermeerderheid lijkt dat te gaan steunen.

Maar minister Bijleveld en premier Rutte lijken van D66 verder weinig te hoeven vrezen. Belhaj vindt dat Bijleveld haar verantwoordelijkheid heeft genomen. Wel wil ze weten waarom de CDA-bewindsvrouw de afwikkeling zo ’onhandig’ heeft gedaan.

CDA-Kamerlid Van Helvert roemt precisiebombardementen van onze F-16-vliegers. „Maar juist als het fout gaat, moet Defensie zorgvuldig informeren”, erkent hij. Hij wil dat het kabinet kritisch terugblikt en lessen trekt.

Verslaggever Inge Lengton is live bij het debat aanwezig;

  Tweets by ‎@IngeLengton

Minister Ank Bijleveld (Defensie) tijdens het eerste debat in de Tweede Kamer over het Nederlands bombardement in Irak, begin november. © ANP/Bart Maat

Spanning in coalitie: iedereen wijst naar iedereen in Irakdossier

AD 27.11.2019 De spanning binnen de coalitie van Rutte III loopt op nu er meer bekend is over welke minister wanneer-wat-wist over de burgerdoden die in 2015 vielen bij een bombardement in Irak. En de oppositie beticht de premier van liegen.

Bijna drie weken wachtte politiek Den Haag op de brief waarin duidelijk zou worden wie wanneer op de hoogte werd gesteld van een misgelopen bombardement op 3 juni 2015 in de Iraakse stad Hawija. Maar nu de brief er ligt, is de onduidelijkheid eigenlijk alleen maar groter geworden.

Lees ook;

Bijleveld: toenmalig Defensieminister Hennis ‘vermoedt’ Rutte ingelicht te hebben

Lees meer

Hoe kun je zoveel burgerdoden vergeten? ‘Een rampzalig gegeven’

Hoe kun je zoveel burgerdoden vergeten? ‘Een rampzalig gegeven’

Lees meer

GroenLinks-leider Jesse Klaver blaast het hoogst van de toren. Volgens hem zijn de drie weken gebruikt om een relaas te componeren waarin premier Mark Rutte wordt vrijgepleit.

‘Vermoedelijk’

Ga maar na: toenmalig Defensieminister Jeanine Hennis zegt dat ze de premier ‘vermoedelijk’ heeft ingelicht dat er onderzoek werd gedaan naar een tweede explosie nadat een Nederlandse F-16 zijn bom afgooide. Dat er gekeken moest worden of er burgerdoden waren gevallen. Rutte zegt zich dat niet te herinneren maar ‘sluit’ óók ‘niet uit’ dat het gesprek ‘heeft plaatsgevonden’.

Waterdichte verdediging.

Minister-president Mark Rutte (rechts), Defensieminister Jeanine Hennis en minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken woonden in juli 2016 de Navo-top in Warschau bij.

Minister-president Mark Rutte (rechts), Defensieminister Jeanine Hennis en minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken woonden in juli 2016 de Navo-top in Warschau bij. © EPA

Al wekt het haperende geheugen van Rutte schamper gelach. Zo ging het met de dividendbelasting en de bonnetjesaffaire ook al. En nu is het beeld dat hij zeventig burgerdoden in zijn oor gefluisterd kreeg, maar dat ‘vergat’.

Daarbij komt dat minister Ank Bijleveld van Defensie eerst leek te beamen dat er bij het bombardement zeventig burgers omkwamen. In het doelwit, een bommenfabriek, lagen namelijk veel meer explosieven lagen dan werd gedacht.

Maar nu schrijft ze dat het ‘tot op de dag van vandaag’ niet duidelijk is hoeveel burgers de dood vonden. Het Amerikaanse eindrapport werd namelijk nooit opgemaakt. Andere bronnen – de VN, het Rode Kruis, Airwars en persbureau Reuters – spreken over tussen 70 en 170 dodelijke slachtoffers.

Ongeloofwaardig

Dat dit grote aantal ‘niet bij de politieke top terechtkwam’ vindt Klaver ‘ontluisterend en volstrekt ongeloofwaardig’. ,,Of het systeem werkt niet, of het is niet waar.”

Maar toen Hennis premier Rutte informeerde, noemde zij überhaupt geen aantallen, liet Hennis weten. Ze sprak ‘slechts’, benadrukt men in VVD-kringen, van een ‘onderzoek’ dat moest uitwijzen óf er doden waren gevallen. Ze sloeg daarbij bovendien geen ‘alarmerende toon’ aan. Zo werd het toenmalig minister Bert Koenders (PvdA) van Buitenlandse Zaken ook verteld.

Bliksemafleider van Rutte

De kwestie zorgt ondertussen wel voor tweespalt bínnen de coalitie. Áls het debat misloopt, mag het niet zo zijn dat alleen Bijleveld moet aftreden in het debat vandaag, benadrukken CDA’ers. Ze wordt niet de bliksemafleider van Rutte, waarschuwt een ingewijde.

