Debat in de Digitale Hofstad

Stemmen uit de Haagse Wijken

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 18 – commissie Bos

Nou Wouter dat ziet er voortvarend uit !!!

De Toekomst van de zorg voor thuiswonende ouderen

De ouderenzorg moet op de schop, nu Nederland in snel tempo vergrijst. Een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos kwam met ingrijpende voorstellen.

Op verzoek van het kabinet heeft de commissie op een rij gezet voor welke uitdagingen Nederland staat door de vergrijzing. Over tien jaar zijn er ruim twee miljoen 75-plussers, zo’n 600.000 meer dan nu. “Thuis (blijven) wonen is geen onbeperkt recht om de daarmee gepaard gaande kosten op de samenleving af te wentelen”, aldus de commissie.

Kortom, dat is de indringende boodschap van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos, over de toekomst van de zorg voor thuiswonende ouderen.

Om de zorg voor thuiswonende ouderen in de toekomst op peil te houden is het nodig nú te investeren in geschikte woningen, in digitalisering van dagelijks leven en zorg en in lokale en regionale samenwerking in zorg en ondersteuning. Dat schrijft de Commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen in een advies dat commissievoorzitter Wouter Bos vanmiddag aanbiedt aan minister Hugo de Jonge van VWS.

De commissie formuleert in haar advies 35 aanbevelingen die zij toetst aan de vier principes van de REIS:

  • Regie: vergroot de aanbeveling de mogelijkheden voor ouderen om zelf regie te voeren?
  • Eenvoud: vereenvoudigt de aanbeveling de ondersteuning en zorg voor ouderen, zowel voor de ouderen zelf als voor de professionals?
  • Integrale benadering: verwijdert de aanbeveling schotten en bevordert ze een integrale kijk op de behoefte aan ondersteuning en zorg?
  • Samenwerking: bevordert de aanbeveling de samenwerking tussen de verschillende bij de zorg voor thuiswonende ouderen betrokken partijen en professionals?

Veel van de aanbevelingen zijn terug te voeren tot drie centrale adviezen;

Het eerste is: ga (ver)bouwen! De fysieke woonomgeving is voor ouderen cruciaal om zelfstandig te kunnen (blijven) wonen en zo min mogelijk afhankelijk te worden van zorg. Nieuwe woonvormen, tussen het aloude eigen huis en het verpleeghuis in, kunnen een oplossing bieden. Op dit moment wordt er echter voor ouderen veel te weinig gebouwd en verbouwd. Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.

Het tweede advies is: ga digitaal! Dit advies is niet alleen gericht aan aanbieders van professionele zorg en ondersteuning, voor wie ‘digitaal het nieuwe normaal’ moet worden. Ook ouderen zelf zullen veel meer gebruik moeten maken van digitale technologieën, om hun dagelijks leven makkelijker en aangenamer te maken. Grootschalig gebruik kan leiden tot meer eigen regie, een hogere kwaliteit van leven en een doelmatiger inzet van schaarse zorgverleners.

Het derde is: werk samen! We zullen de komende decennia in de zorg voor ouderen moeten woekeren met schaarse middelen en mensen. Om de beschikbare middelen doelmatig te kunnen inzetten is lokale en regionale samenwerking de komende jaren belangrijker dan keuzevrijheid en concurrentie.

Omdat de commissie het belangrijk vindt dat haar advies kan rekenen op draagvlak bij alle partijen die bij zorg en ondersteuning voor thuiswonende ouderen betrokken zijn, nodigt zij belangstellenden uit om uiterlijk 1 april 2020 op het advies te reageren. Voor de zomer van 2020 zal zij de binnengekomen reacties en commentaren verwerken in versie 2.0 van haar advies.

AD 17.01.2020

Thuis blijven wonen ????

We moeten af van het motto dat ouderen vooral zolang mogelijk thuis moeten blijven wonen, staat in het advies. “Veel 75-plussers denken dan begrijpelijkerwijs aan het huis waar zij nú wonen,” Maar die woning is vaak helemaal niet geschikt om betaalbare en veilige zorg te leveren, schrijft Bos. In veel gevallen is het veel beter als ouderen verhuizen naar een aangepaste woning.

In 2015 woonde slechts 20 procent van de 65-plussers in een huis dat min of meer aangepast was. Met het oog op de vergrijzing is de belangrijkste aanbeveling van Bos dan ook: begin met (ver)bouwen! Nieuwe woonvormen zouden het gat moeten vullen tussen de oude woning en het verpleeghuis.

Wachtlijsten

Vandaag 15.01.2020 bleek dat er de laatste jaren ook veel te weinig nieuwe verpleeghuizen zijn gebouwd. Mede daardoor zijn de wachtlijsten voor een plek in zo’n instelling fors gestegen.

Telegraaf 16.01.2020

Zorgkosten en vergrijzing

Ouderen zullen meer moeten betalen voor hun zorg en ondersteuning, nu Nederland door de vergrijzing steeds meer chronisch zieke ouderen telt. De politiek moet daarbij het ‘dogma’ loslaten dat zo lang mogelijk thuis wonen een recht is, en moet ouderen gaan voorbereiden op de boodschap dat de kosten van de oude dag veel vaker voor rekening van de oudere zelf gaan komen.

Eigen huis opeten

Het eigen huis ‘opeten’ om zelf de kosten te betalen van woningaanpassing, of om te kunnen verhuizen naar een aangepaste woning, noemt de commissie als voorbeelden. Een andere optie is dat ouderen de kosten van een verpleeghuis voortaan voor een deel zelf betalen, vergelijkbaar met het bedrag dat ze anders kwijt geweest zouden zijn aan woonlasten en huishouden. Het kabinet zou dit moeten onderzoeken, is een van de adviezen.

Dan moeten er wel veel meer geschikte woningen en alternatieve woonvormen voor ouderen komen. Gemeenten moeten plannen gaan opstellen hoe die woningen er gaan komen, samen met woningcorporaties en projectontwikkelaars. Er gebeurt nu veel te weinig, de vrijblijvendheid moet eraf, waarschuwt de commissie het kabinet. Ook moeten er meer plekken komen in verpleeghuizen.

Vertrouwde omgeving

Het kabinet-Rutte moet snel stoppen met sluiten van zorglocaties en een noodplan lanceren om ‘zorgbuurthuizen’ te bouwen, stellen Lilian Marijnissen, fractievoorzitter van de SP in de Tweede Kamer en Maarten Hijink, Tweede Kamerlid voor de SP. Er is te veel ouderenzorg afgebroken.

VK 18.01.2020

Na drie kabinetten-Rutte staat de ouderenzorg er slecht voor. Ouderenzorg is afgebroken, verzorgingshuizen zijn gesloten en 77.000 medewerkers verloren door bezuinigingen hun baan, waardoor er nu een schreeuwend tekort aan personeel is. Ruim 16.700 ouderen staan op een wachtlijst voor een zorginstelling. Ze blijven langer in het ziekenhuis omdat ze nergens terechtkunnen. En de eerste hulp loopt vol door ongelukken omdat ze gedwongen thuis wonen, terwijl dat eigenlijk niet meer gaat.

De SP pleit voor radicale verandering: herwaardering van ouderenzorg. Geef medewerkers de waardering die ze verdienen en neem als overheid het voortouw bij de bouw van zorgbuurthuizen, kleinschalige, gezellige zorglocaties waar je in je vertrouwde omgeving oud kunt worden.

Kangoeroewoningen

Voorbeelden van zulke woonvormen zijn woongroepen waar ouderen bij elkaar wonen en kangoeroewoningen, waarbij twee woningen via een tussendeur met elkaar verbonden zijn. Vaak wonen opa en oma dan in het ene huis, en woont het gezin van een van de kinderen in het andere.

“Op dit moment wordt er voor ouderen echter veel te weinig gebouwd en verbouwd”, concludeert de commissie. “Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.”

Kosten

De commissie heeft vooral gekeken hoe de zorg anders en beter georganiseerd kan worden zonder dat de kosten verder oplopen. Een probleem is dat er in 2030 minder mensen zijn om thuiswonende ouderen te helpen.

“Er dreigen tekorten aan mantelzorgers, vrijwilligers en professionals in zorg en welzijn”. Meer mensen aan het werk krijgen in de zorg is ook geen oplossing, want dan komt direct de betaalbaarheid verder in het gedrang, aldus de commissie.

Telegraaf 16.01.2020

Een eenvoudiger zorgstelsel

Tegelijkertijd moet de zorg wel beter worden, want die is nu verre van optimaal. Kwetsbare ouderen die nog thuis wonen krijgen soms tien verschillende zorgverleners over de vloer.

Zelf de zorg regelen, en daarbij makkelijk de weg vinden “is helaas nog geen realiteit”, aldus de commissie, die waarschuwt dat er in 2030 meer ouderen zullen zijn die geen kinderen hebben om op terug te vallen, en dat arme ouderen drie keer zo vaak in een ‘kwetsbare’ situatie verkeren als rijke ouderen.

Politiek gevoelig is vooral het advies dat het huidige zorgstelsel niet geschikt is om goede zorg te garanderen voor ouderen die thuiswonen. De commissie wil een ‘eenvoudiger’ stelsel en werpt zelfs de gedachte op om een ‘forse ingreep’ te doen in het stelsel, door de huidige rolverdeling tussen verzekeraars, gemeenten en overheid helemaal los te laten.

Er zou idealiter één pot geld moeten komen voor alle ouderenzorg. Maar daarvoor is nu nog geen politiek en maatschappelijk draagvlak, terwijl zo’n stelselwijziging zelf ook duur is.

Een tussenoplossing is dat er op lokaal niveau wel één pot geld komt, waar verzekeraars en gemeenten samen de zorg voor thuiswonende ouderen uit financieren. Sowieso vindt de commissie dat verzekeraars moeten ophouden met het laten concurreren van thuiszorgaanbieders.

Twee à drie verschillende aanbieders per wijk is het maximum, en organisaties moeten meer gaan samenwerken. “De grondgedachte van onderlinge concurrentie maakt samenwerking in de praktijk nu vaak moeilijk”, schrijft de commissie. Daarmee is ook de politieke discussie over de marktwerking verder geopend.

Europese aanbesteding Zorg

Daarom wil Minister De Jonge van Volksgezondheid snel af van de Europese regel die gemeenten verplicht om zorgtaken Europees aan te besteden. Hij heeft daar donderdag 16.01.2020 in Straatsburg met Europarlementariërs uit verschillende landen over gepraat. De Jonge wijst erop dat de zorg geen markt is, “laat staan een Europese markt”.

De Jonge vindt de gedachte achter de Europese aanbestedingsregel begrijpelijk voor marktactiviteiten: bedrijven moeten dezelfde kansen krijgen om een opdracht binnen te halen. Maar volgens hem botst het “met zaken die in de jeugdzorg en de thuiszorg gewoon belangrijker zijn: samenwerking en partnerschap in de wijk bijvoorbeeld”.

Hij vindt het niet logisch om te denken dat mensen vanuit Portugal of Litouwen in de Nederlandse jeugdzorg aan de slag gaan. “Dat gebeurt niet.”

De Jonge wil “hoe sneller, hoe beter” af van de Europese regelgeving voor de zorg, “want het zorgt voor procedures die veel tijd en geld kosten, en dat komt de zorg niet ten goede”.

Minder administratieve lasten, minder markt- en meer samenwerking in de zorg. Daarom moeten we af van de verplichting om gemeentelijke zorgtaken openbaar en Europees aan te besteden !!!!

Lees ook:

Net als de minister zien verpleeghuizen dat het beter gaat. ‘Maar niet goed genoeg’

De verpleeghuizen die zo zuchten onder het tekort aan personeel krijgen iets meer ademruimte. De investeringen om de personeelstekorten terug te dringen en de kwaliteit van de zorg te verhogen werkt. Althans, dat zei minister Hugo de Jonge van volksgezondheid in december. Merken de verpleeghuizen dat ook?

Zorgverzekering is onrechtvaardig voor ouderen

Zorgverzekeraars snijden dekking en risico toe op gezonde, werkende mensen. 70-plussers die juist meer zorg nodig hebben, vallen buiten de boot, merkt Kees de Vries, lezer te Maasdam. De overheid moet volgens hem de zorgverzekeringen weer in handen nemen.

Kortom;

En wéér rapporteerde een commissie over het gebrek aan woningen voor zelfstandige ouderen. Terwijl de oplossing van het probleem er eigenlijk al is: het Thuishuis, een soort studentenhuis (zonder lawaai) voor senioren.

Dit rapport van de “Commissie Bos” had vijf jaar geleden ook al in de krant kunnen staan. Of anders wel tien of vijftien jaar geleden. Want het gaat over het gebrek aan geschikte huisvesting voor ouderen. En dat is, zegt Liane den Haan, directeur-bestuurder van ouderen-belangenorganisatie Anbo, een thema dat stelselmatig wordt genegeerd.

Volgende week zal de zogenoemde commissie-Adriani naar verwachting een soortgelijk pleidooi afsteken als dat van Wouter Bos. Daarnaast zijn allerhande aanjaagteams en taskforces actief op het terrein van de ouderenhuisvesting.

Demografie

Anbo zelf voorspelde al in 2005 dat met de verdwijning van de aloude ‘bejaardenhuizen’ een grote behoefte zou ontstaan aan woningen voor ouderen die niet meer zelfstandig kunnen (of willen) wonen, en die ook niet in aanmerking komen voor opname in een verpleeghuis. Dat rapport was niet eens visionair, zegt Den Haan. Het was slechts een vertaling van welbekende demografische ontwikkelingen.

Toch is met al die inzichten vrijwel niets gedaan. Althans: niet door overheden en woningcorporaties. Zo stelde Anbo onlangs vast dat bijna 60 procent van de Nederlandse gemeenten überhaupt niet heeft nagedacht over de gevolgen van de vergrijzing voor de woningbouw. Hoe dat komt? ‘Ach’, zegt Den Haan – geïrriteerd. ‘Gemeenten pronken liever met fraaie kantoren of eengezinswoningen. Woningen voor ouderen zijn gewoon niet sexy.’

En als het gebrek aan engagement bij overheden al geen probleem is, is het de regelgeving wel. Zo sprak Den Haan deze week een wethouder die de aanvraag voor een zogenoemde kangoeroewoning – de aanbouw bij een bestaande woning ten behoeve van ouderen – had afgewezen vanwege de richtlijnen voor ‘woondichtheid’ in het betreffende gebied.

Alleen bestuurders met lef en woningbouwcorporaties die bereid zijn tot een enigszins rekkelijke interpretatie van de regels willen de bouw van kleinschalige voorzieningen voor ouderen nog weleens mogelijk maken, zegt Den Haan.

Op pantoffelafstand

Dat is ook de ervaring van ‘maatschappelijk ondernemer’ Jan Ruyten, bedenker en uitvoerder van het concept ‘Thuishuis’: een soort studentenhuis voor ouderen ‘op pantoffelafstand van winkels en andere publieke voorzieningen’. De bewoners – idealiter niet meer dan vijf of zes – hebben elk een eigen kamer, en maken gezamenlijk gebruik van een keuken, een hobbykamer, een tuin, een washok en andere faciliteiten. In collectieve zelfstandigheid. ‘Als ik er naar binnen wil, bel ik netjes aan, want ik heb geen sleutel’, zegt Ruyten.

Sinds 2006 heeft Ruyten vijf van dit soort huizen kunnen stichten. Met alle‘evidencebased voordelen van dien voor het welzijn en de gezondheid van de bewoners. ‘Een kind had het kunnen bedenken.’ Toch kost het Ruyten veel moeite om ‘het bastion van de overheid’ te slechten. ‘Als ik een wethouder of een corporatie om medewerking vraag bij de vestiging van een Thuishuis, word ik vaak doorverwezen naar Jumbo, Albert Heijn of een ander bedrijf. Terwijl het mij helemaal niet om geld of sponsoring te doen is, maar om organisatorische ondersteuning.’

Alleen thuis wonende oudere in een groot huis. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Robotisering

‘We lopen in Nederland voorop met robotisering van de zorg, maar we zijn bijzonder slecht in sociale innovatie’, heeft Ruyten moeten vaststellen. ‘De gezondheidszorg krijgt beduidend meer aandacht dan de preventie van zorgafhankelijkheid. Zorg is business. Daar liggen verdienmodellen onder. Het Thuishuis, een instelling zonder winstoogmerk, ligt niet binnen het blikveld van ondernemers en bestuurders.’

De belangstelling voor de ouderen spitst zich toe op degenen die in een verpleegtehuis zijn opgenomen, zo’n 12 procent van de 65-plussers. ‘Want die zijn zielig’, zegt Liane den Haan van Anbo. ‘Wat in Thuishuizen en andere kleinschalige voorzieningen gebeurt, spreekt minder tot de verbeelding. De aandacht voor het waardig sterven gaat ten koste van de aandacht voor het waardig ouder worden.’

Gesticht voor ouden van dagen

Waardig ouder worden was de betrokkenen in het verleden overigens ook niet vergund. In de 19de eeuw woonde ruim 20 procent van de ‘ouden van dagen’ in een gesticht of instelling. Het ‘driegeneratiegezin’ was ook toen niet de norm. Wel kwam het vaak voor dat ongetrouwde kinderen bij hun ouders bleven wonen, en voor hen zorgden.

Bijna de helft van de ouderen woonde samen met hun volwassen kinderen. ‘Ware armen’, behoeftige ouderen die niet meer konden werken, kwamen in aanmerking voor plaatsing in een hofje of een ‘oudeliedenhuis’ waar doorgaans een streng regime heerste.

Om ouderen zoveel mogelijk voor dat lot te behoeden, werd burgers in 1912 een onderhoudsplicht voor ‘behoeftigen en ouderen’ in hun omgeving opgelegd. Deze knellende vorm van mantelzorg werd in 1961 afgezwakt en in 1965 helemaal afgeschaft.

Spookbeeld doorstroming

In de jaren vijftig werden ouderen aangemoedigd om, ter leniging van de woningnood, naar bejaardenhuizen te verkassen. Deze woonvorm is echter nooit geliefd geweest. ‘Bij de meesten waart, als een spookbeeld, het woord ‘tehuis’ door de gedachten’, schreef de Nationale Raad voor Maatschappelijk werk in 1958.

In 1975 was de hoogtij van de bejaardentehuizen alweer ten einde: de regering bepaalde dat maximaal 7 procent van de ouderen in een verzorgingshuis mocht wonen. Ouderen werden aangemoedigd om zolang mogelijk voor zichzelf te blijven zorgen.

Van 50plus woningen en Scheefwonen

Op dit moment ondervindt de woningmarkt daarvan de nadelige gevolgen: bij gebrek aan alternatieven blijven veel ouderen te lang in hun (vaak te grote) huizen wonen. De introductie van o.a. de zgn. 50plus woningen meer zou deze doorstroming echter reeds in gang moeten hebben gezet.

Het aanpakken van het Scheefwonen (meer) is mede hierdoor een geliefd dwangmiddel geworden om de doorstroming op de woningmarkt te stimuleren.

Aanleunwoning

De aanleunwoning werd aangekondigd in 1975 in de Tweede Nota Bejaardenbeleid van het kabinet-Den Uyl. Doel was vooral om de ouderen uit het bejaardenhuis te houden zolang dat kon. Slechts 7 procent van de ouderen zou in de toekomst in een instelling mogen wonen.

De aanleunwoningen zijn woningen die gebouwd zijn tegen of in de nabijheid van een verzorgingshuis en bedoeld zijn voor oudere mensen, die nog redelijk mobiel zijn en geen grote gezondheidsproblemen hebben.

Zij profiteren op deze manier wel van de diensten van het verzorgingscentrum (verpleging dichtbij en bereikbaar via een eenvoudige alarmknop, mogelijk verzorging van maaltijden), terwijl ze verder redelijk zelfstandig kunnen blijven wonen met veel meer privacy dan in het verzorgingscentrum mogelijk zou zijn.

Voor mensen in de aanleunwoningen geldt soms een voorkeursregeling wanneer de gezondheid zodanig achteruit gaat dat intensievere verzorging nodig is; er wordt zo versneld een plekje in het verzorgingshuis gevonden.

Bezuiniging ouderenzorg

De ingrijpende bezuinigingsoperatie van Rutte II in de ouderenzorg van bijna 2 miljard euro levert geen cent op. Kwetsbare senioren zitten intussen thuis en krijgen vaak niet de zorg die ze nodig hebben.

Het kabinet Rutte II dacht bij de start een monsterbedrag van 1,88 miljard te besparen door ouderen minder snel naar het verpleeghuis te laten gaan en tegelijkertijd te beknibbelen op thuiszorg. Maar uiteindelijk bleef er van de hele bezuiniging niks over.

Onder druk van de Tweede Kamer draaide het kabinet al een half miljard aan besparingen terug in de afgelopen jaren. Zowel de verpleeghuizen als de wijkverpleging en huishoudelijke hulp kregen er honderden miljoenen bij, omdat de fikse snijoperatie de kwaliteit van de zorg in het geding bracht.

Maar er moet nog veel meer geld bij. Alleen al om de zorg in verpleeghuizen op orde te krijgen, zal het kabinet de komende jaren 2,1 miljard extra investeren. Daarnaast geven zorgverzekeraars meer uit aan ouderenzorg dan je op grond van de toename van het aantal senioren mag verwachten.

Tussen 2015 en 2017 ging al bijna een miljard extra naar ouderenzorg. In 2018 kan dat oplopen naar 2,5 miljard euro is de verwachting, aldus de doorrekening van Investico.

‘Terug bij af’

We zijn volgend jaar terug bij af. We hebben de ouderen­zorg groten­deels afgebroken, aldus Zorgeconoom Guus Schrijvers .

Die extra uitgaven van zorgverzekeraars worden deels verklaard doordat veel meer 65-plussers het thuis niet redden. Ze melden zich na een val of in verwarde toestand op de eerste hulp van het ziekenhuis. Alleen al in 2015 groeide dat aantal met 20 procent, blijkt uit eerder onderzoek van bureau Fluent. En de kortdurende opvang voor ouderen die om medische redenen niet thuis kunnen wonen – bijvoorbeeld na een ziekenhuisopname – nam in datzelfde jaar maar met 87 procent toe.

Ouderenzorg afgebroken

,,We zijn volgend jaar terug bij af”, concludeert zorgeconoom Guus Schrijvers. De fikse bezuiniging die het kabinet in 2012 aankondigde, is volgens Schrijvers een ‘noodingreep, ingegeven door de economische crisis’. ,,Toen bleek dat de crisis meeviel, kwamen er weer allerlei bedragen bij om de bezuiniging te verzachten. Maar we hebben de ouderenzorg grotendeels afgebroken.”

Een woordvoerder van staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid) erkent dat er minder is bezuinigd dan in het regeerakkoord is afgesproken en dat de kosten aan ouderenzorg stijgen. Hij noemt die laatste ontwikkeling vanwege de vergrijzing ‘logisch’. De aanname dat het temperen van de zorgkosten mislukt zou zijn, verwijst de zegsman echter ‘naar het land der fabelen’. ,,Zonder het beleid van het huidige kabinet zouden de zorgkosten nu miljarden hoger liggen.”

Noodkreet

Ook ziekenhuizen, verpleegkundigen en huisartsen luiden in 2017 de noodklok over een nieuwe grootscheepse zorgbezuiniging van het kabinet Rutte III. Ze vrezen dat de zorg voor kwetsbare mensen straks door de bodem zakt, door financiële problemen en een personeelsgebrek.

De afgelopen jaren beknotte zorgminister Schippers via afspraken met de medische wereld de groei van het aantal behandelingen door ziekenhuizen, de geestelijke gezondheidszorg en de wijkverpleging. Nu doet de coalitie daar een flinke schep bovenop en boekt een megabedrag, bijna 2 miljard in 2021, in als beoogde besparing.

Dat is ruim 800 miljoen meer dan VVD, CDA, D66 en ChristenUnie in hun verkiezingsprogramma hadden staan. Het Centraal Planbureau acht zo’n grote bezuiniging onhaalbaar en waarschuwde voor slechtere zorg.

Manifest Lijm de Zorg: 'Stille ramp gaande in de ggz en jeugdzorg'

Manifest geestelijke gezondheidszorg (ggz)

Het manifest Lijm de Zorg dat maandag 20.01.2020 geïntroduceerd werd door hulpverleners en patiënten heeft in ruim vijf dagen tijd meer dan 50.000 handtekeningen opgeleverd. Coördinator Louis de Mast vertelt in gesprek met NU.nl dat het manifest binnenkort naar de Tweede Kamer gaat, maar dat het voorlopig nog openblijft om nog meer steun te werven.

Lijm de Zorg had 40.000 handtekeningen nodig om het manifest aan de Kamer te mogen overhandigen. Dat gaat na het debat in de Tweede Kamer over wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) gebeuren, verzekert De Mast.

Hulpverleners en patiënten hebben maandag het manifest Lijm de Zorg gelanceerd. Met het manifest willen de initiatiefnemers aandacht vragen voor misstanden in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) en Jeugdzorg en de politiek aanzetten tot actie. “Er is een stille ramp gaande in de ggz en jeugdzorg”, zegt coördinator Louis De Mast.

Het manifest is onder anderen geschreven door De Mast, die zelf werkzaam is in de zorg, en ervaringsdeskundigen Charlotte Bouwman en Nine van den Berg.

Hulpverleners en patiënten slaan de handen ineen om jeugdzorg en ggz te verbeteren. Met de actiegroep ‘Lijm de zorg’ hebben ze maandag een manifest voor een betere geestelijke gezondheidszorg aangeboden aan staatssecretaris Paul Blokhuis. De 26-jarige Charlotte Bouwman is de initiatiefnemer van de groepering.

AD 21.01.2020

‘Ik heb 21 zelfmoordpogingen gedaan. En iedere keer moet ik wachten tot er plek is voor de hulp die ik nodig heb.’

De 26-jarige Charlotte Bouwman, die vanmorgen een zit-actie begon op het ministerie van Volksgezondheid, zet haar actie voorlopig door. Ze had vanmiddag een gesprek met staatssecretaris Blokhuis, waarin ze een klemmend beroep op het kabinet deed voor goede hulp voor mensen met complexe psychiatrische aandoeningen.

Bouwman noemde het gesprek na afloop positief, maar beëindigt haar actie voorlopig niet. “Geen woorden, maar daden. Ik blijf hier tot er de toezegging komt dat er landelijke specialistische centra komen.”

De vrouw nam vanochtend met twee protestborden plaats voor het Haagse ministerie. Ze heeft een ‘Manifest voor een Betere Jeugdzorg en ggz’ opgesteld en een website Lijm de Zorg geopend. Naar eigen zeggen is ze al acht jaar suïcidaal en staat ze al 804 dagen op een wachtlijst voor de juiste hulp.

Bekijk ook;

lees: kamerbrief over conceptadvies commissie toekomst zorg thuiswonende ouderen 15.01.2020

lees: Infographic Oud en zelfstandig 2030 Een reisadvies

lees: Samenvatting Oud en zelfstandig in 2030 Een reisadvies

lees: Advies Oud en zelfstandig in 2030 Een reisadvies 15.01.2020

lees: kamerbrief over investeringsmogelijkheden kwaliteit en bedrijfsvoering van zorgaanbieders 09.07.2019

lees: uitkering van dividend door zorgaanbieders 17.06.2019

lees: advies over het reguleren van winstuitkering door zorgaanbieders 17.12.2018

lees: hoofdlijnen van de juridische analyse bijlage B

lees: hoofdlijnen van de praktijk en effectanalyse Bijlage A

Zie ook: Zorgcowboys

Bekijk ook;

zie ook: Zorgen over Marktwerking versus verzelfstandiging en privatisering

Zie ook: Weer gedonder bij de Haagse Wijk- en Woonzorg HWW

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 17

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 16

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2 

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook; Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 3

zie ook: Gaat het gedonder in de Haagse zorg gewoon verder ???

zie ook: Manifest gedonder ook in de Haagse Zorg door bezuinigingen

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook: De affaire Loek Winter versus Gerommel in de zorg

en zie verder ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg – deel 5

zie verder dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 4

en zie dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 3

zie dan verder ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 2

en zie dan ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 1

Oppositie roept Blokhuis op tot ingrijpen bij ggz

NOS 04.03.2020 Oppositiepartijen GroenLinks, PvdA en SP willen dat staatssecretaris Blokhuis van Volksgezondheid zo snel mogelijk ingrijpt in de geestelijke gezondheidszorg, ggz.

Eind januari zei Blokhuis dat hij dat zou doen als er niet binnen een maand een plan zou liggen om patiënten met complexe psychische problemen te helpen en snel van de wachtlijst te halen. Aanleiding voor deze belofte was een gesprek dat Blokhuis voerde met een aantal mensen die al lang wachten op zorg, zoals Charlotte Bouwman, die in januari een actie begon in de hal van het ministerie.

‘Regiotafels’

GGZ Nederland en de zorgverzekeraars hebben een plan ingediend bij het ministerie van Volksgezondheid. Volgende week dinsdag spreekt Blokhuis hier met hen over achter gesloten deuren.

Een deel van het plan lekte uit via een interne nieuwsbrief van GGZ Nederland. Hierin staat dat er ‘regiotafels’ komen waaraan zorgaanbieders met elkaar overleggen over moeilijk plaatsbare patiënten. Ook staat er dat de wachttijden buiten het plan zijn gehouden.

Verder schrijft GGZ Nederland aan de leden dat er geen doorzettingsmacht komt. Actiegroep Lijm de Zorg wil dat graag om te voorkomen dat patiënten met complexe psychiatrische problemen, die een langdurige en kostbare behandeling moeten ondergaan, steeds worden doorgestuurd.

PvdA-Kamerlid Kuiken vindt dat Blokhuis grote woorden heeft gesproken. “Maar er ligt nog steeds geen plan. Wat wordt zijn actie, zodat hij zijn belofte waar kan maken?”. GroenLinks-Kamerlid Renkema vindt dat het nu geen tijd is voor overleggen en actieprogramma’s.

  Wim-Jan Renkema @wimjanrenkema

Mijn appèl aan @PaulBlokhuis is: grijp nu in! Het is geen tijd voor overleggen en actieprogramma’s, maar voor #doorzettingsmacht richting verzekeraars en GGZ-instellingen. De wachtlijsten moeten weg en mensen in nood móeten acuut worden geholpen. https://t.co/jnVFItQYHo

10 uur geleden

Lijm de Zorg noemt het een “flutplan” zonder concrete maatregel die garandeert dat er meer behandelplekken komen. Ook Charlotte Bouwman, die nu zes weken actievoert in de hal van het ministerie van VWS, is teleurgesteld. Ze schrijft in een brief aan Blokhuis: “Ik wil geen regiotafels en mensen die alleen met het proces bezig zijn. Ik wil het begin van een echte oplossing. Staatssecretaris, grijp in.”

Charlotte Bouwman @charlotbouwman

 

Afgelopen week stuurde @GGZNEDERLAND in deze nieuwsbrief een update over het plan dat ze vandaag (nog moeten) inleveren voor de aanpak van tekort in hoogspecialistische GGZ bestaat uit regiotafels in pilotregio’s, en dat wachttijden buiten beschouwing worden gelaten.

GGZ Nederland zegt dat het plan nog is aangepast nadat het naar de leden is gestuurd. Wat de veranderingen zijn, wil de woordvoerder pas vertellen na het gesprek met de staatssecretaris.

Zorgverzekeraars Nederland wil niet op de uitgelekte nieuwsbrief reageren. Een woordvoerder bevestigt dat het plan van aanpak naar Blokhuis is gestuurd. De staatssecretaris praat volgende week vrijdag met Lijm de Zorg en Charlotte Bouwman. Pas daarna zal hij het plan openbaar maken.

Bekijk ook;

GGZ-activiste Charlotte Bouwman: plan voor geestelijke zorg lost niets op

AD 04.03.2020 Het plan van zorgverzekeraars en GGZ Nederland om de problemen in de geestelijke gezondheidszorg aan te pakken ‘lost nauwelijks wat op’, Dat zegt Charlotte Bouwman, die al wekenlang demonstreert in de hal van het ministerie van Volksgezondheid.

Ze heeft het plan, dat er op haar initiatief is gekomen, al kunnen inzien. Volgens Bouwman is er niet eens gekeken naar de extreem lange wachttijden.

Bouwman is zelf al acht jaar suïcidaal en wacht al meer dan twee jaar op de juiste hulp. Ze begon eind januari uit onvrede over de GGZ met een protest in de hal van het ministerie, samen met haar hond Bobbie. Na gesprekken met haar beloofde staatssecretaris Paul Blokhuis de problemen aan te pakken.

Wachttijden

Er wordt letterlijk gezegd door GGZ Nederland: we laten de wachttij­den buiten beschou­wing, aldus Charlotte Bouwman.

Binnen een maand moesten zorgverzekeraars en GGZ-instellingen met een plan komen, anders zou hij zelf ingrijpen. Op dat laatste hoopt Bouwman. Het voorstel dat er nu ligt ‘is precies wat er tot nu toe is gedaan’, zegt ze vandaag, de dag dat Blokhuis’ eigen deadline verloopt.

,,Het is een plan waarbij er weer wordt gesproken over regiotafels, pilot-regio’s. Er wordt letterlijk gezegd door GGZ Nederland: we laten de wachttijden buiten beschouwing”, aldus Bouwman. De aanpak van de wachttijden en het vinden van een landelijke oplossing voor specialistische zorg waren juist de belangrijkste punten.

Wat dit betekent voor haar protestactie vindt Bouwman ‘lastig te zeggen’. Als Blokhuis niet ingrijpt, houdt hij zich niet aan zijn belofte, zegt de activiste. ,,Dat zou ik wel heel erg vinden maar ik schat hem in als iemand die zijn belofte nakomt. Ik hoop ook niet dat het ministerie het goed gaat praten terwijl het geen goed plan is.”

Aanstaande dinsdag spreekt Blokhuis met de opstellers van het plan, volgende week vrijdag hoopt zijn ministerie het plan naar de Tweede Kamer te sturen. Dan zal de staatssecretaris ook aangeven of hij het plan inderdaad goed genoeg vindt, of dat hij ervoor kiest zelf in te grijpen.

Charlotte Bouwman en Bobbie. © ANP

Minister: inderdaad fors meer geld naar verpleeghuiszorg

MSN 12.02.2020 Het kabinet moet inderdaad “fors” meer geld uittrekken voor de verpleeghuiszorg, zegt verantwoordelijk minister Hugo de Jonge. “Dat kan niet anders” nu uit een prognose blijkt dat deze zorg dit jaar 342 tot 475 miljoen euro tekort dreigt te komen.

De bewindsman baseert zich op een advies van de toezichthouder op de gezondheidszorg, de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Die kwam na onderzoek in opdracht van De Jonge tot de conclusie dat het aantal patiënten dat langdurige zorg nodig heeft zo hard groeit dat er een gat dreigt van honderden miljoenen euro’s.

Het is nog maar een eerste prognose, aldus De Jonge. Maar “mijn voorzichtige interpretatie is sowieso inderdaad dat er fors geld bij moet”. Hoeveel het kabinet uiteindelijk precies zal moeten bijpassen, moet volgens de vicepremier nog blijken. “Maar we weten dat die opdracht aanzienlijk is.”

Vorig jaar moest het kabinet ook al 950 miljoen euro bijpassen voor de langdurige zorg.

NZa voorspelt groot financieel tekort in zorg tot 475 miljoen euro

Telegraaf 11.02.2020 Opnieuw dreigt een groot financieel gat voor de langdurige zorg. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) schat het tekort op minstens 342 miljoen euro, mogelijk zelfs op 475 miljoen. Het ziet ernaar uit dat minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) dus opnieuw op zoek moet naar geld.

De extra NZa-prognose die nu naar buiten komt was juist door de CDA-bewindsman besteld. Vorig jaar werd hij overvallen door tekorten in de langdurige zorg. Herhaling wilde hij voorkomen door om een februari-raming te vragen.

Doordat nu inzichtelijk is gemaakt dat er nieuwe financiële ellende op de langdurige zorg afstevent, kan het kabinet daarmee rekening houden bij de jaarlijkse onderhandelingen over de voorjaarsnota, waarin de lopende begroting kan worden bijgesteld. Bekend was al dat er bij die besprekingen wordt gekeken naar extra geld voor het bestrijden van de criminele onderwereld (ondermijning) en de stikstofcrisis. Daar komt nu de langdurige zorg, met daarin de verpleeghuiszorg, bovenop.

Volgens de NZa zat het kabinet ernaast met zijn berekeningen over hoeveel mensen er dit jaar gebruik zouden gaan maken van de langdurige zorg. Dat is, zoals het er nu naar uitziet, meer dan gedacht. Daarbij gaat het hoofdzakelijk om de verpleeghuiszorg. Het aantal mensen dat verpleging en verzorging nodig heeft stijgt met zo’n vijf procent.

Bekijk meer van; misdaad gezondheidszorgbeleid overheid overheidsbeleid Den Haag Nederlandse Zorgautoriteit

Versobering ouderenzorg onvermijdelijk, groter beroep op mantelzorgers ook

NOS 29.01.2020 De branchevereniging voor instellingen in de ouderenzorg, Actiz, zegt dat de kwaliteit van die zorg binnen afzienbare tijd onder druk komt en dat we nu moeten nadenken over de vraag hoe we de ouderenzorg in de toekomst gaan organiseren. Daarbij zal een groter beroep op mantelzorgers worden gedaan.

“We moeten ons realiseren dat we aan het begin staan van iets wat echt een grote omvang gaat hebben”, zei bestuurslid Ronald Schmidt in het NOS Radio 1 Journaal na berichtgeving in de Volkskrant. Hij doelt op de toename van het aantal ouderen en het aantal mensen met dementie, terwijl het aanbod van werkenden juist afneemt. In de ouderenzorg dreigt daardoor een chronisch personeelstekort.

Eerder deze maand bleek dat de wachtlijsten voor verpleeghuizen nu al toenemen. “Wij zien daarin de eerste signalen van iets wat de komende jaren onze nieuwe realiteit gaat worden.”

De 3 miljard euro extra per jaar die dit kabinet voor verpleeghuizen uittrekt, bieden volgens Schmidt alleen een oplossing voor de korte termijn. “Het wordt steeds moeilijker om personeel te vinden. Dat betekent dat we steeds meer ouderen krijgen die wachten op een plek. Dus het probleem is breder dan alleen de vraag of er genoeg plek is in verzorgingshuizen.”

Vingerwijzen kan niet meer

Schmidt vindt dat er een maatschappelijke discussie nodig is. “Vingerwijzen naar de politiek of verzekeraars is echt onvoldoende. Dit is een maatschappelijk vraagstuk waar we met elkaar over moeten nadenken hoe we dat gaan oplossen in de komende jaren.”

Het belangrijkste is dat we een realistisch verwachtingspatroon creëren, zei Schmidt. “Als we verwachten dat het blijft zoals het nu is en dat het alleen maar een beetje beter moet de komende twintig jaar, gaan we elkaar teleurstellen. Er moet een realistisch debat komen over wat we verwachten van de zorg, maar ook van elkaar.”

Goede zorg, maar anders

Belangrijk is allereerst dat de toestroom naar de verzorgingshuizen wordt ingedamd, door langer thuiswonen te stimuleren. Daarnaast moeten verpleeghuizen mantelzorgers meer ruimte geven om iets voor hun naasten te doen. “Het moet echt weer normaal worden dat je voor je vader of moeder in het verpleeghuis iets kunt, mag of misschien ook moet doen.”

Het is onzin om nu al het beeld van een crisis op te roepen, zei Schmidt. “Dat is niet zo, maar we moeten ons wel realiseren dat we nu al de eerste signalen zien van de uitdaging die de komende jaren op ons afkomt. Als we daar nu mee aan de slag gaan, kunnen we hartstikke goede zorg blijven bieden op het niveau dat we gewend zijn, maar wel anders.”

Reactie senioren

Ouderenorganisatie KBO-PCOB zegt dat mantelzorgers al heel veel doen. “Nu stellen dat senioren meer moeten oppakken, is wel erg kort door de bocht. Ook het nog meer belasten van de mantelzorger in het verpleeghuis is wel heel makkelijk en doet geen recht aan de realiteit”, zegt directeur Manon Vanderkaa.

Ze erkent dat er een probleem is op de arbeidsmarkt in de zorg en dat daar wat aan moet gebeuren. “Maar dan verwachten we van de zorgaanbieders meer creativiteit dan de opgeheven armen in de lucht en de roep om soberheid.”

Bekijk ook;

Minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bezoekt een bejaarde voorafgaand aan de lancering van het programma Langer Thuis. © ANP

‘Kwaliteit van zorg voor ouderen niet te handhaven’

AD 29.01.2020 Er zijn pijnlijke maatregelen nodig om de ouderenzorg in Nederland uitvoerbaar te houden. Door de vergrijzing zijn de huidige kwaliteitsnormen in verpleeghuizen binnen afzienbare termijn niet te handhaven. Daar is geld noch personeel voor.

Dat zegt Ronald Schmidt van branchevereniging Actiz tegen de Volkskrant, namens de vierhonderd aangesloten ouderenzorginstellingen.

Verpleeghuizen hebben er de afgelopen jaren juist miljarden euro’s bij gekregen om de kwaliteit van de zorg te verhogen, na schrijnende verhalen in de media over ouderen die aan hun lot werden overgelaten. In het daarop gesloten ‘kwaliteitskader’ staat de eis dat er op drukke momenten altijd twee gespecialiseerde zorgmedewerkers aanwezig moeten zijn.

Volgens Schmidt is er een brede maatschappelijke discussie nodig over welke pijnlijke maatregelen acceptabel zijn om de ouderenzorg uitvoerbaar te houden. Zo moet dus wellicht de kwaliteit van zorg in de verpleeghuizen naar beneden en zullen mantelzorgers nog meer moeten gaan doen, ook als familieleden eenmaal zijn opgenomen.

Rechter: Staat geeft behandelaars van gevaarlijke cliënten te weinig geld

NU 28.01.2020 De Nederlandse Staat geeft te weinig geld aan forensische instellingen die verdachten en veroordeelden met een psychiatrische stoornis behandelen. In een kort geding over de zorgtarieven zeiden de behandelaars te vrezen dat er gevaarlijke cliënten op straat zouden komen als de prijzen zo laag blijven. Dinsdag gaf de rechter ze gelijk.

Volgens de rechtbank in Den Haag heeft de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) de klinieken geen enkele mogelijkheid geboden om tot andere prijsafspraken te komen.

De klinieken hebben gesteld dat de sector “klem” zit. Al jaren zijn de tarieven in de zorg, die worden vastgesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) dalende. De DJI is vervolgens daarbovenop dus nog met een ‘korting’ gekomen. En dat terwijl veel van de klinieken kunnen aantonen dat ze verlies lijden en hier zelf voor opdraaien.

De rechtbank zegt de “bezwaren van de zorgaanbieders te delen” als het gaat om het volgens hen te lage tarief. De rechter wijst er ook op dat de DJI niet heeft kunnen onderbouwen dat momenteel nog “reële zorgtarieven worden geboden”.

‘Tarieven kunnen niet in stand blijven’

De acht klinieken die de procedure hebben aangespannen, behandelen veelal cliënten met zeer complexe problematiek. Hierdoor duurt de behandeling logischerwijs langer dan bij andere klinieken.

Tijdens de zitting bleek al dat er een regeling bestaat waarmee zulke klinieken aanspraak kunnen maken op meer geld. De rechter wil dan ook dat de partijen nader met elkaar in overleg gaan over deze regeling.

“De tarieven die de Staat hanteert voor de betaling van forensische zorg kunnen niet ongewijzigd in stand blijven”, volgens het vonnis.

Gegniffel in de zaal na opperen aanpassing klinieken

De rechtszaal zat tijdens de behandeling van het kort geding tot aan de nok vol met onder meer de behandelaars en de directeuren van de klinieken. Het zorgde ervoor dat er soms gegnuifd werd als de advocaat die er namens de Staat was betoogde dat de DJI “aansluiting heeft gezocht” bij de tarieven van de NZa. De klinieken zouden volgens haar bijvoorbeeld “aan de knoppen kunnen draaien” en logischer moeten omgaan met hun budgetten.

De voorzieningenrechter zegt hier in de uitspraak ook over dat het “niet realistisch en evenmin redelijk is om van zorgaanbieders te verlangen dat zij van de ene op de andere dag hun signatuur op die wijze veranderen”.

Lees meer over: Zorg Binnenland

Een van de klinieken die een kort geding aanspanden is Woenselse Poort ANP

Klinieken winnen: Rijk moet meer betalen voor zorg gevaarlijke patiënten

NOS 28.01.2020 De overheid moet meer gaan betalen aan psychiatrische klinieken voor de zorg voor gevaarlijke patiënten. De rechter heeft dat bepaald in een kort geding dat was aangespannen door acht instellingen voor forensische zorg. Minister Dekker voor Rechtsbescherming betaalt hun minder dan de vastgestelde maximumtarieven, maar dat draait de rechter terug.

De klinieken vinden dat de kwaliteit van de zorg in gevaar is. Ze maken zich grote zorgen over de veiligheid van de maatschappij, de medewerkers en de patiënten, omdat ze met te weinig geld hun werk niet goed kunnen doen.

De rechter zegt dat de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), die de zorg namens de minister inkoopt, onvoldoende duidelijk heeft gemaakt waarom de maximumtarieven niet worden gehanteerd. De DJI moet van de rechter met de klinieken om tafel om over de tarieven te praten. Dat weigerde de dienst tot nu toe.

Nog deze week een gesprek

Een van de klinieken die de procedure aanspanden, wil nog deze week met het ministerie in gesprek. “We willen praten over de bekostiging op maat. Zodat wij goede en veilige zorg voor deze zeer zieke en gevaarlijke groep patiënten kunnen blijven leveren”, zegt een woordvoerder van Arkin.

Een woordvoerder van minister Dekker bevestigt dat er deze week een overleg plaatsvindt. “Historisch gezien hebben we altijd een goede verstandhouding gehad met de zorgaanbieders. We willen deze draad snel weer oppakken”, zegt ze.

Gevaar voor de samenleving

Het gaat om de behandeling van jaarlijks zo’n 25.000 mensen. De rechter heeft hun die opgelegd nadat ze een straf hebben uitgezeten voor een gewelds- of zedendelict. Het zijn mensen die een gevaar vormen voor de samenleving als ze niet worden behandeld. Onder hen zijn ook tbs’ers.

Gisteren zeiden Kamerleden van regeringspartijen VVD en CDA tegen Nieuwsuur al dat er meer geld moet naar deze psychiatrische zorg. Morgen debatteert de Kamer over de ggz, waar de forensische zorg onder valt.

Bekijk ook;

Klinieken krijgen gelijk: overheid moet meer betalen voor zorg gevaarlijke patiënten

AD 28.01.2020 Het Rijk moet meer gaan betalen aan psychiatrische klinieken voor de zorg voor gevaarlijke patiënten. Acht grote instellingen voor forensische zorg, die onder meer tbs’ers begeleiden, zijn door de rechter in het gelijk gesteld. Zij hadden een kort geding aangespannen tegen tariefverlagingen, omdat de veiligheid van de maatschappij, medewerkers en patiënten in gevaar zou komen.

De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), die de inkoop van de zogeheten forensische zorg regelt, had onder meer een maximumdagtarief ingevoerd en heeft volgens de rechter onvoldoende gemotiveerd waarom de tarieven voor ambulante zorg zijn verlaagd. De ggz-instellingen zeggen dat ze daardoor verlies zullen draaien en moeten bezuinigen op de zorg voor patiënten. De dienst moet nu van de rechter met de klinieken om tafel om over de tarieven te praten.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

In de rechtszaal hadden de ggz-organisaties, waaronder Fivoor, Reinier van Arkel en Trajectum, aangevoerd dat de maximale dagprijzen er uiteindelijk toe zullen leiden dat ernstig gestoorde daders tot veertig procent minder behandeling krijgen. De advocaten verwezen naar mensen als Bart van U., die oud-minister Els Borst om het leven bracht in 2014.

,,Iemand die de kliniek verlaat heeft dan dus minder behandelingen gehad. Exacte gevolgen daarvan zijn lastig in te schatten. Dat onze behandeling om iemand terug te kunnen laten keren in de maatschappij dan niet maximaal is, is duidelijk”, zei Nienke Timmer, manager van kliniek De Boog in Warnsveld, eerder deze week tegen deze site. ,,Wat onze patiënten gemeen hebben is dat een delict is begaan door een psychiatrische achtergrond. Wij proberen patiënten hier in te laten zien hoe ze tot een delict zijn gekomen. We helpen om controle te krijgen over deze stoornis. Ik begrijp het niet dat je daarop bezuinigt.”

Strengere eisen

Volgens de advocaten stelt de samenleving juist steeds strengere eisen aan de behandeling en bewaking van mensen met een psychische stoornis die een misdaad hebben gepleegd. Zo is het doorvoeren van beveiligingsmaatregelen kostbaar. Ook personeelskosten en de lasten voor gebouwen zijn de afgelopen jaren gestegen. Wanneer tarieven ook nog worden verlaagd, ontstaat volgens de instellingen een onhoudbare situatie.

In een eerste reactie laat Fivoor, de kliniek waar moordenaar Michael P. enige tijd is behandeld, weten de uitspraak ‘gunstig’ te vinden. De kliniek kan nu buurtcoaches behouden in in Den Dolder om te voorkomen dat cliënten overlast veroorzaken. Bij een negatieve uitspraak zou de inzet van de buurtcoaches ‘zeker’ onder druk zijn komen te staan.

Bezuiniging op zorg zwaarste psychiatrische patiënten voorlopig van tafel

OmroepWest 28.01.2020 Het ministerie van Justitie en Veiligheid moet opnieuw om de tafel met zorginstellingen die zorg verlenen aan onder meer ex-tbs’ers. Tot die tijd is de korting op de zorg voor de zwaarste groep psychiatrische patiënten van tafel. Dat heeft de voorzieningenrechter in Den Haag bepaald. Zorginstellingen uit onder meer Den Haag en Leiden waren naar de rechter gestapt voor een hogere vergoeding.

Vanaf dit jaar zou de overheid minder gaan betalen voor behandelingen in de forensische zorg. Instellingen als polikliniek De Waag stapten naar de rechter omdat zij vreesden dat de behandeling voor mensen die uit een gevangenis of een tbs-instelling zijn vrijgelaten, in het geding komt. Samen met de instelling uit Den Haag en Leiden, hadden in totaal acht forensische zorginstellingen het ministerie voor de rechter gedaagd.

De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), die namens het minsterie heeft onderhandeld met de zorginstellingen, heeft volgens de rechter ‘gehandeld in strijd met meerdere aanbestedingsrechtelijke beginselen en beginselen van behoorlijk bestuur’. Zo zou de dienst onvoldoende rekening hebben gehouden met het feit dat de forensische zorg voor de financiering voor een groot deel afhankelijk is van de overheid en er geen alternatieven zijn.

Niet geluisterd naar bezwaren

Verder heeft de DJI de tarieven verlaagd, zonder eerst de bezwaren van de instellingen goed te beoordelen. Hierdoor waren de forensische specialisten verplicht om onder protest in te stemmen met minder geld, omdat ze anders helemaal niets zouden ontvangen. En dus oordeelt de rechter dat ‘het geïntegreerde maximum dagtarief vooralsnog niet door DJI mag worden gehanteerd’.

Via een woordvoerder laat De Waag in een eerste reactie weten ‘verheugd’ te zijn ‘dat de rechter begrip heeft getoond voor ons standpunt en gaan met het ministerie van Justitie en Veiligheid graag in gesprek over de tarieven. Wij hebben er vertrouwen in dat deze gesprekken een goede uitkomst zullen opleveren.’

Meer over dit onderwerp: PSYCHIATRIE GGZ ZORG

Blokhuis wil ggz verplichten om mensen met complexe problemen te helpen

NOS 28.01.2020 Ggz-instellingen moeten straks verplicht op korte termijn gespecialiseerde hulp bieden aan psychiatrische patiënten met complexe problemen. Dat zei staatssecretaris Blokhuis na een gesprek met mensen die al lang wachten op hulp.

Nu vallen de zwaarste patiënten vaak buiten de boot, omdat ggz-instellingen niet de specifieke hulp kunnen bieden die nodig is als iemand bijvoorbeeld een eetstoornis én een trauma heeft.

In het plan van Blokhuis moeten de instellingen en de verzekeraars ervoor zorgen dat er binnen een paar weken hulp georganiseerd wordt. Als zij dat niet doen, grijpt de overheid in.

800 dagen wachten

De staatssecretaris beloofde dit na een gesprek met onder anderen de suïcidale Charlotte Bouwman (26), die actie voerde in het ministerie van Volksgezondheid. Zij staat nu ruim 800 dagen op een wachtlijst voor de juiste hulp.

Bouwman is betrokken bij het manifest ‘Lijm de Zorg’ op, waarin wordt gevraagd iets te doen aan de wachtlijsten, het personeelstekort, de regeldruk en de onnodige bureaucratie in de jeugdzorg en de ggz.

Blokhuis spreekt morgen met de Tweede Kamer over de ggz en de jeugdzorg. Hij zei vanmorgen dat er veel wordt gezegd, “maar neem van mij aan: we laten het niet bij woorden, er komen ook daden.”

Bekijk ook;

Staatssecretaris belooft Charlotte Bouwman ‘daden’ voor problemen in GGZ

OmroepWest 28.01.2020 Staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid wil concreet actie ondernemen om de problemen met de lange wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg aan te pakken. Dat zei hij voorafgaand aan een gesprek met Charlotte Bouwman, die sinds vorige week actie voert in het ministerie van Volksgezondheid.

Charlotte kreeg dinsdag in de hal van het ministerie gezelschap van tientallen lotgenoten en medestanders. Dit was de tweede keer in een week dat ze in gesprek ging met Blokhuis over de problemen in de GGZ. Blokhuis liet Charlotte en haar medestanders weten dat ze ‘niet tegen dovemansoren praten’.

‘Jullie willen hulp en dat is niet teveel gevraagd. We gaan kijken wat er nodig is, naast wat er al gebeurt. Om daar wat – misschien wel veel – bovenop te doen om er zo voor te zorgen dat de GGZ in Nederland beter georganiseerd wordt zodat we van die ellenlange wachtlijsten afkomen.’ Woensdag vindt er een debat over dit onderwerp plaats. ‘Dan zullen er veel woorden gesproken worden’, vertelde Blokhuis. ‘Maar neem van mij aan: we laten het niet bij woorden, er komen ook daden.’

Drie jaar op wachtlijst

Charlotte heeft een ernstige psychische ziekte en is suïcidaal. Ze deed 21 zelfmoordpogingen en staat al twee jaar op de wachtlijst voor een behandelplek. Hulpverleners én ervaringsdeskundigen lanceerden vorige week het manifest Lijm de Zorg om aandacht van de politiek te vragen voor de misstanden in de GGZ en de Jeugdzorg. Dit manifest is al tienduizenden keren ondertekend. Charlotte hoopte met haar sit-in ook aandacht te vragen voor de lange wachtlijsten.

Om de gezondheidszorg te verbeteren, heeft Charlotte een wensenlijstje opgesteld: een helpdesk voor mensen met complexe psychische problemen, landelijke behandelcentra voor deze groep en actie op het gebied van acute hulp. Ze kijkt ‘heel positief’ terug op het gesprek dat ze dinsdag had met de staatssecretaris. ‘Maar eerst zien, dan geloven.’ Ze beëindigt haar actie dan ook nog niet. Vanaf komende week gaat ze iedere maandag een sit-in houden.

‘Charlotte is zo dapper’

Kim, een van de medestanders van Charlotte in het gebouw van het ministerie, noemt de uitkomst van het gesprek Charlotte met de staatssecretaris in ieder geval ‘hoopvol’. ‘Met name dat de wachtlijsten aangepakt worden en dat we bij de crisisopvang terechtkunnen voordat we iets gedaan hebben, ons beschadigd hebben bijvoorbeeld. Dat vind ik namelijk een heel groot probleem, dat we ons iets aangedaan moeten hebben voordat we daar welkom zijn.’

Lou, die naast haar zit, knikt. Ze spreekt van een historisch moment en prijst Charlotte als ‘gezicht’ van de actie. ‘Zij is zo dapper’, benadrukt ze. ‘Mensen realiseren zich dit niet, maar wat zij heel open en eerlijk vertelt, is iets waar de meeste mensen zich ontzettend voor schamen.

Die kruipen weg in een hoekje. Veel mensen die ik ken bevinden zich in een gesloten afdeling of verblijfsafdeling en komen daar niet meer uit. Charlotte heeft het tegenovergestelde gedaan. Zij heeft besloten met haar verhaal naar buiten te treden. Daar ben ik heel erg trots op.’

LEES OOK: Charlotte deed 21 zelfmoordpogingen: ‘Ik wacht al twee jaar op behandelplek’

Sit-in van medestanders van Charlotte Bouwman I Foto: Omroep West

Meer over dit onderwerp: DEN HAAG PSYCHIATRISCHE HULP GGZ ZORG MINISTERIE VAN VOLKSGEZONDHEID

Blokhuis belooft ‘daden’ voor problemen in GGZ

AD 28.01.2020 Staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid) wil concreet actie ondernemen om de problemen met de lange wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg aan te pakken. Dat zei hij voorafgaand aan een gesprek met Charlotte Bouwman, die sinds vorige week actie voert in het ministerie van Volksgezondheid.

Neem van mij aan, we laten het niet bij woorden, er komen ook daden, aldus Staatssecretaris Blokhuis .

Bouwman kreeg vanmorgen in de hal van het ministerie gezelschap van tientallen lotgenoten en medestanders. Voor de tweede keer in een week is ze in gesprek met Blokhuis over de problemen in de GGZ. ,,Morgen is er een debat, en dan zullen er veel woorden gesproken worden’’, aldus Blokhuis. ,,Maar neem van mij aan, we laten het niet bij woorden, er komen ook daden.’’

Om de gezondheidszorg te verbeteren heeft Bouwman drie eisen opgesteld: een helpdesk voor mensen met complexe psychische problemen, landelijke behandelcentra voor deze groep en actie op het gebied van acute hulp.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Wachtlijst

Bouwman (26) probeerde de afgelopen acht jaar 21 keer een einde aan haar leven te maken. De Amsterdamse heeft wel geprobeerd om hulp te krijgen, maar staat al twee jaar op een wachtlijst. Onlangs hoorde ze dat ze nog een jaar moest wachten voordat ze aan de beurt is. Wanhopig voert ze daarom actie voor het ministerie van Volksgezondheid (VWS). ,,De maat is nu echt vol.’’

,,Ik kom gewoon nergens meer op de wachtlijst’’, aldus Bouwman eerder in gesprek met deze redactie. De basiszorg is in Nederland wel goed geregeld, maar zodra je complexe psychische problemen hebt, wordt het lastig. ,,Hoe complexer, hoe langer je moet wachten’’, is haar ervaring.

Manifest

Bouwman wil met haar protest afdwingen dat er betere zorg in de GGZ komt © videostill

De actie van Bouwman krijgt steun van Lijm de Zorg, hét collectief van hulpverleners en mensen die zorg nodig hebben in de Jeugdzorg en GGZ. ,,Er vindt een stille ramp plaats in de GGZ’’, aldus Louis de Mast van Lijm de Zorg. ,,Er zijn veel mensen die hulp zoeken, maar die niet kunnen vinden.’’ Zorgverzekeraars, zorgaanbieders en overheid wijzen allemaal naar elkaar, vertelt hij. ,,Uiteindelijk pakt niemand de regie.”

Het collectief heeft daarom een manifest opgesteld voor een betere Jeugdzorg en GGZ, waarin het kabinet wordt opgeroepen om de zorg voor kwetsbare mensen goed te organiseren, en dus ook voor de meest complexe problemen.

Politiek krijgt weer laatste woord over geld verpleeghuizen

NOS 21.01.2020 De politiek krijgt weer meer te zeggen over de besteding van geld in de zorg. De Tweede Kamer heeft een wetsvoorstel van minister De Jonge aangenomen, waarmee de macht van Zorginstituut Nederland kan worden beperkt. Het Zorginstituut is een instelling die toeziet op de zorgverzekeringen.

De nieuwe wet moet iets uit de vorige kabinetsperiode terugdraaien. Staatssecretaris Van Rijn vroeg het Zorginstituut destijds kwaliteitseisen op te stellen voor goede verpleeghuiszorg. Nadat dat was gebeurd, bleek dat het kabinet verplicht was ruim twee miljard euro per jaar extra uit te trekken om aan die eisen te voldoen. Het geld moest onder meer worden ingezet om meer personeel aan te trekken.

Hoewel veel Kamerleden om extra geld voor de verpleeghuizen hadden gevraagd, zat de gekozen constructie een groot deel van de Kamer uiteindelijk toch niet lekker: in feite had de Kamer weinig meer over het budget te zeggen, maar was die bevoegdheid overgedragen aan een bureaucratisch instituut.

Volgens de nieuwe wet komt er toch weer een toetsing door de minister, waarop de Kamer invloed kan uitoefenen en krijgt de politiek dus weer het laatste woord.

Na de Tweede moet ook de Eerste Kamer nog met de nieuwe wet akkoord gaan.

Bekijk ook;

Bouwen voor ouderen is niet sexy genoeg: ‘Gemeenten pronken liever met fraaie kantoren’

VK 17.01.2020 En wéér rapporteerde een commissie over het gebrek aan woningen voor zelfstandige ouderen. Terwijl de oplossing van het probleem er eigenlijk al is: het Thuishuis, een soort studentenhuis (zonder lawaai) voor senioren.

Dit stuk had vijf jaar geleden ook in de krant kunnen staan. Of anders wel tien of vijftien jaar geleden. Want het gaat over het gebrek aan geschikte huisvesting voor ouderen. En dat is, zegt Liane den Haan, directeur-bestuurder van ouderen-belangenorganisatie Anbo, een thema dat stelselmatig wordt genegeerd.

Zeker: deze week drong een commissie onder leiding van Wouter Bos aan op de bouw van woningen, heel veel woningen, voor zelfstandig levende ouderen. Volgende week zal de zogenoemde commissie-Adriani naar verwachting een soortgelijk pleidooi afsteken. Daarnaast zijn allerhande aanjaagteams en taskforces actief op het terrein van de ouderenhuisvesting.

Demografie

Anbo zelf voorspelde al in 2005 dat met de verdwijning van de aloude ‘bejaardenhuizen’ een grote behoefte zou ontstaan aan woningen voor ouderen die niet meer zelfstandig kunnen (of willen) wonen, en die ook niet in aanmerking komen voor opname in een verpleeghuis. Dat rapport was niet eens visionair, zegt Den Haan. Het was slechts een vertaling van welbekende demografische ontwikkelingen.

Toch is met al die inzichten vrijwel niets gedaan. Althans: niet door overheden en woningcorporaties. Zo stelde Anbo onlangs vast dat bijna 60 procent van de Nederlandse gemeenten überhaupt niet heeft nagedacht over de gevolgen van de vergrijzing voor de woningbouw. Hoe dat komt? ‘Ach’, zegt Den Haan – geïrriteerd. ‘Gemeenten pronken liever met fraaie kantoren of eengezinswoningen. Woningen voor ouderen zijn gewoon niet sexy.’

En als het gebrek aan engagement bij overheden al geen probleem is, is het de regelgeving wel. Zo sprak Den Haan deze week een wethouder die de aanvraag voor een zogenoemde kangoeroewoning – de aanbouw bij een bestaande woning ten behoeve van ouderen – had afgewezen vanwege de richtlijnen voor ‘woondichtheid’ in het betreffende gebied. Alleen bestuurders met lef en woningbouwcorporaties die bereid zijn tot een enigszins rekkelijke interpretatie van de regels willen de bouw van kleinschalige voorzieningen voor ouderen nog weleens mogelijk maken, zegt Den Haan.

Op pantoffelafstand

Dat is ook de ervaring van ‘maatschappelijk ondernemer’ Jan Ruyten, bedenker en uitvoerder van het concept ‘Thuishuis’: een soort studentenhuis voor ouderen ‘op pantoffelafstand van winkels en andere publieke voorzieningen’. De bewoners – idealiter niet meer dan vijf of zes – hebben elk een eigen kamer, en maken gezamenlijk gebruik van een keuken, een hobbykamer, een tuin, een washok en andere faciliteiten. In collectieve zelfstandigheid. ‘Als ik er naar binnen wil, bel ik netjes aan, want ik heb geen sleutel’, zegt Ruyten.

Sinds 2006 heeft Ruyten vijf van dit soort huizen kunnen stichten. Met alle‘evidencebased voordelen van dien voor het welzijn en de gezondheid van de bewoners. ‘Een kind had het kunnen bedenken.’ Toch kost het Ruyten veel moeite om ‘het bastion van de overheid’ te slechten. ‘Als ik een wethouder of een corporatie om medewerking vraag bij de vestiging van een Thuishuis, word ik vaak doorverwezen naar Jumbo, Albert Heijn of een ander bedrijf. Terwijl het mij helemaal niet om geld of sponsoring te doen is, maar om organisatorische ondersteuning.’

Alleen thuis wonende oudere in een groot huis. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Robotisering

‘We lopen in Nederland voorop met robotisering van de zorg, maar we zijn bijzonder slecht in sociale innovatie’, heeft Ruyten moeten vaststellen. ‘De gezondheidszorg krijgt beduidend meer aandacht dan de preventie van zorgafhankelijkheid. Zorg is business. Daar liggen verdienmodellen onder. Het Thuishuis, een instelling zonder winstoogmerk, ligt niet binnen het blikveld van ondernemers en bestuurders.’

De belangstelling voor de ouderen spitst zich toe op degenen die in een verpleegtehuis zijn opgenomen, zo’n 12 procent van de 65-plussers. ‘Want die zijn zielig’, zegt Liane den Haan van Anbo. ‘Wat in Thuishuizen en andere kleinschalige voorzieningen gebeurt, spreekt minder tot de verbeelding. De aandacht voor het waardig sterven gaat ten koste van de aandacht voor het waardig ouder worden.’

Gesticht voor ouden van dagen

Waardig ouder worden was de betrokkenen in het verleden overigens ook niet vergund. In de 19de eeuw woonde ruim 20 procent van de ‘ouden van dagen’ in een gesticht of instelling. Het ‘driegeneratiegezin’ was ook toen niet de norm. Wel kwam het vaak voor dat ongetrouwde kinderen bij hun ouders bleven wonen, en voor hen zorgden.

Bijna de helft van de ouderen woonde samen met hun volwassen kinderen. ‘Ware armen’, behoeftige ouderen die niet meer konden werken, kwamen in aanmerking voor plaatsing in een hofje of een ‘oudeliedenhuis’ waar doorgaans een streng regime heerste.

Om ouderen zoveel mogelijk voor dat lot te behoeden, werd burgers in 1912 een onderhoudsplicht voor ‘behoeftigen en ouderen’ in hun omgeving opgelegd. Deze knellende vorm van mantelzorg werd in 1961 afgezwakt en in 1965 helemaal afgeschaft.

Spookbeeld

In de jaren vijftig werden ouderen aangemoedigd om, ter leniging van de woningnood, naar bejaardenhuizen te verkassen. Deze woonvorm is echter nooit geliefd geweest. ‘Bij de meesten waart, als een spookbeeld, het woord ‘tehuis’ door de gedachten’, schreef de Nationale Raad voor Maatschappelijk werk in 1958. In 1975 was de hoogtij van de bejaardentehuizen alweer ten einde: de regering bepaalde dat maximaal 7 procent van de ouderen in een verzorgingshuis mocht wonen.

Ouderen werden aangemoedigd om zolang mogelijk voor zichzelf te blijven zorgen. Op dit moment ondervindt de woningmarkt daarvan de nadelige gevolgen: bij gebrek aan alternatieven blijven veel ouderen te lang in hun (vaak te grote) huizen wonen.

Meer over; Anbo Jan Ruyten samenleving Liane den Haan ouderen mensen politiek Sander van Walsum

 

Prettig oud worden in je vertrouwde omgeving

AD 17.01.2020 Het kabinet-Rutte moet snel stoppen met sluiten van zorglocaties en een noodplan lanceren om ‘zorgbuurthuizen’ te bouwen, stellen Lilian Marijnissen, fractievoorzitter van de SP in de Tweede Kamer en Maarten Hijink, Tweede Kamerlid voor de SP. Er is te veel ouderenzorg afgebroken.

Na drie kabinetten-Rutte staat de ouderenzorg er slecht voor. Ouderenzorg is afgebroken, verzorgingshuizen zijn gesloten en 77.000 medewerkers verloren door bezuinigingen hun baan, waardoor er nu een schreeuwend tekort aan personeel is. Ruim 16.700 ouderen staan op een wachtlijst voor een zorginstelling. Ze blijven langer in het ziekenhuis omdat ze nergens terechtkunnen. En de eerste hulp loopt vol door ongelukken omdat ze gedwongen thuis wonen, terwijl dat eigenlijk niet meer gaat.

De SP pleit voor radicale verandering: herwaardering van ouderenzorg. Geef medewerkers de waardering die ze verdienen en neem als overheid het voortouw bij de bouw van zorgbuurthuizen, kleinschalige, gezellige zorglocaties waar je in je eigen omgeving oud kunt worden.

Op dit moment ontbreekt het totaal aan landelijk beleid om tot oplossingen te komen. Na de desastreuze fout om de verzorgingshuizen te sluiten, waar nu de ene na de andere medeplichtige partij op terugkomt, kijkt dit kabinet vooral toe. Voor de kerst bezochten wij de Bloesemhof, een zorglocatie in Montfoort waar ouderen prettig wonen. Helaas moet dit verpleeghuis dicht. Grote paniek. De ouderen moeten in de laatste fase van hun leven verhuizen en komen op de wachtlijst voor zorglocaties kilometers verderop. De hele gemeenschap wordt geraakt, maar dit kabinet grijpt niet in.

Na de desastreu­ze fout om de verzor­gings­hui­zen te sluiten, waar nu de ene na de andere medeplich­ti­ge partij op terugkomt, kijkt dit kabinet vooral toe

Uit het hele land stromen berichten binnen van hoogbejaarde ouderen die moeten verhuizen maar nergens terechtkunnen. En dan te bedenken dat de behoefte aan verpleeghuisplekken de komende twintig jaar volgens schattingen verdubbelt. Net als in de jeugdzorg en de medische zorg is ook in de ouderenzorg door meer concurrentie samenwerking tussen zorgaanbieders veel moeilijker geworden. Zorginstellingen moeten hun eigen vastgoed financieren, geld lenen en altijd alert zijn op mogelijke verliezen. Daarom zijn veel zorgaanbieders voorzichtig met het bijbouwen van nieuwe verpleeghuisplaatsen. Geen risico’s, want voor je het weet beland je in de rode cijfers.

Ouderen verdienen beter. Het is hoog tijd voor een radicale verandering: niet de markt, maar een actieve overheid moet het voortouw nemen: kleinschalige verpleeg- en verzorgingshuizen. Steun zorgaanbieders met garantstellingen voor de bouw. Maak harde afspraken over nieuwe soorten ouderenzorg, zodat alle ouderen die zich thuis niet meer veilig of prettig voelen, kunnen verhuizen naar een plek waar de zorg altijd dichtbij is. Het is onverantwoord dat het kabinet niet ingrijpt.

Wij doen de oproep per direct het sluiten van zorglocaties te stoppen zolang er nog wachtlijsten zijn. En met een noodplan te komen om snel zorgbuurthuizen te bouwen voor duizenden extra plaatsen in de verpleeghuiszorg. Onze ouderen verdienen het.

Lilian Marijnissen is SP-fractievoorzitter in de Tweede Kamer, Maarten Hijink is Tweede Kamerlid voor de SP en woordvoerder zorg.

Minister De Jonge lobbyt tegen verplichte Europese aanbestedingen in de zorg

NOS 16.01.2020 Minister De Jonge van Volksgezondheid wil snel af van de Europese regel die gemeenten verplicht om zorgtaken Europees aan te besteden. Hij heeft daar vandaag in Straatsburg met Europarlementariërs uit verschillende landen over gepraat. De Jonge wijst erop dat de zorg geen markt is, “laat staan een Europese markt”.

De Jonge vindt de gedachte achter de Europese aanbestedingsregel begrijpelijk voor marktactiviteiten: bedrijven moeten dezelfde kansen krijgen om een opdracht binnen te halen. Maar volgens hem botst het “met zaken die in de jeugdzorg en de thuiszorg gewoon belangrijker zijn: samenwerking en partnerschap in de wijk bijvoorbeeld”.

Hij vindt het niet logisch om te denken dat mensen vanuit Portugal of Litouwen in de Nederlandse jeugdzorg aan de slag gaan. “Dat gebeurt niet.”

De Jonge wil “hoe sneller, hoe beter” af van de Europese regelgeving voor de zorg, “want het zorgt voor procedures die veel tijd en geld kosten, en dat komt de zorg niet ten goede”.

  Hugo de Jonge @hugodejonge

Minder administratieve lasten, minder markt- en meer samenwerking in de zorg. Daarom moeten we af van de verplichting om gemeentelijke zorgtaken openbaar en Europees aan te besteden. Vandaag in Straatsburg daarom met verschillende Europarlementariërs hierover in gesprek gegaan.

Commissie Toekomst Zorg Thuiswonende Ouderen: ‘Bouwen, digitaliseren, samenwerken!’

RO 15.01.2020 Om de zorg voor thuiswonende ouderen in de toekomst op peil te houden is het nodig nú te investeren in geschikte woningen, in digitalisering van dagelijks leven en zorg en in lokale en regionale samenwerking in zorg en ondersteuning. Dat schrijft de commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen in een advies dat commissievoorzitter Wouter Bos vanmiddag aanbiedt aan minister Hugo de Jonge van VWS.

De commissie formuleert in haar advies 35 aanbevelingen die zij toetst aan de vier principes van de REIS:

  • Regie: vergroot de aanbeveling de mogelijkheden voor ouderen om zelf regie te voeren?
  • Eenvoud: vereenvoudigt de aanbeveling de ondersteuning en zorg voor ouderen, zowel voor de ouderen zelf als voor de professionals?
  • Integrale benadering: verwijdert de aanbeveling schotten en bevordert ze een integrale kijk op de behoefte aan ondersteuning en zorg?
  • Samenwerking: bevordert de aanbeveling de samenwerking tussen de verschillende bij de zorg voor thuiswonende ouderen betrokken partijen en professionals?

Veel van de aanbevelingen zijn terug te voeren tot drie centrale adviezen.

Het eerste is: ga (ver)bouwen! De fysieke woonomgeving is voor ouderen cruciaal om zelfstandig te kunnen (blijven) wonen en zo min mogelijk afhankelijk te worden van zorg. Nieuwe woonvormen, tussen het aloude eigen huis en het verpleeghuis in, kunnen een oplossing bieden. Op dit moment wordt er echter voor ouderen veel te weinig gebouwd en verbouwd. Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.

Het tweede advies is: ga digitaal! Dit advies is niet alleen gericht aan aanbieders van professionele zorg en ondersteuning, voor wie ‘digitaal het nieuwe normaal’ moet worden. Ook ouderen zelf zullen veel meer gebruik moeten maken van digitale technologieën, om hun dagelijks leven makkelijker en aangenamer te maken. Grootschalig gebruik kan leiden tot meer eigen regie, een hogere kwaliteit van leven en een doelmatiger inzet van schaarse zorgverleners.

Het derde is: werk samen! We zullen de komende decennia in de zorg voor ouderen moeten woekeren met schaarse middelen en mensen. Om de beschikbare middelen doelmatig te kunnen inzetten is lokale en regionale samenwerking de komende jaren belangrijker dan keuzevrijheid en concurrentie.

Omdat de commissie het belangrijk vindt dat haar advies kan rekenen op draagvlak bij alle partijen die bij zorg en ondersteuning voor thuiswonende ouderen betrokken zijn, nodigt zij belangstellenden uit om uiterlijk 1 april 2020 op het advies te reageren. Voor de zomer van 2020 zal zij de binnengekomen reacties en commentaren verwerken in versie 2.0 van haar advies.

Lees hier het adviesrapport;

Oud en zelfstandig in 2030. Een reisadvies

Rapport | 15-01-2020

Zie ook;

Lees ook;

Wouter Bos nieuwe voorzitter commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen

Commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen

Kamer ontstemd: wachtlijsten verpleeghuizen flink langer dan verwacht

NOS 15.01.2020 De wachtlijsten voor verpleeghuizen zijn opnieuw langer geworden. Het is niet gelukt ze terug te dringen, heeft minister De Jonge (CDA) gezegd in de Tweede Kamer. 18.600 mensen wachten op zorg, toen dit kabinet van start ging waren dat er rond de 10.000.

Een groot deel van de Tweede Kamer wil dat De Jonge meer doet om de wachtlijsten terug te dringen en is kritisch op hem. Alleen meer geld, zoals het kabinet al wel investeerde, is niet de enige oplossing, zeggen Kamerleden. Het kabinet moet het creëren van meer plekken tot de hoogste prioriteit maken. Er moeten maatregelen genomen worden om versneld te bouwen, aldus de Kamer.

GroenLinks-Kamerlid Ellemeet zegt dat al een jaar geleden duidelijk was dat er dringend iets moest gebeuren. Ze vindt het onbegrijpelijk dat niet duidelijk is welke regio welke capaciteit aan verpleeghuisbedden heeft.

PvdA-Kamerlid Kerstens vraagt zich af wat De Jonge “de afgelopen twee jaar heeft gedaan”. D66-Kamerlid Bergkamp vraagt of de minister dit niet zag aankomen. De Jonge zei eerder al dat het aantal wachtenden harder stijgt dan verwacht.

Schrijnende situatie

Volgens het ministerie van Volksgezondheid zijn niet alle 18.600 mensen op de wachtlijsten ‘actief wachtend’. Dat betekent dat ze volgens het ministerie niet allemaal acuut een bed nodig hebben, bijvoorbeeld omdat ze liever wachten op een plek dichterbij.

De lijst van wachtenden kan in werkelijkheid nog groter zijn: sommige mensen melden zich niet aan omdat ze dan een eigen bijdrage moeten betalen. Dat kan oplopen tot enkele honderden euro’s per maand, terwijl de kosten thuis voor gas, licht en andere zorg gewoon doorlopen.

Kamerleden van onder meer PVV en D66 willen af van die scheiding tussen “actief” en “niet actief”. Iemand kan pas op de wachtlijst worden geplaatst als hij of zij voldoet aan strenge toelatingseisen. “De situatie is dan al schrijnend”, zegt PVV-Kamerlid Agema. Alle wachtenden zijn mensen die dringend zorg nodig hebben, betoogt ze.

“Wat we moeten doen, is de versnelling zoeken. Er moeten meer plekken komen”, aldus Hugo de Jonge, CDA

Minister De Jonge erkent dat er nu snel geïnventariseerd moet worden. “Wat we moeten doen, is nu de versnelling zoeken. We moeten op korte termijn per regio tussen zorgkantoren en aanbieders opties inventariseren.” De Jonge wil voor de zomer weten wat de situatie is. PvdA-Kamerlid Kerstens vraagt zich daarop hardop af waarom dat “niet al duidelijk is”.

De Jonge erkent ook dat de regie op het gebied van extra bouwen te wensen over laat. PVV-Kamerlid Agema denkt dat er een aanwijzing nodig is om het bouwen te versnellen. De VVD wil dat er nog dit voorjaar een concreet noodplan ligt om het aantal plekken te vergroten.

Wirwar

Kamerleden hekelen ook de wirwar aan kosten voor wachtenden voor een verpleeghuis. SP-Kamerlid Hijink benadrukt dat de zorg die de wachtenden nog thuis nodig hebben uit een andere pot wordt betaald dan de zorg in het verpleeghuis. Voor het op een wachtlijst staan, moeten ouderen soms al een bijdrage betalen.

Uit een TNO-rapport bleek eerder dat de behoefte aan verpleeghuiszorg de komende twintig jaar zal verdubbelen, van 128.000 bedden in 2017 tot 261.000 in 2040.

De Jonge: “Uiteindelijk denk ik niet dat we al die 260.000 plekken gaan realiseren. Al zou je het kunnen bouwen, zou je het vervolgens niet kunnen bemannen. Zo veel mensen zijn er niet, dus we zullen ook toe moeten naar andere vormen van verpleegzorg.”

Later vandaag komt een speciale commissie onder leiding van Wouter Bos met aanbevelingen voor de toekomst van de ouderenzorg,

Bekijk ook;

Advies: veel meer bouwen voor ouderen

NOS 15.01.2020 Er moeten veel meer woningen gebouwd worden waar ouderen zelfstandig kunnen wonen. En bestaande woningen moeten worden aangepast aan de behoeften van deze groep. Dat zijn de belangrijkste aanbevelingen van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos. Het rapport is aangeboden aan minister De Jonge van Volksgezondheid.

We moeten af van het motto dat ouderen vooral zolang mogelijk thuis moeten blijven wonen, staat in het advies. “Veel 75-plussers denken dan begrijpelijkerwijs aan het huis waar zij nú wonen,” Maar die woning is vaak helemaal niet geschikt om betaalbare en veilige zorg te leveren, schrijft Bos. In veel gevallen is het veel beter als ouderen verhuizen naar een aangepaste woning.

In 2015 woonde slechts 20 procent van de 65-plussers in een huis dat min of meer aangepast was. Met het oog op de vergrijzing is de belangrijkste aanbeveling van Bos dan ook: begin met (ver)bouwen! Nieuwe woonvormen zouden het gat moeten vullen tussen de oude woning en het verpleeghuis.

Kangoeroewoningen

Voorbeelden van zulke woonvormen zijn woongroepen waar ouderen bij elkaar wonen en kangoeroewoningen, waarbij twee woningen via een tussendeur met elkaar verbonden zijn. Vaak wonen opa en oma dan in het ene huis, en woont het gezin van een van de kinderen in het andere.

“Op dit moment wordt er voor ouderen echter veel te weinig gebouwd en verbouwd”, concludeert de commissie. “Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.”

Vandaag bleek dat er de laatste jaren ook veel te weinig nieuwe verpleeghuizen zijn gebouwd. Mede daardoor zijn de wachtlijsten voor een plek in zo’n instelling fors gestegen.

Digitaal wordt de norm

De commissie denkt dat er in de toekomst ook veel meer gebruik moet worden gemaakt van digitale technieken om het leven van ouderen gemakkelijker te maken. Niet alleen voor zorgaanbieders, maar ook voor ouderen zelf moet digitaal “het nieuwe normaal” worden.

“Inzetten op digitaal als norm leidt tot meer doelmatigheid en meer regie bij de ouderen die ermee om kunnen gaan.” Er hoeft dan niet altijd iemand te komen en die capaciteit kan weer ingezet worden bij kwetsbare ouderen, denkt de commissie.

Bekijk ook;

‘Meer woningen en minder concurrentie voor thuiszorg ouderen’

AD 15.01.2020 De zorg voor thuiswonende ouderen staat onder druk en er moeten flinke stappen worden genomen om deze zorg op peil te houden. Door meer woningen te bouwen en verbouwen, maar ook door ouderen bijvoorbeeld meer gebruik te laten maken van digitale technieken.

