Debat in de Digitale Hofstad

Stemmen uit de Haagse Wijken

Kabinet Rutte 2 en 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 7

 

F-16

Nederland en de andere landen van de coalitie tegen de terreurbeweging IS gaan bekijken op welke wijze hun operatie in Irak en Syrië aanvullend kan worden ondersteund. ,,We hebben successen geboekt, maar zijn er nog niet”, benadrukte minister Jeanine Hennis van Defensie woensdag na overleg van de anti-IS-coalitie in het Zuid-Duitse Stuttgart.

AD 02.10.2018

Op dit moment bestrijden vier Nederlandse F-16’s vanuit een basis in Jordanië alleen IS in Irak. Nederlandse troepen zitten in de steden Bagdad en Erbil. Ze leiden Iraakse en Koerdische strijdkrachten op, die vechten tegen terreurbeweging IS. In Irak zitten ongeveer 130 Nederlandse militairen. De Nederlandse missie duurt nog tot juni 2016. Dan nemen Belgische gevechtsvliegtuigen de taak van de Nederlanders over.

AD 30.08.2017

AD 30.08.2017

Na een lange discussie besloot het kabinet eind januari om Islamitische Staat (IS) ook boven Syrië te gaan bombarderen. Drie maanden later blijkt dat de F-16’s tot dusver nauwelijks worden gebruikt, omdat ze niet zijn uitgerust met de benodigde apparatuur.

Dat meldt het Nederlands Dagblad dinsdag. De vier gevechtstoestellen beschikken over een gewone radio, maar kunnen niet communiceren via satellieten. Concreet betekent dit dat militairen op de grond nodig zijn voor coördinatie, maar die zijn er amper in het sterk gefragmenteerde Syrië.

Telegraaf 03.10.2018

‘Gêne’

De Verenigde Staten, die de internationale coalitie tegen IS leiden, hebben de Nederlandse vliegtuigen daarom amper ingezet. ‘Ik kon een zeker gevoel van gêne niet onderdrukken toen ik dat hoorde,’ zegt VVD-kamerlid Han ten Broeke tegen de krant.

Tweede Kamerleden kwamen achter de problemen toen ze afgelopen weekend een bezoek brachten aan de basis waar de F-16’s staan, in Jordanië. Zij vragen de verantwoordelijke minister, Jeanine Hennis, nu om opheldering.

Han ten Broeke ‎@HanTenBroeke

maar wel een goed beeld gekregen van onze luchtoperatie met F16’s boven Irak (intensief) en Syrië (amper) – 18:21 – 2 mei 2016

AD 13.04.2018

Debat
Nederlandse F-16’s vliegen al langer boven Irak, waar Nederland ook helpt bij het trainen van lokale strijdkrachten. Het kabinet steggelde lang over de vraag of gevechtsvliegtuigen ook moesten worden ingezet boven Syrië, vooral de PvdA had principiële bezwaren. Na langdurig aandringen van de Verenigde Staten werd in januari besloten op de wens van de Amerikanen in te gaan.

AD 03.10.2018

Middendorp: ‘Slagkracht leger dringend omhoog’

In februari zei Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp nog dat Defensie niet wil bekendmaken hoeveel aanvallen Nederland uitvoert boven Syrië. Die informatie zou een tegenaanval van IS kunnen uitlokken.

Telegraaf 03.01.2019

AD 27.12.2018

De missie van de Nederlandse F-16’s in Syrië en Irak duurt tot 1 juli 2019. Daarna neemt België de vliegtaken over.

Emile Kossen (1992) is sinds september 2015 online redacteur bij Elsevier. Portefeuilles/interesses Verenigde Staten Latijns-Amerika Politiek Media.

Eindstrijd

De Islamitische Staat (IS) heeft zijn laatste bolwerk verloren in Syrië, maar „de dreiging is nog lang niet voorbij”, waarschuwt het kabinet. „We moeten ons nu richten op het duurzaam verslaan” van IS, aldus minister Ank Bijleveld (Defensie).

De terreurgroep is zijn laatste stukje grondgebied in het uiterste oosten van Syrië kwijt. De Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF) meldden zaterdag dat IS uit Baghouz is verdreven. De eindstrijd begon al in september. De opmars van IS begon in 2014 in Irak.

De Amerikaanse regering meldde gisteren dat IS in Syrië voor “100 procent” verslagen is. De door de Koerden geleide SDF wilden dat toen nog niet bevestigen.

Een SDF-woordvoerder spreekt vandaag wel van “de totale eliminatie” van het zelfverklaarde kalifaat. “Baghouz is bevrijd. De militaire overwinning op IS is een feit.” De laatste weken gaven veel IS-strijders zich over. Ook werden er honderden gepakt bij vluchtpogingen.

Nederland heeft tot eind vorig jaar F16 gevechtsvliegtuigen ingezet in het oosten van Syrië en in Irak. In dat laatste land zijn Nederlandse militairen nog actief. Ze trainen daar Iraakse en Koerdische militairen. „Nederland blijft betrokken bij de strijd tegen terrorisme”, twitterde minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken).

Bekijk ook;

VS: IS in Syrië is zijn laatste restjes terrein kwijt

Syrische Koerden: inname van IS-bolwerk Baghouz kost tijd

Laatste IS-enclave nu onder vuur

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Bekijk meer van; syrië  islamitische staat (is)

AD 05.01.2018

Verlenging missie

De Nederlandse bijdrage aan de internationale missie tegen ISIS wordt verlengd. De Tweede Kamerfractie van D66 heeft ingestemd met de verlenging van de missie om de Islamitische Staat te verslaan. Naast vier F-16 levert Nederland ruim 150 militaire trainers, die Iraakse veiligheidstroepen en Iraaks-Koerdische strijdkrachten opleiden en ondersteunen.

AD 21.02.2019

D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma: “D66 steunt de verlenging van de strijd tegen de Islamitische staat. Hoewel ze uit veel gebieden zijn verslagen, vormt ISIS nog steeds een bedreiging voor de regio daar en voor Europa.” Bijna de hele Tweede Kamer stemde in met verlenging van de missie, op de PVV, SP, PvdD en DENK na.

OM: vervolging Syriëgangers gaat gewoon door

Vervolging Nederlandse Syriëgangers

Het Openbaar Ministerie ziet geen reden de vervolging vervolging van sommige Nederlandse Syriëgangers stop te zetten, nu is gebleken dat de Nederlandse overheid enkele strijdgroepen in dat land zelf heeft gesteund. ,,Het gaat om niet-vergelijkbare zaken.”

AD 12.09.2018

Uitreizen en gevechts­han­de­lin­gen verrichten is iets heel anders dan wat de Nederland­se overheid heeft gedaan

Dat zei officier van justitie Haneveld vanochtend in een pro-formazitting tegen twee teruggekeerde Syriëgangers, Youssef C. en Iliass J., uit Amsterdam. Zij zouden in 2013 zijn afgereisd naar Syrië en zijn eerder dit jaar teruggekeerd.

PVV tegen

In de strijd tegen ISIS is de internationale coalitie tot nu toe succesvol geweest. 96% van het grondgebied dat ze eerst controleerden zijn ze verloren. Ruim 6,6 miljoen mensen zijn bevrijd uit de handen van ISIS. Sjoerdsma: “De missie werkt maar we zijn er nog niet. ISIS is nog niet helemaal verslagen. Ik kan dan ook niet begrijpen dat een partij als de PVV, altijd de mond vol over angst, terreur en wat de regering zou hebben nagelaten in het voorkomen daarvan, deze missie tegen terreur niet steunt.”

04.01.2018

Volgende fase

Sjoerdma vroeg in het debat aandacht voor de nieuwe fase. Sjoerdsma: “Wanneer ISIS eenmaal is verslagen, is deze missie afgerond. Dan is ons doel bereikt en dan is het ook zaak de huidige missie snel te beëindigen. Dan is het vooral aan de Irakezen, Syriërs en Koerden zélf om tot een duurzame, politieke oplossing te komen. Eventuele verlenging van Nederlandse betrokkenheid vraagt dan een nieuw besluit, en een nieuwe afweging.”

en verder:  TERREURDREIGING IN EUROPA

IS dossier- AD

Documenten;

kamerbrief over het iob onderzoek naar stabilisatieprogrammas in syrie  7 september 2018

rapport review of the monitoring systems of three projects in syria  7 september 2018

kamerbrief met voortgangsrapportage nederlandse bijdrage in strijd tegen isis

Kamerbrief aanvullende artikel 100-brief Nederlandse bijdrage aan de strijd tegen ISIS

Kamerstuk: Kamerbrief | 29-01-2016

en lees ook: De Stemming van 31 januari 2016 – Maurice de Hond

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 6

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 5

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 4

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 3

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 2

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 1

zie ook: Heeft Geert Wilders PVV toch gelijk over de dreiging van het islamitisch terrorisme

© Foto Lex van Lieshout Minister Ank Bijleveld (Defensie) en kolonel-vlieger Peter Tankink (directie Operaties) tijdens een persconferentie over een aanval van een Nederlandse F-16 op een autobommenfabriek van IS in het Iraakse Hawija in 2015.

Bijleveld erkent ‘verkeerde’ info

MSN 04.11.2019 Zeker zeventig burgers zijn in 2015 om het leven gekomen door een aanval van een Nederlandse F-16 op een autobommenfabriek van IS in het Iraakse Hawija. Dat melden NOS en NRC op basis van bronnen.

Volgens NOS en NRC heeft het Amerikaanse Pentagon bevestigd dat bij de aanval in de nacht van 3 juni zeventig burgers omkwamen. De NOS schrijft echter dat ooggetuigen spreken van veel meer doden, onder wie zeker 23 kinderen.

Ook waren er honderden gewonden. Deze site schreef al eerder dat er aanwijzingen waren dat het een Nederlands vliegtuig was dat de bom afwierp. Dat geldt ook voor een bombardement in 2015 bij Mosul waar eveneens burgerslachtoffers bij vielen. Zowel de Nederlandse als de Amerikaans overheid weigerde toen meer informatie vrij te geven over die aanvallen.

Hoeveel doden er zijn gevallen bij beide incidenten, en om welke aanvallen het gaat krijgt de Kamer vandaag voor het eerst van het kabinet te horen, ruim vier jaar nadat beide incidenten plaatsvonden, en ruim twee weken nadat de NOS en NRC Handelsblad daarover berichtten.

Rechter

Eerder besloot de rechter juist nog dat Nederland niet meer openheid hoeft te geven over de luchtaanvallen. Advocate Liesbeth Zegveld had namens twee Irakezen om meer informatie gevraagd over een bombardement op een konvooi voertuigen vanuit Mosul in 2015.

Het bleek om een stoet taxi’s te gaan waarmee burgers uit de stad vluchten. Twee passagiers, die familieleden verloren bij de aanval, hebben een procedure tegen de Nederlandse staat lopen. Zij willen weten of het een Nederlandse bom was die hun geliefden doodde.

Pas na vier jaar en vijf maanden erkent de Nederlandse staat verantwoordelijkheid voor het bombardement op een bommenfabriek in de Iraakse stad Hawija, in de nacht van 2 op 3 juni 2015. De Nederlandse regering wist al binnen twee weken dat daarbij tientallen burgers om het leven kwamen – het bleken zeventig doden, onder wie 22 vrouwen en 26 kinderen. Maar het duurde tot deze maandag voordat minister Ank Bijleveld (Defensie, CDA) bereid was meer details prijs te geven.

Die late openheid komt nadat NRC en NOS op 18 oktober na onderzoek hadden geconcludeerd dat de bom die bewuste nacht werd afgeworpen door een Nederlandse F-16. Als onderdeel van de strijd tegen Islamitische Staat, waaraan Nederland in coalitieverband deelneemt.

Bijleveld heeft met dit dossier een politiek probleem geërfd van haar voorganger Jeanine Hennis (VVD). Naar nu blijkt is niet alleen de kennis verzwegen dát er burgerslachtoffers zijn gevallen in Hawija. Ook werd de Tweede Kamer er verkeerd over geïnformeerd.

Op 24 juni 2015 antwoordde toenmalig minister van Defensie Hennis schriftelijk op vragen van de Kamer dat voor zover bekend geen burgerslachtoffers waren gevallen. Toch beschikte het ministerie toen al over een Amerikaans verslag waarin die slachtoffers wel staan vermeld. Bijleveld zegt nu: „We hadden er niets over kunnen zeggen, dat had de lijn moeten zijn. Maar dit zeggen, was verkeerd.”

Een week na die aanval meldde toenmalig minister Jeanine Hennis van Defensie aan de Kamer dat Nederland niet betrokken was bij luchtaanvallen in Irak waarbij burgerslachtoffers zouden zijn gevallen. Dat was niet correct, aldus Bijleveld nu.

Die ontkenning was fout, stelt minister Bijleveld vandaag. Of minister Hennis niet wist van de Amerikaanse conclusies, of dat ze bewust niet de waarheid sprak, schrijft ze niet. Maar het is niet de enige keer dat Hennis de Nederlandse betrokkenheid bij de dood van burgerdoden stellig ontkent.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Lees meer;

Een tweede keer dat er burgerslachtoffers vielen was in de nacht van 20 op 21 september 2015. Toen werd een aanval uitgevoerd op een vermeend hoofdkwartier van IS in de Iraakse stad Mosul. Dat bleek achteraf een complex met twee woonhuizen te zijn. Bij die aanval kwamen vier mensen uit één familie om. Deze site schreef begin dit jaar al dat Nederland waarschijnlijk verantwoordelijk was voor die aanval, op het huis van Basim Razzo en zijn gezin . Defensie wilde dat toen niet bevestigen.

De Tweede Kamer wil nu opheldering van Bijleveld, die politieke verantwoordelijkheid draagt voor de uitspraken van haar voorganger. Er werden al eerder vragen gesteld over de effecten van Nederlandse bombardementen boven Syrië en Irak, over deze specifieke aanval, maar tot maandag gaf de minister geen reactie.

GroenLinks noemt de zaak „heel ernstig” en Tweede Kamerlid Sadet Karabulut (SP) schrijft dat „Bijleveld zich niet moet verschuilen achter haar voorganger.” Joël Voordewind (ChristenUnie) noemt de kwestie „zeer kwalijk en verontrustend”. Tweede Kamerlid Salima Belhaj (D66) zegt precies te willen weten wie wat wanneer wist. Alle fracties, inclusief de gehele coalitie, willen spoedig in debat met de minister.

Want het parlement moedwillig onjuist informeren geldt als politieke doodzonde. Wat ook niet helpt: minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) zei in december tegen EenVandaag dat „we geen precieze aantallen kennen”, als het gaat over burgerslachtoffers. „We hebben niet altijd gedetailleerde informatie wat er op de grond gebeurt.” Blok richtte zich hier weliswaar niet rechtstreeks tot de Kamer, maar dat het niet klopt wat hij zei, is nu duidelijk.

Spontane openheid of afgedwongen?

Het is voor het eerst dat Nederland openheid geeft over de toedracht van een luchtaanval waarbij zoveel burgerslachtoffers vielen. In de brief die minister Bijleveld maandag naar de Kamer stuurde, erkent de staat ook de verantwoordelijkheid voor een tweede geval waarbij burgers om het leven kwamen: bij een aanval in september 2015 op een vermeend hoofdkwartier van IS in Mosul. Het doelwit klopte niet, het bleek een woonhuis, en was gebaseerd op verkeerde inlichtingen. Er kwamen „zeer waarschijnlijk” vier burgers om het leven.

Bijleveld moet de Kamer ook op een andere vraag antwoord geven: is de huidige openheid van de Nederlandse regering over de burgerslachtoffers een eigen beleidskeuze, of kón ze niet anders door de publiciteit? De minister zegt nu dat ze „sowieso van plan was” de Kamer te informeren. En dat het niets te maken had met de publicaties in de media.

Het is een opvallende verklaring voor een bewindspersoon van een ministerie dat bekend staat om een doorgaans juist behoudende koers. Ze „moest”, zegt Bijleveld in een interview met NRC, „de vliegers en anderen nog spreken” voordat ze de Tweede Kamer kon informeren. Die piloten sprak de minister afgelopen donderdag, bijna twee weken na publicatie van het onderzoek. Een gebeuren na de aankomst van de eerste F-35 in Leeuwarden waarbij die vliegers elkaar sowieso al zouden treffen.

Is afgedwongen openheid – ook over het onjuist informeren van de Kamer – voldoende voor een geloofwaardig verhaal van de minister van Defensie? Deze vragen zijn mogelijk deze week al actueel. Op dinsdag debatteert de Tweede Kamer over de begroting voor Defensie. De kunst voor Bijleveld wordt nu om dat debat niet alleen over Hawija en over het vertrouwen in haar eigen positie te laten gaan.

Bekijk ook;

Kabinet: terreurgroep IS nu duurzaam verslaan

Telegraaf 23.03.2019 Islamitische Staat (IS) heeft zijn laatste bolwerk verloren in Syrië, maar „de dreiging is nog lang niet voorbij”, waarschuwt het kabinet. „We moeten ons nu richten op een duurzame nederlaag” van IS, aldus minister Ank Bijleveld (Defensie).

De terreurgroep is zijn laatste stukje grondgebied in het uiterste oosten van Syrië kwijt. De Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF) meldden zaterdag dat IS uit Baghouz is verdreven. De eindstrijd begon al in september. De opmars van IS begon in 2014 in Irak.

De Amerikaanse regering meldde gisteren dat IS in Syrië voor “100 procent” verslagen is. De door de Koerden geleide SDF wilden dat toen nog niet bevestigen.

Een SDF-woordvoerder spreekt vandaag wel van “de totale eliminatie” van het zelfverklaarde kalifaat. “Baghouz is bevrijd. De militaire overwinning op IS is een feit.” De laatste weken gaven veel IS-strijders zich over. Ook werden er honderden gepakt bij vluchtpogingen.

Nederland heeft tot eind vorig jaar F16 gevechtsvliegtuigen ingezet in het oosten van Syrië en in Irak. In dat laatste land zijn Nederlandse militairen nog actief. Ze trainen daar Iraakse en Koerdische militairen. „Nederland blijft betrokken bij de strijd tegen terrorisme”, twitterde minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken).

Bekijk ook;

VS: IS in Syrië is zijn laatste restjes terrein kwijt

Syrische Koerden: inname van IS-bolwerk Baghouz kost tijd

Laatste IS-enclave nu onder vuur

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Bekijk meer van; syrië  islamitische staat (is)

Piloot F-16 over strijd tegen IS: Mijn grootste angst was pech

AD 21.02.2019 Nederlandse F-16 vliegers gooiden meer dan 2100 bommen op IS in Irak en Syrië. In een exclusieve 4-delige serie samen met National Geographic die elke donderdag verschijnt (zie hierboven aflevering één) vertellen ze openhartig over hun ervaringen. ,,Mijn grootste angst was dat ik pech zou krijgen in het kalifaat.’’

De ‘bulletproof mustache’ waar jachtvlieger McFLY afgelopen zomer nog mee rond liep, is verdwenen als hij het commandocentrum van vliegbasis Volkel binnenstapt. De snor die elke vlieger laat groeien zolang hij boven vijandelijk gebied vliegt, moest hem beschermen tegen komend onheil. Sinds de Amerikaans vlieger Robin Olds ermee begon in de Tweede Wereldoorlog is het een traditie onder Nederlandse vliegers en dus ook bij McFLY, zoals zijn collega’s hem altijd noemen. ,,Ik ben niet bijgelovig, maar het schept wel een enorme band als je op missie bent.’’

Lees ook;

Lees meer

Die hechte band is er nog steeds, maar nu het gevaar is geweken loopt er weer een glad geschoren McFLY naar zijn F-16 voor een trainingsmissie in eigen land. Dat is zeker niet saaier dan het gooien van bommen boven het kalifaat, vertelt hij. ,,Hier oefenen we weer andere scenario’s dan alleen het ondersteunen van grondtroepen. Dat is namelijk maar een klein deel van ons werk.’’

© Koen Verheijden

Rillingen

Nog een voordeel. Hij is weer lekker dicht bij familie en vrienden. Dat was de afgelopen vier jaar geregeld anders. Eind 2014 krijgt McFLY voor het eerst te horen dat hij zich moet melden om te vechten tegen IS. Een oproep waar elke vlieger diep in zijn hart van droomt. Dit is waarvoor ze al die jaren trainen.

En de tegenstander is er één die McFLY maar wat graag een kopje kleiner maakt. De rillingen lopen over zijn rug als hij de beelden ziet van onthoofdingen van ‘ongelovigen’. Het voelt alsof hij persoonlijk wordt aangevallen. ,,Nu kreeg ik de kans om er iets tegen te doen en te voorkomen dat IS bij ons thuis zou kunnen toeslaan.’’

McFLY trekt vol zelfvertrouwen ten strijde. Hij is eerder in Afghanistan geweest en heeft daar veel gevechtservaring opgedaan. Maar Irak is anders. Hier hebben de vliegers een tactisch groot voordeel; de kans dat ze worden neergeschoten is niet heel groot. IS beschikt niet over noemenswaardige luchtafweer. ,,Mijn grootste angst was dat mijn vliegtuig ermee zou stoppen en ik midden in die olievlek van IS terecht zou komen.’’

Mijn grootste angst was dat mijn vliegtuig ermee zou stoppen en ik midden in die olievlek van IS terecht zou komen

IS-strijders

Wat er dan kan gebeuren wordt al snel duidelijk als een Jordaanse piloot neerstort met zijn toestel en krijgsgevangen wordt gemaakt. IS-strijders hijsen hem in een oranje overall en verbranden hem levend. De beelden gaan de hele wereld over.

McFLY is op de basis in Jordanië als het drama zich voltrekt. Hij kende deze piloot niet persoonlijk, maar wat hem overkomt maakt diepe indruk. Deze barbaarse daad maakt hem wel duidelijk dat hij er alles aan zal doen om niet in handen te vallen van IS. Desnoods door zichzelf van het leven te beroven als er echt geen uitweg meer zou zijn. ,,Ik wilde mezelf die lijdensweg besparen, maar vooral ook dat ze thuis die beelden niet te zien zouden krijgen.’’

Het horrorscenario blijft McFLY en zijn collega’s bespaard. De missies verlopen voorspoedig. Samen met zijn collega’s vernietigt McFLY het ene na het andere doel. Olieopslagplaatsen. Wapendepots. Bunkers. Niet eerder in de naoorlogse geschiedenis van de luchtmacht wordt er zo intensief gebombardeerd.

Maar toch maakt de strijd op McFLY persoonlijk minder impact dan toen hij boven Afghanistan vloog. In Irak krijgen ze hun opdrachten van de Amerikanen, die weer in contact staan met de vrijheidsstrijders op de grond. ,,In Afghanistan hadden we direct contact met de militairen op de grond. We konden de stress in hun stem horen als ze onze steun nodig hadden. Voordeel nu was wel dat we rustiger konden werken. Wat de kans op fouten verkleint.’’

© ANP

Technisch defect

McFLY gooit zelf tientallen bommen op doelen van IS. Van de eerste tot de laatste is dat elke keer weer een spannend moment. Valt de bom daadwerkelijk van het toestel? Gaat het projectiel de juiste kant op? Doet het wat het moet doen? ,,Er is altijd een kleine kans op een technisch defect dus ik ben altijd opgelucht als het ding goed terecht is gekomen.’’

Met de schade en het leed die zijn bom aanricht op de grond is McFLY zo min mogelijk bezig. ,,Ik heb mij nooit afgevraagd; wat zou er nu op de grond aan de hand zijn? Als ik dat doe, kan ik mijn werk niet doen. Ik kijk vooral of mijn bom het gewenste effect heeft gehad. En of dat ging volgens de procedures.’’

© ANP

Onschuldige burgers

Dat er bij de bombardementen ook onschuldige burgers zijn omkomen, in drie gevallen waarschijnlijk ook door Nederlandse aanvallen, knaagt niet aan zijn geweten nu hij weer terug is. De Nederlandse piloten valt niets te verwijten.

Ze handelden volgens de regels, oordeelde het OM. ,,Natuurlijk is dat zeer, zeer onwenselijk. Maar het is wel een onderdeel van de strijd. Wat was er namelijk gebeurd als we daar niet waren geweest? Waren er dan nog meer doden gevallen? We moesten daar iets doen en daar sta ik nog steeds helemaal achter.’’

In totaal verblijft McFLY drie keer twee maanden op de basis in Jordanië. Trots is hij op het bereikte resultaat. Het kalifaat is zo goed als verdwenen. Maar elke keer is hij ook weer blij als hij naar huis kan. ,,Het is psychisch zwaar.

Zeker bij de laatste keer. Toen was er voor ons veel minder te doen dan in het begin. Dan hang je maar een beetje in de lucht en word je uitzendmoe. Want eigenlijk zijn wij daar niet voor. Als de grondtroepen zonder ons kunnen, zijn we de oorlog aan het winnen. Dan wordt het tijd dat wij ons terugtrekken.’’

Minister Blok houdt vertrouwen Kamer ondanks fouten bij steun Syrische rebellen

Nederlandse hulpgoederen werden tegen de afspraak ingezet bij gevechtshandelingen. SP, PVV, Partij voor de Dieren en Denk zegden hun vertrouwen in Blok op.

NOS 29.01.2019 Minister Blok van Buitenlandse Zaken houdt het vertrouwen van de Tweede Kamer ondanks missers en onduidelijkheden in het dossier over hulp aan Syrische strijdgroepen. Nieuwsuur onthulde onder meer dat de hulpgoederen ook bij terreurgroepen terechtkwamen en bij gevechtshandelingen werden gebruikt.

De SP diende een motie van wantrouwen in tegen Blok. De partij vindt dat door het geven van hulpgoederen zoals pick-uptrucks het internationaal recht geschonden lijkt, “omdat er oorlogshandelingen mee zijn verricht”. De motie werd gesteund door PVV, Partij voor de Dieren en Denk, die samen 42 van de 150 Kamerzetels hebben.

Staatsgeheim

Blok weigerde in het Kamerdebat informatie te geven over de rebellengroepen waarvoor de hulpgoederen waren bestemd. Het hulpprogramma is sinds 2015 staatsgeheim, zei Blok. Maar het Kamerstuk waarin dit staat lijkt niet te bestaan. Het is in ieder geval nog niet boven water. Wanneer het programma precies het zware stempel ‘staatsgeheim’ kreeg blijft dus onduidelijk.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken zette in november zelf per ongeluk een aantal documenten online met daarin namen van gesteunde Syrische groeperingen. De stukken werden snel weer verwijderd, maar Kamerleden hadden ze inmiddels al gedownload. Ook de journalisten van Nieuwsuur en Trouw hebben de documenten in handen.

Gevangenisstraf

Op het lekken van staatsgeheimen staat een hoge gevangenisstraf. CDA-Kamerlid Van Helvert wil weten of deze Kamerleden en journalisten nu strafbaar zijn als ze iets over de inhoud ervan zeggen. Blok zei dat hij dat aan het Openbaar Ministerie overlaat.

In april hoopt Blok meer duidelijkheid te kunnen geven over het lek bij zijn ministerie. Ook zal Blok de Wob-documenten dan weer online plaatsen, dit keer zonder de staatsgeheime informatie.

Bekijk ook;

Blok: Syrische strijdgroepen blijven staatsgeheim

Blok openbaart per abuis staatsgeheimen over Syrische strijdgroepen

Kabinet: hulp aan Syrische oppositie was binnen volkenrecht

Blok overleeft tweede motie van wantrouwen over steun Syrische groepen

AD 29.01.2019 Weer kreeg minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken een motie van wantrouwen aan zijn broek vanwege de Nederlandse steun aan de strijdende groepen in Syrië. Volgens de SP heeft de VVD-bewindsman ‘niet eerlijk gecommuniceerd’. De motie kreeg geen steun van een Kamermeerderheid.

De Tweede Kamer debatteerde vanavond over de Nederlandse steun aan strijdende partijen in Syrië. Het was niet de eerste keer – in het najaar van 2018 was het ook al onderwerp van fel debat – en het zal ook niet de laatste keer zijn. De Kamer wacht nog altijd op alle informatie, stelde CDA-Kamerlid Martijn van Helvert. ,,Dit is een tussendebat.’’

Na de eerste onthullingen van Nieuwsuur en Trouw dat de Nederlandse goederen zoals laptops en pick-uptrucks mogelijk in verkeerde handen terecht zijn gekomen zette het ministerie van Buitenlandse Zaken in november stukken online die Nieuwsuur en Trouw hadden opgevraagd met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (WOB).

In die stukken bleken echter de namen van groepen die Nederlandse goederen kregen, niet te zijn ‘weggelakt’. En dat terwijl de groepen volgens minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken staatsgeheim zijn.

Ook werd uit de documenten duidelijk dat de spullen die met Nederlands geld werden gekocht, wel degelijk werden ingezet in de gewapende strijd. Dat was niet de bedoeling van het zogeheten non-lethal assistence-programma (NLA).

Fluks werden de ‘per abuis’ geopenbaarde staatsgeheime stukken weer van de site afgehaald. Blok bood excuses aan. Een commissie doet nu onderzoek naar waarom de namen niet zwart zijn gemaakt. Pas in april verwacht Blok de documenten weer openbaar te maken.

De Kamer heeft de stukken vertrouwelijk wel kunnen inzien. Een deel van de Kamer riep Blok op om alle informatie die toch al op straat is komen te liggen nu dan ook maar openbaar te maken. Tevergeefs. ,,Dat vormt geen reden om nu ineens te zeggen: het staatsgeheim geldt nu niet meer’’, aldus Blok.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Lees meer

‘Hulp aan Syrische oppositie was illegaal’

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Lees meer

Staatsgeheim

Een deel van de Kamer wil uit het programma dat Syrische groepen steunde met goederen vooral lessen trekken voor de toekomst. Een ander deel, de SP voorop, stelt dat de Kamer niet volledig wordt geïnformeerd. Volgens SP-Kamerlid Sadet Karabulut verschuilt Blok zich achter het predicaat staatsgeheim, dat het NLA-programma in 2015 kreeg. Dat gaat ten koste van de informatiepositie van de Kamer, stelt Karabulut. Of dat stempel terecht op alle documenten werd gezet, valt immers niet te controleren.

Volgens Blok is de Kamer destijds geïnformeerd over de vertrouwelijkheid in antwoord op Kamervragen van PVV’er Raymond de Roon. In de antwoorden uit april 2015 staat echter alleen dat Nederland ‘in het belang van de veiligheid’ van de betrokken groepen ‘geen uitspraken’ doet. Het woord ‘staatsgeheim’ komt in de beantwoording niet voor, stelde Karabulut.

Net als in oktober 2018 diende de SP een motie van wantrouwen in tegen Blok. En net als drie maanden geleden was de SP-motie kansloos. Die werd naast de SP alleen gesteund door PVV, Partij voor de Dieren en Denk.

Minister Blok had een motie van wantrouwen al kunnen zien aankomen, al had hij die waarschijnlijk van een andere partij verwacht. Forum voor Democratie-voorman Thierry Baudet kondigde tijdens een proceduredebat eind november al aan om bij het eerste debat over Syrië met een motie van wantrouwen te komen. Die belofte maakte hij niet waar; hij was vanavond niet bij het debat aanwezig. Een woordvoerder van de partij reageerde niet op de vraag waarom Baudet het debat liet schieten.

Verenigde Staten begonnen met terugtrekking strijdkrachten uit Syrië

NU 11.01.2019 De Verenigde Staten zijn vrijdag begonnen met het terugtrekken van Amerikaanse strijdkrachten uit het noorden en oosten van Syrië.

Kolonel Sean Ryan, woordvoerder van de door de VS geleide coalitie in de strijd tegen Islamitische Staat, deed die verrassende mededeling in een verklaring.

Details over het “begonnen proces” gaf hij niet. Daarom is onduidelijk of in eerste instantie sprake is van een terugtrekking van materieel of dat er ook troepen vertrekken.

De VS heeft zo’n tweeduizend militairen in Syrië. Die zijn in de afgelopen jaren ingezet bij onder meer operaties van speciale eenheden tegen IS, het ondersteunen van bevriende strijders, zoals de Koerden, en het uitvoeren van luchtaanvallen op IS-doelwitten.

De Amerikaanse president Donald Trump maakte vorige maand bekend dat hij het leger wilde terugtrekken uit het land. In eerste instantie zei hij dat dit binnen 30 dagen moest zijn afgerond, maar van die deadline werd afgezien na gesprekken met leden van zijn kabinet en adviseurs.

De medeling van Trump leidde tot grote consternatie, zowel bij internationale bondgenoten als in de VS. Trump nam het besluit zonder zijn ministers of buitenlandse coalitiegenoten te raadplegen.

Koerden lastig vraagstuk voor VS

Trumps nationale veiligheidsadviseur, John Bolton, was deze week in Turkije om te onderhandelen over de Koerden in Syrië, die door de VS worden gezien als belangrijke bondgenoten in de strijd tegen IS en als middel om te voorkomen dat die terroristische organisatie opnieuw voet aan de grond krijgt.

De terugtrekking van Amerikaanse troepen kan pas gebeuren als Turkije garandeert dat het de Koerden niet zal aanvallen, zei Bolton. President Recep Tayyip Erdogan weigerde vervolgens om hem te ontmoeten. Turkije ziet de YPG-milities als terroristische organisatie.

Amerikaanse voertuigen bij de stad Hajin. (foto: AFP)

Nieuw Midden-Oostenbeleid VS nog in nevelen gehuld

Er is nog veel onduidelijk over hoe het Amerikaanse Midden-Oostenbeleid er in de toekomst zal uitzien. Volgens critici brengen Bolton, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo en het Witte Huis daar weinig verbetering in, omdat ze elkaar regelmatig lijken tegen te spreken.

Pompeo gaf donderdag een toespraak aan de American University in de Egyptische hoofdstad Caïro, waarin hij blootlegde hoe het Midden-Oostenbeleid van de regering-Trump er voortaan zal uitzien. Pompeo zei dat Amerika zich “actiever” zal laten gelden in de regio, ondanks het voornemen om alle Amerikaanse troepen terug te trekken uit Syrië.

Wat wel buiten kijf staat, is dat Iran voor het huidige Witte Huis geldt als de grote vijand. Pompeo haalde in Caïro de banden met autocratische regimes als die van Saoedi-Arabië aan en suggereerde dat het verpletteren van Iran de enige manier is om voor een stabiel Midden-Oosten te zorgen.

‘Invloed Iran moet worden teruggedrongen’

De regionale ambities van Iran moeten worden ingeperkt door een cordon van Amerikaanse bondgenoten en het land moet uit Syrië worden verdrongen, aldus de Amerikaanse minister.

Veiligheidsadviseur Bolton beloofde begin deze week dat de terugtrekking niet zal gebeuren totdat dit doel bereikt is.

Pompeo ontkende dat op donderdag, maar gaf geen details over hoe Iran effectief uit Syrië kan worden verbannen als de Amerikaanse militaire aanwezigheid wordt afgebouwd. “Er is geen sprake van een tegenstelling”, zei hij tegen journalisten. “Dat is een verhaal dat is bedacht door de media.”

De Amerikaanse minister zei dat het terugtrekken van troepen niet betekent dat de VS minder invloed zal uitoefenen.

Opvallend genoeg haalde hij later op de dag uit naar het beleid van Trumps voorganger, Barack Obama, door te stellen dat “als Amerika zich terugtrekt, chaos volgt”.

Zijn Iraanse tegenhanger, Mohammad Javad Zarif, schoot een paar uur later terug op Twitter. “Waar en wanneer de VS zich met zaken bemoeit, volgen chaos, repressie en wrok. De dag dat Iran Amerikaanse cliëntstaten nadoet, is de dag dat het vriest in de hel.”

Zie ook: VS trekt zich terug uit Syrië: ‘IS is nog lang niet dood’

Lees meer over: Syrië

Verenigde Staten trekken eerste troepen terug uit Syrië

Een konvooi met gepantserde voertuigen verliet het land via de Iraakse grens. Er bestaat veel onduidelijkheid over de terugtrekking.

NOS 11.01.2019 De VS is begonnen met het terugtrekken van militairen uit Syrië. Dat zegt een woordvoerder van het Pentagon tegen de persbureaus AP en Reuters. Hij wilde verder geen details geven over de terugtrekking, omdat dergelijke informatie militairen in gevaar kan brengen.

Het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten meldt dat afgelopen nacht de eerste troepen Syrië verlieten. Een konvooi met tien gepantserde voertuigen en enkele trucks vertrok uit de Oost-Syrische stad Rmeilan en stak vervolgens de grens met Irak over.

Kritiek op besluit Trump

Drie weken geleden kondigde de Amerikaanse president Trump onverwacht de terugtrekking aan. Volgens hem was terreurgroep IS verslagen, waarmee de missie in Syrië ten einde was.

  Donald J. Trump

@realDonaldTrump

We have defeated ISIS in Syria, my only reason for being there during the Trump Presidency.

De aankondiging kwam hem op veel kritiek te staan vanuit het buitenland en ook vanuit zijn eigen Republikeinse Partij. “Het zou een grote overwinning zijn voor IS, Iran, president Assad van Syrië en Rusland”, zei de Republikeinse senator Graham. Zijn collega Rubio sprak over een “ernstige fout”.

Minister van Defensie Jim Mattis kondigde een dag na Trumps aankondiging zijn vertrek aan. Hij was het niet eens met de terugtrekking. Het besluit was voor hem de druppel in de relatie met Trump. Mattis verschilde vaak van inzicht met zijn baas.

Onduidelijkheid

Trumps veiligheidsadviseur John Bolton nuanceerde zondag nog wel de woorden van zijn president. Hij benadrukte dat Amerikaanse troepen pas echt Syrië verlaten als IS definitief is verslagen en Turkije de veiligheid kan garanderen van Koerdische YPG-milities die aan Amerikaanse kant hebben gevochten.

Nu de terugtrekking alsnog is begonnen, blijft onduidelijk wat precies de plannen van de Amerikanen zijn. De VS heeft naar schatting nog zo’n 2000 militairen in het land, formeel als adviseurs en trainers.

Bekijk ook;

Erdogan geeft Trump-adviseur Bolton veeg uit de pan over Syrië

VS: we gaan pas weg uit Syrië als IS volledig is verslagen

Amerikaanse minister van Defensie vertrekt, niet op één lijn met president

Erdogan geeft Trump-adviseur Bolton veeg uit de pan over Syrië

De Amerikaanse veiligheidsadviseur had gehoopt met veiligheidsgarantie voor de Koerden uit Ankara te vertrekken.

NOS 08.01.2019 De Turkse president Erdogan heeft in een toespraak voor partijgenoten scherpe kritiek geuit op de Amerikaanse veiligheidsadviseur Bolton. Die heeft volgens hem een ernstige fout gemaakt door eisen te stellen aan Turkije’s militaire rol in Syrië, na het vertrek van de Amerikanen.

Bolton was sinds gisteren in Ankara om met zijn Turkse ambtgenoot te praten over het beschermen van de Koerden in Noord-Syrië. Hij wil dat Turkije de veiligheid van de Koerdische YPG-strijders garandeert zodra de Amerikaanse militairen zijn vertrokken. Die strijders zijn bondgenoten van de VS.

Turkije ziet de YPG-milities juist als een verlengstuk van terreurorganisatie PKK en bereidt een nieuwe militaire interventie in Noord-Syrië voor. “Zij die zich in deze ‘terreurcorridor’ bevinden, zullen hun verdiende loon krijgen”, zei Erdogan.

Nieuwsuur

De president bezwoer zijn parlementsfractie dat van concessies geen sprake kan zijn. “Als het om terroristen gaat, zullen we alles doen wat noodzakelijk is, ongeacht hun afkomst.”

Op Trumps bekendmaking vorige maand dat hij de militairen terugtrekt, kwam veel internationale kritiek. Voornamelijk omdat hij daarmee de weg zou vrijmaken voor een Turkse aanval op de Koerden. De Amerikaanse minister van Defensie Mattis stapte zelfs op omdat hij het er niet mee eens was.

Bolton zei zondag nog dat de VS het gebied pas zal verlaten als terreurorganisatie Islamitische Staat definitief is verslagen en Turkije de veiligheid van de Koerden kan garanderen. Ook wilde hij dat de Turken hun militaire plannen met de Amerikanen zouden afstemmen.

De verwachting was dat Bolton ook een ontmoeting met president Erdogan zou hebben, maar die had andere verplichtingen.

Bekijk ook;

VS: we gaan pas weg uit Syrië als IS volledig is verslagen

‘Amerikaans vertrek uit Syrië drijft Koerden in handen van Assad’

Koerden boos om terugtrekken VS: ‘Het voelt als verraad’

Turkse president Erdogan weigert adviseur van Trump te ontmoeten

AD 08.01.2019 De Turkse president Recep Tayyip Erdogan weigert in gesprek te gaan met John Bolton, de veiligheidsadviseur van Donald Trump, die vandaag in Ankara was. Erdogan is boos dat de VS veiligheidsgaranties wil voor de Koerdische bondgenoten in de regio.

Bolton zei zondag dat Washington de Amerikaanse militairen pas volledig kan terugtrekken uit Syrië wanneer Turkije veiligheidsgaranties geeft voor de Koerdische YPG-milities in het land.

De VS vocht samen met de YPG tegen Islamitische Staat (IS), maar Turkije beschouwt de milities als een verlengstuk van de Koerdische terreurbeweging PKK. Erdogan noemde de voorwaarde van de VS voor vertrek uit Syrië ‘een grote fout’.

IS wordt uitgeschakeld

De Amerikaanse adviseur John Bolton sprak wel met zijn Turkse ambtsgenoot Ibrahim Kalin. © AP

Hij zei dat Turkije voorbereidingen treft voor het aanpakken van IS in het noorden van Syrië. Hij benadrukte dat IS samen met ‘andere terreurgroepen’ zal worden uitgeschakeld. Een woordvoerder van Erdogan zei dat Ankara Washington geen toestemming gaat vragen voor een operatie in Syrië.

In december vorig jaar kondigde Trump aan dat hij de ongeveer 2000 Amerikaanse militairen uit Syrië zou terugtrekken. Langer blijven is volgens Trump niet nodig omdat IS in Syrië zou zijn verslagen. Volgens het in Groot-Brittannië gevestigde Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten is de terreurgroep echter niet uitgeschakeld.

De organisatie meldde dat IS gisteren een aanval uitvoerde op de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF), die worden geleid door de Koerden. Daardoor werden 23 SDF-strijders gedood en raakten dertig anderen gewond.

Erdogan: Klaar om militair in te grijpen in Syrië

NU 08.01.2019 De Turkse president Recep Tayyip Erdogan zegt dinsdag dat Turkije klaar is met de voorbereidingen voor militair ingrijpen in Syrië.

Turkije heeft troepen naar de grens met Syrië gestuurd nadat de Verenigde Staten vorige maand bekendmaakten zich op een niet nader genoemde termijn terug te trekken uit het land.

Hierbij benoemde de nationaal veiligheidsadviseur John Bolton vorige week wel dat de VS de garantie van Turkije wil dat de Koerden niet aangevallen worden.

Erdogan noemt deze voorwaarde dinsdag “een serieuze fout” en stelt dat Turkije nooit tot een compromis zal komen als het gaat over de YPG-milities. Bolton is dinsdag in Turkije om de situatie rond de Koerden te bespreken.

Tot een ontmoeting tussen Bolton en Erdogan zal het dinsdag niet komen. De Turkse president heeft op het laatste moment afgezegd. Hij gaf aan dat het in verband met de lokale verkiezingen en een geplande toespraak in het Turkse parlement niet in zijn programma paste.

De VS heeft de Koerden als steun gezien bij het verdrijven van IS, maar Erdogan zei eerder al dat hij de YPG-milities als terroristische organisatie ziet.

Zie ook: VS trekt zich terug uit Syrië: ‘IS is nog lang niet dood’

Lees meer over: Syrië Buitenland

Trump en Macron bespreken Amerikaanse terugtrekking uit Syrië

NU 08.01.2019 De Amerikaanse president Donald Trump heeft maandag een lang telefoongesprek met zijn Franse ambtgenoot Emmanuel Macron gevoerd over de terugtrekking van Amerikaanse troepen uit Syrië.

De twee leiders bespraken uitgebreid de situatie in het land in het Midden-Oosten. Zowel Trump als Macron benadrukte het doel om de terroristische organisatie Islamitische Staat (IS) te “vernietigen” en uit het land te verdrijven, zo stelde het Witte Huis in een verklaring.

Ook het gebruik van chemische wapens in Syrië kwam als gespreksonderwerp aan bod. Het regime van de Syrische president Bashar Al Assad wordt ervan beschuldigd meerdere keren gifgasaanvallen te hebben uitgevoerd op burgers.

De beslissing van Trump om de Amerikaanse troepen terug te trekken uit Syrië zorgde in binnen- en buitenland voor veel kritiek. Vooral Trumps opvatting dat IS al verslagen is, kon op veel onbegrip rekenen.

Zie ook: VS trekt zich terug uit Syrië: ‘IS is nog lang niet dood’

Trump blijft ondanks teleurstelling Macron bij besluit

Macron liet na de aankondiging van Trump in december al weten teleurgesteld te zijn over het besluit. De Franse president zette zelfs vraagtekens bij de betrouwbaarheid van de Verenigde Staten als bondgenoot in de coalitie in Syrië.

Het Witte Huis meldde dat Trump ook na het telefoongesprek bij zijn beslissing blijft. De Franse troepen blijven voorlopig nog wel in Syrië.

Het besluit van Trump om uit Syrië te vertrekken, leidde al tot het opstappen van verschillende kopstukken uit zijn regering, onder wie minister van Defensie Jim Mattis.

Zie ook: Macron: ‘Vraagtekens bij betrouwbaarheid VS na terugtrekking uit Syrië’

Lees meer over: Frankrijk Syrië Verenigde Staten  Donald Trump Emmanuel Macron

Rechtszaak om Nederland­se bombarde­men­ten boven Irak

AD 08.01.2019 De Nederlandse staat moet meer informatie vrijgeven over de bombardementen die ze heeft uitgevoerd boven Syrië en Irak. Advocate Liesbeth Zegveld begint daarom dit jaar een rechtszaak namens een Irakees die gewond raakte én zijn moeder verloor door een bombardement, vermoedelijk uitgevoerd door de Westerse coalitie.

De moeder van Mohammed Ahmed, een Irakese student, kwam om op 26 januari 2015 om het leven toen de twee in een konvooi taxi’s vanuit de door IS bezette stad Mosul probeerden te ontsnappen. De taxi’s werden gebombardeerd. De Westerse coalitie, waar Nederland deel van uitmaakt, bombardeerde toen in dat gebied. Bij de aanval vielen meer doden, Ahmed zelf raakte gewond.

Een eerste verzoek van Zegveld aan de Nederlandse staat om meer informatie liep op niets uit. Daarom stapt ze nu naar de rechter. De advocate weet niet of Nederland bij de aanval betrokken was, maar wil op deze manier achterhalen door welke landen het betreffende bombardement werd uitgevoerd.

Advocate Liesbeth Zegveld: ,,Mijn cliënt heeft op zich niets tegen de rol van de coalitie in de oorlog in zijn land, maar dan moet die coalitie wel haar verantwoordelijkheid nemen. Het geldt ook voor Nederland: we willen meedoen met de grote jongens, maar dan moet je na A ook B zeggen.“

President Erdogan uit scherpe kritiek op John Bolton AFP

Erdogan geeft Trump-adviseur Bolton veeg uit de pan over Syrië

NOS 08.01.2019 De Turkse president Erdogan heeft in een toespraak voor partijgenoten scherpe kritiek geuit op de Amerikaanse veiligheidsadviseur Bolton. Die heeft volgens hem een ernstige fout gemaakt door eisen te stellen aan Turkije’s militaire rol in Syrië, na het vertrek van de Amerikanen.

Bolton was sinds gisteren in Ankara om met zijn Turkse ambtgenoot te praten over het beschermen van de Koerden in Noord-Syrië. Hij wil dat Turkije de veiligheid van de Koerdische YPG-strijders garandeert zodra de Amerikaanse militairen zijn vertrokken. Die strijders zijn bondgenoten van de VS.

Turkije ziet de YPG-milities juist als een verlengstuk van terreurorganisatie PKK en bereidt een nieuwe militaire interventie in Noord-Syrië voor. “Zij die zich in deze ‘terreurcorridor’ bevinden, zullen hun verdiende loon krijgen”, zei Erdogan.

@Nieuwsuur

De president bezwoer zijn parlementsfractie dat van concessies geen sprake kan zijn. “Als het om terroristen gaat, zullen we alles doen wat noodzakelijk is, ongeacht hun afkomst.”

Op Trumps bekendmaking vorige maand dat hij de militairen terugtrekt, kwam veel internationale kritiek. Voornamelijk omdat hij daarmee de weg zou vrijmaken voor een Turkse aanval op de Koerden. De Amerikaanse minister van Defensie Mattis stapte zelfs op omdat hij het er niet mee eens was.