De liberalen hebben op hun beurt juist een appeltje te schillen met CDA’er Bijleveld. In een poging haar straatje schoon te vegen in het eerste debat over Hawija noemde ze haar voorganger Hennis bij naam. ,,Wel vier keer.” Dat vonden VVD’ers weinig chique. Bovendien werd zij daardoor ook in haar nieuwe baan, VN-gezant in Irak, mikpunt van protesten.

Anderen betrokkenen uit 2015 wijzen erop dat Hennis dat niet deed toen zij in 2017 moest aftreden. Zij noemde de naam van Hans Hillen niet, terwijl onder zijn verantwoordelijkheid een partij mortiergranaten werd gekocht die een fataal ongeluk in Mali veroorzaakte.

Bij het CDA en Bijleveld is bovendien ergernis over de manier waarop D66-Tweede Kamerlid Salima Belhaj, een coalitiegenoot, haar tijdens het debat wel erg scherp bevroeg.

Ik geloof de premier als hij zegt dat hij zich niets kan herinneren, ja, aldus ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers.

Al lijken D66 en ChristenUnie de rangen nu wel te sluiten. Jetten wil wel weten waarom Rutte niet op onderzoek uitging toen er van burgerdoden werd gesproken. Maar om dat ‘nalatig’ te noemen? ,,Nee, dat gaat weer te ver.”

Ook ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers wil vooral ‘vooruitkijken’ over hoe ministers in de toekomst over incidenten worden geïnformeerd. ,,Ik geloof de premier als hij zegt dat hij zich niets kan herinneren, ja. Het zal op zo’n manier zijn gedaan dat het geen indruk heeft achtergelaten.”

In de oppositie is men er niet zo klaar mee. Naast GroenLinks staan nog tien fracties klaar met kritiek.

Lastig parket

Alleen de PvdA zit in een lastig parket. De partij steunde begin november een motie van wantrouwen tegen Bijleveld, omdat haar voorganger Hennis de Kamer verkeerd had geïnformeerd. Zij stelde tot twee keer toe dat er ‘voor zover op dit moment bekend’ geen sprake was van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers, terwijl zij toen al meer wist.

Maar nu blijkt dat juist toenmalig PvdA-minister Koenders vanaf juni 2015 vijf keer werd verteld dat er onderzoek liep naar Hawija. Al houdt Koenders (eveneens) vol daar geen herinnering aan te hebben.

Het is nog al een verschil of iemand heeft gezegd: joh, ga even zitten, want ik moet je vertellen dat er misschien iets heel ergs is gebeurd, aldus PvdA-leider Lodewijk Asscher

PvdA-leider Lodewijk Asscher vergoelijkt dat. ,,Het is nog al een verschil of iemand heeft gezegd: we doen onderzoek naar iets, of er is gezegd: joh, ga even zitten, want ik moet je vertellen dat er misschien iets heel ergs is gebeurd.” Maar daarmee verexcuseert hij ook Rutte.

Of daarom een eensgezinde aanval van de oppositie op het kabinet echt van de grond komt, valt te betwijfelen. Maar het haperende geheugen van Rutte en de wispelturig informerende Bijleveld zijn sowieso een duidelijk doelwit.

Drie weken geleden overleefde Bijleveld een loodzwaar debat over burgerdoden in Irak. Woensdag moet zij er opnieuw voor naar de Kamer, dit keer samen met premier Rutte. Beeld ANP

Welke partijen geloven de feiten van Rutte en Bijleveld?

Trouw 27.11.2019 Het kabinet moet de Kamer overtuigen dat Rutte echt niets wist, en dat er om goede redenen verschillen zijn tussen wat Bijleveld in een brief en in een eerder debat meldde.

Oppositiepartijen hebben de messen geslepen als premier Mark Rutte en minister van defensie Ank Bijleveld vanavond hun opwachting maken in de Kamer. De twee moeten tekst en uitleg geven over wie in juni 2015 weet had van mogelijk grote aantallen burgerdoden bij een Nederlands bombardement op een bommenfabriek van Islamitische Staat in de Irakese plaats Hawija.

Een fors deel van de discussie zal zich op de premier toespitsen. Volgens de brief die het kabinet maandagavond naar de Kamer stuurde, is Rutte destijds door defensieminister Jeanine Hennis waarschijnlijk slechts ‘op niet-alarmerende toon’ verteld over ‘mogelijke burgerdoden’. Dat zou het verklaarbaar maken dat hij zich later niets herinnerde van het gesprek.

Jesse Klaver (GroenLinks) plaatst vraagtekens bij deze brief. “Het heeft er alle schijn van dat men drie weken bezig is geweest de premier uit de wind te houden.” Klaver ‘krijgt de stellige indruk’ dat het feitenrelaas dat de Kamer deze week kreeg zo is opgebouwd dat het een plausibel klinkend verhaal creëert rond Rutte’s bewering dat hij zich niets herinnert.

‘Ik zou zoiets wel onthouden’

Ook Sadet Karabulut (SP) is kritisch over de uitleg van het kabinet. Toen Hennis met Rutte sprak waren er op het ministerie van defensie al verschillende aanwijzingen dat het aantal burgerdoden bij Hawija uitzonderlijk hoog lag. “Dat haar toon niet alarmerend was, klinkt dan ongeloofwaardig.

