Debat in de Digitale Hofstad

Stemmen uit de Haagse Wijken

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 18 – commissie Bos

Nou Wouter dat ziet er voortvarend uit !!!

De Toekomst van de zorg voor thuiswonende ouderen

De ouderenzorg moet op de schop, nu Nederland in snel tempo vergrijst. Een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos kwam met ingrijpende voorstellen.

Op verzoek van het kabinet heeft de commissie op een rij gezet voor welke uitdagingen Nederland staat door de vergrijzing. Over tien jaar zijn er ruim twee miljoen 75-plussers, zo’n 600.000 meer dan nu. “Thuis (blijven) wonen is geen onbeperkt recht om de daarmee gepaard gaande kosten op de samenleving af te wentelen”, aldus de commissie.

Kortom, dat is de indringende boodschap van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos, over de toekomst van de zorg voor thuiswonende ouderen.

Om de zorg voor thuiswonende ouderen in de toekomst op peil te houden is het nodig nú te investeren in geschikte woningen, in digitalisering van dagelijks leven en zorg en in lokale en regionale samenwerking in zorg en ondersteuning. Dat schrijft de Commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen in een advies dat commissievoorzitter Wouter Bos vanmiddag aanbiedt aan minister Hugo de Jonge van VWS.

De commissie formuleert in haar advies 35 aanbevelingen die zij toetst aan de vier principes van de REIS:

  • Regie: vergroot de aanbeveling de mogelijkheden voor ouderen om zelf regie te voeren?
  • Eenvoud: vereenvoudigt de aanbeveling de ondersteuning en zorg voor ouderen, zowel voor de ouderen zelf als voor de professionals?
  • Integrale benadering: verwijdert de aanbeveling schotten en bevordert ze een integrale kijk op de behoefte aan ondersteuning en zorg?
  • Samenwerking: bevordert de aanbeveling de samenwerking tussen de verschillende bij de zorg voor thuiswonende ouderen betrokken partijen en professionals?

Veel van de aanbevelingen zijn terug te voeren tot drie centrale adviezen;

Het eerste is: ga (ver)bouwen! De fysieke woonomgeving is voor ouderen cruciaal om zelfstandig te kunnen (blijven) wonen en zo min mogelijk afhankelijk te worden van zorg. Nieuwe woonvormen, tussen het aloude eigen huis en het verpleeghuis in, kunnen een oplossing bieden. Op dit moment wordt er echter voor ouderen veel te weinig gebouwd en verbouwd. Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.

Het tweede advies is: ga digitaal! Dit advies is niet alleen gericht aan aanbieders van professionele zorg en ondersteuning, voor wie ‘digitaal het nieuwe normaal’ moet worden. Ook ouderen zelf zullen veel meer gebruik moeten maken van digitale technologieën, om hun dagelijks leven makkelijker en aangenamer te maken. Grootschalig gebruik kan leiden tot meer eigen regie, een hogere kwaliteit van leven en een doelmatiger inzet van schaarse zorgverleners.

Het derde is: werk samen! We zullen de komende decennia in de zorg voor ouderen moeten woekeren met schaarse middelen en mensen. Om de beschikbare middelen doelmatig te kunnen inzetten is lokale en regionale samenwerking de komende jaren belangrijker dan keuzevrijheid en concurrentie.

Omdat de commissie het belangrijk vindt dat haar advies kan rekenen op draagvlak bij alle partijen die bij zorg en ondersteuning voor thuiswonende ouderen betrokken zijn, nodigt zij belangstellenden uit om uiterlijk 1 april 2020 op het advies te reageren. Voor de zomer van 2020 zal zij de binnengekomen reacties en commentaren verwerken in versie 2.0 van haar advies.

AD 17.01.2020

Thuis blijven wonen ????

We moeten af van het motto dat ouderen vooral zolang mogelijk thuis moeten blijven wonen, staat in het advies. “Veel 75-plussers denken dan begrijpelijkerwijs aan het huis waar zij nú wonen,” Maar die woning is vaak helemaal niet geschikt om betaalbare en veilige zorg te leveren, schrijft Bos. In veel gevallen is het veel beter als ouderen verhuizen naar een aangepaste woning.

In 2015 woonde slechts 20 procent van de 65-plussers in een huis dat min of meer aangepast was. Met het oog op de vergrijzing is de belangrijkste aanbeveling van Bos dan ook: begin met (ver)bouwen! Nieuwe woonvormen zouden het gat moeten vullen tussen de oude woning en het verpleeghuis.

Wachtlijsten

Vandaag 15.01.2020 bleek dat er de laatste jaren ook veel te weinig nieuwe verpleeghuizen zijn gebouwd. Mede daardoor zijn de wachtlijsten voor een plek in zo’n instelling fors gestegen.

Telegraaf 16.01.2020

Zorgkosten en vergrijzing

Ouderen zullen meer moeten betalen voor hun zorg en ondersteuning, nu Nederland door de vergrijzing steeds meer chronisch zieke ouderen telt. De politiek moet daarbij het ‘dogma’ loslaten dat zo lang mogelijk thuis wonen een recht is, en moet ouderen gaan voorbereiden op de boodschap dat de kosten van de oude dag veel vaker voor rekening van de oudere zelf gaan komen.

Eigen huis opeten

Het eigen huis ‘opeten’ om zelf de kosten te betalen van woningaanpassing, of om te kunnen verhuizen naar een aangepaste woning, noemt de commissie als voorbeelden. Een andere optie is dat ouderen de kosten van een verpleeghuis voortaan voor een deel zelf betalen, vergelijkbaar met het bedrag dat ze anders kwijt geweest zouden zijn aan woonlasten en huishouden. Het kabinet zou dit moeten onderzoeken, is een van de adviezen.

Dan moeten er wel veel meer geschikte woningen en alternatieve woonvormen voor ouderen komen. Gemeenten moeten plannen gaan opstellen hoe die woningen er gaan komen, samen met woningcorporaties en projectontwikkelaars. Er gebeurt nu veel te weinig, de vrijblijvendheid moet eraf, waarschuwt de commissie het kabinet. Ook moeten er meer plekken komen in verpleeghuizen.

Vertrouwde omgeving

Het kabinet-Rutte moet snel stoppen met sluiten van zorglocaties en een noodplan lanceren om ‘zorgbuurthuizen’ te bouwen, stellen Lilian Marijnissen, fractievoorzitter van de SP in de Tweede Kamer en Maarten Hijink, Tweede Kamerlid voor de SP. Er is te veel ouderenzorg afgebroken.

VK 18.01.2020

Na drie kabinetten-Rutte staat de ouderenzorg er slecht voor. Ouderenzorg is afgebroken, verzorgingshuizen zijn gesloten en 77.000 medewerkers verloren door bezuinigingen hun baan, waardoor er nu een schreeuwend tekort aan personeel is. Ruim 16.700 ouderen staan op een wachtlijst voor een zorginstelling. Ze blijven langer in het ziekenhuis omdat ze nergens terechtkunnen. En de eerste hulp loopt vol door ongelukken omdat ze gedwongen thuis wonen, terwijl dat eigenlijk niet meer gaat.

De SP pleit voor radicale verandering: herwaardering van ouderenzorg. Geef medewerkers de waardering die ze verdienen en neem als overheid het voortouw bij de bouw van zorgbuurthuizen, kleinschalige, gezellige zorglocaties waar je in je vertrouwde omgeving oud kunt worden.

Kangoeroewoningen

Voorbeelden van zulke woonvormen zijn woongroepen waar ouderen bij elkaar wonen en kangoeroewoningen, waarbij twee woningen via een tussendeur met elkaar verbonden zijn. Vaak wonen opa en oma dan in het ene huis, en woont het gezin van een van de kinderen in het andere.

“Op dit moment wordt er voor ouderen echter veel te weinig gebouwd en verbouwd”, concludeert de commissie. “Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.”

Kosten

De commissie heeft vooral gekeken hoe de zorg anders en beter georganiseerd kan worden zonder dat de kosten verder oplopen. Een probleem is dat er in 2030 minder mensen zijn om thuiswonende ouderen te helpen.

“Er dreigen tekorten aan mantelzorgers, vrijwilligers en professionals in zorg en welzijn”. Meer mensen aan het werk krijgen in de zorg is ook geen oplossing, want dan komt direct de betaalbaarheid verder in het gedrang, aldus de commissie.

Telegraaf 16.01.2020

Een eenvoudiger zorgstelsel

Tegelijkertijd moet de zorg wel beter worden, want die is nu verre van optimaal. Kwetsbare ouderen die nog thuis wonen krijgen soms tien verschillende zorgverleners over de vloer.

Zelf de zorg regelen, en daarbij makkelijk de weg vinden “is helaas nog geen realiteit”, aldus de commissie, die waarschuwt dat er in 2030 meer ouderen zullen zijn die geen kinderen hebben om op terug te vallen, en dat arme ouderen drie keer zo vaak in een ‘kwetsbare’ situatie verkeren als rijke ouderen.

Politiek gevoelig is vooral het advies dat het huidige zorgstelsel niet geschikt is om goede zorg te garanderen voor ouderen die thuiswonen. De commissie wil een ‘eenvoudiger’ stelsel en werpt zelfs de gedachte op om een ‘forse ingreep’ te doen in het stelsel, door de huidige rolverdeling tussen verzekeraars, gemeenten en overheid helemaal los te laten.

Er zou idealiter één pot geld moeten komen voor alle ouderenzorg. Maar daarvoor is nu nog geen politiek en maatschappelijk draagvlak, terwijl zo’n stelselwijziging zelf ook duur is.

Een tussenoplossing is dat er op lokaal niveau wel één pot geld komt, waar verzekeraars en gemeenten samen de zorg voor thuiswonende ouderen uit financieren. Sowieso vindt de commissie dat verzekeraars moeten ophouden met het laten concurreren van thuiszorgaanbieders.

Twee à drie verschillende aanbieders per wijk is het maximum, en organisaties moeten meer gaan samenwerken. “De grondgedachte van onderlinge concurrentie maakt samenwerking in de praktijk nu vaak moeilijk”, schrijft de commissie. Daarmee is ook de politieke discussie over de marktwerking verder geopend.

Europese aanbesteding Zorg

Daarom wil Minister De Jonge van Volksgezondheid snel af van de Europese regel die gemeenten verplicht om zorgtaken Europees aan te besteden. Hij heeft daar donderdag 16.01.2020 in Straatsburg met Europarlementariërs uit verschillende landen over gepraat. De Jonge wijst erop dat de zorg geen markt is, “laat staan een Europese markt”.

De Jonge vindt de gedachte achter de Europese aanbestedingsregel begrijpelijk voor marktactiviteiten: bedrijven moeten dezelfde kansen krijgen om een opdracht binnen te halen. Maar volgens hem botst het “met zaken die in de jeugdzorg en de thuiszorg gewoon belangrijker zijn: samenwerking en partnerschap in de wijk bijvoorbeeld”.

Hij vindt het niet logisch om te denken dat mensen vanuit Portugal of Litouwen in de Nederlandse jeugdzorg aan de slag gaan. “Dat gebeurt niet.”

De Jonge wil “hoe sneller, hoe beter” af van de Europese regelgeving voor de zorg, “want het zorgt voor procedures die veel tijd en geld kosten, en dat komt de zorg niet ten goede”.

Minder administratieve lasten, minder markt- en meer samenwerking in de zorg. Daarom moeten we af van de verplichting om gemeentelijke zorgtaken openbaar en Europees aan te besteden !!!!

Lees ook:

Net als de minister zien verpleeghuizen dat het beter gaat. ‘Maar niet goed genoeg’

De verpleeghuizen die zo zuchten onder het tekort aan personeel krijgen iets meer ademruimte. De investeringen om de personeelstekorten terug te dringen en de kwaliteit van de zorg te verhogen werkt. Althans, dat zei minister Hugo de Jonge van volksgezondheid in december. Merken de verpleeghuizen dat ook?

Zorgverzekering is onrechtvaardig voor ouderen

Zorgverzekeraars snijden dekking en risico toe op gezonde, werkende mensen. 70-plussers die juist meer zorg nodig hebben, vallen buiten de boot, merkt Kees de Vries, lezer te Maasdam. De overheid moet volgens hem de zorgverzekeringen weer in handen nemen.

Kortom;

En wéér rapporteerde een commissie over het gebrek aan woningen voor zelfstandige ouderen. Terwijl de oplossing van het probleem er eigenlijk al is: het Thuishuis, een soort studentenhuis (zonder lawaai) voor senioren.

Dit rapport van de “Commissie Bos” had vijf jaar geleden ook al in de krant kunnen staan. Of anders wel tien of vijftien jaar geleden. Want het gaat over het gebrek aan geschikte huisvesting voor ouderen. En dat is, zegt Liane den Haan, directeur-bestuurder van ouderen-belangenorganisatie Anbo, een thema dat stelselmatig wordt genegeerd.

Volgende week zal de zogenoemde commissie-Adriani naar verwachting een soortgelijk pleidooi afsteken als dat van Wouter Bos. Daarnaast zijn allerhande aanjaagteams en taskforces actief op het terrein van de ouderenhuisvesting.

Demografie

Anbo zelf voorspelde al in 2005 dat met de verdwijning van de aloude ‘bejaardenhuizen’ een grote behoefte zou ontstaan aan woningen voor ouderen die niet meer zelfstandig kunnen (of willen) wonen, en die ook niet in aanmerking komen voor opname in een verpleeghuis. Dat rapport was niet eens visionair, zegt Den Haan. Het was slechts een vertaling van welbekende demografische ontwikkelingen.

Toch is met al die inzichten vrijwel niets gedaan. Althans: niet door overheden en woningcorporaties. Zo stelde Anbo onlangs vast dat bijna 60 procent van de Nederlandse gemeenten überhaupt niet heeft nagedacht over de gevolgen van de vergrijzing voor de woningbouw. Hoe dat komt? ‘Ach’, zegt Den Haan – geïrriteerd. ‘Gemeenten pronken liever met fraaie kantoren of eengezinswoningen. Woningen voor ouderen zijn gewoon niet sexy.’

En als het gebrek aan engagement bij overheden al geen probleem is, is het de regelgeving wel. Zo sprak Den Haan deze week een wethouder die de aanvraag voor een zogenoemde kangoeroewoning – de aanbouw bij een bestaande woning ten behoeve van ouderen – had afgewezen vanwege de richtlijnen voor ‘woondichtheid’ in het betreffende gebied.

Alleen bestuurders met lef en woningbouwcorporaties die bereid zijn tot een enigszins rekkelijke interpretatie van de regels willen de bouw van kleinschalige voorzieningen voor ouderen nog weleens mogelijk maken, zegt Den Haan.

Op pantoffelafstand

Dat is ook de ervaring van ‘maatschappelijk ondernemer’ Jan Ruyten, bedenker en uitvoerder van het concept ‘Thuishuis’: een soort studentenhuis voor ouderen ‘op pantoffelafstand van winkels en andere publieke voorzieningen’. De bewoners – idealiter niet meer dan vijf of zes – hebben elk een eigen kamer, en maken gezamenlijk gebruik van een keuken, een hobbykamer, een tuin, een washok en andere faciliteiten. In collectieve zelfstandigheid. ‘Als ik er naar binnen wil, bel ik netjes aan, want ik heb geen sleutel’, zegt Ruyten.

Sinds 2006 heeft Ruyten vijf van dit soort huizen kunnen stichten. Met alle‘evidencebased voordelen van dien voor het welzijn en de gezondheid van de bewoners. ‘Een kind had het kunnen bedenken.’ Toch kost het Ruyten veel moeite om ‘het bastion van de overheid’ te slechten. ‘Als ik een wethouder of een corporatie om medewerking vraag bij de vestiging van een Thuishuis, word ik vaak doorverwezen naar Jumbo, Albert Heijn of een ander bedrijf. Terwijl het mij helemaal niet om geld of sponsoring te doen is, maar om organisatorische ondersteuning.’

Alleen thuis wonende oudere in een groot huis. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Robotisering

‘We lopen in Nederland voorop met robotisering van de zorg, maar we zijn bijzonder slecht in sociale innovatie’, heeft Ruyten moeten vaststellen. ‘De gezondheidszorg krijgt beduidend meer aandacht dan de preventie van zorgafhankelijkheid. Zorg is business. Daar liggen verdienmodellen onder. Het Thuishuis, een instelling zonder winstoogmerk, ligt niet binnen het blikveld van ondernemers en bestuurders.’

De belangstelling voor de ouderen spitst zich toe op degenen die in een verpleegtehuis zijn opgenomen, zo’n 12 procent van de 65-plussers. ‘Want die zijn zielig’, zegt Liane den Haan van Anbo. ‘Wat in Thuishuizen en andere kleinschalige voorzieningen gebeurt, spreekt minder tot de verbeelding. De aandacht voor het waardig sterven gaat ten koste van de aandacht voor het waardig ouder worden.’

Gesticht voor ouden van dagen

Waardig ouder worden was de betrokkenen in het verleden overigens ook niet vergund. In de 19de eeuw woonde ruim 20 procent van de ‘ouden van dagen’ in een gesticht of instelling. Het ‘driegeneratiegezin’ was ook toen niet de norm. Wel kwam het vaak voor dat ongetrouwde kinderen bij hun ouders bleven wonen, en voor hen zorgden.

Bijna de helft van de ouderen woonde samen met hun volwassen kinderen. ‘Ware armen’, behoeftige ouderen die niet meer konden werken, kwamen in aanmerking voor plaatsing in een hofje of een ‘oudeliedenhuis’ waar doorgaans een streng regime heerste.

Om ouderen zoveel mogelijk voor dat lot te behoeden, werd burgers in 1912 een onderhoudsplicht voor ‘behoeftigen en ouderen’ in hun omgeving opgelegd. Deze knellende vorm van mantelzorg werd in 1961 afgezwakt en in 1965 helemaal afgeschaft.

Spookbeeld doorstroming

In de jaren vijftig werden ouderen aangemoedigd om, ter leniging van de woningnood, naar bejaardenhuizen te verkassen. Deze woonvorm is echter nooit geliefd geweest. ‘Bij de meesten waart, als een spookbeeld, het woord ‘tehuis’ door de gedachten’, schreef de Nationale Raad voor Maatschappelijk werk in 1958.

In 1975 was de hoogtij van de bejaardentehuizen alweer ten einde: de regering bepaalde dat maximaal 7 procent van de ouderen in een verzorgingshuis mocht wonen. Ouderen werden aangemoedigd om zolang mogelijk voor zichzelf te blijven zorgen.

Van 50plus woningen en Scheefwonen

Op dit moment ondervindt de woningmarkt daarvan de nadelige gevolgen: bij gebrek aan alternatieven blijven veel ouderen te lang in hun (vaak te grote) huizen wonen. De introductie van o.a. de zgn. 50plus woningen meer zou deze doorstroming echter reeds in gang moeten hebben gezet.

Het aanpakken van het Scheefwonen (meer) is mede hierdoor een geliefd dwangmiddel geworden om de doorstroming op de woningmarkt te stimuleren.

Aanleunwoning

De aanleunwoning werd aangekondigd in 1975 in de Tweede Nota Bejaardenbeleid van het kabinet-Den Uyl. Doel was vooral om de ouderen uit het bejaardenhuis te houden zolang dat kon. Slechts 7 procent van de ouderen zou in de toekomst in een instelling mogen wonen.

De aanleunwoningen zijn woningen die gebouwd zijn tegen of in de nabijheid van een verzorgingshuis en bedoeld zijn voor oudere mensen, die nog redelijk mobiel zijn en geen grote gezondheidsproblemen hebben.

Zij profiteren op deze manier wel van de diensten van het verzorgingscentrum (verpleging dichtbij en bereikbaar via een eenvoudige alarmknop, mogelijk verzorging van maaltijden), terwijl ze verder redelijk zelfstandig kunnen blijven wonen met veel meer privacy dan in het verzorgingscentrum mogelijk zou zijn.

Voor mensen in de aanleunwoningen geldt soms een voorkeursregeling wanneer de gezondheid zodanig achteruit gaat dat intensievere verzorging nodig is; er wordt zo versneld een plekje in het verzorgingshuis gevonden.

Bezuiniging ouderenzorg

De ingrijpende bezuinigingsoperatie van Rutte II in de ouderenzorg van bijna 2 miljard euro levert geen cent op. Kwetsbare senioren zitten intussen thuis en krijgen vaak niet de zorg die ze nodig hebben.

Het kabinet Rutte II dacht bij de start een monsterbedrag van 1,88 miljard te besparen door ouderen minder snel naar het verpleeghuis te laten gaan en tegelijkertijd te beknibbelen op thuiszorg. Maar uiteindelijk bleef er van de hele bezuiniging niks over.

Onder druk van de Tweede Kamer draaide het kabinet al een half miljard aan besparingen terug in de afgelopen jaren. Zowel de verpleeghuizen als de wijkverpleging en huishoudelijke hulp kregen er honderden miljoenen bij, omdat de fikse snijoperatie de kwaliteit van de zorg in het geding bracht.

Maar er moet nog veel meer geld bij. Alleen al om de zorg in verpleeghuizen op orde te krijgen, zal het kabinet de komende jaren 2,1 miljard extra investeren. Daarnaast geven zorgverzekeraars meer uit aan ouderenzorg dan je op grond van de toename van het aantal senioren mag verwachten.

Tussen 2015 en 2017 ging al bijna een miljard extra naar ouderenzorg. In 2018 kan dat oplopen naar 2,5 miljard euro is de verwachting, aldus de doorrekening van Investico.

‘Terug bij af’

We zijn volgend jaar terug bij af. We hebben de ouderen­zorg groten­deels afgebroken, aldus Zorgeconoom Guus Schrijvers .

Die extra uitgaven van zorgverzekeraars worden deels verklaard doordat veel meer 65-plussers het thuis niet redden. Ze melden zich na een val of in verwarde toestand op de eerste hulp van het ziekenhuis. Alleen al in 2015 groeide dat aantal met 20 procent, blijkt uit eerder onderzoek van bureau Fluent. En de kortdurende opvang voor ouderen die om medische redenen niet thuis kunnen wonen – bijvoorbeeld na een ziekenhuisopname – nam in datzelfde jaar maar met 87 procent toe.

Ouderenzorg afgebroken

,,We zijn volgend jaar terug bij af”, concludeert zorgeconoom Guus Schrijvers. De fikse bezuiniging die het kabinet in 2012 aankondigde, is volgens Schrijvers een ‘noodingreep, ingegeven door de economische crisis’. ,,Toen bleek dat de crisis meeviel, kwamen er weer allerlei bedragen bij om de bezuiniging te verzachten. Maar we hebben de ouderenzorg grotendeels afgebroken.”

Een woordvoerder van staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid) erkent dat er minder is bezuinigd dan in het regeerakkoord is afgesproken en dat de kosten aan ouderenzorg stijgen. Hij noemt die laatste ontwikkeling vanwege de vergrijzing ‘logisch’. De aanname dat het temperen van de zorgkosten mislukt zou zijn, verwijst de zegsman echter ‘naar het land der fabelen’. ,,Zonder het beleid van het huidige kabinet zouden de zorgkosten nu miljarden hoger liggen.”

Noodkreet

Ook ziekenhuizen, verpleegkundigen en huisartsen luiden in 2017 de noodklok over een nieuwe grootscheepse zorgbezuiniging van het kabinet Rutte III. Ze vrezen dat de zorg voor kwetsbare mensen straks door de bodem zakt, door financiële problemen en een personeelsgebrek.

De afgelopen jaren beknotte zorgminister Schippers via afspraken met de medische wereld de groei van het aantal behandelingen door ziekenhuizen, de geestelijke gezondheidszorg en de wijkverpleging. Nu doet de coalitie daar een flinke schep bovenop en boekt een megabedrag, bijna 2 miljard in 2021, in als beoogde besparing.

Dat is ruim 800 miljoen meer dan VVD, CDA, D66 en ChristenUnie in hun verkiezingsprogramma hadden staan. Het Centraal Planbureau acht zo’n grote bezuiniging onhaalbaar en waarschuwde voor slechtere zorg.

Manifest Lijm de Zorg: 'Stille ramp gaande in de ggz en jeugdzorg'

Manifest geestelijke gezondheidszorg (ggz)

Het manifest Lijm de Zorg dat maandag 20.01.2020 geïntroduceerd werd door hulpverleners en patiënten heeft in ruim vijf dagen tijd meer dan 50.000 handtekeningen opgeleverd. Coördinator Louis de Mast vertelt in gesprek met NU.nl dat het manifest binnenkort naar de Tweede Kamer gaat, maar dat het voorlopig nog openblijft om nog meer steun te werven.

Lijm de Zorg had 40.000 handtekeningen nodig om het manifest aan de Kamer te mogen overhandigen. Dat gaat na het debat in de Tweede Kamer over wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) gebeuren, verzekert De Mast.

Hulpverleners en patiënten hebben maandag het manifest Lijm de Zorg gelanceerd. Met het manifest willen de initiatiefnemers aandacht vragen voor misstanden in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) en Jeugdzorg en de politiek aanzetten tot actie. “Er is een stille ramp gaande in de ggz en jeugdzorg”, zegt coördinator Louis De Mast.

Het manifest is onder anderen geschreven door De Mast, die zelf werkzaam is in de zorg, en ervaringsdeskundigen Charlotte Bouwman en Nine van den Berg.

Hulpverleners en patiënten slaan de handen ineen om jeugdzorg en ggz te verbeteren. Met de actiegroep ‘Lijm de zorg’ hebben ze maandag een manifest voor een betere geestelijke gezondheidszorg aangeboden aan staatssecretaris Paul Blokhuis. De 26-jarige Charlotte Bouwman is de initiatiefnemer van de groepering.

AD 21.01.2020

‘Ik heb 21 zelfmoordpogingen gedaan. En iedere keer moet ik wachten tot er plek is voor de hulp die ik nodig heb.’

De 26-jarige Charlotte Bouwman, die vanmorgen een zit-actie begon op het ministerie van Volksgezondheid, zet haar actie voorlopig door. Ze had vanmiddag een gesprek met staatssecretaris Blokhuis, waarin ze een klemmend beroep op het kabinet deed voor goede hulp voor mensen met complexe psychiatrische aandoeningen.

Bouwman noemde het gesprek na afloop positief, maar beëindigt haar actie voorlopig niet. “Geen woorden, maar daden. Ik blijf hier tot er de toezegging komt dat er landelijke specialistische centra komen.”

De vrouw nam vanochtend met twee protestborden plaats voor het Haagse ministerie. Ze heeft een ‘Manifest voor een Betere Jeugdzorg en ggz’ opgesteld en een website Lijm de Zorg geopend. Naar eigen zeggen is ze al acht jaar suïcidaal en staat ze al 804 dagen op een wachtlijst voor de juiste hulp.

Bekijk ook;

lees: kamerbrief over conceptadvies commissie toekomst zorg thuiswonende ouderen 15.01.2020

lees: Infographic Oud en zelfstandig 2030 Een reisadvies

lees: Samenvatting Oud en zelfstandig in 2030 Een reisadvies

lees: Advies Oud en zelfstandig in 2030 Een reisadvies 15.01.2020

lees: kamerbrief over investeringsmogelijkheden kwaliteit en bedrijfsvoering van zorgaanbieders 09.07.2019

lees: uitkering van dividend door zorgaanbieders 17.06.2019

lees: advies over het reguleren van winstuitkering door zorgaanbieders 17.12.2018

lees: hoofdlijnen van de juridische analyse bijlage B

lees: hoofdlijnen van de praktijk en effectanalyse Bijlage A

Zie ook: Zorgcowboys

Bekijk ook;

zie ook: Zorgen over Marktwerking versus verzelfstandiging en privatisering

Zie ook: Weer gedonder bij de Haagse Wijk- en Woonzorg HWW

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 17

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 16

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2 

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook; Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 3

zie ook: Gaat het gedonder in de Haagse zorg gewoon verder ???

zie ook: Manifest gedonder ook in de Haagse Zorg door bezuinigingen

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook: De affaire Loek Winter versus Gerommel in de zorg

en zie verder ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg – deel 5

zie verder dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 4

en zie dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 3

zie dan verder ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 2

en zie dan ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 1

Oppositie roept Blokhuis op tot ingrijpen bij ggz

NOS 04.03.2020 Oppositiepartijen GroenLinks, PvdA en SP willen dat staatssecretaris Blokhuis van Volksgezondheid zo snel mogelijk ingrijpt in de geestelijke gezondheidszorg, ggz.

Eind januari zei Blokhuis dat hij dat zou doen als er niet binnen een maand een plan zou liggen om patiënten met complexe psychische problemen te helpen en snel van de wachtlijst te halen. Aanleiding voor deze belofte was een gesprek dat Blokhuis voerde met een aantal mensen die al lang wachten op zorg, zoals Charlotte Bouwman, die in januari een actie begon in de hal van het ministerie.

‘Regiotafels’

GGZ Nederland en de zorgverzekeraars hebben een plan ingediend bij het ministerie van Volksgezondheid. Volgende week dinsdag spreekt Blokhuis hier met hen over achter gesloten deuren.

Een deel van het plan lekte uit via een interne nieuwsbrief van GGZ Nederland. Hierin staat dat er ‘regiotafels’ komen waaraan zorgaanbieders met elkaar overleggen over moeilijk plaatsbare patiënten. Ook staat er dat de wachttijden buiten het plan zijn gehouden.

Verder schrijft GGZ Nederland aan de leden dat er geen doorzettingsmacht komt. Actiegroep Lijm de Zorg wil dat graag om te voorkomen dat patiënten met complexe psychiatrische problemen, die een langdurige en kostbare behandeling moeten ondergaan, steeds worden doorgestuurd.

PvdA-Kamerlid Kuiken vindt dat Blokhuis grote woorden heeft gesproken. “Maar er ligt nog steeds geen plan. Wat wordt zijn actie, zodat hij zijn belofte waar kan maken?”. GroenLinks-Kamerlid Renkema vindt dat het nu geen tijd is voor overleggen en actieprogramma’s.

  Wim-Jan Renkema @wimjanrenkema

Mijn appèl aan @PaulBlokhuis is: grijp nu in! Het is geen tijd voor overleggen en actieprogramma’s, maar voor #doorzettingsmacht richting verzekeraars en GGZ-instellingen. De wachtlijsten moeten weg en mensen in nood móeten acuut worden geholpen. https://t.co/jnVFItQYHo

10 uur geleden

Lijm de Zorg noemt het een “flutplan” zonder concrete maatregel die garandeert dat er meer behandelplekken komen. Ook Charlotte Bouwman, die nu zes weken actievoert in de hal van het ministerie van VWS, is teleurgesteld. Ze schrijft in een brief aan Blokhuis: “Ik wil geen regiotafels en mensen die alleen met het proces bezig zijn. Ik wil het begin van een echte oplossing. Staatssecretaris, grijp in.”

Charlotte Bouwman @charlotbouwman

 

Afgelopen week stuurde @GGZNEDERLAND in deze nieuwsbrief een update over het plan dat ze vandaag (nog moeten) inleveren voor de aanpak van tekort in hoogspecialistische GGZ bestaat uit regiotafels in pilotregio’s, en dat wachttijden buiten beschouwing worden gelaten.

GGZ Nederland zegt dat het plan nog is aangepast nadat het naar de leden is gestuurd. Wat de veranderingen zijn, wil de woordvoerder pas vertellen na het gesprek met de staatssecretaris.

Zorgverzekeraars Nederland wil niet op de uitgelekte nieuwsbrief reageren. Een woordvoerder bevestigt dat het plan van aanpak naar Blokhuis is gestuurd. De staatssecretaris praat volgende week vrijdag met Lijm de Zorg en Charlotte Bouwman. Pas daarna zal hij het plan openbaar maken.

Bekijk ook;

GGZ-activiste Charlotte Bouwman: plan voor geestelijke zorg lost niets op

AD 04.03.2020 Het plan van zorgverzekeraars en GGZ Nederland om de problemen in de geestelijke gezondheidszorg aan te pakken ‘lost nauwelijks wat op’, Dat zegt Charlotte Bouwman, die al wekenlang demonstreert in de hal van het ministerie van Volksgezondheid.

Ze heeft het plan, dat er op haar initiatief is gekomen, al kunnen inzien. Volgens Bouwman is er niet eens gekeken naar de extreem lange wachttijden.

Bouwman is zelf al acht jaar suïcidaal en wacht al meer dan twee jaar op de juiste hulp. Ze begon eind januari uit onvrede over de GGZ met een protest in de hal van het ministerie, samen met haar hond Bobbie. Na gesprekken met haar beloofde staatssecretaris Paul Blokhuis de problemen aan te pakken.

Wachttijden

Er wordt letterlijk gezegd door GGZ Nederland: we laten de wachttij­den buiten beschou­wing, aldus Charlotte Bouwman.

Binnen een maand moesten zorgverzekeraars en GGZ-instellingen met een plan komen, anders zou hij zelf ingrijpen. Op dat laatste hoopt Bouwman. Het voorstel dat er nu ligt ‘is precies wat er tot nu toe is gedaan’, zegt ze vandaag, de dag dat Blokhuis’ eigen deadline verloopt.

,,Het is een plan waarbij er weer wordt gesproken over regiotafels, pilot-regio’s. Er wordt letterlijk gezegd door GGZ Nederland: we laten de wachttijden buiten beschouwing”, aldus Bouwman. De aanpak van de wachttijden en het vinden van een landelijke oplossing voor specialistische zorg waren juist de belangrijkste punten.

Wat dit betekent voor haar protestactie vindt Bouwman ‘lastig te zeggen’. Als Blokhuis niet ingrijpt, houdt hij zich niet aan zijn belofte, zegt de activiste. ,,Dat zou ik wel heel erg vinden maar ik schat hem in als iemand die zijn belofte nakomt. Ik hoop ook niet dat het ministerie het goed gaat praten terwijl het geen goed plan is.”

Aanstaande dinsdag spreekt Blokhuis met de opstellers van het plan, volgende week vrijdag hoopt zijn ministerie het plan naar de Tweede Kamer te sturen. Dan zal de staatssecretaris ook aangeven of hij het plan inderdaad goed genoeg vindt, of dat hij ervoor kiest zelf in te grijpen.

Charlotte Bouwman en Bobbie. © ANP

Minister: inderdaad fors meer geld naar verpleeghuiszorg

MSN 12.02.2020 Het kabinet moet inderdaad “fors” meer geld uittrekken voor de verpleeghuiszorg, zegt verantwoordelijk minister Hugo de Jonge. “Dat kan niet anders” nu uit een prognose blijkt dat deze zorg dit jaar 342 tot 475 miljoen euro tekort dreigt te komen.

De bewindsman baseert zich op een advies van de toezichthouder op de gezondheidszorg, de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Die kwam na onderzoek in opdracht van De Jonge tot de conclusie dat het aantal patiënten dat langdurige zorg nodig heeft zo hard groeit dat er een gat dreigt van honderden miljoenen euro’s.

Het is nog maar een eerste prognose, aldus De Jonge. Maar “mijn voorzichtige interpretatie is sowieso inderdaad dat er fors geld bij moet”. Hoeveel het kabinet uiteindelijk precies zal moeten bijpassen, moet volgens de vicepremier nog blijken. “Maar we weten dat die opdracht aanzienlijk is.”

Vorig jaar moest het kabinet ook al 950 miljoen euro bijpassen voor de langdurige zorg.

NZa voorspelt groot financieel tekort in zorg tot 475 miljoen euro

Telegraaf 11.02.2020 Opnieuw dreigt een groot financieel gat voor de langdurige zorg. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) schat het tekort op minstens 342 miljoen euro, mogelijk zelfs op 475 miljoen. Het ziet ernaar uit dat minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) dus opnieuw op zoek moet naar geld.

De extra NZa-prognose die nu naar buiten komt was juist door de CDA-bewindsman besteld. Vorig jaar werd hij overvallen door tekorten in de langdurige zorg. Herhaling wilde hij voorkomen door om een februari-raming te vragen.

Doordat nu inzichtelijk is gemaakt dat er nieuwe financiële ellende op de langdurige zorg afstevent, kan het kabinet daarmee rekening houden bij de jaarlijkse onderhandelingen over de voorjaarsnota, waarin de lopende begroting kan worden bijgesteld. Bekend was al dat er bij die besprekingen wordt gekeken naar extra geld voor het bestrijden van de criminele onderwereld (ondermijning) en de stikstofcrisis. Daar komt nu de langdurige zorg, met daarin de verpleeghuiszorg, bovenop.

Volgens de NZa zat het kabinet ernaast met zijn berekeningen over hoeveel mensen er dit jaar gebruik zouden gaan maken van de langdurige zorg. Dat is, zoals het er nu naar uitziet, meer dan gedacht. Daarbij gaat het hoofdzakelijk om de verpleeghuiszorg. Het aantal mensen dat verpleging en verzorging nodig heeft stijgt met zo’n vijf procent.

Bekijk meer van; misdaad gezondheidszorgbeleid overheid overheidsbeleid Den Haag Nederlandse Zorgautoriteit

Versobering ouderenzorg onvermijdelijk, groter beroep op mantelzorgers ook

NOS 29.01.2020 De branchevereniging voor instellingen in de ouderenzorg, Actiz, zegt dat de kwaliteit van die zorg binnen afzienbare tijd onder druk komt en dat we nu moeten nadenken over de vraag hoe we de ouderenzorg in de toekomst gaan organiseren. Daarbij zal een groter beroep op mantelzorgers worden gedaan.

“We moeten ons realiseren dat we aan het begin staan van iets wat echt een grote omvang gaat hebben”, zei bestuurslid Ronald Schmidt in het NOS Radio 1 Journaal na berichtgeving in de Volkskrant. Hij doelt op de toename van het aantal ouderen en het aantal mensen met dementie, terwijl het aanbod van werkenden juist afneemt. In de ouderenzorg dreigt daardoor een chronisch personeelstekort.

Eerder deze maand bleek dat de wachtlijsten voor verpleeghuizen nu al toenemen. “Wij zien daarin de eerste signalen van iets wat de komende jaren onze nieuwe realiteit gaat worden.”

De 3 miljard euro extra per jaar die dit kabinet voor verpleeghuizen uittrekt, bieden volgens Schmidt alleen een oplossing voor de korte termijn. “Het wordt steeds moeilijker om personeel te vinden. Dat betekent dat we steeds meer ouderen krijgen die wachten op een plek. Dus het probleem is breder dan alleen de vraag of er genoeg plek is in verzorgingshuizen.”

Vingerwijzen kan niet meer

Schmidt vindt dat er een maatschappelijke discussie nodig is. “Vingerwijzen naar de politiek of verzekeraars is echt onvoldoende. Dit is een maatschappelijk vraagstuk waar we met elkaar over moeten nadenken hoe we dat gaan oplossen in de komende jaren.”

Het belangrijkste is dat we een realistisch verwachtingspatroon creëren, zei Schmidt. “Als we verwachten dat het blijft zoals het nu is en dat het alleen maar een beetje beter moet de komende twintig jaar, gaan we elkaar teleurstellen. Er moet een realistisch debat komen over wat we verwachten van de zorg, maar ook van elkaar.”

Goede zorg, maar anders

Belangrijk is allereerst dat de toestroom naar de verzorgingshuizen wordt ingedamd, door langer thuiswonen te stimuleren. Daarnaast moeten verpleeghuizen mantelzorgers meer ruimte geven om iets voor hun naasten te doen. “Het moet echt weer normaal worden dat je voor je vader of moeder in het verpleeghuis iets kunt, mag of misschien ook moet doen.”