Bolton zei zondag nog dat de VS het gebied pas zal verlaten als terreurorganisatie Islamitische Staat definitief is verslagen en Turkije de veiligheid van de Koerden kan garanderen. Ook wilde hij dat de Turken hun militaire plannen met de Amerikanen zouden afstemmen.

De verwachting was dat Bolton ook een ontmoeting met president Erdogan zou hebben, maar die had andere verplichtingen.

Bekijk ook;

VS: we gaan pas weg uit Syrië als IS volledig is verslagen

‘Amerikaans vertrek uit Syrië drijft Koerden in handen van Assad’

Koerden boos om terugtrekken VS: ‘Het voelt als verraad’

VS: Troepen alleen weg uit Syrië als Turkije veiligheid Koerden garandeert

NU 06.01.2019 De Amerikaanse nationaal veiligheidsadviseur John Bolton stelt zondag dat de Verenigde Staten de troepen alleen terugtrekken uit Syrië als Turkije de veiligheid van de Koerdische YPG-milities kan garanderen.

Volgens persbureau AP vinden volgende week onderhandelingen plaats met Turkije over de Koerden. 

De VS heeft de Koerden als steun gezien in het verdrijven van IS. Turkije ziet de YPG-milities echter als terroristische organisatie.

Vorige maand maakte de Amerikaanse president Donald Trump bekend dat hij de troepen uit Syrië zal halen, wat hem op kritiek kwam te staan. Turkije heeft na deze bekendmaking de troepen bij de grens met Syrië versterkt.

Bolton zei zondag ook dat Trump IS verslagen wil hebben. Een indicatie van wanneer de troepen uit het land verwijderd moeten worden, werd door Bolton niet gegeven.

Zie ook: VS trekt zich terug uit Syrië: ‘IS is nog lang niet dood’

Lees meer over: Syrië Buitenland

Veiligheidsadviseur John Bolton ANP

VS: we gaan pas weg uit Syrië als IS volledig is verslagen

NOS 06.01.2019 Amerikaanse troepen verlaten het noordoosten van Syrië pas als Islamitische Staat definitief is verslagen en Turkije de veiligheid kan garanderen van Koerdische YPG-milities die aan Amerikaanse kant hebben gevochten.

Dat heeft John Bolton, de veiligheidsadviseur van president Trump, gezegd in Israël. Hij reisde daarnaartoe om de regering gerust te stellen over de aangekondigde terugtrekking van de Amerikaanse troepen.

Bolton zei niet wanneer die terugtrekking zal plaatsvinden. Er is volgens hem geen tijdsschema aan verbonden. Wel noemde hij de aanwezigheden van de troepen in Syrië “niet onbeperkt”.

De VS heeft ongeveer 2000 militairen in Syrië. Medio vorige maand kondigde president Trump aan hen naar huis te halen, omdat IS zou zijn verslagen. Verschillende bronnen spraken toen over een terugtrekking ergens binnen de 30 tot 100 dagen.

De aankondiging kwam Trump op een storm van internationale kritiek te staan. Terugtrekking van de troepen zou de weg kunnen vrijmaken voor een mogelijke Turkse aanval op de Koerdische strijders in Syrië. Turkije ziet de YPG-milities als een verlengstuk van terreurorganisatie PKK.

Beschermd

John Bolton reist volgens persbureau AP morgen naar Turkije om af te dwingen dat de Koerden worden beschermd. “We zullen niet toestaan dat Turkije Koerden doodt”, zei president Trump daar al eerder over.

Bolton zei dat de VS de Koerden heeft gevraagd geen steun en bescherming te gaan zoeken bij Rusland of Syrië. Ambassadeur Jim Jeffrey reist als speciale Amerikaanse gezant komende week naar Syrië om de Koerdische troepen gerust te stellen en hun te verzekeren dat ze niet in de steek worden gelaten.

Bekijk ook;

VS gaat laatste troepen terugtrekken uit Syrië

Frankrijk houdt troepen in Syrië, “want IS blijft gevaar”

Koerden boos om terugtrekken VS: ‘Het voelt als verraad’

President Trumps veiligheidsadviseur Bolton reageert daarmee op de onrust die is ontstaan na Trumps aankondiging om de Amerikaanse troepen uit het land terug te trekken.

‘Trump wil garanties voor Koerden’

AD 06.01.2019 De Amerikaanse regering wil voordat de militairen worden teruggetrokken uit Syrië garanties van Turkije voor de veiligheid van de Koerdische strijders die hun bondgenoten zijn in de regio. Dat heeft Trumps veiligheidsadviseur John Bolton zondag gezegd in Israël waar hij is voor overleg met premier Benjamin Netanyahu.

Volgens de krant Haaretz moet voor het vertrek van de Amerikanen tevens vaststaan dat Islamitische Staat is verslagen. Een woordvoerder van de nationale veiligheidsraad (NSC) bevestigde de berichten. Washington is onder meer bezorgd over wat er met zijn Koerdische geallieerden in de strijd tegen IS gaat gebeuren als Turkije zich sterker manifesteert in Syrië.

,,We denken niet dat de Turken militaire operaties moeten ondernemen die niet volledig zijn afgestemd met de VS en waarmee de VS hebben ingestemd”, aldus Bolton. President Trump verlangt van zijn Turkse collega Recep Tayyip Erdogan, die in de Koerdische YPG-milities een verlengstuk van de terreurorganisatie PKK ziet, dan ook een gepaste adhesiebetuiging. ,,Er zijn doelen, die we willen halen en die van invloed zijn op het vertrek uit Syrië”.

De repatriëring van de 2000 Amerikaanse soldaten zou langzamer kunnen verlopen dan Trump voor de kerst in het vooruitzicht had gesteld. ,,Tijdplannen ontstaan door het voldoen aan de voorwaarden en door het creëren van de omstandigheden die we willen zien”, zei Bolton, die dinsdag doorreist naar Turkije. Hij gaf ook aan dat de Amerikaanse aanwezigheid in het zuiden van Syrië langer kan duren dan in het noorden.

Biertje voor onze F16-helden

Telegraaf 02.01.2019 De F16’s die hebben meegevochten tegen IS zijn na drie jaar weer teruggekeerd in Nederland.

Vier Nederlandse F16’s landen op vliegbasis Volkel na strijd tegen IS

NU 02.01.2019 Vier van de zes Nederlandse F-16’s die zijn ingezet tegen de strijd tegen IS zijn woensdag teruggekeerd naar vliegbasis Volkel. Jordanië was bijna drie jaar lang de basis voor de oorlog boven Irak en Syrië.

F-16’s komen thuis na luchtoorlog tegen IS

Telegraaf 02.01.2019 De Nederlandse F-16’s die hebben meegedaan aan de strijd tegen terreurgroep IS komen woensdagmiddag weer thuis. Ze vliegen vanuit Jordanië, bijna drie jaar lang hun uitvalsbasis voor de luchtoorlog boven Irak en Syrië, terug naar Nederland.

Nederland droeg met vier gevechtsvliegtuigen en twee reservetoestellen bij aan de strijd tegen de moslimextremisten, die inmiddels op zijn einde loopt. Maandag, op oudejaarsdag, voerden ze hun laatste missies uit, om vervolgens terug te vliegen naar Volkel en Leeuwarden. De 150 man personeel die de F-16’s en hun piloten in de lucht hield, volgt later deze week.

Het was voorlopig de laatste grote missie voor de F-16’s. Dit jaar moeten ze klaarstaan voor de NAVO en bewaken ze het luchtruim van de Benelux. Bovendien moeten de vliegers in Nederland in de loop van het jaar aan de slag met hun nieuwe toestel, de F-35 alias JSF.

Vier van de zes F-16’s worden rond 15.30 uur verwacht op vliegbasis Volkel. Hun bemanning wordt daar onder meer onthaald door de commandant van de luchtmacht en door de baas van de Nederlandse missie. De andere twee kisten vliegen door naar Leeuwarden. Op de terugkeer van de F-16’s komen naar verwachting ook veel vliegtuigspotters en andere belangstellenden af.

Bekijk meer van; f-16 islamitische staat (is) ministerie van defensie

Nederland­se F-16’s keren terug van luchtoor­log tegen IS

AD 02.01.2019 De Nederlandse F-16’s die hebben meegedaan aan de strijd tegen terreurgroep IS komen woensdagmiddag weer thuis. Ze vliegen vanuit Jordanië, bijna drie jaar lang hun uitvalsbasis voor de luchtoorlog boven Irak en Syrië, terug naar Nederland.

Nederland droeg met vier gevechtsvliegtuigen en twee reservetoestellen bij aan de strijd tegen de moslimextremisten, die inmiddels op zijn einde loopt. Maandag, op oudejaarsdag, voerden ze hun laatste missies uit, om vervolgens terug te vliegen naar Volkel en Leeuwarden. De 150 man personeel die de F-16’s en hun piloten in de lucht hield, volgt later deze week.

Lees ook;

Ongeschonden uit de strijd tegen IS

Lees meer;

Het was voorlopig de laatste grote missie voor de F-16’s. Dit jaar moeten ze klaarstaan voor de NAVO en bewaken ze het luchtruim van de Benelux. Bovendien moeten de vliegers in Nederland in de loop van het jaar aan de slag met hun nieuwe toestel, de F-35 ofwel JSF.

Vier van de zes F-16’s worden rond 15.30 uur verwacht op vliegbasis Volkel. Hun bemanning wordt daar onder meer onthaald door de commandant van de luchtmacht en door de baas van de Nederlandse missie. De andere twee kisten vliegen door naar Leeuwarden. Op de terugkeer van de F-16’s komen naar verwachting ook veel vliegtuigspotters en andere belangstellenden af.

Een kerstboompje staat voor de hangars op de Nederlandse basis in Jordanië. De vliegtuigen komen snel terug naar Nederland. Ⓒ ANP Handouts

Nederlandse F-16’s terug uit Irak en Syrië

Telegraaf 31.12.2018 Het werk voor de zes Nederlandse F-16’s in de luchtoorlog tegen terreurgroep IS zit erop. Ze komen woensdag terug naar Nederland.

De gevechtsvliegtuigen, met in totaal 150 man personeel, opereerden sinds begin dit jaar vanaf een eigen luchtmachtbasis in buurland Jordanië. Ze bestookten vele honderden doelwitten in Irak en Syrië en ondersteunden of ontzetten militairen op de grond.

Maar nu de strijd tegen IS op zijn einde loopt, is er steeds minder te bombarderen. Bovendien moeten de vliegers in Nederland aan de slag met hun nieuwe toestel, de F-35 alias JSF en zijn ze nodig voor de NAVO.

Tot op het laatst vlogen de F-16’s nog vrijwel dagelijks uit, zei de baas van de Nederlandse missie afgelopen weekend. De bondgenoten zetten de strijd ook gewoon voort, maar nu zonder hulp van Nederlandse vliegtuigen.

Tenzij Nederland zich bedenkt en toch actief blijft in Syrië, zoals de ChristenUnie inmiddels bepleit. De regeringspartij vindt dat Nederland met andere bondgenoten in het gat moet springen dat de Amerikanen achterlaten nu die hun handen van Syrië aftrekken.

De Nederlandse piloten voerden meer dan 3000 missies uit, en dat vrijwel zonder kleerscheuren. In 2015 werd een F-16 nog geraakt door geweervuur, maar daarvan was afgelopen jaar ook geen sprake.

Omdat het teruggedrongen IS gaandeweg overschakelde op guerrilla-tactieken, werd de kans wel steeds groter dat de vliegers burgerslachtoffers zouden maken. Maar tot dusver heeft justitie nooit vastgesteld dat fouten van Nederlandse piloten mensenlevens hebben gekost.

Nederland trekt zich niet helemaal terug uit de strijd tegen IS. Nederlandse militairen trainen komend jaar Iraakse en Koerdische strijders om het tegen de terreurgroep op te nemen.

Bekijk meer van; f-16 irak syrië

F-16-missie Midden-Oosten beëindigd

RO 31.12.2018 Het werk voor de Nederlandse F-16-gevechtsvliegtuigen in het Midden-Oosten zit erop. De toestellen vlogen het afgelopen jaar meer dan 3.000 missies boven Irak en Oost-Syrië. Daarbij werden ongeveer 2.100 keer wapens ingezet tegen terreurorganisatie ISIS.

De 6 F-16’s, waaronder 2 reservetoestellen, opereerden vanuit Jordanië. Samen met andere landen ondersteunden ze troepen op de grond. De jachtvliegtuigen vielen ISIS-doelen aan zoals voertuigen, logistieke opslagplaatsen en wapenopstellingen.

Nederland kan niet langer bijdragen aan de anti-ISIS-coalitie vanuit Jordanië. Defensie moet namelijk eenheden beschikbaar hebben voor diverse snel inzetbare eenheden en de NAVO. Ook geeft het ruimte voor de overgang naar het nieuwe gevechtsvliegtuig, de F-35.

Nederland blijft zich wel actief inzetten voor een stabiel Irak. Zo leiden Nederlandse militairen in verschillende missies Iraakse strijdkrachten op. “De strijd tegen Islamitische Staat is nog niet gestreden en de huidige stabiliteit in Irak is nog broos”, zei minister Ank Bijleveld-Schouten vorige week.

Ze was samen met staatssecretaris Barbara Visser op kerstbezoek bij Nederlandse militairen die werken in het land.

De F-16’s keren 2 januari terug in Nederland. Het merendeel van het 150-koppige detachement zet later deze week weer voet op Nederlandse bodem.

Zie ook;

Coalitiepartij ChristenUnie wil nieuwe Syrië-missie

Kamerlid Joël Voordewind zegt in Trouw dat de Koerden gevaar lopen en IS de kans krijgt om zich te hergroeperen nu de Amerikanen zich terugtrekken.

NOS 28.12.2018 De ChristenUnie wil een nieuwe missie van het Nederlandse leger in Syrië. De regeringspartij wil dat EU-landen de Fransen en Britten gaan bijstaan in de strijd tegen IS nu de Amerikanen vertrekken. Minister Blok moet in Europa het initiatief nemen tot een ‘coalition of the willing’ waarmee de EU de Amerikaanse inzet in Syrië overneemt.

Tegen de NOS zegt Kamerlid Joël Voordewind dat een dergelijke oproep “gratuit is als je zelf niet bereid bent deel te nemen aan zo’n missie. Hoe dat eruit ziet, laat ik aan de generaals”.

Voordewind zegt in Trouw dat hij de risico’s van een volledige westerse terugtrekking te groot vindt. “We hebben met onze Koerdische bondgenoten op de grond veel moeite gestoken in de strijd tegen IS. Als we ons nu terugtrekken, dreigen Assad of Turkije het Koerdisch gebied onder de voet te lopen.”

Voordewind vreest dat IS zich kan hergroeperen als de Koerden hun militaire kracht op andere plekken nodig hebben. Wat andere regeringspartijen van het plan van de ChristenUnie vinden is onduidelijk.

Missie loopt af

De risico’s voor de Nederlandse troepen zijn volgens Voordewind beperkt. “Het draait om afschrikking zodat Turkije de Koerden niet zomaar kan aanvallen. De Europese Unie kan die bufferrol op een soortgelijke manier als de Amerikanen met beperkte middelen vervullen.

De afgelopen jaren was Nederland met F-16’s actief in Syrië. Deze missie, waarbij bases van IS vanuit de lucht werden gebombardeerd, loopt 31 december 2018 af.

Bekijk ook;

lees ook; ChristenUnie krijgt weinig bijval voor nieuwe missie in Syrië

Koerden boos om terugtrekken VS: ‘Het voelt als verraad’

Zorg over plannen Amerikaanse terugtrekking uit Afghanistan

Frankrijk houdt troepen in Syrië, “want IS blijft gevaar”

Overzicht: Onderzoek naar steun aan Syrische strijdgroepen

De laatste frontlinie in Syrië: ‘Hier lang blijven, is te gevaarlijk’

ChristenUnie wil nieuwe Syrië-missie

Telegraaf 28,12,2018 Regeringspartij ChristenUnie wil dat Nederland militairen naar Syrië stuurt of de huidige missie voortzet nu president Donald Trump heeft besloten om de Amerikaanse troepen terug te halen uit Syrië. Dat schrijft dagblad Trouw dat Kamerlid Joël Voordewind citeert.

Voordewind vindt de risico’s van westers terugtrekken te groot. Daarom roept hij in eerste instantie de EU op de Fransen en Britten te hulp te schieten nu de Amerikanen zich terugtrekken. Het ligt dan volgens hem voor de hand dat ook Nederland een bescheiden bijdrage levert.

„We hebben samen met onze Koerdische bondgenoten op de grond veel moeite gestoken in de strijd tegen IS”, aldus Voordewind. „Als we ons nu terugtrekken dreigen Assad of Turkije het Koerdisch gebied onder de voet te lopen.

Volgens Trump neemt Turkije de strijd tegen IS dan wel over, maar dat is wensdenken. Turkije is juist een uitvalsbasis voor IS geweest.”

Nederlandse F-16’s zijn de afgelopen tijd ingezet tegen IS in Oost-Syrië en Irak. Die bijdrage stopt eind deze maand. Zowel een verlengde missie met de F-16’s als de inzet van grondtroepen is voor Voordewind bespreekbaar. Welke bijdrage Nederland precies levert, laat hij aan de minister van Defensie.

’IS nog niet verslagen’

Trump stelde vorige week dat de Amerikaanse terugtrekking kan beginnen omdat IS is verslagen. Maar minister Ank Bijleveld (Defensie) zei in de Kamer dat de terreurgroep nog niet is verslagen. „IS kan zo weer naar boven komen.” Er zijn volgens haar nog enkele duizenden IS-strijders in Syrië en Irak.

lees ook; ChristenUnie krijgt weinig bijval voor nieuwe missie in Syrië

Bekijk meer van; militairen ChristenUnie syrië

Ongeschonden uit de strijd tegen IS

AD 27.12.2018 Nog 5 dagen te gaan. Dan zit de luchtoorlog tegen IS erop voor de Nederlandse militairen. Met opgeheven hoofd verlaten ze het slagveld. Er zijn geen slachtoffers aan eigen zijde, maar mede dankzij hun inzet is het kalifaat gedecimeerd tot een ‘postzegel’.

Hennis waarschuwt Trump: IS niet verslagen

AD 24.12.2018 De nieuwe VN-gezant in Irak, oud-minister Jeanine Hennis, waarschuwt dat Islamitische Staat (IS) nog niet is verslagen. De Amerikaanse president Donald Trump verraste vorige week vriend en vijand door de overwinning uit te roepen op de terreurgroep in Syrië. Hij kondigde daarop aan dat hij de troepen naar Amerika terughaalt.

Hennis benadrukt dat IS weliswaar militair is verslagen, maar nog altijd bestaat. Dat blijkt onder meer uit de aanslagen die de terreurgroep nog steeds pleegt. ,,We moeten daar niet lichtvaardig mee omgaan, dat kunnen we niet veronachtzamen.’’

Hennis zit sinds een dikke week in Bagdad om leiding te geven over de vijfhonderd man tellende VN-missie in het land. Het gaat volgens haar nog wel even duren voordat IS verslagen is. ,,We moeten een lange adem hebben om die definitief de kop in te drukken.’’ Het Amerikaanse besluit kwam ook in Irak als een verrassing. ,,Er werd hier ook van opgekeken.’’ Als de terreurgroep in Syrië weer aan kracht wint, is de vrees dat hetzelfde in Irak kan gebeuren.

Gevolgen

Over de gevolgen van het besluit van Trump voor haar missie kan ze nog weinig zeggen. ,,Dat is nu nog moeilijk te zeggen, maar het is een feit dat Irakezen alles op orde proberen te krijgen. Het is niet zonder risico, deze beslissing.’’

Er zijn nog enkele duizenden Amerikaanse militairen in Irak. De regering in Bagdad heeft volgens Hennis hierover goede afspraken met de Amerikanen gemaakt.

Strijd gaat door

Het vertrek van de Amerikanen uit Syrië is niet het signaal dat de strijd tegen IS stopt, benadrukt generaal-majoor Christopher Ghika. Hij is de plaatsvervangend bevelhebber van de internationale coalitie tegen IS. De strijd tegen IS wordt gewoon doorgezet, aldus de Brit. Hij zegt ook, als de Amerikanen het Syrische strijdtoneel hebben verlaten, over voldoende militairen en materieel te beschikken. ,,Ik ben ervan overtuigd dat onze troepen hun doel zullen bereiken.’’

Nederland draagt volgend jaar bij met vijftig man aan de internationale coalitie tegen IS. Die geven trainingen in Noord-Irak. Ook geven in Bagdad een klein aantal Nederlandse commando’s trainingen aan Iraakse special forces.

Onzekerheid alom na militaire besluiten Trump

Elsevier 21.12.2018 In het Westen is verbijsterd gereageerd op het besluit van Donald Trump om de Amerikaanse troepen terug te halen uit Syrië en Afghanistan. Critici, onder wie ook diverse Republikeinse partijgenoten, zijn bezorgd omdat zij vrezen dat het vertrek van de soldaten de instabiliteit en het geweld zullen vergroten.

Toch krijgt Trump ook bijval, omdat hij zich met de beslissing aan zijn beloften aan zijn kiezers houdt. Het vertrek van minister van Defensie James Mattis doet eveneens veel stof opwaaien.

‘We hebben gewonnen tegen IS,’ zei Trump woensdag in een videoboodschap op Twitter. ‘We hebben ze verslagen, flink verslagen, we hebben het land teruggenomen en nu is het tijd voor onze troepen om thuis te komen.’ De president noemt het ‘hartverscheurend’ om de nabestaanden van gesneuvelde soldaten te spreken.

Trump zegt dat de slachtoffers, ‘grote Amerikaanse helden (…) van bovenaf op ons neerkijken’. De circa 2.000 soldaten in Syrië komen volgens hem allemaal terug. ‘We hebben gewonnen. Dat is hoe we het willen. Dat is hoe zij het willen,’ sluit de president de boodschap af terwijl hij naar boven wijst.

  Donald J. Trump

De beslissing lijkt lijnrecht in te gaan tegen de plannen van Trumps adviseurs. Zo zei buitenlandadviseur John Bolton in september nog dat Amerikaanse troepen niet zouden vertrekken zolang Iran in Syrië (militaire) invloed uitoefent. Het besluit kreeg dan ook direct stevige kritiek van Republikeinse partijgenoten.

Senator en voormalig presidentskandidaat Marco Rubio spreekt van ‘een ernstige fout die grotere implicaties zal hebben dan alleen de strijd tegen IS. Ook senator Lindsey Graham is op Twitter duidelijk: ‘Terugtrekking uit Syrië is een Obama-achtige fout. IS is niet verslagen,’ schreef hij op Twitter.

Ook de manier waarop de terugtrekking is gecommuniceerd, komt het Witte Huis op onbegrip te staan. ‘Ik heb in de 12 jaar dat ik hier werk nog nooit een beslissing gezien als deze,’ zei de Republikeinse voorzitter Bob Corker van de commissie-Buitenlandse Zaken in de Senaat. ‘Er is niets van tevoren gecommuniceerd, en opeens wordt zo’n gigantische beslissing genomen.’

  Donald J. Trump

Trump reageerde via Twitter al snel op de verontwaardigde reacties. Hij noemt het terughalen van de laatste troepen uit Syrië een logische stap, waarvoor hij zich al jaren heeft ingespannen. Naar eigen zeggen vindt Trump het moeilijk te geloven dat senator Graham ‘tegen het redden van soldatenlevens en miljarden dollars’ is. ‘Waarom  vechten we voor onze vijand, Syrië, door te blijven en IS te bestrijden voor hen, Rusland, Iran en anderen in de regio?

Tijd om ons te richten op ons land en onze jeugd terug te brengen naar huis, waar die hoort!’ Het ministerie van Buitenlandse Zaken benadrukte kort daarop in een reactie nog wel op de hoede te zijn voor IS. ‘Er moet nog veel worden gedaan en we mogen de dreiging die zij vormen niet uit het oog verliezen. Zelfs zonder grondgebied, zal IS een bedreiging blijven.’

In zijn eigen partij heeft Trump ook medestanders: senator Rand Paul zei tegen Fox News dat de president een ‘dappere zet’ heeft gedaan: ‘Het is precies wat hij de Amerikaanse bevolking heeft beloofd. Sterker nog: het is een van de redenen dat hij de verkiezingen heeft gewonnen.’

Paul vindt het een goede zaak dat de Verenigde Staten niet langer ‘politieman van de wereld’ willen zijn, maar het credo America First hanteren. ‘President Trump zei dat hij Amerika op de eerste plaats zou zetten. Ik denk dat hij dat doet door wat van dat geld (voor de strijd in Syrië, red.) naar huis te brengen, waar het gaat naar grensbeveiliging of het bouwen van bruggen en wegen in ons land.’

Na zijn besluit om onmiddellijk alle Amerikaanse troepen uit Syrië terug te trekken, heeft president Donald Trump opdracht gegeven om het aantal troepen in Afghanistan drastisch te verminderen. Het zou de komende weken gaan om in totaal zo’n 5.000 tot 7.000 van de 14.000 militairen, schrijft de Washington Post donderdag op basis van bronnen bij het Witte Huis.

Meer over Afghanistan; Afshin Ellian:  Gewonnen strijd tegen Al-Qa’ida dreigt alsnog verloren te gaan

Poetin terughoudend, maar noemt terugtrekking ‘het juiste om te doen’

De Russische president Vladimir Poetin heeft donderdag gereageerd dat IS sinds het aantreden van Trump inderdaad flink is verzwakt, en bedankte hem daarvoor. Over de aangekondigde terugtrekking was Poetin terughoudend: ‘Ik weet niet hoe dat zit. Amerika zit al 17 jaar in Afghanistan, en elk jaar zeggen ze weer dat ze zich daar terugtrekken.

Maar ze zitten er nog steeds.’ Wel vindt de Russische president de aanwezigheid van Amerikaanse troepen in Syrië ‘onnodig’ en ‘niet legitiem’, omdat die er niet zijn op verzoek van de Syrische overheid, in tegenstelling tot het Russische leger. ‘Dus als de VS heeft beslist zijn troepen terug te trekken, is dat het juiste om te doen.’

MailOnline Video @MailOnlineVideo

Vrees is er vooral bij de Koerden, die in Noord-Syrië de voornaamste bondgenoten van Amerika zijn geworden in de strijd tegen IS. Turkije bestrijdt de Koerden in die regio, en gevreesd wordt dat het veel sterkere Turkse leger de Koerdische volkseenheden YPG er na de Amerikaanse terugtrekking hardhandig zullen gaan bestrijden, zoals dat eerder dit jaar al gebeurde bij Afrin.

Tegelijkertijd lijkt ook IS zich weer in de strijd te mengen: een woordvoerder van de Syrische Democratische Strijdkrachten, die samenwerken met de YPG, meldt vrijdag dat IS in Zuidoost-Syrië een ‘grootschalige’ aanval’ voorbereidt in de regio Hajin.

In politiek Den Haag zijn eveneens veel zorgen over het vertrek van het Amerikaanse leger uit Syrië. Minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok (VVD) noemt die situatie ‘zeer ingrijpend’, omdat die kan leiden tot ‘een enorme verschuiving in de machtsverhoudingen’ en nieuwe gevechten.

Volgens CDA-minister Ank Bijleveld van Defensie is IS nog niet verslagen: ze zei donderdag in de Tweede Kamer dat er nog duizenden IS-strijders in Syrië en Irak zijn. Voor de Nederlandse inzet in het gebied heeft de beslissing van Trump vooralsnog geen directe gevolgen.

  Joël Voordewind @JoelVoordewind

Hij pleit samen met de andere kabinetspartijen VVD, CDA en D66 voor druk vanuit de Europese Unie op Turkije zodat die geen nieuwe aanval uitvoeren op de Koerden. Namens de twee laatstgenoemde partijen reageren Martijn van Helvert en Sjoerd Sjoerdsma eveneens bezorgd op Trumps videoboodschap, omdat ook volgens hen IS nog niet is verslagen.

Mattis stopt als minister, Bijleveld vindt vertrek collega ‘verschrikkelijk’

Ook de brief die de Amerikaanse minister van Defensie James Mattis gisteren aan Trump schreef, stemt de Nederlandse overheid niet vrolijk. Mattis verklaart daarin dat hij in februari zal aftreden omdat hij het oneens is met het beleid van de president. De minister vindt dat de president niet goed omgaat met bondgenoten en onvoldoende oog heeft voor de oplopende spanningen die vooral China en Rusland zouden veroorzaken.

  W Leigh Moore @wleighmoore

Minister Bijleveld noemt het vertrek van haar Amerikaanse ambtsgenoot vrijdagmiddag ‘verschrikkelijk’. Mattis hield volgens de CDA-minister Mattis, ‘altijd de samenwerking met de bondgenoten in de gaten’, en hoopt erop dat diens opvolger zich niet gaat distantiëren van bondgenootschappen en samenwerking. D66’er Sjoersma is op Twitter nog stelliger over het vertrek van Mattis: ‘Met Mattis vertrekt de laatste persoon in de Trump regering die er alles aan deed om ons bondgenootschap sterk te houden. Dat doet vrezen voor wat nog komen gaat.’

 

Matthijs van Schie  Matthijs van Schie (1992) is sinds 1 februari 2018 webredacteur bij Elsevier Weekblad. Hij studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Tweede Kamer wil onafhankelijk onderzoek naar steun Syrische rebellen

NU 02.10.2018 Een meerderheid van de Tweede Kamer wil dat er een extern en onafhankelijk onderzoek komt naar de steun die Nederland heeft verleend aan verschillende gewapende groepen Syrische rebellen.

VVD, CDA, D66, CU, GroenLinks, PvdA en SGP willen dat de Commissie van advies inzake volkenrechtelijke vraagstukken (CAVV) en de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) het onderzoek gaan uitvoeren.

Het onderzoek moet zich richten op de steun in Syrië, maar moet ook leiden tot een nieuwe procedure met strengere regels voor het steunen van gewapende groeperingen in het buitenland.

De Tweede Kamer debatteerde dinsdagavond met minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) over het programma dat Nederland in 2015 is gestart waarbij Syrische rebellen die streden tegen het regime van president Bashar al-Assad van zogenoemde niet-letale steun zijn voorzien.

In het debat stonden drie vragen centraal: is de selectie van strijdgroepen correct verlopen, is de controle op de steun adequaat geweest en past de steun binnen de kaders van het volkenrecht. Ook klonk de roep van de Kamerleden om meer mogelijkheden te geven om dergelijke programma’s beter te kunnen controleren.

ChristenUnie-Kamerlid Joël Voordewind zei dat met het huidige beleid de Kamer “buitenspel staat”. “We kregen geen inzage in wat voor hulp er is gegeven en waar de hulp naartoe ging”, zei hij. Sadet Karabulut (SP): “We konden niet controleren of de steun aan de voorwaarden voldeed.” D66’er Sjoerd Sjoerdsma: “Dit moet in de toekomst anders.”

Hoewel de uitvoering van de steun die Nederland heeft verleend “beter had gekund”, vindt Blok niet dat er “onredelijk veel is misgegaan”. Hij is het wel met de Kamer eens dat de beoordeling van de geselecteerde groepen en controle “scherper” kon. Tegelijkertijd verwierp hij de suggestie dat Nederland met de steun op grote schaal terroristische organisaties heeft gesteund die massaal mensenrechten hebben geschonden.

Blok stelde voor om voortaan steun aan dergelijke groeperingen intensiever te behandelen in de Tweede Kamer. Hij is het met de Kamer eens dat in het vervolg “systematischer moet worden getoetst”.

Onthullingen van Nieuwsuur en Trouw 

De problemen met het steunprogramma kwamen in een reeks onthullende reportages van Nieuwsuur en Trouw aan het licht. Er werd getoond hoe Nederland zich in het programma op de grond heeft gemengd in het gewapende conflict in Syrië.

Zo werd bekend dat Nederland tussen de zomer van 2015 en het najaar van 2018 steun heeft verleend aan 22 strijdende groeperingen in Syrië, die door het kabinet als “gematigd” zijn bestempeld. Zij kregen geen wapens, maar zogenoemde Non Lethal Aid (NLA) in de vorm van pick-uptrucks, uniformen en laptops. De totale kosten kwamen uit op 25 miljoen euro.

In 2015 stemde een meerderheid van de Tweede Kamer in met de steun, maar wel met als voorwaarde dat de goederen niet in handen van de verkeerde groepen zouden vallen. De 22 organisaties zouden zich bovendien moeten houden aan het oorlogsrecht, mensenrechten en mochten niet samenwerken met extremisten.

Selectie en controle door Nederland

Het kabinet beloofde daarnaast dat het zelf de groepen zou selecteren en zou controleren of zij zich aan de voorwaarden hielden. Uit de publicaties van Nieuwsuur en Trouw is echter gebleken dat de steun aan in ieder geval twee van de gesteunde groeperingen problematisch is, namelijk de Sultan Murad Brigade die het oorlogsrecht zou hebben geschonden en Jabhat al-Shamiya.

In het geval van de laatste groep is het Openbaar Ministerie overgegaan tot vervolging van een Nederlandse man die zich had aangesloten bij Jabhat al-Shamiya, een beweging die door justitie “niet anders te kwalificeren is als een criminele organisatie met terroristisch oogmerk”.

Dat staat haaks op de belofte van het kabinet dat strijdgroepen alleen in aanmerking konden komen voor het NLA-programma, als ze zich zouden houden aan het humanitair oorlogsrecht en geen banden hebben met extremisten. Maandag werd ook nog eens bekend dat een deel van de goederen is terechtgekomen bij Jabhat Al Nusra, de Syrische tak van Al Qaeda.

Minister Blok kon uit veiligheidsoverwegingen niet concreet ingaan op de vraag welke groepen zijn gesteund, maar voegde daaraan toe dat hij niet kon uitsluiten dat de hulp is terechtgekomen bij groeperingen die zich schuldig hebben gemaakt aan mensenrechtenschendingen.

Vragen over volkenrechtelijk kader

Ook waren er bij de Kamer vragen of de steun past binnen de kaders van het volkenrecht. Zo twijfelen het CDA en D66 of de geleverde pick-uptrucks wel geleverd hadden mogen worden. Zo beschikten de trucks over een ophangsysteem waar machinegeweren aan gemonteerd konden worden.

Om antwoord op deze vragen te krijgen beschikt het kabinet over een onafhankelijke extern volkenrechtelijk adviseur. Deze adviseur kan het kabinet juist over dit soort lastige kwesties adviseren, maar dat heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken in deze zaak niet gedaan.

In plaats daarvan is gebruikgemaakt van het advies van interne volkenrechtelijk adviseurs. De extern volkenrechtelijk adviseur André Nollkaemper heeft vorige week alsnog advies gegeven. Tegen Nieuwsuur en Trouw zei hij dat Nederland met het leveren van de goederen te ver is gegaan. De steun zou volgens Nollkaemper zelfs op gespannen voet staan met het volkenrecht.

Volgens Blok zijn de leveringen niet in strijd geweest met het volkenrecht, omdat het niet zou gaan om letale goederen. Hij wees de Kamer erop dat er afspraken zijn gemaakt dat er geen machinegeweren op de trucks gemonteerd mochten worden. Ook zou de steun niet als doel hebben gehad om Assad omver te werpen. Dat is voor het kabinet van belang om binnen de regels van het internationaal recht te blijven.

Pieter Omtzigt (CDA) verweet de minister te leven in een “papieren werkelijkheid”. Hij wees onder andere op uitspraken van de voormalig buitenlandminister Bert Koenders die meerdere malen het kabinetsstandpunt innam dat er voor Assad geen ruimte is in Syrië.

Lees meer over: Politiek

Kabinet: hulp aan Syrische oppositie was binnen volkenrecht

NOS 02.10.2018 De levering van hulpgoederen zoals pick-uptrucks, nachtkijkers en uniformen aan Syrische rebellengroepen was binnen de regels van het volkenrecht. Minister Blok van Buitenlandse Zaken heeft dat gezegd in een Kamerdebat. Nederland gaf voor 25 miljoen euro aan materieel, mede op basis van Britse en Amerikaanse informatie.

Blok kan niet uitsluiten dat door Nederland gesteunde groeperingen in Syrië betrokken zijn geweest bij de schending van mensenrechten. In reactie op kritiek uit de Tweede Kamer gaf Blok toe dat de selectie van de groeperingen vooraf, en de controle achteraf bij wie de materialen precies terechtkwamen beter hadden gekund.

“Tegelijk is de suggestie dat de door Nederland gesteunde groepen op grote schaal met terrorisme bezig waren ook niet juist”, zei hij. “Het primaire doel van deze groepen was voorkomen dat het hele land overrompeld zou worden door IS.” Volgens Blok had Nederland met de hulp niet de bedoeling om de Syrische president Assad weg te krijgen, zoals sommige Kamerleden suggereren.

Toch wil de Tweede Kamer dat het hulpprogramma alsnog achteraf wordt onderzocht door de CAVV, een onafhankelijke commissie voor volkenrechtelijke vraagstukken, en door de Adviesraad Internationale Vraagstukken.

Papieren werkelijkheid

Onder meer CDA en ChristenUnie twijfelen aan de conclusie van het kabinet dat het volkenrecht niet is geschonden. CDA-Kamerlid Omtzigt: “De Sultan Muratbrigade liet de Nederlandse trucks trots in filmpjes zien met wapens erop.”

Blok zei dat de levering van die trucks zelf niet in strijd was met het volkerenrecht. “In een leveringsovereenkomst werd aangegeven dat ze niet voor oorlogsdoeleinden gebruikt mochten worden.” Omtzigt vindt dat onbegrijpelijk: “Dus we hebben een papieren werkelijkheid gecreëerd.” Hij vindt het nogal logisch dat gepantserde trucks gebruikt worden in gevechten.

Dezelfde twijfels bestaan over steun die terechtkwam bij een groepering die verantwoordelijk zou zijn voor een raketaanval met tachtig burgerdoden tot gevolg. “Er lagen rapporten over van Amnesty die zijn overhandigd aan het ministerie”, zei ChristenUnie-Kamerlid Voordewind. “Ook het rapport van Carla del Ponte van de VN noemt deze groepering.” Maar volgens Blok was er geen onomstotelijk juridisch bewijs.

Vertrouwelijke informatie

Blok vindt dat het hulpprogramma, dat is gestart onder het vorige kabinet van VVD en PvdA, in de praktijk beter had moeten worden uitgevoerd. Ook had de Kamer vaker tussentijds geïnformeerd moeten worden. De Kamer heeft pas na de berichtgeving van Nieuwsuur en Trouw meer vertrouwelijke informatie gekregen, zoals over de lijst groeperingen en hoe zij de hulp kregen.

Het hulpprogramma werd in januari dit jaar deels en in april in zijn geheel stopgezet. Blok: “Door veranderende omstandigheden op de grond was deze hulp niet meer effectief en goed controleerbaar.” Daar bleek de Tweede Kamer het mee eens. De SP diende nog een motie van wantrouwen in tegen minister Blok, maar daar was geen meerderheid voor.

Ambtsmisdrijf

Ook Denk wil minister Blok straffen voor het hulpprogramma dat volgens partijleider Kuzu levens heeft gekost. Hij zei te overwegen om Blok aan te klagen wegens een ambtsmisdrijf. Andere partijen reageerden verbaasd en verbijsterd op deze uitspraak. Ze vonden dat Kuzu een “luchtballon” opliet na een zwaar en ingewikkeld debat en wilden dat hij duidelijkheid gaf.

Voordewind wees Kuzu erop dat Denk in 2015 zelf heeft ingestemd met het hulpprogramma door niet tegen te stemmen. “U wilt dus de minister aanklagen voor iets waar u zelf aan hebt meegewerkt?”, zei hij. Kuzu wilde wel toegeven dat die beslissing een fout was, maar blijft erbij dat de partij misschien nog actie tegen de minister onderneemt.

Bekijk ook;

Kamer: hulp zoals aan Syrische opstandelingen nooit meer op deze manier

‘Volkenrecht mogelijk geschonden door steun aan Syrische rebellen’

Kamer: hulp zoals aan Syrische opstandelingen nooit meer op deze manier

Als Nederland hulpgoederen geeft moet de controle beter, want ze kwamen in Syrië in handen van jihadisten en mensenrechtenschenders, zegt de Tweede Kamer.

NOS 02.10.2018 Als het kabinet er in de toekomst weer voor kiest in oorlogssituaties hulpgoederen te sturen, dan moet de controle daarop veel beter. Dat concludeert een meerderheid in de Tweede Kamer in een debat over onderzoek van Nieuwsuur en Trouw. Daaruit bleek vorige maand dat hulpgoederen bedoeld voor “gematigde groeperingen” in Syrië zijn terechtgekomen bij Jabhat al-Nusra, de Syrische variant van al-Qaida.

De partijen die zich in 2015 al tegen het steunprogramma uitspraken, zoals CDA, PVV, SP, ChristenUnie, SGP en 50Plus, blijven erbij dat dit hulpprogramma nooit had mogen plaatsvinden. Zij vonden toen al dat de situatie in Syrië te onduidelijk was en vonden de zogenaamd gematigde groeperingen onbetrouwbaar.

Vuile handen

De VVD steunde het hulpprogramma destijds wel. “Iedereen wilde iets doen om de Syrische brand te helpen blussen”, zei VVD-Kamerlid Koopmans daar nu over. “Het was op zich geen fout om te proberen mensen te redden. Maar hebben we wel genoeg gedaan om de risico’s te voorkomen?” Koopmans denkt dat helpen in een oorlogssituatie altijd “vuile handen” oplevert, maar hij vindt dat het kabinet meer moet doen om ze zo schoon mogelijk te houden.

Ook de PvdA, regeringspartij ten tijde van het besluit, begrijpt achteraf nog steeds de gedachte achter de steun. “Als een bevolking in nood is, kijken we wat we kunnen doen”, zei Kamerlid Kuiken. “We hebben toen gezegd: niets doen is geen optie.” Maar ook de PvdA wil weten wat het kabinet vindt van de kritiek van Carla del Ponte van de VN, dat Nederland had kunnen weten dat sommige groeperingen zich schuldig maakten aan mensenrechtenschendingen.

Lessen

CDA-Kamerlid Omtzigt heeft steeds gewaarschuwd voor de risico’s. Hij wil weten of en zo ja wanneer signalen bij het kabinet binnenkwamen dat de hulpgoederen, zoals trucks en een mobiele bakkerij, bij al-Qaida en andere mensenrechtenschenders terechtkwamen. “Hebben de signalen van Amnesty International het kabinet wel bereikt?” vroeg hij zich af.

ChristenUnie-Kamerlid Voordewind, ook tegenstander van de hulp, is destijds zelf naar Syrië gegaan om met het door Nederland als “gematigd” bestempelde Vrije Syrische Leger te gaan praten. Daar kreeg hij te horen dat ze bereid waren met ongeveer iedereen samen te werken om president Assad te bestrijden, ook met al-Qaidastrijders. Voordewind: “Welke lessen leert de minister hiervan?”

Later vanavond reageert minister Blok van Buitenlandse Zaken namens het kabinet op alle vragen. Hij was overigens niet verantwoordelijk voor het besluit. Dat was het vorige kabinet, met de PvdA’er Koenders als minister van Buitenlandse Zaken. Alle partijen zijn het eens met het besluit van het kabinet van maart dit jaar, om de stekker uit het hulpprogramma te trekken.

Bekijk ook;

Nederland raakte gaandeweg controle kwijt over NLA-programma

‘Volkenrecht mogelijk geschonden door steun aan Syrische rebellen’

Debat Syrië

LIVE | Kansloze motie van wantrouwen tegen minister Blok

AD 02.10.2018 Er komt nader onderzoek naar de Nederlandse steun aan Syrische groepen. Zo moet in de toekomst worden voorkomen dat Nederlandse goederen in verkeerde handen vallen.

Ik kan niet uitsluiten dat er Nederland­se hulp bij groepen in Syrië terecht is gekomen die mensenrech­ten hebben geschonden, aldus Minister Blok .

Bij de Nederlandse steun aan Syrische oppositiegroepen is ‘niet onredelijk veel misgegaan’. Volgens minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken had het wel beter gekund. ,,Tegelijkertijd is de suggestie dat de gesteunde groepen op grote schaal alleen maar met terrorisme bezig waren ook een onjuiste.”

De Tweede Kamer wil dat twee adviesorganisaties de hulp die Nederland tussen 2015 en voorjaar 2018 gaf aan 22 gematigde Syrische oppositiegroepen nog eens onder een vergrootglas gaan leggen. Uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw bleek vorige maand dat die goederen – vooral pick-uptrucks en communicatieapparatuur – ook terechtkwamen bij groepen die mogelijk jihadistisch zijn en in ieder geval worden beschuldigd van mensenrechtenschendingen.

Met de resultaten van dat onderzoek moet een lijst criteria worden opgesteld waaraan zogeheten niet-lethale hulpprogramma’s in de toekomst moeten worden getoetst. Volgens Blok moet dat gebeuren naar voorbeeld van de procedure die nu wordt gevolgd als er Nederlandse militairen naar het buitenland worden uitgezonden.

Lessen

Na honderden Kamervragen, een hoorzitting en een pak vertrouwelijke Kamerstukken wilde de Tweede Kamer vanavond in een debat met Blok vooral lessen trekken uit het Syrische hulpprogramma. Was dat wel verenigbaar met het volkenrecht? Moest de selectie van de groeperingen die steun kregen niet beter? Was de controle wel goed genoeg?

Blok zei niet te kunnen uitsluiten dat er Nederlandse hulp bij groepen in Syrië terecht is gekomen die mensenrechten hebben geschonden of oorlogsmisdaden . ,,Burgeroorlog is chaotisch. Maar er zijn geen één op één situaties bekend.” Soms bleken volgens hem meldingen ook niet te kloppen. Zo was er een militie die kindsoldaten zou inzetten. Dat bleek in de praktijk te gaan om kinderen die werden ingezet in de keuken, aldus Blok.

Het kabinet had destijds wel regelmatig gewezen dat er risico’s kleefden aan de steunverlening, maar in de chaos van de Syrische burgeroorlog in 2015, met een oprukkende IS, vond een grote meerderheid van de Tweede Kamer dat Nederland in actie moest komen. ,,Wij vonden dat we niet stil konden blijven zitten”, zo verwoordde PvdA-Kamerlid Attje Kuiken het. Haar partij zat destijds in de regeringscoalitie.

Buitenspel

We wisten niet wat ze kregen, wie wat kregen en hoe de hulp tot stand kwam, aldus Joël Voordewind, ChristenUnie .

Maar volgens de ChristenUnie, die met het CDA, SGP, SP, Partij voor de Dieren en 50Plus, al bij het besluit hulp te geven in 2015 tegen waren, werd het parlement door het besluit ‘buitenspel gezet’. Kamerlid Joël Voordewind: ,,We wisten niet wat ze kregen, wie wat kregen en hoe de hulp tot stand kwam.”

De SP diende nog een motie van wantrouwen tegen minister Blok in, maar die kan niet rekenen op een Kamermeerderheid. Denk-voorman Tunahan Kuzu zei te overwegen het Openbaar Ministerie te vragen onderzoek te doen naar een mogelijk ambtsmisdrijf door Blok.

Het debat verliep gisteren stroef omdat het hele programma dat niet-lethale steun verzorgde aan oppositiegroepen in Syrië staatsgeheim is verklaard. Kamerleden kregen stukken vertrouwelijk ter inzage, maar kunnen die informatie niet gebruiken in een debat. Ook Blok kon een aantal vragen niet beantwoorden ‘vanwege de vertrouwelijkheid’.

Het CDA vroeg herhaaldelijk om openbaarmaking van de vertrouwelijke documenten en bestookte de minister met Kamervraag na Kamervraag. Tot irritatie van Blok – al ontkende hij dat gisteren. ,,Ik heb ze toch allemaal beantwoord?” Ook zei hij de Kamerleden te prijzen voor ‘hun vasthoudendheid’.

Coalitie

Laten we niet net doen alsof we een partij wol leverden aan een breiclubje in Damascus, aldus Henk Krol, 50Plus .

Opvallend was dat CDA en ChristenUnie, die al bij het besluit om steun te geven in 2015 tegen waren en zich eerder uitgesproken kritisch toonden, milder waren. Denk-Kamerlid Tunahan Kuzu viel CDA-collega Pieter Omtzigt aan op ‘zijn terugtrekkende beweging’. ,,In zijn toon proef ik nu een minder kritische houding. Ik zie nu dat u al bent begonnen met het intrekken van de keutel.” Omzigt reageerde geërgerd en wees op zeven keer dat hij samen met zijn collega Martijn van Helvert vragen indiende. ,,Ik deed dat toen anderen dat niet deden.”