Ik heb niet het gevoel dat de Kamer met deze brief alle feiten en achterliggende beweegredenen krijgt.” De oppositiepartijen vermoeden dat het nieuws over burgerdoden destijds is weggemoffeld om de gewenste verlenging van de missie niet in gevaar te brengen.

Zelfs coalitiepartner ChristenUnie heeft moeite de verdediging van het kabinet van harte te steunen. Fractieleider Gert-Jan Segers zegt dat de brief van Bijleveld ‘voor mij wel maximale helderheid schept’ over wat er is gebeurd, maar aarzelt om te zeggen dat hij het geloofwaardig vindt dat Rutte zich een eventuele melding van burgerdoden niet herinnert. “Ik zou zoiets wel onthouden.”

De geloofwaardigheid van de premier en het functioneren van zijn geheugen zal nadrukkelijk onderwerp zijn van debat. Bij andere lastige onderwerpen liet zijn geheugen hem ook in de steek. Zo had hij ‘geen actieve herinneringen’ dat hij met anderen sprak over de bekentenis van Halbe Zijlstra dat die loog over een ontmoeting met Poetin. Ook had hij ‘geen herinneringen’ aan memo’s over de dividendbelasting.

Reconstructie van Bijleveld 

Ook CDA-minister Ank Bijleveld heeft een probleem. In het Kamerdebat van 5 november zei ze dat het voor Hennis op 9 juni 2019 duidelijk was dat er ‘waarschijnlijk veel burgerslachtoffers’ waren gevallen. Maandagavond schreef ze dat Defensie destijds alleen wist van ‘mogelijke burgerslachtoffers’.

Sommige partijen zien deze herziening als een truc om Rutte uit de wind te houden. ‘Ik ben geneigd de Bijleveld uit het debat te geloven’, concludeert Klaver bijvoorbeeld.

CDA-Kamerlid Martijn van Helvert vindt deze discrepantie wel verklaarbaar. “De minister maakt een reconstructie. Daar had ze voorafgaand aan het eerste debat maar twee uur de tijd voor. Nu had ze er drie weken voor.” Coalitiepartijen lijken dan ook hun best te doen om Bijleveld overeind te houden. Segers prijst haar voor het scheppen van helderheid, ‘ook als ze eerder wat te stellig was.’

De minister wacht een zware uitdaging. Zij moet de Kamer overtuigen dat haar tweede versie van de feiten de juiste is, om zo Rutte uit de wind te houden. Ondertussen moet zij de Kamer begrip vragen voor de manier waarop zij drie weken geleden een heel ander beeld schetste.

Veel hangt waarschijnlijk ook af van de manier waarop Bijleveld het debat aangaat. Drie weken geleden vonden geërgerde Kamerleden dat zij een verkeerde toon aansloeg. Ze had beter door het stof kunnen gaan, in plaats van waardering te claimen voor een nieuw beleid van openheid over bombardementen waar ze naar eigen zeggen voor gekozen had.

Lees ook: Bijleveld komt terug op eerdere beweringen over ‘Hawija’

Het was nooit duidelijk hoeveel doden er precies zijn gevallen, zegt Defensie nu over het bombardement in Irak. 

Waarom de gehavende minister Bijleveld toch mag blijven

Met een ware Houdini-act ontsnapte minister Ank Bijleveld van defensie drie weken geleden aan aftreden. Ze overleefde op het nippertje een motie van wantrouwen, ingediend door GroenLinks. 

Meer over; Ank Bijleveld politiek Mark Rutte Kamer Marno de Boer

Bij een aanval van een Nederlandse F-16 op een autobommenfabriek van IS in Irak zijn in 2015 zeker zeventig burgers gedood. Door het bombardement werd een complete wijk in Hawija verwoest. Beeld Defensie

Waarom herinnert Rutte zich de tientallen burgerdoden uit Hawija niet?

VK 26.11.2019 Woensdagavond moet premier Rutte tijdens een Tweede Kamerdebat uitleg geven wat hij wist van de circa 70 burgerdoden die in 2015 vielen door een Nederlands bombardement in Hawija. De nieuwe brief van Defensieminister Bijleveld verschaft de oppositie – die uit is op het hoofd van premier Rutte – weinig munitie.

‘Ik rende met mijn zoon en vrouw en zocht bescherming onder de trap’, zegt Hassan Mahmoud al-Jubbouri. ‘Na de eerste explosie volgden er nog drie of vier, en ik voelde hoe het dak leek te gaan instorten.’ Buiten waren ‘gewapende strijders aan het schreeuwen’, zij ‘oogden heel verward. Ik hielp een familie onder het puin vandaan trekken. Hun lichamen waren verminkt. We brachten een deken en verzamelden al hun lichaamsdelen en brachten ze naar de begraafplaats.’

Aldus het relaas van een 67-jarige overlevende van de luchtaanval op Hawija dat een dag na die derde juni 2015 te lezen viel in een bericht van persbureau Reuters. Zoals minister van Defensie Ank Bijleveld fijntjes optekent in haar brief aan de Kamer, lieten Nederlandse media het collectief passeren. Touché.