Dat zijn de belangrijkste adviezen van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos, die sinds eind 2018 de zorg voor thuiswonende ouderen onder de loep nam. Gezien de beperkte financiële middelen en de krappe arbeidsmarkt moet in de thuiszorg samenwerking de prioriteit krijgen boven keuzevrijheid en concurrentie, vindt Bos.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het aantal ouderen dat zelfstandig woont, is sinds de jaren 80 flink gestegen. In 1980 woonde 37 procent van de 80-plussers op zichzelf, inmiddels is dat 89 procent. Aangezien de bevolking de komende tien jaar verder veroudert, zal de druk op de zorg alleen maar toenemen, aldus de commissie.

Het is tijd voor actie, en wel direct, aldus Liane den Haan, ouderenbond ANBO.

Het rapport valt in ieder geval in goede aarde bij ouderenbond ANBO. ,,We zijn blij dat de commissie precies heeft opgeschreven wat wij al jaren roepen”, zegt directeur Liane den Haan. ,,Namelijk dat goed ouder worden niet begint bij zorg, maar bij goed wonen. Het begint bij voldoende, geschikte woonvormen voor senioren.

Zij willen wel verhuizen, maar kunnen nergens naartoe. Het rapport geeft de goede aanbevelingen, maar wat ons betreft moet de vrijblijvendheid eraf. Gemeenten moeten per direct aan de slag. Er is nu al een tekort van 80.000 geschikte woningen voor ouderen. Gemeenten en woningcorporaties, het is tijd voor actie. En wel direct.”

Verzorgingshuizen

De onderzoekers onder leiding van Bos zien een aantal knelpunten voor de toekomst. Zo is er het tekort aan zorgpersoneel, neemt de druk op mantelzorgers toe en is er een gat tussen ‘thuis’ en het ‘verpleeghuis’, dat is ontstaan door het verdwijnen van verzorgingshuizen.

Gemeenten en corporaties moeten meer doen om voldoende geschikte woningen te realiseren voor ouderen. ,,Op dit moment ontbreekt het daaraan”, schrijft de commissie.

De commissie hamert ook op het belang van het gebruik van digitale technologieën door ouderen, die digitaal steeds vaardiger worden. Daarmee kan niet alleen het zelfstandig wonen makkelijker worden, maar ook professionele zorg worden ondersteund. Daarbij moet bijvoorbeeld worden gedacht aan online boodschappen doen, maar ook het zelf uitvoeren van bepaalde medische metingen.

Betrokken partijen werken niet altijd optimaal samen, concluderen de onderzoekers, “omdat de verhoudingen tussen partijen gebaseerd zijn op grondgedachte van onderlinge concurrentie”. Dat moet anders, vindt de commissie “gegeven de dreigende en reeds manifeste schaarste van middelen”, waaronder mantelzorgers, vrijwilligers, zorgprofessionals en geld.

Om het draagvlak zo groot mogelijk te maken, kunnen mensen tot 1 april reageren op het advies van de commissie. Die reacties zullen vervolgens worden meegenomen en verwerkt in een definitieve versie van het rapport. Dat moet voor de zomer klaar zijn.

 

Wouter Bos tijdens een symposium over de komst van het Europees Geneesmiddelen Agentschap (EMA) naar Amsterdam, vorig jaar. Beeld ANP

De ouderenzorg moet ingrijpend veranderd

Trouw 15.01.2020 De ouderenzorg moet op de schop, nu Nederland in snel tempo vergrijst. Een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos komt met ingrijpende voorstellen.

Ouderen zullen meer moeten betalen voor hun zorg en ondersteuning, nu Nederland door de vergrijzing steeds meer chronisch zieke ouderen telt. De politiek moet daarbij het ‘dogma’ loslaten dat zo lang mogelijk thuis wonen een recht is, en moet ouderen gaan voorbereiden op de boodschap dat de kosten van de oude dag veel vaker voor rekening van de oudere zelf gaan komen.

Dat is de indringende boodschap van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos, over de toekomst van de zorg voor thuiswonende ouderen. Ook het zorgstelsel moet anders.

Op verzoek van het kabinet heeft de commissie op een rij gezet voor welke uitdagingen Nederland staat door de vergrijzing. Over tien jaar zijn er ruim twee miljoen 75-plussers, zo’n 600.000 meer dan nu. “Thuis (blijven) wonen is geen onbeperkt recht om de daarmee gepaard gaande kosten op de samenleving af te wentelen”, aldus de commissie.

Eigen huis opeten

Het eigen huis ‘opeten’ om zelf de kosten te betalen van woningaanpassing, of om te kunnen verhuizen naar een aangepaste woning, noemt de commissie als voorbeelden. Een andere optie is dat ouderen de kosten van een verpleeghuis voortaan voor een deel zelf betalen, vergelijkbaar met het bedrag dat ze anders kwijt geweest zouden zijn aan woonlasten en huishouden. Het kabinet zou dit moeten onderzoeken, is een van de adviezen.

Dan moeten er wel veel meer geschikte woningen voor ouderen komen. Gemeenten moeten plannen gaan opstellen hoe die woningen er gaan komen, samen met woningcorporaties en projectontwikkelaars. Er gebeurt nu veel te weinig, de vrijblijvendheid moet eraf, waarschuwt de commissie het kabinet. Ook moeten er meer plekken komen in verpleeghuizen.

De commissie heeft vooral gekeken hoe de zorg anders en beter georganiseerd kan worden zonder dat de kosten verder oplopen. Een probleem is dat er in 2030 minder mensen zijn om thuiswonende ouderen te helpen.

“Er dreigen tekorten aan mantelzorgers, vrijwilligers en professionals in zorg en welzijn”. Meer mensen aan het werk krijgen in de zorg is ook geen oplossing, want dan komt direct de betaalbaarheid verder in het gedrang, aldus de commissie.

Een eenvoudiger zorgstelsel

Tegelijkertijd moet de zorg wel beter worden, want die is nu verre van optimaal. Kwetsbare ouderen die nog thuis wonen krijgen soms tien verschillende zorgverleners over de vloer.

Zelf de zorg regelen, en daarbij makkelijk de weg vinden “is helaas nog geen realiteit”, aldus de commissie, die waarschuwt dat er in 2030 meer ouderen zullen zijn die geen kinderen hebben om op terug te vallen, en dat arme ouderen drie keer zo vaak in een ‘kwetsbare’ situatie verkeren als rijke ouderen.

Politiek gevoelig is vooral het advies dat het huidige zorgstelsel niet geschikt is om goede zorg te garanderen voor ouderen die thuiswonen. De commissie wil een ‘eenvoudiger’ stelsel en werpt zelfs de gedachte op om een ‘forse ingreep’ te doen in het stelsel, door de huidige rolverdeling tussen verzekeraars, gemeenten en overheid helemaal los te laten.

Er zou idealiter één pot geld moeten komen voor alle ouderenzorg. Maar daarvoor is nu nog geen politiek en maatschappelijk draagvlak, terwijl zo’n stelselwijziging zelf ook duur is.

Een tussenoplossing is dat er op lokaal niveau wel één pot geld komt, waar verzekeraars en gemeenten samen de zorg voor thuiswonende ouderen uit financieren. Sowieso vindt de commissie dat verzekeraars moeten ophouden met het laten concurreren van thuiszorgaanbieders.

Twee à drie verschillende aanbieders per wijk is het maximum, en organisaties moeten meer gaan samenwerken. “De grondgedachte van onderlinge concurrentie maakt samenwerking in de praktijk nu vaak moeilijk”, schrijft de commissie. Daarmee is ook de politieke discussie over de marktwerking verder geopend.

Lees ook:

Net als de minister zien verpleeghuizen dat het beter gaat. ‘Maar niet goed genoeg’

De verpleeghuizen die zo zuchten onder het tekort aan personeel krijgen iets meer ademruimte. De investeringen om de personeelstekorten terug te dringen en de kwaliteit van de zorg te verhogen werkt. Althans, dat zei minister Hugo de Jonge van volksgezondheid in december. Merken de verpleeghuizen dat ook?

Zorgverzekering is onrechtvaardig voor ouderen

Zorgverzekeraars snijden dekking en risico toe op gezonde, werkende mensen. 70-plussers die juist meer zorg nodig hebben, vallen buiten de boot, merkt Kees de Vries, lezer te Maasdam. De overheid moet volgens hem de zorgverzekeringen weer in handen nemen.

MEER OVER; NEDERLAND POLITIEK SAMENLEVING OUDEREN MENSEN WOUTER BOS GEZONDHEID WILMA KIESKAMP

 

januari 15, 2020 Posted by | bezuinigingen, Commissie BOS, commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen, fraude, marktwerking, ouderenzorg, politiek, privatisering, Verpleeghuis, verzekeringsfraude, Wouter Bos, ziekenhuis, Zorg, zorgfraude, zorginstellingen | , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 18 – commissie Bos

Wetsvoorstel Winstuitkering in de Ziekenhuiszorg ingetrokken !!

Een kwadelijke man met een stropdas staat achter stapels met geld

De stekker eruit !!

Na zeven jaar trekt het kabinet de stekker uit een voorstel dat winstuitkering in de ziekenhuiszorg mogelijk had moeten maken. Dit schrijft minister Bruno Bruins voor Medische Zorg en Sport maandag 28.10.2019 in een brief aan de Eerste Kamer.

Het wetsvoorstel werd in 2014 al aangenomen door de Tweede Kamer, maar bleef hangen in de Eerste Kamer, omdat er geen meerderheid voor leek te zijn.

Het is momenteel overigens wel mogelijk voor private partijen om te investeren in de ziekenhuiszorg. Het is sinds 2006 echter verboden om winst aan hen uit te keren.

Winstuitkering in de zorg: terug van weggeweest

De VWS-bewindslieden gingen op 16 jul 2018 de mogelijkheid voor zorginstellingen om winst te mogen uitkeren aan aandeelhouders, serieus onderzoeken. Ze dachten aan een gedifferentieerd model met verschillende regels per sector. Dat schreven zij toen aan de Tweede Kamer.

Daarmee was het onderwerp winstuitkering ineens weer terug op de agenda. In juli 2014 had de Tweede Kamer het wetsvoorstel “Vergroten Investeringsmogelijkheden in Medisch Specialistische Zorg” aangenomen. Dit maakt het voor ziekenhuizen en medisch specialisten mogelijk om onder strikte voorwaarden winst uit te keren.

Deze voorwaarden zouden ook gaan gelden voor dochterondernemingen en derden waaraan de zorg wordt uitbesteed. Voormalig VWSminister Schippers liet haar adviesaanvraag in december 2014 echter van de agenda schrappen, omdat zij onvoldoende steun leek te krijgen van de partijen in de Eerste Kamer. Sindsdien lag de behandeling stil.

Verbod winstuitkering

Op dit moment geldt er een verbod op winstuitkering in de intramurale zorg: voor medisch specialistische zorg, verpleging, verzorging, begeleiding of behandeling van gedragswetenschappelijke aard in combinatie met Wlz-verblijf (intramurale Wlz en intramurale GGZ), erfelijkheidsadvisering en ADL-assistentie. Zorgaanbieders in de extramurale zorg mogen wel winst maken, zoals: huisartsencentra, verloskundigen, kraamzorg, wijkverpleging, mondzorg, ziekenvervoer en kleinschalige woonvoorzieningen.

Bouwregime

Het onderscheid tussen intramuraal en extramuraal komt voort uit het toenmalige bouwregime in de zorg, waarbij de overheid de kapitaallasten volledig vergoedde. Omdat niet de zorgaanbieder maar de overheid alle kosten en risico’s inzake zorgvastgoed droeg, werd winstuitkering door aanbieders van intramurale zorg onwenselijk geacht.

Intussen dragen zorgaanbieders zelf alle kosten en risico’s van zorgvastgoed, ongeacht of zij intramurale of extramurale zorg verlenen. Bovendien zijn de traditionele grenzen tussen intramurale en extramurale zorg de afgelopen jaren steeds meer vervaagd, onder meer door de verschuiving van zorg en de opkomst van nieuwe initiatieven zoals e-health.

Financiering

Ziekenhuizen kunnen geen risicodragend kapitaal aantrekken, omdat zij daarover op grond van het huidige winstverbod geen vergoeding mogen betalen, terwijl juist zij een grotere behoefte hebben aan alternatieve financieringsbronnen naast bankleningen. Instellingen met een winstoogmerk, krijgen geen WTZi-toelating en zijn dus niet in staat contracten af te sluiten met zorgverzekeraars.

Dit verbod kan echter gemakkelijk worden omzeild. Het staat een WTZi-toegelaten instelling vrij om activiteiten uit te besteden aan derden, zoals een dochter van de WTZi-toegelaten instelling of een derde partij. Wettelijk gezien is de zorginstelling met de WTZi-toelating altijd verantwoordelijk voor de geleverde zorg en kan daarop worden aangesproken door toezichthouders, zorgverzekeraars, zorgkantoren of patiënten.

Wetsvoorstel

Het oorspronkelijke wetsvoorstel schrapte de verplichting voor zorgaanbieders om de verkoop en verhuur van zorgvastgoed te laten goedkeuren door het College Sanering Zorginstellingen (CSZ). De Tweede Kamer heeft in 2014 echter een amendement aangenomen dat dit toezicht behoudt en uitbreidt naar huur en koop.

Op 31 januari 2017 is een motie aangenomen die de regering verzoekt om met voorstellen te komen om ook winstuitkering in de extramurale langdurige zorg te verbieden. Het nieuwe kabinet moet hierover oordelen. De nieuwe regering wil gelijkgerichtheid in het ziekenhuis bevorderen door medisch specialisten te stimuleren over te stappen naar het participatiemodel. Het verbod op winstuitkering lijkt echter het belangrijkste obstakel hiervoor.

VWS

De drie bewindslieden bogen zich over de vraag of het huidige onderscheid tussen intramurale en extramurale zorg bepalend moet zijn of dat de regelgeving meer zou moeten aansluiten bij de effecten op de betaalbaarheid, kwaliteit en toegankelijkheid van zorg. De ministers en staatssecretaris hinten in de brief op verschillen in regelgeving over winstuitkering per zorgsector. Maar voor het tot een besluit komt, willen de bewindslieden willen nader onderzoek laten doen naar de huidige praktijk, financiering, effecten van winstuitkering en juridische aspecten. Begin 2019 zegde zij toe de Kamer te zullen informeren.

Promotieonderzoek winst in de zorg

Jurist en arts Emke Plomp deed onderzoek naar winstuitkering in de zorg. Haar conclusie was dat dit juridisch houdbaar is maar dat wel aanvullende maatregelen nodig zijn om de publieke belangen in de gezondheidszorg te beschermen. Plomp ontving voor haar proefschrift de Goudsmitprijs.

Kamerstukken

Wijziging-wet-clientenrechten-winstuitkering

amendement-bruins-slot

Voorwaarden_winstuitkering_aanbieders_medisch-specialistische_zorg

brief 25.10.2019 1e kamer Min MZS

Brief 09.07.2019 1e kamer Min VWS

document a Bijlage 1

document b Bijlage 2

document c bijlage 3

document d Bijlage 4

document e Bijlage 5

Brief 28.03.2019 1e kamer Min VWS

verslag 05.02.2019 1e kamer

verslag 02.11.2018 1e kamer

brief 13.07.2018 1e kamer Min VWS

verslag 01.06.2018 1e kamer

brief 09.03.2016 1e kamer Min VWS

brief 09.03.2016 1e kamer Min VWS

Brief 02.03.2015 RvS

Brief 15.01.2015 Min VWS

nota 04.12.2014 1e kamer

verslag 03.12.2014 1e kamer

nadere memorie van antwoord 21.11.2014 1e kamer

memorie van antwoord 27.10.2014 1e kamer

gewijzigd wetsvoorstel 01.07.2014 1e kamer

gewijzigd_voorstel_van_wet 01.07.2014 1e kamer

gewijzigd_amendement_van_het_lid  01.07.2014 1e kamer Bruins

amendement_van_het_lid 22.05.2014 1e kamer Arno Rutte

Nog meer;

Kabinet trekt stekker uit voorstel voor winstuitkering in ziekenhuiszorg

Kabinet trekt voorstel voor winstuitkering in ziekenhuiszorg in

Bruins haalt wetsvoorstel voor winstuitkeringen ziekenhuizen terug

Meer voor winstuitkering in de ziekenhuiszorg

(PDF) Winstuitkering bij ziekenhuiszorg – ResearchGate

Winstuitkering in de zorg: terug van weggeweest – Zorgvisie 

Stekker uit voorstel voor winstuitkering in ziekenhuiszorg 

Winstuitkering in de zorg – NVZ 

Ziekenhuizen kunnen goedkoper uit zijn bij winstuitkeringen 

Laat ziekenhuizen geen winst uitkeren aan investeerders 

Voorwaarden winstuitkering aanbieders medisch 

mogen ziekenhuizen winst uitkeren

mogen zorginstellingen winst maken

winst zorginstellingen

winst ggz

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende

zie ook: Ook zorgkosten inkomensafhankelijk ?? – Belastingdienst betaalt de rekening !!

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 17

nog meer : Een op de vijf topbestuurders in de zorg verdient boven de norm

zie ook:  Gedonder met topbestuurders in de zorg, het onderwijs, woningcorporaties en toezichthouders

zie ook:  PvdA is boos over de aanpak Topsalaris publieke en semi-publieke sector – deel 5

zie ook: Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 4

zie ook: Zorgen over Marktwerking versus verzelfstandiging en privatisering

zie ook: Marktwerking in de zorg is vooral een machtsstrijd tussen politici

zie ook: Hoe geloof in marktwerking in de zorg verdween

Kabinet trekt stekker uit voorstel voor winstuitkering in ziekenhuiszorg

NU 28.10.2019 Het kabinet trekt na zeven jaar de stekker uit een voorstel dat winstuitkering in de ziekenhuiszorg mogelijk had moeten maken, schrijft minister Bruno Bruins voor Medische Zorg en Sport maandag in een brief aan de Eerste Kamer.

Bruins schrijft dat het kabinet eerst meer inzicht wil krijgen in de kwaliteit van de ziekenhuiszorg, voordat een verruiming van de mogelijkheden voor dividenduitkering mogelijk kan zijn. Ook is het geen goed moment om nu over te gaan op winstuitkeringen binnen de ziekenhuiszorg, in een periode waar er juist veel gesproken wordt over het beperken van de winsten van zorginstellingen, aldus Bruins.

Het wetsvoorstel stamt uit 2012 en werd geïntroduceerd door de toenmalige minister Edith Schippers. Het kunnen uitkeren van winsten aan aandeelhouders zou investeringen in de zorg aantrekkelijker maken, argumenteerde zij destijds. Dit geld zou interessant zijn, gezien de stijgende zorgkosten.

Het wetsvoorstel werd in 2014 al aangenomen door de Tweede Kamer, maar bleef hangen in de Eerste Kamer, omdat er geen meerderheid voor leek te zijn.

Het is momenteel overigens wel mogelijk voor private partijen om te investeren in de ziekenhuiszorg. Het is sinds 2006 echter verboden om winst aan hen uit te keren.

Lees meer over: Zorg  Economie

Wetsvoorstel Vergroten investeringsmogelijkheden in medisch-specialistische zorg ingetrokken

1E kamer 28.10.2019 Minister Bruins voor Medische Zorg en Sport (MZS) heeft het wetsvoorstel Vergroten investeringsmogelijkheden in medisch-specialistische zorg bij brief van 25 oktober 2019 ingetrokken.

De Eerste Kamer heeft eerder, op 9 december 2014, de plenaire behandeling van het voorstel aangehouden. Dit gebeurde op verzoek van de toenmalige minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) in afwachting van aan de Raad van State te vragen voorlichting over de implicaties van het amendement Bruins Slot bij artikel 18 van de Wet toelating zorginstellingen.

Naar aanleiding van de voorlichting van de Raad van State is de Kamer op 9 maart 2016 geïnformeerd over het voornemen van de regering om het wetsvoorstel met een novelle te wijzigingen. Op 9 juli 2019 hebben de bewindspersonen van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de Eerste Kamer geïnformeerd dat ‘het kabinet de tijd nog niet rijp acht voor een verruiming van de investeringsmogelijkheden in de medisch-specialistische zorg’.

Bij het nader uitwerken van maatregelen om excessieve winsten te voorkomen, heeft minister Bruins vastgesteld dat het ‘niet logisch’ is om hierop vooruit te lopen met het aangehouden wetsvoorstel. Daarom heeft hij besloten het wetsvoorstel in te trekken.

oktober 31, 2019 Posted by | 1e kamer, 2e kamer, marktwerking, NZA, politiek, privatisering, topinkomens, tweede kamer, Winstuitkering, ziekenhuis, ziekenhuizen, Zorg, zorgfraude, zorginstellingen | , , , , , , , , , , | 2 reacties

Ook zorgkosten inkomensafhankelijk ?? – Belastingdienst betaalt de rekening !!

Duizenden mensen lopen mee in de mars.

Een Zorgenloos inkomensafhankelijk leven en verder !!!!

De Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen van 23 juni 2005 streeft tot harmonisatie van inkomensafhankelijke regelingen (Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen)

Huur

Scheefwoners gaan nog meer huur  betalen. Die maatregelen nam het kabinet om de vastgelopen woningmarkt vlot te trekken. De aanpak van scheefwoners is niet onomstreden.

Vorig jaar bleek al dat de coalitie iets wil doen aan scheefwoners, maar dat leidde tot veel woedende reacties. Zo stelt een deel van de scheefwoners dat zij geen mogelijkheden hebben om te verhuizen naar een koopwoning of duurder huurhuis.

In 2019 is een inkomensafhankelijke (hogere) huurverhoging toegestaan als het gezamenlijke inkomen (in 2017) van alle bewoners in een huishouden hoger is dan 42.436 euro. Bij de inkomensafhankelijke huurverhoging is de minimale huurstijging 4,2 procent en de maximale huurstijging 5,6 procent.

AD 12.11.2019

AD 11.11.2019

Combinatiekorting

U kunt als ouder de combinatiekorting krijgen als u werkt en uw kind jonger is dan 12 jaar. Verder hangt de korting af van uw inkomen. De Belastingdienst beoordeelt of u de inkomensafhankelijke combinatiekorting kunt krijgen.

Boetes

Dan was er ook nog dat plan om boetes inkomensafhankelijk te maken !!! De rechter legt in Nederland steeds meer geldboetes op. Deze stijging is vooral een gevolg van de groeiende overtuiging dat van gevangenisstraf nog nooit iemand beter geworden is.

Meer geldboetes dus. Maar een geldboete wordt niet door iedere verdachte als straf ervaren. Een rijke ondernemer laat een boete door zijn bedrijf betalen, terwijl een bijstandsmoeder niet eens voldoende geld heeft om haar kapotte wasmachine te vervangen. Daarom moeten we boetes inkomensafhankelijk maken.

En dan komt zomaar de SP met weer een nieuw Zorgplan

De SP wil mensen alleen nog via de fiscus laten betalen voor de zorg, zodat de hoogte van die rekening totaal inkomensafhankelijk wordt. Dus geen eigen risico of zorgpremie meer. Volgens het CPB is het socialistische voorstel gunstig voor veruit de meeste Nederlanders.

Voorberekening CPB

Het Centraal Planbureau (CPB) heeft het plan van de SP doorgerekend. Mensen met een gezamenlijk bruto-inkomen tot 86.000 euro gaan er naar verwachting op vooruit. Iedereen met een hoger inkomen is het kind van de rekening.

Toch is er nog veel onduidelijk over het voorstel van de SP !!!

Ongewenste effecten?

Allereerst heeft het CPB niet onderzocht wat de arbeidsmarkteffecten zijn. Ook wordt geen rekening gehouden met afwenteling van hogere lasten voor bedrijven op gezinnen. Het is dus onzeker wat de daadwerkelijke economische effecten zijn van het SP-voorstel.

Verder bestaat er onduidelijkheid over de gedragsmatige effecten die het plan van de SP met zich meebrengt. Zo is niet bekend in hoeverre de zorgvraag – en dus de zorgkosten – toenemen als het besef onder burgers verdwijnt dat de zorg daadwerkelijk geld kost. Als het aan de SP ligt, verdwijnt het eigen risico en is de zorg straks ‘gratis’, terwijl dat in werkelijkheid niet zo is.

Voorstel gunstig voor leeuwen­deel huishou­dens, zegt CPB

Nu is een gezin van tweeverdieners met kinderen en een modaal salaris jaarlijks zo‘n 20 procent van het inkomen kwijt aan zorg. Bij de allerrijkste huishoudens gaat het maar om 11 procent. Hartstikke oneerlijk, vindt SP-Kamerlid Maarten Hijink. ,,De sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen. Dat doen we via ons belastingstelsel.’’

De oppositiepartij wil volgend jaar al het verplichte eigen risico en de zorgtoeslag afschaffen en de zorgpremie op nul zetten. In plaats daarvan worden de inkomensafhankelijke fiscale bijdrage aan de zorgverzekeringswet, die er nu ook al is, en de inkomstenbelasting verhoogd.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Rekenmeesters

Maarten Hijink © ANP

De SP heeft het plan helemaal laten doorrekenen door het Centraal Planbureau (CPB). Volgens de rekenmeesters gaan de lagere en middeninkomens er daardoor fors op vooruit: tussen de 3,5 procent en 4,2 procent. De hoogste inkomens daarentegen leveren in doorsnee 3,9 procent in.

In 2012 stelden VVD en PvdA in hun regeerakkoord al voor om de zorgpremie inkomensafhankelijk te maken en een groot deel van de bijdragen te fiscaliseren. Het plan belandde in de prullenbak, nadat vooral de achterban van de liberalen in opstand kwam. De financiële effecten van de maatregel pakten desastreus uit voor grote groepen.

SP‘er Hijink vindt het logisch dat het coalitieplan faliekant mislukte. ,,De VVD wilde de miljonairs matsen. Daarom hadden ze gezorgd dat de premie en bijdragen vanaf een jaarinkomen van 70.000 euro niet meer verder stegen. Maar iemand moest de zorgkosten toch dragen, dus waren de lagere inkomens bij hen de klos. Wij hebben dat plafond niet, bij ons dragen de rijken altijd het meeste bij.”

Stelsel kraakt en piept

De inrichting van het huidige zorgstel­sel kraakt en piept. Dus laat de politiek maar uitleggen waarom dit niet kan, aldus Maarten Hijink (SP) over de politieke haalbaarheid van zijn plan.

De parlementariër ziet niet in waarom de coalitie dit plan zou afschieten. ,,Alle partijen geven hoog op over de middeninkomens en die gaan er zo flink op vooruit. Daarnaast kraakt en piept de inrichting van het huidige zorgstelsel, dat zien zij ook. Dus laat de politiek maar uitleggen waarom het niet kan.”

Voor de langere termijn houdt de SP overigens vast aan een Nationaal Zorgfonds, waarbij de zorgverzekeraars compleet worden afgeschaft. Hijink: ,,Dit is een tussenstap. We zeggen: je kunt eerder beginnen met het eerlijk verdelen van de zorgkosten. Volgend jaar al.”

Kortom, de SP wil het zorgstelsel grondig aanpakken. Het eigen risico en de zorgtoeslag worden afgeschaft en er moet minder premie geïnd worden door zorgverzekeraars. In ruil daarvoor gaat de inkomstenbelasting fors omhoog, behalve voor de laagste inkomensgroepen.

Op deze manier wil de SP de zorgkosten opnieuw gaan verdelen. Het plan zou een ‘opstapje’ zijn naar het Nationaal Zorgfonds, waarin alle verzekeraars verdwijnen.

NHS

Ook in het Verenigd Koninkrijk bestaat een ‘gratis’ zorgstelsel, de NHS, waarbij de zorg vrijwel volledig wordt betaald uit belastingen. Dat zorgt voor grote problemen, zoals lange wachtlijsten bij huisartsen.

Ook de kwaliteit van de zorg daar is beduidend lager bij onze Westerburen, bleek al uit eerdere onderzoeken. Nederland doet het een stuk beter.

Kritiek voormalig hoogleraar

Het bericht van SP komt een dag na depublicatie over dat de zorgverzekering sinds 2006 zo’n 446 euro duurder is geworden.

Ook Marcel Canoy, voormalig hoogleraar zorgeconomie, ziet niets in de plannen van de Socialistische Partij. Op NPO Radio 1 gaf hij zijn kritiek op de plannen: “Het CPB trapt iedere keer in dezelfde valkuil. Het zijn namelijk boekhoudsommetjes. Een grote stelselwijziging gaat gepaard met gedragseffecten”.

Volgens Canoy is het niet te overzien welke ongwenste gevolgen een ander type zorgstelsel (en financiering daarvan) gaat hebben, bijvoorbeeld op de doelmatigheid en toegankelijkheid.

Zorg is al inkomensafhankelijk

Tot slot reageerde Chris Oomen, voormalig topman van DSW, in Stand.nl op de ideeën van de SP. Op de vraag: “Moeten de zorgkosten inkomensafhankelijk worden?”, antwoordde hij: “Dat zijn ze al”.

En dat klopt:

Iedereen in Nederland heeft een verplichte zorgverzekering waarvoor men premie betaalt aan de zorgverzekeraar. Mensen met een inkomen beneden de circa 30.000 euro (38.000 euro voor gezinnen) komen in aanmerking voor zorgtoeslag. Verder betaalt iedereen met een zorgverzekering ook een inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (Zvw). Iemand die meer verdient, draagt meer bij aan de zorgkosten.

Naast de premie voor je zorgverzekering betaal je ook een bijdrage zorgverzekeringswet. Deze bijdrage zorgverzekeringswet is inkomensafhankelijk. Hoe hoger je inkomen, hoe hoger de bijdrage die je betaalt.

Bijdrage zvw 2019

De hoogte van de inkomensafhankelijke bijdrage die je moet betalen, wordt uitgedrukt in een percentage. Dit percentage verschilt per inkomstenbron. De percentages voor de inkomensafhankelijke bijdrage in 2019 vind je in onderstaand overzicht:

2019 2018 2017
Inkomensafhankelijke bijdrage Zvw (werkgeversheffing) 6,95% 6,90% 6,65%
Inkomensafhankelijke (eigen) bijdrage Zvw (ondernemers/gepensioneerden) 5,70% 5,65% 5,40%
Inkomensafhankelijke bijdrage Wlz (voorheen AWBZ) 9,65% 9,65% 9,65%

Let op: De Belastindienst hanteert wel een bovengrens voor de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage. Over al het brutoinkomen boven 55.923 euro heft de Belastingdienst geen inkomensafhankelijke bijdrage meer.

Echter dit gaat, als het aan de SP ligt, nog niet ver genoeg. Zij willen dat de rekening in grotere mate wordt neergelegd bij mensen met een hoog inkomen of met een flink pensioen.

VVD

Het inkomensafhankelijk maken van de zorgpremie is niet gestoeld op liberale beginselen en is “verre van eerlijk”. Dat zei directeur Patrick van Schie van de Teldersstichting, het wetenschappelijk bureau van de VVD,

Inkomensafhankelijk huurbeleid

Meer voor inkomensafhankelijk

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 17

zie ook: Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 4

zie ook: Zorgen over Marktwerking versus verzelfstandiging en privatisering

zie ook: Marktwerking in de zorg is vooral een machtsstrijd tussen politici

zie ook: Hoe geloof in marktwerking in de zorg verdween

zie ook: Staatssecretaris Menno Snel D66 (Financiën) en het verdere gedonder met de belastingdienst – deel 3

Rijkere buurt wil nu ook Wmo-poetshulp, stadsbestuur niet blij

AD 11.11.2019 Het afschaffen van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor hulp in de huishouding zorgt voor opvallende effecten in Den Haag. In rijkere wijken als Benoordenhout en Ypenburg stijgt het aantal aanmeldingen fors. Het stadsbestuur is daar niet blij mee.

De forse groei blijkt uit cijfers die de gemeente heeft vrijgegeven op verzoek van deze krant. In Ypenburg steeg het aantal gebruikers van hulp in de huishouding tussen januari en eind juli met 17 procent. Bij het wijkteam Haagse Hout (zowel Benoorden- als Bezuidenhout) steeg dit percentage met 10. In beide gevallen is het veel meer dan het gemiddelde in de stad, dat niet meer is dan 4 procent groei

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

In achterstandswijken als Moerwijk en Transvaal/Groente- en Fruitmarkt daalde het aantal poets-hulpen juist dat wordt betaald uit de gemeentelijke pot Maatschappelijke Ondersteuning.

Kabinetsbeleid

De oorzaak van de stijging in de rijkere wijken is gelegen in kabinetsbeleid. De oorspronkelijke regels voor de verplichte eigen bijdrage waren erg nadelig voor mensen met een hoog inkomen of veel spaargeld. Zeker als zij meer vormen van hulp kregen, liepen de eigen bijdragen fors op. Daarom is er nu een abonnementstarief, van 17,50 per vier weken.

Geld moet naar wie het écht nodig heeft, aldus Parbhudayal.

De gemeente benadrukt dat niet iedereen die in Ypenburg of Benoordenhout woont rijk is,toch baart de groei zorgwethouder Parbhudayal zorgen, ze heeft nu al een gapend gat in de begroting. ,,Als mensen die heel goed in staat zijn om zelf hun hulp te betalen, nu thuiszorg via de gemeente nemen omdat ze dan goedkope hulp krijgen, vind ik dat niet goed. Geld moet naar wie het écht nodig heeft.”

Eén op drie Nederlanders onaangenaam verrast door zorgkosten

AD 31.10.2019 Eén op de drie Nederlanders is dit jaar onaangenaam verrast door zorguitgaven waarvoor ze moesten bijbetalen. Het leeuwendeel (43 procent) was ervan uitgegaan dat de kosten wel onder de dekking zouden vallen van de zorgpolis. De financiële tegenvaller bedroeg voor de meesten zo’n 250 euro of meer.

Dit komt naar voren in een onderzoek dat vergelijker Pricewise liet uitvoeren onder 1000 mensen. Een kwart (27 procent) van de verzekerden die onaangenaam verrast werd door de rekening, had geen rekening gehouden met het eigen risico. Nog eens een kwart (23 procent) was er niet van op de hoogte dat zijn verzekeraar geen contract had met een door hem gekozen zorgverlener. Daardoor vergoedde de verzekeraar slechts een deel van de kosten en kwam de rest voor eigen rekening. De rekening werd betaald voor zorgverleners en medicijnen.

Lees ook;

Consumenten onwetend over minder ‘gunstige’ zorgverzekering

Lees meer

Onderzoek door: Pricewise.nl

Pricewise wijt de tegenvaller over de zorgrekening vooral aan grote onwetendheid over wat er volgens de zorgpolis nu wel en niet wordt vergoed. Die onwetendheid blijkt wel uit de antwoorden die mensen geven op in het onderzoek gestelde vragen. Zo zegt 44 procent niet te weten wat voor type basisverzekering hij heeft. Ook kennen de meesten het verschil niet tussen een natura of restitutieverzekering en is niet voor iedereen duidelijk dat bij een restitutieverzekering een maximale vergoeding kan gelden. Dit om extreem hoge kosten, in bijvoorbeeld een privékliniek, tegen te gaan.

Raadsel

Ook blijft het onderwerp eigen risico voor veel Nederlanders een raadsel. Zo weet 44 procent niet dat het eigen risico (385 euro) moet worden aangesproken zodra zij een beroep doen op zorg uit de basisverzekering, bijvoorbeeld bij een opname in het ziekenhuis. Verder weet slechts 36 procent dat je voor sommige medische kosten naast het eigen risico een eigen bijdrage moet betalen.

Pricewise test sinds 2015 ieder jaar de zorgkennis van 1000 mensen met 33 vragen over onder andere de basisverzekering, eigen bijdrage, zorgkosten en vergoedingen. Dit jaar scoren de deelnemers een zeer magere 4,9, ondanks alle voorlichtingscampagnes. Vorig jaar scoorden verzekerden nog een 5,4. Toen was de basiskennis over de zorgverzekeringen ook al verslechterd.

Koudwatervrees

Volgens Hans de Kok, directeur van Pricewise, worden veel consumenten geplaagd tot inactiviteit en koudwatervrees en lezen zij zich niet in. ,,Als mensen er meer vanaf weten, zijn ze uiteraard veel beter in staat een passende keuze te maken, dan worden ze minder overvallen door tegenvallende kosten, ook als zij besluiten om niet over te stappen.”

Het gros van Nederlanders is zo huiverig om over te stappen dat ze de afgelopen 14 jaar nog nooit hun zorgverzekering hebben aangepast of zijn overgestapt naar een andere verzekeraar. Angst en twijfel speelt een belangrijke rol om op de handen te blijven zitten, concludeerde onderzoekster en gedragspsycholoog Marijke van Putten in een onderzoek dat zij verrichtte in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. ,,Mensen laten liever alles bij het oude dan dat ze veranderen want ja, stel je voor”, zei ze vorig jaar in een interview.

Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) raadt mensen aan om toch ‘echt heel goed naar de zorgverzekering te kijken’. ,,Mensen moeten er niet automatisch van uitgaan dat de verzekering die ze nu hebben ook volgend jaar de goede is”, luidt het advies.

Vijf dingen die je moet weten over je zorgverzekering;

1. Basisverzekering of aanvullende zorgverzekering?
Iedere Nederlander is wettelijk verplicht verzekerd voor de basisverzekering. Voor deze verzekering geldt een acceptatieplicht. Dat betekent: de verzekeraar mag niemand weigeren die zich als nieuwe klant aanmeldt. De aanvullende verzekering is bedoeld als een aanvulling op de basisverzekering. Dit gaat om vergoedingen voor dingen die niet in het basispakket zitten. Denk aan: fysio, brillen en lezen, tandarts en alternatieve zorg. Aanvullende verzekeringen zijn er in heel veel prijsklassen én formaten.

2. Restitutie- of naturapolis?
Dit zijn twee type basisverzekeringen. Bij de restitutiepolis vergoedt de verzekeraar álle zorgaanbieders. Het maakt niet uit of de verzekeraar afspraken met de zorgverlener heeft of niet. Bij de naturapolis is dat contract wél essentieel.

Als er een contract is betaalt de verzekeraar rechtstreeks de rekening. Als er geen contract is, dan moet je de rekening voorschieten en soms zelf een deel van de rekening betalen. Om niet voor onaangename verrassingen te komen is het goed om de polisvoorwaarden te bestuderen en na te gaan of een verzekeraar afspraken heeft met bepaalde zorgpartijen, zoals ziekenhuizen in de buurt.

3. Wat zit er in de basisverzekering?
De overheid beslist ieder jaar wat er in de basisverzekering komt en de inhoud verandert zo’n beetje elk jaar. Vanuit de basisverzekering wordt de belangrijkste zorg vergoed. Een greep: een bezoek aan de huisarts; ziekenhuiszorg: de ambulance, het ziekenhuisverblijf en de behandeling door medisch specialisten; tandartskosten voor kinderen tot en met 18 jaar; kraamzorg en verloskundige hulp; fysiotherapie tot 18 jaar en voor chronische aandoeningen; geneesmiddelen en wijkverpleging.

4. Wat is het verschil tussen eigen risico en eigen bijdrage?
De hoogte van het eigen risico wordt jaarlijks vastgesteld door de overheid en is alleen van belang bij de basisverzekering. Het gaat voor volgend jaar wederom om een bedrag van 385 euro (en vrijwillig te verhogen tot 885 euro). Wie gebruik gemaakt van de zorg, betaalt de eerste 385 euro uit eigen zak. Daar zijn wel een paar uitzonderingen op: voor de huisarts geldt bijvoorbeeld geen eigen risico.

Bij een aanvullende- of tandartsverzekeringen geldt geen eigen risico. Dan over de eigen bijdrage. Ook die geldt alleen voor zaken in het basispakket. Dat kunnen zijn hulpmiddelen, geneesmiddelen (wanneer die duurder zijn dan de gemiddelde prijs) of kraamzorg. Hoe hoog de eigen bijdrage is, hangt af van het soort zorg. Ook die hoogte wordt jaarlijks door de overheid vastgesteld.

5. Wat valt er onder het eigen risico?
Voor de huisarts hoef je zoals gezegd geen eigen risico te betalen. Wel kan er een rekening op de mat vallen als je medicijnen hebt gekregen, een bloedonderzoek hebt laten doen of als de huisarts je doorverwijst naar een ziekenhuis. De ziekenhuiskosten die daardoor gemaakt worden, gaan van je eigen risico af. Kosten voor een ambulance of een bezoek aan de spoedeisende hulp gaan wel altijd ten koste van het eigen risico.

SP: Maak betalen voor zorg totaal inkomensafhankelijk

AD 24.10.2019 De SP wil mensen alleen nog via de fiscus laten betalen voor de zorg, zodat de hoogte van die rekening totaal inkomensafhankelijk wordt. Dus geen eigen risico of zorgpremie meer. Volgens het CPB is het socialistische voorstel gunstig voor veruit de meeste Nederlanders. Maar is het politiek ook haalbaar?

Voorstel gunstig voor leeuwen­deel huishou­dens, zegt CPB

Nu is een gezin van tweeverdieners met kinderen en een modaal salaris jaarlijks zo‘n 20 procent van het inkomen kwijt aan zorg. Bij de allerrijkste huishoudens gaat het maar om 11 procent. Hartstikke oneerlijk, vindt SP-Kamerlid Maarten Hijink. ,,De sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen. Dat doen we via ons belastingstelsel.’’

De oppositiepartij wil volgend jaar al het verplichte eigen risico en de zorgtoeslag afschaffen en de zorgpremie op nul zetten. In plaats daarvan worden de inkomensafhankelijke fiscale bijdrage aan de zorgverzekeringswet, die er nu ook al is, en de inkomstenbelasting verhoogd.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Rekenmeesters

Maarten Hijink © ANP

De SP heeft het plan helemaal laten doorrekenen door het Centraal Planbureau (CPB). Volgens de rekenmeesters gaan de lagere en middeninkomens er daardoor fors op vooruit: tussen de 3,5 procent en 4,2 procent. De hoogste inkomens daarentegen leveren in doorsnee 3,9 procent in.

In 2012 stelden VVD en PvdA in hun regeerakkoord al voor om de zorgpremie inkomensafhankelijk te maken en een groot deel van de bijdragen te fiscaliseren. Het plan belandde in de prullenbak, nadat vooral de achterban van de liberalen in opstand kwam. De financiële effecten van de maatregel pakten desastreus uit voor grote groepen.

SP‘er Hijink vindt het logisch dat het coalitieplan faliekant mislukte. ,,De VVD wilde de miljonairs matsen. Daarom hadden ze gezorgd dat de premie en bijdragen vanaf een jaarinkomen van 70.000 euro niet meer verder stegen. Maar iemand moest de zorgkosten toch dragen, dus waren de lagere inkomens bij hen de klos. Wij hebben dat plafond niet, bij ons dragen de rijken altijd het meeste bij.”

Stelsel kraakt en piept

De inrichting van het huidige zorgstel­sel kraakt en piept. Dus laat de politiek maar uitleggen waarom dit niet kan, aldus Maarten Hijink (SP) over de politieke haalbaarheid van zijn plan.

De parlementariër ziet niet in waarom de coalitie dit plan zou afschieten. ,,Alle partijen geven hoog op over de middeninkomens en die gaan er zo flink op vooruit. Daarnaast kraakt en piept de inrichting van het huidige zorgstelsel, dat zien zij ook. Dus laat de politiek maar uitleggen waarom het niet kan.”

Voor de langere termijn houdt de SP overigens vast aan een Nationaal Zorgfonds, waarbij de zorgverzekeraars compleet worden afgeschaft. Hijink: ,,Dit is een tussenstap. We zeggen: je kunt eerder beginnen met het eerlijk verdelen van de zorgkosten. Volgend jaar al.”

CPB: SP-plan ziektekosten gunstig voor huishoudens met inkomen tot 86.000 euro

MSN 24.10.2019 Schaf de ziektekosten premie, het eigen risico en de zorgtoeslag af en betaal de ziektekosten uit de schatkist, uit de belastingopbrengsten. Dat voorstel van de SP blijkt voor huishoudens met een gezamenlijk inkomen tot 86.000 euro bruto per jaar goed uit te pakken. De heeft de rekenmeester van het kabinet, het Centraal Planbureau, berekend.

Nu heeft iedereen een verplichte ziektekostenverzekering bij een zorgverzekeraar. De premie voor het basispakket bedraagt zo’n 110 euro per maand per volwassene.

Lage inkomens krijgen compensatie voor de kosten via de zorgtoeslag, maar voor iedereen geldt het eigen risico van 385 euro per jaar.

Kan veel eerlijker

De SP wil dat allemaal afschaffen. SP-Kamerlid Maarten Hijink licht toe: “Je ziet nu dat de zorgkosten worden opgebracht door mensen die dat moeilijk kunnen betalen en het kan dus veel eerlijker.”

Want de SP wil de zorgkosten uit de belastingopbrengsten betalen. Dan betalen automatisch de hoogste inkomens meer dan mensen die minder verdienen. Het SP-plan zou voor de laagste inkomens een koopkracht verbetering van 3,5 procent betekenen.

© Aangeboden door RTL Nederland

Gunstiger

Maar zelfs huishoudens die gezamenlijk ruim 86.000 euro verdienen gaan er nog bijna 2 procent op vooruit.

Hijink: “Dat laat maar zien hoe oneerlijk het op dit moment ingericht is, en als je dat via de belastingen eerlijker doet, voor het overgrote deel van de Nederlanders, driekwart, veel gunstiger is.”

oktober 25, 2019 Posted by | 2e kamer, Belastingdienst, cpb, politiek, sp, SP, toeslagen, ziekenhuis, ziekenhuizen, Zorg, zorgfraude, zorginstellingen | , , , , , , , , | 2 reacties

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 17

Telegraaf 19.10.2019

Het knelt in de Zorg

In de ‘Stand van de zorg‘ constateert NZA dat de kosten (te) hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen.

AD 01.11.2019

Het is belangrijk dat partijen de krachten bundelen. Welke zorg, ‘waar’ en ‘door wie’ ze de zorg laten geven moet opnieuw bekeken worden. Dit jaar gaven ze voor het eerst meer dan 100 miljard uit aan zorg. Daar krijgen ze veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.

In de jaarlijkse ‘Stand van de zorg’ constateren ze dat de zorgkosten stijgen door onder meer de vergrijzing en het personeelstekort. Ze zien dat er stappen worden gezet om de kostenstijging in de hand de houden. Ze constateren dat er veel initiatieven en beleidsvoornemens zijn. En dat is goed. Maar de resultaten zijn nog te mager.

Kortom het knelt !!!

lees ook: Stand van de Zorg 2019 NZA

Personeelstekort in de Zorg oververtegenwoordigd

Door de bloeiende economie is er in meerdere sectoren een tekort aan mensen. Maar de zorg is wel oververtegenwoordigd. Vijf van de tien beroepen waar grote tekorten zijn, zijn zorgberoepen, zoals wijkverpleegkundigen of psychiaters.

Op dit moment zijn er ruim 30.000 vacatures in de zorg. Bovendien komen er, mede door de vergrijzing, steeds meer patiënten bij. Het RIVM heeft al berekend dat over een tijdje 1 op de 4 werkenden een zorgmedewerker zou moeten zijn.

Volgens het ministerie van Volksgezondheid is dat aantal nog nooit zo hoog geweest. Reden voor minister Hugo de Jonge om het startsein te geven voor een reclamecampagne om het imago van werken in de zorg op te kalefateren. Als onderdeel van de campagne werd op donderdag17.10.2019 ook een vacaturewebsite gelanceerd.

Ziekenhuizen

Het Beatrixziekenhuis in Gorinchem en het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch zijn de winnaars van de Ziekenhuis Top 100, die morgen verschijnt op deze site. De eerste is het beste streekziekenhuis, de ander is de nummer één bij de topklinische ziekenhuizen.

AD 30.12.2019

AD 15.11.2019

Grote blijdschap bij medewerkers van beide winnende ziekenhuizen, en vooral ook trots. Want aan de top komen is één ding, er blijven is een stuk lastiger. Toch is dat precies wat de winnende ziekenhuizen deden. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis stond ook vorig jaar op de eerste plaats en ook het RIVAS Beatrixziekenhuis eindigt de laatste jaren steevast bovenin.

AD 08.11.2019

,,Deze eerste plaats is – wederom – de kroon op het dagelijks werk van onze zorgverleners’’, zegt Anja Blonk, directeur van het Beatrixziekenhuis, dat twee keer eerder winnaar was. Dat was in 2016 en 2017, toen de ranglijst nog geen onderscheid maakte tussen de zogenoemde topklinische en de algemene- of streekziekenhuizen. Die onderverdeling is nodig omdat ziekenhuizen zich steeds verder specialiseren; topklinische ziekenhuizen richten zich op complexe operaties en behandelingen, in het streekziekenhuis kun je terecht voor basiszorg.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis, voor de tweede keer op een rij het beste topklinische ziekenhuis van Nederland. © Pim Ras Fotografe

Telegraaf 27.11.2019

Terugblik

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis wint voor de tweede keer op rij de Ziekenhuis Top 100. Maar het is een roerig jaar: personeel voert actie voor betere lonen en er loopt een rechtszaak rond de overleden baby Luna. ,,Verdrietige dingen horen bij een ziekenhuis”, zegt bestuursvoorzitter Piet-Hein Buiting.

Het personeelstekort bij het UMCG in Groningen is zo hardnekkig dat het ziekenhuis al een jaar lang vier operatiekamers dichthoudt. Ook zijn er minder bedden beschikbaar, schrijft RTV Noord.

Dat komt door een gebrek aan specialistisch personeel in de operatiekamers. Daarom sloot het ziekenhuis vorig jaar vier van de 29 operatiekamers. Ook kwamen er minder bedden op de intensive care.

Eerder deze maand 08.10.2019 werd ook al duidelijk dat elf ziekenhuizen in Nederland er slecht voor staan. Dat blijkt uit de jaarlijkse Benchmark Ziekenhuizen, waarvoor BDO Accountants de Nederlandse ziekenhuizen op basis van hun financiële jaarverslagen van 2018 rangschikt. Het LangeLand Ziekenhuis in Zoetermeer scoort het slechtst; dat krijgt nu een twee en vorig jaar een drie. Het Ommelander Ziekenhuis in Groningen moet het doen met een schamele vier, terwijl dat vorig jaar nog een acht kreeg.

Volgens de accountants is het vooral zorgwekkend als ziekenhuizen het twee jaar achter elkaar slecht doen. Drie ziekenhuizen scoren nu een vijf en vorig jaar een vier. Dat geldt voor het HagaZiekenhuis in Den Haag, het Brabantse Maasziekenhuis Pantein en het Zaans Medisch Centrum.

Verder bungelen ook onderaan de lijst nog het Limburgse Zuyderland (nu een vijf vorig jaar een twee), Ziekenhuisgroep Twente (nu een vijf, vorig jaar een drie), het Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis in Nijmegen (beide jaren een vijf). Kijk op deze interactieve kaart om te zien hoe het ziekenhuis bij jou in de buurt scoort. De rode ziekenhuizen scoren onvoldoendes.

Onlangs maakte Treant Zorggroep in het noorden van het land bekend dat het zich genoodzaakt ziet om vijfhonderd personeelsleden te ontslaan. Drie ziekenhuizen van die groep zitten in de problemen, maar in deze lijst krijgen die ziekenhuizen nog wel een zes, juist omdat zij maatregelen hebben genomen om rode cijfers tegen te gaan. Zo’n 500 medewerkers zullen hun baan verliezen, gedwongen ontslagen worden niet uitgesloten. Wegens de problemen sluit de nachtelijke spoedhulp in Stadskanaal per direct.

BDO verwacht niet dat er op korte termijn ziekenhuizen kopje onder gaan. Na het bankroet van het Amsterdamse MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen in Lelystad op 25 oktober 2018 zijn bestuurders volgens de accountants voorzichtiger geworden. ,,Het ministerie, zorgverzekeraars en gemeenten zullen er alles aan doen om dat te voorkomen,’’ verwacht Van den Haak. Het faillissement van het Slotervaart-ziekenhuis bracht zeker één patiënt in levensgevaar.

Vorig jaar voorspelde BDO Accountants: dat ‘meer ziekenhuizen zullen omvallen’.  Zeker veertien ziekenhuizen in ons land verkeerden toen in de gevarenzone, stelde het accountantskantoor toen.

Ook al deden ziekenhuizen het financieel iets beter dan vorig jaar, ‘het gevreesde zorginfarct’ is volgens accountants ‘niet afgewend’.

AD 16.12.2019

Premies voor personeel

Het Groningse ziekenhuis nam het afgelopen jaar verschillende maatregelen. Zo kregen medewerkers een premie van 5000 euro als ze drie jaar zouden blijven. Daarnaast gingen parttime medewerkers van het operatiecentrum extra uren werken. Ook trok het ziekenhuis extra personeel aan. Het hielp, maar niet genoeg.

Telegraaf 16.12.2019

Dat is opmerkelijk, want juist in het Bredase ziekenhuis wordt vandaag actie gevoerd voor een betere cao. Het personeel houdt onder meer een stilteactie, protestmars, en verschillende toespraken. Voor veel patiënten betekent de actie dat geplande operaties, onderzoeken en afspraken zijn verzet. Van den Haak: ,,Dit is de financiële score, dat wil niets zeggen over de kwaliteit van de zorg of de werkdruk en happiness van de medewerkers.’’

Nieuw manifest De Tien Geboden

Voor kwetsbare ouderen is er welliswaar 2,1 miljard euro extra bij gekomen, maar in drie jaar tijd gaat het slechts ietsiepietsie beter beter in de ouderenzorg. Daarom hebben Wanda de Kanter, Carin Gaemers en Hugo Borst een nieuw manifest gemaakt: De Tien Geboden voor de zorg voor ouderen die vanwege dementie in het verpleeghuis zitten.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

Tekortkomingen

Ook wordt lang niet altijd een professionele afweging gemaakt over welke zorg mensen nodig hebben; in 47 procent van de gevallen constateert de inspectie hierop tekortkomingen. Het bijhouden van het dossier van bewoners is een nog groter probleem. Bij zo’n twee derde van de instellingen wordt dit niet goed gedaan.

Om de situatie te verbeteren, is vereist dat medewerkers functioneren in “een veilige cultuur, waarin de zorgmedewerker open kan zijn over zijn twijfels en dilemma’s”,stelt de inspectie. Een kwart van de bezochte verpleeghuizen voldoet daar nog niet aan.

Op www.igj.nl/verpleeghuiszorginbeeld zijn de landelijke resultaten te zien van de toezichtbezoeken. Daarnaast is op de site van de inspectie op een overzichtskaart te zien welke instellingen er bezocht zijn en wat de bevindingen van de inspectie op deze locaties waren.

AD 19.11.2019

AD 21.10.2019

AD 21.10.2019

Problemen bij de jeugdzorg

De omzet in de jeugdzorg is vorig jaar gestegen en het aantal cliënten is toegenomen. Toch zit bijna een kwart van de jeugdzorginstellingen in de rode cijfers

Telegraaf 03.12.2019

AD 03.12.2019

Dit komt onder andere omdat tarieven niet kostendekkend zijn, personeel duurder wordt door de krappe arbeidsmarkt en de vraag naar zorg toeneemt.

Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 jeugdzorgorganisaties uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop in samenwerking met accountantskantoor Verstegen. Intrakoop is een inkoopcoöperatie voor zorginstellingen en heeft ongeveer zeshonderd leden door het land.

In 2015 is de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg overgegaan van de Rijksoverheid naar de gemeenten. De overgang ging gepaard met een bezuiniging van 15 procent en heeft bijgedragen aan de financiële druk op de sector, concludeert Intrakoop.

13 miljoen minder nettoresultaat

De totale omzet van de onderzochte instellingen bedroeg afgelopen jaar circa 2,5 miljard euro, 200 miljoen meer dan een jaar eerder. Hoewel de omzet met 6,4 procent steeg, en het aantal cliënten met 5,4 procent, daalde het nettoresultaat met 13 miljoen naar 33 miljoen euro.

Eerste staking

Afgelopen september 2019 legden veel jeugdzorgwerkers een dag het werk neer vanwege de crisis in de jeugdzorg. Ze zeiden dat er 950 miljoen euro nodig was om de administratiedruk te verlagen en arbeidsvoorwaarden te verbeteren. Het was voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis dat medewerkers uit de jeugdzorg het werk neerlegden.

Ook staakten ze voor betere arbeidsvoorwaarden, een lagere werkdruk en een einde aan de ‘inkoopwaanzin’, de term die ze gebruiken voor het beleid van gemeenten om de jeugdzorg tegen zo laag mogelijke tarieven in te kopen. Het was de eerste staking in de geschiedenis van de jeugdzorg.

Als rode cijfers zich twee à drie jaar voortzet­ten, kun je op je vingers natellen dat het mis gaat, aldus Harald Bresser, Intrakoop.

Met het omvallen van de Brabantse jeugdzorginstelling Juzt is al een van de grotere instellingen door zijn hoeven gegaan. Vorige week ketste weer een overname af van de  organisatie die zorg biedt aan 1800 jongeren. Dit weekend werd bekend dat de Gelderse instelling Pluryn zo ernstig in de financiële problemen zit dat het zijn deuren wil sluiten voor schrijnende, acute gevallen.

Verschillende Zuid-Hollandse jeugdinstellingen slepen gemeenten voor de rechter omdat ze de tarieven van de gemeente te laag vinden. Zij stellen: ‘Onder deze voorwaarden gaan we failliet’. Volgende week doet de rechter uitspraak. Een advocaat van Curium, een academisch centrum voor kind- en jeugdpsychiatrie, reageerde verbijsterd: ,,Er wordt een berekening gemaakt van de productiviteit, daar wordt een wiskunde op losgelaten die werkelijk is losgezongen van de realiteit.’’

Fraude

Een deel van de Nederlandse zorgaanbieders fraudeert mogelijk met hun declaraties. 97 grote zorgaanbieders boekten in 2017 samen 51,7 miljoen euro winst. Dat is veel meer dan je zou verwachten op basis van hun bedrijfsvoering.

Journalisten van Pointer,Reporter Radio en Follow the Money bekeken de jaarrekeningen van 1.959 grote zorginstellingen in de geestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg en thuiszorg. 97 instellingen boekten gemiddeld 20,8 procent winst, terwijl twee tot drie procent in de sector normaal is. Thuiszorgorganisatie Anahid spande de kroon: daar werd bijna 67 procent winst geboekt.

Onlangs beschreef Follow the Money hoe handige ondernemers een fikse winst in de zorg kunnen opstrijken. Anahid kreeg in dat stuk een bijzondere vermelding: over het boekjaar 2017 maakte het bedrijf namelijk een winst van 66,8 procent. Dergelijke winsten zijn absurd hoog: in 2016 was het gemiddelde resultaat in de thuiszorg vóór belasting 3,9 procent.

Incidenteel kan een hogere winst dan normaal geboekt worden, bijvoorbeeld door subsidies of verkoop van een bedrijfsonderdeel. Voor de 97 zorgbedrijven is de hoge winst echter structureel en niet eenvoudig te verklaren, aldus de onderzoekers.

Eerst veroordeeld zijn voor oplichting of poging tot doodslag, dan als bestuurder verantwoordelijk worden voor de besteding van zorggeld. Dat klinkt misschien vreemd, maar is allerminst ongewoon. Dat blijkt uit onderzoek van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). De organisatie keek naar de voorgeschiedenis van 53 zorgbestuurders die betrokken waren bij fraudezaken. Dertig van hen bleken al een strafblad te hebben. Hoe kunnen zulke rotte appels toch op zo’n plek komen?

Bij Zorgfraude zijn vaak bestuurders betrokken die een strafblad hebben en die vaak ook veroordeeld zijn. Dat blijkt uit een onderzoek (.pdf) van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ).

Het IKZ onderzocht 53 bestuurders in 41 zaken waarin sprake was van zorgfraude. Dertig van hen (57 procent), bleek een juridisch dossier te hebben. Daarvan zijn 25 personen veroordeeld, één zaak loopt nog en vier bestuurders zijn niet veroordeeld. Het gaat geregeld om meerdere veroordelingen per bestuurslid en om uiteenlopende delicten, waaronder fraude, diefstal en geweldsdelicten.

AD 05.11.2019

Meldingen geweld

De commissie-De Winter opende een meldpunt voor slachtoffers tijdens een onderzoek naar seksueel, fysiek en psychisch geweld in de jeugdzorg sinds 1945. Bij dit meldpunt kwamen er in totaal honderden meldingen binnen.

Van de meldingen van seksueel, fysiek en psychisch geweld in de jeugdzorg kunnen uiteindelijk maar zes meldingen in een daadwerkelijke aangifte resulteren. De rest van de zaken is verjaard, blijkt uit gegevens van het Openbaar Ministerie die dagblad Trouw heeft opgevraagd.

Dat meldde Trouw maandag 01.07.2019 op basis van opgevraagde cijfers van het Openbaar Ministerie (OM). Van de ongeveer duizend meldingen zijn veruit de meeste zaken verjaard.

Secretaris Christiaan Ruppert van de commissie-De Winter, die het onderzoek hiernaar uitvoerde, noemt de zes gevallen “een magere oogst”. Met de verjaarde zaken kan juridisch niets meer gedaan worden.

Inkoop Jeugdzorg

Jeugdzorginstellingen hebben van de rechter gelijk gekregen in hun strijd om een fatsoenlijke vergoeding voor het verlenen van jeugdhulp.

De gemeente moet opnieuw kijken naar te lage tarieven. Het overgrote merendeel van de instellingen was naar de rechter gestapt. Dat concludeert de Haagse voorzieningenrechter dinsdag 22.10.2019 na een kort geding, gevoerd door twaalf jeugdhulpaanbieders.

De procedure werd aangespannen door verschillende jeugdzorginstellingen waaronder Jeugdformaat, Ipse de Bruggen, Parnassia en Rivierduinen, naar eigen zeggen samen goed voor 85 procent van de totale jeugdzorg in de gemeenten rond Den Haag.

Tien gemeenten in de Haagse regio startten dit jaar gezamenlijk een nieuwe procedure voor de inkoop van jeugdhulp. De tarieven, die de gemeenten voorstelden, klopten volgens de jeugdzorginstellingen van geen kant en daarom stapten ze naar de rechter. Ze voelden zich klemgezet. Het ging om zowel de grote instellingen als Jeugdformaat, als de ‘kleintjes’, de vrijgevestigde eenpitters, bij elkaar goed voor 85 procent van alle jeugdzorg.

Jeugdwet

Eerder deze week kwam naar buiten dat een kwart van de jeugdzorgorganisaties verlies lijdt. Een oorzaak is de krappe arbeidsmarkt waardoor instellingen veel extern personeel in moeten huren met stijgende personeelskosten tot gevolg.

lees: healthcheck ggz 22.07.2019

lees: kamerbrief over investeringsmogelijkheden kwaliteit en bedrijfsvoering van zorgaanbieders 09.07.2019

lees: uitkering van dividend door zorgaanbieders 17.06.2019

lees: advies over het reguleren van winstuitkering door zorgaanbieders 17.12.2018

lees: hoofdlijnen van de juridische analyse bijlage B

lees: hoofdlijnen van de praktijk en effectanalyse Bijlage A

Bekijk ook;

Zie ook: Zorgcowboys

Zie ook: Weer gedonder bij de Haagse Wijk- en Woonzorg HWW

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 16

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2 

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook; Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 3

zie ook: Gaat het gedonder in de Haagse zorg gewoon verder ???

zie ook: Manifest gedonder ook in de Haagse Zorg door bezuinigingen

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook: De affaire Loek Winter versus Gerommel in de zorg

en zie verder ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg – deel 5

zie verder dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 4

en zie dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 3

zie dan verder ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 2

en zie dan ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 1

‘Gemeenten kampen met financiële tekorten door onderschatten zorgvraag’

NU 30.12.2019 Nederlandse gemeenten kampen met financiële tekorten omdat zij de hoeveelheid zorg waar jongeren en ouderen om vragen, hebben onderschat. Dat zegt algemeen directeur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) Jantine Kriens maandag in gesprek met de Volkskrant.

Gemeenten kregen op 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid voor jeugdhulp, de ondersteuning van ouderen en mensen met beperkingen en de begeleiding voor mensen zonder regulier werk.

Hiermee kregen lokale overheden verantwoordelijkheid voor de zorg van ongeveer twee miljoen Nederlanders. Vijf jaar geleden werden zorgtaken overgedragen aan lokale overheden.

Het idee was dat gemeenten de zorg efficiënter konden vormgeven, waardoor het overdragen van verantwoordelijkheid samenging met bezuinigingen. Dit bleek niet haalbaar voor gemeenten en de lokale overheden hoopten op steun van de overheid, wat volgens hen uitbleef.

Het ministerie van Volksgezondheid zegt dat gemeenten deze hulp wel hebben gekregen en meer geld krijgen van het gemeentefonds. Toch willen de gemeenten een verhoging van het budget. Het ministerie gaat onderzoeken of dit nodig is.

Om problemen in de jeugdzorg aan te pakken moeten gemeenten volgens het ministerie beter gaan samenwerken, aldus een woordvoerder tegen de Volkskrant.

Lees meer over: Binnenland

Ziekenhuispersoneel krijgt 8 procent loonsverhoging

Telegraaf 30.12.2019  De leden van vakbond FNV hebben ingestemd met de cao voor personeel in ziekenhuizen. Half december werd het onderhandelaarsakkoord bereikt voor de 200.000 medewerkers die onder de cao vallen. 88 procent van de vakbondsleden stemden in met het akkoord.

Ziekenhuispersoneel krijgt een structurele loonsverhoging van 8 procent met een looptijd van 27 maanden. Ook is er een hogere onregelmatigheidstoeslag afgesproken die uitkomt op een extra structurele loonsverhoging van zo’n 2,5 procent. Verder krijgen alle ziekenhuismedewerkers een eenmalige bruto uitkering van 1200 euro over 2019 in januari. In het akkoord zijn ook hogere salarissen afgesproken voor leerlingen en stagiairs.

De vakbonden en de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen hadden, na maandenlange acties bij ziekenhuizen, half december een akkoord gesloten. In november was er nog een grote landelijke ziekenhuisstaking, medewerkers eisten een stevige structurele loonsverhoging en betere afspraken over werk- en rusttijden.

BEKIJK OOK: 

Nieuwe ziekenhuis-cao valt goed: ’Leuk kerstcadeau’ 

BEKIJK OOK: 

Ziekenhuizen: dure cao, overheid moet bijspringen 

BEKIJK MEER VAN; vakbonden Federatie Nederlandse Vakbeweging Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen

Ziekenhuisoorlog beslecht: cao brengt rust in zorgsector terug

AD 30.12.2019 De FNV is akkoord met de nieuwe cao voor ziekenhuispersoneel. Bijna negentig procent van de leden vindt dat ze er in loon en arbeidsomstandigheden voldoende op vooruit gaat.

Het conflict tussen de ziekenhuiswerkgevers en vakbeweging lijkt daarmee eindelijk beslecht. Maandenlang werd er niet tussen de partijen gepraat nadat de cao-onderhandelingen spaak liepen. Nadat het personeel in bijna alle ziekenhuizen het werk neerlegde, eind november, werden de onderhandelingen hervat met hulp van een bemiddelaar. Dat resulteerde op 14 december 2019 in een cao-akkoord, waarmee de FNV-leden echter nog wel moesten instemmen.

FNV-leden akkoord met nieuwe cao ziekenhuispersoneel

OmroepWest 30.12.2019 De leden van van vakbond FNV hebben ingestemd met de cao voor personeel in ziekenhuizen. Half december werd het onderhandelaarsakkoord al bereikt voor de 200.000 medewerkers die onder de cao vallen. Uiteindelijk stemde bijna 90 procent van de vakbondsleden in met het akkoord.

Actiecomités van het Alrijne Ziekenhuis, Langeland Ziekenhuis, HagaZiekenhuis en het HMC reageerden twee weken geleden al positief op de berichten over een overeenstemming. ‘Het is een mooi en evenwichtig akkoord. De verslechteringen zijn van tafel en er zijn betere voorwaarden gekomen om de balans tussen werk en privé beter te krijgen’, zei een woordvoerder van het actiecomité van het Langeland Ziekenhuis.

Ziekenhuispersoneel krijgt in ruim twee jaar tijd een structurele loonsverhoging van 8 procent. Daarnaast heeft het FNV een hogere onregelmatigheidstoeslag afgesproken. Dat betekent dat er uiteindelijk een extra structurele loonsverhoging van zo’n 2,5 procent bij komt. Verder krijgen alle ziekenhuismedewerkers een eenmalige bruto uitkering van 1200 euro over 2019 in januari. Ook leerlingen en stagiairs profiteren van het akkoord. Ze krijgen een hogere vergoeding.

‘Blij dat het tot een akkoord gekomen is’

Het actiecomité van het HMC is blij dat de overeenkomst is ‘toegespitst op directe zorg.’ Volgens het actiecomité van het HagaZiekenhuis laat het akkoord ‘niet alleen zien dat actievoeren loont, maar vooral dat de nijpende situatie ten aanzien van het personeel binnen de ziekenhuizen duidelijk is.’

Voor het bereiken van het akkoord werd actie gevoerd door het personeel. In november was er nog een grote landelijke ziekenhuisstaking. De ziekenhuismedewerkers eisten onder meer een stevige structurele loonsverhoging en betere afspraken over werk- en rusttijden. ‘Er zijn echt te weinig mensen in het ziekenhuis’, zei Marleen Eikelenboom van het Westeinde Ziekenhuis toen. ‘Als er een schakel uitvalt, klapt alles hier in elkaar.’

CAO-onderhandelingen

Tien van de elf ziekenhuizen uit onze regio deden in november mee. In het elfde ziekenhuis werden ludieke acties gehouden, zoals het uitdelen van ballonnen en een gratis reanimatiecursus. De cao-onderhandelingen zaten sinds maart 2019 vast.

LEES OOK: Premier Rutte in HMC Westeinde om te praten met actievoerend personeel

Meer over dit onderwerp: FNV ZIEKENHUIS STAKING AKKOORD

Wachtlijst verpleeghuiszorg groeit opnieuw: ‘Druk op mantelzorgers’

NU 14.12.2019 Afgelopen jaar zijn er bijna vierduizend mensen bijgekomen op de wachtlijst voor langdurige zorg in de verpleging en verzorging. Ouderenbonden waarschuwen voor de gevolgen van lange wachttijden.

In een jaar tijd is het aantal mensen op de wachtlijst voor verpleeghuiszorg met 30 procent gestegen, blijkt uit cijfers van Zorginstituut Nederland. Dit is het tweede jaar op rij dat de wachtlijst zo sterk is gegroeid.

NU.nl vroeg zorgverzekeraars hoe ze tegen de stijging van de wachtlijsten aankijken. In Nederland beheren 8 zorgverzekeraars 31 regionale zorgkantoren. Zorgkantoren zijn verantwoordelijk voor de langdurige zorg in hun regio.

Tot een jaar wachten op plek van voorkeur

De 16.700 mensen op de wachtlijst hebben langdurig intensieve zorg nodig. De meeste van deze mensen willen naar een verpleeghuis dat ze kennen en niet naar een verpleeghuis in een ander dorp of stad. Andere mensen op de wachtlijst zitten juist al in een verpleeghuis ver van huis en wachten op een plek in het verpleeghuis van voorkeur. Dit zijn volgens het Zorginstituut Nederland ‘niet-actief’-wachtenden.

Verschillende verzekeraars schrijven dat de wachttijd voor de niet-actief-wachtenden flink is toegenomen. In de regio’s Twente en Arnhem, waar verzekeraar Menzis de zorgkantoren beheert, moeten deze mensen in vergelijking met begin dit jaar gemiddeld een maand langer wachten. Verzekeraar Zorg en Zekerheid, die twee zorgkantoren in Noord- en Zuid-Holland beheert, spreekt nu van een gemiddelde wachttijd van tien tot twaalf maanden.

“Er wordt voor iedereen een goede oplossing gevonden”

VGZ en CZ, die samen dertien zorgkantoren beheren, vertellen in gesprek met NU.nl dat volgens hen de aanhoudende stijging van de wachtlijsten in de verpleeghuiszorg een probleem is. Maar, dat op dit moment voor iedereen een goede oplossing kan worden gevonden, door bijvoorbeeld thuiszorg aan te bieden.

Ouderenbonden ANBO en KBO-PCOB maken zich meer zorgen om de stijging van het aantal mensen op de wachtlijst. De ouderenbonden waarschuwen dat de langere wachtlijst voor meer overbelasting van mantelzorgers en een toename van crisissituaties kan zorgen.

Zie ook: Waarom ouderenbonden bezorgd zijn over wachtlijsten bij verpleeghuizen

Wachtlijsten groeien sneller in Limburg en Brabant

Vooral buiten de Randstad lijken de wachtlijsten hard te groeien. CZ beheert zorgkantoren in Zuid-Holland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Uit cijfers van deze zorgkantoren blijkt dat de stijging in de Brabantse en Limburgse regio’s het afgelopen jaar veel sterker was dan in de regio’s in Zuid-Holland.

Dit beeld komt ook naar voren bij VGZ, dat zorgkantoren in Noord-Holland, Zuid-Holland, Noord-Brabant, Gelderland en Limburg beheert. Zij schrijven dat ze vooral een stijging zien in de regio Nijmegen, hun Limburgse regio en Noordoost-Brabant.

Niet alle zorgkantoren hebben inzicht gegeven in de regionale veranderingen. Daarom weten we niet van iedere regio hoe hard de wachtlijsten het afgelopen jaar stegen.

Vergrijzing zorgt voor meer ouderen die intensieve zorg nodig hebben

Uit cijfers van het CBS blijkt dat vooral Limburg snel vergrijst, vooral ten opzichte van Noord- en Zuid-Holland vergrijst de regio een stuk sneller.

Vergrijzing is dan ook volgens VGZ en CZ de belangrijkste oorzaak dat de wachtlijsten stijgen. Het aantal ouderen groeit en dus groeit ook het aantal ouderen dat langdurig intensieve zorg nodig zal hebben. Daarnaast zorgt het tekort aan personeel in de zorg en in sommige regio’s het tekort aan fysieke plekken voor langere wachttijden, aldus de zorgkantoren.

Hugo de Jonge, de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport schreef op 13 december in een brief aan de Tweede Kamer dat de vraag naar verpleeghuiszorg de afgelopen jaren groter was dan verwacht en dat deze vraag ook in de toekomst steeds groter wordt. Zicht op een concrete oplossing voor de wachtlijsten lijkt er niet te zijn. Het verder stijgen van de wachtlijsten wordt ook door de verzekeraars zelf niet uitgesloten.

Verantwoording

NU.nl bekeek voor dit onderzoek cijfers van Zorginstituut Nederland en vroeg aanvullende gegevens op bij de 31 zorgkantoren. Het Zorginstituut Nederland bericht maandelijks over het aantal mensen op de wachtlijst voor langdurige verpleging en verzorging. Voor dit bericht hebben we de cijfers van oktober 2019, oktober 2018 en oktober 2017 met elkaar vergeleken.

In het bericht van Zorginstituut Nederland staat het totaal aantal ‘niet actief-wachtenden’ en het aantal ‘actief-wachtenden’ dat langer dan zes weken wacht. Actief-wachtenden zijn mensen die zo snel mogelijk moeten worden geplaatst en dus soms ook in een verpleeghuis terecht komen die niet hun voorkeur heeft.

Het aantal mensen dat actief-wachtend is, maar korter dan zes weken wacht op zorg wordt niet door het Zorginstituut Nederland maandelijks gerapporteerd en is in de cijfers die in dit artikel worden genoemd daarom niet meegenomen.

De recentste cijfers over deze groep komen uit augustus 2019 en laten zien dat deze groep toen bestond uit ongeveer 1.300 mensen. Ook dit aantal is in vergelijking met begin dit jaar gegroeid.

Lees meer over: Zorg  Binnenland

Miljoenen extra naar verpleeghuizen

Telegraaf 26.11.2019 Het kabinet maakt bijna 180 miljoen euro vrij voor verpleeghuizen. Door verkeerde inschattingen en oplopende wachtlijsten is er flink meer geld nodig.

Uit de Najaarsnota blijkt dat minister Hoekstra (Financiën) de knip heeft moeten trekken. Dat was nodig omdat de kosten voor de langdurige zorg te laag ingeschat waren. Na een bijsturing door de Nederlandse Zorgautoriteit bleek dat er meer geld nodig was.

Daarom maakt het kabinet in de Najaarsnota nu 130 miljoen euro extra geld vrij voor de verpleeghuizen. Daar komt nog eens 60 miljoen euro bij vanwege de toegenomen wachtlijsten in dit jaar. Omdat er budgettair nog eens 11 miljoen euro wordt verrekend, gaat het onder de streep om 179 miljoen euro aan extra uitgaven.

Tegenvaller

De tegenvaller komt doordat het ministerie van Volksgezondheid het aantal mensen dat verpleeghuiszorg nodig heeft, te laag heeft ingeschat. Daarnaast moet er extra geld worden uitgetrokken om wachtlijsten weg te werken. Die lopen alsmaar verder op door de vergrijzing en een gebrek aan verpleegkundigen.

Eerder dit jaar maakte minister De Jonge (Volksgezondheid) al bekend het budget voor de langdurige zorg met 470 miljoen euro te verhogen. Daar komt dit bedrag nu nog bovenop.

Bekijk meer van; gezondheidszorgbeleid overheidsbeleid Hoekstra Financiën

Dit zijn de beste ziekenhuizen van Nederland

AD 07.11.2019 Het Beatrixziekenhuis in Gorinchem en het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch zijn de winnaars van de Ziekenhuis Top 100, die morgen verschijnt op deze site. De eerste is het beste streekziekenhuis, de ander is de nummer één bij de topklinische ziekenhuizen.

Grote blijdschap bij medewerkers van beide winnende ziekenhuizen, en vooral ook trots. Want aan de top komen is één ding, er blijven is een stuk lastiger. Toch is dat precies wat de winnende ziekenhuizen deden. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis stond ook vorig jaar op de eerste plaats en ook het RIVAS Beatrixziekenhuis eindigt de laatste jaren steevast bovenin.

,,Deze eerste plaats is – wederom – de kroon op het dagelijks werk van onze zorgverleners’’, zegt Anja Blonk, directeur van het Beatrixziekenhuis, dat twee keer eerder winnaar was. Dat was in 2016 en 2017, toen de ranglijst nog geen onderscheid maakte tussen de zogenoemde topklinische en de algemene- of streekziekenhuizen. Die onderverdeling is nodig omdat ziekenhuizen zich steeds verder specialiseren; topklinische ziekenhuizen richten zich op complexe operaties en behandelingen, in het streekziekenhuis kun je terecht voor basiszorg.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis, voor de tweede keer op een rij het beste topklinische ziekenhuis van Nederland. © Pim Ras Fotografe

Altijd wat te verbeteren

Dit betekent niet dat we tevreden achterover­leu­nen. In de zorg valt altijd wat te verbeteren, aldus Anja Blonk, directeur Beatrixziekenhuis.

De bovenste plaats in de ranglijst is volgens Piet-Hein Buiting, voorzitter van de Raad van bestuur van het Jeroen Bosch Ziekenhuis, vooral te danken aan het personeel. ,,En aan het feit dat wij hier voortdurend bezig zijn met de vraag hoe onze zorg beter kan.’’ Dat geldt ook voor het Beatrixziekenhuis: ,,Dit betekent niet dat we tevreden achteroverleunen. In de zorg valt altijd wat te verbeteren. En daar zetten we ook op in’’, zegt directeur Blonk.

De Top 100 gebruikt gegevens die ziekenhuizen elk jaar moeten aanleveren, bijvoorbeeld aan de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. De instellingen worden beoordeeld op 33 onderdelen die iets zeggen over het niveau van de zorg, zoals toezicht op medicijngebruik, uitkomsten van veelvoorkomende of juist heel complexe operaties, de kwaliteit van de verpleging of tijdige start van een behandeling.

Weinig complicaties

In het Beatrixziekenhuis worden zeer veel patiënten gescreend op pijn, ernstige verwardheid en ondervoeding, factoren die van invloed kunnen zijn op het herstel. Ook het beleid rond medicijnen is op orde: goede controle op de medicatie bij opname en ontslag voorkomt fouten. Het streekziekenhuis in Gorinchem scoort veel punten met veelvoorkomende operaties: er zijn weinig complicaties na een galblaasverwijdering, het plaatsen van knie- of heupprotheses of het plaatsen van een pacemaker.

Wel laat het Beatrix punten liggen bij het percentage patiënten dat overlijdt na complicaties na een darmkankeroperatie, dat ligt er nét iets hoger dan het landelijk gemiddelde. Directeur Blonk: ,,Het percentage is niet zo hoog meer als het jaar ervoor. Dat was voor ons reden om specifiek in te zoomen op de vraag wat we beter konden doen.’’

Feest in Gorinchem. © Frank de Roo

Pijn

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis doet minimaal één keer per dag pijnmetingen bij veel patiënten op de verpleegafdeling en scoort daarmee punten. In 2017 ging dat nog minder goed. Buiting: ,,Onze metingen zijn nu veel nauwkeuriger, we hebben gekeken waar het misging, vooral bij patiënten bij wie pijn het meest op de loer ligt.”

Daarnaast voldeed het Bossche ziekenhuis vorig jaar ruimschoots aan het minimumaantal operaties bij blaas- en prostaatkanker. Het deed er respectievelijk 46 en 125, waar 20 en 50 operaties als norm zijn gesteld. Toch laat het ziekenhuis wel punten liggen bij de complicaties na een aantal kankeroperaties. Zeer veel patiënten krijgen tijdig preventieve antibiotica toegediend en er zijn weinig complicaties na het verwijderen van de galblaas of het plaatsen van een knie- of heupprothese.

Perfecte ziekenhuizen bestaan niet volgens Piet-Hein Buiting van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. ,,Dat kán niet, je kunt nooit alles helemaal goed doen.”

Morgen 08.11.2019 op deze site: de prestaties van alle ziekenhuizen op een rij.

Winnaar Ziekenhuis Top 100 beleefde een roerig jaar

AD 07.11.2019 Het Jeroen Bosch Ziekenhuis wint voor de tweede keer op rij de Ziekenhuis Top 100. Maar het is een roerig jaar: personeel voert actie voor betere lonen en er loopt een rechtszaak rond de overleden baby Luna. ,,Verdrietige dingen horen bij een ziekenhuis”, zegt bestuursvoorzitter Piet-Hein Buiting.

Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch is voor de tweede keer winnaar van de AD-Ziekenhuis Top 100.

Medewerkers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis strijden voor beter loon. Ze willen er vijf procent bij. © AD

Gefeliciteerd met de eerste plek. Verrast?
,,Ja, verbaasd en blij verrast. Ik heb er zelfs een weddenschap op verloren met een medewerkster die de kwaliteit van het ziekenhuis bijhoudt. Ik dacht: twee keer op rij winnen, komt niet vaak voor. We vergelijken ons werk continu met dat van vier samenwerkende ziekenhuizen.