D66 was daarentegen juist kritisch: Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma wil een onderzoek naar de volkenrechtelijke implicaties van de Nederlandse steun. Hij herhaalde de woorden van GroenLinks-Kamerlid Bram van Ojik dat de gesprekken die werden gevoerd als groepen mogelijk mensenrechten hadden geschonden ‘soft’ klonken. ,,Hoe vaak is steun níét stopgezet na vermoedens van mensenrechtenschendingen?”

Andere partijen wezen ook op het feit dat het in Syrië nu eenmaal oorlog was en dat er niet ‘alleen maar lieverdjes’ waren. Daarom moet Nederland zich in de toekomst wellicht onthouden van zulke steun, stelde fractieleider Henk Krol van 50Plus. ,,Laten we niet net doen alsof we een partij wol leverden aan een breiclubje in Damascus.”

Lees alles terug in ons blog; Laad meer

Voorbeschouwing: Blok wacht stevig debat over steun aan rebellen Syrië

NU 02.10.2018 De Tweede Kamer debatteert dinsdag met minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) over de steun die Nederland heeft verleend aan verschillende groepen Syrische rebellen. Tenminste één van deze groepen wordt door het Openbaar Ministerie (OM) omschreven als een “criminele organisatie met een terroristisch oogmerk”. Voor de tweede keer in korte tijd wacht Blok een zwaar debat in de Kamer.

Waar de VVD-minister vorige maand nog het vertrouwen van een deel van de Kamer verloor door zijn eigen omstreden uitspraken over de multiculturele samenleving, staat hij dinsdagmiddag in de Kamer om het beleid van zijn voorganger Bert Koenders (PvdA) te verdedigen.

Waar gaat het over?

In een reeks onthullende reportages hebben Nieuwsuur en Trouw in de afgelopen weken laten zien hoe Nederland zich op de grond heeft gemengd in het gewapende conflict in Syrië.

Zo werd bekend dat Nederland tussen de zomer van 2015 en het najaar van 2018 steun heeft verleend aan 22 strijdende groeperingen in Syrië, die door het kabinet als “gematigd” zijn bestempeld. Zij kregen geen wapens, maar zogenoemde ‘Non Lethal Aid’ (NLA) in de vorm van pick-uptrucks, uniformen en laptops. De totale kosten kwamen uit op 25 miljoen euro. Het kabinet beëindigde de hulp dit voorjaar, omdat de oppositie in de Syrische burgeroorlog zo goed als verslagen is.

Aan welke organisaties het kabinet steun heeft verleend, is geheim en blijft geheim. Uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw is echter gebleken dat het gaat om onder meer Jabhat Al Shamiya en de Sultan Murad Brigade. Dat brengt het ministerie in een lastig parket.

Het OM is namelijk overgegaan tot vervolging van een Nederlandse man die zich had aangesloten bij Jabhat Al Shamiya, een beweging die door justitie “niet anders te kwalificeren is als een criminele organisatie met terroristisch oogmerk”. De Sultan Murad Brigade, die onder andere pick-uptrucks en uniforms ontving, zou kindsoldaten hebben gerekruteerd en het oorlogsrecht hebben geschonden bij aanvallen op de Koerdische woonwijk Sheikh Maqsoud.

Dat staat haaks op de belofte van het kabinet dat strijdgroepen alleen in aanmerking konden komen voor het NLA-programma, als ze zich zouden houden aan het humanitair oorlogsrecht en geen banden hebben met extremisten.

Maandag maakten Trouw en Nieuwsuur bekend dat een deel van de goederen is terechtgekomen bij Jabhat Al Nusra, de Syrische tak van Al Qaeda. Omdat de Tweede Kamer het kabinet meerdere malen heeft gewaarschuwd dat de steun niet in verkeerde handen mocht vallen, heeft minister Blok een hoop uit te leggen. En dit keer niet alleen aan de oppositie, want ook coalitiepartijen CDA en CU willen opheldering.

Wat kunnen we in het debat verwachten?

De vraag is of we dinsdag tijdens het debat ook echt antwoord op alle vragen zullen krijgen. Omdat het hele NLA-programma “uit veiligheidsoverwegingen” tot staatsgeheim is verklaard, zal bijvoorbeeld niet openbaar worden gemaakt welke 22 groepen steun hebben ontvangen.

De Kamerleden zijn er wel vertrouwelijk over geïnformeerd, maar mogen er in de openbaarheid niet over praten. Het kabinet schreef eerder in Kamerbrieven overigens dat de Kamer gedurende het steunprogramma meerdere malen vertrouwelijk is geïnformeerd. Ook die informatie kunnen de Kamerleden dinsdag tijdens het debat niet gebruiken.

Wat het kabinet wel kon verzekeren, is dat er in de 22 groepen geen rebellen zitten die op de terreurlijsten van de Verenigde Naties en de Europese Unie voorkomen. Jabhat Al Shamiya staat bijvoorbeeld niet op deze lijsten.

Maar daar komt Blok niet mee weg. Waar hij opheldering over moet geven, is hoe de selectie van de groepen tot stand is gekomen, hoe er gedurende de periode van steun toezicht is gehouden en of het NLA-programma binnen de kaders van het volkenrecht paste.

Welke fouten zijn er gemaakt?

Een meerderheid van de Tweede Kamer heeft weliswaar ingestemd met het NLA-programma, maar wel met als voorwaarde dat de organisaties zich onder meer aan het humanitair oorlogsrecht moeten houden en geen banden met extremistische groeperingen onderhouden.

Ook zou Nederland zelf de groeperingen selecteren die voor steun in aanmerking zouden komen. Daarnaast zou Nederland ook controleren of de steungoederen wel in de juiste handen terechtkwamen en of de verschillende groeperingen geen mensenrechten schenden.

Hierover heeft Blok voor het weekend nog gezegd dat het toezicht op de gesteunde rebellen strakker had gekund. Uit een intern onderzoek bij Buitenlandse Zaken is gebleken dat het gebrek aan eigen analyses de controle op de gesteunde rebellen kwetsbaar heeft gemaakt.

Vooral in crisisgebieden zijn de risico’s groot “dat geld in verkeerde handen valt, dat potentiële mensenrechtenschendingen moeilijk te detecteren zijn, of dat incidenten niet goed gemeld worden”, aldus de inspectie. De vraag die beantwoord zal moeten worden, is of Nederland niet boven zijn gewicht heeft gebokst en hoe hier lering uit moet worden getrokken.

Daarnaast is er nog het volkenrechtelijk aspect, namelijk de vraag of de niet-letale steun aan de rebellen strookt met de internationale afspraken. Om hier zeker van te zijn, beschikt het kabinet over een onafhankelijke extern volkenrechtelijk adviseur. Deze adviseur kan het kabinet juist over dit soort lastige kwesties adviseren, maar dat heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken in deze zaak niet gedaan.

In plaats daarvan is gebruikgemaakt van het advies van interne volkenrechtelijk adviseurs. De extern volkenrechtelijk adviseur André Nollkaemper heeft vorige week alsnog advies gegeven. Tegen Nieuwsuur en Trouw zei hij dat Nederland met het leveren van de goederen te ver is gegaan. De steun zou volgens Nollkaemper zelfs op gespannen voet staan met het volkenrecht.

Minister Blok zal de Kamer moeten uitleggen waarom het ministerie de extern volkenrechtelijk adviseur niet heeft geraadpleegd. Ook zal hij moeten kunnen verklaren waarom de adviezen van de interne adviseurs niet openbaar kunnen worden gemaakt.

Het debat begint dinsdagmiddag rond 16.00 uur.

Lees meer over: Politiek

Dit staat Blok te wachten in Syrië-debat

Elsevier 02.10.2018 Nog geen maand na een lang debat over zijn omstreden uitspraken over de multiculturele samenleving, legt de Tweede Kamer minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok (VVD) vanmiddag om 16.00 uur opnieuw het vuur na aan de schenen. Ditmaal moet Blok zich verdedigen over de miljoenensteun die Nederland jaren gaf aan jihadistische rebellengroepen in Syrië. Waarover moet hij uitleg geven, wat is zijn verweer en komt zijn positie in gevaar?

Waarom precies wordt Blok op het matje geroepen?

Drie weken geleden onthulden actualiteitenprogramma Nieuwsuur en dagblad Trouw dat het ministerie van Buitenlandse Zaken de Syrische oppositiegroepen Jabhat al-Shamiya en de Sultan Murad Brigade heeft gesteund. Dat is pikant, want een Nederlandse man die zich had aangesloten bij eerstgenoemde groep, is vervolgd door het Openbaar Ministerie (OM) omdat hij had deelgenomen aan ‘een criminele organisatie met terroristisch oogmerk’. De Sultan Murad Brigade heeft kindsoldaten gerekruteerd en het oorlogsrecht geschonden bij aanvallen op een Koerdische woonwijk.

De hulp aan de twee groepen die als jihadistisch te boek staan was onderdeel van de zogenoemde Non Lethal Assistance (NLA), waarmee tussen de zomer van 2015 en dit najaar in totaal 22 ‘gematigde’ rebellengroeperingen zijn gesteund met ‘niet-dodelijke hulp’ als pick-uptrucks, uniformen en laptops. In totaal gaat het om een bedrag van 25 miljoen euro.

Eric Vrijsen over de steun aan de Syrische rebellengroepen: Door Haagse schone handen liepen ploerten en verkrachters er netjes geüniformeerd bij

Toen de steun aan de oppositie tegen de Syrische president Bashar Al-Assad wereldkundig werd gemaakt, beloofde het kabinet dat de NLA alleen terecht zou komen bij groepen die zich aan het humanitair oorlogsrecht hielden en geen banden hadden met extremisten. Onder anderen Kamerleden Joël Voordewind (ChristenUnie), Martijn van Helvert en Pieter Omtzigt (beide CDA) trokken al jaren geleden aan de bel omdat zij vermoedden dat de gesteunde groepen niet zo gematigd waren als het kabinet beweerde.

Harald Doornbos

✔ @HaraldDoornbos

1/ Vandaag kamerdebat over NLse steun aan Syrische oppositie.

Dit is echt een must watch @nieuwsuur repo.

Want ’t wordt steeds gekker. Nu blijkt weer dat Jabhat al Nusra/HTS (Al-Qaeda in Syrie dus) de NLse goederenbewijzen in beslag nam in 2016. En oa NLse mobiele oven inpikte:

Morgen debatteert de Kamer over de #steun die Nederland gaf aan #Syrische #oppositiegroepen. Uit onderzoek van #Nieuwsuur en #Trouw bleek eerder dat daar nogal wat mis is gegaan. Nu is ook het logistieke proces van de hulp in kaart gebracht. Ook daarbij ging veel mis.

Nieuwsuur

@Nieuwsuur

Morgen debatteert de Kamer over de #steun die Nederland gaf aan #Syrische #oppositiegroepen. Uit onderzoek van #Nieuwsuur en #Trouw bleek eerder dat daar nogal wat mis is gegaan. Nu is ook het logistieke proces van de hulp in kaart gebracht. Ook daarbij ging veel mis.

Als klap op de vuurpijl meldde Nieuwsuur maandagavond dat een deel van de Nederlandse hulpgoederen in handen was gekomen van Jabhat al-Nusra, een internationaal als terreurgroep bestempelde organisatie die bekendstaat als de Syrische variant van Al-Qa’ida.

De Tweede Kamer wil nu van Blok weten hoe de gesteunde groepen zijn geselecteerd, hoe het kabinet de afgelopen jaren toezicht heeft gehouden op die groepen en hoe de NLA-steun past in het internationaal volkenrecht. Niet alleen de oppositie, maar ook coalitiepartijen CDA en ChristenUnie – die de steun eerder kritiseerden – nemen Blok vanmiddag onder vuur.

Wat is het verweer van Blok?

De steun komt uit de koker van Bert Koenders (PvdA), die tussen oktober 2014 en oktober 2017 minister van Buitenlandse Zaken was. Toch is Blok vanwege de ministeriële verantwoordelijkheid officieel verantwoordelijk voor de besluiten die zijn voorgangers hebben genomen.

Vorige week antwoordde Blok op 382 Kamervragen dat ‘nog strakkere monitoring’ van de steun nodig was geweest, maar zei hij ook dat ‘bredere beeldvorming dat Nederland terroristische organisaties gesteund zou hebben onjuist is’: ‘Zoals geregeld aan de Kamer gemeld, gold (…) dat geselecteerde groepen betrokken waren in een gewapend conflict, waarbij excessen of ander onwenselijk gedrag door die groepen nooit geheel kon worden uitgesloten.’

Lees ook deze column van Afshin Ellian: Gematigde islamitische rebellen? Die bestaan niet

In elk geval moet Blok de Kamer uitgebreid uitleggen welke besluiten op zijn ministerie zijn genomen, welke informatie er over het steunprogramma bestaat en wat er is gedaan met verkregen adviezen, bijvoorbeeld van volkenrechtelijk adviseur André Nollkaemper en de Zwitserse VN-functionaris Carla Del Ponte. Zij had al in 2013 gemeld dat alle gewapende groepen in Syrië de mensenrechten schonden.

Het is overigens maar zeer de vraag of tijdens het debat alle feiten boven tafel komen: Blok is van mening dat veel informatie vertrouwelijk is en moet blijven. Zo liet de minister de Tweede Kamer maandag in een brief weten dat hij geen documenten zal openbaren waarin de beweegredenen staan van het ministerie om in 2015 de Syrische rebellen te steunen.

Blok kan in elk geval tegenwerpen dat hij dit programma heeft stopgezet. Op 9 september, twee dagen voor de onthullingen van Nieuwsuur en Trouw, lieten Blok en de minister voor Ontwikkelingssamenwerking Sigrid Kaag (D66) in een brief aan de Tweede Kamer weten dat het kabinet is gestopt met alle steun aan Syrische oppositiegroepen. De in totaal 70 miljoen euro voor deze rebellen heeft volgens hen ‘niet het gewenste resultaat’ opgeleverd. ‘Een militaire overwinning van Assad is inmiddels imminent,’ schreven de ministers.

Dat doet denken aan een kabinetsbesluit uit maart, toen Blok en Kaag de Kamer lieten weten dat de steun aan de rebellen in de zuidwestelijke stad Idlib, momenteel de laatste stad die nog in handen is van de oppositie tegen Assad, zou worden gestopt. De reden was dat het gebied vrijwel volledig was overgenomen door jihadistische groeperingen, die ook al waren gelieerd aan Al-Qa’ida.

Komt de positie van Blok in gevaar?

Begin september moest Blok zich in de Tweede Kamer verantwoorden voor zijn uitgelekte uitspraken over immigratie en de multiculturele samenleving. Toen diende de linkse oppositie (DENK, PvdA, GroenLinks, SP en de Partij voor de Dieren) een motie van wantrouwen tegen hem in, maar PVV, Forum voor Democratie, SGP en 50Plus steunden die niet. De coalitiepartijen namen genoegen met de excuses die hij maakte voor zijn uitlatingen.

Ook vanmiddag zal Blok waarschijnlijk niet worden weggestemd. Behalve de oppositiepartijen zijn ditmaal weliswaar ook coalitiepartners CDA en ChristenUnie zeer kritisch, maar alleen PVV’er Raymond de Roon lijkt serieus aan te sturen op een eventueel aftreden van de minister. ‘Het lot van Blok hangt aan een zijden draadje als het aan de PVV ligt.’ SP-Kamerlid Sadet Karabulut is niet zo stellig, maar zegt wel dat Blok ‘weinig krediet in de Kamer’ meer heeft, verwijzend naar de eerdere ophef rond de VVD-minister. GroenLinks-buitenlandwoordvoerder Bram van Ojik is coulanter: ‘Het heeft allemaal onder zijn voorganger gespeeld.’

Nederland vangt Witte Helmen op

De steun aan de White Helmets, medische hulpverleners in belegerde Syrische gebieden, blijft wel doorgaan tot het eind van dit jaar. Zo bevestigt het ministerie van Justitie en Veiligheid vandaag dat enkele tientallen van de Witte Helmen in Nederland worden opgevangen. Voormalig minister Koenders noemde de hulpverleners ‘helden’, omdat ze onder meer slachtoffers onder het puin vandaan hebben gered na bombardementen. Toch deden vorig jaar ook beelden van minder heldhaftige daden de ronde op sociale media. Zo voltrokken twee Witte Helmen in mei een publieke executie op straat in de Zuid-Syrische stad Deraa. Naar verluidt hebben zij zich vaker misdragen door bruut geweld te gebruiken tegen politieke of religieuze tegenstanders.

 

Blok wacht pittig debat over steun aan Syrische rebellen

NOS 02.10.2018 Het ziet er niet naar uit dat alle feiten boven tafel komen vanmiddag in een debat met minister Blok en de Tweede Kamer over de Nederlandse steun aan de gewapende oppositie in Syrië.

Voornaamste reden is dat Blok er bij blijft dat veel informatie vertrouwelijk moet blijven. Gisteravond schreef hij in een brief aan de Tweede Kamer dat hij geen documenten, waaronder een intern advies, gaat openbaren waarin staat waarom het ministerie in 2015 dacht dat het een goed idee was om de Syrische rebellen te steunen.

“Het verstrekken van interne adviezen kan het goed functioneren van de departementen, de ministers en het interne besluitvormingsproces verstoren”, staat in de brief.

De Tweede Kamer kreeg de namen en locaties van groepen uit Syrië die steun van Nederland hebben ontvangen in vertrouwen te zien.

Kamerleden die die vertrouwelijke informatie hebben gekregen, kunnen er daarna niet publiekelijk over vertellen, laat staan erover debatteren. Sommige Kamerleden hebben er daarom bewust voor gekozen de informatie niet te lezen, voorafgaand aan het debat met de minister.

Aan de tand voelen

Zowel de oppositiepartijen als de regeringspartijen zijn van plan om de minister flink aan de tand te voelen. Ze hebben ook veel vragen.

Zo willen de partijen weten waarom destijds geen advies is gevraagd aan volkenrechtelijk adviseur Nollkaemper, die speciaal was aangewezen om te adviseren in dit soort kwesties. Die heeft laten weten dat toen het besluit werd genomen om de rebellen te steunen, al vele openbare rapporten waren waarin stond dat de rebellen zich misdroegen en er extremistische ideeën op nahielden.

Minister Blok meent juist dat het besluit niet in strijd was met het volkenrecht. “Door veto’s van Rusland in de VN-Veiligheidsraad werd het internationaalrechtelijk kader waarbinnen de internationale gemeenschap kon opereren fors ingeperkt. Dit leidde tot een spanningsveld tussen de politieke wens om de situatie in Syrië te verbeteren en de internationaalrechtelijke mogelijkheden daartoe.”

Waar gaat het debat vanmiddag over?

Begin september werd duidelijk dat de Nederlandse regering een gewapende groepering in Syrië heeft gesteund die door het Openbaar Ministerie als terroristisch is bestempeld. Het gaat om de rebellenbeweging Jabhat al-Shamiya, die van Nederland onder meer uniformen en pick-uptrucks kreeg. Nieuwsuur en Trouw meldden dat de regering al in 2016 op de hoogte was van misdaden die de groepering beging.

Dat bleek uit een mailwisseling tussen Amnesty International en het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ondanks deze kennis besloot de regering vorig jaar om Jabhat al-Shamiya logistieke hulpgoederen te sturen. De Nederlandse steun hoorde bij het staatsgeheime NLA-programma, dat staat voor ‘non lethal assistance’.

De kwestie leidt tot spanningen in de regeringscoalitie. CDA-Kamerleden Van Helvert en Omtzigt hebben al vaker kritische Kamervragen gesteld aan de VVD-minister.

Het belooft daarom weer een lastig debat te worden voor Blok. Onlangs overleefde hij een motie van wantrouwen van de hele linkse oppositie over zijn uitspraken over de multiculturele samenleving.

De regeringspartijen, die ook kritisch waren, namen toen genoegen met zijn excuses. Coalitiepartijen VVD, CDA en D66 zijn deze keer nog lang niet tevreden met de vooral ontwijkende antwoorden die minister Blok hun heeft gegeven.

Bekijk ook;

Minister Blok: toezicht op gesteunde rebellen had strakker gemoeten

‘Volkenrecht mogelijk geschonden door steun aan Syrische rebellen’

Nederland was op de hoogte van misstanden Syrische rebellen

Onderzoek naar steun aan Syrische strijdgroepen: het drieluik

Kabinet: gegevens over strijdgroepen Syrië ‘vertrouwelijk’ naar Kamer

Syrië-dossier zet coalitie onder hoogspanning

AD 02.10.2018 Minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken wacht vanavond een pittig debat over de hulp die Nederland gaf aan Syrische opstandelingen. Zijn regeringspartners CDA en ChristenUnie leggen hem het vuur aan de schenen. En ook na vandaag lijken ze niet klaar met hem.

De spanningen tussen die vier coalitiepartijen over het Syrië-dossier zijn voor iedereen in Den Haag zichtbaar. CDA en ChristenUnie waren in 2015 al tegen de Nederlandse hulp aan Syrische opstandelingen. Nu achteraf blijkt dat een deel van de geleverde goederen (zoals auto’s en communicatieapparatuur) bij groepen terecht is gekomen die mensenrechten schonden, willen ze de onderste steen boven hebben. De VVD wil liever vooruitkijken dan terug. D66 (dat destijds het besluit ook steunde) neemt een tussenpositie in.

Op Prinsjesdag viel VVD-minister Blok uit tegen CDA-Kamerlid Martijn van Helvert, die samen met zijn collega Pieter Omtzigt de ene na de andere kritische vraag afvuurde op de minister over de steun aan Syrische rebellen tussen 2015 en begin dit jaar. Blok was daardoor geïrriteerd. Of VVD-Kamerleden dan misschien ook maar eens wat vragen moesten gaan stellen aan CDA-ministers, dreigde hij. De dag erna dienden de CDA’ers, samen met anderen, nog eens 382 (!) schriftelijke vragen in.

Bombarderen

Nog steeds voelt een groot deel van de Tweede Kamer zich slecht geïnformeerd. ,,Er is te veel onduidelijk,’’ zegt Joël Voordewind van de ChristenUnie. ,,Waarom hebben we bijvoorbeeld in de zomer van 2016 hulp gegeven aan de Sultan Murad-brigade? Toen was al bekend dat die begin dat jaar mede verantwoordelijk was voor het bombarderen van een woonwijk in Aleppo waar 80 slachtoffers vielen. Iets wat Amnesty ook heeft gemeld aan het ministerie.’’

Als Blok vanavond geen bevredigende antwoorden geeft, willen ChristenUnie en CDA aanvullend onderzoek. Daarbij worden ze gesteund door een groot deel van de oppositie. ,,De Kamer is jarenlang voorgelogen,’’ vindt SP’er Sadet Karabulut. ,,Destijds is de hulp gegeven onder de voorwaarde dat in de gaten zou worden gehouden of die wel goed terecht kwam. Steeds werd gedaan of er niets aan de hand was.’’

Wel logisch

Bloks eigen partij de VVD wijst er op dat het juist Blok was die kort na zijn aantreden begin dit jaar het hulpprogramma (waar uiteindelijk 25 miljoen euro mee gemoeid was) stopzette. Maar de partij had er geen behoefte aan dat alle interne adviezen aan het vorige kabinet over de hulp openbaar worden. Vrijwel de hele Kamer eiste echter dat Blok die alsnog naar de Kamer stuurde. Alleen de VVD en oppositiepartij PvdA (die samen het vorige kabinet vormden) waren tegen.

Dat de anderen dat wilden, is wel logisch. Hoogleraar volkenrecht André Nollkaemper adviseert het kabinet normaal bij inmenging in oorlogssituaties, maar deze keer niet. Volgens hem was de hulp in strijd met het internationaal recht. Onder andere omdat de Veiligheidsraad van de VN er geen toestemming voor heeft gegeven. Uit een brief die Blok gisteravond nog naar de Kamer stuurde blijkt niet duidelijk of het steunprogramma verenigbaar was met internationaal recht.

Volgens VVD’er Sven Koopmans waren er bij voorbaat aanvaarde risico’s. ,,Als er iets is misgegaan, moeten we daar voor de toekomst lering uit trekken.” Dat laatste vindt ook PvdA-Kamerlid Attje Kuiken: ,,Nietsdoen was destijds ook geen optie. Er waren honderdduizenden mensen op de vlucht voor Assad en IS. We wilden de gematigde oppositie steunen.’’

Maar voor regeringspartijen CDA en ChristenUnie is vooruitkijken en lessen trekken niet genoeg. Voordewind: ,,Het is te makkelijk om te zeggen: wat geweest is, is geweest.’’

Schone handen houden was onmogelijk in Syrië

 AD 28.09.2018 De Tweede Kamer kreeg gisteren een lesje realiteitszin. De situatie in Syrië is complex, rommelig en een totale chaos. Maar of de Nederlandse steun aan oppositiegroepen terecht was of niet, een eenduidig antwoord kwam er niet.

Ik en andere experts betwisten dat Jabhat al-Sha­miya een kalifaat nastreeft. Ze hebben nooit met zwarte vlaggen gezwaaid, aldus Thomas van Linge.

Een aantal van de 22 gewapende oppositiegroepen in Syrië die Nederland heeft gesteund met pick-uptrucks en satelliettelefoons, gebruikte die spullen naar alle waarschijnlijkheid om mensenrechten te schenden. Dat zei Syrië-specialist Diana Samaan van Amnesty International gisteren tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer. ,,Maar de steun ging gewoon door.”

In een brief gaf minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken gisteren ook toe dat het kabinet ‘terugblikkend op het programma en de ervaringen overziend’ vindt dat de controle op de groepen die steun kregen beter had gekund. ,,Nog strakkere monitoring was op zijn plaats geweest”, schrijft Blok.

Uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw bleek eerder deze maand dat Nederlandse spullen ook terechtkwamen bij Jabhat al-Shamiya, een groep die het Openbaar Ministerie als ‘criminele organisatie met een terroristisch oogmerk’ bestempelt. Een andere groep, de Sultan Murad Brigade, zou kindsoldaten hebben gerekruteerd en een verbond hebben gesloten met al-Qaeda.

Geen terroristen

De Kamer bereidt zich voor op een debat met Blok, aanstaande dinsdag, en trok gisteren bijna zes uur uit om negen deskundigen aan de tand te voelen. Twaalf van de dertien fracties gaven acte de présence; alleen de Partij voor de Dieren liet verstek gaan. Het ging over de oorlog in Syrië, het regime van president Assad, de verschillende oppositiegroepen en vooral: hoe je die oppositiegroepen kunt kwalificeren. Zijn ze terroristisch?

Nee, zeiden diverse deskundigen. Jabhat al-Shamiya is nationalistisch, maar zeker geen terreurbeweging, stelde Thomas van Linge, die al jaren online onderzoek doet naar de burgeroorlog in Syrië. ,,Ik en andere experts betwisten dat zij een kalifaat nastreven. Ze hebben nooit met zwarte vlaggen gezwaaid”, zei hij, verwijzend naar de vlaggen waarmee IS-stijders wapperen.

Oorlogsmisdaden

Waarom het OM wel zegt dat het een terreurgroep is, is ‘een mysterie’ voor Van Linge. Ze hebben wel ooit samengewerkt met extremisten, stelt hij, zoals alle groepen in Syrië wel eens deden. Gelegenheidscoalities, ‘niet vanuit een gedeelde ideologie, maar vanuit militaire noodzaak’. ,,Dat is hetzelfde als zeggen dat de PvdA onderdeel is van de VVD omdat ze ooit samen in een regeringscoalitie zaten.”

Maar daarmee is niet gezegd dat het allemaal brave jongetjes waren die op kosten van Nederland een Toyota-truck mochten afhalen. Oud-Syrië-gezant Koos van Dam: ,,Misschien op dag 1 van de oorlog, maar niet in jaar zeven.” Deskundigen zijn het erover eens dat ze – jihadistisch of niet – wel op enig moment oorlogsmisdaden pleegden en daarbij mensenrechten schonden. Maar betekent dit dat de Nederlandse regering had moeten afzien van steun?

Nee, zegt Charles Lister, de directeur van het Middle East Institute in Washington. ,,Het was de juiste beslissing om steun te bieden. Maar het was wel te kleinschalig om effectief te zijn en het kwam te laat.”

Koos Dam tijdens de hoorzitting © ANP

Het was de juiste beslissing om steun te bieden. Maar het was wel te kleinscha­lig om effectief te zijn en het kwam te laat.”

‘Onverklaarbaar’

Ja, zegt oorlogsjournalist Harald Doornbos, die regelmatig in Syrië kwam en daar het jihadisme zag oprukken. Volgens hem was al in 2013 ‘volstrekt duidelijk’ dat er geen enkele groep was die voldeed aan de Nederlandse criteria: niet samenwerken met extremistische groepen, het nastreven van een inclusieve politieke oplossing en het committeren aan de naleving van het humanitair oorlogsrecht. ,,Het is onverklaarbaar dat Nederland er zich in 2015 mee ging bemoeien.

Het was toen veel te gevaarlijk. Er waren diplomaten die zich dag en nacht met Syrië bezighielden, maar zij kwamen er nooit. Voor hen is Syrië een abstractie, voor mij niet.”

Als je schone handen wilt houden, dan moet je aan de kant blijven staan, vindt Koos van Dam. Volgens de oud-Syrië-gezant zorgde de Nederlandse steun juist dat extremisme en mensenrechtenschendingen juist minder kans kregen. En áls er mensenrechten werden geschonden, werd de hulp stopgezet, stelt hij. ,,Het was een belangrijke bijdrage in de strijd tegen IS. Dan zegt je nu niet: ‘dank je maar we moeten je bij nader inzien niet’.”

Kamer praat met deskundigen over steun gewapende Syrische rebellen

NU 27.09.2018 De Tweede Kamer praat donderdag met deskundigen over de steun aan gewapende rebellen in Syrië. Nieuwsuur en Trouw berichtten eerder dat deze hulp in handen is gekomen van groepen waarvoor die niet bestemd was.

Een van de sprekers van de hoorzitting is Koos van Dam. Hij was als Syrië-gezant tussen januari 2015 en augustus 2016 betrokken bij de leveranties aan de opstandelingen. Ook André Nollkaemper komt langs. Hij adviseert het kabinet over volkenrechtelijke kwesties.

De leveranties aan 22 rebellengroepen vonden plaats tussen mei 2015 en begin dit jaar. Het ging niet om wapens, maar om zaken als pick-uptrucks, communicatieapparatuur, uniformen en tenten. De hele operatie is staatsgeheim, waardoor niet bekend is welke groepen steun kregen.

Volgens Trouw en Nieuwsuur kwam die ook terecht bij een groepering die door het Openbaar Ministerie als jihadistisch met terroristisch oogmerk is omschreven. Om steun te krijgen moesten de rebellengroepen aan bepaalde criteria voldoen, zoals niet samenwerken met extremisten en naleven van het humanitaire oorlogsrecht.

Vanaf het begin was er kritiek op de leveranties, van onder meer CDA en ChristenUnie. Aan de steunoperatie is 25 miljoen euro uitgegeven.

Volgende week is hier een debat over met minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken.

Lees meer over: Syrië

Minister Blok: toezicht op gesteunde rebellen had strakker gemoeten

Volgens hem was het toezicht adequaat, maar terugblikkend had de monitoring beter gekund.

NOS 27.09.2018 Het toezicht op door Nederland gesteunde rebellengroepen in Syrië had strakker gemoeten. Dat schrijft minister Blok van Buitenlandse Zaken aan de Tweede Kamer. Volgens hem was het toezicht adequaat, maar terugblikkend zou “nog strakkere monitoring op zijn plaats zijn geweest”.

Begin deze maand werd duidelijk dat de Nederlandse regering een gewapende groepering in Syrië heeft gesteund die door het Openbaar Ministerie als terroristisch is bestempeld. Het gaat om de rebellenbeweging Jabhat al-Shamiya, die van Nederland onder meer uniformen en pick-uptrucks kreeg.

Nieuwsuur en Trouw meldden gisteravond dat de regering al in 2016 op de hoogte was van misdaden die de groepering beging. Dat bleek uit een mailwisseling tussen Amnesty International en het ministerie van Buitenlandse Zaken. Ondanks deze kennis besloot de regering vorig jaar om Jabhat al-Shamiya logistieke hulpgoederen te sturen.

De Nederlandse steun hoorde bij het staatsgeheime NLA-programma, dat staat voor ‘non lethal assistance’.

Altijd risico

Volgens Blok is dergelijke hulp altijd moeilijk en met risico’s. “In hoeverre deze risico’s opwegen tegen de potentiële winst die met dergelijke programma’s behaald kan worden is een afweging die keer op keer afzonderlijk gemaakt moet worden, ook politiek”, schrijft hij.

Volgens Blok worden de ervaringen met het NLA-programma gebruikt voor toekomstige hulp aan bepaalde groepen in conflictgebieden.

In de Tweede Kamer is later vandaag een hoorzitting over de steun aan Syrische strijdgroepen.

Bekijk ook

‘Volkenrecht mogelijk geschonden door steun aan Syrische rebellen’

Blok: Toezicht op steun ‘jihadisten in Syrië’ had strakker gemoeten

AD 27.09.2018 Een beter toezicht op de Nederlandse steun aan Syrische rebellengroepen was op zijn plaats geweest. Dat erkent minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) na onthullingen dat Nederland ook steun heeft verleend aan islamistische groepen die mensenrechten schonden en door het Openbaar Ministerie als terroristisch zijn bestempeld.

Na onderzoek van Nieuwsuur en Trouw werd duidelijk dat de pick-uptrucks en satelliettelefoons die Nederland leverde aan de Syrische oppositie ook terecht kwamen bij groepen met een extremistisch oogpunt en bewegingen die kindsoldaten inzetten.

De monitoring was adequaat, maar een ‘nog strakkere monitoring’ zou op zijn plaats zijn geweest, aldus Blok in een schriftelijke reactie op bijna vierhonderd vragen uit de Tweede Kamer. De antwoorden komen een dag voor een hoorzitting over de kwestie, waarin deskundigen hun licht over de kwestie laten schijnen. Volgende week debatteert de Kamer met minister Blok.

,,Veel zaken zijn gelopen zoals ze bedoeld en voorzien waren”, aldus Blok, die benadrukt dat er altijd dingen mis kunnen gaan. ,,Zoals geregeld aan de Kamer gemeld gold in algemene zin dat geselecteerde groepen betrokken waren in een gewapend conflict, waarbij excessen of ander onwenselijk gedrag door die groepen nooit geheel kon worden uitgesloten.”

Veel zaken zijn gelopen zoals ze bedoeld en voorzien waren, aldus Minister Blok, Buitenlandse Zaken.

Blok wijst er echter op dat de ‘bredere beeldvorming dat Nederland terroristische organisaties gesteund zou hebben onjuist is’.

Doorgelicht door VS

Volgens Blok waren alle groepen die hulp kregen, doorgelicht door de Verenigde Staten. Ook bondgenoten verleenden steun aan deze gewapende rebellen en er zouden duidelijke afspraken over het monitoren zijn gemaakt.

Tijdens de hele duur van het steunprogramma werden de groepen in de gaten gehouden, vanuit operatiecentra in Turkije en Jordanië, door bondgenoten en Nederland zelf. Maar onder meer door onveilige situaties in gebieden waar de gematigde oppositie actief was, bleek het niet mogelijk een monitoringssysteem op te zetten dat alle risico’s uitsloot.

,,Uitvoering van programma’s in conflictgebieden is altijd moeilijk en met risico’s”, aldus Blok. Hij wil uit de ervaringen in Syrië lessen trekken voor de toekomst.

Steun

Nederland hielp van medio 2015 tot eerder dit jaar 22 rebellenbewegingen. Zij streden tegen het Assad-regime en werden beschouwd als gematigd. Bij de steun ging het niet om wapens, maar om bijvoorbeeld voertuigen en communicatieapparatuur.

Het hulpprogramma is staatsgeheim, waardoor officieel niet bekend wordt gemaakt om welke groepen het ging. De regering zegt zo ook te willen voorkomen dat rebellen die westerse steun ontvingen een belangrijker doelwit worden voor het Assad-regime, de IS-beweging of andere extremisten.

Hoorzitting

De Kamer spreekt vanmiddag met experts over de steun. Een van de sprekers is Koos van Dam. Hij was als Syrië-gezant tussen januari 2015 en augustus 2016 betrokken bij de leveranties aan de opstandelingen. Daarnaast zijn ook journalist Harald Doornbos en voormalig aanklager bij internationale tribunalen Carla del Ponte aanwezig.

Ook André Nollkaemper komt langs. Hij adviseert het kabinet over volkenrechtelijke kwesties en vindt dat Nederland nooit hulp had mogen verlenen aan de rebellen. Nederland heeft daarmee, zo betoogt hij, het internationaal recht geschonden. Hij trekt een vergelijking met de steun die de Verenigde Staten in de jaren ’80 gaf aan de rebellen in Nicaragua. Dat was volgens het Internationaal Gerechtshof illegaal.

Nederland was op hoogte van misdaden door gesteunde Syrische rebellen

NU 26.09.2018 Een beter toezicht op de Nederlandse steun aan Syrische rebellen was op zijn plaats geweest. Dat erkent minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken na onthullingen dat er ook hulp is gevloeid naar islamistische groepen die mensenrechten schonden.

De monitoring was adequaat, maar “nog strakkere monitoring” zou op zijn plaats zijn geweest, aldus Blok in een reactie op bijna vierhonderd kritische vragen uit de Tweede Kamer.

De minister wijst erop dat alle groepen die hulp kregen waren gescreend en beoordeeld door naaste bondgenoten en dat ook bondgenoten steun aan hen verleenden. Ook zouden er duidelijke afspraken over het monitoren zijn gemaakt.

“Uitvoering van programma’s in conflictgebieden is altijd moeilijk en met risico’s”, aldus Blok. Hij wil uit de ervaringen in Syrië lessen trekken voor de toekomst.

Eerder op woensdag meldden Trouw en Nieuwsuur dat de Nederlandse regering wist van de misdaden die de Syrische rebellengroep Jabhat al-Shamiya beging. Het ministerie van Buitenlandse Zaken onderhield in de zomer van 2016 met Amnesty International een e-mailwisseling over dit onderwerp.

Eerder deze maand onthulden deze media dat Nederland de jihadistische beweging Jabhat al-Shamiya heeft gesteund.

Amnesty besprak rapport met ministerie

In een rapport van Amnesty uit juli 2016 beschrijft de mensenrechtenorganisatie misdaden die vijf gewapende oppositiegroepen tussen 2012 en 2016 in Noord-Syrië hebben gepleegd. Een van die groepen is Jabhat al-Shamiya. Amnesty stelt dat de beweging schuldig is aan onder meer executies en ontvoeringen.

Trouw en Nieuwsuur schrijven dat het rapport meerdere keren is voorgelegd aan Buitenlandse Zaken. De organisatie besprak het rapport onder meer met Syrië-gezant Gerard Steeghs en zijn medewerkers op het ministerie.

Amnesty zou toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders hebben gevraagd om landen die Jabhat al-Shamiya op dat moment steunden te verzoeken daarmee te stoppen.

Regering leverde uniformen en trucks

Een jaar later begon Nederland zelf steun aan de groepering te verlenen, ondanks de belofte aan de Kamer dat er geen mensenrechtenschenders zouden worden gesteund. Aan Jabhat al-Shamiya zijn onder meer uniformen en pick-uptrucks geleverd.

Het rapport van Amnesty kwam op 7 juli 2016 ter sprake tijdens een commissievergadering met Kamerleden en Koenders. De toenmalige minister noemde de inhoud van het rapport destijds “verschrikkelijk”.

Het kabinet beëindigde de hulp dit voorjaar. Niet omdat de groeperingen niet aan de voorwaarden voldeden, maar omdat de oppositie in de Syrische burgeroorlog zo goed als verslagen is.

Volgende week debatteert de Kamer met minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) over de hulp aan Syrische oppositiegroepen.

Lees meer over: Syrië Politiek

‘Hulp aan Syrische oppositie was illegaal’

AD 26.09.2018 Nederland had nooit hulp mogen verlenen aan de oppositie in Syrië. Volgens André Nollkaemper, hoogleraar volkenrecht Universiteit van Amsterdam, heeft Nederland daarmee internationaal recht. Dat betoogt hij morgen tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer.

Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) tijdens een debat in de Tweede Kamer. © ANP

De Kamer heeft meerdere personen uitgenodigd om hun licht te laten schijnen over de hulp die het kabinet vanaf 2015 tot begin dit jaar gaf aan de gewapende oppositie in Syrië. Onlangs onthulden Nieuwsuur en Trouw dat een deel van die hulp (onder andere auto’s) ook terecht is gekomen bij milities die mensenrechten hebben geschonden. Volgende week debatteert de Kamer erover met minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken.

Hoewel de Kamer destijds in meerderheid instemde met de hulp, had dat volgens Nollkaemper nooit gemogen. Hij zegt dat volgens het internationale recht Nederland geen steun mag verlenen aan gewapende acties in een ander land, ook al ging het in dit geval niet om wapens. Hij trekt een vergelijking met de steun die de Verenigde Staten in de jaren ’80 gaf aan de rebellen in Nicaragua. Dat was volgens het Internationaal Gerechtshof illegaal.

Behalve Nollkaemper spreekt de Kamer morgen ook met onder andere journalist Harald Doornbos en voormalig aanklager bij internationale tribunalen Carla del Ponte.

Lees ook;

‘Spanning in coalitie over hulp aan jihadisten’

Lees meer

Kabinet pas net op de hoogte van steun aan ‘jihadisten in Syrië’

Lees meer

Blok: Hulp aan ‘terroristische’ groeperingen Syrië goed uitzoeken

Lees meer

‘Nederland gaf steun aan jihadisten in Syrië’

Lees meer

Minister Blok op het matje over steun aan ‘jihadisten in Syrië’

Lees meer

‘Volkenrecht mogelijk geschonden door steun aan Syrische rebellen’

NOS 26.09.2018 De extern volkenrechtelijk adviseur André Nollkaemper heeft alsnog een oordeel geschreven over het Nederlandse steunprogramma aan Syrische rebellen. In dit oordeel, dat hij vanavond naar de Tweede Kamer stuurde, schrijft hij dat de steun aan gewapende Syrische rebellen mogelijk op gespannen voet staat met het volkenrecht.

Het kabinet heeft hem nooit om een advies gevraagd, maar Tweede Kamerleden vroegen hem met terugwerkende kracht naar zijn advisering inzake het NLA-programma.

Vanavond licht Nollkaemper zijn oordeel toe in Nieuwsuur.

Ernstige twijfels

Tegen Nieuwsuur en Trouw zegt Nollkaemper vanavond: “Op basis van de feiten die ik nu ken, op basis van de VN-rapporten die ook zijn gepubliceerd, zou ik ook in 2015 ernstige twijfel hebben gehad of er groepen waren die wij hadden kunnen steunen. De aard van de groepen, de agenda’s van de groepen waren niet duidelijk, of het was duidelijk dat zij leunden naar terrorisme dan wel leunen naar strijd tegen Assad. Dus in de specifieke context van 2015 zou ik ernstige twijfels hebben gehad over het beginnen van dit programma in het licht van uiteindelijk de volkenrechtelijke grenzen waarbinnen Nederland moet opereren.”

Nollkaemper stelt in zijn schriftelijk oordeel aan de Kamer ook dat het parlement nu moet beoordelen of de functie van volkenrechtelijk adviseur op deze manier wel moet worden voortgezet. “Mijn lezing is dat het systeem zoals de commissie-Davids het had bedacht, in dit geval niet afdoende heeft gewerkt”, schrijft Nollkaemper.

De instelling van een extern volkenrechtelijk adviseur was bedoeld om het kabinet van gedegen juridisch advies te voorzien bij “belangrijke buitenlandse kwesties”, en volgens Nollkaemper is er “geen twijfel over mogelijk” dat het steunprogramma aan de rebellen tot “belangrijke buitenlandse kwesties” behoort. Toch heeft het kabinet hem niet om advies gevraagd.

Wel advies van interne juristen

Het ministerie van Buitenlandse Zaken vroeg inzake het steunprogramma wel om advies bij haar eigen, interne juristen. Het ministerie maakt dit interne advies echter niet openbaar. Nollkaemper zet daar vraagtekens bij: “Gegeven dat Nederland zoveel gewicht toekent aan het internationale recht, zou de vraag of en hoe Nederland juist in lastige dossiers volkenrechtelijke opereert, vol onderwerp van politiek en ook maatschappelijk debat moeten zijn dat past niet bij volstrekte geheimhouding van juridische overwegingen.”

Dat Nederland slechts ‘non letale’ goederen aan de rebellen leverde, is volgens Nollkaemper “niet beslissend”. “De vraag is of ze worden ingezet in het kader van gewapende handelingen. En dat lijkt wel te zijn gebeurd.”

Vanavond meer in Nieuwsuur (22.00 uur op NPO 2) en op de website van Trouw.

Bekijk ook;

Nederland was op de hoogte van misstanden Syrische rebellen

Onderzoek naar steun aan Syrische strijdgroepen: het drieluik

Kabinet vroeg geen advies aan volkenrechtelijk adviseur over steun aan Syrische groepen

Geblunder met Syrische jihadisten zet coalitie ernstig onder druk

VK 21.09.2018 De 25 miljoen euro die de Nederlandse overheid per abuis heeft doorgesluisd naar Syrische jihadisten leidt tot oplopende spanningen in de regeringscoalitie. Het CDA en de ChristenUnie bestoken VVD-minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken tot diens ergernis meerdere malen per week met lastige Kamervragen over de kwestie.

De vierde coalitiepartij D66 kijkt nog toe, maar zal over twee weken tijdens een ingelast debat over Syrië ook antwoorden willen van de minister.

Dinsdag, op Prinsjesdag, waren meerdere aanwezigen in de Ridderzaal getuige van een uitval van minister Blok naar het CDA-Kamerlid Martijn van Helvert. ‘Zullen we een paar VVD’ers ook wat kritische vragen laten stellen aan CDA-ministers?’, beet de minister Van Helvert toe. VVD-Kamerlid Bente Becker moest tussenbeide komen om de ruzie te sussen. ‘Niet hier! Er luisteren mensen mee’, zei ze.

De aanvaring is tekenend voor de sfeer in de coalitie als het gaat over het Syrië-dossier. Tot ongenoegen van de VVD heeft Van Helvert samen met zijn collega-Kamerlid Pieter Omtzigt alleen dit jaar al zeven keer kritische Kamervragen gesteld over het geld dat bestemd was voor zogenaamde ‘gematigde Syrische rebellen’.

De kwestie is nog lang niet van tafel. Volgende week donderdag organiseert de vaste Kamercommissie van Buitenlandse Zaken onder voorzitterschap van D66’er Pia Dijkstra een rondetafelgesprek met Syrië-experts. Kamerleden zullen daar horen van mensen zoals VN-aanklager Carla Del Ponte en Volkenrechtelijk adviseur André Nollkaemper dat er in 2015, toen het besluit werd genomen om de rebellen te steunen, al vele openbare rapporten waren waarin stond dat de rebellen zich misdroegen en er extremistische ideeën op nahielden.

Weer een loodzwaar debat

Die informatie betekent voor Blok opnieuw een loodzwaar debat, dat ingepland staat op dinsdag 2 oktober. Recentelijk nog overleefde Blok een motie van wantrouwen van de voltallige linkse oppositie over zijn eerder gedane xenofobe uitspraken. Dit keer vindt Blok niet alleen de oppositie tegenover zich, maar ook coalitiepartijen die de onderste steen boven willen.

Omtzigt en Van Helvert houden vooral oud-minister Bert Koenders (PvdA) verantwoordelijk voor de gang van zaken, maar nemen geen genoegen met de veelal ontwijkende antwoorden die Blok tot nu toe gaf op hun vragen.

Met name Omtzigt heeft een reputatie opgebouwd als Kamerlid dat zich vastbijt in heikele dossiers en zich daarbij weinig gelegen laat liggen aan fractieafspraken of gevoeligheden in de coalitie. Eerdere pogingen van CDA-leider Sybrand Buma om hem op andere dossiers terug te fluiten omwille van de lieve vrede, mislukten.

Omtzigt en Van Helvert ervaren het Syrië-dossier als een principiële kwestie. D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma zegt het eens te zijn met die lijn: ‘Je moet ministers controleren als Kamerlid, het maakt dan niet uit of je oppositie of coalitie bent. Zeker bij zwaarwegende onderwerpen als dit.’

Twijfels 

De kritische vragen van de coalitiepartijen komen niet uit de lucht vallen. In de ogen van diverse Kamerleden hebben het vorige en het huidige kabinet hun twijfels lang genegeerd. CU-Kamerlid Joël Voordewind waarschuwde in 2015 na een bezoek aan rebellen van het Vrije Syrische Leger al dat deze groep bereid was om ook met jihadisten samen te werken. Via een motie vroeg hij om stopzetting van de hulp. Volgens Koenders waren de zorgen onnodig: er zou continu gevolgd worden of het geld goed terecht kwam. Op 16 april 2018 schreef zijn opvolger Blok nog: ‘Er wordt nauwgezet op toegezien.’ Daar is iets misgegaan.