Maar de grotere vraag die ze woensdagavond tijdens het Kamerdebat mag beantwoorden, is: hoe kan het dat, terwijl direct duidelijk was dat er tientallen doden waren gevallen, ‘IS-terroristen en burgers’, Defensie deze feiten vier jaar lang niet openbaar maakte?

In het vorige Kamerdebat deed Bijleveld opzichtig de suggestie om vooral ook naar de rol van anderen te kijken – premier Mark Rutte en haar voorganger Jeanine Hennis voorop, gevolgd door andere ministeries en haar eigen ambtelijk apparaat.

Hoewel deze suggestie in de Kamer en in sommige media enthousiast werd begroet – Mark Rutte is immers al negen jaar aan de macht – biedt Bijleveld de Torentje-bestormers weinig munitie in haar jongste brief.

Ruttes vertegenwoordiger was niet aanwezig tijdens de vergadering van de Stuurgroep Missies en Operaties (SMO) van 4 juni, waar de basisfeiten passeerden zonder aantallen burgerslachtoffers te noemen ‘aangezien deze niet konden worden vastgesteld’. Het verslag dat hij wel kreeg, was summier.

Op dezelfde wijze werd minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders op de hoogte gesteld. Hennis heeft ‘vermoedelijk’ ook nog met Rutte gesproken hierover, op een ‘niet alarmerende toon’, maar Rutte herinnert zich dat niet. De oppositie, die bloed ruikt, zal zich hierop richten, maar echt onthullend is het beeld dat oprijst over Defensie – en de minister zelf.

Wijsheid achteraf

Bijleveld waarschuwt impliciet voor ‘hindsight bias’, wijsheid achteraf die voorbijgaat aan de context waarin de gebeurtenis zich ontvouwde. Inderdaad, er woedde in 2015 een bloedig conflict met IS, een terreurgroep die burgers graag als dekking gebruikte en uitblonk in extreem en buitensporig geweld.

Tegen bevolkingsgroepen als de Jezidi’s, maar ook tegen een gevangen genomen Jordaanse piloot, die in brand werd gestoken. En een organisatie die aanslagen pleegde in Europa. Militairen mochten hier in het openbaar niet meer in uniform reizen, vanwege die dreiging.

Daartegenover stond een internationale luchtcoalitie die bekendstond (en in de VS en Groot-Brittannië bekritiseerd werd) om haar voorzichtige en zorgvuldige procedures bij het kiezen van doelen en bij de aanvallen zelf. Zie ook de Nederlandse ervaring: bij meer dan 2.100 keer wapeninzet hoefden slechts vier gevallen door het Openbaar Ministerie te worden onderzocht.

Maar Bijleveld verweert zich tegen een beschuldiging die (bijna) niemand uit. Zelden trok Nederland ten strijde met zoveel publieke steun. De Nederlandse vliegers wordt niets verweten – en natuurlijk was hun veiligheid een prioriteit.

Je kunt je zelfs voorstellen dat bij Defensie de angst leefde dat er toch met een beschuldigende vinger naar het eigen personeel zou worden gewezen, dat een vuil klusje opknapte terwijl de rest van het land vrolijk door winkelde. Het was oorlog en het uitschakelen van een bommenfabriek van IS heeft ongetwijfeld veel slachtoffers voorkomen, onder burgers en onder de plaatselijke bestrijders van IS.

De vraag die nu leeft in de Kamer is juist: waarom heeft niemand bij Defensie beseft dat je een onbedoeld effect van een op zich juiste luchtaanval niet zomaar onder de pet kunt houden, jaren en jaren lang? En waarom heeft niemand gezien dat juist dat zwijgen het publieke vertrouwen in Defensie ondermijnt?

Overdreven formalisme

Voor het antwoord kom je onherroepelijk terecht bij de cultuur bij Defensie, waar de politieke en de militaire top elkaar al jaren lijken te verlammen in hun wederzijdse pogingen de neuzen één kant op te krijgen.

En alle onenigheid in eigen huis te houden. Overdreven formalisme, het soms op surrealistische wijze vasthouden aan een ambtelijke realiteit, terwijl de harde feiten – hoewel ‘incompleet’ – je in de ogen aanstaren. Het was tenslotte oorlog.

Nederland zweeg samen met andere Europese landen, dat wel. Die hadden de VS zelfs gemaand minder transparant te worden over burgerslachtoffers. De maand voor ‘Hawija’ erkenden de VS voor het eerst dat ze burgerslachtoffers hadden gemaakt.

In de periode tot mei 2017 gaven ze toe tot dan toe verantwoordelijk te zijn voor 377 burgerslachtoffers, inclusief 105 burgerdoden bij één incident in Mosul. Het toont dat over de balans tussen ‘operationele veiligheid’ en ‘transparantie’ ook door militairen verschillend gedacht kan worden.

Het politieke probleem voor Bijleveld bestaat eruit dat er vooral in de directe periode na de luchtaanval veel voor te zeggen viel om eerst de zaken goed uit te zoeken: wat was de rol van de vlieger? Waren de coördinaten juist?