We weten dat we goed werk doen, maar de definitie van het beste ziekenhuis blijft lastig. Voor mij is dat een ziekenhuis dat ervoor zorgt dat een patiënt eenmaal thuis zijn leven weer kan oppakken. En dat effect blijft heel lastig te meten. Patiënten en personeel worden vandaag op rozen, mandarijntjes en cakejes getrakteerd. De medewerkster die de weddenschap won, krijgt een mooie cadeaubon.”

Wat kan in uw ogen nog beter?
,,We hadden vorig jaar meer complicaties na longkankeroperaties. We zaten boven het landelijk gemiddelde. Onze longchirurgen zijn in de samenwerkende ziekenhuizen gaan kijken wat er beter kon, zoals we dat eerder ook op het gebied van darmkanker hebben gedaan.

Uit zo’n zoektocht komt maar zelden één oorzaak. Het gaat om het hele proces van diagnose tot operatie, waar we kleine dingen kunnen verbeteren. Zo’n operatie is net een marathon. Patiënten krijgen dan ook adviezen van ons om zo fit mogelijk de operatie in te gaan.

Denk aan sport- en voedingsprogramma’s. De chirurgen nemen op hun beurt de operatietechnieken door en kijken welke problemen ze sneller kunnen herkennen. We zien nu al dat het aantal complicaties bij longkankeroperaties is gedaald tot onder het landelijk gemiddelde.”

In de zorg bestaat een schrijnend personeelstekort, hoe is dat bij jullie?
,,Als je naar het totaal kijkt hebben wij geen tekort. Alleen op de afdeling anesthesie hebben we veel vacatures: 9,5 fte op 37 man. Omdat wij in 2015 al zijn begonnen met het opleiden van extra personeel waren wij de tekorten voor die twee jaar later overal ontstonden.

Ook denken we dat we goed voor onze mensen zorgen, waardoor ze hier graag werken. Zo hebben we onder meer een welzijnsprogramma voor personeel dat ’s nachts op de intensive care werkt. Zij krijgen gekleurde brillen (de oranje bril weert blauw licht en verbetert de kwaliteit van de slaap, red.) en speciale stoelen om een powernapje te doen.”

Directeur Piet-Hein Buiting van het Jeroen Bosch Ziekenhuis.

Directeur Piet-Hein Buiting van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. © Pim Ras

Toch lijkt niet iedereen zo tevreden. De verpleegafdelingen hangen vol met actieposters voor hogere lonen. Hoe groot is de onvrede?
,,Dat vind ik moeilijk te zeggen. Ik hoor medewerkers zeggen dat er 5 procent bij moet, anderen vinden het bod van de ziekenhuizen nog niet zo slecht. Ik ben zelf vooral geïnteresseerd of medewerkers zich voldoende kunnen ontwikkelen, zich in het team thuisvoelen en zich door de organisatie gesteund voelen.”

Steunt u hen in het protest?
,,Ik praat hier niet over cao-onderhandelingen, dat vind ik niet netjes. Ik wil wel het maatschappelijke debat voeren. Zorgen we goed genoeg voor de mensen die de ruggengraat van de samenleving vormen, zoals politieagenten, leraren en verpleegkundigen? Als je van deze mensen een grote inzet vraagt, moet je daar iets tegenover zetten. Of dat 5 procent extra moet zijn, weet ik niet. Het risico is dat we straks wel beter betaalde mensen hebben, maar te weinig. Het geld moet uit de lengte of de breedte komen.”

Zelf staat u met een jaarsalaris van 235.000 euro in de top vijftig van grootverdieners in ziekenhuizen. Dat wringt.
,,We kunnen geen maatschappij hebben waar het niet wringt. Een ziekenhuis heeft een heel loongebouw waar allerlei mensen verschillende taken verrichten en waar ook verschillende salarissen voor staan. Daar zijn afspraken over gemaakt. Iedereen mag dus iets vinden van de hoogte van mijn salaris, maar we passen de afbouwregeling precies toe volgens de wettelijk regels.”

Marloes en Chris Schuiling, de ouders van Luna.

Marloes en Chris Schuiling, de ouders van Luna. © Marloes Schuiling

Uw ziekenhuis kwam afgelopen jaar negatief in het nieuws. De ouders van baby Luna daagden tien doktoren voor het tuchtcollege, omdat hun pasgeboren dochter volgens hen stierf door tal van medische fouten. Haalt deze gebeurtenis de glans af van de nummer 1-positie?

,,Nee, deze situatie raakt de kern van een ziekenhuis. Hier gebeuren heel mooie en heel verdrietige dingen. Dat laatste kunnen we als ziekenhuis helaas niet helemaal voorkomen. Je doet je best. Natuurlijk denk ik aan het verdriet van de ouders. Het is verschrikkelijk om je kind te verliezen. In deze situatie is het heel erg belangrijk om te kijken wat er precies is gebeurd.

Daar gaat de tuchtzaak over (uitspraak eind november, red.). Ook voor ons personeel was dit een verschrikkelijke gebeurtenis. Het heeft iedereen geraakt. We proberen de medewerkers te ondersteunen, het gesprek met hen aan te gaan, zodat ze elke patiënt de 100 procent aandacht kunnen geven die hij verdient. We staan nog altijd open voor een gesprek met de ouders van Luna. Het is aan hen om hierop in te gaan.”

Zo scoorde het Jeroen Bosch Ziekenhuis:

Plus: 

+ Voldeed vorig jaar aan het minimumaantal operaties bij darm-, blaas- en prostaatkanker. Bij de laatste voldoet het zelfs aan de norm die voor dit jaar geldt en krijgt het daarom een bonuspunt.

+ Hoort bij de 10 procent ziekenhuizen met de beste uitkomst bij staaroperaties: 98 procent van de patiënten ziet beter na de ingreep.

+ Ook veel punten op andere criteria rond operatiebeleid: zeer veel patiënten krijgen tijdig preventieve antibiotica toegediend en er zijn weinig complicaties na het verwijderen van de galblaas of het plaatsen van een knie- of heupprothese.

Min: 

– ziekenhuis laat veel punten liggen bij de complicaties na diverse kankeroperaties.

– percentage patiënten dat langer dan verwacht in het ziekenhuis ligt, is er hoger dan gemiddeld en dat betekent geen punten op dit onderdeel.

– aanpak van ondervoeding bij kinderen is op orde, maar bij volwassenen blijft deze achter.

Medewerkers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis strijden voor beter loon. Ze willen er vijf procent bij.

Medewerkers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis strijden voor beter loon. Ze willen er vijf procent bij. © AD

Ziekenhuizen moeten af van rompslomp

AD 01.11.2019 Om de dreigende personeels-tekorten in de ziekenhuizen het hoofd te bieden, moet de productiviteit fors omhoog. Dat kan door meer processen te stroomlijnen en vooral door te digitaliseren, denkt ING.

Als ziekenhuizen niets veranderen aan de wijze waarop ze werken, dreigt er een immens personeelsprobleem. Uit berekeningen blijkt dat de zorginstellingen in 2040 170.000 medewerkers meer nodig hebben dan nu. En dat terwijl de beroepsbevolking met 500.000 personen afneemt.

Het is niet realistisch om te veronderstellen dat al dat personeel gevonden kan worden, stelt ING in een studie naar de knelpunten. Nu al hebben de ziekenhuizen een tekort. De oplossing moet gevonden worden in een hogere arbeidsproductiviteit van het personeel. Nu groeit die met 0,4 procent per jaar. Dat kan gemakkelijk naar 1 procent als er gebruikt gemaakt gaat worden van digitalisering in de zorg, aldus de bank.

Als de jaarlijkse productiviteit met 1 procent stijgt in plaats van 0,4 procent, scheelt dat 60.000 banen in 2040, berekende ING. Dat soort besparingen is mogelijk, laten voorbeelden uit onder meer Zweden en Engeland zien.

Hard nodig

De omslag is hard nodig, zegt Jan Willem Spijkman, sectorbanker zorg bij ING. ,,In het hoofdlijnenakkoord van het kabinet is afgesproken dat de zorgkosten van de ziekenhuizen in 2021 niet meer stijgen. Maar de zorgvraag stijgt jaarlijks met 3 procent, vooral vanwege de vergrijzing.”

De afspraak om de kosten te beheersen, knelt nu al op sommige plekken. Een paar ziekenhuizen hebben al opnamestops ingevoerd omdat het budget dat ze op jaarbasis van de verzekeraar krijgen op is. ,,Voor spoedeisende hulp geldt dat uiteraard niet”, zegt Spijkman. ,,Maar wel voor planbare hulp, zoals een nieuwe heup.”

Geen wonder dat ziekenhuizen naarstig op zoek zijn naar mogelijkheden om kosten te besparen. En daarbij wordt veel verwacht van digitalisering, waarmee de afgelopen jaren veel vooruitgang is geboekt. ,,Als je de communicatie met patiënten en met zorgaanbieders bestudeert, blijken die processen nauwelijks gedigitaliseerd. Daar is nog veel winst te boeken”, aldus Spijkman.

Afspraak

,,Kijk naar de manier waarop een afspraak tot stand komt. Eerst moet je met de huisarts bellen voor een afspraak. Daarna bel je met het ziekenhuis en kun je over een paar weken langskomen. Daar zit je weer een tijd in de wachtkamer. Recepten worden nog per fax gestuurd. En als je naar een ander ziekenhuis gaat, krijg je een cd-rom mee met je patiëntgegevens.”

Spijkman verwacht vooral voordelen bij mensen met chronische aandoeningen. ,,Mensen kunnen thuis zelf hartfilmpjes maken of hun bloeddruk meten.” Die gegevens kunnen vanuit huis naar het ziekenhuis worden gestuurd en daar worden bekeken door de behandelend arts. Dat scheelt een ziekenhuisbezoek. ,,Het blijkt dat patiënten dit soort handelingen liever thuis of bij de huisarts doen dan in het ziekenhuis”, aldus Spijkman.

Door betere monitoring kan sneller worden ingegrepen als iets fout dreigt te gaan. Dat levert ook een besparing op, omdat ziektes en kwalen vroegtijdig worden aangepakt. Dit soort laaghangend fruit is redelijk makkelijk te plukken en levert direct een besparing in de zorgkosten op.

Toch staat de digitalisering in de zorg nog in de kinderschoenen. Dat heeft verschillende oorzaken, zegt Spijkman. ,,Ziekenhuizen worden betaald voor de zorg die ze zelf leveren. Digitalisering betekent in de praktijk dat er minder zorg in het ziekenhuis verleend wordt. Dat scheelt omzet, terwijl de instellingen wel moeten investeren in digitalisering van de zorg buiten het ziekenhuis.”

Geen prettige combinatie

Hogere kosten en minder omzet, dat is geen prettige combinatie. Een aanpassing in de bekostiging zou helpen. Een ander probleem is dat veel ziekenhuizen zelf een systeem opzetten dat niet communiceert met systemen van andere spelers in de zorgketen. ,,Op veel plekken is men bezig het wiel uit te vinden”, zegt de sectorbanker.

ING pleit in het rapport voor bovenregionale samenwerking via één platform. Dat zou georganiseerd kunnen worden rond de academische ziekenhuizen. ,,Er moeten standaarden komen zodat patiëntgegevens makkelijk kunnen worden uitgewisseld”, zegt Spijkman. Als die goed loopt, kunnen de vier tot zeven bovenregionale platforms ook met elkaar patiënteninformatie delen.

Als de digitalisering slaagt, zal dat tot een daling leiden van het aantal patiënten dat de polikliniek bezoekt. Ook zijn er minder ziekenhuisbedden nodig omdat patiënten eerder naar huis kunnen als ze digitaal gevolgd worden, of helemaal niet meer in het ziekenhuis terechtkomen.

Jeugdzorg in hoge nood: ‘De budgetten stijgen niet mee met de vraag’

OmroepWest 31.10.2019 Het aantal jongeren in de jeugdzorg is al vijf jaar achter elkaar gestegen. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. De eerste helft van dit jaar zaten er in totaal 366.000 jongeren tot en met 23 jaar in de jeugdzorg . Dat is ongeveer één op de twaalf jongeren. In een aantal gemeenten in Zuid-Holland ligt aantal dat nog hoger.

In de gemeenten Kaag en Braassem, Alphen aan den Rijn, Hillegom, Leiden en Gouda zit 13 tot 15 procent jongeren in de jeugdzorg. Dat is flink hoger dan het gemiddelde van 9,5 procent onder alle gemeente die het CBS testte.

Dat is een probleem, want hoewel er meer jongeren bijkomen neemt de kwaliteit van de zorg alleen maar af. Zorgverleners hebben te kampen met personeelstekorten en bezuinigingen vanuit de gemeenten.

Miljoenentekorten

Uit onderzoek blijkt dat zeker een kwart van alle jeugdzorginstellingen in het rood staat. Er is sinds de invoering van de Jeugdwet in 2015 flink bezuinigd op de jeugdzorg en de gevolgen daarvan worden nu door de hele sector ervaren.

In 2015 werden gemeenten verantwoordelijk voor jeugdzorg. Omdat men dacht dat dit efficiënter zou zijn, ging dit gepaard met een bezuiniging van 450 miljoen euro. Maar er zijn juist meer jongeren bijgekomen die hulp nodig hebben, terwijl er minder geld beschikbaar is om die zorg te verlenen.

Volgens vakbond FNV moet er meer geld beschikbaar komen voor de jeugdzorg op structureel niveau. Zo is er sinds 2015 een budget nodig van zeker 300 miljoen euro op jaarbasis, aldus FNV. Om zowel de bestaande tekorten als de toegenomen vraag aan te kunnen is volgens de vakbond nog veel meer nodig: 750 miljoen euro per jaar.

Met name gemeenten met een hoog percentage jongeren in de jeugdzorg hebben te kampen met flinke begrotingstekorten. Zo blijft Den Haag bijvoorbeeld zitten met een tekort van 35 miljoen euro.

Lange wachtlijsten

Om de tekorten op te lossen heeft minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport 1 miljard euro toegezegd over de komende drie jaar om te investeren in de jeugdzorg. Volgens de sector is dat echter bij lange na niet genoeg om de problemen op te lossen. Als het aan het FNV ligt moet een dergelijk bedrag ieder jaar geïnvesteerd worden.

‘De druk ligt bij jeugdzorgwerkers, kinderen en gezinnen’ – Maaike van der Aar, FNV

Volgens Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn, worden de problemen in de jeugdzorg flink onderschat: ‘De budgetten voor de jeugdzorg stijgen niet evenredig mee met de stijgende vraag. Jeugdzorgorganisaties lijden verlies en die druk komt dan bij de jeugdzorgwerkers, kinderen en de gezinnen te liggen’.

De financiële tekorten zorgen voor hogere werkdruk, waardoor relatief veel personeel uitvalt en nieuw personeel niet aanhaakt. Omdat niet alleen de vraag naar maar ook de duur van de jeugdzorg stijgt ontstaan lange wachtlijsten. De problematiek bij jongeren neemt toe omdat het langer duurt voordat zij de zorg krijgen die ze nodig hebben.

Minder administratie

Een ander irritatiepunt bij de zorginstellingen is de grote hoeveelheid administratie die hun werk met zich meebrengt. Verschillende gemeenten hanteren verschillende procedures voor de jeugdzorg, waardoor aanbestedingen veel tijd kosten.

Daarnaast moeten ook de organisaties zelf veranderen vindt Sophie Hospers van Partners in Jeugdbeleid: ‘Zet de hulpverleners bij elkaar en geef ze een forse uitdaging, bijvoorbeeld we gaan de wachtlijst terugbrengen van twee maanden naar één week. De hulpverleners kennen zelf het beste hun processen en kunnen beoordelen wat er anders, efficiënter en beter kan’.

Lector Jeugdzorg Peer van der Helm aan de Hogeschool Leiden ziet er ook heil in om het aantal ambtenaren per gemeente terug te schroeven. ‘Er gaat te veel geld naar de ambtenaren die jeugdzorg regelen bij de gemeenten. Dat geld moet direct naar de kinderen.’ Als gemeenten het aantal ambtenaren omlaag brengen, blijft er meer geld over voor de organisaties zelf.

Tarieven

De geldstroom vanuit de gemeenten richting de jeugdzorg is al langer een punt van kritiek. Per 1 januari zou een nieuw systeem ingevoerd worden waarbij jeugdzorginstellingen afgerekend zouden worden op basis van resultaten in plaats van gewerkte uren.

Volgens de gemeenten moet het nieuwe systeem zorgen voor efficiëntere en effectievere zorg. Een aantal jeugdzorginstellingen in en rondom Den Haag spanden een zaak aan tegen tien gemeenten in Zuid-Holland omdat ze in de nieuwe manier van werken minder geld zouden krijgen voor de geleverde zorg.

Volgens de instellingen was de rekenwijze niet toereikend genoeg. Zo werd er geen rekening gehouden met regionale en organisatorische factoren die de kostprijs beïnvloeden. Op 22 oktober stelde een voorzieningenrechter hen in het gelijk.

Bas Timman van Jeugdformaat reageerde destijds bij Omroep West op de uitspraak: ‘We zijn blij, maar het is triest dat we voor reële en kostendekkende tarieven naar de rechter moesten’. Nu worden er met de gemeenten nieuwe afspraken gemaakt over de tarieven die gehanteerd worden bij jeugdzorg.

Onzekere toekomst

Zolang er geen structurele oplossing komt om de groeiende vraag naar jeugdzorg en de grote financiële tekorten op te lossen, is de toekomst onzeker. Een eenmalige kapitaalinjectie doet weinig om de problemen in de sector op lange termijn te verhelpen. FNV-bestuurder Maaike van der Aar benadrukt de zorgen van medewerkers in de sector: ‘Ze spreken over nalatigheid en wanbeleid. Dat jeugdzorgwerkers deze woorden in de mond nemen, is heel wat.’

LEES OOK: Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

Meer over dit onderwerp: JEUGDZORG FNV ZORG & WELZIJN

Rechter geeft jeugdzorgorganisaties gelijk over tarieven

Den HaagFM 23.10.2019 Den Haag, en negen andere gemeenten, moeten opnieuw kijken naar de tarieven die zij vanaf 2020 willen betalen aan jeugdzorginstellingen. Dat heeft de rechter bepaald. Per 1 januari 2019 zouden de gemeenten een nieuw systeem invoeren waarbij de aanbieders van jeugdzorg worden afgerekend op hun resultaten in plaats van de gewerkte uren. De jeugdzorgorganisaties vrezen dat de tarieven te laag en niet kostendekkend zouden worden.

Volgens de gemeenten zijn de door hen in die inkoopprocedure gehanteerde tarieven reëel en noodzakelijk om de jeugdhulp efficiënter en effectiever te maken. De rechter deed dinsdag uitspraak en stelde de jeugdzorgorganisaties in het gelijk.

Volgens de rechter worden bij de gegevens waar de gemeenten de tarieven op baseerden verschillende definities gehanteerd waardoor als het ware ‘appels met peren worden vergeleken’. Ook is te weinig rekening gehouden met regionale en organisatie-specifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de werkzaamheden. De rechtbank oordeelde daarom dat de gemeenten opnieuw naar de tarieven voor de inkoop van jeugdhulp moeten kijken zodat deze alsnog kostendekkend en reëel worden.

Gemeenten in regio Den Haag hanteren te lage tarieven voor jeugdzorg

NU 22.10.2019 Tien gemeenten in de regio Haaglanden, waaronder de gemeente Den Haag, hebben te lage tarieven gebruikt bij de inkoop van jeugdzorg. Dat concludeert de Haagse voorzieningenrechter dinsdag na een kort geding, gevoerd door twaalf jeugdhulpaanbieders.

De twaalf aanbieders van jeugdhulp, waaronder Stichting Jeugdformaat, stapten naar de rechter omdat de gemeenten te lage, niet-kostendekkende tarieven gebruikten. Hierdoor zouden zij niet langer in staat zijn goede jeugdhulp te verlenen, aldus de jeugdhulpaanbieders.

Volgens de jeugdzorgaanbieders waren de lage tarieven het gevolg van een nieuw systeem waarbij aanbieders van jeugdzorg vanaf 1 januari worden afgerekend op hun resultaten en niet langer op hun gewerkte uren, aldus de marktpartijen.

De Haagse voorzieningenrechter concludeert dat de tarieven inderdaad te laag liggen, omdat de wijze waarop de tarieven tot stand zijn gekomen niet deugt. Daarbij hebben de gemeenten onvoldoende rekening gehouden met regionale en organisatiespecifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de jeugdhulp, aldus de voorzieningenrechter.

De tien gemeenten, Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Voorschoten, Wassenaar, Westland en Zoetermeer, moeten nu opnieuw naar de tarieven voor de inkoop van jeugdhulp kijken, zodat de tarieven alsnog kostendekkend worden en overeenkomen met de Jeugdwet.

Lees meer over: Den Haag Jeugdzorg Economie

Jeugdzorginstellingen krijgen gelijk: gemeenten moeten ‘wurgcontracten’ herzien

AD 22.10.2019 Jeugdzorginstellingen hebben van de rechter gelijk gekregen in hun strijd om een fatsoenlijke vergoeding voor het verlenen van jeugdhulp.  De gemeente moet opnieuw kijken naar de tarieven. Het overgrote merendeel van de instellingen was naar de rechter gestapt.

Tien gemeenten in de Haagse regio startten dit jaar gezamenlijk een nieuwe procedure voor de inkoop van jeugdhulp. De tarieven, die de gemeenten voorstelden, klopten volgens de jeugdzorginstellingen van geen kant en daarom stapten ze naar de rechter. Ze voelden zich klemgezet. Het ging om zowel de grote instellingen als Jeugdformaat, als de ‘kleintjes’, de vrijgevestigde eenpitters, bij elkaar goed voor 85 procent van alle jeugdzorg.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het ondertekenen van de wurgcontracten zou hen binnen een paar jaar in enorme financiële problemen brengen. Het niet-ondertekenen van de overeenkomst zou echter betekenen dat duizenden kinderen zonder hulp zouden komen te zitten.

Overhead

De gemeenten, als Den Haag, Westland, Zoetermeer of Delft, vonden echter dat ze alleszins met redelijke tarieven over de brug kwamen. Zij vinden dat bij de jeugdzorginstanties wel heel veel geld aan overhead opgaat.

De Haagse kort-gedingrechter geeft de instellingen nu gelijk. Zij concludeert dat de gemeenten verschillende definities hanteren bij de diverse cijfers en percentages. ,,Daardoor worden als het ware ‘appels met peren vergeleken’”, aldus het vonnis. Daarnaast, zo zegt de rechter, is er ‘onvoldoende rekening gehouden’ met de verschillende soorten hulp die organisaties bieden en wat van invloed is op de kostprijs.

Stichting Jeugdformaat is blij met de uitspraak vanwege de ‘erkenning voor het werk wat wij hier doen’, aldus een woordvoerder. Maar dat na zo’n klinkende overwinning de champagnefles wel moest zijn opengetrokken, is niet waar, zegt hij. ,,Het was al triest genoeg dat we naar de rechter moesten stappen. We moeten nu zo snel mogelijk  weer met de gemeentes om tafel, hoe nu verder.”

Bij Parnassia overheerst opluchting. ,,De rechter heeft aangegeven dat de tarieven moeten aansluiten bij de werkelijke kosten. Kostendekkende tarieven zijn een noodzaak voor het kunnen betalen van salarissen.”

Rechter geeft jeugdzorgorganisaties gelijk over tarieven

OmroepWest 22.10.2019 Tien gemeenten in de regio Haaglanden moeten opnieuw kijken naar de tarieven die zij vanaf 2020 willen betalen aan jeugdzorginstellingen. Per 1 januari zouden de gemeenten een nieuw systeem invoeren waarbij de aanbieders van jeugdzorg worden afgerekend op hun resultaten in plaats van de gewerkte uren. Een aantal jeugdzorgorganisaties vond de tarieven niet reëel en spande een zaak aan. De rechter deed dinsdag uitspraak en stelde hen in het gelijk.

De procedure werd aangespannen door verschillende jeugdzorginstellingen waaronder Jeugdformaat, Ipse de Bruggen, Parnassia en Rivierduinen, naar eigen zeggen samen goed voor 85 procent van de totale jeugdzorg in de gemeenten rond Den Haag. Volgens hen zijn de tarieven die de gemeenten willen betalen te laag en niet kostendekkend. Ze stellen dat zij niet langer in staat zijn goede jeugdhulp te verlenen als de tarieven niet worden aangepast en dat zij dan structureel verlies lijden.

De tien gemeenten – Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Voorschoten, Wassenaar, Westland en Zoetermeer – zeggen op hun beurt dat de door hen in de nieuwe inkoopprocedure gehanteerde tarieven reëel en noodzakelijk zijn om de jeugdhulp efficiënter en effectiever te maken.

Appels met peren vergelijken

Volgens de rechter worden bij de gegevens waar de gemeenten de tarieven op baseerden verschillende definities gehanteerd waardoor als het ware ‘appels met peren worden vergeleken’. Ook is te weinig rekening gehouden met regionale en organisatie-specifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de werkzaamheden.

De rechtbank oordeelde daarom dat de gemeenten opnieuw naar de tarieven voor de inkoop van jeugdhulp moeten kijken zodat deze alsnog kostendekkend en reëel worden. Bas Timman van Jeugdformaat reageert op Radio West ingetogen. ‘We zijn blij, maar het is triest dat we voor reële en kostendekkende tarieven naar de rechter moesten.’ Volgens hem is het nu zaak om met de gemeenten om de tafel te gaan.

Jeugdwet

Eerder deze week kwam naar buiten dat een kwart van de jeugdzorgorganisaties verlies lijdt. Een oorzaak is de krappe arbeidsmarkt waardoor instellingen veel extern personeel in moeten huren met stijgende personeelskosten tot gevolg.

Ook de invoering van de Jeugdwet pakte niet altijd even goed uit. Met deze wet ging de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg van het Rijk naar de gemeenten. Die hanteren vaak verschillende spelregels waardoor met name grote instellingen, die in meerdere gemeenten actief zijn, relatief veel geld kwijt zijn om dat in goede banen te leiden. Ook zijn de tarieven die instellingen krijgen voor hun zorg niet altijd kostendekkend.

LEES OOK: Jeugdzorg briesend over budget gemeentes: ‘Laat ze maar eens meegaan’

Meer over dit onderwerp:;  JEUGDZORG DEN HAAG GEMEENTES

Gerelateerd;

Jeugdzorg briesend over budget gemeentes: ‘Laat ze maar eens meegaan’

2500 jeugdzorgwerkers gaan protesteren in Den Haag

PvdA ernstig bezorgd over groeiende wachtlijsten bij Jeugdhulp

Geen extra geld voor demonstrerende jeugdzorgmedewerkers

Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

Jeugdzorgmedewerkers in actie: ‘Wie niet hard schreeuwt, krijgt geen zorg’

Jeugdzorg in rode cijfers: ‘Op termijn is dit niet meer vol te houden’

OmroepWest 21.10.2019 ‘Het is ernstig in de sector.’ Dat zegt bestuurder Gerrit Jan Hoogeland van de Leidse jeugdzorginstelling Cardea. Een kwart van de jeugdzorginstellingen in Nederland heeft een financieel tekort, ook Cardea. ‘We kunnen de klappen nu nog opvangen, maar op termijn is dit niet meer vol te houden.’

Hoewel in de jeugdzorg de omzet vorig jaar is gestegen vergeleken met het jaar daarvoor en ook het aantal cliënten groter is geworden, kwam toch een kwart van die instellingen uit in de rode cijfers. Dat stelde inkoopcoöperatie Intrakoop maandag. Die organisatie baseert zich op de Jaarverslagenanalyse Jeugdzorg 2018, waarvoor 268 jaarverslagen van jeugdzorgorganisaties werden bekeken.

Ook het Leidse Cardea verwacht dit jaar op een paar ton verlies uit te komen. De tekorten hebben volgens bestuurder Hoogeland vooral te maken met de administratieve druk vanuit gemeenten. ‘Dat levert enorme administratieve lasten op voor medewerkers die hun tijd eigenlijk moeten besteden aan gezinnen. Ze moeten op dit moment tot op de minuut verantwoorden wat ze doen. Dat kost veel tijd en geld en levert hoge werkdruk op. We moeten als jeugdzorginstellingen steeds meer leveren voor minder geld.’

‘Geld komt niet bij kinderen terecht’

Daarnaast heeft iedere gemeente volgens Hoogeland eigen verantwoordingseisen. ‘Dat betekent dat ik extra mankracht moet inzetten in de administratie om dat te kunnen realiseren. Dat kost vreselijk veel geld en is heel jammer. Hierdoor komt het niet bij de kinderen terecht.’

De bal ligt volgens Hoogeland nu bij de gemeenten. ‘Als ik bij een aantal gemeenten zie wat zij met tarieven doen… Ze bieden tarieven waarvoor wij de zorg niet kunnen leveren. Gemeenten hebben de verantwoording om met eerlijke tarieven te komen. Er moet echt iets veranderen. We hebben een eerlijke prijs nodig voor de zorg die we leveren.’

‘We stevenen af op een ramp’

Het kabinet trekt de komende jaren 1 miljard euro extra uit voor de jeugdzorg, benadrukt een woordvoerder van het ministerie van Volksgezondheid. ‘Dat is echt niet voldoende’, reageert Hoogeland. ‘Het is een sigaar uit eigen doos, er is echt meer nodig. Het aantal jongeren aan wie wij hulp bieden is flink toegenomen. Daarnaast is het de vraag waar het geld naartoe gaat.’

Vakbond FNV is geschokt door de resultaten van het onderzoek. ‘Dit rapport bevestigt alles waarvoor we gewaarschuwd hebben. We stevenen af op een ramp, als de overheid onze boodschap naast zich blijft neerleggen en niet rigoureus ingrijpt’, zegt FNV-bestuurder Maaike van der Aar. ‘De cijfers uit deze analyse zijn schokkend. Minister Hugo de Jonge moet de tekorten aanvullen of op zijn minst een maatregel treffen die zorgt dat eerlijk alle kosten worden betaald.’

LEES OOK: Jeugdzorg briesend over budget gemeentes: ‘Laat ze maar eens meegaan’

Meer over dit onderwerp: JEUGDZORG CARDEA ZORG

Gerelateerd;

Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

Rechter geeft jeugdzorgorganisaties gelijk over tarieven

Zorgtekort: ‘Den Haag verhoogt lasten voor burgers niet en mikt op extra geld’

Gemeenten houden veel geld over op zorg: Teylingen 1,7 miljoen

Oproep: hoe is jouw zorg geregeld?

50PLUS in Provinciale Staten heeft twijfels over zorg bij gemeenten

Bijna kwart instellingen jeugdzorg draait verlies

NU 21.10.2019 Bijna een kwart van de jeugdzorginstellingen kan financieel amper het hoofd boven water houden. Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 organisaties, zo meldt de NOS maandag op basis van een analyse van inkoopcoöperatie Intrakoop.

De totale omzet van de sector is gestegen en het aantal cliënten neemt toe, maar tegelijkertijd zijn de administratieve kosten gestegen en is het personeel van de jeugdzorginstellingen duurder geworden.

Uit de analyse blijkt dat de tarieven die de instellingen hebben afgesproken met de gemeenten lang niet alle kosten dekken. Sinds 2015 ligt de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg bij de gemeentes in plaats van de Rijksoverheid. Deze overgang heeft volgens de onderzoekers bijgedragen aan de huidige financiële problemen.

Maaike van der Aar, bestuurder bij het FNV, reageert geschokt op het nieuws. “Wij zien dat organisaties en gemeenten vooral bezig zijn met ‘eerst zelf overleven’. In een sector waarbij er wederzijdse afhankelijkheid is in het kunnen organiseren van de juiste zorg voor de meest kwetsbare kinderen, is dat een doodsteek.”

Begin september nog legden duizenden jeugdzorgmedewerkers het werk neer om te protesteren tegen de decentralisatie, de toenemende werkdruk en de ingewikkelde administratie.

De 268 onderzochte jeugdzorginstellingen vormen zo’n 70 procent van het totale aantal instellingen in Nederland. De analyse is uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop en accountantskantoor Verstegen.

Zie ook: Duizenden jeugdzorgwerkers staken: ‘Te veel regels en te veel bureaucratie’

Lees meer over: Jeugdhulp  Binnenland

Op 1 september legden veel jeugdzorgwerkers hun werk neer om aandacht te vragen voor de werkdruk in de sector ANP

Kwart jeugdzorginstellingen heeft financiële problemen

NOS 21.10.2019 Bijna een kwart van de instellingen voor jeugdzorg in Nederland draait met verlies, ook al is de totale omzet van de sector gestegen en neemt het aantal cliënten toe. De rode cijfers komen onder andere door administratieve lasten en doordat het personeel van de jeugdzorginstellingen steeds duurder wordt.

Ook dekken de tarieven die de instellingen met gemeenten hebben afgesproken lang niet altijd de kosten. Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 jeugdzorgorganisaties, zo’n 70 procent van het totale aantal instellingen voor jeugdzorg in Nederland. De analyse is uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop en accountantskantoor Verstegen.

Minder middelen, meer cliënten

Sinds 2015 ligt de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg niet langer bij de Rijksoverheid, maar bij gemeenten. Volgens de onderzoekers levert die overgang een belangrijke bijdrage aan de financiële problemen in de sector.

“Die transitie ging gepaard met een bezuiniging van 15 procent”, vertelt Richard Janssen, hoogleraar economie en organisatie van de gezondheidszorg en betrokken bij de jaarverslagenanalyse. “Die klap is deels opgevangen, maar intussen is het personeel duurder geworden, terwijl de vraag naar zorg is toegenomen. Instellingen hebben dus minder middelen, maar meer cliënten.”

Kwart jeugdzorginstellingen in financiële problemen: ‘Langere wachttijd, onacceptabel’

Bovendien zijn de instellingen sinds 2015 veel meer tijd kwijt aan administratie en coördinatie, vooral de grote jeugdzorgorganisaties. “Zo’n 30 procent van de totale kosten van de jeugdzorgsector bestaat uit administratieve kosten”, zegt Janssen. Dat komt doordat iedere gemeente met een ander verantwoordingssysteem werkt, legt hij uit.

Janssen vergelijkt het met een trein die van Amsterdam naar Den Bosch rijdt. “Stel dat de trein in iedere tussenliggende gemeente stopt en dat er dan steeds een andere conducteur instapt die jou om een ander kaartje vraagt. Dat zouden we heel absurd vinden. Maar in de jeugdzorg werken instellingen soms in wel vijftig gemeenten, elk met een andere administratieve afwikkeling.”

Niet-dekkende tarieven

Volgens Janssen moeten gemeenten hun procedures vereenvoudigen en daar onderling betere afspraken over maken. Ook hoopt hij dat gemeenten beter naar hun tariefstructuur gaan kijken. “Veel gemeenten hanteren nu maar één tarief, zowel voor gespecialiseerde zorg als voor eenvoudige zorg. Terwijl die gespecialiseerde zorg bijvoorbeeld veel meer coördinatie vraagt. Als je kijkt naar de kosten die daarachter schuilgaan, is dat tarief vaak niet dekkend.”

Instellingen die dat soort dure zorg leveren, komen dan ook sneller in de gevarenzone, zegt Janssen. En dat betekent dat ze geen geld overhouden voor bijvoorbeeld goed opgeleid personeel of nieuwe ict-systemen.

Lagere drempel

Toch is Janssen inhoudelijk wel te spreken over de overgang van de jeugdzorg naar gemeenten. “In principe is die decentralisatie goed: dichter bij de mensen, dichter bij de wijk- en schoolteams. De drempel is lager, dat zien we ook in de cijfers: het aantal jongeren dat zorg krijgt, neemt toe.”

Maar de bedrijfsmatige kant rammelt, vindt hij. “Er is actie nodig. We moeten regionaal en waar nodig landelijk de handen ineenslaan om de kosten terug te dringen en kwetsbare jeugd te kunnen blijven voorzien van de zorg die nodig is.”

Eerste staking

Afgelopen september legden veel jeugdzorgwerkers een dag het werk neer. Ze staakten voor betere arbeidsvoorwaarden, een lagere werkdruk en een einde aan de ‘inkoopwaanzin’, de term die ze gebruiken voor het beleid van gemeenten om de jeugdzorg tegen zo laag mogelijke tarieven in te kopen. Het was de eerste staking in de geschiedenis van de jeugdzorg.

Minister De Jonge van Volksgezondheid trok in mei 420 miljoen euro uit voor de jeugdzorg. In 2020 en 2021 komt daar nog twee keer 300 miljoen bij. Maar volgens vakbonden FNV en CNV is dat veel te weinig.

Bekijk ook;

Accountants sluiten faillissementen in de jeugdzorg niet uit. Twintig organisaties maken al twee jaar op rij verlies. © ANP XTRA

Tientallen jeugdzorginstellingen dreigen failliet te gaan

AD 21.10.2019 De jeugdzorg in tientallen instellingen is in gevaar. Juist organisaties die hulp bieden aan kinderen en tieners die niet zonder intensieve zorg kunnen, lopen het risico om failliet te gaan. Jeugdzorg Nederland noemt de rode cijfers ‘alarmerend’.

Zestig jeugdhulpinstellingen schreven in 2018 rode cijfers. Dat is bijna 30 procent meer dan het jaar ervoor, toen nog 47 organisaties verlieslijdend waren. Dat blijkt uit onderzoek naar de jaarcijfers van 268 jeugdhulpinstellingen dat is gedaan door Intrakoop, een corporatie die honderden zorginstellingen door het hele land helpt bij het inkopen van bijvoorbeeld eten, software en medicijnen.

‘Alarmerend’

Jeugdzorg Nederland noemt de vele rode cijfers ‘alarmerend’. ,,Het is extra zorgwekkend omdat juist die instellingen in financiële nood zitten die de meest specialistische zorg leveren, die anderen niet bieden’’, benadrukt woordvoerder Eva de Vroome. Het gaat volgens de brancheorganisatie bijvoorbeeld om instellingen die zorg bieden aan pleegkinderen en aan jongeren die ‘een gevaar vormen voor zichzelf of voor anderen en die nergens anders op hun plek zijn’.

Als rode cijfers zich twee à drie jaar voortzet­ten, kun je op je vingers natellen dat het mis gaat, aldus Harald Bresser, Intrakoop.

Met het omvallen van de Brabantse jeugdzorginstelling Juzt is al een van de grotere instellingen door zijn hoeven gegaan. Vorige week ketste weer een overname af van de  organisatie die zorg biedt aan 1800 jongeren. Dit weekend werd bekend dat de Gelderse instelling Pluryn zo ernstig in de financiële problemen zit dat het zijn deuren wil sluiten voor schrijnende, acute gevallen.

Accountants sluiten faillissementen niet uit. ,,Als rode cijfers zich twee à drie jaar voortzetten, kun je op je vingers natellen dat het mis gaat’’, voorspelt Harald Bresser van Intrakoop. Volgens financiële experts is bijna de helft van de jeugdzorginstellingen ‘kwetsbaar’ omdat er te weinig geld in kas is. Dit komt ook doordat personeelskosten hoger uitvallen, vanwege een schrijnend tekort aan personeel.

Het kabinet heeft in de voorjaarsnota al een miljard euro extra uitgetrokken voor de jeugdzorg: 420 miljoen voor dit jaar en 300 miljoen in 2020 en 2021.

Gemeenten zijn sinds 2015 verantwoordelijk voor de jeugdzorg, maar moesten dat wel met 15 procent minder budget doen. De tarieven die met gemeenten zijn afgesproken, blijken nu ook steeds minder kostendekkend te zijn. In eerste instantie werkten veel gemeenten samen in jeugdzorgregio’s, maar inmiddels hebben die allemaal hun eigen regels opgesteld. Dat leidt vooral voor grote, gespecialiseerde instellingen die voor veel verschillende gemeenten leiden tot hoge administratiekosten.

1 miljard ‘organisatiekosten’

Ruim een miljard euro gaat in de jeugdzorg op aan ‘organisatiekosten’, staat in een analyse die vandaag verschijnt. Dat is bijna een derde van het totale budget.

Organisatieadviesbureau Berenschot kwam recent tot de conclusie dat ruim 1 miljard in de jeugdzorg opgaat aan ‘organisatiekosten’, dat is bijna 30 procent van het totale jeugdzorgbudget van 3,7 miljard euro. Accountantskantoor Verstegen uit Dordrecht, dat ook meewerkte aan de analyse die vandaag verschijnt en huisaccountant is van honderd jeugdzorginstellingen, bevestigt de rekensom van Berenschot.

Die instellingen zijn samen goed voor een omzet van 2,5 miljard euro. In 2017 boekten deze organisaties samen een resultaat van 46 miljoen, in 2018 was nog 33 miljoen over. Van de zestig organisaties die vorig jaar rode cijfers schreven, kampten er twintig in 2017 ook al met een verlies.

De onderzochte instellingen hadden eind 2018 ruim 1100 vacatures, 4 procent meer dan in 2017. Het aantal vacatures dat langer dan drie maanden openstaat zonder een geschikte kandidaat te hebben gevonden, steeg zelfs met meer dan een derde ten opzichte van een jaar eerder. Door het schrijnende personeelstekort waren organisaties ook veel meer geld kwijt aan het inhuren van extern personeel. Daar werd met 156 miljoen euro 13,5 procent meer voor neergeteld.

GroenLinks-Kamerlid Lisa Westerveld vroeg Zorgminister Hugo de Jonge middels Kamervragen al om opheldering. Zij vraagt zich af of het klopt dat er nu pas voor het eerst de totale kosten voor het coördineren van de jeugdzorg zijn berekend en waarom dat dan niet eerder is gedaan. Ook vraagt ze of de minister het percentage, net als de onderzoekers, hoog vindt. De minister heeft laten weten tijd nodig te hebben om die vragen te beantwoorden.

‘Geen bijdrage aan betere zorg’

Volgens hoogleraar Organisatie van de Gezondheidszorg Richard Janssen van de Erasmus Universiteit Rotterdam en Universiteit van Tilburg is het overdoen van de zorg naar de gemeenten ‘gepaard gegaan met de reflex: ‘nu we verantwoordelijk zijn, gaan we ook ons eigen beleid maken’. Dat is volgens hem ‘begrijpelijk’, maar leidt tot veel kosten en allerlei verschillende regels ‘die niet per se bijdragen aan betere zorg’.

Verschillende Zuid-Hollandse jeugdinstellingen slepen gemeenten voor de rechter omdat ze de tarieven van de gemeente te laag vinden. Zij stellen: ‘Onder deze voorwaarden gaan we failliet’. Volgende week doet de rechter uitspraak. Een advocaat van Curium, een academisch centrum voor kind- en jeugdpsychiatrie, reageerde verbijsterd: ,,Er wordt een berekening gemaakt van de productiviteit, daar wordt een wiskunde op losgelaten die werkelijk is losgezongen van de realiteit.’’

Eerder deze maand werd ook al duidelijk dat elf ziekenhuizen in Nederland er slecht voor staan. Ook al deden ziekenhuizen het financieel iets beter dan vorig jaar, ‘het gevreesde zorginfarct’ is volgens accountants ‘niet afgewend’.

© Sem van der Wal / ANP Jeugdzorgwerkers staakten afgelopen september voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis.

Kwart jeugdzorginstellingen draait met verlies

MSN 21.10.2019 De omzet in de jeugdzorg is vorig jaar gestegen en het aantal cliënten is toegenomen. Toch zit bijna een kwart van de instellingen in de rode cijfers

Lees ook:

Kinderrechters luiden noodklok: kinderen in gevaar door gebrek jeugdzorgwerkers

Dit komt onder andere omdat tarieven niet kostendekkend zijn, personeel duurder wordt door de krappe arbeidsmarkt en de vraag naar zorg toeneemt.

Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 jeugdzorgorganisaties uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop in samenwerking met accountantskantoor Verstegen. Intrakoop is een inkoopcoöperatie voor zorginstellingen en heeft ongeveer zeshonderd leden door het land.

In 2015 is de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg overgegaan van de Rijksoverheid naar de gemeenten. De overgang ging gepaard met een bezuiniging van 15 procent en heeft bijgedragen aan de financiële druk op de sector, concludeert Intrakoop.

Lees ook:

Jeugdzorgers leggen werk neer: ‘Gevaarlijke situaties door wachtlijsten’

13 miljoen minder nettoresultaat

De totale omzet van de onderzochte instellingen bedroeg afgelopen jaar circa 2,5 miljard euro, 200 miljoen meer dan een jaar eerder. Hoewel de omzet met 6,4 procent steeg, en het aantal cliënten met 5,4 procent, daalde het nettoresultaat met 13 miljoen naar 33 miljoen euro.

In september staakten veel jeugdzorgwerkers vanwege de crisis in de jeugdzorg. Ze zeiden dat er 950 miljoen euro nodig was om de administratiedruk te verlagen en arbeidsvoorwaarden te verbeteren. Het was voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis dat medewerkers uit de jeugdzorg het werk neerlegden.

RTL Nieuws; Jeugdzorg  Bureau Jeugdzorg 

Brief voor ex-zorgmedewerkers: kom terug!

NOS 17.10.2019 Zo’n 3000 mensen die in het verleden in de zorg hebben gewerkt, krijgen vandaag een brief in de bus van de ministers De Jonge en Bruins van Volksgezondheid. Zij willen de oud-zorgmedewerkers interesseren voor een terugkeer. De sector kampt met een groot tekort aan personeel.

Op dit moment zijn er ruim 30.000 vacatures in de zorg. Bovendien komen er, mede door de vergrijzing, steeds meer patiënten bij. Het RIVM heeft al berekend dat over een tijdje 1 op de 4 werkenden een zorgmedewerker zou moeten zijn.

Verpleegkundigen en verzorgenden

De geadresseerden hebben pensioen opgebouwd bij pensioenfonds Zorg en Welzijn. Dat fonds stuurt de brief van de ministers door, uit betrokkenheid bij de sector. Alle geadresseerden hebben minstens drie jaar in de zorg gewerkt en zijn niet langer dan tien jaar weg. De campagne is vooral gericht op verpleegkundigen en verzorgenden.

“Misschien verlangt u nog wel eens terug naar de zorg? Overweegt u een terugkeer, dan biedt de sector vele kansen en mogelijkheden”, aldus Minister De Jonge in zijn brief aan de ex-zorgmedewerkers.

Als onderdeel van de campagne wordt vandaag ook een vacaturewebsite gelanceerd. Ex-zorgmedewerkers die zich daar aanmelden, krijgen gratis loopbaanadvies. Ook bijscholing is mogelijk.

De campagne is volgens de bewindspersonen van VWS een succes als ten minste 5 procent van de ontvangers van de brief in actie komt. In dat geval wordt de brief ook naar alle andere 108.000 ex-zorgmedewerkers gestuurd.

Bekijk ook;

Verplaatsen afspraken ‘nog niet nodig’ voor staking ziekenhuispersoneel

NU 17.10.2019 Mensen die op 20 november een afspraak hebben in het ziekenhuis, hoeven nog geen concrete actie te ondernemen. Dat melden vakbonden CNV en FNV. De vakbonden kondigden donderdag, samen met FNV, FBZ en NU’91, een landelijke staking aan.

De ziekenhuizen draaien op 20 november zogeheten zondagsdiensten, waarbij het personeel het werk neerlegt voor niet-spoedeisende zaken. Spoedeisende afspraken gaan gewoon door, niet-spoedeisende afspraken worden verplaatst. “Als iemand bijvoorbeeld voor een nierdialyse naar het ziekenhuis moet, dan wordt dat niet zomaar afgezegd”, meldt Joost Veldt van vakbond CNV.

“De kans dat de patiënten er last van krijgen, als de staking doorgaat, is natuurlijk heel groot”, zegt Wouter van der Horst van de branchevereniging Nederlandse Verenigingen van Ziekenhuizen (NVZ). “We kunnen niet inschatten hoeveel mensen getroffen worden door de staking, maar omdat het zo ver van tevoren wordt aangekondigd, kan je tijdig maatregelen nemen om afspraken te verzetten.”

Toch is het nog niet nodig om afspraken te verzetten, meent Van der Horst. Vóór de actie plaatsvindt, wil de NVZ nog gesprekken voeren met de vakbonden. Beide partijen hopen dan tot een akkoord te komen.

Het is daarnaast nog niet bekend welke ziekenhuizen meedoen aan de staking. De vakbonden moeten dit nog inventariseren. “Te zijner tijd horen de mensen of de actie ook plaats gaat vinden in hun ziekenhuis en op de afdeling waar ze moeten zijn. Het is nu dus nog niet nodig om afspraken te verzetten of af te zeggen”, aldus Veldt van CNV.

Annika Heerekop van vakbond FNV beaamt dit: “Hoewel patiënten wel wat gaan merken van de staking, is het nog voorbarig om te zeggen dat afspraken worden afgezegd of verplaatst.”

‘Ziekenhuispersoneel moet na 20 november 2019 tandje bijzetten’

Als er afspraken worden afgezegd voor de staking, moeten deze opnieuw worden ingepland. Hoelang de mensen hierop moeten wachten, kan Veldt niet zeggen. “Dat verschilt per ziekenhuis. Het gevolg van de staking is dat het ziekenhuispersoneel na 20 november nog even een tandje bij moet zetten.”

Voorlopig hebben de vakbonden de actie alleen gepland om de werkgever onder druk te zetten. “We hopen natuurlijk dat deze staking niet nodig gaat zijn, en dat we voor die tijd een akkoord bereiken”, zegt Veldt.

Lees meer over: Zorg   Binnenland

NZa: gezamenlijke actie nodig voor toegankelijke en betaalbare zorg

NZA 18.10.2019 Iedereen moet zich verzekerd voelen van goede zorg als dit nodig is. Daarom is het belangrijk dat de zorg betaalbaar en toegankelijk blijft. Hierover maakt de NZa zich grote zorgen. In de ‘Stand van de zorg‘ constateren we dat de kosten hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen. Het knelt.

Het is belangrijk dat partijen de krachten bundelen. Welke zorg, ‘waar’ en ‘door wie’ we de zorg laten geven moet opnieuw bekeken worden. Dit jaar gaven we voor het eerst meer dan 100 miljard uit aan zorg. Daar krijgen we veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.

In onze jaarlijkse ‘Stand van de zorg’ constateren we dat de zorgkosten stijgen door onder meer de vergrijzing en het personeelstekort. We zien dat er stappen worden gezet om de kostenstijging in de hand de houden. We constateren dat er veel initiatieven en beleidsvoornemens zijn. En dat is goed. Maar de resultaten zijn nog te mager.

Er zijn afspraken gemaakt over taakherschikking en verplaatsing van zorg, preventie en innovatie. Maar de resultaten laten nog teveel op zich wachten.  We kunnen gezamenlijk de zorgvraag in kaart brengen. Eenvoudige zorg kan verschuiven van de tweede naar de eerste lijn. Er is behoefte aan een versterking van de eerstelijnszorg. We monitoren deze afspraken en brengen verslag uit over wat goed gaat en beter kan. Als de bekostiging een belemmering vormt voor het maken van afspraken daarover, is de NZa bereid om dat aan te passen.

De NZa is de marktmeester in de zorg. Daarom reguleren wij, houden we toezicht en doen we onderzoek. “Verandering moet, maar veranderen is moeilijk. Voor de organisatie en de mensen die er werken. Dat vraagt om een voorspelbaar proces van vernieuwing en goede communicatie met alle betrokkenen”, aldus bestuursvoorzitter Marian Kaljouw.

De NZa brengt jaarlijks een ‘Stand van de zorg’ uit. Daarin schetst zij de ontwikkelingen in de gezondheidszorg van het afgelopen jaar. En kijkt zij vooruit. Bij de NZa werken ruim 500 medewerkers voor goede, toegankelijke en betaalbare zorg.

Hoort bij; Farmaceutische zorg Geboortezorg Geestelijke gezondheidszorg (ggz) en Forensische zorg (fz) Geboortezorg Huisartsenzorg Kortdurende zorg Langdurige zorg Medisch-specialistische zorg Mondzorg Paramedische zorg Wijkverpleging Zorgverzekeraars

 

NZa: aanpak zorgproblemen levert te weinig op

MC 18.10.2019 Het is mooi dat er zoveel initiatieven en plannen zijn om de kostenstijgingen in de zorg te beperken, maar ze leveren nog te weinig op. Dat zegt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) in haar jaarlijkse publicatie ‘Stand van de zorg’. De organisatie is ongerust.

‘Iedereen moet zich verzekerd voelen van goede zorg als die nodig is. Daarom is het belangrijk dat de zorg betaalbaar en toegankelijk blijft. Hierover maakt de NZa zich grote zorgen. In “Stand van de zorg” constateren we dat de kosten hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen. Het knelt’, aldus de organisatie.

De resultaten van afspraken over taakherschikking en verplaatsing van zorg, preventie en innovatie laten nog te veel op zich wachten, aldus de NZa. ‘Er is behoefte aan een versterking van de eerstelijnszorg. We monitoren deze afspraken en brengen verslag uit over wat goed gaat en wat beter kan. Als de bekostiging een belemmering vormt voor het maken van afspraken daarover, is de NZa bereid om dat aan te passen’, laat de zorgautoriteit vandaag weten.

Dit jaar gaven we voor het eerst meer dan 100 miljard euro uit aan zorg, brengt de autoriteit in herinnering. ‘Daar krijgen we veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.’

Lees ook;

Meeste zorgkosten in het ziekenhuis 04 december 2018

Voer de kostprijs weer in 11 september 2019

Zorgkosten stegen vorig jaar met 3 miljard 21 juni 2019

 

NZa: aanpak zorgproblemen levert te weinig op

SkiPR 18.10.2019 Het is mooi dat er zoveel initiatieven en plannen zijn om de kostenstijgingen in de zorg te beperken, maar ze leveren vooralsnog te weinig op. Dat zegt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) in haar publicatie Stand van de Zorg. De organisatie is ongerust.

“Iedereen moet zich verzekerd voelen van goede zorg als die nodig is. Daarom is het belangrijk dat de zorg betaalbaar en toegankelijk blijft. Hierover maakt de NZa zich grote zorgen. In de Stand van de zorg constateren we dat de kosten hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen. Het knelt”, aldus de organisatie.

Het is belangrijk dat goed wordt bekeken wie waar welke zorg geeft en dat krachten worden gebundeld, stelt de autoriteit. Eenvoudige zorg kan verschuiven van de tweede naar de eerste lijn, aldus de NZa, maar de eerstelijnszorg heeft intussen ook behoefte aan versterking. Eerstelijnszorg wordt geboden door bijvoorbeeld de huisarts. Voor toegang tot de tweede lijn is een verwijzing nodig.

Dit jaar gaven we voor het eerst meer dan 100 miljard uit aan zorg, brengt de autoriteit in herinnering. “Daar krijgen we veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.” (ANP)

Trefwoorden; Eerstelijnszorg , NZa , Kwaliteit ,

 

oktober 19, 2019 Posted by | bezuinigingen, NZA, ouderenzorg, personeelstekort, politiek, Stand van de zorg, Verpleeghuis, ziekenhuis, ziekenhuizen, Zorg, zorginstellingen | , , , , , , , | 2 reacties

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 16

AD 01.07.2019

Het gaat beter met de ouderenzorg !!

In ruim driekwart van de verpleeghuizen ervaren hulpbehoevende ouderen dat ze begrip en respect krijgen van medewerkers. Dat constateert de zorginspectie na recente bezoeken aan 300 organisaties door heel Nederland. Volgens de waakhond staan de wensen van bewoners bij het leeuwendeel van de huizen inmiddels bovenaan.

Telegraaf 09.10.2019

AD 09.10.2019

AD 02.07.2019

Na jarenlange bezuinigingen betekende een manifest van Hugo Borst en Carin Gaemers drie jaar terug een ommekeer voor de verschraalde verpleeghuiszorg. De politiek omarmde hun wens voor extra zorgpersoneel plus de benodigde zak geld. Ook moest voor bewoners gaan gelden: aandacht is net zo belangrijk als verzorging en veiligheid. De verpleeghuizen gingen in 2017 aan de slag met nieuwe kwaliteitseisen.

AD 09.09.2019

Nieuw manifest De Tien Geboden

Voor kwetsbare ouderen is er welliswaar 2,1 miljard euro extra bij gekomen, maar in drie jaar tijd gaat het slechts ietsiepietsie beter beter in de ouderenzorg. Daarom hebben Wanda de Kanter, Carin Gaemers en Hugo Borst een nieuw manifest gemaakt: De Tien Geboden voor de zorg voor ouderen die vanwege dementie in het verpleeghuis zitten.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het klinkt zo logisch, maar toch is dit het tweede gebod uit de tien die Kanter, Gaemers en Borst afgelopen zaterdag publiceerden. Want ondanks de extra miljoenen (en uiteindelijk miljarden) die naar de ouderenzorg gaan, blijkt de situatie in verpleeghuizen slechts ‘een ietspietsie beter’. ,,Dat het logisch klinkt, maar niet gebeurt, maakt deze situatie zo verschrikkelijk”, reageert Carin Gaemers.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

AD 01.07.2019

Sindsdien toetst de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd de kwaliteit van verpleeghuiszorg anders. Boven alles geldt of een bewoner zorg op maat krijgt. Voor het eerst is, na honderden inspecties de afgelopen twee jaar, het net opgehaald. En het goede nieuws is: bij veruit de meeste zorgorganisaties (circa 78 procent) kennen medewerkers de bewoner en zijn wensen en behoeften.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Niet alles op rolletjes

De beweging naar betere verpleeg­huis­zorg zet zich volop door en dat is mooi. Maar er zijn ook nog flinke stappen te zetten, aldus Minister De Jonge (Volksgezondheid).

Hoewel de genomen maatregelen dus hun vruchten lijken af te werpen, gaat het nog lang niet op alle vlakken goed. Bij veel zorgorganisaties worden te weinig medewerkers ingezet of ontbreekt het aan deskundigheid, concludeert de inspectie. Bij 43 procent van de bezochte instellingen is dat laatste het geval. De inspectie tekent daarbij aan dat het nog altijd lastig is om personeel te vinden.

AD 31.08.2019

AD 30.08.2019

AD 21.08.2019

Ook wordt lang niet altijd een professionele afweging gemaakt over welke zorg mensen nodig hebben; in 47 procent van de gevallen constateert de inspectie hierop tekortkomingen. Het bijhouden van het dossier van bewoners is een nog groter probleem. Bij zo’n twee derde van de instellingen wordt dit niet goed gedaan.

Om de situatie te verbeteren, is vereist dat medewerkers functioneren in “een veilige cultuur, waarin de zorgmedewerker open kan zijn over zijn twijfels en dilemma’s”,stelt de inspectie. Een kwart van de bezochte verpleeghuizen voldoet daar nog niet aan.

Op www.igj.nl/verpleeghuiszorginbeeld zijn de landelijke resultaten te zien van de toezichtbezoeken. Daarnaast is op de site van de inspectie op een overzichtskaart te zien welke instellingen er bezocht zijn en wat de bevindingen van de inspectie op deze locaties waren.

Problemen bij de jeugdzorg

Van de ongeveer duizend meldingen van seksueel, fysiek en psychisch geweld in de jeugdzorg kunnen maar zes meldingen in een daadwerkelijke aangifte resulteren. De rest van de zaken is verjaard, blijkt uit gegevens van het Openbaar Ministerie die dagblad Trouw heeft opgevraagd.

Secretaris Christiaan Ruppert van de commissie-De Winter, die het onderzoek hiernaar uitvoerde, noemt de zes gevallen “een magere oogst”. Met de verjaarde zaken kan juridisch niets meer gedaan worden.

De verjaringstermijn voor fysiek geweld tegen kinderen is 12 tot 20 jaar. Die gaat in als het slachtoffer 18 jaar geworden is.Tijdens het onderzoek naar geweld in de jeugdzorg sinds 1945 door commissie-De Winter werd een meldpunt voor slachtoffers geopend. Daar kwamen zo’n duizend meldingen binnen. Zeventien meldingen zijn door de commissie voorgelegd aan het OM voor een verjaringstoets. Elf bleken verjaard. De overige zes melders zouden aangifte kunnen doen.

Maar dan is het de vraag of er tot vervolging kan worden overgegaan. Dat is afhankelijk van de feiten en omstandigheden, meldt de krant. De zaken die nu in aanmerking komen zijn maximaal 20 jaar oud. Over de meldingen is verder niets bekend.

Bekijk ook;

Fraude bij zorgaanbieders

Een deel van de Nederlandse zorgaanbieders fraudeert mogelijk met hun declaraties. 97 grote zorgaanbieders boekten in 2017 samen 51,7 miljoen euro winst. Dat is veel meer dan je zou verwachten op basis van hun bedrijfsvoering.

Journalisten van Pointer,Reporter Radio en Follow the Money bekeken de jaarrekeningen van 1.959 grote zorginstellingen in de geestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg en thuiszorg. 97 instellingen boekten gemiddeld 20,8 procent winst, terwijl twee tot drie procent in de sector normaal is. Thuiszorgorganisatie Anahid spande de kroon: daar werd bijna 67 procent winst geboekt.


AD 06.07.2019

Onlangs beschreef Follow the Money hoe handige ondernemers een fikse winst in de zorg kunnen opstrijken. Anahid kreeg in dat stuk een bijzondere vermelding: over het boekjaar 2017 maakte het bedrijf namelijk een winst van 66,8 procent. Dergelijke winsten zijn absurd hoog: in 2016 was het gemiddelde resultaat in de thuiszorg vóór belasting 3,9 procent.

Incidenteel kan een hogere winst dan normaal geboekt worden, bijvoorbeeld door subsidies of verkoop van een bedrijfsonderdeel. Voor de 97 zorgbedrijven is de hoge winst echter structureel en niet eenvoudig te verklaren, aldus de onderzoekers.

  Eric Smit @EricChrSmit

Ons dossier ‘Zorgcowboys’ krijgt vanaf morgen een vervolg. Eerst in de rechtbank, dan op internet, radio en televisie samen met @ReporterRadio1 en @pointer_kroncrv. Het gaat om “ondernemers” die excessieve winsten opstrijken in de zorg https://www.ftm.nl/artikelen/anahid-cijfers?utm_medium=social&utm_campaign=Eric-Smit&utm_source=twitter … via @ftm_nl

Hoe een zorgondernemer 66,8 procent winst maakte

Thuiszorgorganisatie Anahid uit Almelo kwam in opspraak nadat Follow the Money ontdekte dat het bedrijf vorig jaar 66,8 procent winst maakte. Terwijl directeur Nver Dermovsesian tonnen aan dividend…

ftm.nl

‘Onrechtmatig’ 

Jeroen Suijs, hoogleraar Financial Accounting aan de Erasmus Universiteit en Harrie Verbon, hoogleraar Openbare Financiën aan de Universiteit van Tilburg denken dat de hoge winsten zijn veroorzaakt doordat de gedeclareerde zorg niet volledig is geleverd. Dat betekent dat de winsten van deze bedrijven misschien niet altijd rechtmatig tot stand zijn gekomen.

174 zorgbedrijven maakten in 2017 een winst van meer dan tien procent. Volgens experts is die tien procent de grens. Je zou meer winst dan andere bedrijven kunnen maken door efficiënter te werken. Meer dan tien procent winst is echter vreemd omdat het vooral gaat om personeelskosten en die zijn niet makkelijk te reduceren. “Dan is er vaak iets vreemds aan de hand,” concludeert Pointer.

Vriendjespolitiek

De 174 grote zorgbedrijven boekten een gezamenlijke winst van 112 miljoen euro en hadden een omzet van 634 miljoen. Zorgverzekeraar DSW vindt dat er verder onderzoek naar de bedrijven gedaan moet worden. “Een normale zorgaanbieder kan deze diensten leveren met ongeveer twee tot drie procent winst. Is dat hoger, dan is er iets niet in orde”, zegt Aad de Groot, voorzitter van de raad van bestuur van DSW tegen Pointer.

De Raad van Toezicht hoort de winstpercentages in de jaarrekening te controleren. “Bij een aantal bedrijven hebben wij ontdekt dat deze Raad van Toezicht uit vrienden of familie van de eigenaar van de zorginstelling bestaat,” schrijven de onderzoekers.

Winstuitkering van 5,1 miljoen

Uit het onderzoek blijkt ook dat in 46 gevallen winst werd uitgekeerd aan aandeelhouders van de zorgbedrijven. Het gaat om een bedrag van in totaal 21,8 miljoen euro. De uitkering was bij Faveo Zorg uit Rotterdam het hoogst: 5,1 miljoen euro.

Een van de in het onderzoek genoemde organisaties, Thuiszorg Naborgh, probeerde via de rechter de publicatie van het onderzoek te voorkomen. De rechter gaf de media echter gelijk.

Gemeenteraads- en Kamervragen

Na onze publicatie ontstond lichte commotie in de gemeenteraad van Almelo: hoe kon een onderneming gefinancierd met publiek geld in hemelsnaam zoveel winst maken? De SP, GroenLinks, de PvdA en Leefbaar Almelo vroegen wethouder Eugène van Mierlo gezamenlijk om opheldering. Ook de PVV stelde vragen, en wilde onder meer weten of alle gedeclareerde zorg daadwerkelijk aan de cliënten is geleverd.

De kwestie van hoge winsten in de thuiszorg, en van Anahid in het bijzonder, sijpelde door naar andere gemeenten in de regio. De PvdA-afdelingen in Dinkelland, Hof van Twente, Hengelo en Enschede stuurden hun gemeentebesturen een brief. ‘Wat wordt er gedaan om exorbitante winstuitkeringen in de thuiszorg te bestrijden?

Wij willen zo snel mogelijk weten waar dit soort uitvreters actief zijn en hoe we van ze afkomen.’ Ook de landelijke politiek roerde zich. PvdA-Kamerlid John Kerstens stelde vragen aan Bruno Bruins, minister voor Medische Zorg: ‘Deelt u de opvatting dat het zeer onwenselijk is dat er financiële winsten worden gemaakt met belastinggeld dat bedoeld is voor goede, betaalbare zorg?’

Anahid heeft zelf een raming gepubliceerd van de verdeling van arbeidsuren per financieringsstroom in 2017. Volgens die berekening wordt 54 procent van de totale fte’s (11) ingezet voor werk dat vergoed wordt uit de ZVW. Afgerond komt dat neer op 6 fte.

Een uurtarief van 50 euro voor wijkverpleging en persoonlijke verzorging is voor een organisatie van Anahids omvang een ruimhartige schatting. Wanneer je de omzet deelt door dat uurtarief, zou Anahid in 2017 bij verzekeraars 20.313 uren hebben gedeclareerd.

De netto inzetbaarheid in de wijkverpleging is per fte standaard ongeveer 1600 uur. Met 6 fte komt de maximale inzetbaarheid van Anahids medewerkers gezamenlijk uit op 9600 uur per jaar: nog niet de helft van het aantal uren dat het bedrijf daadwerkelijk heeft gedeclareerd. Bovendien: inzetbare uren staan niet gelijk aan declarabele uren.

Een thuiszorgonderneming mag alleen ‘zorg achter de deur’ in rekening brengen. Reistijd, werkoverleg en regeltaken zijn niet declarabel. In de wijkverpleging bedraagt de declarabele productiviteit van een werknemer ongeveer 65 procent, op voorwaarde dat de organisatie efficiënt werkt. Meestal begroten organisaties in de verpleging en thuiszorg de declarabele uren op 60 procent van de arbeidstijd.

De druk op de Anahid neemt toe: de lokale politiek eist opheldering over Dermovsesians bedrijfsvoering. Ook de Coöperatie Dichtbij – waarin 60 zorgorganisaties en ruim 160 zelfstandige zorgverleners zijn verenigd, ook Anahid is aangesloten – kondigt een onderzoek aan. Via Dichtbij krijgen acht mensen zorg van Anahid.

Rotte appels

Eerst veroordeeld zijn voor oplichting of poging tot doodslag, dan als bestuurder verantwoordelijk worden voor de besteding van zorggeld. Dat klinkt misschien vreemd, maar is allerminst ongewoon. Dat blijkt uit onderzoek van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). De organisatie keek naar de voorgeschiedenis van 53 zorgbestuurders die betrokken waren bij fraudezaken. Dertig van hen bleken al een strafblad te hebben. Hoe kunnen zulke rotte appels toch op zo’n plek komen?

Vooropgesteld: zeker niet alle zorgaanbieders zijn fout. Het IKZ keek in dit onderzoek naar bekende fraudegevallen en dook vervolgens in de geschiedenis van betrokken bestuurders. Als het aan het IKZ-directeur Annemiek van der Laan ligt, komt er op korte termijn extra onderzoek onder een grotere groep. “Dan kunnen we ook kijken naar de voorgeschiedenis van zorgbestuurders die niet worden verdacht van fraude”.

Opvallend in het kleinschalige onderzoek is volgens Van der Laan wel dat de frauduleuze zorgaanbieders vaak actief zijn bij instellingen voor beschermd en begeleid wonen. “Dat kan een indicatie zijn dat het daar gemakkelijker is om zorggeld voor andere doeleinden te gebruiken”, zegt ze. Volgens haar moet ook daar meer onderzoek naar gedaan worden. “Hoe ziet die fraude eruit en wat is de impact op de patiënten? En vooral: hoe kun je het voorkomen?”

Geen check aan de voorkant

Over dat laatste wordt al jaren gesproken. Want dat de zorg relatief gevoelig is voor fraude, is niet nieuw. Voor het starten van een zorgbedrijf heb je alleen een inschrijving bij de Kamer van Koophandel nodig. Een grondige check, in de vorm van bijvoorbeeld een Verklaring Omtrent het Gedrag of diploma’s, is er niet. Bovendien zijn nieuwe zorgaanbieders bijna nooit op de hoogte van de kwaliteitseisen waaraan ze moeten voldoen, bleek vorig jaar uit onderzoek van de inspectie.

Pogingen om meer zicht te krijgen in de manier van opereren door nieuwe zorgaanbieders hebben nog weinig opgeleverd. Het Openbaar Ministerie noemt de aanpak van fraude met zorggeld al jaren een prioriteit. Probleem is dat er zich nieuwe fraudegevallen blijven voordoen zo lang er geen check aan de voorkant is.

Toenmalig minister Schippers van Volksgezondheid diende in 2017 een wetsvoorstel in om nieuwe zorgaanbieders vooraf te toetsen. Die wet ligt nog in de Tweede Kamer. Een andere wet, de Wet bevorderen samenwerking en rechtmatige zorg, is nog niet in behandeling genomen, terwijl de periode waarin burgers en instellingen hun mening konden geven vandaag precies een jaar geleden afliep. En een door Zorgverzekeraars Nederland en de Vereniging Nederlandse Gemeenten geïnitieerd waarschuwingsregister laat op zich wachten, omdat de juridische basis daarvoor is vastgelegd in een van de wetsvoorstellen.

‘Hoge toetredingsdrempel’

Ook Van der Laan erkent dat het moeizaam gaat. Ze wijt dat mede aan de discussie rond privacy en het delen van informatie. “Een hele complexe discussie”, zegt ze daarover. Zo is onder meer artsenfederatie KNMG bang dat zorgaanbieders onterecht of te snel als fraudeurs worden bestempeld. Ook zijn er zorgen over het medisch beroepsgeheim. Zorgverzekeraars Nederland wil juist “een hoge toetredingsdrempel en hardere afwijzingsgronden in een zo vroeg mogelijk stadium”, zegt een woordvoerder.

Minister De Jonge, die het in 2017 overnam van Schippers, zei in april nog dat het uitwisselen van informatie een belemmering is bij de opsporing van fraude. Volgens hem wordt de wet die dat moet verbeteren begin volgend jaar aan de Kamer voorgelegd.

Aan urgentie ligt het niet, verzekert Van der Laan. Volgens haar zijn alle bij het IKZ betrokken instanties (onder meer inspecties, verzekeraars, gemeenten en Openbaar Ministerie) erop gebrand de fraude aan te pakken, het liefst aan de voorkant. Zelf wil ze op korte termijn beginnen met het vervolgonderzoek. “Dat zou nog dit jaar kunnen.”

Bekijk ook;

Inval van de recherche Zorgfraude en FIOD in Assen (archief oktober 2016) RTV Drenthe

Bij Zorgfraude zijn vaak bestuurders betrokken die een strafblad hebben en die vaak ook veroordeeld zijn. Dat blijkt uit een onderzoek (.pdf) van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ).

Het IKZ onderzocht 53 bestuurders in 41 zaken waarin sprake was van zorgfraude. Dertig van hen (57 procent), bleek een juridisch dossier te hebben. Daarvan zijn 25 personen veroordeeld, één zaak loopt nog en vier bestuurders zijn niet veroordeeld. Het gaat geregeld om meerdere veroordelingen per bestuurslid en om uiteenlopende delicten, waaronder fraude, diefstal en geweldsdelicten.

Volgens IKZ wijzen de resultaten van het onderzoek in de richting van een verband tussen fraude in de zorg en bestuurders met een strafblad. Vooral bij bestuurders die zich richten op begeleid en beschermd wonen lijkt dit vaak voor te komen. De dertien in dit onderzoek betrokken bestuurders die dit type zorg aanbieden, hebben allemaal een juridisch dossier.

Het IKZ wil naar aanleiding van de resultaten een vervolgonderzoek doen met een meer representatieve onderzoeksgroep. Ook adviseert de organisatie onderzoek te doen naar de verschuiving van criminele activiteiten richting de zorg. Daarnaast kunnen de uitkomsten worden gebruikt als input voor de screening van zorgaanbieders door gemeenten, zorgverzekeraars en zorgkantoren.

lees: healthcheck ggz 22.07.2019

lees: kamerbrief over investeringsmogelijkheden kwaliteit en bedrijfsvoering van zorgaanbieders 09.07.2019

lees: uitkering van dividend door zorgaanbieders 17.06.2019

lees: advies over het reguleren van winstuitkering door zorgaanbieders 17.12.2018

lees: hoofdlijnen van de juridische analyse bijlage B

lees: hoofdlijnen van de praktijk en effectanalyse Bijlage A

Bekijk ook;

Zie ook: Zorgcowboys

Zie ook: Weer gedonder bij de Haagse Wijk- en Woonzorg HWW

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2 

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook; Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 3

zie ook: Gaat het gedonder in de Haagse zorg gewoon verder ???

zie ook: Manifest gedonder ook in de Haagse Zorg door bezuinigingen

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook: De affaire Loek Winter versus Gerommel in de zorg

en zie verder ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg – deel 5

zie verder dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 4

en zie dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 3

zie dan verder ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 2

en zie dan ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 1

Kwetsbare ziekenhuizen kunnen loonsverhoging niet aan

Telegraaf 08.10.2019 Elf van de 64 ziekenhuizen scoren volgens BDO onvoldoende met hun financiële resultaten. Voor hen kan een naderende loonsverhoging een volgende dreun zijn. „Bij forse loonstijgingen wachten voor een deel van de ziekenhuizen zware verliezen.”

Dat zegt BDO-partner Chris van den Haak over de cao-onderhandelingen in de ziekenhuissector. Bonden vragen daar twee jaren 5% loonsverhoging, ziekenhuizen bieden ruim 3%. De ziekenhuizen worden volgend jaar voor 2,5% gecompenseerd. „Maar die compensatie is dus te laag”, stelt Vincent Eversdijk van BDO. „Als er uiteindelijk een forse loonsverhoging volgt, dan kunnen sommige ziekenhuizen dat niet aan. Het is daarom begrijpelijk dat de ziekenhuizenkoepel NVZ bij de minister om een extra bijdrage heeft gevraagd”, zegt Eversdijk.

Acties

De minister wees die vraag van NVZ-voorzitter Ad Melkert resoluut van de hand. Ondertussen voeren elke week in enkele ziekenhuizen medewerkers actie door zondagdiensten te draaien en dus alleen spoedzorg uit te voeren en andere behandelingen te verplaatsen.

Volgens BDO stegen personeelslasten vorig jaar al met 2,7%, deels doordat totale uitgaven aan externe inhuur opliepen van €389 miljoen tot €422 miljoen in een jaar tijd. Die personeelslasten kunnen nog sneller stijgen als in een nieuwe cao flinke loonsverhogingen worden afgesproken. „Loonkosten maken het overgrote deel uit van de lasten van ziekenhuizen.” BDO’er Van den Haak schetst een situatie waarbij personeel van financieel kwetsbare ziekenhuizen een flinke loonsverhoging krijgt, maar dat dit wel hun eigen ziekenhuis in de problemen brengt.

Onvoldoendes

Bij de financiële stresstest voor ziekenhuizen geeft BDO rapportcijfers voor de financiële situatie van ziekenhuizen (gebaseerd zich op de jaarcijfers van 2018). Elf van de 64 ziekenhuizen scoren onvoldoende. Dit zijn het Zuyderland, het Canisius-Wilhelmina, Dijklander Ziekenhuis, Ziekenhuisgroep Twente, Medisch Centrum Leeuwarden, Rivas Zorggroep, Zaans Medisch Centrum, Maasziekenhuis Pantein, HagaZiekenhuis, Ommelander Ziekenhuis en LangeLand Ziekenhuis.

Bij zeven van de elf was hun cijfer vorig jaar ook al onvoldoende. En vijf ziekenhuizen halen zelfs al drie jaar op rij onvoldoendes en tonen dus structureel slechte financiële cijfers. „Zij zijn financieel kwetsbaar”, zegt Van den Haak. Die laatste vijf zijn het Zuyderland, het Langeland Ziekenhuis, het Maassziekenhuis Pantein, het Ziekenhuisgroep Twente, en het Zaans Medisch Centrum).

Hoe scoort jouw ziekenhuis?

De beste cijfers (tienen) waren voor het Amphia Ziekenhuis, Streekziekenhuis Koningin Beatrix, Laurentius Ziekenhuis, Catharina Ziekenhuis, Máxima Medisch Centrum en Ikazia Ziekenhuis.

Kijk op deze interactieve kaart hoe het ziekenhuis bij jou in de buurt ervoor staat. De roodgekleurde icoontjes zijn onvoldoendes. Je kunt terugkijken tot 2011. Volgens Eversdijk is er geen reden om aan te nemen dat de zorg van patiënten van mindere kwaliteit is als de financiële resultaten ondermaats zijn.

’Beter dan vorig jaar’

Over alle ziekenhuizen samen is BDO wel positief. Vorig jaar waren er bijvoorbeeld nog meer onvoldoendes. Eversdijk: „De gemiddelde financiële situatie van ziekenhuizen verbetert. Maar dit is wel een gemiddelde. Een jaar een onvoldoende is niet meteen reden tot zorgen, als ziekenhuizen structureel slecht scoren, dan zitten ze duidelijk in de gevarenzone. Zeker gezien de druk op de personeelskosten die eraan komt. Stilzitten is dus geen optie.”

Volgens het BDO-rapport presteren middelgrote en grote ziekenhuizen doorgaans beter en laten ze een grotere resultaatsgroei zien dan kleine ziekenhuizen.

’Zorginfarct’

Vorig jaar waarschuwde BDO nog voor een zorginfarct door financiële problemen bij ziekenhuizen. Twee ziekenhuizen gingen in de herfst van 2018 failliet. Twee andere ziekenhuizen werden juist gered van een mogelijk bankroet. Volgens de accountant- en adviesorganisatie is die nog niet afgewend. Bij ziekenhuizen stijgen rendementen gemiddeld wat door lagere rentelasten, maar blijft het resultaat onder druk staan. Deels door steeds hogere kosten van personeel.

Verder wijst de organisatie erop dat bij alle ziekenhuizen de omzet groeit, gemiddeld met 3,5%. Hoofdlijnenakkoorden (waarin ziekenhuizen met zorgverzekeraars en overheid afspraken de groei te beperken) zitten volgens BDO dwars. BDO vraagt zich af of die groeibeperking reëel is en stelt dat de Hoofdlijnenakkoorden heroverwogen moeten worden.

’Perverse prikkels’

BDO denkt nog steeds dat een nieuwe businessmodel voor de ziekenhuizen nodig is. Daarbij moet een einde komen aan volumeprikkels, die zorgen dat het ziekenhuis meer verdient aan meer behandelingen. Eversdijk: „Die perverse prikkels moeten eruit.”

Elf ziekenhuizen in financiële problemen

MSN 08.10.2019 Elf Nederlandse ziekenhuizen hebben het financieel moeilijk. Zij krijgen een onvoldoende in het jaarlijkse onderzoek van accountant BDO naar alle 64 ziekenhuizen in Nederland.

Volgens het rapport zitten onder meer het Medisch Centrum Leeuwarden, het Zaans Medisch Centrum in Zaandam en het HagaZiekenhuis in Den Haag in de problemen.

Deze ziekenhuizen verkeren in zwaar weer

Zuyderland Sittard-Geleen 5
Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis Nijmegen 5
Dijklander Ziekenhuis Hoorn 5
Ziekenhuisgroep Twente Almelo/Hengelo 5
Medisch Centrum Leeuwarden Leeuwarden 5
Rivas Zorggroep Beatrixziekenhuis Gorinchem 5
Zaans Medisch Centrum Zaandam 5
Maasziekenhuis Pantein Beugen 5
HagaZiekenhuis Den Haag 5
Ommelander Ziekenhuis Groningen Groningen 4
LangeLand Ziekenhuis Zoetermeer 2

Lees ook:

Extra geld van kabinet voor cao ziekenhuizen is ‘noodzaak’

Het onderzoek gaat over 2018. Over het algemeen stonden de Nederlandse ziekenhuizen er toen iets beter voor dan een jaar eerder. “Ondanks deze kleine verbetering is het gevreesde zorginfarct niet afgewend. Het operationele resultaat stond onverminderd onder druk”, aldus BDO.

De account maakt zich zorgen. Ziekenhuizen krijgen minder investeringen, maar ze hebben juist extra geld nodig. “De zorgvraag blijft toenemen en zet de betaalbaarheid steeds meer onder druk. De wachtlijsten lopen op en er zijn personeelstekorten. Duurzaam betaalbare en uitvoerbare zorg is nog lang niet in zicht.”

Zes ziekenhuizen krijgen een 10 van BDO

Amphia Ziekenhuis Breda e.o. 10
Streekziekenhuis Koningin Beatrix Winterswijk 10
Laurentius Ziekenhuis Roermond 10
Catharina Ziekenhuis Eindhoven 10
Máxima Medisch Centrum Eindhoven 10
Ikazia Ziekenhuis Rotterdam 10

RTL Nieuws; Gezondheidszorg

Ziekenhuizen in Drenthe en Groningen schrappen 500 banen

MSN 01.10.2019 Minder patiënten betekent minder inkomsten en dus verdwijnen er 500 banen bij drie ziekenhuizen in het noorden van het land. De Treant Zorggroep dreigt verlies te maken en dus is de reorganisatie nodig.