Geheimhouding

Extra olie op het vuur is de weigering van Blok om documenten te openbaren waarin staat waarom het ministerie in 2015 dacht dat het een goed idee was om Syrische rebellen te steunen. Kamerleden mogen het zogenoemde interne volkenrechtelijk advies binnenkort vertrouwelijk inzien, maar mogen daarna niet publiekelijk vertellen wat erin staat. Omtzigt wees er donderdag fijntjes op dat een soortgelijk document over steun aan Syrië in 2013 wel gewoon openbaar is. De plotselinge geheimhouding die Blok nu wil afdwingen noemt hij ‘zorgelijk’.

Lees ook: 

Tussentijds rapport Rutte III: zo staan de ministers er na het eerste jaar voor
Mark Rutte blijft de heerser van het Binnenhof, Kajsa Ollongren heeft het moeilijk, om nog maar te zwijgen van Stef Blok: zo brachten de bewindslieden van Rutte III het er in hun eerste jaar vanaf.

Hoe kon het kabinet zo naïef zijn over Syrische rebellen? Vier vragen over de steun aan strijdgroepen
De door Nederland gesteunde Syrische rebellengroepen blijken zich schuldig te hebben gemaakt aan mensenrechtenschendingen. Jarenlang uitten Kamerleden al twijfels. Waarom zette het kabinet dit omstreden plan toch door?

Goede bedoelingen lopen stuk op de bittere realiteit. Is Nederland naïef als het gaat om oorlogssituaties?
Het goede doen, was de inzet van de Nederlandse steun aan Syrische ‘gematigde’ oppositiegroepen. Maar dat pakte anders uit, net als bij diverse andere buitenlandse missies. Is Nederland te naïef voor het kwaad in de wereld?

Stef Blok

Blok krijgt het druk: 382 vragen over steun Syrische groepen

AD 19.09.2018 Minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken moet 382 vragen beantwoorden over de Nederlandse steun aan de Syrische oppositiegroepen. De Tweede Kamer heeft de lange lijst met vragen vandaag ingediend.

De vragen gaan over de goederen die Nederland tussen 2015 en 2018 leverde aan gematigde Syrische oppositiegroepen. Vorige week werd na onderzoek van Nieuwsuur en Trouw duidelijk dat de pick-uptrucks en satelliettelefoons die Nederland leverde ook terecht kwamen bij groepen met een extremistisch oogpunt en bewegingen die kindsoldaten inzetten.

 Lees ook

Minister Blok: Informatie over steun Syrische groepen blijft staatsgeheim

Kabinet pas net op de hoogte van steun aan ‘jihadisten in Syrië’

Lees meer

De Kamer wil opheldering over het non-lethal assistence (NLA) programma dat het kabinet steunde. Met dat programma werden geen wapens geleverd aan gewapende groepen die in de Syrische oorlog strijden tegen het regime van president Bashar al-Assad, maar wel goederen. Zo willen de Kamerleden weten wie om de Nederlandse steun heeft verzocht, wat het volkenrechtelijk advies was over die steunverlening en hoe het kabinet de groepen selecteerde die goederen kregen.

Ministerieel verantwoordelijk

Ook is de Kamer benieuwd wanneer premier Mark Rutte ervan op de hoogte werd gesteld en de toenmalige minister Bert Koenders tekende voor de steun. Die vraag is relevant, omdat de Kamerleden ook willen weten of de huidige minister Blok ministerieel verantwoordelijk is voor de steun. Uit eerdere antwoorden van Blok bleek al dat hij het NLA-programma tot staatsgeheim heeft verklaard.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken moet nu aan de bak om de vragen te beantwoorden. De Kamer heeft geen specifieke deadline gesteld, maar zal de antwoorden ruim voor het debat met minister Blok willen hebben. Volgende week donderdag, 27 september, volgt dan een hoorzitting over het onderwerp. In de eerste week van oktober wordt dan het debat met Blok verwacht.

Minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken en zijn partner tijdens Prinsjesdag.

Tweede Kamer krijgt advies over hulp aan Syrische groepen alleen vertrouwe­lijk te zien

AD 18.09.2018 De Tweede Kamer krijgt ‘bij uitzondering’ interne volkenrechtelijke adviezen te zien over de hulp aan Syrische groepen. De stukken zijn niet staatsgeheim. Toch kunnen ze niet openbaar worden gemaakt, omdat het kabinet eraan hecht dat ambtenaren ‘onbevangen en in vertrouwen’ kunnen adviseren.

Dat schrijft minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken in antwoord op Kamervragen van het CDA. Kamerleden Martijn van Helvert en Pieter Omtzigt hadden om openbaarmaking van de adviezen van het ministerie zelf gevraagd.

Volgens minister Blok worden de adviezen ook niet openbaar als er een beroep wordt gedaan op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). ,,De interne adviezen bevatten persoonlijke beleidsopvattingen die op grond van de Wob niet openbaar zijn.”

Wel schrijft de VVD-bewindsman dat in de uitgebrachte adviezen de volkenrechtelijke risico’s werden geschetst rond de steun aan gematigde gewapende oppositiegroepen en dat die werden ‘meegewogen in de (politieke) besluitvorming’. ,,Daarbij is aangegeven dat de civiele aard van de steun het risico op strijdigheid (met het non-interventiebeginsel, red.) kan beperken.”

Aanleiding voor de Kamervragen is onderzoek van Nieuwsuur en Trouw.  Hieruit blijkt dat het kabinet, dat sinds 2015 Syrische oppositiegroepen goederen als pick-uptrucks stuurde, ook extremistische groepen steunde. 

Rutte wil ‘recht doen aan journalistieke productie’ en houdt zich op de vlakte

Elsevier 14.09.2018 Premier Mark Rutte (VVD) voelt nattigheid en houdt zich maximaal op de vlakte als het de steun aan de Syrische rebellen betreft. Volgens Nieuwsuur en dagblad Trouw kwam steun voor zogenaamde ‘gematigde gewapende verzetsgroepen’ terecht bij jihadistische groepen die banden onderhielden met het terrorisme en zich schuldig maakten aan grove mensenrechtenschendingen.

Rutte zei vanmiddag nooit de lijst te hebben gezien met 22 Syrische groepen die Nederlandse steun ontvingen. Althans, hij kon het zich vanmiddag op zijn persconferentie niet herinneren dat die lijst de afgelopen jaren de ministerraad passeerde.

‘Door de publicaties deze week van Nieuwsuur en dagblad Trouw lijkt het of het kabinet elke week druk was met de steun aan die groeperingen. Zo werkte het natuurlijk niet,’ verontschuldigde Rutte zich.

Kabinet doet onderzoek naar Syrië

Hij zei dat hij ‘recht wilde doen aan de journalistieke productie’ door nu niet te gaan proberen zaken te reconstrueren. Het kabinet stelt eerst een eigen onderzoek in naar welke ‘non-lethale’ spullen er precies werden geleverd – onder meer pick-uptrucks en uniformen – en bij wie die terechtkwamen.

Alsof hij een mondeling examen aflegde, beantwoordde Rutte de vraag of hij wist aan welke criteria de hulp aan de islamitische opstandelingen moest voldoen. Eén van die voorwaarden was eerbiediging van de mensenrechten. Maar de Zwitserse VN-functionaris Carla Del Ponte meldde reeds in 2013 dat alle gewapende groepen in Syrië de mensenrechten schonden.

Of Den Haag op de hoogte was van Del Pontes waarschuwing? Dat wist Rutte zich evenmin te herinneren.

Was het kabinet niet ontstellend naïef geweest? ‘Ho, ho, stap voor stap. Dat zoeken we uit,’ bezwoer Rutte.

In een brief aan de Tweede Kamer verzekerde VVD-minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken dat de zaak ‘zeer serieus’ wordt genomen. Kamerleden krijgen vertrouwelijk inzage in een evaluatierapport uit 2016. Maar vooralsnog blijft Blok erbij dat de details van het hulpprogramma onder het staatsgeheim vallen, vanwege de relaties met andere landen en mogelijke repercussies voor personen in Syrië.

Blok zal hooguit gedeeltelijk openheid verschaffen: ‘Gelet op het vertrouwelijke karakter van delen van het programma wil het kabinet in overleg met uw Kamer bekijken welke modaliteiten gevonden kunnen worden om de verdere informatie te geven die uw Kamer wenst. Dat betreft ook informatie over de gesteunde groepen en andere vertrouwelijke informatie over de uitvoering van het programma die sinds de start van het programma is aangemerkt als staatsgeheim.’

Kabinet stopt eind 2018 met missie F-16’s in Irak en Syrië

NU 14.09.2018 Eind dit jaar stopt de inzet van de Nederlandse F-16’s tegen terreurgroep Islamitische Staat (IS) in Irak en Oost-Syrië, zo heeft het kabinet vrijdag besloten. Wel blijven enkele tientallen Nederlandse militairen in Irak actief om daar te helpen bij de opbouw van het leger.

Vier F-16’s opereren sinds begin dit jaar vanuit Jordanië. De militaire strijd tegen IS nadert echter zijn einde. De missie kan niet worden verlengd, omdat de luchtmacht volgend jaar begint met de overgang naar de F-35.

Nederland blijft militair actief in Irak. In het noorden gaan maximaal vijftig man Koerdische collega’s opleiden. Verder worden voor de NAVO-trainingsmissie, die in het najaar begint, twintig man ingezet. In Bagdad blijven commando’s Iraakse special forces trainen. Het gaat om drie tot twaalf man.

De Nederlandse militairen moeten helpen bij het stabiliseren van het land. “Het is nu van groot belang dat we de Iraakse overheid blijven helpen om hun overwinning op IS vast te houden en te steunen in de wederopbouw”, zegt minister Ank Bijleveld van Defensie.

Ook twintig man ingezet voor trainingsmissie in Sahel-regio

Daarnaast heeft het kabinet besloten met twintig man bij te dragen aan de EU-capaciteits- en trainingsmissie in de Sahel-regio. Op 1 mei begint de afbouw van de Nederlandse missie in Mali. Daarna blijven enkele politiefunctionarissen en stafofficieren de VN-missie Minusma nog wel helpen.

Op dit moment zijn er ongeveer 250 Nederlanders in Mali. Zij vergaren en analyseren inlichtingen. Er heeft zich nog geen ander land gemeld om het gat op te vullen dat Nederland laat vallen in Mali. Nederland blijft de VN helpen bij de zoektocht naar een vervanger.

Lees meer over: Politiek

Nederlandse F-16’s weg uit Irak en Syrië

NOS 14.09.2018 Eind dit jaar stopt de inzet van Nederlandse F-16’s tegen Islamitische Staat boven Irak en Syrië. De bijdrage met F-16’s liep eind dit jaar al af en het kabinet heeft nu besloten die termijn niet te verlengen. Volgens het kabinet verschuift de Nederlandse inzet van offensief optreden tegen IS naar het versterken van de veiligheidssector in heel Irak.

Er blijven enkele tientallen Nederlandse militairen in Irak. Vijftig van hen worden ingezet voor trainingen aan het Iraakse leger. De Nederlanders moeten de Irakezen helpen om gebieden veilig te houden die op IS zijn heroverd. Verder blijven twintig militairen special forces opleiden en Nederland draagt ook met militairen en civiele experts bij aan een NAVO-missie in Irak en aan de training van Peshmerga’s, Koerdische strijdkrachten.

Het kabinet benadrukt dat het einde van de militaire strijd tegen IS in zicht lijkt, maar dat tegelijk IS zich in Irak heeft omgevormd tot een ondergrondse groepering die vooral een bedreiging blijft door aanslagen. Nederland wil meehelpen aan een “duurzame overwinning” op IS.

Het kabinet wil verder met twintig man bijdragen aan een EU-missie in de Sahel. Op 1 mei begint de afbouw van de bijdrage aan de VN-missie in Mali. Daar blijven nog wel enkele politiefunctionarissen en stafofficieren.

Kabinet stopt met inzet Nederlandse F-16’s in strijd tegen IS

Telegraaf 14.09.2018 Eind dit jaar stopt de inzet van de Nederlandse F-16’s tegen terreurgroep IS in Irak en Oost-Syrië.

Wel blijven enkele tientallen Nederlandse militairen actief in Irak om daar te helpen bij de opbouw van het leger. Dat heeft het kabinet vrijdag besloten.

Vier F-16’s met 150 man personeel opereren sinds begin dit jaar vanuit Jordanië. De militaire strijd tegen IS nadert echter zijn einde en de gevechtsvliegtuigen voeren nauwelijks nog bombardementen uit. De missie kan niet worden verlengd omdat de luchtmacht volgend jaar begint met de overgang naar de F-35.

Militair actief

Nederland blijft militair actief in Irak. In het noorden gaan maximaal vijftig man Koerdische collega’s opleiden. Verder worden voor de NAVO-trainingsmissie, die in het najaar begint, twintig man ingezet. In Bagdad blijven commando’s Iraakse special forces trainen. Het gaat om drie tot twaalf man.

De Nederlandse militairen moeten helpen bij het stabiliseren van het land. „Het is nu van groot belang dat we de Iraakse overheid blijven helpen om hun overwinning op IS vast te houden en te steunen in de wederopbouw”, zegt minister Ank Bijleveld van Defensie.

Daarnaast heeft het kabinet nog besloten twintig man bij te dragen aan de EU-capaciteits-en trainingsmissie in de Sahel-regio. Op 1 mei begint de afbouw van de Nederlandse missie in Mali. Daarna blijven nog wel enkele politiefunctionarissen en stafofficieren de VN-missie Minusma helpen.

Op dit moment zijn ongeveer 250 Nederlanders in Mali. Zij vergaren en analyseren inlichtingen. Er heeft zich nog geen ander land gemeld om het gat op te vullen dat Nederland laat vallen in Mali. Nederland blijft de VN helpen bij de zoektocht naar een vervanger.

LEES MEER OVER f-16 terreurorganisaties  syrië  irak

Einde aan missie F-16’s in Irak en Syrië

AD 14.09.2018 Eind dit jaar stopt de inzet van de Nederlandse F-16’s tegen terreurgroep IS in Irak en Oost-Syrië. Wel blijven enkele tientallen Nederlandse militairen actief in Irak om daar te helpen bij de opbouw van het leger. Dat heeft het kabinet vandaag besloten.

Het is nu van groot belang dat we de Iraakse overheid blijven helpen om hun overwin­ning op IS vast te houden en te steunen in de wederop­bouw, aldus Minister Bijleveld.

Vier F-16’s met 150 man personeel opereren sinds begin dit jaar vanuit Jordanië. De militaire strijd tegen IS nadert echter zijn einde en de gevechtsvliegtuigen voeren nauwelijks nog bombardementen uit. De missie kan niet worden verlengd omdat de luchtmacht volgend jaar begint met de overgang naar de F-35.

Nederland blijft militair actief in Irak. In het noorden gaan maximaal vijftig man Koerdische collega’s opleiden. Verder worden voor de NAVO-trainingsmissie, die in het najaar begint, twintig man ingezet. In Bagdad blijven commando’s Iraakse special forces trainen. Het gaat om drie tot twaalf man.

De Nederlandse militairen moeten helpen bij het stabiliseren van het land. ,,Het is nu van groot belang dat we de Iraakse overheid blijven helpen om hun overwinning op IS vast te houden en te steunen in de wederopbouw”, zegt minister Ank Bijleveld van Defensie.

Training

Daarnaast heeft het kabinet nog besloten twintig man bij te dragen aan de EU-capaciteits-en trainingsmissie in de Sahel-regio. Op 1 mei begint de afbouw van de Nederlandse missie in Mali. Daarna blijven nog wel enkele politiefunctionarissen en stafofficieren de VN-missie Minusma helpen.

Op dit moment zijn ongeveer 250 Nederlanders in Mali. Zij vergaren en analyseren inlichtingen. Er heeft zich nog geen ander land gemeld om het gat op te vullen dat Nederland laat vallen in Mali. Nederland blijft de VN helpen bij de zoektocht naar een vervanger.

 

Minister Blok: Informatie over steun Syrische groepen blijft staatsgeheim

AD 14.09.2018 De informatie over de Syrische groepen aan wie Nederland met goederen steun verleende, blijft staatsgeheim. Het kabinet ‘acht dat noodzakelijk’, ook nu het programma dit voorjaar werd stopgezet.

Dat schrijft minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken vanavond aan de Tweede Kamer. Als de openbaar wordt zijn de groepen en hun families ‘potentieel een belangrijker doelwit voor extremistische groepen, het Assad-regime en/of hun bondgenoten’. Dat verschillende groeperingen na onderzoek van Nieuwsuur en Trouw deze week zelf zeiden pick-uptrucks en satelliettelefoons te hebben gekregen van Nederland, laat het kabinet ‘voor hun eigen rekening, inclusief de mogelijke consequenties’.

De Tweede Kamer krijgt de volledige lijst van 22 gesteunde groepen wel te zien, maar dat gebeurt alleen vertrouwelijk. De informatie mag dan niet worden gebruikt, ook niet in debatten. Daarnaast stelt Blok dat hij bekijkt hoe andere staatsgeheime informatie – zoals over de uitvoering van steunprogramma – vertrouwelijk met Kamerleden kan worden gedeeld.

Terrorisme

Tussen 2015 en 2018 steunde Nederland Syrische oppositietroepen die vochten tegen het regeringsleger van president Bashar al-Assad. Na het onderzoek van Nieuwsuur en Trouw bleek dat de steun niet altijd naar gematigde groepen ging, zoals het kabinet altijd had bezworen. Zo is Jabhat al-Shamiya volgens het Openbaar Ministerie een ‘criminele organisatie met een terroristisch oogmerk’. De Sultan Murad Brigade sloot in 2015 een publiekelijk militair verbond sloot met Al-Qaeda en zette kindsoldaten in.

Of al eerder bij het ministerie van Buitenlandse Zaken bekend was dat de Nederlandse goederen mogelijk in verkeerde handen waren gevallen, wordt niet duidelijk. Dat wordt ‘de komende periode grondig onderzocht’, schrijft Blok. Volgens premier Mark Rutte hoorde zijn kabinet pas afgelopen maandag dat Nederlandse hulp aan het Syrische verzet mogelijk bij terroristische groeperingen terecht is gekomen. Dat zei hij vanmiddag na afloop van de ministerraad.

Beoordelen

Er is volgens Blok wel een verschil tussen hoe Buitenlandse Zaken beoordeelt of een groep terroristisch is en hoe het Openbaar Ministerie (OM) dat doet. ,,Het ministerie van Buitenlandse Zaken kijkt primair naar internationale terrorismelijsten (VN en EU) voor de beoordeling van organisaties.” Daarbij speelt het OM ‘geen rol’. Justitie stelt vervolging in op basis van ‘gedragingen’, in ‘een omschreven periode en een opschreven plaats’. ,,Het OM doet geen algemene uitspraken over strijdende groeperingen, ook omdat in het jihadistisch strijdgebied de samenstelling van de groepen snel veranderde en verandert”, aldus de VVD-bewindsman.


Kabinet pas net op de hoogte van steun aan ‘jihadisten in Syrië’

AD 14.09.2018 Het kabinet hoorde pas afgelopen maandag dat Nederlandse hulp aan het Syrische verzet mogelijk bij terroristische groeperingen terecht is gekomen. Dat zei premier Rutte vanmiddag na afloop van de ministerraad.

Maandag brachten Nieuwsuur en Trouw het nieuws dat Nederlandse hulp, waaronder pick-uptrucks, terecht is gekomen bij Jabhat al-Shamiya en de Sultan Murad Brigade. Die strijdersgroepen worden door onder andere Amnesty beticht van het schenden van mensenrechten in de Syrische burgeroorlog.

De hulp was onderdeel van een programma dat het Nederlandse kabinet in 2015 startte om de gematigde gewapende oppositie in Syrië te steunen. Dat programma is begin dit jaar stopgezet. Volgens Rutte omdat ‘de gematigde oppositie aan kracht verloor en we het programma opnieuw moesten wegen’.

Geheim

Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) komt nog met een uitgebreide brief over de kwestie. De namen van de organisaties waaraan Nederlandse goederen werden verstrekt, zijn volgens Blok geheimgehouden omdat er ‘in een gebied met een verschrikkelijke burgeroorlog’ niet bekend mag worden welke groepen gesteund worden door westerse landen. ,,Dat gebeurde om mensenlevens te beschermen”, zei hij eerder deze week.

Volgens Rutte is er in de ministerraad gedurende de operatie niet ‘elke week een lijstje besproken welke organisaties er allemaal hulp kregen’. ,,We moeten nu precies uitzoeken hoe het zit.’’

OM: steun aan strijdgroepen heeft geen invloed op vervolging jihadisten

NOS 12.09.2018 Het maakt voor het Openbaar Ministerie niet uit dat sommige strijdgroepen in Syrië steun hebben gekregen van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Nederlanders die zich bij deze groeperingen hebben aangesloten en hebben meegevochten, zijn strafbaar en worden in Nederland vervolgd.

Dat heeft officier van justitie Haneveld van het Landelijk Parket benadrukt bij aanvang van een zitting tegen enkele jihadverdachten in Rotterdam. Hij reageert daarmee op de commotie rond de steun van Nederland aan ‘gematigde’ strijdgroepen in Syrië.

Het OM hanteert een eigen definitie voor een terroristische organisatie. “Strijdende groeperingen die erop uit zijn om een kalifaat te stichten en daarmee de huidige fundamentele politieke structuur te vernietigen, zijn aan te merken als een criminele organisatie met een terroristisch oogmerk”, zegt Haneveld.

Kalifaat

“Dat geldt uiteraard te meer als dit streven om een kalifaat te stichten gepaard gaat met handelingen die erop gericht zijn om de bevolking of een deel daarvan ernstig vrees aan te jagen”, zegt de officier van justitie. “Maar strikt genomen is dat niet noodzakelijk.”

Voor strafrechtelijke vervolging is het ook niet noodzakelijk dat een strijdgroep is opgenomen op de terrorismelijst van de EU of de VN, zegt Haneveld.

Onzorgvuldig

“Uiteraard vormt vermelding op deze lijst een bevestiging van het standpunt dat een organisatie inderdaad terroristisch is, maar er is geen enkele basis om andersom te redeneren: niet gezegd kan worden dat het niet vermeld staan op de EU- of VN-lijst maakt dat een organisatie niet aangemerkt kan worden als een terroristische organisatie.”

Zelfs als blijkt dat het ministerie van Buitenlandse Zaken onzorgvuldig is geweest bij het verlenen van steun aan strijdgroepen, maakte het deelname aan deze groepen niet minder strafbaar, meent het OM. Het is uiteindelijk echter aan de rechter om dit te beslissen.

Uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw is gebleken dat de Nederlandse regering een gewapende groepering in Syrië heeft gesteund die door het Openbaar Ministerie als terroristisch is bestempeld.

BEKIJK OOK

Nederland steunde ‘terreurbeweging’ in Syrië

Steun aan rebellen direct al twistpunt bij de rechter

Telegraaf 12.09.2018 De Nederlandse steun aan Syrische rebellen is vandaag al direct een belangrijk gespreksonderwerp in rechtszaken tegen twee Syriëgangers en twee Syrische vluchtelingen.

Youssef C. en Iliass J. uit Amsterdam zijn uit Turkije teruggevlogen naar Nederland, begeleid door de marechaussee. Het tweetal wordt ervan verdacht dat ze lid zijn geweest van verschillende jihadistische groepen in dat land.

Youssef C. is in 2013, helemaal aan het begin van de Syrië-oorlog, naar dat land afgereisd om te strijden tegen dictator Assad. Hij maakte deel uit van de groepen Ahrar al-Sham en Jund al-Aqsa. Die horen volgens de officier van justitie niet tot de 22 rebellengroepen die door Nederland zijn gespekt met auto’s of uniformen. Beide organisaties zijn volgens justitie wel degelijk aan te merken als terreurgroepen die de stichting van een kalifaat nastreven.

Kalifaat

Advocaat André Seebregts meent dat Nederland Ahrar al-Sham mogelijk als een ‘gematigde’ club ziet, die het oorlogsrecht respecteert en een ‘inclusieve’ staatsvorm nastreeft in plaats van een islamitisch kalifaat. Volgens hem is het van groot belang om uit te zoeken of de groep de mensenrechten schond of niet. ,,Er zijn nogal wat ontwikkelingen gaande op dit gebied op het moment.’’

De zitting van vandaag is de eerste gelegenheid waarbij advocaten vol kunnen inzetten op de Nederlandse steun aan Syrische rebellen. Ze zien nieuwe mogelijkheden om Syriëgangers vrij te pleiten. Advocaat en hoogleraar internationaal recht Geert-Jan Knoops vraagt zich af of vervolging überhaupt nog mogelijk is als de Nederlandse Staat zich schuldig heeft gemaakt aan datgene waar de burger van verdacht wordt. Die kwestie gaat met name spelen bij strijders die zich niet bij IS of al-Qaeda aansloten, maar bij een van de tientallen andere splintergroepen.

Officier van justitie Haneveld stelt dat het voor het OM niet uitmaakt of bepaalde rebellengroepen wel of geen steun hebben gekregen van de regering. De strijders blijven strafbaar.

Deze woensdag staan nog meer jihadverdachten voor de rechter. Twee asielzoekers worden ervan verdacht dat ze lid zijn geweest van Jabhat al-Nusra, de Syrische tak van al-Qaeda. Ook in deze zaak bepleit advocaat Landman dat de onthullingen over de steun aan rebellen de zaak op losse schroeven zetten. De officier van justitie vindt de suggestie onzin dat al-Qaeda ’gematigd’ zou zijn.

Over drie weken begint een rechtszaak tegen een Nederlandse Syriëganger die een bijdrage heeft geleverd aan de strijd van Jabhat al-Shamiya, een ‘gematigde’ groep waarvan vaststaat dat het auto’s en uniformen heeft gekregen van Nederland.

OM: vervolging Syriëgangers gaat gewoon door

AD 12.09.2018  Het Openbaar Ministerie ziet geen reden de vervolging van sommige Nederlandse Syriëgangers stop te zetten, nu is gebleken dat de Nederlandse overheid enkele strijdgroepen in dat land zelf heeft gesteund. ,,Het gaat om niet-vergelijkbare zaken.”

Uitreizen en gevechts­han­de­lin­gen verrichten is iets heel anders dan wat de Nederland­se overheid heeft gedaan

Dat zei officier van justitie Haneveld vanochtend in een pro-formazitting tegen twee teruggekeerde Syriëgangers, Youssef C. en Iliass J., uit Amsterdam. Zij zouden in 2013 zijn afgereisd naar Syrië en zijn eerder dit jaar teruggekeerd.

Volgens het OM hebben ze daar gevochten bij de groepen Ahrar al-Sham en Jund al-Aqsa. ,,Criminele groeperingen met een terroristisch oogmerk.” Volgens het OM hebben deze twee groepen ook zeer waarschijnlijk geen steun gehad van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken. ,,Dat hebben we nagevraagd.”

En ook al was dat wel het geval, dan vervolgen we ze toch, stelt justitie. ,,Omdat het om onvergelijkbare zaken gaat. Uitreizen en gevechtshandelingen verrichten is iets heel anders dan wat de Nederlandse overheid heeft gedaan.”

Lees ook

‘Nederland gaf steun aan jihadisten in Syrië’

Lees meer

Steun

Eerder deze week bleek dat de Nederlandse overheid materiële steun (terreinwagens, medische kits, maar geen wapens) aan verschillende groeperingen in Syrië  heeft verleend die door het OM als terroristisch worden gezien of worden beschuldigd van oorlogsmisdaden.

De groepen vochten vaak tegen president Assad en (soms) ook tegen IS. De teruggekeerde Syriëganger Driss M., die eerder dit jaar tot een gevangenisstraf werd veroordeeld, sloot zich bijvoorbeeld aan bij Jabhat al-Shamiya. Die groep blijkt ook steun van de Nederlandse overheid te hebben gehad.

Advocaat Andre Seebregts, van verdachte Youssef C., stelt dat het ministerie van Buitenlandse Zaken ook de groepering Ahrar al-Sham als ‘gematigd’ ziet. Hij wil daarom drie Nederlandse diplomaten die betrokken waren bij de steun aan de Syrische groepen horen als getuigen.

Het Openbaar Ministerie ziet daar op dit moment geen noodzaak toe. Het OM kijkt naar de ‘feitelijke gedragingen’ van een organisatie. Het OM vindt dat alle organisaties die tot doel hebben in Syrië een kalifaat te stichten, die tot doel hebben burgers angst en vrees aan te jagen, naar de wet beschouwd kunnen worden als een terroristische organisatie.

Met zijn drieën naar Syrië

Youssef C. en Iliass J. zouden in 2013 samen met een derde Amsterdammer naar Syrië zijn gereisd. Die derde, Ismael F., zou in Syrië zijn omgekomen door een mortieraanval. Iliass J. kwam deze zomer uit eigen beweging terug uit Syrië en werd op Schiphol aangehouden. Hij heeft tot nu toe niets verklaard over zijn periode in Syrië. Youssef C. kwam in januari al terug en heeft wel een verklaring aan de politie afgelegd.

Volgens eigen zeggen vertrok hij naar Syrië uit ‘idealisme’ en uit woede om het beleid van Assad. Hij sloot zich aan bij de strijdgroep Ahrar al-Sham en later bij Jund al-Aqsa. Later trok hij zich daaruit terug. ,,Hij heeft nooit gestreden, alleen een paar keer wacht gelopen in de achterhoede”, aldus zijn advocaat. Volgens eigen verklaring is hij nadat hij de groep verlaten had een café annex snoepwinkel in Syrië begonnen, trouwde hij en kreeg hij twee kinderen. Hij probeerde vijf keer terug te komen naar Nederland.

De vervolging van Nederlandse Syriëgangers gaat door. © anp

Door Haagse schone handen liepen ploerten en verkrachters er netjes geüniformeerd bij

Elsevier 11.09.2018 Verspreid over een paar jaar maakte het ministerie van Buitenlandse Zaken 70 miljoen euro over aan ‘het gematigde gewapende verzet’ in Syrië. Het sprookje is uit. Het blijkt te gaan om terroristische bendes of in elk geval om groepen die volop banden hadden met keiharde jihadisten.

Minister Stef Blok (VVD, Buitenlandse Zaken) berichtte de Kamer vorige week dat de steun zou worden gestaakt. Dit omdat het een riskant programma is gebleken en indirecte steun aan terroristen en jihadisten niet kon worden uitgesloten. Onderzoek van tv-programma Nieuwsuur en dagblad Trouw maakte maandagavond het schandaal in volle omvang duidelijk.

Wat vindt u hiervan? Praat mee met de Stelling van de dag‘Nederland moet zich niet meer bemoeien met buitenlandse burgeroorlogen …’

Het Openbaar Ministerie vervolgt een Nederlandse jihadist die zich in Syrië aansloot bij de rebellen van Jabhat al Shamiyah. Deze club staat niet op de internationale lijst van terroristische groeperingen, maar volgens justitie is wel sprake van jihadisme. Intussen kreeg deze strijdgroep van Buitenlandse Zaken militaire uniformen en pick-uptrucks’. Daarmee heeft de groep zich gemengd in de burgeroorlog. De advocaat van de verdachte kon op tv een glimlach nauwelijks onderdrukken: met deze brisante informatie kan hij zijn cliënt waarschijnlijk vrijpleiten en zorgen dat hij een schadevergoeding krijgt.

Rutte II en III wilden van geen wijken weten

CDA en ChristenUnie tekenen jarenlang bezwaar aan tegen het steunprogramma. Maar het kabinet-Rutte II en tot voor kort Rutte III wilden van geen wijken weten. Het ging immers om non lethal steun voor ‘gematigde gewapende groepen’.

Hele Kamer wil debat over steun aan Syrische rebellen

NOS 11.09.2018 Alle partijen in de Tweede Kamer willen een debat over de onthullingen van Nieuwsuur en Trouwover de Nederlandse steun aan omstreden strijdgroepen in Syrië. De coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie vroeg het debat aan. Alle andere fracties steunden dat.

Het kabinet zal eerst schriftelijk vragen beantwoorden over de kwestie. Het debat zal dan waarschijnlijk na Prinsjesdag en de Algemene Beschouwingen worden gehouden.

In de Kamer is geschokt gereageerd op het nieuws dat Nederland goederen zoals pick-uptrucks en uniformen heeft geleverd aan een groep die door het Nederlandse Openbaar Ministerie wordt gezien als terroristisch. Een Syriëganger die zich aansloot bij deze groep, Jabhat al-Shamiya, wordt door het OM vervolgd.

Rutte: eerst goed uitzoeken

Ook bij de steun aan andere rebellenorganisaties is Nederland in de fout gegaan, bleek vandaag.

Premier Rutte wil nog niet ingaan op de beschuldigingen. “We gaan het eerst goed uitzoeken en daarna pas conclusies trekken”, zei hij desgevraagd.

Video afspelen

Kabinet: eerst goed uitzoeken

Het steunprogramma aan de Syrische rebellen begon in 2015 en werd begin dit jaar stopgezet. 22 groeperingen kregen voor 25 miljoen euro aan steun. Niet in de vorm van wapens, maar van zaken als voertuigen, communicatieapparatuur, uniformen en tenten.

Het kabinet heeft steeds gezegd dat de hulp naar gematigde groepen ging, maar uit de verslagen van Nieuwsuur en Trouw blijkt dat veel van de ontvangende rebellen mensenrechtenschendingen op hun geweten hebben.

BEKIJK OOK

Meer fouten kabinet bij steun aan strijdgroepen Syrië

Kamer schrikt van Nederlandse steun aan jihadisten

Nederland steunde ‘terreurbeweging’ in Syrië

Minister Blok op het matje over steun aan ‘jihadisten in Syrië’

AD 11.09.2018 Weer moet buitenlandminister Stef Blok opheldering geven aan de Tweede Kamer. Nu over de Nederlandse goederen die terecht zijn gekomen bij een Syrische gewapende groepering die door het Openbaar Ministerie als terroristisch is bestempeld.

  Martijn van Helvert

✔@Martijncda

Met ⁦@PieterOmtzigt⁩ 6 maal schriftelijke vragen gesteld over dit onderwerp. Morgen vraag ik een debat aan in de Kamer. Waarom wilde NL destijds steun geven aan de oppositie en wisten we wel wie dat waren?#Syria https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2249806-nederland-steunde-terreurbeweging-in-syrie.html …

5:46 PM – Sep 10, 2018

Nederland steunde ‘terreurbeweging’ in Syrië

De Nederlandse regering heeft een gewapende groepering in Syrië gesteund die door het OM als terroristisch is bestempeld. Dat blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw.

nos.nl

Groepen in Syrië die oppositie voeren tegen de regering van Bashar al-Assad kregen tussen voorjaar 2015 en voorjaar 2018 voor 25 miljoen euro aan goederen. Afzender: de Nederlandse regering, die de gewapende strijd wilde steunen – overigens zonder zelf wapens te sturen. Welke groepen steun kregen, bleef geheim ‘uit veiligheidsoverwegingen’, schreef minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken in juli aan de Tweede Kamer.

Nieuwsuur en Trouw onthulden gisteren dat een van de groepen die Nederlandse steun ontving Jabhat al-Shamiya is. De groep kreeg pick-uptrucks, satelliettelefoons, uniformen, matrassen, rugzakken, camera’s en laptops. De strijders waren er dolblij mee, laten ze aan de twee Nederlandse media weten.

Jabhat al-Shamiya is volgens het Openbaar Ministerie (OM) salafistisch, jihadistisch en een ‘criminele organisatie met een terroristisch oogmerk’. Volgende maand vervolgt het OM een Nederlander die zich bij Jabhat al-Shamiya heeft aangesloten. Dat uitgerekend deze groepering via Nederlands belastinggeld steun kreeg, brengt het kabinet ernstig in verlegenheid. Keer op keer lieten ministers van Buitenlandse Zaken en voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking de Tweede Kamer weten dat louter ‘gematigde groepen’ werden gesteund.

Staatsgeheim

Schrikba­rend! Hoe heeft dit kunnen gebeuren na alle waarschu­win­gen van de Kamer?, aldus Sjoerd Sjoerdsma, D66.

De geschrokken Kamer eist opheldering van verantwoordelijk minister Blok, die zich waarschijnlijk nog deze week zal moeten verantwoorden. Veel partijen vreesden in 2015 al dat de Nederlandse steun bij de verkeerde partijen terecht zou komen; de ChristenUnie probeerde die steun per motie nog tevergeefs stop te zetten. De Kamer zal vandaag een brief vragen en een debat. Nieuwsuur speculeert al over een parlementaire enquête om de onderste steen boven te krijgen.

Want wat het voor de Tweede Kamer lastig maakt de regering te controleren op dit onderwerp, is dat veel informatie over de Nederlandse steun tot staatsgeheim is verklaard. Overdrachtsbewijzen van goederen die geleverd zijn, kunnen niet worden ingezien. De evaluatie die het kabinet liet uitvoeren over de periode eind 2016-begin 2017 is geheim, net als wie die evaluatie heeft uitgevoerd.

Wel werden Kamerleden in januari vertrouwelijk geïnformeerd over groepen waaraan de steun werd stopgezet, inclusief het hoe en waarom. Dit najaar zou Blok de Kamer eveneens vertrouwelijk inlichten over een tweede doorlichting van de auditdienst van het Rijk zelf. Opvallend was dat Blok en minister Sigrid Kaag voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking afgelopen voorjaar al bekendmaakten alle steun aan gewapende Syrische oppositie te staken. De risico’s werden toen ‘te groot’, stelde het ministerie. Afgelopen vrijdag werd plots álle steun aan Syrische groepen stopgezet, kort nadat Nieuwsuur en Trouw hun bevindingen hadden voorgelegd.

Screening

Het CDA vroeg al vaker om opheldering. In antwoorden op Kamervragen van het CDA schreef minister Blok in juli dat ons land 22 bewegingen heeft gesteund. Die werden geselecteerd uit 70 door de Verenigde Staten gescreende groeperingen. Op die bewegingen liet Nederland vervolgens een eigen screening los, met criteria ‘om samenwerking met extremistische groepen uit te sluiten, om zeker te stellen dat groepen een inclusieve politieke oplossing nastreven en om te garanderen dat groepen gecommitteerd zijn aan de naleving van het humanitair oorlogsrecht’.

Die check blijkt nu niet waterdicht. Evenmin als Bloks antwoord op de vraag of er ooit voertuigen in handen zijn gevallen van extremistische groepen: ,,Voor zover bekend is dit niet het geval.” Alle goederen, aldus Blok, zijn ‘tijdig bij de juiste groepen’ terechtgekomen.

  Sadet Karabulut

✔@SadetKarabulut

Kabinet schond eigen regels en steunde zelfs extremisten die Koerden in Syrië hebben gedood?! Hoe heeft dit kunnen gebeuren? De SP wil alle informatie van het kabinet ontvangen. Als de minister dit weer weigert, moeten we als volksvertegenwoordiging zèlf onderzoek doen.

Milena Holdert@milenaholdert

Kabinet schond eigen criteria bij steun gewapende groepen Syrië /via @Nieuwsuur ⁦@GhassanDahhan⁩ ⁦@trouw⁩ https://nos.nl/l/2249884 

11:31 AM – Sep 11, 2018

Blok: Hulp aan ‘terroristi­sche’ groeperin­gen Syrië goed uitzoeken

AD 11.09.2018 Het kabinet gaat direct uitzoeken hoe het zit met de steun aan de gematigde gewapende oppositie in Syrië. Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) noemt de berichten dat het Openbaar Ministerie de groepering als terroristisch bestempelt ‘zorgelijk’. De Kamer wil spoedig een debat over de hulp aan de groepen, die tot staatsgeheim is verklaard.

De operatie is al beëindigd, maar ik wil wel weten wat er in die jaren gebeurd is, aldus Minister Blok.

Blok benadrukte vanmiddag meermaals dat de operatie begin dit jaar beëindigd is. ,,Maar ik wil wel weten wat er in die jaren gebeurd is.” Daarom gaat het kabinet zo snel mogelijk alle mediaberichtgeving naast die van het ministerie leggen. ,,We moeten dit goed in kaart brengen. Ik ga daar de komende tijd mee aan de slag.” De bewindsman zal de Kamer spoedig informeren over de uitkomsten.

De namen van de organisaties waaraan Nederlandse goederen werden verstrekt zijn volgens Blok geheimgehouden omdat er ‘in een gebied met een verschrikkelijke burgeroorlog’ niet bekend mag worden welke groepen gesteund worden door westerse landen. ,,Dat gebeurde om mensenlevens te beschermen.”

Ook premier Rutte benadrukte dat de situatie eerst goed onderzocht moet worden. Zo wordt er gekeken of de controle op de uitgaven beter had gemoeten en naar welke groepen de hulp is gegaan.

De steun kwam onder meer terecht bij Jabhat al-Shamiya, onthulden Nieuwsuur en Trouw. Een Nederlander die zich daarbij had aangesloten, wordt vervolgd door het Openbaar Ministerie. Dat omschrijft de club als ‘salafistisch en jihadistisch’ en als een ‘criminele organisatie met terroristisch oogmerk’.

Meer onthullingen

Nieuwsuur en Trouw hebben gezegd dat vandaag en morgen nog meer onthullingen worden gedaan. De Tweede Kamer wil ook al deze informatie weten voordat er schriftelijke vragen worden gesteld aan Blok. Pas als die vragen beantwoord zijn, zal een debat volgen. Mogelijk gebeurt dat pas de week na Prinsjesdag. Kamerleden wijzen erop dat de steun aan de Syrische groepen is beëindigd en dat er geen sprake is van een misstand die nog voortduurt.

,,We moeten dit stap voor stap doen”, zegt D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma. ,,Als dit waar is, staat het wel heel ver af van wat we met buitenlands beleid willen.”

In Nieuwsuur stelde advocaat Geert-Jan Knoops dat er mogelijk een ambtsmisdrijf is gepleegd door alle ministers van Buitenlandse Zaken sinds 2015. Volgens VVD-fractieleider Klaas Dijkhoff is het echter geen directe verantwoordelijkheid. ,,Dit is een ministeriële verantwoordelijkheid.”

Minister Blok op het matje over steun aan ‘jihadisten in Syrië’

AD 11.09.2018 Weer moet buitenlandminister Stef Blok opheldering geven aan de Tweede Kamer. Nu over de Nederlandse goederen die terecht zijn gekomen bij een Syrische gewapende groepering die door het Openbaar Ministerie als terroristisch is bestempeld.

  Martijn van Helvert

✔@Martijncda

Met ⁦@PieterOmtzigt⁩ 6 maal schriftelijke vragen gesteld over dit onderwerp. Morgen vraag ik een debat aan in de Kamer. Waarom wilde NL destijds steun geven aan de oppositie en wisten we wel wie dat waren?#Syria https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2249806-nederland-steunde-terreurbeweging-in-syrie.html …

5:46 PM – Sep 10, 2018

Nederland steunde ‘terreurbeweging’ in Syrië

De Nederlandse regering heeft een gewapende groepering in Syrië gesteund die door het OM als terroristisch is bestempeld. Dat blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw.

nos.nl

Groepen in Syrië die oppositie voeren tegen de regering van Bashar al-Assad kregen tussen voorjaar 2015 en voorjaar 2018 voor 25 miljoen euro aan goederen. Afzender: de Nederlandse regering, die de gewapende strijd wilde steunen – overigens zonder zelf wapens te sturen. Welke groepen steun kregen, bleef geheim ‘uit veiligheidsoverwegingen’, schreef minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken in juli aan de Tweede Kamer.

Nieuwsuur en Trouw onthulden gisteren dat een van de groepen die Nederlandse steun ontving Jabhat al-Shamiya is. De groep kreeg pick-uptrucks, satelliettelefoons, uniformen, matrassen, rugzakken, camera’s en laptops. De strijders waren er dolblij mee, laten ze aan de twee Nederlandse media weten.

Jabhat al-Shamiya is volgens het Openbaar Ministerie (OM) salafistisch, jihadistisch en een ‘criminele organisatie met een terroristisch oogmerk’. Volgende maand vervolgt het OM een Nederlander die zich bij Jabhat al-Shamiya heeft aangesloten. Dat uitgerekend deze groepering via Nederlands belastinggeld steun kreeg, brengt het kabinet ernstig in verlegenheid. Keer op keer lieten ministers van Buitenlandse Zaken en voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking de Tweede Kamer weten dat louter ‘gematigde groepen’ werden gesteund.

Staatsgeheim

Schrikba­rend! Hoe heeft dit kunnen gebeuren na alle waarschu­win­gen van de Kamer?, aldus Sjoerd Sjoerdsma, D66.

De geschrokken Kamer eist opheldering van verantwoordelijk minister Blok, die zich waarschijnlijk nog deze week zal moeten verantwoorden. Veel partijen vreesden in 2015 al dat de Nederlandse steun bij de verkeerde partijen terecht zou komen; de ChristenUnie probeerde die steun per motie nog tevergeefs stop te zetten. De Kamer zal vandaag een brief vragen en een debat. Nieuwsuurspeculeert al over een parlementaire enquête om de onderste steen boven te krijgen.

Want wat het voor de Tweede Kamer lastig maakt de regering te controleren op dit onderwerp, is dat veel informatie over de Nederlandse steun tot staatsgeheim is verklaard. Overdrachtsbewijzen van goederen die geleverd zijn, kunnen niet worden ingezien. De evaluatie die het kabinet liet uitvoeren over de periode eind 2016-begin 2017 is geheim, net als wie die evaluatie heeft uitgevoerd.

Wel werden Kamerleden in januari vertrouwelijk geïnformeerd over groepen waaraan de steun werd stopgezet, inclusief het hoe en waarom. Dit najaar zou Blok de Kamer eveneens vertrouwelijk inlichten over een tweede doorlichting van de auditdienst van het Rijk zelf. Opvallend was dat Blok en minister Sigrid Kaag voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking afgelopen voorjaar al bekendmaakten alle steun aan gewapende Syrische oppositie te staken. De risico’s werden toen ‘te groot’, stelde het ministerie. Afgelopen vrijdag werd plots álle steun aan Syrische groepen stopgezet, kort nadat Nieuwsuur en Trouw hun bevindingen hadden voorgelegd.

Screening

Het CDA vroeg al vaker om opheldering. In antwoorden op Kamervragen van het CDA schreef minister Blok in juli dat ons land 22 bewegingen heeft gesteund. Die werden geselecteerd uit 70 door de Verenigde Staten gescreende groeperingen. Op die bewegingen liet Nederland vervolgens een eigen screening los, met criteria ‘om samenwerking met extremistische groepen uit te sluiten, om zeker te stellen dat groepen een inclusieve politieke oplossing nastreven en om te garanderen dat groepen gecommitteerd zijn aan de naleving van het humanitair oorlogsrecht’.

Die check blijkt nu niet waterdicht. Evenmin als Bloks antwoord op de vraag of er ooit voertuigen in handen zijn gevallen van extremistische groepen: ,,Voor zover bekend is dit niet het geval.” Alle goederen, aldus Blok, zijn ‘tijdig bij de juiste groepen’ terechtgekomen.

   Sadet Karabulut

✔@SadetKarabulut

Kabinet schond eigen regels en steunde zelfs extremisten die Koerden in Syrië hebben gedood?! Hoe heeft dit kunnen gebeuren? De SP wil alle informatie van het kabinet ontvangen. Als de minister dit weer weigert, moeten we als volksvertegenwoordiging zèlf onderzoek doen.

  Milena Holdert@milenaholdert

Kabinet schond eigen criteria bij steun gewapende groepen Syrië /via @Nieuwsuur ⁦@GhassanDahhan⁩ ⁦@trouw⁩ https://nos.nl/l/2249884 

11:31 AM – Sep 11, 2018

Nederland stopt steun aan oppositie Syrië na militaire nederlagen

NU 10.09.2018  Nederland steunt de Syrische oppositie niet langer. Nu die op instorten staat, is dat niet meer mogelijk en zinvol, laat het kabinet weten. Alleen de steun voor het ruimen van mijnen rond Raqqa blijft in stand.

De steun aan de rebellen die met geweld proberen president Bashar Al Assad ten val te brengen is afgelopen voorjaar al gestaakt.

Nu eindigt ook de hulp aan de hulpverleners van de reddingsorganisatie Witte Helmen en aan de politiemacht en het lokale bestuur in opstandig gebied, schrijven minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken en Sigrid Kaag van Ontwikkelingssamenwerking vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer.