Van wie kwam de informatie over het doel? Behalve de zoektocht naar deze en andere antwoorden gold, zeker toen de vliegers nog ter plaatse waren, dat hun operationele veiligheid – en inzetbaarheid – niet in gevaar gebracht mocht worden. Na hun rotatie lag dat al anders en na afloop van de missie, op 31 december 2018, helemaal.

Hadden op dat moment het morele imperatief en de politieke noodzaak tot transparantie niet de doorslag moeten geven, zal de Kamer vragen. Oud-commandant der strijdkrachten Dick Berlijn beantwoordde die vraag in de Volkskrant positief.

Aangezien opeenvolgende ministers van Defensie dit probleem blijkbaar nooit openlijk op tafel hebben gelegd in de ministerraad, moeten zij voor het vinden van antwoorden op deze politieke vragen vooral goed in de spiegel kijken. Met in de hand dat Reuters-bericht van 4 juni 2015, dat Bijleveld, zich beroepend op het Amerikaanse hoofdkwartier Centcom, in de brief van deze week alsnog citeert.

Dit is nu bekend over de informatievoorziening rond de aanval in Hawija;

Oktober 2014: Nederland begint bijdrage aan luchtcampagne van anti-IS-coalitie boven Irak.

Nacht van 2 op 3 juni 2015: Nederlandse F-16’s voeren een aanval uit op IS-faciliteit waar autobommen worden geproduceerd. Uit de eigen Battle Damage Assessment blijkt direct dat er sprake is van ‘onbedoelde nevenschade’, kortom: schade aan gebouwen.

4 juni 2015: Reuters meldt dat bij het bombardement op Hawija ‘een hele wijk’ is weggevaagd. Betrokkenen ter plaatse schatten het aantal doden op zeventig, zowel IS-terroristen als burgers. In de Stuurgroep Missies en Operaties (SMO) wordt de aanval besproken, inclusief de ‘secundaire explosies’, het ‘zorgvuldige targeting proces’ en de ‘mogelijkheid van eventuele burgerslachtoffers’. De ministers van Defensie, Buitenlandse Zaken en Justitie worden schriftelijk geïnformeerd. Algemene Zaken, het departement van premier Rutte, was afwezig in de SMO van 4 juni.

Juni 2015-mei 2016: tijdens deze hele periode is in de SMO met geen woord gerept over de aanval op Hawija.

9 juni 2015: minister van Defensie Hennis wordt gebriefd over de aanval. Voorlopig onderzoek door Centcom, het Amerikaanse hoofdkwartier van de anti-IS-coalitie, wijst uit dat het ‘geloofwaardig’ is dat er burgerslachtoffers zijn gevallen. Het ‘voorlopige onderzoek’ ontvangt Defensie op 15 juni.

23 juni 2015: In antwoord op Kamervragen, schrijft Hennis dat voor zover op dat moment bekend in de luchtcampagne tegen IS geen sprake is geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers.

Augustus 2015: Het Internationale Rode Kruis overhandigt aan Nederlandse ambassade in Bagdad een vertrouwelijke lijst van onbevestigde gevallen met burgerslachtoffers, waarin een aanval op Hawija op 4 november genoemd wordt waarbij naar verluidt 170 burgers waren gedood. De niet-gouvernementele organisatie Airwars spreekt in een openbaar rapport over tussen de 70 en 150 burgerdoden in Hawija.

Jan/feb 2016: Het initiële onderzoek van Centcom (d.d. 15 juni 2015) wordt door Defensie naar het OM gestuurd. De Yweede Kamer wordt erover ingelicht dat er twee gevallen van mogelijke burgerslachtoffers worden onderzocht.

1 juni 2017: De Tweede Kamer wordt vertrouwelijk ingelicht over gevallen waarbij mogelijk sprake was van burgerslachtoffers door Nederlandse wapeninzet.

13 april 2018: Minister Bijleveld licht de Kamer in over uitkomsten van onderzoeken van het Openbaar Ministerie naar aanvallen waarbij mogelijk sprake was van burgerslachtoffers. Locatie, datum en vermoedelijk aantal slachtoffers worden niet genoemd omdat ‘de inzet nog gaande was’.

1 januari 2019: De F-16-missie is afgelopen, het argument dat in april 2018 werd gehanteerd om informatie achter te houden, vervalt. Defensie ‘gaat aan de slag met een nieuwe toets van mogelijkheden van meer transparantie’.

Mei 2019: Minister Bijleveld zegt toe na het zomerreces te komen met een reactie op voorstellen van Kamerleden omtrent meer transparantie inzake mogelijke burgerslachtoffers.

30 september 2019: Minister Bijleveld vraagt de Kamer om meer tijd voor deze inhoudelijke reactie, ‘in het kader van zorgvuldigheid’.

18 oktober 2019: NRC en NOS melden dat Nederlandse F-16’s de luchtaanval op Hawija uitvoerden. Het Pentagon heeft desgevraagd gezegd dat er daarbij zeventig burgerdoden vielen. Bijleveld belooft dat de Kamer ‘op korte termijn’ wordt geïnformeerd over de haalbaarheid van meer transparantie.