Het is onzin om nu al het beeld van een crisis op te roepen, zei Schmidt. “Dat is niet zo, maar we moeten ons wel realiseren dat we nu al de eerste signalen zien van de uitdaging die de komende jaren op ons afkomt. Als we daar nu mee aan de slag gaan, kunnen we hartstikke goede zorg blijven bieden op het niveau dat we gewend zijn, maar wel anders.”

Reactie senioren

Ouderenorganisatie KBO-PCOB zegt dat mantelzorgers al heel veel doen. “Nu stellen dat senioren meer moeten oppakken, is wel erg kort door de bocht. Ook het nog meer belasten van de mantelzorger in het verpleeghuis is wel heel makkelijk en doet geen recht aan de realiteit”, zegt directeur Manon Vanderkaa.

Ze erkent dat er een probleem is op de arbeidsmarkt in de zorg en dat daar wat aan moet gebeuren. “Maar dan verwachten we van de zorgaanbieders meer creativiteit dan de opgeheven armen in de lucht en de roep om soberheid.”

Bekijk ook;

Minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bezoekt een bejaarde voorafgaand aan de lancering van het programma Langer Thuis. © ANP

‘Kwaliteit van zorg voor ouderen niet te handhaven’

AD 29.01.2020 Er zijn pijnlijke maatregelen nodig om de ouderenzorg in Nederland uitvoerbaar te houden. Door de vergrijzing zijn de huidige kwaliteitsnormen in verpleeghuizen binnen afzienbare termijn niet te handhaven. Daar is geld noch personeel voor.

Dat zegt Ronald Schmidt van branchevereniging Actiz tegen de Volkskrant, namens de vierhonderd aangesloten ouderenzorginstellingen.

Verpleeghuizen hebben er de afgelopen jaren juist miljarden euro’s bij gekregen om de kwaliteit van de zorg te verhogen, na schrijnende verhalen in de media over ouderen die aan hun lot werden overgelaten. In het daarop gesloten ‘kwaliteitskader’ staat de eis dat er op drukke momenten altijd twee gespecialiseerde zorgmedewerkers aanwezig moeten zijn.

Volgens Schmidt is er een brede maatschappelijke discussie nodig over welke pijnlijke maatregelen acceptabel zijn om de ouderenzorg uitvoerbaar te houden. Zo moet dus wellicht de kwaliteit van zorg in de verpleeghuizen naar beneden en zullen mantelzorgers nog meer moeten gaan doen, ook als familieleden eenmaal zijn opgenomen.

Rechter: Staat geeft behandelaars van gevaarlijke cliënten te weinig geld

NU 28.01.2020 De Nederlandse Staat geeft te weinig geld aan forensische instellingen die verdachten en veroordeelden met een psychiatrische stoornis behandelen. In een kort geding over de zorgtarieven zeiden de behandelaars te vrezen dat er gevaarlijke cliënten op straat zouden komen als de prijzen zo laag blijven. Dinsdag gaf de rechter ze gelijk.

Volgens de rechtbank in Den Haag heeft de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) de klinieken geen enkele mogelijkheid geboden om tot andere prijsafspraken te komen.

De klinieken hebben gesteld dat de sector “klem” zit. Al jaren zijn de tarieven in de zorg, die worden vastgesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) dalende. De DJI is vervolgens daarbovenop dus nog met een ‘korting’ gekomen. En dat terwijl veel van de klinieken kunnen aantonen dat ze verlies lijden en hier zelf voor opdraaien.

De rechtbank zegt de “bezwaren van de zorgaanbieders te delen” als het gaat om het volgens hen te lage tarief. De rechter wijst er ook op dat de DJI niet heeft kunnen onderbouwen dat momenteel nog “reële zorgtarieven worden geboden”.

‘Tarieven kunnen niet in stand blijven’

De acht klinieken die de procedure hebben aangespannen, behandelen veelal cliënten met zeer complexe problematiek. Hierdoor duurt de behandeling logischerwijs langer dan bij andere klinieken.

Tijdens de zitting bleek al dat er een regeling bestaat waarmee zulke klinieken aanspraak kunnen maken op meer geld. De rechter wil dan ook dat de partijen nader met elkaar in overleg gaan over deze regeling.

“De tarieven die de Staat hanteert voor de betaling van forensische zorg kunnen niet ongewijzigd in stand blijven”, volgens het vonnis.

Gegniffel in de zaal na opperen aanpassing klinieken

De rechtszaal zat tijdens de behandeling van het kort geding tot aan de nok vol met onder meer de behandelaars en de directeuren van de klinieken. Het zorgde ervoor dat er soms gegnuifd werd als de advocaat die er namens de Staat was betoogde dat de DJI “aansluiting heeft gezocht” bij de tarieven van de NZa. De klinieken zouden volgens haar bijvoorbeeld “aan de knoppen kunnen draaien” en logischer moeten omgaan met hun budgetten.

De voorzieningenrechter zegt hier in de uitspraak ook over dat het “niet realistisch en evenmin redelijk is om van zorgaanbieders te verlangen dat zij van de ene op de andere dag hun signatuur op die wijze veranderen”.

Lees meer over: Zorg Binnenland

Een van de klinieken die een kort geding aanspanden is Woenselse Poort ANP

Klinieken winnen: Rijk moet meer betalen voor zorg gevaarlijke patiënten

NOS 28.01.2020 De overheid moet meer gaan betalen aan psychiatrische klinieken voor de zorg voor gevaarlijke patiënten. De rechter heeft dat bepaald in een kort geding dat was aangespannen door acht instellingen voor forensische zorg. Minister Dekker voor Rechtsbescherming betaalt hun minder dan de vastgestelde maximumtarieven, maar dat draait de rechter terug.

De klinieken vinden dat de kwaliteit van de zorg in gevaar is. Ze maken zich grote zorgen over de veiligheid van de maatschappij, de medewerkers en de patiënten, omdat ze met te weinig geld hun werk niet goed kunnen doen.

De rechter zegt dat de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), die de zorg namens de minister inkoopt, onvoldoende duidelijk heeft gemaakt waarom de maximumtarieven niet worden gehanteerd. De DJI moet van de rechter met de klinieken om tafel om over de tarieven te praten. Dat weigerde de dienst tot nu toe.

Nog deze week een gesprek

Een van de klinieken die de procedure aanspanden, wil nog deze week met het ministerie in gesprek. “We willen praten over de bekostiging op maat. Zodat wij goede en veilige zorg voor deze zeer zieke en gevaarlijke groep patiënten kunnen blijven leveren”, zegt een woordvoerder van Arkin.

Een woordvoerder van minister Dekker bevestigt dat er deze week een overleg plaatsvindt. “Historisch gezien hebben we altijd een goede verstandhouding gehad met de zorgaanbieders. We willen deze draad snel weer oppakken”, zegt ze.

Gevaar voor de samenleving

Het gaat om de behandeling van jaarlijks zo’n 25.000 mensen. De rechter heeft hun die opgelegd nadat ze een straf hebben uitgezeten voor een gewelds- of zedendelict. Het zijn mensen die een gevaar vormen voor de samenleving als ze niet worden behandeld. Onder hen zijn ook tbs’ers.

Gisteren zeiden Kamerleden van regeringspartijen VVD en CDA tegen Nieuwsuur al dat er meer geld moet naar deze psychiatrische zorg. Morgen debatteert de Kamer over de ggz, waar de forensische zorg onder valt.

Bekijk ook;

Klinieken krijgen gelijk: overheid moet meer betalen voor zorg gevaarlijke patiënten

AD 28.01.2020 Het Rijk moet meer gaan betalen aan psychiatrische klinieken voor de zorg voor gevaarlijke patiënten. Acht grote instellingen voor forensische zorg, die onder meer tbs’ers begeleiden, zijn door de rechter in het gelijk gesteld. Zij hadden een kort geding aangespannen tegen tariefverlagingen, omdat de veiligheid van de maatschappij, medewerkers en patiënten in gevaar zou komen.

De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), die de inkoop van de zogeheten forensische zorg regelt, had onder meer een maximumdagtarief ingevoerd en heeft volgens de rechter onvoldoende gemotiveerd waarom de tarieven voor ambulante zorg zijn verlaagd. De ggz-instellingen zeggen dat ze daardoor verlies zullen draaien en moeten bezuinigen op de zorg voor patiënten. De dienst moet nu van de rechter met de klinieken om tafel om over de tarieven te praten.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

In de rechtszaal hadden de ggz-organisaties, waaronder Fivoor, Reinier van Arkel en Trajectum, aangevoerd dat de maximale dagprijzen er uiteindelijk toe zullen leiden dat ernstig gestoorde daders tot veertig procent minder behandeling krijgen. De advocaten verwezen naar mensen als Bart van U., die oud-minister Els Borst om het leven bracht in 2014.

,,Iemand die de kliniek verlaat heeft dan dus minder behandelingen gehad. Exacte gevolgen daarvan zijn lastig in te schatten. Dat onze behandeling om iemand terug te kunnen laten keren in de maatschappij dan niet maximaal is, is duidelijk”, zei Nienke Timmer, manager van kliniek De Boog in Warnsveld, eerder deze week tegen deze site. ,,Wat onze patiënten gemeen hebben is dat een delict is begaan door een psychiatrische achtergrond. Wij proberen patiënten hier in te laten zien hoe ze tot een delict zijn gekomen. We helpen om controle te krijgen over deze stoornis. Ik begrijp het niet dat je daarop bezuinigt.”

Strengere eisen

Volgens de advocaten stelt de samenleving juist steeds strengere eisen aan de behandeling en bewaking van mensen met een psychische stoornis die een misdaad hebben gepleegd. Zo is het doorvoeren van beveiligingsmaatregelen kostbaar. Ook personeelskosten en de lasten voor gebouwen zijn de afgelopen jaren gestegen. Wanneer tarieven ook nog worden verlaagd, ontstaat volgens de instellingen een onhoudbare situatie.

In een eerste reactie laat Fivoor, de kliniek waar moordenaar Michael P. enige tijd is behandeld, weten de uitspraak ‘gunstig’ te vinden. De kliniek kan nu buurtcoaches behouden in in Den Dolder om te voorkomen dat cliënten overlast veroorzaken. Bij een negatieve uitspraak zou de inzet van de buurtcoaches ‘zeker’ onder druk zijn komen te staan.

Bezuiniging op zorg zwaarste psychiatrische patiënten voorlopig van tafel

OmroepWest 28.01.2020 Het ministerie van Justitie en Veiligheid moet opnieuw om de tafel met zorginstellingen die zorg verlenen aan onder meer ex-tbs’ers. Tot die tijd is de korting op de zorg voor de zwaarste groep psychiatrische patiënten van tafel. Dat heeft de voorzieningenrechter in Den Haag bepaald. Zorginstellingen uit onder meer Den Haag en Leiden waren naar de rechter gestapt voor een hogere vergoeding.

Vanaf dit jaar zou de overheid minder gaan betalen voor behandelingen in de forensische zorg. Instellingen als polikliniek De Waag stapten naar de rechter omdat zij vreesden dat de behandeling voor mensen die uit een gevangenis of een tbs-instelling zijn vrijgelaten, in het geding komt. Samen met de instelling uit Den Haag en Leiden, hadden in totaal acht forensische zorginstellingen het ministerie voor de rechter gedaagd.

De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), die namens het minsterie heeft onderhandeld met de zorginstellingen, heeft volgens de rechter ‘gehandeld in strijd met meerdere aanbestedingsrechtelijke beginselen en beginselen van behoorlijk bestuur’. Zo zou de dienst onvoldoende rekening hebben gehouden met het feit dat de forensische zorg voor de financiering voor een groot deel afhankelijk is van de overheid en er geen alternatieven zijn.

Niet geluisterd naar bezwaren

Verder heeft de DJI de tarieven verlaagd, zonder eerst de bezwaren van de instellingen goed te beoordelen. Hierdoor waren de forensische specialisten verplicht om onder protest in te stemmen met minder geld, omdat ze anders helemaal niets zouden ontvangen. En dus oordeelt de rechter dat ‘het geïntegreerde maximum dagtarief vooralsnog niet door DJI mag worden gehanteerd’.

Via een woordvoerder laat De Waag in een eerste reactie weten ‘verheugd’ te zijn ‘dat de rechter begrip heeft getoond voor ons standpunt en gaan met het ministerie van Justitie en Veiligheid graag in gesprek over de tarieven. Wij hebben er vertrouwen in dat deze gesprekken een goede uitkomst zullen opleveren.’

Meer over dit onderwerp: PSYCHIATRIE GGZ ZORG

Blokhuis wil ggz verplichten om mensen met complexe problemen te helpen

NOS 28.01.2020 Ggz-instellingen moeten straks verplicht op korte termijn gespecialiseerde hulp bieden aan psychiatrische patiënten met complexe problemen. Dat zei staatssecretaris Blokhuis na een gesprek met mensen die al lang wachten op hulp.

Nu vallen de zwaarste patiënten vaak buiten de boot, omdat ggz-instellingen niet de specifieke hulp kunnen bieden die nodig is als iemand bijvoorbeeld een eetstoornis én een trauma heeft.

In het plan van Blokhuis moeten de instellingen en de verzekeraars ervoor zorgen dat er binnen een paar weken hulp georganiseerd wordt. Als zij dat niet doen, grijpt de overheid in.

800 dagen wachten

De staatssecretaris beloofde dit na een gesprek met onder anderen de suïcidale Charlotte Bouwman (26), die actie voerde in het ministerie van Volksgezondheid. Zij staat nu ruim 800 dagen op een wachtlijst voor de juiste hulp.

Bouwman is betrokken bij het manifest ‘Lijm de Zorg’ op, waarin wordt gevraagd iets te doen aan de wachtlijsten, het personeelstekort, de regeldruk en de onnodige bureaucratie in de jeugdzorg en de ggz.

Blokhuis spreekt morgen met de Tweede Kamer over de ggz en de jeugdzorg. Hij zei vanmorgen dat er veel wordt gezegd, “maar neem van mij aan: we laten het niet bij woorden, er komen ook daden.”

Bekijk ook;

Staatssecretaris belooft Charlotte Bouwman ‘daden’ voor problemen in GGZ

OmroepWest 28.01.2020 Staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid wil concreet actie ondernemen om de problemen met de lange wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg aan te pakken. Dat zei hij voorafgaand aan een gesprek met Charlotte Bouwman, die sinds vorige week actie voert in het ministerie van Volksgezondheid.

Charlotte kreeg dinsdag in de hal van het ministerie gezelschap van tientallen lotgenoten en medestanders. Dit was de tweede keer in een week dat ze in gesprek ging met Blokhuis over de problemen in de GGZ. Blokhuis liet Charlotte en haar medestanders weten dat ze ‘niet tegen dovemansoren praten’.

‘Jullie willen hulp en dat is niet teveel gevraagd. We gaan kijken wat er nodig is, naast wat er al gebeurt. Om daar wat – misschien wel veel – bovenop te doen om er zo voor te zorgen dat de GGZ in Nederland beter georganiseerd wordt zodat we van die ellenlange wachtlijsten afkomen.’ Woensdag vindt er een debat over dit onderwerp plaats. ‘Dan zullen er veel woorden gesproken worden’, vertelde Blokhuis. ‘Maar neem van mij aan: we laten het niet bij woorden, er komen ook daden.’

Drie jaar op wachtlijst

Charlotte heeft een ernstige psychische ziekte en is suïcidaal. Ze deed 21 zelfmoordpogingen en staat al twee jaar op de wachtlijst voor een behandelplek. Hulpverleners én ervaringsdeskundigen lanceerden vorige week het manifest Lijm de Zorg om aandacht van de politiek te vragen voor de misstanden in de GGZ en de Jeugdzorg. Dit manifest is al tienduizenden keren ondertekend. Charlotte hoopte met haar sit-in ook aandacht te vragen voor de lange wachtlijsten.

Om de gezondheidszorg te verbeteren, heeft Charlotte een wensenlijstje opgesteld: een helpdesk voor mensen met complexe psychische problemen, landelijke behandelcentra voor deze groep en actie op het gebied van acute hulp. Ze kijkt ‘heel positief’ terug op het gesprek dat ze dinsdag had met de staatssecretaris. ‘Maar eerst zien, dan geloven.’ Ze beëindigt haar actie dan ook nog niet. Vanaf komende week gaat ze iedere maandag een sit-in houden.

‘Charlotte is zo dapper’

Kim, een van de medestanders van Charlotte in het gebouw van het ministerie, noemt de uitkomst van het gesprek Charlotte met de staatssecretaris in ieder geval ‘hoopvol’. ‘Met name dat de wachtlijsten aangepakt worden en dat we bij de crisisopvang terechtkunnen voordat we iets gedaan hebben, ons beschadigd hebben bijvoorbeeld. Dat vind ik namelijk een heel groot probleem, dat we ons iets aangedaan moeten hebben voordat we daar welkom zijn.’

Lou, die naast haar zit, knikt. Ze spreekt van een historisch moment en prijst Charlotte als ‘gezicht’ van de actie. ‘Zij is zo dapper’, benadrukt ze. ‘Mensen realiseren zich dit niet, maar wat zij heel open en eerlijk vertelt, is iets waar de meeste mensen zich ontzettend voor schamen.

Die kruipen weg in een hoekje. Veel mensen die ik ken bevinden zich in een gesloten afdeling of verblijfsafdeling en komen daar niet meer uit. Charlotte heeft het tegenovergestelde gedaan. Zij heeft besloten met haar verhaal naar buiten te treden. Daar ben ik heel erg trots op.’

LEES OOK: Charlotte deed 21 zelfmoordpogingen: ‘Ik wacht al twee jaar op behandelplek’

Sit-in van medestanders van Charlotte Bouwman I Foto: Omroep West

Meer over dit onderwerp: DEN HAAG PSYCHIATRISCHE HULP GGZ ZORG MINISTERIE VAN VOLKSGEZONDHEID

Blokhuis belooft ‘daden’ voor problemen in GGZ

AD 28.01.2020 Staatssecretaris Paul Blokhuis (Volksgezondheid) wil concreet actie ondernemen om de problemen met de lange wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg aan te pakken. Dat zei hij voorafgaand aan een gesprek met Charlotte Bouwman, die sinds vorige week actie voert in het ministerie van Volksgezondheid.

Neem van mij aan, we laten het niet bij woorden, er komen ook daden, aldus Staatssecretaris Blokhuis .

Bouwman kreeg vanmorgen in de hal van het ministerie gezelschap van tientallen lotgenoten en medestanders. Voor de tweede keer in een week is ze in gesprek met Blokhuis over de problemen in de GGZ. ,,Morgen is er een debat, en dan zullen er veel woorden gesproken worden’’, aldus Blokhuis. ,,Maar neem van mij aan, we laten het niet bij woorden, er komen ook daden.’’

Om de gezondheidszorg te verbeteren heeft Bouwman drie eisen opgesteld: een helpdesk voor mensen met complexe psychische problemen, landelijke behandelcentra voor deze groep en actie op het gebied van acute hulp.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Wachtlijst

Bouwman (26) probeerde de afgelopen acht jaar 21 keer een einde aan haar leven te maken. De Amsterdamse heeft wel geprobeerd om hulp te krijgen, maar staat al twee jaar op een wachtlijst. Onlangs hoorde ze dat ze nog een jaar moest wachten voordat ze aan de beurt is. Wanhopig voert ze daarom actie voor het ministerie van Volksgezondheid (VWS). ,,De maat is nu echt vol.’’

,,Ik kom gewoon nergens meer op de wachtlijst’’, aldus Bouwman eerder in gesprek met deze redactie. De basiszorg is in Nederland wel goed geregeld, maar zodra je complexe psychische problemen hebt, wordt het lastig. ,,Hoe complexer, hoe langer je moet wachten’’, is haar ervaring.

Manifest

Bouwman wil met haar protest afdwingen dat er betere zorg in de GGZ komt © videostill

De actie van Bouwman krijgt steun van Lijm de Zorg, hét collectief van hulpverleners en mensen die zorg nodig hebben in de Jeugdzorg en GGZ. ,,Er vindt een stille ramp plaats in de GGZ’’, aldus Louis de Mast van Lijm de Zorg. ,,Er zijn veel mensen die hulp zoeken, maar die niet kunnen vinden.’’ Zorgverzekeraars, zorgaanbieders en overheid wijzen allemaal naar elkaar, vertelt hij. ,,Uiteindelijk pakt niemand de regie.”

Het collectief heeft daarom een manifest opgesteld voor een betere Jeugdzorg en GGZ, waarin het kabinet wordt opgeroepen om de zorg voor kwetsbare mensen goed te organiseren, en dus ook voor de meest complexe problemen.

Politiek krijgt weer laatste woord over geld verpleeghuizen

NOS 21.01.2020 De politiek krijgt weer meer te zeggen over de besteding van geld in de zorg. De Tweede Kamer heeft een wetsvoorstel van minister De Jonge aangenomen, waarmee de macht van Zorginstituut Nederland kan worden beperkt. Het Zorginstituut is een instelling die toeziet op de zorgverzekeringen.

De nieuwe wet moet iets uit de vorige kabinetsperiode terugdraaien. Staatssecretaris Van Rijn vroeg het Zorginstituut destijds kwaliteitseisen op te stellen voor goede verpleeghuiszorg. Nadat dat was gebeurd, bleek dat het kabinet verplicht was ruim twee miljard euro per jaar extra uit te trekken om aan die eisen te voldoen. Het geld moest onder meer worden ingezet om meer personeel aan te trekken.

Hoewel veel Kamerleden om extra geld voor de verpleeghuizen hadden gevraagd, zat de gekozen constructie een groot deel van de Kamer uiteindelijk toch niet lekker: in feite had de Kamer weinig meer over het budget te zeggen, maar was die bevoegdheid overgedragen aan een bureaucratisch instituut.

Volgens de nieuwe wet komt er toch weer een toetsing door de minister, waarop de Kamer invloed kan uitoefenen en krijgt de politiek dus weer het laatste woord.

Na de Tweede moet ook de Eerste Kamer nog met de nieuwe wet akkoord gaan.

Bekijk ook;

Bouwen voor ouderen is niet sexy genoeg: ‘Gemeenten pronken liever met fraaie kantoren’

VK 17.01.2020 En wéér rapporteerde een commissie over het gebrek aan woningen voor zelfstandige ouderen. Terwijl de oplossing van het probleem er eigenlijk al is: het Thuishuis, een soort studentenhuis (zonder lawaai) voor senioren.

Dit stuk had vijf jaar geleden ook in de krant kunnen staan. Of anders wel tien of vijftien jaar geleden. Want het gaat over het gebrek aan geschikte huisvesting voor ouderen. En dat is, zegt Liane den Haan, directeur-bestuurder van ouderen-belangenorganisatie Anbo, een thema dat stelselmatig wordt genegeerd.

Zeker: deze week drong een commissie onder leiding van Wouter Bos aan op de bouw van woningen, heel veel woningen, voor zelfstandig levende ouderen. Volgende week zal de zogenoemde commissie-Adriani naar verwachting een soortgelijk pleidooi afsteken. Daarnaast zijn allerhande aanjaagteams en taskforces actief op het terrein van de ouderenhuisvesting.

Demografie

Anbo zelf voorspelde al in 2005 dat met de verdwijning van de aloude ‘bejaardenhuizen’ een grote behoefte zou ontstaan aan woningen voor ouderen die niet meer zelfstandig kunnen (of willen) wonen, en die ook niet in aanmerking komen voor opname in een verpleeghuis. Dat rapport was niet eens visionair, zegt Den Haan. Het was slechts een vertaling van welbekende demografische ontwikkelingen.

Toch is met al die inzichten vrijwel niets gedaan. Althans: niet door overheden en woningcorporaties. Zo stelde Anbo onlangs vast dat bijna 60 procent van de Nederlandse gemeenten überhaupt niet heeft nagedacht over de gevolgen van de vergrijzing voor de woningbouw. Hoe dat komt? ‘Ach’, zegt Den Haan – geïrriteerd. ‘Gemeenten pronken liever met fraaie kantoren of eengezinswoningen. Woningen voor ouderen zijn gewoon niet sexy.’

En als het gebrek aan engagement bij overheden al geen probleem is, is het de regelgeving wel. Zo sprak Den Haan deze week een wethouder die de aanvraag voor een zogenoemde kangoeroewoning – de aanbouw bij een bestaande woning ten behoeve van ouderen – had afgewezen vanwege de richtlijnen voor ‘woondichtheid’ in het betreffende gebied. Alleen bestuurders met lef en woningbouwcorporaties die bereid zijn tot een enigszins rekkelijke interpretatie van de regels willen de bouw van kleinschalige voorzieningen voor ouderen nog weleens mogelijk maken, zegt Den Haan.

Op pantoffelafstand

Dat is ook de ervaring van ‘maatschappelijk ondernemer’ Jan Ruyten, bedenker en uitvoerder van het concept ‘Thuishuis’: een soort studentenhuis voor ouderen ‘op pantoffelafstand van winkels en andere publieke voorzieningen’. De bewoners – idealiter niet meer dan vijf of zes – hebben elk een eigen kamer, en maken gezamenlijk gebruik van een keuken, een hobbykamer, een tuin, een washok en andere faciliteiten. In collectieve zelfstandigheid. ‘Als ik er naar binnen wil, bel ik netjes aan, want ik heb geen sleutel’, zegt Ruyten.

Sinds 2006 heeft Ruyten vijf van dit soort huizen kunnen stichten. Met alle‘evidencebased voordelen van dien voor het welzijn en de gezondheid van de bewoners. ‘Een kind had het kunnen bedenken.’ Toch kost het Ruyten veel moeite om ‘het bastion van de overheid’ te slechten. ‘Als ik een wethouder of een corporatie om medewerking vraag bij de vestiging van een Thuishuis, word ik vaak doorverwezen naar Jumbo, Albert Heijn of een ander bedrijf. Terwijl het mij helemaal niet om geld of sponsoring te doen is, maar om organisatorische ondersteuning.’

Alleen thuis wonende oudere in een groot huis. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Robotisering

‘We lopen in Nederland voorop met robotisering van de zorg, maar we zijn bijzonder slecht in sociale innovatie’, heeft Ruyten moeten vaststellen. ‘De gezondheidszorg krijgt beduidend meer aandacht dan de preventie van zorgafhankelijkheid. Zorg is business. Daar liggen verdienmodellen onder. Het Thuishuis, een instelling zonder winstoogmerk, ligt niet binnen het blikveld van ondernemers en bestuurders.’

De belangstelling voor de ouderen spitst zich toe op degenen die in een verpleegtehuis zijn opgenomen, zo’n 12 procent van de 65-plussers. ‘Want die zijn zielig’, zegt Liane den Haan van Anbo. ‘Wat in Thuishuizen en andere kleinschalige voorzieningen gebeurt, spreekt minder tot de verbeelding. De aandacht voor het waardig sterven gaat ten koste van de aandacht voor het waardig ouder worden.’

Gesticht voor ouden van dagen

Waardig ouder worden was de betrokkenen in het verleden overigens ook niet vergund. In de 19de eeuw woonde ruim 20 procent van de ‘ouden van dagen’ in een gesticht of instelling. Het ‘driegeneratiegezin’ was ook toen niet de norm. Wel kwam het vaak voor dat ongetrouwde kinderen bij hun ouders bleven wonen, en voor hen zorgden.

Bijna de helft van de ouderen woonde samen met hun volwassen kinderen. ‘Ware armen’, behoeftige ouderen die niet meer konden werken, kwamen in aanmerking voor plaatsing in een hofje of een ‘oudeliedenhuis’ waar doorgaans een streng regime heerste.

Om ouderen zoveel mogelijk voor dat lot te behoeden, werd burgers in 1912 een onderhoudsplicht voor ‘behoeftigen en ouderen’ in hun omgeving opgelegd. Deze knellende vorm van mantelzorg werd in 1961 afgezwakt en in 1965 helemaal afgeschaft.

Spookbeeld

In de jaren vijftig werden ouderen aangemoedigd om, ter leniging van de woningnood, naar bejaardenhuizen te verkassen. Deze woonvorm is echter nooit geliefd geweest. ‘Bij de meesten waart, als een spookbeeld, het woord ‘tehuis’ door de gedachten’, schreef de Nationale Raad voor Maatschappelijk werk in 1958. In 1975 was de hoogtij van de bejaardentehuizen alweer ten einde: de regering bepaalde dat maximaal 7 procent van de ouderen in een verzorgingshuis mocht wonen.

Ouderen werden aangemoedigd om zolang mogelijk voor zichzelf te blijven zorgen. Op dit moment ondervindt de woningmarkt daarvan de nadelige gevolgen: bij gebrek aan alternatieven blijven veel ouderen te lang in hun (vaak te grote) huizen wonen.

Meer over; Anbo Jan Ruyten samenleving Liane den Haan ouderen mensen politiek Sander van Walsum

 

Prettig oud worden in je vertrouwde omgeving

AD 17.01.2020 Het kabinet-Rutte moet snel stoppen met sluiten van zorglocaties en een noodplan lanceren om ‘zorgbuurthuizen’ te bouwen, stellen Lilian Marijnissen, fractievoorzitter van de SP in de Tweede Kamer en Maarten Hijink, Tweede Kamerlid voor de SP. Er is te veel ouderenzorg afgebroken.

Na drie kabinetten-Rutte staat de ouderenzorg er slecht voor. Ouderenzorg is afgebroken, verzorgingshuizen zijn gesloten en 77.000 medewerkers verloren door bezuinigingen hun baan, waardoor er nu een schreeuwend tekort aan personeel is. Ruim 16.700 ouderen staan op een wachtlijst voor een zorginstelling. Ze blijven langer in het ziekenhuis omdat ze nergens terechtkunnen. En de eerste hulp loopt vol door ongelukken omdat ze gedwongen thuis wonen, terwijl dat eigenlijk niet meer gaat.

De SP pleit voor radicale verandering: herwaardering van ouderenzorg. Geef medewerkers de waardering die ze verdienen en neem als overheid het voortouw bij de bouw van zorgbuurthuizen, kleinschalige, gezellige zorglocaties waar je in je eigen omgeving oud kunt worden.

Op dit moment ontbreekt het totaal aan landelijk beleid om tot oplossingen te komen. Na de desastreuze fout om de verzorgingshuizen te sluiten, waar nu de ene na de andere medeplichtige partij op terugkomt, kijkt dit kabinet vooral toe. Voor de kerst bezochten wij de Bloesemhof, een zorglocatie in Montfoort waar ouderen prettig wonen. Helaas moet dit verpleeghuis dicht. Grote paniek. De ouderen moeten in de laatste fase van hun leven verhuizen en komen op de wachtlijst voor zorglocaties kilometers verderop. De hele gemeenschap wordt geraakt, maar dit kabinet grijpt niet in.

Na de desastreu­ze fout om de verzor­gings­hui­zen te sluiten, waar nu de ene na de andere medeplich­ti­ge partij op terugkomt, kijkt dit kabinet vooral toe

Uit het hele land stromen berichten binnen van hoogbejaarde ouderen die moeten verhuizen maar nergens terechtkunnen. En dan te bedenken dat de behoefte aan verpleeghuisplekken de komende twintig jaar volgens schattingen verdubbelt. Net als in de jeugdzorg en de medische zorg is ook in de ouderenzorg door meer concurrentie samenwerking tussen zorgaanbieders veel moeilijker geworden. Zorginstellingen moeten hun eigen vastgoed financieren, geld lenen en altijd alert zijn op mogelijke verliezen. Daarom zijn veel zorgaanbieders voorzichtig met het bijbouwen van nieuwe verpleeghuisplaatsen. Geen risico’s, want voor je het weet beland je in de rode cijfers.

Ouderen verdienen beter. Het is hoog tijd voor een radicale verandering: niet de markt, maar een actieve overheid moet het voortouw nemen: kleinschalige verpleeg- en verzorgingshuizen. Steun zorgaanbieders met garantstellingen voor de bouw. Maak harde afspraken over nieuwe soorten ouderenzorg, zodat alle ouderen die zich thuis niet meer veilig of prettig voelen, kunnen verhuizen naar een plek waar de zorg altijd dichtbij is. Het is onverantwoord dat het kabinet niet ingrijpt.

Wij doen de oproep per direct het sluiten van zorglocaties te stoppen zolang er nog wachtlijsten zijn. En met een noodplan te komen om snel zorgbuurthuizen te bouwen voor duizenden extra plaatsen in de verpleeghuiszorg. Onze ouderen verdienen het.

Lilian Marijnissen is SP-fractievoorzitter in de Tweede Kamer, Maarten Hijink is Tweede Kamerlid voor de SP en woordvoerder zorg.

Minister De Jonge lobbyt tegen verplichte Europese aanbestedingen in de zorg

NOS 16.01.2020 Minister De Jonge van Volksgezondheid wil snel af van de Europese regel die gemeenten verplicht om zorgtaken Europees aan te besteden. Hij heeft daar vandaag in Straatsburg met Europarlementariërs uit verschillende landen over gepraat. De Jonge wijst erop dat de zorg geen markt is, “laat staan een Europese markt”.

De Jonge vindt de gedachte achter de Europese aanbestedingsregel begrijpelijk voor marktactiviteiten: bedrijven moeten dezelfde kansen krijgen om een opdracht binnen te halen. Maar volgens hem botst het “met zaken die in de jeugdzorg en de thuiszorg gewoon belangrijker zijn: samenwerking en partnerschap in de wijk bijvoorbeeld”.

Hij vindt het niet logisch om te denken dat mensen vanuit Portugal of Litouwen in de Nederlandse jeugdzorg aan de slag gaan. “Dat gebeurt niet.”

De Jonge wil “hoe sneller, hoe beter” af van de Europese regelgeving voor de zorg, “want het zorgt voor procedures die veel tijd en geld kosten, en dat komt de zorg niet ten goede”.

  Hugo de Jonge @hugodejonge

Minder administratieve lasten, minder markt- en meer samenwerking in de zorg. Daarom moeten we af van de verplichting om gemeentelijke zorgtaken openbaar en Europees aan te besteden. Vandaag in Straatsburg daarom met verschillende Europarlementariërs hierover in gesprek gegaan.

Commissie Toekomst Zorg Thuiswonende Ouderen: ‘Bouwen, digitaliseren, samenwerken!’

RO 15.01.2020 Om de zorg voor thuiswonende ouderen in de toekomst op peil te houden is het nodig nú te investeren in geschikte woningen, in digitalisering van dagelijks leven en zorg en in lokale en regionale samenwerking in zorg en ondersteuning. Dat schrijft de commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen in een advies dat commissievoorzitter Wouter Bos vanmiddag aanbiedt aan minister Hugo de Jonge van VWS.

De commissie formuleert in haar advies 35 aanbevelingen die zij toetst aan de vier principes van de REIS:

  • Regie: vergroot de aanbeveling de mogelijkheden voor ouderen om zelf regie te voeren?
  • Eenvoud: vereenvoudigt de aanbeveling de ondersteuning en zorg voor ouderen, zowel voor de ouderen zelf als voor de professionals?
  • Integrale benadering: verwijdert de aanbeveling schotten en bevordert ze een integrale kijk op de behoefte aan ondersteuning en zorg?
  • Samenwerking: bevordert de aanbeveling de samenwerking tussen de verschillende bij de zorg voor thuiswonende ouderen betrokken partijen en professionals?

Veel van de aanbevelingen zijn terug te voeren tot drie centrale adviezen.

Het eerste is: ga (ver)bouwen! De fysieke woonomgeving is voor ouderen cruciaal om zelfstandig te kunnen (blijven) wonen en zo min mogelijk afhankelijk te worden van zorg. Nieuwe woonvormen, tussen het aloude eigen huis en het verpleeghuis in, kunnen een oplossing bieden. Op dit moment wordt er echter voor ouderen veel te weinig gebouwd en verbouwd. Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.

Het tweede advies is: ga digitaal! Dit advies is niet alleen gericht aan aanbieders van professionele zorg en ondersteuning, voor wie ‘digitaal het nieuwe normaal’ moet worden. Ook ouderen zelf zullen veel meer gebruik moeten maken van digitale technologieën, om hun dagelijks leven makkelijker en aangenamer te maken. Grootschalig gebruik kan leiden tot meer eigen regie, een hogere kwaliteit van leven en een doelmatiger inzet van schaarse zorgverleners.

Het derde is: werk samen! We zullen de komende decennia in de zorg voor ouderen moeten woekeren met schaarse middelen en mensen. Om de beschikbare middelen doelmatig te kunnen inzetten is lokale en regionale samenwerking de komende jaren belangrijker dan keuzevrijheid en concurrentie.

Omdat de commissie het belangrijk vindt dat haar advies kan rekenen op draagvlak bij alle partijen die bij zorg en ondersteuning voor thuiswonende ouderen betrokken zijn, nodigt zij belangstellenden uit om uiterlijk 1 april 2020 op het advies te reageren. Voor de zomer van 2020 zal zij de binnengekomen reacties en commentaren verwerken in versie 2.0 van haar advies.

Lees hier het adviesrapport;

Oud en zelfstandig in 2030. Een reisadvies

Rapport | 15-01-2020

Zie ook;

Lees ook;

Wouter Bos nieuwe voorzitter commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen

Commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen

Kamer ontstemd: wachtlijsten verpleeghuizen flink langer dan verwacht

NOS 15.01.2020 De wachtlijsten voor verpleeghuizen zijn opnieuw langer geworden. Het is niet gelukt ze terug te dringen, heeft minister De Jonge (CDA) gezegd in de Tweede Kamer. 18.600 mensen wachten op zorg, toen dit kabinet van start ging waren dat er rond de 10.000.

Een groot deel van de Tweede Kamer wil dat De Jonge meer doet om de wachtlijsten terug te dringen en is kritisch op hem. Alleen meer geld, zoals het kabinet al wel investeerde, is niet de enige oplossing, zeggen Kamerleden. Het kabinet moet het creëren van meer plekken tot de hoogste prioriteit maken. Er moeten maatregelen genomen worden om versneld te bouwen, aldus de Kamer.

GroenLinks-Kamerlid Ellemeet zegt dat al een jaar geleden duidelijk was dat er dringend iets moest gebeuren. Ze vindt het onbegrijpelijk dat niet duidelijk is welke regio welke capaciteit aan verpleeghuisbedden heeft.

PvdA-Kamerlid Kerstens vraagt zich af wat De Jonge “de afgelopen twee jaar heeft gedaan”. D66-Kamerlid Bergkamp vraagt of de minister dit niet zag aankomen. De Jonge zei eerder al dat het aantal wachtenden harder stijgt dan verwacht.

Schrijnende situatie

Volgens het ministerie van Volksgezondheid zijn niet alle 18.600 mensen op de wachtlijsten ‘actief wachtend’. Dat betekent dat ze volgens het ministerie niet allemaal acuut een bed nodig hebben, bijvoorbeeld omdat ze liever wachten op een plek dichterbij.

De lijst van wachtenden kan in werkelijkheid nog groter zijn: sommige mensen melden zich niet aan omdat ze dan een eigen bijdrage moeten betalen. Dat kan oplopen tot enkele honderden euro’s per maand, terwijl de kosten thuis voor gas, licht en andere zorg gewoon doorlopen.

Kamerleden van onder meer PVV en D66 willen af van die scheiding tussen “actief” en “niet actief”. Iemand kan pas op de wachtlijst worden geplaatst als hij of zij voldoet aan strenge toelatingseisen. “De situatie is dan al schrijnend”, zegt PVV-Kamerlid Agema. Alle wachtenden zijn mensen die dringend zorg nodig hebben, betoogt ze.

“Wat we moeten doen, is de versnelling zoeken. Er moeten meer plekken komen”, aldus Hugo de Jonge, CDA

Minister De Jonge erkent dat er nu snel geïnventariseerd moet worden. “Wat we moeten doen, is nu de versnelling zoeken. We moeten op korte termijn per regio tussen zorgkantoren en aanbieders opties inventariseren.” De Jonge wil voor de zomer weten wat de situatie is. PvdA-Kamerlid Kerstens vraagt zich daarop hardop af waarom dat “niet al duidelijk is”.

De Jonge erkent ook dat de regie op het gebied van extra bouwen te wensen over laat. PVV-Kamerlid Agema denkt dat er een aanwijzing nodig is om het bouwen te versnellen. De VVD wil dat er nog dit voorjaar een concreet noodplan ligt om het aantal plekken te vergroten.

Wirwar

Kamerleden hekelen ook de wirwar aan kosten voor wachtenden voor een verpleeghuis. SP-Kamerlid Hijink benadrukt dat de zorg die de wachtenden nog thuis nodig hebben uit een andere pot wordt betaald dan de zorg in het verpleeghuis. Voor het op een wachtlijst staan, moeten ouderen soms al een bijdrage betalen.

Uit een TNO-rapport bleek eerder dat de behoefte aan verpleeghuiszorg de komende twintig jaar zal verdubbelen, van 128.000 bedden in 2017 tot 261.000 in 2040.

De Jonge: “Uiteindelijk denk ik niet dat we al die 260.000 plekken gaan realiseren. Al zou je het kunnen bouwen, zou je het vervolgens niet kunnen bemannen. Zo veel mensen zijn er niet, dus we zullen ook toe moeten naar andere vormen van verpleegzorg.”

Later vandaag komt een speciale commissie onder leiding van Wouter Bos met aanbevelingen voor de toekomst van de ouderenzorg,

Bekijk ook;

Advies: veel meer bouwen voor ouderen

NOS 15.01.2020 Er moeten veel meer woningen gebouwd worden waar ouderen zelfstandig kunnen wonen. En bestaande woningen moeten worden aangepast aan de behoeften van deze groep. Dat zijn de belangrijkste aanbevelingen van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos. Het rapport is aangeboden aan minister De Jonge van Volksgezondheid.

We moeten af van het motto dat ouderen vooral zolang mogelijk thuis moeten blijven wonen, staat in het advies. “Veel 75-plussers denken dan begrijpelijkerwijs aan het huis waar zij nú wonen,” Maar die woning is vaak helemaal niet geschikt om betaalbare en veilige zorg te leveren, schrijft Bos. In veel gevallen is het veel beter als ouderen verhuizen naar een aangepaste woning.

In 2015 woonde slechts 20 procent van de 65-plussers in een huis dat min of meer aangepast was. Met het oog op de vergrijzing is de belangrijkste aanbeveling van Bos dan ook: begin met (ver)bouwen! Nieuwe woonvormen zouden het gat moeten vullen tussen de oude woning en het verpleeghuis.

Kangoeroewoningen

Voorbeelden van zulke woonvormen zijn woongroepen waar ouderen bij elkaar wonen en kangoeroewoningen, waarbij twee woningen via een tussendeur met elkaar verbonden zijn. Vaak wonen opa en oma dan in het ene huis, en woont het gezin van een van de kinderen in het andere.

“Op dit moment wordt er voor ouderen echter veel te weinig gebouwd en verbouwd”, concludeert de commissie. “Met als gevolg niet alleen een ontoereikend woningaanbod voor ouderen, maar ook een belemmering van de doorstroming op de woningmarkt.”

Vandaag bleek dat er de laatste jaren ook veel te weinig nieuwe verpleeghuizen zijn gebouwd. Mede daardoor zijn de wachtlijsten voor een plek in zo’n instelling fors gestegen.

Digitaal wordt de norm

De commissie denkt dat er in de toekomst ook veel meer gebruik moet worden gemaakt van digitale technieken om het leven van ouderen gemakkelijker te maken. Niet alleen voor zorgaanbieders, maar ook voor ouderen zelf moet digitaal “het nieuwe normaal” worden.

“Inzetten op digitaal als norm leidt tot meer doelmatigheid en meer regie bij de ouderen die ermee om kunnen gaan.” Er hoeft dan niet altijd iemand te komen en die capaciteit kan weer ingezet worden bij kwetsbare ouderen, denkt de commissie.

Bekijk ook;

‘Meer woningen en minder concurrentie voor thuiszorg ouderen’

AD 15.01.2020 De zorg voor thuiswonende ouderen staat onder druk en er moeten flinke stappen worden genomen om deze zorg op peil te houden. Door meer woningen te bouwen en verbouwen, maar ook door ouderen bijvoorbeeld meer gebruik te laten maken van digitale technieken.

Dat zijn de belangrijkste adviezen van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos, die sinds eind 2018 de zorg voor thuiswonende ouderen onder de loep nam. Gezien de beperkte financiële middelen en de krappe arbeidsmarkt moet in de thuiszorg samenwerking de prioriteit krijgen boven keuzevrijheid en concurrentie, vindt Bos.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het aantal ouderen dat zelfstandig woont, is sinds de jaren 80 flink gestegen. In 1980 woonde 37 procent van de 80-plussers op zichzelf, inmiddels is dat 89 procent. Aangezien de bevolking de komende tien jaar verder veroudert, zal de druk op de zorg alleen maar toenemen, aldus de commissie.

Het is tijd voor actie, en wel direct, aldus Liane den Haan, ouderenbond ANBO.

Het rapport valt in ieder geval in goede aarde bij ouderenbond ANBO. ,,We zijn blij dat de commissie precies heeft opgeschreven wat wij al jaren roepen”, zegt directeur Liane den Haan. ,,Namelijk dat goed ouder worden niet begint bij zorg, maar bij goed wonen. Het begint bij voldoende, geschikte woonvormen voor senioren.

Zij willen wel verhuizen, maar kunnen nergens naartoe. Het rapport geeft de goede aanbevelingen, maar wat ons betreft moet de vrijblijvendheid eraf. Gemeenten moeten per direct aan de slag. Er is nu al een tekort van 80.000 geschikte woningen voor ouderen. Gemeenten en woningcorporaties, het is tijd voor actie. En wel direct.”

Verzorgingshuizen

De onderzoekers onder leiding van Bos zien een aantal knelpunten voor de toekomst. Zo is er het tekort aan zorgpersoneel, neemt de druk op mantelzorgers toe en is er een gat tussen ‘thuis’ en het ‘verpleeghuis’, dat is ontstaan door het verdwijnen van verzorgingshuizen.

Gemeenten en corporaties moeten meer doen om voldoende geschikte woningen te realiseren voor ouderen. ,,Op dit moment ontbreekt het daaraan”, schrijft de commissie.

De commissie hamert ook op het belang van het gebruik van digitale technologieën door ouderen, die digitaal steeds vaardiger worden. Daarmee kan niet alleen het zelfstandig wonen makkelijker worden, maar ook professionele zorg worden ondersteund. Daarbij moet bijvoorbeeld worden gedacht aan online boodschappen doen, maar ook het zelf uitvoeren van bepaalde medische metingen.

Betrokken partijen werken niet altijd optimaal samen, concluderen de onderzoekers, “omdat de verhoudingen tussen partijen gebaseerd zijn op grondgedachte van onderlinge concurrentie”. Dat moet anders, vindt de commissie “gegeven de dreigende en reeds manifeste schaarste van middelen”, waaronder mantelzorgers, vrijwilligers, zorgprofessionals en geld.

Om het draagvlak zo groot mogelijk te maken, kunnen mensen tot 1 april reageren op het advies van de commissie. Die reacties zullen vervolgens worden meegenomen en verwerkt in een definitieve versie van het rapport. Dat moet voor de zomer klaar zijn.

 

Wouter Bos tijdens een symposium over de komst van het Europees Geneesmiddelen Agentschap (EMA) naar Amsterdam, vorig jaar. Beeld ANP

De ouderenzorg moet ingrijpend veranderd

Trouw 15.01.2020 De ouderenzorg moet op de schop, nu Nederland in snel tempo vergrijst. Een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos komt met ingrijpende voorstellen.

Ouderen zullen meer moeten betalen voor hun zorg en ondersteuning, nu Nederland door de vergrijzing steeds meer chronisch zieke ouderen telt. De politiek moet daarbij het ‘dogma’ loslaten dat zo lang mogelijk thuis wonen een recht is, en moet ouderen gaan voorbereiden op de boodschap dat de kosten van de oude dag veel vaker voor rekening van de oudere zelf gaan komen.

Dat is de indringende boodschap van een commissie onder leiding van oud-minister Wouter Bos, over de toekomst van de zorg voor thuiswonende ouderen. Ook het zorgstelsel moet anders.

Op verzoek van het kabinet heeft de commissie op een rij gezet voor welke uitdagingen Nederland staat door de vergrijzing. Over tien jaar zijn er ruim twee miljoen 75-plussers, zo’n 600.000 meer dan nu. “Thuis (blijven) wonen is geen onbeperkt recht om de daarmee gepaard gaande kosten op de samenleving af te wentelen”, aldus de commissie.

Eigen huis opeten

Het eigen huis ‘opeten’ om zelf de kosten te betalen van woningaanpassing, of om te kunnen verhuizen naar een aangepaste woning, noemt de commissie als voorbeelden. Een andere optie is dat ouderen de kosten van een verpleeghuis voortaan voor een deel zelf betalen, vergelijkbaar met het bedrag dat ze anders kwijt geweest zouden zijn aan woonlasten en huishouden. Het kabinet zou dit moeten onderzoeken, is een van de adviezen.

Dan moeten er wel veel meer geschikte woningen voor ouderen komen. Gemeenten moeten plannen gaan opstellen hoe die woningen er gaan komen, samen met woningcorporaties en projectontwikkelaars. Er gebeurt nu veel te weinig, de vrijblijvendheid moet eraf, waarschuwt de commissie het kabinet. Ook moeten er meer plekken komen in verpleeghuizen.

De commissie heeft vooral gekeken hoe de zorg anders en beter georganiseerd kan worden zonder dat de kosten verder oplopen. Een probleem is dat er in 2030 minder mensen zijn om thuiswonende ouderen te helpen.

“Er dreigen tekorten aan mantelzorgers, vrijwilligers en professionals in zorg en welzijn”. Meer mensen aan het werk krijgen in de zorg is ook geen oplossing, want dan komt direct de betaalbaarheid verder in het gedrang, aldus de commissie.

Een eenvoudiger zorgstelsel

Tegelijkertijd moet de zorg wel beter worden, want die is nu verre van optimaal. Kwetsbare ouderen die nog thuis wonen krijgen soms tien verschillende zorgverleners over de vloer.

Zelf de zorg regelen, en daarbij makkelijk de weg vinden “is helaas nog geen realiteit”, aldus de commissie, die waarschuwt dat er in 2030 meer ouderen zullen zijn die geen kinderen hebben om op terug te vallen, en dat arme ouderen drie keer zo vaak in een ‘kwetsbare’ situatie verkeren als rijke ouderen.

Politiek gevoelig is vooral het advies dat het huidige zorgstelsel niet geschikt is om goede zorg te garanderen voor ouderen die thuiswonen. De commissie wil een ‘eenvoudiger’ stelsel en werpt zelfs de gedachte op om een ‘forse ingreep’ te doen in het stelsel, door de huidige rolverdeling tussen verzekeraars, gemeenten en overheid helemaal los te laten.

Er zou idealiter één pot geld moeten komen voor alle ouderenzorg. Maar daarvoor is nu nog geen politiek en maatschappelijk draagvlak, terwijl zo’n stelselwijziging zelf ook duur is.

Een tussenoplossing is dat er op lokaal niveau wel één pot geld komt, waar verzekeraars en gemeenten samen de zorg voor thuiswonende ouderen uit financieren. Sowieso vindt de commissie dat verzekeraars moeten ophouden met het laten concurreren van thuiszorgaanbieders.

Twee à drie verschillende aanbieders per wijk is het maximum, en organisaties moeten meer gaan samenwerken. “De grondgedachte van onderlinge concurrentie maakt samenwerking in de praktijk nu vaak moeilijk”, schrijft de commissie. Daarmee is ook de politieke discussie over de marktwerking verder geopend.

Lees ook:

Net als de minister zien verpleeghuizen dat het beter gaat. ‘Maar niet goed genoeg’

De verpleeghuizen die zo zuchten onder het tekort aan personeel krijgen iets meer ademruimte. De investeringen om de personeelstekorten terug te dringen en de kwaliteit van de zorg te verhogen werkt. Althans, dat zei minister Hugo de Jonge van volksgezondheid in december. Merken de verpleeghuizen dat ook?

Zorgverzekering is onrechtvaardig voor ouderen

Zorgverzekeraars snijden dekking en risico toe op gezonde, werkende mensen. 70-plussers die juist meer zorg nodig hebben, vallen buiten de boot, merkt Kees de Vries, lezer te Maasdam. De overheid moet volgens hem de zorgverzekeringen weer in handen nemen.

MEER OVER; NEDERLAND POLITIEK SAMENLEVING OUDEREN MENSEN WOUTER BOS GEZONDHEID WILMA KIESKAMP

 

januari 15, 2020 Posted by | bezuinigingen, Commissie BOS, commissie Toekomst zorg thuiswonende ouderen, fraude, marktwerking, ouderenzorg, politiek, privatisering, Verpleeghuis, verzekeringsfraude, Wouter Bos, ziekenhuis, Zorg, zorgfraude, zorginstellingen | , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 18 – commissie Bos

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 17

Telegraaf 19.10.2019

Het knelt in de Zorg

In de ‘Stand van de zorg‘ constateert NZA dat de kosten (te) hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen.

AD 01.11.2019

Het is belangrijk dat partijen de krachten bundelen. Welke zorg, ‘waar’ en ‘door wie’ ze de zorg laten geven moet opnieuw bekeken worden. Dit jaar gaven ze voor het eerst meer dan 100 miljard uit aan zorg. Daar krijgen ze veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.

In de jaarlijkse ‘Stand van de zorg’ constateren ze dat de zorgkosten stijgen door onder meer de vergrijzing en het personeelstekort. Ze zien dat er stappen worden gezet om de kostenstijging in de hand de houden. Ze constateren dat er veel initiatieven en beleidsvoornemens zijn. En dat is goed. Maar de resultaten zijn nog te mager.

Kortom het knelt !!!

lees ook: Stand van de Zorg 2019 NZA

Personeelstekort in de Zorg oververtegenwoordigd

Door de bloeiende economie is er in meerdere sectoren een tekort aan mensen. Maar de zorg is wel oververtegenwoordigd. Vijf van de tien beroepen waar grote tekorten zijn, zijn zorgberoepen, zoals wijkverpleegkundigen of psychiaters.

Op dit moment zijn er ruim 30.000 vacatures in de zorg. Bovendien komen er, mede door de vergrijzing, steeds meer patiënten bij. Het RIVM heeft al berekend dat over een tijdje 1 op de 4 werkenden een zorgmedewerker zou moeten zijn.

Volgens het ministerie van Volksgezondheid is dat aantal nog nooit zo hoog geweest. Reden voor minister Hugo de Jonge om het startsein te geven voor een reclamecampagne om het imago van werken in de zorg op te kalefateren. Als onderdeel van de campagne werd op donderdag17.10.2019 ook een vacaturewebsite gelanceerd.

Ziekenhuizen

Het Beatrixziekenhuis in Gorinchem en het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch zijn de winnaars van de Ziekenhuis Top 100, die morgen verschijnt op deze site. De eerste is het beste streekziekenhuis, de ander is de nummer één bij de topklinische ziekenhuizen.

AD 30.12.2019

AD 15.11.2019

Grote blijdschap bij medewerkers van beide winnende ziekenhuizen, en vooral ook trots. Want aan de top komen is één ding, er blijven is een stuk lastiger. Toch is dat precies wat de winnende ziekenhuizen deden. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis stond ook vorig jaar op de eerste plaats en ook het RIVAS Beatrixziekenhuis eindigt de laatste jaren steevast bovenin.

AD 08.11.2019

,,Deze eerste plaats is – wederom – de kroon op het dagelijks werk van onze zorgverleners’’, zegt Anja Blonk, directeur van het Beatrixziekenhuis, dat twee keer eerder winnaar was. Dat was in 2016 en 2017, toen de ranglijst nog geen onderscheid maakte tussen de zogenoemde topklinische en de algemene- of streekziekenhuizen. Die onderverdeling is nodig omdat ziekenhuizen zich steeds verder specialiseren; topklinische ziekenhuizen richten zich op complexe operaties en behandelingen, in het streekziekenhuis kun je terecht voor basiszorg.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis, voor de tweede keer op een rij het beste topklinische ziekenhuis van Nederland. © Pim Ras Fotografe

Telegraaf 27.11.2019

Terugblik

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis wint voor de tweede keer op rij de Ziekenhuis Top 100. Maar het is een roerig jaar: personeel voert actie voor betere lonen en er loopt een rechtszaak rond de overleden baby Luna. ,,Verdrietige dingen horen bij een ziekenhuis”, zegt bestuursvoorzitter Piet-Hein Buiting.

Het personeelstekort bij het UMCG in Groningen is zo hardnekkig dat het ziekenhuis al een jaar lang vier operatiekamers dichthoudt. Ook zijn er minder bedden beschikbaar, schrijft RTV Noord.

Dat komt door een gebrek aan specialistisch personeel in de operatiekamers. Daarom sloot het ziekenhuis vorig jaar vier van de 29 operatiekamers. Ook kwamen er minder bedden op de intensive care.

Eerder deze maand 08.10.2019 werd ook al duidelijk dat elf ziekenhuizen in Nederland er slecht voor staan. Dat blijkt uit de jaarlijkse Benchmark Ziekenhuizen, waarvoor BDO Accountants de Nederlandse ziekenhuizen op basis van hun financiële jaarverslagen van 2018 rangschikt. Het LangeLand Ziekenhuis in Zoetermeer scoort het slechtst; dat krijgt nu een twee en vorig jaar een drie. Het Ommelander Ziekenhuis in Groningen moet het doen met een schamele vier, terwijl dat vorig jaar nog een acht kreeg.

Volgens de accountants is het vooral zorgwekkend als ziekenhuizen het twee jaar achter elkaar slecht doen. Drie ziekenhuizen scoren nu een vijf en vorig jaar een vier. Dat geldt voor het HagaZiekenhuis in Den Haag, het Brabantse Maasziekenhuis Pantein en het Zaans Medisch Centrum.

Verder bungelen ook onderaan de lijst nog het Limburgse Zuyderland (nu een vijf vorig jaar een twee), Ziekenhuisgroep Twente (nu een vijf, vorig jaar een drie), het Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis in Nijmegen (beide jaren een vijf). Kijk op deze interactieve kaart om te zien hoe het ziekenhuis bij jou in de buurt scoort. De rode ziekenhuizen scoren onvoldoendes.

Onlangs maakte Treant Zorggroep in het noorden van het land bekend dat het zich genoodzaakt ziet om vijfhonderd personeelsleden te ontslaan. Drie ziekenhuizen van die groep zitten in de problemen, maar in deze lijst krijgen die ziekenhuizen nog wel een zes, juist omdat zij maatregelen hebben genomen om rode cijfers tegen te gaan. Zo’n 500 medewerkers zullen hun baan verliezen, gedwongen ontslagen worden niet uitgesloten. Wegens de problemen sluit de nachtelijke spoedhulp in Stadskanaal per direct.

BDO verwacht niet dat er op korte termijn ziekenhuizen kopje onder gaan. Na het bankroet van het Amsterdamse MC Slotervaart en de MC IJsselmeerziekenhuizen in Lelystad op 25 oktober 2018 zijn bestuurders volgens de accountants voorzichtiger geworden. ,,Het ministerie, zorgverzekeraars en gemeenten zullen er alles aan doen om dat te voorkomen,’’ verwacht Van den Haak. Het faillissement van het Slotervaart-ziekenhuis bracht zeker één patiënt in levensgevaar.

Vorig jaar voorspelde BDO Accountants: dat ‘meer ziekenhuizen zullen omvallen’.  Zeker veertien ziekenhuizen in ons land verkeerden toen in de gevarenzone, stelde het accountantskantoor toen.

Ook al deden ziekenhuizen het financieel iets beter dan vorig jaar, ‘het gevreesde zorginfarct’ is volgens accountants ‘niet afgewend’.

AD 16.12.2019

Premies voor personeel

Het Groningse ziekenhuis nam het afgelopen jaar verschillende maatregelen. Zo kregen medewerkers een premie van 5000 euro als ze drie jaar zouden blijven. Daarnaast gingen parttime medewerkers van het operatiecentrum extra uren werken. Ook trok het ziekenhuis extra personeel aan. Het hielp, maar niet genoeg.

Telegraaf 16.12.2019

Dat is opmerkelijk, want juist in het Bredase ziekenhuis wordt vandaag actie gevoerd voor een betere cao. Het personeel houdt onder meer een stilteactie, protestmars, en verschillende toespraken. Voor veel patiënten betekent de actie dat geplande operaties, onderzoeken en afspraken zijn verzet. Van den Haak: ,,Dit is de financiële score, dat wil niets zeggen over de kwaliteit van de zorg of de werkdruk en happiness van de medewerkers.’’

Nieuw manifest De Tien Geboden

Voor kwetsbare ouderen is er welliswaar 2,1 miljard euro extra bij gekomen, maar in drie jaar tijd gaat het slechts ietsiepietsie beter beter in de ouderenzorg. Daarom hebben Wanda de Kanter, Carin Gaemers en Hugo Borst een nieuw manifest gemaakt: De Tien Geboden voor de zorg voor ouderen die vanwege dementie in het verpleeghuis zitten.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

Tekortkomingen

Ook wordt lang niet altijd een professionele afweging gemaakt over welke zorg mensen nodig hebben; in 47 procent van de gevallen constateert de inspectie hierop tekortkomingen. Het bijhouden van het dossier van bewoners is een nog groter probleem. Bij zo’n twee derde van de instellingen wordt dit niet goed gedaan.

Om de situatie te verbeteren, is vereist dat medewerkers functioneren in “een veilige cultuur, waarin de zorgmedewerker open kan zijn over zijn twijfels en dilemma’s”,stelt de inspectie. Een kwart van de bezochte verpleeghuizen voldoet daar nog niet aan.

Op www.igj.nl/verpleeghuiszorginbeeld zijn de landelijke resultaten te zien van de toezichtbezoeken. Daarnaast is op de site van de inspectie op een overzichtskaart te zien welke instellingen er bezocht zijn en wat de bevindingen van de inspectie op deze locaties waren.

AD 19.11.2019

AD 21.10.2019

AD 21.10.2019

Problemen bij de jeugdzorg

De omzet in de jeugdzorg is vorig jaar gestegen en het aantal cliënten is toegenomen. Toch zit bijna een kwart van de jeugdzorginstellingen in de rode cijfers

Telegraaf 03.12.2019

AD 03.12.2019

Dit komt onder andere omdat tarieven niet kostendekkend zijn, personeel duurder wordt door de krappe arbeidsmarkt en de vraag naar zorg toeneemt.

Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 jeugdzorgorganisaties uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop in samenwerking met accountantskantoor Verstegen. Intrakoop is een inkoopcoöperatie voor zorginstellingen en heeft ongeveer zeshonderd leden door het land.

In 2015 is de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg overgegaan van de Rijksoverheid naar de gemeenten. De overgang ging gepaard met een bezuiniging van 15 procent en heeft bijgedragen aan de financiële druk op de sector, concludeert Intrakoop.

13 miljoen minder nettoresultaat

De totale omzet van de onderzochte instellingen bedroeg afgelopen jaar circa 2,5 miljard euro, 200 miljoen meer dan een jaar eerder. Hoewel de omzet met 6,4 procent steeg, en het aantal cliënten met 5,4 procent, daalde het nettoresultaat met 13 miljoen naar 33 miljoen euro.

Eerste staking

Afgelopen september 2019 legden veel jeugdzorgwerkers een dag het werk neer vanwege de crisis in de jeugdzorg. Ze zeiden dat er 950 miljoen euro nodig was om de administratiedruk te verlagen en arbeidsvoorwaarden te verbeteren. Het was voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis dat medewerkers uit de jeugdzorg het werk neerlegden.

Ook staakten ze voor betere arbeidsvoorwaarden, een lagere werkdruk en een einde aan de ‘inkoopwaanzin’, de term die ze gebruiken voor het beleid van gemeenten om de jeugdzorg tegen zo laag mogelijke tarieven in te kopen. Het was de eerste staking in de geschiedenis van de jeugdzorg.

Als rode cijfers zich twee à drie jaar voortzet­ten, kun je op je vingers natellen dat het mis gaat, aldus Harald Bresser, Intrakoop.

Met het omvallen van de Brabantse jeugdzorginstelling Juzt is al een van de grotere instellingen door zijn hoeven gegaan. Vorige week ketste weer een overname af van de  organisatie die zorg biedt aan 1800 jongeren. Dit weekend werd bekend dat de Gelderse instelling Pluryn zo ernstig in de financiële problemen zit dat het zijn deuren wil sluiten voor schrijnende, acute gevallen.

Verschillende Zuid-Hollandse jeugdinstellingen slepen gemeenten voor de rechter omdat ze de tarieven van de gemeente te laag vinden. Zij stellen: ‘Onder deze voorwaarden gaan we failliet’. Volgende week doet de rechter uitspraak. Een advocaat van Curium, een academisch centrum voor kind- en jeugdpsychiatrie, reageerde verbijsterd: ,,Er wordt een berekening gemaakt van de productiviteit, daar wordt een wiskunde op losgelaten die werkelijk is losgezongen van de realiteit.’’

Fraude

Een deel van de Nederlandse zorgaanbieders fraudeert mogelijk met hun declaraties. 97 grote zorgaanbieders boekten in 2017 samen 51,7 miljoen euro winst. Dat is veel meer dan je zou verwachten op basis van hun bedrijfsvoering.

Journalisten van Pointer,Reporter Radio en Follow the Money bekeken de jaarrekeningen van 1.959 grote zorginstellingen in de geestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg en thuiszorg. 97 instellingen boekten gemiddeld 20,8 procent winst, terwijl twee tot drie procent in de sector normaal is. Thuiszorgorganisatie Anahid spande de kroon: daar werd bijna 67 procent winst geboekt.

Onlangs beschreef Follow the Money hoe handige ondernemers een fikse winst in de zorg kunnen opstrijken. Anahid kreeg in dat stuk een bijzondere vermelding: over het boekjaar 2017 maakte het bedrijf namelijk een winst van 66,8 procent. Dergelijke winsten zijn absurd hoog: in 2016 was het gemiddelde resultaat in de thuiszorg vóór belasting 3,9 procent.

Incidenteel kan een hogere winst dan normaal geboekt worden, bijvoorbeeld door subsidies of verkoop van een bedrijfsonderdeel. Voor de 97 zorgbedrijven is de hoge winst echter structureel en niet eenvoudig te verklaren, aldus de onderzoekers.

Eerst veroordeeld zijn voor oplichting of poging tot doodslag, dan als bestuurder verantwoordelijk worden voor de besteding van zorggeld. Dat klinkt misschien vreemd, maar is allerminst ongewoon. Dat blijkt uit onderzoek van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). De organisatie keek naar de voorgeschiedenis van 53 zorgbestuurders die betrokken waren bij fraudezaken. Dertig van hen bleken al een strafblad te hebben. Hoe kunnen zulke rotte appels toch op zo’n plek komen?

Bij Zorgfraude zijn vaak bestuurders betrokken die een strafblad hebben en die vaak ook veroordeeld zijn. Dat blijkt uit een onderzoek (.pdf) van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ).

Het IKZ onderzocht 53 bestuurders in 41 zaken waarin sprake was van zorgfraude. Dertig van hen (57 procent), bleek een juridisch dossier te hebben. Daarvan zijn 25 personen veroordeeld, één zaak loopt nog en vier bestuurders zijn niet veroordeeld. Het gaat geregeld om meerdere veroordelingen per bestuurslid en om uiteenlopende delicten, waaronder fraude, diefstal en geweldsdelicten.

AD 05.11.2019

Meldingen geweld

De commissie-De Winter opende een meldpunt voor slachtoffers tijdens een onderzoek naar seksueel, fysiek en psychisch geweld in de jeugdzorg sinds 1945. Bij dit meldpunt kwamen er in totaal honderden meldingen binnen.

Van de meldingen van seksueel, fysiek en psychisch geweld in de jeugdzorg kunnen uiteindelijk maar zes meldingen in een daadwerkelijke aangifte resulteren. De rest van de zaken is verjaard, blijkt uit gegevens van het Openbaar Ministerie die dagblad Trouw heeft opgevraagd.

Dat meldde Trouw maandag 01.07.2019 op basis van opgevraagde cijfers van het Openbaar Ministerie (OM). Van de ongeveer duizend meldingen zijn veruit de meeste zaken verjaard.

Secretaris Christiaan Ruppert van de commissie-De Winter, die het onderzoek hiernaar uitvoerde, noemt de zes gevallen “een magere oogst”. Met de verjaarde zaken kan juridisch niets meer gedaan worden.

Inkoop Jeugdzorg

Jeugdzorginstellingen hebben van de rechter gelijk gekregen in hun strijd om een fatsoenlijke vergoeding voor het verlenen van jeugdhulp.

De gemeente moet opnieuw kijken naar te lage tarieven. Het overgrote merendeel van de instellingen was naar de rechter gestapt. Dat concludeert de Haagse voorzieningenrechter dinsdag 22.10.2019 na een kort geding, gevoerd door twaalf jeugdhulpaanbieders.

De procedure werd aangespannen door verschillende jeugdzorginstellingen waaronder Jeugdformaat, Ipse de Bruggen, Parnassia en Rivierduinen, naar eigen zeggen samen goed voor 85 procent van de totale jeugdzorg in de gemeenten rond Den Haag.

Tien gemeenten in de Haagse regio startten dit jaar gezamenlijk een nieuwe procedure voor de inkoop van jeugdhulp. De tarieven, die de gemeenten voorstelden, klopten volgens de jeugdzorginstellingen van geen kant en daarom stapten ze naar de rechter. Ze voelden zich klemgezet. Het ging om zowel de grote instellingen als Jeugdformaat, als de ‘kleintjes’, de vrijgevestigde eenpitters, bij elkaar goed voor 85 procent van alle jeugdzorg.

Jeugdwet

Eerder deze week kwam naar buiten dat een kwart van de jeugdzorgorganisaties verlies lijdt. Een oorzaak is de krappe arbeidsmarkt waardoor instellingen veel extern personeel in moeten huren met stijgende personeelskosten tot gevolg.

lees: healthcheck ggz 22.07.2019

lees: kamerbrief over investeringsmogelijkheden kwaliteit en bedrijfsvoering van zorgaanbieders 09.07.2019

lees: uitkering van dividend door zorgaanbieders 17.06.2019

lees: advies over het reguleren van winstuitkering door zorgaanbieders 17.12.2018

lees: hoofdlijnen van de juridische analyse bijlage B

lees: hoofdlijnen van de praktijk en effectanalyse Bijlage A

Bekijk ook;

Zie ook: Zorgcowboys

Zie ook: Weer gedonder bij de Haagse Wijk- en Woonzorg HWW

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 16

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2 

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook; Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 3

zie ook: Gaat het gedonder in de Haagse zorg gewoon verder ???

zie ook: Manifest gedonder ook in de Haagse Zorg door bezuinigingen

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook: De affaire Loek Winter versus Gerommel in de zorg

en zie verder ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg – deel 5

zie verder dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 4

en zie dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 3

zie dan verder ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 2

en zie dan ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 1

‘Gemeenten kampen met financiële tekorten door onderschatten zorgvraag’

NU 30.12.2019 Nederlandse gemeenten kampen met financiële tekorten omdat zij de hoeveelheid zorg waar jongeren en ouderen om vragen, hebben onderschat. Dat zegt algemeen directeur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) Jantine Kriens maandag in gesprek met de Volkskrant.

Gemeenten kregen op 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid voor jeugdhulp, de ondersteuning van ouderen en mensen met beperkingen en de begeleiding voor mensen zonder regulier werk.

Hiermee kregen lokale overheden verantwoordelijkheid voor de zorg van ongeveer twee miljoen Nederlanders. Vijf jaar geleden werden zorgtaken overgedragen aan lokale overheden.

Het idee was dat gemeenten de zorg efficiënter konden vormgeven, waardoor het overdragen van verantwoordelijkheid samenging met bezuinigingen. Dit bleek niet haalbaar voor gemeenten en de lokale overheden hoopten op steun van de overheid, wat volgens hen uitbleef.

Het ministerie van Volksgezondheid zegt dat gemeenten deze hulp wel hebben gekregen en meer geld krijgen van het gemeentefonds. Toch willen de gemeenten een verhoging van het budget. Het ministerie gaat onderzoeken of dit nodig is.

Om problemen in de jeugdzorg aan te pakken moeten gemeenten volgens het ministerie beter gaan samenwerken, aldus een woordvoerder tegen de Volkskrant.

Lees meer over: Binnenland

Ziekenhuispersoneel krijgt 8 procent loonsverhoging

Telegraaf 30.12.2019  De leden van vakbond FNV hebben ingestemd met de cao voor personeel in ziekenhuizen. Half december werd het onderhandelaarsakkoord bereikt voor de 200.000 medewerkers die onder de cao vallen. 88 procent van de vakbondsleden stemden in met het akkoord.

Ziekenhuispersoneel krijgt een structurele loonsverhoging van 8 procent met een looptijd van 27 maanden. Ook is er een hogere onregelmatigheidstoeslag afgesproken die uitkomt op een extra structurele loonsverhoging van zo’n 2,5 procent. Verder krijgen alle ziekenhuismedewerkers een eenmalige bruto uitkering van 1200 euro over 2019 in januari. In het akkoord zijn ook hogere salarissen afgesproken voor leerlingen en stagiairs.

De vakbonden en de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen hadden, na maandenlange acties bij ziekenhuizen, half december een akkoord gesloten. In november was er nog een grote landelijke ziekenhuisstaking, medewerkers eisten een stevige structurele loonsverhoging en betere afspraken over werk- en rusttijden.

BEKIJK OOK: 

Nieuwe ziekenhuis-cao valt goed: ’Leuk kerstcadeau’ 

BEKIJK OOK: 

Ziekenhuizen: dure cao, overheid moet bijspringen 

BEKIJK MEER VAN; vakbonden Federatie Nederlandse Vakbeweging Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen

Ziekenhuisoorlog beslecht: cao brengt rust in zorgsector terug

AD 30.12.2019 De FNV is akkoord met de nieuwe cao voor ziekenhuispersoneel. Bijna negentig procent van de leden vindt dat ze er in loon en arbeidsomstandigheden voldoende op vooruit gaat.

Het conflict tussen de ziekenhuiswerkgevers en vakbeweging lijkt daarmee eindelijk beslecht. Maandenlang werd er niet tussen de partijen gepraat nadat de cao-onderhandelingen spaak liepen. Nadat het personeel in bijna alle ziekenhuizen het werk neerlegde, eind november, werden de onderhandelingen hervat met hulp van een bemiddelaar. Dat resulteerde op 14 december 2019 in een cao-akkoord, waarmee de FNV-leden echter nog wel moesten instemmen.

FNV-leden akkoord met nieuwe cao ziekenhuispersoneel

OmroepWest 30.12.2019 De leden van van vakbond FNV hebben ingestemd met de cao voor personeel in ziekenhuizen. Half december werd het onderhandelaarsakkoord al bereikt voor de 200.000 medewerkers die onder de cao vallen. Uiteindelijk stemde bijna 90 procent van de vakbondsleden in met het akkoord.

Actiecomités van het Alrijne Ziekenhuis, Langeland Ziekenhuis, HagaZiekenhuis en het HMC reageerden twee weken geleden al positief op de berichten over een overeenstemming. ‘Het is een mooi en evenwichtig akkoord. De verslechteringen zijn van tafel en er zijn betere voorwaarden gekomen om de balans tussen werk en privé beter te krijgen’, zei een woordvoerder van het actiecomité van het Langeland Ziekenhuis.

Ziekenhuispersoneel krijgt in ruim twee jaar tijd een structurele loonsverhoging van 8 procent. Daarnaast heeft het FNV een hogere onregelmatigheidstoeslag afgesproken. Dat betekent dat er uiteindelijk een extra structurele loonsverhoging van zo’n 2,5 procent bij komt. Verder krijgen alle ziekenhuismedewerkers een eenmalige bruto uitkering van 1200 euro over 2019 in januari. Ook leerlingen en stagiairs profiteren van het akkoord. Ze krijgen een hogere vergoeding.

‘Blij dat het tot een akkoord gekomen is’

Het actiecomité van het HMC is blij dat de overeenkomst is ‘toegespitst op directe zorg.’ Volgens het actiecomité van het HagaZiekenhuis laat het akkoord ‘niet alleen zien dat actievoeren loont, maar vooral dat de nijpende situatie ten aanzien van het personeel binnen de ziekenhuizen duidelijk is.’

Voor het bereiken van het akkoord werd actie gevoerd door het personeel. In november was er nog een grote landelijke ziekenhuisstaking. De ziekenhuismedewerkers eisten onder meer een stevige structurele loonsverhoging en betere afspraken over werk- en rusttijden. ‘Er zijn echt te weinig mensen in het ziekenhuis’, zei Marleen Eikelenboom van het Westeinde Ziekenhuis toen. ‘Als er een schakel uitvalt, klapt alles hier in elkaar.’

CAO-onderhandelingen

Tien van de elf ziekenhuizen uit onze regio deden in november mee. In het elfde ziekenhuis werden ludieke acties gehouden, zoals het uitdelen van ballonnen en een gratis reanimatiecursus. De cao-onderhandelingen zaten sinds maart 2019 vast.

LEES OOK: Premier Rutte in HMC Westeinde om te praten met actievoerend personeel

Meer over dit onderwerp: FNV ZIEKENHUIS STAKING AKKOORD

Wachtlijst verpleeghuiszorg groeit opnieuw: ‘Druk op mantelzorgers’

NU 14.12.2019 Afgelopen jaar zijn er bijna vierduizend mensen bijgekomen op de wachtlijst voor langdurige zorg in de verpleging en verzorging. Ouderenbonden waarschuwen voor de gevolgen van lange wachttijden.

In een jaar tijd is het aantal mensen op de wachtlijst voor verpleeghuiszorg met 30 procent gestegen, blijkt uit cijfers van Zorginstituut Nederland. Dit is het tweede jaar op rij dat de wachtlijst zo sterk is gegroeid.

NU.nl vroeg zorgverzekeraars hoe ze tegen de stijging van de wachtlijsten aankijken. In Nederland beheren 8 zorgverzekeraars 31 regionale zorgkantoren. Zorgkantoren zijn verantwoordelijk voor de langdurige zorg in hun regio.

Tot een jaar wachten op plek van voorkeur

De 16.700 mensen op de wachtlijst hebben langdurig intensieve zorg nodig. De meeste van deze mensen willen naar een verpleeghuis dat ze kennen en niet naar een verpleeghuis in een ander dorp of stad. Andere mensen op de wachtlijst zitten juist al in een verpleeghuis ver van huis en wachten op een plek in het verpleeghuis van voorkeur. Dit zijn volgens het Zorginstituut Nederland ‘niet-actief’-wachtenden.

Verschillende verzekeraars schrijven dat de wachttijd voor de niet-actief-wachtenden flink is toegenomen. In de regio’s Twente en Arnhem, waar verzekeraar Menzis de zorgkantoren beheert, moeten deze mensen in vergelijking met begin dit jaar gemiddeld een maand langer wachten. Verzekeraar Zorg en Zekerheid, die twee zorgkantoren in Noord- en Zuid-Holland beheert, spreekt nu van een gemiddelde wachttijd van tien tot twaalf maanden.

“Er wordt voor iedereen een goede oplossing gevonden”

VGZ en CZ, die samen dertien zorgkantoren beheren, vertellen in gesprek met NU.nl dat volgens hen de aanhoudende stijging van de wachtlijsten in de verpleeghuiszorg een probleem is. Maar, dat op dit moment voor iedereen een goede oplossing kan worden gevonden, door bijvoorbeeld thuiszorg aan te bieden.

Ouderenbonden ANBO en KBO-PCOB maken zich meer zorgen om de stijging van het aantal mensen op de wachtlijst. De ouderenbonden waarschuwen dat de langere wachtlijst voor meer overbelasting van mantelzorgers en een toename van crisissituaties kan zorgen.

Zie ook: Waarom ouderenbonden bezorgd zijn over wachtlijsten bij verpleeghuizen

Wachtlijsten groeien sneller in Limburg en Brabant

Vooral buiten de Randstad lijken de wachtlijsten hard te groeien. CZ beheert zorgkantoren in Zuid-Holland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Uit cijfers van deze zorgkantoren blijkt dat de stijging in de Brabantse en Limburgse regio’s het afgelopen jaar veel sterker was dan in de regio’s in Zuid-Holland.

Dit beeld komt ook naar voren bij VGZ, dat zorgkantoren in Noord-Holland, Zuid-Holland, Noord-Brabant, Gelderland en Limburg beheert. Zij schrijven dat ze vooral een stijging zien in de regio Nijmegen, hun Limburgse regio en Noordoost-Brabant.

Niet alle zorgkantoren hebben inzicht gegeven in de regionale veranderingen. Daarom weten we niet van iedere regio hoe hard de wachtlijsten het afgelopen jaar stegen.

Vergrijzing zorgt voor meer ouderen die intensieve zorg nodig hebben

Uit cijfers van het CBS blijkt dat vooral Limburg snel vergrijst, vooral ten opzichte van Noord- en Zuid-Holland vergrijst de regio een stuk sneller.

Vergrijzing is dan ook volgens VGZ en CZ de belangrijkste oorzaak dat de wachtlijsten stijgen. Het aantal ouderen groeit en dus groeit ook het aantal ouderen dat langdurig intensieve zorg nodig zal hebben. Daarnaast zorgt het tekort aan personeel in de zorg en in sommige regio’s het tekort aan fysieke plekken voor langere wachttijden, aldus de zorgkantoren.

Hugo de Jonge, de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport schreef op 13 december in een brief aan de Tweede Kamer dat de vraag naar verpleeghuiszorg de afgelopen jaren groter was dan verwacht en dat deze vraag ook in de toekomst steeds groter wordt. Zicht op een concrete oplossing voor de wachtlijsten lijkt er niet te zijn. Het verder stijgen van de wachtlijsten wordt ook door de verzekeraars zelf niet uitgesloten.

Verantwoording

NU.nl bekeek voor dit onderzoek cijfers van Zorginstituut Nederland en vroeg aanvullende gegevens op bij de 31 zorgkantoren. Het Zorginstituut Nederland bericht maandelijks over het aantal mensen op de wachtlijst voor langdurige verpleging en verzorging. Voor dit bericht hebben we de cijfers van oktober 2019, oktober 2018 en oktober 2017 met elkaar vergeleken.

In het bericht van Zorginstituut Nederland staat het totaal aantal ‘niet actief-wachtenden’ en het aantal ‘actief-wachtenden’ dat langer dan zes weken wacht. Actief-wachtenden zijn mensen die zo snel mogelijk moeten worden geplaatst en dus soms ook in een verpleeghuis terecht komen die niet hun voorkeur heeft.

Het aantal mensen dat actief-wachtend is, maar korter dan zes weken wacht op zorg wordt niet door het Zorginstituut Nederland maandelijks gerapporteerd en is in de cijfers die in dit artikel worden genoemd daarom niet meegenomen.

De recentste cijfers over deze groep komen uit augustus 2019 en laten zien dat deze groep toen bestond uit ongeveer 1.300 mensen. Ook dit aantal is in vergelijking met begin dit jaar gegroeid.

Lees meer over: Zorg  Binnenland

Miljoenen extra naar verpleeghuizen

Telegraaf 26.11.2019 Het kabinet maakt bijna 180 miljoen euro vrij voor verpleeghuizen. Door verkeerde inschattingen en oplopende wachtlijsten is er flink meer geld nodig.

Uit de Najaarsnota blijkt dat minister Hoekstra (Financiën) de knip heeft moeten trekken. Dat was nodig omdat de kosten voor de langdurige zorg te laag ingeschat waren. Na een bijsturing door de Nederlandse Zorgautoriteit bleek dat er meer geld nodig was.

Daarom maakt het kabinet in de Najaarsnota nu 130 miljoen euro extra geld vrij voor de verpleeghuizen. Daar komt nog eens 60 miljoen euro bij vanwege de toegenomen wachtlijsten in dit jaar. Omdat er budgettair nog eens 11 miljoen euro wordt verrekend, gaat het onder de streep om 179 miljoen euro aan extra uitgaven.

Tegenvaller

De tegenvaller komt doordat het ministerie van Volksgezondheid het aantal mensen dat verpleeghuiszorg nodig heeft, te laag heeft ingeschat. Daarnaast moet er extra geld worden uitgetrokken om wachtlijsten weg te werken. Die lopen alsmaar verder op door de vergrijzing en een gebrek aan verpleegkundigen.

Eerder dit jaar maakte minister De Jonge (Volksgezondheid) al bekend het budget voor de langdurige zorg met 470 miljoen euro te verhogen. Daar komt dit bedrag nu nog bovenop.

Bekijk meer van; gezondheidszorgbeleid overheidsbeleid Hoekstra Financiën

Dit zijn de beste ziekenhuizen van Nederland

AD 07.11.2019 Het Beatrixziekenhuis in Gorinchem en het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch zijn de winnaars van de Ziekenhuis Top 100, die morgen verschijnt op deze site. De eerste is het beste streekziekenhuis, de ander is de nummer één bij de topklinische ziekenhuizen.

Grote blijdschap bij medewerkers van beide winnende ziekenhuizen, en vooral ook trots. Want aan de top komen is één ding, er blijven is een stuk lastiger. Toch is dat precies wat de winnende ziekenhuizen deden. Het Jeroen Bosch Ziekenhuis stond ook vorig jaar op de eerste plaats en ook het RIVAS Beatrixziekenhuis eindigt de laatste jaren steevast bovenin.

,,Deze eerste plaats is – wederom – de kroon op het dagelijks werk van onze zorgverleners’’, zegt Anja Blonk, directeur van het Beatrixziekenhuis, dat twee keer eerder winnaar was. Dat was in 2016 en 2017, toen de ranglijst nog geen onderscheid maakte tussen de zogenoemde topklinische en de algemene- of streekziekenhuizen. Die onderverdeling is nodig omdat ziekenhuizen zich steeds verder specialiseren; topklinische ziekenhuizen richten zich op complexe operaties en behandelingen, in het streekziekenhuis kun je terecht voor basiszorg.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis, voor de tweede keer op een rij het beste topklinische ziekenhuis van Nederland. © Pim Ras Fotografe

Altijd wat te verbeteren

Dit betekent niet dat we tevreden achterover­leu­nen. In de zorg valt altijd wat te verbeteren, aldus Anja Blonk, directeur Beatrixziekenhuis.

De bovenste plaats in de ranglijst is volgens Piet-Hein Buiting, voorzitter van de Raad van bestuur van het Jeroen Bosch Ziekenhuis, vooral te danken aan het personeel. ,,En aan het feit dat wij hier voortdurend bezig zijn met de vraag hoe onze zorg beter kan.’’ Dat geldt ook voor het Beatrixziekenhuis: ,,Dit betekent niet dat we tevreden achteroverleunen. In de zorg valt altijd wat te verbeteren. En daar zetten we ook op in’’, zegt directeur Blonk.

De Top 100 gebruikt gegevens die ziekenhuizen elk jaar moeten aanleveren, bijvoorbeeld aan de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. De instellingen worden beoordeeld op 33 onderdelen die iets zeggen over het niveau van de zorg, zoals toezicht op medicijngebruik, uitkomsten van veelvoorkomende of juist heel complexe operaties, de kwaliteit van de verpleging of tijdige start van een behandeling.

Weinig complicaties

In het Beatrixziekenhuis worden zeer veel patiënten gescreend op pijn, ernstige verwardheid en ondervoeding, factoren die van invloed kunnen zijn op het herstel. Ook het beleid rond medicijnen is op orde: goede controle op de medicatie bij opname en ontslag voorkomt fouten. Het streekziekenhuis in Gorinchem scoort veel punten met veelvoorkomende operaties: er zijn weinig complicaties na een galblaasverwijdering, het plaatsen van knie- of heupprotheses of het plaatsen van een pacemaker.

Wel laat het Beatrix punten liggen bij het percentage patiënten dat overlijdt na complicaties na een darmkankeroperatie, dat ligt er nét iets hoger dan het landelijk gemiddelde. Directeur Blonk: ,,Het percentage is niet zo hoog meer als het jaar ervoor. Dat was voor ons reden om specifiek in te zoomen op de vraag wat we beter konden doen.’’

Feest in Gorinchem. © Frank de Roo

Pijn

Het Jeroen Bosch Ziekenhuis doet minimaal één keer per dag pijnmetingen bij veel patiënten op de verpleegafdeling en scoort daarmee punten. In 2017 ging dat nog minder goed. Buiting: ,,Onze metingen zijn nu veel nauwkeuriger, we hebben gekeken waar het misging, vooral bij patiënten bij wie pijn het meest op de loer ligt.”

Daarnaast voldeed het Bossche ziekenhuis vorig jaar ruimschoots aan het minimumaantal operaties bij blaas- en prostaatkanker. Het deed er respectievelijk 46 en 125, waar 20 en 50 operaties als norm zijn gesteld. Toch laat het ziekenhuis wel punten liggen bij de complicaties na een aantal kankeroperaties. Zeer veel patiënten krijgen tijdig preventieve antibiotica toegediend en er zijn weinig complicaties na het verwijderen van de galblaas of het plaatsen van een knie- of heupprothese.

Perfecte ziekenhuizen bestaan niet volgens Piet-Hein Buiting van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. ,,Dat kán niet, je kunt nooit alles helemaal goed doen.”

Morgen 08.11.2019 op deze site: de prestaties van alle ziekenhuizen op een rij.

Winnaar Ziekenhuis Top 100 beleefde een roerig jaar

AD 07.11.2019 Het Jeroen Bosch Ziekenhuis wint voor de tweede keer op rij de Ziekenhuis Top 100. Maar het is een roerig jaar: personeel voert actie voor betere lonen en er loopt een rechtszaak rond de overleden baby Luna. ,,Verdrietige dingen horen bij een ziekenhuis”, zegt bestuursvoorzitter Piet-Hein Buiting.

Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch is voor de tweede keer winnaar van de AD-Ziekenhuis Top 100.

Medewerkers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis strijden voor beter loon. Ze willen er vijf procent bij. © AD

Gefeliciteerd met de eerste plek. Verrast?
,,Ja, verbaasd en blij verrast. Ik heb er zelfs een weddenschap op verloren met een medewerkster die de kwaliteit van het ziekenhuis bijhoudt. Ik dacht: twee keer op rij winnen, komt niet vaak voor. We vergelijken ons werk continu met dat van vier samenwerkende ziekenhuizen.

We weten dat we goed werk doen, maar de definitie van het beste ziekenhuis blijft lastig. Voor mij is dat een ziekenhuis dat ervoor zorgt dat een patiënt eenmaal thuis zijn leven weer kan oppakken. En dat effect blijft heel lastig te meten. Patiënten en personeel worden vandaag op rozen, mandarijntjes en cakejes getrakteerd. De medewerkster die de weddenschap won, krijgt een mooie cadeaubon.”

Wat kan in uw ogen nog beter?
,,We hadden vorig jaar meer complicaties na longkankeroperaties. We zaten boven het landelijk gemiddelde. Onze longchirurgen zijn in de samenwerkende ziekenhuizen gaan kijken wat er beter kon, zoals we dat eerder ook op het gebied van darmkanker hebben gedaan.

Uit zo’n zoektocht komt maar zelden één oorzaak. Het gaat om het hele proces van diagnose tot operatie, waar we kleine dingen kunnen verbeteren. Zo’n operatie is net een marathon. Patiënten krijgen dan ook adviezen van ons om zo fit mogelijk de operatie in te gaan.

Denk aan sport- en voedingsprogramma’s. De chirurgen nemen op hun beurt de operatietechnieken door en kijken welke problemen ze sneller kunnen herkennen. We zien nu al dat het aantal complicaties bij longkankeroperaties is gedaald tot onder het landelijk gemiddelde.”

In de zorg bestaat een schrijnend personeelstekort, hoe is dat bij jullie?
,,Als je naar het totaal kijkt hebben wij geen tekort. Alleen op de afdeling anesthesie hebben we veel vacatures: 9,5 fte op 37 man. Omdat wij in 2015 al zijn begonnen met het opleiden van extra personeel waren wij de tekorten voor die twee jaar later overal ontstonden.

Ook denken we dat we goed voor onze mensen zorgen, waardoor ze hier graag werken. Zo hebben we onder meer een welzijnsprogramma voor personeel dat ’s nachts op de intensive care werkt. Zij krijgen gekleurde brillen (de oranje bril weert blauw licht en verbetert de kwaliteit van de slaap, red.) en speciale stoelen om een powernapje te doen.”

Directeur Piet-Hein Buiting van het Jeroen Bosch Ziekenhuis.

Directeur Piet-Hein Buiting van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. © Pim Ras

Toch lijkt niet iedereen zo tevreden. De verpleegafdelingen hangen vol met actieposters voor hogere lonen. Hoe groot is de onvrede?
,,Dat vind ik moeilijk te zeggen. Ik hoor medewerkers zeggen dat er 5 procent bij moet, anderen vinden het bod van de ziekenhuizen nog niet zo slecht. Ik ben zelf vooral geïnteresseerd of medewerkers zich voldoende kunnen ontwikkelen, zich in het team thuisvoelen en zich door de organisatie gesteund voelen.”

Steunt u hen in het protest?
,,Ik praat hier niet over cao-onderhandelingen, dat vind ik niet netjes. Ik wil wel het maatschappelijke debat voeren. Zorgen we goed genoeg voor de mensen die de ruggengraat van de samenleving vormen, zoals politieagenten, leraren en verpleegkundigen? Als je van deze mensen een grote inzet vraagt, moet je daar iets tegenover zetten. Of dat 5 procent extra moet zijn, weet ik niet. Het risico is dat we straks wel beter betaalde mensen hebben, maar te weinig. Het geld moet uit de lengte of de breedte komen.”

Zelf staat u met een jaarsalaris van 235.000 euro in de top vijftig van grootverdieners in ziekenhuizen. Dat wringt.
,,We kunnen geen maatschappij hebben waar het niet wringt. Een ziekenhuis heeft een heel loongebouw waar allerlei mensen verschillende taken verrichten en waar ook verschillende salarissen voor staan. Daar zijn afspraken over gemaakt. Iedereen mag dus iets vinden van de hoogte van mijn salaris, maar we passen de afbouwregeling precies toe volgens de wettelijk regels.”

Marloes en Chris Schuiling, de ouders van Luna.

Marloes en Chris Schuiling, de ouders van Luna. © Marloes Schuiling

Uw ziekenhuis kwam afgelopen jaar negatief in het nieuws. De ouders van baby Luna daagden tien doktoren voor het tuchtcollege, omdat hun pasgeboren dochter volgens hen stierf door tal van medische fouten. Haalt deze gebeurtenis de glans af van de nummer 1-positie?

,,Nee, deze situatie raakt de kern van een ziekenhuis. Hier gebeuren heel mooie en heel verdrietige dingen. Dat laatste kunnen we als ziekenhuis helaas niet helemaal voorkomen. Je doet je best. Natuurlijk denk ik aan het verdriet van de ouders. Het is verschrikkelijk om je kind te verliezen. In deze situatie is het heel erg belangrijk om te kijken wat er precies is gebeurd.

Daar gaat de tuchtzaak over (uitspraak eind november, red.). Ook voor ons personeel was dit een verschrikkelijke gebeurtenis. Het heeft iedereen geraakt. We proberen de medewerkers te ondersteunen, het gesprek met hen aan te gaan, zodat ze elke patiënt de 100 procent aandacht kunnen geven die hij verdient. We staan nog altijd open voor een gesprek met de ouders van Luna. Het is aan hen om hierop in te gaan.”

Zo scoorde het Jeroen Bosch Ziekenhuis:

Plus: 

+ Voldeed vorig jaar aan het minimumaantal operaties bij darm-, blaas- en prostaatkanker. Bij de laatste voldoet het zelfs aan de norm die voor dit jaar geldt en krijgt het daarom een bonuspunt.

+ Hoort bij de 10 procent ziekenhuizen met de beste uitkomst bij staaroperaties: 98 procent van de patiënten ziet beter na de ingreep.

+ Ook veel punten op andere criteria rond operatiebeleid: zeer veel patiënten krijgen tijdig preventieve antibiotica toegediend en er zijn weinig complicaties na het verwijderen van de galblaas of het plaatsen van een knie- of heupprothese.

Min: 

– ziekenhuis laat veel punten liggen bij de complicaties na diverse kankeroperaties.

– percentage patiënten dat langer dan verwacht in het ziekenhuis ligt, is er hoger dan gemiddeld en dat betekent geen punten op dit onderdeel.

– aanpak van ondervoeding bij kinderen is op orde, maar bij volwassenen blijft deze achter.

Medewerkers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis strijden voor beter loon. Ze willen er vijf procent bij.

Medewerkers van het Jeroen Bosch Ziekenhuis strijden voor beter loon. Ze willen er vijf procent bij. © AD

Ziekenhuizen moeten af van rompslomp

AD 01.11.2019 Om de dreigende personeels-tekorten in de ziekenhuizen het hoofd te bieden, moet de productiviteit fors omhoog. Dat kan door meer processen te stroomlijnen en vooral door te digitaliseren, denkt ING.

Als ziekenhuizen niets veranderen aan de wijze waarop ze werken, dreigt er een immens personeelsprobleem. Uit berekeningen blijkt dat de zorginstellingen in 2040 170.000 medewerkers meer nodig hebben dan nu. En dat terwijl de beroepsbevolking met 500.000 personen afneemt.

Het is niet realistisch om te veronderstellen dat al dat personeel gevonden kan worden, stelt ING in een studie naar de knelpunten. Nu al hebben de ziekenhuizen een tekort. De oplossing moet gevonden worden in een hogere arbeidsproductiviteit van het personeel. Nu groeit die met 0,4 procent per jaar. Dat kan gemakkelijk naar 1 procent als er gebruikt gemaakt gaat worden van digitalisering in de zorg, aldus de bank.

Als de jaarlijkse productiviteit met 1 procent stijgt in plaats van 0,4 procent, scheelt dat 60.000 banen in 2040, berekende ING. Dat soort besparingen is mogelijk, laten voorbeelden uit onder meer Zweden en Engeland zien.

Hard nodig

De omslag is hard nodig, zegt Jan Willem Spijkman, sectorbanker zorg bij ING. ,,In het hoofdlijnenakkoord van het kabinet is afgesproken dat de zorgkosten van de ziekenhuizen in 2021 niet meer stijgen. Maar de zorgvraag stijgt jaarlijks met 3 procent, vooral vanwege de vergrijzing.”

De afspraak om de kosten te beheersen, knelt nu al op sommige plekken. Een paar ziekenhuizen hebben al opnamestops ingevoerd omdat het budget dat ze op jaarbasis van de verzekeraar krijgen op is. ,,Voor spoedeisende hulp geldt dat uiteraard niet”, zegt Spijkman. ,,Maar wel voor planbare hulp, zoals een nieuwe heup.”

Geen wonder dat ziekenhuizen naarstig op zoek zijn naar mogelijkheden om kosten te besparen. En daarbij wordt veel verwacht van digitalisering, waarmee de afgelopen jaren veel vooruitgang is geboekt. ,,Als je de communicatie met patiënten en met zorgaanbieders bestudeert, blijken die processen nauwelijks gedigitaliseerd. Daar is nog veel winst te boeken”, aldus Spijkman.

Afspraak

,,Kijk naar de manier waarop een afspraak tot stand komt. Eerst moet je met de huisarts bellen voor een afspraak. Daarna bel je met het ziekenhuis en kun je over een paar weken langskomen. Daar zit je weer een tijd in de wachtkamer. Recepten worden nog per fax gestuurd. En als je naar een ander ziekenhuis gaat, krijg je een cd-rom mee met je patiëntgegevens.”

Spijkman verwacht vooral voordelen bij mensen met chronische aandoeningen. ,,Mensen kunnen thuis zelf hartfilmpjes maken of hun bloeddruk meten.” Die gegevens kunnen vanuit huis naar het ziekenhuis worden gestuurd en daar worden bekeken door de behandelend arts. Dat scheelt een ziekenhuisbezoek. ,,Het blijkt dat patiënten dit soort handelingen liever thuis of bij de huisarts doen dan in het ziekenhuis”, aldus Spijkman.

Door betere monitoring kan sneller worden ingegrepen als iets fout dreigt te gaan. Dat levert ook een besparing op, omdat ziektes en kwalen vroegtijdig worden aangepakt. Dit soort laaghangend fruit is redelijk makkelijk te plukken en levert direct een besparing in de zorgkosten op.

Toch staat de digitalisering in de zorg nog in de kinderschoenen. Dat heeft verschillende oorzaken, zegt Spijkman. ,,Ziekenhuizen worden betaald voor de zorg die ze zelf leveren. Digitalisering betekent in de praktijk dat er minder zorg in het ziekenhuis verleend wordt. Dat scheelt omzet, terwijl de instellingen wel moeten investeren in digitalisering van de zorg buiten het ziekenhuis.”

Geen prettige combinatie

Hogere kosten en minder omzet, dat is geen prettige combinatie. Een aanpassing in de bekostiging zou helpen. Een ander probleem is dat veel ziekenhuizen zelf een systeem opzetten dat niet communiceert met systemen van andere spelers in de zorgketen. ,,Op veel plekken is men bezig het wiel uit te vinden”, zegt de sectorbanker.

ING pleit in het rapport voor bovenregionale samenwerking via één platform. Dat zou georganiseerd kunnen worden rond de academische ziekenhuizen. ,,Er moeten standaarden komen zodat patiëntgegevens makkelijk kunnen worden uitgewisseld”, zegt Spijkman. Als die goed loopt, kunnen de vier tot zeven bovenregionale platforms ook met elkaar patiënteninformatie delen.

Als de digitalisering slaagt, zal dat tot een daling leiden van het aantal patiënten dat de polikliniek bezoekt. Ook zijn er minder ziekenhuisbedden nodig omdat patiënten eerder naar huis kunnen als ze digitaal gevolgd worden, of helemaal niet meer in het ziekenhuis terechtkomen.

Jeugdzorg in hoge nood: ‘De budgetten stijgen niet mee met de vraag’

OmroepWest 31.10.2019 Het aantal jongeren in de jeugdzorg is al vijf jaar achter elkaar gestegen. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. De eerste helft van dit jaar zaten er in totaal 366.000 jongeren tot en met 23 jaar in de jeugdzorg . Dat is ongeveer één op de twaalf jongeren. In een aantal gemeenten in Zuid-Holland ligt aantal dat nog hoger.

In de gemeenten Kaag en Braassem, Alphen aan den Rijn, Hillegom, Leiden en Gouda zit 13 tot 15 procent jongeren in de jeugdzorg. Dat is flink hoger dan het gemiddelde van 9,5 procent onder alle gemeente die het CBS testte.

Dat is een probleem, want hoewel er meer jongeren bijkomen neemt de kwaliteit van de zorg alleen maar af. Zorgverleners hebben te kampen met personeelstekorten en bezuinigingen vanuit de gemeenten.

Miljoenentekorten

Uit onderzoek blijkt dat zeker een kwart van alle jeugdzorginstellingen in het rood staat. Er is sinds de invoering van de Jeugdwet in 2015 flink bezuinigd op de jeugdzorg en de gevolgen daarvan worden nu door de hele sector ervaren.

In 2015 werden gemeenten verantwoordelijk voor jeugdzorg. Omdat men dacht dat dit efficiënter zou zijn, ging dit gepaard met een bezuiniging van 450 miljoen euro. Maar er zijn juist meer jongeren bijgekomen die hulp nodig hebben, terwijl er minder geld beschikbaar is om die zorg te verlenen.

Volgens vakbond FNV moet er meer geld beschikbaar komen voor de jeugdzorg op structureel niveau. Zo is er sinds 2015 een budget nodig van zeker 300 miljoen euro op jaarbasis, aldus FNV. Om zowel de bestaande tekorten als de toegenomen vraag aan te kunnen is volgens de vakbond nog veel meer nodig: 750 miljoen euro per jaar.

Met name gemeenten met een hoog percentage jongeren in de jeugdzorg hebben te kampen met flinke begrotingstekorten. Zo blijft Den Haag bijvoorbeeld zitten met een tekort van 35 miljoen euro.

Lange wachtlijsten

Om de tekorten op te lossen heeft minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport 1 miljard euro toegezegd over de komende drie jaar om te investeren in de jeugdzorg. Volgens de sector is dat echter bij lange na niet genoeg om de problemen op te lossen. Als het aan het FNV ligt moet een dergelijk bedrag ieder jaar geïnvesteerd worden.

‘De druk ligt bij jeugdzorgwerkers, kinderen en gezinnen’ – Maaike van der Aar, FNV

Volgens Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn, worden de problemen in de jeugdzorg flink onderschat: ‘De budgetten voor de jeugdzorg stijgen niet evenredig mee met de stijgende vraag. Jeugdzorgorganisaties lijden verlies en die druk komt dan bij de jeugdzorgwerkers, kinderen en de gezinnen te liggen’.

De financiële tekorten zorgen voor hogere werkdruk, waardoor relatief veel personeel uitvalt en nieuw personeel niet aanhaakt. Omdat niet alleen de vraag naar maar ook de duur van de jeugdzorg stijgt ontstaan lange wachtlijsten. De problematiek bij jongeren neemt toe omdat het langer duurt voordat zij de zorg krijgen die ze nodig hebben.

Minder administratie

Een ander irritatiepunt bij de zorginstellingen is de grote hoeveelheid administratie die hun werk met zich meebrengt. Verschillende gemeenten hanteren verschillende procedures voor de jeugdzorg, waardoor aanbestedingen veel tijd kosten.

Daarnaast moeten ook de organisaties zelf veranderen vindt Sophie Hospers van Partners in Jeugdbeleid: ‘Zet de hulpverleners bij elkaar en geef ze een forse uitdaging, bijvoorbeeld we gaan de wachtlijst terugbrengen van twee maanden naar één week. De hulpverleners kennen zelf het beste hun processen en kunnen beoordelen wat er anders, efficiënter en beter kan’.

Lector Jeugdzorg Peer van der Helm aan de Hogeschool Leiden ziet er ook heil in om het aantal ambtenaren per gemeente terug te schroeven. ‘Er gaat te veel geld naar de ambtenaren die jeugdzorg regelen bij de gemeenten. Dat geld moet direct naar de kinderen.’ Als gemeenten het aantal ambtenaren omlaag brengen, blijft er meer geld over voor de organisaties zelf.

Tarieven

De geldstroom vanuit de gemeenten richting de jeugdzorg is al langer een punt van kritiek. Per 1 januari zou een nieuw systeem ingevoerd worden waarbij jeugdzorginstellingen afgerekend zouden worden op basis van resultaten in plaats van gewerkte uren.

Volgens de gemeenten moet het nieuwe systeem zorgen voor efficiëntere en effectievere zorg. Een aantal jeugdzorginstellingen in en rondom Den Haag spanden een zaak aan tegen tien gemeenten in Zuid-Holland omdat ze in de nieuwe manier van werken minder geld zouden krijgen voor de geleverde zorg.

Volgens de instellingen was de rekenwijze niet toereikend genoeg. Zo werd er geen rekening gehouden met regionale en organisatorische factoren die de kostprijs beïnvloeden. Op 22 oktober stelde een voorzieningenrechter hen in het gelijk.

Bas Timman van Jeugdformaat reageerde destijds bij Omroep West op de uitspraak: ‘We zijn blij, maar het is triest dat we voor reële en kostendekkende tarieven naar de rechter moesten’. Nu worden er met de gemeenten nieuwe afspraken gemaakt over de tarieven die gehanteerd worden bij jeugdzorg.

Onzekere toekomst

Zolang er geen structurele oplossing komt om de groeiende vraag naar jeugdzorg en de grote financiële tekorten op te lossen, is de toekomst onzeker. Een eenmalige kapitaalinjectie doet weinig om de problemen in de sector op lange termijn te verhelpen. FNV-bestuurder Maaike van der Aar benadrukt de zorgen van medewerkers in de sector: ‘Ze spreken over nalatigheid en wanbeleid. Dat jeugdzorgwerkers deze woorden in de mond nemen, is heel wat.’

LEES OOK: Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

Meer over dit onderwerp: JEUGDZORG FNV ZORG & WELZIJN

Rechter geeft jeugdzorgorganisaties gelijk over tarieven

Den HaagFM 23.10.2019 Den Haag, en negen andere gemeenten, moeten opnieuw kijken naar de tarieven die zij vanaf 2020 willen betalen aan jeugdzorginstellingen. Dat heeft de rechter bepaald. Per 1 januari 2019 zouden de gemeenten een nieuw systeem invoeren waarbij de aanbieders van jeugdzorg worden afgerekend op hun resultaten in plaats van de gewerkte uren. De jeugdzorgorganisaties vrezen dat de tarieven te laag en niet kostendekkend zouden worden.

Volgens de gemeenten zijn de door hen in die inkoopprocedure gehanteerde tarieven reëel en noodzakelijk om de jeugdhulp efficiënter en effectiever te maken. De rechter deed dinsdag uitspraak en stelde de jeugdzorgorganisaties in het gelijk.

Volgens de rechter worden bij de gegevens waar de gemeenten de tarieven op baseerden verschillende definities gehanteerd waardoor als het ware ‘appels met peren worden vergeleken’. Ook is te weinig rekening gehouden met regionale en organisatie-specifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de werkzaamheden. De rechtbank oordeelde daarom dat de gemeenten opnieuw naar de tarieven voor de inkoop van jeugdhulp moeten kijken zodat deze alsnog kostendekkend en reëel worden.

Gemeenten in regio Den Haag hanteren te lage tarieven voor jeugdzorg

NU 22.10.2019 Tien gemeenten in de regio Haaglanden, waaronder de gemeente Den Haag, hebben te lage tarieven gebruikt bij de inkoop van jeugdzorg. Dat concludeert de Haagse voorzieningenrechter dinsdag na een kort geding, gevoerd door twaalf jeugdhulpaanbieders.

De twaalf aanbieders van jeugdhulp, waaronder Stichting Jeugdformaat, stapten naar de rechter omdat de gemeenten te lage, niet-kostendekkende tarieven gebruikten. Hierdoor zouden zij niet langer in staat zijn goede jeugdhulp te verlenen, aldus de jeugdhulpaanbieders.

Volgens de jeugdzorgaanbieders waren de lage tarieven het gevolg van een nieuw systeem waarbij aanbieders van jeugdzorg vanaf 1 januari worden afgerekend op hun resultaten en niet langer op hun gewerkte uren, aldus de marktpartijen.

De Haagse voorzieningenrechter concludeert dat de tarieven inderdaad te laag liggen, omdat de wijze waarop de tarieven tot stand zijn gekomen niet deugt. Daarbij hebben de gemeenten onvoldoende rekening gehouden met regionale en organisatiespecifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de jeugdhulp, aldus de voorzieningenrechter.

De tien gemeenten, Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Voorschoten, Wassenaar, Westland en Zoetermeer, moeten nu opnieuw naar de tarieven voor de inkoop van jeugdhulp kijken, zodat de tarieven alsnog kostendekkend worden en overeenkomen met de Jeugdwet.

Lees meer over: Den Haag Jeugdzorg Economie

Jeugdzorginstellingen krijgen gelijk: gemeenten moeten ‘wurgcontracten’ herzien

AD 22.10.2019 Jeugdzorginstellingen hebben van de rechter gelijk gekregen in hun strijd om een fatsoenlijke vergoeding voor het verlenen van jeugdhulp.  De gemeente moet opnieuw kijken naar de tarieven. Het overgrote merendeel van de instellingen was naar de rechter gestapt.

Tien gemeenten in de Haagse regio startten dit jaar gezamenlijk een nieuwe procedure voor de inkoop van jeugdhulp. De tarieven, die de gemeenten voorstelden, klopten volgens de jeugdzorginstellingen van geen kant en daarom stapten ze naar de rechter. Ze voelden zich klemgezet. Het ging om zowel de grote instellingen als Jeugdformaat, als de ‘kleintjes’, de vrijgevestigde eenpitters, bij elkaar goed voor 85 procent van alle jeugdzorg.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het ondertekenen van de wurgcontracten zou hen binnen een paar jaar in enorme financiële problemen brengen. Het niet-ondertekenen van de overeenkomst zou echter betekenen dat duizenden kinderen zonder hulp zouden komen te zitten.

Overhead

De gemeenten, als Den Haag, Westland, Zoetermeer of Delft, vonden echter dat ze alleszins met redelijke tarieven over de brug kwamen. Zij vinden dat bij de jeugdzorginstanties wel heel veel geld aan overhead opgaat.

De Haagse kort-gedingrechter geeft de instellingen nu gelijk. Zij concludeert dat de gemeenten verschillende definities hanteren bij de diverse cijfers en percentages. ,,Daardoor worden als het ware ‘appels met peren vergeleken’”, aldus het vonnis. Daarnaast, zo zegt de rechter, is er ‘onvoldoende rekening gehouden’ met de verschillende soorten hulp die organisaties bieden en wat van invloed is op de kostprijs.

Stichting Jeugdformaat is blij met de uitspraak vanwege de ‘erkenning voor het werk wat wij hier doen’, aldus een woordvoerder. Maar dat na zo’n klinkende overwinning de champagnefles wel moest zijn opengetrokken, is niet waar, zegt hij. ,,Het was al triest genoeg dat we naar de rechter moesten stappen. We moeten nu zo snel mogelijk  weer met de gemeentes om tafel, hoe nu verder.”

Bij Parnassia overheerst opluchting. ,,De rechter heeft aangegeven dat de tarieven moeten aansluiten bij de werkelijke kosten. Kostendekkende tarieven zijn een noodzaak voor het kunnen betalen van salarissen.”

Rechter geeft jeugdzorgorganisaties gelijk over tarieven

OmroepWest 22.10.2019 Tien gemeenten in de regio Haaglanden moeten opnieuw kijken naar de tarieven die zij vanaf 2020 willen betalen aan jeugdzorginstellingen. Per 1 januari zouden de gemeenten een nieuw systeem invoeren waarbij de aanbieders van jeugdzorg worden afgerekend op hun resultaten in plaats van de gewerkte uren. Een aantal jeugdzorgorganisaties vond de tarieven niet reëel en spande een zaak aan. De rechter deed dinsdag uitspraak en stelde hen in het gelijk.

De procedure werd aangespannen door verschillende jeugdzorginstellingen waaronder Jeugdformaat, Ipse de Bruggen, Parnassia en Rivierduinen, naar eigen zeggen samen goed voor 85 procent van de totale jeugdzorg in de gemeenten rond Den Haag. Volgens hen zijn de tarieven die de gemeenten willen betalen te laag en niet kostendekkend. Ze stellen dat zij niet langer in staat zijn goede jeugdhulp te verlenen als de tarieven niet worden aangepast en dat zij dan structureel verlies lijden.

De tien gemeenten – Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Voorschoten, Wassenaar, Westland en Zoetermeer – zeggen op hun beurt dat de door hen in de nieuwe inkoopprocedure gehanteerde tarieven reëel en noodzakelijk zijn om de jeugdhulp efficiënter en effectiever te maken.

Appels met peren vergelijken

Volgens de rechter worden bij de gegevens waar de gemeenten de tarieven op baseerden verschillende definities gehanteerd waardoor als het ware ‘appels met peren worden vergeleken’. Ook is te weinig rekening gehouden met regionale en organisatie-specifieke aspecten die van invloed zijn op de kostprijs van de werkzaamheden.

De rechtbank oordeelde daarom dat de gemeenten opnieuw naar de tarieven voor de inkoop van jeugdhulp moeten kijken zodat deze alsnog kostendekkend en reëel worden. Bas Timman van Jeugdformaat reageert op Radio West ingetogen. ‘We zijn blij, maar het is triest dat we voor reële en kostendekkende tarieven naar de rechter moesten.’ Volgens hem is het nu zaak om met de gemeenten om de tafel te gaan.

Jeugdwet

Eerder deze week kwam naar buiten dat een kwart van de jeugdzorgorganisaties verlies lijdt. Een oorzaak is de krappe arbeidsmarkt waardoor instellingen veel extern personeel in moeten huren met stijgende personeelskosten tot gevolg.

Ook de invoering van de Jeugdwet pakte niet altijd even goed uit. Met deze wet ging de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg van het Rijk naar de gemeenten. Die hanteren vaak verschillende spelregels waardoor met name grote instellingen, die in meerdere gemeenten actief zijn, relatief veel geld kwijt zijn om dat in goede banen te leiden. Ook zijn de tarieven die instellingen krijgen voor hun zorg niet altijd kostendekkend.

LEES OOK: Jeugdzorg briesend over budget gemeentes: ‘Laat ze maar eens meegaan’

Meer over dit onderwerp:;  JEUGDZORG DEN HAAG GEMEENTES

Gerelateerd;

Jeugdzorg briesend over budget gemeentes: ‘Laat ze maar eens meegaan’

2500 jeugdzorgwerkers gaan protesteren in Den Haag

PvdA ernstig bezorgd over groeiende wachtlijsten bij Jeugdhulp

Geen extra geld voor demonstrerende jeugdzorgmedewerkers

Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

Jeugdzorgmedewerkers in actie: ‘Wie niet hard schreeuwt, krijgt geen zorg’

Jeugdzorg in rode cijfers: ‘Op termijn is dit niet meer vol te houden’

OmroepWest 21.10.2019 ‘Het is ernstig in de sector.’ Dat zegt bestuurder Gerrit Jan Hoogeland van de Leidse jeugdzorginstelling Cardea. Een kwart van de jeugdzorginstellingen in Nederland heeft een financieel tekort, ook Cardea. ‘We kunnen de klappen nu nog opvangen, maar op termijn is dit niet meer vol te houden.’

Hoewel in de jeugdzorg de omzet vorig jaar is gestegen vergeleken met het jaar daarvoor en ook het aantal cliënten groter is geworden, kwam toch een kwart van die instellingen uit in de rode cijfers. Dat stelde inkoopcoöperatie Intrakoop maandag. Die organisatie baseert zich op de Jaarverslagenanalyse Jeugdzorg 2018, waarvoor 268 jaarverslagen van jeugdzorgorganisaties werden bekeken.

Ook het Leidse Cardea verwacht dit jaar op een paar ton verlies uit te komen. De tekorten hebben volgens bestuurder Hoogeland vooral te maken met de administratieve druk vanuit gemeenten. ‘Dat levert enorme administratieve lasten op voor medewerkers die hun tijd eigenlijk moeten besteden aan gezinnen. Ze moeten op dit moment tot op de minuut verantwoorden wat ze doen. Dat kost veel tijd en geld en levert hoge werkdruk op. We moeten als jeugdzorginstellingen steeds meer leveren voor minder geld.’

‘Geld komt niet bij kinderen terecht’

Daarnaast heeft iedere gemeente volgens Hoogeland eigen verantwoordingseisen. ‘Dat betekent dat ik extra mankracht moet inzetten in de administratie om dat te kunnen realiseren. Dat kost vreselijk veel geld en is heel jammer. Hierdoor komt het niet bij de kinderen terecht.’

De bal ligt volgens Hoogeland nu bij de gemeenten. ‘Als ik bij een aantal gemeenten zie wat zij met tarieven doen… Ze bieden tarieven waarvoor wij de zorg niet kunnen leveren. Gemeenten hebben de verantwoording om met eerlijke tarieven te komen. Er moet echt iets veranderen. We hebben een eerlijke prijs nodig voor de zorg die we leveren.’

‘We stevenen af op een ramp’

Het kabinet trekt de komende jaren 1 miljard euro extra uit voor de jeugdzorg, benadrukt een woordvoerder van het ministerie van Volksgezondheid. ‘Dat is echt niet voldoende’, reageert Hoogeland. ‘Het is een sigaar uit eigen doos, er is echt meer nodig. Het aantal jongeren aan wie wij hulp bieden is flink toegenomen. Daarnaast is het de vraag waar het geld naartoe gaat.’

Vakbond FNV is geschokt door de resultaten van het onderzoek. ‘Dit rapport bevestigt alles waarvoor we gewaarschuwd hebben. We stevenen af op een ramp, als de overheid onze boodschap naast zich blijft neerleggen en niet rigoureus ingrijpt’, zegt FNV-bestuurder Maaike van der Aar. ‘De cijfers uit deze analyse zijn schokkend. Minister Hugo de Jonge moet de tekorten aanvullen of op zijn minst een maatregel treffen die zorgt dat eerlijk alle kosten worden betaald.’

LEES OOK: Jeugdzorg briesend over budget gemeentes: ‘Laat ze maar eens meegaan’

Meer over dit onderwerp: JEUGDZORG CARDEA ZORG

Gerelateerd;

Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

Rechter geeft jeugdzorgorganisaties gelijk over tarieven

Zorgtekort: ‘Den Haag verhoogt lasten voor burgers niet en mikt op extra geld’

Gemeenten houden veel geld over op zorg: Teylingen 1,7 miljoen

Oproep: hoe is jouw zorg geregeld?

50PLUS in Provinciale Staten heeft twijfels over zorg bij gemeenten

Bijna kwart instellingen jeugdzorg draait verlies

NU 21.10.2019 Bijna een kwart van de jeugdzorginstellingen kan financieel amper het hoofd boven water houden. Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 organisaties, zo meldt de NOS maandag op basis van een analyse van inkoopcoöperatie Intrakoop.

De totale omzet van de sector is gestegen en het aantal cliënten neemt toe, maar tegelijkertijd zijn de administratieve kosten gestegen en is het personeel van de jeugdzorginstellingen duurder geworden.

Uit de analyse blijkt dat de tarieven die de instellingen hebben afgesproken met de gemeenten lang niet alle kosten dekken. Sinds 2015 ligt de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg bij de gemeentes in plaats van de Rijksoverheid. Deze overgang heeft volgens de onderzoekers bijgedragen aan de huidige financiële problemen.

Maaike van der Aar, bestuurder bij het FNV, reageert geschokt op het nieuws. “Wij zien dat organisaties en gemeenten vooral bezig zijn met ‘eerst zelf overleven’. In een sector waarbij er wederzijdse afhankelijkheid is in het kunnen organiseren van de juiste zorg voor de meest kwetsbare kinderen, is dat een doodsteek.”

Begin september nog legden duizenden jeugdzorgmedewerkers het werk neer om te protesteren tegen de decentralisatie, de toenemende werkdruk en de ingewikkelde administratie.

De 268 onderzochte jeugdzorginstellingen vormen zo’n 70 procent van het totale aantal instellingen in Nederland. De analyse is uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop en accountantskantoor Verstegen.

Zie ook: Duizenden jeugdzorgwerkers staken: ‘Te veel regels en te veel bureaucratie’

Lees meer over: Jeugdhulp  Binnenland

Op 1 september legden veel jeugdzorgwerkers hun werk neer om aandacht te vragen voor de werkdruk in de sector ANP

Kwart jeugdzorginstellingen heeft financiële problemen

NOS 21.10.2019 Bijna een kwart van de instellingen voor jeugdzorg in Nederland draait met verlies, ook al is de totale omzet van de sector gestegen en neemt het aantal cliënten toe. De rode cijfers komen onder andere door administratieve lasten en doordat het personeel van de jeugdzorginstellingen steeds duurder wordt.

Ook dekken de tarieven die de instellingen met gemeenten hebben afgesproken lang niet altijd de kosten. Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 jeugdzorgorganisaties, zo’n 70 procent van het totale aantal instellingen voor jeugdzorg in Nederland. De analyse is uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop en accountantskantoor Verstegen.

Minder middelen, meer cliënten

Sinds 2015 ligt de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg niet langer bij de Rijksoverheid, maar bij gemeenten. Volgens de onderzoekers levert die overgang een belangrijke bijdrage aan de financiële problemen in de sector.

“Die transitie ging gepaard met een bezuiniging van 15 procent”, vertelt Richard Janssen, hoogleraar economie en organisatie van de gezondheidszorg en betrokken bij de jaarverslagenanalyse. “Die klap is deels opgevangen, maar intussen is het personeel duurder geworden, terwijl de vraag naar zorg is toegenomen. Instellingen hebben dus minder middelen, maar meer cliënten.”

Kwart jeugdzorginstellingen in financiële problemen: ‘Langere wachttijd, onacceptabel’

Bovendien zijn de instellingen sinds 2015 veel meer tijd kwijt aan administratie en coördinatie, vooral de grote jeugdzorgorganisaties. “Zo’n 30 procent van de totale kosten van de jeugdzorgsector bestaat uit administratieve kosten”, zegt Janssen. Dat komt doordat iedere gemeente met een ander verantwoordingssysteem werkt, legt hij uit.

Janssen vergelijkt het met een trein die van Amsterdam naar Den Bosch rijdt. “Stel dat de trein in iedere tussenliggende gemeente stopt en dat er dan steeds een andere conducteur instapt die jou om een ander kaartje vraagt. Dat zouden we heel absurd vinden. Maar in de jeugdzorg werken instellingen soms in wel vijftig gemeenten, elk met een andere administratieve afwikkeling.”

Niet-dekkende tarieven

Volgens Janssen moeten gemeenten hun procedures vereenvoudigen en daar onderling betere afspraken over maken. Ook hoopt hij dat gemeenten beter naar hun tariefstructuur gaan kijken. “Veel gemeenten hanteren nu maar één tarief, zowel voor gespecialiseerde zorg als voor eenvoudige zorg. Terwijl die gespecialiseerde zorg bijvoorbeeld veel meer coördinatie vraagt. Als je kijkt naar de kosten die daarachter schuilgaan, is dat tarief vaak niet dekkend.”

Instellingen die dat soort dure zorg leveren, komen dan ook sneller in de gevarenzone, zegt Janssen. En dat betekent dat ze geen geld overhouden voor bijvoorbeeld goed opgeleid personeel of nieuwe ict-systemen.

Lagere drempel

Toch is Janssen inhoudelijk wel te spreken over de overgang van de jeugdzorg naar gemeenten. “In principe is die decentralisatie goed: dichter bij de mensen, dichter bij de wijk- en schoolteams. De drempel is lager, dat zien we ook in de cijfers: het aantal jongeren dat zorg krijgt, neemt toe.”

Maar de bedrijfsmatige kant rammelt, vindt hij. “Er is actie nodig. We moeten regionaal en waar nodig landelijk de handen ineenslaan om de kosten terug te dringen en kwetsbare jeugd te kunnen blijven voorzien van de zorg die nodig is.”

Eerste staking

Afgelopen september legden veel jeugdzorgwerkers een dag het werk neer. Ze staakten voor betere arbeidsvoorwaarden, een lagere werkdruk en een einde aan de ‘inkoopwaanzin’, de term die ze gebruiken voor het beleid van gemeenten om de jeugdzorg tegen zo laag mogelijke tarieven in te kopen. Het was de eerste staking in de geschiedenis van de jeugdzorg.

Minister De Jonge van Volksgezondheid trok in mei 420 miljoen euro uit voor de jeugdzorg. In 2020 en 2021 komt daar nog twee keer 300 miljoen bij. Maar volgens vakbonden FNV en CNV is dat veel te weinig.

Bekijk ook;

Accountants sluiten faillissementen in de jeugdzorg niet uit. Twintig organisaties maken al twee jaar op rij verlies. © ANP XTRA

Tientallen jeugdzorginstellingen dreigen failliet te gaan

AD 21.10.2019 De jeugdzorg in tientallen instellingen is in gevaar. Juist organisaties die hulp bieden aan kinderen en tieners die niet zonder intensieve zorg kunnen, lopen het risico om failliet te gaan. Jeugdzorg Nederland noemt de rode cijfers ‘alarmerend’.

Zestig jeugdhulpinstellingen schreven in 2018 rode cijfers. Dat is bijna 30 procent meer dan het jaar ervoor, toen nog 47 organisaties verlieslijdend waren. Dat blijkt uit onderzoek naar de jaarcijfers van 268 jeugdhulpinstellingen dat is gedaan door Intrakoop, een corporatie die honderden zorginstellingen door het hele land helpt bij het inkopen van bijvoorbeeld eten, software en medicijnen.

‘Alarmerend’

Jeugdzorg Nederland noemt de vele rode cijfers ‘alarmerend’. ,,Het is extra zorgwekkend omdat juist die instellingen in financiële nood zitten die de meest specialistische zorg leveren, die anderen niet bieden’’, benadrukt woordvoerder Eva de Vroome. Het gaat volgens de brancheorganisatie bijvoorbeeld om instellingen die zorg bieden aan pleegkinderen en aan jongeren die ‘een gevaar vormen voor zichzelf of voor anderen en die nergens anders op hun plek zijn’.

Als rode cijfers zich twee à drie jaar voortzet­ten, kun je op je vingers natellen dat het mis gaat, aldus Harald Bresser, Intrakoop.

Met het omvallen van de Brabantse jeugdzorginstelling Juzt is al een van de grotere instellingen door zijn hoeven gegaan. Vorige week ketste weer een overname af van de  organisatie die zorg biedt aan 1800 jongeren. Dit weekend werd bekend dat de Gelderse instelling Pluryn zo ernstig in de financiële problemen zit dat het zijn deuren wil sluiten voor schrijnende, acute gevallen.

Accountants sluiten faillissementen niet uit. ,,Als rode cijfers zich twee à drie jaar voortzetten, kun je op je vingers natellen dat het mis gaat’’, voorspelt Harald Bresser van Intrakoop. Volgens financiële experts is bijna de helft van de jeugdzorginstellingen ‘kwetsbaar’ omdat er te weinig geld in kas is. Dit komt ook doordat personeelskosten hoger uitvallen, vanwege een schrijnend tekort aan personeel.

Het kabinet heeft in de voorjaarsnota al een miljard euro extra uitgetrokken voor de jeugdzorg: 420 miljoen voor dit jaar en 300 miljoen in 2020 en 2021.

Gemeenten zijn sinds 2015 verantwoordelijk voor de jeugdzorg, maar moesten dat wel met 15 procent minder budget doen. De tarieven die met gemeenten zijn afgesproken, blijken nu ook steeds minder kostendekkend te zijn. In eerste instantie werkten veel gemeenten samen in jeugdzorgregio’s, maar inmiddels hebben die allemaal hun eigen regels opgesteld. Dat leidt vooral voor grote, gespecialiseerde instellingen die voor veel verschillende gemeenten leiden tot hoge administratiekosten.

1 miljard ‘organisatiekosten’

Ruim een miljard euro gaat in de jeugdzorg op aan ‘organisatiekosten’, staat in een analyse die vandaag verschijnt. Dat is bijna een derde van het totale budget.

Organisatieadviesbureau Berenschot kwam recent tot de conclusie dat ruim 1 miljard in de jeugdzorg opgaat aan ‘organisatiekosten’, dat is bijna 30 procent van het totale jeugdzorgbudget van 3,7 miljard euro. Accountantskantoor Verstegen uit Dordrecht, dat ook meewerkte aan de analyse die vandaag verschijnt en huisaccountant is van honderd jeugdzorginstellingen, bevestigt de rekensom van Berenschot.

Die instellingen zijn samen goed voor een omzet van 2,5 miljard euro. In 2017 boekten deze organisaties samen een resultaat van 46 miljoen, in 2018 was nog 33 miljoen over. Van de zestig organisaties die vorig jaar rode cijfers schreven, kampten er twintig in 2017 ook al met een verlies.

De onderzochte instellingen hadden eind 2018 ruim 1100 vacatures, 4 procent meer dan in 2017. Het aantal vacatures dat langer dan drie maanden openstaat zonder een geschikte kandidaat te hebben gevonden, steeg zelfs met meer dan een derde ten opzichte van een jaar eerder. Door het schrijnende personeelstekort waren organisaties ook veel meer geld kwijt aan het inhuren van extern personeel. Daar werd met 156 miljoen euro 13,5 procent meer voor neergeteld.

GroenLinks-Kamerlid Lisa Westerveld vroeg Zorgminister Hugo de Jonge middels Kamervragen al om opheldering. Zij vraagt zich af of het klopt dat er nu pas voor het eerst de totale kosten voor het coördineren van de jeugdzorg zijn berekend en waarom dat dan niet eerder is gedaan. Ook vraagt ze of de minister het percentage, net als de onderzoekers, hoog vindt. De minister heeft laten weten tijd nodig te hebben om die vragen te beantwoorden.

‘Geen bijdrage aan betere zorg’

Volgens hoogleraar Organisatie van de Gezondheidszorg Richard Janssen van de Erasmus Universiteit Rotterdam en Universiteit van Tilburg is het overdoen van de zorg naar de gemeenten ‘gepaard gegaan met de reflex: ‘nu we verantwoordelijk zijn, gaan we ook ons eigen beleid maken’. Dat is volgens hem ‘begrijpelijk’, maar leidt tot veel kosten en allerlei verschillende regels ‘die niet per se bijdragen aan betere zorg’.

Verschillende Zuid-Hollandse jeugdinstellingen slepen gemeenten voor de rechter omdat ze de tarieven van de gemeente te laag vinden. Zij stellen: ‘Onder deze voorwaarden gaan we failliet’. Volgende week doet de rechter uitspraak. Een advocaat van Curium, een academisch centrum voor kind- en jeugdpsychiatrie, reageerde verbijsterd: ,,Er wordt een berekening gemaakt van de productiviteit, daar wordt een wiskunde op losgelaten die werkelijk is losgezongen van de realiteit.’’

Eerder deze maand werd ook al duidelijk dat elf ziekenhuizen in Nederland er slecht voor staan. Ook al deden ziekenhuizen het financieel iets beter dan vorig jaar, ‘het gevreesde zorginfarct’ is volgens accountants ‘niet afgewend’.

© Sem van der Wal / ANP Jeugdzorgwerkers staakten afgelopen september voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis.

Kwart jeugdzorginstellingen draait met verlies

MSN 21.10.2019 De omzet in de jeugdzorg is vorig jaar gestegen en het aantal cliënten is toegenomen. Toch zit bijna een kwart van de instellingen in de rode cijfers

Lees ook:

Kinderrechters luiden noodklok: kinderen in gevaar door gebrek jeugdzorgwerkers

Dit komt onder andere omdat tarieven niet kostendekkend zijn, personeel duurder wordt door de krappe arbeidsmarkt en de vraag naar zorg toeneemt.

Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van 268 jeugdzorgorganisaties uitgevoerd door inkoopcoöperatie Intrakoop in samenwerking met accountantskantoor Verstegen. Intrakoop is een inkoopcoöperatie voor zorginstellingen en heeft ongeveer zeshonderd leden door het land.

In 2015 is de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg overgegaan van de Rijksoverheid naar de gemeenten. De overgang ging gepaard met een bezuiniging van 15 procent en heeft bijgedragen aan de financiële druk op de sector, concludeert Intrakoop.

Lees ook:

Jeugdzorgers leggen werk neer: ‘Gevaarlijke situaties door wachtlijsten’

13 miljoen minder nettoresultaat

De totale omzet van de onderzochte instellingen bedroeg afgelopen jaar circa 2,5 miljard euro, 200 miljoen meer dan een jaar eerder. Hoewel de omzet met 6,4 procent steeg, en het aantal cliënten met 5,4 procent, daalde het nettoresultaat met 13 miljoen naar 33 miljoen euro.

In september staakten veel jeugdzorgwerkers vanwege de crisis in de jeugdzorg. Ze zeiden dat er 950 miljoen euro nodig was om de administratiedruk te verlagen en arbeidsvoorwaarden te verbeteren. Het was voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis dat medewerkers uit de jeugdzorg het werk neerlegden.

RTL Nieuws; Jeugdzorg  Bureau Jeugdzorg 

Brief voor ex-zorgmedewerkers: kom terug!

NOS 17.10.2019 Zo’n 3000 mensen die in het verleden in de zorg hebben gewerkt, krijgen vandaag een brief in de bus van de ministers De Jonge en Bruins van Volksgezondheid. Zij willen de oud-zorgmedewerkers interesseren voor een terugkeer. De sector kampt met een groot tekort aan personeel.

Op dit moment zijn er ruim 30.000 vacatures in de zorg. Bovendien komen er, mede door de vergrijzing, steeds meer patiënten bij. Het RIVM heeft al berekend dat over een tijdje 1 op de 4 werkenden een zorgmedewerker zou moeten zijn.

Verpleegkundigen en verzorgenden

De geadresseerden hebben pensioen opgebouwd bij pensioenfonds Zorg en Welzijn. Dat fonds stuurt de brief van de ministers door, uit betrokkenheid bij de sector. Alle geadresseerden hebben minstens drie jaar in de zorg gewerkt en zijn niet langer dan tien jaar weg. De campagne is vooral gericht op verpleegkundigen en verzorgenden.

“Misschien verlangt u nog wel eens terug naar de zorg? Overweegt u een terugkeer, dan biedt de sector vele kansen en mogelijkheden”, aldus Minister De Jonge in zijn brief aan de ex-zorgmedewerkers.

Als onderdeel van de campagne wordt vandaag ook een vacaturewebsite gelanceerd. Ex-zorgmedewerkers die zich daar aanmelden, krijgen gratis loopbaanadvies. Ook bijscholing is mogelijk.

De campagne is volgens de bewindspersonen van VWS een succes als ten minste 5 procent van de ontvangers van de brief in actie komt. In dat geval wordt de brief ook naar alle andere 108.000 ex-zorgmedewerkers gestuurd.

Bekijk ook;

Verplaatsen afspraken ‘nog niet nodig’ voor staking ziekenhuispersoneel

NU 17.10.2019 Mensen die op 20 november een afspraak hebben in het ziekenhuis, hoeven nog geen concrete actie te ondernemen. Dat melden vakbonden CNV en FNV. De vakbonden kondigden donderdag, samen met FNV, FBZ en NU’91, een landelijke staking aan.

De ziekenhuizen draaien op 20 november zogeheten zondagsdiensten, waarbij het personeel het werk neerlegt voor niet-spoedeisende zaken. Spoedeisende afspraken gaan gewoon door, niet-spoedeisende afspraken worden verplaatst. “Als iemand bijvoorbeeld voor een nierdialyse naar het ziekenhuis moet, dan wordt dat niet zomaar afgezegd”, meldt Joost Veldt van vakbond CNV.

“De kans dat de patiënten er last van krijgen, als de staking doorgaat, is natuurlijk heel groot”, zegt Wouter van der Horst van de branchevereniging Nederlandse Verenigingen van Ziekenhuizen (NVZ). “We kunnen niet inschatten hoeveel mensen getroffen worden door de staking, maar omdat het zo ver van tevoren wordt aangekondigd, kan je tijdig maatregelen nemen om afspraken te verzetten.”

Toch is het nog niet nodig om afspraken te verzetten, meent Van der Horst. Vóór de actie plaatsvindt, wil de NVZ nog gesprekken voeren met de vakbonden. Beide partijen hopen dan tot een akkoord te komen.

Het is daarnaast nog niet bekend welke ziekenhuizen meedoen aan de staking. De vakbonden moeten dit nog inventariseren. “Te zijner tijd horen de mensen of de actie ook plaats gaat vinden in hun ziekenhuis en op de afdeling waar ze moeten zijn. Het is nu dus nog niet nodig om afspraken te verzetten of af te zeggen”, aldus Veldt van CNV.

Annika Heerekop van vakbond FNV beaamt dit: “Hoewel patiënten wel wat gaan merken van de staking, is het nog voorbarig om te zeggen dat afspraken worden afgezegd of verplaatst.”

‘Ziekenhuispersoneel moet na 20 november 2019 tandje bijzetten’

Als er afspraken worden afgezegd voor de staking, moeten deze opnieuw worden ingepland. Hoelang de mensen hierop moeten wachten, kan Veldt niet zeggen. “Dat verschilt per ziekenhuis. Het gevolg van de staking is dat het ziekenhuispersoneel na 20 november nog even een tandje bij moet zetten.”

Voorlopig hebben de vakbonden de actie alleen gepland om de werkgever onder druk te zetten. “We hopen natuurlijk dat deze staking niet nodig gaat zijn, en dat we voor die tijd een akkoord bereiken”, zegt Veldt.

Lees meer over: Zorg   Binnenland

NZa: gezamenlijke actie nodig voor toegankelijke en betaalbare zorg

NZA 18.10.2019 Iedereen moet zich verzekerd voelen van goede zorg als dit nodig is. Daarom is het belangrijk dat de zorg betaalbaar en toegankelijk blijft. Hierover maakt de NZa zich grote zorgen. In de ‘Stand van de zorg‘ constateren we dat de kosten hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen. Het knelt.

Het is belangrijk dat partijen de krachten bundelen. Welke zorg, ‘waar’ en ‘door wie’ we de zorg laten geven moet opnieuw bekeken worden. Dit jaar gaven we voor het eerst meer dan 100 miljard uit aan zorg. Daar krijgen we veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.

In onze jaarlijkse ‘Stand van de zorg’ constateren we dat de zorgkosten stijgen door onder meer de vergrijzing en het personeelstekort. We zien dat er stappen worden gezet om de kostenstijging in de hand de houden. We constateren dat er veel initiatieven en beleidsvoornemens zijn. En dat is goed. Maar de resultaten zijn nog te mager.

Er zijn afspraken gemaakt over taakherschikking en verplaatsing van zorg, preventie en innovatie. Maar de resultaten laten nog teveel op zich wachten.  We kunnen gezamenlijk de zorgvraag in kaart brengen. Eenvoudige zorg kan verschuiven van de tweede naar de eerste lijn. Er is behoefte aan een versterking van de eerstelijnszorg. We monitoren deze afspraken en brengen verslag uit over wat goed gaat en beter kan. Als de bekostiging een belemmering vormt voor het maken van afspraken daarover, is de NZa bereid om dat aan te passen.

De NZa is de marktmeester in de zorg. Daarom reguleren wij, houden we toezicht en doen we onderzoek. “Verandering moet, maar veranderen is moeilijk. Voor de organisatie en de mensen die er werken. Dat vraagt om een voorspelbaar proces van vernieuwing en goede communicatie met alle betrokkenen”, aldus bestuursvoorzitter Marian Kaljouw.

De NZa brengt jaarlijks een ‘Stand van de zorg’ uit. Daarin schetst zij de ontwikkelingen in de gezondheidszorg van het afgelopen jaar. En kijkt zij vooruit. Bij de NZa werken ruim 500 medewerkers voor goede, toegankelijke en betaalbare zorg.

Hoort bij; Farmaceutische zorg Geboortezorg Geestelijke gezondheidszorg (ggz) en Forensische zorg (fz) Geboortezorg Huisartsenzorg Kortdurende zorg Langdurige zorg Medisch-specialistische zorg Mondzorg Paramedische zorg Wijkverpleging Zorgverzekeraars

 

NZa: aanpak zorgproblemen levert te weinig op

MC 18.10.2019 Het is mooi dat er zoveel initiatieven en plannen zijn om de kostenstijgingen in de zorg te beperken, maar ze leveren nog te weinig op. Dat zegt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) in haar jaarlijkse publicatie ‘Stand van de zorg’. De organisatie is ongerust.

‘Iedereen moet zich verzekerd voelen van goede zorg als die nodig is. Daarom is het belangrijk dat de zorg betaalbaar en toegankelijk blijft. Hierover maakt de NZa zich grote zorgen. In “Stand van de zorg” constateren we dat de kosten hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen. Het knelt’, aldus de organisatie.

De resultaten van afspraken over taakherschikking en verplaatsing van zorg, preventie en innovatie laten nog te veel op zich wachten, aldus de NZa. ‘Er is behoefte aan een versterking van de eerstelijnszorg. We monitoren deze afspraken en brengen verslag uit over wat goed gaat en wat beter kan. Als de bekostiging een belemmering vormt voor het maken van afspraken daarover, is de NZa bereid om dat aan te passen’, laat de zorgautoriteit vandaag weten.

Dit jaar gaven we voor het eerst meer dan 100 miljard euro uit aan zorg, brengt de autoriteit in herinnering. ‘Daar krijgen we veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.’

Lees ook;

Meeste zorgkosten in het ziekenhuis 04 december 2018

Voer de kostprijs weer in 11 september 2019

Zorgkosten stegen vorig jaar met 3 miljard 21 juni 2019

 

NZa: aanpak zorgproblemen levert te weinig op

SkiPR 18.10.2019 Het is mooi dat er zoveel initiatieven en plannen zijn om de kostenstijgingen in de zorg te beperken, maar ze leveren vooralsnog te weinig op. Dat zegt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) in haar publicatie Stand van de Zorg. De organisatie is ongerust.

“Iedereen moet zich verzekerd voelen van goede zorg als die nodig is. Daarom is het belangrijk dat de zorg betaalbaar en toegankelijk blijft. Hierover maakt de NZa zich grote zorgen. In de Stand van de zorg constateren we dat de kosten hard stijgen. Bij ongewijzigd beleid wordt de zorg onbetaalbaar en dus ook minder toegankelijk voor iedereen. Het knelt”, aldus de organisatie.

Het is belangrijk dat goed wordt bekeken wie waar welke zorg geeft en dat krachten worden gebundeld, stelt de autoriteit. Eenvoudige zorg kan verschuiven van de tweede naar de eerste lijn, aldus de NZa, maar de eerstelijnszorg heeft intussen ook behoefte aan versterking. Eerstelijnszorg wordt geboden door bijvoorbeeld de huisarts. Voor toegang tot de tweede lijn is een verwijzing nodig.

Dit jaar gaven we voor het eerst meer dan 100 miljard uit aan zorg, brengt de autoriteit in herinnering. “Daar krijgen we veel voor terug: de kwaliteit van zorg in Nederland is hoog.” (ANP)

Trefwoorden; Eerstelijnszorg , NZa , Kwaliteit ,

 

oktober 19, 2019 Posted by | bezuinigingen, NZA, ouderenzorg, personeelstekort, politiek, Stand van de zorg, Verpleeghuis, ziekenhuis, ziekenhuizen, Zorg, zorginstellingen | , , , , , , , | 2 reacties

Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 16

AD 01.07.2019

Het gaat beter met de ouderenzorg !!

In ruim driekwart van de verpleeghuizen ervaren hulpbehoevende ouderen dat ze begrip en respect krijgen van medewerkers. Dat constateert de zorginspectie na recente bezoeken aan 300 organisaties door heel Nederland. Volgens de waakhond staan de wensen van bewoners bij het leeuwendeel van de huizen inmiddels bovenaan.

Telegraaf 09.10.2019

AD 09.10.2019

AD 02.07.2019

Na jarenlange bezuinigingen betekende een manifest van Hugo Borst en Carin Gaemers drie jaar terug een ommekeer voor de verschraalde verpleeghuiszorg. De politiek omarmde hun wens voor extra zorgpersoneel plus de benodigde zak geld. Ook moest voor bewoners gaan gelden: aandacht is net zo belangrijk als verzorging en veiligheid. De verpleeghuizen gingen in 2017 aan de slag met nieuwe kwaliteitseisen.

AD 09.09.2019

Nieuw manifest De Tien Geboden

Voor kwetsbare ouderen is er welliswaar 2,1 miljard euro extra bij gekomen, maar in drie jaar tijd gaat het slechts ietsiepietsie beter beter in de ouderenzorg. Daarom hebben Wanda de Kanter, Carin Gaemers en Hugo Borst een nieuw manifest gemaakt: De Tien Geboden voor de zorg voor ouderen die vanwege dementie in het verpleeghuis zitten.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het klinkt zo logisch, maar toch is dit het tweede gebod uit de tien die Kanter, Gaemers en Borst afgelopen zaterdag publiceerden. Want ondanks de extra miljoenen (en uiteindelijk miljarden) die naar de ouderenzorg gaan, blijkt de situatie in verpleeghuizen slechts ‘een ietspietsie beter’. ,,Dat het logisch klinkt, maar niet gebeurt, maakt deze situatie zo verschrikkelijk”, reageert Carin Gaemers.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

AD 01.07.2019

Sindsdien toetst de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd de kwaliteit van verpleeghuiszorg anders. Boven alles geldt of een bewoner zorg op maat krijgt. Voor het eerst is, na honderden inspecties de afgelopen twee jaar, het net opgehaald. En het goede nieuws is: bij veruit de meeste zorgorganisaties (circa 78 procent) kennen medewerkers de bewoner en zijn wensen en behoeften.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Niet alles op rolletjes

De beweging naar betere verpleeg­huis­zorg zet zich volop door en dat is mooi. Maar er zijn ook nog flinke stappen te zetten, aldus Minister De Jonge (Volksgezondheid).

Hoewel de genomen maatregelen dus hun vruchten lijken af te werpen, gaat het nog lang niet op alle vlakken goed. Bij veel zorgorganisaties worden te weinig medewerkers ingezet of ontbreekt het aan deskundigheid, concludeert de inspectie. Bij 43 procent van de bezochte instellingen is dat laatste het geval. De inspectie tekent daarbij aan dat het nog altijd lastig is om personeel te vinden.

AD 31.08.2019

AD 30.08.2019

AD 21.08.2019

Ook wordt lang niet altijd een professionele afweging gemaakt over welke zorg mensen nodig hebben; in 47 procent van de gevallen constateert de inspectie hierop tekortkomingen. Het bijhouden van het dossier van bewoners is een nog groter probleem. Bij zo’n twee derde van de instellingen wordt dit niet goed gedaan.

Om de situatie te verbeteren, is vereist dat medewerkers functioneren in “een veilige cultuur, waarin de zorgmedewerker open kan zijn over zijn twijfels en dilemma’s”,stelt de inspectie. Een kwart van de bezochte verpleeghuizen voldoet daar nog niet aan.

Op www.igj.nl/verpleeghuiszorginbeeld zijn de landelijke resultaten te zien van de toezichtbezoeken. Daarnaast is op de site van de inspectie op een overzichtskaart te zien welke instellingen er bezocht zijn en wat de bevindingen van de inspectie op deze locaties waren.

Problemen bij de jeugdzorg

Van de ongeveer duizend meldingen van seksueel, fysiek en psychisch geweld in de jeugdzorg kunnen maar zes meldingen in een daadwerkelijke aangifte resulteren. De rest van de zaken is verjaard, blijkt uit gegevens van het Openbaar Ministerie die dagblad Trouw heeft opgevraagd.

Secretaris Christiaan Ruppert van de commissie-De Winter, die het onderzoek hiernaar uitvoerde, noemt de zes gevallen “een magere oogst”. Met de verjaarde zaken kan juridisch niets meer gedaan worden.

De verjaringstermijn voor fysiek geweld tegen kinderen is 12 tot 20 jaar. Die gaat in als het slachtoffer 18 jaar geworden is.Tijdens het onderzoek naar geweld in de jeugdzorg sinds 1945 door commissie-De Winter werd een meldpunt voor slachtoffers geopend. Daar kwamen zo’n duizend meldingen binnen. Zeventien meldingen zijn door de commissie voorgelegd aan het OM voor een verjaringstoets. Elf bleken verjaard. De overige zes melders zouden aangifte kunnen doen.

Maar dan is het de vraag of er tot vervolging kan worden overgegaan. Dat is afhankelijk van de feiten en omstandigheden, meldt de krant. De zaken die nu in aanmerking komen zijn maximaal 20 jaar oud. Over de meldingen is verder niets bekend.

Bekijk ook;

Fraude bij zorgaanbieders

Een deel van de Nederlandse zorgaanbieders fraudeert mogelijk met hun declaraties. 97 grote zorgaanbieders boekten in 2017 samen 51,7 miljoen euro winst. Dat is veel meer dan je zou verwachten op basis van hun bedrijfsvoering.

Journalisten van Pointer,Reporter Radio en Follow the Money bekeken de jaarrekeningen van 1.959 grote zorginstellingen in de geestelijke gezondheidszorg, gehandicaptenzorg en thuiszorg. 97 instellingen boekten gemiddeld 20,8 procent winst, terwijl twee tot drie procent in de sector normaal is. Thuiszorgorganisatie Anahid spande de kroon: daar werd bijna 67 procent winst geboekt.


AD 06.07.2019

Onlangs beschreef Follow the Money hoe handige ondernemers een fikse winst in de zorg kunnen opstrijken. Anahid kreeg in dat stuk een bijzondere vermelding: over het boekjaar 2017 maakte het bedrijf namelijk een winst van 66,8 procent. Dergelijke winsten zijn absurd hoog: in 2016 was het gemiddelde resultaat in de thuiszorg vóór belasting 3,9 procent.

Incidenteel kan een hogere winst dan normaal geboekt worden, bijvoorbeeld door subsidies of verkoop van een bedrijfsonderdeel. Voor de 97 zorgbedrijven is de hoge winst echter structureel en niet eenvoudig te verklaren, aldus de onderzoekers.

  Eric Smit @EricChrSmit

Ons dossier ‘Zorgcowboys’ krijgt vanaf morgen een vervolg. Eerst in de rechtbank, dan op internet, radio en televisie samen met @ReporterRadio1 en @pointer_kroncrv. Het gaat om “ondernemers” die excessieve winsten opstrijken in de zorg https://www.ftm.nl/artikelen/anahid-cijfers?utm_medium=social&utm_campaign=Eric-Smit&utm_source=twitter … via @ftm_nl

Hoe een zorgondernemer 66,8 procent winst maakte

Thuiszorgorganisatie Anahid uit Almelo kwam in opspraak nadat Follow the Money ontdekte dat het bedrijf vorig jaar 66,8 procent winst maakte. Terwijl directeur Nver Dermovsesian tonnen aan dividend…

ftm.nl

‘Onrechtmatig’ 

Jeroen Suijs, hoogleraar Financial Accounting aan de Erasmus Universiteit en Harrie Verbon, hoogleraar Openbare Financiën aan de Universiteit van Tilburg denken dat de hoge winsten zijn veroorzaakt doordat de gedeclareerde zorg niet volledig is geleverd. Dat betekent dat de winsten van deze bedrijven misschien niet altijd rechtmatig tot stand zijn gekomen.

174 zorgbedrijven maakten in 2017 een winst van meer dan tien procent. Volgens experts is die tien procent de grens. Je zou meer winst dan andere bedrijven kunnen maken door efficiënter te werken. Meer dan tien procent winst is echter vreemd omdat het vooral gaat om personeelskosten en die zijn niet makkelijk te reduceren. “Dan is er vaak iets vreemds aan de hand,” concludeert Pointer.

Vriendjespolitiek

De 174 grote zorgbedrijven boekten een gezamenlijke winst van 112 miljoen euro en hadden een omzet van 634 miljoen. Zorgverzekeraar DSW vindt dat er verder onderzoek naar de bedrijven gedaan moet worden. “Een normale zorgaanbieder kan deze diensten leveren met ongeveer twee tot drie procent winst. Is dat hoger, dan is er iets niet in orde”, zegt Aad de Groot, voorzitter van de raad van bestuur van DSW tegen Pointer.

De Raad van Toezicht hoort de winstpercentages in de jaarrekening te controleren. “Bij een aantal bedrijven hebben wij ontdekt dat deze Raad van Toezicht uit vrienden of familie van de eigenaar van de zorginstelling bestaat,” schrijven de onderzoekers.

Winstuitkering van 5,1 miljoen

Uit het onderzoek blijkt ook dat in 46 gevallen winst werd uitgekeerd aan aandeelhouders van de zorgbedrijven. Het gaat om een bedrag van in totaal 21,8 miljoen euro. De uitkering was bij Faveo Zorg uit Rotterdam het hoogst: 5,1 miljoen euro.

Een van de in het onderzoek genoemde organisaties, Thuiszorg Naborgh, probeerde via de rechter de publicatie van het onderzoek te voorkomen. De rechter gaf de media echter gelijk.

Gemeenteraads- en Kamervragen

Na onze publicatie ontstond lichte commotie in de gemeenteraad van Almelo: hoe kon een onderneming gefinancierd met publiek geld in hemelsnaam zoveel winst maken? De SP, GroenLinks, de PvdA en Leefbaar Almelo vroegen wethouder Eugène van Mierlo gezamenlijk om opheldering. Ook de PVV stelde vragen, en wilde onder meer weten of alle gedeclareerde zorg daadwerkelijk aan de cliënten is geleverd.

De kwestie van hoge winsten in de thuiszorg, en van Anahid in het bijzonder, sijpelde door naar andere gemeenten in de regio. De PvdA-afdelingen in Dinkelland, Hof van Twente, Hengelo en Enschede stuurden hun gemeentebesturen een brief. ‘Wat wordt er gedaan om exorbitante winstuitkeringen in de thuiszorg te bestrijden?

Wij willen zo snel mogelijk weten waar dit soort uitvreters actief zijn en hoe we van ze afkomen.’ Ook de landelijke politiek roerde zich. PvdA-Kamerlid John Kerstens stelde vragen aan Bruno Bruins, minister voor Medische Zorg: ‘Deelt u de opvatting dat het zeer onwenselijk is dat er financiële winsten worden gemaakt met belastinggeld dat bedoeld is voor goede, betaalbare zorg?’

Anahid heeft zelf een raming gepubliceerd van de verdeling van arbeidsuren per financieringsstroom in 2017. Volgens die berekening wordt 54 procent van de totale fte’s (11) ingezet voor werk dat vergoed wordt uit de ZVW. Afgerond komt dat neer op 6 fte.

Een uurtarief van 50 euro voor wijkverpleging en persoonlijke verzorging is voor een organisatie van Anahids omvang een ruimhartige schatting. Wanneer je de omzet deelt door dat uurtarief, zou Anahid in 2017 bij verzekeraars 20.313 uren hebben gedeclareerd.

De netto inzetbaarheid in de wijkverpleging is per fte standaard ongeveer 1600 uur. Met 6 fte komt de maximale inzetbaarheid van Anahids medewerkers gezamenlijk uit op 9600 uur per jaar: nog niet de helft van het aantal uren dat het bedrijf daadwerkelijk heeft gedeclareerd. Bovendien: inzetbare uren staan niet gelijk aan declarabele uren.

Een thuiszorgonderneming mag alleen ‘zorg achter de deur’ in rekening brengen. Reistijd, werkoverleg en regeltaken zijn niet declarabel. In de wijkverpleging bedraagt de declarabele productiviteit van een werknemer ongeveer 65 procent, op voorwaarde dat de organisatie efficiënt werkt. Meestal begroten organisaties in de verpleging en thuiszorg de declarabele uren op 60 procent van de arbeidstijd.

De druk op de Anahid neemt toe: de lokale politiek eist opheldering over Dermovsesians bedrijfsvoering. Ook de Coöperatie Dichtbij – waarin 60 zorgorganisaties en ruim 160 zelfstandige zorgverleners zijn verenigd, ook Anahid is aangesloten – kondigt een onderzoek aan. Via Dichtbij krijgen acht mensen zorg van Anahid.

Rotte appels

Eerst veroordeeld zijn voor oplichting of poging tot doodslag, dan als bestuurder verantwoordelijk worden voor de besteding van zorggeld. Dat klinkt misschien vreemd, maar is allerminst ongewoon. Dat blijkt uit onderzoek van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). De organisatie keek naar de voorgeschiedenis van 53 zorgbestuurders die betrokken waren bij fraudezaken. Dertig van hen bleken al een strafblad te hebben. Hoe kunnen zulke rotte appels toch op zo’n plek komen?

Vooropgesteld: zeker niet alle zorgaanbieders zijn fout. Het IKZ keek in dit onderzoek naar bekende fraudegevallen en dook vervolgens in de geschiedenis van betrokken bestuurders. Als het aan het IKZ-directeur Annemiek van der Laan ligt, komt er op korte termijn extra onderzoek onder een grotere groep. “Dan kunnen we ook kijken naar de voorgeschiedenis van zorgbestuurders die niet worden verdacht van fraude”.

Opvallend in het kleinschalige onderzoek is volgens Van der Laan wel dat de frauduleuze zorgaanbieders vaak actief zijn bij instellingen voor beschermd en begeleid wonen. “Dat kan een indicatie zijn dat het daar gemakkelijker is om zorggeld voor andere doeleinden te gebruiken”, zegt ze. Volgens haar moet ook daar meer onderzoek naar gedaan worden. “Hoe ziet die fraude eruit en wat is de impact op de patiënten? En vooral: hoe kun je het voorkomen?”

Geen check aan de voorkant

Over dat laatste wordt al jaren gesproken. Want dat de zorg relatief gevoelig is voor fraude, is niet nieuw. Voor het starten van een zorgbedrijf heb je alleen een inschrijving bij de Kamer van Koophandel nodig. Een grondige check, in de vorm van bijvoorbeeld een Verklaring Omtrent het Gedrag of diploma’s, is er niet. Bovendien zijn nieuwe zorgaanbieders bijna nooit op de hoogte van de kwaliteitseisen waaraan ze moeten voldoen, bleek vorig jaar uit onderzoek van de inspectie.

Pogingen om meer zicht te krijgen in de manier van opereren door nieuwe zorgaanbieders hebben nog weinig opgeleverd. Het Openbaar Ministerie noemt de aanpak van fraude met zorggeld al jaren een prioriteit. Probleem is dat er zich nieuwe fraudegevallen blijven voordoen zo lang er geen check aan de voorkant is.

Toenmalig minister Schippers van Volksgezondheid diende in 2017 een wetsvoorstel in om nieuwe zorgaanbieders vooraf te toetsen. Die wet ligt nog in de Tweede Kamer. Een andere wet, de Wet bevorderen samenwerking en rechtmatige zorg, is nog niet in behandeling genomen, terwijl de periode waarin burgers en instellingen hun mening konden geven vandaag precies een jaar geleden afliep. En een door Zorgverzekeraars Nederland en de Vereniging Nederlandse Gemeenten geïnitieerd waarschuwingsregister laat op zich wachten, omdat de juridische basis daarvoor is vastgelegd in een van de wetsvoorstellen.

‘Hoge toetredingsdrempel’

Ook Van der Laan erkent dat het moeizaam gaat. Ze wijt dat mede aan de discussie rond privacy en het delen van informatie. “Een hele complexe discussie”, zegt ze daarover. Zo is onder meer artsenfederatie KNMG bang dat zorgaanbieders onterecht of te snel als fraudeurs worden bestempeld. Ook zijn er zorgen over het medisch beroepsgeheim. Zorgverzekeraars Nederland wil juist “een hoge toetredingsdrempel en hardere afwijzingsgronden in een zo vroeg mogelijk stadium”, zegt een woordvoerder.

Minister De Jonge, die het in 2017 overnam van Schippers, zei in april nog dat het uitwisselen van informatie een belemmering is bij de opsporing van fraude. Volgens hem wordt de wet die dat moet verbeteren begin volgend jaar aan de Kamer voorgelegd.

Aan urgentie ligt het niet, verzekert Van der Laan. Volgens haar zijn alle bij het IKZ betrokken instanties (onder meer inspecties, verzekeraars, gemeenten en Openbaar Ministerie) erop gebrand de fraude aan te pakken, het liefst aan de voorkant. Zelf wil ze op korte termijn beginnen met het vervolgonderzoek. “Dat zou nog dit jaar kunnen.”

Bekijk ook;

Inval van de recherche Zorgfraude en FIOD in Assen (archief oktober 2016) RTV Drenthe

Bij Zorgfraude zijn vaak bestuurders betrokken die een strafblad hebben en die vaak ook veroordeeld zijn. Dat blijkt uit een onderzoek (.pdf) van het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ).

Het IKZ onderzocht 53 bestuurders in 41 zaken waarin sprake was van zorgfraude. Dertig van hen (57 procent), bleek een juridisch dossier te hebben. Daarvan zijn 25 personen veroordeeld, één zaak loopt nog en vier bestuurders zijn niet veroordeeld. Het gaat geregeld om meerdere veroordelingen per bestuurslid en om uiteenlopende delicten, waaronder fraude, diefstal en geweldsdelicten.

Volgens IKZ wijzen de resultaten van het onderzoek in de richting van een verband tussen fraude in de zorg en bestuurders met een strafblad. Vooral bij bestuurders die zich richten op begeleid en beschermd wonen lijkt dit vaak voor te komen. De dertien in dit onderzoek betrokken bestuurders die dit type zorg aanbieden, hebben allemaal een juridisch dossier.

Het IKZ wil naar aanleiding van de resultaten een vervolgonderzoek doen met een meer representatieve onderzoeksgroep. Ook adviseert de organisatie onderzoek te doen naar de verschuiving van criminele activiteiten richting de zorg. Daarnaast kunnen de uitkomsten worden gebruikt als input voor de screening van zorgaanbieders door gemeenten, zorgverzekeraars en zorgkantoren.

lees: healthcheck ggz 22.07.2019

lees: kamerbrief over investeringsmogelijkheden kwaliteit en bedrijfsvoering van zorgaanbieders 09.07.2019

lees: uitkering van dividend door zorgaanbieders 17.06.2019

lees: advies over het reguleren van winstuitkering door zorgaanbieders 17.12.2018

lees: hoofdlijnen van de juridische analyse bijlage B

lees: hoofdlijnen van de praktijk en effectanalyse Bijlage A

Bekijk ook;

Zie ook: Zorgcowboys

Zie ook: Weer gedonder bij de Haagse Wijk- en Woonzorg HWW

Zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 15

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 14

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 13

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 12

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 11

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 10

zie ook: Meer geld vanwege gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 9

zie ook: Manifest gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 8

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 7

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: TSN / Vérian – Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 2 

zie ook: Gedonder in de Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook; Gerommel in de (semi)publieke sector – deel 3

zie ook: Gaat het gedonder in de Haagse zorg gewoon verder ???

zie ook: Manifest gedonder ook in de Haagse Zorg door bezuinigingen

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 6

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 5

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 4

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 3

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 2

zie ook: Gedonder in de Haagse Zorg door bezuinigingen – deel 1

Zie ook: De affaire Loek Winter versus Gerommel in de zorg

en zie verder ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg – deel 5

zie verder dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 4

en zie dan ook: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 3

zie dan verder ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 2

en zie dan ook nog: De affaire Meavita versus Loek Hermans VVD – Gerommel in de zorg deel 1

Kwetsbare ziekenhuizen kunnen loonsverhoging niet aan

Telegraaf 08.10.2019 Elf van de 64 ziekenhuizen scoren volgens BDO onvoldoende met hun financiële resultaten. Voor hen kan een naderende loonsverhoging een volgende dreun zijn. „Bij forse loonstijgingen wachten voor een deel van de ziekenhuizen zware verliezen.”

Dat zegt BDO-partner Chris van den Haak over de cao-onderhandelingen in de ziekenhuissector. Bonden vragen daar twee jaren 5% loonsverhoging, ziekenhuizen bieden ruim 3%. De ziekenhuizen worden volgend jaar voor 2,5% gecompenseerd. „Maar die compensatie is dus te laag”, stelt Vincent Eversdijk van BDO. „Als er uiteindelijk een forse loonsverhoging volgt, dan kunnen sommige ziekenhuizen dat niet aan. Het is daarom begrijpelijk dat de ziekenhuizenkoepel NVZ bij de minister om een extra bijdrage heeft gevraagd”, zegt Eversdijk.

Acties

De minister wees die vraag van NVZ-voorzitter Ad Melkert resoluut van de hand. Ondertussen voeren elke week in enkele ziekenhuizen medewerkers actie door zondagdiensten te draaien en dus alleen spoedzorg uit te voeren en andere behandelingen te verplaatsen.

Volgens BDO stegen personeelslasten vorig jaar al met 2,7%, deels doordat totale uitgaven aan externe inhuur opliepen van €389 miljoen tot €422 miljoen in een jaar tijd. Die personeelslasten kunnen nog sneller stijgen als in een nieuwe cao flinke loonsverhogingen worden afgesproken. „Loonkosten maken het overgrote deel uit van de lasten van ziekenhuizen.” BDO’er Van den Haak schetst een situatie waarbij personeel van financieel kwetsbare ziekenhuizen een flinke loonsverhoging krijgt, maar dat dit wel hun eigen ziekenhuis in de problemen brengt.

Onvoldoendes

Bij de financiële stresstest voor ziekenhuizen geeft BDO rapportcijfers voor de financiële situatie van ziekenhuizen (gebaseerd zich op de jaarcijfers van 2018). Elf van de 64 ziekenhuizen scoren onvoldoende. Dit zijn het Zuyderland, het Canisius-Wilhelmina, Dijklander Ziekenhuis, Ziekenhuisgroep Twente, Medisch Centrum Leeuwarden, Rivas Zorggroep, Zaans Medisch Centrum, Maasziekenhuis Pantein, HagaZiekenhuis, Ommelander Ziekenhuis en LangeLand Ziekenhuis.

Bij zeven van de elf was hun cijfer vorig jaar ook al onvoldoende. En vijf ziekenhuizen halen zelfs al drie jaar op rij onvoldoendes en tonen dus structureel slechte financiële cijfers. „Zij zijn financieel kwetsbaar”, zegt Van den Haak. Die laatste vijf zijn het Zuyderland, het Langeland Ziekenhuis, het Maassziekenhuis Pantein, het Ziekenhuisgroep Twente, en het Zaans Medisch Centrum).

Hoe scoort jouw ziekenhuis?

De beste cijfers (tienen) waren voor het Amphia Ziekenhuis, Streekziekenhuis Koningin Beatrix, Laurentius Ziekenhuis, Catharina Ziekenhuis, Máxima Medisch Centrum en Ikazia Ziekenhuis.

Kijk op deze interactieve kaart hoe het ziekenhuis bij jou in de buurt ervoor staat. De roodgekleurde icoontjes zijn onvoldoendes. Je kunt terugkijken tot 2011. Volgens Eversdijk is er geen reden om aan te nemen dat de zorg van patiënten van mindere kwaliteit is als de financiële resultaten ondermaats zijn.

’Beter dan vorig jaar’

Over alle ziekenhuizen samen is BDO wel positief. Vorig jaar waren er bijvoorbeeld nog meer onvoldoendes. Eversdijk: „De gemiddelde financiële situatie van ziekenhuizen verbetert. Maar dit is wel een gemiddelde. Een jaar een onvoldoende is niet meteen reden tot zorgen, als ziekenhuizen structureel slecht scoren, dan zitten ze duidelijk in de gevarenzone. Zeker gezien de druk op de personeelskosten die eraan komt. Stilzitten is dus geen optie.”

Volgens het BDO-rapport presteren middelgrote en grote ziekenhuizen doorgaans beter en laten ze een grotere resultaatsgroei zien dan kleine ziekenhuizen.

’Zorginfarct’

Vorig jaar waarschuwde BDO nog voor een zorginfarct door financiële problemen bij ziekenhuizen. Twee ziekenhuizen gingen in de herfst van 2018 failliet. Twee andere ziekenhuizen werden juist gered van een mogelijk bankroet. Volgens de accountant- en adviesorganisatie is die nog niet afgewend. Bij ziekenhuizen stijgen rendementen gemiddeld wat door lagere rentelasten, maar blijft het resultaat onder druk staan. Deels door steeds hogere kosten van personeel.

Verder wijst de organisatie erop dat bij alle ziekenhuizen de omzet groeit, gemiddeld met 3,5%. Hoofdlijnenakkoorden (waarin ziekenhuizen met zorgverzekeraars en overheid afspraken de groei te beperken) zitten volgens BDO dwars. BDO vraagt zich af of die groeibeperking reëel is en stelt dat de Hoofdlijnenakkoorden heroverwogen moeten worden.

’Perverse prikkels’

BDO denkt nog steeds dat een nieuwe businessmodel voor de ziekenhuizen nodig is. Daarbij moet een einde komen aan volumeprikkels, die zorgen dat het ziekenhuis meer verdient aan meer behandelingen. Eversdijk: „Die perverse prikkels moeten eruit.”

Elf ziekenhuizen in financiële problemen

MSN 08.10.2019 Elf Nederlandse ziekenhuizen hebben het financieel moeilijk. Zij krijgen een onvoldoende in het jaarlijkse onderzoek van accountant BDO naar alle 64 ziekenhuizen in Nederland.

Volgens het rapport zitten onder meer het Medisch Centrum Leeuwarden, het Zaans Medisch Centrum in Zaandam en het HagaZiekenhuis in Den Haag in de problemen.

Deze ziekenhuizen verkeren in zwaar weer

Zuyderland Sittard-Geleen 5
Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis Nijmegen 5
Dijklander Ziekenhuis Hoorn 5
Ziekenhuisgroep Twente Almelo/Hengelo 5
Medisch Centrum Leeuwarden Leeuwarden 5
Rivas Zorggroep Beatrixziekenhuis Gorinchem 5
Zaans Medisch Centrum Zaandam 5
Maasziekenhuis Pantein Beugen 5
HagaZiekenhuis Den Haag 5
Ommelander Ziekenhuis Groningen Groningen 4
LangeLand Ziekenhuis Zoetermeer 2

Lees ook:

Extra geld van kabinet voor cao ziekenhuizen is ‘noodzaak’

Het onderzoek gaat over 2018. Over het algemeen stonden de Nederlandse ziekenhuizen er toen iets beter voor dan een jaar eerder. “Ondanks deze kleine verbetering is het gevreesde zorginfarct niet afgewend. Het operationele resultaat stond onverminderd onder druk”, aldus BDO.

De account maakt zich zorgen. Ziekenhuizen krijgen minder investeringen, maar ze hebben juist extra geld nodig. “De zorgvraag blijft toenemen en zet de betaalbaarheid steeds meer onder druk. De wachtlijsten lopen op en er zijn personeelstekorten. Duurzaam betaalbare en uitvoerbare zorg is nog lang niet in zicht.”

Zes ziekenhuizen krijgen een 10 van BDO

Amphia Ziekenhuis Breda e.o. 10
Streekziekenhuis Koningin Beatrix Winterswijk 10
Laurentius Ziekenhuis Roermond 10
Catharina Ziekenhuis Eindhoven 10
Máxima Medisch Centrum Eindhoven 10
Ikazia Ziekenhuis Rotterdam 10

RTL Nieuws; Gezondheidszorg

Ziekenhuizen in Drenthe en Groningen schrappen 500 banen

MSN 01.10.2019 Minder patiënten betekent minder inkomsten en dus verdwijnen er 500 banen bij drie ziekenhuizen in het noorden van het land. De Treant Zorggroep dreigt verlies te maken en dus is de reorganisatie nodig.

“Gedwongen ontslagen proberen we zoveel mogelijk te voorkomen. Op dit moment kan ik dat niet helemaal uitsluiten”, zegt Rolf de Folter, voorzitter raad van bestuur van Treant Zorggroep tegen RTV Drenthe. Woordvoerder Stefan Wesselink bevestigt het nieuws aan RTL Z.

Het gaat om ziekenhuizen in Emmen, Hoogeveen en Stadskanaal, waar in totaal 2700 mensen werken.

9 miljoen winst 

De meeste banen verdwijnen in de zorg zelf, daar wordt 300 fte geschrapt. De andere 200 banen verdwijnen bij ondersteunende onderdelen van het bedrijf.

Vorig jaar boekte Treant overigens nog een winst van 9 miljoen op een omzet van 475 miljoen euro. De maatregel is volgens De Folter nodig omdat er in de toekomst minder patiënten naar de ziekenhuizen zullen komen.

Spoedeisende Hulp 

Dat heeft als oorzaak dat de Spoedeisende Hulpposten van de ziekenhuizen in Hoogeveen en Stadskanaal sluiten omdat er te weinig behandelingen per jaar gedaan worden én door een tekort aan personeel. “We kregen de roosters niet rond”, vertelt Wesselink.

Dat betekent ook dat inwoners van Hoogeveen en Stadskanaal verder moeten reizen als zij een Spoedeisende Hulppost willen bezoeken. Inwoners van Stadskanaal moeten bijvoorbeeld naar Emmen, Assen of Scheemda. Die posten liggen elk op ruim een half uur rijden van Stadskanaal.

Personeel dat zonder baan komt te zitten, kan vanwege datzelfde personeelstekort waarschijnlijk wel bij een ander ziekenhuis in de regio aan de slag, verwacht hij.

“De zorg blijft voor de regio behouden, dat is het goede nieuws, maar voor Treant is dit een boodschap met impact”, zegt hij. De zorggroep zal waarschijnlijk dit jaar weer in de min duiken, maar het getal van 17 miljoen dat circuleert in andere media klopt volgens hem niet.

Weer een manifest: ‘in verpleeghuizen gaat het slechts ietsiepietsie beter’

AD 08.09.2019 Voor kwetsbare ouderen is 2,1 miljard euro extra gekomen, maar in drie jaar tijd gaat het slechts ietsjes beter in de ouderenzorg. Daarom hebben Wanda de Kanter, Carin Gaemers en Hugo Borst een nieuw manifest gemaakt: De Tien Geboden voor de zorg voor ouderen die vanwege dementie in het verpleeghuis zitten.

‘Iedere bewoner die daartoe in staat is, komt dagelijks uit bed en wordt geholpen de dag aangenaam door te brengen. Er is altijd iemand die een oogje in het zeil houdt. Gedurende de dag is er regelmatig persoonlijk contact met een zorgverlener of begeleider. Langer dan twee uur zonder persoonlijk contact is onacceptabel.’

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het klinkt zo logisch, maar toch is dit het tweede gebod uit de tien die Kanter, Gaemers en Borst afgelopen zaterdag in NRC publiceerden. Want ondanks de extra miljoenen (en uiteindelijk miljarden) die naar de ouderenzorg gaan, blijkt de situatie in verpleeghuizen slechts ‘een ietspietsie beter’. ,,Dat het logisch klinkt, maar niet gebeurt, maakt deze situatie zo verschrikkelijk”, reageert Carin Gaemers.

Hugo Borst (rechts) en Carin Gaemers strijden al jaren voor betere zorg aan mensen met dementie. © ANP

Impact

Ze maken zich al jaren hard voor verbetering van de zorg aan mensen met dementie. Zelf hadden Gaemers en Borst een moeder in een verpleeghuis, waardoor ze ontdekten dat de bewoners niet de zorg kregen die ze nodig hadden.

Drie jaar geleden publiceerden ze een manifest in deze krant om de ouderenzorg te verbeteren. Dat had grote politieke impact, waardoor er miljoenen euro’s vrij kwamen om meer zorgpersoneel aan te nemen én een kwaliteitskader voor alle verpleeghuizen.

Je ziet dat die bestuur­ders hun oor niet goed genoeg te luister leggen op de werkvloer. Terwijl wij zeggen: het zorgperso­neel is de baas, aldus Hugo Borst, Opsteller De Tien Geboden.

Er blijken echter nog tal van zorginstellingen die niet aan die wettelijk vereiste kwaliteit voldoen. Vooral in grote organisaties gaat het mis, constateert het protesterende drietal. ,,Je ziet dat die bestuurders hun oor niet goed genoeg te luister leggen op de werkvloer.

Terwijl wij zeggen: het zorgpersoneel is de baas. Zij zien wat bewoners nodig hebben”, verklaart Borst. Volgens de opstellers van De Tien Geboden zorgen nog te veel werkgevers niet goed voor hun personeel. Met als gevolg dat het ziekteverzuim met 6,2 procent hoog is en het verloop van personeel met 17 procent groot.

Vertaling

De Tien Geboden zijn niet meer dan een vertaling van de kwaliteitseisen die de overheid aan de verpleeghuizen heeft opgelegd. ,,Het is jammer dat dit nodig is”, zegt Borst. Maar volgens het drietal kan (en moet) het in de ouderenzorg nog veel beter.

In de zorg voor dementeren­den zijn geen piekmomen­ten. Die mensen hebben altijd hulp nodig om structuur aan hun dag te geven, aldus Carin Gaemers, Opsteller De Tien Geboden.

Het blijkt bijvoorbeeld dat niet overal twee verzorgenden op een groep van acht ouderen zijn; dé opdracht die de ouderenzorg drie jaar geleden al kreeg om de persoonlijke aandacht voor bewoners te verbeteren. ,,Sommige zorgorganisaties sturen alleen maar op de processen en cijfers. Daar staat het grootste deel van de dag één iemand op een groep bewoners en komt er slechts een tweede persoon op de piekmomenten bij”, legt Gaemers uit.

,,Maar in de zorg voor dementerenden zijn geen piekmomenten. Zij hebben voortdurend hulp nodig om structuur aan hun dag te geven. De hele dag door lopen daar bewoners weg, moeten mensen naar de wc of is er iemand ineens verdrietig. Zo’n verzorger is dan met die ene bewoner bezig en de rest van de groep zit alleen. Dat is in een kinderdagverblijf ondenkbaar.”

Daardoor zijn er nog steeds verpleeghuizen waar ouderen niet of nooit buiten komen als ze geen familie of vrienden hebben die hen meenemen. Of bewoners worden een groot deel van de dag ‘aan hun lot overgelaten’. En dus luidt het negende gebod: zorgmedewerkers zijn er om bewoners te begeleiden en te verzorgen, niet om de administratie te doen.

Dementerende ouderen hebben de hele dag zorg en aandacht nodig. ‘Piekmomenten bestaan niet.’ © ANP XTRA

Ziekteverzuim en verloop in zorg stijgen naar ‘alarmerende’ recordhoogte

NU 03.09.2019 Het aantal werknemers in de zorg dat zich ziek meldt en het verloop van nieuwe medewerkers in de zorg zijn weer verder gestegen. Het verzuim steeg in 2018 naar een record van 5,9 procent, het verloop kwam uit op 15,7 procent.

Dat blijkt uit de jaarlijkse Barometer Nederlandse Gezondheidszorg van adviesbureau EY. De cijfers zijn gebaseerd op de jaarrekeningen van 674 zorgorganisaties.

Hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen spreekt in het Nederlands Dagblad van “absoluut zorgelijke cijfers”. Hij stelt dat de sector “ziek is geworden” en noemt een ziekteverzuim van bijna 6 procent “alarmerend”.

Door het snelle verloop en het hoge ziekteverzuim moesten het afgelopen jaar meer zzp’ers worden ingehuurd, wat veel extra kosten met zich meebracht.

Zie ook: Een dag meelopen in de zorg: ‘Zelfs een kopje thee is me niet gegund’

Problemen zijn het grootst in gehandicapten- en ouderenzorg

Vooral de gehandicaptenzorg, de ouderenzorg en de geestelijke gezondheidszorg – waar de personeelsinzet het hoogst is – worden hard geraakt door oplopend verzuim en verloop. Met name het verloop bereikte in 2018 ongekende hoogtes, met een piek van meer dan 18 procent in de ggz.

Ook hebben de extra middelen die naar de ouderenzorg zijn gegaan tot dusver geen gunstige invloed op het personeelsverloop en ­verzuim gehad, constateert EY.

Maandag vond in Den Haag voor het eerst in de geschiedenis een staking van medewerkers in de jeugdzorg plaats. Ook zij klagen over het snelle verloop, de hoge werkdruk en het hoge ziekteverzuim.

Lees meer over: Zorg  Gezondheid

Meer verzuim en verloop bij zorginstellingen, einde niet in zicht

NOS 03.09.2019 Opnieuw is het ziekteverzuim in de zorgsector toegenomen. Vorig jaar steeg het van 5,7 naar 5,9 procent, schrijft accountants- en advieskantoor EY in zijn Barometer Nederlandse Gezondheidszorg 2019.

Medewerkers hebben te maken met hoge werkdruk en ze moeten voldoen aan steeds meer regels. Dat veroorzaakt stress en uiteindelijk meer ziekteverzuim.

Vanwege de hoge werkdruk besluiten steeds meer mensen om de zorgsector te verlaten. Het percentage mensen dat vertrok, is gestegen van 14,2 in 2017 naar 15,7 vorig jaar. De toename van het verloop veroorzaakt weer extra ziekteverzuim, doordat de achterblijvers het werk van de vertrokken collega’s in eerste instantie moeten overnemen en dus te maken krijgen met nog meer werkdruk.

Problemen blijven voorlopig

Vooral de gehandicaptenzorg, de ouderenzorg en de geestelijke gezondheidszorg hebben last van een hoog ziekteverzuim en veel verloop. EY voorziet voorlopig geen verbetering.

Zorginstellingen hebben vorig jaar extra zzp’ers ingeschakeld om patiënten te kunnen blijven verzorgen. Die extra inzet drukt de winst van de instellingen en volgens EY hebben ze daardoor te weinig geld om te investeren in innovatieve zorg. Het kantoor roept de overheid op om extra geld beschikbaar te stellen.

Zorgpersoneel zegt steeds vaker baan op en is meer ziek

AD 03.09.2019 Werknemers in de zorgsector hebben zich het afgelopen jaar opnieuw vaker ziek gemeld en hebben wederom vaker hun baan opgezegd dan het jaar ervoor. Miljardeninjecties van het kabinet in de verpleeghuiszorg, regionale ‘actieplannen’ en landelijke reclamecampagnes hebben die uitstroom niet kunnen voorkomen. Dat blijkt volgens de Volkskrant uit de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg van EY, waarvoor de adviesorganisatie 674 zorgjaarrekeningen doorploos.

Het verzuim steeg volgens het rapport naar een ‘recordhoogte’ van 5,9 procent, het verloop kwam in 2018 uit op 15,7 procent, het hoogste niveau in jaren. Die ‘absoluut zorgelijke’ cijfers laten volgens Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt in Tilburg, zien dat de sector ‘ziek is geworden’. Volgens Wilthagen is een verzuimpercentage van 4 procent al hoog, tegen de 6 procent is ronduit alarmerend. ,,Dat doen mensen niet omdat ze een dagje geen zin hebben, ze willen de patiënt echt niet benadelen.”

Medewerkers verlaten de zorg vanwege de hoge werkdruk en regellast, aldus de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg. Daardoor loopt de werkdruk voor de achterblijvers alleen nog maar verder op en moeten zij vaker invallen tijdens de nachten en in weekenden, wat opnieuw z’n weerslag heeft op de verzuim- en verloopcijfers.

,,Die vicieuze cirkel is niet zomaar te doorbreken met een paar overheidsprogramma’s”, zegt Wilthagen. ,,We zijn een heel eind van huis geraakt door de bezuinigingen tijdens de crisis en de jaren daarna. Het herstel zal lang duren.”

Topsport

Volgens het ministerie is dat herstel inmiddels ingezet. Toch noemen de ministers De Jonge en Bruins en staatssecretaris Blokhuis in een gezamenlijke verklaring het verzuim en de uitstroom ‘zorgwekkend’. Volgens hoogleraar Wilthagen zullen overheden en werkgevers ‘moeten erkennen dat werken in de zorg een soort topsport is’.

De arbeidscondities moeten volgens hem daarom ook top zijn. ,,Mensen moeten kunnen doorgroeien naar andere aspecten van het werk, er een tijdje tussenuit kunnen gaan, een opleiding kunnen doen.”

‘Ondanks miljardeninjecties stijgt verzuim zorg naar recordhoogte’

AD 03.09.2019 Werknemers in de zorg hebben zich het afgelopen jaar opnieuw vaker ziek gemeld en hebben wederom vaker hun baan opgezegd dan het jaar ervoor. Miljardeninjecties van het kabinet in de verpleeghuiszorg, regionale ‘actieplannen’ en landelijke reclamecampagnes hebben die uitstroom niet kunnen voorkomen.

Dat blijkt volgens Trouw en de Volkskrant uit de Barometer Nederlandse Gezondheidszorg van EY, waarvoor de adviesorganisatie 674 zorgjaarrekeningen doorploos.

Het verzuim steeg volgens het rapport naar een ‘recordhoogte’ van 5,9 procent, het verloop kwam in 2018 uit op 15,7 procent, het hoogste niveau in jaren. Die ‘absoluut zorgelijke’ cijfers laten volgens Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt in Tilburg, zien dat de sector ‘ziek is geworden’, zo zegt hij in de Volkskrant. Volgens Wilthagen is een verzuimpercentage van 4 procent al hoog, tegen de 6 procent is ronduit alarmerend.

Mede door het hoge verzuim groeide het aandeel zzp’ers in de zorg vorig jaar van 6,6 procent naar 7,1 procent. De totale uitgaven aan personeel dat niet in loondienst is, bedragen intussen bijna 2,6 miljard euro, zo schrijft Trouw.

Eerste staking ooit in jeugdzorg: ‘Heel heftig, maar de nood is hoog’

NOS 02.09.2019 “Ik zie om mij heen collega’s omvallen of het werkveld verlaten. En we moeten steeds harder werken”, zegt jeugdzorgmedewerker Gertrud Reinink. Die werkdruk is voor haar en duizenden collega’s reden om vandaag het werk neer te leggen en te demonstreren in Den Haag.

Video afspelen

‘Het stakingsgen zit niet in het dna van jeugdzorgwerkers’

Het is de eerste staking in de jeugdzorg, die sinds 1901 bestaat. “Dat zegt wel iets. Dat de nood hoog is”, zegt Reinink. Volgens haar leverden de acties van de afgelopen drie jaar niets op. “En dan grijpen we naar het ultieme middel. Ik vind het zelf heel heftig en mijn collega’s ook. Maar als je niet gehoord wordt, dan moet je iets anders doen.”

Na 25 jaar ervaring in de jeugdzorg is zo’n staking wel even wennen voor Reinink. “Nee, maandag kan ik u niet zien”, moest ze tegen ouders en kinderen zeggen. Die reageerden volgens haar heel begripvol. “Ze vertellen dat ze zo lang moesten wachten voordat ze hier überhaupt aan tafel zaten. Dus ze vinden het goed dat we staken. Ze kennen het probleem aan den lijve.”

“Over een paar jaar… Poeh. Ik hou mijn hart vast”, aldus Jeugdzorgmedewerker Gertrud Reinink over de stijgende werkdruk.

Op de demonstratie in Den Haag, georganiseerd door FNV en CNV, kwamen volgens de organisatie 4000 mensen af. In totaal werken er zo’n 30.000 mensen in de jeugdzorg.

Bezuinigingen

De problemen begonnen in 2015, toen de jeugdzorg van de landelijke overheid werd overgeplaatst naar de gemeentes, zegt Reinink. “De overheid heeft dat gedaan met een forse bezuiniging in plaats van met extra financiële input.” Volgens haar leidde dat tot een hogere werkdruk en langere wachtlijsten. “Uiteindelijk zijn wij en onze cliënten de dupe.”

Reinink vreest dat de werkdruk alleen maar groter wordt, omdat de jeugdzorg voor jongeren steeds minder aantrekkelijk wordt als werkgever. “Nu lijkt het nog allemaal te gaan, omdat we heel hard bikkelen. Maar over een paar jaar… Poeh. Ik hou mijn hart vast.”

Meer geld, minder administratiedruk

Volgens de bonden is er voor dit jaar 750 miljoen euro nodig om de tekorten in de jeugdzorg op te vangen. Ook willen ze 200 miljoen voor betere arbeidsvoorwaarden. Andere eisen zijn minder administratiedruk en een einde aan de ‘inkoopwaanzin’. De bonden gebruiken die term voor het beleid van gemeenten om de jeugdzorg zo goedkoop mogelijk in te kopen.

In mei trok minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid voor dit jaar 420 miljoen euro extra uit voor de jeugdzorg. In 2020 en 2021 komt daar nog twee keer 300 miljoen bij. Volgens de bonden is dat veel te weinig.

Jeugdwerker Richard vertelt waarom hij staakt:

Video afspelen

‘Jeugdzorg drijft op de loyaliteit van de jeugdzorgwerkers. We cijferen onszelf weg’

Bekijk ook;

Duizenden jeugdzorgwerkers staken: ‘Te veel regels en te veel bureaucratie’

NU 02.09.2019 Duizenden jeugdzorgwerkers konden maandag in Den Haag tijdens een minuut stilte nadenken over wat hen het meest frustreert om die frustratie vervolgens met veel herrie te uiten. Het leverde iets na 12.00 uur – inclusief het maandelijkse luchtalarm – een oorverdovend kabaal op. Maandag legden vierduizend hulpverleners in de jeugdzorg het werk neer.

De staking van jeugdzorgwerkers begon maandagochtend iets voor 12.00 uur met een minuut stilte. Die tijd is symbolisch, omdat het volgens vakbonden FNV en CNV al “vijf voor twaalf is geweest”.

Het is de eerste staking in de geschiedenis van de jeugdzorg. Sinds de jeugdzorg in 2015 onder gemeenten valt, zijn de kosten flink gestegen en is er voor hulpverleners veel administratie bij gekomen.

Op omhooggehouden spandoeken staan leuzen als: “Decentralisatie wat een kracht, kinderen in de wacht” en “Omstandigheden ruk, wij staan onder hoge druk”.

In het kort

  • De wachtlijsten binnen jeugdzorg worden steeds langer. Daar komt bij dat er de laatste jaren flink bezuinigd is.
  • Het aantal jongeren dat met jeugdzorg te maken krijgt, groeit sinds 2000. Vorig jaar waren het er bijna 430.000, een op de tien.
  • Het ziekteverzuim onder medewerkers van jeugdzorg ligt op 18 procent en de helft van alle nieuwe werknemers vertrekt binnen een jaar weer.
  • Het kabinet stelde onlangs wel voor de komende drie jaar 1 miljard euro extra beschikbaar. Dat is volgens FNV en CNV echter niet genoeg om de tekorten aan te vullen.

Stilte bij emotioneel verhaal

Nadat de stakers lawaai hadden gemaakt, werd het stil toen Patti Broeder haar verhaal deed. Ze vertelde over de problemen waar ze als alleenstaande moeder tijdens de puberteit van haar kinderen tegenaan liep.

Ze zocht naar hulpverlening voor haar oudste zoon Bas, maar volgens de hulpverlenende instanties waren de problemen van haar zoon daarvoor “niet zwaar genoeg”. “Voorheen waren er instellingen die Bas hadden kunnen helpen, maar die zijn gesloten”, vertelde ze.

Uiteindelijk maakte Bas een einde aan zijn leven en zijn moeder deelde haar verhaal maandag dan ook zichtbaar vol emotie. De stakers op de Haagse Koekamp in Den Haag luisterden ademloos toe.

Duizenden jeugdzorgwerkers hebben meegedaan aan de staking.

‘Te veel regeldruk en te veel bureaucratie’

De stakers pleiten voor meer geld als antwoord op de problemen die ontstonden door decentralisatie en de bezuinigingen van de laatste jaren. Daarnaast viel op veel spandoeken van de stakers te lezen dat ze zich naar eigen zeggen te veel met administratie moeten bezighouden.

Dat ziet ook een jeugdbeschermer uit Breda. “We hebben te maken met te veel regeldruk, te veel bureaucratie en te veel controle van bovenaf. Ik merk dat ik daardoor veel minder tijd heb om met gezinnen aan de slag te gaan. Ik moet heel veel e-mails afhandelen en heb daardoor geen tijd meer voor contact met cliënten.”

Haar collega Nicole Kokke was maandagochtend extra vroeg opgestaan om voor de staking nog wat e-mails te beantwoorden. “Ik heb toen wel even gedacht: ik moet echt nog veel doen, maar ik ga vandaag wel staken. Anders geef ik de verkeerde boodschap af.”

‘Ik vind dat het zo niet verder kan gaan’

Als Kokke wel was gaan werken, dan had ze maandag een gezin geholpen. De betreffende ouders liggen volgens Kokke in een “vechtscheiding”. “De vader maakt zich zorgen om zijn kind.” Een urgente zaak, maar toch heeft ze de vader laten weten dat ze maandag niet bereikbaar is. “Ik vind het heel vervelend, want het belang van cliënten staat bij ons altijd voorop, maar ik vind dat het zo niet verder kan gaan.”

Die afweging heeft ook Willy van der Heijden gemaakt. Jeugdzorg is “in een heel diep moeras aan het wegzinken”, stelt de jeugdbeschermer uit Venlo. “Wie in de zorg zit, wil altijd zorgen. Maar soms is het gewoon klaar en dat is nu. Er zijn steeds minder plekken waar we kinderen kunnen plaatsen en we kunnen de kinderen ook steeds minder geven wat ze nodig hebben.”

Minister Hugo de Jonge in gesprek met meerdere stakers.

Stakers ontvangen minister De Jonge met gejoel

Toen minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) tegen het einde van de staking het podium betrad, werd hij met gejoel ontvangen. Maar de minister liet weten dat hij graag met de stakers samenwerkt.

“Jullie zorgen zijn voor een belangrijk deel ook mijn zorgen. En de strijd die jullie voeren, is voor een belangrijk deel ook mijn strijd”, aldus De Jonge. “Als ik in jullie schoenen stond, dan stond ik daar en was ik de strijd aan het voeren die jullie nu voeren”, zei hij terwijl hij naar de duizenden stakers wees.

“Maar ik kan de strijd tegen de enorme administratieve lasten niet alleen voeren. Er staat geen rode knop op het departement om die zorgen in één keer te doen keren. We moeten dat met elkaar doen”, zei de minister. “Daarom heb ik voor de gelegenheid Rotterdamse schoenen aangetrokken. Geen woorden, maar daden. We zullen aan de slag moeten en dat doen we ook al. Ik ga daar graag mee verder en daarvoor heb ik jullie nodig. Ik trek graag met jullie op.”

Het leverde de minister al wat meer applaus op dan tijdens zijn ontvangst, in de hoop dat de klok van “iets voor 12.00 uur” weer wat kan worden teruggedraaid.

Zie ook: Staking in de jeugdzorg: ‘Waarom negeert het kabinet alle noodsignalen?’

Lees meer over: Zorg  Den Haag  Binnenland

Jeugdzorgers staken voor het eerst: ‘Crisisplaatsing kon in een dag, maar kost nu een maand’

AD 02.09.2019 Duizenden jeugdzorgmedewerkers uit het hele land demonstreerden maandag in Den Haag uit diepe onvrede met de situatie in hun vak. Van Groningen tot Maastricht piept en kraakt het op alle mogelijke terreinen, blijkt uit de verhalen van medewerkers.

Bij de William Schlikker Groep in Amsterdam vertellen twee vrouwen dat de snelst mogelijke plek in de crisisopvang tegenwoordig een wachttijd van vier weken kent. ,,Voor de zorg in 2015 werd overgedragen aan de gemeenten, kon dat binnen een dag”, zegt jeugdbeschermer Barbara.

Veel jeugdhulpverleners gebruiken sindsdien een groot deel van hun tijd voor het vinden van sluipweggetjes door deze bureaucratie. Soms lukt dat. Maar als het van hogerhand ontdekt wordt, dan wordt rigoureus een streep door een verzoek tot plaatsing gehaald.

,,Het draait niet meer om de vraag wat jongeren nodig hebben, maar of de gemeente de zorg heeft ingekocht en welke productcode daarbij hoort”, zegt Roy Trommelen van Jeugdbescherming Overijssel. Hij ziet met lede ogen aan hoe het landelijk bekende ‘Almelose model’, waarbij jongerenwerk, politie, justitie en zorgverleners korte lijntjes met elkaar hadden en indien nodig in een flits de juiste hulp in gang konden zetten, doordat iedereen elkaar goed kende.

Je hoort in principe maximaal één keer in je leven naar bureau Halt verwezen te worden, maar ik zie nu jongeren die daar al vier keer geweest zijn, aldus Roy Trommelen, Jeugdbescherming Overijssel .

Rust van een kind

,,Nu worden crisisplekken aangevraagd voor jongens van wie we de naam al jaren voorbij horen komen in overleggen over overlastgevende en moeilijke jeugdgroepen, maar die nooit aan bod komen omdat alles via de Zo Snel Mogelijk-afhandelen methodiek van het Openbaar Ministerie wordt afgewerkt. Je hoort in principe maximaal één keer in je leven naar bureau Halt verwezen te worden, maar ik zie nu jongeren die daar al vier keer geweest zijn.”

Het kan nog erger, schetst Emina Abbou uit Venlo. ,,Als twee ouders in twee gemeenten wonen, die allebei onder dezelfde jeugdzorgregio vallen, dan adviseer ik jongeren soms om bij hun vader te gaan wonen omdat in die gemeente iets meer geld voor zorg is. Ook als het voor de rust van een kind beter is als dat bij moeder woont.”

Woede over de chaos

Door al deze ellende is het personeelsverloop in de jeugdzorg gigantisch. De sociale wijkteams uit Nijmegen zagen net als instellingen overal in het land veel ervaren werknemers vertrekken. ,,We hebben eens in de zes weken een overleg over de jongeren met wie we werken, en elke keer moeten we onszelf opnieuw aan elkaar voorstellen, zoveel verloop is er”, vertelt beleidsmedewerker Igor van der Vlist.

De door vakbonden FNV en CNV georganiseerde actie op de Koekamp tegenover het ministerie van Volksgezondheid was de eerste keer ooit dat jeugdzorgers in staking kwamen. Hoewel er enkele duizenden op de been waren, vertolkten zij maar een klein beetje van de woede die heerst over de chaos, de bureaucratie en het geldgebrek in de jeugdhulp, aldus Anja Hegeman van Jeugbescherming Overijssel. ,,Van onze organisatie zijn er 12 van de 150 medewerkers. De rest kon  zich niet veroorloven om hier te demonstreren, om maar geen kinderen gevaar te laten lopen.”

Staking Jeugdzorg in Den Haag

Den HaagFM 02.09.2019 Met duizenden staan ze maandag op de Koekamp. Jeugdzorgwerkers uit het hele land staken voor het eerst in de geschiedenis. De staking is uitgeroepen door vakbonden FNV en CNV omdat het volgens hen niet langer zo kan. De werkdruk is volgens de stakers enorm hoog en er is personeelstekort. Daardoor vallen er medewerkers uit en uiteindelijk zijn de kinderen daar de dupe van.

Toen jeugdzorg een paar jaar geleden onder verantwoordelijkheid van gemeenten kwam is er 450 miljoen per jaar bezuinigd. De jaren daarna is het aantal aanvragen alleen maar gestegen. Dus daarom wil de sector meer geld van de minister, 950 miljoen om precies te zijn. De minister heeft eerder dit jaar 420 miljoen toegezegd, maar dat is volgens de stakers te weinig.

Jeugdzorg staakt: ‘Uiteindelijk zijn de kinderen de dupe van de hoge werkdruk’

OmroepWest 02.09.2019 Een paar duizend jeugdzorgwerkers voeren maandag actie op de Koekamp in Den Haag. Ze staken voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis. De staking is uitgeroepen door vakbonden FNV en CNV omdat het volgens hen niet langer zo kan. ‘De werkdruk is enorm hoog en er is personeelstekort. Daardoor vallen de collega’s uit en uiteindelijk zijn de kinderen daar de dupe van’, aldus jeugdzorgwerker Richard van Jeugdbescherming West.

Naar schatting zijn er zo’n 4000 demonstranten. ‘Het is een waanzinnige opkomst. Mensen zijn echt boos, vooral over de tekorten aan middelen en het enorme personeelstekort’, zegt een woordvoerster van FNV. Richard heeft lang getwijfeld of hij mee zal doen aan de staking. ‘Niet omdat ik het niet nodig vind, maar omdat wij als jeugdzorgwerkers vreselijk loyaal zijn aan de gezinnen die wij helpen. En vandaag ben ik er dan dus niet voor ze.’ Maar de noodzaak om te staken dwingt hem er toch toe, vindt hij.

Toen jeugdzorg een paar jaar geleden onder verantwoordelijkheid van gemeenten kwam is er 450 miljoen per jaar bezuinigd. De jaren daarna is het aantal aanvragen alleen maar gestegen. Dus daarom wil de sector meer geld van de minister, 950 miljoen om precies te zijn. De minister heeft eerder dit jaar 420 miljoen toegezegd, maar dat is volgens de stakers. Zoals Richard het verwoordt: ‘Je staat 1000 euro rood buiten jouw schuld om en je krijgt 800 euro terug, dan heb je nog steeds een tekort.’

Magere voldoende

Jeugdzorgwerkers geven volgens FNV hun werk maar een magere voldoende, een 5,5. Ruim de helft vindt dat ze hun kennis en kunde niet voldoende kunnen inzetten. 92 procent overweegt weleens de sector te verlaten en 50 procent hiervan voegt de daad bij het woord en zoekt een andere baan. 63 procent kan het werk niet loslaten in de vrije tijd.

De belangrijkste vertrekredenen zijn de hoge werkdruk, de hoge administratieve belasting en de zware mentale en fysieke belasting. Richard: ‘Doordat er zoveel collegae weggaan en de vacatures moeilijk te vervullen zijn, komt er meer op het bordje te liggen van hen die wel blijven werken in de sector. We kijken nu al niet echt op de klok en werken door in onze vrije tijd, maar het kan echt niet langer. Uiteindelijk zijn de families natuurlijk het kind van de rekening.’

Meer tijd voor kinderen

Het extra geld wordt in eerste instantie gebruikt voor loonsverhoging, werkdrukmaatregelen en om de leegloop van personeel tegen te gaan. Hierdoor moeten de wachtlijsten kleiner worden en moet er meer effectieve tijd naar de families gaan.

LEES OOK: Experts: met geld alleen help je jeugdzorg niet uit de problemen

Meer over dit onderwerp: JEUGDZORG ZORG DEN HAAG STAKING

Staking in de jeugdzorg: ‘Waarom negeert het kabinet alle noodsignalen?’

NU 01.09.2019 Een groot deel van de 30.000 medewerkers in de jeugdzorg legt maandag – voor het eerst in de geschiedenis – het werk neer. Zij eisen dat het kabinet oplossingen biedt voor de problemen waar de bezuinigingen en decentralisaties van de afgelopen jaren toe hebben geleid. Waar gaat het om en waarom is de urgentie voor de actievoerders zo hoog?

De jeugdzorg valt sinds 2015 onder de gemeenten.

Het idee achter dit initiatief van het Rijk was het tegengaan van de ‘versnippering’. Ook moest de jeugdzorg laagdrempeliger worden.

Onder jeugdzorg valt zowel de jeugdhulp, als de jeugdbescherming en jeugdreclassering voor jongeren tot 23 jaar. “Veel mensen zien bij jeugdzorg alleen maar die medewerkers kinderen uit huis plaatsen als er problemen zijn, maar dat is een beeld dat geen recht doet aan de werkelijkheid”, zegt FNV-bestuurder Maaike van der Aar met klem.

Bijna een op de tien jongeren krijgt te maken met jeugdzorg. Dat waren er vorig jaar 428.000, constateerde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Sinds 2000 neemt het aantal kinderen dat met jeugdzorg in aanraking komt al toe. Oorzaken zijn onder meer de toename van het aantal eenoudergezinnen en vechtscheidingen en daarnaast de prestatiedruk waar veel kinderen onder gebukt gaan.

De extra vraag leidde tot extra kosten. De Nederlandse gemeenten trokken daarom al vaker aan de bel in Den Haag.

De gemeenten zijn al jaren met het Rijk in gesprek over de groeiende kosten in de jeugdzorg. Als Den Haag geen geld bijlegt, dan kunnen de gemeenten naar eigen zeggen geen volwaardige zorg en hulp aan jongeren meer garanderen.

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) waarschuwt dat er (weer) bezuinigd moet worden als er niet op korte termijn extra geld beschikbaar komt. Het kabinet liet onlangs wel weten dat de komende drie jaar in totaal 1 miljard euro extra naar jeugdzorg gaat. Dit is echter een eenmalige bijdrage en geen structurele financiële steun. Volgens de FNV is dit bedrag niet hoog genoeg om de tekorten aan te vullen.

Diverse partijen hebben recent gewezen op de problemen in de jeugdzorg.

Kinderombudsman Margrite Kalverboer liet dit voorjaar weten uit het veld veel signalen te krijgen dat kwetsbare kinderen niet meer de hulp krijgen die zij wel nodig hebben. Zij wees de overheid erop dat de problemen bij de jeugdhulp, de jeugdbescherming, de jeugd-ggz en het passend onderwijs “steeds groter worden”.

Kalverboer signaleert dat de wachtlijsten in rap tempo langer worden. Dit raakt ook de kinderen die snel hulp nodig hebben of in een kritieke situatie verkeren. Ook constateert de Kinderombudsman dat het aantal kinderen dat mishandeld wordt de laatste jaren niet significant afneemt. Zij stelt dat de problemen die de decentralisatie moest oplossen alleen maar groter zijn geworden.

Ook kinderrechters luidden recent de noodklok vanwege het tekort aan jeugdzorgwerkers en de wachtlijsten die snel groeien. “We snappen niet dat het kabinet al die signalen, al die noodkreten maar blijft negeren”, aldus FNV-bestuurder Van der Aar.

Het is uitzonderlijk dat personeel in de jeugdzorg het werk neerleggen.

Van der Aar wijst erop dat de stakingsbereidheid in de ene sector groter is dan in de andere.

“Jeugdzorgwerkers zullen altijd eerst voor hun cliënten kiezen. Maar dat is ook een van de problemen van de sector. Uit loyaliteit gaat iedereen de hele tijd maar dóór, ook als de grenzen eigenlijk al zijn bereikt. De gaten zijn heel lang opgevuld door tóch nog wat harder te lopen, óók als de werkdag al voorbij is of als er geen extra geld tegenover staat. Maar dat elastiekje is nu genoeg opgerekt, Den Haag moet nu echt gaan bewegen. Anders gaat het binnenkort een keer heel erg fout en stevenen we af op een ramp.”

De problemen in de jeugdzorg passen in een hele reeks signalen uit de samenleving dat de liberalisering van alle organisaties niet zo zaligmakend is als Den Haag doet voorkomen, bepleit Van der Aar.

“Er wordt steeds meer een beroep gedaan op de eigen kracht van mensen. Maar sommige groepen redden het dan gewoon niet. Het aantal verwarde personen op straat neemt toe, het aantal daklozen is verdubbeld, de ggz kan het werk niet aan, het onderwijs kampt met chronisch tekort aan mankracht. Het is leuk dat Rutte ons land meer welvaart wil geven. Maar wat heb je daaraan als het welzijn van zoveel kinderen schrikbarend afneemt?”

Het ziekteverzuim in de jeugdzorg neemt toe.

Nederland telt op dit moment 30.000 jeugdzorgwerkers, die het werk volgens vakbond FNV nauwelijks aankunnen. Het verzuim en het verloop in de sector zijn bovengemiddeld hoog.

Het ziekteverzuim ligt op 18 procent en 50 procent van alle nieuwe arbeidskrachten haakt binnen een jaar weer af door de werkdruk en de relatief lage lonen. Hierdoor vergrijst de sector in hoog tempo. Veel oudere medewerkers bereiken de komende jaren hun pensioenleeftijd. “Je verliest dus niet alleen handen, maar ook kennis en collectief geheugen”, verduidelijkt Van der Aar. “Die zijn, zeker in deze beroepsgroep, heel belangrijk. Een sector als deze kan niet alleen maar draaien op onervaren krachten.”

De echte gevolgen worden pas over een paar jaar duidelijk.

De wachtlijsten in de jeugdzorg zijn flink langer geworden. Zelfs de urgente probleemgevallen moeten weken of zelfs maanden wachten voordat ze aan de beurt zijn. Bovendien klagen veel medewerkers geen ruimte of tijd te hebben voor het bieden van echt goede zorg. Zij stellen alleen maar aan symptoombestrijding te kunnen doen.

“Dit betekent dus dat de problemen waar de jongeren mee worstelen niet weg zijn en dat zij er op langere termijn alsnog tegenaan gaan lopen”, legt Van der Aar uit.

Een van de imagoproblemen waar jeugdzorg mee worstelt, is dat veel mensen in Nederland er niet zelf mee te maken krijgen, merkt ze. “Met zaken als ouderenopvang of huisartsenzorg krijgt ieder mens te maken. Maar jeugdzorg staat bij veel mensen niet op de radar, omdat zij er gelukkig niet mee te maken krijgen. Dat maakt de urgentie van de problemen waar we nu mee kampen echter niet minder groot. Want uiteindelijk krijgt wel de hele samenleving de rekening gepresenteerd als we deze jongeren niet de hulp kunnen bieden die ze wel nodig hebben.”

Zie ook: Meer kinderen in jeugdzorg: Gaat er iets mis in onze opvoeding?

Lees meer over: Zorg Binnenland

Ziekenhuispersoneel in Alkmaar voert actie NOS

Ziekenhuizen willen extra geld voor verpleegkundigen, kabinet weigert

NOS 30.08.2019 De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen vraagt het kabinet om mee te betalen aan de loonsverhoging voor verpleegkundigen. De ziekenhuizen kunnen de gevraagde loonsverhogingen niet alleen betalen, schrijft voorzitter Ad Melkert van de NVZ in een brief aan premier Rutte en minister Bruins voor Zorg. In zijn brief noemt Melkert geen bedragen, maar tegen de NOS zegt hij dat hij met zo’n 200 miljoen euro “een eind kan komen”.

Minister Bruins laat weten dat hij geen extra geld uittrekt. Hij wijst op een potje met 1,7 miljard euro voor loonsverhogingen in de hele zorg, dus ook voor bijvoorbeeld huisartsen en ggz-personeel. “Daar doen ze het met deze ruimte en dat moeten de ziekenhuizen ook. Ik heb niet nog ergens een extra potje.”

De onderhandelingen voor een nieuwe cao voor de ziekenhuizen zitten al maanden vast. De vakbonden vragen 5 procent loonsverhoging en maatregelen ter vermindering van de werkdruk. Dat vinden ze nodig om verpleegkundigen extra te belonen en om aantrekkelijk te blijven op de arbeidsmarkt. In onder meer Alkmaar, Assen, Eindhoven en Amsterdam hebben verpleegkundigen al actie gevoerd in de vorm van zondagsdiensten. Ook voor september zijn weer tientallen acties aangekondigd.

Bij acties in Assen en Alkmaar benadrukten verpleegkundigen gisteren dat de patiëntenzorg voorop staat, maar dat de acties wel nodig zijn:

Video afspelen

Verpleegkundigen in actie: ‘Patiëntenzorg staat voorop, maar dit is nu ook heel belangrijk’

Melkert schrijft in zijn brief dat een passende beloning voor het ziekenhuispersoneel van groot belang is, ook om te zorgen dat de zorg kan concurreren op de steeds krappere arbeidsmarkt. Tegelijk zijn de ziekenhuizen gebonden aan harde afspraken met het kabinet om de stijging van zorgkosten te beteugelen.

Hoewel de zorgvraag de komende vier jaar met 10 procent toeneemt, mag de groei maximaal 1,7 procent zijn. In 2022 moet dat zelfs 0 procent groei zijn. Die toegestane groei gaat naar verwachting volledig op aan dure geneesmiddelen. En anders dan de vrijemarktsector kan een ziekenhuis een salarisstijging niet opvangen door meer productie, aldus Melkert.

“Een ‘harde’ bezuiniging is eigenlijk de enige knop waar we aan kunnen draaien”, schrijft Melkert aan het kabinet. Omdat de ziekenhuiskosten voor meer dan 50 procent uit personeelskosten bestaan, is bezuinigen op inzet van personeel onvermijdelijk. Ontslagen zijn dan niet uitgesloten. “Het leidt tot een negatieve spiraal: hogere werkdruk, verslechtering van onze positie op de arbeidsmarkt en een toename van wachtlijsten.”

Honderden miljoenen

Volgens ingewijden houden ziekenhuizen er rekening mee dat ze tot 2022 circa 300 tot 850 miljoen extra kwijt zijn aan loonkosten. Dat is niet alleen verhoging van het gewone salaris, maar ook de kosten van onregelmatigheidstoeslag, overwerk, reiskosten en andere eisen van de bonden.

Het precieze bedrag is afhankelijk van de uitkomsten van de cao-onderhandelingen. Het kabinet zou daarvan wat de ziekenhuizen betreft dus een fors deel voor zijn rekening moeten nemen. Volgens Melkert zijn de ziekenhuizen flink geholpen met zo’n 200 miljoen euro van het Rijk. “De huidige economie en de gunstige ontwikkeling van de overheidsfinanciën bieden hier op dit moment ruimte voor”, zegt hij.

Bonden blijven bij eis

Vakbonden houden vast aan de looneis. “We zijn bang dat de ziekenhuizen zich verschuilen achter de politiek. Of er nu wel of geen geld vanuit het kabinet bij komt, wij blijven vasthouden aan 5 procent erbij voor het personeel”, zegt FNV-bestuurder Elise Merlijn. “Dat is de basis om verder te praten”, stelt ook CNV-bestuurder Joost Veldt.

Merlijn stelt dat ziekenhuizen het geld wel hebben, maar het beter moeten verdelen. Volgens de vakbonden gaat er nu te veel geld naar duurdere zzp’ers in plaats van naar personeel in loondienst. “Dat kost echt klauwen vol geld”, beaamt Veldt.

Bekijk ook

Ziekenhuizen vrezen ontslagen als kabinet niet bijspringt

AD 30.08.2019 Ziekenhuizen vrezen voor personeelsontslagen en minder zorg als de vakbonden vasthouden aan hun hoge looneis. Alleen met extra geld van het kabinet kan dit rampscenario worden voorkomen, zegt Ad Melkert, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ).

Melkert stuurde vanochtend een alarmerende brief naar minister Bruno Bruins van medische zorg. Daarin schrijft hij dat personeelsontslagen onvermijdelijk lijken als de salarissen harder stijgen dan voorzien. ,,Een volstrekt onwenselijke ontwikkeling’’, stelt hij. Dit leidt volgens hem tot een hogere werkdruk en een toename van de wachtlijsten. ,,We hebben iedereen in het ziekenhuis keihard nodig om goede zorg te kunnen leveren.’’

Lees ook;

Lees meer

Melkert vraagt om een eenmalige zak geld van het kabinet. Een bedrag wordt niet genoemd, maar er zijn zeker tientallen miljoenen extra nodig om ziekenhuispersoneel een beter loon te kunnen geven. Als de werkgevers dit zelf ophoesten, belanden veel ziekenhuizen in de rode cijfers, verwacht de werkgeversvereniging.

Minister Bruins (Medische zorg) zei vrijdagmiddag na afloop van de wekelijkse ministerraad dat hij niet van plan is om extra de portemonnee te trekken. ,,Ik vind dat er voor zorgprofessionals een loonstijging in moet zitten. Daarom hebben we als Rijk dit jaar 1,7 miljard op tafel gelegd. Daar moet het ook mee gebeuren. De cao-partijen moeten dus aan de slag, om een akkoord uit te onderhandelen met daarin een marktconforme loonstijging. Aan het werk, zeg ik!”

De bonden en ziekenhuizen onderhandelen al lange tijd over die nieuwe cao, die op 1 april dit jaar moest ingaan voor 200.000 ziekenhuismedewerkers. De bonden eisen een loonsverhoging van 5 procent dit jaar en nog eens 5 procent volgend jaar. De werkgevers houden vast aan een driejarige cao met een salarisverhoging van 3,25 procent dit jaar, 2 procent in 2020 en 2,5 procent in 2021.

Werknemers van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam protesteren voor de ingang van het ziekenhuis voor een beter cao. © ANP

Niet langer (p)rikken

Demonstraties in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam voor beter loon. © ANP

Ook verpleegkundigen kwamen deze zomer in opstand. Ze hingen pamfletten op ziekenhuizen dat ze de lage lonen ‘niet langer p(r)ikten’. In ziekenhuizen in Alkmaar, Assen en Eindhoven werden zondagdiensten gedraaid, wat betekent dat het personeel alleen spoedeisende incidenten worden opgepakt.

Volgens NVZ-voorzitter Melkert zijn de strijdende partijen het overigens wél eens dat een loonsverhoging ‘noodzakelijk’ is. Verpleegkundigen moeten volgens hem beloond worden voor hun vaak zware werk. Ook moet het ziekenhuis een aantrekkelijke plaats blijven om te werken, zeker nu het personeelstekort al zo groot is. Uit eerdere berekeningen bleek dat de ziekenhuizen nu al kampen met ruim achtduizend openstaande vacatures, een ruime verdubbeling in vijf jaar tijd.

,,Maar we zitten in een te krappe jas’’, benadrukt Melkert. De zorgvraag neemt in de komende vier jaar met 10 procent toe, terwijl de ziekenhuizen maar 1,7 procent mogen groeien. In 2022 mag er geen winst gemaakt worden. De stijgende kosten moeten de ziekenhuizen zelf opvangen en dat gaat ten koste van investeringen, die volgens de voorzitter juist hard nodig zijn. ,,Vooral in de ICT.’’

De ziekenhuizen zijn niet de enige die deze week de noodklok luiden. Ook de geestelijke gezondheidszorg kampt met een enorm personeelstekort en een kwart van de instellingen leed afgelopen jaar verlies.

Jeugdzorg

Ook de jeugdzorg heeft het moeilijk. Voor het eerst in de geschiedenis gaan duizenden jeugdzorgmedewerkers maandag staken om extra geld van het kabinet af te dwingen. Volgens de branche is er een structureel budget van 750 miljoen euro en eenmalig 200 miljoen euro nodig voor de arbeidsmarkt in de jeugdzorg. Inmiddels is de eerdere bezuiniging van 450 miljoen nagenoeg teruggedraaid, maar extra investeringen staan nog niet op stapel.

Jeugdzorgwerkers demonstreerden begin dit jaar tegen het kabinetsbeleid. De actievoerders liepen naar het ministerie van VWS waar zij een fluitconcert hielden. Komende maandag gaan ze staken. © ANP

Extra geld van kabinet voor cao ziekenhuizen is ‘noodzaak’

RTL 30.08.2019 Om een cao voor de verpleegkundigen in de ziekenhuizen te kunnen sluiten moet het kabinet met extra geld komen. Dat zegt Ad Melkert, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, de werkgevers in ziekenhuisland.

In een brief aan het kabinet geeft Melkert niet aan hoevéél extra geld hij nodig heeft. Tegen RTL Nieuws zegt hij: “Als je echt iets wilt doen heb je zo’n 200 miljoen nodig.”

Melkert legt in zijn brief uit waarom het water de ziekenhuizen aan de lippen staat. Ze hebben namelijk een akkoord met het kabinet gesloten om de uitgaven aan zorg te beperken.

Lees ook:

Zomerstress bij verpleegkundigen: ‘Patiënten wassen zichzelf’

Geen geld voor salarisstijging

De uitgaven mogen maar met 1,7 procent per jaar groeien, terwijl de vraag naar zorg elk jaar groeit met 2,5 procent. Daardoor komen ziekenhuizen financieel onder druk te staan. Geld voor een flinke salarisstijging is er volgens Melkert dus niet.

En dat terwijl de vakbonden over de komende twee jaar 10 procent meer loon eisen. Dat kost de ziekenhuizen ongeveer 1 miljard euro. Om dat weer te kunnen betalen zouden ziekenhuizen hard moeten bezuinigen. “Dat betekent minder personeel waarbij ontslagen niet zijn uitgesloten”, aldus Melkert.

Lees ook:

Geestelijke gezondheidszorg heeft het zwaar: grote verliezen

Negatieve spiraal

Volgens hem is dat een ‘volstrekt ongewenste ontwikkeling’. “Het leidt tot een negatieve spiraal: hogere werkdruk, verslechtering van onze positie op de arbeidsmarkt en een toename van wachtlijsten”, aldus de ziekenhuisvoorman.

Melkert benadrukt dat iedereen in het ziekenhuis hard nodig is om goede zorg te leveren. Daarom vraagt hij het kabinet voor volgend jaar voor één keer extra geld beschikbaar te stellen voor de beloning van de verpleegkundigen.

zie: Stephan Koole Ad Melkert  Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen NVZ  Gezondheidszorg  CAO  Den Haag

Jeugdzorgmedewerkers staken voor het eerst in de geschiedenis: 3000 à 4000 medewerkers verwacht

AD 29.09.2019 Maandag vindt de allereerste staking ooit plaats van medewerkers van jeugdzorg. ,,Het zit niet in het dna van deze medewerkers om gezinnen en kinderen in de steek te laten. Ze hebben nog nooit gestaakt, dus het zeg wel iets dat ze dit nu tóch gaan doen.’’

De hele sector zal zich laten horen, aldus Oscar Overbeek, CNV.

Het is voor het eerst dat jeugdzorgmedewerkers staken sinds de oprichting van de jeugdzorg in 1901. Vakbonden FNV en CNV, die de staking samen organiseren, verwachten dat 3000 à 4000 mensen meedoen aan de staking.

,,We zitten nu rond de 3500 aanmeldingen. Maar we weten uit ervaring dat mensen zich niet altijd vooraf aanmelden, terwijl ze wel komen staken’’, licht CNV-bestuurder Oscar Overbeek toe. ,,Het gaat niet alleen om mensen die op groepen staan, maar ook om ondersteunende diensten. De hele sector zal zich laten horen.’’

Hoeveel mensen er door de staking worden geraakt is volgens vakbond CNV nog niet te becijferen. ,,Daar moet ik het antwoord schuldig op blijven. Maar de acute zorg is gewaarborgd, er is bijvoorbeeld voor gezorgd dat crisisdiensten open blijven en ook groepen waar mensen op zitten die zorg nodig hebben blijven bemand.’’

Lees ook;

Lees meer

Eerdere bezuiniging terugdraaien

CNV Zorg en Welzijn en FNV Zorg en Welzijn eisen een structureel budget van 750 miljoen euro en eenmalig 200 miljoen euro voor de arbeidsmarkt in de jeugdzorg. De vakbonden willen met dat extra geld een eerdere bezuiniging van 450 miljoen euro terugdraaien, die is doorgevoerd toen de gemeenten verantwoordelijk werden voor jeugdzorg.

,,Het is eigenlijk al drie jaar crisis in de jeugdzorg,’’ verklaart FNV-bestuurder Maaike van der Aar. ,,De medewerkers in deze sector zijn super loyaal, als dit elastiekje nog verder oprekt knapt het. Als je met mensen praat merk je dat de tranen zo hoog zitten, dat ze komen. Minister Hugo de Jonge moet nu echt in actie komen.’’

De bezuinigingen hebben volgens CNV ook geleid tot ‘schrijnende situaties’. ,,Behandeltrajecten moeten bijvoorbeeld in 6 weken, terwijl daar eigenlijk 12 weken voor staan. Dat levert schrijnende situaties op waarin jeugdzorgmedewerkers hun werk niet kunnen doen,’’ aldus Overbeek. ,,Het systeem is gebaseerd op wantrouwen. Het is een bureaucratische ramp, omdat er ongelofelijk veel gerapporteerd moet worden.’’

CNV is bang dat te veel medewerkers jeugdzorg de rug toekeren. ,,Er zijn wachtlijsten, er zijn tekorten en ook de arbeidsmarkt in de jeugdzorg is nijpend,’’ betoogt de CNV-bestuurder. ,,Recent onderzoek heeft uitgewezen dat de uitstroom ongeveer 16 procent is. Straks hebben we niemand meer die dit werk kan of wil doen.’’

Bestuur beroepsvereniging verpleegkundigen stapt op vanwege omstreden wet

NOS 27.08.2019 Het bestuur van de beroepsvereniging voor verpleegkundigen V&VN is opgestapt omdat het fouten heeft gemaakt in de discussie over de invoering van ee wet waar de afgelopen weken veel onrust over ontstond. Het bestuur geeft toe dat de achterban onvoldoende kans heeft gekregen om zijn mening te geven. “Dat spijt ons enorm en daar nemen we nu onze verantwoordelijkheid voor”, zegt aftredend voorzitter Henk Bakker.

Het voorstel voor de Wet BIG II maakte een onderscheid tussen hbo- en mbo-verpleegkundigen. Verpleegkundigen uit de eerste groep zouden direct de nieuwe functie van regieverpleegkundige kunnen gaan vervullen.

Mbo-verpleegkundigen zouden daarvoor eerst extra scholing moeten volgen. Het V&VN-bestuur stond achter dit voorstel, maar tienduizenden leden niet. Zij steunden een actiecomité dat vond dat het voorstel van tafel moest.

Verpleegkundige Hanna Bonnes zei eerder al dat ze bang is dat ze straks haar werk op de ambulance niet meer mag doen:

Video afspelen

Verpleegkundige: ‘Deze wet is op zijn zachtst gezegd pijnlijk’

Vanwege de onrust trok minister Bruins het voorstel vorige week in. “Op deze manier zie ik de wet niet vliegen”, zei hij bij Jinek. “Ik ben op zoek naar een gezamenlijke oplossing die door alle partijen wordt gedragen.” Bruins heeft oud-SER-voorzitter Rinnooy Kan gevraagd mee te denken bij het zoeken van een alternatief.

Bekijk ook;

Bestuur vereniging verpleegkundigen treedt af na opstand onder achterban

AD 27.08.2019 Het bestuur van de beroepsvereniging van verpleegkundigen, V&VN, treedt af. De reden is het schenden van het vertrouwen van de achterban, zegt de vertrekkend voorzitter.

Groepen verpleegkundigen gingen deze de zomer de barricades op, omdat ze bang zijn dat – door een andere vermelding in het zorgregister- hun jarenlange kennis en kunde straks niet meer tellen op de werkvloer. Ze vrezen dat jongere, minder ervaren collega’s het roer in handen krijgen.

De omstreden ingrepen zijn dit voorjaar afgesproken door de vereniging voor verpleegkundigen zélf, samen met de vakorganisaties en de zorgwerkgevers. Het bestuur van V&VN maakte na de opstand al ‘pas op de plaats’, bood excuses aan voor de slechte deal, maar vertrekt nu helemaal.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Vertrouwen geschonden

Aftredend voorzitter Henk Bakker: ,,De afgelopen tijd is het vertrouwen van verpleegkundigen in hun beroepsvereniging geschonden. Dat komt doordat wij als bestuur niet de juiste keuzes hebben gemaakt. Ook hebben we onze achterban niet voldoende de kans gegeven zich over zo’n belangrijk onderwerp uit te spreken. Dat spijt ons enorm en daar nemen we nu onze verantwoordelijkheid voor.”

Het bestuur heeft de Ledenraad vanmiddag meegedeeld dat het aftreedt. De Ledenraad heeft een tweetal bestuursleden – Wilma Jackson en Marie-Louise van der Kruis – bereid gevonden tijdelijk demissionair aan te blijven om de organisatorische taken uit te blijven voeren.

Het is nog niet duidelijk wat er gebeurt met de positie van directeur Sonja Kersten. De vereniging moet volgende maand opnieuw om tafel met alle partijen om alsnog een goede regeling te treffen voor verpleegkundigen, maar ook die afspraak staat nu op losse schroeven.

Een woordvoerder van V&VN zegt dat de beroepsvereniging de komende tijd nog een rondgang zal maken langs de leden om te peilen welke richting zij op willen. Dat heeft nu prioriteit voor V&VN.

Cliënten thuiszorgorganisatie Zeker in de Zorg lopen risico door ‘tekort schieten organisatie’

AD 23.08.2019 Zeker in de Zorg, een in Delft gevestigde thuiszorgorganisatie die ook in Zoetermeer actief is, schiet ernstig en structureel tekort in haar taken, waardoor er grote risico’s bestaan voor cliënten.

De Inspectie Gezondheidszorg heeft Zeker in de Zorg daarom deze week een zogeheten ‘aanwijzing’ gegeven, wat inhoudt dat de zorgaanbieder de kwaliteit van de zorg binnen vier maanden op orde moet hebben.

De Delftse thuiszorgorganisatie biedt onder meer persoonlijke verzorging, verpleging, specialistische zorg en palliatieve- en 24 uurs-zorg. De organisatie heeft zo’n vijftig cliënten en is gevestigd aan de Delftse Kleveringweg.

Hoewel de inspectie niet in detail treedt over welke ‘grote risico’s’ de cliënten precies lopen, meldt ze dat er tekortkomingen zijn geconstateerd in onder meer de veiligheid van de zorg aan huis, in de integrale zorg en in het ‘sturen op kwaliteit’. Het zijn thema’s die staan in het toetsingskader ‘Toezicht op de zorg thuis’, waarin normen zijn opgenomen waaraan de Inspectie de kwaliteit van de zorg in dergelijke instellingen afmeet.

Er bestaat een gebrek aan inzicht in de geconsta­teer­de tekortko­min­gen, aldus Inspectie Gezondheidszorg.

Weinig vertrouwen

De inspectie noemt de tekortkomingen bij Zeker in de Zorg ‘structureel’. Tijdens een recent gesprek met de organisatie kreeg de Inspectie de verzekering dat er inmiddels verbeteringen in gang zijn gezet. Toch had de Inspectie er weinig vertrouwen in dat Zeker in de Zorg er zonder de nu opgelegde ‘dwingende maatregel’ zelf uit zou komen. ,,De inspectie stelt vast dat er een gebrek aan inzicht bestaat in de geconstateerde tekortkomingen waardoor sturing hierop ontbreekt”, zo schrijft ze in haar rapport.

Bestuurder Stanley van Rijswijk van Zeker in de Zorg zegt in een reactie te erkennen dat er verbeterpunten zijn. ,,Wij zijn een jonge organisatie en werken er hard aan om op korte termijn aan alle criteria te voldoen. We zullen daar ruimschoots binnen die vier maanden aan voldoen”.

Volgens hem is er geen sprake van grote risico’s voor cliënten. ,,De continuïteit van zorg voor de cliënten is niet in gevaar, ze krijgen hulp van voldoende deskundig personeel.”

Tot het moment dat Zeker in de Zorg de verbeteringen heeft doorgevoerd mag ze geen nieuwe cliënten aannemen. Wanneer ze niet binnen de termijn aan de maatregel voldoet, kan de inspectie onder meer een dwangsom opleggen.

Thuiszorgorganisatie op vingers getikt door inspectie vanwege ‘ernstige situatie’

OmroepWest 23.08.2019 Thuiszorgorganisatie Zeker in de Zorg is op de vingers getikt door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. De zorgaanbieder heeft zo’n vijftig cliënten en is actief in de omgeving van Delft en Zoetermeer. De inspectie spreekt van een ‘ernstige situatie’ met een ‘risico voor patiënten’.

Volgens de inspectie zijn er bij Zeker in de Zorg structurele gebreken in de geboden thuiszorg. De zorgaanbieder moet binnen vier maanden de kwaliteit van zorg verbeteren. Tot die tijd mogen er geen nieuwe cliënten aangenomen worden. Het ontbreekt volgens de inspectie bij de zorgorganisatie aan een aantal belangrijke randvoorwaarden voor goede en veilige zorg.

Zo wordt er onvoldoende afgestemd door medewerkers van Zorg en Zeker met zorgverleners van andere zorgorganisaties, zoals de huisarts en de apotheek. Daardoor krijgen cliënten niet altijd de zorg die zij nodig hebben. Daarnaast komen zorgplannen niet overeen met de zorg die cliënten krijgen en wordt zorg verleend door medewerkers met onvoldoende, juiste deskundigheid. Bij één van cliënten zijn ernstige zorgrisico’s niet op tijd opgepakt. Deze cliënt is een week na aan het licht komen van de tekortkomingen, overgeplaatst naar een andere zorgorganisatie.

Aanwijzing door ‘onvoldoende vertrouwen’

Zeker in de Zorg heeft na eerdere gesprekken al aangegeven verbeteringen door te voeren, maar de inspectie heeft er ‘onvoldoende vertrouwen in dat Zeker en Zorg op korte termijn alle tekortkomingen kan wegnemen.’ Daarom tikt de inspectie Zeker en Zorg op de vingers met een zogenoemde aanwijzing. Een aanwijzing is een bestuursrechtelijke maatregel waarmee de inspectie een zorgorganisatie dwingt om een einde te maken aan een ernstige situatie.

‘De inspectie volgt de naleving van een aanwijzing nauwlettend’, schrijft de inspectie. Mocht er binnen de aangewezen tijd van vier maanden niets zijn veranderd, dan kan de inspectie een dwangsom opleggen of ingrijpen in de organisatie.

Reactie zorgaanbieder

‘Wij betreuren in grote mate de bevindingen die de inspectie tot deze conclusies hebben gebracht’, laat Zorg en Zeker weten in een schriftelijke reactie. ‘Uiteraard onderschrijven wij dat aan de zorg voor cliënten geen tekortkomingen mogen kleven.’ Ook belooft de zorgorganisatie verbetering: ‘Wij zijn vastbesloten om de kwaliteitsverbetering voort te zetten en zullen zo spoedig mogelijk geheel aan de gestelde normen voldoen. Dit alles doen wij vanuit de bij ons bestaande passie om als zorgverleners goede zorg te verlenen.’

LEES OOK: Dwangsom voor privékliniek die regels aan de laars lapt

Meer over dit onderwerp: ZORG INSPECTIE GEZONDHEIDSZORG DELFT ZOETERMEER

Gerelateerd;

GGZ-instelling krijgt strenge waarschuwing

Dwangsom voor Leids particulier verpleeghuis voor niet opvolgen aanwijzingen inspectie

Thuiszorgorganisatie Joost Zorgt failliet

Spaanse hulp voor Haagse verpleeghuizen HWW

Nieuw programma op Radio West over gezondheid: Vitamine W

Grote verschillen in tarieven bij ziekenhuizen voor dezelfde medische behandelingen

Omstreden zorgwetsvoorstel ‘kan integraal teruggedraaid worden’, zegt minister

NOS 22.08.2019 Een duidelijker onderscheid tussen de opleidingen van verpleegkundigen kan eventueel ook buiten de wet om geregeld worden. Dat zei minister Bruins aan tafel bij talkshow Jinek. Hij was te gast vanwege de onrust in de zorg over een nieuw wetsvoorstel.

“Dit kan zeker integraal teruggedraaid worden”, zei de minister over het wetsvoorstel voor een duidelijker onderscheid tussen mbo- en hbo-verpleegkundigen.

Als alternatief zou het bijvoorbeeld in de cao opgenomen kunnen worden of met een ander wetsvoorstel worden opgelost, lichtte Bruins toe.

Video afspelen

Bruins: ‘onderscheid hbo- en mbo-verpleegkundigen kan ook buiten de wet geregeld worden’

Volgens de minister is het maken van onderscheid een wens die leeft onder zowel de beroepsorganisatie als de beroepsleden. Als dat wordt toegepast, kunnen verpleegkundigen beter worden ingezet voor de taken waarvoor ze zijn opgeleid, is het argument vóór. Ook speelt mee dat voor hbo-verpleegkundigen de functie ‘regieverpleegkundige’ wordt geïntroduceerd.

Tegenstanders vrezen voor extra scholing en verdeeldheid op de werkvloer. Sommigen dreigen de zorg te verlaten als de omstreden wet wordt ingevoerd.

“Op deze manier zie ik de wet niet vliegen”, zei Bruins bij Jinek. “Ik ben op zoek naar een gezamenlijke oplossing die door alle partijen wordt gedragen.” Vandaag werd bekend dat hij oud-SER-voorzitter Rinnooy Kan heeft gevraagd om mee te werken aan een alternatief plan. De minister verwacht dat er binnen een aantal weken meer duidelijkheid is.

Hanna Bonnes is een van de verpleegkundigen voor wie de wet gevolgen zou hebben. Ze is bang dat ze straks haar werk op de ambulance niet meer mag doen:

Video afspelen

Verpleegkundige: ‘Deze wet is op zijn zachtst gezegd pijnlijk’

Bekijk ook;

Rinnooy Kan ‘verkent’ onderscheid hbo- en mbo-verpleegkundigen

NOS 21.08.2019 Oud-SER-voorzitter Rinnooy Kan gaat onderzoeken hoe het verder moet met nieuwe regels voor verpleegkundigen. Minister Bruins heeft hem aangesteld als ‘verkenner’.

De afgelopen tijd ontstond onrust onder verpleegkundigen over het plan van Bruins om de functie ‘regieverpleegkundige’ in te voeren. De minister wil in een nieuwe wet een duidelijker onderscheid aanbrengen tussen mensen met een hbo- en met een mbo-opleiding. Volgens hem kunnen verpleegkundigen dan beter worden ingezet voor taken waarvoor ze zijn opgeleid en waarin ze deskundig zijn.

Extra scholing

Onder verpleegkundigen rees verzet tegen het plan; veel van hen moeten extra scholing volgen en volgens hen leidt het voorstel tot verdeeldheid op de werkvloer. Een aantal van hen dreigt de zorg te verlaten.

Naar aanleiding van de onrust kondigde de minister al aan dat hij een pas op de plaats wil maken. Rinnooy Kan, die ruime ervaring heeft in veel verschillende functies, moet nu met alle betrokken partijen gaan praten en op korte termijn Bruins adviseren. “Want op deze manier zie ik het met dit wetsvoorstel niet zitten”, zegt de minister.

Decennia discussie

De minister benadrukt dat het plan om een wet te maken over functiedifferentiatie komt van de beroepsgroep van verpleegkundigen, werkgevers en werknemers en dat er een discussie aan vooraf is gegaan van tientallen jaren. Hij noemt een wet een ultiem middel om te regelen wat op andere manieren niet lukt, bijvoorbeeld via beroepsrichtlijnen of afspraken in de cao. “Maar op deze manier zie ik het met dit wetsvoorstel niet zitten”, zei de minister vanochtend.

Bruins voegt eraan toe dat hij bereid is om naar de wensen te luisteren. “Maar er moet dan wel overeenstemming met de andere betrokken partijen zijn over de te varen koers.”

Bekijk ook;

Rinnooy Kan bemiddelt bij topoverleg na opstand onder verpleegkundigen

AD 21.08.2019 Hoogleraar en voormalig D66-politicus Alexander Rinnooy Kan (69) gaat bemiddelen bij een delicaat topoverleg over de verpleegkundige zorg. Onderhandelaars moeten met zijn hulp de recente onrust onder verpleegkundigen zien te beteugelen.

Groepen verpleegkundigen gingen deze de zomer de barricades op, omdat ze bang zijn dat – door een andere vermelding in het zorgregister- hun jarenlange kennis en kunde straks niet meer tellen op de werkvloer. Ze vrezen dat jongere, minder ervaren collega’s het roer in handen krijgen.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Ook steekt het verpleegkundigen met een verouderde hbo-opleiding en mbo-verpleegkundigen of mensen met een intern behaald diploma (nu afgeschaft) dat ze straks extra scholing moeten volgen.

Pas op de plaats

Het gekke is dat de ingrepen dit voorjaar zijn afgesproken door de vereniging voor verpleegkundigen zelf, samen met de vakorganisaties en de zorgwerkgevers. Partijen hebben nu ‘pas op de plaats’ gemaakt en gaan vanaf 10 september alternatieven bedenken die beter vallen bij de beroepsgroep.

Dat zal dus gebeuren onder de vleugels van ‘verkenner’ Alexander Rinnooy Kan. Hij was tot voor kort senator namens D66 en is nog altijd hoogleraar Economie en Bedrijfskunde (UvA). Zijn expertise op het gebied van ‘veranderingsprocessen’ maakt Rinnooy Kan de ideale bemiddelaar in deze kwestie.

In vorige levens was de wiskundige ook voorzitter bij werkgeversvereniging VNO-NCW, bestuurslid van bank/verzekeraar ING en voorzitter van de Sociaal-Economische Raad. Dat is de belangrijkste adviesraad voor regering en parlement over sociaal-economische vraagstukken.

Bereid om te luisteren

Zorgminister Bruno Bruins, die de bemiddelaar heeft aangedragen, zegt over de nieuwe gesprekken: ,,Ik ben nog steeds graag bereid om te luisteren naar de wensen van de beroepsgroep. Ik vind dat er dan wel overeenstemming moet zijn met de andere betrokken partijen over de te varen koers.”

De minister benadrukt dat de beroepsgroep van verpleegkundigen zélf een wet wilde waarin een duidelijker onderscheid tussen mbo- en hbo-opgeleide verpleegkundigen wordt gemaakt.

Ik ben nog steeds graag bereid om te luisteren naar de wensen van de beroeps­groep, aldus Minister Bruins (Medische zorg).

Door het nieuwe wetsvoorstel zou ambulanceverpleegkundige Hanna met 38 jaar ervaring niet meer hetzelfde werk mogen doen.

Zorgminister: We willen geen enkele verpleegkundige iets afpakken

AD 16.08.2019 Zorgminister Bruins betreurt de onrust die is ontstaan onder verpleegkundigen over nieuwe afspraken in zorgland. De professionals vrezen dat een nieuwe vorm van registratie funest zal zijn voor de waarde van hun diploma, hun beroepseer én hun toekomstige takenpakket. ,,We hebben iedereen in de zorg heel hard nodig.”

Dit voorjaar spraken de beroepsvereniging voor verpleegkundigen (V&VN), de vakorganisaties en de werkgevers in de zorg af dat verpleegkundigen met een verouderde hbo-opleiding een landelijke toets moeten doen om te bewijzen dat hun kennis nog van deze tijd is. En mbo-verpleegkundigen of mensen met een intern behaald diploma (nu afgeschaft) moeten een vervolgopleiding of scholing volgen.

Deze groep kan zich straks overigens wél direct laten registreren als zogenoemde regieverpleegkundige bij de nieuwe registratie. Vijf jaar later wordt pas beoordeeld of ze genoeg extra toetsing, scholing en ervaring hebben doorstaan om de titel te houden. Toch gingen verpleegkundigen recent de barricades op, omdat ze bang zijn dat hun vaak vele jaren kennis en kunde over zorg straks niet meer tellen op de werkvloer.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

We willen niemand iets afpakken, niet in ervaring of in taken, aldus Bruno Bruins.

Pas op de plaats

Daar is volgens de zorgminister geen sprake van, zei hij vandaag na afloop van de wekelijkse ministerraad. Bruins: ,,We hebben iedereen in de zorg heel hard nodig. Dus we willen de kwaliteiten van iedere verpleegkundige benutten. En we willen niemand iets afpakken, niet in ervaring of in taken.”

De bewindsman benadrukt dat het akkoord van een paar maanden terug op voorspraak van de sector zelf is gesloten. ,,Ik ben daaraan tegemoetgekomen en dan levert het nu zoveel onrust op. Dus moeten we nu een pas op de plaats maken en opnieuw om tafel, want dit is niet wat je wilt.”

Tandje erbij

Het akkoord is ‘ongetwijfeld niet goed uitgelegd’, aldus Bruins. ,,Als het zoveel onrust oplevert, dan denk ik dat er qua uitleg, communicatie en informatie nog wel een tandje bij had gekund.” Er komt bij het volgende overleg, dat 10 september start, een onafhankelijke voorzitter.

,,Ik heb de houding: ‘zeg het maar, hoe zouden we het beter kunnen regelen?’ Want het gaat mij erom dat iedereen met plezier in de zorg werkt. Ongemak past daar niet bij”, aldus Bruins.

Beroep verpleegkundige opnieuw onder de loep na felle protesten

AD 13.08.2019 De beroepsvereniging van verpleegkundigen, de zorgwerkgevers en de vakbonden gaan een verwoede poging doen de huidige opstand onder verpleegkundig personeel te tackelen. Vaak ervaren verplegers zijn recent de barricades opgeklommen, omdat ze vrezen dat nieuwe afspraken in zorgland funest zullen zijn voor de waarde van hun diploma, hun beroepseer én hun toekomstige takenpakket.

Het gaat erom dat wordt ingezien dat álle verpleeg­kun­di­gen een unieke rol vervullen, aldus Actievoerders

Op 10 september 2019 zitten alle partijen voor het eerst weer om tafel. De beroepsgroep is namelijk in rep en roer over een wetsvoorstel waarin naast het beroep van verpleegkundige (mbo-niveau) een zogeheten regieverpleegkundige (hbo-niveau) wordt ingevoerd bij het zorgregister. Het belangrijkste verschil is dat de regieverpleegkundige straks volledig zelfstandig een zorgdiagnose mag stellen. Een ‘gewone’ verpleegkundige moet de standaardprocedures volgen. Zelfs als die heel ervaren is.

Volgens boze verpleegkundigen staat het plan haaks op waar zorg om draait. ,,Het gaat erom dat wordt ingezien dat álle verpleegkundigen een unieke rol vervullen”, schrijven actievoerders. Anderen schetsen de verziekte situatie dat ze straks geen enkele verpleegkundige beslissing meer mogen nemen terwijl een ‘jong verplegertje’ dat net op de arbeidsmarkt komt wél de touwtjes in handen krijgt.

Pleuris

De sector schreeuwt echter al decennia om een betere verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de 187.000 geregistreerde verpleegkundigen met verschillende opleidingsniveaus, omdat de zorg die zij verlenen steeds gecompliceerder wordt. Dus moeten mensen daarop goed aanspreekbaar zijn via hun functie. Begin juni kwam hierover een deal naar buiten, inclusief overgangsregeling.

Toen brak de pleuris uit. Want in die inmiddels beruchte regeling voor de komende jaren staat dat mensen met een verouderde verpleegkundige hbo-opleiding een landelijke toets moeten doen om te bewijzen dat hun kennis nog van deze tijd is. En mbo-verpleegkundigen of mensen met een intern behaald diploma (nu afgeschaft) moeten een vervolgopleiding of scholingsprogramma volgen.

Beroepsvereniging V&VN heeft inmiddels het boetekleed over dat akkoord aangetrokken richting de woedende achterban. De club schrijft op haar website: ,,Verpleegkundigen leggen de lat hoog voor hun beroepsvereniging als het om transparantie en inspraak gaat. En terecht. Helaas voelden en voelen veel verpleegkundigen zich niet goed door ons vertegenwoordigd of gehoord. Dat gaan we beter doen.”

Verpleegkundigen in het ziekenhuis. © ANP

Vijf jaar lang de tijd

De heisa onder verpleegkundig personeel over hun toekomstige functie en takenpakket is deels onterecht. Minister Bruins heeft al aangegeven voor een variant te willen kiezen waarbij veruit de meeste verpleegkundigen gelijk het felbegeerde stempel van ‘regieverpleegkundige’ krijgen.

In deze variant – opgesteld door een adviescommissie – kunnen mensen met een mbo-opleiding of intern diploma zich wél direct laten registreren als regieverpleegkundige. Vijf jaar later wordt dan pas beoordeeld of ze genoeg extra toetsing, scholing en ervaring hebben doorstaan.

Als iemand tegen die tijd nog niet voldoet, komt diegene in het zorgregister te boek te staan als gewone ‘verpleegkundige’. Hierover schreef de minister begin juni al aan de Tweede Kamer: ,,Ik ben voornemens dit scenario als basis te gebruiken voor de verdere uitwerking van het wetsvoorstel BIG-II.”

Ook is nog totaal niet bekend hoe de scholing eruit gaat zien die bepaalde groepen verpleegkundigen moeten gaan volgen en welke vrijstellingen verpleegkundigen met bepaalde expertises krijgen.

Horrorscenario’s

De vraag blijft bestaan hoe een regeling waarover alle partijen het roerend eens waren, tot zoveel onrust kon leiden bij de beroepsgroep. Er is zeker getracht verpleegkundigen mee te nemen in de afwegingen. Afgelopen maanden lagen volgens ingewijden zelfs complete communicatieplannen klaar met uitleg, maar desondanks schetsten talloze verpleegkundigen in de media horrorscenario‘s.

De beroepsvereniging legt de schuld hiervan deels neer bij de zorgwerkgevers. ,,Het bleef te stil uit de hoek van de werkgevers. Daardoor blijft er onrust en onduidelijkheid over heel wezenlijke vragen.”

Maar V&VN steekt de hand ook in eigen boezem. De club gaat daarom komende maand niet alleen op het eigen hoofdkantoor om tafel voor een nieuwe deal met de werkgevers, de vakbonden en het ministerie. Vanaf volgende week trekt V&VN ook door het land om de leden te spreken. ,,Voor een regeling en een wet die recht doen aan kennis, ervaring, opleiding en ambitie van verpleegkundigen.”

In oktober 2019 komt er ook een ledenraadpleging.

Roermonds ziekenhuis onder verscherpt toezicht na ruzie in bestuur

NOS 12.08.2019 Het Laurentius Ziekenhuis in Roermond staat onder verscherpt toezicht van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Volgens de inspectie zijn er bestuurlijke tekortkomingen nadat de voltallige raad van toezicht vorige maand was opgestapt.

De raad van toezicht en de raad van bestuur bestaan nu elk uit een persoon, meldt 1Limburg. De inspectie noemt dat “een kwetsbare bestuurlijke situatie” en stelt het ziekenhuis daarom voor een half jaar onder verscherpt toezicht.

Het Laurentius Ziekenhuis meldde op 12 juli 2019 dat een conflict met de raad van bestuur aanleiding was voor het aftreden van de raad van toezicht. Die heeft inmiddels een tijdelijke voorzitter, die op zoek gaat naar nieuwe leden voor de raad van toezicht.

Onaangekondigde bezoeken

Volgens de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd is goed toezicht cruciaal voor goede zorg. “Het is onbekend hoelang deze kwetsbare situatie zal voortduren. De inspectie wil het herstel van goed bestuur nauwlettend volgen.”

Het ziekenhuis moet op 19 augustus een plan hebben ingediend om de bestuurlijke problemen op te lossen en moet hier elke twee maanden een update van geven. Tijdens de ondertoezichtstelling kan de inspectie ook aangekondigde en onaangekondigde bezoeken brengen aan het Roermondse ziekenhuis.

Geestelijke gezondheidszorg onder druk: te weinig geld, te weinig personeel

AD 08.08.2019 De geestelijke gezondheidszorg (ggz) in Nederland staat onder druk. De ggz ervaart problemen vanwege financiering, personeelstekort, lange wachttijden, te hoge werkdruk en het sluiten van klinieken. Dat concludeert adviesbureau KPMG in een vandaag verschenen rapport.

Dit is niet alleen zorgelijk voor het hier en nu, maar vormt ook een risico voor de toekomst en het aanpassingsvermogen van de Nederlandse zorg. Een heuse transformatie voor de toekomst is noodzakelijk, stelt KPMG.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Een grote zorg is de financiering. Door het beperkte verdienvermogen zijn de mogelijkheden om te investeren klein. Zorginstellingen zitten gevangen in het huidige systeem van omzetplafonds en prijsplafonds, waarbij een afspraak gemaakt wordt over de maximale gemiddelde prijs per patiënt.

Daarnaast zorgt een toenemend personeelstekort voor druk. Tekorten in de geestelijke gezondheidszorg leiden tot oplopende wachttijden, het sluiten van locaties, onveiligheid bij forensische klinieken en een afnemende tevredenheid onder medewerkers.

Internationaal

Internationaal gezien liggen de uitgaven aan de ggz in Nederland hoog vergeleken met andere ontwikkelde landen. Wel is er sprake van een relatief hoog aantal bedden voor psychiatrie. Ook het aantal psychiaters, psychologen en verpleegkundigen is relatief hoog, hoewel dit aantal wel daalt. Ook is de sterfte door zelfdoding en heropnames na crisisopname laag, vergeleken met andere landen.

Toekomst

Om de problemen in de toekomst aan te kunnen pakken is een ander perspectief nodig, stelt KPMG. Er zijn al wel stappen gezet op het gebied van zorg in de wijk en technologische innovaties. Het gaat echter veel te traag. De focus moet liggen op de gezondheid in plaats van de ziekte. De organisatie van de zorg moet op de schop, waarbij technologie een cruciale rol moet gaan spelen. Vernieuwingen zoals een chatbot kunnen taken van werknemers uit handen nemen, zegt het adviesbureau.

Het anders organiseren van de zorg is daarom niet alleen onontkoombaar, maar ook gewenst. Andere en slimmere manieren van werken moeten de beschikbare capaciteit optimaal benutten, zoals regie op de transitie, decentrale initiatieven en ruimte voor investeringen. Hiervoor moet Nederland kijken naar hoe andere landen het doen, stelt het bureau.

KPMG waarschuwt echter dat er op korte termijn geen effect mogelijk is. De beoogde maatregelen, waaronder loonsverhoging, sorteren pas over twee tot vier jaar effect.

Zomerstress onder verpleegkundigen: patiënt moet meer zelf doen

AD 31.07.2019 Verpleegkundigen en verzorgenden lopen deze zomer opnieuw op hun tandvlees. Bijna de helft van hen ervaart nog meer werkstress dan vorig jaar. ,,We vragen de patiënt tegenwoordig om zichzelf te wassen.”

Door het aanhoudende personeelstekort en vakanties van de huidige collega’s lukt het de zorgsector amper om de roosters te dichten. Net als vorig jaar wordt er onder het personeel getost en gediscussieerd wie zijn vrije dagen mag opnemen. Soms moet personeel zelfs eerder terugkomen van vakantie.

Dat blijkt uit een peiling van de beroepsvereniging van verpleegkundigen en verzorgenden V&VN onder bijna duizend zorgmedewerkers. Slechts 10 procent zag een verbetering ten opzichte van vorig jaar. Voor het gros geldt: de werkdruk is toegenomen of nog even hoog.

Lees ook;

Lees meer

De ‘zomerstress’ heeft ook effect op de cliënten, vertelt wijkverpleegkundige Coralien Merkens (28) die in De Bilt werkt. ,,We zoeken naar manieren om onze rondes korter te maken, zodat we één medewerker minder hoeven in te roosteren. Zo vragen we aan cliënten of ze een dagje zonder steunkousen kunnen. Dat scheelt weer tien minuten per cliënt.” Ook wordt in de zomer geregeld een douchebeurt overgeslagen. ,,We vragen de patiënt dan om zichzelf te wassen.”

Uitzendkrachten

Daarnaast schakelt haar thuiszorgorganisatie Vitras, onderdeel van Santé Partners, in de zomer studenten met een zorgopleiding in om lichte taken als wassen en aankleden over te nemen. Daar zitten ook studenten diergeneeskunde tussen, die volgens Merkens met hun kennis van anatomie en fysiologie prima kunnen meedraaien.

,,De vele uitzendkrachten verlichten ons werk, maar ze kunnen de complexere zorg niet overnemen. Ook komen ze helaas niet altijd opdagen.” Sommige cliënten mopperen volgens de wijkverpleegkundige over de vele wisselende gezichten. ,,Ik wil alleen door een bekende worden gewassen, zeggen ze. Maar dat kunnen we helaas niet garanderen, tenzij de familie bijspringt.”

Eén op de zeven zorgmedewerkers geeft in de peiling aan dat zij tijdens hun vakantie zelf voor vervanging moeten zorgen.

Hoge nood

Bij hoge nood draaien bij Vitras ook leidinggevenden en gespecialiseerde verpleegkundigen een ronde mee, maar vaker wordt er een beroep gedaan op het huidige personeel dat een paar vakantiedagen inlevert of overuren draait, zoals Merkens.

De wijkverpleegkundige legt al haar huisbezoeken op de fiets af, maar zet in drukke zomers zoals deze hier extra vaart in. ,,Mijn familie en vriend fluiten me wel eens terug. ‘Je hebt nu genoeg gewerkt’ zeggen ze dan. Maar ook als ik zes dagen achtereen hebt gewerkt, blijft het lastig ‘nee’ zeggen. We willen niet dat de cliënt de dupe wordt.”

De extra uren die ze draait, probeert ze later in het jaar – als het iets rustiger is – te compenseren. In de zomer kan dat zelden.

De maatregelen die zorginstellingen nemen om de werkdruk te verlagen, zijn niet anders dan in voorgaande jaren, zegt beroepsvereniging V&VN. In de wijkverpleging worden cliëntenstops ingevoerd tijdens de zomer en ziekenhuizen kiezen opnieuw voor vermindering van bedden of zelfs sluiting van hele afdelingen.

In de hele zorgsector wordt  een beroep gedaan op mantelzorgers, maar ook zij lopen vaak al op hun tandvlees. Uit eerdere onderzoeken blijkt dat één op de zeven de mantelzorg die zij verlenen zeer zwaar of overbelastend vindt.

Sonja Kersten, directeur van V&VN, vindt dat binnen de sector meer energie moet worden gestoken in het behoud van het huidige personeel. In de tweede helft van 2018 kampte de zorgsector met 31.000 openstaande vacatures en de uitstroom is hoog.

,,Uit onderzoek weten we dat verpleegkundigen het meeste plezier in hun werk hebben wanneer ze minder administratielast hebben, zich bij kunnen scholen en wanneer ze invloed hebben op kwesties die hun werk en kwaliteit van de zorg aangaan. Hier moet het hele jaar aandacht voor zijn.” Het alternatief is volgens haar voortploeteren. ,,Met het risico dat nieuwe medewerkers ook nog eens afhaken door de aanhoudende werkdruk.”

FNV: Minister traineert onderzoek naar problemen in jeugdzorg

AD 18.07.2019 Minister De Jonge (Volksgezondheid) treuzelt bewust met het vergaren van de juiste informatie over de problemen in de jeugdzorg. Die beschuldiging uit vakbond FNV vandaag. De werknemers willen nu via een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) de waarheid in beeld te krijgen.

,,Op het oog is de minister heel druk bezig, maar feitelijk vertoont hij continu uitstelgedrag”, legt Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn, uit aan deze krant. ,,Als je het heel slecht bekijkt, dan denkt hij: ‘Als de waarheid niet op tafel komt, hoef ik ook niet veel te doen’.”

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Volgens de FNV-bestuurder ‘onderzoekt en actieplant’ het ministerie van De Jonge zich een ongeluk, maar gaat het louter om een continue stroom van deelonderzoeken. Van der Aar: ,,Waaruit dan de noodzaak blijkt voor wéér een deelonderzoek. De meest belangrijke informatie ontbreekt stelselmatig, zoals waar het geld voor de jeugdzorg naartoe gaat.”

Totaal onduidelijk

Wij moeten uit honderd puzzelstuk­jes in die black box de informatie zelf bij elkaar sprokkelen, aldus Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn.

Want volgens Van der Aar is totaal onduidelijk of het bedrag dat VWS in 2019 beschikbaar stelt voor loonontwikkeling in de zorg, 1,7 miljard, ook terecht is gekomen bij de jeugdzorg. ,,Het Rijk beweert dat het geld naar de gemeenten is gegaan, de gemeenten stellen dat ze het aan de werkgevers hebben gegeven. En die werkgevers? Die weten van niks. Nederland zou hierover in brand moeten staan!”

De FNV vindt dat overheden verantwoordelijkheden heen en weer ‘pingpongen’. ,,Wij moeten uit honderd puzzelstukjes in die black box de informatie zelf bij elkaar sprokkelen. De minister neemt niet het voortouw om écht zicht en grip te krijgen op de situatie. Wij vragen dus nu zelf de nodige informatie op.” Ook bij de gemeenten wordt een verzoek neergelegd.

Bij de publicatie van de Voorjaarsnota maakte het kabinet nog bekend dat er, na lang en intensief onderhandelen, passende afspraken zijn gemaakt met de gemeenten over een extra zak geld om de lokale problemen in de jeugdhulp aan te pakken. Voor kwetsbare jeugdigen komt er 420 miljoen euro in 2019 beschikbaar. In 2020 en 2021 is er 300 miljoen extra.

Druppel op gloeiende plaat 

Als er één dossier is waar we in het afgelopen jaar dagelijks mee bezig zijn geweest, dan is het de jeugdzorg wel, aldus Woordvoerder minister De Jonge (Volksgezondheid).

Volgens Van der Aar is dit slechts een druppel op een gloeiende plaat. ,,Iedereen verdrinkt nu net niet meer in de jeugdzorg, maar er is nog steeds geen extra tijd en ruimte voor investeringen.”

Een woordvoerder van minister De Jonge (Volksgezondheid) zegt in reactie: “Als er één dossier is waar we in het afgelopen jaar dagelijks mee bezig zijn geweest, dan is het de jeugdzorg wel. Want de belofte van betere jeugdzorg is nog lang niet ingelost. De komende jaren trekt het kabinet daarom 1 miljard euro extra uit voor de jeugdzorg. Dat is heel veel geld extra.”

Maar met alleen meer geld lossen we de problemen in de jeugdzorg niet op, weten ze ook bij VWS. ,,Daarom hebben we met gemeenten afspraken gemaakt om regie, sturing en samenwerking in de jeugdzorg te verbeteren. Onderdeel daarvan is dat we willen weten waarom de kosten van de jeugdzorg stijgen. Daar wordt de komende tijd grondig onderzoek naar gedaan.”

Inspectie: Cliënt staat centraal in verpleeghuiszorg

NU 01.07.2019 In ongeveer drie kwart van de verpleeghuizen ervaren cliënten nabijheid, geborgenheid, vertrouwen, begrip en respect van zorgmedewerkers.

De zorg wordt er georganiseerd rondom de behoeften van de cliënt. Dat concludeert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd na een eerste aantal bezoeken.

Persoonsgerichte zorg houdt in dat de wensen en behoeften van de cliënt centraal staan bij het vormgeven van de zorg.

De afgelopen jaren is er in de samenleving voor dit onderwerp veel aandacht geweest. Na onder meer een campagne van Hugo Borst en Carin Gaemers, die uitvoerig beschreven hoe het er in een verpleeghuis aan toeging, werd besloten de komende jaren 2,1 miljard euro in de verpleeghuizen te investeren. De inspectie ziet nu terug dat verpleeghuizen persoonsgerichte zorg belangrijk vinden en hierop ook inzetten.

Bij het grootste deel van de bezochte zorgorganisaties (in totaal nu driehonderd) hebben cliënten waar mogelijk zelf de regie en kennen zorgmedewerkers hun wensen.

Verpleeghuizen die daarop nog niet voldoende scoren, kunnen leren van de collega-organisaties waar die persoonsgerichte zorg al de dagelijkse praktijk is, stelt de inspectie.

Lees meer over: ouderenzorg  Binnenland

Situatie in verpleeghuizen verbeterd, maar zorgen blijven

NOS 01.07.2019 Het gaat beter met de persoonlijke aandacht voor ouderen in verpleeghuizen, schrijft de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. De IGJ bezocht 300 zorginstanties en constateerde bij iets minder dan 80 procent van deze instellingen dat ouderen “nabijheid, geborgenheid, vertrouwen, begrip en respect” ervaren. Tegelijkertijd valt er nog veel te verbeteren, staat in een rapport.

Drie jaar geleden werd een nieuwe lijn ingezet waarbij er meer gepaste zorg en aandacht moest komen voor bewoners van verpleeghuizen. De politiek omarmde de wens voor extra zorgpersoneel toen naar aanleiding van een zorgmanifest van onder anderen columnist Hugo Borst.

De inspectie constateert dat medewerkers bij 78 procent van de instellingen over het algemeen goed op de hoogte zijn van de wensen en behoeften van de bewoners. Die volledig respecteren gaat nog niet altijd goed. Bij ongeveer een op de drie verpleeghuizen kunnen cliënten “zelf de regie voeren over hun leven en welbevinden”.

Hugo Borst schreef bijna vier jaar columns over de ziekte van zijn moeder en maakte zich hard voor een betere ouderenzorg. In het manifest dat hij samen met onderzoeker Carin Gaemers in 2016 publiceerde, beschreef hij veranderingen die hij nodig vond, zoals meer personeel en minder administratieve rompslomp.

Zijn inspanningen leidde er toe dat het kabinet 2,1 miljard euro extra uittrok voor ouderenzorg.Hoewel de maatregelen dus hun vruchten lijken af te werpen, gaat het nog lang niet op alle vlakken goed. Bij veel zorgorganisaties worden te weinig medewerkers ingezet of ontbreekt het aan deskundigheid, concludeert de inspectie. Bij 43 procent van de bezochte instellingen is dat laatste het geval. De inspectie tekent daarbij aan dat het nog altijd lastig is om personeel te vinden.

Ook wordt lang niet altijd een professionele afweging gemaakt over welke zorg mensen nodig hebben; in 47 procent van de gevallen constateert de inspectie hierop tekortkomingen. Het bijhouden van het dossier van bewoners is een nog groter probleem. Bij zo’n twee derde van de instellingen wordt dit niet goed gedaan.

Om de situatie te verbeteren, is vereist dat medewerkers functioneren in “een veilige cultuur, waarin de zorgmedewerker open kan zijn over zijn twijfels en dilemma’s”, stelt de inspectie. Een kwart van de bezochte verpleeghuizen voldoet daar nog niet aan.

Bekijk ook;

Archiefbeeld 2018: Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) lanceert het programma ’Thuis in het verpleeghuis’.

Inspectie: verpleeghuisouderen krijgen meer aandacht

Telegraaf 01.07.2019 In ongeveer driekwart van de verpleeghuizen ervaren cliënten nabijheid, geborgenheid, vertrouwen, begrip en respect van zorgmedewerkers. De zorg wordt er georganiseerd rondom de behoeften van de cliënt. Dat concludeert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd na een eerste aantal bezoeken.

Persoonsgerichte zorg houdt in dat de wensen en behoeften van de cliënt centraal staan bij het vormgeven van de zorg. De afgelopen jaren is er voor dit onderwerp veel aandacht geweest in de samenleving.

Na onder meer een campagne van Hugo Borst en Carin Gaemers, die uitvoerig beschreven hoe het er in een verpleeghuis aan toe ging, werd besloten de komende jaren 2,1 miljard in de verpleeghuizen te investeren. De inspectie ziet nu terug dat verpleeghuizen persoonsgerichte zorg belangrijk vinden en hierop ook inzetten.

Bij het grootste deel van de bezochte zorgorganisaties (in totaal nu 300) hebben cliënten waar mogelijk zelf de regie en kennen zorgmedewerkers zijn of haar wensen. Verpleeghuizen die daarop nog niet voldoende scoren, kunnen leren van de collega-organisaties waar die persoonsgerichte zorg al de dagelijkse praktijk is, stelt de inspectie.

De inspectie gaat de komende jaren alle zorgorganisaties langs die verpleeghuiszorg bieden, om de kwaliteit van de zorg te toetsen. Er wordt gekeken naar aandacht voor persoonsgerichte zorg, voldoende en deskundige zorgmedewerkers en naar sturing op kwaliteit en veiligheid.

Bekijk meer van; inspectie gezondheidszorg (igj) verpleeghuizen

Een bejaarde vrouw in een verpleeghuis © ANP XTRA

Zorginspectie: Oudere in verpleeghuis krijgt veelal respect en begrip van personeel

AD 01.07.2019 In ruim driekwart van de verpleeghuizen ervaren hulpbehoevende ouderen dat ze begrip en respect krijgen van medewerkers. Dat constateert de zorginspectie na recente bezoeken aan 300 organisaties door heel Nederland. Volgens de waakhond staan de wensen van bewoners bij het leeuwendeel van de huizen inmiddels bovenaan.

Na jarenlange bezuinigingen betekende een manifest van Hugo Borst en Carin Gaemers drie jaar terug een ommekeer voor de verschraalde verpleeghuiszorg. De politiek omarmde hun wens voor extra zorgpersoneel plus de benodigde zak geld. Ook moest voor bewoners gaan gelden: aandacht is net zo belangrijk als verzorging en veiligheid. De verpleeghuizen gingen in 2017 aan de slag met nieuwe kwaliteitseisen.

Sindsdien toetst de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd de kwaliteit van verpleeghuiszorg anders. Boven alles geldt of een bewoner zorg op maat krijgt. Voor het eerst is, na honderden inspecties de afgelopen twee jaar, het net opgehaald. En het goede nieuws is: bij veruit de meeste zorgorganisaties (circa 78 procent) kennen medewerkers de bewoner en zijn wensen en behoeften.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Niet alles op rolletjes

De beweging naar betere verpleeg­huis­zorg zet zich volop door en dat is mooi. Maar er zijn ook nog flinke stappen te zetten, aldus Minister De Jonge (Volksgezondheid).

Maar lang niet alles loopt organisatorisch op rolletjes. In veel organisaties (zo‘n 43 procent) worden nog steeds niet voldoende zorgmedewerkers ingezet of is onvoldoende deskundigheid beschikbaar. Denk bijvoorbeeld aan specialisten ouderengeneeskunde.

En in te veel verpleeghuizen, ruim een kwart (ongeveer 26 procent) van alle bezochte organisaties, heerst volgens de zorgwaakhond nog geen ‘veilige cultuur’. Het is geen plek waarin de zorgmedewerker open kan zijn over fouten en twijfels. Terwijl het wél nodig is dat er iets verandert na incidenten.

Minister De Jonge Volksgezondheid) is tevreden met de trend. ,,De beweging naar betere verpleeghuiszorg zet zich volop door en dat is mooi. Maar er zijn ook nog flinke stappen te zetten. Voldoende deskundig personeel vinden en behouden bijvoorbeeld, om de kwaliteit van zorg verder omhoog te krijgen en hoog te houden. De lat voor goede persoonsgerichte zorg ligt hoog, want we gunnen onze partner, moeder, vader, opa of oma in het verpleeghuis de best mogelijke zorg.”

Bewoners winnen

De bewoners winnen bij deze nieuwe aanpak, ziet de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Volgens de inspectie is de zorg in verpleeghuizen goed als als de hulpbehoevende senioren die daar verblijven, ‘persoonsgerichte’ zorg krijgen. Als de deskundigheid van de medewerkers past bij de groep mensen voor wie ze zorgen. En als de medewerkers goed worden ondersteund door leidinggevenden.

Korrie Louwes, hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg bij de IGJ, merkt dat er veel meer aandacht is gekomen voor de verpleeghuisbewoner als persoon. Ook bij de inspecties die worden uitgevoerd. Louwes: ,,We doen geen geluksmeting, maar kijken of de wensen van mensen worden vervuld. Kennen de mensen die de zorg verlenen, de cliënt goed? Hoe is de interactie tussen mensen in zo’n instelling?”

Ze vertelt dat tijdens een bezoekdag de inspecteurs veel aanwezig zijn op verschillende afdelingen en in huiskamers. Daar observeren ze letterlijk cliënten en medewerkers. Zo krijgen de inspecteurs een beeld van hoe men daar leeft en werkt. Daarnaast praten ze met bewoners en hun vertegenwoordigers, medewerkers, behandelaren en de cliëntenraad. Louwes benadrukt: ,,En we controleren natuurlijk ook nog steeds op belangrijke zaken als medicatieveiligheid en vrijheidsbeperking.”

Stinkende best

Als er in een hoekje iemand een boterham in zijn eentje zit te eten, hoeft dat geen enkel probleem te zijn, aldus Korrie Louwes, hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg.

Volgens de hoofdinspecteur doen veruit de meeste verpleeghuisorganisaties hun stinkende best om te voldoen aan de nieuwe kwaliteitseisen voor goede verpleeghuiszorg. ,,En dat is niet altijd makkelijk, want door de vergrijzing en de trend dat mensen langer thuis wonen, wordt de zorgvraag alleen maar zwaarder en complexer als ouderen uiteindelijk in een verpleeghuis belanden.”

Tel daar de personeelstekorten bij op, die overigens verschillen per organisatie en regio, dan slaagt de ene organisatie er volgens Louwes beter in om goede zorg te leveren dan de andere. Ruim 71 procent van de zorgorganisaties laat cliënten waar mogelijk zelf ‘de regie voeren’ over hun leven en welbevinden. Wat wordt daarmee bedoeld?

Hoofdinspecteur Louwes legt uit: ,,Als er in een hoekje iemand een boterham in zijn eentje zit te eten, hoeft dat geen enkel probleem te zijn. Zolang diegene het zo wil en er goed over is nagedacht door het personeel wat de consequenties zijn.”

De verpleeghuisorganisaties hebben het een stuk lastiger om organisatorisch alles goed te regelen, zo blijkt uit de controles. Dat komt vaker wel dan niet door personeelstekorten. Per saldo slaagt maar ruim de helft (circa 57 procent) van de zorgorganisaties er in medewerkers beschikbaar te hebben die passen bij de aanwezige cliënten en de zorg die zij nodig hebben.

Verantwoorden

Bijna driekwart (ongeveer 74 procent) van de zorgorganisaties heeft een interne cultuur die is gericht op leren en verbeteren. Maar bij ruim een kwart is dat dus niet goed voor elkaar. Zorgprofessionals zijn ook steeds slechter te spreken over de manier waarop zij zich moeten verantwoorden voor hun werkzaamheden, constateerde de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving recent nog.

De hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg bij de IGJ concludeert dat dit het moeilijkste is wat er is: open het gesprek voeren binnen de eigen organisatie over wat er beter kan. Per saldo is Louwes echter niet ontevreden over de ontwikkelingen in de verpleeghuizen. ,,Het kan nog een slag beter, maar we maken ons geen grote zorgen.”

Op www.igj.nl/verpleeghuiszorginbeeld zijn de landelijke resultaten te zien van de toezichtbezoeken. Daarnaast is op de site van de inspectie op een overzichtskaart te zien welke instellingen er bezocht zijn en wat de bevindingen van de inspectie op deze locaties waren.

Het kan nog een slag beter, maar we maken ons geen grote zorgen, aldus Korrie Louwes, hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg.

juli 1, 2019 Posted by | bezuinigingen, Carin Gaemers, Hugo Borst, Martin van Rijn, politiek, Verpleeghuis, Zorg, zorginstellingen | , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | 1 reactie