Nederland heeft sinds 2015 70 miljoen euro uitgegeven om de tegenstanders van Assad te helpen. Dat geld is vooral besteed aan goederen voor de rebellen, aan de politie in rebellengebied en aan de Witte Helmen. Vooral op de hulp aan de eerste twee kwam geregeld kritiek, omdat zij zouden samenwerken met extremisten in de regio.

De hulp aan de Witte Helmen, die de afgelopen jaren golden als kandidaat voor de Nobelprijs voor de Vrede, loopt pas in december af. Maar zodra het laatste belegerde rebellenbastion in Noord-Syrië is gevallen, lijkt ook hun rol uitgespeeld.

De beide ministers zijn teleurgesteld dat de hulp weinig teweeg heeft gebracht. Ze kijken met lede ogen naar de nederlaag die zich voor de Syrische oppositie aftekent, omdat ze niet geloven dat die duurzame vrede inluidt.

Lees meer over: Syrië

Kamer schrikt van Nederlandse steun aan jihadisten

NOS 10.09.2018 In de Tweede Kamer wordt geschokt gereageerd op het nieuws dat Nederland logistieke steun heeft verleend aan een groepering in Syrië die door het Openbaar Ministerie is bestempeld als terroristisch.

“Schrikbarend”, zegt Kamerlid Sjoerdsma van regeringspartij D66. Hij vraagt zich af hoe het zo ver heeft kunnen komen. Volgens hem heeft de Kamer verschillende keren gewaarschuwd voor dit gevaar.

CDA: vragen

Uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw blijkt dat de strijdgroep Jabhat al-Shamiya onder meer uniformen en pick-up trucks kreeg van Nederland. Volgens het OM is het een jihadistische en salafistische organisatie.

Een andere regeringspartij, het CDA, heeft verschillende malen vragen gesteld over mogelijke Nederlandse steun aan foute strijdgroepen in Syrië. Kamerleden Omtzigt en Van Helvert willen zo snel mogelijk een debat in de Tweede Kamer.

   Martijn van Helvert

@Martijncda

Met ⁦@PieterOmtzigt⁩ 6 maal schriftelijke vragen gesteld over dit onderwerp. Morgen vraag ik een debat aan in de Kamer. Waarom wilde NL destijds steun geven aan de oppositie en wisten we wel wie dat waren? #Syria https://t.co/PkyEMsGfmZ

Veel informatie over de leveringen aan strijdgroepen in Syrië is geheim verklaard. Het CDA wil daar opheldering over. “Ik wil kunnen controleren wat de regering gedaan heeft”, zegt Kamerlid Omtzigt.

Weer wat uit te leggen

Volgens de PVV bewijst het nieuws van vandaag dat er brede steun is van het Nederlandse kabinet voor terroristen. “Rutte 3 = Terreur 1”, twittert partijleider Wilders.

De SP vindt dat minister Blok van Buitenlandse Zaken weer wat uit te leggen heeft. Het kabinet heeft tot nu toe gezegd dat er alleen steun ging naar gematigde oppositiegroeperingen in Syrië. “Maar de gematigde rebellen blijken toch niet zo gematigd”, zegt Kamerlid Karabulut.

BEKIJK OOK

Nederland steunde ‘terreurbeweging’ in Syrië

‘Nederland gaf steun aan jihadisten in Syrië’

AD 10.09.2018 Nederland heeft in Syrië een jihadistische beweging gesteund. Dat blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw. Het gaat om Jabhat al-Shamiya die door het Openbaar Ministerie (OM) wordt omschreven als een ‘criminele organisatie met terroristisch oogmerk’.

Tussen mei 2015 en voorjaar 2018 steunde Nederland 22 gewapende gematigde groepen in Syrië. Die kregen geen wapens, maar wel voor ruim 25 miljoen euro aan auto’s (313 in totaal), voedsel, medicijnen, communicatieapparatuur, tenten, uniformen en trainingen.

Welke groep hulp kreeg bleef geheim. Volgens Buitenlandse Zaken ‘in verband met de veiligheid van de betrokken partijen’. Het kabinet wilde met de steun voorkomen dat de gematigde oppositie werd gemarginaliseerd en er een alternatief bleef voor extremistische groepen.

Volgens Nieuwsuur en Trouw zijn aan Jabhat al-Shamiya onder meer uniformen en pick-uptrucks geleverd. Het OM noemt de groepering ‘salafistisch en jihadistisch’ en strevend naar ‘de oprichting van een kalifaat’.

Strijders van Jabhat al-Shamiya vochten eerder dit jaar mee aan de zijde van Turkije toen dat land de Noord-Syrische regio Afrin aanviel. In de Tweede Kamer was er scherpe kritiek op dat offensief van Turkije, dat zich richtte tegen tegen de Syrisch-Koerdische milities.

Ernstige mensenrechtenschendingen

Trouw en Nieuwsuur spraken met circa honderd Syrische rebellen en identificeerden behalve Jabhat al-Shamiya nog vijf gewapende groepen die Nederlandse hulp kregen. Uit het onderzoek blijkt dat deze groepen samenwerkten met extremistische groepen en ernstige mensenrechtenschendingen pleegden.

De door Nederland gesteunde groepen moesten aan een aantal criteria voldoen. Zij moesten onder meer samenwerking met extremistische groepen uitsluiten en zich houden aan het humanitair oorlogsrecht. De Tweede Kamer is in januari vertrouwelijk op de hoogte gesteld van groepen die geen hulp meer ontvangen omdat zij niet meer aan deze voorwaarden voldeden.

Het OM vervolgt op dit moment een Nederlandse man omdat hij heeft deelgenomen aan Jabhat al-Shamiya. Volgende maand staat hij terecht, aldus Trouw en Nieuwsuur.

Driss M.

Eerder werd de Nederlandse Syriëganger Driss M. (42) uit Pijnacker al veroordeeld tot drie jaar cel, waarvan één jaar voorwaardelijk, omdat hij zich had aangesloten bij Jahbat al-Shamiya. Tijdens de rechtszitting verklaarde M. zelf dat hij deel uitmaakte van de organisatie. De rechtbank oordeelde niet goed vast te kunnen stellen wat wel en niet waar is in de verklaringen van M., maar acht bewezen dat hij naar Syrië is gegaan voor de jihad en daarmee voorbereidingen trof om mensen te vermoorden.

Steun stopgezet

Het kabinet zette dit voorjaar de steun stop aan Syrische rebellen die met geweld president Assad ten val proberen te brengen. Zondagavond werd bekend dat ook de financiële steun aan hulpverleners (Witte Helmen), politie en lokaal bestuur in handen van de oppositie wordt gestaakt, omdat die op het punt staat te capituleren voor het leger van Assad. Steun aan de oppositie is niet langer mogelijk en zinvol, concludeerden de ministers Stef Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) en Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, D66)

TWITTER MARTIJNCDA

  Martijn van Helvert

✔@Martijncda

Met ⁦@PieterOmtzigt⁩ 6 maal schriftelijke vragen gesteld over dit onderwerp. Morgen vraag ik een debat aan in de Kamer. Waarom wilde NL destijds steun geven aan de oppositie en wisten we wel wie dat waren?#Syria https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2249806-nederland-steunde-terreurbeweging-in-syrie.html …

5:46 PM – Sep 10, 2018

Nederland steunde ‘terreurbeweging’ in Syrië

De Nederlandse regering heeft een gewapende groepering in Syrië gesteund die door het OM als terroristisch is bestempeld. Dat blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw.

nos.nl

De beide ministers zijn ‘teleurgesteld’ dat de hulp weinig heeft teweeggebracht. Ze kijken met lede ogen naar de nederlaag die zich voor de Syrische oppositie aftekent, omdat ze niet geloven dat die duurzame vrede inluidt.

De Tweede Kamer zette de afgelopen jaren meermaals vraagtekens bij de Nederlandse miljoenensteun. Vooral de CDA-fractie bleef het kabinet bestoken met vragen, maar kreeg nooit duidelijk antwoord waar het geld precies aan was besteed. Het kabinet stelde dat het om staatsgeheime informatie ging.

Nederland steunde ‘terreurbeweging’ in Syrië

NOS 10.09.2018 De Nederlandse regering heeft een gewapende groepering in Syrië gesteund die door het Openbaar Ministerie als terroristisch is bestempeld. Dat blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw.

Het gaat om de strijdgroep Jabhat al-Shamiya. Nederland voorzag de islamistische beweging in 2017 in het geheim van onder andere uniformen en pick-uptrucks. Volgende maand staat een Nederlandse Syriëganger terecht voor deelname aan Jabhat al-Shamiya.

Nederland stuurde het logistiek materieel aan Jabhat al-Shamiya in het kader van het staatsgeheime ‘NLA’-programma, dat staat voor ‘non lethal assistance’. Via dit programma leverde Nederland van 2015 tot begin dit jaar ‘niet-dodelijke goederen’ aan 22 strijdgroepen in Syrië. Een van die strijdgroepen, zo blijkt uit het onderzoek van Nieuwsuur en Trouw, is Jabhat al-Shamiya (‘Levant Front’).

‘Salafistisch en jihadistisch’

Het OM vervolgt op dit moment een Nederlandse man omdat hij in 2015 zou hebben deelgenomen aan Jabhat al-Shamiya. In de tenlastelegging staat dat de groepering “salafistisch en jihadistisch” is, “streeft naar de oprichting van een kalifaat” en “niet anders te kwalificeren” valt dan als een “criminele organisatie met terroristisch oogmerk”.

Dit standpunt van Justitie kan, zo verwachten deskundigen, juridische complicaties opleveren als duidelijk wordt dat de Nederlandse Staat intussen dit soort groepen steunde. Het onderzoek van Nieuwsuur en Trouw laat ook zien dat het toezicht op de hulp aan diverse Syrische groeperingen gebrekkig was. Ook werd de Kamer nauwelijks geïnformeerd.

Einde aan steun

De ministers Blok en Kaag (Buitenlandse Zaken) stuurden de Tweede Kamer vrijdagavond onverwacht een brief waarin zij aankondigden dat steun aan Syrische oppositiegroepen wordt beëindigd. Een overwinning van president Assad lijkt aanstaande en het tij is niet meer te keren, aldus de bewindslieden.

De brief van Blok kwam nadat Nieuwsuur en Trouw vorige week de uitkomsten van journalistieke onderzoek ter wederhoor hadden voorgelegd. Het departement antwoordde dat ze de bevindingen van Nieuwsuur en Trouw “heel serieus” neemt. “De berichten sterken ons in de overtuiging dat het stopzetten van de steun de juiste beslissing was”, aldus een woordvoerder.

Het ministerie stuurde vrijdag ook een evaluatie naar de Kamer waarin staat dat er onvoldoende toezicht is geweest op het NLA-programma en dat het programma nu gestopt is. Een paar maanden geleden schreef het ministerie nog dat het NLA-programma er juist voor zorgde dat ‘gematigde strijders’ zich beter konden beschermen tegen extremisten, en dat ‘stopzetting van dergelijke programma’s’ het risico met zich meebracht dat ‘extremistische groepen verder aan kracht winnen.

‘Alleen gematigde groeperingen’

Buitenlandse Zaken heeft tot voor kort tegenover de Tweede Kamer steeds beweerd dat Nederland alleen ‘gematigde’ groeperingen in Syrië steunde. Deze ‘gematigde groeperingen’ werden bovendien aan strenge criteria onderworpen.

Ze zouden het ‘humanitair oorlogsrecht’ naleven, niet samenwerken met extremisten, en een ‘inclusieve politieke oplossing’ voor Syrië nastreven. Het steunprogramma zou doorlopend worden gemonitord, en ‘in gesprekken met de groepen en door eigenstandig onderzoek’ zou voortdurend worden bekeken of groepen nog steeds aan de criteria voldeden.

Lees hier meer over onze zoektocht naar ‘gematigde gewapende’ groeperingen in Syrië.

Tweede Kamerleden vragen al jaren om toegang tot informatie over het NLA-programma, maar tot nu toe hield Nederland de namen van de gesteunde groepen geheim. Ook het specifieke type voertuigen dat Nederland naar Syrië stuurde werd tot staatsgeheim verklaard.

Nieuwsuur en Trouw ontdekten om welke groeperingen het ging, en ook welke goederen Nederland heeft geleverd. Beide media spraken de afgelopen maanden met zo’n 100 Syrische rebellen en betrokkenen bij het NLA-programma en identificeerden zes specifieke brigades die Nederlandse steun hebben ontvangen.

Een daarvan is dus de door het OM als terroristisch aangemerkte organisatie Jabhat al-Shamiya. Andere strijdgroepen die Nederlandse steun kregen, blijken zich ondanks de garanties van het kabinet schuldig te hebben gemaakt aan ernstige mensenrechtenschendingen en te hebben samengewerkt met extremistische groeperingen. Daarover publiceren Nieuwsuur en Trouw morgen meer details.

Pick-uptrucks en uniformen

Uit het onderzoek blijkt verder dat Nederland onder andere Toyota Hilux en Isuzu D-max pick-uptrucks aan Syrische rebellen leverde. Ook stuurde Nederland uniformen, satelliettelefoons, laptops, matrassen, rugzakken en camera’s. De rebellen vertellen aan Nieuwsuur en Trouw dat zij erg tevreden zijn met de Nederlandse hulp en dat zij al de door Nederland gekregen goederen inzetten in de gewapende strijd.

Op videobeelden die de door Nederland gesteunde rebellengroepen op hun YouTube-kanalen plaatsen, is te zien hoe zij het type pick-uptruck dat Nederland leverde gebruiken door hier machinegeweren op te bevestigen en vanuit de truck hun doelen te beschieten. Het is niet na te gaan of de door Nederland gestuurde trucks ook daadwerkelijk voor dit letale doel gebruikt zijn omdat de pick-ups niet van een herkenningsteken zijn voorzien.

Het Openbaar Ministerie bevestigt dat zij op dit moment een Nederlandse man vervolgt voor deelname aan Jabhat al-Shamiya in 2015. Ook bevestigt het OM dat zij Jabhat al-Shamiya in deze zaak als terroristisch heeft bestempeld. Het OM blijft bij haar standpunt en zet de vervolging dan ook door. Ze wil niet ingaan op het beleid van Buitenlandse Zaken. Verder laat het OM weten dat zij strijdgroepen per strafzaak beoordeelt en geen uitspraken doet over periodes die buiten een zaak vallen.

Nieuwsuur (NPO 2, 22.00 uur) en Trouw doen vanaf maandagavond verslag van het journalistieke onderzoek naar het Nederlandse steunprogramma aan de Syrische groeperingen.

Reactie Buitenlandse Zaken:

“Het ministerie van Buitenlandse Zaken neemt de berichten van Nieuwsuur en Trouw heel serieus. De steun aan de gematigde gewapende Syrische oppositie is in het voorjaar van 2018 stopgezet. Uit onze monitoring bleek dat de risico’s te groot werden; gezien de veranderde situatie in Syrië vonden we voortzetting niet geoorloofd. De berichten van Nieuwsuur en Trouw sterken ons in de overtuiging dat het stopzetten van de steun de juiste beslissing was.”

Uit Kamerbrieven:

30 mei 2018:“Het non-lethal assistance-programma (NLA) zorgt dat gematigde strijders en hun achterban zich kunnen beschermen tegen extremistische groepen (…) Stopzetting van dergelijke programma’s brengt het risico met zich mee dat extremistische groepen verder aan kracht winnen.” https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-32623-219.html

7 september 2018: “Door de krimpende ruimte voor de Syrische oppositie en toenemende invloed van extremistische groepen in het overgebleven oppositiegebied zijn de mogelijkheden om op korte termijn het tij nog te kunnen keren buitengewoon beperkt geworden.” https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2018/09/07/kamerbrief-over-het-iob-onderzoek-naar-stabilisatieprogramma%E2%80%99s-in-syrie

Voor tips, neem contact op met de journalisten achter dit onderzoek: Milena Holdert (Nieuwsuur) of Ghassan Dahhan (Trouw).

‘Nederland gaf steun aan jihadistische groepering in Syrië’

NU 10.09.2018 Nederland heeft in Syrië een jihadistische beweging gesteund. Dat blijkt maandag uit onderzoek van Nieuwsuur en Trouw.

Het gaat om Jabhat al-Shamiya die door het Openbaar Ministerie (OM) als een “criminele organisatie met terroristisch oogmerk” wordt omschreven.

Tussen mei 2015 en voorjaar 2018 steunde Nederland 22 gewapende gematigde groepen in Syrië. Die geheim gebleven organisaties kregen geen wapens, maar wel voor ruim 25 miljoen euro aan auto’s (313 in totaal), voedsel, medicijnen, communicatieapparatuur, tenten, uniformen en trainingen.

Volgens Nieuwsuur en Trouw zijn aan Jabhat al-Shamiya onder meer uniformen en pick-uptrucks geleverd. Het OM noemt de groepering “salafistisch en jihadistisch”, en stelt dat deze “streeft naar de oprichting van een kalifaat”. Het OM vervolgt op dit moment een Nederlandse man omdat hij heeft deelgenomen aan Jabhat al-Shamiya.

Volgens de tenlastelegging is Jabhat al-Shamiya “niet anders te kwalificeren als een criminele organisatie met terroristisch oogmerk”.

Nieuwsuur en Trouw schrijven dat het toezicht op de Nederlandse hulp aan Syrische oppositiegroepen gebrekkig was en dat de Tweede Kamer daar nauwelijks over werd geïnformeerd.

Groepen betrokken bij schending van mensenrechten

Strijders van Jabhat al-Shamiya vochten eerder dit jaar mee aan de zijde van Turkije toen dat land de Noord-Syrische regio Afrin aanviel. In de Tweede Kamer was er scherpe kritiek op dat offensief van Turkije, dat zich richtte tegen de Syrisch-Koerdische milities.

Trouw en Nieuwsuur spraken met circa honderd Syrische rebellen en identificeerden behalve Jabhat al-Shamiya nog vijf gewapende groepen die Nederlandse hulp kregen. Uit het onderzoek blijkt dat deze groepen samenwerkten met extremistische groepen en ernstige mensenrechtenschendingen pleegden.

Steun aan oppositiegroepen beëindigd

De buitenlandministers Stef Blok en Sigrid Kaag stuurden vrijdagavond een briefnaar de Tweede Kamer waarin zij stelden dat de steun aan Syrische oppositiebewegingen wordt beëindigd. Volgens de bewindslieden is er niets meer te doen aan de komende overwinning van president Bashar al-Assad.

Volgens de ministers hebben veel van de projecten die Nederland de afgelopen jaren heeft gesteund een positieve impact gehad op Syriërs die proberen te overleven. Maar ze wijzen op de risico’s van een oorlogsgebied die ertoe kunnen leiden dat de praktische uitvoering van de steun niet strookt met de bedoelingen van Nederland.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken zegt in een reactie de hulp aan Syrische rebellen te hebben stopgezet toen “de risico’s te groot werden” dat die verkeerd terechtkwam. Dat bleek volgens het ministerie afgelopen voorjaar het geval.

Steun stopte voor aantal groepen begin dit jaar

De onthulling dat Nederland voordien hulp heeft verstrekt aan een Syrische terroristische organisatie zegt het departement “heel serieus” te nemen.

Het ministerie wijst erop dat een aantal rebellengroepen al aan het begin van dit jaar geen steun meer ontving. In april volgde de rest, omdat “we gezien de veranderde situatie in Syrië voortzetting niet geoorloofd vonden”. “De berichten van Nieuwsuur en Trouw sterken ons in de overtuiging dat het stopzetten van de steun de juiste beslissing was.”

Lees meer over: Syrië Jihadisme

Nederland stopt miljoenen­steun aan oppositie Syrië

AD 09.09.2018 Nederland stopt met de steun aan de Syrische oppositie. Nu die op instorten staat, is die niet meer mogelijk en zinvol, laat het kabinet vanavond weten.

De steun aan de rebellen die gewapenderhand proberen president Bashar Assad ten val te brengen is afgelopen voorjaar al gestaakt. De steun bestond niet uit wapens, maar uit bijvoorbeeld voertuigen en andere goederen.

Nu eindigt ook de hulp aan de hulpverleners van de geprezen Witte Helmen en aan de politiemacht en het lokale bestuur in opstandig gebied, schrijven minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) en Sigrid Kaag (Ontwikkelingssamenwerking) aan de Tweede Kamer. Alleen het ruimen van mijnen rond de gevallen IS-hoofdstad Raqqa kan op steun blijven rekenen.

70 miljoen

Nederland heeft sinds 2015 70 miljoen euro uitgegeven om de tegenstanders van Assad te helpen. Dat geld is vooral besteed aan goederen voor de rebellen (25 miljoen), aan de politie in rebellengebied (bijna 15 miljoen) en aan de Witte Helmen (12,5 miljoen). Vooral op de hulp aan de eerste twee kwam geregeld kritiek, omdat zij bijvoorbeeld zouden samenwerken met extremisten.

De hulp aan de Witte Helmen, die de afgelopen jaren golden als kandidaat voor de Nobelprijs voor de Vrede, loopt pas in december af. Maar zodra het laatste belegerde rebellenbastion in Noord-Syrië is gevallen, lijkt ook hun rol uitgespeeld.

De beide ministers zijn ‘teleurgesteld’ dat de hulp weinig heeft teweeggebracht. Ze kijken met lede ogen naar de nederlaag die zich voor de Syrische oppositie aftekent, omdat ze niet geloven dat die duurzame vrede inluidt.

Nederland stopt met steun aan Syrische oppositie

NOS 09.09.2018 Nederland is gestopt met het steunen van de Syrische oppositie in de burgeroorlog tegen president Assad. Dat schrijven ministers Blok (Buitenlandse Zaken) en Kaag (Ontwikkelingssamenwerking) in een Kamerbrief.

De kans dat de rebellen in de burgeroorlog nog het tij weten te keren is volgens de ministers “buitengewoon beperkt” geworden en de steun waar Nederland in totaal 70 miljoen euro voor vrijmaakte, heeft “niet het gewenste resultaat” opgeleverd.

Projecten

Nederland ondersteunde in Syrië de gematigde gewapende oppositie met geld. Daarnaast werd geïnvesteerd in de politie van de Syrische rebellen en ging er geld naar het zogenoemde White Helmets-programma; een civiele reddingswerkersdienst.

Uit de eerste twee programma’s is inmiddels de stekker getrokken. Aan het White Helmets-programma draagt Nederland nog tot december bij.

Een militaire overwinning van Assad is inmiddels imminent, aldus Ministers Blok en Kaag.

In hun brief zijn de ministers pessimistisch over de huidige situatie in Syrië. Volgens hen is een militaire overwinning van Assad inmiddels “imminent” en zijn de vooruitzichten voor een duurzame vrede in het land somber.

Nederland wil daarom geen nieuwe projecten opzetten of oude voortzetten, omdat “de situatie in Syrië sinds de start van het stabilisatieprogramma dusdanig is veranderd in het voordeel van het regime”.

Idlib

Wel blijft Nederland humanitaire hulp bieden aan burgers in Syrië. “Dit zal voor de mensen in Idlib, maar ook elders in Syrië, de komende tijd nog hard nodig zijn”, aldus de ministers. Ze doelen hiermee op de dreigende slag om Idlib, het laatst overgebleven bolwerk van de rebellen.

De regeringstroepen van Assad lijken zich met steun van de Russen klaar te maken voor een groot slotoffensief. Gisteren meldden mensenrechtengroeperingen de zwaarste bombardementen op de provincie in een maand. Syrische en Russische vliegtuigen zouden tegen de 870 bombardementsvluchten hebben uitgevoerd. Ook vandaag waren er weer bombardementen.

Spanningen

In Idlib wonen zo’n drie miljoen mensen. De laatste jaren zijn veel rebellen en hun families met bussen naar de regio gebracht, als onderdeel van een overeenkomst met de regering in Damascus waarbij de VN vaak bemiddelde.

Internationaal wordt gevreesd voor een humanitaire ramp en het offensief zorgt voor spanningen. Washington waarschuwde deze week alvast dat de Amerikaanse regering bij het gebruik van chemische wapens in Idlib niet werkeloos zal toekijken.

De Russen beschuldigden op hun beurt vandaag de VS er nog van fosforbommen te hebben gegooid op de provincie Deir al-Zor.

BEKIJK OOK

‘Zwaarste bombardementen op Idlib in maand’

Grote internationale zorgen over dreigende humanitaire ramp in Idlib

‘Syrische leger en Rusland voeren zware aanvallen op Idlib uit’

NU 08.09.2018 Samen met bondgenoot Rusland heeft Syrië zaterdag zware luchtaanvallen uitgevoerd op doelen in de provincie Idlib.

Idlib geldt als de laatste grote enclave die nog in handen is van opstandelingen tegen president Bashar al-Assad. Het Observatorium voor Mensenrechten meldt dat zeker vier mensen zijn gedood.

Veel strijders in Idlib behoren tot jihadistische groepen. Er bevinden zich echter ook miljoenen burgers in het gebied dat grenst aan Turkije. Dat land vangt al zo’n 3,5 miljoen gevluchte Syriërs op en vreest voor een nieuwe vluchtelingenstroom.

Turkije probeerde Rusland en Iran, twee bondgenoten van Syrië, vrijdag nog te overhalen tot een wapenstilstand voor Idlib. Moskou en Teheran maakten echter duidelijk dat ze daar niets voor voelen. De Russische president Vladimir Poetin zei dat Damascus het recht heeft haar “volledige nationale territorium te controleren”.

Hulpverleners redden vrouw uit gebombardeerde woning Syrië

Verenigde Staten waarschuwen bij inzet chemische wapens

Volgens de Verenigde Staten bereiden de Syrische regeringstroepen zich voor op de inzet van chemische wapens in Idlib. De Amerikanen waarschuwen dat een ”snelle en gepaste” reactie hierop zal volgen.

De Russische autoriteiten vermoeden dat juist militanten in het gebied een chemische aanval in scene zouden willen zetten. Ze zouden de schuld vervolgens in de schoenen van Syrische regeringstroepen willen schuiven, met de bedoeling een westerse militaire interventie uit te lokken.

De Amerikanen zeggen geen informatie te hebben die erop wijst dat opstandelingen in Idlib chemische wapens kunnen maken. Minister James Mattis (Defensie) zegt harde feiten te willen zien voordat een chemische aanval wordt toegeschreven aan strijders die vechten tegen de Syrische regering.

Lees meer over: Syrië Idlib

 

Strijd tegen ISIS verandert, maar is nog niet voorbij

RO 13.04.2018 Ongeveer 7 miljoen mensen zijn uit handen van terreurorganisatie ISIS bevrijd, waarvan 5 miljoen in 2017. Dat is het resultaat van de strijd tegen ISIS die in 2014 begon. Ook Nederland  levert een bijdrage, zowel vanuit de lucht als op de grond. ISIS telde eind vorig jaar nog zo’n 12.000 strijders. Dat aantal liep begin dit jaar fors terug, maar neemt nu weer toe. De groepering vormt nog altijd een aanzienlijke factor van instabiliteit in Irak en Syrië.

Dat blijkt uit de voortgangsrapportage over het Nederlandse aandeel in de strijd tegen ISIS. Het document, mede ondertekend door minister van Defensie Ank Bijleveld-Schouten, ging vandaag naar de Kamer. Het kabinet meldt dat inzet van de anti-ISIS coalitie belangrijk blijft. Dit om behaalde successen niet opnieuw prijs te hoeven geven en te voorkomen dat ISIS of een soortgelijke organisatie zich opnieuw manifesteert.

Nederlandse bijdrage op de Iraakse bodem

De Capacity Building Mission Iraq (CBMI) verzorgde afgelopen half jaar met partnerlanden trainingen aan Koerdische strijdkrachten. De Peshmerga zijn niet meer betrokken bij direct optreden tegen ISIS. De behoefte aan met name Wide Area Security trainingen, Counter Improvised Explosive Devices-cursussen, lessen voor bataljonsstaven en leiderschapstraining daalde. Ze werden verzorgd op trainingscentra in Atrush, Beneslava, Erbil en Menilla.

Vanwege de gewijzigde trainingsbehoefte haalde Nederland eerder 1 mobiel trainingsteam uit Noord-Irak terug. Een tweede volgt, alsmede de Special Operations Forces (SOF)-bijdrage vanuit Erbil. De SOF-bijdrage in Bagdad en een resterend trainingsteam in Noord-Irak worden gehandhaafd. Verder ondersteunen in 2018 2 inlichtingenanalisten in Noord-Irak het Belgische advisering en assistentie-team. Op Al-Assad Air Base werkt een 10-koppig chirurgisch team in een door Amerikanen geleid ziekenhuis.

Inzet F-16’s

4 Nederlandse F-16’s opereren sinds januari bijna dagelijks boven Irak en Oost-Syrië, met name om grondtroepen te ondersteunen. Dit jaar zijn inmiddels meer dan 100 missies gevlogen waarbij regelmatig ISIS-doelen zijn aangevallen, vooral in Syrië. Denk aan voertuigen, logistieke opslagplaatsen en wapenopstellingen.

Ook van oktober 2014 tot en met juni 2016 zijn Nederlandse F-16’s tegen ISIS-doelen ingezet. Ze vlogen toen meer dan 2.100 missies, waarbij ruim 1.800 keer wapens zijn gebruikt. Het Openbaar Ministerie (OM) heeft hiervan 4 zaken nader onderzocht. Het OM zag in geen van de gevallen aanleiding voor een vervolgonderzoek.

Het voorkomen van burgerslachtoffers en nevenschade heeft de hoogste prioriteit voor Nederland. Voor, tijdens en na wapengebruik worden dan ook checks en controles uitgevoerd. Ondanks de zorgvuldige processen is het risico op burgerslachtoffers helaas nooit volledig uit te sluiten.

Documenten;

Kamerbrief met voortgangsrapportage Nederlandse bijdrage in strijd tegen ISIS

Kamerstuk: Kamerbrief | 13-04-2018

Zie ook;

Luchtmacht gooide foutloos bommen op IS

AD 13.04.2018 Nederlandse jachtvliegers die van 2014 tot 2016 ten strijde trokken tegen IS hebben daarbij geen enkele misser gemaakt. Bij vier bombardementen waarover twijfel was, valt de F-16 piloten niets te verwijten.

Dat staat in een brief die minister Ank Bijleveld (Defensie) vanmiddag aan de Tweede Kamer stuurt. De luchtmacht heeft daarmee een bijzondere prestatie geleverd in de strijd tegen Islamitische Staat; de F-16 piloten gooiden meer dan tweeduizend bommen, maar gingen geen enkele keer buiten hun boekje.

Na de missie  bleek al dat de meeste bombardementen volgens plan waren verlopen. Over vier bombardementen ontstond echter twijfel of de jachtvliegers wel de juiste beslissingen hadden genomen. Bij deze bombardementen waren mogelijk ook een onbekend aantal burgers slachtoffer geworden.

TWITTER ANDRESTEUR

Het Openbaar Ministerie stelde een nader feitenonderzoek in, maar concludeert nu dat de wapen inzetten legitiem waren en dat alle procedures correct zijn uitgevoerd. Hoewel niet is uitgesloten dat er mogelijk onschuldige mensen slachtoffer zijn geworden, ziet het OM geen reden om een strafrechtelijk onderzoek te starten waarna de betrokken militairen eventueel ook vervolgd zouden kunnen worden.

Het besluit van het OM is een enorme opsteker voor de luchtmacht. De militairen waren altijd al trots op de waardevolle inzet die ze met slechts acht (en later zes) gevechtsvliegtuigen hebben kunnen doen, maar helemaal nu blijkt dat de missie ook nog eens foutloos is verlopen. Of zoals directeur operaties André Steur van de luchtmacht het onlangs verwoordde in een tweet: ‘Dat is ruim 5 jaar lang de afwas doen. Zonder 1 kopje te breken. In het donker.’

Kritiek

Maar kritiek op de missie van de Nederlanders is er ook. Defensie heeft nooit duidelijk willen maken om wat voor incidenten het precies gaat, wanneer ze hebben plaatsgevonden en hoeveel burgers er zijn omgekomen. Ook over de andere missies zijn nauwelijks details naar buiten gekomen. Daardoor is het moeilijk te controleren of de informatie wel klopt, vindt Airwars, een collectief van onderzoeksjournalisten dat de strijd tegen IS kritisch volgt.

Zij becijferden dat er bij Operatie Inherent Resolve in Irak en IS zeker 6.200 onschuldige burgers zijn omgekomen door bombardementen van de Coalitie. Dat is fors meer dan de ruim 850 die de Coalitie zelf heeft toegeven.

De Nederlandse luchtmacht is op dit moment voor de tweede keer in Jordanië om van daaruit luchtaanvallen uit te voeren op IS. Voor zover bekend is daarbij nog geen misser gemaakt die het OM onderzoekt.

‘Militairen maakten geen strafbare fouten tijdens anti-IS-missie’

NOS 13.04.2018 Nederlandse militairen hebben geen strafbare feiten gepleegd bij de bombardementen op Islamitische Staat in Irak en Syrië. Tot die conclusie komt het Openbaar Ministerie.

Bij de deelname van Nederland aan de internationale IS-missie met F-16’s werden tussen oktober 2014 en juli 2016 meer dan 1800 keer wapens ingezet, waarbij een onbekend aantal mensen om het leven kwam.

Vorig jaar juni werd bekend dat het OM in vier gevallen aanleiding zag om een feitenonderzoek in te stellen.

Legitiem

De onderzoeken zijn nu klaar en de conclusie is dat de wapeninzetten in alle gevallen in de onderzochte periode legitiem waren en dat alle procedures correct zijn uitgevoerd. Volgens het OM is het in drie van de vier bekeken gevallen aannemelijk dat er ook burgerslachtoffers zijn gevallen. Maar er is er niets strafbaars vastgesteld en de piloten hebben de procedures gevolgd.

Minister Bijleveld noemt het belangrijk dat iedereen kan zien dat de piloten hun werk volgens de procedures doen. “Als wij denken dat er burgerslachtoffers zijn gevallen, melden wij dat aan het OM en het is dus onderzocht.”

Gericht op IS

Bijleveld benadrukt dat de Nederlandse piloten F16-piloten de bombardementen heel gericht op IS uitvoeren, maar dat ieder burgerslachtoffer er een te veel is.

De Nederlandse F-16’s werden in de zomer van 2016 teruggehaald om onderhoud te plegen. Dat is inmiddels gebeurd en sinds begin dit jaar zijn er opnieuw F-16’s actief in de strijd tegen IS.

BEKIJK OOK;

‘Er moeten wel burgers zijn omgekomen bij Nederlandse bombardementen’

OM onderzoekt vier incidenten met Nederlandse F-16’s in Syrië en Irak

Kamer achter verlenging missie tegen IS

 

Hoofdkwartier IS bleek woonhuis bij Nederlands bombardement

AD 13.04.2018 Bij de vier Nederlandse bombardementen in Irak en Syrië die het Openbaar Ministerie heeft onderzocht, zijn vrijwel zeker onschuldige burgers om het leven gekomen.  Eén bom viel per abuis op een woonhuis. Nederlandse F-16 piloten waren in de veronderstelling dat het een hoofdkwartier van IS-strijders was.

Dat blijkt uit informatie over de missies die Defensie heeft vrijgegeven en waarbij het OM heeft geconcludeerd dat de vliegers bij al deze aanvallen niets valt te verwijten.

Zo kon de bom op het woonhuis terecht komen omdat het OM achteraf vast stelde dat de inlichtingen onjuist waren. De F-16 piloten die de vlucht uitvoerden treft geen blaam omdat zij vooraf en tijdens de operatie geen indicaties kregen dat de informatie niet klopte. Het OM gaat ervan uit dat er bij deze aanval zeker burgers slachtoffer zijn geworden.

Nog meer slachtoffers zijn er zeer waarschijnlijk ook gevallen bij een aanval op een een fabriek waar bomauto’s werden gefabriceerd.  Toen de bommen het pand vernietigden , ontstonden er nieuwe explosies in de buurt, waardoor een aantal andere gebouwen ook werden vernietigd. Volgens het OM kon dat gebeuren omdat er veel meer explosieven in de fabriek bleken te liggen dan vooraf bekend was of kon worden ingeschat.

Bij een andere operatie die het OM nader onderzocht bleek een auto plotseling te passeren terwijl een bom ontplofte op een gebouw. De piloot kon het explosief niet meer naar een ander punt sturen, waar het  veilig tot ontploffing had kunnen komen. Nu zijn er waarschijnlijk burgerslachtoffers te betreuren, concludeert het OM.

Verkeerd afgesteld

Bij één missie ging er wel iets mis, maar vielen geen slachtoffers. In dit geval stond een apparaat aan een F-16 verkeerd afgesteld. De zogenoemde ‘targeting pod’ moest ervoor zorgen dat de bom naar het juiste doelwit werd geleid, maar door de verkeerde afstelling werd een onbewoond gebouw ernaast geraakt.

Het is voor het eerst dat Defensie in het openbaar informatie geeft over doelen die zijn bestookt en wat er precies is voorgevallen. Maar volgens onderzoekscollectief Airwars, dat de strijd tegen IS kritisch volgt, is dit nog lang niet genoeg. Ook in deze zaken blijven de precieze locaties en tijdstippen geheim. ,,Nabestaanden hebben het recht om te weten wie hun geliefden hebben gedood. Dat is nu nog steeds niet vast te stellen,’’  zegt woordvoerder Koen Kluessin van Airwars.

De tweede, stille oorlog tegen Islamitische Staat

Er is een tweede oorlog aan de gang tegen Islamitische Staat in het Midden-Oosten.

NOS 08.03.2018 De eerste, nog niet helemaal afgeronde oorlog is de veldslag van een coalitie onder leiding van de Amerikanen tegen eenheden van Islamitische Staat, die een kalifaat wilden stichten in Irak en Syrië. Het doel van de coalitie is het verjagen van IS-strijders uit dorpen, steden en gebieden, die de terreurgroep in de loop van de jaren heeft bezet.

Ook Nederland doet mee. Nederlandse militairen staan Koerdische milities bij en Nederlandse F-16’s bombarderen stellingen van IS.

Het resultaat is onder meer dat veel IS-strijders die de strijd om het kalifaat hebben overleefd zijn ondergedoken of gevlucht. De coalitie houdt er rekening mee dat ze een potentieel gevaar vormen omdat ze waar ook ter wereld aanslagen kunnen plegen.

Om te weten waar de IS’ers zijn gebleven en of ze dood zijn of voortvluchtig, is er in 2015 een tweede oorlog opgezet; operatie Gallant Phoenix, onder leiding van de Verenigde Staten. Het hart van de operatie bevindt zich op een grote Amerikaanse basis in Jordanië, buurland van zowel Syrië als Irak.

Archiefbeeld van IS-strijders HOLLANDSE HOOGTE

Op het hoofdkwartier wordt vooral veel uitpluiswerk gedaan. Persoonlijke gegevens van mannen en vrouwen die mogelijk bij IS betrokken zijn, worden daar verzameld en geanalyseerd.

Er doen 21 landen mee. In ieder geval de Verenigde Staten en Jordanië. Ook Israël is erbij betrokken. Duitsland en België doen ook mee met de operatie, maar doen naar eigen zeggen het uitzoekwerk.

Ook Nederland doet mee met de operatie, blijkt althans uit een verslag van een EU-bijeenkomst begin vorig jaar op Malta. Het ministerie van Defensie in Den Haag wil betrokkenheid bevestigen noch ontkennen.

De zoektocht naar sporen van IS-strijders speelt zich vooral af op de plaatsen waar IS actief is geweest. Er wordt gezocht naar in de haast achtergelaten laptops en telefoons met mogelijk interessante informatie.

Ook worden er vingerafdrukken en dna-materiaal verzameld op plaatsen waar mogelijk IS-strijders zijn geweest. Aan de hand daarvan kan geprobeerd worden iemands gangen na te gaan. Die informatie kan later in een rechtszaak als bewijs dienen voor waar diegene op welk moment was en welke strafbare feiten hij of zij mogelijk heeft gepleegd.

Archiefbeeld van IS-strijders AFP

Het eerste doel is het op de hoogte stellen van westerse regeringen van dreiging er mogelijk uitgaat van voormalige IS-strijders, die na hun militaire nederlaag naar Europa komen. Er wordt zo precies mogelijk vastgesteld wat hun identiteit is, welke routes ze nemen en wat voor reispapieren ze bij zich hebben. En vooral of ze actief hebben meegevochten aan de kant van IS.

Wat er verder met de gegevens gebeurt is niet helemaal duidelijk. Mogelijk worden ze gebruikt om iemand op te sporen en uit te schakelen. Ook kan de informatie gebruikt worden bij een rechtszaak, als het OM na een arrestatie wil vervolgen.

Nederland

Dat gebeurde in december vorig jaar in een zaak tegen een teruggekeerde Syriëganger. Hij werd geconfronteerd met een door hemzelf ondertekend formulier uit 2013, waaruit bleek dat hij zich vrijwillig bij IS als strijder had aangesloten. Op basis daarvan kreeg hij 4 jaar cel.

Deze week schreef de binnenlandse inlichtingendienst AIVD in zijn jaarverslag over 2017 dat nog 185 personen uit Nederland zich in Irak en Syrië bevinden. Het gaat vooral om kinderen en minderjarigen. Er keerden vorig jaar nauwelijks mensen terug naar Nederland.

‘België is betrokken bij Amerikaanse operatie om IS-strijders te liquideren’

NU 08.03.2018 België levert een bijdrage aan een Amerikaanse geheime operatie tegen buitenlandse strijders in Syrië en Irak. Bronnen bij het Belgische ministerie van Defensie hebben dat gemeld aan de zender VRT.

Volgens de omroep doen Belgen inlichtingenwerk voor de operatie ‘Gallant Phoenix’. Die is gericht op het opsporen en doden van zoveel mogelijk strijders van Islamitische Staat (IS) en andere jihadistische groepen.

Het hoofdkwartier van Gallant Phoenix is gevestigd op een Amerikaanse basis in Jordanië. Het werk in Jordanië zou vooral bestaan uit het doorspitten en analyseren van een grote database met gegevens van buitenlandse strijders.

Volgens de VRT zijn 21 landen betrokken bij Gallant Phoenix, waaronder ook Duitsland.

Lees meer over: België Islamitische Staat


F-16 valt IS-strijder aan in oosten van Syrië

Telegraaf 17.01.2018 Een Nederlandse F-16 heeft in het oosten van Syrië een strijder van Islamitische Staat (IS) aangevallen. Dat gebeurde ter ondersteuning van grondtroepen die vechten tegen de terreurgroep, meldde het ministerie van Defensie. Het gebeurde nabij Abu Hammam in de provincie Deir al-Zour.

Vier Nederlandse gevechtsvliegtuigen zijn sinds deze maand weer actief in de strijd tegen IS. Ze opereren vanaf een basis in Jordanië. Tussen 10 en 16 januari voerden de F-16’s negen missies uit: vijf boven Irak en vier boven Syrië. Maar een keer werden wapens ingezet.

Defensie probeert meer openheid te geven over de luchtaanvallen. Voorheen werd informatie over locaties en mogelijke slachtoffers niet of nauwelijks gedeeld.

 

Nederlandse F-16 valt IS-strijder aan in oosten van Syrië

AD 17.01.2018 Een Nederlandse F-16 heeft in het oosten van Syrië een strijder van Islamitische Staat (IS) aangevallen. Dat gebeurde ter ondersteuning van grondtroepen die vechten tegen de terreurgroep, meldde het ministerie van Defensie.

De actie gebeurde nabij Abu Hammam in de provincie Deir al-Zour.

Lees ook;

‘Wees open over burgerdoden door Nederlandse F16’s bij strijd tegen IS’

Lees meer

Tot 2018 geen Nederlandse F16’s in strijd tegen IS

Lees meer

Vier Nederlandse gevechtsvliegtuigen zijn sinds deze maand weer actief in de strijd tegen IS. Ze opereren vanaf een basis in Jordanië. Tussen 10 en 16 januari voerden de F-16’s negen missies uit: vijf boven Irak en vier boven Syrië. Daarbij werden een keer werden wapens ingezet.

Defensie probeert meer openheid te geven over de luchtaanvallen. Voorheen werd informatie over locaties en mogelijke slachtoffers niet of nauwelijks gedeeld.
F-16’s vallen IS-doel aan in Syrië

Telegraaf 10.01.2018 Nederlandse F-16’s hebben in Oost-Syrië een aanval uitgevoerd op een doel van Islamitische Staat. Dit gebeurde afgelopen dagen in de buurt van de stad Abu Kamal in de provincie Dayr az Zawr tijdens een missie om grondtroepen te ondersteunen, meldt het ministerie van Defensie.

Nederlandse F-16’s vallen IS-doel aan in Syrië

NOS 10.01.2018 Nederlandse F-16’s hebben een aanval uitgevoerd op een doel van de terreurorganisatie Islamitische Staat in Oost-Syrië. De aanval was volgens het ministerie van Defensie bij de stad Abu Kamal in de provincie Deir ez-Zor.

Bij de vorige missie in IS-gebied kwam er kritiek op een gebrek aan openheid over de Nederlandse militaire acties. Minister Zijlstra van Buitenlandse Zaken zegt dat er wordt gekeken naar manieren om meer informatie vrij te geven.

Sinds vorige week worden weer Nederlandse F-16’s ingezet boven Oost-Syrië en Irak. De laatste keer dat er binnen de internationale coalitie tegen IS Nederlandse toestellen werden ingezet, was in 2016. De uitvalsbasis van de F-16’s is Jordanië.

Defensie maakte bekend dat er in Irak boven Ninawa, Sala ad-Din en Anbar ook missies zijn uitgevoerd. Daarbij zijn geen aanvallen uitgevoerd. Bij een andere actie in Oost-Syrië is ook geen aanval uitgevoerd.

BEKIJK OOK;

Bijleveld bezoekt F-16’s in Jordanië

F-16’s terug naar IS-gebied, ‘niet puur uit militaire noodzaak’

Kamer achter verlenging missie tegen IS

 

Bijleveld bezoekt F-16’s in Jordanië

NOS 05.01.2018 “A very warm welcome”, wensen de Jordaniërs minister Bijleveld bij de vliegtuigtrap. Dat is relatief, want het regent en het is koud in Jordanië. De minister krijgt in sneltreinvaart het kamp te zien, waar meer dan 150 Nederlandse militairen een jaar lang ervoor zorgen dat de F-16’s kunnen vliegen.

Ze zijn nog maar een paar dagen operationeel. “Ik heb net 300 nieuwe matrassen weten te regelen, iedereen kan lekker slapen”, zegt de burgemeester van het kamp, een militair die speciaal is aangewezen om ervoor te zorgen dat iedereen zich een beetje goed voelt in de woestijn van Jordanië. Naast werken is daar verder niets te doen, dus een voetbalveldje, een biljart en een fitnessruimte zijn zeer welkom.

Op de basis werkt Nederland samen met België: dertig Belgische militairen zorgen voor de veiligheid van de Nederlanders. Verderop op het vliegveld zijn ook Amerikanen en Duitsers, en natuurlijk gastheren uit Jordanië.

Nederlandse F-16’s doen mee aan de missie tegen IS DEFENSIE/JAN DIJKSTRA

De minister liet zich bijpraten door militairen…DEFENSIE/JAN DIJKSTRA

…en sprak de troepen zelf toeDEFENSIE/JAN DIJKSTRA

Bijleveld loopt onbekommerd over de basis, en laat zich uitleggen wat er allemaal nodig is om de F-16’s in de lucht te houden. Voor de militairen is het allemaal wat minder ontspannen; het is overduidelijk wennen aan de omstandigheden. En dan die meegereisde pers. Bij een enkele militair leidt het tot lichte paniek: hoe moeten we daar nu weer mee omgaan?

“Hier niet filmen. Daar geen foto’s. Niemand herkenbaar in beeld. Nee, niet dat gebouw, dat wil Jordanië niet”. Het is – om het in militair jargon te zeggen – nogal een uitdaging om het bezoek van Bijleveld fatsoenlijk in beeld te brengen.

Nederland deed al eerder mee met F-16’s vanuit Jordanië. Van 2014 tot 2016 bombardeerden die eerst alleen boven Irak, en later ook boven Syrië. Het was een publiek geheim dat ook toen Jordanië de thuisbasis voor Nederland was, maar het ministerie van Defensie wilde daar nooit ruchtbaarheid aan geven. In Jordanië was er altijd angst dat al te innige samenwerking met het Westen kwaad bloed zou zetten bij de eigen bevolking. Toenmalig minister Hennis drong er daarom bij de Tweede Kamer op aan het woord Jordanië zo veel mogelijk te vermijden. In debatten over de missie ging het steevast over “het gastland”.

Nog genoeg te doen

Nu is Nederland dus terug bij de Jordaanse gastheren. En op de dag dat de minister op bezoek is, zijn twee F-16’s klaar om hun eerste missie te beginnen. “Indrukwekkend”, zegt Bijleveld, als de twee toestellen met donderend geraas opstijgen.