4 november 2019: minister Bijleveld meldt de Kamer dat ‘op basis van de door Centcom aangehaalde open bronnen’ bij een Nederlandse aanval op Hawija in juni 2015 ‘ongeveer 70 slachtoffers’ zijn gevallen, ‘zowel IS-strijders als burgers’.

Meer over; Ank Bijleveld politiek Hawija misdaad, recht en justitie Defensie Kamer conflicten, oorlog en vrede misdaad Arnout Brouwers

Waarom kan Rutte zich de burgerdoden in Hawija niet herinneren?

NU 26.11.2019 Ook na twee weken grondig onderzoek zijn de herinneringen van premier Mark Rutte over de Nederlandse bombardementen op Hawija waar tientallen burgerslachtoffers bij vielen niet gevonden. Uit de Kamerbrief van maandag bleek dat de premier “vermoedelijk” is geïnformeerd, maar Rutte kan het zich niet herinneren.

Woensdag 27.11.2019 debatteert de Tweede Kamer opnieuw met defensieminister Ank Bijleveld en ook met premier Rutte. Een deel van de Kamer vraagt zich af: hoe vergeet je zoiets?

“Ik kan niet in het hoofd van iemand kijken. Wat de premier zegt, neem ik voor waar aan. Ik denk wel dat ik het zou hebben onthouden”, zegt ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers.

Ook Rob Jetten (D66) wil opheldering. “Mijn gevoel zegt dat het zoveel indruk op je zou maken dat je daar meer van wil weten.” PvdA’er Lodewijk Asscher, in het vorige kabinet nog vicepremier en minister zegt destijds niet geïnformeerd te zijn, maar denkt het anders wel onthouden te hebben. “Zoiets vergeet je niet snel.”

GroenLinks-leider Jesse Klaver noemt het zelfs “ongeloofwaardig” dat de premier zich niets herinnert van het gesprek met toenmalig defensieminister Jeanine Hennis over de luchtaanval op de Iraakse stad Hawija waar tientallen doden zijn gevallen.

NOS en NRC brachten begin november aan het licht dat bij Nederlandse bombardementen in Irak 74 burgerslachtoffers zijn gevallen. Vier burgerdoden bij een aanval op een woning in Mosoel en zeker zeventig burgerdoden bij het bombardement op een IS-bommenfabriek in Hawija.

Bijleveld wijst naar voorganger Hennis

Minister Ank Bijleveld moest twee weken geleden toegeven dat Nederland inderdaad verantwoordelijk was voor de aanval in Hawija. Zij voegde daaraan toe dat haar voorganger, Hennis, dat in 2015 al wist en dat voor de Tweede Kamer verzwegen had.

In een bijgaand feitenrelaas merkte Bijleveld terloops ook op dat het “aannemelijk” was dat het ministerie van Buitenlandse Zaken en van Algemene Zaken, het ministerie van premier Rutte, in 2015 op de hoogte zijn gesteld. Maar daar staat de premier helemaal niets van bij.

Het optreden van Bijleveld twee weken geleden riep bij de Kamer meer vragen dan antwoorden op: er moest zo snel mogelijk opheldering komen over wie wat wanneer wist.

Uit de Kamerbrief van afgelopen maandag blijkt dat Hennis in 2015 de toenmalig minister van Buitenlandse Zaken, Bert Koenders, mondeling heeft geïnformeerd over Hawija en dat ze de premier “vermoedelijk” over dit onderwerp heeft gesproken. De toon van haar boodschap zou “niet alarmerend” zijn geweest. Premier Rutte zegt zich dat gesprek niet te kunnen herinneren, maar sluit ook niet uit dat het wel heeft plaatsgevonden.

Zie ook: Oud-minister Hennis informeerde Rutte ‘vermoedelijk’ over luchtaanval Irak

Vragen over ‘vaagheid’ Kamerbrief

Wat D66’er Jetten betreft, is dit nog te vaag. “Wat wordt er bedoeld met ‘een alarmerende toon’?” Als alle info die nu bekend is, gedeeld zou zijn met de premier, dan lijkt hem dat iets wat hijzelf niet snel zal vergeten. Het is voor Jetten van belang hoe en welke info er gedeeld is.

Dat vindt ook Asscher. “Ik heb nog veel vragen. Iedereen die te horen krijgt dat er zeventig doden zijn gevallen bij een bombardement, die vergeet dat niet. Maar ik heb niet de indruk dat premier Rutte op die manier is geïnformeerd. Dat roept de vraag op wat Defensie verstaat onder informeren. Dat is belangrijk, omdat we moeten kunnen vertrouwen dat Defensie het hele verhaal vertelt.”

SP’er Sadet Karabulut kan moeilijk geloven dat na het zien van de beelden van de bombardementen en de berichten die destijds binnenkwamen er niet op een alarmerende toon met de premier is gesproken. “Was het misschien de bedoeling van Defensie om überhaupt niet te informeren?”, vraagt de SP’er zich af. Zij wijst erop dat Defensie de militaire missie tegen IS presenteerde als een effectieve oorlog met precisiebommen waar weinig burgerslachtoffers bij vielen.

Klaver denkt dat er meer speelt. “Je ziet dat minister Bijleveld twee weken geleden de berichtgeving waar gesproken wordt over zeventig doden bevestigt, maar dat verhaal is gaan veranderen nadat premier Rutte zei dat hij zich niet kan herinneren dat hierover is geïnformeerd.” aldus Klaver. “Ik heb de stellige indruk dat de nieuwe lijn van het kabinet gebouwd is om de uitspraak van Rutte dat hij zich niets meer kan herinneren. Hij is onhandig geweest en hij probeert zich er nu uit te redden.”

Minister Bijleveld overleefde een motie van wantrouwen. (Foto: Pro Shots)

Oppositie zal geloofwaardigheid Rutte betwisten

De oppositie zal van het debat gebruikmaken om de geloofwaardigheid van Rutte in twijfel te trekken. De premier kon zich eerder ook al de dividendmemo’s niet herinneren en ook tijdens de politieke nasleep van de Teevendeal had zijn ministerie moeite bepaalde zaken terug te halen.

De premier worstelt met de stikstofproblematiek en verkondigde dat de verlaging van de maximumsnelheid van 130 kilometer per uur naar 100 de “grootste crisis” van zijn negenjarig premierschap was. Toch lijkt het erop dat zowel Rutte als Bijleveld, die twee weken geleden nog ternauwernood een motie van wantrouwen overleefde, door kunnen. VVD en CDA steunen hun bewindspersonen en coalitiepartners D66 en CU zijn niet van plan een eigen koers te varen.

Hoewel het kabinet twee weken geleden nog sprak over zeventig doden en nu schrijft dat een precies aantal niet is vast te stellen, vindt Segers (CU) dat de Kamerbrief van maandag “maximale helderheid” biedt. “Er is helderheid gekomen over wanneer de info is binnengekomen en wanneer dat met de minister-president is gedeeld.”

D66’er Jetten is kritisch en wil dat Defensie leert van de fouten door onder andere actiever te onderzoeken hoeveel burgerslachtoffers er zijn gevallen na een Nederlandse aanval, maar vindt niet dat de positie van Rutte of van Bijleveld ter discussie staat. “Het is duidelijk dat Nederland destijds onvoldoende heeft gedaan om de onderste steen boven te krijgen. Dit is een hele harde les voor Defensie.”

Lees meer over: Politiek  Mark Rutte

Hoewel aanvankelijk werd gesproken van 70 doden bij Nederlandse luchtaanvallen in Irak, valt de exacte hoeveelheid burgerslachtoffers nog altijd niet vast te stellen. De Tweede Kamer debatteert woensdag over de kwestie. Ⓒ ANP

Coalitie houdt Rutte en Bijleveld uit de wind

Telegraaf 26.11.2019 De Tweede Kamer debatteert woensdag met premier Rutte en minister Bijleveld (Defensie) over burgerslachtoffers die in de strijd tegen IS vielen bij een luchtaanval van Nederlandse F-16’s in Irak. De coalitie lijkt vastbesloten de bewindslieden uit de wind te houden.

Voor partijleider Jetten van D66 hoeft de vertrouwensvraag niet meer op tafel te komen. „Die is bij het vorige debat al gesteld.” In dat debat was D66 van de coalitiepartijen nog het meest kritisch op het optreden van defensieminister Bijleveld. Nu lijkt de bewindsvrouw zich van bescherming verzekerd. De brief die Bijleveld maandagavond naar de Kamer stuurde is ook ’beter dan de vorige’.

Harde les

Wel blijft het een ’harde les’ dat er bij Defensie en de andere ministeries geen alarmbellen zijn gaan rinkelen toen het er op leek dat bij de Nederlandse luchtaanval van 2 op 3 juni 2015 op een bommenfabriek in het Iraakse Hawija burgerslachtoffers waren gevallen. Premier Rutte moet ’meer context’ schetsen, vindt Jetten.

Uit de nieuwe informatie blijkt dat behalve toenmalig minister Hennis ook ministers Van der Steur (Justitie) en Koenders (Buitenlandse Zaken) waren ingelicht over mogelijke burgerslachtoffers bij het bewuste bombardement. De informatie – grotere explosie dan verwacht, nader onderzoek nodig naar burgerslachtoffers – was met Ruttes ministerie Algemene Zaken gedeeld. Hennis had volgens haar eigen herinnering waarschijnlijk ook de premier mondeling van de bevindingen op de hoogte gesteld. Rutte sluit dat niet uit, maar kan zich het niet herinneren. Koenders herinnert het zich evenmin.

Hoewel aanvankelijk werd gesproken van zeventig doden, valt het exacte aantal burgerslachtoffers nog altijd niet vast te stellen. Evenmin is duidelijk geworden hoe het kon dat Hennis destijds de Kamer verkeerd heeft geïnformeerd over Iraakse burgerslachtoffers bij Nederlandse luchtaanvallen.