“Gedwongen ontslagen proberen we zoveel mogelijk te voorkomen. Op dit moment kan ik dat niet helemaal uitsluiten”, zegt Rolf de Folter, voorzitter raad van bestuur van Treant Zorggroep tegen RTV Drenthe. Woordvoerder Stefan Wesselink bevestigt het nieuws aan RTL Z.

Het gaat om ziekenhuizen in Emmen, Hoogeveen en Stadskanaal, waar in totaal 2700 mensen werken.

9 miljoen winst 

De meeste banen verdwijnen in de zorg zelf, daar wordt 300 fte geschrapt. De andere 200 banen verdwijnen bij ondersteunende onderdelen van het bedrijf.

Vorig jaar boekte Treant overigens nog een winst van 9 miljoen op een omzet van 475 miljoen euro. De maatregel is volgens De Folter nodig omdat er in de toekomst minder patiënten naar de ziekenhuizen zullen komen.

Spoedeisende Hulp 

Dat heeft als oorzaak dat de Spoedeisende Hulpposten van de ziekenhuizen in Hoogeveen en Stadskanaal sluiten omdat er te weinig behandelingen per jaar gedaan worden én door een tekort aan personeel. “We kregen de roosters niet rond”, vertelt Wesselink.

Dat betekent ook dat inwoners van Hoogeveen en Stadskanaal verder moeten reizen als zij een Spoedeisende Hulppost willen bezoeken. Inwoners van Stadskanaal moeten bijvoorbeeld naar Emmen, Assen of Scheemda. Die posten liggen elk op ruim een half uur rijden van Stadskanaal.

Personeel dat zonder baan komt te zitten, kan vanwege datzelfde personeelstekort waarschijnlijk wel bij een ander ziekenhuis in de regio aan de slag, verwacht hij.

“De zorg blijft voor de regio behouden, dat is het goede nieuws, maar voor Treant is dit een boodschap met impact”, zegt hij. De zorggroep zal waarschijnlijk dit jaar weer in de min duiken, maar het getal van 17 miljoen dat circuleert in andere media klopt volgens hem niet.

Weer een manifest: ‘in verpleeghuizen gaat het slechts ietsiepietsie beter’

AD 08.09.2019 Voor kwetsbare ouderen is 2,1 miljard euro extra gekomen, maar in drie jaar tijd gaat het slechts ietsjes beter in de ouderenzorg. Daarom hebben Wanda de Kanter, Carin Gaemers en Hugo Borst een nieuw manifest gemaakt: De Tien Geboden voor de zorg voor ouderen die vanwege dementie in het verpleeghuis zitten.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het klinkt zo logisch, maar toch is dit het tweede gebod uit de tien die Kanter, Gaemers en Borst afgelopen zaterdag in NRC publiceerden. Want ondanks de extra miljoenen (en uiteindelijk miljarden) die naar de ouderenzorg gaan, blijkt de situatie in verpleeghuizen slechts ‘een ietspietsie beter’. ,,Dat het logisch klinkt, maar niet gebeurt, maakt deze situatie zo verschrikkelijk”, reageert Carin Gaemers.

Hugo Borst (rechts) en Carin Gaemers strijden al jaren voor betere zorg aan mensen met dementie. © ANP

Impact

Ze maken zich al jaren hard voor verbetering van de zorg aan mensen met dementie. Zelf hadden Gaemers en Borst een moeder in een verpleeghuis, waardoor ze ontdekten dat de bewoners niet de zorg kregen die ze nodig hadden.

Drie jaar geleden publiceerden ze een manifest in deze krant om de ouderenzorg te verbeteren. Dat had grote politieke impact, waardoor er miljoenen euro’s vrij kwamen om meer zorgpersoneel aan te nemen én een kwaliteitskader voor alle verpleeghuizen.

Je ziet dat die bestuur­ders hun oor niet goed genoeg te luister leggen op de werkvloer. Terwijl wij zeggen: het zorgperso­neel is de baas, aldus Hugo Borst, Opsteller De Tien Geboden.

Er blijken echter nog tal van zorginstellingen die niet aan die wettelijk vereiste kwaliteit voldoen. Vooral in grote organisaties gaat het mis, constateert het protesterende drietal. ,,Je ziet dat die bestuurders hun oor niet goed genoeg te luister leggen op de werkvloer.

Terwijl wij zeggen: het zorgpersoneel is de baas. Zij zien wat bewoners nodig hebben”, verklaart Borst. Volgens de opstellers van De Tien Geboden zorgen nog te veel werkgevers niet goed voor hun personeel. Met als gevolg dat het ziekteverzuim met 6,2 procent hoog is en het verloop van personeel met 17 procent groot.

Vertaling

De Tien Geboden zijn niet meer dan een vertaling van de kwaliteitseisen die de overheid aan de verpleeghuizen heeft opgelegd. ,,Het is jammer dat dit nodig is”, zegt Borst. Maar volgens het drietal kan (en moet) het in de ouderenzorg nog veel beter.

In de zorg voor dementeren­den zijn geen piekmomen­ten. Die mensen hebben altijd hulp nodig om structuur aan hun dag te geven, aldus Carin Gaemers, Opsteller De Tien Geboden.

Het blijkt bijvoorbeeld dat niet overal twee verzorgenden op een groep van acht ouderen zijn; dé opdracht die de ouderenzorg drie jaar geleden al kreeg om de persoonlijke aandacht voor bewoners te verbeteren. ,,Sommige zorgorganisaties sturen alleen maar op de processen en cijfers. Daar staat het grootste deel van de dag één iemand op een groep bewoners en komt er slechts een tweede persoon op de piekmomenten bij”, legt Gaemers uit.

,,Maar in de zorg voor dementerenden zijn geen piekmomenten. Zij hebben voortdurend hulp nodig om structuur aan hun dag te geven. De hele dag door lopen daar bewoners weg, moeten mensen naar de wc of is er iemand ineens verdrietig. Zo’n verzorger is dan met die ene bewoner bezig en de rest van de groep zit alleen. Dat is in een kinderdagverblijf ondenkbaar.”

Daardoor zijn er nog steeds verpleeghuizen waar ouderen niet of nooit buiten komen als ze geen familie of vrienden hebben die hen meenemen. Of bewoners worden een groot deel van de dag ‘aan hun lot overgelaten’. En dus luidt het negende gebod: zorgmedewerkers zijn er om bewoners te begeleiden en te verzorgen, niet om de administratie te doen.

Dementerende ouderen hebben de hele dag zorg en aandacht nodig. ‘Piekmomenten bestaan niet.’ © ANP XTRA

Ziekteverzuim en verloop in zorg stijgen naar ‘alarmerende’ recordhoogte

NU 03.09.2019 Het aantal werknemers in de zorg dat zich ziek meldt en het verloop van nieuwe medewerkers in de zorg zijn weer verder gestegen. Het verzuim steeg in 2018 naar een record van 5,9 procent, het verloop kwam uit op 15,7 procent.

Dat blijkt uit de jaarlijkse Barometer Nederlandse Gezondheidszorg van adviesbureau EY. De cijfers zijn gebaseerd op de jaarrekeningen van 674 zorgorganisaties.

Hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen spreekt in het Nederlands Dagblad van “absoluut zorgelijke cijfers”. Hij stelt dat de sector “ziek is geworden” en noemt een ziekteverzuim van bijna 6 procent “alarmerend”.

Door het snelle verloop en het hoge ziekteverzuim moesten het afgelopen jaar meer zzp’ers worden ingehuurd, wat veel extra kosten met zich meebracht.

Zie ook: Een dag meelopen in de zorg: ‘Zelfs een kopje thee is me niet gegund’

Problemen zijn het grootst in gehandicapten- en ouderenzorg

Vooral de gehandicaptenzorg, de ouderenzorg en de geestelijke gezondheidszorg – waar de personeelsinzet het hoogst is – worden hard geraakt door oplopend verzuim en verloop. Met name het verloop bereikte in 2018 ongekende hoogtes, met een piek van meer dan 18 procent in de ggz.

Ook hebben de extra middelen die naar de ouderenzorg zijn gegaan tot dusver geen gunstige invloed op het personeelsverloop en ­verzuim gehad, constateert EY.

Maandag vond in Den Haag voor het eerst in de geschiedenis een staking van medewerkers in de jeugdzorg plaats. Ook zij klagen over het snelle verloop, de hoge werkdruk en het hoge ziekteverzuim.

Lees meer over: Zorg  Gezondheid

Meer verzuim en verloop bij zorginstellingen, einde niet in zicht

NOS 03.09.2019 Opnieuw is het ziekteverzuim in de zorgsector toegenomen. Vorig jaar steeg het van 5,7 naar 5,9 procent, schrijft accountants- en advieskantoor EY in zijn Barometer Nederlandse Gezondheidszorg 2019.

Medewerkers hebben te maken met hoge werkdruk en ze moeten voldoen aan steeds meer regels. Dat veroorzaakt stress en uiteindelijk meer ziekteverzuim.

Vanwege de hoge werkdruk besluiten steeds meer mensen om de zorgsector te verlaten. Het percentage mensen dat vertrok, is gestegen van 14,2 in 2017 naar 15,7 vorig jaar. De toename van het verloop veroorzaakt weer extra ziekteverzuim, doordat de achterblijvers het werk van de vertrokken collega’s in eerste instantie moeten overnemen en dus te maken krijgen met nog meer werkdruk.

Problemen blijven voorlopig

Vooral de gehandicaptenzorg, de ouderenzorg en de geestelijke gezondheidszorg hebben last van een hoog ziekteverzuim en veel verloop. EY voorziet voorlopig geen verbetering.

Zorginstellingen hebben vorig jaar extra zzp’ers ingeschakeld om patiënten te kunnen blijven verzorgen. Die extra inzet drukt de winst van de instellingen en volgens EY hebben ze daardoor te weinig geld om te investeren in innovatieve zorg. Het kantoor roept de overheid op om extra geld beschikbaar te stellen.

Zorgpersoneel zegt steeds vaker baan op en is meer ziek

AD 03.09.2019 Werknemers in de zorgsector hebben zich het afgelopen jaar opnieuw vaker ziek gemeld en hebben wederom vaker hun baan opgezegd dan het jaar ervoor. Miljardeninjecties van het kabinet in de verpleeghuiszorg, regionale ‘actieplannen’ en landelijke reclamecampagnes hebben die uitstroom niet kunnen voorkomen. Dat blijkt volgens de Volkskrant uit de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg van EY, waarvoor de adviesorganisatie 674 zorgjaarrekeningen doorploos.

Het verzuim steeg volgens het rapport naar een ‘recordhoogte’ van 5,9 procent, het verloop kwam in 2018 uit op 15,7 procent, het hoogste niveau in jaren. Die ‘absoluut zorgelijke’ cijfers laten volgens Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt in Tilburg, zien dat de sector ‘ziek is geworden’. Volgens Wilthagen is een verzuimpercentage van 4 procent al hoog, tegen de 6 procent is ronduit alarmerend. ,,Dat doen mensen niet omdat ze een dagje geen zin hebben, ze willen de patiënt echt niet benadelen.”

Medewerkers verlaten de zorg vanwege de hoge werkdruk en regellast, aldus de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg. Daardoor loopt de werkdruk voor de achterblijvers alleen nog maar verder op en moeten zij vaker invallen tijdens de nachten en in weekenden, wat opnieuw z’n weerslag heeft op de verzuim- en verloopcijfers.

,,Die vicieuze cirkel is niet zomaar te doorbreken met een paar overheidsprogramma’s”, zegt Wilthagen. ,,We zijn een heel eind van huis geraakt door de bezuinigingen tijdens de crisis en de jaren daarna. Het herstel zal lang duren.”

Topsport

Volgens het ministerie is dat herstel inmiddels ingezet. Toch noemen de ministers De Jonge en Bruins en staatssecretaris Blokhuis in een gezamenlijke verklaring het verzuim en de uitstroom ‘zorgwekkend’. Volgens hoogleraar Wilthagen zullen overheden en werkgevers ‘moeten erkennen dat werken in de zorg een soort topsport is’.

De arbeidscondities moeten volgens hem daarom ook top zijn. ,,Mensen moeten kunnen doorgroeien naar andere aspecten van het werk, er een tijdje tussenuit kunnen gaan, een opleiding kunnen doen.”

‘Ondanks miljardeninjecties stijgt verzuim zorg naar recordhoogte’

AD 03.09.2019 Werknemers in de zorg hebben zich het afgelopen jaar opnieuw vaker ziek gemeld en hebben wederom vaker hun baan opgezegd dan het jaar ervoor. Miljardeninjecties van het kabinet in de verpleeghuiszorg, regionale ‘actieplannen’ en landelijke reclamecampagnes hebben die uitstroom niet kunnen voorkomen.

Dat blijkt volgens Trouw en de Volkskrant uit de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg van EY, waarvoor de adviesorganisatie 674 zorgjaarrekeningen doorploos.

Het verzuim steeg volgens het rapport naar een ‘recordhoogte’ van 5,9 procent, het verloop kwam in 2018 uit op 15,7 procent, het hoogste niveau in jaren. Die ‘absoluut zorgelijke’ cijfers laten volgens Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt in Tilburg, zien dat de sector ‘ziek is geworden’, zo zegt hij in de Volkskrant. Volgens Wilthagen is een verzuimpercentage van 4 procent al hoog, tegen de 6 procent is ronduit alarmerend.

Mede door het hoge verzuim groeide het aandeel zzp’ers in de zorg vorig jaar van 6,6 procent naar 7,1 procent. De totale uitgaven aan personeel dat niet in loondienst is, bedragen intussen bijna 2,6 miljard euro, zo schrijft Trouw.

Eerste staking ooit in jeugdzorg: ‘Heel heftig, maar de nood is hoog’

NOS 02.09.2019 “Ik zie om mij heen collega’s omvallen of het werkveld verlaten. En we moeten steeds harder werken”, zegt jeugdzorgmedewerker Gertrud Reinink. Die werkdruk is voor haar en duizenden collega’s reden om vandaag het werk neer te leggen en te demonstreren in Den Haag.

Video afspelen

‘Het stakingsgen zit niet in het dna van jeugdzorgwerkers’

Het is de eerste staking in de jeugdzorg, die sinds 1901 bestaat. “Dat zegt wel iets. Dat de nood hoog is”, zegt Reinink. Volgens haar leverden de acties van de afgelopen drie jaar niets op. “En dan grijpen we naar het ultieme middel. Ik vind het zelf heel heftig en mijn collega’s ook. Maar als je niet gehoord wordt, dan moet je iets anders doen.”

Na 25 jaar ervaring in de jeugdzorg is zo’n staking wel even wennen voor Reinink. “Nee, maandag kan ik u niet zien”, moest ze tegen ouders en kinderen zeggen. Die reageerden volgens haar heel begripvol. “Ze vertellen dat ze zo lang moesten wachten voordat ze hier überhaupt aan tafel zaten. Dus ze vinden het goed dat we staken. Ze kennen het probleem aan den lijve.”

“Over een paar jaar… Poeh. Ik hou mijn hart vast”, aldus Jeugdzorgmedewerker Gertrud Reinink over de stijgende werkdruk.

Op de demonstratie in Den Haag, georganiseerd door FNV en CNV, kwamen volgens de organisatie 4000 mensen af. In totaal werken er zo’n 30.000 mensen in de jeugdzorg.

Bezuinigingen

De problemen begonnen in 2015, toen de jeugdzorg van de landelijke overheid werd overgeplaatst naar de gemeentes, zegt Reinink. “De overheid heeft dat gedaan met een forse bezuiniging in plaats van met extra financiële input.” Volgens haar leidde dat tot een hogere werkdruk en langere wachtlijsten. “Uiteindelijk zijn wij en onze cliënten de dupe.”

Reinink vreest dat de werkdruk alleen maar groter wordt, omdat de jeugdzorg voor jongeren steeds minder aantrekkelijk wordt als werkgever. “Nu lijkt het nog allemaal te gaan, omdat we heel hard bikkelen. Maar over een paar jaar… Poeh. Ik hou mijn hart vast.”

Meer geld, minder administratiedruk

Volgens de bonden is er voor dit jaar 750 miljoen euro nodig om de tekorten in de jeugdzorg op te vangen. Ook willen ze 200 miljoen voor betere arbeidsvoorwaarden. Andere eisen zijn minder administratiedruk en een einde aan de ‘inkoopwaanzin’. De bonden gebruiken die term voor het beleid van gemeenten om de jeugdzorg zo goedkoop mogelijk in te kopen.

In mei trok minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid voor dit jaar 420 miljoen euro extra uit voor de jeugdzorg. In 2020 en 2021 komt daar nog twee keer 300 miljoen bij. Volgens de bonden is dat veel te weinig.

Jeugdwerker Richard vertelt waarom hij staakt:

Video afspelen

‘Jeugdzorg drijft op de loyaliteit van de jeugdzorgwerkers. We cijferen onszelf weg’

Bekijk ook;

Duizenden jeugdzorgwerkers staken: ‘Te veel regels en te veel bureaucratie’

NU 02.09.2019 Duizenden jeugdzorgwerkers konden maandag in Den Haag tijdens een minuut stilte nadenken over wat hen het meest frustreert om die frustratie vervolgens met veel herrie te uiten. Het leverde iets na 12.00 uur – inclusief het maandelijkse luchtalarm – een oorverdovend kabaal op. Maandag legden vierduizend hulpverleners in de jeugdzorg het werk neer.

De staking van jeugdzorgwerkers begon maandagochtend iets voor 12.00 uur met een minuut stilte. Die tijd is symbolisch, omdat het volgens vakbonden FNV en CNV al “vijf voor twaalf is geweest”.

Het is de eerste staking in de geschiedenis van de jeugdzorg. Sinds de jeugdzorg in 2015 onder gemeenten valt, zijn de kosten flink gestegen en is er voor hulpverleners veel administratie bij gekomen.

Op omhooggehouden spandoeken staan leuzen als: “Decentralisatie wat een kracht, kinderen in de wacht” en “Omstandigheden ruk, wij staan onder hoge druk”.

In het kort

  • De wachtlijsten binnen jeugdzorg worden steeds langer. Daar komt bij dat er de laatste jaren flink bezuinigd is.
  • Het aantal jongeren dat met jeugdzorg te maken krijgt, groeit sinds 2000. Vorig jaar waren het er bijna 430.000, een op de tien.
  • Het ziekteverzuim onder medewerkers van jeugdzorg ligt op 18 procent en de helft van alle nieuwe werknemers vertrekt binnen een jaar weer.
  • Het kabinet stelde onlangs wel voor de komende drie jaar 1 miljard euro extra beschikbaar. Dat is volgens FNV en CNV echter niet genoeg om de tekorten aan te vullen.

Stilte bij emotioneel verhaal

Nadat de stakers lawaai hadden gemaakt, werd het stil toen Patti Broeder haar verhaal deed. Ze vertelde over de problemen waar ze als alleenstaande moeder tijdens de puberteit van haar kinderen tegenaan liep.

Ze zocht naar hulpverlening voor haar oudste zoon Bas, maar volgens de hulpverlenende instanties waren de problemen van haar zoon daarvoor “niet zwaar genoeg”. “Voorheen waren er instellingen die Bas hadden kunnen helpen, maar die zijn gesloten”, vertelde ze.

Uiteindelijk maakte Bas een einde aan zijn leven en zijn moeder deelde haar verhaal maandag dan ook zichtbaar vol emotie. De stakers op de Haagse Koekamp in Den Haag luisterden ademloos toe.

Duizenden jeugdzorgwerkers hebben meegedaan aan de staking.

‘Te veel regeldruk en te veel bureaucratie’

De stakers pleiten voor meer geld als antwoord op de problemen die ontstonden door decentralisatie en de bezuinigingen van de laatste jaren. Daarnaast viel op veel spandoeken van de stakers te lezen dat ze zich naar eigen zeggen te veel met administratie moeten bezighouden.

Dat ziet ook een jeugdbeschermer uit Breda. “We hebben te maken met te veel regeldruk, te veel bureaucratie en te veel controle van bovenaf. Ik merk dat ik daardoor veel minder tijd heb om met gezinnen aan de slag te gaan. Ik moet heel veel e-mails afhandelen en heb daardoor geen tijd meer voor contact met cliënten.”

Haar collega Nicole Kokke was maandagochtend extra vroeg opgestaan om voor de staking nog wat e-mails te beantwoorden. “Ik heb toen wel even gedacht: ik moet echt nog veel doen, maar ik ga vandaag wel staken. Anders geef ik de verkeerde boodschap af.”

‘Ik vind dat het zo niet verder kan gaan’

Als Kokke wel was gaan werken, dan had ze maandag een gezin geholpen. De betreffende ouders liggen volgens Kokke in een “vechtscheiding”. “De vader maakt zich zorgen om zijn kind.” Een urgente zaak, maar toch heeft ze de vader laten weten dat ze maandag niet bereikbaar is. “Ik vind het heel vervelend, want het belang van cliënten staat bij ons altijd voorop, maar ik vind dat het zo niet verder kan gaan.”

Die afweging heeft ook Willy van der Heijden gemaakt. Jeugdzorg is “in een heel diep moeras aan het wegzinken”, stelt de jeugdbeschermer uit Venlo. “Wie in de zorg zit, wil altijd zorgen. Maar soms is het gewoon klaar en dat is nu. Er zijn steeds minder plekken waar we kinderen kunnen plaatsen en we kunnen de kinderen ook steeds minder geven wat ze nodig hebben.”

Minister Hugo de Jonge in gesprek met meerdere stakers.

Stakers ontvangen minister De Jonge met gejoel

Toen minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) tegen het einde van de staking het podium betrad, werd hij met gejoel ontvangen. Maar de minister liet weten dat hij graag met de stakers samenwerkt.

“Jullie zorgen zijn voor een belangrijk deel ook mijn zorgen. En de strijd die jullie voeren, is voor een belangrijk deel ook mijn strijd”, aldus De Jonge. “Als ik in jullie schoenen stond, dan stond ik daar en was ik de strijd aan het voeren die jullie nu voeren”, zei hij terwijl hij naar de duizenden stakers wees.

“Maar ik kan de strijd tegen de enorme administratieve lasten niet alleen voeren. Er staat geen rode knop op het departement om die zorgen in één keer te doen keren. We moeten dat met elkaar doen”, zei de minister. “Daarom heb ik voor de gelegenheid Rotterdamse schoenen aangetrokken. Geen woorden, maar daden. We zullen aan de slag moeten en dat doen we ook al. Ik ga daar graag mee verder en daarvoor heb ik jullie nodig. Ik trek graag met jullie op.”

Het leverde de minister al wat meer applaus op dan tijdens zijn ontvangst, in de hoop dat de klok van “iets voor 12.00 uur” weer wat kan worden teruggedraaid.

Zie ook: Staking in de jeugdzorg: ‘Waarom negeert het kabinet alle noodsignalen?’

Lees meer over: Zorg  Den Haag  Binnenland

Jeugdzorgers staken voor het eerst: ‘Crisisplaatsing kon in een dag, maar kost nu een maand’

AD 02.09.2019 Duizenden jeugdzorgmedewerkers uit het hele land demonstreerden maandag in Den Haag uit diepe onvrede met de situatie in hun vak. Van Groningen tot Maastricht piept en kraakt het op alle mogelijke terreinen, blijkt uit de verhalen van medewerkers.

Bij de William Schlikker Groep in Amsterdam vertellen twee vrouwen dat de snelst mogelijke plek in de crisisopvang tegenwoordig een wachttijd van vier weken kent. ,,Voor de zorg in 2015 werd overgedragen aan de gemeenten, kon dat binnen een dag”, zegt jeugdbeschermer Barbara.

Veel jeugdhulpverleners gebruiken sindsdien een groot deel van hun tijd voor het vinden van sluipweggetjes door deze bureaucratie. Soms lukt dat. Maar als het van hogerhand ontdekt wordt, dan wordt rigoureus een streep door een verzoek tot plaatsing gehaald.

,,Het draait niet meer om de vraag wat jongeren nodig hebben, maar of de gemeente de zorg heeft ingekocht en welke productcode daarbij hoort”, zegt Roy Trommelen van Jeugdbescherming Overijssel. Hij ziet met lede ogen aan hoe het landelijk bekende ‘Almelose model’, waarbij jongerenwerk, politie, justitie en zorgverleners korte lijntjes met elkaar hadden en indien nodig in een flits de juiste hulp in gang konden zetten, doordat iedereen elkaar goed kende.

Je hoort in principe maximaal één keer in je leven naar bureau Halt verwezen te worden, maar ik zie nu jongeren die daar al vier keer geweest zijn, aldus Roy Trommelen, Jeugdbescherming Overijssel .

Rust van een kind

,,Nu worden crisisplekken aangevraagd voor jongens van wie we de naam al jaren voorbij horen komen in overleggen over overlastgevende en moeilijke jeugdgroepen, maar die nooit aan bod komen omdat alles via de Zo Snel Mogelijk-afhandelen methodiek van het Openbaar Ministerie wordt afgewerkt. Je hoort in principe maximaal één keer in je leven naar bureau Halt verwezen te worden, maar ik zie nu jongeren die daar al vier keer geweest zijn.”

Het kan nog erger, schetst Emina Abbou uit Venlo. ,,Als twee ouders in twee gemeenten wonen, die allebei onder dezelfde jeugdzorgregio vallen, dan adviseer ik jongeren soms om bij hun vader te gaan wonen omdat in die gemeente iets meer geld voor zorg is. Ook als het voor de rust van een kind beter is als dat bij moeder woont.”

Woede over de chaos

Door al deze ellende is het personeelsverloop in de jeugdzorg gigantisch. De sociale wijkteams uit Nijmegen zagen net als instellingen overal in het land veel ervaren werknemers vertrekken. ,,We hebben eens in de zes weken een overleg over de jongeren met wie we werken, en elke keer moeten we onszelf opnieuw aan elkaar voorstellen, zoveel verloop is er”, vertelt beleidsmedewerker Igor van der Vlist.

De door vakbonden FNV en CNV georganiseerde actie op de Koekamp tegenover het ministerie van Volksgezondheid was de eerste keer ooit dat jeugdzorgers in staking kwamen. Hoewel er enkele duizenden op de been waren, vertolkten zij maar een klein beetje van de woede die heerst over de chaos, de bureaucratie en het geldgebrek in de jeugdhulp, aldus Anja Hegeman van Jeugbescherming Overijssel. ,,Van onze organisatie zijn er 12 van de 150 medewerkers. De rest kon  zich niet veroorloven om hier te demonstreren, om maar geen kinderen gevaar te laten lopen.”

Staking Jeugdzorg in Den Haag

Den HaagFM 02.09.2019 Met duizenden staan ze maandag op de Koekamp. Jeugdzorgwerkers uit het hele land staken voor het eerst in de geschiedenis. De staking is uitgeroepen door vakbonden FNV en CNV omdat het volgens hen niet langer zo kan. De werkdruk is volgens de stakers enorm hoog en er is personeelstekort. Daardoor vallen er medewerkers uit en uiteindelijk zijn de kinderen daar de dupe van.

Toen jeugdzorg een paar jaar geleden onder verantwoordelijkheid van gemeenten kwam is er 450 miljoen per jaar bezuinigd. De jaren daarna is het aantal aanvragen alleen maar gestegen. Dus daarom wil de sector meer geld van de minister, 950 miljoen om precies te zijn. De minister heeft eerder dit jaar 420 miljoen toegezegd, maar dat is volgens de stakers te weinig.

Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

OmroepWest 02.09.2019 Een paar duizend jeugdzorgwerkers voeren maandag actie op de Koekamp in Den Haag. Ze staken voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis. De staking is uitgeroepen door vakbonden FNV en CNV omdat het volgens hen niet langer zo kan. ‘De werkdruk is enorm hoog en er is personeelstekort. Daardoor vallen de collega’s uit en uiteindelijk zijn de kinderen daar de dupe van’, aldus jeugdzorgwerker Richard van Jeugdbescherming West.

Naar schatting zijn er zo’n 4000 demonstranten. ‘Het is een waanzinnige opkomst. Mensen zijn echt boos, vooral over de tekorten aan middelen en het enorme personeelstekort’, zegt een woordvoerster van FNV. Richard heeft lang getwijfeld of hij mee zal doen aan de staking. ‘Niet omdat ik het niet nodig vind, maar omdat wij als jeugdzorgwerkers vreselijk loyaal zijn aan de gezinnen die wij helpen. En vandaag ben ik er dan dus niet voor ze.’ Maar de noodzaak om te staken dwingt hem er toch toe, vindt hij.

Toen jeugdzorg een paar jaar geleden onder verantwoordelijkheid van gemeenten kwam is er 450 miljoen per jaar bezuinigd. De jaren daarna is het aantal aanvragen alleen maar gestegen. Dus daarom wil de sector meer geld van de minister, 950 miljoen om precies te zijn. De minister heeft eerder dit jaar 420 miljoen toegezegd, maar dat is volgens de stakers. Zoals Richard het verwoordt: ‘Je staat 1000 euro rood buiten jouw schuld om en je krijgt 800 euro terug, dan heb je nog steeds een tekort.’

Magere voldoende

Jeugdzorgwerkers geven volgens FNV hun werk maar een magere voldoende, een 5,5. Ruim de helft vindt dat ze hun kennis en kunde niet voldoende kunnen inzetten. 92 procent overweegt weleens de sector te verlaten en 50 procent hiervan voegt de daad bij het woord en zoekt een andere baan. 63 procent kan het werk niet loslaten in de vrije tijd.

De belangrijkste vertrekredenen zijn de hoge werkdruk, de hoge administratieve belasting en de zware mentale en fysieke belasting. Richard: ‘Doordat er zoveel collegae weggaan en de vacatures moeilijk te vervullen zijn, komt er meer op het bordje te liggen van hen die wel blijven werken in de sector. We kijken nu al niet echt op de klok en werken door in onze vrije tijd, maar het kan echt niet langer. Uiteindelijk zijn de families natuurlijk het kind van de rekening.’

Meer tijd voor kinderen

Het extra geld wordt in eerste instantie gebruikt voor loonsverhoging, werkdrukmaatregelen en om de leegloop van personeel tegen te gaan. Hierdoor moeten de wachtlijsten kleiner worden en moet er meer effectieve tijd naar de families gaan.

LEES OOK: Experts: met geld alleen help je jeugdzorg niet uit de problemen

Meer over dit onderwerp: JEUGDZORG ZORG DEN HAAG STAKING

Staking in de jeugdzorg: ‘Waarom negeert het kabinet alle noodsignalen?’

NU 01.09.2019 Een groot deel van de 30.000 medewerkers in de jeugdzorg legt maandag – voor het eerst in de geschiedenis – het werk neer. Zij eisen dat het kabinet oplossingen biedt voor de problemen waar de bezuinigingen en decentralisaties van de afgelopen jaren toe hebben geleid. Waar gaat het om en waarom is de urgentie voor de actievoerders zo hoog?

De jeugdzorg valt sinds 2015 onder de gemeenten.

Het idee achter dit initiatief van het Rijk was het tegengaan van de ‘versnippering’. Ook moest de jeugdzorg laagdrempeliger worden.

Onder jeugdzorg valt zowel de jeugdhulp, als de jeugdbescherming en jeugdreclassering voor jongeren tot 23 jaar. “Veel mensen zien bij jeugdzorg alleen maar die medewerkers kinderen uit huis plaatsen als er problemen zijn, maar dat is een beeld dat geen recht doet aan de werkelijkheid”, zegt FNV-bestuurder Maaike van der Aar met klem.

Bijna een op de tien jongeren krijgt te maken met jeugdzorg. Dat waren er vorig jaar 428.000, constateerde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Sinds 2000 neemt het aantal kinderen dat met jeugdzorg in aanraking komt al toe. Oorzaken zijn onder meer de toename van het aantal eenoudergezinnen en vechtscheidingen en daarnaast de prestatiedruk waar veel kinderen onder gebukt gaan.

De extra vraag leidde tot extra kosten. De Nederlandse gemeenten trokken daarom al vaker aan de bel in Den Haag.

De gemeenten zijn al jaren met het Rijk in gesprek over de groeiende kosten in de jeugdzorg. Als Den Haag geen geld bijlegt, dan kunnen de gemeenten naar eigen zeggen geen volwaardige zorg en hulp aan jongeren meer garanderen.

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) waarschuwt dat er (weer) bezuinigd moet worden als er niet op korte termijn extra geld beschikbaar komt. Het kabinet liet onlangs wel weten dat de komende drie jaar in totaal 1 miljard euro extra naar jeugdzorg gaat. Dit is echter een eenmalige bijdrage en geen structurele financiële steun. Volgens de FNV is dit bedrag niet hoog genoeg om de tekorten aan te vullen.

Diverse partijen hebben recent gewezen op de problemen in de jeugdzorg.

Kinderombudsman Margrite Kalverboer liet dit voorjaar weten uit het veld veel signalen te krijgen dat kwetsbare kinderen niet meer de hulp krijgen die zij wel nodig hebben. Zij wees de overheid erop dat de problemen bij de jeugdhulp, de jeugdbescherming, de jeugd-ggz en het passend onderwijs “steeds groter worden”.

Kalverboer signaleert dat de wachtlijsten in rap tempo langer worden. Dit raakt ook de kinderen die snel hulp nodig hebben of in een kritieke situatie verkeren. Ook constateert de Kinderombudsman dat het aantal kinderen dat mishandeld wordt de laatste jaren niet significant afneemt. Zij stelt dat de problemen die de decentralisatie moest oplossen alleen maar groter zijn geworden.

Ook kinderrechters luidden recent de noodklok vanwege het tekort aan jeugdzorgwerkers en de wachtlijsten die snel groeien. “We snappen niet dat het kabinet al die signalen, al die noodkreten maar blijft negeren”, aldus FNV-bestuurder Van der Aar.

Het is uitzonderlijk dat personeel in de jeugdzorg het werk neerleggen.

Van der Aar wijst erop dat de stakingsbereidheid in de ene sector groter is dan in de andere.

“Jeugdzorgwerkers zullen altijd eerst voor hun cliënten kiezen. Maar dat is ook een van de problemen van de sector. Uit loyaliteit gaat iedereen de hele tijd maar dóór, ook als de grenzen eigenlijk al zijn bereikt. De gaten zijn heel lang opgevuld door tóch nog wat harder te lopen, óók als de werkdag al voorbij is of als er geen extra geld tegenover staat. Maar dat elastiekje is nu genoeg opgerekt, Den Haag moet nu echt gaan bewegen. Anders gaat het binnenkort een keer heel erg fout en stevenen we af op een ramp.”

De problemen in de jeugdzorg passen in een hele reeks signalen uit de samenleving dat de liberalisering van alle organisaties niet zo zaligmakend is als Den Haag doet voorkomen, bepleit Van der Aar.

“Er wordt steeds meer een beroep gedaan op de eigen kracht van mensen. Maar sommige groepen redden het dan gewoon niet. Het aantal verwarde personen op straat neemt toe, het aantal daklozen is verdubbeld, de ggz kan het werk niet aan, het onderwijs kampt met chronisch tekort aan mankracht. Het is leuk dat Rutte ons land meer welvaart wil geven. Maar wat heb je daaraan als het welzijn van zoveel kinderen schrikbarend afneemt?”

Het ziekteverzuim in de jeugdzorg neemt toe.

Nederland telt op dit moment 30.000 jeugdzorgwerkers, die het werk volgens vakbond FNV nauwelijks aankunnen. Het verzuim en het verloop in de sector zijn bovengemiddeld hoog.

Het ziekteverzuim ligt op 18 procent en 50 procent van alle nieuwe arbeidskrachten haakt binnen een jaar weer af door de werkdruk en de relatief lage lonen. Hierdoor vergrijst de sector in hoog tempo. Veel oudere medewerkers bereiken de komende jaren hun pensioenleeftijd. “Je verliest dus niet alleen handen, maar ook kennis en collectief geheugen”, verduidelijkt Van der Aar. “Die zijn, zeker in deze beroepsgroep, heel belangrijk. Een sector als deze kan niet alleen maar draaien op onervaren krachten.”

De echte gevolgen worden pas over een paar jaar duidelijk.

De wachtlijsten in de jeugdzorg zijn flink langer geworden. Zelfs de urgente probleemgevallen moeten weken of zelfs maanden wachten voordat ze aan de beurt zijn. Bovendien klagen veel medewerkers geen ruimte of tijd te hebben voor het bieden van echt goede zorg. Zij stellen alleen maar aan symptoombestrijding te kunnen doen.

“Dit betekent dus dat de problemen waar de jongeren mee worstelen niet weg zijn en dat zij er op langere termijn alsnog tegenaan gaan lopen”, legt Van der Aar uit.

Een van de imagoproblemen waar jeugdzorg mee worstelt, is dat veel mensen in Nederland er niet zelf mee te maken krijgen, merkt ze. “Met zaken als ouderenopvang of huisartsenzorg krijgt ieder mens te maken. Maar jeugdzorg staat bij veel mensen niet op de radar, omdat zij er gelukkig niet mee te maken krijgen. Dat maakt de urgentie van de problemen waar we nu mee kampen echter niet minder groot. Want uiteindelijk krijgt wel de hele samenleving de rekening gepresenteerd als we deze jongeren niet de hulp kunnen bieden die ze wel nodig hebben.”

Zie ook: Meer kinderen in jeugdzorg: Gaat er iets mis in onze opvoeding?

Lees meer over: Zorg Binnenland

Ziekenhuispersoneel in Alkmaar voert actie NOS

Ziekenhuizen willen extra geld voor verpleegkundigen, kabinet weigert

NOS 30.08.2019 De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen vraagt het kabinet om mee te betalen aan de loonsverhoging voor verpleegkundigen. De ziekenhuizen kunnen de gevraagde loonsverhogingen niet alleen betalen, schrijft voorzitter Ad Melkert van de NVZ in een brief aan premier Rutte en minister Bruins voor Zorg. In zijn brief noemt Melkert geen bedragen, maar tegen de NOS zegt hij dat hij met zo’n 200 miljoen euro “een eind kan komen”.

Minister Bruins laat weten dat hij geen extra geld uittrekt. Hij wijst op een potje met 1,7 miljard euro voor loonsverhogingen in de hele zorg, dus ook voor bijvoorbeeld huisartsen en ggz-personeel. “Daar doen ze het met deze ruimte en dat moeten de ziekenhuizen ook. Ik heb niet nog ergens een extra potje.”

De onderhandelingen voor een nieuwe cao voor de ziekenhuizen zitten al maanden vast. De vakbonden vragen 5 procent loonsverhoging en maatregelen ter vermindering van de werkdruk. Dat vinden ze nodig om verpleegkundigen extra te belonen en om aantrekkelijk te blijven op de arbeidsmarkt. In onder meer Alkmaar, Assen, Eindhoven en Amsterdam hebben verpleegkundigen al actie gevoerd in de vorm van zondagsdiensten. Ook voor september zijn weer tientallen acties aangekondigd.

Bij acties in Assen en Alkmaar benadrukten verpleegkundigen gisteren dat de patiëntenzorg voorop staat, maar dat de acties wel nodig zijn:

Video afspelen

Verpleegkundigen in actie: ‘Patiëntenzorg staat voorop, maar dit is nu ook heel belangrijk’

Melkert schrijft in zijn brief dat een passende beloning voor het ziekenhuispersoneel van groot belang is, ook om te zorgen dat de zorg kan concurreren op de steeds krappere arbeidsmarkt. Tegelijk zijn de ziekenhuizen gebonden aan harde afspraken met het kabinet om de stijging van zorgkosten te beteugelen.

Hoewel de zorgvraag de komende vier jaar met 10 procent toeneemt, mag de groei maximaal 1,7 procent zijn. In 2022 moet dat zelfs 0 procent groei zijn. Die toegestane groei gaat naar verwachting volledig op aan dure geneesmiddelen. En anders dan de vrijemarktsector kan een ziekenhuis een salarisstijging niet opvangen door meer productie, aldus Melkert.

“Een ‘harde’ bezuiniging is eigenlijk de enige knop waar we aan kunnen draaien”, schrijft Melkert aan het kabinet. Omdat de ziekenhuiskosten voor meer dan 50 procent uit personeelskosten bestaan, is bezuinigen op inzet van personeel onvermijdelijk. Ontslagen zijn dan niet uitgesloten. “Het leidt tot een negatieve spiraal: hogere werkdruk, verslechtering van onze positie op de arbeidsmarkt en een toename van wachtlijsten.”

Honderden miljoenen

Volgens ingewijden houden ziekenhuizen er rekening mee dat ze tot 2022 circa 300 tot 850 miljoen extra kwijt zijn aan loonkosten. Dat is niet alleen verhoging van het gewone salaris, maar ook de kosten van onregelmatigheidstoeslag, overwerk, reiskosten en andere eisen van de bonden.

Het precieze bedrag is afhankelijk van de uitkomsten van de cao-onderhandelingen. Het kabinet zou daarvan wat de ziekenhuizen betreft dus een fors deel voor zijn rekening moeten nemen. Volgens Melkert zijn de ziekenhuizen flink geholpen met zo’n 200 miljoen euro van het Rijk. “De huidige economie en de gunstige ontwikkeling van de overheidsfinanciën bieden hier op dit moment ruimte voor”, zegt hij.

Bonden blijven bij eis

Vakbonden houden vast aan de looneis. “We zijn bang dat de ziekenhuizen zich verschuilen achter de politiek. Of er nu wel of geen geld vanuit het kabinet bij komt, wij blijven vasthouden aan 5 procent erbij voor het personeel”, zegt FNV-bestuurder Elise Merlijn. “Dat is de basis om verder te praten”, stelt ook CNV-bestuurder Joost Veldt.

Merlijn stelt dat ziekenhuizen het geld wel hebben, maar het beter moeten verdelen. Volgens de vakbonden gaat er nu te veel geld naar duurdere zzp’ers in plaats van naar personeel in loondienst. “Dat kost echt klauwen vol geld”, beaamt Veldt.

Bekijk ook

Ziekenhuizen vrezen ontslagen als kabinet niet bijspringt

AD 30.08.2019 Ziekenhuizen vrezen voor personeelsontslagen en minder zorg als de vakbonden vasthouden aan hun hoge looneis. Alleen met extra geld van het kabinet kan dit rampscenario worden voorkomen, zegt Ad Melkert, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ).

Melkert stuurde vanochtend een alarmerende brief naar minister Bruno Bruins van medische zorg. Daarin schrijft hij dat personeelsontslagen onvermijdelijk lijken als de salarissen harder stijgen dan voorzien. ,,Een volstrekt onwenselijke ontwikkeling’’, stelt hij. Dit leidt volgens hem tot een hogere werkdruk en een toename van de wachtlijsten. ,,We hebben iedereen in het ziekenhuis keihard nodig om goede zorg te kunnen leveren.’’

Lees ook;

Lees meer

Melkert vraagt om een eenmalige zak geld van het kabinet. Een bedrag wordt niet genoemd, maar er zijn zeker tientallen miljoenen extra nodig om ziekenhuispersoneel een beter loon te kunnen geven. Als de werkgevers dit zelf ophoesten, belanden veel ziekenhuizen in de rode cijfers, verwacht de werkgeversvereniging.

Minister Bruins (Medische zorg) zei vrijdagmiddag na afloop van de wekelijkse ministerraad dat hij niet van plan is om extra de portemonnee te trekken. ,,Ik vind dat er voor zorgprofessionals een loonstijging in moet zitten. Daarom hebben we als Rijk dit jaar 1,7 miljard op tafel gelegd. Daar moet het ook mee gebeuren. De cao-partijen moeten dus aan de slag, om een akkoord uit te onderhandelen met daarin een marktconforme loonstijging. Aan het werk, zeg ik!”

De bonden en ziekenhuizen onderhandelen al lange tijd over die nieuwe cao, die op 1 april dit jaar moest ingaan voor 200.000 ziekenhuismedewerkers. De bonden eisen een loonsverhoging van 5 procent dit jaar en nog eens 5 procent volgend jaar. De werkgevers houden vast aan een driejarige cao met een salarisverhoging van 3,25 procent dit jaar, 2 procent in 2020 en 2,5 procent in 2021.

Werknemers van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam protesteren voor de ingang van het ziekenhuis voor een beter cao. © ANP

Niet langer (p)rikken

Demonstraties in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam voor beter loon. © ANP

Ook verpleegkundigen kwamen deze zomer in opstand. Ze hingen pamfletten op ziekenhuizen dat ze de lage lonen ‘niet langer p(r)ikten’. In ziekenhuizen in Alkmaar, Assen en Eindhoven werden zondagdiensten gedraaid, wat betekent dat het personeel alleen spoedeisende incidenten worden opgepakt.

Volgens NVZ-voorzitter Melkert zijn de strijdende partijen het overigens wél eens dat een loonsverhoging ‘noodzakelijk’ is. Verpleegkundigen moeten volgens hem beloond worden voor hun vaak zware werk. Ook moet het ziekenhuis een aantrekkelijke plaats blijven om te werken, zeker nu het personeelstekort al zo groot is. Uit eerdere berekeningen bleek dat de ziekenhuizen nu al kampen met ruim achtduizend openstaande vacatures, een ruime verdubbeling in vijf jaar tijd.

,,Maar we zitten in een te krappe jas’’, benadrukt Melkert. De zorgvraag neemt in de komende vier jaar met 10 procent toe, terwijl de ziekenhuizen maar 1,7 procent mogen groeien. In 2022 mag er geen winst gemaakt worden. De stijgende kosten moeten de ziekenhuizen zelf opvangen en dat gaat ten koste van investeringen, die volgens de voorzitter juist hard nodig zijn. ,,Vooral in de ICT.’’

De ziekenhuizen zijn niet de enige die deze week de noodklok luiden. Ook de geestelijke gezondheidszorg kampt met een enorm personeelstekort en een kwart van de instellingen leed afgelopen jaar verlies.

Jeugdzorg

Ook de jeugdzorg heeft het moeilijk. Voor het eerst in de geschiedenis gaan duizenden jeugdzorgmedewerkers maandag staken om extra geld van het kabinet af te dwingen. Volgens de branche is er een structureel budget van 750 miljoen euro en eenmalig 200 miljoen euro nodig voor de arbeidsmarkt in de jeugdzorg. Inmiddels is de eerdere bezuiniging van 450 miljoen nagenoeg teruggedraaid, maar extra investeringen staan nog niet op stapel.

Jeugdzorgwerkers demonstreerden begin dit jaar tegen het kabinetsbeleid. De actievoerders liepen naar het ministerie van VWS waar zij een fluitconcert hielden. Komende maandag gaan ze staken. © ANP

Extra geld van kabinet voor cao ziekenhuizen is ‘noodzaak’

RTL 30.08.2019 Om een cao voor de verpleegkundigen in de ziekenhuizen te kunnen sluiten moet het kabinet met extra geld komen. Dat zegt Ad Melkert, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, de werkgevers in ziekenhuisland.

In een brief aan het kabinet geeft Melkert niet aan hoevéél extra geld hij nodig heeft. Tegen RTL Nieuws zegt hij: “Als je echt iets wilt doen heb je zo’n 200 miljoen nodig.”

Melkert legt in zijn brief uit waarom het water de ziekenhuizen aan de lippen staat. Ze hebben namelijk een akkoord met het kabinet gesloten om de uitgaven aan zorg te beperken.

Lees ook:

Zomerstress bij verpleegkundigen: ‘Patiënten wassen zichzelf’

Geen geld voor salarisstijging

De uitgaven mogen maar met 1,7 procent per jaar groeien, terwijl de vraag naar zorg elk jaar groeit met 2,5 procent. Daardoor komen ziekenhuizen financieel onder druk te staan. Geld voor een flinke salarisstijging is er volgens Melkert dus niet.

En dat terwijl de vakbonden over de komende twee jaar 10 procent meer loon eisen. Dat kost de ziekenhuizen ongeveer 1 miljard euro. Om dat weer te kunnen betalen zouden ziekenhuizen hard moeten bezuinigen. “Dat betekent minder personeel waarbij ontslagen niet zijn uitgesloten”, aldus Melkert.

Lees ook:

Geestelijke gezondheidszorg heeft het zwaar: grote verliezen

Negatieve spiraal

Volgens hem is dat een ‘volstrekt ongewenste ontwikkeling’. “Het leidt tot een negatieve spiraal: hogere werkdruk, verslechtering van onze positie op de arbeidsmarkt en een toename van wachtlijsten”, aldus de ziekenhuisvoorman.

Melkert benadrukt dat iedereen in het ziekenhuis hard nodig is om goede zorg te leveren. Daarom vraagt hij het kabinet voor volgend jaar voor één keer extra geld beschikbaar te stellen voor de beloning van de verpleegkundigen.

zie: Stephan Koole Ad Melkert  Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen NVZ  Gezondheidszorg  CAO  Den Haag

Jeugdzorgmedewerkers staken voor het eerst in de geschiedenis: 3000 à 4000 medewerkers verwacht

AD 29.09.2019 Maandag vindt de allereerste staking ooit plaats van medewerkers van jeugdzorg. ,,Het zit niet in het dna van deze medewerkers om gezinnen en kinderen in de steek te laten. Ze hebben nog nooit gestaakt, dus het zeg wel iets dat ze dit nu tóch gaan doen.’’

De hele sector zal zich laten horen, aldus Oscar Overbeek, CNV.

Het is voor het eerst dat jeugdzorgmedewerkers staken sinds de oprichting van de jeugdzorg in 1901. Vakbonden FNV en CNV, die de staking samen organiseren, verwachten dat 3000 à 4000 mensen meedoen aan de staking.

,,We zitten nu rond de 3500 aanmeldingen. Maar we weten uit ervaring dat mensen zich niet altijd vooraf aanmelden, terwijl ze wel komen staken’’, licht CNV-bestuurder Oscar Overbeek toe. ,,Het gaat niet alleen om mensen die op groepen staan, maar ook om ondersteunende diensten. De hele sector zal zich laten horen.’’

Hoeveel mensen er door de staking worden geraakt is volgens vakbond CNV nog niet te becijferen. ,,Daar moet ik het antwoord schuldig op blijven. Maar de acute zorg is gewaarborgd, er is bijvoorbeeld voor gezorgd dat crisisdiensten open blijven en ook groepen waar mensen op zitten die zorg nodig hebben blijven bemand.’’

Lees ook;

Lees meer

Eerdere bezuiniging terugdraaien

CNV Zorg en Welzijn en FNV Zorg en Welzijn eisen een structureel budget van 750 miljoen euro en eenmalig 200 miljoen euro voor de arbeidsmarkt in de jeugdzorg. De vakbonden willen met dat extra geld een eerdere bezuiniging van 450 miljoen euro terugdraaien, die is doorgevoerd toen de gemeenten verantwoordelijk werden voor jeugdzorg.

,,Het is eigenlijk al drie jaar crisis in de jeugdzorg,’’ verklaart FNV-bestuurder Maaike van der Aar. ,,De medewerkers in deze sector zijn super loyaal, als dit elastiekje nog verder oprekt knapt het. Als je met mensen praat merk je dat de tranen zo hoog zitten, dat ze komen. Minister Hugo de Jonge moet nu echt in actie komen.’’

De bezuinigingen hebben volgens CNV ook geleid tot ‘schrijnende situaties’. ,,Behandeltrajecten moeten bijvoorbeeld in 6 weken, terwijl daar eigenlijk 12 weken voor staan. Dat levert schrijnende situaties op waarin jeugdzorgmedewerkers hun werk niet kunnen doen,’’ aldus Overbeek. ,,Het systeem is gebaseerd op wantrouwen. Het is een bureaucratische ramp, omdat er ongelofelijk veel gerapporteerd moet worden.’’

CNV is bang dat te veel medewerkers jeugdzorg de rug toekeren. ,,Er zijn wachtlijsten, er zijn tekorten en ook de arbeidsmarkt in de jeugdzorg is nijpend,’’ betoogt de CNV-bestuurder. ,,Recent onderzoek heeft uitgewezen dat de uitstroom ongeveer 16 procent is. Straks hebben we niemand meer die dit werk kan of wil doen.’’

Bestuur beroepsvereniging verpleegkundigen stapt op vanwege omstreden wet

NOS 27.08.2019 Het bestuur van de beroepsvereniging voor verpleegkundigen V&VN is opgestapt omdat het fouten heeft gemaakt in de discussie over de invoering van ee wet waar de afgelopen weken veel onrust over ontstond. Het bestuur geeft toe dat de achterban onvoldoende kans heeft gekregen om zijn mening te geven. “Dat spijt ons enorm en daar nemen we nu onze verantwoordelijkheid voor”, zegt aftredend voorzitter Henk Bakker.

Het voorstel voor de Wet BIG II maakte een onderscheid tussen hbo- en mbo-verpleegkundigen. Verpleegkundigen uit de eerste groep zouden direct de nieuwe functie van regieverpleegkundige kunnen gaan vervullen.

Mbo-verpleegkundigen zouden daarvoor eerst extra scholing moeten volgen. Het V&VN-bestuur stond achter dit voorstel, maar tienduizenden leden niet. Zij steunden een actiecomité dat vond dat het voorstel van tafel moest.

Verpleegkundige Hanna Bonnes zei eerder al dat ze bang is dat ze straks haar werk op de ambulance niet meer mag doen:

Video afspelen

Verpleegkundige: ‘Deze wet is op zijn zachtst gezegd pijnlijk’

Vanwege de onrust trok minister Bruins het voorstel vorige week in. “Op deze manier zie ik de wet niet vliegen”, zei hij bij Jinek. “Ik ben op zoek naar een gezamenlijke oplossing die door alle partijen wordt gedragen.” Bruins heeft oud-SER-voorzitter Rinnooy Kan gevraagd mee te denken bij het zoeken van een alternatief.

Bekijk ook;

Bestuur vereniging verpleegkundigen treedt af na opstand onder achterban

AD 27.08.2019 Het bestuur van de beroepsvereniging van verpleegkundigen, V&VN, treedt af. De reden is het schenden van het vertrouwen van de achterban, zegt de vertrekkend voorzitter.

Groepen verpleegkundigen gingen deze de zomer de barricades op, omdat ze bang zijn dat – door een andere vermelding in het zorgregister- hun jarenlange kennis en kunde straks niet meer tellen op de werkvloer. Ze vrezen dat jongere, minder ervaren collega’s het roer in handen krijgen.

De omstreden ingrepen zijn dit voorjaar afgesproken door de vereniging voor verpleegkundigen zélf, samen met de vakorganisaties en de zorgwerkgevers. Het bestuur van V&VN maakte na de opstand al ‘pas op de plaats’, bood excuses aan voor de slechte deal, maar vertrekt nu helemaal.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Vertrouwen geschonden

Aftredend voorzitter Henk Bakker: ,,De afgelopen tijd is het vertrouwen van verpleegkundigen in hun beroepsvereniging geschonden. Dat komt doordat wij als bestuur niet de juiste keuzes hebben gemaakt. Ook hebben we onze achterban niet voldoende de kans gegeven zich over zo’n belangrijk onderwerp uit te spreken. Dat spijt ons enorm en daar nemen we nu onze verantwoordelijkheid voor.”

Het bestuur heeft de Ledenraad vanmiddag meegedeeld dat het aftreedt. De Ledenraad heeft een tweetal bestuursleden – Wilma Jackson en Marie-Louise van der Kruis – bereid gevonden tijdelijk demissionair aan te blijven om de organisatorische taken uit te blijven voeren.

Het is nog niet duidelijk wat er gebeurt met de positie van directeur Sonja Kersten. De vereniging moet volgende maand opnieuw om tafel met alle partijen om alsnog een goede regeling te treffen voor verpleegkundigen, maar ook die afspraak staat nu op losse schroeven.

Een woordvoerder van V&VN zegt dat de beroepsvereniging de komende tijd nog een rondgang zal maken langs de leden om te peilen welke richting zij op willen. Dat heeft nu prioriteit voor V&VN.

Cliënten thuiszorgorganisatie Zeker in de Zorg lopen risico door ‘tekort schieten organisatie’

AD 23.08.2019 Zeker in de Zorg, een in Delft gevestigde thuiszorgorganisatie die ook in Zoetermeer actief is, schiet ernstig en structureel tekort in haar taken, waardoor er grote risico’s bestaan voor cliënten.

De Inspectie Gezondheidszorg heeft Zeker in de Zorg daarom deze week een zogeheten ‘aanwijzing’ gegeven, wat inhoudt dat de zorgaanbieder de kwaliteit van de zorg binnen vier maanden op orde moet hebben.

De Delftse thuiszorgorganisatie biedt onder meer persoonlijke verzorging, verpleging, specialistische zorg en palliatieve- en 24 uurs-zorg. De organisatie heeft zo’n vijftig cliënten en is gevestigd aan de Delftse Kleveringweg.

Hoewel de inspectie niet in detail treedt over welke ‘grote risico’s’ de cliënten precies lopen, meldt ze dat er tekortkomingen zijn geconstateerd in onder meer de veiligheid van de zorg aan huis, in de integrale zorg en in het ‘sturen op kwaliteit’. Het zijn thema’s die staan in het toetsingskader ‘Toezicht op de zorg thuis’, waarin normen zijn opgenomen waaraan de Inspectie de kwaliteit van de zorg in dergelijke instellingen afmeet.

Er bestaat een gebrek aan inzicht in de geconsta­teer­de tekortko­min­gen, aldus Inspectie Gezondheidszorg.

Weinig vertrouwen

De inspectie noemt de tekortkomingen bij Zeker in de Zorg ‘structureel’. Tijdens een recent gesprek met de organisatie kreeg de Inspectie de verzekering dat er inmiddels verbeteringen in gang zijn gezet. Toch had de Inspectie er weinig vertrouwen in dat Zeker in de Zorg er zonder de nu opgelegde ‘dwingende maatregel’ zelf uit zou komen. ,,De inspectie stelt vast dat er een gebrek aan inzicht bestaat in de geconstateerde tekortkomingen waardoor sturing hierop ontbreekt”, zo schrijft ze in haar rapport.

Bestuurder Stanley van Rijswijk van Zeker in de Zorg zegt in een reactie te erkennen dat er verbeterpunten zijn. ,,Wij zijn een jonge organisatie en werken er hard aan om op korte termijn aan alle criteria te voldoen. We zullen daar ruimschoots binnen die vier maanden aan voldoen”.

Volgens hem is er geen sprake van grote risico’s voor cliënten. ,,De continuïteit van zorg voor de cliënten is niet in gevaar, ze krijgen hulp van voldoende deskundig personeel.”

Tot het moment dat Zeker in de Zorg de verbeteringen heeft doorgevoerd mag ze geen nieuwe cliënten aannemen. Wanneer ze niet binnen de termijn aan de maatregel voldoet, kan de inspectie onder meer een dwangsom opleggen.

Thuiszorgorganisatie op vingers getikt door inspectie vanwege ‘ernstige situatie’

OmroepWest 23.08.2019 Thuiszorgorganisatie Zeker in de Zorg is op de vingers getikt door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. De zorgaanbieder heeft zo’n vijftig cliënten en is actief in de omgeving van Delft en Zoetermeer. De inspectie spreekt van een ‘ernstige situatie’ met een ‘risico voor patiënten’.

Volgens de inspectie zijn er bij Zeker in de Zorg structurele gebreken in de geboden thuiszorg. De zorgaanbieder moet binnen vier maanden de kwaliteit van zorg verbeteren. Tot die tijd mogen er geen nieuwe cliënten aangenomen worden. Het ontbreekt volgens de inspectie bij de zorgorganisatie aan een aantal belangrijke randvoorwaarden voor goede en veilige zorg.

Zo wordt er onvoldoende afgestemd door medewerkers van Zorg en Zeker met zorgverleners van andere zorgorganisaties, zoals de huisarts en de apotheek. Daardoor krijgen cliënten niet altijd de zorg die zij nodig hebben. Daarnaast komen zorgplannen niet overeen met de zorg die cliënten krijgen en wordt zorg verleend door medewerkers met onvoldoende, juiste deskundigheid. Bij één van cliënten zijn ernstige zorgrisico’s niet op tijd opgepakt. Deze cliënt is een week na aan het licht komen van de tekortkomingen, overgeplaatst naar een andere zorgorganisatie.

Aanwijzing door ‘onvoldoende vertrouwen’

Zeker in de Zorg heeft na eerdere gesprekken al aangegeven verbeteringen door te voeren, maar de inspectie heeft er ‘onvoldoende vertrouwen in dat Zeker en Zorg op korte termijn alle tekortkomingen kan wegnemen.’ Daarom tikt de inspectie Zeker en Zorg op de vingers met een zogenoemde aanwijzing. Een aanwijzing is een bestuursrechtelijke maatregel waarmee de inspectie een zorgorganisatie dwingt om een einde te maken aan een ernstige situatie.

‘De inspectie volgt de naleving van een aanwijzing nauwlettend’, schrijft de inspectie. Mocht er binnen de aangewezen tijd van vier maanden niets zijn veranderd, dan kan de inspectie een dwangsom opleggen of ingrijpen in de organisatie.

Reactie zorgaanbieder

‘Wij betreuren in grote mate de bevindingen die de inspectie tot deze conclusies hebben gebracht’, laat Zorg en Zeker weten in een schriftelijke reactie. ‘Uiteraard onderschrijven wij dat aan de zorg voor cliënten geen tekortkomingen mogen kleven.’ Ook belooft de zorgorganisatie verbetering: ‘Wij zijn vastbesloten om de kwaliteitsverbetering voort te zetten en zullen zo spoedig mogelijk geheel aan de gestelde normen voldoen. Dit alles doen wij vanuit de bij ons bestaande passie om als zorgverleners goede zorg te verlenen.’

LEES OOK: Dwangsom voor privékliniek die regels aan de laars lapt

Meer over dit onderwerp: ZORG INSPECTIE GEZONDHEIDSZORG DELFT ZOETERMEER

Gerelateerd;

GGZ-instelling krijgt strenge waarschuwing

Dwangsom voor Leids particulier verpleeghuis voor niet opvolgen aanwijzingen inspectie

Thuiszorgorganisatie Joost Zorgt failliet

Spaanse hulp voor Haagse verpleeghuizen HWW

Nieuw programma op Radio West over gezondheid: Vitamine W

Grote verschillen in tarieven bij ziekenhuizen voor dezelfde medische behandelingen

Omstreden zorgwetsvoorstel ‘kan integraal teruggedraaid worden’, zegt minister

NOS 22.08.2019 Een duidelijker onderscheid tussen de opleidingen van verpleegkundigen kan eventueel ook buiten de wet om geregeld worden. Dat zei minister Bruins aan tafel bij talkshow Jinek. Hij was te gast vanwege de onrust in de zorg over een nieuw wetsvoorstel.

“Dit kan zeker integraal teruggedraaid worden”, zei de minister over het wetsvoorstel voor een duidelijker onderscheid tussen mbo- en hbo-verpleegkundigen.

Als alternatief zou het bijvoorbeeld in de cao opgenomen kunnen worden of met een ander wetsvoorstel worden opgelost, lichtte Bruins toe.

Video afspelen

Bruins: ‘onderscheid hbo- en mbo-verpleegkundigen kan ook buiten de wet geregeld worden’

Volgens de minister is het maken van onderscheid een wens die leeft onder zowel de beroepsorganisatie als de beroepsleden. Als dat wordt toegepast, kunnen verpleegkundigen beter worden ingezet voor de taken waarvoor ze zijn opgeleid, is het argument vóór. Ook speelt mee dat voor hbo-verpleegkundigen de functie ‘regieverpleegkundige’ wordt geïntroduceerd.

Tegenstanders vrezen voor extra scholing en verdeeldheid op de werkvloer. Sommigen dreigen de zorg te verlaten als de omstreden wet wordt ingevoerd.

“Op deze manier zie ik de wet niet vliegen”, zei Bruins bij Jinek. “Ik ben op zoek naar een gezamenlijke oplossing die door alle partijen wordt gedragen.” Vandaag werd bekend dat hij oud-SER-voorzitter Rinnooy Kan heeft gevraagd om mee te werken aan een alternatief plan. De minister verwacht dat er binnen een aantal weken meer duidelijkheid is.

Hanna Bonnes is een van de verpleegkundigen voor wie de wet gevolgen zou hebben. Ze is bang dat ze straks haar werk op de ambulance niet meer mag doen:

Video afspelen

Verpleegkundige: ‘Deze wet is op zijn zachtst gezegd pijnlijk’

Bekijk ook;

Rinnooy Kan ‘verkent’ onderscheid hbo- en mbo-verpleegkundigen

NOS 21.08.2019 Oud-SER-voorzitter Rinnooy Kan gaat onderzoeken hoe het verder moet met nieuwe regels voor verpleegkundigen. Minister Bruins heeft hem aangesteld als ‘verkenner’.

De afgelopen tijd ontstond onrust onder verpleegkundigen over het plan van Bruins om de functie ‘regieverpleegkundige’ in te voeren. De minister wil in een nieuwe wet een duidelijker onderscheid aanbrengen tussen mensen met een hbo- en met een mbo-opleiding. Volgens hem kunnen verpleegkundigen dan beter worden ingezet voor taken waarvoor ze zijn opgeleid en waarin ze deskundig zijn.

Extra scholing

Onder verpleegkundigen rees verzet tegen het plan; veel van hen moeten extra scholing volgen en volgens hen leidt het voorstel tot verdeeldheid op de werkvloer. Een aantal van hen dreigt de zorg te verlaten.

Naar aanleiding van de onrust kondigde de minister al aan dat hij een pas op de plaats wil maken. Rinnooy Kan, die ruime ervaring heeft in veel verschillende functies, moet nu met alle betrokken partijen gaan praten en op korte termijn Bruins adviseren. “Want op deze manier zie ik het met dit wetsvoorstel niet zitten”, zegt de minister.

Decennia discussie

De minister benadrukt dat het plan om een wet te maken over functiedifferentiatie komt van de beroepsgroep van verpleegkundigen, werkgevers en werknemers en dat er een discussie aan vooraf is gegaan van tientallen jaren. Hij noemt een wet een ultiem middel om te regelen wat op andere manieren niet lukt, bijvoorbeeld via beroepsrichtlijnen of afspraken in de cao. “Maar op deze manier zie ik het met dit wetsvoorstel niet zitten”, zei de minister vanochtend.

Bruins voegt eraan toe dat hij bereid is om naar de wensen te luisteren. “Maar er moet dan wel overeenstemming met de andere betrokken partijen zijn over de te varen koers.”

Bekijk ook;

Rinnooy Kan bemiddelt bij topoverleg na opstand onder verpleegkundigen

AD 21.08.2019 Hoogleraar en voormalig D66-politicus Alexander Rinnooy Kan (69) gaat bemiddelen bij een delicaat topoverleg over de verpleegkundige zorg. Onderhandelaars moeten met zijn hulp de recente onrust onder verpleegkundigen zien te beteugelen.

Groepen verpleegkundigen gingen deze de zomer de barricades op, omdat ze bang zijn dat – door een andere vermelding in het zorgregister- hun jarenlange kennis en kunde straks niet meer tellen op de werkvloer. Ze vrezen dat jongere, minder ervaren collega’s het roer in handen krijgen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Ook steekt het verpleegkundigen met een verouderde hbo-opleiding en mbo-verpleegkundigen of mensen met een intern behaald diploma (nu afgeschaft) dat ze straks extra scholing moeten volgen.

Pas op de plaats

Het gekke is dat de ingrepen dit voorjaar zijn afgesproken door de vereniging voor verpleegkundigen zelf, samen met de vakorganisaties en de zorgwerkgevers. Partijen hebben nu ‘pas op de plaats’ gemaakt en gaan vanaf 10 september alternatieven bedenken die beter vallen bij de beroepsgroep.

Dat zal dus gebeuren onder de vleugels van ‘verkenner’ Alexander Rinnooy Kan. Hij was tot voor kort senator namens D66 en is nog altijd hoogleraar Economie en Bedrijfskunde (UvA). Zijn expertise op het gebied van ‘veranderingsprocessen’ maakt Rinnooy Kan de ideale bemiddelaar in deze kwestie.

In vorige levens was de wiskundige ook voorzitter bij werkgeversvereniging VNO-NCW, bestuurslid van bank/verzekeraar ING en voorzitter van de Sociaal-Economische Raad. Dat is de belangrijkste adviesraad voor regering en parlement over sociaal-economische vraagstukken.

Bereid om te luisteren

Zorgminister Bruno Bruins, die de bemiddelaar heeft aangedragen, zegt over de nieuwe gesprekken: ,,Ik ben nog steeds graag bereid om te luisteren naar de wensen van de beroepsgroep. Ik vind dat er dan wel overeenstemming moet zijn met de andere betrokken partijen over de te varen koers.”

De minister benadrukt dat de beroepsgroep van verpleegkundigen zélf een wet wilde waarin een duidelijker onderscheid tussen mbo- en hbo-opgeleide verpleegkundigen wordt gemaakt.

Ik ben nog steeds graag bereid om te luisteren naar de wensen van de beroeps­groep, aldus Minister Bruins (Medische zorg).

Door het nieuwe wetsvoorstel zou ambulanceverpleegkundige Hanna met 38 jaar ervaring niet meer hetzelfde werk mogen doen.

Zorgminister: We willen geen enkele verpleegkundige iets afpakken

AD 16.08.2019 Zorgminister Bruins betreurt de onrust die is ontstaan onder verpleegkundigen over nieuwe afspraken in zorgland. De professionals vrezen dat een nieuwe vorm van registratie funest zal zijn voor de waarde van hun diploma, hun beroepseer én hun toekomstige takenpakket. ,,We hebben iedereen in de zorg heel hard nodig.”

Dit voorjaar spraken de beroepsvereniging voor verpleegkundigen (V&VN), de vakorganisaties en de werkgevers in de zorg af dat verpleegkundigen met een verouderde hbo-opleiding een landelijke toets moeten doen om te bewijzen dat hun kennis nog van deze tijd is. En mbo-verpleegkundigen of mensen met een intern behaald diploma (nu afgeschaft) moeten een vervolgopleiding of scholing volgen.

Deze groep kan zich straks overigens wél direct laten registreren als zogenoemde regieverpleegkundige bij de nieuwe registratie. Vijf jaar later wordt pas beoordeeld of ze genoeg extra toetsing, scholing en ervaring hebben doorstaan om de titel te houden. Toch gingen verpleegkundigen recent de barricades op, omdat ze bang zijn dat hun vaak vele jaren kennis en kunde over zorg straks niet meer tellen op de werkvloer.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

We willen niemand iets afpakken, niet in ervaring of in taken, aldus Bruno Bruins.

Pas op de plaats

Daar is volgens de zorgminister geen sprake van, zei hij vandaag na afloop van de wekelijkse ministerraad. Bruins: ,,We hebben iedereen in de zorg heel hard nodig. Dus we willen de kwaliteiten van iedere verpleegkundige benutten. En we willen niemand iets afpakken, niet in ervaring of in taken.”

De bewindsman benadrukt dat het akkoord van een paar maanden terug op voorspraak van de sector zelf is gesloten. ,,Ik ben daaraan tegemoetgekomen en dan levert het nu zoveel onrust op. Dus moeten we nu een pas op de plaats maken en opnieuw om tafel, want dit is niet wat je wilt.”

Tandje erbij

Het akkoord is ‘ongetwijfeld niet goed uitgelegd’, aldus Bruins. ,,Als het zoveel onrust oplevert, dan denk ik dat er qua uitleg, communicatie en informatie nog wel een tandje bij had gekund.” Er komt bij het volgende overleg, dat 10 september start, een onafhankelijke voorzitter.

,,Ik heb de houding: ‘zeg het maar, hoe zouden we het beter kunnen regelen?’ Want het gaat mij erom dat iedereen met plezier in de zorg werkt. Ongemak past daar niet bij”, aldus Bruins.

Beroep verpleegkundige opnieuw onder de loep na felle protesten

AD 13.08.2019 De beroepsvereniging van verpleegkundigen, de zorgwerkgevers en de vakbonden gaan een verwoede poging doen de huidige opstand onder verpleegkundig personeel te tackelen. Vaak ervaren verplegers zijn recent de barricades opgeklommen, omdat ze vrezen dat nieuwe afspraken in zorgland funest zullen zijn voor de waarde van hun diploma, hun beroepseer én hun toekomstige takenpakket.

Het gaat erom dat wordt ingezien dat álle verpleeg­kun­di­gen een unieke rol vervullen, aldus Actievoerders

Op 10 september 2019 zitten alle partijen voor het eerst weer om tafel. De beroepsgroep is namelijk in rep en roer over een wetsvoorstel waarin naast het beroep van verpleegkundige (mbo-niveau) een zogeheten regieverpleegkundige (hbo-niveau) wordt ingevoerd bij het zorgregister. Het belangrijkste verschil is dat de regieverpleegkundige straks volledig zelfstandig een zorgdiagnose mag stellen. Een ‘gewone’ verpleegkundige moet de standaardprocedures volgen. Zelfs als die heel ervaren is.

Volgens boze verpleegkundigen staat het plan haaks op waar zorg om draait. ,,Het gaat erom dat wordt ingezien dat álle verpleegkundigen een unieke rol vervullen”, schrijven actievoerders. Anderen schetsen de verziekte situatie dat ze straks geen enkele verpleegkundige beslissing meer mogen nemen terwijl een ‘jong verplegertje’ dat net op de arbeidsmarkt komt wél de touwtjes in handen krijgt.

Pleuris

De sector schreeuwt echter al decennia om een betere verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de 187.000 geregistreerde verpleegkundigen met verschillende opleidingsniveaus, omdat de zorg die zij verlenen steeds gecompliceerder wordt. Dus moeten mensen daarop goed aanspreekbaar zijn via hun functie. Begin juni kwam hierover een deal naar buiten, inclusief overgangsregeling.

Toen brak de pleuris uit. Want in die inmiddels beruchte regeling voor de komende jaren staat dat mensen met een verouderde verpleegkundige hbo-opleiding een landelijke toets moeten doen om te bewijzen dat hun kennis nog van deze tijd is. En mbo-verpleegkundigen of mensen met een intern behaald diploma (nu afgeschaft) moeten een vervolgopleiding of scholingsprogramma volgen.

Beroepsvereniging V&VN heeft inmiddels het boetekleed over dat akkoord aangetrokken richting de woedende achterban. De club schrijft op haar website: ,,Verpleegkundigen leggen de lat hoog voor hun beroepsvereniging als het om transparantie en inspraak gaat. En terecht. Helaas voelden en voelen veel verpleegkundigen zich niet goed door ons vertegenwoordigd of gehoord. Dat gaan we beter doen.”

Verpleegkundigen in het ziekenhuis. © ANP

Vijf jaar lang de tijd

De heisa onder verpleegkundig personeel over hun toekomstige functie en takenpakket is deels onterecht. Minister Bruins heeft al aangegeven voor een variant te willen kiezen waarbij veruit de meeste verpleegkundigen gelijk het felbegeerde stempel van ‘regieverpleegkundige’ krijgen.

In deze variant – opgesteld door een adviescommissie – kunnen mensen met een mbo-opleiding of intern diploma zich wél direct laten registreren als regieverpleegkundige. Vijf jaar later wordt dan pas beoordeeld of ze genoeg extra toetsing, scholing en ervaring hebben doorstaan.

Als iemand tegen die tijd nog niet voldoet, komt diegene in het zorgregister te boek te staan als gewone ‘verpleegkundige’. Hierover schreef de minister begin juni al aan de Tweede Kamer: ,,Ik ben voornemens dit scenario als basis te gebruiken voor de verdere uitwerking van het wetsvoorstel BIG-II.”

Ook is nog totaal niet bekend hoe de scholing eruit gaat zien die bepaalde groepen verpleegkundigen moeten gaan volgen en welke vrijstellingen verpleegkundigen met bepaalde expertises krijgen.

Horrorscenario’s

De vraag blijft bestaan hoe een regeling waarover alle partijen het roerend eens waren, tot zoveel onrust kon leiden bij de beroepsgroep. Er is zeker getracht verpleegkundigen mee te nemen in de afwegingen. Afgelopen maanden lagen volgens ingewijden zelfs complete communicatieplannen klaar met uitleg, maar desondanks schetsten talloze verpleegkundigen in de media horrorscenario‘s.

De beroepsvereniging legt de schuld hiervan deels neer bij de zorgwerkgevers. ,,Het bleef te stil uit de hoek van de werkgevers. Daardoor blijft er onrust en onduidelijkheid over heel wezenlijke vragen.”

Maar V&VN steekt de hand ook in eigen boezem. De club gaat daarom komende maand niet alleen op het eigen hoofdkantoor om tafel voor een nieuwe deal met de werkgevers, de vakbonden en het ministerie. Vanaf volgende week trekt V&VN ook door het land om de leden te spreken. ,,Voor een regeling en een wet die recht doen aan kennis, ervaring, opleiding en ambitie van verpleegkundigen.”

In oktober 2019 komt er ook een ledenraadpleging.

Roermonds ziekenhuis onder verscherpt toezicht na ruzie in bestuur

NOS 12.08.2019 Het Laurentius Ziekenhuis in Roermond staat onder verscherpt toezicht van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Volgens de inspectie zijn er bestuurlijke tekortkomingen nadat de voltallige raad van toezicht vorige maand was opgestapt.

De raad van toezicht en de raad van bestuur bestaan nu elk uit een persoon, meldt 1Limburg. De inspectie noemt dat “een kwetsbare bestuurlijke situatie” en stelt het ziekenhuis daarom voor een half jaar onder verscherpt toezicht.

Het Laurentius Ziekenhuis meldde op 12 juli 2019 dat een conflict met de raad van bestuur aanleiding was voor het aftreden van de raad van toezicht. Die heeft inmiddels een tijdelijke voorzitter, die op zoek gaat naar nieuwe leden voor de raad van toezicht.

Onaangekondigde bezoeken

Volgens de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd is goed toezicht cruciaal voor goede zorg. “Het is onbekend hoelang deze kwetsbare situatie zal voortduren. De inspectie wil het herstel van goed bestuur nauwlettend volgen.”

Het ziekenhuis moet op 19 augustus een plan hebben ingediend om de bestuurlijke problemen op te lossen en moet hier elke twee maanden een update van geven. Tijdens de ondertoezichtstelling kan de inspectie ook aangekondigde en onaangekondigde bezoeken brengen aan het Roermondse ziekenhuis.

Geestelijke gezondheidszorg onder druk: te weinig geld, te weinig personeel

AD 08.08.2019 De geestelijke gezondheidszorg (ggz) in Nederland staat onder druk. De ggz ervaart problemen vanwege financiering, personeelstekort, lange wachttijden, te hoge werkdruk en het sluiten van klinieken. Dat concludeert adviesbureau KPMG in een vandaag verschenen rapport.

Dit is niet alleen zorgelijk voor het hier en nu, maar vormt ook een risico voor de toekomst en het aanpassingsvermogen van de Nederlandse zorg. Een heuse transformatie voor de toekomst is noodzakelijk, stelt KPMG.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Een grote zorg is de financiering. Door het beperkte verdienvermogen zijn de mogelijkheden om te investeren klein. Zorginstellingen zitten gevangen in het huidige systeem van omzetplafonds en prijsplafonds, waarbij een afspraak gemaakt wordt over de maximale gemiddelde prijs per patiënt.

Daarnaast zorgt een toenemend personeelstekort voor druk. Tekorten in de geestelijke gezondheidszorg leiden tot oplopende wachttijden, het sluiten van locaties, onveiligheid bij forensische klinieken en een afnemende tevredenheid onder medewerkers.

Internationaal

Internationaal gezien liggen de uitgaven aan de ggz in Nederland hoog vergeleken met andere ontwikkelde landen. Wel is er sprake van een relatief hoog aantal bedden voor psychiatrie. Ook het aantal psychiaters, psychologen en verpleegkundigen is relatief hoog, hoewel dit aantal wel daalt. Ook is de sterfte door zelfdoding en heropnames na crisisopname laag, vergeleken met andere landen.

Toekomst

Om de problemen in de toekomst aan te kunnen pakken is een ander perspectief nodig, stelt KPMG. Er zijn al wel stappen gezet op het gebied van zorg in de wijk en technologische innovaties. Het gaat echter veel te traag. De focus moet liggen op de gezondheid in plaats van de ziekte. De organisatie van de zorg moet op de schop, waarbij technologie een cruciale rol moet gaan spelen. Vernieuwingen zoals een chatbot kunnen taken van werknemers uit handen nemen, zegt het adviesbureau.

Het anders organiseren van de zorg is daarom niet alleen onontkoombaar, maar ook gewenst. Andere en slimmere manieren van werken moeten de beschikbare capaciteit optimaal benutten, zoals regie op de transitie, decentrale initiatieven en ruimte voor investeringen. Hiervoor moet Nederland kijken naar hoe andere landen het doen, stelt het bureau.

KPMG waarschuwt echter dat er op korte termijn geen effect mogelijk is. De beoogde maatregelen, waaronder loonsverhoging, sorteren pas over twee tot vier jaar effect.

Zomerstress onder verpleegkundigen: patiënt moet meer zelf doen

AD 31.07.2019 Verpleegkundigen en verzorgenden lopen deze zomer opnieuw op hun tandvlees. Bijna de helft van hen ervaart nog meer werkstress dan vorig jaar. ,,We vragen de patiënt tegenwoordig om zichzelf te wassen.”

Door het aanhoudende personeelstekort en vakanties van de huidige collega’s lukt het de zorgsector amper om de roosters te dichten. Net als vorig jaar wordt er onder het personeel getost en gediscussieerd wie zijn vrije dagen mag opnemen. Soms moet personeel zelfs eerder terugkomen van vakantie.

Dat blijkt uit een peiling van de beroepsvereniging van verpleegkundigen en verzorgenden V&VN onder bijna duizend zorgmedewerkers. Slechts 10 procent zag een verbetering ten opzichte van vorig jaar. Voor het gros geldt: de werkdruk is toegenomen of nog even hoog.

Lees ook;

Lees meer

De ‘zomerstress’ heeft ook effect op de cliënten, vertelt wijkverpleegkundige Coralien Merkens (28) die in De Bilt werkt. ,,We zoeken naar manieren om onze rondes korter te maken, zodat we één medewerker minder hoeven in te roosteren. Zo vragen we aan cliënten of ze een dagje zonder steunkousen kunnen. Dat scheelt weer tien minuten per cliënt.” Ook wordt in de zomer geregeld een douchebeurt overgeslagen. ,,We vragen de patiënt dan om zichzelf te wassen.”

Uitzendkrachten

Daarnaast schakelt haar thuiszorgorganisatie Vitras, onderdeel van Santé Partners, in de zomer studenten met een zorgopleiding in om lichte taken als wassen en aankleden over te nemen. Daar zitten ook studenten diergeneeskunde tussen, die volgens Merkens met hun kennis van anatomie en fysiologie prima kunnen meedraaien.

,,De vele uitzendkrachten verlichten ons werk, maar ze kunnen de complexere zorg niet overnemen. Ook komen ze helaas niet altijd opdagen.” Sommige cliënten mopperen volgens de wijkverpleegkundige over de vele wisselende gezichten. ,,Ik wil alleen door een bekende worden gewassen, zeggen ze. Maar dat kunnen we helaas niet garanderen, tenzij de familie bijspringt.”

Eén op de zeven zorgmedewerkers geeft in de peiling aan dat zij tijdens hun vakantie zelf voor vervanging moeten zorgen.

Hoge nood

Bij hoge nood draaien bij Vitras ook leidinggevenden en gespecialiseerde verpleegkundigen een ronde mee, maar vaker wordt er een beroep gedaan op het huidige personeel dat een paar vakantiedagen inlevert of overuren draait, zoals Merkens.

De wijkverpleegkundige legt al haar huisbezoeken op de fiets af, maar zet in drukke zomers zoals deze hier extra vaart in. ,,Mijn familie en vriend fluiten me wel eens terug. ‘Je hebt nu genoeg gewerkt’ zeggen ze dan. Maar ook als ik zes dagen achtereen hebt gewerkt, blijft het lastig ‘nee’ zeggen. We willen niet dat de cliënt de dupe wordt.”

De extra uren die ze draait, probeert ze later in het jaar – als het iets rustiger is – te compenseren. In de zomer kan dat zelden.

De maatregelen die zorginstellingen nemen om de werkdruk te verlagen, zijn niet anders dan in voorgaande jaren, zegt beroepsvereniging V&VN. In de wijkverpleging worden cliëntenstops ingevoerd tijdens de zomer en ziekenhuizen kiezen opnieuw voor vermindering van bedden of zelfs sluiting van hele afdelingen.

In de hele zorgsector wordt  een beroep gedaan op mantelzorgers, maar ook zij lopen vaak al op hun tandvlees. Uit eerdere onderzoeken blijkt dat één op de zeven de mantelzorg die zij verlenen zeer zwaar of overbelastend vindt.

Sonja Kersten, directeur van V&VN, vindt dat binnen de sector meer energie moet worden gestoken in het behoud van het huidige personeel. In de tweede helft van 2018 kampte de zorgsector met 31.000 openstaande vacatures en de uitstroom is hoog.

,,Uit onderzoek weten we dat verpleegkundigen het meeste plezier in hun werk hebben wanneer ze minder administratielast hebben, zich bij kunnen scholen en wanneer ze invloed hebben op kwesties die hun werk en kwaliteit van de zorg aangaan. Hier moet het hele jaar aandacht voor zijn.” Het alternatief is volgens haar voortploeteren. ,,Met het risico dat nieuwe medewerkers ook nog eens afhaken door de aanhoudende werkdruk.”

FNV: Minister traineert onderzoek naar problemen in jeugdzorg

AD 18.07.2019 Minister De Jonge (Volksgezondheid) treuzelt bewust met het vergaren van de juiste informatie over de problemen in de jeugdzorg. Die beschuldiging uit vakbond FNV vandaag. De werknemers willen nu via een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) de waarheid in beeld te krijgen.

,,Op het oog is de minister heel druk bezig, maar feitelijk vertoont hij continu uitstelgedrag”, legt Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn, uit aan deze krant. ,,Als je het heel slecht bekijkt, dan denkt hij: ‘Als de waarheid niet op tafel komt, hoef ik ook niet veel te doen’.”

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Volgens de FNV-bestuurder ‘onderzoekt en actieplant’ het ministerie van De Jonge zich een ongeluk, maar gaat het louter om een continue stroom van deelonderzoeken. Van der Aar: ,,Waaruit dan de noodzaak blijkt voor wéér een deelonderzoek. De meest belangrijke informatie ontbreekt stelselmatig, zoals waar het geld voor de jeugdzorg naartoe gaat.”

Totaal onduidelijk

Wij moeten uit honderd puzzelstuk­jes in die black box de informatie zelf bij elkaar sprokkelen, aldus Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn.

Want volgens Van der Aar is totaal onduidelijk of het bedrag dat VWS in 2019 beschikbaar stelt voor loonontwikkeling in de zorg, 1,7 miljard, ook terecht is gekomen bij de jeugdzorg. ,,Het Rijk beweert dat het geld naar de gemeenten is gegaan, de gemeenten stellen dat ze het aan de werkgevers hebben gegeven. En die werkgevers? Die weten van niks. Nederland zou hierover in brand moeten staan!”

De FNV vindt dat overheden verantwoordelijkheden heen en weer ‘pingpongen’. ,,Wij moeten uit honderd puzzelstukjes in die black box de informatie zelf bij elkaar sprokkelen. De minister neemt niet het voortouw om écht zicht en grip te krijgen op de situatie. Wij vragen dus nu zelf de nodige informatie op.” Ook bij de gemeenten wordt een verzoek neergelegd.

Bij de publicatie van de Voorjaarsnota maakte het kabinet nog bekend dat er, na lang en intensief onderhandelen, passende afspraken zijn gemaakt met de gemeenten over een extra zak geld om de lokale problemen in de jeugdhulp aan te pakken. Voor kwetsbare jeugdigen komt er 420 miljoen euro in 2019 beschikbaar. In 2020 en 2021 is er 300 miljoen extra.

Druppel op gloeiende plaat 

Als er één dossier is waar we in het afgelopen jaar dagelijks mee bezig zijn geweest, dan is het de jeugdzorg wel, aldus Woordvoerder minister De Jonge (Volksgezondheid).

Volgens Van der Aar is dit slechts een druppel op een gloeiende plaat. ,,Iedereen verdrinkt nu net niet meer in de jeugdzorg, maar er is nog steeds geen extra tijd en ruimte voor investeringen.”

Een woordvoerder van minister De Jonge (Volksgezondheid) zegt in reactie: “Als er één dossier is waar we in het afgelopen jaar dagelijks mee bezig zijn geweest, dan is het de jeugdzorg wel. Want de belofte van betere jeugdzorg is nog lang niet ingelost. De komende jaren trekt het kabinet daarom 1 miljard euro extra uit voor de jeugdzorg. Dat is heel veel geld extra.”

Maar met alleen meer geld lossen we de problemen in de jeugdzorg niet op, weten ze ook bij VWS. ,,Daarom hebben we met gemeenten afspraken gemaakt om regie, sturing en samenwerking in de jeugdzorg te verbeteren. Onderdeel daarvan is dat we willen weten waarom de kosten van de jeugdzorg stijgen. Daar wordt de komende tijd grondig onderzoek naar gedaan.”

Inspectie: Cliënt staat centraal in verpleeghuiszorg

NU 01.07.2019 In ongeveer drie kwart van de verpleeghuizen ervaren cliënten nabijheid, geborgenheid, vertrouwen, begrip en respect van zorgmedewerkers.

De zorg wordt er georganiseerd rondom de behoeften van de cliënt. Dat concludeert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd na een eerste aantal bezoeken.

Persoonsgerichte zorg houdt in dat de wensen en behoeften van de cliënt centraal staan bij het vormgeven van de zorg.

De afgelopen jaren is er in de samenleving voor dit onderwerp veel aandacht geweest. Na onder meer een campagne van Hugo Borst en Carin Gaemers, die uitvoerig beschreven hoe het er in een verpleeghuis aan toeging, werd besloten de komende jaren 2,1 miljard euro in de verpleeghuizen te investeren. De inspectie ziet nu terug dat verpleeghuizen persoonsgerichte zorg belangrijk vinden en hierop ook inzetten.

Bij het grootste deel van de bezochte zorgorganisaties (in totaal nu driehonderd) hebben cliënten waar mogelijk zelf de regie en kennen zorgmedewerkers hun wensen.

Verpleeghuizen die daarop nog niet voldoende scoren, kunnen leren van de collega-organisaties waar die persoonsgerichte zorg al de dagelijkse praktijk is, stelt de inspectie.

Lees meer over: ouderenzorg  Binnenland

Situatie in verpleeghuizen verbeterd, maar zorgen blijven

NOS 01.07.2019 Het gaat beter met de persoonlijke aandacht voor ouderen in verpleeghuizen, schrijft de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. De IGJ bezocht 300 zorginstanties en constateerde bij iets minder dan 80 procent van deze instellingen dat ouderen “nabijheid, geborgenheid, vertrouwen, begrip en respect” ervaren. Tegelijkertijd valt er nog veel te verbeteren, staat in een rapport.

Drie jaar geleden werd een nieuwe lijn ingezet waarbij er meer gepaste zorg en aandacht moest komen voor bewoners van verpleeghuizen. De politiek omarmde de wens voor extra zorgpersoneel toen naar aanleiding van een zorgmanifest van onder anderen columnist Hugo Borst.

De inspectie constateert dat medewerkers bij 78 procent van de instellingen over het algemeen goed op de hoogte zijn van de wensen en behoeften van de bewoners. Die volledig respecteren gaat nog niet altijd goed. Bij ongeveer een op de drie verpleeghuizen kunnen cliënten “zelf de regie voeren over hun leven en welbevinden”.

Hugo Borst schreef bijna vier jaar columns over de ziekte van zijn moeder en maakte zich hard voor een betere ouderenzorg. In het manifest dat hij samen met onderzoeker Carin Gaemers in 2016 publiceerde, beschreef hij veranderingen die hij nodig vond, zoals meer personeel en minder administratieve rompslomp.

Zijn inspanningen leidde er toe dat het kabinet 2,1 miljard euro extra uittrok voor ouderenzorg.Hoewel de maatregelen dus hun vruchten lijken af te werpen, gaat het nog lang niet op alle vlakken goed. Bij veel zorgorganisaties worden te weinig medewerkers ingezet of ontbreekt het aan deskundigheid, concludeert de inspectie. Bij 43 procent van de bezochte instellingen is dat laatste het geval. De inspectie tekent daarbij aan dat het nog altijd lastig is om personeel te vinden.

Ook wordt lang niet altijd een professionele afweging gemaakt over welke zorg mensen nodig hebben; in 47 procent van de gevallen constateert de inspectie hierop tekortkomingen. Het bijhouden van het dossier van bewoners is een nog groter probleem. Bij zo’n twee derde van de instellingen wordt dit niet goed gedaan.

Om de situatie te verbeteren, is vereist dat medewerkers functioneren in “een veilige cultuur, waarin de zorgmedewerker open kan zijn over zijn twijfels en dilemma’s”, stelt de inspectie. Een kwart van de bezochte verpleeghuizen voldoet daar nog niet aan.

Bekijk ook;

Archiefbeeld 2018: Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) lanceert het programma ’Thuis in het verpleeghuis’.

Inspectie: verpleeghuisouderen krijgen meer aandacht

Telegraaf 01.07.2019 In ongeveer driekwart van de verpleeghuizen ervaren cliënten nabijheid, geborgenheid, vertrouwen, begrip en respect van zorgmedewerkers. De zorg wordt er georganiseerd rondom de behoeften van de cliënt. Dat concludeert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd na een eerste aantal bezoeken.

Persoonsgerichte zorg houdt in dat de wensen en behoeften van de cliënt centraal staan bij het vormgeven van de zorg. De afgelopen jaren is er voor dit onderwerp veel aandacht geweest in de samenleving.

Na onder meer een campagne van Hugo Borst en Carin Gaemers, die uitvoerig beschreven hoe het er in een verpleeghuis aan toe ging, werd besloten de komende jaren 2,1 miljard in de verpleeghuizen te investeren. De inspectie ziet nu terug dat verpleeghuizen persoonsgerichte zorg belangrijk vinden en hierop ook inzetten.

Bij het grootste deel van de bezochte zorgorganisaties (in totaal nu 300) hebben cliënten waar mogelijk zelf de regie en kennen zorgmedewerkers zijn of haar wensen. Verpleeghuizen die daarop nog niet voldoende scoren, kunnen leren van de collega-organisaties waar die persoonsgerichte zorg al de dagelijkse praktijk is, stelt de inspectie.

De inspectie gaat de komende jaren alle zorgorganisaties langs die verpleeghuiszorg bieden, om de kwaliteit van de zorg te toetsen. Er wordt gekeken naar aandacht voor persoonsgerichte zorg, voldoende en deskundige zorgmedewerkers en naar sturing op kwaliteit en veiligheid.

Bekijk meer van; inspectie gezondheidszorg (igj) verpleeghuizen

Een bejaarde vrouw in een verpleeghuis © ANP XTRA

Zorginspectie: Oudere in verpleeghuis krijgt veelal respect en begrip van personeel

AD 01.07.2019 In ruim driekwart van de verpleeghuizen ervaren hulpbehoevende ouderen dat ze begrip en respect krijgen van medewerkers. Dat constateert de zorginspectie na recente bezoeken aan 300 organisaties door heel Nederland. Volgens de waakhond staan de wensen van bewoners bij het leeuwendeel van de huizen inmiddels bovenaan.

Na jarenlange bezuinigingen betekende een manifest van Hugo Borst en Carin Gaemers drie jaar terug een ommekeer voor de verschraalde verpleeghuiszorg. De politiek omarmde hun wens voor extra zorgpersoneel plus de benodigde zak geld. Ook moest voor bewoners gaan gelden: aandacht is net zo belangrijk als verzorging en veiligheid. De verpleeghuizen gingen in 2017 aan de slag met nieuwe kwaliteitseisen.

Sindsdien toetst de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd de kwaliteit van verpleeghuiszorg anders. Boven alles geldt of een bewoner zorg op maat krijgt. Voor het eerst is, na honderden inspecties de afgelopen twee jaar, het net opgehaald. En het goede nieuws is: bij veruit de meeste zorgorganisaties (circa 78 procent) kennen medewerkers de bewoner en zijn wensen en behoeften.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Niet alles op rolletjes

De beweging naar betere verpleeg­huis­zorg zet zich volop door en dat is mooi. Maar er zijn ook nog flinke stappen te zetten, aldus Minister De Jonge (Volksgezondheid).

Maar lang niet alles loopt organisatorisch op rolletjes. In veel organisaties (zo‘n 43 procent) worden nog steeds niet voldoende zorgmedewerkers ingezet of is onvoldoende deskundigheid beschikbaar. Denk bijvoorbeeld aan specialisten ouderengeneeskunde.

En in te veel verpleeghuizen, ruim een kwart (ongeveer 26 procent) van alle bezochte organisaties, heerst volgens de zorgwaakhond nog geen ‘veilige cultuur’. Het is geen plek waarin de zorgmedewerker open kan zijn over fouten en twijfels. Terwijl het wél nodig is dat er iets verandert na incidenten.

Minister De Jonge Volksgezondheid) is tevreden met de trend. ,,De beweging naar betere verpleeghuiszorg zet zich volop door en dat is mooi. Maar er zijn ook nog flinke stappen te zetten. Voldoende deskundig personeel vinden en behouden bijvoorbeeld, om de kwaliteit van zorg verder omhoog te krijgen en hoog te houden. De lat voor goede persoonsgerichte zorg ligt hoog, want we gunnen onze partner, moeder, vader, opa of oma in het verpleeghuis de best mogelijke zorg.”

Bewoners winnen

De bewoners winnen bij deze nieuwe aanpak, ziet de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Volgens de inspectie is de zorg in verpleeghuizen goed als als de hulpbehoevende senioren die daar verblijven, ‘persoonsgerichte’ zorg krijgen. Als de deskundigheid van de medewerkers past bij de groep mensen voor wie ze zorgen. En als de medewerkers goed worden ondersteund door leidinggevenden.

Korrie Louwes, hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg bij de IGJ, merkt dat er veel meer aandacht is gekomen voor de verpleeghuisbewoner als persoon. Ook bij de inspecties die worden uitgevoerd. Louwes: ,,We doen geen geluksmeting, maar kijken of de wensen van mensen worden vervuld. Kennen de mensen die de zorg verlenen, de cliënt goed? Hoe is de interactie tussen mensen in zo’n instelling?”

Ze vertelt dat tijdens een bezoekdag de inspecteurs veel aanwezig zijn op verschillende afdelingen en in huiskamers. Daar observeren ze letterlijk cliënten en medewerkers. Zo krijgen de inspecteurs een beeld van hoe men daar leeft en werkt. Daarnaast praten ze met bewoners en hun vertegenwoordigers, medewerkers, behandelaren en de cliëntenraad. Louwes benadrukt: ,,En we controleren natuurlijk ook nog steeds op belangrijke zaken als medicatieveiligheid en vrijheidsbeperking.”

Stinkende best

Als er in een hoekje iemand een boterham in zijn eentje zit te eten, hoeft dat geen enkel probleem te zijn, aldus Korrie Louwes, hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg.

Volgens de hoofdinspecteur doen veruit de meeste verpleeghuisorganisaties hun stinkende best om te voldoen aan de nieuwe kwaliteitseisen voor goede verpleeghuiszorg. ,,En dat is niet altijd makkelijk, want door de vergrijzing en de trend dat mensen langer thuis wonen, wordt de zorgvraag alleen maar zwaarder en complexer als ouderen uiteindelijk in een verpleeghuis belanden.”

Tel daar de personeelstekorten bij op, die overigens verschillen per organisatie en regio, dan slaagt de ene organisatie er volgens Louwes beter in om goede zorg te leveren dan de andere. Ruim 71 procent van de zorgorganisaties laat cliënten waar mogelijk zelf ‘de regie voeren’ over hun leven en welbevinden. Wat wordt daarmee bedoeld?

Hoofdinspecteur Louwes legt uit: ,,Als er in een hoekje iemand een boterham in zijn eentje zit te eten, hoeft dat geen enkel probleem te zijn. Zolang diegene het zo wil en er goed over is nagedacht door het personeel wat de consequenties zijn.”

De verpleeghuisorganisaties hebben het een stuk lastiger om organisatorisch alles goed te regelen, zo blijkt uit de controles. Dat komt vaker wel dan niet door personeelstekorten. Per saldo slaagt maar ruim de helft (circa 57 procent) van de zorgorganisaties er in medewerkers beschikbaar te hebben die passen bij de aanwezige cliënten en de zorg die zij nodig hebben.

Verantwoorden

Bijna driekwart (ongeveer 74 procent) van de zorgorganisaties heeft een interne cultuur die is gericht op leren en verbeteren. Maar bij ruim een kwart is dat dus niet goed voor elkaar. Zorgprofessionals zijn ook steeds slechter te spreken over de manier waarop zij zich moeten verantwoorden voor hun werkzaamheden, constateerde de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving recent nog.

De hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg bij de IGJ concludeert dat dit het moeilijkste is wat er is: open het gesprek voeren binnen de eigen organisatie over wat er beter kan. Per saldo is Louwes echter niet ontevreden over de ontwikkelingen in de verpleeghuizen. ,,Het kan nog een slag beter, maar we maken ons geen grote zorgen.”

Op www.igj.nl/verpleeghuiszorginbeeld zijn de landelijke resultaten te zien van de toezichtbezoeken. Daarnaast is op de site van de inspectie op een overzichtskaart te zien welke instellingen er bezocht zijn en wat de bevindingen van de inspectie op deze locaties waren.

Het kan nog een slag beter, maar we maken ons geen grote zorgen, aldus Korrie Louwes, hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg.

juli 1, 2019 Posted by | bezuinigingen, Carin Gaemers, Hugo Borst, Martin van Rijn, politiek, Verpleeghuis, Zorg, zorginstellingen | , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | 1 reactie

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15


Bezuinigingen kabinet Rutte 1 en 2

Nederland behoort tot de EU-landen met relatief de hoogste zorguitgaven. Dat blijkt 09.05.2019 uit CBS-cijfers. Die komen uit op de Dag van Europa, waarmee de aanzet tot de oprichting van de voorloper van de Europese Unie in de jaren vijftig wordt gevierd.

In Nederland ging 10,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in 2016 naar de gezondheidszorg, terwijl het EU-gemiddelde op 9,9 procent lag. Alleen in Frankrijk, Duitsland, Zweden, Oostenrijk en Denemarken was dit aandeel hoger. „Die hoge uitgaven komen vooral door het grote stelsel aan langdurige zorg in Nederland”, legt hoogleraar gezondheidseconomie Wim Groot uit.

AD 17.05.2019

Verpleeghuizen

„Denk daarbij aan verpleeghuizen en aan ggz- of gehandicapteninstellingen. Ondanks de bezuinigingen zijn die instellingen nog altijd ruimer aanwezig dan in het buitenland. Tel daarbij het feit op dat arbeidskrachten in deze sector steeds schaarser en dus duurder worden. Daardoor betaalt de gewone Nederlander ook meer”, aldus Groot.

Behalve uitgebreide gezondheidsinstellingen kent ons land Europees gezien ook een hoge levensverwachting. In 2016 lag die op 81,7 jaar, terwijl het EU-gemiddelde precies 81 jaar was. Dat komt vooral door de Nederlandse mannen, van wie de levensverwachting met 80 bijna twee jaar boven het Europese gemiddelde lag.

AD 15.05.2019

Stijgende zorguitgaven

Het kabinet waarschuwt opnieuw voor de zorguitgaven. Volgens zorgminister De Jonge zijn extra stappen om de betaalbaarheid in de hand te houden ’niet uit te sluiten’.

Hij laat daarom in kaart brengen welke extra ingrepen er mogelijk zijn om betere grip te krijgen op de groei. Ook vraagt hij de Tweede Kamer om met eigen ideeën te komen.

Het huidige kabinet probeert de zorguitgaven, net als vorige kabinetten, te beperken. Dat gebeurt door afspraken te maken met bijvoorbeeld artsen en ziekenhuizen om de uitgavengroei te beperken. Ondanks dat zal er onder kabinet Rutte-III liefst 16,7 miljard euro extra vloeien naar de zorg.

AD 14.05.2019

Zorg grootste post kabinet

De netto zorguitgaven in Nederland zijn 71 miljard euro. Als eigen betalingen, jeugdzorg en wmo-zorg worden meegerekend, is dat zelfs 85 miljard euro. Daarmee is de zorg verreweg de grootste uitgavenpost van het kabinet. In de praktijk betekent het dat de gemiddelde volwassen Nederlander tegenwoordig via premie en belastingen jaarlijks zo’n 5490 euro aan de zorg betaalt.

Voorzien is dat deze uitgaven verder gaan groeien, meldt minister De Jonge (Volksgezondheid) aan de Tweede Kamer. Hij laat daarom in beeld brengen waar er in de toekomst op bezuinigd kan worden. Maar pijnlijke besluiten daarover zullen waarschijnlijk door een volgend kabinet genomen moeten worden. „Het kabinet zet stappen om maatregelen in kaart te brengen waarmee toekomstige uitdagingen voorzien kunnen worden van passende beleidsinzet”, laat de CDA-bewindsman weten.

Thuiswonende ouderen

Zo is er een commissie ingesteld die gaat kijken hoe de zorg voor thuiswonende ouderen in de toekomst op peil gehouden kan worden. Eind dit jaar zal die commissie verslag uitbrengen. De Sociaal Economische Raad (SER) is gevraagd om de gevolgen te verkennen van de stijgende zorgkosten voor de arbeidsmarkt en economie.

„Daarbij is de SER gevraagd zijn visie te geven op de grenzen waarbinnen de zorguitgaven zich kunnen ontwikkelen.” De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid moet in kaart brengen „welke inzichten ons op weg kunnen helpen naar beheersing van de zorguitgaven op lange termijn”, stelt De Jonge.

AD 14.05.2019

Noodkreet VNG Jeugdzorg

Het kabinet trekt honderden miljoenen extra uit voor jeugdzorg. Daarmee komt het tegemoet aan de klacht van gemeenten dat zij te weinig geld hebben voor hulp aan jongeren met psychische of gedragsproblemen. Dat staat in de Voorjaarsnota die later deze maand openbaar wordt, bevestigen bronnen in Den Haag.

Dit jaar nog gaat er 350 miljoen euro extra naar de gemeenten. In de drie jaar daarna telkens 190 miljoen euro, zo is er afgesproken in het kabinet. Met dat bedrag van 920 miljoen euro in totaal kunnen de gemeenten de tekorten wegwerken die zij hebben.

De gemeenten luidden vandaag 08.05.2019 de noodklok. Ze dreigden hun taken in de jeugdzorg aan het Rijk terug te geven, omdat het kabinet volgens hen te weinig geld beschikbaar stelt om de taken goed uit te voeren.

De extra kosten die ontstaan door de toenemende vraag naar jeugdhulp en psychische zorg voor kwetsbare burgers mogen niet meer verhaald worden op Nederlandse gemeenten, schrijft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) woensdag in een paginagrote open brief in het Algemeen Dagblad (AD).

Afbeelding

Gaat niet meer

In 2015 namen de gemeenten taken op het gebied van zorg en jeugd van het Rijk over, omdat zij meer maatwerk zouden kunnen leveren. Tegelijkertijd ging het budget voor deze taken met 450 miljoen euro omlaag.

We hebben de afgelopen jaren zo goed ons best gedaan, maar het water staat ons aan de lippen en er moet substanti­eel geld bij, aldus Hubert Bruls, vicevoorzitter VNG.

In de jaren daarna groeide de vraag naar jeugdzorg, zonder dat het kabinet extra geld beschikbaar stelde. Ze moesten op allerlei terreinen bezuinigen of de lasten verhogen om de toenemende uitgaven op te vangen.

lees: brief_ad

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2 

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 1

zie ook: Gaat het gedonder in de Haagse zorg gewoon verder ???

zie ook: Manifest gedonder ook in de Haagse Zorg door bezuinigingen

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

‘Ziekenhuiszorg voor oudere laat te wensen over’

AD 18.06.2019 De ziekenhuiszorg voor oudere mensen moet veel beter worden afgestemd op hun individuele behoeften, blijkt uit een nieuw rapport. Vaak hebben ouderen meerdere gezondheidsproblemen tegelijk en ook kan een reguliere ziekenhuisbehandeling ze een psychische of lichamelijk terugval bezorgen.

Volgens initiatiefnemer ZonMw, samen met ouderenorganisatie KBO-PCOB en medisch professionals, gaat het om een ‘niet te onderschatten probleem dat de zelfredzaamheid en de autonomie van ouderen in gevaar kan brengen’.  Acht professionals uit de praktijk signaleren in de rapportage dat de soms ingrijpende behandelingen of het verblijf in het ziekenhuis het functioneren van zieke senioren zwaar nadelig kan beïnvloeden.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Ze kunnen daardoor onnodig lang in het ziekenhuis liggen of zelfs in een verzorgingstehuis belanden. Terwijl er vaak alternatieve, minder belastende behandelingen bestaan die de voorkeur verdienen. Of ingrepen – binnen of buiten het ziekenhuis – die een behandeling positief kunnen beïnvloeden.

Geen slechte zorg

Er is nu zeker geen sprake van slechte of onveilige zorg, wordt benadrukt. ,,We weten alleen onvoldoende wat de best passende zorg of behandeling is voor de zeer diverse groep oudere patiënten. Een deel van die groep is heel vitaal, terwijl anderen kampen met meerdere gezondheidsproblemen tegelijk.” Ook zijn er grote verschillen qua opleidingsniveau en de wijze waarop mensen met hun gezondheid omgaan.

Daarnaast werken zorgverleners in het ziekenhuis meestal op basis van onderzoek met veel jongere – en relatief gezonde – patiënten. Ook is de behandeling vaak gericht op de aanpak van één ziekte terwijl de complexere medische situatie en de persoonlijke omstandigheden en voorkeuren van oudere patiënten vragen om maatwerk.

Afstemmen

Simon Mooijaart, internist-ouderengeneeskunde in het LUMC concludeert: ,,Het ziekenhuis is een knooppunt waar veel ouderen komen in een belangrijke periode van hun leven. Juist daar moeten we de zorg goed op iemands specifieke situatie afstemmen, zodat alle ouderen in het ziekenhuis en daarbuiten optimaal profiteren van onze goede gezondheidszorg.”

De onderzoekers bevelen beleidsmakers aan een groot onderzoeksprogramma rond ziekenhuiszorg voor ouderen op te zetten, om te vernieuwen en meer kennis te vergaren.

Nederlandse Zorgautoriteit: 200 miljoen extra nodig voor verpleeghuiszorg

AD 13.06.2019 Volgens de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) is er in ieder geval 200 miljoen euro extra nodig om de sneller dan verwachte, toenemende vraag naar verpleeghuiszorg in Nederland op te vangen. Daar bovenop voorziet de NZa dat nog eens 270 miljoen euro nodig is om aan de vraag naar langdurige zorg te kunnen voldoen.

,,Voor de korte termijn is een verhoging van het budget onvermijdelijk om te voorkomen dat er te lange wachtlijsten ontstaan”, aldus de zorgautoriteit. In totaal gaat er in Nederland bijna 23 miljard euro om in de langdurige zorg. De NZa houdt de ontwikkelingen in de gaten en komt in augustus met een vervolgadvies voor minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid).

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Voor 2019 is door de overheid 600 miljoen euro extra beschikbaar gesteld voor de verpleeghuizen. Daarvan gaat 496 miljoen naar extra personeel en 87 miljoen naar andere investeringen, zoals technologische verbeteringen, zo blijkt uit de plannen die de verpleeghuizen onlangs bij de zorgverzekeraars hebben ingediend.

De investering in met name extra personeel was een voorwaarde van minister Hugo de Jonge. Een deel van het budget van 17 miljoen is nog niet toegekend. Dat wordt gereserveerd voor verpleeghuizen die nog groeien of er een goed plan voor hebben.

Het aantal werknemers in verpleeghuizen ten opzichte van 2016 is in twee jaar met 18.500 medewerkers toegenomen. In de plannen voor 2019 verwachten de aanbieders nog eens 19.000 mensen te kunnen aannemen. Het gaat dan vooral om verplegend en verzorgend personeel, welzijnsmedewerkers, gastvrouwen en huiskamermedewerkers.

Minister De Jonge is tevreden met de resultaten tot nu toe. ,,Wat we zien is dat er een brede beweging op gang is gekomen om meer liefdevolle en persoonsgerichte zorg te bieden in verpleeghuizen. Het is mijn overtuiging dat bewoners en medewerkers echt het verschil al merken”, liet hij recent weten.

Kamp: zorg voor ouderen moet anders

Telegraaf 01.06.2019 De zorg voor ouderen en chronisch zieken zoals die nu is, zal de komende decennia verdwijnen. Het is nu te duur, te weinig efficiënt en te arbeidsintensief. Dat zegt Henk Kamp, voorzitter van de branchevereniging voor thuiszorg en verpleegzorg ActiZ, in een interview met Trouw.

Kamp wil dat de naderende veroudering van Nederland en alle zorg die daarbij hoort bij iedereen tussen de oren gaat zitten. „Dan ook zal het besef doordringen dat de zorg voor ouderen die Nederland nu heeft, onhoudbaar is en zal verdwijnen. De oplossing voor wat ons de komende twintig jaar staat te gebeuren, hebben we nog niet. Iedereen moet zich realiseren wat er gaande is en iedereen moet meedenken over oplossingen. We zullen bereid moeten zijn om meer voor elkaar te doen dan we nu al doen.”

Volgens de oud-minister is er een „fundamenteel maatschappelijk debat” nodig over ouder worden, een debat zoals dat eerder gevoerd is over het klimaat, waarbij allerlei belanghebbenden bij elkaar kwamen om plannen te ontwikkelen.

Bekijk meer van; ouderen  brancheverenigingen

Ministerie: personeelstekorten in zorg worden in rap tempo kleiner

NOS 23.05.2019 De personeelstekorten in de gezondheidszorg lopen snel terug. Dat komt volgens het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport naar voren uit CBS-cijfers over zij-instromers, herintreders en het zorgonderwijs.

In maart vorig jaar ging het kabinet ervan uit dat de zorgsector over drie jaar 100.000 tot 125.000 personeelsleden tekort zou komen. Volgens de meest recente prognose wordt dat 80.000 medewerkers.

Als de huidige stijging van het aantal zij-instromers en herintreders doorzet en de aantallen nieuwe zorgverleners in opleiding en extra stageplaatsen zo blijven groeien, zou het tekort mogelijk kunnen teruglopen tot 55.000 zorgverleners, zeggen de ministers De Jonge en Bruins en staatssecretaris Blokhuis.

De bewindspersonen op het ministerie zijn blij met deze trend. “Deze cijfers laten zien dat we op de goede weg zijn, maar de klus is nog lang niet geklaard. Het blijft dus alle hens aan dek.”

Uitstroom nog wel hoog

Vorig jaar sprak het kabinet het doel uit om de tekorten in de zorg richting 2022 helemaal weg te werken. Daarvoor werd toen 347 miljoen euro vrijgemaakt, waarvan een groot deel werd gereserveerd voor opleidingen, omscholing en stageplekken.

Wel zijn er volgens het ministerie zorgen over uitstroom van zorgpersoneel en het ziekteverzuim. Dat laatste percentage is gestegen van 4,9 naar 5,1 procent. Het aantal mensen dat de zorg in het derde kwartaal van 2018 verliet ten opzichte van een jaar eerder, nam toe met 6 procent. Mensen vertrekken onder meer omdat ze de werkdruk te hoog vinden en het salaris te laag.

Reactie uit de praktijk

Actiz, de organisatie van zorgondernemers, herkent de terugloop in personeelstekorten. “Wij zien ook dat het aantal vacatures daalt.” Volgens de organisatie heeft vooral de brede campagne ‘Ik zorg’ geholpen om het “moeilijke” imago van de zorgsector te verbeteren. Ook is er veel ingezet op verhoging van de salarissen.

Toch moet het volgens Actiz nog beter, als je kijkt naar de bevolkingsontwikkeling op de lange termijn. De verwachting is dat rond 2040 de piek van de vergrijzing ligt. Nu werkt 1 op de 7 mensen in de zorg, dat zou 1 op de 4 moeten zijn tegen die tijd. “Het kabinet is goed bezig, maar moet verder kijken naar de toekomst”, zegt een Actiz-woordvoerder.

De beroepsvereniging Verpleegkundigen & Verzorgden Nederland (V&VN) noemt het een stap in de goede richting, maar constateert dat er nog steeds veel problemen zijn. Vooral de uitstroom, die onder jongeren erg hoog is, zit de vereniging dwars. Ook wijst de V&VN erop dat het ziekteverzuim erg hoog is.

Bekijk ook;

Politie en forensische zorg blijven kampen met personeelstekort

Personeelstekort in zorg loopt snel terug

Telegraaf 23.05.2019 Het personeelstekort in de zorg loopt sneller terug dan verwacht. Het kabinet pompt veel geld in deze sector om het personeelstekort terug te dringen. Het aantal mensen dat de zorg verlaat neemt echter ook toe.

„Deze cijfers laten zien dat we op de goede weg zijn”, aldus het ministerie van VWS. Dat verwacht in 2022 een tekort van 80.000 en mogelijk zelfs 55.000 medewerkers. Vorig jaar werd nog uitgegaan van een tekort van 100.000 tot 125.000.

Extra aandacht komt er voor scholing en goed werkgeverschap om de stijgende uitstroom te keren. In het derde kwartaal van 2018 nam de uitstroom met 6 procent toe vergeleken met een jaar eerder. Dat was een stijging met ongeveer 7000 mensen. Ook nam in diezelfde periode het ziekteverzuim licht toe.

Bekijk meer van; personeelstekorten  personeel

Extra geld kabinet geeft meer handen in de zorg

Telegraaf 22.05.2019 Het extra geld dat het kabinet beschikbaar heeft gemaakt om de kwaliteit van verpleeghuizen op te schroeven, levert dit jaar zo’n 19.000 extra zorgmedewerkers op. Zij vullen 9800 voltijdsbanen.

Dat blijkt uit nieuwe cijfers van de zorgkantoren en het ministerie van Volksgezondheid.

In totaal was er voor dit jaar 600 miljoen euro extra beschikbaar. Daarvan vloeit 496 miljoen naar extra personeel, 87 miljoen naar andere zaken, zoals technische snufjes die het personeel kunnen ontlasten.

Om aanspraak te kunnen maken op het extra geld moesten verpleeghuizen plannen opstellen waarin ze exact aangaven waaraan ze het geld wilden besteden. Zorgkantoren beoordelen die plannen en kennen het al dan niet toe.

Tevredenheid

De zorgplannen waren volgens de zorgkantoren niet allemaal even goed, maar over het algemeen klinkt er tevredenheid. Een deel van het beschikbare budget is trouwens nog niet toegekend: 17 miljoen euro. Dat geld wordt op de plank gelegd voor verpleeghuizen die kans zien om het dit jaar alsnog goed te besteden.

Zo’n 85 procent van het beschikbare geld gaat naar extra personeel, blijkt uit de cijfers. Dat was ook een harde voorwaarde van minister De Jonge (Volksgezondheid), die eenvoudigweg meer handen aan het bed wil zien. Maar er gaat ook geld naar technische snufjes, zoals een chip in incontinentiemateriaal, zodat het personeel weet wanneer iemand verschoond moet worden.

Een andere zorginstelling stopt geld in dagbestedingsactiviteiten die speciaal gericht zijn op mannen, „omdat zij andere interesses hebben dan vrouwen.”

Ook is er een soort buddy-netwerk opgericht voor personeel dat nieuw is in de sector, om te voorkomen dat zij het gevoel krijgen in het diepe te worden gegooid.

Voor volgend jaar wil De Jonge iets meer ruimte geven aan verpleeghuizen die procentueel meer geld in technische snufjes willen stoppen. Nu is dat nog maximaal 15 procent. „Als zij kunnen aantonen dat dit de kwaliteit in hun instelling echt verbetert, mag dat”, zegt de CDA-bewindsman.

Bekijk ook: 

Kabinet waarschuwt voor zorguitgaven 

Bekijk ook: 

Wachttijden zorg te lang 

Bekijk meer van; personeel  verpleeghuizen

Wethouders jeugd op de barricades

BB 15.05.2019 Ruim 250 wethouders van regeringspartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie pleiten bij het kabinet en de Tweede Kamer voor extra geld voor de jeugdzorg. ‘De rek is er uit.’ Zonder extra middelen kunnen gemeenten niet garanderen dat ze de juiste zorg aan jongeren kunnen blijven geven. Ze ondersteunen het pleidooi van de VNG om structureel 490 miljoen euro extra (rijks)geld vrij te maken voor de gemeentelijke jeugdzorgtaken.

Gemeenten naderen ‘de grens van het mogelijke’, schrijven de wethouders in een open brief die donderdag in NRC verschijnt. ‘Als het budget voor jeugdzorg niet voldoende en structureel wordt aangevuld vanuit het rijk, plaatst u ons voor het onmogelijke.’ Het zijn zowel wethouders van grote en kleine gemeenten die bij hun Haagse partijgenoten aan de bel trekken.

Onverantwoord

Gemeenten hebben zich de afgelopen jaren maximaal ingespannen om, ondanks de bezuiniging van 450 miljoen euro, de toegenomen vraag naar jeugdzorg op te vangen, stellen de wethouders. Die vraag steeg tussen 2015 en 2017 met 12,1 procent. Over 2018 was sprake van een stijging van 1,9 procent, zo bleek recent uit CBS-cijfers. ‘Maar we kregen er geen cent bij. Zo doorgaan is onverantwoord’, aldus de open brief.

Onbegrip

Gemeenten worden nu gedwongen om te bezuinigen, ‘ook op zaken die we juist hard nodig hebben om in de toekomst zorg te voorkomen’, aldus de open brief. ‘Armoedebestrijding, sportvoorzieningen, bibliotheken, onderwijsachterstandenbeleid, brandweer, veiligheidsbeleid en OZB verhoging, niets blijft ongemoeid.’ De bezuinigingen en lastenverhoging leiden tot onbegrip in de samenleving. ‘De brief van de VNG is ons dan ook uit het hart gegrepen.’ In die open brief van vorige week dreigt de VNG de jeugdzorgtaken terug te geven, als het kabinet er onvoldoende extra geld voor vrijmaakt. Later werd bekend dat de VNG 490 miljoen euro er bij wil hebben.

Bittere noodzaak

‘Een ongekend signaal vanuit bittere noodzaak’, stellen de wethouders in hun open brief. Maar er is meer nodig dan alleen geld, zo realiseren zij zich. ‘Het huidige stelsel van de jeugdzorg moet doorontwikkeld worden om beter en efficiënter te werken.’ Dat willen de wethouders samen met het rijk doen, maar dat vraagt tijd en ruimte, die er alleen bij voldoende middelen is. Naar verluidt wil het kabinet niet verder gaan dan eenmalig 350 miljoen en de drie daaropvolgende jaren jaarlijks 190 miljoen euro. VNG is nog steeds in onderhandeling met VWS.

Gerelateerde artikelen;

’Effect miljardeninjectie verpleeghuizen niet goed meetbaar’

Telegraaf 15.05.2019 Een opdoffer voor minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid): de Algemene Rekenkamer kraakt kritische noten over de vele miljarden euro’s extra die onder zijn toezicht naar verpleeghuizen stromen. Het effect daarvan kan op dit moment niet goed gemeten worden, concluderen de rekenmeesters.

De CDA-bewindsman heeft de zorgkantoren – die het extra geld verdelen over de verpleeghuizen- de taak gegeven om de kwaliteit in verpleeghuizen sterk te verbeteren. Daarvoor is ook een grote som geld vrijgemaakt, van 600 miljoen dit jaar oplopend naar 2,1 miljard structureel. De zorgkantoren krijgen volgens de Rekenkamer echter onvoldoende informatie van verpleeghuizen om pal te kunnen staan voor de broodnodige verbeterslag.

Als voorbeeld noemt de Rekenkamer dat een voorwaarde voor goede zorg in verpleeghuizen is dat er voldoende goed gekwalificeerd personeel in de instellingen aanwezig is. Zorgkantoren kunnen dat echter niet garanderen, stelt de Rekenkamer, omdat de zorginstellingen slechts een zeer algemeen beeld hoeven te geven, niet van de daadwerkelijke situatie per afzonderlijke locatie. De Rekenkamer betwijfelt dan ook of dit een goed beeld geeft van de daadwerkelijke aanwezigheid van personeel.

De rekenmeesters stellen dat er betere informatie nodig richting de Tweede Kamer en de samenleving om na te kunnen gaan of de miljardeninjectie wel in verhouding staat met de bereikte verbeteringen in verpleeghuizen.

Bekijk meer van; tweede kamer  algemene rekenkamer  verpleegkundigen

Personeel in de jeugdzorg betoogde in januari tegen het kabinetsbeleid ANP

Wethouders smeken in open brief om meer geld voor jeugdzorg

NOS 15.05.2019 Wethouders van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie uit het hele land smeken het Rijk om meer geld voor de jeugdzorg. In een open brief richten ze zich tot hun partijgenoten in het kabinet en in de Tweede Kamer.

“De rek is eruit. Hoewel we ons tot het uiterste willen inzetten voor de ondersteuning van kwetsbare kinderen en jongeren in onze steden en dorpen naderen wij de grens van het mogelijke”, staat in de brief, die is ondertekend door ruim 250 wethouders.

Vier jaar geleden namen de gemeenten de taken van jeugdzorg van het Rijk over. Het beschikbare budget ging met 450 miljoen euro omlaag, terwijl de vraag naar zorg steeg. Vorige week beloofde het kabinet al honderden miljoenen extra, maar dat vinden de wethouders niet genoeg, omdat ook de vraag is gestegen.

Noodkreet VNG

Vorige week kwam de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) met dezelfde noodkreet. Zo gaat het niet langer, er moet geld bij, was de oproep.

De wethouders steunen die oproep van harte. Ze wijzen ook op andere bezuinigingen, bijvoorbeeld op armoedebestrijding en sportvoorzieningen, allemaal zaken die volgens hen zorgverlening in de toekomst moeten voorkomen. De VNG en de wethouders vragen 490 miljoen euro extra.

De wethouders vragen hun “Haagse” partijgenoten niet alleen om meer geld, maar pleiten ook voor een beter en efficiënter stelsel van jeugdzorg. Maar voor “flinke stappen” zijn “voldoende middelen” nodig, zeggen de wethouders.

Bekijk ook;

‘Water staat ons aan de lippen’: gemeenten willen meer geld voor jeugdzorg

Jeugdzorg opnieuw duurder, deel gemeenten wil minder jongeren doorverwijzen

Extra rijksgeld jeugd niet om tekorten te dekken

BB 14.05.2019 Het extra geld dat het kabinet voor de uitvoering van de jeugdhulp wil vrijmaken, is niet bedoeld om alleen de tekorten bij gemeenten te dekken. Het is vooral bedoeld om de uitvoering van het jeugdhulpstelsel beter en efficiënter te maken en de transformatie te versnellen. Daarover wil de minister bestuurlijke afspraken met gemeenten maken.

Betere sturing

Dat stelt minister De Jonge (VWS) in reactie op het dreigement van de VNG om de jeugdhulp op het bordje van het rijk te leggen als het kabinet niet met voldoende extra geld over de brug komt. Meer (rijks)geld leidt niet automatisch tot betere en beter beheersbare jeugdhulp, stelt De Jonge in een brief aan de Kamer. Er is ook betere regievoering, betere sturing en betere regionale samenwerking nodig. Daar zullen de afspraken met de VNG zich op richten. Daarnaast is verdiepend onderzoek nodig naar de achtergronden van de gemeentelijke tekorten. ‘Om te leren wat er in de sturing beter moet’, aldus De Jonge.

Meer eenheid

Er is ook meer eenheid en voorspelbaarheid in het zorglandschap noodzakelijk, stelt de minister in zijn brief. Daarbij horen onder meer onderwerpen als vermindering van administratieve lasten, de toegang tot jeugdhulp en de reikwijdte van de jeugdhulpplicht van gemeenten. Welke vormen van jeugdhulp vallen onder de Jeugdwet en welke niet.

Onderhandelingen

In zijn brief noemt De Jonge geen bedragen die het rijk extra wil uittrekken. Vorige week lekte uit dat het om eenmalig 350 miljoen euro zou gaan, en de drie jaren daarna jaarlijks 190 miljoen euro. De VNG wil 490 miljoen euro van het kabinet. De onderhandelingen met de VNG zijn nog steeds gaande, zo blijkt uit de brief van De Jonge.

Gerelateerde artikelen;

Het Rijk moet snel meer geld uittrekken voor de financiering van de jeugdzorg. Ⓒ ANP XTRA

Ook wethouders luiden noodklok over jeugdzorg

Telegraaf 15.05.2019 Het Rijk moet snel meer geld uittrekken voor de financiering van de jeugdzorg. Met die dringende oproep aan het kabinet sluiten wethouders van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie zich aan bij een recente brief van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).

„De rek is eruit”, luidt de open brief van circa 250 wethouders aan hun partijgenoten in de coalitie in Den Haag. Als er niet snel geld bijkomt voor de jeugdzorg, die sinds 2015 de verantwoordelijkheid is van de gemeenten, „plaatst u ons voor het onmogelijke.”

Haagse bronnen lieten vorige week weten dat er dit jaar ruim 300 miljoen euro extra beschikbaar komt, en daarna nog enkele jaren zo’n 200 miljoen euro. Of dat voor de VNG en de wethouders genoeg is, is nog maar de vraag. De wethouders roepen in hun brief op tot „voldoende en structureel” meer geld en stippen daarbij aan dat de 12 procent extra zorg neerkomt op 490 miljoen euro.

Bekijk meer van; wethouders  jeugdzorg  vereniging van nederlandse gemeenten (vng)

Minister wil wijkverpleging anders betalen

Telegraaf 14.05.2019 Het moet uit zijn met de versnippering in de wijkverpleging, vindt minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. Hij wil dat iedere buurt een voor iedereen herkenbaar zorgteam krijgt en dat de schaarse verpleegkundigen zo goed mogelijk worden ingezet. Daarvoor moet ook de verdeling van het geld voor deze zorg op de schop.

De wijkverpleging kampt met grote personeelstekorten. De verpleegkundigen díe er zijn, worden ook niet altijd even efficiënt ingezet. Door de komst van talloze kleine zorgaanbieders en ’eenpitters’ versplintert de zorg en gaat tijd verloren, stelt De Jonge. Hij ziet dat als een schadelijk gevolg van de marktwerking in de zorg.

Nu loont het voor zorgaanbieders bovendien nog om zoveel mogelijk tijd te besteden aan een patiënt en om zwaardere gevallen zoveel mogelijk links te laten liggen. De Jonge wil voortaan belonen voor het verlenen van de zorg die het beste bij de patiënt past. Daarom gaat hij bijvoorbeeld duidelijker onderscheid maken tussen lichte en zware patiënten.

Ondertussen denkt De Jonge erover de zorg voortaan niet meer per ingreep, maar bijvoorbeeld per uur, per complete behandeling of zelfs per wijk of buurt te betalen. Dan wordt het voor zorgverzekeraars en -aanbieders aantrekkelijk om bijvoorbeeld te voorkomen in plaats van te genezen. Eind volgend jaar hoopt hij daarover de knoop door te hakken.

’Huidige werkwijze niet langer houdbaar’

De manier waarop de wijkverpleging nu werkt is „in de toekomst niet langer houdbaar”, vindt de minister. Hij wijst erop dat steeds oudere en langer thuiswonende patiënten bijvoorbeeld steeds zwaardere zorg nodig hebben, dat er steeds meer en steeds kleinere zorgaanbieders zijn, dat die langs elkaar heen werken en dat patiënten door de bomen het bos niet meer zien. Om wildgroei van zorgaanbieders te voorkomen, staan er al strengere toelatingseisen op stapel. Maar De Jonge gaat kijken of hij meer moet doen.

De oppositie reageert vooralsnog niet positief op het plan. „De Jonge heeft hoog van de toren geblazen over het aanpakken van marktwerking in de wijkverpleging. Maar de voorstellen die hij nu doet dringen die marktwerking helemaal niet terug. Een gemiste kans”, aldus Corinne Ellemeet van GroenLinks. Ook de PVV en PvdA hebben kritiek.

Bekijk meer van; zorgaanbieders  hugo de jonge

Minister wil wijkverpleging anders betalen

MSN 14.05.2019 Het moet uit zijn met de versnippering in de wijkverpleging, vindt minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. Hij wil dat iedere buurt een voor iedereen herkenbaar zorgteam krijgt en dat de schaarse verpleegkundigen zo goed mogelijk worden ingezet. Daarvoor moet ook de verdeling van het geld voor deze zorg op de schop.

De wijkverpleging kampt met grote personeelstekorten. De verpleegkundigen díe er zijn, worden ook niet altijd even efficiënt ingezet. Door de komst van talloze kleine zorgaanbieders en ‘eenpitters’ versplintert de zorg en gaat tijd verloren, stelt De Jonge.

Nu loont het voor zorgaanbieders bovendien nog om zoveel mogelijk tijd te besteden aan een patiënt en om zwaardere gevallen zoveel mogelijk links te laten liggen. De Jonge wil voortaan belonen voor het verlenen van de zorg die het beste bij de patiënt past. Daarom gaat hij bijvoorbeeld duidelijker onderscheid maken tussen lichte en zware patiënten.

Wijkverpleging zonder uurtje-factuurtje, maar wat dan?

Telegraaf 14.05.2019 Het omgooien van de bekostiging van de wijkverpleging levert minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) hoofdbrekens op. De CDA-bewindsman wil af van het huidige systeem van ’uurtje-factuurtje’, maar een goed alternatief is vooralsnog niet gevonden.

De Jonge liet vlak voor de Statenverkiezingen weten dat hij de manier waarop de thuiszorg wordt bekostigd volledig op de schop wil nemen. Zorgaanbieders krijgen veelal betaald naar gedeclareerde uren. Ze worden dus geprikkeld om veel uren te draaien, niet om efficiënt te werken. De CDA-bewindsman stoort zich daaraan.

De zorgminister ziet liever dat mensen in de thuiszorg worden beloond voor het inzetten van slimme zorg, op basis van de behoeften van hun cliënten. De Nederlandse Zorgautoriteit deed al eerder onderzoek naar zulke bekostigingsvormen, maar ziet nog veel beren op de weg.

In een brief aan de Tweede Kamer laat de Jonge daarom weten dat nader onderzoek van de NZa moet uitwijzen of er wel betere vormen gevonden kunnen worden. Dat vergt tijd.

Hij denkt wel dat het huidige kabinet nog de knoop kan doorhakken. „Eind 2020, begin 2021 kan een besluit worden genomen”, belooft hij.

Bekijk meer van; thuiszorg  christen-democratisch appèl (cda)

Andere maatstaven nodig bij verdeling jeugdbudget

BB 14.05.2019 Bij de verdeling van de rijksgelden voor de jeugdhulp moet het kabinet meer rekening houden met de sociaaleconomische samenstelling van gemeenten. Daarvoor pleit het college van Zutphen, die met deze boodschap bij het rijk aan de bel trekt.

Brandbrief

Ook diverse andere gemeenten luiden, los van de VNG, de noodklok over de oplopende tekorten op het jeugdhulpbudget, waaronder Wageningen. Deze gemeente heeft een brandbrief naar minister De Jonge (VWS) gestuurd waarin ze om extra geld vraagt.

33 procent

De sociaaleconomische samenstelling van Zutphen is volgens wethouder Annelies de Jonge (jeugd, PvdA) de belangrijkste reden van het tekort op de jeugdhulp. Over 2018 bedroeg dat tekort voor Zutphen ruim 5 miljoen euro.

De gemeente ontving van het rijk een krappe 15 miljoen euro, maar gaf 20,4 miljoen euro uit. Het tekort ten opzichte van het rijksbudget bedraagt daarmee ruim 33 procent. Ruim 1.500 kinderen en jongeren kregen zorg in natura of een pgb.

Compensatie rijk

‘Ik durf de voorzichtige conclusie te trekken dat bij het ministerie parameters ontbreken voor steden als Zutphen als het gaat om de huidige verdeling van de rijksmiddelen voor jeugdhulp’, aldus De Jonge. Zutphen heeft een centrumfunctie en relatief veel sociale woningen en zorginstellingen. ‘Zutphen lijkt aantrekkingskracht te hebben op kwetsbare doelgroepen en aanbod voor deze doelgroepen.

Worden hier naar het lijkt met IUJeugd (Integratie Uitkering Jeugd, red) onvoldoende voor gecompenseerd’, zo werd ook in de benchmark uitgaven jeugdhulp, uitgevoerd onder 26 gemeenten in opdracht van het ministerie van VWS, geconcludeerd. Zutphen is niet de enige stad met dergelijke problematiek, stelt de wethouder. ‘Dit geldt ook voor verschillende andere middelgrote steden buiten de Randstad. Hiervoor moeten we worden gecompenseerd door het rijk.’

Motie

Wageningen heeft een brandbrief naar minister De Jonge gestuurd; daartoe had de gemeenteraad via een motie opgeroepen. De gemeente roept de minister hierin met klem op extra geld voor de jeugdhulp beschikbaar te stellen. Over 2018 noteerde Wageningen een tekort van zo’n 2,4 miljoen euro; 2,5 procent van de totale gemeentelijke begroting. Al jaren ontvangt Wageningen te weinig rijksbudget voor de uitvoering van de Jeugdwet.

Gerelateerde artikelen;

Zorgwethouder Kavita Parbhudayal: ‘Geld voor zorgjongeren blijft op de plank’

AD 14.05.2019 Terwijl gemeenten in de regio Haaglanden jaarlijks miljoenen toeleggen op de jeugdzorg, potten veel grote instellingen die deze hulp bieden het geld op. Dat stelt de Haagse zorgwethouder Kavita Parbhudayal.

,,De afgelopen twee jaar hebben alle jeugdzorgaanbieders die wij voor dit werk inschakelen zwarte cijfers geschreven en hun reserves aangevuld. Dat geld moet nodig naar de kinderen”, vindt de wethouder.

Jeugdwethouder: ‘geld jeugdhulpaanbieders van de plank naar kind’

Den HaagFM14.05.2019 Zorggeld dat blijft liggen op de plank van jeugdhulpaanbieders in de regio Haaglanden moet zo snel mogelijk naar de zorg voor kinderen en gezinnen. Dat zegt jeugdwethouder Kavita Parbhudayal. De gemeente heeft grote tekorten op de jeugdhulp, terwijl de reserves van jeugdhulpaanbieders stegen.

“Ik zeg het maar even zoals het is: het kan niet zo zijn dat gemeenten enorme rode cijfers moeten schrijven en aanbieders geld op de plank zetten. Dat geld moet daar niet tot sint juttemis blijven liggen en moet wel bestemd worden waar het voor bedoeld is, de zorg voor kinderen en gezinnen.” De wethouder benadrukt ook dat het belangrijk is dat het Rijk met geld over de brug komt nu blijkt dat sinds de zorg voor de jeugd is overgegaan naar gemeenten, de vraag enorm is toegenomen.

Nieuwe afspraken
Den Haag heeft nieuwe afspraken gemaakt voor de inkoop van jeugdhulp. Met deze afspraken wordt vanaf 2020 geïnvesteerd in een flinke verbetering van de jeugdhulp. Ook zijn er afspraken gemaakt om de jeugdhulp op lange termijn financieel houdbaar te houden.

Kabinet waarschuwt voor zorguitgaven

Telegraaf 13.05.2019 Het kabinet waarschuwt opnieuw voor de stijgende zorguitgaven. Volgens zorgminister De Jonge zijn extra stappen om de betaalbaarheid in de hand te houden ’niet uit te sluiten’. Hij laat daarom in kaart brengen welke extra ingrepen er mogelijk zijn om betere grip te krijgen op de groei. Ook vraagt hij de Tweede Kamer om met eigen ideeën te komen.

Het huidige kabinet probeert de zorguitgaven, net als vorige kabinetten, te beperken. Dat gebeurt door afspraken te maken met bijvoorbeeld artsen en ziekenhuizen om de uitgavengroei te beperken. Ondanks dat zal er onder kabinet Rutte-III liefst 16,7 miljard euro extra vloeien naar de zorg.

Zorg grootste post kabinet

De netto zorguitgaven in Nederland zijn 71 miljard euro. Als eigen betalingen, jeugdzorg en wmo-zorg worden meegerekend, is dat zelfs 85 miljard euro. Daarmee is de zorg verreweg de grootste uitgavenpost van het kabinet. In de praktijk betekent het dat de gemiddelde volwassen Nederlander tegenwoordig via premie en belastingen jaarlijks zo’n 5490 euro aan de zorg betaalt.

Voorzien is dat deze uitgaven verder gaan groeien, meldt minister De Jonge (Volksgezondheid) aan de Tweede Kamer. Hij laat daarom in beeld brengen waar er in de toekomst op bezuinigd kan worden. Maar pijnlijke besluiten daarover zullen waarschijnlijk door een volgend kabinet genomen moeten worden. „Het kabinet zet stappen om maatregelen in kaart te brengen waarmee toekomstige uitdagingen voorzien kunnen worden van passende beleidsinzet”, laat de CDA-bewindsman weten.

Thuiswonende ouderen

Zo is er een commissie ingesteld die gaat kijken hoe de zorg voor thuiswonende ouderen in de toekomst op peil gehouden kan worden. Eind dit jaar zal die commissie verslag uitbrengen. De Sociaal Economische Raad (SER) is gevraagd om de gevolgen te verkennen van de stijgende zorgkosten voor de arbeidsmarkt en economie.

„Daarbij is de SER gevraagd zijn visie te geven op de grenzen waarbinnen de zorguitgaven zich kunnen ontwikkelen.” De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid moet in kaart brengen „welke inzichten ons op weg kunnen helpen naar beheersing van de zorguitgaven op lange termijn”, stelt De Jonge.

De zorgminister vraagt daarnaast politieke partijen om al hun ideeën voor het indammen van de zorgkosten op tafel te leggen en te laten doorrekenen door het Centraal Planbureau. „Het valt niet uit te sluiten dat er in de toekomst lastige keuzes gemaakt moeten worden. Lastige keuzes zijn echter makkelijker te nemen als we met meer zekerheid kunnen zeggen dat het ook verstandige keuzes zijn.”

Bekijk meer van; uitgaven  hugo de jonge  zorg

De zorguitgaven zijn in Nederland, vergeleken met andere Europese landen, relatief hoog: 10,3 procent van het bruto binnenlands product ging in 2016 naar de gezondheidszorg; het EU-gemiddelde lag op 9,9 procent. Ⓒ ANP

Zorgkosten: ons land in de top van Europa

Telegraaf 09.05.2019 Nederland behoort tot de EU-landen met relatief de hoogste zorguitgaven. Dat blijkt vandaag uit CBS-cijfers. Die komen uit op de Dag van Europa, waarmee de aanzet tot de oprichting van de voorloper van de Europese Unie in de jaren vijftig wordt gevierd.

In Nederland ging 10,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in 2016 naar de gezondheidszorg, terwijl het EU-gemiddelde op 9,9 procent lag. Alleen in Frankrijk, Duitsland, Zweden, Oostenrijk en Denemarken was dit aandeel hoger. „Die hoge uitgaven komen vooral door het grote stelsel aan langdurige zorg in Nederland”, legt hoogleraar gezondheidseconomie Wim Groot uit.

Verpleeghuizen

„Denk daarbij aan verpleeghuizen en aan ggz- of gehandicapteninstellingen. Ondanks de bezuinigingen zijn die instellingen nog altijd ruimer aanwezig dan in het buitenland. Tel daarbij het feit op dat arbeidskrachten in deze sector steeds schaarser en dus duurder worden. Daardoor betaalt de gewone Nederlander ook meer”, aldus Groot.

Behalve uitgebreide gezondheidsinstellingen kent ons land Europees gezien ook een hoge levensverwachting. In 2016 lag die op 81,7 jaar, terwijl het EU-gemiddelde precies 81 jaar was. Dat komt vooral door de Nederlandse mannen, van wie de levensverwachting met 80 bijna twee jaar boven het Europese gemiddelde lag.

De levensverwachting van vrouwen is met 83,2 vergelijkbaar met de EU. Nederlanders zijn dan ook tevredener. Ze geven hun leven een 7,7, tegenover gemiddeld een 7,1 in de EU.

Dat komt ook door de lage werkloosheid in 2017, die met 4,9 procent van de beroepsbevolking duidelijk onder het EU-gemiddelde van 7,6 lag. Op het gebied van jeugdwerkloosheid scoorden in 2017 alleen Duitsland en Tsjechië beter.

Wie wil internetten, moet ook in ons land zijn. Geen enkel EU-land is beter aangesloten. Maar liefst 98 procent van de Nederlandse huishoudens in 2018 was ermee verbonden, terwijl het EU-gemiddelde op 89 procent lag. Ook met het gebruik van mobiel internet scoorde Nederland samen met Zweden en Denemarken het hoogst.

Maar volgens het rapport doet Nederland het niet in elke sector even goed. Zo stootte ons land in 2017 gemiddeld 11,3 ton aan broeikasgassen uit per inwoner, ruim boven het EU-gemiddelde van 8,4 ton.

Dat is echter logisch te verklaren. In Nederland ligt het bbp per inwoner relatief hoog en juist die economie, met bedrijven, is verantwoordelijk voor een groot deel van de uitstoot. Van alle EU-landen wekt Nederland de minste duurzame energie op, met een aandeel van 6,6 procent. Zweden is koploper met 54,5 procent.

Toch bezitten Nederlanders relatief weinig auto’s per inwoner, vergeleken met andere EU-landen. Begin 2017 stonden er in ons land ruim acht miljoen personenauto’s geregistreerd, wat neerkomt op 481 per duizend inwoners. Gemiddeld ligt dat aantal in EU-landen op 505. Luxemburg is koploper met 662 auto’s per duizend inwoners.

Volgens Tom Huyskens van branchevereniging Bovag komt het bescheiden autobezit in Nederland vooral door de kleine afstanden. „Daardoor hebben we de auto minder nodig dan in Duitsland of Spanje. Ook zijn we een echt fietsland met zo’n twintig miljoen rijwielen. We pakken de fiets vaak net zo snel voor een boodschap als de auto.”

Bekijk meer van; gezondheidszorg  zorgkosten  levensverwachting

Kabinet wil 300 miljoen vrijmaken voor jeugdhulp

BB 08.05.2019 Het kabinet maakt dit jaar ruim 300 miljoen euro vrij voor de jeugdhulp. Daarna wordt er enkele jaren 200 miljoen euro opgeplust. Dat meldt het ANP op basis van bronnen in Den Haag. De woordvoerder van minister De Jonge (VWS) wil het bericht bevestigen noch ontkennen.

‘De gesprekken met de VNG zijn nog bezig’, laat de woordvoerder desgevraagd weten. Eerder liet minister De Jonge weten later deze maand bekend te maken of en hoeveel extra geld het kabinet vrijmaakt voor de tekorten op de jeugdhulp. ‘Daar moeten we op wachten’, aldus de woordvoerder.

Te weinig

Recent meldde ook De Telegraaf dat het kabinet dergelijke bedragen zou willen vrijmaken, eveneens op basis van Haagse bronnen. Als de berichten kloppen, is het op voorhand al duidelijk dat de 300 miljoen euro te weinig is. Woensdagochtend stelde VNG-vice-voorzitter Hubert Bruls dat er 490 miljoen euro nodig is om de financiële nood van gemeenten in de jeugdhulp te lenigen. Dat deed hij in het Radio 1 journaal.

Stijgende zorgvraag

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft woensdag in een open brief het kabinet gedreigd de jeugdhulptaken terug te geven, als het kabinet niet bereid is gemeenten ‘voldoende tegemoet te komen’. In die brief werd geen concreet bedrag genoemd. Die oproep wordt gesteund door de Branches Gespecialiseerde Zorg voor Jeugd (BGZJ). Ook de bonden willen dat het rijk honderden miljoenen euro’s extra vrijmaakt.

Zij vinden echter dat dit geld niet alleen moet worden gebruikt om de tekorten bij gemeenten te dekken. Uit een inventarisatie van Binnenlands Bestuur onder 20 gemeenten blijkt dat gemeenten tussen de 5 en bijna 30 procent tekortkomen op hun jeugdhulpbudget ten opzichte van het rijksbudget. Stijging van het aantal jongeren in jeugdhulp en de toegenomen complexiteit van zorg zijn, naast de tekortschietende rijksbudgetten, onder meer oorzaken van de oplopende tekorten.

Lees meer over de oorzaken en tekorten in de jeugdhulp, en de manieren waarop gemeenten de tekorten dekken, in Binnenlands Bestuur nummer 9, dat vrijdag verschijnt. (inlog)

Gerelateerde artikelen;

Kabinet trekt honderden miljoenen extra uit voor jeugdzorg

NOS 08.05.2019 De gemeenten krijgen er honderden miljoenen bij voor de jeugdzorg. Volgens Haagse bronnen trekt het kabinet daar dit jaar 350 miljoen euro voor uit en in de drie jaar daarna nog eens 190 miljoen per jaar.

De gemeenten luidden vandaag de noodklok. Ze dreigden hun taken in de jeugdzorg aan het Rijk terug te geven, omdat het kabinet volgens hen te weinig geld beschikbaar stelt om de taken goed uit te voeren.

Naar verluidt zijn over de extra middelen al eerder afspraken gemaakt, maar die zijn nog niet gepresenteerd.

De Jonge wilde er vandaag alleen over kwijt dat de financiële tekorten van de gemeenten voor het uitvoeren van de jeugdzorg de “nadrukkelijke aandacht van het kabinet hebben” en dat hij er met de gemeenten over praat. “Maar de opdracht om de zorg aan onze kwetsbare jongeren te verbeteren is breder dan geld alleen. Ook in de regie, sturing en samenwerking aan de kant van gemeenten is veel ruimte voor verbetering; het is én én”, voegde hij eraan toe.

Bekijk ook;

‘Water staat ons aan de lippen’: gemeenten willen meer geld voor jeugdzorg

Het aantal kinderen dat jeugdzorg nodig heeft, groeit zó hard dat gemeenten er geen geld meer voor hadden. Het kabinet komt hen nu tegemoet. © Getty Images/iStockphoto

Honderden miljoenen extra voor jeugdzorg

AD 08.05.2019 Het kabinet trekt honderden miljoenen extra uit voor jeugdzorg. Daarmee komt het tegemoet aan de klacht van gemeenten dat zij te weinig geld hebben voor hulp aan jongeren met psychische of gedragsproblemen. Dat staat in de Voorjaarsnota die later deze maand openbaar wordt, bevestigen bronnen in Den Haag.

Dit jaar nog gaat er 350 miljoen euro extra naar de gemeenten. In de drie jaar daarna telkens 190 miljoen euro, zo is er afgesproken in het kabinet. Met dat bedrag van 920 miljoen euro in totaal kunnen de gemeenten de tekorten wegwerken die zij hebben. Vanochtend nog dreigden gemeenten deze taak terug te leggen op het bordje van het Rijk, omdat ze er te veel geld op toe moeten leggen waardoor ze moeten bezuinigen op allerlei lokale voorzieningen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk geworden voor de jeugdzorg. Wel bezuinigde het toenmalige kabinet op het budget voor hulpverlening. Sinds gemeenten de taak op hun bordje kregen, is dat budget met 450 miljoen euro gekrompen. De problemen werden nog eens extra groot, doordat tegelijkertijd steeds meer jongeren een beroep doen op jeugdzorg. Van alle jongeren tot 23 jaar kregen er vorig jaar 428.000 hulp via de jeugdzorg. Dat is een stijging van 13 procent sinds de reorganisatie in 2015.

Meer geld

,,Op deze manier kunnen wij onze bewoners niet meer geven waar ze recht op hebben,’’ zei Hubert Bruls, burgemeester van Nijmegen vanochtend namens alle gemeenten in een open brief aan het kabinet. De roep om meer geld klinkt echter al langer. Achter de schermen is wekenlang gesteggeld tussen verantwoordelijk minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) en Wopke Hoekstra (Financiën).

Het bedrag dat nu is uitgetrokken moet volgens de ministers genoeg zijn om iedereen die nu jeugdzorg aanvraagt ook te kunnen helpen en de achterstanden weg te werken.

Gierende tekorten op jeugdhulp

BB 08.05.2019 Het regent de afgelopen weken tekorten op de jeugdhulp. De ene na de andere gemeente meldt zich met (forse) rode cijfers. De tekorten variëren van vijf tot bijna dertig procent ten opzichte van het rijksbudget.

De oorzaken van de tekorten zijn divers, maar de tekortschietende rijksbudgetten worden als belangrijkste oorzaak genoemd. Iedereen hoopt op extra geld uit ‘Den Haag’. Of dat er komt, en hoeveel, wordt pas eind deze maand duidelijk, als de Voorjaarsnota van het kabinet verschijnt.

Oorzaken

Aan twaalf gemeenten – uit elke provincie een, groot en klein – vroeg Binnenlands Bestuur naar de tekorten over 2018, de oorzaken, oplossingsrichtingen en de verwachting voor dit jaar. Een grove berekening leert dat alleen al deze twintig gemeenten (Tilburg sprak namens Hart van Brabant, waarin negen gemeenten zijn vertegenwoordigd) samen vorig jaar een tekort op de jeugdhulp hadden van ruim 61 miljoen euro.

Bij extrapolatie van dat bedrag kom je uit op een landelijk tekort van ruim 1,2 miljard euro. Uit een eerdere analyse van de jaarrekeningen in opdracht van Divosa bleek al dat gemeenten over 2017 605 miljoen euro meer aan jeugdhulp hebben uitgegeven dan begroot. De gemeentelijke jaarrekeningen over 2018 zijn nog niet allemaal af, maar stuk voor stuk geven de door Binnenlands Bestuur benaderde gemeenten (veel) meer uit dan het rijksbudget voor de uitvoering van de Jeugdwet.

Toename complexiteit

De tekortschietende rijksmiddelen speelt alle gemeenten parten. Ook de toename van het aantal jongeren dat jeugdhulp krijgt, is mede debet aan de tekorten. Daarnaast is sprake van een toename van de intensiteit van hulptrajecten en toenemende complexiteit van zorgvragen, zo stellen gemeenten.

Enkele gemeenten stellen dat er steeds minder kinderen vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) worden gefinancierd ‘waardoor deze dure zorg ten laste van de gemeente komt’, zo laat Emmen weten. Het dichtbij organiseren van jeugdhulp en daarmee samenhangend de vroegsignalering worden eveneens als oorzaken van de tekorten genoemd.

De openeinderegeling met begrensde (rijks) budgetten is een andere oorzaak, stelt Delfzijl. Gemeenten hebben een wettelijke zorgplicht, dus nee zeggen is geen optie.

Afschalen zorg

Gemeenten vangen de tekorten met een keur aan maatregelen op, zo leert de inventarisatie. Het ophogen van het jeugdhulpbudget uit eigen middelen, bezuinigingen (zowel binnen als buiten het sociaal domein), bijpassen uit de reserves, verhoging van gemeentelijke tarieven (ozb en parkeertarieven) en hervormingen/aanscherpingen van jeugdhulp(beleid) zijn de belangrijkste ingrediënten.

Vaak wordt een combinatie van maatregelen doorgevoerd. Ook duiken diverse gemeenten dieper in het aanbod en de declaraties van zorgaanbieders. Daarbij wordt onder meer gekeken of er niet onnodig zware zorg wordt ingezet en wordt in de gaten gehouden of eenmaal ingezette zorg tijdig wordt afgeschaald of beëindigd.

Preventie

Veel van de benaderde gemeenten verwachten ook over 2019 een tekort op de jeugdhulp. Zij willen – en hopen – dat het rijk met fors extra, structureel, geld over de brug komt. Een aantal gemeenten vindt het lastig om een prognose te geven, een enkeling verwacht over 2019 geen tekort meer te hoeven noteren.

Gemeenten zelf zitten ook niet stil. Er worden analyses gemaakt naar de stijgende kosten, er worden plannen gemaakt om de jeugdhulp slimmer, beter en goedkoper te maken en er wordt nog meer op preventie ingezet. Maar ook wordt bezuinigd, de ozb verhoogd en investeringen in voorzieningen (zoals in sport en onderhoud van wegen) in de ijskast gezet.

Onhoudbaar

‘Het rijk moet inzien dat het rijksbudget omhoog moet’, benadrukt wethouder Berry van Rijswijk (Sittard-Geleen, jeugd). ‘We willen de taken graag houden, maar er moet boter bij de vis komen.’ Zijn gemeente verwacht komend jaar opnieuw fors in de rode cijfers te duiken: 6 miljoen euro ten opzichte van het rijksbudget.

Over 2018 noteerde de gemeente een tekort van 6,2 miljoen ten opzichte van het rijksbudget. Dronten verwacht over dit jaar een veel groter tekort dan over 2018: 3,6 miljoen euro; bijna 38 procent ten opzichte van het rijksbudget. ‘Omdat het tekort structureel is, verwachten wij dat het rijk ook aan de inkomstenkant maatregelen gaat treffen’, stelt Dronten. Dalfsen schat het tekort over 2019 minimaal even hoog in als over 2018 (7 ton, een ‘immens bedrag’, aldus wethouder Jan Uitslag, jeugd).

Het rijk moet structureel met honderden miljoenen over de brug komen, vindt hij. ‘De tekorten zijn onhoudbaar.’ Een eenmalige injectie zet geen zoden aan de dijk. ‘De oorzaken van de tekorten, zoals meer kinderen in jeugdhulp en de toenemende kosten per kind – laten zich niet makkelijk ombuigen.’

Afbeelding

(Klik op de afbeelding voor een vergroting)

Gerelateerde artikelen;

VNG: Snel extra budget nodig voor jeugdzorg, anders volgen bezuinigingen

NU 08.05.2019 De extra kosten die ontstaan door de toenemende vraag naar jeugdhulp en psychische zorg voor kwetsbare burgers mogen niet meer verhaald worden op Nederlandse gemeenten, schrijft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) woensdag in een paginagrote open brief in het Algemeen Dagblad (AD).

Als dat niet kan, dan wil de koepelorganisatie de gedecentraliseerde taken weer bij het Rijk leggen. Sinds 2015 ligt de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg bij gemeenten. Volgens de VNG is het onzeker of gemeenten zonder extra geld nog volwaardige hulp kunnen bieden.

Volgens VNG zijn lokale overheden al jaren met het kabinet in gesprek over de tekorten in de jeugdzorg, maar leiden die gesprekken nergens toe. Volgens VNG-vicevoorzitter Hubert Bruls, tevens burgemeester van Nijmegen, moet er op korte termijn geld bij. “Het water staat ons aan de lippen”, aldus Bruls.

De VNG waarschuwt dat er bezuinigd moet worden als er niet op korte termijn extra geld beschikbaar is. “Denk aan meer overlast in de wijken, het sluiten van bibliotheken, sportcomplexen of andere voorzieningen, het uitstellen van onderhoud en langere wachtlijsten in de jeugdzorg.”

Een op de tien jongeren krijgt jeugdzorg

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) bracht anderhalve week geleden cijfers naar buiten waaruit blijkt dat vorig jaar een op de tien jongeren met jeugdzorg te maken kreeg. Het gaat om zo’n 428.000 individuen. In 2015 waren dat er nog zo’n 380.000.

Volgens Bruls zijn de budgetten van de gemeenten niet meegegroeid met het aantal jongeren dat behoefte heeft aan jeugdzorg. In 2017 gaven gemeenten 605 miljoen euro uit aan hulp voor jongeren. In 2018 moest drie kwart van de gemeenten het budget opnieuw opschroeven.

Het kabinet reserveerde in de Voorjaarsnota al extra geld voor de jeugdhulp, maar volgens Bruls is het “substantieel minder” dan de gevraagde 490 miljoen euro. Daarnaast wil hij een structurele bijdrage, waar het nu om een eenmalig bedrag gaat.

Zie ook: Een op de tien jongeren krijgt te maken met jeugdzorg

Lees meer over: jeugdzorg Binnenland

Gemeenten doen beroep op Rijk voor jeugdzorg

Telegraaf 08.05.2019 Gemeenten weigeren nog langer op te draaien voor de extra kosten die zij maken voor de toenemende vraag naar de jeugdhulp en psychische zorg voor kwetsbare burgers. In een open brief in het AD overweegt de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) afstand te doen van de taken die de gemeenten van het Rijk hebben overgenomen.

„Als het kabinet niet bereid is om gemeenten voldoende tegemoet te komen, is het de vraag of wij onze inwoners kunnen geven waar zij recht op hebben. In uw belang moeten wij dan serieus overwegen of wij de gedecentraliseerde taken weer bij het Rijk terugleggen”, staat in de brief.

De gemeenten benadrukken dat ze deze verregaande stap niet zomaar zullen nemen. „We willen onze jeugd niet in de steek laten. Als er geen compensatie komt, moeten gemeenten bezuinigen”, meldt de VNG in de open brief. „Dat heeft ongewenste gevolgen.”

FNV Zorg & Welzijn laat weten positief verrast te zijn door de „stevige woorden” van de VNG. De bond wijst erop dat als er geld bijkomt dit wel op de goede plek moet terechtkomen. „Geld voor jeugdzorg moet naar jeugdzorg”, zegt bestuurder Maaike van der Aar. „Het mag niet wegvloeien in de tekorten van de gemeenten.”

Ultimatum

Op 18 april hebben FNV Zorg & Welzijn en CNV Zorg & Welzijn een ultimatum gestuurd naar minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid). De bonden willen dat in de jeugdzorg verantwoord kan worden gewerkt met passende arbeidsvoorwaarden. De vakbonden eisen dat een bezuiniging van 450 miljoen euro op jeugdzorg wordt teruggedraaid en dat er 300 miljoen euro komt voor de toename van de vraag naar jeugdzorg.

Bekijk meer van; gemeenten jeugdzorg  vereniging van nederlandse gemeenten (vng)

Gemeenten krijgen steeds meer jongeren met problemen te verwerken. © Getty Images/Monkey Business

Gemeenten dreigen jeugdzorg en psychische hulp af te stoten

AD 08.05.2019 Als het kabinet niet voldoende extra geld geeft om de lokale jeugdhulp en psychische zorg aan kwetsbare burgers van te betalen, kan het ervan komen dat gemeenten deze taken moeten afstoten. Dat stellen ze in een open brief.

Gemeentekoepel VNG schrijft in de brief aan alle inwoners, die vandaag in deze krant staat: ,,Als het kabinet niet bereid is om gemeenten voldoende tegemoet te komen, is het de vraag of wij onze inwoners kunnen geven waar zij recht op hebben. In uw belang moeten wij dan serieus overwegen of wij de gedecentraliseerde taken weer bij het Rijk terugleggen.”

De gemeenten benadrukken dat ze deze verregaande stap niet lichtvaardig zullen nemen. ,,We willen onze jeugd niet in de steek laten.” Maar de lokale overheden zijn al jaren tevergeefs in gesprek met het kabinet over de tekorten in de jeugdzorg en hulp aan psychisch kwetsbare inwoners.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Rillingen over mijn rug

We hebben de afgelopen jaren zo goed ons best gedaan, maar het water staat ons aan de lippen en er moet substanti­eel geld bij, aldus Hubert Bruls, vicevoorzitter VNG.

,,Ik had nooit gedacht dat we deze brief ooit zouden schrijven en de rillingen lopen nu weer over mijn rug”, zegt vicevoorzitter Hubert Bruls van de VNG in een toelichting. Hij is tevens burgemeester van Nijmegen. ,,We hebben de afgelopen jaren zo goed ons best gedaan, maar het water staat ons aan de lippen en er moet substantieel geld bij.”

De afgelopen weken bleek uit verschillende onderzoeken dat gemiddeld één op de tien jongeren momenteel jeugdzorg ontvangt. Sinds de gemeenten in 2015 die handschoen oppakten, is hun aantal met ruim 12 procent gestegen tot 428.000. De vraag is vooral toegenomen op plekken waar het aantal jongeren relatief sterk stijgt, veel jongeren wonen met een niet-westerse migratieachtergrond en de jeugd afkomstig is uit arme of eenoudergezinnen.

De budgetten zijn echter niet meegegroeid. Sterker nog: een aantal gemeenten zag hun inkomsten vanuit het Rijk voor de jeugd de laatste twee jaar teruglopen met meer dan 20 procent, doordat een nieuw model om het geld te verdelen in hun nadeel uitviel. Besparingen dichten dat gat bij lange na niet. Veel gemeenten halen nu geld elders weg of teren in op hun reserves, maar bestuurders geven aan dat deze situatie niet kan voortduren.

Ongewenste gevolgen

Het budget is nu niet altijd toereikend. We moeten kijken welke financiële maatrege­len er nodig zijn, aldus Minister De Jonge, Volksgezondheid.

,,Als er geen compensatie komt, moeten gemeenten bezuinigen”, meldt de VNG verder in de open brief. ,,Dat heeft ongewenste gevolgen. Denk aan wachtlijsten in de jeugdzorg, overlast in wijken, uitstellen van onderhoud, verhoging van de OZB, bezuinigingen op cultuur en sluiting van bibliotheken, sportcomplexen of andere voorzieningen.”

Het kabinet heeft in de Voorjaarsnota extra geld gereserveerd voor de jeugdhulp, nu is bewezen dat de tekorten waar gemeenten al jaren over klagen ook echt landelijk bestaan en steeds nijpender worden. Hoeveel de gemeenten erbij krijgen, wordt officieel met Prinsjesdag bekendgemaakt.

Maar volgens Bruls, die namens de VNG intensief met het ministerie onderhandelt, gaat het om ‘substantieel minder’ dan de gevraagde 490 miljoen euro en ook nog eens slechts om een eenmalig bedrag. ,,Terwijl we een structurele bijdrage nodig hebben. Die meerjarige oplossing moet er echt komen, anders kunnen we de klus niet klaren.”

Fikse financiële tekorten

Minister De Jonge (Volksgezondheid) zei recent ook nog met de gemeenten in gesprek te zijn over de fikse financiële tekorten. ,,Het budget is nu niet altijd toereikend. We moeten kijken welke financiële maatregelen er nodig zijn. Maar ook wat er breder nodig is om de jeugdzorg te verbeteren.”

De FNV reageert verheugd op de houding van de VNG. Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn: ,,We zijn positief verrast door de stevige woorden die de VNG gebruikt. Het is nu 3-0 voor goede jeugdzorg. Onze jeugdzorgwerkers voeren al tijden actie en inmiddels hebben werkgevers zich openlijk aangesloten bij onze acties. Nu de VNG de druk nog verder opvoert, kan minister Hugo de Jonge er niet meer omheen. Er moet nú structureel geld bij.”

Eerder stelde de vakbeweging al een ultimatum aan minister De Jonge. De bonden eisen een structureel budget van 750 miljoen euro en een eenmalige investering van 200 miljoen euro voor een arbeidsmarktfonds. Dit geld moet direct gestort worden aan werkgevers en werknemers. Gaat de minister niet voor 1 juni akkoord, dan volgen er acties.

Minister De Jonge in de Tweede Kamer. Het kabinet weigert volgens de VNG om genoeg extra geld ter beschikking te stellen voor jeugdhulp. © ANP

https://nos.nl/data/image/2019/05/08/548507/2048×1152.jpg

Minister De Jonge ontmoette in januari demonstrerende jeugdzorgwerkers ANP

‘Water staat ons aan de lippen’: gemeenten willen meer geld voor jeugdzorg

NOS 08.05.2019 De Nederlandse gemeenten dreigen hun taken in de jeugdzorg aan het Rijk terug te geven, omdat het kabinet volgens hen te weinig geld beschikbaar stelt om die taken goed uit te voeren. Volgens vicevoorzitter Bruls van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) willen ze 490 miljoen euro extra van de regering.

“Als het kabinet niet bereid is om gemeenten voldoende tegemoet te komen, is het de vraag of wij onze inwoners kunnen geven waar ze recht op hebben”, schrijft de VNG in een brief aan alle Nederlanders. “In uw belang moeten wij dan serieus overwegen of wij de gedecentraliseerde taken weer bij het Rijk terugleggen.”

Gaat niet meer

In 2015 namen de gemeenten taken op het gebied van zorg en jeugd van het Rijk over, omdat zij meer maatwerk zouden kunnen leveren. Tegelijkertijd ging het budget voor deze taken met 450 miljoen euro omlaag.

In de jaren daarna groeide de vraag naar jeugdzorg, zonder dat het kabinet extra geld beschikbaar stelde. Ze moesten op allerlei terreinen bezuinigen of de lasten verhogen om de toenemende uitgaven op te vangen.

Tot aan de lippen

“Dan komt er een moment dat je tegen het kabinet moet zeggen, zo gaat dat niet meer”, zei VNG-voorzitter Bruls in het NOS Radio 1 Journaal. Hij benadrukt dat het voor de gemeenten zeer ongebruikelijk is om met een open brief bij het kabinet aan te kloppen. “Dat geeft ook wel aan dat we echt vinden dat het water ons tot aan de lippen is gestegen.”

Minister De Jonge van Volksgezondheid erkent de problemen van de gemeenten en voert achter de schermen overleg met minister Hoekstra van Financiën, zei politiek verslaggever Wilco Boom. “De verwachting is dat er binnen enkele weken een besluit komt dat de gemeenten meer gaat opleveren. Of dat de gevraagde 490 miljoen wordt, is op dit moment echt nog niet te zeggen.”

Boom denkt niet dat de gemeenten echt van plan zijn om de jeugdzorg terug te geven aan het kabinet. “Gemeenten hebben de wettelijke taak om die taken uit te voeren, dus dat zij die taak zo maar over de schutting teruggooien naar het Rijk lijkt me onhaalbaar.”

mei 9, 2019 Posted by | 2e kamer, begroting, begroting 2019, crisis, politiek, Rutte 3, Zorg, zorginstellingen | , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15

Zorgen over Marktwerking versus verzelfstandiging en privatisering

De Nederlandse overheid heeft overheidsbedrijven en rijksdiensten zonder visie of goed plan geprivatiseerd en verzelfstandigd.

AD 01.11.2019

AD 21.03.2019

Vanaf 1980 heeft de Nederlandse overheid bedrijven afgestoten, zoals energiebedrijven en PTT (nu KPN, TNT Express en PostNL). Ook werden rijksdiensten verzelfstandigd, zoals uitkeringsinstantie UWV en de Nederlandse Spoorwegen en ook de Zorg.

AD 02.03.2020

Ook is de marktwerking in de gezondheidszorg ‘doorgeslagen’ en moet ingeperkt worden. Anders wordt goede zorg steeds moeilijker te organiseren en te betalen. Dat zegt minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) in een interview met deze krant.

Vanaf 1 januari 2021 moeten Zorgaanbieders van verpleging en verzorging in de wijk overal in Nederland verregaand samenwerken. Geen oudere of zieke mag dan meer tussen wal en schip vallen.

Als huisartsen en ziekenhui­zen met het telefoon­boek op schoot het ene na het andere bureautje moeten bellen om wijkverple­ging voor een patiënt te regelen, dan vermorsen we kostbare menskracht, aldus Minister De Jonge (Volksgezondheid).

Zorgaanbieders in de wijk moeten als één team aan de slag

AD 02.03.2020 Vanaf 1 januari 2021 moeten aanbieders van verpleging en verzorging in de wijk overal in Nederland verregaand samenwerken. Geen oudere of zieke mag dan meer tussen wal en schip vallen.

Als huisartsen en ziekenhui­zen met het telefoon­boek op schoot het ene na het andere bureautje moeten bellen om wijkverple­ging voor een patiënt te regelen, dan vermorsen we kostbare menskracht, aldus Minister De Jonge (Volksgezondheid).

Daarover hebben het ministerie van Volksgezondheid, zorgverzekeraars, gemeenten, patiëntenorganisaties, beroepsverenigingen en zorgaanbieders een deal gemaakt. Zo willen ze regelen dat de tekorten aan goede zorgverleners in de wijkverpleging afnemen. Ook moeten cliënten en hulpverleners in de wijk altijd weten bij wie ze terecht kunnen.

Er komt in iedere wijk een overzicht voor wijkverpleging overdag, ‘s avonds, ‘s nachts en in het weekend. En de cliënt krijgt voortaan zorg van een behapbaar team. Bekendheid en vertrouwdheid met iedereen die in huis komt, staat voorop. Zorgverleners moeten de hulp ook goed hebben afgestemd.

Het einddoel: alle aanbieders van wijkverpleging zorgen er samen met partners voor dat iedere zorgvraag van een cliënt opgepakt wordt. Als dat niet lukt, moet passende zorg snel elders worden gevonden; zo nodig met hulp van de verzekeraar. Verder dienen aanbieders de wijk waarin ze actief zijn op hun duimpje te kennen.

Minister De Jonge (Volksgezondheid): ,,Als de wijkverpleegkundige meer bezig is met ergens komen dan ergens zijn en als huisartsen en ziekenhuizen met het telefoonboek op schoot het ene na het andere bureautje moeten bellen om wijkverpleging voor een patiënt te regelen, dan vermorsen we kostbare menskracht.”

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Als paddenstoelen uit de grond

Vorig jaar maart constateerde minister De Jonge al in een interview met deze krant dat losse nieuwe aanbieders, soms van bedenkelijke kwaliteit, als paddenstoelen uit de grond schieten in Nederland. Voor de deur van zorgflats staan nu regelmatig auto’s van meerdere bedrijfjes. Die versnippering komt de kwaliteit niet ten goede, vindt de bewindsman. Daarnaast wordt de zorg momenteel per uur vergoed; een ongezonde prikkel om te veel zorg te leveren.

De minister wil af van deze wijze van bekostiging. Het moet voor zorgaanbieders altijd rendabel zijn om goede zorg te geven aan cliënten, ongeacht of deze lichte of zwaardere problemen hebben. Het tarief wordt daarom afhankelijk van het zorgprofiel van een cliënt. Dat zal wel op zijn vroegst pas vanaf 2022 gebeuren, bleek recent uit een Kamerbrief.

Als aanbieders van wijkverpleging er samen niet uitkomen, dan nemen de zorgverzekeraars en gemeenten het initiatief over om in een contract tot afspraken te komen over samenwerking. Als laatste redmiddel kan zelfs via een bestuurlijk overleg met topambtenaren of de minister een dispuut worden vlotgetrokken.

Over hun schaduw heen springen 

Het is niet meer iedere zorgaanbie­der voor zich of iedere zorgverze­ke­raar alleen voor de eigen verzeker­den, aldus Minister De Jonge (Volksgezondheid).

De Jonge: ,,Zorgaanbieders en verzekeraars moeten daarvoor over hun eigen schaduw heen springen. Het is niet meer iedere zorgaanbieder voor zich of iedere zorgverzekeraar alleen voor de eigen verzekerden.”

De voorgenomen samenwerking vereist dat zorgaanbieders elkaar nu al gaan vinden en dat de neuzen dezelfde kant op komen te staan. Dat zal in wijken met grote aantallen zorgaanbieders nog een hele klus zijn, geeft ook de minister toe.

De betrokken partijen benadrukken in het akkoord sowieso dat iedere wijk de ruimte houdt om zelf de invulling en uitvoering van de teams voor wijkverpleging te bepalen. Dit zal steeds gebeuren op basis van de lokale situatie en de ervaringen.

Marktwerking blijkt een sprookje dat ons dupeert

AD 22.02.2020 Dat vrijemarktwerking in ieders voordeel is, ook als het gaat om voorheen publieke taken, is een sprookje, betoogt Roel Berghuis, bestuurder bij de vakbond FNV. Hij noemt prijsvechters die failliet gaan en buslijnen die geschrapt worden.

De provincie Noord-Holland gaat de bediening van sluizen, bruggen en pontjes weer zelf uitvoeren. Het regende klachten over Trigion, het beveiligingsbedrijf dat na een aanbestedingsronde als goedkoopste uit de bus kwam. Trigion had zulke slechte arbeidsvoorwaarden dat onvoldoende brug- en sluiswachters voor het bedrijf willen werken.

De arbeids­voor­waar­den zijn zo slecht dat onvoldoen­de brug- en sluiswach­ters voor het bedrijf willen werken

Marktwerking zou leiden tot betere dienstverlening en efficiëntie. Zo verkocht de overheid ons dit sprookje. Maar het gaat enkel om bezuinigingen, met alle gevolgen van dien.

De uitvoering van maatschappelijke taken is in het geding en werknemers zijn de dupe. De overheid mag wel eens wat kritischer kijken naar de gevolgen van marktwerking en aanbestedingen.‎

Zorgorganisaties, scholen en gemeenten in West-Brabant hebben problemen met het vervoer van cliënten en leerlingen, want vervoersbedrijf TCR is failliet. Eigenlijk won Arriva de aanbesteding, maar dat bedrijf gaf het werk door aan prijsvechter TCR.‎

In de Gooi en Vechtstreek overwegen acht gemeenten nu een gezamenlijke organisatie op te zetten voor het doelgroepenvervoer, waar negenduizend mensen gebruik van maken. Door te kiezen voor ‘inbesteden’ (zelf doen) in plaats van aanbesteden, willen ze grip krijgen op de kwaliteit. Tot op heden wordt dat vervoer aanbesteed bij steeds nieuwe vervoerders.

Opnieuw aanbesteden leidt na jaren van problemen volgens de gemeenten alleen maar tot hogere tarieven. Zowel klanten als medewerkers worden er dus niets wijzer van.‎

Volgens Koninklijk Vervoer Nederland gebeurt het steeds vaker dat op vervoersaanbestedingen geen geldige inschrijvingen binnenkomen. Vervoerders denken voor de geboden vergoedingen niet rendabel te kunnen werken. De taximarkt begint zelf signalen af te geven richting aanbestedende diensten‎over de tarieven voor het doelgroepenvervoer. Dat is het beste bewijs dat aanbestedingen en marktwerking niet leiden tot verbetering van kwaliteit en efficiency, maar dat slechts wordt bezuinigd.‎

Lijnen schrappen

Provinciale bezuinigingen in het openbaar vervoer leiden tot het schrappen van onrendabele buslijnen. Inwoners zijn dan aangewezen op vrijwilligers. Hun bedoelingen zijn goed, maar het werk van een buschauffeur dient normaal beloond te worden. Nu profiteert de overheid en de busbedrijven houden hun winstcijfers op peil. Met alle gevolgen van dien voor werknemers en burgers.

Waar de FNV zich inzet voor de belangen van werknemers in hun rol als burgers, zouden onze overheden dat moeten doen voor burgers in hun rol als werknemers.

Hoe dan ook zitten we met marktwerking voor maatschappelijke taken op een dood spoor.‎

Roel Berghuis is vakbondsbestuurder en projectleider marktwerking en aanbestedingen bij de FNV.

© Foto: Visumar fotoburo Etten-Leur Teamleider Dominique Vergeer van Sandd verliest de helft van zijn uren als hij op het aanbod van PostNL ingaat.

Sandd-medewerkers ’des duivels’ op PostNL

MSN 26.11.2019 Dat meldt vakbond FNV naar aanleiding van de lopende integratie. „Sandd-medewerkers staan met de rug tegen de muur. De post verdwijnt naar PostNL, en ze moeten maar afwachten wat PostNL hen aanbiedt. Het postbedrijf heeft op sommige plaatsen een tekort aan bezorgers, maar op sommige plaatsen een overschot. Die krijgen minder uren aangeboden”, zegt FNV-bestuurder Etienne Haneveld.

Eind september gaf het kabinet toestemming voor het samengaan van PostNL en Sandd. De 11.000 postbezorgers van Sandd krijgen een baan bij PostNL, maar dat leidt tot teleurstellingen.

Dominique Vergeer uit Oost-Souburg werkt nu veertig uur per week voor Sandd, maar heeft nu een aanbod voor 3,5 uur voor vier dagen in de week. Dat is veertien uur. „Daar ben ik van geschrokken, want ik moet een gezin onderhouden. De beloftes van Mona Keijzer zijn gebakken lucht, want in de praktijk is het een zooitje”, zegt Vergeer, die een leidinggevende functie heeft op het depot in Middelburg.

Het aanbod van PostNL kreeg hij afgelopen vrijdag binnen. Hij heeft een week de tijd om te reageren. „De druk is enorm bij mij en mijn collega’s. Als we bellen met PostNL krijgen we niemand te pakken. Als ik nu solliciteer via het uitzendbureau, dan kan ik wel veertig uur krijgen. Dit is de omgekeerde wereld.”

PostNL herkent dit niet. „We proberen de Sandd-medewerkers een aanbod te doen dat in lijn ligt van hun huidige contract. Het is een ingewikkelde puzzel. Deze gevallen zou ik graag willen bekijken”, zegt directeur Post Resi Becker van PostNL in een reactie. Volgens haar is er voldoende capaciteit in het callcenter om vragen te beantwoorden.

Volgens vakbond FNV komt PostNL met minder uren weg omdat er geen zogeheten ’overgang van onderneming’ is afgesproken. Daarbij dient het personeel een gelijkwaardige functie aangeboden te worden. Staatssecretaris Keijzer (Economische Zaken) heeft dit echter niet als voorwaarde bij de overname gesteld. PostNL denkt jaarlijks €50 tot €60 miljoen aan kosten te kunnen besparen door de overname van Sandd.

„Ik ben des duivels op staatssecretaris Keijzer, die deze overname op deze manier heeft toegestaan. Het aanbod van PostNL is niet volwaardig, we schieten er fors bij in als het om ons inkomen gaat. En ik ben beslist niet de enige”, zegt Albert Wilkens uit Almere. Hij werkt al 13 jaar als postbezorger, met 20 uur per week. PostNL heeft hem nu vijf uur op zaterdag aangeboden.

Ook is een negental franchisenemers van Sandd naar de rechter gestapt omdat er geen vergoeding is geregeld. Zij hebben in totaal 3500 bezorgers in dienst. „De post gaat naar PostNL, maar de franchisenemers hebben nog wel een contract. Zij moeten hun mensen ontslaan en transitievergoedingen betalen. Daarbij past een afkoopsom”, zegt voorzitter Mario de Koning. PostNL zegt in een reactie dat ze zo snel mogelijk in gesprek wil over de samenwerking en banen.

„Er is geen sprake van marktverdeling”, reageert Annemarie Jorritsma.

„Er is geen sprake van marktverdeling”, reageert Annemarie Jorritsma. Ⓒ ANP

Tijdens een netbeheerdersoverleg in 2018 zouden netbeheerders Alliander en concurrent Stedin Nederland hebben verdeeld in gebieden waar zij elkaar niet zullen beconcurreren. Dergelijke afspraken zijn bij wet verboden, aangezien daarmee de concurrentie tussen marktpartijen wordt beperkt. Bij overtreding worden door de overheid zware boetes opgelegd.

En Annemarie Jorritsma (VVD-fractievoorzitter in de senaat) heeft het bestaan van de kartelafspraken ook bevestigd, stelt ex-ING-bestuurder Jan Zegering Hadders (óók VVD), die optreedt als onderhandelaar namens het Westlandse bedrijf. Onderhandelaar Zegering Hadders ging afgelopen najaar bij Jorritsma thuis in Almere langs om haar te confronteren met geruchten over kartelafspraken.

Terugdringen aanbesteding in de Zorg

Het zogeheten REFIT-platform is het met De Jonge eens dat de Europese Commissie de regels snel moet evalueren en misschien moet aanpassen, schrijft de minister aan de Tweede Kamer. Maar dat duurt vaak jaren. En gemeenten en de jeugd- en thuiszorg worden ongeduldig. Daarom gaan Timmermans en De Jonge vast samen kijken of er niet wat meer ruimte binnen de huidige Europese regels valt te scheppen.

,,De zorg is geen markt, laat staan een Europese markt”, zegt De Jonge. Hij pleit sinds begin deze maand onomwonden voor het intomen van de ,,doorgeslagen” marktwerking in de gezondheidszorg.

Het kabinet vindt steun in Brussel voor het terugdringen van aanbestedingen in de zorg. De Europese anti-rompslompbrigade onder leiding van Frans Timmermans, tweede man van de Europese Commissie, raadt de commissie aan de regels snel nog eens tegen het licht te houden. Dat kan wel nog jaren duren.

Gemeenten zijn nu meestal verplicht alle zorgaanbieders in de Europese Unie de kans te geven om de jeugd- en thuiszorg voor hen te verzorgen. Maar dat is zinloos en onhandig, vindt minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. Een Poolse of Portugese zorgverlener zit helemaal niet te wachten op een opdracht in Nederland. En zou die toch voelen voor zo’n klus en de aanbesteding winnen, dan wordt samenwerken met andere betrokkenen als de gemeente en de huisarts lastig.

Bovendien bezorgt het aanbesteden gemeenten veel werk. En zorgaanbieders en patiënten kopzorgen. Want als een contract afloopt, is het niet altijd gemakkelijk om bij een vertrouwde behandelaar te blijven of soepel over te gaan naar een nieuwe.

AD 15.03.2019

Overspannen woningmarkt

Dat er iets moet gebeuren op de overspannen Haagse woningmarkt, daar is iedereen het over eens. Maar hoe? In Den Haag bijvoorbeeld, voltrekt zich een klassiek politiek debat met ‘de markt’ als grote boosdoener dan wel redder in nood.

En het gaat er hard aan toe. Zo heette VVD-politicus Jan Pronk in de Haagse raadzaal ‘een neoliberaal’ die zich nauwelijks raadslid mag noemen. En was PvdA’er Martijn Balster gefrustreerd, ‘omdat hij geen invloed meer heeft op het beleid. En ook niet meer krijgt.’

Vrije huursector aan banden

VVD-wethouder Boudewijn Revis grijpt best fors in op de huizenmarkt. Met een inkomensgrens voor huurwoningen tussen de 700 en 950 euro bijvoorbeeld. Met de bouw van middeldure huizen die ontwikkelaars 20 jaar middelduur moeten houden. En met maatregelen tegen woningsplitsing en voorrang op een woning voor mensen met onmisbare beroepen.

Maar links vindt het allemaal te liberaal. ,,U kiest voor de markt en niet voor de mensen”, moppert Balster. Hij wil dat de vrije sector meer aan banden wordt gelegd via bijvoorbeeld strenge eisen aan mensen die vrije sector-kamers of appartementen verhuren. ,,Als we het aan de markt overlaten dan wonen mensen hier straks voor 1500 euro per maand in piepkleine hokjes”, meent hij. Een ander idee: ‘een maximale huurstijging van één procent boven de inflatie zoals Utrecht doet’.

Liberaal Pronk ziet dat heel anders. ,,We komen al met een inkomensgrens voor woningen tot 950 euro huur per maand. Voor de rest is er maar één echte oplossing: bouwen, bouwen, bouwen.” Middeldure huur is in Den Haag nu een kleine markt. ,,Als marktpartijen genoeg kunnen bijbouwen, dempt de huidige prijsstijging van de woningen vanzelf.”

Den Haag bouwt 30 procent sociaal. Ofwel goedkoop. Wethouder Revis zegt het geregeld, maar op links heeft men twijfels. ,,Al jaren wordt er geen 30 procent, maar ruim onder de tien procent sociaal gebouwd. Terwijl 100.000 mensen wachten op een goedkope woning.‘’

De VVD ergert zich aan de PvdA: die maar roept dat ‘bouwen voor gewone mensen er niet meer bij is in Den Haag’. ,,Dat was onder het vorige college zo, waar u deel van uitmaakte”, zei raadslid Pronk. ,,In de plannen staan 720 sociale woningen, waar de ambitie 750 is. Dat is niet slecht.” Maar Balster gelooft niet dat het ervan gaat komen: ,,In de woontorens op de Grotiusplaats en het Spuiplein zou veel sociale huur komen. Maar toen puntje bij paaltje kwam, zei de projectontwikkelaar: ‘we hebben ons best gedaan, maar het is niet gelukt’ en zei de wethouder: ‘Oké, dan niet.”

Het rapport.

De parlementaire onderzoekscommissie-Kuiper van de Eerste Kamer, die dertig jaar privatiseringsbeleid van staatsbedrijven heeft onderzocht heeft indertijd een eindrapport (pdf).gepresenteerd.

AD 11.08.2018

En ook de Zorg ging uiteindelijk een eigen leven leiden !! Het begrip Marktwerking werd uiteindelijk een vies woord !!!

zie ook: Marktwerking in de zorg is vooral een machtsstrijd tussen politici

zie ook: Hoe geloof in marktwerking in de zorg verdween

Einde Marktwerking in de Zorg ??

Minister Hugo de Jonge wil nieuwe zorgaanbieders strenger controleren, één team van verpleegkundigen per wijk en zorg niet meer per uur vergoeden.

In een interview met het AD zegt de minister van Volksgezondheid dat het anders moet: “De marktwerking in de zorg is doorgeschoten.”

Ja, bijna 750 miljoen euro voor een pluk aandelen in Air France-KLM is een heleboel geld. Daar zul je CDA-vicepremier Hugo de Jonge niet schamper over horen doen. Maar leg die investering naast de zorguitgaven en je beseft pas goed wat een amper te bevatten zak geld er jaarlijks via zijn ministerie van Volksgezondheid wordt uitgegeven.

,,Voor het bedrag dat we aan KLM spenderen kunnen we ons drie dagen zorg permitteren”, zegt hij. ,,Drie! Laat dat eens op je inwerken. Dit jaar is in totaal 85 miljard euro beschikbaar, 5 miljard meer dan vorig jaar. Alleen al in deze kabinetsperiode komt er 16,7 miljard euro bij.”.

De Fransen werden deze week naar eigen zeggen overvallen door het besluit van de Nederlandse regering. President Macron eiste woensdag opheldering en Le Maire noemde het onbegrijpelijk. Hij vond het onfatsoenlijk dat er geen overleg was gevoerd met de Franse regering. Volgens Hoekstra kwam dat door de koersgevoeligheid van de informatie.

Bekijk ook;

Nederland neemt belang in holding Air France-KLM

Minister Hoekstra van Financiën zegt dat de staat nu ruim 12 procent van de aandelen heeft verworven. De bedoeling is dat dat nog meer wordt.

Nederland voltooit aankoop aandelen Air France-KLM

Regering wil koste wat kost voorkomen dat KLM en Schiphol afglijden

Frankrijk niet op de hoogte van kabinetsbesluit Air France-KLM, ook media verbaasd

Staat neemt belang in Air France-KLM. Wat betekent dit?

Opnieuw goed jaar KLM, topman Elbers blij na ‘moeilijke periode’

Zo groeide Schiphol van grasveld naar internationale luchthaven

Zorg op de helling

Kortom, willen we in de toekomst genoeg handen aan het bed houden, dan moet de doorgeschoten marktwerking in de zorg op de helling, stelt minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. ,,Het geloof in de markt als probleemoplosser is op de terugtocht.”

De liberale regeringspartijen reageerde met gefronste wenkbrauwen op de uitspraken van minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) op deze site over minder marktwerking en meer samenwerking in de zorg. De oppositie gaat de bewindsman aan zijn woorden houden, maar vreest dat er sprake is van verkiezingsretoriek.

De Jonge vindt dat de marktwerking in de gezondheidszorg is ‘doorgeslagen’ en moet worden ingeperkt. De CDA-bewindsman kraakt hiermee het liberale heilige huisje van keuzevrijheid voor patiënten. Het in zijn ogen ‘absolute’ recht om de eigen zorgverlener te kiezen, maakt de organisatie van de zorg volgens De Jonge echter duur en lastig. Zorgverzekeraars, zorgkantoren en gemeenten moeten in de toekomst samende hoofdverantwoordelijkheid nemen voor de gezondheidszorg in een regio.

,,De minister heeft wel wat beters te doen dan stelseldiscussies voeren, want dat is het introduceren van dominante regionale zorgspelers’’, aldus Kamerlid Arno Rutte (VVD) tegen deze site. ,,We mogen best de rotte appels in de zorg aanpakken en balans aanbrengen in de keuzevrijheid van mensen, maar wij willen niet terug naar de jaren 90; met gebrek aan keuze, lange wachtlijsten en hoge kosten.’’

Regeringspartij D66 wil de minister louter afrekenen op minder regels, meer aandacht en betere zorg ‘en niet op deze hoog-oververhalen’, meldt Kamerlid Vera Bergkamp. De sociaal-liberalen zijn het wel met De Jonge eens dat de zorg terug moet naar het gezond verstand. ,,De toegang tot de zorg is nu te complex, er is te veel bureaucratie. De patiënt moet weer centraal komen te staan met keuzevrijheid.’’

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Krokodillentranen

Ik moet het eerst zien voordat ik het geloof. Maar ik laat me graag verrassen, aldus Lilian Marijnissen (SP) over uitspraken minister De Jonge.

De PVV, de grootste oppositiepartij, beschuldigt de minister van krokodillentranen. ,,Het CDA is óveral verantwoordelijk voor: dat De Jonge bij seniorenflats allemaal verschillende auto’s ziet staan van allerhande aanbieders van wijkverpleging, is regelrecht de schuld van het CDA. In plaats van populair te doen zo vlak vóór de verkiezingen kan hij beter wetten naar de Kamer sturen om deze kolossale vergissingen terug te draaien en juist niet nóg verder gaan met zijn voorstel tot regionalisering.’’

De SP, een groot voorstander van complete afschaffing van de marktwerking in de zorg, is juist blij dat de minister de markt in de zorg niet langer heilig verklaart. ,,Maar tegelijkertijd is hij beste vrienden met premier ‘meer markt’ Rutte. Dat is erg ongeloofwaardig’’, zegt partijleider Lilian Marijnissen. ,,Dit kabinet heeft nog niets gedaan om de zorg geen markt te laten zijn, dus ik moet het eerst zien voordat ik het geloof. Maar ik laat me graag verrassen door Hugo de Jonge!’’

Terug in publieke handen

Overigens wil 50Plus de zorg ook helemaal terugbrengen in publieke handen, reageert Kamerlid Corrie van Brenk. ,,Dat heeft veel voordelen: geen reclame, geen sponsoring, geen jaarlijks overstapcircus meer.’’ GroenLinks noemt de uitspraken van de minister ‘een omslag’ en hoopt dat hij de daad bij het woord voegt. Die partij stelde afgelopen november zelf al voor om vaste tarieven voor de wijkverpleging te introduceren, net als strengere toelatingseisen voor nieuwe aanbieders.

Tot slot de PvdA. Die partij vindt het hoog tijd dat minister De Jonge het licht ziet. Kamerlid John Kerstens: ,,Want het CDA zat tot vandaag anders in de discussie. Dat de minister zich blijkbaar heeft laten inspireren door de opvattingen van de PvdA is mooi. Ik heb ’m ook onlangs  nog opgeroepen met een toekomstvisie te komen. Daar werd vanuit de coalitie, D66 voorop, wat schamper over gedaan. Benieuwd of daar het inzicht nu ook ontstaat.’’

Nasleep vanwege de zorgbezuinigingen

Verpleeghuizen hebben het kabinet notabene onlangs nog om meer zorgmiljoenen gevraagd dan er beschikbaar zijn. Minister De Jonge (Volksgezondheid) heeft voor dit jaar 600 miljoen euro op de plank liggen, terwijl de zorginstellingen eigenlijk 660 miljoen euro zouden willen krijgen. Dat blijkt uit gegevens van de zorgkantoren die het kabinetsgeld uiteindelijk gaan verdelen.

Terugblik ouderenzorg

Samen met zo’n 35 andere partijen tekende minister De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) vandaag een Pact voor de Ouderenzorg. Met het pact komen de deelnemers samen in actie om eenzaamheid bij ouderen te signaleren en doorbreken, goede zorg en ondersteuning thuis te organiseren en de kwaliteit van de verpleeghuiszorg te verbeteren.

Nederland heeft een enorm grote opgave voor de boeg op het gebied van ouderenzorg. Nu al zijn er 1,3 miljoen 75-plussers, maar in 2030 zijn dat er 2,1 miljoen. Dat betekent veel voor de manier waarop we de zorg inrichten in ons land. Een samenwerkingsverband waarin iedereen die voor en met ouderen werkt de krachten bundelt, ontbreekt nog.

Minister De Jonge: “Het verenigen van alle partijen die betrokken zijn in één ‘pact voor de ouderenzorg’ is de beste manier om samen de schouders hieronder te zetten. Natuurlijk gebeurt er al ontzettend veel in de ouderenzorg. Maar samen kunnen we nog veel meer bereiken. Met deze 35 partijen, en hopelijk worden het er meer, gaan we nu aan de slag.”

AD 14.03.2018

AD 14.03.2018

Met het Pact voor de Ouderenzorg gaat een keur aan partijen – zorgaanbieders, verzekeraars, gemeenten, bedrijven, etc. – gezamenlijk aan de slag om de zorg voor ouderen merkbaar en meetbaar te verbeteren door:

  • de trend van stijgende eenzaamheid onder ouderen te keren;
  • te zorgen dat ouderen langer thuis willen en kunnen blijven wonen, met de juiste zorg en ondersteuning;
  • de verpleeghuiszorg te verbeteren zo dat ouderen er de juiste zorg krijgen en de aandacht die zij verdienen, zoveel mogelijk vergelijkbaar met thuis.

De ondertekenaars onderstrepen met het sluiten van dit landelijk Pact voor de Ouderenzorg de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van leven van ouderen en verbinden zich aan het meedenken en meedoen met concrete plannen en acties. Het pact wordt in drie programma’s verder uitgewerkt en er worden afspraken gemaakt over de specifieke invulling van acties en wie daarvoor aan zet is. Het pact is het begin van een proces met als doel ouderen in Nederland te laten merken dat de zorg en ondersteuning voor hen, en de generaties daarna, beter wordt.

Borsts woede over de behandeling die zijn moeder onderging, inspireerde hem en onderzoeker Carin Gaemers in 2016 tot het schrijven van een open brief aan de toenmalige staatssecretaris van Volksgezondheid, Van Rijn. Daarin veroordeelden zij het tekort aan personeel in de verpleegzorg en de vele administratieve taken die de verzorgenden moesten verrichten. De patiënten kregen daardoor niet de zorg en veiligheid die ze nodig hadden.

Na aandrang van de Tweede Kamer maakte de Inspectie voor de Gezondheidszorg bekend dat 150 verpleeghuizen niet de zorg leverden waarop gerekend mocht worden.

AD 27.10.2018

AD 27.10.2018

Manifest Hugo Borst 

Hugo Borst en Gaemers schreven vervolgens het ‘manifest getiteld Scherp op Ouderenzorg. Samen met onderzoekster Carin Gaemers constateerde hij daarin dat te veel kwetsbare ouderen in verpleeghuizen niet de zorg krijgen die zij zo hard nodig hebben. Daarom werd de politiek opgeroepen om zo snel mogelijk goede zorg voor alle kwetsbare ouderen in verpleegtehuizen te waarborgen.

Het manifest kreeg meer dan 100.000 steunbetuigingen en leidde tot 2,1 miljard euro extra geld voor het verbeteren van de verpleeghuiszorg.

Minister De Jonge: “Ik zie en hoor al voorbeelden van verpleeghuizen die extra medewerkers hebben aangetrokken om meer tijd en aandacht te kunnen geven aan onze ouderen. Of hoe de regeldruk teruggedrongen wordt. Ook in de strijd tegen eenzaamheid zijn er tal van initiatieven. Van huisbezoeken bij 75-plussers, tot dansmiddagen met ‘oude’ muziek, en van breiclubs tot walking football. Deze voorbeelden maken voor ouderen een wereld van verschil.”

Kortom zij komen gezamenlijk in actie door:

  • eenzaamheid signaleren en doorbreken;
  • goede zorg en ondersteuning thuis organiseren;
  • de kwaliteit van de verpleeghuiszorg verbeteren.

Telegraaf 02.03.2019

Ziekenhuizen in de problemen

Het piept en het kraakt in Ziekenhuisland. Sluitingen, faillissementen, inkrimpingen: ze zijn aan de orde van de dag. Is de ziekenhuiszorg soms ziek?

De Telegraaf voelde zorgeconomen, politici en patiëntenorganisaties aan de tand. „Als er niemand ingrijpt en de touwtjes in handen neemt, breken we het stelsel af. En dan is de burger de klos”, vreest Dianda Veldman van de Patiëntenfederatie.

Diepe zuchten klinken nog steeds in de Tweede Kamer wanneer wordt teruggedacht aan het faillissement van het Amsterdamse Slotervaart ziekenhuis en de vier IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland. De vijf ziekenhuizen gingen eind oktober vorig jaar op de fles. Minister Bruins (Medische Zorg) liet zich erdoor overvallen en nam niet de regie. Het leverde hem een motie van wantrouwen op.

Sindsdien neemt bij de buitenwacht de onrust toe. Het roept de vraag op of de ziekenhuiszorg nog wel op orde is. Dat ook de stekker wordt getrokken uit het Haagse Bronovo ziekenhuis en er in het Drentse Hoogeveen en het Groningse Stadskanaal complete ziekenhuisafdelingen dreigen te verdwijnen helpt daar niet bij.

Zorgeconoom Michiel Verkoulen Ⓒ Hollandse Hoogte

De zorgen in de samenleving over sluitende ziekenhuizen staan in een schril contrast met de beleving van doorgewinterde zorgeconomen. Michiel Verkoulen en Xander Koolman, bijvoorbeeld. In ziekenhuisland is juist een gezonde beweging gaande, menen zij. „Ik heb geen zorgen over de ziekenhuiszorg”, zegt Verkoulen monter. Ook zijn vakgenoot Xander Koolman ziet dat de kwaliteit van Nederlandse ziekenhuizen echt wel ’op orde is’.

Schrikbarend

De uitgaven aan ziekenhuizen kennen een steile curve. Rond de eeuwwisseling stroomde er zo’n 12 miljard euro naartoe. Een jaar geleden stond de teller al op een schrikbarende 27 miljard. Het heeft met de vergrijzing te maken, hogere loonkosten, toenemende medicijnprijzen en prachtige nieuwe technieken die vaak helaas wel een stevig prijskaartje hebben.

Zorgeconoom Xander Koolman Ⓒ DIJKSTRA BV

De politiek zit ermee in haar maag. Een steeds grotere punt van de door Den Haag te verdelen taart gaat namelijk naar de zorg, het is geld dat niet naar leraren, politieagenten of andere belangrijke zaken kan.

Meer dan tien jaar geleden is daarom in samenspraak met de sector besloten om te kijken of er niet wat meer ziekenhuisbehandelingen kunnen worden overgeheveld naar huisartsen, zorgcentra in de buurt, of bij mensen thuis. Dat is goedkoper. Maar praten over geld is in de zorg nog vaak taboe. Toch moet het gebeuren, vinden Verkoulen en Koolman.

“Het ziekenhuis is een heel dure omgeving”

„Het ziekenhuis is een heel dure omgeving”, schetst econoom Verkoulen. „Terwijl een groot deel van de zorg echt niet meer in het ziekenhuis hoeft. Als we die beweging maken, is het goed voor ieders portemonnee.”

Slim

VVD-Kamerlid Arno Rutte pleit al langer voor de verhuizing van meer ziekenhuiszorg naar de huiskamer. Bij de liberaal spelen niet alleen de duizelingwekkende uitgaven aan ziekenhuiszorg een rol. „Het aantal ouderen stijgt de aankomende jaren enorm”, benadrukt hij. „Tegelijkertijd neemt het aantal mensen dat kan werken in de zorg af. Dat is een probleem waarvoor niemand kan weglopen. Ik vind dus dat we vol moeten inzetten op slimme zorg thuis.” Dat ziekenhuizen daardoor slinken, of zelfs verdwijnen, ziet hij als logisch. „Maar het is geen doel op zich.”

“We moeten vol inzetten op slimme zorg thuis”

Die slimme zorg thuis gebeurt al steeds vaker. Het gaat bijvoorbeeld om patiënten met diabetes, of longaandoeningen. Voorheen waren ze kind aan huis in het ziekenhuis. Tegenwoordig doen ze hun metingen thuis via een app. Af en toe krijgen ze een Facetime-consult van het ziekenhuis. Het is een goedkopere manier van werken. Voor patiënten is het bovendien fysiek een stuk minder belastend. Het scheelt ze heel wat ritten naar het ziekenhuis.

Arno Rutte (VVD) Ⓒ DIJKSTRA BV

CDA-Kamerlid Joba van den Berg ziet echter ook de keerzijde van de medaille van de vertimmering van ziekenhuisland. Volgens haar zijn er in grotere steden vaak meer dan voldoende ziekenhuizen. Als er daar eentje sneuvelt, is goede zorg zelden ver weg. Anders is dat in landelijk gebied. „Daar wringt het.”

Streekziekenhuizen

Wat de christendemocrate ziet gebeuren, is dat grotere ziekenhuizen de kleine streekziekenhuizen ’leeg eten’. Dat komt voort uit ooit doelbewust ingezet beleid, maar is volgens Van den Berg aan het doorslaan.

Joba van den Berg (CDA) Ⓒ DIJKSTRA BV

Lange tijd was het normaal dat in alle ziekenhuizen vrijwel alle zorg werd geleverd. Inmiddels is ingebakken dat het beter en goedkoper is om complexere zorg te concentreren. Voor een ingewikkelde urologische ingreep moet je dan misschien wat verder reizen naar een groter ziekenhuis, maar patiënten krijgen dan wel een arts die zo’n operatie vaak doet. Het betekent wel dat streekziekenhuizen kunnen besluiten om hun urologische afdeling op te doeken.

“Dit heeft veel impact op oudere mensen, mantelzorgers en bezoek”

Het CDA vindt dat een probleem, omdat patiënten nog wel in hun lokale ziekenhuis terecht moeten kunnen voor relatief eenvoudige ingrepen. „Ik zie gewoon dat topklinische ziekenhuizen dat soort zorg bij streekziekenhuizen hebben weggehaald. Is dat erg? Ja, want dat betekent dat patiënten het niet meer om de hoek kunnen laten doen. Dat heeft veel impact op oudere mensen, mantelzorgers en bezoek. Stop nou met het leegzuigen van regionale ziekenhuizen”, zegt Van den Berg.

Reisafstanden

De groeiende reisafstanden naar ziekenhuizen baren ook zorgeconoom Koolman zorgen. „Er zijn in sommige gebieden nu patiënten die twee uur met het ov moeten reizen om in een ziekenhuis te komen”, zegt hij hoofdschuddend.

De patiënten van het MC Slotervaart moesten elders hun heil zoeken. Ⓒ ANP

Hij vindt dat minister Bruins daar veel beter op moet letten en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) moet opdragen om niet alleen op de kwaliteit van ziekenhuizen te toetsen en de impact daarvan op het budget. Ook de toegankelijkheid moet door de zorgwaakhond onder de loep worden genomen, vindt hij.

“Waarom is de oplossing afbraak?”

Politieke partijen die momenteel moord en brand schreeuwen zijn PVV en SP. Zij vrezen dat wat er ooit met verzorgingstehuizen is gebeurd – sluiten uit kostenoverwegingen – nu ook met ziekenhuizen gebeurt. „We staan op een kruispunt”, stelt Fleur Agema van de PVV. „De ziekenhuiszorg is nu nog redelijk goed geregeld, maar het systeem is hartstikke kwetsbaar.” Ze wil dat er geen ziekenhuis meer op slot gaat. „Waarom is de oplossing afbraak?”, vraagt ze zich af.

Kanttekeningen

Zorgeconoom Koolman snapt de zorgen van de PVV, maar plaatst er kanttekeningen bij. „Als geld geen rol meer speelt, zou ik het ook wel met de PVV eens zijn, maar Kamerlid Agema heeft besloten dat financiën geen rol meer spelen in haar argumenten. Dat vind ik dus te makkelijk.”

Fleur Agema (PVV) Ⓒ DIJKSTRA BV

Openlijk praten over de rem zetten op ziekenhuisuitgaven wordt vaak als gevoelig ervaren. Dat geldt vooral voor de politiek, waar verkiezingen nooit ver weg zijn. In campagnestand is het nu eenmaal eenvoudiger om voor méér zorg te pleiten, dan voor artsen, ziekenhuizen en zorgverzekeraars die de hand op de knip leggen. Zorgeconoom Michiel Verkoulen zou dat graag anders zien.

“Verzekeraars vervullen een maatschappelijk belangrijke taak”

„De politiek geeft mixed signals”, stelt hij. „Iedereen is voor een lagere zorgpremie en het liefst gaat ook het mes in het eigen risico. Zorgverzekeraars moeten daarin de matigende factor zijn. Maar als verzekeraars dan wel een keer hard zijn, krijgen ze in de politiek vaak de zwarte piet toegespeeld. We betalen verschrikkelijk veel geld voor de ziekenhuiszorg. Het is belangrijk dat we het vaker voor verzekeraars opnemen. Zij vervullen een maatschappelijk belangrijke taak.”

Wachtlijsten

Vakgenoot Koolman stipt nog een andere valkuil aan: de wachtlijsten. „Het is de bedoeling dat ziekenhuizen kritischer kijken of behandelingen echt wel nodig zijn. Als ze dat niet doen en patiënten gewoon op de wachtlijst zetten, dan zullen die wachtlijsten gaan groeien. Aan de transitie die in de ziekenhuiswereld gaande is, zitten voor- en nadelen. Ik heb niet altijd het idee dat die goed worden gewogen.”

Dianda Veldman, voorzitter Patiëntenfederatie Ⓒ DIJKSTRA BV

De Patiëntenfederatie vindt dat er nu te vaak een ziekenhuis verdwijnt alleen op basis van financiële redenen. Voorzitter Veldman mist partijen die de touwtjes in handen nemen. „In de komende tien jaar gaat er nog veel veranderen, laten we daar een goed plan voor maken.”

“Misschien zijn in Nederland veertig ziekenhuizen wel genoeg?”

Ze noemt Denemarken als voorbeeld. Daar zijn ze aan de tekentafel gaan kijken hoeveel ziekenhuizen met bepaalde functies er nodig waren. „Misschien zijn in Nederland veertig ziekenhuizen wel genoeg?” Veldman mist uiteindelijk dat er echt iemand de baas is. „Iemand moet de regie pakken”, vindt ze. Daarbij kijkt ze naar de politiek. Het is een verwijt dat zorgminister Bruins allerminst nieuw in de oren zal klinken.

ZEVEN OORZAKEN VAN KRIMP IN ZIEKENHUISLAND;

Personeelstekort

Ziekenhuizen hebben moeite met het aantrekken van personeel, met name gespecialiseerde verpleegkundigen voor spoedeisende hulp en intensive care. Dat legt druk op de organisatie, soms ontstaan er al wachtlijsten of moeten patiënten worden geweigerd omdat er te weinig personeel is. Ook moet er extern worden ingehuurd en dat is veel duurder.

Zorg naar huisarts of huis

Om kosten te beheersen en het patiënten gemakkelijker te maken, wordt al enkele jaren ingezet op verschuiving van zorg uit het ziekenhuis. Bestralingen, diabeteschecks en spiraaltjesplaatsingen kunnen goedkoper bij de huisarts of soms zelfs thuis. Handig, maar als complexe behandelingen naar grote ziekenhuizen verdwijnen en eenvoudige behandelingen naar de huisarts, dan zet dat druk op kleine ziekenhuizen.

Bestuursellende

Bij de faillissementen van het Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen waren er twijfels over de rol van bestuurders die ook aandeelhouder waren. Dubbele petten en meerdere financiële belangen zouden dwarszitten. Bij andere ziekenhuizen vinden ze lastig nieuwe bestuurders, omdat ervaren artsen terugvallen onder de balkenendenorm als ze bestuurder zouden worden. En niet in elk ziekenhuis staan de neuzen van specialisten, die als ondernemers zich laten inhuren, en bestuur dezelfde kant op.

Innovatie

Er kan steeds meer, dus doen we ook steeds meer. Maar de meest ingewikkelde operatierobots kunnen niet door elk ziekenhuis worden aangekocht omdat er weinig ruimte is voor investeringen. Door innovaties verplaatsen zich dus steeds meer behandelingen naar de grotere ziekenhuizen.

Banken

Ziekenhuizen kunnen failliet gaan, weten banken sinds een jaar of vijf ook. Voorheen vingen overheid en zorgverzekeraars dat op, nu niet meer. Daarom betalen ziekenhuizen hoge tarieven voor leningen bij banken en wil geen bank ze meer volledig financieren. Dit zorgt ervoor dat investeringen in regioziekenhuizen erg lastig en duur zijn.

Zorgstelsel

In 2006 ging het huidige zorgstelsel in. Voor velen zijn de gereguleerde marktwerking en de rol van de zorgverzekeraars mikpunten als het gaat om problemen van ziekenhuizen. Verzekeraars onderhandelen als kostenbeheersers scherp met ziekenhuizen over contracten, op kwaliteit en prijs. Als een ziekenhuis relatief duur is of iets minder goede kwaliteit levert, verliest die de concurrentiestrijd en kost dat uiteindelijk ook patiënten.

Kwaliteitseisen

Als arts moet je sinds enkele jaren een complexe behandeling een minimum aantal keren per jaar uitvoeren. Door die strengere eisen, die waarschijnlijk betere zorg opleveren, verdwijnen veel complexe behandelingen uit kleine ziekenhuizen. Uiteindelijk raken de kleinere ziekenhuizen leger en leger, tot ze zich laten overnemen door een groot ziekenhuis of tot sluiting.

Bekijk meer van; ziekenhuizen patiënten  mc slotervaart  patiëntenfederatie nederland

Telegraaf 30.10.2018

Ziekenhuizen failliet, geen redding meer voor MC Slotervaart Live

  • De IJsselmeerziekenhuizen, met vestigingen in Lelystad, Emmeloord, Urk en Dronten, zijn vanochtend failliet verklaard. Ook het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam is failliet
  • In de IJsselmeerziekenhuizen liggen nog zo’n 80 à 85 mensen. In het Slotervaartziekenhuis lagen gisteren nog 74 mensen, die uiterlijk morgen om 15.00 uur naar andere ziekenhuizen zijn verplaatst
  • De zorgverzekeraars hebben een boedelkrediet afgegeven voor het afbouwen van de zorg
  • De Tweede Kamer komt niet terug van reces om te debatteren over het faillissement

AD 26.10.2018

Hoe het zover is gekomen is nog onduidelijk, maar het failliete MC IJsselmeerziekenhuizen stond flink in de rode cijfers .

Het failliete MC IJsselmeerziekenhuizen heeft een totale schuld openstaan van meer dan 50 miljoen euro. Ruim 500 schuldeisers hebben zich gemeld. De grootste schuldeiser is de bank ING.

Dat blijkt uit het eerste openbare faillissementsverslag. Het onderzoek van de curatoren naar de oorzaken van het faillissement is nog bezig. De uitkomsten van dat onderzoek zullen in volgende verslagen aan bod komen.

Een andere grote schuldeiser die de curatoren noemen is de stichting Waarborgfonds voor de Zorgsector (WfZ). Ook is het ziekenhuis nog vier miljoen euro aan loon- en inkomstenbelasting verschuldigd.

lees: eindrapportage toezicht igz op 150 verpleegzorginstellingen 07.2016

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

NS ProRail weer terug naar de Overheid

Het kabinet ging het zelfstandig ondernemen van ProRail beëindigen. Vooral vanwege de overlast op het spoor en de onverwachte tekorten, werd de privatisering teruggedraaid.

De NOS meldde op basis van Haagse bronnen dat het kabinet 14.10.2016 akkoord ging met het voorstel van staatssecretaris Sharon Dijksma (Infrastructuur en Milieu, PvdA) dat ProRail wordt ondergebracht bij het ministerie van Infrastructuur.

De beslissing werd vrijdag 21.10.2016 officieel bekendgemaakt.

In een brandbrief waarschuwde de spoorsector het kabinet nog wel voor overhaaste beslissingen. “In het belang van ruim één miljoen dagelijkse spoorreizigers, de Nederlandse industrie en de spoorsector doen wij een beroep op u om niet over één nacht ijs te gaan.” De brief is ondertekend door acht organisaties waaronder de NS, Koninklijk Nederlands Vervoer, FNV Spoor en reizigersorganisatie Rover.

ProRail legde zich dus uiteindelijk neer bij de plannen van staatssecretaris Dijksma (Infrastructuur) om de spoorbeheerder onder de vleugels van de overheid te brengen.

Van ProRail werd een zelfstandig bestuursorgaan (zbo) gemaakt. Het bedrijf is verantwoordelijk voor het beheer, de aanleg, het onderhoud en de veiligheid van de Nederlandse spoorwegen.

De laatste jaren is de staat alleen aandeelhouder geweest, maar het Rijk is wel verantwoordelijk voor het grootste deel van de 2,5 miljard euro die de BV jaarlijks ontvangt.

Het kabinet hoopt dus vooral op meer controle: voorgaande jaren werd het geconfronteerd met een dreigend tekort van bijna een half miljard euro.

Dat bleek uit een brief van de Raad van Commissarissen (RvC) en Raad van Bestuur van ProRail aan de staatssecretaris. In de brief, die in handen is van De Telegraaf, schreef de top de keuze van het kabinet te respecteren en mee te zullen werken aan de uitwerking en invulling van de plannen. Dit in tegenstelling tot de  eerdere reactie van ProRail waar ook nogal wat bezwaar leek mbt de bemoeienis van het ministerie.

Kamer medeverantwoordelijk NS ProRail
De commissie constateert bij de slotconclusies dat de grote ambities van een supersnelle internationale trein naar België niet zijn waargemaakt, terwijl daar wel een peperdure spoorlijn voor is neergelegd. De Tweede Kamer, die steeds de keuzes van het kabinet en de NS steunde, is daarvoor medeverantwoordelijk.

Lees een uitgebreide analyse van Sander Heijne (+).

Inmiddels is dus duidelijk geworden waarom Mansveld opstapt naar aanleiding van het rapport. 

Lees hier de samenvatting van het rapport; Open pdf (429,3 kB)

Het failliete MC Zuiderzeeziekenhuis uit Lelystad heet vanaf nu het St Jansdal. Afgelopen nacht is er hard gewerkt om de eerste poli’s vandaag alweer te openen.

Zie ook: Het Fyra-debacle dondert verder – deel 2

Zie ook: Het Fyra-debacle dondert verderdeel 1

zie ook: De parlementaire enquêtecommissie Fyra 28.10.2015 – Eindrapport

zie ook: Privatisering van o.a. ProRail en de NS een groot succes !! of niet ?? – deel 4

De kwestie met de woningcorporaties

Wat ging er mis bij Vestia?

Aanleiding voor het parlementaire onderzoek was het derivatendrama bij Vestia. Dat illustreert volgens de commissie treffend de valkuilen van de corporatiesector: een bestuur met een vaak te machtige voorzitter, en commissarissen die aan die “dominante” bestuurder geen tegenwicht bieden. Bovendien is het externe toezicht onder de maat.

Parlementair onderzoek woningbouwcorporaties – Conclusie

En dan hebben we het nog niet eens gehad over de financiele problemen met het verzelfstandigde UWV.

De ondernemingsraad van uitkeringsdienst UWV wil een ict-project tegenhouden door naar de rechter te stappen. Het personeel stoort zich aan salarissen voor ict-managers en vreest dat het project gedoemd is om te mislukken. Dat bevestigt de organisatie na een bericht in de Volkskrant. De krant heeft interne documenten van de uitkeringsdienst in handen.

De ondernemingsraad van uitkeringsinstantie UWV vreest dat het nieuwste automatiseringsproject een strop gaat worden van maar liefst een half miljard euro.

Daarmee zou het zoveelste project de mist in gaan en miljoenen over de balk worden gesmeten. De ondernemingsraad vindt dat er ook veel te hoge salarissen worden betaald aan de mensen die het project moeten gaan trekken.

Bekijk ook:

Minister gaat jongste affaire UWV uitzoeken

Het UWV heeft sterk verouderde ICT en slaagt er al decennia lang niet in alles op de rails te krijgen. In 2004 bouwde Capgemini aan een systeem dat 14 miljoen euro moest kosten, maar uiteindelijk kwam de rekening uit op 400 miljoen euro.

Bekijk ook:

UWV erkent fouten met Poolse fraudeurs

In 2008 werd een nieuw systeem voor arbeidsongeschiktheidsuitkeringen gestopt terwijl al 90 miljoen was uitgegeven. Jaarlijks spendeert het UWV 250 miljoen euro aan automatisering uit, zo schrijft De Volkskrant.

De ondernemingsraad wil nu voorkomen dat er weer vier nieuwe directeuren worden aangenomen voor de nieuwste projecten. De krant sprak twee anonieme werknemers die zeggen dat het al ’2,5 jaar pure chaos is die maar niet naar buiten komt’.

Bekijk ook:

’Verpleegkundigen UWV strooiden met levenslange uitkeringen’

Bekijk ook;

Systeembouwer: ‘UWV doet vrijwel niets aan fraudeopsporing’

UWV moet beveiliging systemen verbeteren op straffe van dwangsom

Twee jaar uitstel voor wet die mensen met schulden moet helpen door ICT-problemen

zie ook: Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 3

lees: Rapport verzelfstandiging

en verder ook: Onderzoekscommissie verzelfstandiging (Privatisering) van overheidsdiensten – eindrapport

zie: Onderzoekscommissie verzelfstandiging (Privatisering) van overheidsdiensten

zie ook: Privatisering – het eerste parlementair onderzoek in de Senaat.

Marktwerking
Marktwerking – Wikipedia

Marktwerking

Minister De Jonge wil marktwerking in de zorg weer inperken

De Jonge knaagt verder aan marktwerking in de zorg

‘Marktwerking in de zorg is doorgeslagen’ |

Meer voor marktwerking

Marktwerking – Wikipedia

Wie profiteert er van marktwerking in de zorg?

Betekenis-definitie marktwerking: Een eenduidige definitie is er niet …

‘Marktwerking in de zorg is doorgeslagen’

Minister De Jonge wil marktwerking in de zorg weer inperken

Marktwerking in de zorg, wat betekent dat eigenlijk?

Minister De Jonge: ‘Marktwerking in de zorg is doorgeslagen’

Betekenis marktwerking

vrije marktwerking

voorbeeld vrije marktwerking

marktwerking engels

marktwerking maatschappijleer

marktwerking onderwijs

marktwerking ziekenhuizen

marktwerking overheid

marktwerking in de zorg vvd

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende

Privatisering is het proces waarbij het eigendom van bedrijven en diensten overgaan van overheid naar de particuliere sector. Daarbij wordt publiek eigendom (zoals een staatsbedrijf) in particuliere handen gebracht.

Privatisering – Wikipedia

Privatisering – Wikipedia

Privatisering – 16 definities – Encyclo

Privatiseren – 9 definities – Encyclo

Wat is privatisering? – Marketingtermen.nl

Schooltv: Privatisering – De voor- en nadelen

Ziekenhuizen en de keerzijde van privatisering – Veren Of Lood

Privatisering wordt wereldwijd weer volop teruggedraaid | TROUW

Privatisering Holland Casino voorlopig van de baan | NU – Het laatste …

Mogelijk privatisering van weekmarkt Weert (Laar)

Meer voor privatisering

Privatisering van de energiemarkt | Essent

privatisering ns betoog

verschil liberalisering en privatisering

privatisering engels

marktwerking en privatisering

mislukte privatisering

privatisering ptt

welke bedrijven zijn geprivatiseerd

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende

Verzelfstandiging bij de overheid is het proces waarbij een overheidsbedrijf wordt omgevormd in een zelfstandig publiekrechtelijk of privaatrechtelijk bedrijf. Het wordt dan bestuurd door een eigen directie en niet meer door (top)ambtenaren.

Verzelfstandiging – Wikipedia

Verzelfstandiging – Wikipedia

Verzelfstandiging – 5 definities – Encyclo

Verzelfstandiging van uw organisatie: tips en advies! 

Betekenis verzelfstandiging

Verzelfstandiging | Kennisbank Openbaar Bestuur

Verzelfstandiging en privatisering / adviesrecht OR – SBI Formaat

Besliskader privatisering en verzelfstandiging | Kenniscentrum …

Leidraad Externe Verzelfstandiging – Overheid.nl

Lessen uit verzelfstandiging | Wiardi Beckman Stichting

wat is een overheids nv

liberalisering

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende

En nog meer;

Prijs marktwerking is te hoog voor samenleving

AD 07.11.2019 Nederlanders zien een overheid die niet aan hun kant staat, stelt Lilian Marijnissen, fractievoorzitter van de SP in de Tweede Kamer, samen met een zorgverlener, een boer en een leraar. Er wordt nu een hoge prijs betaald voor marktwerking en schaalvergroting.

Wat hebben een boer, een zorgverlener en een leraar gemeen? Het klinkt als het begin van een slechte mop uit de jaren 80 of 90. Het is ook precies die periode waar we naar terug moeten om te begrijpen waar de boosheid én actiebereidheid van zovelen nu vandaan komt.

Het kabinet gaat gewoon door op de ingeslagen weg en fundamente­le veranderin­gen blijven uit !!

In die decennia bekeerden politici, van links tot rechts, zich massaal tot het neoliberale geloof. Als een soort heilige drie-eenheid van de Vader, Zoon en Heilige Geest, met marktwerking, bezuiniging en zelfregulering.

De verzorgingsstaat werd afgebroken en publieke voorzieningen werden aan de markt overgelaten. Onder invloed van het neoliberalisme werd schaalvergroting de standaard: scholen werden leerfabrieken, zorginstellingen moesten fuseren en in de veehouderij werd de megastal de norm om als boer te kunnen overleven.

Alles onder de dekmantel van ‘efficiëntie’, maar in de praktijk was de menselijke maat zoek en nu betalen de samenleving, onze aarde en dieren een zware prijs voor deze schaalvergrotingsdrang. Nederland verkeert in crisis: een wooncrisis, een stikstofcrisis, een publieke sector in crisis.

Het is onvoorstelbaar dat de regering hier nog niet het begin van een oplossing voor heeft gevonden. Er lijken nu, onder druk van alle acties, wat kleine eenmalige stappen te worden gezet, maar dit kabinet gaat gewoon door op de ingeslagen weg en fundamentele veranderingen blijven uit.

Wat hebben een boer, een zorgverlener en een leraar gemeen? Dat zij een overheid zien die er niet voor hen is, die niet aan hún kant staat. Zij delen de terechte verontwaardiging dat zij niet een eerlijk deel van de welvaart krijgen. Dat zij de prijs betalen.

Maar ze hebben meer gemeen: als ze samen opstaan is echte verandering mogelijk.

De belangen van mensen moeten weer voorop komen te staan. Er is een hoop te doen, maar het kan. Er is namelijk een alternatief.

Vanaf nu dringen we de markt terug en investeren we in dat wat van ons allemaal is: goede zorg, goed onderwijs, betaalbare woningen, betaalbaar openbaar vervoer en duurzame energie. We geven de zeggenschap aan de mensen die het werk doen.

Aan de leerkrachten voor de klas in plaats van de bestuurders van grote scholenkoepels. Aan de thuiszorgmedewerker in de wijk in plaats van de zorgverzekeraar. Aan de agent op straat, in plaats van de bureaucratie. En we pakken de zeggenschap terug daar waar die nodig is: over onze energiebedrijven, volkshuisvesting, publieke sector en ons openbaar vervoer.

Wat hebben een boer, een zorgverlener en een leraar met elkaar gemeen? Ze hebben een prachtig beroep dat wordt uitgehold. Maar ze staan nu op voor de toekomst van dat beroep. En terecht.

Ina Kreuning is zorgverlener, Martine Lokhorst is leraar, Lilian Marijnissen is fractievoorzitter van de SP in de Tweede Kamer en Martijn van Middelaar is boer.

Kabinet weert marktwerking uit ambulancezorg

AD 25.06.2019 Iedereen moet goede spoedeisende ambulancezorg krijgen en houden, vindt het kabinet. Dus mogen de huidige aanbieders die levensbelangrijke dienst ook vanaf 2021 blijven leveren. Marktwerking wordt voorkomen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Ambulancemedewerkers werken samen met huisartsen, spoedeisende hulpafdelingen en andere partners. Die moeten elkaar goed kunnen vinden en afspraken kunnen maken voor langere tijd, vindt de bewindsman ook. ,,Wisseling van aanbieders van ambulancezorg past daar niet bij.’’

Meldkamer

Aanwijzen van aanbieders moet zorgen voor permanente topkwali­teit, aldus Minister Bruins, in een Kamerbrief .

Nu is Nederland verdeeld in 25 ambulanceregio’s, met allemaal één regionale ambulancevoorziening. Er zijn tien publieke dienstverleners, vijf coöperaties, vijf stichtingen en vijf bv’s. Zij bieden zowel spoedeisende als planbare ambulancezorg en houden een meldkamer in stand.

Dit gaat veranderen: verschillende veiligheidsregio’s gaan samenwerken in maximaal tien landelijke meldkamers, bemand door onder meer ambulancepersoneel. Daarnaast gaat de minister in een wet de huidige aanbieders aanwijzen om de ambulancezorg voor onbepaalde tijd te bieden.

Dat kan volgens Brussel niet zomaar, want normaal gesproken moet de markt dan zijn werk doen en kunnen allerlei partijen zich aanbieden als nieuwe dienstverlener. Bruins gaat wisselingen in de zorg voorkomen door de ambulancezorg aan te merken als ‘niet-economische dienst van algemeen belang’. ,,Dan is er geen sprake van een markt en geldt de regelgeving voor mededinging en aanbesteding niet.’’

Geen gele taxi

Het gaat allang niet meer om een gele taxi, maar om een fantas­tisch uitgerust vervoermid­del met hooggekwa­li­fi­ceerd personeel aan boord, aldus Bruins, Zorgminister.

De bewindsman vindt het belangrijk om te benadrukken dat hier sprake is van een bijzondere situatie. ,,Het gaat allang niet meer om een gele taxi, maar om een fantastisch uitgerust vervoermiddel met hooggekwalificeerd personeel aan boord. Dat moet altijd zo blijven; een aanbesteding kan leiden tot een situatie waarin mensen minder hun best gaan doen als het contract niet verlengd dreigt te worden.’’

De overheid is en blijft ook vanaf 2021 een strenge waakhond: ze bepaalt de regio-indeling, wijst één aanbieder in de regio aan en legt die aanbieder een leverplicht op. Bepaalde zorgverzekeraars moeten namens alle verzekeraars de ambulancezorg inkopen bij de huidige aanbieders.

Eind 2018 kwam Bruins, samen met Ambulancezorg Nederland en de zorgverzekeraars, al met een actieplan om de druk op de ambulancezorg te verlagen. Personeel in het land legde afgelopen jaren meermaals het werk neer uit protest tegen de nijpende situatie. De hulpvraag neemt, mede door de vergrijzing, toe en het is steeds moeilijker om daar op het juiste moment door de juiste zorgverlener aan te beantwoorden.

Het plan voorziet in verbetering van de responstijden voor spoedeisende ambulancezorg. Maar ook is het de bedoeling dat alleen een ambulance wordt gebruikt waar het echt moet, andere zorg waar het kan. Voorop staat: de patiënt ontvangt minimaal even goede of zelfs betere zorg.

Voldoende professionals

Alle partijen willen verder voldoende professionals rekruteren die goed moeten zijn toegerust op hun belangrijke taak. En er moeten expliciete kwaliteitseisen komen waaraan de ambulancezorg moet voldoen, zoals eisen aan opleiding en patiëntveiligheid. Ook worden de budgetten en tarieven sterk in de gaten gehouden.

Bruins geeft aan dat de branche zelf bezig is met het opzetten van een set kwaliteitseisen. ,,Die hoop ik al binnenkort te krijgen. Daarna ga ik kijken of het plaatje compleet is.”

Het maakt de minister voor Medische zorg niet uit of de aanbieders straks publiek of privaat werken. ,,Ze moeten allemaal van fantastische kwaliteit zijn. Want de druk neemt inderdaad toe, maar toch moeten de responstijden oké blijven. Dat is nu meestal al het geval. Complimenten dus voor het harde werken van het ambulancepersoneel!”

‘Op bepaalde terreinen is de marktwerking doorgeschoten’

AD 06.05.2019 De marktwerking in de zorg is nog altijd een zegen ten opzichte van het stelsel dat we daarvoor hadden, betoogt voormalig CDA-minister Ab Klink. Als bestuurder van zorgverzekeraar VGZ verzet hij zich tegen gemakzuchtige kritiek.

Een minister van Volksgezondheid is als je niet oppast twee keer een held, zegt Ab Klink. De eerste keer is als hij de marktwerking in de zorg beteugelt. In die context zou je ook de recente uitspraak van CDA-minister Hugo de Jonge kunnen plaatsen. Die stelde onlangs dat de marktwerking in de zorg is doorgeschoten.

Al die verschillende autootjes iedere ochtend voor seniorenflats, bestuurd door wijkverpleegkundigen die op een markt met elkaar moeten concurreren, zijn de bewindsman een doorn in het oog.

,,Maar er is ook een tweede keer”, zegt Klink. ,,Meestal zo’n tien jaar later, wanneer er nieuwe wachtlijsten zijn ontstaan, omdat elke prikkel om de beste zorg zo goedkoop mogelijk te organiseren is verdwenen. En dan krijgt de minister juist lof voor plannen voor méér marktwerking.”

Jorritsma gehoord over kartelvorming bij nutsbedrijven

AD 23.03.2019 VVD-prominent Annemarie Jorritsma wordt komende maand onder ede gehoord over vermeende kartelafspraken tussen de elektriciteit- en gasnetbeheerders Stedin en Alliander. Bij die laatste is Jorritsma president-commissaris. ,,Niks aan de hand”, zegt ze zelf.

De ernstige beschuldiging van kartelvorming aan het adres van de twee netbeheerders blijkt uit processtukken in handen van De Telegraaf. Alliander en Stedin zouden in 2018 hebben afgesproken elkaar niet te beconcurreren en Nederland daarbij hebben verdeeld in gebieden. Stedin is netbeheerder voor gas en elektriciteit in Zuid-Holland, Utrecht, regio Amstelland, Kennemerland en Noordoost Friesland.

Rotterdam-Westland

Jorritsma, sinds 2016 voorzitter van de raad van commissarissen van Alliander, moet onder ede getuigen bij de rechtbank in Arnhem. Dit omdat het hoofdkantoor van het nutsbedrijf in de stad is gevestigd. Ook de rest van de bestuurstop wordt onder ede gehoord over veronderstelde afspraken.

De getuigenverhoren maken deel uit van een procedure over de voorgenomen aanleg van een leidingennetwerk tussen Rotterdam en het Westland. Via dat netwerk zou restwarmte en CO2 uit de Rotterdamse haven worden getransporteerd naar tuinders. Glastuinbouwbedrijven zouden op die manier duurzaam worden verwarmd met restwarmte in plaats van met gas.

Alliander en het Westlandse bedrijf WBW werkten sinds 2017 intensief samen om dit leidingennet te realiseren. Maar afgelopen zomer trok Alliander plotseling de stekker uit de samenwerking. De Westlanders eisen nu een schadevergoeding. Warmtebedrijf WBW begreep eerst niet wat de aanleiding voor Alliander was om af te haken. „Nadien begrepen zij dat door Alliander op concernniveau concurrentiebeperkende afspraken met andere netbeheerders zijn gemaakt”, citeert De Telegraaf uit de beschikking van de kantonrechter.

Jorritsma zou hebben bevestigd dat er op het hoogste niveau verboden afspraken zijn gemaakt tussen de netbeheerders. Dat zou ze afgelopen najaar bij haar thuis in Almere hebben gedaan tegenover voormalig ING-bestuurder Jan Zegering Hadders (óók VVD). Hij treedt op als onderhandelaar namens WBW.

Jorritsma bevestigt dat er een conflict is met Stedin maar volgens haar werden geen afspraken gemaakt over verdeling van de markt. ,,Want dan moet je ook een markt hebben en daarvan is hier geen sprake. Bovendien is de raad van commissarissen helemaal niet bij deze zaak betrokken. Dit is niet van een omvang waar de commissarissen zich mee bezighouden’’, zegt ze in De Telegraaf .

Boetes

Het maken van afspraken die concurrentie verhinderen, beperken of vervalsen is verboden. Dit omdat de gevolgen groot zijn. Door het ontbreken van concurrentie blijft de prijs hoog, hoeven bedrijven zich niet te onderscheiden door de kwaliteit van hun product en krijgen ze geen prikkels om hun aanbod uit te breiden.

De Autoriteit Consument en Markt (ACM) controleert of bedrijven de concurrentie beperken. Bij overtreding van de Mededingingswet kan de ACM boetes opleggen. Die bedragen maximaal 450.000 euro voor bestuurders en leidinggevenden. Voor bedrijven geldt hetzelfde bedrag tenzij de jaaromzet hoger is dan 4,5 miljoen euro. Dan kan het boetebedrag oplopen tot 10 procent van die omzet. Het kabinet wil deze boetes verhogen om kartelvorming tegen te gaan, staat op rijksoverheid.nl

Jorritsma gehoord over kartelvorming

MSN 23.03.2019 VVD-prominent Annemarie Jorritsma wordt komende maand onder ede gehoord over vermeende kartelafspraken tussen de elektriciteit- en gasnetbeheerders Alliander – waar Jorritsma president-commissaris is – en concurrent Stedin. „Niks aan de hand”, zegt ze zelf.

De ernstige beschuldiging van kartelvorming aan het adres van de twee netbeheerders blijkt uit processtukken in handen van De Telegraaf.

Zo bepaalde de rechtbank in Arnhem onlangs dat behalve Jorritsma ook de bestuurstop van Alliander als getuige onder ede gehoord moet worden over veronderstelde afspraken.

„Er is geen sprake van marktverdeling”, reageert Annemarie Jorritsma.

„Er is geen sprake van marktverdeling”, reageert Annemarie Jorritsma. Ⓒ ANP

Jorritsma onder vuur

Telegraaf 23.03.2019 Tijdens een netbeheerdersoverleg in 2018 zouden netbeheerders Alliander en concurrent Stedin Nederland hebben verdeeld in gebieden waar zij elkaar niet zullen beconcurreren. Dergelijke afspraken zijn bij wet verboden, aangezien daarmee de concurrentie tussen marktpartijen wordt beperkt. Bij overtreding worden door de overheid zware boetes opgelegd.

De procedure waarin de rechtbank besloot tot het genoemde getuigenverhoor, draait om de voorgenomen aanleg van een leidingennetwerk tussen Rotterdam en het Westland, waar restwarmte en CO2 uit de Rotterdamse haven worden getransporteerd naar tuinders. Glastuinbouwbedrijven zouden op die manier duurzaam worden verwarmd met restwarmte in plaats van met gas.

Sinds 2017 werkten Alliander en het Westlandse bedrijf WBW intensief samen om dit leidingennet te realiseren. Maar afgelopen zomer trok Alliander plotseling de stekker uit de samenwerking. De Westlanders eisen nu een schadevergoeding.

Aanleiding

Warmtebedrijf WBW begreep eerst niet wat de aanleiding voor Alliander was om af te haken. „Nadien begrepen zij dat door Alliander op concernniveau concurrentiebeperkende afspraken met andere netbeheerders zijn gemaakt”, schrijft de kantonrechter in zijn beschikking.

En Annemarie Jorritsma (VVD-fractievoorzitter in de senaat) heeft het bestaan van de kartelafspraken ook bevestigd, stelt ex-ING-bestuurder Jan Zegering Hadders (óók VVD), die optreedt als onderhandelaar namens het Westlandse bedrijf. Onderhandelaar Zegering Hadders ging afgelopen najaar bij Jorritsma thuis in Almere langs om haar te confronteren met geruchten over kartelafspraken.

„In het bijzijn van haar echtgenoot heeft zij bevestigd dat er tussen netbeheerders op het hoogste niveau verboden afspraken zijn gemaakt. Twee dagen voor de abrupte beëindiging van de samenwerking zou een netbeheerdersoverleg hebben plaatsgevonden, waar onder anderen Marc van der Linden (bestuursvoorzitter Stedin) en Ingrid Thijssen (bestuursvoorzitter Alliander) aanwezig waren.

Bij die bespreking zou door Van der Linden en Thijssen zijn afgestemd dat Alliander haar activiteiten in het Westland zou staken. Bovendien zou de voltallige raad van commissarissen van Alliander van de afspraken op de hoogte zijn”, staat in het verslag van de ex-bankier te lezen.

Gevraagd naar de juistheid van dit verslag laat Zegering Hadders telefonisch weten dat het inderdaad zo is gegaan. „Het lijkt me niet handig om voorafgaand aan het getuigenverhoor inhoudelijke uitspraken te doen, maar haar man zat tijdens ons gesprek in een zijkamer met een open verbinding, dus hij kreeg alles mee. Mevrouw Jorritsma zei na het gesprek te begrijpen dat ze actie moest ondernemen. Wij hebben echter sindsdien niets meer gehoord van Alliander”, aldus Zegering Hadders.

„Ik ga echt niet communiceren via De Telegraaf”, verzucht Annemarie Jorritsma als haar om commentaar wordt gevraagd. Wel wil ze bevestigen dat er sprake is van een conflict. „Ze hebben vast gedacht: ’er is een politicus bij betrokken, daar haal je de pers wel mee’.

Maar het klopt niet wat er wordt beweerd. Er is in ieder geval geen sprake van marktverdeling, want dan moet je ook een markt hebben en daar is hier geen sprake van. Bovendien is de raad van commissarissen helemaal niet bij deze zaak betrokken. Dit is niet van een omvang waar de commissarissen zich mee bezighouden.”

Volgens hoogleraar regulering energiemarkten Machiel Mulder van de Rijksuniversiteit Groningen is er overigens wel degelijk een markt als het gaat om de ontwikkeling van de warmtenetwerken. „Daarvoor kunnen meerdere bedrijven zich inschrijven. Die markt valt weg zodra de infrastructuur er eenmaal is.”

Woordvoerders van Alliander en Stedin zeggen dat hun bedrijven zich niet herkennen in de beschuldiging. „Maar wij willen niet inhoudelijk reageren zolang de zaak onder de rechter is”, aldus de Alliander-zegsman. Kartelwaakhond ACM wil evenmin reageren. „Rechtbank Arnhem is nu aan zet”, aldus een ACM-woordvoerder.

Bekijk meer van; netbeheerders  commissarissen  kartels  kartelvorming

Steun voor terugdringen aanbestedingen in zorg

ANP 18.03.2019 Het kabinet vindt steun in Brussel voor het terugdringen van aanbestedingen in de zorg. De Europese anti-rompslompbrigade onder leiding van Frans Timmermans, tweede man van de Europese Commissie, raadt de commissie aan de regels snel nog eens tegen het licht te houden. Dat kan wel nog jaren duren.

Gemeenten zijn nu meestal verplicht alle zorgaanbieders in de Europese Unie de kans te geven om de jeugd- en thuiszorg voor hen te verzorgen. Maar dat is zinloos en onhandig, vindt minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. Een Poolse of Portugese zorgverlener zit helemaal niet te wachten op een opdracht in Nederland. En zou die toch voelen voor zo’n klus en de aanbesteding winnen, dan wordt samenwerken met andere betrokkenen als de gemeente en de huisarts lastig.

Bovendien bezorgt het aanbesteden gemeenten veel werk. En zorgaanbieders en patiënten kopzorgen. Want als een contract afloopt, is het niet altijd gemakkelijk om bij een vertrouwde behandelaar te blijven of soepel over te gaan naar een nieuwe.

Het zogeheten REFIT-platform is het met De Jonge eens dat de Europese Commissie de regels snel moet evalueren en misschien moet aanpassen, schrijft de minister aan de Tweede Kamer. Maar dat duurt vaak jaren. En gemeenten en de jeugd- en thuiszorg worden ongeduldig. Daarom gaan Timmermans en De Jonge vast samen kijken of er niet wat meer ruimte binnen de huidige Europese regels valt te scheppen.

,,De zorg is geen markt, laat staan een Europese markt”, zegt De Jonge. Hij pleit sinds begin deze maand onomwonden voor het intomen van de ,,doorgeslagen” marktwerking in de gezondheidszorg.

Het MC Zuiderzee in Lelystad ANP

‘Oud-specialisten bedreiging voor nieuw Sint Jansdal in Lelystad’

Tien oud-medewerkers van het oude MC Zuiderzee zijn voor zichzelf begonnen en concurreren om dezelfde patiënten.

NOS 09.03.2019 Is Lelystad groot genoeg voor meerdere zorgaanbieders die elkaar beconcurreren? Dat moet nog blijken, zegt kaakchirurg Pieter Steinmetz. Hij is een van de specialisten die na het vertrek bij het oude MC Zuiderzee ziekenhuis in Lelystad hun werk voortzetten bij een nieuwe kliniek.

Steinmetz nam daarbij een deel van de patiënten van het oude ziekenhuis mee naar Kaakchirurgie Lelystad, een kliniek die op een steenworp afstand van het nieuwe St Jansdal ligt. Het ziekenhuis maakt zich zorgen over nieuwe zorgaanbieders als deze, schrijft Trouw.

Bedreiging voor de zorg in Lelystad

Op 1 maart kreeg het oude MC Zuiderzee een nieuwe naam: ziekenhuis St Jansdal. De ziekenhuisgroep uit Harderwijk zorgt ervoor dat het ziekenhuis in afgeslankte vorm verder kan in Lelystad. Er zijn alleen nog dagopnames mogelijk, en de spoedeisende hulp is vervangen door een spoedpoli.

Niet al het oude personeel van MC Zuiderzee is meegegaan tijdens de overname. Enkele specialisten van poli’s zoals die van kaakchirurgie, reumatologie en orthopedie moesten vertrekken. Een deel van hen is nu voor zichzelf begonnen, vaak bij klinieken die dichtbij het ziekenhuis liggen.

Op 25 oktober worden de IJsselmeerziekenhuizen failliet verklaard. Het gaat om de ziekenhuizen in Lelystad, Emmeloord, Urk en Dronten en een verloskundigenpraktijk. Na een paar weken onderhandelen wordt een deal gemaakt met Ziekenhuis St Jansdal in Harderwijk. Zij nemen de zorgactiviteiten in Dronten en Lelystad over. Vanaf 1 maart is het ziekenhuis weer open onder de nieuwe naam.

Het nieuwe ziekenhuis denkt dat die ontwikkeling niet goed is voor de zorg in Lelystad, zegt financieel directeur Arend Jan Poelarend. “Het MC Zuiderzee is juist failliet gegaan door zijn grootschaligheid, daarom is het ziekenhuis nu veel kleiner. Als patiënten van onze poliklinieken door het nieuwe aanbod wegblijven, zal het voor ons lastiger worden om het nieuwe St Jansdal te laten voortbestaan. Dan komt bijvoorbeeld de spoedpoli in gevaar.”

De vertrekkend specialisten wijzen er juist op dat St Jansdal deze concurrentie zelf heeft gecreëerd door het wegsturen van het oude personeel van MC Zuiderzee.

Kaakchirurg Pieter Steinmetz denkt dat er genoeg animo is voor een nieuwe kliniek. Hij zette 27 jaar geleden de afdeling kaakchirurgie op in het oude MC Zuiderzee en is nu opnieuw begonnen bij de kliniek Kaakchirurgie Lelystad. “Het is al die jaren erg druk geweest op de poli, dus het aanbod is er wel. Maar of het naast elkaar kan blijven bestaan, dat zal de toekomst uitwijzen.”

Eerder werd bekend dat twee artsen, onder wie Pieter Steinmetz, niet meer het ziekenhuis in mochten, omdat zij daar patiënten voor hun nieuwe kliniek zouden ronselen. Steinmetz ontkent stellig dat dit het geval is. “Ik heb hen niet actief benaderd via mail of telefoon. Dit zijn patiënten waar ik een langdurige relatie mee heb, dan is het niet gek dat zij meeverhuizen.”

Zorgverzekeraars

Zorgeconoom Wim Groot snapt dat het ziekenhuis zich zorgen maakt over het zorgaanbod in Lelystad. Lelystad is volgens hem een relatief klein gebied, dat niet groot genoeg is voor zoveel zorgaanbieders. “Het nieuwe ziekenhuis heeft vast rekening gehouden met vertrekkende patiënten, maar dit kan een bedreiging zijn.”

Het St Jansdal kan niet zeggen hoeveel patiënten er zijn vertrokken naar klinieken zoals die van Steinmetz. Het ziekenhuis zegt in gesprek te zijn met zorgverzekeraars. Die bepalen uiteindelijk of ze zorg bij andere partijen dan het ziekenhuis vergoeden.

Minister Hugo de Jonge (VWS) Ⓒ FOTO ANP

Pact om niet meer te ruziën over wijkzorg

Telegraaf 08.03.2019 Zorgverzekeraars en gemeenten stoppen met bakkeleien wie de problemen in de wijkverpleging en thuishulp oppakken. Er komt voor alle regio’s een samenwerkingsnetwerk. „We hebben daarvoor de regie van zorgminister Hugo de Jonge niet nodig”, zegt CZ-topman Wim van der Meeren.

Minister Hugo de Jonge pakte begin maart het podium om aandacht te vragen voor problemen in de zorg in de wijk. Hij wil dat zorgverzekeraars, zorgkantoren en gemeenten die gaan aanpakken. Ook vond De Jonge dat er te veel keuzevrijheid was voor wijkverpleging, iets wat samenwerking alleen maar lastiger maakt.

Minister niet nodig

„Daarbij leek hij de probleemoplossing te willen regiseren, maar dat is helemaal niet nodig. Wij willen geen grote bureaucratische landelijke plannen, maar gaan regionaal aan de slag”, zegt Van der Meeren, namens de brancheclub van zorgverzekeraars ZN. Met gemeenten is donderdag door de verzekeraars een samenwerkingsagenda afgesproken.

CZ-topman Wim van der Meeren. Ⓒ FOTO ANP

Na ggz ook woonruimte

Belangrijkste verbetering zou moeten zijn dat gemeenten en zorgverzekeraars geen ruzie meer gaan maken over wie welk probleem moet oppakken. Ook willen ze afspraken maken over patiënten in de geestelijke gezondheidszorg die na hun behandeling aan goede woonruimte en werk worden geholpen om terugval te voorkomen. Beide partijen hebben het kabinet opgeroepen meer geld hiervoor beschikbaar te stellen. Daarom heeft de Vereniging Nederlandse Gemeenten een groot sectorakkoord nog niet getekend.

Opvolger De Jonge

Namens de gemeenten pakt de Rotterdamse wethouder Sven de Langen, toevallig opvolger van De Jonge in de havenstad, de handschoen. „We maken samen concrete afspraken voor elke regio voor hoe we de problemen gaan oplossen.”

Sven de Langen (Wethouder Zorg in Rotterdam). Ⓒ FOTO ANP

Volgens De Langen is het soms lastig dat zorg in de wijk verdeeld is door zorgverzekeraars, gemeenten en zorgkantoren. Iedereen levert zorg volgens een eigen wet. Zo komt de wijkverpleegkundige via de zorgverzekeraar omdat die ook zo vergoed wordt, maar de huishoudelijke hulp via de gemeente, dat gaat via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De Langen geeft graag een voorbeeld voor hoe samenwerking problemen voor mensen kan oplossen.

Maaltijden oma Bep

„Neem bijvoorbeeld Oma Bep op een flat in Rotterdam. Zij heeft eigenlijk maaltijdondersteuning nodig. Maar omdat zowel een wijkverpleegkundige als huishoudelijke hulp bij haar over de vloer komt, is het de vraag wie dit gaat oppakken en via welke wet de maaltijdondersteuning dan vergoed wordt. Als die beslissing blijft hangen, krijgt Bep nu mogelijk helemaal geen hulp hiervoor. Dat moet afgelopen zijn. We spreken in dit voorbeeld af dat degene die het probleem signaleert, het ook op gaat lossen.”

Geen rekeningen

Maar wie gaat dat dan betalen? Van der Meeren: „Dat is een kwestie van vertrouwen. We gaan elkaar dus geen rekeningen meer sturen. Uiteindelijk komt het allemaal uit dezelfde portemonnee, het is tenslotte geld van de burger.”

’Minder vergoeden’

Van der Meeren denkt dat minister De Jonge erg blij kan zijn met de intensievere samenwerking tussen zorgverzekeraars en gemeenten. Hij kan trouwens het betoog van de minister over minder marktwerking in de zorg wel volgen. „Dat keuzevrijheid ook z’n mindere kanten heeft kan ik wel ondersteunen. Het zorgt voor een veelvoud aan ongecontracteerde aanbieders, die niet goed gecontroleerd worden. Handig daarvoor zou vooral zijn dat we hen niet zo ruim hoeven te vergoeden.”

Paarse stommiteiten rechtgezet met AirFrance-KLM en PostNL

Elsevier 04.03.2019 In de geest van Thatcher en Reagan werden, vooral door de paarse kabinetten van Wim Kok, allerlei Nederlandse kroonjuwelen geprivatiseerd. Bij AirFrance-KLM en PostNL is een begin gemaakt met het rechtzetten van zulke stommiteiten, schrijft Philip van Tijn.

Een leerzame week, zowel voor patriotten als voor kampioenen van het vrije markt-denken. Met als heldin Herna Verhagen, de topvrouw van PostNL, omdat zij deed wat al drie jaar in de maak was: Sandd inlijven, waardoor PostNL op enkele terreinen weer monopolist wordt. En als held Wopke Hoekstra, minister, omdat deze in een flits een even groot belang in Air France-KLM nam als die vermaledijde Fransen.

In ons land waren de overgebleven voorstanders van de ongebreidelde vrije markt not amused en in Frankrijk gold dat voor president Emmanuel Macron en Hoekstra’s collega Bruno Le Maire. De laatste heeft niet minder dan drie (alle drie!) Franse elite-opleidingen voltooid en was in 2017 presidentskandidaat.

Dus geen appeltje-eitje voor onze Wopke, die op zijn palmares heeft staan het beroemde Insead in Fontainebleau. En hij was, niet te vergeten, ooit preses van Minerva en daar heb je in Frankrijk ook wat aan.

Thatcherism en Reaganomics als rolmodel

Over deze gebeurtenissen is heel wat gezegd en geschreven in de afgelopen 6 dagen. Maar daarin naar mijn mening toch onvoldoende aandacht voor de historische (politieke) achtergrond.

Lees ook deze column van Bram Boxhoorn; Brexit: Wat zou Margaret Thatcher hebben gedaan?

In 1979 werd in het Verenigd Koninkrijk Margaret Thatcher premier. Het rolmodel voor de huidige premier, maar een graadje behendiger en sluwer dan Theresa May. Zij ging de slag aan met de machtige vakbonden en hervormde de economie en eigenlijk de hele samenleving. Er is een Engeland van vóór en ná Thatcher. Op 10 Downing Street, Buckingham Palace en Westminster na werd ongeveer alles geprivatiseerd, anders gezegd: overgelaten aan de vrije markt.

In 1980 werd Ronald Reagan president van de Verenigde Staten. En hoewel deze voormalige acteur in B-films werd aangezien voor dorpsidioot, veranderde hij zijn land net zo drastisch als Thatcher het hare. In het VK heette het Thatcherism, in de VS Reaganomics. Thatcher bleef aan de macht tot 1990, Reagan werd in januari 1989 opgevolgd door vader Bush.

In die jaren ’80 werd het fundament gelegd voor economische bloei, maar ook voor de opmars van de miljardairs, de almacht van de City, het faillissement van Lehman, en twee financiële en economische crises.

De ideologische veren afgeschud, Nederland in de verkoop

In Nederland vinden alle modes van over het Kanaal en de Atlantische Oceaan ook plaats, zij het met een vertragingsfactor. Bij ons begon het eind jaren ’80 en kwam tot grote bloei in de jaren ’90. Het begin van het proces was bij het laatste kabinet Lubbers met Wim Kok als vicepremier en het hoogtepunt bij de kabinetten Kok, 1994-2002.

Die worden gewoonlijk aangeduid als Paars I en II, kabinetten van PvdA, VVD en D66: voor het eerst de aartsvijanden in één kabinet en ook voor het eerst sinds een eeuw zonder christen-democraten.

Voor de meeste immateriële hangijzers was de afwezigheid van het CDA een zegen, voor materiële zaken een kleine ramp, omdat de PvdA en VVD, eenmaal bij elkaar, geen maat konden houden en door D66 totaal niet werden afgeremd, zoals het CDA waarschijnlijk gedaan zou hebben.

Kroonjuwelen verzelfstandigd en geprivatiseerd

Zo werden kroonjuwelen verzelfstandigd en/of geprivatiseerd alsof het een spelletje gold: de PTT, energiebedrijven, regionale vervoersbedrijven, de NS en heel veel gemeentelijke en provinciale diensten en bedrijven. De energiebedrijven zijn op een haar na inmiddels allemaal aan buitenlandse bedrijven verkocht, de concurrentie op het spoor is een farce, net als die in het regionale openbaar vervoer.

Lees ook het commentaar van Michiel Dijkstra: Geen gek idee dat PostNL concurrent wil overnemen

Het oude Staatsbedrijf der PTT omvatte een groot post- en een groot telecombedrijf. Het laatste werd terecht geprivatiseerd, dat was onontkoombaar door de internationale concurrentie en de razendsnelle technologische ontwikkeling. Maar ‘de post‘ had gewoon een verzelfstandigd overheidsbedrijf kunnen blijven, zonder verdere flauwekul behalve wat meer stroomlijning en efficiëntie. Dat wordt nu dus tot op grote hoogte rechtgezet.

En KLM?

Een samengaan met een bedrijf uit een groot land was vermoedelijk onontkoombaar, maar de liefdeloze wijze waarop dit is gebeurd, is een andere zaak. Hoe vaak ook over KLM en Schiphol wordt gesproken als ‘Nationaal Belang’, met de ‘fusie’-onderhandelingen met Air France en de gemaakte afspraken heeft onze regering zich destijds (in de jaren tot 2003, met intussen Balkenende als premier en CDA weer in plaats van PvdA) maar zijdelings en op een (te) laat moment bezig gehouden.

Met als tegenstander/partner aan de andere kant Frankrijk, dat wereldkampioen Protectie Eigen Erfgoed is, moet dat tot ellende leiden. Dat is dus gebeurd en ook al in deze week rechtgezet – voor zolang als het duurt.

In oktober overleed Wim Kok. In bijna alle necrologieën werd hij herdacht en neergezet als onze grootste staatsman in de 20e eeuw, op Willem Drees na. Hij stierf vrijwel 23 jaar nadat hij nogal geruchtmakend zijn ideologische veren had afgeschud.

Minister De Jonge wil marktwerking in de zorg weer inperken

NU 01.03.2019 De marktwerking in de gezondheidszorg is volgens minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid “doorgeslagen” en moet worden ingeperkt. Anders wordt goede zorg steeds moeilijker te organiseren en te betalen, zegt hij vrijdag in een interview in het AD.

“De zorg heeft minder markt en meer samenwerking nodig. Anders houden we het niet vol”, zegt de minister. “Samenwerking gaat niet vanzelf, maar moet ingebakken zijn in de manier waarop we de zorg met elkaar organiseren.”

De CDA-bewindsman keert zich hiermee tegen het liberale principe van keuzevrijheid voor patiënten. Een woordvoerder van De Jonge meldt NU.nl dat de minister zijn uitspraken namens het kabinet doet.

De bewindsman zegt in het interview dat bij alle partijen het besef leeft dat de zorgkosten blijven stijgen en dat de personeelstekorten niet op te lossen zijn. Daarom zullen ze hun ideologische verschillen opzij zetten, stelt De Jonge.

Sinds 2006 kent Nederland een gereguleerde marktwerking in de zorg. Deze werd doorgevoerd tijdens het kabinet van CDA-premier Jan Peter Balkenende.

Bewindsman is nu gesprekken aan het voeren

De minister is tot zijn inzichten gekomen op basis van gesprekken met en signalen uit het veld, aldus zijn woordvoerder. De Jonge voert momenteel gesprekken met alle partijen in de zorg om zijn ideeën te realiseren. Hij gaat de komende tijd verschillende concrete voorstellen naar de Kamer sturen.

De Jonge stelt in het interview voor nieuwe zorgaanbieders strenger te controleren. Hij wil in elke wijk een herkenbaar team van wijkverpleegkundigen, waarbij de zorg niet meer per uur wordt gefinancierd. Ook lobbyt de minister in Brussel voor soepelere Europese regels bij de inkoop van zorg.

Lees meer over: Binnenland

Minister De Jonge (CDA) wil thuiszorg veranderen, maar VVD ziet er niets in

De minister van Volksgezondheid zegt in het AD dat zegt dat de marktwerking is doorgeschoten. Hij wil minder kleine zorgaanbieders en één team van wijkverpleegkundigen.

NOS 01.03.2019 Hugo de Jonge wil nieuwe zorgaanbieders strenger controleren, één team van verpleegkundigen per wijk en zorg niet meer per uur vergoeden. In een interview met het AD zegt de minister van Volksgezondheid dat het anders moet: “De marktwerking in de zorg is doorgeschoten.”

Volgens De Jonge is de keuzevrijheid in de zorg doorgeslagen. “Als ik ’s ochtends in Rotterdam langs seniorenflats rijd, zie ik allemaal auto’s van verschillende aanbieders van wijkverpleging staan. Waarom is dat? Dat komt omdat we het veel te gemakkelijk hebben gemaakt om als thuiszorgaanbieder aan de slag te gaan. Jaarlijks zijn er honderden nieuwe toetreders.”

Het is al langer een wens van het kabinet om de zorg anders te organiseren. De Jonge wil onder meer de samenwerking verbeteren. “We moeten toe naar één team van wijkverpleegkundigen dat de wijk en de andere zorgverleners in die wijk goed kent. Daar wil ik de bekostiging op aanpassen. Betalen per uur past daar niet bij.”

Voor het bedrag dat we aan KLM spenderen kunnen we ons drie dagen zorg permitteren. Drie! Laat dat eens op je inwerken, Minister de Jonge van Zorg.

De Jonge wil ook nieuwe zorgaanbieders wettelijk verplichten om zich te melden bij de inspectie en grotere aanbieders moeten een vergunning aanvragen. Volgens hem moeten zorgverzekeraars, zorgverleners en gemeenten de zorg regionaal organiseren. “Ik wil weten wie ik in die regio kan aanspreken”.

De hervormingen zijn volgens hem hard nodig vanwege het personeelstekort en de stijgende zorgkosten. “Voor het bedrag dat we aan KLM spenderen kunnen we ons drie dagen zorg permitteren. Drie! Laat dat eens op je inwerken.”

‘Stap terug in de tijd’

Coalitiepartner VVD ziet niets in de plannen van CDA-minister De Jonge. Arno Rutte, die voor de VVD in de Tweede Kamer zit, noemt het plan van De Jonge om zorg weer regionaal te gaan organiseren een stap terug in de tijd. “Terug naar wachtlijsten, hoge kosten en geen ruimte om je eigen keuzes te maken.”

Volgens Rutte moeten we ons niet verliezen in “Haagse discussies over stelsels”, maar moet de zorg stap voor stap worden verbeterd. “Wie slechte zorg levert heeft geen plek, wie goede zorg levert is welkom.”

Coalitiepartij D66 vindt net als minister De Jonge dat het huidige zorgsysteem te complex en bureaucratisch is. Fractievoorzitter Jetten zegt op Twitter dat hij benieuwd is naar de voorstellen van de minister. Wel wijst de partij op het belang van keuzevrijheid in de zorg.

Vera Bergkamp

@Vera_Bergkamp

.@D66 is het met @hugodejonge eens ➡️de zorg moet terug naar ‘t gezonde verstand: ❌toegang te complex ❌te veel bureaucratie Dus: ➡️patiënt weer centraal ➡️keuzevrijheid. ➡️minder regels ➡️meer aandacht ➡️betere zorg Daar rekenen we hem op af en niet op ‘hoog over’ verhalen. https://t.co/ujDNncIOiz

Brancheorganisatie Zorgthuisnl is het niet eens met de opmerkingen van de minister. “De Jonge haalt oorzaak en gevolg door elkaar. Het probleem is niet dat er te veel aanbieders zijn, het probleem is dat zorgverzekeraars de druk op zorgaanbieders zo opvoeren dat steeds meer medewerkers het niet meer zien zitten en voor zichzelf beginnen”, zegt bestuurssecretaris Maarten Oosterkamp.

Oosterkamp vindt dat De Jonge te veel praat in het straatje van de zorgverzekeraars. Hij begrijpt niet dat de minister geen kritiek heeft op hun rol. “In feite houdt hij op deze manier het systeem juist in stand.”

Keuzevrijheid

Volgens gezondheidseconoom Wim Groot van de Universiteit Maastricht is het terecht dat De Jonge de zorgkosten wil beperken, maar volgens hem heeft het inperken van de keuzevrijheid voor patiënten wel nadelen. “Nu kunnen veel mensen kiezen voor een kleine zorgaanbieder omdat ze dan weten met wie ze te maken hebben. Bij een grote zorginstelling kunnen ze elke keer een andere wijkverpleegkundige voor hun neus hebben.”

Ook betwijfelt Groot of grote zorginstellingen minder kosten maken, omdat die ook meer overheadkosten hebben. Hij ziet de plannen van De Jonge vooral als bescherming van grote aanbieders.

De gezondheidseconoom heeft een andere suggestie om de zorgkosten te beperken: “Afschaffen dat zorgverleners zelf bepalen hoeveel wijkverpleging iemand krijgt. We weten uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau dat wijkteams met zorgaanbieders veel meer zorg leveren dan als de gemeente die zorg toedeelt.”

Marktwerking in de zorg, is dat een goed idee of niet? Wat houdt marktwerking eigenlijk in? En waarom is het ingevoerd? Bekijk het in deze special van NPO Focus.

Bekijk ook;

Minister dreigt met lagere vergoeding voor zorgverleners zonder contract

VVD verbolgen over uitspraken minister De Jonge: Hij heeft wel wat beters te doen

AD 01.03.2019 De liberale regeringspartijen reageren met gefronste wenkbrauwen op de uitspraken van minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) vandaag op deze site over minder marktwerking en meer samenwerking in de zorg. De oppositie gaat de bewindsman aan zijn woorden houden, maar vreest dat er sprake is van verkiezingsretoriek.

De Jonge vindt dat de marktwerking in de gezondheidszorg is ‘doorgeslagen’ en moet worden ingeperkt. De CDA-bewindsman kraakt hiermee het liberale heilige huisje van keuzevrijheid voor patiënten. Het in zijn ogen ‘absolute’ recht om de eigen zorgverlener te kiezen, maakt de organisatie van de zorg volgens De Jonge duur en lastig. Zorgverzekeraars, zorgkantoren en gemeenten moeten in de toekomst samen de hoofdverantwoordelijkheid nemen voor de gezondheidszorg in een regio.

,,De minister heeft wel wat beters te doen dan stelseldiscussies voeren, want dat is het introduceren van dominante regionale zorgspelers’’, aldus Kamerlid Arno Rutte (VVD) tegen deze site. ,,We mogen best de rotte appels in de zorg aanpakken en balans aanbrengen in de keuzevrijheid van mensen, maar wij willen niet terug naar de jaren 90; met gebrek aan keuze, lange wachtlijsten en hoge kosten.’’

Regeringspartij D66 wil de minister louter afrekenen op minder regels, meer aandacht en betere zorg ‘en niet op deze hoog-oververhalen’, meldt Kamerlid Vera Bergkamp. De sociaal-liberalen zijn het wel met De Jonge eens dat de zorg terug moet naar het gezond verstand. ,,De toegang tot de zorg is nu te complex, er is te veel bureaucratie. De patiënt moet weer centraal komen te staan met keuzevrijheid.’’

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Krokodillentranen

Ik moet het eerst zien voordat ik het geloof. Maar ik laat me graag verrassen, aldus Lilian Marijnissen (SP) over uitspraken minister De Jonge.

De PVV, de grootste oppositiepartij, beschuldigt de minister van krokodillentranen. ,,Het CDA is óveral verantwoordelijk voor: dat De Jonge bij seniorenflats allemaal verschillende auto’s ziet staan van allerhande aanbieders van wijkverpleging, is regelrecht de schuld van het CDA. In plaats van populair te doen zo vlak vóór de verkiezingen kan hij beter wetten naar de Kamer sturen om deze kolossale vergissingen terug te draaien en juist niet nóg verder gaan met zijn voorstel tot regionalisering.’’

De SP, een groot voorstander van complete afschaffing van de marktwerking in de zorg, is juist blij dat de minister de markt in de zorg niet langer heilig verklaart. ,,Maar tegelijkertijd is hij beste vrienden met premier ‘meer markt’ Rutte. Dat is erg ongeloofwaardig’’, zegt partijleider Lilian Marijnissen. ,,Dit kabinet heeft nog niets gedaan om de zorg geen markt te laten zijn, dus ik moet het eerst zien voordat ik het geloof. Maar ik laat me graag verrassen door Hugo de Jonge!’’

Terug in publieke handen

Overigens wil 50Plus de zorg ook helemaal terugbrengen in publieke handen, reageert Kamerlid Corrie van Brenk. ,,Dat heeft veel voordelen: geen reclame, geen sponsoring, geen jaarlijks overstapcircus meer.’’ GroenLinks noemt de uitspraken van de minister ‘een omslag’ en hoopt dat hij de daad bij het woord voegt. Die partij stelde afgelopen november zelf al voor om vaste tarieven voor de wijkverpleging te introduceren, net als strengere toelatingseisen voor nieuwe aanbieders.

Tot slot de PvdA. Die partij vindt het hoog tijd dat minister De Jonge het licht ziet. Kamerlid John Kerstens: ,,Want het CDA zat tot vandaag anders in de discussie. Dat de minister zich blijkbaar heeft laten inspireren door de opvattingen van de PvdA is mooi. Ik heb ’m ook onlangs  nog opgeroepen met een toekomstvisie te komen. Daar werd vanuit de coalitie, D66 voorop, wat schamper over gedaan. Benieuwd of daar het inzicht nu ook ontstaat.’’

De uitspraken van minister De Jonge over marktwerking in de zorg doen flink wat stof opwaaien in politiek Den Haag. © Arie Kievit

‘Marktwerking in de zorg is doorgeslagen’

AD 01.03.2019 De marktwerking in de gezondheidszorg is ‘doorgeslagen’ en moet ingeperkt worden. Anders wordt goede zorg steeds moeilijker te organiseren en te betalen. Dat zegt minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) vandaag in een interview met deze krant.

De zorg heeft minder markt en meer samenwer­king nodig. Anders houden we het niet vol, aldus Minister De Jonge

De CDA-bewindsman kraakt hiermee het liberale heilige huisje van keuzevrijheid voor patiënten. Het in zijn ogen ‘absolute’ recht om de eigen zorgverlener te kiezen, maakt de organisatie van de zorg volgens De Jonge duur en lastig. Nieuwe aanbieders, vaak van bedenkelijke kwaliteit, schieten als paddenstoelen uit de grond. Daarnaast wordt de uur zorg nu per uur vergoed; een ongezonde prikkel om te veel zorg te leveren.

,,Dat is een ongezonde cocktail. De zorg heeft minder markt en meer samenwerking nodig. Anders houden we het niet vol. En samenwerking gaat niet vanzelf, maar moet ingebakken zijn in de manier waarop we de zorg met elkaar organiseren”, aldus De Jonge.

De bewindsman, die eerder als wethouder in Rotterdam ook al aanliep tegen ‘ongezonde situaties’ door doorgeschoten marktwerking, vindt het tijd om het roer om te gooien. Hij wil nieuwe zorgaanbieders strenger controleren en wil in elke wijk een herkenbaar team van wijkverpleegkundigen, waarbij de zorg niet meer per uur wordt gefinancierd. Ook lobbyt de minister in Brussel voor soepelere Europese regels bij de inkoop van zorg.

Verantwoordelijkheid nemen

Zorgverzekeraars, zorgkantoren en gemeenten moeten wat De Jonge betreft in de toekomst samen de verantwoordelijkheid nemen voor de gezondheidszorg in een regio. Daarbij moeten zij aanspreekbaar zijn en regelen dat het aanbod de stijgende zorgvraag aankan. Dan zullen de kosten van de gezondheidszorg vanzelf ook minder snel stijgen.

De uitspraken van zorgminister De Jonge zijn politiek saillant, omdat ‘zijn’ CDA meermaals heeft deelgenomen aan kabinetten die de marktwerking in de zorg juist hebben vergroot. Momenteel zit de partij in een coalitie met twee liberale partijen. Vooral de VVD is een groot voorstander van een vrije zorgmarkt.

Toch gelooft de CDA-minister dat bij alle politieke partijen het besef leeft dat de zorgkosten langzaam de pan uit rijzen en dat de personeelstekorten in de toekomst niet meer op te vullen zullen zijn. Daarom zullen ze hun ideologische verschillen opzij zetten en op zoek gaan naar praktische oplossingen, denkt De Jonge.

De uitspraken van zorgminis­ter De Jonge zijn politiek saillant

‘We moeten bij de zorg terug naar het gezond verstand’

AD 01.03.2019 Willen we in de toekomst genoeg handen aan het bed houden, dan moet de doorgeschoten marktwerking in de zorg op de helling, stelt minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid. ,,Het geloof in de markt als probleemoplosser is op de terugtocht.”

Ja, bijna 750 miljoen euro voor een pluk aandelen in Air France-KLM is een heleboel geld. Daar zul je CDA-vicepremier Hugo de Jonge niet schamper over horen doen. Maar leg die investering naast de zorguitgaven en je beseft pas goed wat een amper te bevatten zak geld er jaarlijks via zijn ministerie van Volksgezondheid wordt uitgegeven.

,,Voor het bedrag dat we aan KLM spenderen kunnen we ons drie dagen zorg permitteren”, zegt hij. ,,Drie! Laat dat eens op je inwerken. Dit jaar is in totaal 85 miljard euro beschikbaar, 5 miljard meer dan vorig jaar. Alleen al in deze kabinetsperiode komt er 16,7 miljard euro bij.”.

maart 2, 2019 Posted by | 2e kamer, bezuinigingen, marktwerking, ouderenzorg, politiek, privatisering, ProRail, verzelfstandiging, ziekenhuis, Zorg, zorgfraude, zorginstellingen | , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Zorgen over Marktwerking versus verzelfstandiging en privatisering

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

 

Problemen

Het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam heeft per direct de afdeling spoedeisende hulp gesloten. Dat zei Mariska Tichem, voorzitter van de raad van bestuur van MC Slotervaart, tijdens een persconferentie. Aanleiding zijn de financiële problemen waarin het ziekenhuis verkeert.

Deze maatregel geldt niet voor MC IJsselmeerziekenhuizen (met vestigingen in Lelystad, Emmeloord, Dronten en Urk), dat samen met MC Slotervaart uitstel van betaling heeft aangevraagd. Volgens bestuursvoorzitter Sjoerd de Blok moet dat wel omdat er anders geen eerste hulp in de nabije omgeving te vinden is.

Telegraaf 30.10.2018

Ziekenhuizen failliet, geen redding meer voor MC Slotervaart Live

  • De IJsselmeerziekenhuizen, met vestigingen in Lelystad, Emmeloord, Urk en Dronten, zijn vanochtend failliet verklaard. Ook het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam is failliet
  • In de IJsselmeerziekenhuizen liggen nog zo’n 80 à 85 mensen. In het Slotervaartziekenhuis lagen gisteren nog 74 mensen, die uiterlijk morgen om 15.00 uur naar andere ziekenhuizen zijn verplaatst
  • De zorgverzekeraars hebben een boedelkrediet afgegeven voor het afbouwen van de zorg
  • De Tweede Kamer komt niet terug van reces om te debatteren over het faillissement

AD 26.10.2018

Hoe het zover is gekomen is nog onduidelijk, maar het failliete MC IJsselmeerziekenhuizen stond flink in de rode cijfers .

Het failliete MC IJsselmeerziekenhuizen heeft een totale schuld openstaan van meer dan 50 miljoen euro. Ruim 500 schuldeisers hebben zich gemeld. De grootste schuldeiser is de bank ING.

Dat blijkt uit het eerste openbare faillissementsverslag. Het onderzoek van de curatoren naar de oorzaken van het faillissement is nog bezig. De uitkomsten van dat onderzoek zullen in volgende verslagen aan bod komen.

Een andere grote schuldeiser die de curatoren noemen is de stichting Waarborgfonds voor de Zorgsector (WfZ). Ook is het ziekenhuis nog vier miljoen euro aan loon- en inkomstenbelasting verschuldigd.

AD 31.10.2018

Overname

Er is een serieuze overnamekandidaat voor MC IJsselmeerziekenhuizen’, zegt voorzitter Cees de Bruin van de cliëntenraad. Dinsdag werd bekend dat MC IJsselmeerziekenhuizen samen met het MC Slotervaart in Amsterdam uitstel van betaling hebben aangevraagd, vaak een voorbode van een faillissement.

AD 24.10.2018

Faillissement

De gemeenteraad van Lelystad vreest dat sluiting van het ziekenhuis ertoe leidt dat mensen verder dan 45 minuten van een ziekenhuis komen te wonen. Wettelijk is vastgelegd dat iedere Nederlander binnen drie kwartier op een spoedeisende hulp moet kunnen zijn.

Minister Bruins voor Medische Zorg schreef dinsdag aan de Tweede Kamer dat het sluiten van de locaties in Flevoland voor wat die norm betreft geen gevolgen heeft.

Eerder vandaag werd bekend dat de afdelingen verloskunde en kindergeneeskunde van MC IJsselmeerziekenhuizen per direct zijn gesloten. Ook hebben uitzendbureaus en detacheerders vandaag hun verpleegkundigen teruggetrokken, aldus de actuele situatie !!

Telegraaf 18.12.2019

Telegraaf 24.10.2018

Medewerkers en patiënten van de ziekenhuizen zijn vandaag op de hoogte gebracht van de actuele situatie. ,,Een faillissement is op korte termijn onafwendbaar”, zo vreest Tichem. Ze verwacht dat hier snel meer duidelijkheid over is. Het MC Slotervaart en MC IJsselmeerziekenhuizen hebben inmiddels uitstel van betaling gekregen.

Lees ook;

Bijna failliet Slotervaartziekenhuis sluit per direct eerste hulp

Lees meer

Ontzettend slecht bericht

De hoofdingang van het MC Slotervaart. © anp

Tichem sprak van een ,,ontzettend slecht bericht” voor de ruim tweeduizend medewerkers in de ziekenhuizen. Volgens haar gaan wel alle geplande behandelingen en afspraken die patiënten hebben staan door. ,,De patiëntenzorg blijft op dit moment gegarandeerd”, verzekerde zij. Door het uitstel van betaling is volgens haar sprake van een ,,buitengewoon onzekere situatie”.

Op dit moment zijn in het Slotervaartziekenhuis 150 bedden bezet. In de IJsselmeerziekenhuizen liggen zo’n tweehonderd patiënten. Volgens Sjoerd de Blok, voorzitter van de raad van bestuur van MC IJsselmeerziekenhuizen, werkt het personeel de komende tijd gewoon door. ,,We gaan gewoon door, onze hardwerkende verpleegkundigen en artsen zullen tot de dag dat er meer duidelijk is, strijden voor kwalitatieve patiëntenzorg.’’

Telegraaf 26.10.2018

Het is onduidelijk of ze hun salarissen, die deze week zouden worden uitbetaald, krijgen. De medewerkers die in dienst zijn, kunnen terecht bij het UWV. Maar voor de medewerkers die extern worden ingehuurd, waar vooral bij het Slotervaartziekenhuis sprake van is, geldt dat niet.

Op de vraag of die mensen nog wel komen werken nu ze geen zich hebben op betaling, antwoordde Tichem dat ze later op de dag in gesprek gaat met de bewindvoerder om voor hen een oplossing te vinden.

Financiële problemen

Beide ziekenhuizen hadden te maken met een te laag aantal patiënten ten opzichte van het aantal medewerkers. Met name de personeelstekorten en daardoor de hoge kosten van de externe inhuur leidden tot problemen. Voor de IJsselmeerziekenhuizen komt daar nog bij dat er te weinig mensen in het verzorgingsgebied in Flevoland wonen, zo’n 180.000.

AD 03.11.2018

AD 03.11.2018

Zorgverzekeraar Zilveren Kruis en de meeste andere zorgverzekeraars stoppen met de financiering, aldus de woordvoerder. ,,In de afgelopen dagen is gebleken dat de verzekeraars geen vertrouwen meer hebben in een gezonde financiële toekomst.”

Volgens zorgverzekeraar Zilveren Kruis was de financiële situatie van de MC Groep, waar het Amsterdamse Slotervaartziekenhuis en de IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland onder vallen, slechter dan verwacht. Toen de noodlijdende ziekenhuisgroep recent om extra financiering vroeg, heeft Zilveren Kruis dat afgewezen.

AD 26.10.2018

Onrust

Eind juli stapte de voorzitter van de raad van bestuur van de ziekenhuizen, Willem de Boer, al op. Zijn vertrek volgde op onrust onder het medisch personeel van het ziekenhuis. Artsen hadden in een brief het vertrouwen in het bestuur opgezegd. Ze zeiden toen al dat ze vreesden voor een faillissement.

 

Telegraaf 27.06.2019

Telegraaf 25.06.2019

De MC-groep, waar Willem de Boer eigenaar van is, nam de IJsselmeerziekenhuizen in 2009 over, na een nogal turbulente reddingsoperatie. De groep nam in 2013 ook het verliesmakende Slotervaartziekenhuis over. In september werd de zorggroep onder verscherpt toezicht gesteld.

Het Amsterdamse Slotervaartziekenhuis wordt al jarenlang geteisterd door uiteenlopende problemen.

AD 27.10.2018

Verscherpt toezicht

Het was al bekend dat de MC Groep in zwaar financieel weer verkeert. Volgens de bestuurders zijn de financiële problemen vooral veroorzaakt doordat de ziekenhuizen duur personeel hebben moeten inhuren.

Begin september werden de drie ziekenhuizen in Flevoland door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd onder verscherpt toezicht geplaatst, omdat er zorgen waren over de kwaliteit en veiligheid van de zorg.

Het bedrijf verzekert na de bekendmaking dat er surseance is aangevraagd dat de patiëntenzorg is gegarandeerd. De patiënten die op dit moment worden behandeld, krijgen adequate zorg, staat in de persverklaring.

Telegraaf 26.10.2018

Wat is er de afgelopen twee dagen gebeurd?

Operatiekamers zijn dicht, ingehuurd personeel blijft weg, patiënten zijn ontredderd. In de ziekenhuizen MC Slotervaart en MC IJsselmeerziekenhuizen, waar een faillissement dreigt, heerst chaos. Het noodlijdende MC Slotervaart besloot woensdag om geen nieuwe patiënten meer op te nemen.

Als je kunt kiezen, werk je natuurlijk in een ziekenhuis waar geen gedoe is, aldus Wim Groot, Gezondheidseconoom .

Medisch Centrum Slotervaart in Amsterdam en de IJsselmeerziekenhuizen in Lelystad, Dronten en Emmeloord, allen van dezelfde commerciële ondernemer Loek Winter, hebben afgelopen dinsdag uitstel van betaling aangevraagd.

Zorgverzekeraar Zilveren Kruis en de meeste andere zorgverzekeraars stoppen met de financiering, waardoor de zogeheten MC Groep niet langer zijn leveranciers en ruim tweeduizend personeelsleden kan betalen.

Telegraaf 03.11.2018

Dezelfde dag sloot het Slotervaartziekenhuis de spoedeisende hulp. Inmiddels zijn ook patiënten op de intensive care overgebracht naar andere ziekenhuizen in Amsterdam, is er een patiëntenstop afgekondigd en wordt er alleen nog bij spoed geopereerd. Alleen al deze week zijn dertig maagverkleiningsoperaties afgezegd vanwege gesloten operatiekamers.

Ook in de IJsselmeerziekenhuizen worden afdelingen gesloten en alleen bij spoed geopereerd. Zwangere vrouwen en langdurig zieke kinderen worden overgeplaatst naar andere ziekenhuizen. De poliklinische apotheek kan niet alle medicatie meer leveren.

In de IJsselmeerziekenhuizen hebben twee uitzendbureaus hun verpleegkundigen teruggetrokken. Op de gesloten afdelingen na is er nog voldoende personeel over, zegt een woordvoerder van MC Groep. Volgens zorgondernemer Winter worden zijn ziekenhuizen ‘in één klap geslachtofferd’ door de verzekeraars.

Hij zou hen hebben gevraagd om de declaraties die binnenkomen sneller te betalen. Ook roept hij al langer dat de tarieven die zij uitkeren, veel te laag zijn. Zilveren Kruis zegt echter dat zijn MC Groep opnieuw om extra geld vroeg. De maat was vol.

Lees ook;

Amsterdamse Slotervaartziekenhuis kwam al vanaf het begin in de problemen

Lees meer

Minister: Patiënten moeten ook goede zorg krijgen na bankroet ziekenhuizen

Lees meer

Bijna failliet Slotervaartziekenhuis sluit per direct eerste hulp

Lees meer

Zorgverzekeraar Zilveren Kruis en de meeste andere zorgverzekeraars stoppen met de financiering van de ziekenhuizen © ANP

Wie heeft er gelijk?

Dat is lastig te zeggen. Duidelijk is dat de MC Groep geld nodig had en snel. De ziekenhuizen zakten de afgelopen jaren steeds verder weg in de verliezen. Dit kwam door slecht bestuur – voormalig directeur Aysel Erbudak wordt nog altijd verdacht van financieel gesjoemel – en door een enorm personeelstekort waardoor dure flexkrachten moesten worden ingehuurd.

AD 08.11.2018

Ook de kwaliteit van zorg liet de afgelopen jaren geregeld te wensen over. Vorig jaar moesten de operatiekamers van het Slotervaart onder druk van de zorginspectie worden vernieuwd. En afgelopen september kwamen de IJsselmeerziekenhuizen onder verscherpt toezicht van de inspectie vanwege de bestuurlijke onrust.

AD 07.02.2019

Kortom, het gaat om twee zwakke zorginstellingen, vat gezondheidseconoom Wim Groot samen. ,,Om al deze redenen mijden patiënten de ziekenhuizen. Ook huisartsen verwijzen door naar andere ziekenhuizen. Dat zorgt voor lege bedden, waardoor MC Groep veel inkomsten misloopt. Ook veel vast personeel is weggelopen. Als je kunt kiezen, werk je natuurlijk in een ziekenhuis waar geen gedoe is.’’

AD 27.10.2018

AD 27.10.2018

Kan een ziekenhuis zomaar worden gesloten?

Het gebeurt zelden, maar het kan zeker, zegt Wim Groot. Zo ging vijf jaar geleden het Ruwaard van Puttenziekenhuis in Spijkenisse bankroet. Het ziekenhuis raakte in opspraak door een onverklaarbaar hoog sterftecijfer op de cardiologie-afdeling en had eveneens grote financiële problemen.

AD 22.11.2018

Waar moeten al die patiënten straks naartoe?

Naar de ziekenhuizen in de buurt. Zeker in Amsterdam zijn er voldoende alternatieven, zegt Groot. ,,Er voltrekt zich geen ramp wanneer de MC Groep failliet gaat.’’  Toch verwacht de econoom niet dat het zo’n vaart loopt. ,,Stel dat het faillissement morgen wordt afgekondigd door de rechtbank, dan moet alle zorg per direct worden stilgelegd.

Patiënten moeten direct vertrekken, maar waar naartoe? Ik verwacht eerder dat dit besluit nog een paar weken wordt uitgesteld, zodat de bewindvoerders op zoek kunnen naar overnamepartners.’’ Dat gebeurde in 2013 ook bij het Ruwaard van Putten. Drie ziekenhuizen in de regio namen de zorg over.

Groot verwacht dat de spoedeisende hulp in het Slotervaartziekenhuis gesloten zal blijven – ‘dat vangen de omliggende ziekenhuizen op’ – maar het gebouw zal worden gebruikt voor dagbehandeling en huidige specialismes als neurochirurgie en bariatrie (obesitaschirurgie). ,,De operatiekamers zijn net vernieuwd, zonde om die weer af te breken.’’

De gezondheidseconoom verwacht ook dat de vestiging in Lelystad openblijft, onder een andere naam. Al was het maar om de chronische patiënten die bijvoorbeeld wekelijks een nierdialyse nodig hebben de lange reistijden naar Zwolle of Almere te besparen.

AD 25.10.2018

Het is geen snoepjesfa­briek die wordt gesloten, honderden patiënten blijven ontredderd achter, aldus Maurits de Brauw, Obesitaschirurg .

Wat moet je doen als je nog op een operatie of chemo wacht?

Bel je zorgverzekeraar of huisarts en vraag advies. Zeker mensen die binnen nu en twee weken een behandeling of operatie in hun agenda hebben staan. Het is namelijk maar de vraag of er nog genoeg personeel zal zijn, zegt Groot.

De vaste medewerkers krijgen hun loon – weliswaar later – via het UWV, maar uitzendkrachten hebben nog geen zekerheid. Er wordt aan een regeling gewerkt. Of de medisch specialisten blijven of het zinkend schip snel verlaten is nog onduidelijk.

Gisteren ging obesitaschirurg Maurits de Brauw zoals altijd naar zijn werk in het Slotervaartziekenhuis, maar het was complete chaos, vertelt hij. ,,We hebben dertig maagverkleiningsoperaties moeten afzeggen voor deze week, en waarschijnlijk zal het komende week om eenzelfde aantal gaan.

De patiënten reageerden heel gelaten. ‘Dat mij dit nu moet overkomen, we kijken hier al zolang naar uit’ zeiden ze.’’ Ook kijkoperaties voor galstenen of buikklachten, mag hij niet uitvoeren. ,,Bizar. Ik moet ze naar andere ziekenhuizen sturen, die onze documentatie niet hebben.’’ Met bijna 1100 maagverkleiningen in 2017 en jaarlijks 7000 patiënten leidt het Slotervaart de grootste obsitaskliniek van het land.

AD 30.10.2018

AD 30.10.2018

AD 30.10.2018

De Brauw houdt komende dagen alleen poli-spreekuren. ,,We zitten nu in de bizarre situatie dat ik patiënten moet goedkeuren voor hun operatie, maar erbij moet zeggen dat het onzeker is of ze in ons ziekenhuis geholpen worden.’’ Er zijn in het land zestien andere ziekenhuizen waar obesitaschirurgie plaatsvindt. ,,Maar die kunnen onze capaciteit niet aan.

AD 01.11.2018

Het gaat hier niet om een snoepjesfabriek die wordt gesloten, maar om honderden patiënten die ontredderd achterblijven.’’ Enerzijds legt hij de fout bij het bestuur ‘dat zeer slecht gefunctioneerd heeft’, anderzijds bij de verzekeraars die te hard hebben ingegrepen. ,,Schandalig hoe ze plots de stekker eruit trekken. Had ons een half jaar de tijd gegeven om patiënten elders onder te brengen.’’

Fractievoorzitter Sybrand Buma van het CDA. © ANP

Reactie CDA

CDA-leider Sybrand Buma heeft in zijn toespraak op het CDA-congres flink uitgehaalt naar minister Bruno Bruins van Medische Zorg. Hij hekelt de manier waarop de VVD-bewindsman is omgegaan met de faillissementen van de IJsselmeerziekenhuizen en het Slotervaartziekenhuis.

Volgens Buma krijgt het vertrouwen in de politiek een knauw als ‘van de ene op de andere dag’ een ziekenhuis omvalt. ,,Dit had zo niet mogen gebeuren. Dit had voorkomen moeten worden”, aldus Buma.

Een ziekenhuis is volgens hem geen ‘stapel stenen’, zoals Bruins eerder had gezegd, en een faillissement is evenmin ‘een stresstest voor de zorg’, zoals de minister ook had beweerd.

,,Een ziekenhuis is geen bedrijf met klanten en contracten. Zorg gaat over over de behandeling van en aandacht voor kwetsbare mensen; over de toewijding van het personeel.”

AD 06.11.2018

Nooit meer

Buma zegt Bruins, die op het zelfde ministerie van Volksgezondheid huist als CDA-vicepremier Hugo de Jonge, te zullen houden aan de CDA-eis dat er nooit meer een ziekenhuis gesloten kan worden zonder dat is nagedacht hoe zorg in die regio is gegarandeerd.

AD 05.03.2020

Volgens Buma zit het probleem echter dieper: de fouten die zijn gemaakt zijn volgens hem het gevolg van het ‘liberale rendementsdenken’, dat ‘te ver is doorgedrongen in onze samenleving en dat ook in de woorden van de minister doorklonk’. Bedrijfsrendement is in dat liberale denken belangrijker dan zorg, meent Buma. Ook is de registratie van behandelingen daarin belangrijker dan aandacht voor de patiënt, stelt hij.

Keuze

In Buma’s ogen moeten ziekenhuizen zorg zien als een ‘maatschappelijke opdracht’, met ‘de beste zorg, dichtbij en op maat’. ,,De oplossing ligt niet in de keuze voor of markt of overheid, maar in de keuze voor de samenleving zelf.”

Minister Bruins zei in een interview alles op alles te zetten om de basiszorg in het ziekenhuis van Lelystad te behouden.

Marktwerking in de zorg, is dat een goed idee of niet? Wat houdt marktwerking eigenlijk in? En waarom is het ingevoerd? Bekijk het in deze special van NPO Focus.

Telegraaf 14.11.2018

Telegraaf 14.11.2018

Telegraaf 14.11.2018

Telegraaf 14.11.2018

Terugblik:

Totale chaos, een patiënt in levensgevaar en een woedende Kamer over het gebrek aan daadkracht bij minister van Medische Zorg Bruno Bruins (VVD). Het faillissement van het MC Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen in vier updates:

 Faillissement bracht zeker één patiënt in levensgevaar

Het faillissement van het MC Slotervaart heeft in elk geval één patiënt in levensgevaar gebracht. Dat meldt Het Parool woensdag. Omdat medisch specialisten vrezen voor calamiteiten, hebben ze een melding gedaan bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Dat is opvallend, omdat zorgverzekeraar Zilveren Kruis tot nu toe heeft volgehouden dat er sprake is van een ‘warme overdracht’. Maar volgens internist-oncoloog Hans-Martin Otten van MC Slotervaart in de krant is daarvan geen sprake. Het doorverwijzen van acute patiënten stokt.

Lees het commentaar van Marieke ten Katen: Ziekenhuizen kunnen failliet en zo hoort het ook

Een van de patiënten werd het faillissement vorige week donderdag bijna fataal. De patiënt ondergaat een zware chemotherapie. Na het faillissement werd de patiënt in allerijl overgeplaatst. De verzekeraar nam volgens de krant de leiding bij deze uitplaatsingsoperatie. Maar door de chaotische taferelen werd de patiënt naar het verkeerde ziekenhuis gebracht en overleefde het maar ternauwernood.

 Kamer woest op Bruins

Bijna de hele Tweede Kamer vraagt zich woensdag af of minister Bruins niet de touwtjes in handen had kunnen nemen om de chaos rond de plotselinge sluiting van de ziekenhuizen in Flevoland en Amsterdam te voorkomen.

‘Het lijkt alsof niemand dit zag aankomen, ook de minister niet,’ zei ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers. ‘De minister stond erbij en keek ernaar,’ aldus Lilianne Ploumen (PvdA).

Volgens PVV-Kamerlid Fleur Agema heeft de minister laten zien ‘stuurloos’ te zijn. Dat Bruins bij vragen over een mogelijke doorstart van de ziekenhuizen naar curatoren doorverwees, werd hem niet in dank afgenomen. Het zit alle partijen dwars dat patiënten nog in grote onzekerheid verkeren.

Bijna alle partijen dringen aan op een doorstart van de IJsselmeerziekenhuizen, omdat de regio die zij bedienen veel kwetsbare mensen telt en ziekenhuizen in de omtrek vrijwel niet zouden bijspringen.

In een reactie laat Bruins weten dat de sluiting van de ziekenhuizen ‘rauw op zijn dak viel’. ‘Had ik het maar eerder geweten.’ Ook gaf hij aan dat hij niet op de hoogte was van de patiënt in het MC Slotervaart die door de chaos in levensgevaar raakte.

Volgens Tunahan Kuzu (DENK) tonen de antwoorden van de minister aan dat hij ‘niet in control’ is en onvoldoende op de hoogte is van het functioneren van de ziekenhuizen.

Lees ook: Nog steeds halen ziekenhuizen volumenormen niet

 CNV: zwakke ziekenhuizen onder de loep

Er moet meer politieke aandacht komen voor de financieel zwakkere ziekenhuizen in Nederland, ‘voordat zij zodanig klem worden gezet dat ze niet meer kunnen overleven’. Dat stelt CNV Zorg en Welzijn woensdag.

Welk ziekenhuis is de volgende? Elf ziekenhuizen in geldzorgen

‘Net het hoofd boven water kunnen houden betekent namelijk geen ruimte voor investeringen, opleidingen en ontwikkeling van personeel. Dit is nou juist zo belangrijk om de kwaliteit van zorg en de toekomst van deze ziekenhuizen veilig te stellen,’ aldus de vakbond. Wanneer een sluiting niet is te voorkomen, moet er een ‘zachte landing’ worden gecreëerd. ‘En als partijen daar zelf niet toe in staat zijn, is het aan de minister de regie te nemen.’

Volgens CNV is er bij het faillissement van het MC Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen onzorgvuldig omgesprongen met het personeel.

 Specialisten willen ziekenhuis zelf overnemen

Specialisten van het MC Slotervaart hebben woensdag aangegeven dat zij het ziekenhuis zelf willen overnemen. Dat meldt de NOS. Een groep van 45 artsen steunt het plan om een persoonlijke lening van 50.000 euro per persoon aan te gaan, om zo ruimte te creëren om met de betrokken partijen te praten. De curator heeft in een reactie laten weten dat hij het plan van de specialisten serieus zal nemen, zoals hij dat bij iedere kandidaat doet. De groep artsen heeft het faillissement aangevochten bij de rechter.

Wie de nieuwe bestuursvoorzitter wordt als het plan doorgaat, is niet duidelijk.

Morgen maakt de rechter bekend of het faillissement wordt teruggedraaid.

Marktwerking in de zorg

Is dat een goed idee of niet? Wat houdt marktwerking eigenlijk in? En waarom is het ingevoerd? Bekijk het in deze special van NPO Focus.

Ook goed nieuws !!!!

Winnaars van de vijftiende editie van de Jaarlijkse Ziekenhuis Top 100.

Reinier de Graaf Gasthuis nr 4.

AD 13.11.2018

AD 09.11.2018

HMC nr. 8

AD 09.11.2018

Winnaars

Van de gespecialiseerde ziekenhuizen eindigt het Jeroen Bosch Ziekenhuis op nummer één in de Ziekenhuis Top 100. Doktoren en verpleegkundigen halen alles uit de kast om patiënten op hun gemak te stellen.

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch en Zorgsaam in Zeeuws-Vlaanderen zijn in feite de gezamelijke winnaars van de vijftiende editie van de Ziekenhuis Top 100. Zorgsaam is namelijk het beste streekziekenhuis, het Jeroen Bosch het beste topklinische ziekenhuis in de lijst die morgen verschijnt.

Drie jaar geleden stond Zorgsaam er financieel nog slecht voor

Hierdoor ging Zorgsaam Zeeuws-Vlaanderen, waar het ziekenhuis onderdeel van is, door een diep dal. Ruim tweehonderd mensen verloren hun baan. ,,Al onze medewerkers en artsen hebben altijd het belang van de patiënt voorop gesteld’’, blikt De Beukelaar terug. ,,In die kwetsbare tijd heeft de kwaliteit van zorg nauwelijks of niet geleden onder de financiële crisis.’’

Lees ook;

Een bezoekje aan het beste ziekenhuis van Nederland

Lees meer

Een enorme aanmoedi­ging voor onze dokters en medewer­kers, aldus Lodewijk de Beukelaar, bestuurder ziekenhuis Zorgsaam.

Ook grote vreugde in Den Bosch. ,,Wat een opsteker is dit. Een mooie prestatie van het hele ziekenhuisteam. Dit moeten we zeker vieren’’, zegt Jeroen Derijks, klinisch farmacoloog bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis. Internist-endocrinoloog Linda Kemink: ,,Waaraan wij de prijs te danken hebben? Ik denk vooral aan hoe wij hier met mensen omgaan. Fijn dat dit gezien en gewaardeerd wordt.’’

Reinier de Graaf nr. 4

Van de ziekenhuizen in de Haagse regio kwam Reinier de Graaf als beste uit de bus in de AD ziekenhuis Top 100. Hoe doen ze dat?

Wij zeggen altijd: in Reinier de Graaf staat de medewerker op één, aldus Carina Hilders, directievoorzitter Reinier de Graaf.

De Top 100 maakt gebruik van gegevens die ziekenhuizen elk jaar moeten aanleveren, bijvoorbeeld aan de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Ziekenhuizen worden beoordeeld op 36 aspecten die een doorsnede zijn van de behandeling in ziekenhuizen, zoals oncologie, cardiologie, veelvoorkomende operaties, toezicht op medicijngebruik en de kwaliteit van de verpleging.

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis, de nummer 1 bij de topklinische ziekenhuizen, laat weliswaar punten liggen op het thema verpleging (zo scoort het geen punten voor de controle op pijn na een operatie en de controle op ernstige bloedvergiftiging), maar scoort het veel punten bij oncologie.

Het ziekenhuis verricht voldoende oncologische operaties en heeft dus genoeg ervaring bij zowel blaas-, prostaat- als darmkankeroperaties. Ook scoort het goed op cardiologie, maar krijgt het geen punten voor complicaties na operaties aan een verwijde buikslagader. 21,5 procent van de patiënten heeft complicaties en dat is meer dan gemiddeld.

Vreugde bij de medewerkers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. © Pim Ras

Het personeel van Zorgsaam viert feest. © Pim Ras

Hoe scoort het ziekenhuis bij jou in de buurt? Klik hier voor een weergave op volledig scherm.

Het geld lekte aan alle kanten weg

Het MC Slotervaartziekenhuis en de IJsselmeerziekenhuizen die dit najaar failliet gingen, kampten al tijden met problemen. Waarom zagen ze de ondergang niet aankomen? Een reconstructie.

NRC 22.12.2018 De twee ziekenhuizen die dit najaar failliet gingen, kampten al tijden met problemen. Toch zagen ze de ondergang niet aankomen. Hoe was dat mogelijk? Een reconstructie.

Verbitterd en verslagen zitten Mariska Tichem en Sjoerd de Blok achter een rij tafels bij de zijingang van het Corendonhotel in Amsterdam Nieuw-West. Op een haastig belegde persconferentie hebben de directeuren van het Amsterdamse MC Slotervaartziekenhuis en de IJsselmeerziekenhuizen (Lelystad, Urk, Dronten, Emmeloord) zojuist bekendgemaakt dat ze uitstel van betaling hebben aangevraagd. Het is de opmaat naar een faillissement én mogelijke sluiting van de ziekenhuizen.

Nog maar een week geleden hadden ze dit niet voor mogelijk gehouden. Hoe hebben ze zich zo kunnen vergissen?

„Ik ga hier geen standpunt innemen over de rol van de zorgverzekeraar”, zegt Tichem tijdens de persconferentie. Ze doelt op Zilveren Kruis, veruit de grootste zorgverzekeraar in de regio’s Amsterdam en Flevoland en daarmee de belangrijkste financier van de ziekenhuizen. Een paar minuten later kan ze het toch niet laten. Allerlei voorstellen hebben ze gedaan om dit noodscenario te voorkomen.

We hebben de zorgverzekeraars gevraagd openstaande rekeningen te betalen, zegt Tichem, hoorbaar gefrustreerd. In dat geval hadden de ziekenhuizen volgens haar de salarissen van oktober kunnen betalen en in elk geval rustig een (gedeeltelijke) sluiting van de twee ziekenhuizen kunnen voorbereiden – als het dan toch niet anders kon. Maar ook dat was de ziekenhuizen, eigendom van dezelfde twee zorgondernemers, niet gegund.

Nog geen 48 uur later zijn beide ziekenhuizen, met in totaal meer dan tweeduizend werknemers, failliet. Met stijgende verbazing ziet Nederland dat twee ziekenhuizen ‘uit het niets’ hun deuren moeten sluiten. Patiënten moeten in allerijl worden verplaatst of weten niet waar ze heen moeten. De helft van het tijdelijk personeel komt niet meer opdagen. Chaos alom.

Hoe heeft het zo snel zo vreselijk mis kunnen gaan? Aan de hand van gesprekken met tal van betrokkenen reconstrueerde NRC de ondergang van het MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen. Instellingen die al jaren vochten om te overleven maar tot op het laatst geloofden dat een faillissement vermijdbaar was. Zwak bestuur, ruzie in de top, muitende artsen en een onbuigzame opstelling van Zilveren Kruis hebben de ziekenhuizen over het randje geduwd.

Lees ook: Kankerpatiënten tijdelijk zonder medicatie vanwege sluiten Slotervaart

Schooljongens

Het is een vreemd tafereel op het donkere hoofdkwartier van advieskantoor PwC in Amsterdam-West. Als een stel schooljongens zijn de bestuurders en eigenaren van het Slotervaartziekenhuis en de MC IJsselmeerziekenhuizen de gang op gestuurd. Het is dinsdag 17 juli. Het gebouw is deze warme avond vrijwel uitgestorven. In de vergaderzaal is een afvaardiging van de zorgverzekeraars achtergebleven. Zij zullen vanavond over het lot van de ziekenhuizen beschikken.

De directies van het Slotervaartziekenhuis en de MC Groep in Flevoland hebben zelf het crisisoverleg bijeengeroepen. Directe aanleiding zijn verschillende krantenartikelen. Het Financieele Dagblad heeft een week eerder onthuld dat beide ziekenhuizen miljoenenverliezen lijden en niet langer voldoen aan de afspraken met huisbank ING. „Artsen Slotervaart vrezen faillissement”, kopt NRC een dag later.

De krant citeert uit een interne brief waarin de medisch specialisten, met zoveel woorden, hun vertrouwen opzeggen in de raad van bestuur. Ook twijfelen de artsen aan „de intenties van de aandeelhouders”, zorgondernemers Loek Winter en Willem de Boer. Terwijl er geen geld is voor noodzakelijke investeringen in het verouderde pand, roepen ondoorzichtige opdrachten aan bevriende partijen steeds meer vragen op.

De publicaties zijn op zichzelf al voldoende reden om zorgverzekeraars en bankiers uitleg te geven. De berichten hebben een gevaarlijke dynamiek op gang gebracht. Leveranciers zijn zo geschrokken dat ze niet meer op krediet willen leveren. Het geld dát nog op de ziekenhuisrekeningen staat, vloeit daardoor in hoog tempo weg.

„Als we niet ingrijpen is een neerwaartse spiraal onvermijdelijk”, houdt Willem de Boer die avond zijn gehoor voor in het kantoor van PwC. Aan de hand van 41 sheets vol grafieken, diagrammen en prognoses zet de voormalige zakenbankier tot in detail de financiële situatie uiteen. Welke weergave hij ook kiest, de trend is steeds dezelfde: sterk negatief.

Toch is de situatie niet hopeloos, vindt De Boer. Het MC Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen behandelen op dit moment patiënten waarvoor ze de verzekeraars nog geen rekeningen hebben gestuurd. Daar staat tegenover dat de verzekeraars nog geld krijgen van de twee ziekenhuizen omdat in het verleden te hoge voorschotten zijn betaald.

Het ‘netto saldo’ is voor de ziekenhuizen positief, stelt De Boer. Het enige dat hij nodig heeft, is wat tijd om orde op zaken te stellen.

Aan het eind van zijn presentatie heeft De Boer de zorgverzekeraars daarom gevraagd om een stand still: zijn ze bereid hun vorderingen tijdelijk te bevriezen en de ziekenhuizen een financiële adempauze te geven van drie maanden? Die tijd kunnen ze dan gebruiken om de situatie met leveranciers „te stabiliseren” en een toekomstplan te maken. Dat moet definitief een einde maken aan de voortdurende financiële problemen.

Lees ook het stuk waarin drie directeuren vooruit blikken op de ziekenhuiszorg van de toekomst.

Als de deur van de vergaderzaal na een half uur open zwaait, blijkt dat de ziekenhuisdirecties nog wat geduld moeten hebben. De zorgverzekeraars vragen bedenktijd. Twee dagen later laten gaan ze alsnog akkoord. De ziekenhuizen zijn gered. Althans, voorlopig.

Het is dan al langer duidelijk dat alleen een zware saneringsoperatie de ziekenhuizen op termijn nog kan redden. Ze behandelen simpelweg te weinig patiënten en de kosten zijn te hoog. Terwijl het MC Slotervaart vooral last heeft van hevige concurrentie van andere ziekenhuizen in de hoofdstad, kampen de IJsselmeerziekenhuizen met een krimpende populatie in een toch al dunbevolkt gebied. Bovendien moet er worden geïnvesteerd in de hopeloos verouderde panden.

Schipholmodel

Dit zijn geen recente problemen. De overnames door Winter en De Boer van de IJsselmeerziekenhuizen in 2009 en het MC Slotervaart in 2013, waren in feite reddingsacties. De zorgondernemers, die zelf plaatsnamen in de directie, dachten de oplossing te hebben. Vol vuur draagt Winter, voormalig radioloog, die eerste jaren zijn vergezichten uit.

Zo wil hij specialistische partijen aantrekken om binnen de muren van zijn ziekenhuizen medische disciplines als cardiologie, dermatologie of kno aan te bieden. Ziekenhuizen zullen geld verdienen door shops in shops te worden, zoals de Bijenkorf en Schiphol dat doen.

Het Slotervaart en IJsselmeerziekenhuizen moeten de eerste schakels worden van een lange keten ziekenhuizen, wat ook kosten zal besparen. Denk aan één administratie die de bonnetjes doet voor een hele rij zorginstellingen.

Het is er nooit van gekomen. Een plan van minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) om het verbod op winstuitkeringen in de zorg op te heffen, is niet doorgegaan. Daarmee wordt het investeren in ziekenhuizen veel minder aantrekkelijk.

Intussen krijgen Winter en De Boer intern geen grip op de zaak: patiëntenaantallen blijven achter bij hun verwachting, kosten zijn te hoog en de gebouwen vertonen kuren. Ook de kwaliteit van zorg blijkt een issue. Lelystad komt onder verscherpt toezicht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Bijkomend probleem is een uitdijend leger zzp’ers binnen de ziekenhuismuren, ook op cruciale posities als de intensive care. Het ‘PNIL’-probleem, heet het intern: Personeel Niet In Loondienst. De zzp’ers zijn duur en kunnen zomaar ergens anders aan de slag gaan.

Commissarissen én artsen ergeren zich aan de halfbakken manier waarop Winter en De Boer de problemen aanpakken. Ideeën genoeg, om nog maar te zwijgen van door hen opgetuigde crisisteams, regiegroepen en doorbraaksessies. Maar ze brengen geen oplossingen. En waarom zijn de jaarrekeningen nooit op tijd?

Muiterij

In juni, een maand voor de crisisbijeenkomst in het PwC-kantoor, hebben de commissarissen van het Slotervaartziekenhuis genoeg gezien. Winter is op hun verzoek in februari al teruggetreden als bestuurder, nu gaan ze ‘intern verscherpt toezicht’ houden. De financiën zijn in de eerste maanden van 2018 razendsnel verslechterd. Belangrijkste oorzaak: het aantal behandelingen blijft opnieuw achter bij de verwachting.

De conclusie van de toezichthouders is hard maar eenvoudig: in vrijwel alle afdelingen van het ziekenhuis moet het mes, anders heeft het geen toekomst.

Voor een harde sanering is draagvlak nodig onder het personeel, maar intern is het oorlog. De directie ligt met artsen overhoop over hun ‘productie’. Ondanks een eerdere reorganisatie werken er nog steeds te veel medisch specialisten in het Slotervaartziekenhuis en die maken te weinig omzet, vinden bestuur en commissarissen.

Het Amsterdamse ziekenhuis staat bekend om de prettige sfeer en anarchistische cultuur. Artsen doen veel onderzoek, leiden op en nemen veel tijd voor patiënten. Maar in de ogen van de directie werken de artsen niet hard genoeg. Een klein ziekenhuis als het Slotervaart kan zich dat al lang niet meer permitteren.

Artsen verzetten zich tegen de eis van het bestuur om de productie op te voeren. Ze willen wel, zeggen ze, maar er is te weinig ondersteunend personeel en de apparatuur is verouderd.

Lees meer in het dossier over het faillissement van de ziekenhuizen.

In het voorjaar slaagt het bestuur er met veel moeite in afspraken te maken met de medische staf, die inziet dat de continuïteit van het ziekenhuis op het spel staat. Tien specialisten zullen vertrekken, nieuwe productiedoelstellingen komen op papier. Maar nu het ziekenhuis vecht voor haar voortbestaan, dient zich weer een ander probleem aan: verschillende groepen specialisten oriënteren zich bij instellingen in de omgeving op de mogelijkheid van een overstap.

Een van die afdelingen is de vakgroep bariatrie, de chirurgen die maagverkleiningen doen. Het Slotervaart is al jaren landelijk uitblinker op dit gebied en kan de inkomsten van deze vakgroep niet missen. Het ziekenhuis doet meer dan duizend maagverkleiningen per jaar. De directie is woedend als ze hoort dat de bariaters gesprekken voeren met andere ziekenhuizen.

Het bestuur roept hen ter verantwoording en dreigt per aangetekende brief zelfs met aansprakelijkstelling voor financiële schade als gevolg van een mogelijk vertrek. De chirurgen zijn op hun beurt óók ontevreden. Eerder heeft de directie een einde gemaakt aan een geheime bonusregeling die een aantal jaren eerder speciaal voor de chirurgen was ontworpen. Ook zijn ze boos omdat een plan voor verzelfstandiging van de vakgroep niet doorgaat.

Kortom, terwijl directie en commissarissen voorbereidingen treffen voor een harde reorganisatie, zijn sommige vakgroepen druk met hun eigen toekomst. Ondanks deze onrust willen de ziekenhuizen in de zomer een ingrijpend saneringsplan maken, in Amsterdam én in Lelystad, waar het óók al jaren rommelt. Tot overmaat van ramp is ook daar ruzie uitgebroken in de top. De voltallige raad van commissarissen is plots opgestapt omdat ze zich gepasseerd voelt door de aandeelhouders. Maar de sanering kan niet wachten.

Het vangnet

Op maandagavond 8 oktober in restaurant De Veranda in Amsterdam-Zuid denkt nog niemand aan een faillisement. In ‘The Upperdeck’, een vergaderruimte op de bovenverdieping met kopieën van Andy Warhols Campbell-soepblikken aan de muur, is de voltallige top van de ziekenhuizen bijeen. Ook de artsen hebben een vertegenwoordiger gestuurd. Samen zullen ze de vierkoppige delegatie van Zilveren Kruis overtuigen.

De komende uren zijn cruciaal, dat wel, beseffen Diana Monissen, bestuursvoorzitter van het Prinses Máxima Centrum, en voormalig VUMC-bestuursvoorzitter Elmer Mulder. Beiden zijn commissaris van het MC Slotervaart. Was het juli-overleg in het PwC-kantoor nog crisisberaad, inmiddels verkeren beide ziekenhuizen in acute nood.

Overal lekt geld weg. Pogingen om de inhuur van dure externe krachten terug te dringen, zijn mislukt. In Amsterdam zijn de operatiekamers een paar dagen dicht geweest wegens een probleem met de klimaatbeheersing. En door de ruzie tussen directie en chirurgen blijft het aantal maagverkleiningen in 2018 ver achter bij de verwachting van het bestuur.

Zilveren Kruis moet snel met extra miljoenen over de brug komen, anders kunnen de oktobersalarissen niet worden betaald.

Toch hebben Mulder en Monissen vertrouwen in een goede afloop. In twee aparte sessies presenteren de bestuursvoorzitters Mariska Tichem van het Slotervaart en Sjoerd de Blok van de IJsselmeerziekenhuizen toekomstscenario’s waar bestuurders, commissarissen en consultants van KPMG maandenlang aan hebben gewerkt. Vanavond rekenen de ziekenhuizen eindelijk af met alle oude halfslachtige ingrepen.

Ze kiezen voor radicale krimp. Dat zal pijn doen, weet commissaris Monissen – die zelf meermaals is geopereerd in het MC Slotervaart en verknocht is aan het ziekenhuis. Met minder neemt Zilveren Kruis geen genoegen. Monissen kent de wereld van zorgverzekeraars van binnenuit. Ze was zelf jarenlang bestuurder bij een zorgverzekeraar.

Het MC Slotervaart zal zich voortaan beperken tot een paar specialismen, zoals neurochirurgie, maagverkleiningen en geriatrie. Voor andere disciplines worden partners gezocht. Cardiologie Centra Nederland en de wijkverplegers van Buurtzorg hebben zich al gecommitteerd. Het Slotervaart geeft zo driekwart van zijn omzet op.

Voor Lelystad, dat zich een ruimere functie toedicht als enige ziekenhuis in een landelijke regio, zijn de exacte gevolgen minder duidelijk. Verdere uitwerking van de plannen kost hooguit nog een paar maanden, vertellen de ziekenhuisdirecteuren aan de vertegenwoordigers van Zilveren Kruis.

Om die tijd door te komen hebben de ziekenhuizen gezamenlijk een ‘tijdelijk vangnet’ nodig van bijna 16 miljoen euro, op te tuigen door de zorgverzekeraar.

Zilveren Kruis hoeft niet bang te zijn dat het geld niet terugkomt, zeggen de bestuurders. De ziekenhuizen willen namelijk hun tafelzilver gaan verkopen: hun vastgoed. Uit de verwachte opbrengst van enkele tientallen miljoenen kan Zilveren Kruis worden terugbetaald, waarschijnlijk zelfs al binnen een maand of vier.

Tichem sluit haar presentatie af met een plaatje van een zeilschip in de zon. Eronder de tekst: „De boot verdient rustiger vaarwater en een mooie nieuwe aanlegsteiger, passend bij de zorg op de juiste plek, wie durft. Wij zijn er klaar voor, ZK [Zilveren Kruis, red.] ook?”

De vier man van Zilveren Kruis, aangevoerd door directeur zorginkoop Olivier Gerrits, houden zich op de vlakte. Ze stellen kritische vragen over de financiële onderbouwing. Gerrits wil ook van een aanwezige arts weten of de medische staf de plannen steunt. Die zegt dat de specialisten de ernst van de situatie inzien.

Als Monissen en Mulder naar huis gaan, zijn ze nog net zo optimistisch als toen ze binnenkwamen. De zorgverzekeraar zal de ziekenhuizen toch niet laten vallen nu ze bereid zijn zo diep in hun eigen vlees te snijden?

Doodvonnis

Ze vergissen zich. Bij Zilveren Kruis zijn ze geschrokken dat de financiële situatie sinds de zomer zo snel is verslechterd. Steeds zien ze andere cijfers, andere scenario’s. Er is maar één plan: de verzekeraars moeten betalen, 16 miljoen om te beginnen. De zorgverzekeraar voelt zich voor het blok gezet.

En hoe doortimmerd zijn die saneringsplannen eigenlijk? De uitwerking is mager, vindt Zilveren Kruis. Het zijn vergezichten. Om nog maar te zwijgen van het realiteitsgehalte van de voorgespiegelde vastgoedopbrengsten.

Bovendien betwijfelen Gerrits en zijn collega’s of de ziekenhuizen wel in staat zijn zo zwaar te saneren. Keer op keer zijn reorganisaties stukgelopen op een gebrekkige uitvoering, weerstand van de medische staf en ruzie in de top. Wie garandeert Zilveren Kruis dat het rumoer nu voorbij is?

En misschien het belangrijkste bezwaar: een zorgverzekeraar is geen bank, vindt Zilveren Kruis. Het verzoek om een vangnet zonder garanties is in feite een verzoek om risicofinanciering met zorgpremies. Daar kan Zilveren Kruis niet aan beginnen, vinden ze. Zeker niet bij ziekenhuizen met zoveel achterstallig onderhoud en zulke zwakke financiën. Daarvoor moeten de ziekenhuizen maar naar de bank.

Zilveren Kruis maakt die overwegingen intern. Geen toezichthouder of ministerie kijkt direct mee. Op maandag 15 oktober belt Zilveren Kruis met beide ziekenhuisdirecteuren. De boodschap: wij wijzen jullie verzoek af. Commissarissen en bestuurders zijn overdonderd. Wat betekent dit?

Zilveren Kruis mag dan geen bank zijn, huisbank ING overweegt pas extra geld te lenen als de verzekeraars de plannen ondersteunen. Kortom, de zorgverzekeraar kijkt naar de bank, terwijl de bank wacht op de zorgverzekeraar.

De volgende middag reizen delegaties van de ziekenhuizen naar Leusden voor een gesprek op kantoor van Zilveren Kruis. Vlak voor ze Leusden bereiken krijgen ze per mail de brief waarin Zilveren Kruis zijn afwijzing van het vangnet toelicht en bekrachtigt. De crux zit in een paar woorden aan het einde van de brief: „… ziet Zilveren Kruis zich genoodzaakt om declaraties per heden te gaan verrekenen”.

De zorgverzekeraar gaat de declaraties die de ziekenhuizen sturen, verrekenen met de vorderingen die het op ze heeft. Daardoor komt er geen geld meer binnen en trekt Zilveren Kruis de ziekenhuizen omver.

Die avond beseffen de ziekenhuisbestuurders dat sluiting onvermijdelijk is. Al hun toekomstplannen zijn voor niets geweest. De volgende dag, op 17 oktober, doet het Slotervaartziekenhuis een ultiem aanbod aan alle zorgverzekeraars om dan maar zelf te mogen sluiten.

Geef ons op zijn minst een paar weken, is de smeekbede. Dat kost jullie een paar miljoen, maar dan kunnen we het ziekenhuis in stilte voorbereiden op een ‘zachte landing’. Dat voorkomt chaos en maatschappelijke onrust en is beter voor patiënten en werknemers.

Loek Winter stuurt donderdagavond een laatste app naar Olivier Gerrits. „Olivier, (…) Een harde landing zal een bloedbad worden waarbij continuïteit, patiëntenzorg, respect naar medewerkers niet uitlegbaar is en bovendien onnodig is. (…). Laten we de verantwoordelijkheid voor goede patiëntenzorg continueren. Met vriendelijke groet, Loek.”

Het haalt niets uit. Vijf dagen later zet Mariska Tichem zich achter een tafel in het Amsterdamse Corendonhotel. „U kunt zich voorstellen dat ik diep teleurgesteld ben.”

Verantwoording

Voor dit verhaal sprak NRC met zestien mensen bij onder andere het MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen en verschillende zorgverzekeraars, die direct bij de faillissementen betrokken waren. Zij wilden niet geciteerd worden en spraken met NRC op voorwaarde van anonimiteit. Verder baseerde de krant zich op interne documenten, presentaties, beleidsdocumenten, e-mailverkeer, brieven en een rapport van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).

Lees ook deze artikelen;

Na IJsselmeerziekenhuizen ook MC Slotervaart failliet verklaard

Hulp voor definitieve sluiting MC Slotervaartziekenhuis

St Jansdal enige kandidaat doorstart IJsselmeerziekenhuizen

Ziekenhuizen in Amsterdam en Lelystad in acute geldnood

Bruins wachtte lang en beloofde te veel

Lees alles over het Faillissement van de MC-ziekenhuizen in ons dossierAD

Documenten;

lees: Careyn Schiedam rapport november 2018 07.11.2018

lees: Careyn Schiedam brief einde aanwijzing december 2018 18.12.2018

lees: beantwoording Kamervragen over bericht dat patient volgens artsen mc-slotervaart in levensgevaar was 02.11.2018

lees: kamerbrief beantwoording vragen faillissement slotervaartziekenhuis 01.11.2018

lees: Aan het werk in het verpleeghuis  30.10.2018

lees: ActiZ Resultaten uit het verpleeghuis.pdf 30.10.2018

lees: kamerbrief-onderhandelaarsakkoord-medisch-specialistische-zorg-2019-2022

lees: kamerbrief-over-hoofdlijnenakkoord-medisch-specialistische-zorg-2019-2022

lees: kamerbrief over bestuurlijk akkoord huisartsenzorg 2019-2022  11.07.2018

lees: bestuurlijk akkoord huisartsenzorg 2019-2022 11.07.2018

lees: kamerbrief-over-hoofdlijnenakkoord-wijkverpleging 06.06.2018

lees: Hoofdlijnenakkoord wijkverpleging 2019-2022 06.06.2018

lees: kamerbrief over onderhandelaarsakkoord wijkverpleging 2019-2022 24.05.2018

lees: onderhandelaarsakkoord wijkverpleging 2019-2022 22.05.2018

lees: Brief Verzameloverleg Patienten Clientenrechten 18.04.2018

lees: Pact voor de Ouderenzorg 08.04.2018

lees: Deelnemende partijen Pact voor de Ouderenzorg 08.04.2018

lees: kamerbrief over actieprogramma werken in de zorg 14.03.2018

lees: Actieprogramma Werken in de Zorg14.03.2018

Lees de brief aan Karsten Klein, wethouder Stedelijke Economie, Zorg en Havens, gemeente Den Haag 26.02.2018

lees: kamerbrief-over-waardigheid-en-trots-aanpak-vernieuwing-verpleeghuiszorg 4 juli 2016

lees: kamerbrief over waardigheid en trots aanpak vernieuwing verpleeghuiszorg 04.07.2016

lees: eindrapportage toezicht igz op 150 verpleegzorginstellingen 07.2016

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

Faillissement MC-ziekenhuizen: niemand nam verantwoordelijkheid

NOS 04.03.2020 De faillissementen van het Slotervaartziekenhuis en de IJsselmeerziekenhuizen verliepen ongecontroleerd. Er zijn inschattingsfouten gemaakt en niemand nam de verantwoordelijkheid. Voor patiënten verliepen de faillissementen onacceptabel: zij zijn de dupe geworden van een stelsel dat er juist op gericht moet zijn hen te beschermen. Dat zijn de belangrijkste conclusies van de commissie-Van Manen, die de ziekenhuisfaillissementen onderzocht.

De twee ziekenhuizen stonden al op de rand van een faillissement toen ze werden overgenomen door de MC Groep en daarna kwamen ze in een negatieve spiraal terecht. Te lang is gedacht dat het wel goed zou komen, maar door afhankelijkheid van één zorgverzekeraar en veel concurrentie van andere ziekenhuizen, hebben ze het niet gered, zegt de commissie.

Beide ziekenhuizen, het MC Slotervaart in Amsterdam en de MC IJsselmeerziekenhuizen, met vestigingen in Lelystad, Dronten, Emmeloord en Urk, gingen op 25 oktober 2018 failliet. Dat leidde tot grote onzekerheid bij patiënten en medewerkers. Minister Bruins voor Medische Zorg liet daarom onderzoek doen.

Dominante zorgverzekeraar

Volgens de onderzoekscommissie waren de twee relatief kleine ziekenhuizen voor hun voortbestaan afhankelijk van de jaarlijkse afspraken met zorgverzekeraar Zilveren Kruis. Die had een dominante marktpositie. Daardoor was de onderhandelingsruimte van de ziekenhuizen beperkt en raakten ze steeds meer overgeleverd aan het vertrouwen en de gunfactor van die zorgverzekeraar.

Tegelijkertijd liepen de kosten op, onder meer doordat de ziekenhuizen steeds afhankelijker werden van personeel dat niet in loondienst was, ook op sleutelposities. Daardoor was er weinig geld om achterstallig onderhoud in te lopen en raakten reserves verder uitgeput. Uiteindelijk hadden beide ziekenhuizen onvoldoende geld om de rekeningen en salarissen te betalen.

Papieren werkelijkheid

Plannen van de ziekenhuisbestuurders om de zaken ten goede te keren, konden vooral in het Slotervaartziekenhuis op maar weinig draagvlak rekenen onder het medisch personeel. Het ziekenhuis was in private handen, met een aandeelhouder. De ondernemingsraad en de medische staf waren wantrouwig, omdat er weinig openheid was over de financiële situatie. Nieuwe plannen en oplossingen kwamen daardoor nauwelijks van de grond, concluderen de onderzoekers.

Reactie van de ziekenhuizen:

De oud-bestuurders, -commissarissen en -aandeelhouder van het MC Slotervaart vinden het rapport van de commissie “evenwichtig en gedegen” en “onderschrijven de conclusies en lessen”. Ze benadrukken dat afbouw en sluiting van het ziekenhuis zonder faillissement had gekund.

Ook de voormalig bestuurders, commissarissen en aandeelhouder van de MC IJsselmeerziekenhuizen zijn “blij met het evenwichtige rapport”, dat “blijk geeft van zorgvuldig en gedegen onderzoek”. “Terecht concludeert de commissie dat er voor kleine ziekenhuizen een toenemende eenzijdige afhankelijkheid bestaat van zorgverzekeraars. Voorts is samenwerking tussen betrokken partijen in de regionale zorg van belang indien een ziekenhuis genoodzaakt is af te bouwen. Op alle partijen rust een gedeelde verantwoordelijkheid om patiëntveiligheid onder alle omstandigheden te waarborgen.”

Partijen als de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en zorgverzekeraar Zilveren Kruis belandden in een papieren werkelijkheid van plannen en nieuwe vragen, waarbij de werkelijke situatie verder verslechterde, zegt de commissie. Die neemt het de ziekenhuisbesturen, aandeelhouder en zorgverzekeraar kwalijk dat zij intussen naar de buitenwereld bleven uitstralen dat het zo’n vaart niet zou lopen.

Volgens de onderzoekers hadden de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en het ministerie van VWS kunnen ingrijpen, maar hadden zij pas veel te laat in de gaten dat het echt mis ging. Ook zij gingen ervan uit dat het goed zou komen, en dat cruciale zorg altijd, zelfs in geval van een faillissement, beschikbaar zou zijn.

Wijzen naar een ander

Daardoor overviel de surseance van betaling en het faillissement alle partijen en was er geen plan om de continuïteit van zorg voor patiënten te garanderen. “Betrokkenen kijken hier naar elkaar, en leggen de verantwoordelijkheid wel bij de ander maar niet bij zichzelf, en nog minder bij hun falend gezamenlijk optreden. Zij hebben daar ook geen belang bij. De patiënt is uiteindelijk de dupe”, concludeert de commissie.

Volgens de onderzoekers was de situatie van het Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen uniek, maar is het zeker mogelijk dat ook andere ziekenhuizen met een hoge schuldenlast langzaam in een neerwaartse spiraal terechtkomen. Om te voorkomen dat een ziekenhuisfaillissement nog eens “op deze voor patiënten onacceptabele wijze verloopt”, moeten alle betrokkenen lering trekken uit wat er is gebeurd, vindt de commissie.

Bekijk ook;

Snoeihard rapport: ‘Bestuur failliete ziekenhuizen speelde te lang mooi weer, waakhonden zaten te slapen’

AD 04.03.2020 Bestuurders van het failliete Slotervaartziekenhuis en de IJsselmeerziekenhuizen, de aandeelhouder en zorgverzekeraar Zilveren Kruis hebben in aanloop naar het bankroet veel te lang de schijn opgehouden dat alles wel goed zou komen. En de zorgwaakhonden en het ministerie van Volksgezondheid kregen pas veel te laat in de gaten dat het echt mis was.

Dat schrijft de commissie Van Manen, die onderzoek heeft gedaan naar de faillissementen van de ziekenhuizen, in een vanmorgen verschenen rapport. De zwakke financiële positie van de ziekenhuizen paste volgens de commissie voor de betrokkenen in een patroon dat ze vaker hadden gezien, en waarbij het uiteindelijk altijd goed kwam. Dus was er ‘geen gezamenlijk gevoel van urgentie’.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Op 25 oktober 2018 deed zich daardoor een uitzonderlijke situatie voor. Vrijwel gelijktijdig werden twee ziekenhuizen failliet verklaard: het MC Slotervaart in Amsterdam en de MC IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland. De faillissementen leidden tot veel maatschappelijke beroering, en raakten patiënten, personeel en andere betrokkenen.

Patiënten van het MC Slotervaart moesten zelfs binnen enkele dagen worden overgedragen aan andere ziekenhuizen, personeel zat ineens zonder werk. In Flevoland werd de meeste zorg weliswaar voortgezet en stapje voor stapje afgebouwd, maar ook hier zorgden de abrupte sluiting van de afdeling acute verloskunde en de voorgenomen sluiting van de spoedeisende hulp voor de nodige maatschappelijke onrust.

Roerige geschiedenis

Meerdere partijen zijn te laat geweest met het onderken­nen van de ernst van de situatie en zijn te lang blijven hangen in hun eigen visie en rolopvat­ting, aldus Uit rapport commissie Van Manen .

De commissie constateert dat beide ziekenhuizen een roerige geschiedenis kennen die gekenmerkt wordt door bestuurlijke instabiliteit en een financieel wankele basis. Beide ziekenhuizen waren op het moment van het faillissement eigendom van dezelfde aandeelhouders en verkeerden enkele jaren eerder, ten tijde van de overname, al in financiële nood.

,,Toch lijkt het scenario van een dergelijk abrupt faillissement door de betrokken actoren nauwelijks te zijn voorbereid, waardoor een ongecontroleerde situatie ontstaat. Hoewel er uiteindelijk geen grote incidenten plaatsvinden, is er wel degelijk een situatie ontstaan waarbij sprake was van risico’s voor de patiëntveiligheid.” Eerder constateerde de zorginspectie dat ook al, net als de Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Volgens de commissie onder leiding van Jaap van Manen, emeritus hoogleraar corporate governance (Groningen), zijn meerdere partijen te laat geweest met het onderkennen van de ernst van de situatie en zijn ze te lang blijven hangen in hun eigen visie en rolopvatting. ,,De gang van zaken richting het faillissement viel te vergelijken met een vechtscheiding, waarbij partijen elkaar gevangen hielden. Naar onze mening is dit een onacceptabele situatie die in de toekomst voorkomen moet worden.”

Unieke zaak

Tegelijk zegt de commissie dat deze zaak, twee ziekenhuizen tegelijk bankroet, ‘uniek’ is. Toch kunnen er algemene lessen uit worden getrokken. Zo moeten betrokkenen (bestuurders, toezichthouders, verzekeraars) bij andere ziekenhuizen in nood leren dat het belang van de patiënt altijd voorop moet staan, desnoods ten koste van hun eigen belangen. Eventueel kan dat in wetgeving worden verankerd.

Besturen van ziekenhuizen in zwaar weer krijgen de goede raad om tijdig een plan op te stellen waarin verschillende scenario’s worden uitgewerkt. Ook het ministerie van Volksgezondheid, banken en gemeenten moeten hierbij actief worden betrokken. Als het uiteindelijk toch tot surseance van betaling en faillissement komt, mag de patiënt daarvan zo min mogelijk hinder ondervinden.

Ziekenhuizen, inspecties en zorgverzekeraars moeten daarom afspraken maken over hoe het risico van het wegvallen van personeel op kwetsbare posities wordt beheerst; hoe de kwaliteit en veiligheid van de geboden zorg wordt geborgd, ook als die moet worden overgedragen aan andere zorgaanbieders; hoe de verschillende scenario’s worden betaald en door wie; hoe de communicatie naar patiënten en huisartsen wordt geregeld.

Zwakke onderhandelingspositie

Met het tijdig detecteren van ziekenhui­zen in de problemen was in deze casus niets mis. Waar het om gaat is dat alle partijen doordron­gen raken van de urgentie ervan, aldus Uit rapport commissie Van Manen.

Ook zijn er aanbevelingen voor alleen de zorgverzekeraars. In het geval van de failliete ziekenhuizen had zorgverzekeraar Zilveren Kruis een marktaandeel van 55 tot 60 procent. Dit gegeven bezorgde de ziekenhuisbesturen een relatief zwakke onderhandelingspositie ten opzichte van Zilveren Kruis.

De commissie vindt het wenselijk dat alle zorgverzekeraars, daar waar mogelijk, ernaar streven meerjarencontracten af te sluiten met ziekenhuizen. Ook moeten geschillen over afrekeningen met ziekenhuizen binnen een maand worden beslecht, vanwege hun bescheiden reserves. Verder is het opzetten van een geschillenregeling belangrijk, als partijen er samen niet snel uitkomen.

Tot slot concludeert de commissie Van Manen dat het waarschuwingssysteem om financiële problemen vroegtijdig te signaleren, geen oplossing biedt. ,,Met het tijdig detecteren van ziekenhuizen in de problemen was in deze casus immers niets mis. Waar het om gaat is dat alle partijen doordrongen raken van de urgentie ervan, en dat zij vervolgens gezamenlijk in actie komen en daarbij het beschermen van de patiënt centraal stellen.”

Overigens wilden de curator van de IJsselmeerziekenhuizen en de tweede accountant niet meewerken aan het onderzoeksrapport, omdat dat wettelijk niet hoeft. Van Manen: ,,Dat was jammer, maar we hebben er omheen kunnen werken en het heeft ons niet belemmerd.”

Patiëntveiligheid in geding door chaotisch faillissement MC Slotervaart

NU 19.12.2019 Door de chaotische en ongecontroleerde faillissementen van het Amsterdamse MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen in Lelystad was de veiligheid van de patiënten in het geding. Dat meldt de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in een donderdag gepubliceerd onderzoeksrapport over de patiëntveiligheid.

De ziekenhuizen werden in oktober vorig jaar kort na elkaar failliet verklaard. Hoewel de patiëntveiligheid ondergeschikt was, zegt de raad dat zich dankzij de “inzet” en “veerkracht” van het personeel geen ernstige ongevallen hebben voorgedaan.

De faillissementen leidden tot vertragingen van en terugvallen in behandeltrajecten van duizenden patiënten. Zo werden operaties afgezegd, waren medicijnen niet aanwezig en werden patiënten naar verkeerde ziekenhuizen gestuurd.

Daarnaast konden artsen geen “weloverwogen besluiten” nemen over medische ingrepen, omdat voor hen niet duidelijk was welke middelen beschikbaar waren bij eventuele complicaties.

Faillissementen van ziekenhuizen verliepen chaotisch

De faillissementen verliepen chaotisch doordat de zorg door het ziekenhuis abrupt moest worden afgebouwd en overgedragen moest worden aan andere ziekenhuizen. De OVV spreekt van een situatie waar niemand zich op had voorbereid.

De raad meldt ook dat de curatoren bezig waren met de afhandeling van de faillissementen, maar zich ook hebben ingezet voor de patiënten. De onderzoekers menen dat een veilige afwikkeling van een toekomstig ziekenhuisfaillissement belemmerd kan worden doordat het belang van patiënten en de patiëntveiligheid niet boven het belang van de schuldeisers staan.

De curatoren van de MC IJsselmeerziekenhuizen zijn het niet eens met de onderzoeksresultaten. Er is geen sprake geweest van onveilige situaties voor patiënten, zeggen ze. “De inzet van de curatoren is er steeds op gericht geweest om de belangen van de patiënten te dienen, naast de belangen van de crediteuren.”

Minister Bruno Bruins voor Medische Zorg en Sport wordt door de OVV aangeraden ervoor te zorgen dat een ziekenhuisfaillissement voortaan alleen gecontroleerd plaatsvindt. Curatoren moeten daarnaast de wettelijke taak krijgen patiëntveiligheid voorop te stellen.

Lees meer over: Amsterdam  Lelystad  MC Slotervaart  Binnenland

Patiëntveiligheid kwam op tweede plaats bij faillissement ziekenhuizen

NOS 19.12.2019 Bij het faillissement van de ziekenhuizen MC Slotervaart in Amsterdam en MC IJsselmeerziekenhuizen, vorig jaar oktober, is de veiligheid van de patiënten in het geding geweest. Het faillissement verliep chaotisch en ongecontroleerd, omdat er in het Nederlandse zorgstelsel geen regelingen zijn voor het geval een ziekenhuis bankroet gaat.

Tot die conclusie komt de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Ziekenhuizen hebben een maatschappelijke functie en lopende behandelingen van patiënten kunnen niet zomaar afgebroken worden. Daarom moeten de zorgplicht en het faillissementsrecht worden aangepast, vindt de Raad.

Daarbij ziet de Raad een rol weggelegd voor de zorgverzekeraars: die zouden een soort garantiefonds moeten vormen. Als er een ziekenhuis failliet gaat, kan de zorg met behulp daarvan gecontroleerd worden afgebouwd en hoeft alles niet op stel en sprong te worden geregeld. Ook zouden de curatoren verplicht moeten worden de patiëntveiligheid voorop te stellen.

“Velen hebben daar wel voor geknokt in de chaotische weken rond het faillissement”, zegt voorzitter Dijsselbloem van de Raad. Maar het was niet goed geregeld, en heel veel andere, private belangen hebben dit belang van patiëntveiligheid en continue zorg voor de patiënten vaak aan de kant gedrukt.”

Abrupt afgebouwd

Zorgverzekeraars zijn in Nederland de belangrijkste financiers van de ziekenhuiszorg. Bij het faillissement van het Slotervaartziekenhuis ontstond discussie over de rol van verzekeraar Zilveren Kruis, die optrad namens alle verzekeraars.

Zilveren Kruis zei dat het faillissement onafwendbaar was en dat er in andere ziekenhuizen voldoende capaciteit was om de patiënten op te vangen. Maar artsen van het ziekenhuis vonden dat de verzekeraar patiënten onnodig in gevaar bracht.

De Raad constateert nu in zijn onderzoeksverslag ook dat Zilveren Kruis niet inging op de vraag om ziekenhuizen in fases te sluiten. De zorg moest abrupt worden afgebouwd en overgedragen. Daar was niemand op voorbereid, waardoor een chaos ontstond: andere ziekenhuizen hadden geen plek, medewerkers van de failliete ziekenhuizen waren aangeslagen en hadden geen zekerheid over hun baan en inkomen. Om dat te voorkomen moet eerder een stille bewindvoerder worden aangesteld om een ziekenhuisfaillissement voor te bereiden, zegt Dijsselbloem.

Tussen wal en schip

Overigens hebben zich in de weken rond het faillissement geen calamiteiten voorgedaan. Maar de overdracht van het ene naar het andere ziekenhuis verliep rommelig en soms kwamen patiënten tussen wal en schip terecht, zoals iemand met een herseninfarct die enige tijd niet terecht kon bij artsen.

Twintig patiënten met leukemie of prostaatkanker zaten een tot twee weken zonder medicijnen, omdat de groothandel die niet meer wilde leveren. Ze zijn niet in gevaar geweest. “Dat er geen grote ongelukken zijn gebeurd, is echt te danken aan het improvisatietalent van het gewone zorgpersoneel in de ziekenhuizen, dat zijn stinkende best heeft gedaan om te zorgen dat het niet fout ging”, denkt Dijsselbloem.

Vorige maand constateerde de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd al dat een ongecontroleerd faillissement van een ziekenhuis nooit meer mag voorkomen.

Bekijk ook;

Veiligheid patiënten in gevaar bij faillissement ziekenhuizen

Telegraaf 19.12.2019 De veiligheid van patiënten is in gevaar geweest bij het „chaotische en ongecontroleerde” faillissement van MC Slotervaart en MC IJsselmeerziekenhuizen. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in een rapport dat donderdag is verschenen. Voor zover bekend heeft dit niet geleid tot „ernstige ongevallen”, schrijven de onderzoekers.

Beide ziekenhuizen werden in oktober 2018 failliet verklaard. Het faillissement leidde volgens de OVV tot vertragingen en terugval in behandeltrajecten van duizenden patiënten. Operaties gingen niet door, medicijnen waren niet beschikbaar, patiënten belandden in verkeerde ziekenhuizen of er ontbraken actuele medische gegevens, staat in het rapport.

Bovendien was niet duidelijk welke faciliteiten of specialisten beschikbaar waren in het geval van complicaties bij een medische ingreep. „Daardoor konden artsen niet weloverwogen besluiten over medische ingrepen.” Dat er geen incidenten zijn geweest, is mede te danken aan „inzet en veerkracht van het ziekenhuispersoneel”, zegt de OVV.

Voor personeel ziekenhuizen niet duidelijk wie wat moest doen

De zorg moest abrupt worden afgebouwd toen de financiële situatie kritiek bleek en de salarissen niet meer konden worden uitbetaald, aangezien de zorgverzekeraar niet wilde meewerken aan een gefaseerde afbouw. „Een situatie waar niemand zich op had voorbereid en die chaotisch verliep”, schrijven de onderzoekers.

Volgens de raad ontbraken operationele draaiboeken en waren zorgaanbieders in de regio niet voorbereid op de overname van patiënten. Daarnaast bleef het personeel verantwoordelijk voor goede zorg, terwijl ze in onzekerheid verkeerden over hun baan en inkomen en aangeslagen waren door de situatie. Het was echter niet duidelijk wie welke taak had en er was een gebrek aan materialen en medische faciliteiten, stellen de onderzoekers.

De OVV constateert dat het Nederlandse zorgstelsel geen garantie biedt voor een gecontroleerd faillissement van een ziekenhuis. De raad adviseert dan ook de zorgplicht en het faillissementsrecht aan te passen zodat de patiëntveiligheid voorop komt te staan.

Reactie: geen gevaar bij IJsselmeerziekenhuizen

De curatoren van de failliete IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland ontkennen dat de veiligheid van de patiënten in gevaar is geweest. Ze spreken daarmee de conclusies tegen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV).

Volgens de curatoren was de situatie in de IJsselmeerziekenhuizen anders dan in het Amsterdamse Slotervaartziekenhuis, omdat in Flevoland wel sprake was van een gecontroleerde afbouw. Maar de OVV lijkt volgens hen geen onderscheid te maken tussen beide ziekenhuizen.

„De inzet van de curatoren van de IJsselmeerziekenhuizen is er steeds op gericht geweest om de belangen van de patiënten te dienen naast de belangen van de crediteuren”, staat in een verklaring. „Met de toereikende wettelijke instrumenten en de geweldige inzet van de personeelsleden van de ziekenhuizen en overige betrokken partijen is dit mogelijk gebleken. De zorg voor patiënten heeft dan ook niet geleden onder de zorg voor de belangen van de crediteuren.”

Bekijk meer van; ziekenhuis verzekeringen gezondheidszorgbeleid Amsterdam OVV MC Slotervaart

Patiënten naar verkeerde ziekenhuis gestuurd en medicatie niet op orde bij faillissement

AD 19.12.2019 Het faillissement van het MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen in 2018 verliep chaotisch en ongecontroleerd. Patiënten werden naar verkeerde ziekenhuizen gestuurd, medicijnen waren niet beschikbaar en er ontbraken actuele medische gegevens. De veiligheid van de patiënten was in het geding.

Dat blijkt uit een rapport van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid dat vandaag is gepubliceerd. Het faillissement van het Amsterdamse MC Slotervaart en de Lelystadse MC IJsselmeerziekenhuizen leidde tot vertragingen en terugval in behandeltrajecten van duizenden patiënten. Ook werden operaties afgezegd, waren medicijnen niet beschikbaar, werden patiënten naar verkeerde ziekenhuizen gestuurd of ontbraken actuele medische gegevens.

Dat er geen ernstige ongevallen zijn gebeurd is mede te danken aan de inzet en veerkracht van het ziekenhuis­per­so­neel, aldus Onderzoeksraad voor de Veiligheid.

Omdat niet duidelijk was welke faciliteiten of specialisten beschikbaar waren in het geval van complicaties bij een medische ingreep, konden artsen niet weloverwogen besluiten over medische ingrepen. Toch zijn er volgens de onderzoeksraad géén ernstige ongevallen bekend als gevolg van de faillissementen. Dit is volgens de raad ‘mede te danken aan inzet en veerkracht van het ziekenhuispersoneel’.

Abrupt afgebouwd

De zorg moest abrupt worden afgebouwd toen de financiële situatie kritiek bleek en de salarissen niet meer konden worden uitbetaald, aangezien de zorgverzekeraar niet wilde meewerken aan een gefaseerde afbouw. ,,Een situatie waar niemand zich op had voorbereid en die chaotisch verliep”, schrijven de onderzoekers.

De belangen van de patiënt bleken na het faillissement in de knel te komen. De curatoren waren verantwoordelijk voor de afbouw van zorg en hebben zich ingezet voor de patiënten. Tegelijkertijd hadden ze de wettelijke taak om het ziekenhuis te liquideren en daarbij zoveel mogelijk geld te verzamelen voor de schuldeisers. De onderzoeksraad wil dat de regels bij faillissementen wordt aangepast zodat de patiëntveiligheid voorop komt te staan.

Zorgplicht

Zorgverzekeraars zijn verplicht om verzekerden te voorzien van goede zorg in de regio, daarvoor kopen ze zorg in bij ziekenhuizen. Daar is verzekeraar Zilveren Kruis ook op gewezen in de weken vóór het Lelystadse ziekenhuis omviel. Zilveren Kruis concludeerde dat er genoeg capaciteit in omliggende ziekenhuizen was en stelde daarmee te voldoen aan de zorgplicht. De Raad concludeert echter dat niet is meegewogen dat lopende behandeltrajecten voor duizenden patiënten onderbroken of vertraagd werden.

Het rapport van de Onderzoeksraad is slechts één van de vier onderzoeken naar het faillissement van MC Slotervaart en dat van de IJsselmeerziekenhuizen. Een commissie onder leiding van emeritus hoogleraar Jaap van Manen en de Nederlandse Zorgautoriteit is nog bezig met onderzoek.

Eind vorige maand verscheen al een rapport van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd over de patiëntveiligheid. De inspectie concludeerde toen ook al dat het faillissement van het MC Slotervaart in 2018 tot onnodig veel onrust en onduidelijkheid heeft geleid. Zo’n ongecontroleerd faillissement mag van de inspectie ‘nooit meer voorkomen in de zorg’.

Zorg in elk ziekenhuizen in gevaar

In oktober concludeerde BDO Accountants in de jaarlijkse Benchmark Ziekenhuizen dat de zorg in elf Nederlandse ziekenhuizen in gevaar is. De wachtlijsten worden langer en personeelstekorten zijn schrijnend. Ook al doen ziekenhuizen het financieel iets beter dan vorig jaar, ‘het gevreesde zorginfarct’ is volgens accountants ‘niet afgewend’.

Het LangeLand Ziekenhuis in Zoetermeer scoorde het slechtst; dat krijgt nu een twee en vorig jaar een drie. Het Ommelander Ziekenhuis in Groningen moet het doen met een schamele vier, terwijl dat vorig jaar nog een acht kreeg.

Volgens de accountants is het vooral zorgwekkend als ziekenhuizen het twee jaar achter elkaar slecht doen. Drie ziekenhuizen scoren nu een vijf en vorig jaar een vier. Dat geldt voor het HagaZiekenhuis in Den Haag, het Brabantse Maasziekenhuis Pantein en het Zaans Medisch Centrum.

Verder bungelen ook onderaan de lijst nog het Limburgse Zuyderland (nu een vijf vorig jaar een twee), Ziekenhuisgroep Twente (nu een vijf, vorig jaar een drie), het Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis in Nijmegen (beide jaren een vijf). Kijk op deze interactieve kaart om te zien hoe het ziekenhuis bij jou in de buurt scoort. De rode ziekenhuizen scoren onvoldoendes.

Patiënten waren in gevaar bij faillissement ziekenhuizen

MSN 19.12.2019 Bij het faillissement van het MC Slotervaart en MC IJsselmeerziekenhuizen is de veiligheid van patiënten in gevaar geweest. Het faillissement verliep ‘chaotisch en ongecontroleerd’. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in een rapport.

Voor zover bekend heeft dit niet geleid tot ernstige ongevallen, schrijven de onderzoekers. Beide ziekenhuizen werden in oktober 2018 failliet verklaard. Het faillissement leidde volgens de OVV tot vertragingen en terugval in de behandeling van duizenden patiënten.

Medische gegevens ontbraken

Operaties gingen niet door, medicijnen waren niet beschikbaar, patiënten belandden in verkeerde ziekenhuizen of er ontbraken actuele medische gegevens, staat in het rapport.

Lees ook:

Bod gemeente op Slotervaart afgewezen, curator wil nu snel verkopen

De zorg moest abrupt worden afgebouwd toen de financiële situatie kritiek bleek en de salarissen niet meer konden worden uitbetaald, aangezien de zorgverzekeraar niet wilde meewerken aan een gefaseerde afbouw. “Een situatie waar niemand zich op had voorbereid en die chaotisch verliep”, schrijven de onderzoekers.

Maatschappelijke functie

De Raad beveelt aan om de zorgplicht en het faillissementsrecht aan te passen zodat het belang van patiëntveiligheid voorop komt te staan. “Omdat ziekenhuizen een maatschappelijke functie hebben en lopende behandelingen niet direct beëindigd kunnen worden, vergt een faillissement van een ziekenhuis een andere aanpak dan gebruikelijk.”

Medewerkers failliet Slotervaart voerden vorig jaar actie na de sluiting:

Bekijk deze video op RTL XL

“Het was voor iedereen onmenselijk.”

RTL Nieuws; MC Slotervaart  IJsselmeerziekenhuizen  Faillissementen  Nederland

Slotervaartziekenhuis gereanimeerd door deal met Zadelhoff

Telegraaf 17.12.2019 Het teloorgegane Slotervaartziekenhuis wordt weer tot leven gewekt. Het faillissement wordt ongedaan gemaakt en huisartsen en verpleeghuiszorg zullen delen van het gebouw gaan huren van de nieuwe eigenaar, vastgoedbedrijf Zadelhoff. Er komt zo een spectaculair einde aan de ziekenhuissoap.

Vanmiddag wordt de deal tussen de gemeente Amsterdam en het vastgoedbedrijf aan de Amsterdamse gemeenteraad voorgelegd. Sinds het faillissement van oktober 2018 is er een heuse soap gaande geweest rond het ziekenhuis.

Vastgoedbedrijf Zadelhoff wilde samen met oud-eigenaren Loek Winter en Willem de Boer het faillissement ongedaan maken en het ziekenhuis overnemen, maar de gemeente dreigde die deal te blokkeren, omdat Winter en De Boer onder vuur liggen.

Zadelhoff betaalt schulden af

Uit de gesprekken tussen de gemeente en Zadelhoff sinds de zomer, volgt dat Amsterdam steun biedt voor de overname, maar wel onder voorwaarden. Zadelhoff zal daarvoor alle schuldeisers ( ING, UWV, werknemers, en leveranciers) afbetalen. Zadelhoff wil tot €45 miljoen daarvoor uitlenen aan de ziekenhuisvennootschap.

Daar kunnen waarschijnlijk bijna alle schulden van afbetaald worden. Als de schuldeisers daarmee akkoord gaan, wordt het failliet van het Slotervaartziekenhuis ongedaangemaakt. Dat moet in maart nog officieel rondkomen, maar de gemeente gaat hier niet meer voor liggen.

De reden dat de partijen er nu uitkomen is dat de oude eigenaren afzien van hun aandeelhouderschap. Bij terugdraaiing van het faillissement, zouden Winter en De Boer weer aandeelhouder worden van het ziekenhuispand. Zadelhoff neemt hun aandelen over. Een bedrag hiervoor is nog niet bekend, maar naar verluidt zal het aandelenbelang voor ’enkele miljoenen’ worden overgedragen.

Verpleegverdiepingen en huisartsen

Zadelhoff gaat het verouderde ziekenhuispand grondig verbouwen. En daarna verhuren voor verpleeghuiszorg, huisartsen en andere kleinschalige zorgaanbieders. Hiervoor heeft de gemeente voorwaarden gesteld. De huurprijs is beperkt en de zorgaanbieder moet verzekerde zorg aanbieden. Er komt zelfs een toetsingscommissie die beoordeelt of een bedrijf ruimte in het Slotervaart mag huren.

In de vleugels op de onderste verdiepingen komt kleinschalige eerstelijnszorg, dus huisartsen, tandartsen en logopedie. „Die vleugels moeten voor de zomer weer open kunnen”, zegt Geertjen Pot van Zadelhoff. In het oude beddenhuis, de zesde tot en met de tiende verdieping, komt een wissellocatie voor verpleeghuiszorg. In Amsterdam zijn grote tekorten aan ruimte voor verpleegzorg. Als verpleeghuizen verbouwd moeten worden, kunnen bewoners tijdens de verbouwing naar het Slotervaart.

’Blij, maar zijn er nog niet’

Zadelhoff-directeur Maarten Feilzer zegt ’erg blij te zijn met de afspraken met de gemeente’. „Maar euforisch zijn we niet, want het is nog niet helemaal klaar. De schuldeisers moeten akkoord gaan met ons voorstel om alle schulden af te betalen. Maar de gemeente steunt ons in ieder geval en belooft af te zien van zijn voorkeursrecht en niet het erfpachtrecht van het ziekenhuis te beëindigen.”

’Zorg dicht in de buurt’

De Amsterdamse wethouder Simone Kukenheim (Zorg) is blij dat de zorgfunctie behouden blijft in het Slotervaartziekenhuis. „Ik vind het belangrijk dat mensen dicht in de buurt bij eerstelijnszorgvoorzieningen zoals de huisarts of de fysiotherapeut terecht kunnen. Er is een grote behoefte aan betaalbare locaties voor eerstelijnszorgvoorzieningen door de hoge huren.

Daar hebben we voor het voormalige Slotervaartziekenhuis goede afspraken over kunnen maken. Daarnaast kunnen we het gebouw heel goed gebruiken voor het huisvesten van tijdelijke intramurale zorg zoals verzorgingshuiszorg. Bijvoorbeeld als een vaste locatie moet worden gerenoveerd. Ook daar is een grote behoefte aan.”

Ook haar collega wethouder Van Doorninck (Vastgoed) reageert verheugd. „Vanaf het begin is het doel van de gemeente geweest om regie te houden over de toekomstige ontwikkeling op de locatie van het Slotervaartziekenhuis, zodat het medisch cluster op deze locatie behouden blijft en versterkt wordt. We vinden het belangrijk dat dit proces zorgvuldig en samen met de buurt tot stand komt. Ik ben blij dat we daar met Zadelhoff overeenstemming over hebben bereikt.”

Inspectie: ongecontroleerd faillissement in de zorg uitbannen

NOS 26.11.2019 Een ongecontroleerd faillissement in de zorg mag nooit meer voorkomen. Dat zegt de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) in een rapport over het bankroet van het MC Slotervaart, vorig jaar oktober. “Er is onnodig veel onrust en onduidelijkheid veroorzaakt.”

In het rapport staat dat de voorwaarden voor goede en veilige zorg niet aanwezig waren, met name in de eerste weken nadat het Amsterdamse ziekenhuis failliet was verklaard. “Zorgaanbieders die in financiële problemen komen, moeten nadenken over de risico’s voor patiëntveiligheid en de continuïteit van zorg. Dat moeten ze afstemmen met betrokkenen.”

Ondanks de chaos rond het faillissement bleven zorgverleners zich steeds inzetten voor patiënten. Calamiteiten bleven uit, meldt de Inspectie. De ziekenhuizen die patiënten overnamen, toonden veerkracht en grote betrokkenheid en verleenden goede en veilige zorg.

De IGJ steekt ook de hand in eigen boezem en gaat mogelijk op een andere manier toezicht houden. De partijen die bij het faillissement van het Slotervaart betrokken waren, hadden al in een vroeg stadium hulp van de Inspectie kunnen gebruiken, staat in het rapport. Daarbij ging het om advisering, bemiddeling en coaching.

Minister Bruins van Zorg is het eens met het rapport: “Dit faillissement was vreselijk, ik wil het niet meer zo plompverloren meemaken. De patiënten en medewerkers moeten op de hoogte zijn. Niemand mag hierdoor verrast worden”, zegt Bruins. Hij rekent de chaos bij het faillissement zichzelf aan: “Dit mag niet meer gebeuren, ik ga daar een actieve rol in spelen om dat te voorkomen. Patiënten moeten kunnen vertrouwen op zorg in Nederland.”

Overgeplaatst

Het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam-West bestond sinds 1975. Financiële problemen leidden oktober vorig jaar tot uitstel van betaling. De patiënten die in het ziekenhuis lagen, werden overgeplaatst. De patiënten van de poliklinieken werden overgedragen aan andere ziekenhuizen.

Het OLVG-ziekenhuis in Amsterdam nam de meeste zorg over. Ook onder meer Amsterdam UMC, het Amstelland Ziekenhuis, het Zaans Medisch Centrum en het Antoni van Leeuwenhoek (AvL) sprongen bij.

Afscheid van het Slotervaartziekenhuis

Bekijk ook;

’Nooit meer zo’n ziekenhuisfaillissement’

Telegraaf 26.11.2019 De ongecontroleerde manier waarop het Slotervaartziekenhuis failliet ging, mag niet weer gebeuren, vindt de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. In een reactie zegt curator Marc van Zanten dat hij het ziekenhuis liever langer open had gehouden. Topvrouw Georgette Fijneman van Zilveren Kruis trekt lessen uit het bankroet.

De zorg bij het ziekenhuis dat in oktober 2018 failliet ging werd zo snel afgebouwd, dat andere ziekenhuizen en huisartsen onder grote druk kwamen te staan bij de opvang van de patiënten en de medewerkers, concludeert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) in het eerste van vier onderzoeken naar de ziekenhuisfaillissementen van vorig jaar.

Er was geen voorbereidingstijd, er was weken-, zelfs maandenlang onduidelijkheid over de overdracht van patiëntendossiers en de werkdruk in andere ziekenhuizen nam fors toe.

’Extra onrust’

Curator Marc van Zanten, die het bestuur van het ziekenhuis overnam toen uitstel van betaling werd aangevraagd, vindt ook dat een volgend failliet niet zo mag verlopen. Hij vraagt zich wel af of het anders had gekund.

„Doordat veel flexibel personeel wegliep, moest het ziekenhuis veel sneller dicht dan bedoeld. Dat zorgde weer voor extra onrust bij het verplaatsen van patiënten.” Van Zanten had liever dat er eerder contact was geweest met naburige ziekenhuizen. Nu zat hij pas twee dagen na het uitstel van betaling samen met andere ziekenhuisbestuurders.

Het failliet van het Slotervaart.

Het failliet van het Slotervaart. Ⓒ ANP

„In de ideale situatie was het Slotervaartziekenhuis gecontroleerd failliet gegaan in enkele maanden tijd en waren andere ziekenhuizen al ruim van tevoren geïnformeerd om te kijken of ze plek zouden hebben voor de patiënten van het Slotervaart. Maar ja, dat kan niet zomaar. Als uitlekt dat je een faillissement verwacht, zouden patiënten uit paniek al niet meer komen.”

’Noodplan en overleg’

Volgens de curator zou er misschien een regelmatig overleg kunnen zijn tussen ziekenhuizen uit dezelfde regio om te zorgen dat ze een soort noodplan kunnen hebben voor als een van de huizen failliet gaat.

Bestuurder Mariska Tichem en curatoren Mark van Zanten en Marlous de Groot van het failliete Slotervaartziekenhuis (vlnr.).

Bestuurder Mariska Tichem en curatoren Mark van Zanten en Marlous de Groot van het failliete Slotervaartziekenhuis (vlnr.). Ⓒ ANP

Ook Georgette Fijneman, directievoorzitter van zorgverzekeraar Zilveren Kruis zegt dat zij en de overige partijen niet hadden kunnen voorzien dat de zorg in het Slotervaart zo snel moest stoppen. „Doordat externe arbeidskrachten vrijwel direct hun werk neerlegden, ontstond de noodzaak tot snelle sluiting.”

Van Zanten en Fijneman zeggen tevreden te zijn met de constateringen van de Inspectie dat er geen calamiteiten met patiënten hebben voorgedaan volgens de Inspectie. Van Zanten: „Werknemers hebben ook na de sluiting keihard doorgewerkt. En ook met andere ziekenhuizen is de lastige herplaatsing van patiënten toch gelukt.”

’Lessen leren’

Fijneman stelt dat de sluiting van het Slotervaartziekenhuis ’grote impact heeft gehad op alle betrokkenen’. „Daarom is het van belang om lessen te leren op basis van van de ervaringen om waar het kan een vergelijkbare situatie in de toekomst te voorkomen.”

Topvrouw Zilveren Kruis, Georgette Fijneman.

Topvrouw Zilveren Kruis, Georgette Fijneman. Ⓒ Foto Hielco Kuipers

Hoewel de topvrouw van de grootste zorgverzekeraar in de regio eerder zei niet op de hoogte te kunnen zijn van het personeelsbestand van een ziekenhuis, zegt ze nu ’kritisch’ te kijken naar de verhouding tussen vast en flexibel personeel bij zorgaanbieders. „We roepen ziekenhuizen en politiek op om dat ook te doen.”

’Verrast’

„Ook willen we nog beter zicht krijgen op de acute financiële urgentie bij kwetsbare zorgaanbieders.” Fijneman wijst erop dat partijen in en om het ziekenhuis verrast werden door de ’acute ernst’ van de financiële problemen van het Slotervaart, omdat een continuïteitsplan ontbrak.

Over de rol van Zilveren Kruis zelf zegt Fijneman dat de zorgverzekeraar steeds heeft voldaan aan het beschikbaar houden van zorg voor haar verzekerden.

Meer onderzoeken

Na de onderzoeken van de Inspectie volgen in de komende maanden nog onderzoeken van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV), de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en de Commissie Van Manen (in opdracht van het kabinet).

Publicatie van het laatste onderzoek, waarin ook bekend moet worden hoeveel schuld de aandeelhouders en bestuurders dragen, is vandaag drie maanden uitgesteld. In plaats van eind 2019 wordt de publicatie nu aan het einde van het eerste kwartaal verwacht.

Volgens een woordvoerder namen interviews met betrokkenen langer in beslag en werkte de weerstand van curatoren van de IJsselmeerziekenhuizen (die naast het Slotervaart tegelijk failliet gingen) ook vertragend.

’Dit mag nooit meer voorkomen in de zorg’

Telegraaf 26.11.2019 Het Antoni van Leeuwenhoek-ziekenhuis was een van de ziekenhuizen die patiënten van het failliet MC Slotervaart moesten opvangen. Drs. Marien van der Meer, lid Raad van Bestuur van het Antoni van Leeuwenhoek (AVL), kijkt terug op de hectische periode toen het naastgelegen ziekenhuis MC Slotervaart plots geen zorg meer kon verlenen aan hun patiënten.

Hoe viel het nieuws destijds in het AVL?

,,Ons ziekenhuis staat naast dat deels geprivatiseerde Slotervaart. We waren buren. Goede buren; we kenden elkaar allemaal. Sommige artsen werkten in beide ziekenhuizen, sommigen artsen of verpleegkundigen hier hadden een partner in het Slotervaart. Het faillissement had een enorme impact. We hebben geprobeerd de nieuwe medewerkers – dat zijn er ruim 50 – zo goed mogelijk op te vangen.”

Wat heeft u als lastig ervaren in dit proces?

Het was na het faillissement lastig om een overzicht te krijgen van het aantal patiënten dat het AVL zou overnemen. Het was wel vrij duidelijk dat de oncologische zorg naar ons toe zou gaan. Ook zouden we het bevolkingsonderzoek naar darmkanker overnemen. Maar hoeveel patiënten, dat wisten we lange tijd niet. Twee crisisteams van ons hebben wekenlang bergen medische logistiek verzet. Dat verdient groot respect. Uiteindelijk hebben we duizend patiënten overgenomen.”

 Bekijk ook: 

 Afbouw zorg MC Slotervaart ging te snel 

De Inspectie stelt dat er geen voorbereidingstijd was. Hoe staat u daarin?

,,De IGJ heeft volkomen gelijk. Het ging te snel, het was ongecontroleerd. Dit mag op deze wijze niet nog een keer gebeuren. Dat is niet goed voor patiënten en de medewerkers. Ik denk dat je een faillissement kunt voorbereiden. Men wist al langere tijd dat het financieel niet goed ging met het Slotervaart. Het was al twee keer eerder failliet verklaard. Een goede Raad van Bestuur, Raad van Toezicht en accountants zien de slechte cijfers.

Dan kán je al dingen voorbereiden, kwetsbare patiënten in kaart brengen en gaan praten met zorgverzekeraars en zorgaanbieders die eventueel iets kunnen overnemen. Ik acht niet uitgesloten dat het in Nederland nog een keer gaat gebeuren; uit onderzoek blijkt dat de financiële situatie van enkele – met name kleinere – ziekenhuizen zorgelijk zijn.”

U heeft destijds financiële afspraken gemaakt met de zorgverzekeraars. Hoe verloopt dat?

,,We hebben in goed vertrouwen vorig jaar afspraken gemaakt. Wij leveren een bepaalde hoeveelheid zorg en willen daar de beloofde financiering voor. Maar de gesprekken tussen de ziekenhuizen en de zorgverzekeraars verlopen van hun kant terughoudend. Dat kan niet de bedoeling zijn. Wij houden ons aan de afspraak en dat geldt ook voor hen.”

Vindt u, na dit debacle, dat het duidelijk is dat investeerders of private gelden en de zorg niet samengaan?

,,Nee zeker niet. Het lijkt alsof het niet zou kunnen, maar we moeten de ruimte voor investeerders in de zorg en ondernemerschap wel houden. Met een goed bestuur en goed management kan het wel degelijk succesvol zijn.”

Bekijk meer van; ziekenhuis Antoni van Leeuwenhoek MC Slotervaart Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd

Belangstellenden tijdens een protestactie in 2018 tegen de sluiting van ziekenhuizen © ANP

‘Ongecontroleerd faillissement zoals bij Slotervaart mag nooit meer voorkomen’

AD 26.11.2019 Het faillissement van het MC Slotervaart heeft in 2018 tot onnodig veel onrust en onduidelijkheid geleid. Zo’n ongecontroleerd faillissement mag nooit meer voorkomen in de zorg.

Dat zijn de conclusies van het onderzoek van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) naar de kwaliteit van de zorg rond het bankroet van het Slotervaart. De inspectie heeft echter niet vastgesteld dat het faillissement tot calamiteiten of patiëntschade heeft geleid.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen werden op 25 oktober 2018 failliet verklaard. Vooral bij het Amsterdamse ziekenhuis leidde dit een tijdje tot een chaotische situatie. Zo moesten patiënten op stel en sprong naar een ander ziekenhuis worden verplaatst en konden mensen hun behandeling bij hun eigen arts ineens niet meer voortzetten.

De voorwaarden voor goede en veilige zorg in MC Slotervaart waren volgens de zorginspectie onvoldoende, met name in de eerste weken na het faillissement. ,,Dat komt doordat het ziekenhuis én andere betrokkenen geen tijd hebben gehad om zich voor te bereiden op het afbouwen en overdragen van de patiëntenzorg vanuit MC Slotervaart.”

Zorgaanbieders die in financiële problemen komen, moeten in de toekomst nadenken over de risico’s voor patiëntveiligheid en continuïteit van zorg en daarover afstemmen met betrokkenen, luidt de belangrijkste aanbeveling van de inspectie.

De inspectie kijkt ook naar haar eigen rol in de toekomst. Hoofdinspecteur Marina Eckenhausen: ,,Al in een vroeg stadium moeten we inschatten of er meer kennisdeling en advisering gewenst is. Indien nodig, zullen we daar meer ruimte voor nemen.”

Onderzoek naar bankroet ziekenhuizen loopt vertraging op

AD 26.11.2019 Een groot onderzoek naar de faillissementen van het MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen wordt drie maanden later opgeleverd dan voorzien. Dat meldt een woordvoerster van de commissie Van Manen, die het onderzoek uitvoert.

Het Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen werden op 25 oktober 2018 failliet verklaard. Vooral bij het Amsterdamse ziekenhuis leidde dit een tijdje tot een chaotische situatie. Zo moesten patiënten op stel en sprong naar een ander ziekenhuis worden verplaatst en konden mensen hun behandeling bij hun eigen arts ineens niet meer voortzetten.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

De minister voor Medische Zorg en Sport, Bruno Bruins, stelde een onafhankelijke onderzoekscommissie in na het bankroet van de zorginstellingen. Deze commissie bekijkt nu hoe de faillissementen zijn verlopen, welke partijen betrokken waren, op welke manier zij gehandeld hebben en welke lessen getrokken kunnen worden. Jaap van Manen is de voorzitter.

De commissie verwachte aanvankelijk de onderzoeksresultaten eind 2019 te kunnen presenteren, maar dat rapport wordt nu aan het einde van het eerste kwartaal volgend jaar verwacht. De vertraging is opgetreden omdat er ‘documenten later zijn binnengekomen dan gedacht’. ,,De commissie wil zorgvuldig zijn en neemt daarom de tijd”, aldus de zegsvrouw.

De conclusies van een ander onderzoek, van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, worden wel binnen afzienbare tijd verwacht.

Toen het MC Slotervaart failliet ging, moest de daar verleende zorg plots door andere ziekenhuizen en klinieken worden overgenomen. Ⓒ Aerovista Luchtfotografie

Afbouw zorg MC Slotervaart ging te snel

Telegraaf 26.11.2019 Na het faillissement van het deels geprivatiseerde Amsterdamse ziekenhuis MC Slotervaart vorig jaar oktober werd de zorg zó snel afgebouwd, dat andere ziekenhuizen en huisartsen onder grote druk kwamen te staan bij de opvang van de patiënten en de medewerkers. Er was geen voorbereidingstijd, er was weken-, zelfs maandenlang onduidelijkheid over de overdracht van patiëntendossiers en de werkdruk in andere ziekenhuizen nam fors toe.

Ondanks die druk verliep de overdracht goed, concludeert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) in een rapport waarin de kwaliteit en veiligheid van de overgedragen zorg na het faillissement is onderzocht. ,,Besturen, management en professionals hebben veerkracht getoond. Zij hebben onder onvoorziene omstandigheden aanpassingsvermogen getoond om de zorg op de goede manier en veilige manier te organiseren. Het heeft niet geleid tot onveilige situaties.”

Vertrouwen

In een ander rapport van de IGJ ‘Gevolgen faillissement Slotervaart vooraf onderschat’ staat dat het vooraf voor betrokkenen niet helder was dat de zorg supersnel moest worden afgebouwd en welke risico’s daarbij zouden ontstaan. Hierin is te lezen dat er sprake is geweest van ’risicovolle situaties met risico’s voor kwaliteit en voor continuïteit van individuele patiëntenzorg’. ,,De chaos die direct na het faillissement is ontstaan en de onduidelijkheid die lange tijd bleef aanhouden heeft het vertrouwen van patiënten en zorgverleners in de gezondheidszorg geschaad. Dit is een risico voor de kwaliteit van zorg op zich.”

Bekijk ook: 

’Dit mag nooit meer voorkomen in de zorg’ 

In totaal moesten 56.000 patiënten elders zorg of een behandeling krijgen. De meeste patiënten gingen naar het OLVG. Een andere grote instroom -1000 patiënten- was bij het naastgelegen buurziekenhuis AVL. De 1100 medewerkers vonden nagenoeg allemaal een baan in een ander ziekenhuis of een particuliere kliniek. Zorgverzekeraar Zilveren Kruis nam namens acht zorgverzekeraars het voortouw in de bespreking over de verdeling van de zorg en de zorggelden; het Slotervaart had destijds een omzet van 100 miljoen euro.

Toch is niet alles goed verlopen, stelt de IGJ. Zo wist de bestuurder van het Spaarne Gasthuis pas op de dag van de openbaarmaking van de soorten zorg per ziekenhuis, dat bariatrie (geneeskunde die zich bezighoudt met obesitas) aan het Spaarne was toebedeeld. ,,In een eerdere fase was bij de bestuurder de indruk gewekt dat een andere zorgaanbieder dit zou overnemen. Een hectische tijd brak aan voor dit ziekenhuis.”

Verbouwing

Het was de bedoeling dat ziekenhuizen metéén alle zorg zouden overnemen, maar het was woekeren met de ruimte; meer patiëntenkamers moesten worden gebouwd. In het OLVG was te weinig ruimte voor klinische geriatrie en moest er eerst worden verbouwd; in MC Bloemendaal was geen ruimte voor de plastisch chirurg om te opereren.

Ook ging het altijd goed met de materialen. Een neurochirurg moest operaties later dan gepland uitvoeren, omdat de benodigde materialen pas later op een veiling konden worden verkregen. ,,Diverse bestuursleden melden dat de overname van medische apparatuur van het Slotervaart het proces vertraagde. En toen bleek dat de afgesproken apparatuur niet aanwezig of incompleet was, heeft dat geleid tot extra kosten, zoals in het Zaans Medisch Centrum.”

Ervaring

Patiënten ondervonden weinig hinder van de overdracht. De meeste van hen zeggen dat de dossieroverdracht goed verliep en dat hun behandelin er niet door werd vertraagd. Weliswaar moet een aantal verder reizen, maar dat vinden ze niet erg als ze bij hun vertrouwde arts terecht kunnen. Ze missen de gemoedelijkheid van het MC Slotervaart.

Volgens de medewerkers verliep de transitie van MC Slotervaart naar een nieuwe werkgever overwegend professioneel, maar de lange onzekerheid voor hen en de patiënten was wel vervelend.

Curatoren

De curatoren hebben, zo staat in het rapport over de onderschatte risico’s te lezen, vanaf het eerste contact met de inspectie bevestigd dat zij zich verantwoordelijk voelden voor de patiëntenzorg. ,,Maar zij hadden onvoldoende ervaring en affiniteit met het besturen van een zorginstelling – zeker gezien de bijzondere omstandigheden – om hier eigenstandig invulling aan te kunnen geven.”

Hoewel in de door de curatoren ingerichte crisisorganisatie de betrokkenheid van de medische staf was georganiseerd, voelden sommige medisch specialisten zich volgens het onderzoek onvoldoende betrokken bij de besluitvorming en hadden zij niet altijd het gevoel dat hun inbreng daarbij gewogen werd.

Bekijk meer van; Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd MC Slotervaart AVL Onze Lieve Vrouwe Gasthuis

Faillissement Slotervaartziekenhuis overviel toezichthouder zorg: ‘Het was niet goed, maar het kon niet anders’

VK 05.08.2019 Een jaar geleden begon in slowmotion de onttakeling van het Slotervaart- en IJsselmeerziekenhuis. Hoewel in juli al berichten verschenen over financiële problemen, kwam het faillissement eind oktober als een verrassing. Ook voor de voorzitter van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) Marian Kaljouw. De toezichthouder kijkt terug en blikt vooruit.

Eigenlijk, zegt Kaljouw (62), was er vorige zomer niets nieuws aan de hand bij het Amsterdamse Slotervaartziekenhuis en het IJsselmeerziekenhuis in Lelystad. Er waren al jaren financiële problemen, onder verschillende bestuurders die al dan niet in opspraak raakten. ‘Dat het tot een faillissement kwam, was op zich niet zo verrassend. Wel de manier waarop. Dat ging erg snel en abrupt.’

‘Dat kwam doordat er vooral in Amsterdam veel zzp’ers bij het ziekenhuis werkten, in allerlei functies. Toen uitstel van betaling werd aangevraagd, zijn die van de ene op de andere dag vertrokken, omdat ze dan niet meer betaald zouden worden. Daardoor kon het ziekenhuis niet meer functioneren. Dat hebben we onderschat. Dat hebben we niet goed gezien. De manier waarop het ging, de snelheid – het was niet goed, maar het kon niet anders. En omdat het Slotervaart overhaast sloot, moest ook het IJsselmeerziekenhuis meteen dicht, het was één bedrijf.’

Er lopen nu vier onderzoeken naar de gang van zaken. Is dat een werkgelegenheidsproject?

‘Zo is dat niet bedoeld. Maar de curator, die het faillissement afwikkelt, moet altijd onderzoek doen. Daarnaast deden wij samen met de Inspectie al een onderzoek naar de bedrijfsstructuur van de MC Groep, de eigenaar van de twee ziekenhuizen. Of daar geen rare dingen gebeurden. De Onderzoeksraad voor Veiligheid doet onderzoek en het ministerie van Volksgezondheid heeft een commissie ingesteld. Ja, er zit wat overlap tussen de onderzoeken. Misschien is het zinnig de uitkomsten dit najaar tegelijk te publiceren.’

Marian Kaljouw, voorzitter van de NZa, over het faillissement van het Slotervaart en IJsselmeerziekenhuis: ‘Het was niet goed, maar het kon niet anders.’

Was dit eens maar nooit weer?

‘De manier waarop dit ging wel. Hoop ik. Maar er zijn vaker ziekenhuizen failliet gegaan. Vaak in stilte. In 1992 ging Berg en Bosch in Bilthoven net voor de Kerst failliet. De patiënten werden keurig in omliggende ziekenhuizen ondergebracht, de mensen die er werkten konden elders aan de slag. Er heeft geen haan naar gekraaid, zelfs het plaatselijke sufferdje heeft er geen woord aan gewijd. Als het dan toch gebeurt, dan zo.

‘Er is al een trend dat er minder ziekenhuizen zijn. Niet alle ziekenhuizen hebben alle specialismen in huis. Het streven is om de zorg dicht in de buurt te brengen, dichtbij de patiënt. Daarvoor moeten de huisartsen, de wijkverpleging en medisch-specialisten in de regio gaan samenwerken.’

Is het cynisch gezien een zegen dat in Flevoland een gevestigd belang, het ziekenhuis, is weggevallen waardoor makkelijker een proefpolder ontstaat voor ‘zorg dichtbij’ ?

‘Het is erg jammer dat het is gebeurd. Dat was niet leuk voor de mensen die er werkten, niet voor de patiënten. Dat is geen flauwekul. Maar het geeft ook de kans om dingen te doen die nodig zijn. In Flevoland brengt een kwartiermaker nu in beeld hoe de zorg daar georganiseerd kan worden. Ook in Amsterdam-Noord en in Drenthe wordt aan een nieuwe inrichting van de zorg gewerkt.’

Toch wringt het, want het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) schrijft dat er steeds meer ‘gevoelige ziekenhuizen’ komen – ziekenhuizen die cruciaal zijn omdat spoedeisende zorg en verloskunde anders niet binnen 45 minuten met de ambulance bereikbaar zijn. Dat geldt nu al voor 14 van de 85 ziekenhuizen. Zijn dat systeemziekenhuizen die moeten blijven bestaan?

‘De spoedeisende zorg en de acute verloskunde zijn functies die geborgd moeten zijn, niet per se hele ziekenhuizen.’

Maar je kunt die twee ‘functies’ toch niet los in een weiland zetten? 

‘Dat kan zeker niet, maar we moeten kijken hoe we het organiseren in een regio. Kijk naar de acute GGZ, de geestelijke gezondheidszorg. Niet iedere instelling hoeft daarvoor 24 uur per dag, zeven dagen per week, een crisisteam klaar te hebben staan. Dat kan verdeeld worden. Zo kan dat ook met ziekenhuizen.’

Om de spoedeisende zorg en acute verloskunde binnen 45 minuten voor alle Nederlanders bereikbaar te houden, komen er steeds meer ambulanceposten die 24 uur per dag, zeven dagen per week startklaar zijn. Is dat efficiënt?

‘Nou, die mensen zitten niet de hele dag te niksen. Misschien kan het efficiënter, maar echt, ze rijden heel vaak uit. Ambulances zijn eigenlijk rijdende ziekenhuizen. Maar in zijn algemeenheid zijn er personeelstekorten en die gaan niet verdwijnen. Zorg dichtbij is ook een kans om tot taakherschikking te komen. In Zeeland is bijvoorbeeld een tekort aan huisartsen. Multidisciplinaire teams met verpleegkundig specialisten kunnen een oplossing zijn. In Engeland wordt daar al jaren met succes mee gewerkt.’

Lege gangen in het MC Slotervaart. Doordat het Slotervaartziekenhuis overhaast sloot, moest ook het IJsselmeerziekenhuis dicht, het was één bedrijf. Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Het klinkt zo mooi; zorg dichtbij huis. Minister Bruins (Medische Zorg) heeft daar een reeks akkoorden over gesloten. Met medisch specialisten heeft hij afgesproken dat de kosten vanaf 2022 niet meer stijgen. Is dat haalbaar?

‘Het lijkt me niet realistisch, maar het is een nobel streven. Want als er niets gebeurt, stijgen de totale zorguitgaven van bijna 100 miljard euro naar 170 miljard over twintig jaar, in 2040. Dat is echt niet te dragen voor onze kinderen en kleinkinderen.’

Maar dan is veel overleg nodig tussen allerlei zorgverleners. Worden die overdrachten geen tijdrovende administratieve rompslomp?

‘Dat dreigt een groot probleem te worden. Kijk naar de academische ziekenhuizen: daar worden twee computersystemen gebruikt. De algemene ziekenhuizen hebben weer eigen systemen, de GGZ heeft een ander systeem en de ouderenzorg weer wat anders. Als je er een zooitje van wil maken dan is dat goed gelukt. Nu wordt gewerkt aan een systeem waarin de patiënt zijn gegevens beheert en beschikbaar stelt.’

LEES VERDER;

Slotervaartziekenhuis op de veiling: complete operatiekamers gaan in de verkoop
Van hartmonitor tot botvijl, van blaasscanner tot infuuspomp: echt alles moet weg. De inboedel van het failliete Slotervaart Ziekenhuis in Amsterdam gaat vanaf deze week online in de uitverkoop. Duizenden kavels zullen in acht etappes onder de hamer komen.

Failliet Slotervaartziekenhuis vooralsnog niet in zee met gemeente Amsterdam
Het plan van de gemeente Amsterdam om het failliete Slotervaartziekenhuis over te nemen lijkt vooralsnog niet te slagen. Volgens Marc van Zanten – een van de curatoren die de verkoop namens de schuldeisers regelt – was het bod van de gemeente te laag. 

Laat ziekenhuizen geen winst uitkeren aan investeerders maar alleen handelen in het belang van de patiënt
Winstuitkering staat haaks op de verwachting dat zorgverleners alleen handelen in het belang van de patiënt. Dat betogen hoogleraar Martin Buijsen, internist-oncoloog Marcel Soesan en SP-Kamerlid Maarten Hijink.

Meer over; Amsterdam gezondheid IJsselmeerziekenhuis Marian Kaljouw Slotervaart Flevoland GGZ economie, business en financiën Gijs Herderscheê

Amsterdam doet bod op failliet ziekenhuis MC Slotervaart

BB 15.06.2019 De gemeente Amsterdam heeft vrijdag een bod gedaan op het failliete ziekenhuis MC Slotervaart. Dat laat de woordvoerder van wethouder Simone Kukenheim weten. In een verklaring staat dat de gemeente niet wil dat de maatschappelijke functies van het ziekenhuis verdwijnen.

Marktconform

De gemeente wil niet laten weten hoeveel is geboden, alleen dat het om een ‘marktconform bod’ gaat. ‘Het is een realistisch bedrag. Het geeft zekerheid voor de curator, zodat een snelle afwikkeling van het faillissement mogelijk wordt’, laat de woordvoerder weten.

Cruciaal

“Het terrein van het Slotervaartziekenhuis is cruciaal om de groei van de stad en de daarmee gepaard gaande groeiende zorgvraag te kunnen faciliteren”, staat in de verklaring. (ANP)

Gerelateerde artikelen;

Amsterdam doet bod op failliet MC Slotervaart

Telegraaf 14.06.2019 De gemeente Amsterdam heeft vrijdag een bod gedaan op het failliete ziekenhuis MC Slotervaart. Dat laat de woordvoerder van wethouder Simone Kukenheim weten. In een verklaring staat dat de gemeente niet wil dat de maatschappelijke functies van het ziekenhuis verdwijnen.

De gemeente wil niet laten weten hoeveel is geboden, alleen dat het om een „marktconform bod” gaat. „Het is een realistisch bedrag. Het geeft zekerheid voor de curator, zodat een snelle afwikkeling van het faillissement mogelijk wordt”, laat de woordvoerder weten.

„Het terrein van het Slotervaartziekenhuis is cruciaal om de groei van de stad en de daarmee gepaard gaande groeiende zorgvraag te kunnen faciliteren”, staat in de verklaring.

Bekijk ook: 

Curatoren Slotervaart hopen op deal Zadelhoff 

Bekijk ook: 

’Op straat gezet en vergeten’ 

Bekijk ook: 

Vernietiging faillissement Slotervaartziekenhuis afgewezen 

Bekijk ook: 

Slotervaartziekenhuis sluit spoedeisende hulp 

Bekijk meer van; ziekenhuizen mc slotervaart slotervaartziekenhuis

’Eisen aan spoedzorg voor ouderen te hoog’

Telegraaf 06.05.2019 Artsen, verpleegkundigen, ziekenhuizen en zorgverzekeraars steggelen over de normen waaraan de zorg voor ouderen op de spoedeisende hulp moet voldoen. Medisch specialisten vinden dat de kwaliteit van de zorg omhoog moet; ziekenhuizen vrezen dat de kosten daardoor te hoog worden en dat een gebrek aan personeel zal ontstaan. Dat schrijft de Volkskrant.

Eén op de drie spoedpatiënten in de Nederlandse ziekenhuizen is tegenwoordig 65 jaar of ouder. De eisen die de medisch specialisten stellen aan de zorg voor ouderen, zijn volgens de ziekenhuizen, gesteund door onder meer huisartsen en zorgverzekeraars , onwenselijk hoog. De specialisten willen dat een arts op de spoedeisende hulp altijd binnen 30 minuten telefonisch kan overleggen met een medisch specialist met kennis van multimorbiditeit. En dat die medisch specialist binnen twee uur fysiek aanwezig kan zijn.

Volgens de ziekenhuizen wordt daarmee een onwerkbare situatie gecreëerd.

Bekijk meer van

Fleur Agema: ‘Ik zit verdorie al twaalf jaar naar afbraak te kijken’

MSN 03.05.2019 De ouders van Fleur Agema overleden vorig jaar allebei. Ze waren babyboomers, de generatie die zorg onbetaalbaar zou maken. In dat scenario gelooft de PVV’er niet meer. „Ze kakelen elkaar allemaal na!”

Fleur Agema van de PVV boog zich iets voorover naar haar microfoon. Op welke planeet, wilde ze weten, heeft de minister bedacht dat hij dit kan máken? Het was begin deze maand tijdens een debat over ziekenhuizen en ambulances. Het beleid van VVD-minister Bruno Bruins (Medische Zorg) was, vond ze, „totale gekte, op geen enkele redelijkheid of logica gestoeld.”

Fleur Agema was, vertelt ze, niet zomaar boos. Ze wilde een motie van wantrouwen indienen tegen Bruins, die ze „stuurloos” beleid rond ziekenhuizen verwijt. Haar partij zegt vaak het vertrouwen op in bewindspersonen, maar Agema niet – het was haar eerste.

Maar dat werd haar zó moeilijk gemaakt door collega’s van andere partijen dat ze feller en feller werd, vertelt ze. „Ze blokkeren me gewoon allemaal. Er is geen ander Kamerlid dat dit ooit heeft meegemaakt, dat kan ik je verzekeren.”

Altijd is ze er, al twaalf jaar, in debatten over gezondheidszorg in de Tweede Kamer. Waar andere partijen het dossier gezondheidszorg verdelen onder verschillende Tweede Kamerleden omdat het zoveel werk is, doet Agema alles in haar eentje.

Bij debatten komt ze meestal binnen met stapels documenten en mappen. Ze citeert uit dezelfde onderzoeken, rapporten en cijfers als andere Tweede Kamerleden. Toch is de werkelijkheid die zij daaruit haalt volkomen anders dan die van ministers en collega-Kamerleden.

Het gesprek met Fleur Agema, de nummer twee van de PVV en vertrouweling van Geert Wilders, gaat over ziekenhuizen. Agema is bang dat er steeds meer verdwijnen en dat ambulances te ver moeten rijden naar de dichtstbijzijnde spoedpost.

Dat zwangere vrouwen op Urk niet op tijd in het ziekenhuis zijn voor hun bevalling. Dat er meer gevallen komen zoals dat van de 71-jarige man waarover zij haar beklag deed in de Tweede Kamer. Hij moest acht dagen wachten op een operatie aan zijn meervoudige beenbreuk – alle ziekenhuizen lagen vol.

Dat er in vijf jaar al meer dan vijftien spoedposten verdwenen, vindt Agema minstens zo erg als de veelbesproken faillissementen van het Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen. Ze verwacht nog veel meer sluitingen doordat het kabinet Rutte III heeft besloten dat er meer zorg in de wijk moet komen en minder in het ziekenhuis.

„Afbraak van de ziekenhuiszorg”, noemt Fleur Agema dat. Haar voorspelling: dat het straks allemaal weer teruggedraaid moet worden, omdat het aantal 75-plussers de komende tien jaar naar verwachting toeneemt van 1,3 miljoen tot meer dan twee miljoen.

Ze vergelijkt het met het sluiten van bejaardenhuizen. Die verdwenen gaandeweg nadat het vorige kabinet de financiering ervan stopte. Veel ouderen bleken daarna te goed voor het verpleeghuis maar te slecht om thuis te blijven wonen. Nu zoeken veel politieke partijen weer naar woonvormen voor die mensen.

„Dit gaat weer heel slecht aflopen. Ik zit verdorie al twaalf jaar naar afbraak te kijken”, zegt Fleur Agema.

Waarom vindt u het zo erg als er minder ziekenhuizen komen?

„We breken een systeem af dat eigenlijk heel mooi is. Er is een goede wisselwerking tussen kleinere streekziekenhuizen en meer gespecialiseerde ziekenhuizen. Ik heb het gezien bij mijn vader. Hij kwam met een pijnlijk aneurysma – een uitstulping van een slagader – op de spoedeisende hulp, lag binnen drie kwartier op de operatietafel in een gespecialiseerd ziekenhuis.

Na een paar dagen mocht hij terug naar het ziekenhuis in de buurt. Mijn moeder was toen te ziek om naar het gespecialiseerde ziekenhuis vervoerd te worden. Maar we konden haar wel naar het buurtziekenhuis brengen om bij hem op bezoek te gaan. Ik vind het heel dom om dat allemaal af te breken terwijl er veel meer ouderen komen.”

Het idee is dat medisch specialisten de wijk in gaan, om mensen dichterbij huis te behandelen.

„Dat is goed gelukt voor bijvoorbeeld de diabeteszorg, maar gaat niet voor alle behandelingen werken. Mijn oude vak is architectuur en ik kan je zeggen: het duurt járen voordat je een ziekenhuis opnieuw hebt gebouwd.”

Dat idee is bedacht door een grote groep artsen en deskundigen van naam, samen met patiëntenorganisaties en het ministerie. Iedereen is het eens, behalve u. Hoe kan dat?

„Ze kakelen elkaar allemaal na! Bij het afbouwen van de verzorgingshuizen kakelde ook iedereen elkaar na, maar nu heeft iedereen spijt.”

Fleur Agema had altijd haar ouders, vroeger caféhouders, voor ogen tijdens debatten over ziekenhuizen. Steeds praat ze in politiek Den Haag over hun generatie, die van vlak na de oorlog. De zorg zou volgens het ministerie van Volksgezondheid onbetaalbaar worden door de vergrijzing. Agema: „Wat mijn ouders is overkomen heeft me nog eens duidelijk gemaakt dat je niets kunt voorspellen. Helemaal niets.”

In anderhalf jaar tijd kregen haar vader en haar moeder zeven operaties en elf spoedopnames in het ziekenhuis en allebei hebben ze het niet gered. Haar vader was 69 jaar, haar moeder 66. Ze stierven vorig jaar vlak na elkaar – haar vader aan een bacterie in zijn knie, haar moeder aan een ziekenhuisbacterie. „Alles wat we hier in de Tweede Kamer doen is tot leven gekomen. Ik was in shock. Hun toekomst bleek helemaal niet te bestaan.”

Het bevestigde Fleur Agema’s overtuiging dat ze niet moet geloven in scenario’s van het kabinet over zorgkosten.

Ziet u de stijgende zorgkosten als een probleem?

„Zieke mensen betalen het meeste. Dus ik ben zeker niet voor oplopende zorgkosten. Maar het idee van explodérende zorgkosten is helemaal niet meer actueel.”

De zorgbegroting stijgt ieder jaar flink.

„Het Centraal Planbureau stelde eerst dat de zorgkosten tussen 2012 en 2040 met 4,4 procent per jaar zouden groeien. Tot 2017 was de werkelijke groei maar 0,5 procent per jaar – ruim binnen de groei van het bbp. Terwijl iedereen moord en brand schreeuwde dat de zorg te duur zou worden. ”

Dat is toch juist een succes van het overheidsbeleid?

„In 2012 zagen de zorgkosten er heel slecht uit, leken ze uit de hand te lopen. De overheid reageerde door akkoorden te sluiten met de zorgsector – dat was in het begin niet zo erg. Ziekenhuizen werden gedwongen efficiënter te werken, ICT kon beter, het kon goedkoper.

Maar de situatie is nu anders: het gaat economisch veel beter. Daarom snap ik het besluit niet om de groei van ziekenhuizen in 2022 te beperken tot 0,0 procent. Waarom zou je dat doen?”

Om te voorkomen dat de zorg in de toekomst onbetaalbaar wordt.

„Maar er zijn zoveel onzekerheden. Als die bacteriën waaraan mijn vader is overleden een grote rol gaan spelen, zoals sommigen denken, dan gaan heel veel babyboomers 2030 of 2040 helemaal niet redden. Aan de andere kant: als we een middel vinden tegen Alzheimer dan worden er heel veel babyboomers oud maar dan zijn ze geen dure patiënten meer.”

Dat zijn toch net zo goed aannames waarvan je niet weet of ze uitkomen?

„Daar gaat het me juist om. Je weet het gewoon niet! Je moet geen beleid voeren waardoor ziekenhuizen verdwijnen als je niet kunt voorspellen hoe de zorg zicht ontwikkelt.”

Hoe moeten ministers regeren als ze zeggen: we weten het niet?

„Stop met de zwartgalligheid. Laatst kwam de Wetenschappelijk Raad voor het Regeringsbeleid, een belangrijke adviseur van de overheid, bij me langs. Dat ze bij mij langskomen, dat had ik nooit verwacht, echt wauw! Ik heb tegen ze gezegd dat we geen paniekbeleid moeten maken voor over twintig jaar.”

Wat voor beleid zou u maken in de zorg?

„In ieder geval zou ik op veel kortere termijn beslissingen nemen. Jaarlijks kijken welke innovaties er zijn, hoe het er economisch voor staat, en dan kijken welke kant we op moeten.”

De PVV krijgt nu concurrentie van Forum voor Democratie. Denkt u dan niet: we moeten als PVV met een duidelijke visie op de zorg komen?

„Ik heb die concurrentie nog nooit in een debat over zorg gezien, ik heb geen idee hoe ze denken.

„Mijn visie op de zorg is heel duidelijk: matigen van doemscenario’s. Doordat ik dit al zo lang doe zie ik dat we vaak de put dempen als het kalf al verdronken is. Dat mag met de ziekenhuizen niet gebeuren.”

Een politicus die alleen maar tegen is, blijft roepende in de woestijn.

„Als ik afbraak in de zorg kan voorkomen, blijf ik hoe dan ook gemotiveerd. Als er maar mensen zijn die naar me luisteren.”

Actuele cijfers Zorgen over zorgkosten

Fleur Agema stelt dat de zorgkosten als percentage van het bruto binnenlands product (bbp) niet meer groeien en dat „paniekbeleid” onnodig is. Ze baseert zich op cijfers van het Centraal Planbureau (CPB), één van de belangrijkste adviseurs over Rijksfinanciën.

In 2011 sloeg het CPB alarm: de zorgkosten (als percentage van het bbp) stegen enorm. Van ongeveer 5 procent midden jaren negentig tot bijna 10 procent voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2012. In 2040 zou volgens het CPB een derde van de Rijksfinanciën opgaan aan zorg en zouden mensen er bijna de helft van hun inkomen aan kwijt zijn.

Die zorgen kwamen niet helemaal uit, blijkt uit actuele CPB-cijfers. Tussen 2012 en 2019 daalden de zorgkosten, mede door het overheidsbeleid, als percentage van het bbp. Het CPB voorspelt voor de toekomst nog wel een groei van de zorguitgaven.

Lees ook: het NRC-dossier over de faillissementen van het Slotervaart en de IJsselmeerziekenhuizen.

Personeel van het Maasziekenhuis in Boxmeer NOS

Zo werd het Maasziekenhuis gered van de ondergang

NOS 29.04.2019 Het Maasziekenhuis in Boxmeer is voorlopig uit de problemen. Een andere verdeling van de zorg moet ertoe leiden dat het streekziekenhuis voldoende patiënten houdt en daardoor kan blijven voortbestaan.

Het ziekenhuis kwam in financieel zwaar weer door onder meer dure nieuwbouw en de tegenvallende verkoop van het oude ziekenhuisgebouw. Maar omdat het een cruciale zorgfunctie heeft in de regio besloten het ministerie van Volksgezondheid, de zorgverzekeraars, de bank en omliggende ziekenhuizen anderhalve week geleden om het te redden. Ze kwamen met miljoenen over de brug.

Een gedeeltelijke reorganisatie van de zorg in Noordoost-Brabant en Noord-Limburg is een belangrijke voorwaarde voor het doorgaan van het reddingsplan. De verzekeraars garanderen het ziekenhuis in dat geval meer financiële stabiliteit door langlopende contracten af te sluiten.

Alleen ingewikkelde zorg

Het Radboudumc in Nijmegen gaat de komende tijd veelvoorkomende en wat eenvoudigere behandelingen bij patiënten uit Boxmeer en omgeving overdoen aan het Maasziekenhuis. Dat past goed in de door het ministerie en de verzekeraars gewenste ontwikkeling om in de dure academische centra alleen ingewikkelde zorg en wetenschappelijk onderzoek te laten doen.

De Maartenskliniek, die gespecialiseerd is in orthopedische en reumabehandelingen, intensiveert zijn al bestaande samenwerking met het Maasziekenhuis. Specialisten kinderorthopedie van de Maartenskliniek gaan in Boxmeer meer spreekuren verzorgen. De bedoeling is om zo een landelijk expertisecentrum kinderorthopedie uit te bouwen.

Maasziekenhuis in Boxmeer NOS

Tegelijk moet het Maasziekenhuis zorg die niet absoluut in het ziekenhuis moet gebeuren bij patiënten thuis gaan doen. Daar is het ziekenhuis intussen ook al mee begonnen. Zo zet het bijvoorbeeld het port-a-cathsysteem in.

Dat is een kastje dat net onder de huid wordt geplaatst. Via een dunne katheter, een slangetje eigenlijk, dat in een grote ader uitkomt, kunnen medicijnen makkelijker worden toegediend. Maar het kan ook gebruikt worden om in de andere richting bloed af te tappen voor onderzoek.

“Door meer zorg bij mensen thuis te leveren, komen net wat minder mensen naar het ziekenhuis toe”, erkent bestuursvoorzitter Pauline Terwijn van het Maasziekenhuis. “We zijn daarover in gesprek gegaan met de omliggende ziekenhuizen, de zorgverzekeraars en het ministerie. Gezamenlijk hebben we gezegd dat het belangrijk is dat het ziekenhuis blijft bestaan en zijn regiofunctie houdt.”

“Zo’n aanpak past in de trend om meer zorg in de eerste lijn te geven, bij de huisarts of bij mensen thuis”, zegt hoogleraar zorgeconomie Wim Groot van Maastricht University. “Daarmee graaft een ziekenhuis natuurlijk een beetje zijn eigen graf.

Maar de laatste tijd krijgen zorgverzekeraars meer oog voor de financiële gevolgen van zo’n aanpak. Vandaar dat ze langerlopende contracten afsluiten, waarin niet alleen minder groei van het aantal behandelingen wordt vastgelegd, maar ook een basis wordt gegeven voor een gezonde exploitatie van het ziekenhuis. Zulke afspraken zijn nu ook gemaakt met het Maasziekenhuis.”

Fundamenteel anders

Het lot van het Maasziekenhuis is fundamenteel anders dan dat van het MC Slotervaart, de MC IJsselmeerziekenhuizen en het Bronovo ziekenhuis. Als de spoedeisende hulp (SEH) en de afdeling acute verloskunde bijvoorbeeld zouden sluiten, zou een deel van de patiënten uit Noordoost-Brabant en Noord-Limburg niet binnen de wettelijk vastgestelde 45 minuten een ander ziekenhuis kunnen bereiken.

Bovendien heeft sluiting van die afdelingen grote gevolgen voor ziekenhuizen in de omgeving die de zorg dan moeten overnemen. In een brief aan de Tweede Kamer wijst minister Bruins voor Medische Zorg daar ook op. Die gevolgen zouden uiteraard nog veel groter zijn als het Maasziekenhuis failliet zou gaan.

Bekijk ook;

Veiling inboedel operatiekamers Slotervaart brengt ruim vier ton op

Curatoren MC Slotervaart stellen gemeente aansprakelijk voor onteigening

NU 21.03.2019 De curatoren van het failliete ziekenhuis MC Slotervaart gaan de gemeente Amsterdam aansprakelijk stellen voor het bedrag dat de schuldeisers zullen mislopen in het geval van onteigening. Dat stellen de curatoren donderdag in een persbericht.

Vorige week bereikte vastgoedbedrijf Zadelhoff een akkoord met aandeelhouder Loek Winter dat het ziekenhuis nieuw leven moet inblazen. Daarvoor wilde Zadelhoff zo’n 45 miljoen euro in het voormalige ziekenhuis steken.

De gemeente Amsterdam wil het plan van vastgoedbedrijf Zadelhoff echter dwarsbomen. Donderdagochtend stelde de gemeente Amsterdam een procedure te zijn gestart om het recht van erfpacht te beëindigen en zo het gebouw zelf in handen te krijgen.

Met het intrekken van het recht van erfpacht komen de grond en het gebouw volledig in handen van de gemeente. De erfpachter wordt schadeloos gesteld op basis van de Onteigeningswet.

Volgens de curatoren staat de betaling van de schuldeisers, die op 45 miljoen euro geschat wordt, door het besluit van de gemeente op de tocht. “De curatoren zijn van mening dat het plan om te komen tot een akkoord met alle schuldeisers zoals door Zadelhoff is aangeboden, de beste optie is voor de schuldeisers”, stellen de curatoren.

“De schuldeisers zullen in geval van een onteigening door de gemeente
naar verwachting geen volledige betaling ontvangen.”

Zo ziet het verlaten MC Slotervaart er nu uit

Zie ook: Gemeentebestuur Amsterdam wil nieuw plan MC Slotervaart dwarsbomen

Lees meer over: Amsterdam  MC Slotervaart economie

Gemeentebestuur Amsterdam wil nieuw plan MC Slotervaart dwarsbomen

NU 21.03.2019 Het gemeentebestuur van Amsterdam wil het plan van vastgoedbedrijf Zadelhoff en de oud-aandeelhouders met MC Slotervaart dwarsbomen. De gemeente is daarom een procedure gestart om het recht van erfpacht te beëindigen en zo het gebouw zelf in handen te krijgen.

De gemeente wil voorkomen dat “maatschappelijke functies onder druk van de markt dreigen te verdwijnen”, schrijven wethouders Marieke van Doorninck en Simone Kukenheim in een brief aan de gemeenteraad.

Met het intrekken van het recht van erfpacht komen de grond en het gebouw volledig in handen van de gemeente. De erfpachter wordt schadeloos gesteld op basis van de Onteigeningswet.

Zadelhoff sloot vorige week een akkoord met onder anderen aandeelhouder Loek Winter bekend, over een investering van 45 miljoen euro door Zadelhoff. Het vastgoedbedrijf wil hiermee de huidige schuldeisers van het failliete MC Slotervaart afbetalen. Zo wordt het faillissement automatisch opgeheven.

Zo ziet het verlaten MC Slotervaart er nu uit

Medisch zorgcomplex

Vervolgens willen de partijen van het gebouw een medisch zorgcomplex maken, waar bijvoorbeeld medisch personeel kan wonen en werken. Een woordvoerder van Zadelhoff vertelde dat er al huurders waren.

De wethouders zeggen hierover: “Commerciële vastgoedpartijen lijken posities in te nemen en/of doen biedingen aan de curator, op basis van de onterechte aanname dat de gemeente de realisatie van andere, commerciële functies zonder meer zal faciliteren.”

Zadelhoff en De Winter zeggen in een reactie dat de gemeente de onjuiste suggestie wekt dat de maatschappelijke functies van onder druk komen te liggen. “Met beëindiging van het faillissement wordt slechts beoogd een medisch zorgcomplex tot bloei te brengen dat geheel past binnen de huidige bestemming.”

De partijen zeggen zich te beraden op vervolgstappen. “Vooralsnog is er geen enkele intentie om de vrijdag jongstleden aangekondigde plannen te herzien.”

Gesprekken met curator

De gemeente voerde de afgelopen maanden al gesprekken met de curator om het Slotervaartziekenhuis te verwerven. “Deze gesprekken verlopen moeizaam. De curator stelt dat hij het vastgoed, in het kader van het door de gemeente gevestigde voorkeursrecht, niet aan de gemeente hoeft aan te bieden.”

Het MC Slotervaart werd op 25 oktober 2018 failliet verklaard. Patiënten die acute zorg nodig hadden, werden overgeplaatst naar andere ziekenhuizen. Een doorstart was volgens de curatoren niet mogelijk. Er was onvoldoende steun van zorgverzekeraars en ook het voorkeursrecht van de gemeente zat een doorstart in de weg.

Lees meer over: Amsterdam   MC Slotervaart

De sluiting van het MC Slotervaart ging velen aan het hart, getuige het spandoek RIP (Rust in Vrede). Ⓒ ANP

Ziekenhuizen punt van zorg

Telegraaf 02.03.2019 Het piept en het kraakt in ziekenhuisland. Sluitingen, faillissementen, inkrimpingen: ze zijn aan de orde van de dag. Is de ziekenhuiszorg soms ziek? De Telegraaf voelde zorgeconomen, politici en patiëntenorganisaties aan de tand. „Als er niemand ingrijpt en de touwtjes in handen neemt, breken we het stelsel af. En dan is de burger de klos”, vreest Dianda Veldman van de Patiëntenfederatie.

Diepe zuchten klinken nog steeds in de Tweede Kamer wanneer wordt teruggedacht aan het faillissement van het Amsterdamse Slotervaart ziekenhuis en de vier IJsselmeerziekenhuizen in Flevoland. De vijf ziekenhuizen gingen eind oktober vorig jaar op de fles. Minister Bruins (Medische Zorg) liet zich erdoor overvallen en nam niet de regie. Het leverde hem een motie van wantrouwen op.

Sindsdien neemt bij de buitenwacht de onrust toe. Het roept de vraag op of de ziekenhuiszorg nog wel op orde is. Dat ook de stekker wordt getrokken uit het Haagse Bronovo ziekenhuis en er in het Drentse Hoogeveen en het Groningse Stadskanaal complete ziekenhuisafdelingen dreigen te verdwijnen helpt daar niet bij.

Zorgeconoom Michiel Verkoulen Ⓒ Hollandse Hoogte

De zorgen in de samenleving over sluitende ziekenhuizen staan in een schril contrast met de beleving van doorgewinterde zorgeconomen. Michiel Verkoulen en Xander Koolman, bijvoorbeeld. In ziekenhuisland is juist een gezonde beweging gaande, menen zij. „Ik heb geen zorgen over de ziekenhuiszorg”, zegt Verkoulen monter. Ook zijn vakgenoot Xander Koolman ziet dat de kwaliteit van Nederlandse ziekenhuizen echt wel ’op orde is’.

Schrikbarend

De uitgaven aan ziekenhuizen kennen een steile curve. Rond de eeuwwisseling stroomde er zo’n 12 miljard euro naartoe. Een jaar geleden stond de teller al op een schrikbarende 27 miljard. Het heeft met de vergrijzing te maken, hogere loonkosten, toenemende medicijnprijzen en prachtige nieuwe technieken die vaak helaas wel een stevig prijskaartje hebben.

Zorgeconoom Xander Koolman Ⓒ DIJKSTRA BV

De politiek zit ermee in haar maag. Een steeds grotere punt van de door Den Haag te verdelen taart gaat namelijk naar de zorg, het is geld dat niet naar leraren, politieagenten of andere belangrijke zaken kan.

Meer dan tien jaar geleden is daarom in samenspraak met de sector besloten om te kijken of er niet wat meer ziekenhuisbehandelingen kunnen worden overgeheveld naar huisartsen, zorgcentra in de buurt, of bij mensen thuis. Dat is goedkoper. Maar praten over geld is in de zorg nog vaak taboe. Toch moet het gebeuren, vinden Verkoulen en Koolman.

“Het ziekenhuis is een heel dure omgeving”

„Het ziekenhuis is een heel dure omgeving”, schetst econoom Verkoulen. „Terwijl een groot deel van de zorg echt niet meer in het ziekenhuis hoeft. Als we die beweging maken, is het goed voor ieders portemonnee.”

Slim

VVD-Kamerlid Arno Rutte pleit al langer voor de verhuizing van meer ziekenhuiszorg naar de huiskamer. Bij de liberaal spelen niet alleen de duizelingwekkende uitgaven aan ziekenhuiszorg een rol. „Het aantal ouderen stijgt de aankomende jaren enorm”, benadrukt hij. „Tegelijkertijd neemt het aantal mensen dat kan werken in de zorg af. Dat is een probleem waarvoor niemand kan weglopen. Ik vind dus dat we vol moeten inzetten op slimme zorg thuis.” Dat ziekenhuizen daardoor slinken, of zelfs verdwijnen, ziet hij als logisch. „Maar het is geen doel op zich.”

“We moeten vol inzetten op slimme zorg thuis”

Die slimme zorg thuis gebeurt al steeds vaker. Het gaat bijvoorbeeld om patiënten met diabetes, of longaandoeningen. Voorheen waren ze kind aan huis in het ziekenhuis. Tegenwoordig doen ze hun metingen thuis via een app. Af en toe krijgen ze een Facetime-consult van het ziekenhuis. Het is een goedkopere manier van werken. Voor patiënten is het bovendien fysiek een stuk minder belastend. Het scheelt ze heel wat ritten naar het ziekenhuis.

Arno Rutte (VVD) Ⓒ DIJKSTRA BV

CDA-Kamerlid Joba van den Berg ziet echter ook de keerzijde van de medaille van de vertimmering van ziekenhuisland. Volgens haar zijn er in grotere steden vaak meer dan voldoende ziekenhuizen. Als er daar eentje sneuvelt, is goede zorg zelden ver weg. Anders is dat in landelijk gebied. „Daar wringt het.”

Streekziekenhuizen

Wat de christendemocrate ziet gebeuren, is dat grotere ziekenhuizen de kleine streekziekenhuizen ’leeg eten’. Dat komt voort uit ooit doelbewust ingezet beleid, maar is volgens Van den Berg aan het doorslaan.