Commodore André Steur geeft uitleg: “Ze zijn een flink aantal uren in de lucht. Onderweg naar het missiegebied kunnen ze in de lucht bijtanken. De piloten maken lange dagen. We zijn inzetbaar voor alle missies die het hoofdkwartier nodig vindt.”

De vraag is wel hoelang F-16’s nog nodig zijn in de strijd tegen IS. Alle bolwerken zijn inmiddels heroverd door de coalitie, het kalifaat is er niet meer. Wat moet je dan nog met vliegtuigen?

“Vergis je niet, IS is zeker nog niet helemaal verslagen”, zegt Bijleveld. “Voorlopig is er nog genoeg te doen.”

Per kwartaal

Bombarderen is misschien niet meer het belangrijkste, maar Nederlandse F-16’s hebben de capaciteit om inlichtingen te verzamelen. Die inlichtingen zijn van levensbelang voor de grondtroepen in Irak, die de strijd tegen IS nog volop voeren.

De minister heeft groen licht van de Tweede Kamer om de F-16’s nog een jaar in Jordanië te houden. “Zolang de F-16’s nuttig werk doen, blijven ze hier. Maar het kan best dat we de missie over een paar maanden op de schop nemen. We bekijken het per kwartaal.”

BEKIJK OOK;

F-16’s terug naar IS-gebied, ‘niet puur uit militaire noodzaak’

Nederlandse F-16’s in actie in Irak en Syrië

Telegraaf 05.01.2018  Nederlandse F-16’s hebben vrijdag hun eerste vlucht gemaakt boven Irak en Syrië. Het opstijgen van de straaljagers werd bijgewoond door luchtmachtcommandant Dennis Luyt en defensieminister Ank Bijleveld. Zij brachten donderdag en vrijdag een bezoek brachten aan Jordanië, waar de F-16’s zijn gestationeerd.

De straaljagers maken deel uit uit van de internationale coalitie tegen terreurleger Islamitische Staat. „IS is bijna verslagen, maar de strijd is nog niet voorbij”, zei Bijleveld bij haar ontmoeting met het detachement. „De dreiging en ideologie van IS zijn nog niet verdwenen. Irak heeft nog steeds steun nodig om IS te verslaan, heroverde gebieden te stabiliseren en de terugkeer van IS te voorkomen.”

Ⓒ DEFENSIE

De aanvallen die de F-16’s uitvoeren, veranderen wel van karakter. Waar de toestellen in eerdere fasen van de strijd vooral geplande doelen onder vuur namen, zoals munitiedepots, opslagplaatsen en IS-hoofdkwartieren, ligt de nadruk nu meer op de ondersteuning van grondtroepen. Zo’n 150 Nederlandse militairen trainen Iraakse special forces en Koerdische peshmerga-strijders.

’Afschrikwekkende functie’

„De Iraakse en coalitiestrijdkrachten leunen zwaar op ondersteuning vanuit de lucht en jachtvliegtuigen hebben hoe dan ook een afschrikwekkende functie. We moeten er als coalitie echt voor waken te vroeg te vertrekken uit Irak”, zei de CDA-bewindsvrouw.

BEKIJK OOK:

F16-piloot gespot met tasje buurtsuper

BEKIJK OOK:

Dit zijn onze F16’s die gaan vechten tegen IS

Bijleveld had voorafgaand aan het troepenbezoek een ontmoeting met de Jordaanse premier Hani al-Mulki. Zij spraken over veiligheid en politieke ontwikkelingen in de regio en de samenwerking tussen Jordanië en Nederland.

Verlenging Nederlandse deelname

Eind vorig jaar verlengde het kabinet de Nederlandse deelname in de strijd tegen IS met een jaar. De F-16’s kwamen boven Irak ook al van oktober 2014 tot juli 2016 in actie en vanaf begin 2016 ook in Oost-Syrië. De Nederlandse gevechtsvliegtuigen vlogen toen in totaal ruim 2100 keer uit en zetten 1800 keer wapens in.

Nederlandse F-16’s boven Irak en Syrië weer actief tegen Islamitische Staat

AD 05.01.2018 De F-16’s die deze week uit Nederland zijn vertrokken hebben vandaag hun eerste operationele vlucht gemaakt boven Irak en Oost-Syrië. De toestellen zijn gestationeerd op een basis in Jordanië, om vanaf daar missies te vliegen voor de internationale coalitie tegen Islamitische Staat.

André Steur@andresteur

Onze F-16’s bij aankomst in Midden-Oosten  @Kon_Luchtmacht @VlbLeeuwarden@VlbVolkel @Defensie #Airpower #F16 25 jaar non-stop ingezet!  7:59 AM – Jan 4, 2018

Minister Ank Bijleveld van Defensie en luchtmachtcommandant Dennis Luyt waren vrijdag in Jordanië bij het vertrek van de toestellen. Bijleveld zegt dat IS bijna is verslagen, maar dat Irak wel hulp nodig heeft om heroverd gebied te stabiliseren en de terugkeer van IS op die plekken te voorkomen.

Volgens luitenant-generaal Luyt wordt de inzet van de toestellen anders. Eerder ging het om geplande doelen zoals hoofdkwartieren van IS, opslagplaatsen en munitiedepots. Dit verschuift naar de ondersteuning van grondtroepen en het vergaren van informatie, aldus Luyt.

Belgische beveiliging

Nederlandse F-16’s zijn voor het laatst in 2016 ingezet in de strijd tegen IS. Ze hebben deze week de Belgische F-16’s in Jordanië afgelost. Belgische militairen zullen de Nederlandse eenheid beveiligen.

De verwachting is dat de toestellen minder actief zullen zijn dan destijds, omdat IS in het grootste deel van Irak en Syrië is teruggedrongen. Nederland heeft zes F-16’s gestuurd, waaronder twee reservetoestellen.

Nederland doet sinds 2014 mee aan de strijd tegen IS. Niet alleen met vliegtuigen, maar ook door Iraakse en Koerdische militairen te trainen en te steunen.

Minister Bijleveld was sinds donderdag in Jordanië en bracht ook een bezoek aan premier Hani al-Mulki. Het ging onder meer over samenwerking tussen Nederland en Jordanië.

 

Massaal bommen gooien op IS is verleden tijd

AD 05.01.2018 Meer dan 2.000 bommen gooiden Nederlandse jachtvliegers twee jaar geleden in Irak en Syrië op IS-strijders. Vanaf vandaag maken ze vanuit Jordanië opnieuw jacht op de terroristen, al zal dat voor sommige vliegers een stuk minder spannend zijn nu ‘het kwaad’ zo goed als verslagen is.

 

https://www.telegraaf.nl/video/1496700/dit-zijn-onze-f16-s-die-gaan-vechten-tegen-is
Dit zijn onze F16’s die gaan vechten tegen IS

Telegraaf 03.01.2018 Zes vliegtuigen van de Koninklijke Luchtmacht stijgen op van Volkel om de strijd aan te gaan in het Midden-Oosten tegen terreurorganisatie Islamitische Staat.

F-16’s vertrokken voor missie tegen IS

Telegraaf 03.01.2018  Nederlandse F-16’s zijn woensdagochtend van vliegbasis Volkel vertrokken naar het Midden-Oosten om daar mee te doen aan de strijd tegen terreurorganisatie Islamitische Staat. De toestellen zullen opereren vanaf een vliegbasis in Jordanië.

Het gaat om zes toestellen, waaronder twee reservevliegtuigen, die zullen deelnemen aan de internationale coalitie die strijdt tegen IS in Irak en Oost-Syrië. In de afgelopen twee weken zijn vanaf de vliegbasis Eindhoven ook al 150 militairen vertrokken als ondersteuningspersoneel voor de gevechtsvliegtuigen.

Nieuwe satellietcommunicatie

De Nederlandse vliegtuigen zijn de afgelopen tijd onder meer uitgerust met nieuwe satellietcommunicatie. Eerder waren Tweede Kamerleden onaangenaam verrast over het ontbreken hiervan, omdat het de inzet van de toestellen boven het strijdgebied zou beperken. Met de nieuwe apparatuur kunnen de vliegers over grotere afstand communiceren.

Nederlandse F-16’s zijn voor het laatst in 2016 ingezet in de strijd tegen IS. Ze lossen de Belgische F-16’s in Jordanië af. Belgische militairen zullen de Nederlandse eenheid beveiligen.

De verwachting is dat de toestellen minder actief zullen zijn dan destijds. IS is in het grootste deel van Irak en Syrië teruggedrongen.

Toch heeft de Iraakse premier nadrukkelijk aangedrongen bij premier Mark Rutte om de Nederlandse inzet te verlengen. De missie zal ergens begin volgend jaar een stabilisatiemissie worden.

Nederland doet sinds 2014 mee aan de strijd tegen IS. Niet alleen met vliegtuigen, maar ook door Iraakse en Koerdische militairen te trainen en te steunen.

F-16’s terug naar IS-gebied, ‘niet puur uit militaire noodzaak’

NOS 03.01.2018 Zes Nederlandse F-16’s zijn vanochtend naar het Midden-Oosten vertrokken voor de strijd tegen Islamitische Staat. Het is de tweede missie die ons land uitvoert als onderdeel van de internationale coalitie tegen IS.

De terreurgroep heeft veel terrein verloren in Irak en Syrië, schrijft Defensie, maar is nog niet verslagen. “Dat de F-16’s minder zullen doen dan in het verleden, lijkt me wel duidelijk”, zegt Dick Zandee. De defensiedeskundige van instituut Clingendael legt uit dat er nog enkele IS-bolwerken zijn in het grensgebied tussen de twee landen.

‘Samen uit, samen thuis’

Zolang er nog wordt gestreden, is luchtsteun nodig. En solidariteit met de rest van de coalitie is volgens Zandee cruciaal. “Deelname is niet altijd gebaseerd op puur militaire noodzaak. Het draait ook om politiek: samen uit, samen thuis.”

Nederland lost België af, dat sinds het vertrek van Nederlandse toestellen in juli 2016 aanvallen uitvoerde op IS-doelen. Behalve de gevechtstoestellen stuurt Defensie ook 150 ondersteunende militairen en een transport- en een tankervliegtuig. De uitvalsbasis voor de troepen en toestellen is Jordanië.

  >Mario Verbeek@GenmajVerbeek

Tweede deel ATFME-8 uitgezwaaid, vrede en veiligheid niet alleen in woord maar ook in daad #trots #airpower #F16@Kon_Luchtmacht  07:28 – 2 jan. 2018

Veiligheidsadviseur en voormalig luchtmachtcommandant Peter Wijninga legt uit dat de F-16-piloten op gewapende verkenningsmissies gaan. Hun taak is gebieden controleren en vijandelijke eenheden opsporen. “En als het kan, gelijk in actie komen. Een belangrijke taak”, zegt hij in het NOS Radio 1 Journaal.

Tegen het einde van de vorige missie werd duidelijk dat de Nederlandse straaljagers nauwelijks werden ingezet. De reden daarvoor waren technische gebreken. Ook bleek dat de piloten niet het juiste trainingsniveau hadden. “Dat is ook de reden dat anderhalf jaar geleden besloten was de eenheid terug te halen”, zegt Wijninga.

Niet lang volhouden

De piloten hadden vanwege de strijd in het Midden-Oosten te weinig getraind op bijvoorbeeld het onderscheppen van vijandelijke vliegtuigen. De eenzijdigheid van de missies en de aanhoudende druk op de beperkte middelen van de luchtmacht, gaven volgens Wijninga de doorslag. “Daarom kunnen we dit niet zo lang volhouden.”

Hoelang de strijd tegen Islamitische Staat nog duurt, valt niet te zeggen. De verwachting is dat de terreurgroep zich uiteindelijk verplaatst of terugvalt op een guerrillastrategie. Voor Wijninga is één ding zeker: te vroeg vertrekken uit het Midden-Oosten is gevaarlijk. “Dat is een fout die in het verleden wel eens is gemaakt. Hier probeert men te voorkomen dat de strijd met IS weer kan oplaaien.”

BEKIJK OOK;

Demissionair kabinet verlengt militaire missies

Het kalifaat stort in, maar IS is nog lang niet verslagen

Nederlandse F-16 nauwelijks ingezet boven Syrie

Defensie: geen beperkingen voor uitvoeren luchtaanvallen

Nederlandse F-16’s vertrokken voor missie tegen IS

AD 03.01.2018 Nederlandse F-16’s zijn vanochtend van vliegbasis Volkel vertrokken naar het Midden-Oosten om daar mee te doen aan de strijd tegen terreurorganisatie Islamitische Staat. De toestellen zullen opereren vanuit Jordanië.

Het gaat om zes toestellen, waaronder twee reservevliegtuigen. De straaljagers zullen deelnemen aan de internationale coalitie die strijdt tegen IS in Irak en Oost-Syrië. In de afgelopen twee weken zijn vanaf de vliegbasis Eindhoven ook al 150 militairen vertrokken als ondersteuningspersoneel voor de gevechtsvliegtuigen.

De Nederlandse vliegtuigen zijn de afgelopen tijd onder meer uitgerust met nieuwe satellietcommunicatie. Eerder waren Tweede Kamerleden onaangenaam verrast over het ontbreken hiervan, omdat het de inzet van de toestellen zou beperken.

Nederlandse F-16’s zijn voor het laatst in 2016 ingezet in de strijd tegen IS. Ze lossen de Belgische F-16’s in Jordanië af. Belgische militairen zullen de Nederlandse eenheid beveiligen.

Minder actief

De verwachting is dat de toestellen minder actief zullen zijn dan destijds. IS is in het grootste deel van Irak en Syrië teruggedrongen.

Toch heeft de Iraakse premier nadrukkelijk aangedrongen bij premier Mark Rutte om de Nederlandse inzet te verlengen. De missie zal ergens begin volgend jaar een stabilisatiemissie worden.

Nederland doet sinds 2014 mee aan de strijd tegen IS. Niet alleen met vliegtuigen, maar ook door Iraakse en Koerdische militairen te trainen en te steunen.

Nederlandse F-16’s vertrekken vanaf vliegbasis Volkel naar het Midden-Oosten om daar met de coalitie tegen Islamitische Staat de strijd tegen de terreurorganisatie voort te zetten. © ANP

F-16’s naar Midden-Oosten voor strijd tegen IS

Telegraaf 02.01.2018  Zes Nederlandse F-16’s vertrekken woensdagochtend naar het Midden-Oosten om daar met de coalitie tegen Islamitische Staat de strijd tegen de terreurorganisatie voort te zetten. Dat meldt het ministerie van Defensie. Eind 2017 gaf het kabinet groen licht om de Nederlandse deelname aan de missie te verlengen.

De zes F-16’s, waaronder twee reservetoestellen, opereren vanuit Jordanië. Nederland lost daar België af, dat ook F-16’s leverde voor de campagne. In de afgelopen twee weken zijn vanaf de vliegbasis Eindhoven ook 150 militairen naar het gebied vertrokken.

Het is de tweede keer dat Nederland de jachtvliegtuigen inzet tegen IS. De vorige keer was van oktober 2014 tot juli 2016.

Meerderheid Tweede Kamer akkoord met verlenging vechtmissie tegen IS

VK 21.12.2017 Een ruime meerderheid van de Tweede Kamer steunt de verlenging met een jaar van de bijdrage aan de vechtmissie tegen terreurgroep Islamitische Staat (IS) in Irak en Oost-Syrië. Ongeveer driehonderd Nederlandse militairen zijn actief voor de missie in het gebied.

Sadet Karabulut en Lilian Marijnissen van de SP in de Tweede Kamer. © ANP

De Nederlanders trainen en steunen Iraakse en Koerdische militairen. Verder gaan weer vier F-16’s de terreurgroep bombarderen en ondersteuning aan troepen geven. De gevechtsvliegtuigen opereren vanaf een basis in Jordanië. De kans is aanzienlijk dat de luchtsteun in het oosten van Syrië niet het hele jaar nodig is.

Onder meer SP en PVV zijn tegen de inzet. Tijdens het debat over de verlenging wees SP-Kamerlid Sadet Karabulut op de burgerslachtoffers die er zijn gevallen. Ze vindt dat de militaire inzet averechts werkt en noemt de oorlog uitzichtloos. De PVV vindt dat de krijgsmacht zich in Nederland op de veiligheid moet richten.

IS is uit het grootste deel van Irak en Syrië teruggedrongen. Toch heeft de Iraakse premier nadrukkelijk aangedrongen bij premier Mark Rutte om de Nederlandse inzet te verlengen. De missie zal ergens begin volgend jaar een stabilisatiemissie worden. Nederland doet sinds 2014 mee aan de strijd tegen IS.

Meer informatie

Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma van D66 wil dat Nederland gedetailleerder rapporteert over de bombardementen door Nederlandse F-16’s, zonder daarbij de militairen in gevaar te brengen. Andere coalitiepartijen steunen die oproep. Minister Halbe Zijlstra van Buitenlandse Zaken zegde toe dat er gekeken wordt of meer informatie kan worden vrijgegeven.

Er is kritiek op de mate van openheid van Nederland over luchtaanvallen en mogelijke burgerslachtoffers. Bekend is dat het Openbaar Ministerie enkele zaken in onderzoek heeft.

Volg en lees meer over:  BUITENLAND   SYRIË   IRAK   ISLAMITISCHE STAAT (IS)   NEDERLAND   DEFENSIE

ISLAMITISCHE STAAT;

BEKIJK HELE LIJST

Tweede Kamer: Nederlandse vechtmissie tegen IS mag doorgaan

AD 21.12.2017 Een ruime meerderheid van de Tweede Kamer steunt de verlenging met een jaar van de bijdrage aan de vechtmissie tegen terreurgroep IS in Irak en Oost-Syrië.

Ongeveer driehonderd Nederlandse militairen zijn actief voor de missie in het gebied. De Tweede Kamer gaf hier in 2014 groen licht voor. De Nederlanders trainen en steunen Iraakse en Koerdische militairen. Verder gaan weer vier F-16’s de terreurgroep bombarderen en ondersteuning aan troepen geven. De gevechtsvliegtuigen opereren vanaf een basis in Jordanië. De kans is aanzienlijk dat de luchtsteun in het oosten van Syrië niet het hele jaar nodig is.

Onder meer SP en PVV zijn tegen de inzet. Tijdens het debat over de verlenging wees SP-Kamerlid Sadet Karabulut op de burgerslachtoffers die er zijn gevallen. Ze vindt dat de militaire inzet averechts werkt en noemt de oorlog uitzichtloos. De PVV vindt dat de krijgsmacht zich in Nederland op de veiligheid moet richten.

IS is uit het grootste deel van Irak en Syrië teruggedrongen. Toch heeft de Iraakse premier nadrukkelijk aangedrongen bij premier Mark Rutte om de Nederlandse inzet te verlengen. De missie zal ergens begin volgend jaar een stabilisatiemissie worden. Nederland doet sinds 2014 mee aan de strijd tegen IS.

Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma van D66 wil dat Nederland gedetailleerder rapporteert over de bombardementen door Nederlandse F-16’s, zonder daarbij de militairen in gevaar te brengen. Andere coalitiepartijen steunen die oproep. Minister Halbe Zijlstra van Buitenlandse Zaken zegde toe dat er gekeken wordt of meer informatie kan worden vrijgegeven.

Er is kritiek op de mate van openheid van Nederland over luchtaanvallen en mogelijke burgerslachtoffers. Bekend is dat het Openbaar Ministerie enkele zaken in onderzoek heeft.

Nederlandse militairen blijven langer actief in Irak, ook al is terreurgroep IS goeddeels verslagen

VK 14.12.2017 Nederlandse militairen zullen de komende maanden gewoon actief blijven in Irak, ook al is terreurgroep Islamitische Staat (IS) in dat land inmiddels grotendeels verslagen. Ook boven Syrië zullen vanaf januari weer Nederlandse F16-piloten ingezet worden. De kans is wel ‘aanzienlijk’ dat de Nederlandse luchtsteun in de loop van 2018 niet meer nodig is.

Dit hebben minister Halbe Zijlstra (Buitenlandse Zaken) en Ank Bijleveld (Defensie) donderdag gezegd tijdens een debat met de Tweede Kamer over de verlenging van de missie tegen IS in Irak en Syrië. De instemming van de Kamer met de missie was een formaliteit, want het kabinet heeft in september al bij bondgenoten aangekondigd dat Nederland de bijdrage voor de militaire missies in Irak, maar ook in Mali, Afghanistan, Litouwen en de Hoorn van Afrika zou verlengen. Nederland heeft bijna driehonderd militairen uitgezonden in de regio. De ene helft traint grondtroepen in Irak. De andere helft is ondersteunend personeel voor vier F16-gevechtsvliegtuigen.

Het kabinet waarschuwt voor een te snelle terugtrekking van westerse militairen uit Irak en Syrië. ‘We kunnen ons niet veroorloven om de wissel te snel om te zetten’, zegt Zijlstra. De minister vergelijkt de strijd tegen IS met een net gedoofde veenbrand. ‘Het vuur bovengronds is uit.

Maar als je nu met je brandweerwagen vertrekt, dan weet je dat je snel weer terug moet.’ IS heeft zich ondergronds verborgen en kan weer snel terugkeren, meent Zijlstra. Een Kamermeerderheid steunt het verlengen van de missie om die reden.

Irak heeft vijftig eigen gevechtsvliegtuigen, wat kunnen die vier van ons voor verschil maken?, aldus Raymond de Roon.

Onsmakelijk

F16 © EPA

Maar onder meer de PVV wil dat Nederlandse militairen naar huis komen en dat Irak voortaan zelf het stokje overneemt om tegen IS te vechten. ‘Ze leunen gewoon achterover. Daar moeten we niet intrappen. Onze F16’s moeten terug’, zei PVV-Kamerlid Raymond de Roon. Over de vergelijking van de veenbrand van Zijlstra zei De Roon: ‘Hebben ze daar dan geen eigen brandweerwagen?’

Volgens de Roon kan Irak inmiddels prima zelf de strijd tegen IS aan: ‘Irak heeft vijftig eigen gevechtsvliegtuigen, wat kunnen die vier van ons voor verschil maken?’ Zowel Zijlstra als Defensieminister Bijleveld wijzen op de precisiewapens van Nederlandse F16’s die veel burgerslachtoffers kunnen voorkomen en de uitdrukkelijke vraag van Irak om hun grondtroepen van luchtsteun te voorzien.

Het CDA vindt het ‘onsmakelijk’ dat de PVV voorheen voorstander was van de missie, maar nu plots tegen is. D66 houdt het op ‘verbijsterend’: ‘Ja, 96 procent van het grondgebied is heroverd op IS, 6,6 miljoen mensen zijn bevrijd uit handen van IS. Maar we zijn er nog lang niet. IS dreigt zich terug te trekken in een soort ondergronds kalifaat om daarna weer tevoorschijn te komen’, zegt D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma.

Minder wapeninzet

De vliegtuigen kunnen niet alleen bommen werpen, maar hebben ook een ‘afschrikwekkende’ functie

Volgens het kabinet is de wens groot bij Irak dat Nederlandse militairen daar voorlopig blijven om zowel Koerden als Irakezen te trainen om hun grondgebied zelf tegen nieuwe IS-aanvallen te beschermen. De Iraakse premier heeft deze week nog bij premier Mark Rutte ‘nadrukkelijk aangedrongen’ op verlenging van de Nederlandse bijdrage.

Nederlandse militairen gaan daarom door met het trainen van grondtroepen in Irak, maar de focus van de lessen zal wel steeds meer verschuiven naar het behoud van territorium en minder op het directe vechten tegen IS. Ook de F-16’s zullen veel minder dan voorheen hun wapens inzetten, verwacht Bijleveld. De vliegtuigen kunnen niet alleen bommen werpen, maar hebben ook een ‘afschrikwekkende’ functie.

Wederopbouw

Uiteindelijk zal Nederland ook meehelpen aan de wederopbouw van Irak en Syrië, verwacht het kabinet. ‘Dat is ook in ons eigen belang. Veel Syriërs willen terug’, zegt Zijlstra. ‘Maar we starten geen wederopbouw-project in Syrië zolang Assad aan de macht is. Want dan faciliteren we zijn aanblijven.’ Zijlstra wil zijn vertrek juist stimuleren. ‘Het liefst begroeten we Assad in Den Haag, zodat hij hier berecht kan worden.’

Over Nederlands noodhulpgeld dat nu al in verkeerde handen terecht zou zijn gekomen zegt Zijlstra: ‘Er zit soms een rot plekje op een appel, maar dat betekent niet dat je de hele fruitmand moet wegdoen.’ Nederland blijft humanitaire noodhulp bieden in Syrië, ‘voor zover we erbij kunnen’.

Volg en lees meer over:  NEDERLAND   IRAK   SYRIË   DEFENSIE

‘Veranderingen op komst in militaire trainingsmissie in Irak’

NU 14.12.2017 De militaire missie in Irak en Oost-Syrië blijft nodig, maar verandert snel. De kans is “aanzienlijk” dat de Nederlandse F-16’s volgend jaar niet de hele periode in Syrië zullen worden ingezet, aldus minister Halbe Zijlstra (Buitenlandse Zaken). Een meerderheid in de Tweede Kamer zal de verlenging van de missie steunen.

Ongeveer 150 Nederlandse militairen trainen Iraakse en Koerdische troepen in de strijd tegen terreurgroep IS. Verder zullen vanaf volgende maand na een onderbreking van anderhalf jaar weer vier Nederlandse F-16’s worden ingezet vanaf een basis in Jordanië. Ook daar gaat meer dan honderd man personeel mee.

De Iraakse premier heeft deze week bij premier Mark Rutte nog “nadrukkelijk aangedrongen” op verlenging van de Nederlandse bijdrage.

IS is bijna volledig teruggedrongen en ondergronds gegaan. De missie richt zich dan ook steeds meer op het in handen houden van het terugveroverd gebied. De F-16’s zullen veel minder hun wapens inzetten dan tijdens hun eerdere inzet, aldus minister Ank Bijleveld (Defensie).

Burgerslachtoffers

De F-16’s blijven volgens het kabinet nodig omdat ze precisiebombardementen kunnen uitvoeren. Daarmee kan het aantal burgerslachtoffers worden beperkt. In de Kamer blijven zorgen over het aantal burgerslachtoffers dat valt door de internationale coalitie.

Onlangs meldde The New York Times dat het om veel meer slachtoffers gaat dan de coalitie meldt. Bijleveld houdt het op 801 “zekere” burgerdoden door de coalitie. Volgens haar doet Nederland er alles aan om burgerdoden te voorkomen.

Mali 

Eerder deze week stemde een meerderheid van de Tweede Kamer in met een voortzetting van de Nederlandse bijdrage voor de militaire VN-missie in Mali. Ook de Nederlandse bijdrage in Afghanistan wordt verlengd.

Lees meer over: Missie Irak

 

Kamer achter verlenging missie tegen IS

NOS 14.12.2017 De Tweede Kamer steunt verlenging met een jaar van de missie tegen IS in Irak en Syrië. Ook het komende jaar zal Nederland militairen in Irak trainen, zowel Iraakse regeringstroepen als de Peshmerga (Iraaks-Koerdische strijdkrachten). Nederland gaat vanaf januari ook weer F-16’s inzetten. Dat gebeurde eerder ook al, maar de straaljagers werden in de zomer van 2016 teruggehaald om onderhoud te plegen. Dat is nu gebeurd.

Een ruime Kamermeerderheid staat achter het kabinet. In elk geval PVV en SP zijn tegen. De SP vindt dat de kern van de problemen niet wordt opgelost met Nederlandse interventies. SP-Kamerlid Karabulut denkt dat nieuwe bombardementen alleen maar tot meer terrorisme leiden.

Penicillinekuur

De PVV was eerder voor de missie, maar Kamerlid De Roon ziet niets in verlenging. Volgens hem is het grootste deel van IS inmiddels vernietigd en moeten de Arabische landen nu zelf voor de verdere ontmanteling zorgen.

Dat standpunt leverde hem veel kritiek op van andere Kamerleden en ook van minister Zijlstra. Die zei dat er veel successen zijn geboekt, maar hij vergeleek de bestrijding van IS met een penicillinekuur. “Die moet je niet te snel stoppen.”

Abadi en Rutte

Vorige week zei de Iraakse premier Abadi dat IS is verdreven uit Irak. Volgens Zijlstra betekent dat niet dat IS niet actief meer is en opereert de beweging nu “ondergronds”. Hij benadrukte dat Irak zelf nog steeds graag wil dat Nederland aan de missie meedoet.

Premier Rutte heeft dat dinsdag ook zelf van Abadi gehoord. Ook in Syrië is het nog niet voorbij, zei Zijlstra. Dat het Kremlin van president Poetin claimt IS uit Syrië te hebben verdreven, bracht Zijlstra in verband met de Russische verkiezingen volgend jaar.

Burgerslachtoffers

In de Kamer zei minister Bijleveld dat bij acties van de internationale coalitie tegen IS tot nu toe zeker 801 burgerslachtoffers zijn gevallen en er worden ook nog gevallen onderzocht. Bijleveld zal andere landen om opheldering vragen over een artikel uit The New York Times.

Die krant meldde onlangs dat er veel meer burgerslachtoffers zijn dan officieel bekend is en de Kamer maakt zich daar zorgen over. Het OM onderzoekt vier gevallen van mogelijke slachtoffers door Nederlands toedoen.

Video afspelen

Zijlstra: missie tegen IS niet nu al stoppen

BEKIJK OOK;Iraakse premier: IS is verdreven uit Irak
Missie tegen ‘veenbrand’ IS blijft nodig

AD 14.12.2017 De missie tegen IS in Irak en Syrië blijft nodig, al zullen Nederlandse F-16’s wel minder bombarderen dan zij in 2016 deden. Ook is de kans ‘aanzienlijk’ dat de Nederlandse F-16’s niet de hele periode ingezet worden in Syrië. Dat zei minister Halbe Zijlstra van Buitenlandse Zaken vandaag in een debat met de Tweede Kamer.

Het is zonde van de investering om te vroeg te stoppen, aldus Halbe Zijlstra.

Dat komt omdat IS fors terrein heeft verloren in Irak en Syrië. Dat betekent niet dat verder inzet niet nodig is, stelt Zijlstra. ,,Het is nog niet zoals normaal. En met normaal bedoel ik niet Zoetermeer of Enschede. Maar het is zonde van de investering om te vroeg te stoppen.”

In Irak zijn 150 militaire trainers actief en met de F-16’s, die gestationeerd zijn op een basis in Jordanië, reizen 100 militairen mee. De meerderheid van de Tweede Kamer steunt de door het kabinet voorgestelde verlenging.

De PVV, eerder voorstander van de missie, doet dat niet. PVV-Kamerlid Raymond de Roon vindt inmiddels tijd dat Arabische landen de handschoen oppakken. Dat kwam hem op kritiek te staan van CDA en VVD. ,,Het heeft er alle schijn van dat de PVV stiekem wil dat IS blijft bestaan”, reageerde CDA-Kamerlid Martijn van Helvert, die de PVV ‘een misselijkmakende draaipartij’ noemde. Zijn VVD-collega Han ten Broeke noemde het ‘onverantwoord dat partijen weglopen’. ,,Deze veenbrand is nog lang niet geblust.”

Gevraagd

In Irak zijn onder andere Nederlandse militairen actief op uitnodiging van de Iraakse regering. Ook de inzet van de F-16’s, die na een hersteltraject van 18 maanden weer klaar zijn voor bombardementen, is volgens minister Ank Bijleveld van Defensie ‘nadrukkelijk gevraagd’. Dat komt ook omdat de Nederlandse straaljagers over precisiebommen beschikken – iets wat in de wereld verder alleen de Amerikanen en Denen kunnen.

Het Openbaar Ministerie onderzoekt vier gevallen waarin Nederlandse gevechtsvliegtuigen mogelijk burgerslachtoffers hebben gemaakt. ,,Ik had gehoopt u vandaar de conclusies kunnen melden”, aldus Bijleveld. ,,De verwachting is wel dat het op korte termijn komt.” GroenLinks en SP begrijpen niet hoe het officiële aantal burgerdoden die door de coalitie zijn erkend (801), zo ver af ligt van het aantal van bijna 6000 dat recent in de New York Times stond. ,,Dat is geen verschil van een klein beetje”, oordeelde GroenLinks-Kamerlid Bram van Ojik.

‘Nederland minst open over burgerdoden in strijd tegen IS’

NOS 29.11.2017 Nederland is van alle deelnemers aan de strijd tegen IS het minst open over het aantal burgerslachtoffers door coalitiebombardementen. Dat zegt Chris Woods van de organisatie Airwars, die bijhoudt hoeveel aanvallen de coalitie heeft uitgevoerd in Syrië en Irak en hoeveel burgers daarbij zijn omgekomen.

Woods was een van de sprekers die de Tweede Kamer kwamen bijpraten over het aantal burgerslachtoffers in de strijd tegen IS. De bijeenkomst was georganiseerd door SP-Kamerlid Karabulut.

De directeur van Airwars zegt dat zo’n 6000 burgers zijn gedood door coalitiebombardementen. Volgens hem houdt de coalitie die tegen IS optrekt het op minder dan 800. Dat aantal lijkt Woods onwaarschijnlijk, gezien de hevigheid van de strijd.

Nederlandse bijdrage in strijd tegen IS

Nederland maakt sinds 2014 deel uit van de internationale coalitie in de strijd tegen IS. Tot juli 2016 zette Nederland F-16’s in bij luchtaanvallen, eerst boven Irak, later ook boven Oost-Syrië. Op dit moment trainen Nederlandse militairen Iraakse en Koerdische strijdkrachten om IS op de grond te bevechten.

De Kamer praat volgende week over verlenging van de Nederlandse missie. Het kabinet wil die bijdrage met een jaar verlengen, tot en met december 2018.

‘Ongezond voor liberaal land’

Nederland heeft in een eerdere fase van de missie ongeveer 400 keer meegedaan aan de bombardementen en houdt volgens Woods vol dat daarbij geen enkel burgerslachtoffer is gevallen. Hij kan dat moeilijk geloven, omdat bij bombardementen – ook bij precisiebombardementen – bijna niet te voorkomen is dat er onbedoeld slachtoffers vallen.

Naar zijn idee is Nederland van de landen die nu nog meedoen aan de coalitie het minst transparant over slachtoffers die ‘per ongeluk’ zijn gevallen. “Nederland loopt achter bij zijn bondgenoten”, zegt hij. Hij noemt het gebrek aan openheid “ongezond” voor een liberaal, democratisch land.

Andere sprekers zijn het met Woods eens dat Nederland opener moet zijn. Zo zegt Wilbert van der Zeijden van PAX dat het kabinet informatie om allerlei redenen achterhoudt. “Daarmee ontken je wat er daar op de grond gebeurt en stop je burgers als het ware weg in een zwarte doos.”

Nederlandse verantwoordelijkheid

Mensenrechtenadvocate Liesbeth Zegveld vindt dat Nederland, ook nu het niet meer actief meedoet aan de bombardementen, medeverantwoordelijk is voor de burgerslachtoffers in de strijd tegen IS. Je doet nu eenmaal mee aan een coalitie die bombardementen uitvoert, is haar mening. En meestal is onduidelijk welk land welke actie heeft uitgevoerd. “Dus het blijft een Nederlandse verantwoordelijkheid.”

Ze zegt dat de Joint Task Force tegen IS geen juridisch rechtspersoon is. “Het is voor elk deelnemend land een puur nationale missie met een nationaal commando en met steeds een eigen beslissing om de hand op te steken en een eigen geweldsinstructie op te stellen.”

BEKIJK OOK;

‘Coalitie maakte in strijd tegen IS in Irak vaker burgerslachtoffers’

‘Wees open over burgerdoden door Nederlandse F16’s bij strijd tegen IS’

AD 29.11.2017 Nederland moet meer openheid geven over eventuele burgerslachtoffers die door Nederlandse F-16’s zijn gemaakt in de strijd tegen IS. Het argument dat dit niet kan vanwege de nationale veiligheid wordt overdreven.

Nu is Nederland ook ver­ant­woor­de­lijk voor het geheel aan slachtoffers, aldus Liesbeth Zegveld, mensenrechtenadvocaat.

Dat stelden deskundigen vandaag in een gesprek met de Tweede Kamer, dat werd georganiseerd door SP-Kamerlid Sadet Karabulut. Nederland bombardeerde tussen 2014 en 2016 – samen met andere landen – doelen in IS-gebied. Eerst gebeurde dat alleen in Irak en later ook in Syrië. Nederland gaat vanaf komend jaar weer mee bombarderen.

Defensie stelde in 2016 dat het twee gevallen onderzocht waarbij er mogelijk burgerslachtoffers zijn gevallen. Deze zomer bleek dat het Openbaar Ministerie (OM) vier gevallen onderzoekt. Meer informatie werd niet gegeven, terwijl andere deelnemende landen dat wel doen.

Transparant

Waarom zou je niet transparant zijn? IS weet heus wel dat Nederland meedoet met de coalitie, aldus Sinan Can, programmamaker.

Volgens mensenrechtenadvocaat Liesbeth Zegveld is ‘niemand bezig met de naam van de piloot’ die mogelijk bij het afgooien van een bom ook onschuldige mensen heeft geraakt. ,,Wees opener over de burgerslachtoffer die door jouw inzet zijn gemaakt”, adviseert zij het kabinet. ,,Nu is Nederland ook verantwoordelijk voor het geheel aan slachtoffers.”

Programmamaker Sinan Can, die een tv-serie maakte in voormalig IS-gebied, begrijpt de geheimzinnigheid evenmin. ,,Waarom zou je niet transparant zijn? IS weet heus wel dat Nederland meedoet met de coalitie.” Volgens Can geeft Nederland met België en Bahrein het minst openheid van zaken. Het kabinet heeft zelf altijd volgehouden juist ‘maximaal transparant’ te willen zijn in de strijd tegen IS.

Dat is volgens Airwars, een onafhankelijke internationale organisatie die de luchtoorlog tegen IS onderzoekt, niet gelukt. ,,Nederland is het minst transparant van alle coalitielanden”, aldus directeur Chris Woods, ingevlogen vanuit Londen. Volgens hem hebben landen die veel opener zijn over hun luchtaanvallen, zoals Groot-Brittannië en Canada, daar voor de openbare veiligheid geen nadelige gevolgen van ondervonden.

,,Zij geven nooit informatie over piloten. Het is prima om de identiteit van militairen te beschermen, maar niet alles hoeft achter gesloten deuren. Wil Nederland echt herinnerd worden als het minst transparante land in deze internationale missie?”

Nederland is het minst transparant van alle coalitielanden, aldus Chris Woods, Airwars.

Volgens D66-Kamerlid Salima Belhaj heeft Nederland een beperkt aantal piloten. ,,Het is moeilijker om hun identiteit af te schermen.” De vrees is dat IS-propaganda zich richt op individuele militairen. Woods snapt dat argument, maar vindt het geen beletsel voor openheid. ,,De luchtmacht van Saoedi-Arabië is bijvoorbeeld ook klein, maar zij zijn wel opener.”

Burgerdoden

Volgens de coalitielanden zijn er 800 burgerdoden gevallen. Airwars, die ook burgerslachtoffers telt, komt op een minimumaantal van 5.961. Woods: ,,Wij krijgen vaak kritiek vanwege onze hoge schatting. Ik vraag me dan vooral af: waarom zijn de cijfers van de coalitie zo laag?”

In een oorlog vallen altijd burgerslachtoffers; dat is ook toegestaan in het internationaal oorlogsrecht. Wel moet er alles aan worden gedaan om het aantal burgerslachtoffers tot een minimum te beperken. Volgens onderzoeker Wilbert van der Zeijden van vredesorganisatie PAX hanteren de Verenigde Staten regels over hoeveel burgerslachtoffers het land acceptabel vindt bij een luchtaanval.

IS bijna verslagen, maar nog 180 Nederlanders in IS-gebied

RTL 24.10.2017 Na de val van Raqqa, de zelfverklaarde hoofdstad van terreurgroep IS in Syrië, is IS bijna verslagen. Toch zitten er nog altijd zo’n 180 Nederlanders met ‘jihadistische intenties’ in IS-gebied.

Uit cijfers van de AIVD blijkt dat er in totaal 285 mannen en vrouwen vanuit Nederland naar IS-gebied zijn gereisd. Volgens de laatste cijfers, van begin deze maand, zijn er vijftig van hen teruggekeerd. Ongeveer 55 van hen zijn gesneuveld. Zo’n 180 mannen en vrouwen zijn nog in Syrië of Irak en hebben, zoals de AIVD dat noemt, jihadistische intenties.

Niet ophalen

Wat gaat er gebeuren met die groep van 180? Het is in ieder geval duidelijk dat de Nederlandse staat ze niet ophaalt. De AIVD denkt dat de dreiging van toekomstige terugkeerders groter kan zijn, ‘omdat zij langer in het strijdgebied verbleven, meer gevechtservaring hebben opgedaan, ideologisch gehard zijn en aan hun jihadistische netwerk hebben gebouwd‘.

De NCTV heeft een aanpak opgesteld voor terugkeerders. In principe wordt iedereen bij aankomst in Nederland aangehouden voor verhoor.  Als er een verdenking is van lidmaatschap van of steun aan een terroristische organisatie stelt het Openbaar Ministerie vervolgonderzoek in, wat kan leiden tot vervolging.

Dreiging verminderen

Ook wordt van iedere terugkeerder een dreigingsinschatting gemaakt. Daarnaast is er ook een persoonsgerichte aanpak. Bij ieder van hen wordt gekeken of er zogenoemde interventies zijn die de dreiging kunnen verminderen. Voorbeelden van interventies zijn strafvervolging, gebiedsverbod of een deradicaliseringstraject.

AIVD: 80 Nederlandse IS-kinderen vast in vluchtelingenkampen:

Maar het is de vraag hoeveel Syriëgangers terugkeren naar Nederland. Wie probeert het gebied te verlaten, zal dat meestal doen via Turkije. En zodra ze daar de grens oversteken, lopen ze grote kans te worden opgepakt, zegt correspondent Olaf Koens.

Vorig jaar vertrokken

Hij was vandaag bij de rechtszaak tegen twee Nederlandse Syriëgangers in Turkije: de 22-jarige Oussama uit Utrecht en de 23-jarige Reda uit Leiden. Zij waren vorig jaar uit Syrië vertrokken om naar huis te reizen, maar werden in Turkije aangehouden.

Nederland heeft om uitlevering van de twee Nederlanders gevraagd, maar Turkije heeft niet op dat verzoek geantwoord. Eerst moet een Turkse rechter oordelen of de twee mogelijk gevaarlijk zijn.

‘Mijn zoon heeft geluk, hij zit in de cel’:

De vader van Reda wacht al jaren met smart op zijn zoon. Hij hielp hem ontsnappen aan IS en hoopt op een normaal leven voor hem in Nederland, gewoon met een vrouw en kinderen.

Mohamed Nidalha communiceert met zijn zoon via brieven. “Eergisteren heb ik nog bericht van hem gehad. ‘Met mij gaat het goed’, schreef hij. ‘En doe de groetjes aan de familie en de buren.’ Of het echt goed met hem gaat, weet ik niet.” Lees hier het hele interview met de vader van ex-IS’er Reda.

Meer op rtlnieuws.nl:
‘Terreurgroep IS verdreven uit kalifaathoofdstad Raqqa’

RTL Nieuws; Burgeroorlog Syrië  Jihadisme

Nederlandse trainingsmissie in Irak deels opgeschort vanwege veiligheid militairen

Strijdende Irakezen en Koerden werken samen met Nederland

VK 24.10.2017 De Nederlandse militaire missie in Irak wordt deels opgeschort. Een handvol special forces geeft vanaf heden geen training en advies meer in het noordelijk deel van Irak dat wordt betwist door de Koerden en de Iraakse regering. Nederland wil de veiligheid van de eigen militairen niet in gevaar brengen door in die regio door te gaan met lesgeven.

Dit staat in een brief die de demissionair ministers Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) en Klaas Dijkhoff (Defensie) dinsdag naar de Tweede Kamer hebben gestuurd.

Het kabinet zeilt met dit besluit met een grote boog om een groter probleem heen: wat te doen met de rest van de trainingsmissie in Irak? Het overgrote deel van de 150 Nederlandse militairen blijft voorlopig lesgeven aan zowel Iraakse als Koerdische strijders, die samen strijden tegen terreurbeweging IS. Dit lesgeven gebeurt vooral in de steden Erbil en Bagdad, dus in niet-betwist gebied.

Maar onder meer de nieuwe coalitiepartijen D66 en ChristenUnie maken zich ‘zorgen’ om de oplaaiende spanningen tussen de twee partijen die momenteel les krijgen van Nederlanders. Oppositielid Sadet Karabulut (SP) vindt zelfs dat de missie gestopt moet worden. ‘We trainen mensen en equiperen legers die nu tegenover elkaar staan – dat moeten we niet willen.’

Nederland kiest geen partij

Wie zegt dat die mensen volgende week niet tegenover staan Kirkuk?, aldus Defensiespecialist Ko Colijn

Zo heeft het Iraakse leger begin deze maand gedreigd om op te rukken naar de Koerdische regio. In de provincies Kirkuk en Nineveh zijn de afgelopen twee weken ‘enkele schermutselingen’ geweest tussen beide partijen.

Nederland kiest nog geen partij: zowel scherpschutters aan Koerdische als Iraakse zijde worden bijvoorbeeld nog getraind. ‘Wie zegt dat die mensen volgende week niet tegenover staan Kirkuk?’, zei defensiespecialist Ko Colijn afgelopen week tegen de Volkskrant. En wie garandeert dat het materieel dat beide partijen nu krijgen van de Nederlanders – zoals nachtkijkers – niet ingezet wordt om elkaar te bestrijden?

Het kabinet houdt de gespannen situatie ‘nauwgezet’ in de gaten en toetst ‘dagelijks’ of het nog veilig is voor Nederlandse militairen om les te blijven geven, staat in de brief aan de Tweede Kamer. ‘De veiligheid van onze mensen gaat daarbij boven alles.’ De vorige minister van Defensie, Jeanine Hennis, moest in oktober aftreden omdat er binnen haar organisatie te weinig oog zou zijn geweest voor de veiligheid van militairen.

Betrokken bij burgeroorlog

Nederland kon weten dat er een dag zou aanbreken waarop de bindende factor IS zou wegvallen, aldus Defensiespecialist Ko Colijn.

Opvallend is dat het kabinet met geen woord rept over de andere overduidelijke reden om te stoppen met de trainingen; namelijk dat Nederland betrokken kan raken bij een burgeroorlog tussen Koerden en Irakezen. Andere Europese landen en de VS maken zich hier wel grote zorgen over als ze beide partijen blijven trainen. Reden voor Duitsland om de trainingen vorige week stil te leggen. Inmiddels zijn die trainingen weer gestart, omdat ingeschat wordt dat de eigen militairen nog geen gevaar lopen.

Ook Nederlandse trainingen aan Koerdische peshmerga-strijders lagen afgelopen week een paar dagen stil, maar zijn inmiddels weer hervat. De tijdelijke onderbreking was op verzoek van de peshmerga zelf, die tijd nodig hadden om zich te ‘hergroeperen’ na het verlaten van onder meer de stad Kirkuk, zegt een Defensiewoordvoerder.

‘Nederland kon weten dat er een dag zou aanbreken waarop de bindende factor IS zou wegvallen, waarna de partijen elkaar weer in de haren zouden vliegen. Die dag is nu aangebroken’, zei defensiespecialist Colijn afgelopen week tegen de Volkskrant. ‘Dus Halbe Zijlstra heeft een groot probleem om mee te beginnen als minister van Buitenlandse Zaken.’

Hij lijkt gelijk te krijgen, want het demissionaire kabinet schuift de hete aardappel van de Irak-missie door naar de nieuwe beoogde ministers Halbe Zijlstra (Buitenlandse Zaken) en Ank Bijleveld (Defensie).

Hoe nu verder in het Midden-Oosten?

Zal Nederland de Koerden belonen?
Nu de strijd tegen IS op zijn einde loopt en het Midden-Oosten een nieuwe vorm aanneemt, moet Nederland zich afvragen welke partijen het steunt.

Wie springt er in het vacuüm dat IS achterlaat?
Nu het gevaar van Islamitische Staat is bezworen, het kalifaat zo goed als verpulverd en de gemeenschappelijke vijand verslagen, borrelen ogenblikkelijk oude conflicten weer op.

Nu het kalifaat van IS aan het verdwijnen is, meldt zoon Bin Laden zich aan het front
Terwijl het kalifaat van IS instort, 
werkt Al Qaida aan een comeback. Daarvoor heeft de terreurorganisatie een grote troef om uit te spelen: Hamza bin Laden.