“Ik kan niet in iemands hoofd kijken”

„Dit schept voor mij maximale helderheid”, zegt CU-leider Segers. Zelf denkt hij dat hij het wel zou onthouden als hem was verteld van mogelijke slachtoffers. ,,Maar ik kan niet in iemands hoofd kijken.” Nu is het zaak ’lessen te trekken’.

Dat vindt CDA-Kamerlid Van Helvert ook. „Er is onder de vorige minister een grote fout gemaakt door de Kamer niet te informeren. Dat is onder deze minister ontdekt. Nu moeten we ervan leren en zorgen voor meer transparantie over militaire operaties.” Het uitgangspunt voor Bijleveld is nu anders dan bij het debat van twee weken geleden dat de bewindsvrouw met de hakken over de sloot overleefde. „Toen had ze twee uur de tijd om de feiten op een rij te zetten. Nu twee weken.”

De oppositie neemt geen genoegen met de uitleg van Bijleveld. GL-voorman Klaver gelooft er niks van dat premier Rutte van niks wist. „Zelfs ik krijg informatie mee uit buitenlandse kranten. Rutte heeft een heel leger ambtenaren om die informatie voor hem te verzamelen.” PVV-leider Wilders noemt de uitleg ’ongeloofwaardig’. Volgens SP-Kamerlid Karabulut heeft de minister alleen nog maar meer mist gecreëerd.

Verwarrend

PvdA-leider Asscher vindt de brief van Bijleveld een ’onbevredigend en verwarrend verhaal’. „We hebben tijdens het vorige debat het vertrouwen opgezegd in de minister. Dat is met deze brief niet hersteld. Aan de andere kant moet je je er ook bij neerleggen als zo’n motie van wantrouwen het niet haalt.” Volgens de vice-premier uit het vorige kabinet speelt bij de positie van de PvdA ’op geen enkele manier’ mee dat partijgenoot Koenders was ingelicht over mogelijke burgerdoden. Asscher gelooft Koenders dat hij er niks van wist.

Bekijk meer van; gewapend conflict defensie Ank Bijleveld Mark Rutte Bert Koenders Hennis Segers Lodewijk Asscher Hawija Islamitische Staat

Hoe kun je zoveel burgerdoden vergeten? ‘Een rampzalig gegeven’

AD 26.11.2019 Hoe kun je een melding over burgerdoden nou vergeten, zoals premier Rutte en oud-minister Koenders claimen? (Ervarings)deskundigen aan het woord over ‘oorlogsmist’, verhullende formuleringen en de feilbaarheid van ons geheugen. ‘Hòe je iets zegt, maakt veel uit’.

Voor oppositiepartijen is het compleet ongeloofwaardig: zowel premier Mark Rutte heeft – net als toenmalig minister Bert Koenders – ‘geen herinnering’ aan het gesprek waarin Defensieminister Jeanine Hennis aangaf dat een Nederlands bombardement in Hawija (Irak) op 4 juni 2015 veel meer schade veroorzaakte dan gepland.

,,De toon van de boodschap was niet alarmerend”, schreef haar opvolger Ank Bijleveld (CDA) maandagavond aan de Tweede Kamer. ,,Ze maakte feitelijk melding van een explosie (…) en dat nader onderzoek moest vaststellen of er burgerdoden gevallen waren.”

Rampzalig

Terwijl bij termen als bombardement, Irak en mogelijke burgerdoden toch alle alarmbellen af moeten gaan, zegt ook voormalig SP-Kamerlid Harry van Bommel, die jaren geleden al Kamervragen stelde over de kwestie: ,,De mogelijkheid van burgerslachtoffers is een rampzalig gegeven voor het kabinet: het is ondermijnend voor je draagvlak om een missie voort te zetten.”

Generaal-majoor buiten dienst Frank Van Kappen: ,,Als je iets op tafel krijgt met burgerslachtoffers is dat geen klein bier, volgens de procedures wordt dat gedeeld met de bazen van alle betrokken ministeries”, zegt de VVD-senator die in het verleden de VN-secretaris generaal adviseerde over vredesoperaties. Oud-Defensieminister Hans Hillen (CDA), op de vraag of hij een melding over burgerdoden zou onthouden: ,,Tuurlijk, je leeft heel erg mee.”

Minister Ank Bijleveld van Defensie (CDA) meldde eerder deze week dat haar voorganger Hennis melding over mogelijke burgerdoden maakte bij Rutte en Koenders.

Minister Ank Bijleveld van Defensie (CDA) meldde eerder deze week dat haar voorganger Hennis melding over mogelijke burgerdoden maakte bij Rutte en Koenders. © ANP

Hoe kan het dan dat Koenders en Rutte zich niks meer herinneren van zo’n letterlijk en figuurlijk explosieve mededeling? Is dat nu jaren later dan een gewiekste Haagse formulering om een kabinetscrisis te bezweren, of kan het zijn dat ze het daadwerkelijk niet meer weten?

Rechtspsycholoog Sophie van der Zee (Erasmus Universiteit Rotterdam) waarschuwt vooral dat we de ver