Volg en lees meer over:  NEDERLAND   STRIJD IN IRAK   IRAK   DEFENSIE

Nederlandse vliegers droppen wapens in complexe oorlog

Elsevier 21.10.2017 De oorlog in Noord-Irak is onoverzichtelijk, maar voor de tactische vliegers van de Koninklijke Luchtmacht heeft dat nog geen gevolgen. Met hun Hercules C-130 vrachtvliegtuig blijven zij wapen- en munitietransporten uitvoeren voor de anti-IS coalitie.

Islamitische Staat heeft grote gebiedsdelen moeten prijsgeven. De hoofdstad van het kalifaat Raqqa is gevallen. Intussen neemt de spanning binnen het anti-IS kamp toe. Iraakse regeringstroepen bezetten deze week de Koerdische stad Kirkuk.

Niet-geasfalteerde landingsbanen

Bijna vijftig militairen van het 336 squadron van de luchtmacht uit Eindhoven zijn gestationeerd op de luchtmachtbasis Ali Al Salem in Kuweit. Ze voeren transportvluchten uit naar Noord-Irak. ‘Beans, bullits and troops. Bonen, kogels en manschappen,’ zeggen gezagvoerder kapitein Gertjan (37) en loadmaster sergeant-majoor Ivan (31) over hun lading. De Hercules is in staat te landen op zogenoemde ‘dirtstrips’,  niet-geasfalteerde landingsbanen in de woestijn.

Lees ook dit verhaal van Eric Vrijsen: had landmacht kunnen weten van ondeugdelijke granaat?

Het zijn gevaarlijke vluchten want IS-strijders beschikken volgens inlichtingenrapporten over luchtdoelraketten en de Hercules hangt soms op geringe hoogte boven vijandelijk gebied. Het toestel is voor deze operatie voorzien van een zeer geavanceerde radar-stoorzender ALQ. Het apparaat hangt onder de vleugel en mag niet worden gefotografeerd.

De bemanningsleden dragen kogelwerende vesten en speciale helmen. Zij zijn getraind om zichzelf in leven te houden achter de vijandelijke linies. Daartoe hebben zij ook een survival kit (overlevingspakket) bij zich met medische benodigdheden, water en een noodrantsoen.

Bloedgroep in geborduurde letters

Behalve de driekoppige bemanning – gezagvoerder, co-piloot, laadmeester – gaan ook vijf zwaar bewapende militairen mee om het toestel te verdedigen tijdens het lossen van de lading. Vanwege het gevaar heeft ieder van de mannen zijn bloedgroep in geborduurde letters op het gevechtstenue staan. De mannen hebben ieder een speciale versie van het semi-automatische Colt C7/C8. In de laadruimte van het toestel staat ook nog een 12 punts MAG-mitrailleur.

De operatie begon in augustus. Vluchten naar het Oosten van Syrië zijn er nog niet geweest. ‘Maar uiteindelijk zullen wij ook daar naar toe gaan,’ denkt kapitein Gertjan. Het mandaat voorziet daarin. ‘Althans, ten Noorden van de Eufraat. Ten Zuiden van de rivier, komen wij niet. Daar zitten de Russen en het Syrische regeringsleger.’

Bij nachtvluchten plaatst hij de nachtzichtkijker op zijn vliegerhelm. Het toestel vliegt dan met gedoofde navigatielichten en zonder knipperlichten op de romp door de duisternis. ‘Met de nachtzichtkijker kun je in de verte goed zien waar gevochten wordt. De tracers van de  lichtspoormunitie lichten fel op.’

‘Pallets poepen’

Om de risico’s te verminderen, moet het lossen zo snel mogelijk gebeuren. ‘Voordat het net eraf is, zijn wij alweer weg,’ zegt kapitein Gert-Jan. Eventueel kunnen ze overgaan tot een ‘Combat Offload’, of zoals de kapitein het noemt: ‘Pallets poepen.’ Dan zet hij tijdens de landing de grote achterklep open en rollen de pallets met lading een voor een naar buiten. Het toestel maakt vervolgens een doorstart en wint snel weer hoogte.

Mocht de situatie in Noord-Irak uit de hand lopen dan is het 336 squadron ‘Pulvere ac sudore’ (In stof en zweet) getraind om de instructeurs van de Koninklijke Landmacht te evacueren. ‘We zullen zien welke dynamiek zich daar ontwikkelt,’ zegt luchtmachtcommandant generaal Dennis Luyt. ‘Als het nodig schakelen wij onze activiteiten snel om.’ Luyt waarschuwt voor de gedachte dat IS het zwijgen is opgelegd. ‘Weliswaar zijn een aantal steden gevallen, maar er zijn nog altijd gebieden waar de terreurbeweging standhoudt. IS verspreidt zich en kan zich overal weer manifesteren.’

In januari zullen hoogstwaarschijnlijk vier Nederlandse F-16’s worden ingezet vanuit Jordanië voor bombardementsvluchten op de laatste IS-bolwerken. Sinds augustus voert een KDC-10 tankervliegtuig vluchten uit boven Irak om gevechtsvliegtuigen en AWAC’s vliegende radarposten hoog in de lucht bij te tanken.

Patriot-raketten voor bescherming Turkije

Op de vraag of het niet bitter is dat NAVO-bondgenoot Turkije het luchtruim heeft gesloten voor de Koninklijke Luchtmacht, zegt Luyt: ‘We lopen wel vaker tegen dit soort dingen aan.’  Maar de Koninklijke Luchtmacht was nog maar kort geleden goed genoeg om met Patriot-raketten de Turkse stad Adana te beschermen tegen een eventuele luchtaanval vanuit Syrië.

Die operatie heeft Nederland vele tientallen miljoenen euro’s gekost. Dan zouden de Turken nu toch op zijn minst hun luchtruim moeten openstellen? De luchtmachtgeneraal blijft diplomatiek: ‘Het verkrijgen van clearances is bijna altijd complex.’

   Politiek verslaggever Redacteur Eric Vrijsen  (1957) volgt voor Elsevier Weekblad sinds 1994 de Nederlandse politiek.

Zonder onze brandstof geen missie tegen IS

AD 20.10.2017 Het kalifaat is bijna ingestort, maar de strijd tegen IS is allerminst voorbij, merken Nederlandse militairen boven Irak en Syrië. Nog steeds vliegen zij elke dag om bommenwerpers bij te tanken. Een exclusief bezoek aan hun basis in Koeweit.

Lees ook

IS grotendeels uit Raqqa verdreven

Lees meer

‘Nederlandse IS’ers omgekomen bij herovering Raqqa’

Lees meer

IS is nog niet verslagen. Ze gaan meer bewegen en zijn dan moeilijker te raken, aldus Luchtmachtgeneraal Dennis Luyt.

Vorige week was het nog afzien met een temperatuur van 51 graden in de schaduw. Maar de militairen van de luchtmacht hebben geluk. Een briesje brengt sinds enkele dagen verkoeling op de Abdullah Al Mubarak Air Base. Nu is het voor majoor Fred op de grond een stuk beter uit te houden als hij zijn ‘vliegende tankstation’ twee uur voor vertrek aan een laatste inspectie onderwerpt.

Maar liefst 50.000 liter kerosine mag de gezagvoerder van de KDC-10 straks uitdelen in wat hij ‘het theater’ noemt; een afgebakend luchtruim van 100 bij 50 kilometer ergens boven Irak of Syrië. Zes Amerikaanse F-15 piloten zullen hier met hun dorstige toestellen aan de tanker hangen als hun brandstof op dreigt te raken, heeft hij al te horen gekregen.

Genadeklap

© ANP

De jachtvliegers hebben de peut keihard nodig om die ene genadeklap uit te delen in het gevecht op de grond als dat nodig is. Zij gooien de bommen die bij IS dood en verderf zaaien. Hoewel Fred en zijn drie collega’s er met hun neus boven vliegen, krijgen ze er nauwelijks iets van mee.

Op veilige hoogte en ver weg bij eventuele dreiging maken ze hun rondjes tot ze net genoeg kerosine over hebben om zelf terug te komen op de basis. ,,Het gevaarlijkste moment van de dag is voor ons het ritje met de auto van de slaapplaats naar het toestel en vice versa”, grapt Fred.

Niet dat hij daar om maalt; hij beseft als geen ander hoe belangrijk zijn eigen werk is. Sinds de start van de missie op 1 augustus tankten ze ruim 550 toestellen in de lucht vol. Meer dan 3 miljoen liter kerosine pompten ze over. Zonder hen waren de bommengooiers kansloos tegen IS. Moesten ze elke twee tot drie uur terugkeren naar de basis om bij te tanken en bleef er voor het echte werk hooguit een half uur over, rekent Fred voor.

‘Nobody kicks ass, without tanker gas,’ noemen de ‘vliegende pompbedienden’ dat onder elkaar. En met die trots stapt Fred ook deze morgen weer in de ‘Prins Bernhard’, zoals zijn toestel heet. Want de strijd is allerminst gestreden weten ze hier in Koeweit, al lijkt dat misschien wel zo met de recente val van IS-bolwerken Raqqa en Mosul.

De KDC-10, een omgebouwd toestel van het inmiddels ter ziele Martinair, is nog net zo druk als toen ze in augustus aan de klus begonnen. ,,Wij zien weliswaar niet de intensiteit van de oorlog. Maar wel dat het aantal gevechtsvliegtuigen boven het strijdgebied constant blijft”, zegt gezagvoerder Fred.

Nog niet verslagen

© ANP

Islamitische Staat is zeker nog niet verslagen, beaamt luchtmachtgeneraal Dennis Luyt die een bezoek brengt aan de eenheid. ,,Ze hebben nog een paar belangrijke gebieden in handen. En waar we ook sterk rekening mee moeten houden is dat ze nu hun modus operandi gaan veranderen. Dat ze nu meer gaan bewegen en het zo voor ons moeilijker maken om hen uit te schakelen.”

De strijd tegen IS gaat dus nog wel even duren, verwacht Luyt. Zelfs als de Coalitie erin slaagt om IS de komende weken uit alle steden en dorpen in Irak en Syrië te verdrijven, blijft er genoeg te doen voor de Nederlandse F-16’s die hoogstwaarschijnlijk in januari opnieuw ten strijde trekken in dit gebied.

,,Het is niet ondenkbaar dat deze tegenstander zich verplaatst naar andere landen, bijvoorbeeld in Noord-Afrika. Daarom is het ongelooflijk belangrijk dat wij in deze regio blijven. Om op te treden op het moment dat IS weer ergens de kop op steekt. Ook voor onze veiligheid in Europa.”

Pech

Terwijl de bemanning van de KDC-10 de motoren start om zich een nieuwe dag in het strijdtoneel te mengen, blijft er een groep andere militairen teleurgesteld op de legerbasis achter. Zij hadden graag hun steentje willen bijdragen in de strijd tegen IS, maar hun Hercules staat met pech aan de kant.

Een propeller is uitgevallen en het opsturen van een nieuwe heeft vertraging opgelopen vanwege allerlei ingewikkelde, diplomatieke procedures. ,,Echt enorm balen”, zegt gezagvoerder Gertjan. ,,Ik maak mij persoonlijk heel kwaad om wat IS doet. Dit is voor mij de manier om er iets tegen te kunnen doen.”

Detachementscommandant Chris begrijpt het gevoel. Ook hij is niet blij met de situatie, maar tegelijkertijd trots op wat er wel lukt. ,,We zijn hier met slechts twee toestellen, maar maken echt het verschil. Zelfs de Amerikanen die hier met zoveel meer toestellen zitten, krijgen de vracht niet weggewerkt. Zij waren dolblij toen wij – en de tanker – hier kwamen.”

Dat merkt ook luchtmachtgeneraal Dennis Luyt. ,,Als je ziet wat dit ene tankvliegtuig aflevert, dan is dat veel meer dan andere landen doen. Dat wordt internationaal echt wel gezien. Dat is belangrijk, want daarmee laten we zien dat we misschien klein zijn, maar dat we echt wel iets kunnen als we meedoen.”

Luitenant-generaal Dennis Luyt poseert voor een KDC-10 Air to Air Refueler (AAR). De KDC-10 wordt ingezet om vliegtuigen van de coalitie in de strijd tegen ISIS bij te tanken in de lucht. © ANP

© ANP

F-16’s gaan Belgen aflossen

Telegraaf 29.08.2017 De bijdragen aan de NAVO-missies in Afghanistan (ongeveer honderd militairen onder Duits commando in Masar-e-Sharif) en in Litouwen (270 Nederlanders) worden ook met een jaar verlengd, zo weten ingewijden.

Ook de missie tegen IS in Irak gaat in 2018 verder. Momenteel zijn er 150 militaire trainers actief, plus 35 militairen ter bescherming van het Belgische F-16-detachement en een KDC-10-tankvliegtuig met een 40-koppig team. Vanaf januari komen daar vier operationele F-16’s bij, plus twee reservetoestellen, zo is de verwachting.

Nederlandse F16’s gaan opnieuw IS-gebied bestoken

Elsevier 29.08.2017 Opnieuw worden Nederlandse F-16’s ingezet om vanuit Jordanië terreurbeweging Islamitische Staat (IS) in Syrië en Irak te bestrijden. Het demissionaire kabinet geeft hiervoor waarschijnlijk volgende week toestemming. De gevechtsvliegtuigen lossen dan in januari de Belgen af.

Ook de missies in Mali, Litouwen en Afghanistan zullen met een jaar worden verlengd, meldt De Telegraaf dinsdag.

Vliegers weer voldoende getraind

Er zouden vier F-16’s naar de Jordaanse basis Al-Azraq gaan, nog eens twee gaan mee voor reserve. De vliegers zijn weer voldoende getraind, aldus de krant. Tussen oktober 2014 en juni 2016 deden Nederlandse F-16’s mee aan de strijd tegen IS.

De staat van het leger: wat kan Nederland op militair gebied. Eric Vrijsen bericht uit de kazernes >

Belgische vliegtuigen namen dit daarna over. Het kabinet liet eerder dit jaar weten weer F-16’s te zullen sturen als de internationale coalitie tegen IS daar om zou vragen.

Eigenlijk zou er in juli al een wisseling van de wacht moeten zijn geweest, maar omdat training van de piloten nog niet voldoende op peil was, bleven de toestellen vooralsnog thuis.

Minder militairen naar Mali

Ongeveer honderd Nederlandse militairen zijn in Afghanistan voor de NAVO-missie Resolute Support. De meesten zitten in Mazar-e-Sharif. Zij trainen en adviseren hier sinds 2015 hogere officieren van het Afghaanse leger en de politie. Eind juni zei minister van Defensie Jeanine Hennis (VVD) dat zij de missie niet wilde uitbreiden. Zij liet weten bijvoorbeeld niets te zien in inzet in andere delen van Afghanistan.

In Litouwen zijn zo’n 270 Nederlandse militairen gelegerd. De NAVO besloot vorig jaar juli tijdens de top in Warschau tot deze inzet vanwege de acties van Rusland. Dat annexeerde in 2014 de Krim en mengde zich daarna in het conflict in het oosten van Oekraïne. Er gaan minder militairen naar Mali. Momenteel zitten daar 290 Nederlanders voor de VN-missie Minusma.

  Tom Reijner (1986) werkt sinds augustus 2013 op de webredactie. Hij studeerde Politicologie en Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam.

Nederland stuurt twee vliegtuigen voor strijd tegen IS

NU 24.05.2017 Nederland zet dit jaar nog twee vliegtuigen in voor de strijd tegen terreurgroep IS in Irak en Syrië. Vanaf half juni zal een Nederlandse KDC-10 tankervliegtuig hiervoor vijf maanden worden gestationeerd in Koeweit. Daar gaat in het vierde kwartaal ook nog een C-130 transportvliegtuig heen voor twee maanden.

Ongeveer negentig man personeel gaat met de vliegtuigen mee.

Dat meldden ministers Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) en Jeanine Hennis (Defensie) woensdag aan de Tweede Kamer. Nederland heeft de anti-IS-coalitie opnieuw laten weten begin 2018 een aantal F-16’s te willen leveren indien daar behoefte aan bestaat. Daar moet nog wel een besluit over worden genomen.

Nederlandse commando’s die Iraakse militairen aan het front steunen, worden vanaf juni uitgerust met pantservoertuigen en andere beschermende middelen. Ook worden drones van het type Raven gestuurd.

Het aantal Nederlandse militairen in Irak loopt door de extra inzet tijdelijk op tot ongeveer 175, twintig meer dan eerder afgesproken.

Lees meer over: Luchtmacht Islamitische Staat


Opnieuw Nederlands tankvliegtuig naar strijd tegen IS

NU 19.05.2017 In de strijd tegen de terreur van de radicaalislamitische IS gaat Nederland weer een KDC-10 tankvliegtuig inzetten.

De ministers Bert Koenders van Buitenlandse Zaken en Jeanine Hennis van Defensie maakten dat vrijdag bekend.

Nederland zal de stap officieel aankondigen op een top van het NAVO-bondgenootschap op 25 mei in Brussel. De regering in Den Haag wil daarmee haar betrokkenheid bij de strijd tegen IS onderstrepen.

Coalitie

De KDC-10 zal later dit jaar worden ingezet voor het in de lucht bijtanken van vliegtuigen van de anti-IS-coalitie, inclusief de AWACS (vliegtuigen met radar) van de NAVO, die informatie delen met de internationale coalitie.

Begin dit jaar was een dergelijk toestel ook al zes weken actief in het Midden-Oosten. Het heeft in die tijd 189 vliegtuigen van de anti-IS-coalitie bijgetankt boven Irak en het oosten van Syrië.

Lees meer over: KDC-10 Islamitische Staat Defensie

Denemarken trekt F-16’s terug

Telegraaf 02.12.2016 Denemarken haalt zijn F-16’s half december volgens plan terug uit het Midden-Oosten. De zeven toestellen hebben een half jaar lang onder Amerikaanse leiding aanvallen uitgevoerd op doelen van de terreurgroep Islamitische Staat in Syrië en Irak, maar na evaluatie is besloten dat het mandaat niet wordt verlengd.

In plaats daarvan gaat Denemarken het Iraakse leger ondersteunen met trainingen en analisten, alsook een constructie- en ingenieursteam, maakten de Deense ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie vrijdag bekend. Ze gaan onder meer Iraakse militairen oefenen in het opruimen van mijnen.

Deense F-16’s waren volgens een Amerikaans onderzoek op 17 september betrokken bij een aanval waarbij met de Syrische regering verbonden strijders werden bestookt, in plaats van IS-eenheden zoals de bedoeling was. Volgens het onderzoek kwam dit door ,,onopzettelijke menselijke fouten”. Over dit onderzoek repten de Deense bewindslieden met geen woord.

Denemarken trekt F-16’s terug uit Syrië

AD 02.12.2016 Denemarken haalt zijn F-16’s half december volgens plan terug uit het Midden-Oosten. De zeven toestellen hebben een half jaar lang onder Amerikaanse leiding aanvallen uitgevoerd op doelen van de terreurgroep Islamitische Staat in Syrië en Irak, maar na evaluatie is besloten dat het mandaat niet wordt verlengd.

In plaats daarvan gaat Denemarken het Iraakse leger ondersteunen met trainingen en analisten, alsook een constructie- en ingenieursteam, maakten de Deense ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie vrijdag bekend. Ze gaan onder meer Iraakse militairen oefenen in het opruimen van mijnen.

Deense F-16’s waren volgens een Amerikaans onderzoek op 17 september betrokken bij een aanval waarbij met de Syrische regering verbonden strijders werden bestookt, in plaats van IS-eenheden zoals de bedoeling was. Volgens het onderzoek kwam dit door ,,onopzettelijke menselijke fouten”. Over dit onderzoek repten de Deense bewindslieden met geen woord.

F-16’s voorlopig niet terug

Telegraaf 28.09.2016 Het is zeer de vraag of Nederlandse F-16’s in juli de Belgen kunnen aflossen bij het bombarderen van doelen van Islamitische Staat. Dat zei commandant der strijdkrachten Tom Middendorp tijdens een briefing in de Tweede Kamer over de missie tegen IS.

Ons land heeft België volgens bronnen rond het kabinet gevraagd zijn vliegtuigen langer in Jordanië te houden.

Afgelopen zomer keerden Nederlandse F-16’s terug van hun missie tegen IS. Belgische F-16’s namen de taken over; met de zuiderburen was immers een wisseldienst afgesproken. De Belgische missie loopt in juli af, maar dan is Nederland nog niet klaar om het stokje over te nemen.

„Wat bij ons speelt, is de eenzijdige inzet”, zei Middendorp. Met alleen bombarderen en ondersteuning aan grondtroepen in Irak boetten vliegers en instructeurs in op andere vaardigheden. „We lopen tegen een ondergrens aan die ons dwingt tot een herstelperiode”, zei Middendorp.

Ook loopt de luchtmacht achter op onderhoud aan de F-16’s. „Dat drukt op het vermogen om in juli de Belgen te kunnen aflossen”, zei Middendorp. „Met munitie, met name de slimme munitie, zijn we door onze voorraden heen.”

De hoogste generaal wees daarbij op de opdrachten die onze tamelijk oude jachtvliegtuigen nog te wachten staan: surveillancemissies voor de NAVO ter geruststelling van de Baltische staten tegen Russische dreiging, deelname aan de flitsmacht (eveneens NAVO) en de eigen waaktaak voor het Benelux-grondgebied.

Nederland verlengt per oktober de trainingsmissie in Irak met een jaar. Zo’n 155 militairen trainen in Bagdad en Erbil Iraakse speciale eenheden en Koerdische strijders om hen effectiever te laten vechten tegen IS. Ook levert ons land 35 man bescherming voor de Belgische luchtmacht.

© ANP, foto: Evert-Jan Daniels

Missie in Irak verlengd en schip voor training Libische kustwacht

RO 09.09.2016 Nederland blijft deelnemen aan de internationale strijd tegen terreurnetwerk ISIS. De trainingsmissie in Irak wordt verlengd tot eind 2017. Daarnaast zal een Nederlands marineschip dit najaar voor de kust van Libië dienen als trainingslocatie voor de Libische kustwacht. De ministerraad heeft daartoe besloten.

In brieven aan de Tweede Kamer schrijft het kabinet over de toegenomen onveiligheid en instabiliteit in de wereld, vooral in de regio’s ten oosten en ten zuiden van Europa. De gevolgen daarvan zijn ook te merken in de Nederlandse samenleving.

Nederland maakt sinds oktober 2014 deel uit van de internationale coalitie tegen ISIS. Dankzij de inspanningen van het Iraakse leger, de Koerdische Peshmerga en luchtaanvallen van de coalitie heeft ISIS veel terrein verloren in Irak en Syrië.

De trainingen van de coalitie aan de Iraakse en Koerdische eenheden zijn hierbij van grote waarde gebleken. Maar de strijd is nog niet gestreden, constateren de ministers Koenders van Buitenlandse Zaken, Hennis van Defensie en Ploumen voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.

Nederland blijft daarom bijdragen aan de trainingen in Irak. De Iraakse strijdkrachten en de Peshmerga richten zich de komende periode met steun van de internationale coalitie op de bevrijding van Mosul, de grootste stad die ISIS nog onder controle heeft. Ook blijven Nederlandse militairen de force protection verzorgen van de Belgische F-16’s die deelnemen aan de luchtcampagne. Verder biedt Nederland een tankervliegtuig aan om gevechtsvliegtuigen die tegen ISIS worden ingezet, in de lucht bij te tanken.

Het kabinet heeft ook besloten om in de internationale wateren voor de kust van Libië een bijdrage te leveren aan de maritieme EU-operatie Sophia. Die missie is onder meer gericht tegen mensensmokkelnetwerken die migranten via de Middellandse Zee op illegale wijze naar Europa vervoeren.

Een goed functionerende Libische kustwacht is van groot belang om die stromen te controleren en mensenlevens te redden. Nederland zet daarom van medio oktober tot medio december het amfibisch transportschip Zr. Ms. Rotterdam in als platform ten behoeve van training van de Libische kustwacht en marine.

Ook de opgelopen spanningen aan de oostflank van Europa vragen om inzet van de krijgsmacht. Het kabinet neemt de bondgenootschappelijke solidariteit zeer serieus en heeft daarom besloten militairen te leveren aan een door Duitsland geleide battle group in Litouwen. Deze inzet maakt deel uit van de vooruitgeschoven aanwezigheid van de NAVO in de Baltische staten en Polen. De precieze omvang van de eenheid moet nog worden bepaald.

Het kabinet heeft verder aangekondigd op korte termijn besluiten te nemen over de wijze waarop de Nederlandse bijdrage aan de VN-missie in Mali (MINUSMA) in 2017 wordt vormgegeven en over de verlenging van de NAVO-missie in Afghanistan (Resolute Support).

Documenten;

Kamerbrief over verlenging Nederlandse bijdrage aan de internationale strijd tegen ISIS

Kamerstuk: Kamerbrief | 09-09-2016

Kamerbrief Nederlandse bijdrage aan EUNAVFOR MED Sophia in 2016

Kamerstuk: Kamerbrief | 09-09-2016

Kabinet onderzoekt andere rol Nederlandse commando’s in Irak 

Nederland wil speciale eenheden achter het front helpen

NU  09.09.2016 Het kabinet onderzoekt of het mogelijk is om Nederlandse commando’s in te zetten die Iraakse speciale eenheden vlak achter het front helpen met de strijd tegen terreurgroep IS. Dat zei minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie vrijdag.

Deze zogenoemde ‘advice and assist teams’ moeten net achter het strijdtoneel de Iraakse officieren adviseren die de gevechten met IS aansturen, aldus Hennis. Nederland onderzoekt of dit werk samen met de Belgen gedaan kan worden.

Iraakse militairen en de internationale coalitie tegen IS bereiden zich voor op de bevrijding van Mosul. Dat is de grootste stad in handen van IS. 

Nederlandse commando’s trainen al sinds begin 2015 Iraakse special forces. Dat gebeurt echter op een basis even buiten de hoofdstad Bagdad. De Irakezen hebben veel grond op IS veroverd en er is nu behoefte aan een andere vorm van hulp, aldus de minister. De ministerraad stemde in met verlenging van de missie tot eind 2017.

In het noorden geven Nederlandse militairen overigens basistrainingen aan Koerdische strijders (peshmerga’s). Daar zijn ook mobiele teams actief die nabij het front peshmerga’s trainen.

Tankervliegtuig

In Irak zijn ongeveer honderdvijftig Nederlandse militairen aanwezig. Ook gaat een Nederlands tankervliegtuig richting het Midden-Oosten. Die gaat gevechtsvliegtuigen van de internationale coalitie tegen IS van brandstof voorzien.

Het kabinet stemde ook in met het sturen van het marineschip Zr. Ms. Rotterdam naar de kust van Libië. Op het transportschip zal de Libische kustwacht worden getraind in het kader van EU-missie Sophia. De kustwacht moet verbeterd worden om de migrantenstromen naar Europa tegen te gaan.

Ook kwam er het groene licht voor het sturen van een kleine militaire eenheid naar Litouwen. Binnenkort zullen ook de missies in Mali en Afghanistan worden verlengd.

Lees meer over: Irak IS

Eerdere berichten

Kabinet onderzoekt andere rol Nederlandse commando’s in Irak 

Nederlandse steun strijd IS

Telegraaf 09.09.2016  Nederlandse commando’s moeten Iraakse speciale eenheden vlak achter het front gaan helpen in de strijd tegen terreurgroep IS. Het kabinet wil dit samen met de Belgen gaan doen, zei minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie vrijdag.

Deze zogenoemde ‘advice and assist teams’ moeten net achter het strijdtoneel de Iraakse officieren adviseren die de gevechten met IS aansturen, aldus Hennis. Andere landen doen dit al. Nederland onderzoekt nu ook die mogelijkheid. ,,We gaan echt naar een andere soort van training en adviseren dan we nu doen”, aldus Hennis.

Iraakse militairen en de internationale coalitie tegen IS bereiden zich voor op de bevrijding van Mosul. Dat is de grootste stad in handen van islamitische terreurgroep. De Nederlandse missie in Irak gaat door tot eind 2017, besliste de ministerraad vrijdag.

Nederlandse commando ’s trainen al sinds begin 2015 Iraakse special forces. Dat gebeurt echter op een basis even buiten de hoofdstad Bagdad. De Irakezen hebben veel grond op IS veroverd en er is nu behoefte aan een andere vorm van hulp, aldus de minister.

In het noorden geven Nederlandse militairen overigens basistrainingen aan Koerdische strijders (peshmerga’s). Daar zijn ook mobiele teams actief die nabij het front peshmerga’s trainen.

Ongeveer 150 Nederlandse militairen verblijven in Irak. Dat aantal blijft volgend jaar gelijk. Ook gaat een Nederlands tankervliegtuig richting het Midden-Oosten om gevechtsvliegtuigen van de internationale coalitie van brandstof te voorzien.

Het kabinet stemde verder in met het sturen van het marineschip Zr. Ms. Rotterdam naar de kust van Libië. Op het transportschip zal de Libische kustwacht van medio oktober tot medio december worden getraind in het kader van EU-missie Sophia. De trainers komen uit andere EU-landen. De kustwacht moet verbeterd worden om de migrantenstromen naar Europa tegen te gaan.

Ook kwam er het groene licht voor het sturen van een kleine militaire eenheid naar Litouwen. Binnenkort zullen ook de missies in Mali en Afghanistan worden verlengd.

Ook kwam er het groene licht voor het sturen van een kleine militaire eenheid naar Litouwen. Binnenkort zullen ook de missies in Mali en Afghanistan worden verlengd.

Uitgelekte kaart laat wereldwijde expansie IS zien

AD 03.08.2016 De Amerikaanse overheid heeft een kaart gemaakt waarop de wereldwijde expansie van de islamitische terreurorganisatie IS te zien is. De Amerikaanse zender NBC kreeg het geheime overheidsdocument in handen. Daarop is te zien dat het aantal landen waar IS actief is, bijna is verdrievoudigd sinds de VS in 2014 haar campagne begon om de terreurorganisatie te vernietigen.

De kaart maakt volgens NBC deel uit van een geheim briefingdocument dat het Witte Huis deze maand ontving van het Nationale Terrorismebestrijdingscentrum. De kaart laat een alarmerende toename van IS-bolwerken zien: sinds 2014 zijn er elf landen bijgekomen waar IS actief is.

Aspirant-landen
Toen de Verenigde Staten in 2014 haar campagne begon om de extremisten te verslaan, waren er slechts zeven landen waar IS opereerde. In 2015 was dat al toegenomen tot 13 landen en de huidige kaart toont 18 landen waar IS momenteel opereert. De kaart geeft ook een aantal ‘aspirant-landen’ aan, waar IS voet aan de grond begint te krijgen: Egypte, Indonesië, Mali, de Filippijnen, Somalië, en Bangladesh.

De internationale expansie van IS toont aan dat de dreiging van de terreurgroep nog lang niet voorbij is. Over hoe de zich uitbreidende terreurorganisatie het best bestreden moet worden, bestaat vooralsnog geen consensus, maar de Verenigde Staten hebben wel al nieuwe aanvullende militaire bases opgericht in het Midden-Oosten, Azië en Afrika.

’IS verspreidt zich wereldwijd’

Telegraaf 03.08.2016 Terreurorganisatie Islamitische Staat heeft ’volledig operationele’ takken in achttien landen wereldwijd. Daarmee is de aanwezigheid van IS wereldwijd flink gegroeid.

De groei van het terroristische netwerk wordt weergegeven op een geheime kaart van het Amerikaanse National Counterterrorism Center die in handen is van NBC News. De kaart uit augustus 2016 zou bedoeld zijn voor president Obama en zijn directe veiligheidsmedewerkers.

View image on Twitter

 Follow   NBC Nightly News   @NBCNightlyNews

.@NBCNightlyNews obtains White House intel briefing map showing ISIS global expansion.http://nbcnews.to/2aw8jk5   1:16 AM – 3 Aug 2016

In 2014 waren er volgens NBC slechts zeven landen waar IS actief was. In 2015 steeg dat naar dertien en nu dus naar achttien landen waaronder Syrië, Irak, Saudi Arabië, Jemen, Afghanistan, Pakistan, Libië en Nigeria. Bijna een verdriedubbeling in drie jaar.

De kaart toont ook een nieuwe categorie van ’aspirant-landen’ waar IS voet aan de grond probeert te krijgen. Het gaat om Egypte, Indonesië, Mali, de Filipijnen, Somalië en Bangladesh.

LEES MEER OVER; ISLAMITISCHE STAAT AANSLAGEN TERREUR

Nederland neemt deel aan top anti-ISIS coalitie Washington D.C.

RO 19.07.2016 Minister Koenders van Buitenlandse Zaken neemt woensdag in Washington deel aan een conferentie over stabilisatie aan het door terreurgroep ISIS getergde Irak. Hij ontmoet daar ambtgenoten uit meer dan twintig landen. Nederland speelt een belangrijke rol als medevoorzitter van de bijeenkomst. In aansluiting op deze conferentie spreekt de minister donderdag in Washington met ambtgenoten van 35 landen uit de anti-ISIS-coalitie over de voortgang van de strijd tegen ISIS.

De ministers maken tijdens het eerste deel van de conferentie bekend wat ze gaan doen om Irak te blijven steunen bij het opvangen van ontheemden en de opbouw van een veilige en stabiele samenleving. Ook Koenders laat woensdag weten welke extra bijdrage Nederland gaat leveren aan steun voor Irak. Nederland steunt het land met name op het gebied van humanitaire hulp, ontmijning, stabilisatie en militaire trainingen.

Volgens de minister zijn de toezeggingen van groot belang voor de toekomst van Irak. ‘ISIS gedijt bij instabiliteit in de regio. We kunnen deze vijand daarom niet verslaan met alleen militaire middelen. Er moet meer geïnvesteerd worden in samenwerking tussen de diverse groepen en de bevolking van Irak. De Iraakse regering heeft onze steun hard nodig als het gaat om het invoeren van economische en politieke hervormingen’, aldus Koenders.

Tijdens deze bijeenkomst komen onder meer de militaire acties tegen ISIS in Irak en Syrië aan de orde, evenals de toekomstige bevrijding van Mosul en het tegengaan van ISIS-netwerken wereldwijd. Ook spreekt Koenders met ministers van onder andere Koeweit, Qatar, Jordanië en Egypte over nauwere internationale samenwerking om de financiële stromen en propaganda van ISIS te verstoren en de aanvoer van buitenlandse strijders naar ISIS-gebied te stoppen.

Nederland neemt sinds oktober 2014 deel aan de internationale coalitie, die op verzoek van de Iraakse regering ISIS bestrijdt. De inspanningen van de coalitie zijn tot nu toe succesvol gebleken: de terreurgroep heeft inmiddels behoorlijk wat terrein verloren in zowel Irak als Syrië. De Iraakse stad Fallujah is onlangs bevrijd en het Iraakse leger rukt op naar Mosul.

Toch blijft de internationale steun hard nodig. ‘De recente aanslagen door ISIS in Bagdad en op andere plekken in de wereld bewijzen dat de strijd nog lang niet gestreden is’, benadrukt minister Koenders.

Zie ook

Kabinet geeft 1 miljoen aan Koerdische strijders

Elsevier 04.07.2016 Het kabinet stuurt binnenkort een miljoen euro naar Koerdische strijders die in Noord-Irak tegen de terreurgroep Islamitische Staat (IS) vechten. Het gaat om ‘wapengeld’ om de strijd tegen de terreurgroep te financieren.

Waarom mogen Nederlandse Koerden voor Peshmerga vechten?

Dat meldt minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken (PvdA) op maandag aan de Tweede Kamer in een brief ook ondertekend door Lilianne Ploumen en Defensieminister Jeanine Hennis. In November kondigde Koenders aan dat hij financiële steun voor de Koerden wilde regelen. Het kabinet steunt de Koerden al jaren. In 2014 stuurde Nederland 1.000 gevechtshelmen en kogelwerende vesten naar het Koerdische leger (Peshmerga).

Investering

Het geld zal via het Amerikaanse steunprogramma voor Peshmerga in wapens worden geïnvesteerd. Nederlandse militairen trainen al langer Koerdische en Iraakse strijdkrachten. In totaal heeft Nederland al meer dan 100 miljoen euro geïnvesteerd in de strijd tegen IS in Irak en Syrië.

De Koerden zijn een van de belangrijkste groepen die in Irak vechten tegen IS. Oud-militair Jitse Akse zou zich hebben aangesloten bij de Koerdische beweging. Het Openbaar Ministerie kondigde in juni aan de zaak tegen Akse te seponeren. Hij werd verdacht van betrokkenheid bij het doden van leden van terreurbeweging Islamitische Staat (IS) in Syrië.

Bauke Schram (1993) is sinds april 2016 online redacteur bij Elsevier.

Kabinet geeft miljoen wapensteun aan Koerden

NU 04.07.2016 Het kabinet gaat voor 1 miljoen euro aan wapensteun geven aan Koerdische strijders (peshmerga’s) in Noord-Irak. Minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) kondigde vorig jaar november aan wapens en munitie aan de Koerden te willen leveren voor hun strijd tegen terreurgroep IS.

Maar er gaan geen wapens uit Nederland richting Irak. Het geld gaat naar een Amerikaans steunprogramma waaruit onder meer munitie voor peshmerga’s aan het front wordt gekocht, schrijven ministers Koenders, Lilianne Ploumen (Ontwikkelingssamenwerking) en Jeanine Hennis (Defensie) maandag aan de Kamer.

Het kabinet steunt de Koerden al langer met onder meer materiaal om bermbommen op te sporen, helmen en scherfvesten.

Ook trainen Nederlandse militairen de Koerdische en Iraakse strijdkrachten. Nederlandse F-16’s stopten vorige week hun missie tegen IS. De strijd tegen IS in Irak en Syrië heeft Nederland sinds 2014 meer dan 119 miljoen euro gekost.

Lees meer over: Koerden IS

Gerelateerde artikelen;

Kabinet wil Koerden in Irak wapens gaan leveren 

Eerdere berichten

Miljoen wapensteun NL naar Koerden

Telegraaf 04.07.2016 Het kabinet gaat voor 1 miljoen euro aan wapensteun geven aan Koerdische strijders (peshmerga’s) in Noord-Irak. Minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) kondigde vorig jaar november aan wapens en munitie aan de Koerden te willen leveren voor hun strijd tegen terreurgroep IS.

Maar er gaan geen wapens uit Nederland richting Irak. Het geld gaat naar een Amerikaans steunprogramma waaruit onder meer munitie voor peshmerga’s aan het front wordt gekocht, schrijven ministers Koenders, Lilianne Ploumen (Ontwikkelingssamenwerking) en Jeanine Hennis (Defensie) maandag aan de Kamer.

Het kabinet steunt de Koerden al langer met onder meer materiaal om bermbommen op te sporen, helmen en scherfvesten. Ook trainen Nederlandse militairen de Koerdische en Iraakse strijdkrachten. Nederlandse F-16’s stopten vorige week hun missie tegen IS. De strijd tegen IS in Irak en Syrië heeft Nederland sinds 2014 meer dan 119 miljoen euro gekost.

Kabinet geeft miljoen wapensteun aan Koerden

AD04.07.2016 Het kabinet gaat voor 1 miljoen euro aan wapensteun geven aan Koerdische strijders (peshmerga’s) in Noord-Irak. Minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) kondigde vorig jaar november aan wapens en munitie aan de Koerden te willen leveren voor hun strijd tegen terreurgroep IS.

Maar er gaan geen wapens uit Nederland richting Irak. Het geld gaat naar een Amerikaans steunprogramma waaruit onder meer munitie voor peshmerga’s aan het front wordt gekocht, schrijven ministers Koenders, Lilianne Ploumen (Ontwikkelingssamenwerking) en Jeanine Hennis (Defensie) maandag aan de Kamer.

Het kabinet steunt de Koerden al langer met onder meer materiaal om bermbommen op te sporen, helmen en scherfvesten. Ook trainen Nederlandse militairen de Koerdische en Iraakse strijdkrachten. Nederlandse F-16’s stopten vorige week hun missie tegen IS. De strijd tegen IS in Irak en Syrië heeft Nederland sinds 2014 meer dan 119 miljoen euro gekost.

Lees ook

‘Islamitische Staat zo goed als zeker achter aanslag’

Lees meer

Minister trakteert teruggekeerde F16-piloten op een biertje

AD 30.06.2016 De zes Nederlandse F-16’s die zijn ingezet in de strijd tegen terreurgroep Islamitische Staat (IS) zijn vandaag teruggekeerd naar Nederland. Minister Jeanine Hennis van Defensie verwelkomde de piloten op vliegbasis Volkel met een welverdiend biertje.

© ANP

De zes F-16’s © ANP

De gevechtsvliegtuigen opereerden sinds oktober 2014 vanaf een militaire basis in Jordanië. Ze maakten deel uit van de internationale coalitie tegen IS. ,,Onze F-16’s hebben een cruciale rol vervuld in het verzwakken en terugdringen van IS”, aldus minister Jeanine Hennis (Defensie). ,,De strijd gaat echter onverminderd voort. De meest recente aanslag op de luchthaven van Istanbul laat zien dat IS een kat in het nauw is en juist nu is volharding nodig.”

2100 missies
De Nederlandse gevechtsvliegtuigen hebben ruim 2100 missies uitgevoerd. Daarbij werden meer dan 1800 keer wapens ingezet. Belgische F-16’s hebben de taak van de Nederlandse vliegtuigen overgenomen. Een aantal Nederlandse militairen blijft achter om de beveiliging van de Belgen te verzorgen.

Lees ook

F-16’s keren ongedeerd terug uit de strijd tegen IS

Lees meer

F-16’s terug van missie in Irak en Syrië

NU 30.06.2016 De zes Nederlandse F-16’s die zijn ingezet in de strijd tegen terreurgroep Islamitische Staat (IS) zijn donderdag teruggekeerd op vliegbasis Volkel. De gevechtsvliegtuigen opereerden sinds oktober 2014 vanaf een militaire basis in Jordanië. Ze maakten deel uit van de internationale coalitie tegen IS.

“Onze F-16’s hebben een cruciale rol vervuld in het verzwakken en terugdringen van IS”, aldus minister Jeanine Hennis (Defensie). “De strijd gaat echter onverminderd voort. De meest recente aanslag op de luchthaven van Istanbul laat zien dat IS een kat in het nauw is en juist nu is volharding nodig.”

De Nederlandse gevechtsvliegtuigen hebben ruim 2100 missies uitgevoerd. Daarbij werden meer dan 1800 keer wapens ingezet. Belgische F-16’s hebben de taak van de Nederlandse vliegtuigen overgenomen. Een aantal Nederlandse militairen blijft achter om de beveiliging van de Belgen te verzorgen.

Lees meer over: Jordanië F16

Gerelateerde artikelen;

‘Jordaanse inlichtingendienst verkocht wapens op zwarte markt’ 

F-16’s terug van missie Irak en Syrië

Telegraaf 30.06.2016 De zes Nederlandse F-16’s die zijn ingezet in de strijd tegen terreurgroep Islamitische Staat zijn donderdag teruggekeerd op vliegbasis Volkel. De gevechtsvliegtuigen opereerden sinds oktober 2014 vanaf een militaire basis in Jordanië. Ze maakten deel uit van de internationale coalitie tegen IS.

,,Onze F-16’s hebben een cruciale rol vervuld in het verzwakken en terugdringen van IS”, aldus minister Jeanine Hennis (Defensie). ,,De strijd gaat echter onverminderd voort. De meest recente aanslag op de luchthaven van Istanbul laat zien dat IS een kat in het nauw is en juist nu is volharding nodig.”

De Nederlandse gevechtsvliegtuigen hebben ruim 2100 missies uitgevoerd. Daarbij werden meer dan 1800 keer wapens ingezet. Belgische F-16’s hebben de taak van de Nederlandse vliegtuigen overgenomen. Een aantal Nederlandse militairen blijft achter om de beveiliging van de Belgen te verzorgen.

F-16’s keren ongedeerd terug uit de strijd tegen IS

AD 30.06.2016 Nul verliezen aan Nederlandse zijde, maar wel enorme schade bij IS. Na 21 maanden bommen gooien in het Midden-Oosten kijkt de luchtmacht vol trots terug op operatie ‘Inherent Resolve’. Vandaag nemen de F-16 piloten afscheid van kamp Snow City in Jordanië en brengen ze hun kisten terug naar Volkel.

We kunnen het gewoon niet langer volhouden, ook al zouden we willen, aldus Commandant Johan van Deventer.

© BELGA

Vrijwel zonder een schrammetje keren de vliegers met hun materieel huiswaarts. Op die ene keer na dan, toen een IS-strijder erin slaagde een F-16 met zijn kalasjnikov te raken. Maar dat mag eigenlijk geen naam hebben als je 2.100 missies hebt gevlogen en maar liefst 1.800 bommen hebt afgegooid, vindt vlieger Toon alias ‘Kliko’.

Dat de Nederlanders zo ongeschonden uit de strijd komen, is volgens hem mede te danken aan het goede inlichtingenwerk van vooral de Amerikanen. ,,Zo wisten we vooraf precies welk materieel IS gebruikte, met hoeveel mensen ze ergens zaten en welke routes ze namen. Daarmee zet je ze buitenspel en zijn ze nauwelijks een echte bedreiging bij een aanval.”

Spanning
Piloot Toon vloog tientallen missies boven Irak. Hij vernietigde olieopslagplaatsen, bunkers, schuilplaatsen van IS-strijders en hielp troepen op de grond met het forceren van een doorbraak op het slagveld. ,,En elke keer als ik op die rode knop drukte, zat ik weer een minuut in spanning. Heb ik het goed gedaan? Doen het vliegtuig en het systeem wat ze moeten doen? Maar als dan de bom valt en ik heb alles volgens plan vernietigd, dan geeft dat zeker een kick.”

Zo spannend zal het de komende maanden niet meer zijn. De vliegers hebben dringend rust nodig en moeten flink wat trainingsuren inhalen. Het vliegen met slecht weer is erbij ingeschoten. Noodprocedures kunnen wel een opfrisbeurt gebruiken. Ook de toestellen hebben een grondige opknapbeurt nodig. ,,Eigenlijk is dat onze enige zwakte gebleken”, zegt commandant Johan van Deventer. ,,We kunnen het gewoon niet langer volhouden, ook al zouden we willen.” Het herstel zal zeker anderhalf jaar duren.

Lees ook

JSF maakt rondje door Nederland af

Lees meer

Met onze kleine formatie hebben we buitengewoon gepresteerd, aldus Johan van Deventer.

Opmars gestuit
Sinds oktober 2014 vochten de Nederlanders mee in de strijd tegen IS. In die tijd is volgens Defensie niet alleen de opmars van IS in het Midden-Oosten gestuit. Het kalifaat is in Syrië met 20 procent teruggedrongen en in Irak met bijna de helft (45 procent). Amerika heeft verreweg de meeste aanvallen uitgevoerd om dat resultaat te bereiken.

Maar ook Nederland deed flink mee. Na Engeland en Frankrijk was het volgens een groep onderzoeksjournalisten van Airwars.org vierde in de rij van landen die de meeste aanvallen uitvoerden. En dat met maar zes toestellen ter plaatse, waarvan ook nog eens twee reserve.

Commandant Van Deventer kan alleen maar trots zijn. ,,Met onze kleine formatie hebben we buitengewoon gepresteerd”, zegt hij. En die inzet is zeker niet onopgemerkt gebleven bij de coalitiegenoten. Nederlandse piloten kregen soms zelfs de leiding bij aanvallen met tientallen toestellen tegelijk.

Onderzoek
Mogelijk verliep niet alles zo vlekkeloos. Het Openbaar Ministerie onderzoekt twee Nederlandse aanvallen waarbij mogelijk burgers het slachtoffer zijn geworden. Het werpt een smet op de vele honderden missies die wel met succes zijn uitgevoerd. Maar Van Deventer ziet de uitkomsten met vertrouwen tegemoet. ,,Onze procedures zijn enorm strak en onze piloten zeer professioneel. Wij hebben er echt alles aan gedaan om deze missies zo goed mogelijk uit te voeren.”

F-16’s keren donderdag terug van missie tegen IS

NU 28.06.2016 De zes F-16’s die actief waren in de strijd tegen de radicaalislamitische IS in Irak en Syrië komen donderdag terug naar Nederland. Minister Jeanine Hennis (Defensie) zal bij de aankomst op vliegbasis Volkel aanwezig zijn.

Het F-16-detachement beëindigde dinsdag zijn bijdrage aan de internationale coalitie tegen IS. Het team maakte sinds oktober 2014 deel uit van de luchtcampagne. De taken zijn overgedragen aan de Belgen.

Zo’n tweehonderd militairen komen terug, anderen blijven voor de bewaking van het Belgische detachement.

De F-16’s moesten grondtroepen ondersteunen en aanvallen uitvoeren in Irak en Oost-Syrië. Het ging om ruim 2100 missies, waarbij meer dan 1800 keer wapens werden ingezet.

Defensie spreekt over een belangrijke bijdrage aan het terugdringen en bestrijden van IS. Nederland blijft Koerdische Peshmerga-strijders en Iraakse speciale eenheden trainen.

Lees meer over: F-16

Gerelateerde artikelen;

Afgelopen weken geen inzet Nederlandse F-16’s boven Syrië 

F-16’s donderdag terug van missie

Telegraaf 28.06.2016 De zes F-16’s die actief waren in de strijd tegen de radicaalislamitische IS in Irak en Syrië komen donderdag terug naar Nederland. Minister Jeanine Hennis (Defensie) zal bij de aankomst op vliegbasis Volkel aanwezig zijn.

Het F-16-detachement beëindigde dinsdag zijn bijdrage aan de internationale coalitie tegen IS. Het team maakte sinds oktober 2014 deel uit van de luchtcampagne. De taken zijn overgedragen aan de Belgen. Zo’n 200 militairen komen terug, anderen blijven voor de bewaking van het Belgische detachement.

De F-16’s moesten grondtroepen ondersteunen en aanvallen uitvoeren in Irak en Oost-Syrië. Het ging om ruim 2100 missies, waarbij meer dan 1800 keer wapens werden ingezet.

Defensie spreekt over een belangrijke bijdrage aan het terugdringen en bestrijden van IS. Nederland blijft Koerdische Peshmerga-strijders en Iraakse speciale eenheden trainen.

Afgelopen weken geen inzet Nederlandse F-16’s boven SyriëD 

NU 21.06.2016 De vier Nederlandse F-16’s die terreurgroep Islamitische Staat (IS) in het Midden-Oosten bestrijden, hebben de afgelopen vijf weken geen nieuwe missies gevlogen boven het oosten van Syrië. Dat blijkt uit een brief die minister Jeanine Hennis van Defensie aan de Kamer heeft gestuurd.

Medio mei schreef Hennis dat er zeven missies zijn geweest in Oost-Syrië en dat er vier keer is gebombardeerd. Aan die aantallen is niets veranderd, blijkt nu uit de brief van de minister. De internationale coalitie bestrijdt momenteel IS vooral in het westen van Syrië, daar mogen de F-16’s niet optreden.

Sinds oktober 2014 hebben de Nederlandse gevechtsvliegtuigen meer dan 2100 missies uitgevoerd waarbij ruim 1800 keer wapens werden ingezet. De Nederlandse F-16’s richten zich vooral op Irak. Zij ondersteunden de afgelopen week onder meer de aanval van het Iraakse leger op Fallujah.

De missie van de F-16’s eindigt volgende week dinsdag. Dan nemen Belgische gevechtsvliegtuigen de taken over.

Lees meer over: Syrië

Afgelopen weken geen inzet F-16’s boven Syrië

AD 21.06.2016 De vier Nederlandse F-16’s die terreurgroep Islamitische Staat (IS) in het Midden-Oosten bestrijden, hebben de afgelopen vijf weken geen nieuwe missies gevlogen boven het oosten van Syrië. Dat blijkt uit een brief die minister Jeanine Hennis van Defensie aan de Kamer heeft gestuurd.

Medio mei schreef Hennis dat er zeven missies zijn geweest in Oost-Syrië en dat er vier keer is gebombardeerd. Aan die aantallen is niets veranderd, blijkt nu uit de brief van de minister. De internationale coalitie bestrijdt momenteel IS vooral in het westen van Syrië, daar mogen de F-16’s niet optreden.

Sinds oktober 2014 hebben de Nederlandse gevechtsvliegtuigen meer dan 2100 missies uitgevoerd waarbij ruim 1800 keer wapens werden ingezet. De Nederlandse F-16’s richten zich vooral op Irak. Zij ondersteunden de afgelopen week onder meer de aanval van het Iraakse leger op Fallujah.

De missie van de F-16’s eindigt volgende week dinsdag. Dan nemen Belgische gevechtsvliegtuigen de taken over.

Nederlandse F16’s helpen mee bij Fallujah

VK 31.05.2016 Nederlandse F-16’s helpen het Iraakse leger bij de aanval op Fallujah. Die stad ligt ongeveer 50 kilometer ten westen van de hoofdstad Bagdad en is al twee jaar in handen van terreurgroep Islamitische Staat. Iraakse militairen openden vorige week het offensief.

De gevechtsvliegtuigen ondersteunden grondtroepen die optrokken naar de stad, meldde het ministerie van Defensie dinsdag. Ongeveer 50 duizend mensen zitten volgens hulpverleners vast in de stad. Volgens de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, gebruikt IS honderden families als menselijk schild tijdens de strijd om Fallujah.

De UNHCR baseert zich op meerdere getuigenverklaringen. Meer dan 3.700 mensen hebben Fallujah, het soennitische bolwerk van IS, ontvlucht sinds het Iraakse leger is begonnen met een groot offensief tegen de terreurorganisatie.

Fallujah viel in januari 2014 in handen van IS toen de terreurgroep grote overwinningen boekte.

Fallujah is een van de twee grote steden in Irak die in handen is van IS. De andere is Mosul in het noorden.

Syrië

Lees ook

Sektarisch geweld is er volop in het Iraakse dorp Asriya, maar het voetbal ging door. Tot die tiener met een rugzak het veld opsprong. Lees hier de reportage van correspondente Ana van Es.

Waarschijnlijk gaat de slag om Fallujah, sinds jaar en dag een soennitisch bolwerk, weken duren. In 2004 werd de stad grotendeels in puin gelegd tijdens een verwoestend offensief van Iraakse regeringseenheden en Amerikaanse troepen. De gevechten waren volgens de Amerikanen de zwaarste die zij hadden meegemaakt sinds de Vietnam-oorlog

De door de VS gesteunde alliantie van Syrische milities heeft intussen ook het offensief tegen IS in de buurt van het IS-bolwerk Raqqa in Syrië opgevoerd. De aanval is gericht op een gebied waar de terreurgroep controle heeft over een voormalige luchtmachtbasis, lieten een monitoringgroep en een Koerdische functionaris maandag weten.

Eerder deze maand schreef minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie aan de Tweede Kamer dat Nederlandse F-16’s tot dusver vier keer doelen van terreurgroep IS in het oosten van Syrië onder vuur hadden genomen. De gevechtstoestellen hadden  in totaal zeven missies boven dit gebied uitgevoerd.

Volg en lees meer over:  IRAK  AANVAL OP ISLAMITISCHE STAAT  ISLAMITISCHE STAAT (IS)  BUITENLAND  STRIJD IN IRAK  NEDERLAND DEFENSIE  FALLUJAH

Nederlandse F-16’s helpen bij Falluja

Trouw 31.05.2016 Nederlandse F-16’s helpen het Iraakse leger bij de aanval op Falluja. Die stad ligt ongeveer 50 kilometer ten westen van de hoofdstad Bagdad en is al twee jaar in handen van terreurgroep Islamitische Staat. Iraakse militairen openden vorige week het offensief.

De gevechtsvliegtuigen ondersteunden grondtroepen die optrokken naar de stad, meldde het ministerie van defensie dinsdag. Ongeveer 50.000 mensen zitten volgens hulpverleners vast in de stad.

Falluja viel in januari 2014 in handen van IS toen de terreurgroep grote overwinningen boekte. Het is een van de twee grote steden in Irak die nog in handen is van IS. De andere is Mosul in het noorden.

Verwant nieuws;

F-16’s NL in actie bij Fallujah

Telegraaf 31.05.2016 Nederlandse F-16’s helpen het Iraakse leger bij de aanval op Fallujah. Die stad ligt ongeveer 50 kilometer ten westen van de hoofdstad Bagdad en is al twee jaar in handen van terreurgroep Islamitische Staat. Iraakse militairen openden vorige week het offensief.

De gevechtsvliegtuigen ondersteunden grondtroepen die optrokken naar de stad, meldde het ministerie van Defensie dinsdag. Ongeveer 50.000 mensen zitten volgens hulpverleners vast in de stad. Fallujah viel in januari 2014 in handen van IS toen de terreurgroep grote overwinningen boekte.

Fallujah is een van de twee grote steden in Irak die in handen is van IS. De andere is Mosul in het noorden.

Nederlandse F16’s bombarderen Iraakse stad

AD 31.05.2016 Nederlandse F-16’s helpen het Iraakse leger bij de aanval op Fallujah. Die stad ligt ongeveer 50 kilometer ten westen van de hoofdstad Bagdad en is al twee jaar in handen van terreurgroep Islamitische Staat. Iraakse militairen openden vorige week het offensief.

De gevechtsvliegtuigen ondersteunden grondtroepen die optrokken naar de stad, meldde het ministerie van Defensie dinsdag. Ook andere landen van de internationale coalitie nemen deel aan bombardementen op Fallujah. De Nederlandse F-16’s zijn meerdere keren ingezet ter ondersteuning van de Iraakse troepen.

Fallujah is een van de eerste Iraakse steden die in handen kwam van IS. Sinds 2014 maken terroristen de dienst uit in de stad. Honderden gezinnen worden als menselijk schild gebruikt tegen de Iraakse oprukkende regeringstroepen. In het centrum van de belegerde stad hebben al meerdere burgers de dood gevonden door zware bombardementen van het leger,meldt de UNHCR op gezag van ooggetuigen.

Twee vuren
Zo’n 50.000 burgers zitten tussen twee vuren en vluchten is onmogelijk. Ongeveer 3700 mensen hebben Falluja kunnen ontvluchten. IS-strijders verschuilen zich in het hart van de stad achter achtergebleven burgers.

IS probeert volgens de UNHCR burgers te beletten de stad te verlaten. Strijders van de extremistische beweging zouden, wanneer ze zich uit een gedeelte van de stad terugtrekken, de burgers vandaar meevoeren naar delen van de stad die nog wel in hun handen zijn.

Lees ook;

Nederlandse F-16’s schakelen tientallen IS-strijders uit

NU 17.05.2016 Nederlandse F-16’s schakelden de afgelopen week tientallen strijders van terreurgroep Islamitische Staat (IS) uit tijdens vier missies in Irak en/of het oosten van Syrië, maakt Defensie dinsdag bekend. De bombardementen vonden zeer waarschijnlijk plaats tijdens inzet boven Irak.

Het is opvallend dat het ministerie aantallen uitgeschakelde IS-strijders noemt inde berichtgeving over de inzet van de Nederlandse gevechtsvliegtuigen. Het ministerie meldt normaliter alleen hoeveel missies er worden uitgevoerd, hoeveel keer de wapens zijn ingezet en wat de doelen waren. Ook wordt niet naar buiten gebracht waar de bombardementen precies plaatsvonden.

Defensie probeerde de afgelopen weken wat meer bekend te maken over de missies, aldus een woordvoerder van het ministerie.

Aantallen gedode IS-strijders worden echter niet gemeld omdat ”moeilijk met zekerheid is te zeggen” hoeveel tegenstanders omkomen bij de luchtaanvallen. Dat er in dit geval toch een aantal naar buiten worden gebracht, komt omdat de missies waren gericht tegen grote aantallen IS-strijders waardoor zeker is dat tientallen zijn gesneuveld.

Irak

De Nederlandse F-16’s worden bijna uitsluitend ingezet in Irak. Daar zijn sinds oktober 2014 al bijna tweeduizend missies uitgevoerd. Sinds februari zijn ze ook actief boven het oosten van Syrië. Daar zijn nog maar zeven missies uitgevoerd waarbij vier keer werd gebombardeerd, meldde minister Jeanine Hennis van Defensie vorige week.

Volgens het ministerie was de wapeninzet lager dan voorgaande weken, omdat de terreurorganisatie minder actief was. “Door de recent geleden verliezen is het waarschijnlijk dat ISIS momenteel hergroepeert”, aldus het Ministerie van Defensie op hun website.

Video: 

In 60 seconden: Wie zijn de IS-strijders?

 

Animatie: In60seconds

Nederlandse F16’s schakelen IS-strijders uit

 

Lees meer over: F-16 Syrië Irak

Gerelateerde artikelen;

‘Vredesgesprekken Syrië starten weer in juni’

Eerdere berichten

Nederlandse F-16’s schakelen tientallen IS-strijders uit

F16’s succesvol

Telegraaf 17.05.2016 Nederlandse F-16’s ,,schakelden” de afgelopen week ,,tientallen strijders” van terreurgroep Islamitische Staat (IS). Dat maakte het ministerie van Defensie dinsdag bekend. De bombardementen vonden zeer waarschijnlijk plaats tijdens inzet boven Irak.

Het is opvallend dat het ministerie aantallen omgekomen IS-strijders noemt in de berichtgeving over de inzet van de Nederlandse gevechtsvliegtuigen. Het ministerie meldt normaliter alleen hoeveel missies er worden uitgevoerd, hoeveel keer de wapens zijn ingezet en wat de doelen waren.

Defensie probeerde de afgelopen weken wat meer bekend te maken over de missies, aldus een woordvoerder van het ministerie. Aantallen gedode IS-strijders worden echter niet gemeld omdat ,,moeilijk met zekerheid is te zeggen” hoeveel tegenstanders omkomen bij de luchtaanvallen. Dat er in dit geval toch een aantal naar buiten worden gebracht, komt omdat de missies waren gericht tegen grote aantallen IS-strijders waardoor zeker is dat tientallen zijn gesneuveld.

De Nederlandse F-16’s worden bijna uitsluitend ingezet in Irak. Daar zijn sinds oktober 2014 al bijna tweeduizend missies uitgevoerd. Sinds februari zijn ze ook actief boven het oosten van Syrië. Daar zijn nog maar zeven missies uitgevoerd waarbij vier keer werd gebombardeerd, meldde minister Jeanine Hennis van Defensie vorige week.

F-16’s ‘schakelen’ tientallen IS-strijders uit in Irak en Syrië

AD 17.05.2016 Nederlandse F-16’s ‘schakelden’ de afgelopen week ‘tientallen strijders’ van terreurgroep Islamitische Staat (IS) uit tijdens vier missies in Irak en het oosten van Syrië. Dat maakte Defensie dinsdag bekend.

Het is opvallend dat het ministerie aantallen uitgeschakelde IS-strijders noemt in de berichtgeving over de inzet van de Nederlandse gevechtsvliegtuigen. Het ministerie meldt normaliter alleen hoeveel missieser worden uitgevoerd, hoeveel keer de wapens zijn ingezet en wat de doelen waren. Ook wordt niet naar buiten gebracht waar de bombardementen precies plaatsvonden.

De Nederlandse gevechtsvliegtuigen vliegen ook in het oosten van Syrië om de aanvoerlijnen van IS uit te schakelen. Daarbij werden begin van deze maand onder meer commandocentra, trainingskampen en fabrieken waar bermbommen worden gemaakt onder vuur genomen. Ook banken of olieraffinaderijen kunnen doelwit zijn.

Missie
Het zwaartepunt van de strijd van de internationale coalitie tegen IS ligt volgens Defensie nog in Irak. Daar worden dan ook de meeste acties uitgevoerd. Nederlandse jachtvliegtuigen hebben 1900 missies uitgevoerd waarbij 1500 keer wapens zijn ingezet.

Lees ook;

F-16’s bombardeerden in totaal vier keer boven Syrië

NU 13.05.2016 Nederlandse F-16’s hebben tot dusver vier keer doelen van terreurgroep IS in het oosten van Syrië onder vuur genomen.

De gevechtstoestellen hebben in totaal zeven missies boven dit gebied uitgevoerd, schrijft minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie aan de Tweede Kamer.

Het ging zowel om bombardementen op vaste doelen als ondersteuning van grondtroepen. Vier Nederlandse F-16’s zijn sinds februari actief boven Syrië. Over die inzet is lang getwijfeld door het kabinet, maar uiteindelijk ging de PvdA in januari akkoord.

Begin deze maand bezocht de vaste Kamercommissie van Buitenlandse Zaken de Nederlandse militairen in het Midden-Oosten. Toen bleek dat de F-16’s zelden boven Syrië worden ingezet vanwege communicatiebeperkingen. Dat leidde tot veel vragen bij de Kamerleden.

Nieuwe radio

De vliegtuigen van de meeste landen die aan de luchtcampagne deelnemen beschikken volgens Defensie ook niet over satellietcommunicatieapparatuur. Dat vormt “geen belemmering” voor de inzet boven Syrië. De F-16’s krijgen dit jaar nog een nieuwe radio en het ministerie onderzoekt de mogelijkheid om hiermee ook satellietcommunicatie mogelijk te maken.

Nederland neemt sinds het najaar van 2014 deel aan de strijd tegen IS in Irak. Daar zijn al meer dan 1.900 missies uitgevoerd, waarbij 1500 keer wapens zijn ingezet. Het merendeel van de luchtaanvallen vindt nog in dit land plaats, aldus Hennis.

De missie van de F-16’s duurt tot 1 juli. Dan nemen de Belgen die taak over. Zij gaan ook in Syrië bombarderen, zo besloot de Belgische regering vrijdag.

Lees meer over: Syrië

Gerelateerde artikelen;

Nederlandse F-16’s komen nauwelijks in actie boven Syrië

Nederlandse F-16’s gooien eerste bommen in Syrië

Eerdere berichten

Regeringsleger Syrië herovert stad

Kamerleden: boter op hoofd inzake F-16’s boven Syrië

Elsevier 04.05.2016 Kamerleden bezuinigen al twintig jaar op Defensie, waardoor de vloot van 200 F16’s slonk tot ongeveer zestig. Ze stoeiden ruim een half jaar op de vraag of vier F16’s vanuit hun basis in het Midden-Oosten behalve in het noorden van Irak, ook in het oosten van Syrië mogen bombarderen.

Terug van een werkbezoek aan die basis, tonen de Kamerleden van de vaste commissie voor Defensie zich gegeneerd. Ze vielen van hun stoel van verbazing toen ze het hoorden! Een heel onaangename verrassing!

De Kamerleden hoorden namelijk dat het Amerikaanse commando slechts eenbeperkt beroep doet op de Koninklijke Luchtmacht voor acties in Oost-Syrië. Dit heeft een technische achtergrond: de F-16’s zijn zo’n dertig jaar oud en beschikken niet over de apparatuur om ook via satellieten te communiceren.

Verontwaardigd

Lees ook: Nederlandse F-16’s bombarderen amper boven Syrië

De Kamerleden zijn nu verontwaardigd, omdat zij maandenlang moeizaam vergaderden over Oost-Syrië. En al die tijd verzweeg VVD-minister Jeanine Hennis van Defensie dat de F-16’s verouderd waren.

Even de feiten.

De vier F-16’s voerden de afgelopen weken in het Oosten van Syrië tien bombardementen uit. Hallo, Kamerleden. Tien bombardementen! Enig idee wat dat voorstelt?

De F-16’s hebben in anderhalf jaar in totaal 1.500 keer hun wapens ingezet. Meestal gaat het dan om bommen, maar er kan ook met het snelvuurkanon worden geschoten.

Mitrailleurnesten

De F-16’s vernietigen vaste doelen – zoals munitiewerkplaatsen en commandocentra van IS – en leveren luchtsteun aan de Koerdische en Irakese bondgenoten aan het front met IS. De door de Kamerleden veroorzaakte ophef, betreft alleen die laatste taak – onmiddellijke luchtsteun aan grondtroepen – en dan alleen in Oost-Syrië.

In dat gebied worden dus wel vaste doelen gebombardeerd, maar geen bewegende doelen of mitrailleurnesten. Dergelijke targets zijn daar nu eenmaal minder dan elders in Syrië. En als ze er wel zijn, zetten de Amerikanen liever bommenwerpers in met satellietcommunicatie.

Bij zichzelf te rade gaan

Als de Kamerleden zo gegeneerd en onaangenaam verrast zijn, dan moeten ze toch ook even bij zichzelf te rade gaan. Sinds de Balkanoorlog van 20 jaar geleden worden de F-16’s vrijwel onafgebroken ingezet onder zware omstandigheden. Een doorsnee Kamerlid ruilt elke drie jaar zijn auto in en elke twee jaar zijn computer. Maar die F-16’s doen al dertig jaar dienst boven Bosnië, Kosovo, Afghanistan, Kirgizië, Irak en Syrië.

 

Elsevier was onlangs op dezelfde basis in het Midden-Oosten en zag hoe de monteurs de hele dag sleutelen om de kisten ’s nachts weer klaar te hebben voor inzet. De beplating moet voortdurend worden gerepareerd. De scheuren in het aluminium worden weggewerkt met de routine van een fietsenmaker die een bandje plakt.

Slagvelden

De F-16 is hard toe aan vervanging, wil de luchtmacht blijven meedraaien in de informatie-oorlog op de huidige en toekomstige slagvelden. Over een paar weken verschijnen de eerste twee F-35 Joint Strike Fighters in Nederland.

De Kamerleden die nu zo verbolgen zijn over de ‘beperkte inzet’ van de F-16, moeten die F-35’s laaiend enthousiast verwelkomen en zich afvragen of Nederland wel kan volstaan met 37 nieuwe toestellen. Want het is aan deze Kamerleden om daarvoor meer geld uit te trekken.

Eric Vrijsen (1957) volgt voor Elsevier sinds 1994 de Nederlandse politiek.

Tags: Bombardementen boven Syrië F-16’s F-35’s luchtmacht Tweede Kamer

‘Coalitie tegen IS uitbreiden’

Telegraaf 04.05.2016  Nederland en de andere landen van de coalitie tegen de terreurbeweging IS gaan bekijken op welke wijze hun operatie in Irak en Syrië aanvullend kan worden ondersteund. ,,We hebben successen geboekt, maar zijn er nog niet”, benadrukte minister Jeanine Hennis van Defensie woensdag na overleg van de anti-IS-coalitie in het Zuid-Duitse Stuttgart.

Hennis en tien collega’s bespraken de militaire campagne tegen IS en de vooruitzichten voor de komende maanden. De strijd tegen IS in Irak en Syrië vordert gestaag, maar meer capaciteit en flexibiliteit is nodig, luidde de conclusie.

Volgens Hennis vraagt de strijd tegen IS om vastberadenheid, ook van Nederland. Ze hamerde op nauwe samenwerking, toewijding en doorzettingsvermogen.

Kamer wil opheldering over beperkte inzetbaarheid F-16’s

VK 03.05.2016 De Tweede Kamer wil van minister Hennis van Defensie weten waarom ze het parlement niet duidelijk heeft gemaakt dat de inzet van F-16’s boven Syrië om technische redenen zeer beperkt is. In Defensie gespecialiseerde Kamerleden hoorden op werkbezoek in het Midden-Oosten van vliegers dat hun F-16’s de communicatieapparatuur missen om alle gevechtstaken in Syrië uit te voeren. Boven Irak worden de Nederlandse F-16’s volgens Kamer en ministerie wel veelvuldig ingezet.

Volgens het ministerie van Defensie wist de Kamer van het ontbreken van de apparatuur. De F-16’s hebben in Oost-Syrië geplande luchtaanvallen op vaste doelen en aanvoerlijnen uitgevoerd. Maar voor het ad hoc in actie komen om luchtsteun te geven aan grondtroepen moeten de F-16’s met satellieten kunnen communiceren. Daarvoor missen de gevechtstoestellen evenwel de apparatuur.

Succes

In Irak draaien we na de VS en het Verenigd Koninkrijk in de top 3 mee, aldus VVD-Kamerlid Han ten Broeke

‘Dat de F-16’s die apparatuur niet hebben, wist ik wel’, zegt VVD-Kamerlid Han ten Broeke, voorzitter van de Defensiecommissie van de Kamer. ‘Maar wat ik niet wist was wat we van de Nederlandse militairen tijdens ons werkbezoek hoorden.’ Dat was wegens het ontbreken van zogenoemde satcom-apparatuur de Amerikanen de Nederlandse F-16’s niet boven Syrië inzetten, aldus Ten Broeke.

Dat heeft volgens het VVD-Kamerlid ook alles te maken met het ‘succes’ van de F-16’s boven Irak. ‘Daar draaien we na de VS en het Verenigd Koninkrijk in de top 3 mee.’ Hij meent dat de Amerikanen die inzet niet willen verstoren door Nederland te vragen ook boven Syrië te vliegen, wetende dat de Nederlandse F-16’s beperkt kunnen worden ingezet.

Domper

Minister Hennis had die informatie niet achter moeten houden, aldus ChristenUnie-Kamerlid Joël Voordewind.

Jeanine Hennis (Defensie) tijdens een persconferentie over het besluit van luchtaanvallen op © ANP

De andere delegatieleden zeggen, anders dan Ten Broeke, niet te hebben geweten dat in de F-16’s communicatieapparatuur ontbrak. ‘Een bizarre, buitengewoon opmerkelijke bevinding’, vond PvdA-Kamerlid Michiel Servaes dit te horen van Nederlandse militairen. ‘Waarom wisten we dit niet? En wist het ministerie dit wel?’

‘We hebben technische briefings gehad’, zei D66-Kamerlid Sjoerdsma tegen de NOS. ‘Nergens bleek dat die F-16’s de satellietcommunicatie niet hebben, waardoor hun inzet heel erg beperkt is. Dit is echt een domper.’

ChristenUnie-Kamerlid Joël Voordewind: ‘Minister Hennis had die informatie niet achter moeten houden.’ Hij memoreert de maandenlange discussie die in de Kamer is gevoerd, voordat uiteindelijk het gevoelige besluit viel om niet alleen in Irak ook in Syrië op te treden. ‘Dan geeft de Kamer zijn akkoord, maar dan vliegen we om technische beperkingen niet. Daar willen we opheldering over.’

De Kamerleden besloten op de terugweg van het oorlogsgebied de minister van Defensie schriftelijke vragen te stellen. Ze zijn niet erg onder de indruk van het verweer van het ministerie van Defensie dat de inzet van Nederlandse F-16’s nauwelijks nodig is in het toegewezen gebied in Oost-Syrië. De strijd vindt volgens Defensie vooral plaats buiten dat ‘mandaatgebied’.

Administratieve fout

Sinds 15 februari dit jaar doet Nederland met vier F-16’s mee met de coalitie die in Syrië actief is tegen terreurorganisatie IS. Door een administratieve fout maken de Amerikanen er pas sinds begin maart melding van in hun dagelijkse overzichten van gevechtshandelingen in Syrië en Irak. Er is geen beperking in de doelen die de F-16’s onder vuur mogen nemen, zolang burgers maar worden ontzien.

Vorige week schreef Hennis aan de Kamer dat de Nederlandse F-16’s enkele missies in Oost-Syrië hebben uitgevoerd, ‘gericht op het uitschakelen van ISIS-opslagplaatsen, -stellingen en IED-fabrieken langs de aanvoerlijnen naar Irak’. De missie in Syrië staat gepland tot 1 juli.

Volg en lees meer over:  NEDERLAND  AANVAL OP ISLAMITISCHE STAAT  POLITIEK  SYRIË

Defensie: ’Geen beperking F16’s’

Telegraaf 03.05.2016 Het ministerie van Defensie zegt dat er geen beperkingen zijn om F16’s in te zetten voor geplande luchtaanvallen tegen terreurgroep IS in het oosten van Syrië.

De F16’s zijn de afgelopen tijd weinig ingezet boven Syrië. Volgens Defensie is dat vooral omdat de strijd zich daar afspeelt in gebieden waar de Nederlanders niet mogen komen. Steun aan grondtroepen in het oosten van Syrië kan wel maar is nu nauwelijks aan de orde, aldus een zegsman van het ministerie.

Wel technische beperkingen

Het Nederlands Dagblad meldde dat de F-16’s nauwelijks boven Syrië worden ingezet omdat ze niet via satellieten kunnen communiceren. Defensie erkent dat er inderdaad technische beperkingen zijn en dat er een ’tussenstation’ (een relaystation) nodig is om grondtroepen te kunnen ondersteunen.

,,Om deze reden, maar vooral vanwege de strijd die in Syrië buiten het mandaatgebied plaatsvindt, worden voor luchtsteun in Syrië vooral Amerikaanse toestellen ingezet. Dat geldt dus niet voor de strijd in Irak en ook niet voor luchtaanvallen op vooraf vastgestelde doelen.’’

Aanvoerlijnen IS

De Nederlandse gevechtsvliegtuigen vliegen in het oosten van Syrië om de aanvoerlijnen van IS uit te schakelen. Daarbij worden onder meer commandocentra, trainingskampen en fabrieken waar bermbommen worden gemaakt onder vuur genomen. Ook banken of olieraffinaderijen kunnen doelwit zijn.

Het zwaartepunt van de strijd van de internationale coalitie tegen IS ligt volgens Defensie nog in Irak. Daar worden dan ook de meeste acties uitgevoerd. Nederlandse jachtvliegtuigen hebben 1900 missies uitgevoerd waarbij 1500 keer wapens zijn ingezet.

Defensie: Nederlandse F16’s kunnen wel in Syrië vliegen

Trouw 03.05.2016 Nederlandse F16’s blijken amper te worden ingezet boven Syrië. Dat komt doordat de straaljagers noodzakelijke communicatieapparatuur missen, begreep een groep Kamerleden die op werkbezoek was in het Midden-Oosten.

Echt een domper, aldus D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma.

Het was een wat verwarrend bericht. Maanden debatteerde de Tweede Kamer over de vraag of Nederland wel of niet zou bombarderen boven Syrië, tot de PvdA begin dit jaar overstag ging. Al die tijd was het communicatiesysteem onvermeld gebleven. Dat doet er ook niet toe, zegt het ministerie van defensie. Er zijn geen beperkingen om de F16’s in Syrie in te zetten. Ze zijn alleen succesvoller in Irak.

Er werd tijdens het werkbezoek maar één reden gegeven waarom de Nederlandse F16’s niet boven Syrië vliegen, zegt ChristenUnie-Kamerlid Joel Voordewind: “Doordat er geen satellietcommunicatie aanwezig is bij onze F16’s, is het te gevaarlijk is om boven Syrië te vliegen”.

De Kamerleden werden verrast door die informatie. “Echt een domper”, zei D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma. Er was immers maandenlang in de Kamer gediscussieerd over de inzet van de straaljagers. VVD-Kamerlid Han ten Broeke vertelt in het Nederlands Dagblad dat hij ‘en zeker gevoel van gêne’ niet kon onderdrukken. “Zeker nadat ik zo heb aangedrongen op Nederlandse deelname.”

Verklaring
Maar volgens het ministerie van defensie kunnen F16’s wel ingezet worden bij luchtaanvallen tegen IS in het oosten van Syrië. Inderdaad, er zijn technische beperkingen, erkent Defensie. Maar er zou een andere, belangrijkere reden zijn waarom de toestellen aan de grond blijven: de strijd in Syrië vindt plaats buiten het gebied waar de Nederlanders volgens hun mandaat mogen komen. En daarom worden voor luchtsteun in Syrië vooral Amerikaanse toestellen ingezet.

Op de terugreis besloten de Kamerleden minister Hennis van defensie om een verklaring te vragen. Waarom had zij hen niet eerder geïnformeerd over de beperkingen van de F16’s? 

Voordewind heeft wel een vermoeden. “We zijn onder druk gezet om ‘ja’ te zeggen tegen de inzet van Nederlandse gevechtsvliegtuigen. Misschien niet voor de vluchten, maar wellicht omdat het goodwill zou kweken bij andere landen. Het opent deuren, waardoor je kunt meepraten over de strategie tegen IS.”

Verwant nieuws;

Meer over; Burgeroorlog in Syrië Defensie Syrië

Defensie: F16’s kunnen wél boven Syrië vliegen

AD 03.05.2016 Het ministerie van Defensie zegt dat er geen beperkingen zijn om F16’s in te zetten voor geplande luchtaanvallen tegen terreurgroep IS in het oosten van Syrië. Eerder werd duidelijk dat ze nauwelijks boven Syrië worden ingezet omdat ze niet via satellieten kunnen communiceren.

Volgens Defensie is dat vooral omdat de strijd zich daar afspeelt in gebieden waar de Nederlanders niet mogen komen. Steun aan grondtroepen in het oosten van Syrië kan wel maar is nu nauwelijks aan de orde, aldus een zegsman van het ministerie.

Defensie erkent dat er inderdaad technische beperkingen zijn en dat er ‘tussenstation'(een relaystation) nodig is om grondtroepen te kunnen ondersteunen. ,,Om deze reden, maar vooral vanwege de strijd die in Syrië buiten het mandaatgebied plaatsvindt, worden voor luchtsteun in Syrië vooral Amerikaanse toestellen ingezet. Dat geldt dus niet voor de strijd in Irak en ook niet voor luchtaanvallen op vooraf vastgestelde doelen.”

Zwaartepunt in Irak
De Nederlandse gevechtsvliegtuigen vliegen in het oosten van Syrië om de aanvoerlijnen van IS uit te schakelen. Daarbij worden onder meer commandocentra, trainingskampen en fabrieken waar bermbommen worden gemaakt onder vuur genomen. Ook banken of olieraffinaderijen kunnen doelwit zijn.

Het zwaartepunt van de strijd van de internationale coalitie tegen IS ligt volgens Defensie nog in Irak. Daar worden dan ook de meeste actie’s uitgevoerd. Nederlandse jachtvliegtuigen hebben 1900 missie’s uitgevoerd waarbij 1500 keer wapens zijn ingezet.

Lees ook;

’Hennis heeft wat uit te leggen’

Telegraaf 03.05.2016 Na lang soebatten stemde de Tweede Kamer er begin dit jaar eindelijk mee in dat Nederlandse F-16’s boven Syrië IS-doelen mochten bombarderen. Maar dat blijkt in de praktijk nauwelijks te gebeuren vanwege het ontbreken van de benodigde satellietcommunicatiemiddelen. Minister Hennis (Defensie) heeft wat uit te leggen.

„Dit is buitengewoon vreemd. We hebben een uitvoerig besluitvormingsproces gehad waar eindeloos gewikt en gewogen is. En dan zo weinig ingezet”, vindt SGP-fractievoorzitter Van der Staaij.

De VS coördineren de acties boven Syrië en Irak maar in de praktijk wordt van de Nederlanders nauwelijks gebruik gemaakt voor missies boven Syrië. Nederland breidde het missiegebied juist uit mede op verzoek van de Amerikanen.

’Onaangename verrassing’

Een Kamerdelegatie bezocht het missiegebied in Irak en Syrië. Duidelijk werd dat de Nederlandse F-16’s niet over de juiste communicatieapperatuur beschikken voor missies boven Syrië. Van der Staaij vindt dat minister Hennis opheldering moet geven. „De vraag is waarom die informatie niet eerder naar voren is gebracht.” D66-Kamerlid Sjoerdsma spreekt van „een onaangename verrassing”.

Ook de VVD heeft nog veel vragen voor Hennis. „Dat van die satellietcommunicatie wisten we niet. De minister moet maar duidelijk maken hoe dat precies zit”, aldus VVD-Kamerlid Ten Broeke. Wel is hij veel minder verbaasd over het feit dat Nederlandse straaljager vooral boven Irak worden ingezet. „Ze moeten keuzes maken en het soort missies boven Irak kan Nederland heel goed doen. Daarin zijn we nummer drie”, aldus Ten Broeke.

Maar de VVD heeft juist lang geijverd voor inzet van de Nederlandse F-16’s boven Syrië. Het was coalitiepartner PvdA die lange tijd grote bezwaren had. Ten Broeke: „We zetten de F-16’s in waar ze het meest effectief zijn. Dat men zich op Irak concentreert is goed voorstelbaar.”

Volgens Defensie zijn er geen beperkingen voor de F-16’s.

Nederlandse F-16’s in Syrië komen nauwelijks in actie

VK 03.05.2016 De Nederlandse F-16’s die meedoen aan de veelbesproken missie in Oost-Syrië worden nog niet veel ingezet. Niet alleen zijn er weinig grondoperaties tegen Islamitische Staat (IS) die ondersteund moeten worden, maar ook beschikken de vier F-16’s niet over satellietcommunicatie. De Nederlanders moeten de aanvallen voor luchtsteun in dit gebied daarom overlaten aan de VS.

© anp

De Tweede Kamer wil uitleg van minister Hennis van Defensie over de beperking van de F-16’s. De Kamer ging in februari akkoord met de bombardementen in Syrië, nadat de VS om uitbreiding van de Nederlandse missie tegen IS had gevraagd.

Het ministerie van Defensie ontkende dinsdag dat het ontbreken van satellietcommunicatie, waarmee met bevriende troepen op de grond en met het hoofdkwartier kan worden gesproken over doelwitten, tot fricties heeft geleid met de VS. ‘We hebben tot nu toe geen klachten van de Amerikanen ontvangen’, aldus een Defensie-woordvoerder. ‘De VS zijn blij met de grote bijdrage die we in Irak tegen IS leveren. Daar ligt ook het zwaartepunt van de Nederlandse missie, niet in Syrië. De Amerikanen houden goed rekening met de beperkingen die de deelnemende landen hebben.’

De F-16’s beperken hun missies in Oost-Syrië nu tot bombardementen op vaste doelen, zoals commandocentra, en de aanvoerlijnen van IS. Volgens Defensie kan het gebrek aan satellietcommunicatie makkelijk en snel worden verholpen via een ‘tussenstation’. Dit kan een AWACS-toestel zijn, een vliegend radarstation, of een tankervliegtuig. Met satellietcommunicatie kan over grote afstanden worden overlegd. Met de boordradio van de F-16 is dit niet mogelijk.

Omdat er tot nu nauwelijks gevechten op de grond zijn geweest in Oost- Syrië waarbij de F-16’s luchtsteun konden verlenen, is dit hulpmiddel tot nu toe niet nodig geweest. De grondoperaties die de VS in Syrië ondersteunden, vonden voornamelijk buiten het Nederlandse mandaatgebied plaats. ‘In Irak speelt het probleem van satellietcommunicatie niet omdat we vrienden op de grond hebben die een F-16 naar het doel kunnen begeleiden’, aldus de Defensie-woordvoerder. De vlieger communiceert dan over de radio met hen, onder andere over de aanwezigheid van burgers. In Syrië opereren deze FAC’ers (forward  air controllers), vaak commando’s, niet vanwege de gevaren.

Armand ‎@ArmandIDK

Het Nieuwsblad Nederlandse F-16’s bombarderen eerste keer IS in Syrië Het Nieuwsblad Nederlandse F-16’s hebben voor… http://dlvr.it/KWwdDG   – 8:12 PM – 16 Feb 2016

 Nederlandse F-16’s bombarderen eerste keer IS in Syrië – Nederlandse F-16’s hebben voor het eerst bommen op doelen van terreurgroep IS in Syrië gegooid. Dat meldde het ministerie van Defensie dinsdag. — nieuwsblad.be

‘We hoeven ons niet te schamen’

Volgens defensiedeskundige Rob de Rave van de Haagse denktank HCSS hoeft Nederland zich niet te schamen voor de beperkingen van de F-16’s. ‘Er zijn meer deelnemende landen die geen satellietcommunicatie hebben in hun vliegtuigen, zoals Frankrijk, Groot-Brittannië en Canada’, aldus de voormalige F-16-vlieger. ‘Alleen de Amerikanen hebben satellietcommunicatie. De voornaamste inzet van Nederland is in Irak. En dat wordt zeer gewaardeerd door de VS. Zo beschikt Nederland als een van de weinige landen over de ‘kleine diameterbom’, een precisiewapen waarmee doelen van IS zonder veel nevenschade kunnen worden vernietigd.’

Ook Barry Macco, voormalig F-16-vlieger en oud-directeur Operaties van de Koninklijke Luchtmacht, vindt niet dat Nederland nu te kijk staat. Hij wijst erop dat de Nederlandse F-16’s veel worden ingezet tegen de ‘vaste doelen’ van IS. De Koninklijke Luchtmacht heeft tot nu toe 1.900 missies uitgevoerd in Irak en Syrië. Bij 1.500 ging het om bombardementen. ‘Wij hebben een totaal ander Defensiebudget dan de VS’, betoogt Macco. ‘Hiervan moeten we echt niet wakker liggen. F-16’s hoeven ook niet alles te kunnen.’

Volgens Macco zou het aanbrengen van satellietcommunicatie in de 68 F-16’s tussen de 20 en 30 miljoen euro kosten. De gevechtsvliegtuigen worden in de komende jaren vervangen door de JSF. Macco: ‘Dat is zo’n vier, vijf ton per kist. Wat is je prioriteit? We lopen internationaal heus geen blamage.

Volg en lees meer over:  NEDERLAND  AANVAL OP ISLAMITISCHE STAAT

Nederlandse F-16’s bombarderen amper boven Syrië

Elsevier 03.05.2016 Na een lange discussie besloot het kabinet eind januari om Islamitische Staat (IS) ook boven Syrië te gaan bombarderen. Drie maanden later blijkt dat de F-16’s tot dusver nauwelijks worden gebruikt, omdat ze niet zijn uitgerust met de benodigde apparatuur.

Dat meldt het Nederlands Dagblad dinsdag. De vier gevechtstoestellen beschikken over een gewone radio, maar kunnen niet communiceren via satellieten. Concreet betekent dit dat militairen op de grond nodig zijn voor coördinatie, maar die zijn er amper in het sterk gefragmenteerde Syrië.

‘Gêne’
De Verenigde Staten, die de internationale coalitie tegen IS leiden, hebben de Nederlandse vliegtuigen daarom amper ingezet. ‘Ik kon een zeker gevoel van gêne niet onderdrukken toen ik dat hoorde,’ zegt VVD-kamerlid Han ten Broeke tegen de krant.

Tweede Kamerleden kwamen achter de problemen toen ze afgelopen weekend een bezoek brachten aan de basis waar de F-16’s staan, in Jordanië. Zij vragen de verantwoordelijke minister, Jeanine Hennis, nu om opheldering.

Han ten Broeke ‎@HanTenBroeke

maar wel een goed beeld gekregen van onze luchtoperatie met F16’s boven Irak (intensief) en Syrië (amper) – 18:21 – 2 mei 2016

Debat
Nederlandse F-16’s vliegen al langer boven Irak, waar Nederland ook helpt bij het trainen van lokale strijdkrachten. Het kabinet steggelde lang over de vraag of gevechtsvliegtuigen ook moesten worden ingezet boven Syrië, vooral de PvdA had principiële bezwaren. Na langdurig aandringen van de Verenigde Staten werd in januari besloten op de wens van de Amerikanen in te gaan.

Middendorp: ‘Slagkracht leger dringend omhoog’

In februari zei Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp nog dat Defensie niet wil bekendmaken hoeveel aanvallen Nederland uitvoert boven Syrië. Die informatie zou een tegenaanval van IS kunnen uitlokken.

De missie van de Nederlandse F-16’s in Syrië en Irak duurt tot 1 juli. Daarna neemt België de vliegtaken over.

Emile Kossen (1992) is sinds september 2015 online redacteur bij Elsevier. Portefeuilles/interesses Verenigde Staten Latijns-Amerika Politiek Media

Tags: Amerika Defensie Irak Islamitische Staat Jeanine Hennis Syrië VVD


Nederlandse F-16’s komen nauwelijks in actie boven Syrië 

Gevechtsvliegtuigen missen juiste communicatieapparatuur

NU 03.05.2016 Nederlandse F-16’s voeren nauwelijks missies uit boven Syrië. De gevechtsvliegtuigen missen daarvoor de juiste communicatieapparatuur. Dat schrijft Nederlands Dagblad dinsdag.

De F-16’s hebben alleen een gewone radio, terwijl ze via satellieten zouden moeten kunnen communiceren. Hierdoor zijn ze afhankelijk van militairen op de grond, maar die zouden er vrijwel niet zijn in Syrië. De Verenigde Staten zouden daarom nauwelijks toestellen inzetten van de Koninklijke luchtmacht om IS-doelen in Syrië te bombarderen.

Defensie stelt dat er inderdaad een ‘tussenstation’ nodig is om grondtroepen te kunnen ondersteunen in Syrië. Dat is volgens Defensie echter niet de belangrijkste reden dat de Nederlandse gevechtstoestellen weinig in actie komen: dat komt vooral omdat de strijd in Syrië zich afspeelt in gebieden waar de Nederlanders niet mogen komen. Steun aan grondtroepen in het oosten van Syrië kan wel maar is nu nauwelijks aan de orde, aldus een zegsman van het ministerie.

Het communicatieprobleem werd duidelijk nadat Kamerleden afgelopen weekend een luchtbasis in Jordanië bezochten waar de F-16’s staan. VVD’er Han ten Broeke laat aan het ND weten dat hij “een zeker gevoel van gêne” niet kon onderdrukken. Ook andere Kamerleden reageren verbaasd. Buitenlandwoordvoerders zeggen dat ze minister Jeanine Hennis (Defensie) om opheldering gaan vragen.

Besluit

Het kabinet besloot in januari de strijd tegen IS uit te breiden naar het oosten van Syrië. Daarvoor bombardeerden de vier Nederlandse F-16’s de terreurorganisatie al in Irak. Afgesproken is dat de vliegtuigen tot 1 juli in Syrië blijven.

De Nederlandse F-16’s zijn, binnen de kaders van het humanitair oorlogsrecht, geen beperking opgelegd in de doelen die zij onder vuur nemen. Alle doelen worden getoetst aan het humanitair oorlogsrecht, wat onder andere betekent dat burgers ontzien moeten worden.

Verzoek

Het kabinetsbesluit om deel te nemen aan de missie in Syrië liet lang op zich wachten. Na verzoeken van de VS en Frankrijk om de Nederlandse strijd te intensiveren, ging het kabinet om.

De PvdA en minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) stelden als voorwaarden voor de uitbreiding van de bombardementen, dat er eerst zicht moest komen op een politieke oplossing voor de toekomst van Syrië. Die kwam in zicht toen de strijdende partijen eerder dit jaar een staakt-het-vuren afspraken.

Ook moest er een volkenrechtelijk mandaat liggen. De uitbreiding van de militaire bijdrage naar Syrië lag lange tijd ingewikkeld, omdat sinds de inval in Irak in 2003 landen terughoudend zijn met interveniëren bij binnenlandse conflicten.

Lees meer over: Syrië IS

Gerelateerde artikelen;

‘Britse luchtmacht doodde bijna duizend IS-strijders in anderhalf jaar’

Dit is waarom de oorlog in Syrië al vijf jaar duurt

‘Nauwelijks inzet Nederlandse F-16’s boven Syrië’

AD 03.05.2016 Nederlandse F-16’s voeren amper missies uit boven Syrië, omdat ze de daarvoor nodige communicatieapparatuur missen. De toestellen hebben volgens het Nederlands Dagblad alleen een gewone radio, terwijl ze moeten kunnen communiceren via satellieten.

Vliegtuigen zonder apparatuur voor satellietcommunicatie, zoals de F-16’s, hebben vooruitgestuurde soldaten op de grond nodig om ze naar doelen te leiden. Voor zover bekend worden deze ‘forward air controllers’ in Syrië niet of nauwelijks ingezet.
Han ten Broeke ‎@HanTenBroeke

Kamercie BuZa terug van 3-daags bezoek aan F16’s en trainingslocatie Erbil. Gesprekken met Koerdische leiderschap. 5:57 PM – 2 May 2016

Dat de Nederlandse gevechtstoestellen apparatuur missen, bleek bij een bezoek van Tweede Kamerleden aan de basis in Jordanië waar de F-16’s staan. ‘Ik kon een zeker gevoel van gêne niet onderdrukken toen ik dat hoorde’, zei VVD-Kamerlid Han ten Broeke. Hij wil nu uitzoeken of het gebrek aan apparatuur aan de Kamer is gemeld.

Het kabinet ging begin dit jaar na lang nadenken akkoord met de inzet van vier Nederlandse F-16’s boven Syrië. De vliegtuigen zijn al sinds 2014 actief in Irak.

 

F-16’s vliegen nauwelijks boven Syrië

Telegraaf 03.05.2016 Nederlandse F-16’s voeren amper missies uit boven Syrië, omdat ze de daarvoor nodige communicatieapparatuur missen. De toestellen hebben alleen een gewone radio, terwijl ze moeten kunnen communiceren via satellieten.

Vliegtuigen zonder apparatuur voor satellietcommunicatie, zoals de F-16’s, hebben vooruitgestuurde soldaten op de grond nodig om ze naar doelen te leiden. Voor zover bekend worden deze ‘forward air controllers’ in Syrië niet of nauwelijks ingezet. Dat meldt het Nederlands Dagblad.

Dat de Nederlandse gevechtstoestellen apparatuur missen, bleek bij een bezoek van Tweede Kamerleden aan de basis in Jordanië waar de F-16’s staan. ,,Ik kon een zeker gevoel van gêne niet onderdrukken toen ik dat hoorde”, zei VVD-Kamerlid Han ten Broeke. Hij wil nu uitzoeken of dit aan de Kamer is gemeld.

mei 4, 2016 - Posted by | 2e kamer, dreiging, Irak, is, isis, Nederland, Rutte 2, terreur, terreurdreiging | , , , , , , , , , , ,

Sorry, the comment form is closed at this time.

%d bloggers liken dit: