Debat in de Digitale Hofstad

Stemmen uit de Haagse Wijken

Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2021 ??? – deel 8

Telegraaf 23.09.2020

Telegraaf 09.02.2021

Kern-energie versus het Klimaat

De Inzet van Kernenergie naast wind- en zonne-energie kan een serieuze optie zijn voor Nederland, concludeert minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat) woensdag 23.09.2020 uit een onderzoek van ENCO, een in nucleaire energie gespecialiseerd adviesbureau. Volgens het onderzoek zouden de kosten van kernenergie namelijk te vergelijken zijn met die van wind- en zonne-energie.

Telegraaf 19.12.2020

AD 11.12.2020

Telegraaf 03.11.2020

Telegraaf 26.09.2020

AD 25.09.2020

Onderzoek ENCO

Wiebes liet ENCO in opdracht van de Tweede Kamer onderzoek doen naar de mogelijkheden en beperkingen voor kernenergie in Nederland voor 2040. Er is onder meer gekeken naar de kosten van de bouw van nieuwe kerncentrales. Tot nu toe werd verondersteld dat dit in vergelijking met energie uit wind en zon veel duurder was.

Telegraaf 10.12.2020

AD 31.10.2020

Eerder werd gedacht dat de kosten van kernenergie relatief hoog waren vergeleken met die van wind- en zonne-energie. ENCO, dat het onderzoek uitvoerde in opdracht van de Tweede Kamer, stelde echter dat bij het vaststellen van de kosten voor energie uit wind en zon bepaalde kosten zoals aansluitingskosten en extra netwerkkosten, niet worden meegenomen in de berekeningen.

Telegraaf 02.12.2020

AD 23.09.2020

Maasvlakte

De Maasvlakte is een van de beoogde locaties voor kerncentrales. De regering onderzoekt de mogelijkheden in het uitgestrekte havengebied.

De Maasvlakte is een van de weinige gebieden in Nederland waar de dichtstbijzijnde mensen pas vijf kilometer verderop wonen. Áls je dan toch ergens een kerncentrale bouwt, dan daar. Dit tot ergernis van het Havenbedrijf Rotterdam en omwonenden. ,,Er zijn betere oplossingen.”

Volgens VVD-parlementariër Mark Harbers zijn er drie tot tien reactoren in Nederland nodig om de klimaatdoelen te halen. Hij heeft zijn plan om de bouw te bestuderen door de Tweede Kamer geloodst. Behalve de Maasvlakte mikt hij op de Eemshaven in Groningen en het Zeeuws Borsele. Die drie plekken zijn al eens vastgelegd op de plankaarten.

AD 25.01.2021

Telegraaf 28.10.2020

Telegraaf 23.09.2020

Kernener­gie is veilig, aldus Henk Compter, Verontruste Burgers van Voorne.

,,Kernenergie is veilig’’, reageert Henk Compter gedecideerd. Hij is voorzitter van de Verontruste Burgers van Voorne, een vereniging van kritische bewoners rond het havengebied.

Tegenover de plannen voor de schone kerncentrales staan zij niet afwijzend. In ieder geval niet als het gaat om vervuiling, gevaar (‘De rampen bij Tsjernobyl en Fukushima waren menselijke fouten die in Nederland niet zullen voorkomen’) en overlast, zegt Compter. Hij ziet wel een ander nadeel: de kosten.

Telegraaf 29.09.2020

Kostenafweging

Kernenergie is betaalbaar en een geschikte energiebron voor de toekomstige stroomvoorziening, concludeert een nieuw rapport. Gelijktijdig pleit de VVD ervoor drie tot tien nieuwe kerncentrales te bouwen. Kernenergie heeft het tij mee, maar komen er nu ook echt concrete bouwplannen?

Kernenergie is CO2-neutraal, betaalbaar en kan variabele energiebronnen als wind- en zonne-energie aanvullen door de stroomvoorziening te stabiliseren. Het kan daarom een nuttige rol spelen in de toekomstige energievoorziening van Nederland.

Dat concludeert het Oostenrijkse consultancybureau ENCO in een rapport dat minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes (VVD) op 22 september naar de Tweede Kamer stuurde.

Telegraaf 22.10.2020

Telegraaf 08.10.2020

Kernenergie kan goed concurreren op kosten

Tot het rapport werd opdracht gegeven nadat een Kamermeerderheid in juli 2019 een motie van Dilan Yesilgöz (VVD) en Agnes Mulder (CDA) steunde. Coalitiepartijen D66 en ChristenUnie stemden tegen. De consultants voerden geen nieuw onderzoek uit, maar bundelden de huidige kennis over kernenergie.

Rob Jetten bepleit meer ondersteuning Kamerleden

Laf D66 is tegen onderzoek naar noodzaak en kosten kernenergie

Wat ook niet helpt, is dat de meeste grote energiebedrijven in buitenlandse handen zijn. Daar wordt besloten waar investeringsgeld heen gaat. Sowieso zwalkte het energiebeleid de afgelopen twintig jaar nogal hevig in Nederland. Denk aan de wens om kolencentrales te bouwen. Toen bedrijven hieraan voldeden, waren de centrales bij oplevering ongewenst – en een blok aan het been voor bedrijven.

Steeds meer zicht op langer openblijven ‘Borssele’

Een miljardeninvestering in een kerncentrale is een enorm risico voor een bedrijf. Een reactor moet decennia draaien voor een rendabele investering. Energiereuzen zullen dus echt willen weten welke koers Nederland gaat varen en of de overheid hierachter blijft staan.

Het langer openhouden van de kerncentrale in Borssele lijkt wel een steeds realistischer plan. De Tweede Kamer stemde er al voor om juridische obstakels weg te nemen. Minister Wiebes onderzoekt nu het draagvlak van dit plan. De consultants van ENCO vinden het een uitstekend idee. Kerncentrales langer openhouden is één van de goedkoopste manieren om minder CO2 uit te stoten.

Bijna 100 miljoen euro voor ‘proeftuinen aardgasvrij’ in 19 gemeenten

Minister Ollongren (BZK) kent aan 19 gemeenten een rijksbijdrage toe voor het aardgasvrij of aardgasvrij-ready maken van een dorp, wijk of buurt. In totaal gaat het om een bedrag van Bijna 100 miljoen euro voor ‘proeftuinen aardgasvrij’.

De selectie is gebaseerd op een voorstel van de Adviescommissie aardgasvrije wijken.

Daarin zijn programmapartners, stakeholders en wetenschappers vertegenwoordigd. Bij alle plannen is nadrukkelijk gekeken naar de uitvoerbaarheid, betaalbaarheid en de betrokkenheid van de bewoners. De belangstelling voor de tweede ronde proeftuinen is groot: in totaal hebben 71 gemeenten een voorstel ingediend.

lees: EGR20 UN Emissions Gap Report 2020

Lees: Groen licht voor stikstofwet, maar wat staat er nou precies in? RTL 10.12.2020

lees: Zo loodst Schouten stikstofwet toch door Kamer  Elsevier 10.12.2020

lees: kamerbrief over klimaat en energieverkenning 2020 en uitvoering Urgenda-vonnis 09.12.2020

lees: Het Uitvoeringsprogramma Natuur KB brief 2e kamer 08.12.2020

lees: Programma Natuur 20282379 bijlage

lees: Overzicht deelnemende gemeenten proeftuinen aardgasvrije wijken 2e ronde 2020

lees: Proeftuinen aardgasvrije wijken 2e ronde

lees: Behandelverzoek wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering brief 2e kamer 13.10.2020

lees: Advies_Raad_van_State_wetsvoorstel_stikstofreductie_en_natuurverbetering

lees: Kamerstuk wetsvoorstel Stikstofreductie en natuurverbetering

lees: Memorie van toelichting Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)

lees: Nader rapport inzake het voorstel van wet tot wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)

lees: aanbiedingsbrief rapport kernenergie 22.09.2020

lees: bijlage POSSIBLE ROLE OF NUCLEAR IN THE DUTCH ENERGY MIX IN THE FUTURE

lees: Stand van zaken Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv) 10.06.2020

lees:  Niet alles kan overal’ eindadvies over structurele aanpak Stikstofproblematiek aanbiedingsbrief 08.06.2020

lees: Eindadvies ‘Niet alles kan overal’ 08.06.2020

lees: Kamerbrief Voortgang stikstofproblematiek structurele aanpak bijlage 1 en 2 24.04.2020

lees: Bijlage 3

meer: Klimaat NU

Lees: Stikstof: geduld oppositie raakt op, dit besloot het kabinet tot nu toe NU

Zie ook: Klimaatspanningen niet alleen in de Tweede kamer opgelopen

Zie ook: Klimaatmars 10.03.2019 van de Dam naar Museumplein Amsterdam – terugblik

Zie ook: Klimaatdemonstratie 07.02.2019 op het Malieveld – terugblik

Zie ook: Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2021 ??? – deel 7

Zie ook: Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2021 ??? – deel 6

Zie ook: Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2020 ??? – deel 5

Zie ook: Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2020 ??? – deel 4

Zie ook: Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2020 ??? – deel 3

Zie ook: Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2020 ??? – deel 2

Zie ook: Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2020 ??? – deel 1

Zie ook: 2019 – Het jaar van de waarheid voor kabinet Rutte 3

Advies: stop pas na 2030 met subsidies op stoken biomassa voor warmte

MSN 18.12.2020 De omstreden subsidies voor het stoken van zogeheten houtige biomassa om warmte op te wekken, kunnen voorlopig nog niet worden stopgezet. Als dat voor 2030 zou gebeuren, komt het halen van de klimaatdoelen in gevaar, meldt het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) na onderzoek.

De belangrijkste adviseur op energiegebied deed het onderzoek op verzoek van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en Tweede Kamerlid Matthijs Sienot (D66).

Omstreden maatregel

Het verbranden van biomassa afkomstig van hout werd bij het maken van de klimaatplannen van de overheid als duurzaam gezien, maar is inmiddels omstreden.

Bij de verbranding van houtsnippers (pellets), houtafval en ouderwetse houtblokken in de open haard gaat veel energie verloren, er komt veel CO2 bij vrij en het gaat ten koste van bossen. Nog een nadeel: het hout dat nodig is om in Nederland energie of warmte op te wekken, moet voor een groot gedeelte uit het buitenland komen.

Kortom: de nadelen zijn groot en de behaalde klimaatwinst is klein, concludeerde de Sociaal Economische Raad (SER) in de zomer van vorig jaar. Het adviseerde het kabinet dan ook om te stoppen met het stimuleren van energie en warmte opwekken uit biomassa.

In totaal verdeelt het kabinet voor 8,7 miljard aan subsidies voor bijstook van biomassa afkomstig van hout in biomassacentrales, blijkt uit de antwoorden van Kamervragen door minister Eric Wiebes (Economische Zaken, VVD) eind vorig jaar.

PBL: alternatieven nu nog niet genoeg

Het PBL op zijn beurt concludeert nu dat dit voorlopig alleen nog niet mogelijk is als het gaat om het verbranden van biomassa afkomstig uit hout om warmte op te wekken. De reden: er zijn te weinig alternatieven op dit moment om huizen, fabrieken en kassen van te verwarmen.

Dat zou bijvoorbeeld kunnen met aardwarmte, warmte uit water van fabrieken of afvalwater. Daar wordt nu ook al wel mee geëxperimenteerd, maar de ontwikkelingen staan nog in de kinderschoenen.

In de tussentijd is er wel gewoon warmte nodig, en het gat dat achterblijft als er gestopt wordt met het stoken van hout in verwarmingscentrales, is te groot de komende jaren.

Hout verbranden voor warmte

Vorig jaar werd in totaal 2094 petajoule (PJ) aan energie verbruikt. Bijna de helft daarvan, 976 PJ, was voor warmte.

Daarvan wordt 182 PJ – nog geen 10 procent – opgewekt uit duurzame energiebronnen, zoals zon, wind, waterkracht of biomassa. Die laatste is goed voor 106 PJ, meer dan de helft. En daarvan is 55 PJ te danken aan de verbranding van houtpellets, tuinafval en houtblokken.

Van de totale Nederlandse energieopwekking, komt dus nog geen 3 procent uit de verbranding van houtige biomassa.

Toch gaat het om flinke hoeveelheden. Om de 55 PJ te kunnen opwekken, is 3,1 miljoen ton aan droog hout nodig. Als je dat in Nederland zou willen oogsten, moet je daarvoor een bos van 21.000 hectare kappen. Dat is een oppervlak ter grootte van Amsterdam.

Groeiende zorgen bij jongeren vijf jaar na Klimaatakkoord van Parijs

NOS 12.12.2020 “We zitten nog niet op de goede weg. We zitten nog steeds op de lijn om naar drie graden opwarming te gaan.” Dat zegt Max van Deursen, die er als VN-jongerenvertegenwoordiger bij was toen vandaag precies vijf jaar geleden het Klimaatakkoord van Parijs werd gesloten. Voor het eerst werd toen door bijna tweehonderd landen afgesproken dat de opwarming van de aarde beperkt moet worden tot ruim onder de twee graden, en liefst tot anderhalve graad.

Hoe groot de opluchting vijf jaar geleden ook was onder jongeren die de totstandkoming van het akkoord destijds volgden, hun optimisme is inmiddels omgeslagen in bezorgdheid. Want nu het steeds meer op de uitvoering aankomt, blijkt de praktijk weerbarstig. Landen mogen zelf doelen formuleren, maar bij elkaar opgeteld zijn die voornemens nog lang niet voldoende om de afspraken uit het akkoord te halen.

Twee deelnemers blikken terug op de Klimaattop van Parijs waar ze vijf jaar geleden als jongerenvertegenwoordiger bij waren.

‘Nu, vijf jaar later, vind ik het lastiger om zo optimistisch te zijn’

Afgelopen week bleek uit een VN-rapport dat de wereld nog altijd afstevent op meer dan drie graden opwarming, tenzij er gekozen wordt voor een ‘groene aanpak’ om uit de coronacrisis te komen. En dat terwijl 2020 waarschijnlijk opnieuw een van de warmste jaren ooit gemeten wordt, en bosbranden, stormen en droogtes grote schade aanrichten, aldus de VN.

Nieuwe doelen

Tegelijk scherpen steeds meer landen hun doelen wel aan. Gisteren nog bereikte de EU een overeenkomst om in 2030 de uitstoot met 55 procent te laten dalen. Ook landen als Japan, Zuid-Korea en China hebben recent ferme doelen geformuleerd voor halverwege deze eeuw.

Voor een deel zal dit het gevolg zijn van de protesten door jongeren. Niet alleen in Nederland, maar wereldwijd gingen jongeren de afgelopen jaren de straat op om te demonstreren voor het klimaat. De Zweedse activiste Greta Thunberg wist de aandacht flink naar zich toe te trekken, niet in de laatste plaats doordat de VN haar zelf geregeld op het podium hees om een toespraak te houden.

De aarde is op dit moment al ruim één graad opgewarmd. Als de wereld doorgaat met het uitstoten van CO2 zoals voor corona, duurt het volgens experts nog ongeveer tien jaar voor de anderhalve graad is bereikt, en iets minder dan 25 jaar voor de aarde twee graden is opgewarmd.

Volgens Thunberg ontkent de wereld nog altijd wat nodig is om het probleem op te lossen. “Er worden hypothetische doelen gesteld en er worden grote toespraken gehouden”, zei ze gisteren. “Maar als het gaat om de onmiddellijke actie die we nodig hebben, zijn we nog steeds in een staat van volledige ontkenning.”

Toekomstige generaties

De voormalige jongerenvertegenwoordiger Max van Deursen was in 2015 twintig jaar. Inmiddels doet hij in Wageningen een studie klimaatbeleid, en krijgt daarom nu les over datgene waar hij in Parijs zelf bij was. Het was overweldigend, vertelt hij terugblikkend, om daar samen met al die wereldleiders te zijn.

Van Deursen hoopte dat in de tekst zou worden opgenomen dat generaties gelijkwaardig moeten worden behandeld. Daardoor zou het klimaatprobleem niet doorgeschoven kunnen worden naar de toekomst. Maar dit lukte maar ten dele. Want zelfs met alle mooie uitstootdoelen die nu worden geformuleerd, moet er nog altijd later deze eeuw veel CO2 uit de lucht worden gehaald. Anders is in ieder geval het doel van anderhalve-graad volgens experts niet meer mogelijk.

Van Deursen vindt dit oneerlijk. Want ook al zijn er wel ideeën over hoe dat kan, “je zadelt een volgende generatie op met een heel moeilijk vraagstuk”.

Bewustzijn toegenomen

Ook Aoife Flemming, de huidige VN-jongerenvertegenwoordiger van Nederland, was in 2015 nog een stuk optimistischer. Wel merkt ze tijdens gastlessen die ze op scholen geeft dat het bewustzijn onder jongeren enorm is toegenomen. “Als ik voor de klas sta, vraag ik geregeld: wie maakt zich zorgen over het klimaat? En dan steekt bijna iedereen z’n hand op.”

Om te markeren dat ‘Parijs’ vandaag vijf jaar geleden is, organiseert de VN samen met Groot-Brittannië een online bijeenkomst. Die top komt in de plaats van de jaarlijkse klimaatconferentie, die vanwege corona is uitgesteld tot volgend najaar.

Ook Premier Rutte doet mee aan de top van vandaag. Naast het terugdringen van de uitstoot, zal hij in zijn statement benadrukken dat landen zich moeten aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. Nederland organiseert hier volgende maand een internationale conferentie over.

BEKIJK OOK;

Klimaatsuccesje op EU-top: ‘Europa is leider in strijd tegen klimaatverandering’

MSN 11.12.2020 De Europese Unie scherpt haar klimaatdoelstellingen aan. Over tien jaar moet de unie niet 40, maar 55 procent minder CO2 uitstoten dan in 1990, zijn de EU-leiders overeengekomen op hun top in Brussel.

Dat is nodig om Europa in 2050 klimaatneutraal te maken. “Europa is de leider in de strijd tegen klimaatverandering”, twittert EU-president Charles Michel na afloop van een lange en verhitte nacht van onderhandelingen.

Nederland dringt al langer aan op het opschroeven van het tussendoel in 2030. Ook de Europese Commissie stelde dat voor. Het Europees Parlement wil de lat zelfs op 60 procent leggen en wil dat niet alleen de unie als geheel, maar ook ieder EU-land afzonderlijk dat doel haalt. De EU-landen en het parlement moeten het daarover nu eens zien te worden.

Enigszins binnen de perken

De scherpere doelstellingen zijn nodig om de opwarming van de aarde te kunnen beperken tot 2 en liever nog 1,5 graad, zoals in het klimaatakkoord van Parijs is afgesproken. Zo zou de klimaatverandering nog enigszins binnen de perken kunnen worden gehouden.

Bijna alle Europese regeringsleiders erkenden voor aanvang van de EU-top in Brussel al wel dat de EU de klimaatdoelstellingen zou moeten aanscherpen. Maar lidstaten als Polen en Tsjechië eisten garanties dat ze daarvoor geen al te grote offers zouden moeten brengen.

Oost-Europese landen hebben veelal minder diepe zakken en leunen nog zwaar op bijvoorbeeld de vervuilende kolenstook. Pas toen de ochtend al was aangebroken was ook Polen tevreden. De nieuwe doelen worden vastgelegd in een Europese klimaatwet.

EU legt klimaatlat hoger: 55 procent minder CO2 in 2030

Telegraaf 11.12.2020 De Europese Unie scherpt haar klimaatdoelstellingen aan. Over tien jaar moet de unie niet 40, maar 55 procent minder CO2 uitstoten dan in 1990, zijn de EU-leiders overeengekomen op hun top in Brussel. Dat is nodig om Europa in 2050 klimaatneutraal te maken. „Europa is de leider in de strijd tegen klimaatverandering”, twittert EU-president Charles Michel na afloop van een lange en verhitte nacht van onderhandelingen.

Nederland dringt al langer aan op het opschroeven van het tussendoel in 2030. Ook de Europese Commissie stelde dat voor. Het Europees Parlement wil de lat zelfs op 60 procent leggen en wil dat niet alleen de unie als geheel, maar ook ieder EU-land afzonderlijk dat doel haalt. De EU-landen en het parlement moeten het daarover nu eens zien te worden.

De scherpere doelstellingen zijn nodig om de opwarming van de aarde te kunnen beperken tot 2 en liever nog 1,5 graad, zoals in het klimaatakkoord van Parijs is afgesproken. Zo zou de klimaatverandering nog enigszins binnen de perken kunnen worden gehouden.

Bijna alle Europese regeringsleiders erkenden voor aanvang van de EU-top in Brussel al wel dat de EU de klimaatdoelstellingen zou moeten aanscherpen. Maar lidstaten als Polen en Tsjechië eisten garanties dat ze daarvoor geen al te grote offers zouden moeten brengen. Oost-Europese landen hebben veelal minder diepe zakken en leunen nog zwaar op bijvoorbeeld de vervuilende kolenstook. Pas toen de ochtend al was aangebroken was ook Polen tevreden.

De nieuwe doelen worden vastgelegd in een Europese klimaatwet.

BEKIJK MEER VAN; internationale organisaties milieupolitiek opwarming van de aarde Brussel Europa

EU legt klimaatlat hoger: 55 procent minder CO2 in 2030 (msn.com)

MSN 11.12.2020 De Europese Unie scherpt haar klimaatdoelstellingen aan. Over tien jaar moet de unie niet 40, maar 55 procent minder CO2 uitstoten dan in 1990, zijn de EU-leiders overeengekomen op hun top in Brussel. Dat is nodig om Europa in 2050 klimaatneutraal te maken. „Europa is de leider in de strijd tegen klimaatverandering”, twittert EU-president Charles Michel na afloop van een lange en verhitte nacht van onderhandelingen.

Nederland dringt al langer aan op het opschroeven van het tussendoel in 2030. Ook de Europese Commissie stelde dat voor. Het Europees Parlement wil de lat zelfs op 60 procent leggen en wil dat niet alleen de unie als geheel, maar ook ieder EU-land afzonderlijk dat doel haalt. De EU-landen en het parlement moeten het daarover nu eens zien te worden.

De scherpere doelstellingen zijn nodig om de opwarming van de aarde te kunnen beperken tot 2 en liever nog 1,5 graad, zoals in het klimaatakkoord van Parijs is afgesproken. Zo zou de klimaatverandering nog enigszins binnen de perken kunnen worden gehouden.

Bijna alle Europese regeringsleiders erkenden voor aanvang van de EU-top in Brussel al wel dat de EU de klimaatdoelstellingen zou moeten aanscherpen. Maar lidstaten als Polen en Tsjechië eisten garanties dat ze daarvoor geen al te grote offers zouden moeten brengen. Oost-Europese landen hebben veelal minder diepe zakken en leunen nog zwaar op bijvoorbeeld de vervuilende kolenstook. Pas toen de ochtend al was aangebroken was ook Polen tevreden.

De nieuwe doelen worden vastgelegd in een Europese klimaatwet.

Europa schroeft klimaatdoelen op: 55 procent minder CO2-uitstoot in 2030 (msn.com)

MSN 11.12.2020 De leiders van de landen van de Europese Unie hebben vrijdag een akkoord bereikt over het verder terugbrengen van de CO2-uitstoot, met 55 procent ten opzichte van 1990. Dat maakt EU-president Charles Michel vrijdag bekend via Twitter.

Eerder was afgesproken dat de uitstoot over tien jaar 40 procent lager moest zijn dan in 1990. “Europa is de leider in de strijd tegen klimaatverandering”, aldus Michel.

Het uiteindelijke doel is om de uitstoot in de landen van de EU in 2050 terug te brengen tot nul. Deze zomer werd al duidelijk dat binnen Europa de wens leefde om de uitstoot van broeikasgassen sneller terug te brengen.

De grootste winst zou te behalen zijn bij energiecentrales, in de industrie en door minder te vliegen binnen Europa.

De afspraken zijn gemaakt op de top in Brussel, waar de Europese leiders donderdag al tot een akkoord kwamen over de begroting en het coronanoodpakket. Het gaat om de begroting voor de jaren 2021 tot en met 2027, met een omvang van 1,8 biljoen euro. Daarin zit ook 750 miljard euro aan coronasteun voor de zwaarst getroffen landen.

EU legt klimaatlat hoger: 55 procent minder CO2 in 2030 (msn.com)

MSN 11.12.2020 De Europese Unie scherpt haar klimaatdoelstellingen aan. Over tien jaar moet de unie niet 40, maar 55 procent minder CO2 uitstoten dan in 1990, zijn de EU-leiders overeengekomen op hun top in Brussel. Dat is nodig om Europa in 2050 klimaatneutraal te maken. “Europa is de leider in de strijd tegen klimaatverandering”, twittert EU-president Charles Michel na afloop van een lange en verhitte nacht van onderhandelingen.

Nederland dringt al langer aan op het opschroeven van het tussendoel in 2030. Ook de Europese Commissie stelde dat voor. Het Europees Parlement wil de lat zelfs op 60 procent leggen en wil dat niet alleen de unie als geheel, maar ook ieder EU-land afzonderlijk dat doel haalt. De EU-landen en het parlement moeten het daarover nu eens zien te worden.

De scherpere doelstellingen zijn nodig om de opwarming van de aarde te kunnen beperken tot 2 en liever nog 1,5 graad, zoals in het klimaatakkoord van Parijs is afgesproken. Zo zou de klimaatverandering nog enigszins binnen de perken kunnen worden gehouden.

Bijna alle Europese regeringsleiders erkenden voor aanvang van de EU-top in Brussel al wel dat de EU de klimaatdoelstellingen zou moeten aanscherpen. Maar lidstaten als Polen en Tsjechië eisten garanties dat ze daarvoor geen al te grote offers zouden moeten brengen. Oost-Europese landen hebben veelal minder diepe zakken en leunen nog zwaar op bijvoorbeeld de vervuilende kolenstook. Pas toen de ochtend al was aangebroken was ook Polen tevreden.

De nieuwe doelen worden vastgelegd in een Europese klimaatwet.

EU-leiders onderhandelen hele nacht over aanscherping klimaatdoel (msn.com)

MSN 11.12.2020 De EU-leiders worden het maar niet eens over het opschroeven van de klimaatdoelstellingen. Ze zoeken al urenlang maar vooralsnog tevergeefs naar manieren om met name Polen gerust te stellen dat een scherpere daling van de CO2-uitstoot die lidstaat niet al te veel gaat kosten.

De EU-top in Brussel kende juist een voortvarende start. Premier Mark Rutte en zijn collega’s bereikten al snel een doorbraak in de patstelling over de nieuwe rechtstaatregels voor de EU-uitgaven. Daarmee staakten Polen en Hongarije hun verzet tegen de EU-begroting en het coronaherstelfonds.

Voor aanvang van de top viel in Brussel te horen dat het aanscherpen van de klimaatdoelstellingen niet de moeilijkste kwestie zou zijn waarover de regeringsleiders zich moesten buigen. Vrijwel alle EU-landen erkenden de noodzaak van die hogere klimaatdoelen al wel. Ze waren het volgens ingewijden in principe zelfs al eens dat de unie in 2030 niet minstens 40, maar 55 procent minder CO2 moet uitstoten dan in 1990. Maar de zoektocht naar de garanties die volgens EU-bronnen vooral Polen eist, slokte toch de donderdagavond en -nacht op.

Weerstand tegen Kamermeerderheid voor stikstofwet: ‘Dweilen met kraan open’

NOS 10.12.2020 Er wordt gemengd gereageerd op het feit dat de stikstofwet van Landbouwminister Carola Schouten sinds gisteren kan rekenen op een meerderheid in de Tweede Kamer. Farmers Defence Force, de Nederlandse Melkveehouders Vakbond en ook milieuactivist Johan Vollenbroek zijn er niet blij mee, terwijl brancheorganisatie Bouwend Nederland verheugd reageert.

Minister Schouten heeft onverwacht een meerderheid gevonden in de Eerste en Tweede Kamer voor haar stikstofwet. Als die wet er komt, kan er al begin volgend jaar weer meer worden gebouwd. Het kabinet stelt 6 miljard euro beschikbaar: 2 miljard voor het beperken van stikstofuitstoot, 3 miljard voor natuurherstel en een extra miljard voor woningbouw.

“Bouwend Nederland is blij met de brede steun die minister Schouten gevonden lijkt te hebben voor haar stikstofwet”, zegt de brancheorganisatie voor de bouwsector in een eerste reactie. “Daarmee kan de bouw- en infrasector gebruikmaken van de stikstofruimte die hierin is voorzien voor de bouw en sloopfase van projecten.”

Volgens de brancheorganisatie moet worden afgewacht of op korte termijn de benodigde ruimte wordt gecreëerd voor nieuwe ontwikkelingen op het gebied van infrastructuur. “Die is wel nodig om Nederland bereikbaar te houden en de bouw- en infrasector in staat te stellen Nederland uit de coronacrisis te trekken.”

‘Het wordt weer een drama’

Farmers Defence Force concludeert dat in de wet “niks voor de landbouw” geregeld is behalve een verzwaring. De doelen zouden bovendien onhaalbaar zijn. De Nederlandse Melkveehouders Vakbond is er ook niet over te spreken en pleit voor innovatie en niet voor uitkoop.

Ook milieuactivist Johan Vollenbroek is niet onder de indruk van de Kamermeerderheid. “Er was in 2015 ook een meerderheid voor de PAS (Programma Aanpak Stikstof). Dat werd een drama en dat zal het nu ook worden”, reageert hij in het NOS Radio 1 Journaal. Vollenbroek was een van de mensen die de stikstofkwestie naar de Raad van State – de hoogste bestuursrechter – bracht en daarmee de zaak aanzwengelde.

“Niet alleen de natuur zal eronder lijden, ook de boeren en de economie”, denkt hij. “Er kan volgens de wet gehandeld worden in stikstofuitstoot. Als Schiphol bijvoorbeeld wil uitbreiden, worden er boeren uitgekocht. De boeren die overblijven en willen uitbreiden, moeten concurreren met de bouw en industrie.”

‘Dweilen met de kraan open’

Hij wijst op de commissie-Remkes, die eerder dit jaar concludeerde dat de plannen van het kabinet om stikstofuitstoot terug te dringen tekortschieten. Het streven van het kabinet is om in 2030 een reductie van 26 procent te hebben, maar volgens de commissie zou dat een verplichting van zeker 50 procent moeten zijn. “Het is een raadsel waarom men een jaar heeft gewacht op het advies van de commissie om het vervolgens in de prullenbak te gooien”, zegt Vollenbroek.

Ook vindt hij de huidige afspraken “boterzacht”. “Van die 26 procent reductie is nauwelijks bekend hoe die moet worden gehaald. Er worden straks miljarden uitgegeven aan het herstel van de natuur, maar het is dweilen met de kraan open, want zolang er niks gebeurt aan de stikstofoverbelasting haal je de bron van het probleem niet weg.”

De vorige stikstofregeling vocht Vollenbroek met succes aan bij de Raad van State en ook nu gaat hij zich verzetten. “We gaan het op vergunningsniveau aanvechten. Op dit moment lopen er al meer dan honderd procedures. Deze wet maakt namelijk ook mogelijk dat er grootschalige fraude wordt gepleegd: bedrijven verkopen stikfstofruimte die ze niet hebben. Dat gaat in de praktijk leiden tot meer stikstof en over drie jaar hebben we weer hetzelfde probleem als er weer veel vergunningen vernietigd worden. In de tussentijd heeft de economie er veel last van gehad.”

Vandaag debatteert de Tweede Kamer over de stikstofwet.

BEKIJK OOK;

Schouten sluit stikstofdeal met oppositie, maar chagrijn blijft

NU 09.12.2020 Minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) heeft een meerderheid in de Tweede en Eerste Kamer gevonden voor haar stikstofplannen. Schouten heeft de avond voordat ze met de Kamer debatteert over haar wet een akkoord gesloten met oppositiepartijen SP, 50PLUS en SGP. Maar niet alle partijen zijn tevreden.

Dat laten de betrokken partijen en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) woensdagavond aan NU.nl weten. De oppositiepartijen zijn nodig voor een meerderheid in de Eerste Kamer, waar de coalitie van VVD, CDA, D66 en CU zes zetels tekort komt.

In de aangepaste wet staat dat in 2035 de helft minder stikstof wordt uitgestoten. Dat is ambitieuzer dan het doel uit het eerste plan, dat kwam neer op een stikstofreductie van 25 procent in 2030. Er komen ook tussendoelen voor 2025 en 2030 om zeker te weten dat het kabinet op koers ligt.

Eerder dit jaar adviseerde Johan Remkes het kabinet om de stikstofuitstoot met ten minste de helft te verminderen in 2030.

Zie ook: Schouten: Minder stikstofuitstoot wordt harde belofte, vrijstelling voor bouw

CDA tevreden, D66 had het ambitieuzer gewild

CDA-Kamerlid Jaco Geurts zegt in een reactie blij te zijn “dat we nu een stap verder zijn gekomen”. Hij is vooral te spreken over de oplossing die er ligt voor boerenbedrijven die door het verbod op het oude stikstofbeleid in de problemen zijn gekomen. Eerder uitgegeven vergunningen werden ongeldig verklaard, waardoor sommige ondernemers opeens juridisch illegaal werden. “Het gaat om duizenden boeren die daar ’s nachts van wakker liggen”, zegt Geurts.

D66’er Tjeerd de Groot heeft met zijn partij ambitieuzere doelen. In het verkiezingsprogramma staat 50 procent minder stikstof in 2030, maar is toch tevreden. Vooral over het benaderen van de meest vervuilende boerenbedrijven dichtbij beschermde natuurgebieden, de zogenoemde piekbelasters. “De regeling is nu zo gemaakt dat het echt aantrekkelijk wordt om je bedrijf te stoppen of te verplaatsen”, aldus De Groot.

De SP krijgt in ruil voor steun 20 miljoen euro extra, 40 miljoen in totaal, voor de bouw van seniorenwoningen in buurten. Maar Kamerlid Frank Futselaar benadrukt dat dat niet de belangrijkste reden is om met de plannen in te stemmen. “Meer investeren in natuur en het verlagen van stikstofuitstoot was voor ons het belangrijkste om aan tafel te zitten.”

Waarom zorgt stikstof voor zo veel problemen in Nederland?

Chagrijn boeren en oppositie blijft

Anderhalf jaar geleden zette de Raad van State een streep door het stikstofbeleid van het kabinet omdat het beschermde natuurgebieden (Natura 2000) verwaarloosde. Daardoor werden in één klap alle bouwvergunningen die met dat beleid (het Programma Aanpak Stikstof, of PAS) waren gegeven, ongeldig. Veel bouwplaatsen kwamen stil te liggen.

Wat volgde waren noodverbandjes om ‘stikstofruimte’ te creëren, zodat in ieder geval de woning- en wegenbouw weer kon worden hervat. Vorig jaar werd daarom in allerijl een spoedwet door het parlement geloodst, maar er was veel tegenstand van de boeren en oppositiepartijen.

Die weerstand is nooit weggegaan. GroenLinks en PvdA zijn fel tegen de plannen van Schouten. Beide partijen kunnen in hun eentje de coalitie ook aan een meerderheid helpen in de Eerste Kamer.

PvdA: ‘Iedereen is ontevreden, dan doe je iets niet goed’

GroenLinks-Kamerlid Laura Bromet heeft uit onvrede over de kabinetsplannen een eigen stikstofwet gemaakt die, toevallig of niet, op dezelfde dag in de Kamer wordt behandeld als de wet van Schouten. Bromet wil dat de stikstofuitstoot minimaal wordt gehalveerd in 2030. “Het duurt allemaal veel te lang. Nederland zit al anderhalf jaar in onzekerheid”, zegt Bromet.

Ook PvdA-Kamerlid William Moorlag hekelt Schoutens aanpak. “Het is een klassiek voorbeeld van zachte heelmeesters, stinkende wonden.” Ook het nieuwe voorstel kan niet op goedkeuring rekenen van de PvdA’er. “Het is minder dan de Commissie-Remkes adviseert en het is geen oplossing voor de stagnerende woningbouw en economische ontwikkeling.”

De boeren zijn ook niet tevreden. Drie weken terug was er weer een protest met trekkers in Den Haag. De agrariërs zijn vooral tegen de vrijwillige opkoopregeling voor boeren die vlakbij beschermd natuurgebied zitten. “Iedereen is ontevreden. Dan doe je iets niet goed”, aldus Moorlag.

Donderdag debatteert de Kamer eerst over de stikstofwet van GroenLinks. Aansluitend worden de plannen van Schouten behandeld.

Zie ook: Opnieuw boerenprotest in Den Haag: waarom gaan ze deze keer de weg op?

Lees meer over: Politiek  Stikstofuitspraak

Schouten vindt steun bij oppositie voor bekritiseerde stikstofwet

NOS 09.12.2020 Minister Schouten heeft toch voldoende steun gevonden voor haar stikstofwet, bedoeld om de natuur beter te beschermen. Oppositiepartijen SP, SGP en 50Plus zullen voor de bekritiseerde wet stemmen en daardoor is er in de Tweede en Eerste Kamer een meerderheid.

Om de steun van de oppositiepartijen te krijgen, zal het kabinet meer doen om stikstofgevoelige natuur te beschermen. In de wet wordt vastgelegd dat in 2025 40 procent en in 2035 zo’n 74 procent van stikstofgevoelige natuur weer helemaal gezond is.

Zorgbuurthuizen

Ook komt er compensatie voor bepaalde landbouwbedrijven die extra last ondervonden van het verbieden van de soepele stikstofregels. En er komt 20 miljoen extra voor woningbouw en dan vooral voor zorgbuurthuizen, zo is afgesproken met de drie partijen.

Farmers Defence Force zegt in een reactie te verwachten dat er harde acties volgen. De boerenactiegroep concludeert dat er “niks voor de landbouw” is geregeld behalve een verzwaring. De doelen zouden onhaalbaar zijn.

De Nederlandse Melkveehouders Vakbond is eveneens niet te spreken over de deal. De bond zegt eerder bezorgd dan gerustgesteld te zijn. De NMV pleit voor innovatie en niet voor uitkoop.

Tijdelijke maatregelen

Minister Schouten is al sinds mei 2019 met de stikstofproblemen bezig. Toen verbood de Raad van State het soepel verlenen van bouw- en landbouwvergunningen rondom natuurgebieden. Door de uitstoot van stikstof wordt de natuur te veel aangetast en dat is tegen Europese regels.

Met veel moeite lukte het minister Schouten eind 2019 een tijdelijke spoedwet door het parlement te krijgen, met steun van een gelegenheidscoalitie van Groep Otten, 50Plus en SGP. In deze spoedwet stonden allemaal tijdelijke maatregelen die op 1 januari 2021 verlopen.

Bouwprojecten

In oktober kwam Schouten met haar definitieve Wet stikstofreductie en natuurverbetering, waarin staat dat de stikstofuitstoot in 2030 26 procent lager moet liggen dan nu. Ze wil zo regelen dat er niet alleen minder stikstof in de natuur komt, maar dat er ook bouwprojecten kunnen doorgaan. Want door de strengere stikstofregels moesten veel bouwprojecten worden opgeschort, terwijl er een groot woningtekort is. Voor de woningbouw wordt 1 miljard extra uitgetrokken.

Op Schoutens cijfer van 26 procent kwam veel kritiek. Een commissie had al maanden eerder gezegd dat het 50 procent moest zijn. Maar de minister zegt dat 50 procent financieel en maatschappelijk lastig haalbaar is. Tegen de stikstofmaatregelen is fel protest bij boerenorganisaties, die er weinig voor voelen om hun bedrijf te verkopen, al is het vrijwillig.

Vraagtekens

Van de oppositiepartijen GroenLinks en PvdA kon Schouten niet op steun rekenen, omdat zij vinden dat er te weinig wordt gedaan aan het herstel van de beschadigde natuur. De hulp van de PVV en Forum voor Democratie was uitgesloten, omdat die vraagtekens zetten bij de omvang van het stikstofprobleem.

De Tweede Kamer zal waarschijnlijk nog deze week over de stikstofwet debatteren. In het nieuwe jaar volgt de Eerste Kamer, maar Schouten kan in ieder geval verzekerd zijn van voldoende steun.

BEKIJK OOK;

Europese Commissie wil honderd klimaatneutrale steden in 2030

NU 09.12.2020 De Europese Commissie wil dat er over tien jaar honderd klimaatneutrale steden in de EU zijn. Ook moet gezamenlijk vervoer tot 500 kilometer CO2-vrij zijn. Dat staat in plannen die Eurocommissaris Frans Timmermans (Klimaat) woensdag heeft gepresenteerd.

De Europese Unie heeft het voornemen om in 2050 volledig klimaatneutraal te zijn. Vervoer is momenteel goed voor een kwart van de uitstoot van broeikasgassen in de EU. Daarom heeft Timmermans plannen geformuleerd om de uitstoot daarvan terug te dringen.

Een deel van die plannen lekte vorige week al uit. Zo wil hij dat er in 2030 in de EU zo’n dertig miljoen volledig elektrische auto’s rondrijden. Ook moet het gebruik van hogesnelheidstreinen tegen die tijd zijn verdubbeld.

Tevens moeten over tien jaar de eerste volledig schone schepen zijn gebouwd en over vijftien jaar volledig schone vliegtuigen. Om dit mogelijk te maken, moeten er klimaatneutrale vliegvelden en havens komen.

Als het aan Timmermans ligt, blijft het daar niet bij. Zo moeten over tien jaar honderd steden in de EU klimaatneutraal zijn. Ook wil hij dat geplande gezamenlijke reizen tot 100 kilometer uitstootvrij zijn. Daarbij kun je denken aan onder meer busvervoer.

Bovendien streeft de Europese Commissie ernaar dat in 2050 vrijwel alle personenauto’s, bestelbusjes en bussen emissievrij rijden. Dit geldt tevens voor nieuwe vrachtwagens. Ook wil Timmermans dat de hoeveelheid vracht die per spoor wordt vervoerd over dertig jaar is verdubbeld, dat er meer fietspaden worden aangelegd en dat zelfrijdende auto’s op grote schaal worden ingezet.

Lees meer over: Klimaat Frans Timmermans Economie

VN: 2021 wordt van doorslaggevend belang voor Parijsakkoord

NU 09.12.2020 De wereld heeft een belangrijk klimaatjaar voor de boeg, stelt VN-milieuprogramma UNEP woensdag in een nieuw rapport. Landen moeten nieuwe klimaatdoelen indienen en een bestemming zoeken voor biljoenen euro’s coronasteun.

Die politieke keuzes kunnen een groot verschil maken in de uiteindelijke opwarming van de aarde, valt te lezen in Emissions Gap. Dat jaarlijkse rapport, waar ook het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) aan meeschrijft, bevat een vergelijking van mondiale en nationale klimaatbeloften en de werkelijke CO2-uitstoot.

De afgelopen jaren bleef het verhaal ongeveer gelijk: in Parijs is afgesproken de opwarming (bij voorkeur) te beperken tot 1,5 graad. De uitstootdoelen van alle landen leiden echter tot een opwarming rond 3 graden, terwijl de werkelijke uitstoot nóg hoger lag.

Om het Parijsakkoord te laten slagen, moet dus een grote ‘emissiekloof’ worden gedicht.

Emissiedip coronacrisis scheelt 0,01 graden opwarming

Die kloof werd nooit kleiner, tot de editie van 2020 – het jaar dat gedomineerd wordt door een andere crisis: de coronapandemie. Door een afname van weg- en vliegverkeer en industriële activiteit valt de CO2-uitstoot dit jaar naar schatting 7 procent lager uit.

Alhoewel nooit eerder zo’n scherpe daling is voorgekomen, is het effect op klimaatverandering te vergelijken met een druppel op een gloeiende plaat: 0,01 graad in 2050, volgens berekening in het nieuwe rapport.

De simpele reden: de uitstootdaling door de coronacrisis is tijdelijk; volgend jaar zal die weer terugveren.

Kleur van herstelpakketten kan wel veel verschil maken

UNEP verwacht echter dat de coronacrisis toch een doorslaggevende uitwerking kan hebben op de klimaatverandering. Dat heeft niet te maken met de tijdelijke CO2-daling, maar met de economische herstelpakketten die nu wereldwijd vorm krijgen en die in totaal al een bedrag van ruim 10 biljoen euro vertegenwoordigen.

Als dat geld vooral in oude economische sectoren wordt gestoken, zal de wereldwijde CO2-uitstoot versneld stijgen, zoals na de laatste mondiale recessie van 2009 het geval was. Als een substantieel deel echter in duurzame technologie geïnvesteerd wordt, zal het een omgekeerd effect hebben: de energietransitie kan dan versnellen en de uitstoot structureel dalen.

Het verschil met de vorige recessie is dat die keuze door scherpe prijsdalingen van zon, wind en batterijtechnologie ook economisch een stuk logischer is geworden. Daarnaast kunnen duurzame investeringen veel werkgelegenheid creëren. Daarom wil bijvoorbeeld de Europese Unie dat ten minste 37 procent van de herstelfondsen ‘groen’ zal zijn.

“Boris Johnson wil dat de Britse uitstoot in 2030 67 procent onder het niveau van 1990 uitkomt – een doel dat in lijn is met beperking van de opwarming tot 1,5 graad.”

Nieuwe 2030-doelen kunnen ‘klimaatkloof’ graad verkleinen

In 2021 speelt een andere doorslaggevende factor: vóór de VN-klimaattop in Glasgow aan het einde van het jaar, moeten alle aan het Parijsakkoord deelnemende landen nieuwe, ambitieuzere emissiedoelen voor het jaar 2030 indienen.

Het Verenigd Koninkrijk, gastheer voor de klimaattop, heeft de spits afgebeten: Boris Johnson wil dat de Britse uitstoot in 2030 67 procent onder het niveau van 1990 uitkomt. Deze week staat 2030-doelen ook in Brussel hoog op de agenda. De Europese Commissie heeft een uitstootverlaging van 55 procent voorgesteld.

Als ook andere landen hun emissiedoelen aanscherpen, komt de wereld op koers voor beperking van de opwarming tot circa 2 graden, zo blijkt uit het nieuwe rapport. Om onder 1,5 graad te blijven is nog een verdere uitstootverlaging nodig.

Groene stippen op de horizon ‘bemoedigende ontwikkeling’

Op de achtergrond speelt een ander belangrijk lichtpunt, zegt auteur Michel den Elzen van het PBL tegen NU.nl: van Canada tot Nieuw-Zeeland en Japan hebben veel landen de afgelopen maanden een stip op de horizon gezet. Rond 2050 moet hun uitstoot van broeikasgassen op (netto) nul uitkomen.

“Het groeiende aantal landen dat zich aan dit einddoel gecommitteerd heeft, is de belangrijkste en meest bemoedigende ontwikkeling wat betreft klimaatbeleid dit jaar.”

Als het werkelijke beleid én de CO2-uitstoot in de komende jaren richting zulke doelen buigt, kunnen we voorzichtig de conclusie trekken dat het met de klimaatstrijd de goede kant op gaat en de worstcasescenario’s onwaarschijnlijker worden.

Zo ver zijn we nog niet, zegt Den Elzen: “Om geloofwaardig te kunnen zijn, moeten de beloften dringend vertaald worden in krachtig klimaatbeleid en uitstootreducties voor de nabije toekomst. Onder meer met ambitieuzere emissiedoelen voor 2030.”

Lees meer over: Klimaat 

Alleen ‘groen herstel’ kan leiden tot halen van Parijse klimaatdoelen

NOS 09.12.2020 De coronacrisis leidt tot een daling van de wereldwijde CO2-uitstoot met zeven procent in 2020. Maar dit is nog onvoldoende om de doelen uit het Parijse Klimaatakkoord voor 2030 binnen bereik te brengen. Dat is een van de belangrijkste conclusies van het zogenoemde Emissions Gap Report van de VN. Wel stelt de VN dat een ‘groen’ herstel tot een uitstootvermindering in 2030 van 25 procent zou kunnen leiden.

Alleen als herstelmaatregelen na de coronacrisis gepaard gaan met forse uitstoot-reductieplannen, zijn de Parijse doelen nog haalbaar. Zo niet, dan raken die snel buiten beeld, stelt de VN. De daling van dit jaar leidt maar tot 0,01 graad minder temperatuurstijging halverwege deze eeuw, heeft de VN berekend.

Als gevolg van corona werken mensen thuis, produceren fabrieken minder, en is er fors minder luchtverkeer. Dat leidt wereldwijd tot minder broeikasgassen. Maar er zijn grote verschillen, vertelt Michel den Elzen van het Nederlandse Planbureau voor de Leefomgeving, die meewerkte aan het rapport. “Die 7 procent is een gemiddelde. In China bijvoorbeeld is er maar sprake van een daling van 1 à 2 procent. In Europa daalde de uitstoot met 8 procent en in de VS met bijna 12 procent.”

Kloof blijft groot

Uit deze cijfers is af te leiden dat de coronacrisis in China veel sneller onder controle was dan in de EU en de VS, beaamt Den Elzen. De 7 procent daling is veel als je bedenkt dat de mondiale uitstoot zonder corona dit jaar waarschijnlijk weer gestegen zou zijn, net als voorgaande jaren. Maar vanuit het perspectief van de opwarming van de aarde is het verwaarloosbaar.

De kloof tussen datgene wat in 2015 in Parijs is afgesproken en de huidige en toekomstige uitstoot blijft daarom onverminderd groot. De beloftes van alle landen bij elkaar opgeteld zijn nog bij lange na niet voldoende om die Parijse doelen te kunnen halen.

Het jaarlijkse Emissions Gap Report verschijnt altijd vlak voor de mondiale klimaattop, die aan het eind van elk jaar wordt gehouden. Dit jaar had de conferentie in Glasgow zullen zijn, maar vanwege corona is de top uitgesteld tot volgend najaar. Wel is er komende zaterdag een online meeting, onder voorzitterschap van de Britse premier Johnson. Die dag is het ook precies vijf jaar geleden dat het Parijse Klimaatakkoord werd gesloten.

“Belangrijk is dat het niet bij mooie woorden en beloftes blijft. Nu zullen regeringen ook daadwerkelijk beleid moeten maken en met concrete maatregelen komen”, aldus Michel den Elzen, Planbureau voor de Leefomgeving

Opvallend is wel, aldus het rapport, dat steeds meer landen beloven om halverwege deze eeuw op nul uitstoot te willen uitkomen. Dit is een “significante en bemoedigende ontwikkeling”, stelt de VN. Op het moment dat het rapport werd vastgesteld hadden 126 landen aangekondigd dat ze hun uitstoot tot nul willen terugbrengen, op enig moment halverwege deze eeuw. Samen zijn deze landen goed voor 51 procent van de wereldwijde hoeveelheid broeikasgassen.

Recent heeft een reeks grotere landen een dergelijke belofte gedaan, zoals China, Zuid-Korea, Japan en Zuid-Afrika. De EU deed dit al eerder en praat deze week op een top over het aanscherpen van het klimaat-tussendoel in 2030. “Maar”, zegt Michel den Elzen, “belangrijk is dat het niet bij mooie woorden en beloftes blijft. Nu zullen regeringen er ook daadwerkelijk beleid op moeten maken en met concrete maatregelen moeten komen.”

Eerder werd al duidelijk dat de inspanningen van regeringen wereldwijd met een factor 3 omhoog moeten, om de opwarming te beperken tot twee graden, en zelfs moeten worden vervijfvoudigd om anderhalve graad te kunnen halen.

Lucht- en scheepvaart

In Parijs werd in 2015 afgesproken dat de opwarming van de aarde beperkt moet blijven tot ruim onder de twee graden, en liefst in de buurt van de anderhalve graad. Sindsdien is uit wetenschappelijk onderzoek gebleken dat de verschillen tussen twee en anderhalve graad opwarming veel groter zijn dan in 2015 werd gedacht.

Het rapport gaat ook in op de lucht- en scheepvaart, die samen ongeveer 5 procent uitstoten van de mondiale emissies. Volgens het rapport moeten ze efficiënter met energie omgaan, en moeten ze snel een transitie doormaken om te kunnen stoppen met fossiele brandstoffen.

Ook burgers moeten worden aangemoedigd om minder energie te gebruiken. Vooral de rijke elites, die verhoudingsgewijs veel uitstoten, zullen hun ‘voetafdruk’ met een factor dertig moeten verlagen. Alleen dan kunnen ze, aldus het rapport, ‘in lijn met Parijs’ blijven.

BEKIJK OOK;

VN: 2021 wordt van doorslaggevend belang voor Parijsakkoord

MSN 09.12.2020 De wereld heeft een belangrijk klimaatjaar voor de boeg, stelt VN-milieuprogramma UNEP woensdag in een nieuw rapport. Landen moeten nieuwe klimaatdoelen indienen en een bestemming zoeken voor biljoenen euro’s coronasteun.

Die politieke keuzes kunnen een groot verschil maken in de uiteindelijke opwarming van de aarde, valt te lezen in Emissions Gap. Dat jaarlijkse rapport, waar ook het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) aan meeschrijft, bevat een vergelijking van mondiale en nationale klimaatbeloften en de werkelijke CO2-uitstoot.

De afgelopen jaren bleef het verhaal ongeveer gelijk: in Parijs is afgesproken de opwarming (bij voorkeur) te beperken tot 1,5 graad. De uitstootdoelen van alle landen leiden echter tot een opwarming rond 3 graden, terwijl de werkelijke uitstoot nóg hoger lag.

Om het Parijsakkoord te laten slagen, moet dus een grote ‘emissiekloof’ worden gedicht.

Emissiedip coronacrisis scheelt 0,01 graden opwarming

Die kloof werd nooit kleiner, tot de editie van 2020 – het jaar dat gedomineerd wordt door een andere crisis: de coronapandemie. Door een afname van weg- en vliegverkeer en industriële activiteit valt de CO2-uitstoot dit jaar naar schatting 7 procent lager uit.

Alhoewel nooit eerder zo’n scherpe daling is voorgekomen, is het effect op klimaatverandering te vergelijken met een druppel op een gloeiende plaat: 0,01 graad in 2050, volgens berekening in het nieuwe rapport.

De simpele reden: de uitstootdaling door de coronacrisis is tijdelijk; volgend jaar zal die weer terugveren.

Kleur van herstelpakketten kan wel veel verschil maken

UNEP verwacht echter dat de coronacrisis toch een doorslaggevende uitwerking kan hebben op de klimaatverandering. Dat heeft niet te maken met de tijdelijke CO2-daling, maar met de economische herstelpakketten die nu wereldwijd vorm krijgen en die in totaal al een bedrag van ruim 10 biljoen euro vertegenwoordigen.

Als dat geld vooral in oude economische sectoren wordt gestoken, zal de wereldwijde CO2-uitstoot versneld stijgen, zoals na de laatste mondiale recessie van 2009 het geval was. Als een substantieel deel echter in duurzame technologie geïnvesteerd wordt, zal het een omgekeerd effect hebben: de energietransitie kan dan versnellen en de uitstoot structureel dalen.

Het verschil met de vorige recessie is dat die keuze door scherpe prijsdalingen van zon, wind en batterijtechnologie ook economisch een stuk logischer is geworden. Daarnaast kunnen duurzame investeringen veel werkgelegenheid creëren. Daarom wil bijvoorbeeld de Europese Unie dat ten minste 37 procent van de herstelfondsen ‘groen’ zal zijn.

Nieuwe 2030-doelen kunnen ‘klimaatkloof’ graad verkleinen

In 2021 speelt een andere doorslaggevende factor: vóór de VN-klimaattop in Glasgow aan het einde van het jaar, moeten alle aan het Parijsakkoord deelnemende landen nieuwe, ambitieuzere emissiedoelen voor het jaar 2030 indienen.

Het Verenigd Koninkrijk, gastheer voor de klimaattop, heeft de spits afgebeten: Boris Johnson wil dat de Britse uitstoot in 2030 67 procent onder het niveau van 1990 uitkomt. Deze week staat 2030-doelen ook in Brussel hoog op de agenda. De Europese Commissie heeft een uitstootverlaging van 55 procent voorgesteld.

Als ook andere landen hun emissiedoelen aanscherpen, komt de wereld op koers voor beperking van de opwarming tot circa 2 graden, zo blijkt uit het nieuwe rapport. Om onder 1,5 graad te blijven is nog een verdere uitstootverlaging nodig.

Groene stippen op de horizon ‘bemoedigende ontwikkeling’

Op de achtergrond speelt een ander belangrijk lichtpunt, zegt auteur Michel den Elzen van het PBL tegen NU.nl: van Canada tot Nieuw-Zeeland en Japan hebben veel landen de afgelopen maanden een stip op de horizon gezet. Rond 2050 moet hun uitstoot van broeikasgassen op (netto) nul uitkomen.

“Het groeiende aantal landen dat zich aan dit einddoel gecommitteerd heeft, is de belangrijkste en meest bemoedigende ontwikkeling wat betreft klimaatbeleid dit jaar.”

Als het werkelijke beleid én de CO2-uitstoot in de komende jaren richting zulke doelen buigt, kunnen we voorzichtig de conclusie trekken dat het met de klimaatstrijd de goede kant op gaat en de worstcasescenario’s onwaarschijnlijker worden.

Zo ver zijn we nog niet, zegt Den Elzen: “Om geloofwaardig te kunnen zijn, moeten de beloften dringend vertaald worden in krachtig klimaatbeleid en uitstootreducties voor de nabije toekomst. Onder meer met ambitieuzere emissiedoelen voor 2030.”

Wiebes wil kolencentrales op een veel lager pitje zetten

RTL 09.12.2020 Het lukt het kabinet maar niet om de uitstoot van CO2 naar zo’n niveau te krijgen, dat het vonnis uit de Urgenda-zaak wordt gevolgd. Om dit alsnog te halen, wil minister Wiebes van Economische Zaken kolencentrales dwingen om op een laag pitje te draaien de komende jaren.

Het kabinet werd in december van vorig jaar door de Hoge Raad veroordeeld om de uitstoot van CO2 flink terug te dringen. Dat gebeurde na jarenlang procederen door duurzaamheidsorganisatie Urgenda.

Eind van dit jaar moet de uitstoot van CO2 25 procent lager liggen dan in 1990, zo oordeelde de hoogste bestuursrechter van ons land. Of dat lukt, is alleen onzeker, meldt minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) vandaag aan de Tweede Kamer.

December 2019

Hoge Raad: CO2-uitstoot moet verder worden verminderd

Volgens Wiebes  ligt dat aan ‘exogene ontwikkelingen’ waar het kabinet geen invloed op kan uitoefenen, maar hij grijpt toch in.

Die ‘exogene ontwikkelingen’ hebben onder meer betrekking op de lage gasprijs in de afgelopen tijd, legt een woordvoerder van het ministerie uit. Dankzij die lage gasprijs, is de energie die daarmee wordt opgewekt in Nederland ineens aantrekkelijk voor Duitse inkopers. Meer vraag betekent meer productie én meer uitstoot van CO2 in Nederland.

Lees ook:

Kabinet wil minder kolencentrales en meer subsidie voor vergroening woningen

Om te voorkomen dat de CO2-uitstoot in het huidige jaar en volgend jaar boven het niveau uitkomt dat mag, wil Wiebes extra maatregelen nemen. De belangrijkste maatregel: kolencentrales mogen maar op een beperkt vermogen draaien de komende jaren.

Als het wetsvoorstel dat Wiebes hiervoor heeft ingediend wordt aangenomen, mogen de drie kolencentrales in ons land op slechts 35 procent van hun maximale productie draaien. De maatregel geldt tot en met 2024.

Een derde van de capaciteit

Het liefst had Wiebes de centrales nog maar op 25 procent van hun kunnen laten draaien, maar dat is door verschillende redenen niet mogelijk. In een van de centrales is het bijvoorbeeld niet mogelijk om bepaalde restproducten te verbranden als de capaciteit onder de 35 procent komt.

Het gaat om de centrale van het bedrijf Uniper op de Maasvlakte. In deze centrale worden onder meer dierlijke resten verbrand, legt een woordvoerder van het bedrijf uit. Dat kan alleen op hoge temperaturen, waardoor de centrale het hele jaar door moet draaien.

Laag pitje

Verder worden de kolencentrales minder efficiënt naarmate ze op een lager pitje draaien. Als ze op minder dan 35 procent van de capaciteit draaien, gaat de uitstoot van CO2 per opgewekte megawatt stroom omhoog.

Behalve het op een lager pitje zetten van de centrales is Wiebes ook nog in onderhandeling met de eigenaren van de Onyx-centrale op de Maasvlakte. Het Amerikaanse bedrijf Riverstone heeft een aanvraag ingediend bij Wiebes voor een subsidie in ruil voor sluiting van de centrale, die overigens buiten gebruik is vanwege een defect.

Lees ook:

Eigenaar wil kwart miljard subsidie om kapotte kolencentrale te sluiten

Op het ministerie wordt nu bekeken of de aanvraag van het bedrijf voor een subsidie van 238 miljoen euro wel voldoet aan de eisen die zijn gesteld. Het bedrijf moet onder meer zorgen voor een goede regeling voor de werknemers van de centrale.

Met een eventueel akkoord van Wiebes is de deal overigens nog niet rond. De Europese Commissie zal er nog naar moeten kijken om te oordelen of er geen sprake is van ongeoorloofde staatssteun. Ook de Tweede Kamer moet nog goedkeuring geven.

Goedkeuring parlement nodig

Omdat dit traject nog wel enige tijd in beslag kan nemen, zal de verlaging van CO2-uitstoot dankzij de al bestaande en extra maatregelen pas volgend jaar een feit zijn. Wanneer volgend jaar is onduidelijk, dat is onder meer afhankelijk van de snelheid waarmee er in de Tweede en Eerste Kamer over Wiebes voorstel wordt gestemd.

Daarnaast moet Wiebes er ook nog uitkomen met de eigenaren van de centrales die blijven draaien. Zij eisen een vergoeding voor de stroom die zij niet meer kunnen opwekken als de maatregel van kracht wordt. De bedrijven zijn hierover in onderhandeling met Wiebes.

Meer: Michaël Niewold Eric Wiebes Ministerie van Economische Zaken en Klimaat Kolen Energie Elektriciteit Klimaat Klimaatakkoord

Kabinet sluit deal met SP, 50Plus en SGP over stikstofwet

AD 09.12.2020 Het kabinet heeft een akkoord bereikt met oppositiepartijen SP, 50Plus en SGP over de stikstofwet die donderdag in de Tweede Kamer wordt behandeld. Dat laat een woordvoerder van het ministerie van Landbouw weten. Met de opmerkelijke deal, vooral door deelname van de SP, heeft landbouwminister Carola Schouten zich verzekerd van brede steun voor haar wet in de senaat.

De afgelopen dagen is lang gepraat over het wetsvoorstel, waarover woensdagavond eindelijk een deal is gesloten. In ruil voor steun krijgen de partijen onder meer de toezegging dat in 2035 bijna driekwart van de gevoelige natuur niet meer beschadigd wordt door de stikstofneerslag. Daarvoor moet de stikstofuitstoot gehalveerd worden.

De adviescommissie van Johan Remkes had dat ook al geadviseerd. Ook zet het kabinet een tussendoel in de wet van 40 procent van de natuur op een gezond stikstofniveau in 2025. Daarnaast komt er onder meer 20 miljoen euro extra voor zorgbuurthuizen, als onderdeel van een extra impuls voor de woningbouw.

Lees ook;

Vergunning voor PAS-melders

Verder belooft het kabinet dat de duizenden zogenoemde PAS-melders een vergunning krijgen. Dit zijn ondernemers die tussen 2015 en 2019 melding maakten van uitbreiding van hun bedrijf. Onder het vorige stikstofbeleid (PAS) was zo’n melding voldoende. Maar omdat de Raad van State hier in 2019 een streep door zette, is voor de ingenomen stikstofruimte wel een vergunning nodig. Daardoor ontstond onzekerheid voor deze ‘melders’.

Vooral de SGP, een partij met een grote boeren achterban, wilde duidelijkheid voor deze groep. Deze kleine, streng christelijke, partij sleepte ook het ‘landbouwakkoord’ (naar voorbeeld van het klimaat- en pensioenakkoord) in de wacht. Dat akkoord moet verschillende organisaties bij elkaar brengen, in de hoop boeren meer duidelijkheid te bieden op de lange termijn.

Natuurgebieden beschermen

De RvS-uitspraak in 2019 had verregaande gevolgen voor de woningbouw en de landbouw. De uitstoot van stikstof moest flink naar beneden om bepaalde natuurgebieden beter te beschermen. Hierdoor liep het uitgeven van vergunningen projecten waarmee stikstof wordt uitgestoten volledig vast, terwijl er al een groot tekort aan woningen is.

Om de bouw van woningen en de aanleg van infrastructuur op gang te brengen, stelt het kabinet een reeks maatregelen voor. Schouten kondigde al eerder aan dat het kabinet 2 miljard uittrekt om de stikstofuitstoot door de landbouw, industrie en bijvoorbeeld scheepvaart te verlagen en 3 miljard om de speciale natuurgebieden te versterken. Daarnaast is een half miljard opzij gezet voor schonere woningbouw.

Minister Schouten sluit deal met oppositie over stikstofwet | RTL Nieuws

RTL 09.12.2020 Het kabinet slaagt er in om de omstreden stikstofwet probleemloos door de Tweede en de Eerste Kamer te loodsen. Minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft hierover afspraken gemaakt met SP, SGP en 50Plus, waardoor sprake is van een meerderheid in beide Kamers.

De wet regelt dat de natuur beter wordt beschermd tegen stikstof en dat schade wordt hersteld. Dankzij de wet worden ook belemmeringen voor de bouw van woningen en de aanleg van wegen weggenomen.

In ruil voor de steun van de drie oppositiepartijen belooft Schouten dat er in 2035 50 procent minder uitstoot van stikstof moet zijn. In 2025 moet 40 procent van de stikstofgevoelige natuurgebieden gezond zijn, in 2030 50 procent en in 2035 74 procent. Het ambitieniveau is daarmee aanzienlijk verhoogd. De oude wet ging niet verder dan 26 procent stikstofreductie in 2030.

Illegaal

Schouten belooft ook een oplossing te vinden voor ruim 6000 voornamelijk agrarische bedrijven die min of meer illegaal zijn geworden als gevolg van het rechterlijke verbod op het oude stikstofbeleid.

Het legt duizenden projecten stil, en boeren en bouwbedrijven raken ervan in de stress: stikstof. Maar wat is de oorzaak van de stikstofcrisis?

De Raad van State zette in mei vorig jaar een streep door het zogenoemde Programma Aanpak Stikstof. Veel bedrijven in de buurt van natuurgebieden die weinig stikstof produceren, hoefden volgens die PAS-regeling geen vergunning aan te vragen. Voor de helft van die bedrijf volstond het om zich te melden. De andere helft van de bedrijven produceert zelfs zo weinig stikstof dat ze recht hadden op vrijstelling.

Vergunningplichtig

Door de ingreep van de Raad van State werden die bedrijven dus vergunningsplichtig. Schouten gaat er daarom voor zorgen dat deze ondernemers de benodigde papieren krijgen en dat er elders compensatie komt voor de hoeveelheid stikstof die ze uitstoten.

Om met name de SP tegemoet te komen, komt er ook een extra woningbouwimpuls met onder andere extra miljoenen voor zorgbuurthuizen. Daardoor komen er duizenden extra plekken voor ouderen.

Tenslotte zijn er afspraken gemaakt om met een breed landbouwakkoord te komen.

Lees ook:

Kabinet trekt miljard uit om stilvallen bouw door stikstof te voorkomen

Het oorspronkelijke stikstofplan van het kabinet was omstreden. Met name linkse partijen vonden het ambitieniveau te laag. Daarom heeft GroenLinks een eigen wetsvoorstel ingediend dat uitgaat van het verminderen van de uitstoot met 50 procent al in 2030. Minister Schouten wilde zo veel mogelijk draagvlak voor haar plannen en heeft daarom ook met GroenLinks en de PvdA gesproken. Maar het lukte niet met die partijen tot een compromis te komen.

Natuurherstel

Het kabinet trekt tot 2030 in totaal 6 miljard euro uit voor het stikstofbeleid. Hiervan is 3 miljard bestemd voor natuurherstel, 2 miljard voor maatregelen om de uitstoot te beperken, zoals bijvoorbeeld het uitkopen van boeren en 1 miljard om de bouw duurzamer te maken en compenserende maatregelen te nemen voor bouwprojecten.

Morgen vergadert de Tweede Kamer over de nieuwe stikstofwet, die nu dus zeker op een meerderheid kan rekenen. Begin volgend jaar gaat als gevolg van de deal ook de Eerste Kamer akkoord. Morgen staat ook de wet van GroenLinks op de agenda, maar die gaat het dus niet halen.

Meer: Ron Kragten Carola Schouten Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Socialistische Partij 50PLUS SGP Stikstofcrisis Nederland

Kabinet neemt extra maatregelen voor CO2-reductie

RO 09.12.2020 Het kabinet neemt extra maatregelen om de CO2-uitstoot in Nederland op korte termijn verder terug te dringen. De ministerraad heeft afgelopen vrijdag ingestemd met de maatregelen die worden genomen om te voldoen aan het vonnis in de Urgenda-zaak. Nederland moet de CO2-uitstoot in 2020 en de jaren erna met ten minste 25 procent verminderen ten opzichte van 1990.

Ondanks het feit dat Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)  in zijn prognoses nog niet alle door het kabinet aangekondigde maatregelen in april om aan het vonnis te voldoen heeft kunnen meenemen, vindt het kabinet dat de onzekerheidsbandbreedte over de emissies fors is. Dit is aanleiding geweest voor het kabinet om nogmaals scherp te kijken waar eventueel aanvullende inzet mogelijk is, zowel bij de kolenmaat­regelen als bij andere maatregelen om aan het vonnis te voldoen.

Kolencentrales

Een forse CO2-reductie wordt verwacht door de komende jaren de elektriciteitsproductie met kolen behoorlijk terug te brengen.

Bovendien heeft het kabinet  een call for proposals opengesteld om één van de drie moderne kolencentrales in Nederland de mogelijkheid te geven om vrijwillig met subsidie te sluiten. Er is één aanvraag voor subsidie binnengekomen. Momenteel wordt beoordeeld of het ingediende voorstel voldoet aan gestelde eisen, waaronder adequate ondersteuning van werknemers en overcompensatie.

Als aan de voorwaarden wordt voldaan, wordt er opnieuw een kolencentrale gesloten. De productie­ van kolencentrales wordt tot 35% beperkt; een nog lager percentage is in ieder geval bij één centrale technisch niet mogelijk. Verder heeft het kabinet besloten om de productiebeperking met een jaar te verlengen tot en met 2024 waarmee wordt aangesloten bij de verwachtingen uit de Klimaat- en Energieverkenning 2020 van het PBL.

Maatregelen voor verduurzaming

Naast maatregelen gericht op de productiebeperking van de kolencentrales werkt het kabinet op dit moment verder aan verschillende maatregelen om de CO2-uitstoot nog verder terug te dringen. Zo is de uitvoering van de energiebesparingsverplichting met de invoering van de informatieplicht vergemakkelijkt voor bedrijven, met name mkb .

In het kader van de uitvoering van het Urgendavonnis zijn al eerder middelen beschikbaar gesteld voor de handhaving hiervan. In aanvulling daarop wil het kabinet 9,5 miljoen euro extra in zetten voor meerjarige extra handhavingscapaciteit. Deze extra inzet is belangrijk omdat het hier gaat om verdergaande emissiereductie met een korte terugverdientijd – hier verdienen ondernemers geld met klimaatmaatregelen.

Verder wil het kabinet de energiebesparingsplicht verbreden en verbeteren. Ook wordt onderzocht wat het effect en de wenselijkheid is van het verbreden van de energiebesparings­verplichting naar ETS-bedrijven. Aanvullend hierop verkent het kabinet samen met de industrie de mogelijkheid voor een convenant voor CO₂-reductie voor de energie-intensieve bedrijven die niet onder de CO2-heffing vallen. Tenslotte verkent het kabinet de mogelijkheden om de ontwikkeling naar een circulaire economie, waarmee op termijn veel CO2 kan worden bespaard, te versnellen.

Documenten

Kamerbrief over Klimaat- en Energieverkenning 2020 en Urgenda-vonnis

Kamerstuk: Kamerbrief | 09-12-2020

Zie ook;

Kabinet zoekt steun stikstofwet in ongebruikelijke hoek: bij SP

MSN 09.12.2020 Landbouwminister Carola Schouten hoopt op steun uit onverwachte hoek voor haar stikstofwet, die donderdag in de Tweede Kamer wordt behandeld. Zij spreekt niet alleen met de SGP en 50PLUS, maar ook met de SP, melden bronnen rond het kabinet aan het ANP.

Met GroenLinks en de PvdA, waar het kabinet de afgelopen tijd juist vaak deals sloot, is al een tijd niet gesproken over de stikstofimpasse, melden de bronnen. Een mogelijke deal met de socialistische partij zou historisch zijn, melden ingewijden. De SP voert normaal gesproken fel oppositie, maar de partij ziet “meer dan ooit” de kans om na de verkiezingen regeringsverantwoordelijkheid te nemen, zei SP-leider Lilian Marijnissen eerder.

Schouten wacht donderdag een zware klus. De Kamer buigt zich dan over haar wet die ertoe moet leiden dat er weer bouwvergunningen worden verstrekt. Dat kan nu slechts beperkt, omdat Nederland nog te veel stikstof uitstoot, waardoor gevoelige natuurgebieden onvoldoende beschermd worden.

Rechts keert zich tegen EU-regels

Die wet kan vooralsnog niet op een meerderheid in de Eerste Kamer rekenen. Links vindt dat de stikstofuitstoot niet genoeg wordt verlaagd, rechtse partijen keren zich juist tegen de EU-regels over de beschermde natuurgebieden. Met de SP, SGP en 50PLUS is er wel een ruime meerderheid in de senaat. Met die partijen is nog geen deal, maar wordt al wel gesproken over compromissen.

De Tweede Kamer spreekt donderdag de hele dag over stikstof. Naast het wetsvoorstel van Schouten, zullen de parlementariërs zich buigen over het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks-Kamerlid Laura Bromet. GroenLinks wil een veel stevigere daling van de stikstofuitstoot en een uitbreiding van natuurgebieden.

Rijk en provincies eens over besteding 3 miljard euro voor sterke natuur

RO 08.12.2020 Rijk en provincies hebben een akkoord bereikt over de besteding van bijna 3 miljard euro voor natuurherstel en -ontwikkeling in de komende 10 jaar. Vanuit het ‘Programma Natuur’ werken overheden, natuurbeheerders en particuliere en agrarische grondeigenaren samen aan regionale en landelijke maatregelen.

De plannen, onderdeel van de structurele stikstofaanpak, omvatten onder meer het versterken en verbeteren van natuurgebieden, hogere vergoedingen voor natuurbeheer en het stimuleren van natuurinclusieve landbouw in gebieden rondom natuurgebieden. Dat staat in het Uitvoeringsprogramma Natuur, dat minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) vandaag – mede namens de provincies – naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Vanuit het Natuurpact (2013) hebben Rijk en provincies de afgelopen jaren al veel geïnvesteerd in natuur. Om de stikstofproblematiek het hoofd te bieden, is extra inzet nodig om de natuur verder te versterken en stikstofgevoelige habitats en leefgebieden van soorten herstellen. Met het Programma Natuur werken Rijk en provincies de komende tien jaar aan verdere verbetering. Het kabinet maakt hiervoor vanuit het beschikbare geld voor de stikstofaanpak tot 2030 jaarlijks tot 300 miljoen euro vrij.

Minister Schouten: “Bij een sterke natuur ligt een groot deel van de oplossing voor het stikstofprobleem. Hoe robuuster de natuur, hoe meer deze tegen een stootje kan en andere activiteiten mogelijk worden. Met het Programma Natuur wil ik – samen met provincies en andere partners – de natuur versterken, zodat stikstofgevoelige soorten en habitats herstellen.

Ook wil ik boeren, natuurbeheerders en grondeigenaren helpen om te investeren in natuurbeheer. Zo kunnen we allemaal bijdragen aan een goede instandhouding van de natuur. Deze maatregelen worden zoveel mogelijk in samenhang met de bronmaatregelen uitgevoerd.”

Gebiedsgerichte en landelijke maatregelen

Van de jaarlijks beschikbare middelen gaat het merendeel naar gebiedsgerichte maatregelen. Provincies dragen samen met gebiedspartijen zorg voor de uitwerking en uitvoering. Met deze maatregelen worden de natuurgebieden en de omgeving ervan – onder regie van de provincies – versterkt, verbeterd en robuuster gemaakt.

Bijvoorbeeld door het verhogen van het waterpeil of de verbetering van natuurgebieden zoals heiden, bossen en graslanden. In overgangsgebieden rondom stikstofgevoelige natuurgebieden worden maatregelen genomen om de natuurgebieden te versterken. Denk daarbij aan het stimuleren van natuurinclusieve vormen van ondernemen, zoals extensievere vormen van landbouw.

Gedeputeerde Pijpelink, namens de provincies: “De komende jaren gaan we een extra impuls geven aan de natuur in Nederland. Daar zijn we blij mee. Dat is nodig om kwaliteit van de natuur te verbeteren en economische ontwikkeling te stimuleren.

Dat krijgen we als provincies het beste voor elkaar met een gebiedsgerichte aanpak. Nu we deze afspraken met het Kabinet gemaakt hebben, kunnen we echt aan de slag om de natuur robuuster te maken!”

Ter versterking van de natuur nemen Rijk en provincies ook nationale maatregelen. Zo stijgen de vergoedingen – aan boeren, natuurbeheerders en grondeigenaren – voor natuurbeheer naar 84% van de kostprijs (momenteel 75%).

Ook worden bomen die vanaf 2017 zijn gekapt voor natuurbeheer (bijvoorbeeld om bos om te vormen naar heide) gecompenseerd. Minister Schouten en de provincies kondigden dat recentelijk ook aan in de Bossenstrategie.

De maatregelen ter versterking van de natuur komen bovenop de inzet voor stikstofreductie bij de bron, klimaat en kringlooplandbouw. Ook blijven alle partijen werken aan de afspraken uit het Natuurpact, zoals de afronding van het Natuurnetwerk Nederland.

Agenda Natuurinclusief

Het Programma Natuur draagt eraan bij dat de Nederlandse natuur in de toekomst in een blijvend goede staat verkeert. Daarvoor is ook aandacht nodig voor het versterken van natuur buiten natuurgebieden, zoals in steden, op het platteland en in de grote wateren.

Daarom werken Rijk en provincies de komende maanden aan een visie op de te volgen koers naar een natuurinclusieve samenleving. Dat moet in de loop van 2021 een Agenda Natuurinclusief opleveren.

Documenten;

Kamerbrief over het Uitvoeringsprogramma Natuur

Kamerstuk: Kamerbrief | 08-12-2020

Uitvoeringsprogramma Natuur

Kamerstuk | 08-12-2020

Zie ook;

‘Stukken bos kaalgekapt in Estland voor Nederlandse biomassacentrales’

NU 05.12.2020 Nederlandse biomassacentrales maken gebruik van hout uit kaalgekapte stukken bos in Estland, blijkt zaterdag uit onderzoek van radioprogramma Argos en onderzoeksplatform Investicovoor onder meer de Groene Amsterdammer. Het gaat om pellets (geperste houtkorrels) gemaakt van onder meer gezonde bomen, die specifiek voor dit doel gekapt zijn. Dit gebeurt ondanks de strenge duurzaamheidseisen die Nederland stelt aan deze vorm van brandstof.

Het gaat om houtkorrels van de op één na grootste fabrikant van houtkorrels ter wereld, Granuul Invest uit Estland. Dit bedrijf zegt in een interview met de onderzoekers pellets te maken van hout van kaalgekapte stukken bos. Dit gebeurt onder meer in natuurgebieden waar de biodiversiteit beschermd wordt volgens Europese afspraken. Vorig jaar exporteerde het bedrijf voor ruim 100 miljoen euro naar Nederland.

Biomassa is voor het kabinet een belangrijke methode om de beoogde CO2-vermindering te halen en zo aan de klimaatplannen te voldoen. Het ministerie voor Economische Zaken en Klimaat stelt een duurzaamheidscertificaat verplicht aan alle houtpellets die daarvoor gebruikt worden. Dit garandeert volgens minister Eric Wiebes dat alleen hout uit “onvermijdelijke reststromen” wordt gebruikt als brandstof.

Kaalkap is een “oogstmethode” die niet in strijd is met de Nederlandse duurzaamheidscertificaten, laat de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland weten volgens het onderzoekscollectief. Maar dit strookt niet met de uitspraken van Wiebes over reststromen, aldus de onderzoekers.

“Als je aan onvermijdelijke reststromen denkt, dan denk je aan zaagsel dat op de grond blijft liggen van een houtzagerij”, zegt journalist Emiel Woutersen van Investico in gesprek met NU.nl. “Maar wat de mensen in Estland ons vertellen is dat zij een heel groot deel van de bossen als reststroom beschouwen.”

Bomen gekapt in beschermde Natura 2000-gebieden

Granuul Invest rekent onder reststromen ook te dunne bomen en boomsoorten als witte elzen en wilgen, omdat deze bomen vanuit economisch perspectief alleen voor de energiemarkt geschikt zijn, zegt Granuul Invest-directeur Raul Kirjanen tegen het onderzoekscollectief. Hierbij zitten ook gezonde bomen, blijkt uit het onderzoek.

Granuul zet hierbij geen pellets apart voor de Nederlandse markt. Granuul laat “alle biomassa voldoen aan de hoogste criteria”, zodat de pellets “vrijelijk gemengd” kunnen worden, laat het bedrijf weten.

Estse bosbeheerders zien kaalkap ook niet als een probleem, zolang het gebeurt bij gebieden die kleiner zijn dan 1 hectare. Valga Puu, dochterbedrijf van Granuul Invest, gebruikt kaalkap ook als oogstmethode in Natura 2000-gebieden. Dit zijn natuurgebieden waar de biodiversiteit volgens Europese afspraken moet worden beschermd. “Houtkap in deze gebieden is niet verboden en mag ook in Nederland”, zegt Woutersen, “maar het is wederom de vraag of je dit als onvermijdelijke reststromen kan zien.”

Houtkap in Estland verdubbeld

Estland versoepelde daarbij sinds 2015 de regels rondom houtkap in natuurgebieden. Het Nationaal Energie- en Klimaatplan dat Estland vorig jaar indiende bij de Europese Commissie, voorspelt dat er na 2030 meer hout in de Estse bossen gekapt zal worden dan ze extra aan CO2 kunnen opnemen.

Tussen 2014 en 2019 is de jaarlijkse afname van bosoppervlak in Estland verdubbeld, blijkt uit een analyse van de onderzoekers op basis van onder meer bronnen van Google, dataplatform Global Forest Watch en ruimtevaartorganisatie NASA.

Lees meer over: Binnenland 

Plan voor twee nieuwe kerncentrales, tegenstanders wijzen op de kosten

NOS 02.12.2020 Elektriciteitsproducent EPZ wil twee nieuwe kerncentrales gaan bouwen naast de bestaande kerncentrale in het Zeeuwse Borssele. Het bedrijf heeft zijn plannen toegelicht in een hoorzitting voor Tweede Kamerleden. Daar waren ook tegenstanders van kernenergie uitgenodigd. Volgens hen is het voorstel van EPZ veel te duur en is het beter om in te zetten op duurzame energie, zoals van zonnepanelen en windmolens.

De Tweede Kamer had voor- en tegenstanders gevraagd om te komen praten over de toekomst van kernenergie in Nederland. Volgens verschillende partijen, waaronder regeringspartijen VVD en CDA, kan kernenergie een belangrijke rol spelen in de toekomstige ‘energiemix’. Er komt geen CO2 bij vrij en is in tegenstelling tot wind- en zonne-energie regelbaar en altijd beschikbaar. Dat is noodzakelijk op dagen dat het bewolkt is en er geen wind staat.

Om de klimaatdoelen te halen moet de uitstoot van CO2 gehalveerd worden. In 2050 moet de hele Nederlandse energievoorziening klimaatneutraal zijn, zo is het doel. Daarom wil de politiek zo veel mogelijk af van centrales die op gas of kolen draaien.

Overheid moet bijspringen

Tot nu toe was er bij marktpartijen weinig animo voor de bouw van een nieuwe kerncentrale, maar volgens EPZ is het wel degelijk mogelijk om rond 2035 twee nieuwe centrales klaar te hebben. Binnen acht jaar kan een centrale gebouwd worden die drie keer zo veel vermogen heeft als de huidige centrale. Het gaat dan om een bestaand ontwerp dat bewezen veilig is. Kosten: 8 tot 10 miljard euro. Voorwaarde is wel dat de overheid bijspringt en het zogeheten ‘marktrisico’ afdekt.

En dat is precies waarom tegenstander Greenpeace het plan afwijst. Het is te duur en de belastingbetaler moet er mogelijk voor bloeden. De kosten voor de opwekking van duurzame energie gaan snel omlaag. Daarom kan kernenergie nooit op tegen wind en zon, is hun redenering. De Jonge Klimaatbeweging is niet per se tegen nieuwe kerncentrales, maar wil dat de hoge kosten en de problematiek rond kernafval niet wordt afgewenteld op een volgende generatie.

Voorstanders zeggen juist dat ook voor de bouw van molens en zonneparken voorlopig subsidie nodig zal zijn. Bovendien kom je bij meer hernieuwbare energie voor steeds hogere kosten te staan omdat het elektriciteitsnet verzwaard moet worden. Dat is nodig omdat zon en wind grote pieken veroorzaken. Ook ben je steeds meer geld kwijt voor de opslag van elektriciteit op momenten dat de vraag laag is.

Rente

En dat kerncentrales zo duur zijn om te bouwen, ligt volgens de voorstanders vooral aan de rente. Bouwers betalen een torenhoge rente over het geld dat ze lenen, omdat het om risicovolle projecten gaat. Daardoor is er geen eerlijke vergelijking te maken met hernieuwbare energie, waarvoor de rente veel lager is. Als de overheid iets doet om de rente te beperken, wordt de bouw van een nieuwe kerncentrale volgens hen een stuk rendabeler.

Borssele is volgens EPZ een ideale plek voor nieuwe kerncentrales. “Het is waar de ervaring zit en de kennis”, zei directeur Carlo Wolters tegen de Kamerleden. Er is voldoende ruimte en koelwater en ook de opslag van kernafval, bij de COVRA, is vlakbij.

De huidige centrale, die sinds 1973 draait, moet eigenlijk in 2033 sluiten. EPZ wil de centrale nog wel tien of twintig jaar langer openhouden, maar dan moet de verplichte sluiting wel uit de wet gehaald worden. Minister Wiebes van Economische Zaken heeft al laten weten dat hij daar onderzoek naar laat doen.

EPZ ziet ook mogelijkheden om in de toekomst een ‘groene’ waterstoffabriek te realiseren aan de Westerschelde. Daar kan de ‘overtollige’ elektriciteit van de kerncentrales en de windparken voor de kust (waarvan de kabels in Borssele aan land komen) CO2-vrij worden omgezet in waterstof.

BEKIJK OOK;

EU-landbouwministers boos op klimaatcommissaris Timmermans

MSN 17.11.2020 De landbouwministers van de Europese Unie zijn boos op Eurocommissaris Frans Timmermans. Ze storen zich aan diens “dreigement” dat de Europese Commissie de nieuwe landbouwsubsidieplannen misschien wel intrekt, omdat die na tussenkomst van de EU-landen en het Europees Parlement niet groen genoeg zouden zijn geworden.

Timmermans, de tweede man van de EU en belast met klimaat, toonde zich vorige week teleurgesteld over het nieuwe Europese landbouwbeleid. Dat draagt volgens hem te weinig bij aan de strijd tegen klimaatverandering, terwijl de landbouw daarin wel een belangrijk aandeel heeft.

De ministers van de lidstaten, die de landbouwplannen van de Europese Commissie samen met het Europees Parlement hebben aangepast, zijn “uiterst geïrriteerd”, zegt de Duitse landbouwminister Julia Klöckner na overleg met haar collega’s.

Timmermans zou “democratische compromissen serieus” moeten nemen. Het akkoord “van tafel vegen” is “natuurlijk niet goed voor de sfeer in de EU en ook niet geloofwaardig voor de toekomst”, aldus Klöckner.

Milieuorganisaties reageerden ontgoocheld op het vorige maand bereikte akkoord over de manier waarop de vele miljarden aan EU-landbouwsubsidies de komende jaren worden verdeeld. Boeren waren overwegend tevreden.

Officielebekendmakingen

Regeling gerichte opkoop veehouderijen gestart

RO 03.11.2020 Er komt een extra mogelijkheid om te stoppen voor agrarische bedrijven met hoge stikstofuitstoot die dichtbij Natura-2000 gebieden gevestigd zijn. Provincies hebben budget gekregen om dergelijke bedrijven aan te kopen, op basis van vrijwilligheid. De regeling hiervoor – Regeling provinciale aankoop veehouderijen nabij natuurgebieden – is vandaag in de  Staatscourant  gepubliceerd.

Het kabinet wil ervoor zorgen dat in 2030 minimaal de helft van de natuur in beschermde natura 2000-gebieden op een gezond stikstofniveau zit. In een sterke natuur ligt een groot deel van de oplossing van het stikstofprobleem. Op dit moment wordt deze natuur te veel belast met stikstof. Om deze belasting te verlagen vraagt dit inzet van iedere sector, ook van de landbouw.

Via de regeling gerichte opkoop kunnen provincies en agrarische bedrijven een koopovereenkomst sluiten.  De regeling is gericht op het kunnen opkopen van ‘piekbelasters’: bedrijven die een relatief hoge belasting veroorzaken op nabijgelegen Natura-2000 gebieden die stikstofgevoelig én overbelast zijn.

Provincies doen de aankopen op basis van gebiedsgerichte afwegingen waarbij ook rekening gehouden kan worden met het realiseren van nevendoelen, zoals het klimaatbestendiger maken van verdrogingsgevoelige gebieden. Voorwaarde voor de aankoop door provincies is dat de veehouderijlocatie sluit.

Vrijwillige regeling

Provincies kunnen in samenspraak met de veehouders afspraken maken over opkoop. De regeling is gericht op bedrijven met een hoge stikstofuitstoot binnen 10 kilometer van een Natura 2000-gebied.

Natuurherstel en ruimte voor ontwikkelingen

Met een breed ondersteuningspakket van 1,9 miljard euro tot 2030 helpt het kabinet boeren om duurzamer te produceren en boeren die willen stoppen. De gerichte opkoopregeling is één van de regelingen die het kabinet hiervoor aankondigde.

In 2021 komt nog een tweede (vrijwillige) stoppersregeling beschikbaar, de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties. Voor deze regeling kunnen melkvee-, varkens- en pluimveehouders zich te zijner tijd zelf opgeven, ook als ze niet door de provincie als piekbelaster zijn aangemerkt.

Voor de regeling gerichte opkoop stelt het kabinet 350 miljoen euro beschikbaar aan de provincies, waarvan vanaf vandaag de eerste tranche van 100 miljoen euro vrij komt.

Doordat de provincie in bepaalde gebieden gericht veehouderijen kan opkopen, komt er binnen dat gebied ruimte vrij voor natuurherstel en ontwikkelingen, zoals het oplossen van PAS-meldingen. Zo kan worden gewerkt aan natuurherstel en ontstaat tegelijkertijd meer ruimte voor blijvende agrariërs in dat gebied en voor andere ontwikkelingen. Bovendien worden agrariërs die willen stoppen op deze manier geholpen.

Zie ook;

Halen klimaatdoel 2020 kan lukken, maar dan moet echt álles meezitten

RTL 30.10.2020 Het is nog maar zeer de vraag of het Nederland lukt om de klimaatdoelstelling voor 2020 te halen. De uitstoot van CO2 moet dit jaar met 25 procent zijn teruggedrongen ten opzichte van de uitstoot in 1990. De uitbraak van het coronavirus heeft de emissies weliswaar iets doen afnemen, maar niet in alle sectoren. En dus is het Planbureau voor de Leefomgeving niet al te optimistisch over de vraag: gaan we de doelstelling dit jaar wel halen?

Vorig jaar werd een jarenlange juridische strijd beslecht tussen duurzaamheidsorganisatie Urgenda en de Nederlandse staat. Inzet daarvan: doet de overheid wel genoeg om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen?

Uitspraak van de Hoge Raad

Nee, oordeelde de Hoge Raad. Terwijl de overheid wilde vasthouden aan een uitstootvermindering van 20 procent dit jaar (ten opzichte van 1990), vond Urgenda dat dat percentage naar 25 procent moest. Urgenda werd in het gelijk gesteld en het kabinet moest de doelstellingen verhogen.

Met nog twee maanden op de kalender is het einddoel nog niet in zicht. Je zou kunnen zeggen: we bevinden ons in de mist, en het is maar de vraag of die mist nog opklaart.

Lees ook:

Ontknoping in klimaatzaak van de eeuw, maar hoe zat het ook alweer?

We zijn dit jaar minder gaan vliegen, hebben minder in de auto naar werk gezeten en waren ook meer dan anders gebonden aan huis. Je zou zeggen: die klimaatdoelstellingen zijn ‘kat in het bakkie’.

Uitstoot wel afgenomen

De uitstoot was in de eerste kwartalen van 2020 minder dan in dezelfde periode vorig jaar. Over de eerste drie maanden was er een daling van 8,7 procent te zien en in het tweede kwartaal werd er zelfs 20,5 procent minder CO2 uitgestoten in Nederland, al had een deel van die dalingen niets te maken met de coronapandemie.

Belangrijker nog, zeggen onderzoekers van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL): die daling geeft geen garanties voor het behalen van je doelen in de toekomst. “Je kunt niet in de eerste helft van het jaar al voldoende zekerheid behalen voor de rest van het jaar”, zegt onderzoeker Bert Daniels.

Lees ook:

Kabinet moet tandje bijzetten om klimaatdoelen Urgenda te halen

Want hoewel het vervoer en transport tijdens de coronacrisis drastisch is afgenomen en de industrie minder produceerde, waren de effecten op de uitstoot in andere sectoren miniem. Zo is in de landbouw weinig effect te merken.

De forse afname van het vliegverkeer telt overigens helemaal niet mee, want die komt niet voor rekening van een bepaald land en telt dus ook niet mee in de doelstelling. Kortom: er is werk aan de winkel.

166 megaton, dat is wat er dit jaar door Nederland aan CO2 mag worden uitgestoten volgens de Urgenda-doelstelling. 1 megaton is duizend miljoen kilo.

Om een blik in de nabije toekomst te werpen, hebben onderzoekers van het PBL twee scenario’s uitgewerkt om te bezien of we die doelstelling gaan halen.

  • Scenario 1: doelstelling wordt niet gehaald (174 megaton uitstoot) want Nederland weet de tweede coronagolf te beperken, het wordt een koude herfst en winter, er is veel productie van elektriciteit in Nederland, onder meer doordat minder windenergie wordt geproduceerd
  • Scenario 2: doelstelling wordt net gehaald (164 megaton uitstoot) want Nederland heeft de tweede golf niet onder controle en moet zware maatregelen invoeren, zoals een lockdown. We krijgen een relatief warme herfst en winter, er wordt veel windenergie geproduceerd en de productie van elektriciteit in Nederland is laag. 

Klimaat en corona

Beïnvloedt de coronapnademie de klimaatcrisis?

Hierbij maken de onderzoekers wel de kanttekening dat ze niet zijn uitgegaan van de meest extreme scenario’s: de uitstoot zou dus ook hoger of lager kunnen zijn, al is dat niet heel realistisch.

Andere invloeden

Zo bezien heeft een lockdown wel enige impact op de uitstoot, maar zijn ook andere factoren, waar we soms minder invloed op hebben, van groot belang. Wordt het koud, dan gaat in menig huishouden de kachel aan. Is er weinig wind, dan valt de productie van windenergie tegen.

Naar aanleiding van de Urgenda-uitspraak van de Hoge Raad heeft het kabinet nieuwe maatregelen aangekondigd. Maar, zo signaleert het PBL, veel van die maatregelen gaan pas volgend jaar hun vruchten afwerpen.

Wat gebeurt er dan als Nederland de doelstelling dit jaar niet haalt? Dan kan Urgenda in theorie naar de rechter en vragen om de Nederlandse staat een boete op te leggen. Dat is dan symboliek, want het teveel aan uitstoot dit jaar – die maak je er niet mee ongedaan.

meer: RTL Nieuws Planbureau voor de Leefomgeving Urgenda Klimaat Klimaatakkoord CO2-uitstoot Coronacrisis in Nederland

Kabinet hoopt ‘Urgenda’ alsnog te halen: ‘Meer geluk bij heel groot ongeluk’

NU 30.10.2020 Het kabinet hoopt het Urgenda-vonnis alsnog uit te voeren. Eerder bleek vrijdag dat er niet voldoende CO2 wordt bespaard om het klimaatdoel voor 2020 te halen, maar minister Eric Wiebes (Klimaat) merkt op dat er nog veel onzeker is en dat niet alle kabinetsmaatregelen zijn meegeteld.

“De inzet is om het Urgenda-doel te halen”, zei Wiebes vrijdag. “Voor 2020 te laat begonnen met maatregelen. Als gevolg van corona kunnen we het misschien nog halen, maar dat is niet met gejuich voor het kabinet. Meer een geluk bij een heel groot ongeluk”, aldus de bewindsman.

Wiebes merkte op dat er “grote onzekerheden” in de vrijdag gepubliceerde Klimaat- en Energieverkenning 2020 van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) staan. Die onzekerheden hebben te maken met de gevolgen van het coronavirus, weersomstandigheden en de ontwikkeling van CO2- en energieprijzen.

Daarbij zijn niet alle kabinetsplannen in de PBL-cijfers meegenomen. Wiebes: “We gaan significant minder kolen stoken in Nederland. Dat is een stevige en kostbare maatregel, maar die zit nog niet in de cijfers.”

Kabinet weet al jaren dat doel niet wordt gehaald

In verschillende rechtszaken, tot aan de Hoge Raad aan toe, is het kabinet opgedragen dat in 2020 de uitstoot van broeikasgassen met minimaal 25 procent moet zijn gedaald ten opzichte van 1990.

Premier Mark Rutte heeft altijd gezegd dit Urgenda-vonnis uit te willen voeren, maar in berekeningen van het PBL bleek steeds dat het kabinet niet op koers lag. Dit is de laatste kans om aan het klimaatvonnis te voldoen.

Het PBL publiceert ieder jaar in oktober een rapport met de klimaatcijfers, zodat het kabinet weet of het doel nog in zicht is of dat er extra maatregelen nodig zijn. Niet alle maatregelen kunnen alleen worden meegenomen, het PBL kijkt daarom naar het beleid dat tot 1 mei is ingevoerd.

Dat lijkt het kabinet nu aan te grijpen als laatste strohalm. Wiebes stuurde een lijst met maatregelen die het PBL niet kon meenemen in de berekeningen. Het gaat onder meer om een subsidieregeling voor duurzame energie, een CO2-heffing voor de industrie en het sluiten van de kolencentrales.

Er komen dan ook geen extra klimaatmaatregelen, zei Wiebes. “Alles wat we konden verzinnen, zit in het pakket. Daar bovenop is het niet ondenkbaar dat er nog een centrale gesloten zal worden. Daarmee halen we alles uit de kast.”

Kamer is kritisch: ‘Kabinet neemt klimaatcrisis niet serieus’

Vanuit de Kamer klinkt kritiek. GroenLinks-leider Jesse Klaver noemde de PBL-cijfers “vernietigend” voor het kabinet.

“Ze neemt de klimaatcrisis niet serieus. Ook hier geldt: luister naar de experts en de wetenschap. We moeten nu extra klimaatmaatregelen nemen om onszelf te beschermen”, aldus Klaver.

Ook D66 en PvdA vinden dat het kabinet te weinig doet. “Er moet een schep bovenop”, zei Matthijs D66’er Matthijs Sienot.

Lees meer over: Klimaat Politiek Urgenda

Of Nederland de Urgenda-doelstelling haalt is nog steeds hoogst onzeker

NOS 30.10.2020 Zelfs nu de CO2-uitstoot daalt als gevolg van de tweede coronagolf, wordt mogelijk niet voldaan aan de eisen van het zogenoemde Urgenda-vonnis. Bovendien is het doel van het Klimaatakkoord, 49 procent minder uitstoot in 2030, nog niet in zicht. Dat blijkt uit de nieuwste Klimaat- en Energieverkenning (KEV), die is opgesteld door het Planbureau voor de Leefomgeving in samenwerking met onder meer het CBS, RIVM en TNO.

“Ook met een omvangrijke tweede coronagolf is het halen van het Urgenda-doel niet zeker”, schrijven de onderzoekers. Volgens het vonnis van de rechter, dat tot aan de Hoge Raad door het kabinet is bestreden, moet Nederland aan het eind van dit jaar 25 procent minder broeikasgassen uitstoten ten opzichte van 1990.

Maar uit de nieuwe berekeningen volgt dat de Urgendadoelstelling alleen binnen handbereik komt als de omvang van de tweede golf aan coronabesmettingen omvangrijk is én als de laatste maanden van het jaar niet te koud zijn, waardoor er minder gas hoeft te worden verstookt. Bovendien moet de productie van de Nederlandse elektriciteitscentrales niet te hoog uitvallen.

Klimaatakkoord

Ook over het vorig jaar gesloten Klimaatakkoord voor Nederland zijn de jongste cijfers niet positief. Werd vorig jaar nog gedacht dat de uitstoot in 2030 waarschijnlijk met 43 tot 48 procent zou zijn gedaald ten opzichte van 1990, nu schatten de onderzoekers dat de afname blijft steken op 34 procent bij ongewijzigd beleid. Ten opzichte van het doel van 49 procent van het Klimaatakkoord gaapt dus nog een groot gat.

Om dat te dichten moet het tempo waarmee de uitstoot daalt in de komende tien jaar verdubbelen ten opzichte van de periode 2010-2019, stelt de klimaatverkenning.

Dat de cijfers nu somberder lijken dan vorig jaar, komt omdat vorig jaar werd uitgerekend wat het klimaatakkoord zou opleveren als alles zou worden uitgevoerd wat erin staat. Voor dit jaar is gekeken naar het daadwerkelijk gevoerde beleid. En dan blijkt dat een deel van de maatregelen nog te vaag is om door te kunnen rekenen, zegt Pieter Boot van het Planbureau.

Vaart houden

Het kabinet zegt in een reactie dat het effect van recent genomen maatregelen nog niet meegenomen is in het KEV-rapport . Verder benadrukt het kabinet vastbesloten te zijn om de klimaatdoelen te halen en zegt “vaart te willen houden ten aanzien van de gemaakte afspraken, om er zeker van te zijn dat we de doelen halen”.

Een onafhankelijke ambtelijke studiegroep heeft de opdracht gekregen nog dit jaar voorstellen te doen voor extra CO2-reductie.

Het is de tweede keer dat de zogenoemde Klimaat- en Energieverkenning verschijnt. De KEV komt voort uit de Klimaatwet, en geeft een jaarlijkse stand van zaken over de uitstoot tot en met 2030.

In de elektriciteitssector wordt al wél een grote daling van de uitstoot verwacht. Vorig jaar was hier de uitstoot nog hoger dan in 1990, maar als alle afgesproken maatregelen worden uitgevoerd zal die in 2030 meer dan gehalveerd zijn. Dat komt vooral door een sterke groei van duurzame energie, lage gasprijzen en het sluiten van kolencentrales. Zo stijgt het aandeel duurzame elektriciteit door alle plannen met onder meer wind- en zonne-energie van 18 procent vorig jaar naar 75 procent in 2030.

Aardgasvrije wijken

De plannen om verschillende wijken in hun geheel van het aardgas af te halen zijn nog niet in de berekeningen verwerkt. “We nemen iets mee als het concreet afgesproken is en als je het door kunt rekenen”, zegt Boot. “Als je er alleen een slag naar kan slaan, dan nemen wij het niet mee. De plannen zijn gewoon nog niet concreet genoeg.” Als dat volgend jaar wel zo is, hoopt het Planbureau uit te kunnen rekenen wat het oplevert als er in buurten geen aardgas meer wordt aangesloten.

Slecht nieuws

In de politiek wordt zowel door regeringspartijen als de oppositie kritisch gereageerd op de sombere cijfers. GroenLinks-lijsttrekker Jesse Klaver noemt de cijfers “vernietigend voor ‘dit groenste kabinet ooit”. Rob Jetten van D66 zegt: “Dit is slecht nieuws. De maatregelen van het kabinet leveren nog te weinig op, er moet een schep bovenop.”

Volgens D66 moeten bijvoorbeeld woningen sneller worden geïsoleerd, moet er meer geïnvesteerd worden in elektrisch rijden en moet de CO2-heffing worden aangescherpt. De ChristenUnie pleit voor een nationaal isolatieprogramma.

Ook milieuorganisaties willen dat het kabinet actie onderneemt. De Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE) vraagt om nog voor Kerst met stevige extra maatregelen te komen. En Milieudefensie en Greenpeace zeggen dat het kabinet klimaatbeleid voert met de rem erop. “Elke dag dat het kabinet tijd verspilt, neemt de klimaatschade toe en lopen de kosten voor burgers verder op.”

BEKIJK OOK;

Ondanks coronacrisis worden klimaatdoelen niet gehaald: ‘Snel extra maatregelen nodig’

AD 30.10.2020 Zelfs nu door de coronacrisis minder vieze lucht wordt uitgestoten, lijkt Nederland de klimaatdoelen voor 2020 én de komende jaren niet te halen. Het kabinet moet onmiddellijk extra klimaatmaatregelen nemen, zo adviseert de Raad van State in een vernietigend rapport.

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), het CBS, het RIVM én de Raad van State: al deze belangrijke kabinetsadviseurs slaan vandaag alarm over het klimaatbeleid. Volgens de instanties doet het kabinet te weinig om ervoor te zorgen dat de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met 49 procent is verminderd ten opzichte van 1990.

Lees ook;

Dat doel werd vorig jaar vastgelegd in de Klimaatwet, die werd gesteund door de meeste partijen in de Tweede Kamer. Maar uit de Klimaat- en Energieverkenning 2020 van het PBL – die vanmiddag is verschenen – blijkt dat de geschatte broeikasgasreductie in 2030 nu 34 procent is: dat is fors minder dan de vastgelegde 49 procent. ,,Er is geen wezenlijke vooruitgang geboekt ten opzichte van vorig jaar’’, stelt de Raad van State.

De vervuilende Hemwegcentrale in Amsterdam is al gesloten vanwege de klimaatproblemen.

De vervuilende Hemwegcentrale in Amsterdam is al gesloten vanwege de klimaatproblemen. © ANP

Urgenda

Als dat doel niet wordt gehaald, voldoet Nederland niet aan het klimaatverdrag van Parijs waarin is afgesproken om de snelle stijging van de wereldtemperatuur in te dammen. Ook lijkt Nederland er niet in te slagen om al dit jaar 25 procent minder broeikasgas uit te stoten. Dat moet wél, zo oordeelde de rechter in de Urgenda-zaak.

Het Urgenda-doel kan alleen nog worden gehaald als Nederland flink lijdt onder de tweede coronagolf, als de laatste maanden van dit jaar niet te koud zijn én als Nederlandse elektriciteitscentrales niet te veel stroom produceren. Eerder deze week bleek dat de wereldwijde Co2-uitstoot met 8,8 procent is gedaald door de coronacrisis.

CO2-uitstoot door coronavirus met 8,8 procent gedaald, klimaateffect beperkt

NOS 27.10.2020 De eerste zes maanden van dit jaar is de wereldwijde CO2-uitstoot met 8,8 procent gedaald ten opzichte van dezelfde periode in 2019. Dat meldt het KNMI op basis van een onderzoek dat in het wetenschappelijke tijdschrift Nature is gepubliceerd. Een groot deel van de daling is een direct gevolg van de coronacrisis.

Het verschil was het grootst in de maand april (-16,9 procent) toen er in veel landen een lockdown van kracht was om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, daarna kwam de ‘normale’ uitstoot in bijvoorbeeld Europa en China weer op gang. Vanaf 1 juli is er volgens de onderzoekers geen verschil meer te zien met de CO2-uitstoot van vorig jaar.

Wegtransport draagt meeste bij

De afname van de uitstoot is groter dan in eerdere crises, zoals de Tweede Wereldoorlog, al is dat voor een deel te verklaren doordat er nu meer wordt uitgestoten dan toen. Daardoor kan de daling ook groter zijn.

Het wegtransport draagt met een vermindering van 40 procent het meeste bij aan de daling. Ook de energiesector (-22 procent), luchtvaart (-13 procent), scheepvaart (-6 procent) en industrie (-17 procent) stootten minder CO2 uit.

Volgens het KNMI leidt de afname in CO2-uitstoot niet tot een afname van CO2-concentraties in de atmosfeer, die een belangrijke oorzaak zijn van de klimaatverandering. Het leidt hooguit tot een minder snelle stijging. Om de klimaatdoelstelling van Parijs te halen, een beperking van de wereldwijde opwarming tot 2 en indien mogelijk 1,5 graad, moet de uitstoot van broeikasgassen verder afnemen en uiteindelijk nul worden.

BEKIJK OOK

Deze 19 gemeenten krijgen 100 miljoen euro voor het gasvrij maken van woonwijken

AD 27.10.2020 Negentien gemeenten krijgen samen in totaal bijna 100 miljoen euro voor het aardgasvrij maken van een dorp, wijk of buurt. In totaal hadden 71 gemeenten een voorstel ingediend voor de tweede ronde van ‘proeftuinen aardgasvrij’, zo meldt het ministerie van Binnenlandse Zaken.

Het Programma aardgasvrije wijken (PAW) heeft als doel te leren op welke wijze het aardgasvrij maken van wijken kan worden ingericht en opgeschaald. In oktober 2018 ging de eerste ronde van het programma van start, destijds deden 27 gemeenten mee. Ervaringen worden vooral onder professionals gedeeld, onder meer op de website aardgasvrijewijken.nl.

Lees ook;

Het kabinet heeft als doelstelling om al in 2030 1,5 miljoen woningen van het aardgas af te koppelen. In de twintig jaar daarna zouden bijna alle huizen van het gas af moeten zijn, zo staat in het Klimaatakkoord. Met deze tweede ronde komt het aantal proeftuinen in totaal op 46. In de wijken en dorpen die meedoen staan 35.000 woningen en ander gebouwen.

Overal in Nederland zijn gemeenten druk bezig om een plan op te stellen waarin moet komen te staan in welke volgorde wijken worden aangepakt. Komend jaar moeten ze de plannen af hebben. Er zijn geregeld informatieavonden gehouden waarin bewoners om input is gevraagd. In 2021 volgt een derde ronde proeftuinen. Die wordt onder meer gebaseerd op een evaluatie van deze tweede ronde.

Foto van scheur in muur

Bijna 100 miljoen euro voor ‘proeftuinen aardgasvrij’ in 19 gemeenten

RO 26.10.2020 Minister Ollongren (BZK) kent aan 19 gemeenten een rijksbijdrage toe voor het aardgasvrij of aardgasvrij-ready maken van een dorp, wijk of buurt. In totaal gaat het om een bedrag van bijna 100 miljoen euro. De selectie is gebaseerd op een voorstel van de Adviescommissie aardgasvrije wijken.

Daarin zijn programmapartners, stakeholders en wetenschappers vertegenwoordigd. Bij alle plannen is nadrukkelijk gekeken naar de uitvoerbaarheid, betaalbaarheid en de betrokkenheid van de bewoners. De belangstelling voor de tweede ronde proeftuinen is groot: in totaal hebben 71 gemeenten een voorstel ingediend.

Miniser Ollongren: ‘De kwaliteit van de voorstellen getuigt van enthousiasme en inventiviteit bij gemeenten en alle betrokkenen om met de aardgasvrij opgave aan de slag te gaan. En ik zie dat er al veel geleerd is van de eerste 27 proeftuinen’.

Leren door te doen

In het Programma aardgasvrije wijken (PAW) doen gemeenten kennis en ervaring op om bestaande wijken haalbaar en betaalbaar te verduurzamen. In oktober 2018 zijn de eerste 27 gemeenten gestart. Met de proeftuinen en het kennis- en leerprogramma draagt PAW bij aan de doelstelling uit het Klimaatakkoord om 1,5 miljoen woningen en andere gebouwen te verduurzamen in de periode tot en met 2030.

Het doel van het programma is om te leren op welke wijze het aardgasvrij maken van wijken kan worden ingericht en opgeschaald. Hiervoor is het noodzakelijk dat er daadwerkelijk aardgasvrije woningen en andere gebouwen via een wijkgerichte aanpak gerealiseerd worden.

Binnen het PAW worden naar verwachting circa 50.000 woningen en andere gebouwen verduurzaamd. Met deze tweede ronde komt het aantal proeftuinen in totaal op 46. Die omvatten in totaal circa 35.000 woningen en ander gebouwen.

Meer variatie en volume

Met de toevoeging van 19 nieuwe proeftuinen ontstaat naast meer volume ook meer variatie. Die schuilt onder meer in de beoogde warmtetechnieken, de wijze waarop bewoners meedoen en ook in het type wijken en woningen.

Daarnaast zijn proeftuinen geselecteerd vanwege de verbinding met andere opgaven, inclusief klimaatadaptatie en circulair bouwen. De toename van het aantal proeftuinen maakt het mogelijk om beter ‘rode draden’ in kaart te brengen. Waar kan het beste worden begonnen en welke aanpak werkt in welke situatie?

3e ronde proeftuinen 2021

In 2021 volgt een derde ronde proeftuinen. Die wordt onder meer gebaseerd op een evaluatie van deze tweede ronde. In deze derde ronde zal meer nadruk liggen op stapsgewijze oplossingen met een groot CO2-besparingspotentieel. Hiermee kan een goede aanvulling gerealiseerd worden op het huidige palet aan proeftuinen.

Over het Programma aardgasvrije wijken

In het interbestuurlijke Programma aardgasvrije wijken (PAW) werken het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, het Interprovinciaal Overleg, de Unie van Waterschappen en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten samen om gemeenten en betrokken partijen zo goed mogelijk te ondersteunen in de aardgasvrije opgave.

Documenten; 

Kaart waarop de 19 gemeenten staan die in 2020 proeftuin zijn voor aardgasvrije wijken.

Kaart | 26-10-2020

Proeftuinen aardgasvrije wijken 2e ronde

Publicatie | 26-10-2020

Zie ook;

Klimaatbaas Frans Timmermans: Brussel houdt nieuwe kerncentrales niet tegen

AD 26.10.2020 De Europese Commissie (EC) houdt landen die nieuwe kerncentrales willen bouwen niet tegen. Dat zegt Frans Timmermans, de Nederlandse vicevoorzitter van de EC en tevens verantwoordelijk voor de Europese Green Deal. Toch hoopt hij dat landen niet te snel voor kernenergie kiezen.

Timmermans waarschuwt voor de hoge en langdurige kosten van de technologie. ,,Het betekent dat je er een lange, lange, lange tijd aan vast zult zitten.” De PvdA’er deed zijn uitspraken over kernenergie in een online gesprek met Fatih Birol, directeur van het Internationaal Energieagentschap (IEA), schrijft Euractiv.

Lees ook;

De Green Deal van de Europese Commissie, die als doelstelling heeft om de uitstoot van broeikasgassen in 2050 tot nul te reduceren, staat volgens Timmermans ‘technologieneutraal’ ten opzichte van mogelijke oplossingen om het klimaatdoel te bereiken. ,,Het grote voordeel van nucleaire energie is natuurlijk dat het uitstootvrij is. Als je tot de conclusie komt dat dat de beste oplossing is, zal de Commissie je niet in de weg staan.”

 IEA

@IEA

https://twitter.com/i/broadcasts/1jMJgXLRqnqxL?ref_src=twsrc%5Etfw%7Ctwcamp%5Etweetembed%7Ctwterm%5E1320651128573407232%7Ctwgr%5Eshare_3%2Ccontainerclick_1&ref_url=https%3A%2F%2Fwww.ad.nl%2Fpolitiek%2Fklimaatbaas-frans-timmermans-brussel-houdt-nieuwe-kerncentrales-niet-tegenab0dbc8d%2F

WATCH NOW

We’re live with European Commission EVP @TimmermansEU & our Executive Director @IEABirol for an IEA Big Ideas talk on next steps for the #EUGreenDeal

IEA

IEA Speaker Series with Frans Timmermans, Executive Vice-President, European Commission

9:59 AM · Oct 26, 2020 9 See IEA’s other Tweets

Verschillende Europese landen, zoals Polen en Tsjechië hebben volgens Euractiv serieuze plannen voor nieuwe kerncentrales om de klimaatdoelen te kunnen halen. Zij stellen dat dat zonder kernenergie niet te doen is.

Ook Nederland

Ook in Nederland gaan stemmen op voor kernenergie. Zo pleitte Mark Harbers, Tweede Kamerlid van de VVD, vorige maand in een interview met deze site voor de bouw van drie tot tien kerncentrales in ons land. Onderzoeksinstituut TNO gaat uitzoeken of een kerncentrale in Brabant tot de mogelijkheden behoort.

In het gesprek met Timmermans stipte IEA-baas Birol aan dat wind- en zonne-energie in Europa aan een snelle opmars bezig zijn, maar deze energievormen zorgen nog altijd maar voor 15 procent van de totale opwekking van elektriciteit. Kernenergie neemt 27 procent voor zijn rekening.

Serieuze nadelen

Timmermans erkende dat kernenergie voordelen kan hebben op weg naar een toekomst zonder uitstoot van broeikasgassen, maar wees wel op ‘serieuze nadelen’, zoals de import van uranium en het radioactief afval waar je als land mee blijft zitten. ,,Het tweede nadeel dat ik moet noemen is dat het heel duur is”, zei de eurocommissaris. ,,Het is heel, heel duur.”

Bovendien wordt zonne- en windenergie snel goedkoper, stelt Timmermans, die landen op het hart drukte om beslissingen ‘compleet rationeel’ te nemen. ,,Reken het uit en trek dan je conclusie, dat is mijn enige pleidooi. Omdat je, als je voor kernenergie kiest, je bewust moet zijn van de enorme investeringen die nodig zijn. Dat betekent dat je er een lange, lange, lange tijd aan vast zult zitten.”

Brussel stemt met ruime meerderheid in met nieuw landbouwbeleid

NOS 23.10.2020 Het Europees Parlement heeft met een ruime meerderheid ingestemd met een totaalpakket voor nieuw gemeenschappelijk Europees landbouwbeleid. In deze grootste subsidiepot van de Europese Unie zit meer dan 350 miljard euro voor de komende zeven jaar.

Eerder deze week bereikten de EU-lidstaten al een akkoord over ‘een nieuw soort landbouw’: minder geld voor boeren, veranderende regels en het moet groener. Minister Schouten noemde dit “een hele goede stap”.

De Europese Commissie heeft in zijn Green Deal overkoepelende doelen voor heel Europa gesteld. Eurocommissaris Frans Timmermans wil minder CO2-uitstoot, meer biodiversiteit en meer bossen. Landbouw speelt hierin een cruciale rol als sector.

Linkse partijen vinden het huidige landbouwbeleid niet meer passend bij deze doelen, maar andere partijen zoals de christendemocraten zien strenge eisen voor boeren juist niet zitten.

Eco-regeling

Een van de belangrijkste uitkomsten van de stemming van vandaag is dat Europese boeren aangespoord worden om te vergroenen. Er komen zogenoemde ‘eco-regelingen’, vergroeningssubsidies waar boeren op kunnen intekenen. Van het budget voor de oude inkomenssteun wordt geld afgehaald, om de nieuwe regelingen te financieren: ongeveer 30 procent hiervan zal in de toekomst bestemd zijn voor de eco-regelingen.

De christendemocraten noemen de uitkomst “een heel goede middenweg”. Ze stellen dat er door het hernieuwde beleid meer gaat gebeuren aan milieu en de boeren tegelijkertijd toch overeind blijven.

Annie Schreijer-Pierik @AnnieSchreijer

Super, geweldig voor onze voedselzekerheid! Aangenomen. Hier kunnen boeren, platteland en natuur samen mee verder. Nu aan de slag! 🚜 👏🏼 🇪🇺

De Groenen en de Nederlandse sociaaldemocraten zijn niet tevreden en noemen de voorwaarden voor bijvoorbeeld de eco-regelingen “boterzacht”.

Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks) maakt zich grote zorgen: “We zitten in een klimaat- en biodiversiteitscrisis. Toch willen het Europarlement en Europese ministers het desastreuze landbouwbeleid bij het oude laten. Op landbouwgebied staat de Green Deal op losse schroeven.”

Stapje in de goede richting

Voor Nederlandse boeren betekent het nieuwe gemeenschappelijke landbouwbeleid dat het totale budget voor landbouw omlaag gaat. Dit was al besloten door de regeringsleiders.

Nederlandse boeren zullen meer inleveren dan boeren in bijvoorbeeld Oost-Europa. Zij krijgen momenteel meer subsidie dan hun Oost-Europese collega’s. Dat verschil moet de komende jaren geleidelijk verdwijnen, wat betekent dat Nederlandse boeren bijna 10 procent minder subsidie per hectare grond krijgen. Veel boeren in Nederland vinden het niet terecht dat ze op hetzelfde moment vergroeningseisen krijgen opgelegd.

Léon Faassen, bestuurslid van landbouworganisatie LTO Nederland noemt het akkoord van het Europees Parlement in een reactie “ambitieus”. “We zien het als een stapje in de goede richting, waarbij boeren en tuinders terecht beloond worden voor de acties die zij ondernemen. Het is goed dat er nu een realistische deal ligt, waarbij de Green Deal met haar hoge doelstellingen niet bekostigd wordt met boerengeld.”

Tonnen aan subsidie

Ook stemt het Europees Parlement in met een maximum per boer voor landbouwsubsidies. Grote boeren, met name in het oosten van Europa, halen momenteel veel geld uit het landbouwfonds: sommigen kregen tonnen aan Europese steun.

Om hier een einde aan te maken komt er een plafond van 100.000 euro. Een uitzondering wordt gemaakt voor landen die 12 procent van het totaalbudget aan subsidies uitkeren aan kleine boeren: in dat geval mogen grote boeren in hetzelfde land bij uitzondering wel tot 500.000 euro aan subsidie ontvangen.

Nu het Europees Parlement heeft ingestemd en de ministers van Landbouw eerder al een akkoord bereikten, gaan deze partijen in onderhandeling om tot een definitief akkoord te komen.

Dat zal nog zeker een jaar duren en over de uitkomst daarvan moet dan opnieuw worden gestemd. Het nieuwe beleid zal daarom op zijn vroegst in 2023 worden ingevoerd.

BEKIJK OOK;

EU-lidstaten sluiten akkoord over ‘een nieuw soort landbouw’

NOS 21.10.2020 Het Europese landbouwbeleid gaat de komende jaren op de schop. Er komt minder geld voor de boeren, de regels veranderen en het moet groener worden. Minister Schouten zegt dat boeren die klaar zijn voor de toekomst worden beloond.

Na een hele nacht vergaderen (de ministers waren pas om vijf uur vanochtend klaar), werd in Luxemburg een akkoord bereikt over de landbouwbegroting voor de komende zeven jaar. Het gaat om in totaal ongeveer 350 miljard euro. Twintig procent van het geld wordt gebruikt om de inkomens van boeren te ondersteunen, maar die moeten in ruil daarvoor wel voldoen aan klimaat- en natuureisen.

“Het is een goede stap op weg naar een nieuw soort landbouw”, zei minister Schouten na afloop van de marathonvergadering. “Nederland wilde verder gaan, maar zoals wel vaker in Europa moet je een compromis sluiten. Ik zal niet onder stoelen of banken steken dat ik op meer ambitie had gehoopt.”

CDA-Europarlementariër Annie Schreijer-Pierik noemt het een redelijk compromis, maar er is ook kritiek, onder meer van GroenLinks en Forum voor Democratie.

Hectaretoeslag

De minister is tevreden dat er extra geld komt voor jonge boeren en ruimte om te vernieuwen. Ook de hectaretoeslag, geld dat boeren als een soort inkomensondersteuning krijgen, wordt simpeler. “Daar moeten we wel op blijven letten, want we hebben ook weer nieuwe regels afgesproken en we moeten voorkomen dat boeren worden bedolven onder nieuwe formulieren.”

Deze zomer werd de hectaretoeslag voor grootgrondbezitters door de EU-leiders geschrapt, waardoor landeigenaren met meer dan 100.000 hectare in bezit geen premie meer krijgen.

De landbouwministers hebben de grote lijnen afgesproken, de lidstaten moeten de plannen nu uitwerken. En dan rijst de vraag wanneer is een activiteit groen? Minister Schouten gaat daarom samen met provincies en gemeenten zogenoemde eco-regelingen opstellen.

Die kunnen gaan over weidevogelbeheer, bodembeheer, houtwallenverbetering voor biodiversiteit, kruidenrijk grasland voor meer biodiversiteit of investeringen in dierenwelzijn.

De Duitse minister Julia Klöckner, die de onderhandelingen voorzat, was na afloop opgelucht. Ze noemde het een mijlpaal en een stelselverandering. Schouten gebruikt liever de woorden: “modernisering en een stap op weg naar vergroening”.

Spaak in de wielen

Dat laatste wordt betwijfeld door Bas Eickhout van GroenLinks. “Dit akkoord is een spaak in de wielen van de hele Green Deal. De ambities die daarin staan, kunnen nu niet gehaald worden.” Hij noemt het een gemiste kans.

Ook Forum voor Democratie is, om een heel andere reden, ontevreden. Die partij wil dat boeren weer baas op de eigen boerderij zijn. “Wat ooit begon met het doel om een stabiele voedselvoorziening te garanderen, met gunstige prijzen voor consument en boer, is verworden tot een regelzuchtig systeem om een groene, ecologische agenda erdoor te drukken.”

Het Europees Parlement praat deze week over het nieuwe landbouwbeleid. De hele week stemmen de parlementariërs over verschillende wijzigingsvoorstellen. Daarna gaat een kleine delegatie van het parlement met de Duitse minister (die momenteel voorzitter is van de EU) onderhandelen om tot een definitief besluit over het nieuwe landbouwbeleid te komen.

Deal EU-landen over landbouwbeleid: hier draait het om

RTL 21.10.2020 De Europese ministers van Landbouw hadden tot vanochtend vijf uur nodig om tot een akkoord te komen over het toekomstige landbouwbeleid van de Europese Unie. Dat dit zo moeizaam ging is logisch: het gaat om honderden miljarden euro’s en alle Europese lidstaten praten erover mee.

En dat zijn 27 lidstaten met totaal verschillende belangen, en dus is er ruim twee jaar onderhandeld door de Europese Raad van landbouwministers. Zij hoefden overigens niet bij nul te beginnen, maar konden voortborduren op een voorstel van de Europese Commissie.

Deze gaf in 2018 het startschot voor het vernieuwen van het landbouwbeleid van de EU. Het huidige beleid stamt uit 2013. Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), een van de fundamenten van de Europese Unie, startte in 1963 en is sindsdien vijf keer grondig aangepast.

Landbouwbeleid op de schop

Want door de jaren heen veranderden het boerenbedrijf en de economie. In de eerste jaren van het beleid was het voornaamste doel nog om Europese boeren een hogere prijs te garanderen voor hun producten dan de prijs op de wereldmarkt, vertelt Petra Berkhout, landbouweconoom van de Wageningen University.

Die gegarandeerde prijs leidde ook tot overschotten, de beruchte boterbergen en wijnmeren. En daarom was ingrijpen noodzakelijk, legt Berkhout uit. Het beleid ging op de schop: het kunstmatig hoog houden van de prijs werd afgeschaft. De Europese subsidies worden sinds de jaren ’80 gebruikt om het inkomen van boeren aan te vullen.

Een koelruimte vol met overschotten aan roomboter in Beverwijk, in 1988. © ANP / Bert Verhoeff

Hoeveel subsidie boeren krijgen, is nu afhankelijk van het aantal hectares landbouwgrond dat ze hebben. Voorwaarde voor subsidie is verder dat boeren zich aan een uitgebreid pakket aan regels houden.

Lees ook:

Bio-boeren willen overheidssteun voor biologische landbouw

Commissie wil vergroening

Dat gaat de Europese Commissie inmiddels niet ver genoeg meer, omdat er geen extra stimulans is om de landbouw te verduurzamen en minder vervuilend te maken. Het idee is daarom om een deel van de subsidie afhankelijk te maken van extra dingen die boeren doen om te vergroenen.

Hoe groot dat deel wordt, daar lopen de meningen over uiteen. De Commissie stelde 20 procent voor, de Europese Raad is het daar mee eens. Maar in het Europees Parlement pleit men voor een hoger percentage, van 30 procent.

Inzet Nederland

Dat was ook wel de inzet van Nederland, vertelt Deniz Horzum, woordvoerder van de Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging bij de EU in Brussel. “Maar in het huidige krachtenveld was dit het maximaal haalbare en alsnog een mooie uitkomst”, zegt hij.

Ook Berkhout heeft wel begrip voor deze nederlaag voor het Nederlandse belang. “Het is logischer om meer natuur en klimaat te doen, maar op een gegeven moment moet er een compromis bereikt worden.”

“Het is logischer om meer aan natuur te doen, maar op een gegeven moment moet er een compromis bereikt worden.”

Nederland is op landbouwgebied een stuk verder dan landen als Polen en Hongarije, legt Berkhout uit. “En Frankrijk, Italië en Spanje krijgen nog veel geld. Het is in die landen soms lastig boeren, op berghellingen bijvoorbeeld.”

Werk voor 22 miljoen Europeanen

Zonder de Europese steun zou in veel regio’s van die landen landbouw niet rendabel zijn, terwijl het vaak wel een van de weinige bronnen van werk is. Er zijn grofweg zo’n 10 miljoen boerenbedrijven in de EU, goed voor werk voor 22 miljoen mensen.

Nederland kan overigens best tevreden zijn met de uitkomst van de onderhandelingen van de ministers, benadrukt Berkhout. “Uiteindelijk is een gelijk speelveld, van een Europa met open grenzen, het belangrijkst voor ons. Omdat we meer produceren dan we nodig hebben”, aldus Berkhout. “Nederland heeft veel baat bij een goed functionerende interne markt.”

“Uiteindelijk is een gelijk speelveld, van een Europa met open grenzen het belangrijkst voor ons, omdat we meer produceren dan we nodig hebben.”

Minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, ChristenUnie) is tevreden met het akkoord, dat ‘goed is voor de boer, en goed voor natuur, milieu en klimaat. Er zijn ook nog wel verbeterpunten, vertelt woordvoerder Bertine Moenaff-Fennema. “Onze zorg is of dit ook leidt tot minder regels. Dat blijft een punt van aandacht, dat we de komende tijd in de gaten moeten houden.”

Om hoeveel geld gaat het?

Vele tientallen miljarden. De landbouwsubsidies waren in de jaren ’80 goed voor ruim 70 procent van het hele EU-budget. Door de jaren heen is dit percentage wel gedaald, mede omdat het EU-budget flink is verhoogd. Vorig jaar ging er 50 miljard euro naar het landbouwprogramma van de EU, omgerekend 37,4 procent van de totale EU-begroting.

© RTL Z

Hoeveel daarvan is voor Nederland?

In 2019 ontvingen Nederlandse boeren 768,9 miljoen euro aan landbouwsubsidie, meldt Michel Maas, woordvoerder van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Deze organisatie, die valt onder de ministeries van LNV en Economische Zaken, is verantwoordelijk voor het verdelen van de subsidie.

© RTL Z

In de afgelopen jaren daalde het subsidiebedrag dat in Nederland terechtkwam gestaag: in 2013 was het nog ruim 1 miljard euro. 

Is het nu geregeld?

Nee. Nog lang niet. Over dit compromis hebben de landen tweeëneenhalf jaar vergaderd. Het Europees Parlement stemt deze week over het voorstel van de Europese Commissie, en kan daarbij ook nog voorstellen voor wijzigingen indienen.

Het resultaat van de discussie in het Europees Parlement en het akkoord van de lidstaten gaan vervolgens het Brusselse onderhandelingscircuit in, trialoog genaamd. Hierin onderhandelen Commissie, Europese Raad en het Parlement over een compromis. En dat kan een tijdrovend proces zijn. “In 2013 duurde dat een half jaar”, herinnert Berkhout zich.

Lees ook:

Kabinet trekt miljard uit om stilvallen bouw door stikstof te voorkomen

Meer: Michaël Niewold Carola Schouten Europese Commissie Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Europees parlement Europese Unie Landbouw Rundveehouderij Veehouderij Subsidie

EU-leiders eens over opvoeren CO2-reductie

Telegraaf 15.10.2020 De 27 EU-leiders zijn het erover eens dat de komende tien jaar de afgesproken reductie van de CO2-uitstoot in 2030 van 40 procent ten opzichte van 1990 onvoldoende is om in 2050 klimaatneutraal te kunnen zijn. Maar ze zitten nog niet op één lijn om het voorstel van de Europese Commissie te omarmen om het percentage tot 55 procent op te trekken.

Premier Mark Rutte zei na afloop van de eerste dag van de EU-top in Brussel dat Nederland „verheugd” is over de inzet van de commissie op 55 procent. Nederland was medeondertekenaar van een gezamenlijke verklaring woensdag met tien andere landen waarin de andere lidstaten worden opgeroepen in te stemmen met minstens 55 procent. „Tot ons genoegen groeit het aantal landen aan onze zijde.”

De CO2-kwestie werd tijdens het diner besproken als voorschot op de geplande top in december waar overeenstemming over een nieuw percentage zou moeten worden bereikt. Een aantal kleinere landen en lidstaten waarvoor de energietransitie moeilijker haalbaar en kostbaar is, bijvoorbeeld omdat er nog op kolen wordt gestookt, is nog niet over de streep. „Sommige landen vinden die 55 procent te scherp”, aldus Rutte.

Een hoger percentage moet collectief door de EU-landen worden opgebracht, onderschrijven de 27 in hun conclusies, rekening houdend met nationale omstandigheden. Ze hebben de commissie daarom gevraagd de gevolgen van versnelde reductie van de broeikasgasemissies in alle lidstaten in kaart te brengen.

In het Haagse regeerakkoord staat nu 49 procent, „maar de coalitie heeft afgesproken dat als de EU naar 55 gaat, wij ook.” Anders bestaat de kans dat Nederland met „een kopgroep” in Europa gaat optrekken. Met het huidige beleid gaat Nederland het klimaatdoel van 49 procent echter niet halen, oordeelde het Planbureau voor de Leefomgeving eerder.

In december 2029 spraken de regeringen af de EU in uiterlijk 2050 klimaatneutraal te krijgen.

BEKIJK MEER VAN; milieupolitiek klimaatverandering milieuvervuiling Brussel Europese Unie

Wetsvoorstel van Schouten is laatste kans voor oplossing stikstofcrisis

Elsevier 14.10.2020 Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Carola Schouten (ChristenUnie) heeft haar nieuwe stikstofwet bekendgemaakt. Deze moet eindelijk een einde maken aan de stikstofcrisis, maar onzeker is of er genoeg steun voor is. Voor Schouten is het voor de verkiezingen van volgend jaar de laatste kans om het hoofdpijndossier succesvol af te sluiten. Voor boeren en bouwers staat er nogal wat op het spel.

1.Hoe ontstond de stikstofcrisis ook al weer?

Eind mei 2019 zette de Raad van State een streep door het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Dit maakte het mogelijk vergunningen te verlenen voor bouwprojecten wanneer daar maatregelen tegenover staan om natuur te herstellen, of de uitstoot van stikstofoxiden en ammoniak te verlagen. Maar volgens de Raad van State zou het PAS niet voldoende garanderen dat de uitstoot echt daalt. Het vonnis leidde ertoe dat de vergunningverlening stokte. Dit veroorzaakte hoogoplopende protesten in onder meer de landbouw en de bouw.

Lees ook: Hoe voorkom je dat de boer uit Nederland verdwijnt?

Het kabinet kwam met kortetermijnmaatregelen om obstakels voor vergunningen weg te nemen. Dat was slechts deels effectief. Zo ontstond er ruimte door de maximumsnelheid op snelwegen overdag te verlagen tot 100 kilometer per uur. Maar een plan om het eiwitgehalte van veevoer tijdelijk te beperken, liep uit op een debacle.

De boerenprotesten laaiden opnieuw op en minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Carola Schouten (ChristenUnie) trok de maatregel in omdat deze niet effectief bleek. Ook werd een eerder aangekondigde uitkoopregeling voor varkenshouders uitgebreid. Het is onduidelijk hoeveel boeren daadwerkelijk zullen stoppen.

2.Wat staat er in Schoutens nieuwe stikstofwet?

Minister Schouten publiceerde op 13 oktober 2020 een wetsvoorstel ‘Stikstofreductie en natuurverbetering’ dat de komende jaren de weg moet wijzen uit de stikstofcrisis . Kern van de wet is een bindend doel: In 2030 moet de hoeveelheid stikstofverbindingen die neerdaalt in de helft van de Natura 2000-gebieden onder de volgens ecologen kritische grens liggen.

Natura 2000-gebieden zijn door Nederland zelf aangewezen en worden strikt beschermd door de Habitat- en Vogelrichtlijn van de Europese Unie. Om dit doel te halen, moet de stikstofuitstoot naar verwachting met zo’n 26 procent dalen.

De man achter het ‘stikstofvonnis’ dat Nederland platlegt

Maar het grootste doembeeld is dat ook onder het nieuwe stikstofbeleid vergunningen bij de rechter. zullen sneuvelen. Het kabinet doet er alles aan dit te voorkomen, maar milieuorganisaties ruiken bloed. Nu al pleiten zij voor een veel hoger wettelijk doel – minimaal 50 procent minder stikstofuitstoot in 2030.

Dat is het dubbele van het al ingrijpende doel van minister Schouten. Ook het Adviescollege Stikstofproblematiek onder leiding van Johan Remkes (VVD) pleitte voor dit veel hogere doel.

3.Hoe wordt op Schoutens voorstel gereageerd?

De bouw- en landbouwsector worden tijdens de stikstofcrisis hard getroffen. Beide zijn niet tevreden met de aanpak die Schouten nu voorstelt, al is de Land- en Tuinbouworganisatie Nederland (LTO) kritischer dan de bouwsector.

Volgens LTO ontbreken juridische oplossingen voor boeren die nu geen stikstofvergunning meer hebben en moeten stikstofrechten beter worden geregistreerd. Ook wil de belangenbehartiger dat er nadrukkelijker wordt ingezet op innovatieve oplossingen om de stikstofuitstoot te verminderen.

Afbeelding Femke Marije

@FemkeMarijeW

Wat een onbetrouwbare overheid… Doelstellingen stikstof worden nu resultaatverplichting. Dat betekent dat boeren die nu al geïnvesteerd hebben in emissiearme vloeren, en geen andere opties hadden ivm RAV lijst, gewoon dikke vette pech te horen krijgen…

3:10 p.m. · 13 okt. 2020 vanuit Dongeradeel, Nederland 74 53 mensen tweeten hierover

Bouwend Nederland is positiever dan LTO. Kleine bouw- of sloopprojecten hoeven in dit wetsvoorstel geen natuurvergunning meer aan te vragen, omdat daarbij weinig stikstof vrijkomt. Kleine bouwprojecten kunnen zo sneller doorgang vinden. Toch hebben de bouwers ook kritiek: infrastructurele projecten zijn volgens de organisatie nog onvoldoende geholpen.

4.Is er genoeg politieke steun voor Schoutens wetsvoorstel?

De uitbraak van het coronavirus heeft de stikstofproblemen tijdelijk naar de achtergrond verdreven, maar voor de politiek is het een van de belangrijkste uitdagingen voor het kabinet.

Het wetsvoorstel van Schouten is haar laatste kans om nog tijdens deze kabinetsperiode de stikstofcrisis op te lossen – en haar ministerschap glans te geven. Als het plan sneuvelt in de Tweede of Eerste Kamer is er nauwelijks nog tijd om voor de Tweede Kamerverkiezingen van volgend jaar maart een alternatief te maken.

Stikstofaanpak: sterkere natuur, perspectief voor de bouw

RO 13.10.2020 Het kabinet legt wettelijk vast dat de natuur herstelt en uitstoot en neerslag van stikstof dalen. Met een miljardenpakket voor natuurherstel en maatregelen om stikstofneerslag terug te dringen, zit in 2030 minimaal de helft van de natuur in beschermde Natura 2000-gebieden op een gezond stikstofniveau.

Deze structurele stikstofaanpak biedt ook ruimte voor economische activiteiten. Zo komt er een gedeeltelijke vrijstelling voor activiteiten van de bouwsector in de bouw- en sloopfase.

Dat staat in het wetsvoorstel Stikstofreductie en natuurverbetering, dat coördinerend minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd samen met een aantal gerelateerde brieven.

Minister Schouten: “In een sterke natuur ligt een groot deel van de oplossing van het stikstofprobleem. Hoe robuuster de natuur, hoe meer die ook tegen een stootje kan en economische ontwikkelingen mogelijk worden. De Coronacrisis raakt vele sectoren nog altijd hard.

Ook die sectoren die last hebben van de stikstofproblematiek zoals de bouw, industrie, transport en landbouw. Daarom is het van groot belang de stikstofaanpak nu wettelijk vast te leggen en vervolgens daadwerkelijk te realiseren. Voor de natuur, voor de maatschappij.”

Structurele stikstofaanpak

Het kabinet legt met het wetsvoorstel vast dat de natuur sterker wordt en de stikstofdepositie omlaag gaat. Het credo is eerst stikstofruimte winnen, pas dan weer beperkt uitgeven.

Er komt tot 2030 bijna 3 miljard euro beschikbaar voor natuurherstel en -versterking en circa 2 miljard euro voor (bron)maatregelen om de stikstofuitstoot van landbouw, verkeer, bouw en industrie te verminderen. Elke sector levert een bijdrage.

Voor de landbouw betekent dit een omslag naar toekomstbestendige (kringloop)landbouw met zo min mogelijk emissies. Er komen middelen voor investeringen in duurzame stallen, minder eiwit in veevoer en betere mestaanwending.

Er komt een Omschakelfonds van 175 miljoen euro om boeren te helpen deze stappen te zetten. Voor boeren die vrijwillig willen stoppen komt ook geld beschikbaar. Ook voor de industrie, bouw, luchtvaart en binnenvaart zorgt het kabinet voor financiële ondersteuning.

Er is geld om bovenop de wettelijke verplichting te investeren in de best beschikbare technologie voor emissie- en stikstofreductie in de industrie. Ook investeert het kabinet in schonere bouwmachines, elektrisch taxiën van vliegtuigen en in katalysatoren en walstroomvoorzieningen.

Het kabinet verplicht zichzelf het hoofddoel – in 2030 zit de helft van de hectares natuur in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden op een gezond stikstofniveau – linksom of rechtsom te halen.

Deze ambitie acht het kabinet, na zorgvuldige afweging en gesprekken met de sectoren, financieel en maatschappelijk haalbaar. In het wetsvoorstel zit een systeem van monitoring en bijsturing: het effect van de bronmaatregelen wordt jaarlijks getoetst en het herstel van de natuur elke twee jaar.

Als  nodig stuurt het kabinet bij. In de Tweede Kamerbrief geeft minister Schouten aan dat met het wetsvoorstel veel aanbevelingen van het adviescollege Stikstofproblematiek onder leiding van Johan Remkes zijn overgenomen

Bouw: gedeeltelijke vrijstelling

Het wetsvoorstel bevat een gedeeltelijke vrijstelling van de natuurvergunningsplicht voor de bouwsector. De vrijstelling geldt voor bouwactiviteiten in de bouw- en sloopfase, waarin emissies tijdelijk en beperkt zijn.

Deze vrijstelling maakt vergunningverlening voor de aanleg/bouw van onder andere woningen, utiliteit, energieprojecten en activiteiten in de grond-, weg- en waterbouw makkelijker. Om deze vrijstelling mogelijk te maken reserveert het kabinet in de periode 2021-2030 500 miljoen euro voor stikstofreductie in de bouw en 500 miljoen euro voor aanvullende maatregelen binnen of buiten de bouw.

Het Rijk maakt afspraken met de bouwsector over deze reductie en bijbehorende maatregelen, gericht op emissiearme werk- en voertuigen. De maatregelen worden onderdeel van de structurele aanpak stikstof. Het kabinet benadrukt dat de (stikstof)effecten van de bouwvrijstelling periodiek worden gemonitord, zodat tijdig kan worden bijgestuurd indien nodig.

Meet- en rekenmethodes verder verfijnen

Naast het wetsvoorstel heeft minister Schouten de Tweede Kamer een brief gestuurd met de kabinetsreactie op de rapporten van het Adviescollege Meten en Berekenen Stikstof onder leiding van Leen Hordijk.

Het kabinet onderschrijft de conclusie van het adviescollege dat de meet- en rekenmethodes voldoende zijn, wat belangrijk is om maatregelen voor stikstofreductie te onderbouwen. De overheid neemt de aanbeveling over om het aantal meetnetten uit te breiden.

Het adviescollege is kritisch op het gebruik van AERIUS Calculator als onderdeel van de vergunningverlening. Het Rijk werkt voortdurend aan het doorontwikkelen– donderdag 15 oktober volgt een nieuwe release met geactualiseerde gegevens.

Tegelijkertijd constateert het kabinet dat er momenteel nergens in de wereld een betere methode beschikbaar is voor het verstrekken van vergunningen. Met de instelling van een Kennisprogramma Stikstof doet het kabinet nader onderzoek naar andere aanbevelingen van Hordijk, zoals de mogelijkheid om satellietmetingen te gebruiken.

Ook volgt nog onderzoek naar het verruimen van de ondergrens, waarbij projecten met minder dan 0,005 mol depositie per ha/jr geen natuurvergunning nodig hebben, en het hanteren van een rekengrens voor projecten.

Realistische natuur

Het kabinet ambieert een vitale, robuuste en sterke natuur, waarin het de komende jaren dan ook fors investeert. Minister Schouten heeft een doorlichting van de Natura 2000-gebieden laten uitvoeren – onder meer om na te gaan of herstel van structureel zwakke gebieden mogelijk is.

De onderzoeken geven aan dat herstel in kwetsbare natuurgebieden kan. De vraag is alleen tegen welke prijs en of dat proportioneel is. Een snelle route is er niet. Het Rijk gaat dat gesprek – in samenwerking met de provincies – aan met de Europese Commissie.

Ondertussen is de inzet om zo effectief mogelijk de Natura 2000-doelen te halen. Bijvoorbeeld door te onderzoeken of bepaalde beschermde soorten niet beter op andere plekken kunnen floreren.

Het kabinet betrekt dit onderzoek bij de actualisatie van de nieuwe Natura 2000-beschermingsdoelen. Aanpassingen zijn  sowieso nodig als in de toekomst vanwege nieuwe inzichten over het tempo of de omvang van klimaatverandering bepaalde doelen niet haalbaar blijken.

Effectieve emissiearme stallen

Minister Schouten heeft de Commissie Deskundigen Meststoffenwet (CDM) naar aanleiding van een CBS-publicatie vorig jaar om advies gevraagd over de effectiviteit van emissiearme stallen om ammoniak te reduceren. CDM bevestigt dat emissiearme stallen niet in alle gevallen de beoogde emissiereductie opleveren.

Dat ligt soms aan de techniek zelf, soms aan verkeerd gebruik van de techniek. Minister Schouten onderstreept in een brief aan de Tweede Kamer de noodzaak om samen met de sector blijvend onderzoek te doen naar de emissiereductie van (emissiearme) stallen in de praktijk.

Binnen de structurele stikstofaanpak is daarom duidelijk gekozen om eerst te investeren in innovaties en onderzoek en bij bewezen effectiviteit van de technieken veehouders te ondersteunen bij het duurzamer en emissiearm maken van stallen.

PAS-melders

Het kabinet bevestigt nogmaals dat voor de zogenoemde PAS-melders, ondernemers die voor de stikstofuitspraak van de Raad van State in aanmerking kwamen voor een vrijstelling van de Natura 2000-vergunningplicht, aan een oplossing wordt gewerkt. Het kabinet wil samen met de landbouwsector onderzoeken hoe dit versneld kan.

Vergroot afbeelding

Uitgeschreven tekst ©Rijksoverheid

Documenten;

Kamerbrief over behandelverzoek wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering

Kamerstuk: Kamerbrief | 13-10-2020

Kamerbrief met kabinetsreactie op het eindadvies ‘Niet alles kan overal’ van het Adviescollege Stikstofproblematiek

Kamerstuk: Kamerbrief | 13-10-2020

Kabinetsreactie op het eindrapport ‘Meer meten, robuuster berekenen’ van het Adviescollege Meten en Berekenen Stikstof

Kamerstuk: Kamerbrief | 13-10-2020

Kamerbrief reactie op onderzoek Natura 2000

Kamerstuk: Kamerbrief | 13-10-2020

Aanbieding en reactie op CDM-advies ‘Stikstofverliezen uit mest in stallen en mestopslagen’

Kamerstuk: Kamerbrief | 13-10-2020

Zie ook;

Schouten lanceert stikstofaanpak: ’Minimaal helft natuur gezond in 2030’

Telegraaf 13.10.2020 Na anderhalf jaar broeden heeft het kabinet een nieuwe stikstofaanpak voor de komende tien jaar. De miljardenoperatie moet zorgen voor natuurherstel én een oplossing met de juridische problemen rond bouwvergunningen.

Sinds een uitspraak van de Raad van State in het voorjaar van 2019 staat Nederland op slot. Om te voorkomen dat er dit jaar geen woningen en wegen meer kunnen worden gebouwd heeft het kabinet 13 maanden geleden een spoedaanpak geïntroduceerd. Tot nu toe is van die belofte weinig terecht gekomen. Alleen de automobilist leverde door langzaam te rijden op alle snelwegen.

Bouw uit slop

Voor de periode na dit jaar heeft ’stikstofminister’ Carola Schouten dinsdag een aanpak onthult. De CU-bewindsvrouw zegt in de wet vast dat over tien jaar minimaal de helft van de natuur in Europees beschermde Natura 2000-gebieden op een ’gezond’ stikstofniveau moet zitten. Tegelijkertijd is er een weg bedacht om de bouwsector uit het slop te trekken.

Door in de bouw- en sloopfase een kleine vrijstelling te creëren moet het weer makkelijker worden om de schop in de grond te steken. In ruil voor deze stikstofdrempel moet de sector flink vergroenen. Daarnaast moet de landbouw, bouw en industrie stikstof gaan verminderen de komende jaren. Het ’groene feestje’ kost in totaal meer dan zes miljard euro.

Al met al lijkt het voor de bouw nog een kwestie van geduld voor de situatie weer normaal is. De hele aanpak gaat tien jaar duren. Stikstofruimte voor vergunningen komt er pas nadat er elders minder stikstofuitstoot is. Schouten wil bijvoorbeeld (vrijwillig) boeren uitkopen.

Pas als de koeien weg zijn kan de ’stikstofwinst’ worden verzilverd. Die hele operatie komt grotendeels op het bordje van een volgend kabinet. De praktische kant van de hete stikstofaardappel wordt daarmee doorgeschoven.

BEKIJK MEER VAN; huisvesting en stedenbouw landbouw milieubehoud Carola Schouten Raad van State

Gemengde reacties op definitieve stikstofplannen die woningbouw moeten redden: ‘pappen en nathouden’

AD 13.10.2020 De wet met stikstofplannen die landbouwminister Carola Schouten vandaag naar de Tweede Kamer stuurt, roept gemengde reacties op. Volgens de natuurorganisaties kiest het kabinet voor ‘pappen en nathouden’, terwijl boerenorganisatie LTO echte oplossingen voor ondernemers mist.

Het kabinet trekt tussen 2021 en 2030 een miljard euro extra uit om de bouw uit het slop te trekken. Een half miljard van het geld gaat naar schonere vrachtwagens en machines, zodat de bouw en sloop minder stikstof uitstoten. De andere helft van het bedrag blijft nog even op de plank liggen. Dit kan voor de bouw of andere stikstofmaatregelen worden ingezet.

Deze kabinetsplannen zullen onvermijdelijk leiden tot nieuwe gerechtelijke procedures, zeggen natuur- en milieuorganisaties. ,,Die zal de staat dan weer verliezen”, stelt Johan Vollenbroek, de voorzitter van Mobilisation for the Environment (MOB).

Vollenbroeks organisatie vocht het stikstofbeleid al eerder met succes aan bij de rechter. De Raad van State oordeelde in mei vorig jaar dat het zogeheten Programma Aanpak Stikstof (PAS) in strijd was met Europese natuurwetgeving, zoals MOB had betoogd.

Minder vergaand

Het kabinet moet meer doen om de uitstoot van stikstofverbindingen die de natuur schaden terug te dringen. Johan Remkes, die in opdracht van het kabinet onderzoek deed naar de problematiek, adviseerde maatregelen te nemen om de uitstoot de komende tien jaar te halveren.

Dat doel zou wettelijk vastgelegd moeten worden. Schouten wil minder ver gaan en slechts vastleggen dat de stikstofneerslag in de helft van de beschermde natuurgebieden tot een gezond niveau moet zijn gedaald.

,,Absurd, want alleen die halvering kan unieke en kwetsbare natuur daadwerkelijk beschermen”, zegt Vollenbroek. Hij spreekt mede namens Greenpeace en Milieudefensie. Ook Natuurmonumenten ziet de plannen als ‘een papieren oplossing, ten koste van onze natuur’. ,,Daarmee sorteren we voor op een volgende stikstofcrisis”, aldus directeur Marc van den Tweel.

Hij noemt het verder onbegrijpelijk dat het kabinet in Brussel wil proberen de natuurbeschermingsregels af te zwakken. ,,Juist door de natuur te versterken ontstaat ontwikkelruimte voor woningbouw, economie, gezonde leefomgeving en natuur”, stelt Van den Tweel. ,,Als we daar nu wel de juiste keuzes in maken, geeft ons dat perspectief voor de lange termijn.”

Minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) staat de pers te woord op het ministerie, voordat zij vandaag haar nieuwe aanpak van de stikstofcrisis presenteerde. © ANP

Boeren en bouwers

Landbouwsectororganisatie LTO Nederland mist in de kabinetsplannen om stikstof terug te brengen ‘oplossingen voor ondernemers die te goeder trouw hebben gehandeld maar nu zonder vergunning zitten’. Ook wil de brancheorganisatie een deugdelijk systeem om stikstofreductie te registreren en een nadruk op innovatie.

De wet is dus een stuk beter dan wat eerst voorlag. Er komt nu een einde aan het juridisch pappen en nathouden van de PAS, aldus Tjeerd de Groot, D66.

In de plannen van Schouten zaten vooral op het gebied van de bouw nieuwe elementen, zoals de forse subsidie voor het kopen en ombouwen van elektrische vrachtwagens en machines.

Stikstofreductie via de landbouw moet nog altijd via bijvoorbeeld het uitkopen van veehouders en het inzetten op kringlooplandbouw, plannen die Schouten al eerder had gepresenteerd. Een plan dat de uitstoot uit de mest van melkkoeien moest verminderen door het voer aan te passen, is van tafel.

‘Stuk beter’

Coalitiepartij D66 roept de minister op snel aan de slag te gaan met de plannen om de uitstoot van stikstof te verlagen en natuurgebieden te versterken. ,,De natuur kan niet langer wachten”, zegt Kamerlid Tjeerd de Groot, die eerder pleitte voor een halvering van de veestapel. ,,De wet is dus een stuk beter dan wat eerst voorlag.

Er komt nu een einde aan het juridisch pappen en nathouden van de PAS”, zegt De Groot over het stikstofbeleid dat de Raad van State in mei vorig jaar afschoot. Het Kamerlid wil met Schouten in debat over verdere mogelijkheden om de natuur beter te beschermen.

Het is belangrijk dat iedereen – van huizenbe­zit­ter tot boer, van autorijder tot luchtvaart­maat­schap­pij – meedoet en zijn verantwoor­de­lijk­heid neemt, aldus Carla Dik-Faber, ChristenUnie.

Volgens de ChristenUnie is de wet ‘opnieuw een stap in de goede richting. We kiezen voor goed rentmeesterschap en zorg voor de schepping’, zegt Kamerlid Carla Dik-Faber. ,,Met een structurele aanpak, monitoring en bijsturing én een resultaatsverplichting in de wet, wil dit kabinet ervoor zorgen dat de stand van natuurgebieden in ons land verbetert en de trend van biodiversiteitsverlies keert”, aldus de partijgenoot van Schouten.

Wel is het belangrijk dat iedereen, ‘van huizenbezitter tot boer, van autorijder tot luchtvaartmaatschappij’, meedoet en zijn verantwoordelijkheid neemt, zegt Dik-Faber.

‘Veel te mager’

Veel minder enthousiast is GroenLinks. De ambitie van het kabinet is volgens Kamerlid Laura Bromet ‘veel te mager’. De wet ‘gaat het stikstofprobleem niet oplossen. Dat is slecht voor de natuur, slecht voor de bouw en slecht voor het geloof in de politiek om problemen op te lossen’.

Bromet wijst op het wetsvoorstel dat GroenLinks zelf heeft gemaakt en ‘dat wel werkt’ om de stikstofproblemen op te lossen. De partij wil hierover graag in gesprek met het kabinet.

Een uitspraak van de Raad van State vorig jaar zorgt ervoor dat milieuvergunningen voor bijvoorbeeld de bouw niet verleend kunnen worden, omdat de stikstofuitstoot te hoog is en de stikstofneerslag gevoelige natuurgebieden beschadigt.

Het Nederlandse beleid was in strijd met Europese regels hierover. Daarom trok Schouten eerder al 5 miljard euro uit: 2 miljard om de stikstofuitstoot door de landbouw, industrie en bijvoorbeeld scheepvaart te verlagen en 3 miljard om de speciale natuurgebieden te versterken.

Prangend dossier

Bovenop het aangekondigde bedrag komt dus geld voor een schonere bouw. Dat is voor het kabinet belangrijk, omdat het gebrek aan woningen een van de meest prangende politieke dossiers is.

De uitstoot van woningbouw is bovendien slechts tijdelijk. Voor groene energieprojecten geldt zelfs dat de aanleg ervan dan wel vervuilend is, maar het project zelf juist bijdraagt aan bijvoorbeeld de energietransitie, als het er eenmaal staat.

,,In een sterke natuur ligt een groot deel van de oplossing van het stikstofprobleem. Hoe robuuster de natuur, hoe meer die ook tegen een stootje kan en economische ontwikkelingen mogelijk worden”, zegt de bewindsvrouw.

Over haar plannen is lange tijd gediscussieerd binnen de coalitie. Eerdere versies werden al gewijzigd. Een voorstel om krachtvoer aan te passen zodat melkkoeien minder stikstof uitstoten, ging al van tafel na fel protest van boeren.

Schouten: Minder stikstofuitstoot wordt harde belofte, vrijstelling voor bouw

NU 13.10.2020 De vrijblijvendheid om in de buurt van beschermde natuurgebieden minder stikstof uit te stoten verdwijnt. Het kabinet gaat het doel om minstens de helft van de Natura 2000-gebieden in 2030 op orde te hebben wettelijk vastleggen. De bouwsector krijgt een tijdelijke vrijstelling voor bouwvergunningen, zodat er aan nieuwe woningen gewerkt kan worden.

Dat staat in de stikstofplannen die minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) dinsdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Het wettelijk borgen van de afspraken was een van de nadrukkelijke adviezen van Johan Remkes, die op verzoek van de Kamer vier rapporten over de stikstofproblemen schreef.

“Het kabinet verplicht zichzelf het hoofddoel – in 2030 zit de helft van de hectares natuur in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden op een gezond stikstofniveau – linksom of rechtsom te halen”, staat in de kabinetsstukken. Gaandeweg wordt bekeken of er bijgestuurd moet worden.

Remkes ging in zijn eindadvies een stap verder: volgens hem moet de stikstofuitstoot in 2030 zijn gehalveerd. Het kabinetsdoel om over tien jaar de helft van de Natura 2000-gebieden op een gezond stikstofniveau te krijgen, komt neer op een stikstofreductie van ongeveer een kwart.

In mei 2019 verbood de Raad van State het stikstofbeleid van het kabinet. Het was te vrijblijvend en de natuur was er niet mee geholpen. Er mochten vervolgens geen bouwvergunningen meer worden verleend. Sindsdien zoekt het kabinet, met Schouten voorop, naarstig naar een nieuw, robuust stikstofbeleid waarmee de natuur en de economie geholpen zijn.

Zie ook: Remkes over het stikstofbeleid: ‘Weg met de vrijblijvendheid’

Twijfel of alle natuurgebieden gered moeten worden

Tegelijkertijd twijfelt Schouten of alle 161 Natura 2000-gebieden gered kunnen worden. Uit onderzoek blijkt dat kwetsbare gebieden zich kunnen herstellen. “De vraag is alleen tegen welke prijs en of dat proportioneel is. Een snelle route is er niet”, schrijft Schouten.

Gesprekken hierover met de betrokken provincies en de Europese Commissie volgen nog. Natura 2000 is namelijk een Europees netwerk van natuurgebieden dat de biodiversiteit moet beschermen.

De bouwsector krijgt een uitzonderingspositie. Voor bouw- en sloopwerk hoeft tijdelijk geen natuurvergunning aangevraagd te worden.

Dat moet vooral de woningbouw lucht geven. Vrijwel alle politieke partijen zijn ervan doordrongen dat er meer huizen moeten worden gebouwd. “Het weer op gang brengen en blijven houden van de bouw is cruciaal voor de economie en het economisch herstel na de coronacrisis”, schrijft Schouten.

Kabinet trekt 5 miljard euro uit voor stikstofplannen

Dit voorjaar werd al bekend dat het kabinet tot 2030 in totaal 5 miljard euro uittrekt voor natuurbescherming (3 miljard) en de verlaging van de stikstofuitstoot (2 miljard), de zogenoemde bronmaatregelen voor landbouw, verkeer, bouw en industrie.

Het kabinet zet in op kringlooplandbouw, waarbij de uitstoot van schadelijke stoffen zoveel mogelijk wordt beperkt. De hoop is ook gevestigd op innovaties die bijvoorbeeld stallen schoner moet maken. Op dat vlak valt nog een hoop te winnen.

Vorig jaar bleek uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat ‘milieuvriendelijke’ koeienstallen meer stikstof uitstoten dan aanvankelijk werd gedacht. Dat ligt soms aan de techniek zelf en soms aan verkeerd gebruik van de techniek, schrijft Schouten nu.

Naar aanleiding van deze tegenvaller werd besloten alleen te investeren in bewezen effectieve technieken. Een oplossing is er nog niet. Er wordt “blijvend onderzoek” naar milieuvriendelijke stallen gedaan, aldus de minister.

Nieuw onderzoek naar omstreden veevoermaatregel

Het verduurzamen van de stallen en kringlooplandbouw worden geschaard onder de maatregelen die de stikstofuitstoot structureel omlaag moeten brengen. Dat geldt ook voor het omstreden voorstel om veevoer minder eiwitrijk te maken. De vermindering van eiwit moet leiden tot minder ammoniak in de mest van de dieren.

Een eerder voorstel op dit vlak leidde tot wederom veel boerenprotesten. Afgelopen zomer werd een streep door het plan gehaald, omdat het te weinig stikstofreductie oplevert.

Schouten onderzoekt nu met de landbouwsector of er een andere oplossing is. “Doel hiervan is om samen te verkennen welke afspraken gemaakt kunnen worden om via verlaging van het ruweiwitgehalte in veevoer te komen tot vermindering van de ammoniakemissie”, schrijft de minister.

Uitkoop van boeren blijft vrijwillig

Een ander heikel punt en tevens een structurele maatregel is de uitkoop van boeren. Hoewel Schouten steeds heeft benadrukt dat vrijwilligheid het uitgangspunt is, werkt ook dit voorstel de boeren op de zenuwen. De regeling wordt nu zo opgetuigd dat alleen de grootste vervuilers in de buurt van Natura 2000-gebieden worden uitgekocht.

Schouten merkt nog wel op dat verplichte opkoop uitsluitend kan via onteigening. “Een proces dat in de regel aanzienlijk langer duurt dan de uitvoering van een vrijwillige regeling”, aldus de bewindsvrouw.

Lees meer over: Politiek  Stikstofuitspraak

Schouten presenteert stikstofwet: ‘meer reductie lastig haalbaar’

NOS 13.10.2020 De stikstofuitstoot moet in 2030 26 procent lager liggen dan nu. Dat staat in het wetsvoorstel Stikstofreductie en natuurverbetering, dat minister Schouten vandaag bij de Tweede Kamer indient. Met die wet wil ze regelen dat er minder stikstof in de natuur komt en er tegelijkertijd voor zorgen dat bouwprojecten door kunnen gaan.

Eerder kwam er veel kritiek op het cijfer van 26 procent reductie in 2030. Het Adviescollege Stikstofproblematiek, de commissie-Remkes, zei in juni dat het 50 procent zou moeten zijn om voldoende effect te hebben. GroenLinks herhaalde die kritiek vorige week.

Een woordvoerder van Schouten zegt echter dat 50 procent financieel en maatschappelijk lastig haalbaar is. Daarmee doelt hij onder meer op de felle protesten die boeren tegen de stikstofmaatregelen hebben gevoerd.

Elektrisch machinepark

In een begeleidende brief bij haar wet schrijft Schouten dat het kabinet 1 miljard euro extra uittrekt om de bouw uit het slop te trekken. De helft van dat bedrag kan worden gebruikt voor een schoner, elektrisch machinepark. De andere helft blijft nog even op de plank liggen.

Kleine bouw -en sloopprojecten, die weinig stikstof uitstoten, hoeven geen natuurvergunning aan te vragen voor ze kunnen beginnen, schrijft Schouten. Het idee is dat bijvoorbeeld kleinere woningbouwprojecten hierdoor sneller kunnen doorgaan.

Schouten benadrukt dat er afspraken met de bouwsector worden gemaakt om de stikstofuitstoot terug te dringen, en dat er steeds in de gaten wordt gehouden of er voldoende bereikt wordt. Als dat niet zo is, kan tijdig worden bijgestuurd, schrijft zij aan de Tweede Kamer.

BEKIJK OOK;

Timmermans wil geen scherpere klimaatdoelen: ‘We gaan al heel ver’

NOS 12.10.2020 Het verder aanscherpen van de klimaatdoelstellingen is onverstandig. Het terugdringen van de uitstoot met 60 procent in 2030 is niet haalbaar, zegt Eurocommissaris Frans Timmermans in een interview met de NOS.

Hij reageert daarmee op de discussie in het Europees Parlement. Dat besloot recent om de doelstellingen aan te scherpen en te streven naar 60 procent minder uitstoot de komende tien jaar. “Ik vind het echt heel goed dat het Europees Parlement zo ambitieus is. Maar we hebben bij de Europese Commissie ons huiswerk gedaan: meer dan 55 procent in 2030, zoals ik voorstel, wordt heel erg zwaar.”

Volgens Timmermans kunnen de burgers en het bedrijfsleven niet meer opbrengen. De grens is wat de Eurocommissaris betreft wel bereikt. Hij denkt ook niet dat het nodig is. “We hebben een heel uitvoerige analyse gedaan en onze conclusie is dat die 55 procent genoeg is om de doelstelling te halen.”

Klimaatneutraal in 2050

De Europese Unie wil immers in het jaar 2050 klimaatneutraal zijn om zo de opwarming van de aarde enigszins binnen de perken te houden. Om dat te halen moeten er de komende jaren forse stappen worden gezet, zegt Timmermans. “We gaan al heel ver. We zijn al het continent dat het verste gaat.”

Hij vreest dat de gevolgen van nog meer ambitie te groot zullen zijn. “De lasten voor het bedrijfsleven en de burgers worden groter door die paar procent extra. Meer geld, meer investeringen. Bovendien moet je dan eerder ingrijpen in bijvoorbeeld het wegtransport.”

Hij waarschuwt dat andere landen buiten de EU eveneens hun verantwoordelijkheid moeten nemen, omdat de economieën uiteindelijk met elkaar vervlochten zijn. “Europa mag best vooroplopen, maar je moet zorgen dat de rest wel meedoet.”

Renovatie panden

Deze week komt Timmermans met plannen om renovatie van huizen te stimuleren. “Door betere isolatie kun je enorm veel energie-uitstoot besparen en ook dat is gunstig voor het klimaat.” De Eurocommissaris denkt niet alleen aan het renoveren van oude huizen, ook kantoorgebouwen, scholen, ziekenhuizen kunnen een opknapbeurt gebruiken. Meer zonnepanelen, dubbel glas en slimme technologie zodat er niet te veel gestookt wordt.

“Bovendien is het, helemaal in deze tijden, een enorme stimulans voor de werkgelegenheid. De renovatiegolf zorgt dat extra mensen, vooral in het midden- en kleinbedrijf, aan de slag kunnen. Dat is werk dat lokaal gebeurt, dat kun je niet uit Europa weghalen.”

Wiebes vindt kritiek op kernenergiestudie geen probleem

NOS 25.09.2020 Minister Wiebes vindt het “prima” dat wetenschappers kritiek hebben op de studie naar kernenergie die hij woensdag naar de Tweede Kamer stuurde. Dat onderzoek concludeerde dat kernenergie toch niet duurder is dan energie uit wind en zon.

Die conclusie staat haaks op een eerder onderzoek dat Wiebes had gelast. Uit die studie, van april dit jaar, bleek dat kernenergie duurder is, behalve als atoomstroom altijd voorrang krijgt op het elektriciteitsnet en de overheid een groot deel van de financiële risico’s op zich neemt.

De tegengestelde conclusies vindt Wiebes geen probleem. “Altijd als je wetenschappers aan het werk zet, zullen ze elkaar bevragen. Dat vind ik wel prima”, zegt Wiebes tegen het ANP. “Er komt uit wat er uitkomt en dat is ook weer heerlijk voer voor lekker nadenken voor andere wetenschappers. Zo gaan we voort.”

‘Omissies en rekenfouten’

De studie uit het voorjaar werd uitgevoerd door de bureaus Berenschot en Kalavasta. John Kerkhoven, een van de auteurs ervan, is uiterst kritisch (.pdf) op het nieuwe rapport. “Het zit vol omissies en grote rekenfouten”, zei hij in het NOS Radio 1 Journaal.

Volgens Kerkhoven rekenen de onderzoekers met te hoge kosten voor zonne- en windenergie en te lage kosten voor kernenergie. “We weten allemaal dat de kosten van hernieuwbare energie zijn gedaald.

De onderzoekers rekenen voor de kosten voor zonne- en windenergie in 2040 met prijzen die hoger liggen dan de prijs vandaag de dag. Dus de onderzoekers gaan ervan uit dat de prijs van zonnepanelen en windmolens omhoog gaan in plaats van omlaag.”

Bij kernenergie gebeurt het omgekeerde, volgens Kerkhoven door een verkeerde aanname. “Ze gaan ervan uit dat een kerncentrale altijd aanstaat. Maar we weten dat zonne- en windenergie op het elektriciteitsnet voorgaan op andere vormen.”

Dus hoe meer hernieuwbare energie wordt aangeboden, hoe minder ruimte er is voor kernenergie. “Wij hebben uitgerekend dat in 2040 de kerncentrales nog maar de helft van de tijd kunnen draaien. Dat betekent eigenlijk dat je kernstroom krijgt die twee keer zo duur is.”

Hij noemt het ook “een beetje gek”, dat zijn rapport op verzoek van het ministerie wel is nagekeken (peer-reviewed) door onder meer het Planbureau voor de Leefomgeving en dat dit voor het nieuwste onderzoek niet is gebeurd.

 Tom van der Lee @TomvanderLee

Vanochtend om 07.05 uur gaf John Kerkhoven (Kalavasta) zeer heldere kritiek op ‘t ondeugdelijke ENCO-rapport, dat stelt dat kernenergie in prijs kan concurreren; ‘t zit vol omissies & rekenfouten. Ik wil dat Wiebes ‘t PBL ‘n peer review laat uitvoeren! https://t.co/BkLiMYhQCn

Kamerleden Sienot (D66) en Van der Lee (GroenLinks) reageerden afgelopen week al argwanend op de conclusies van ENCO. “Het onderzoek rammelt”, zegt Sienot. Hij heeft Kamervragen gesteld.

CDA-Kamerlid Mulder, die afgelopen week zei dat het rapport aantoont dat kernenergie een reële optie is, zegt nu dat er goed moet worden gekeken naar de verschillende conclusies. “Dat lijkt me wel nodig, je moet een eerlijke vergelijking maken. We moeten dit in de Kamer bespreken.”

BEKIJK OOK;

Kerncentrales op de Maasvlakte, is dat nu wel zo handig?

AD 24.09.2020 De Maasvlakte is een van de beoogde locaties voor kerncentrales. De regering onderzoekt de mogelijkheden in het uitgestrekte havengebied. Tot ergernis van het Havenbedrijf Rotterdam en omwonenden. ,,Er zijn betere oplossingen.’’

De Maasvlakte is een van de weinige gebieden in Nederland waar de dichtstbijzijnde mensen pas vijf kilometer verderop wonen. Áls je dan toch ergens een kerncentrale bouwt, dan daar. Volgens VVD-parlementariër Mark Harbers zijn er drie tot tien reactoren in Nederland nodig om de klimaatdoelen te halen.

Hij heeft zijn plan om de bouw te bestuderen door de Tweede Kamer geloodst. Behalve de Maasvlakte mikt hij op de Eemshaven in Groningen en het Zeeuws Borsele. Die drie plekken zijn al eens vastgelegd op de plankaarten.

De uitgestrekte Maasvlakte is ver weg van de bewoonde wereld, maar niet leeg. Wat er wél staat is behoorlijk explosief: een bioraffinaderij, chemiefabrieken, een grote gasterminal en de grootste olie-opslagtanks van de Rotterdamse haven. Om nog te zwijgen van de ‘s werelds grootste schepen die er liggen, want ook die hebben chemische en brandbare lading aan boord.

Tweede kamerlid Mark Harbers op Maasvlakte waar volgens hem kerncentrales moeten komen. © Arie Kievit

De Maasvlakte is een van de weinige gebieden in Nederland waar de dichtstbijzijnde mensen pas vijf kilometer verderop wonen. Áls je dan toch ergens een kerncentrale bouwt, dan daar.

Volgens VVD-parlementariër Mark Harbers zijn er drie tot tien reactoren in Nederland nodig om de klimaatdoelen te halen. Hij heeft zijn plan om de bouw te bestuderen door de Tweede Kamer geloodst. Behalve de Maasvlakte mikt hij op de Eemshaven in Groningen en het Zeeuws Borsele. Die drie plekken zijn al eens vastgelegd op de plankaarten.

De uitgestrekte Maasvlakte is ver weg van de bewoonde wereld, maar niet leeg. Wat er wél staat is behoorlijk explosief: een bioraffinaderij, chemiefabrieken, een grote gasterminal en de grootste olie-opslagtanks van de Rotterdamse haven. Om nog te zwijgen van de ‘s werelds grootste schepen die er liggen, want ook die hebben chemische en brandbare lading aan boord.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Kernener­gie is veilig, aldus Henk Compter, Verontruste Burgers van Voorne.

,,Kernenergie is veilig’’, reageert Henk Compter gedecideerd. Hij is voorzitter van de Verontruste Burgers van Voorne, een vereniging van kritische bewoners rond het havengebied.

Tegenover de plannen voor de schone kerncentrales staan zij niet afwijzend. In ieder geval niet als het gaat om vervuiling, gevaar (‘De rampen bij Tsjernobyl en Fukushima waren menselijke fouten die in Nederland niet zullen voorkomen’) en overlast, zegt Compter. Hij ziet wel een ander nadeel: de kosten.

Grillig

Volgens Compter is een kerncentrale, in combinatie met stroom van windmolens en zonnepanelen, niet de beste oplossing. Hij heeft recht van spreken, want hij werkte na zijn studie energievoorziening aan de TU Delft bij een reeks elektriciteitsbedrijven en verzorgt nog wel eens een lezing over het onderwerp.

Een van z’n hobby’s is het doorrekenen van de regionale energievoorziening. ,,De levering van stroom uit zon en wind is grillig. Het is technisch mogelijk daar kerncentrales op af te stemmen, maar die komen alleen uit de kosten als zij veel uren vol aan draaien.’’

Het Havenbedrijf Rotterdam waagt zich bij monde van woordvoerder Leon Willems niet aan een discussie over veiligheid en spreekt ook geen voorkeur uit voor de verschillende soorten energieopwekking. ,,Wij staan daar neutraal tegenover.’’ De havenbeheerder plaatst een kanttekening: ,,Er is op de Maasvlakte simpelweg geen ruimte beschikbaar voor de bouw van een nieuwe kerncentrale.’’

‘Mag wettelijk niet’

Dat het terrein daar ooit wel voor is aangewezen, verandert daar volgens de havenautoriteit niets aan. En op Maasvlakte 2, het nieuwste stuk dat nog voor een deel braak ligt? Dat is van ná dat besluit: ,,Daar mag het wettelijk niet.”

Harbers presen­teert een oplossing, zonder dat hij goed naar het probleem heeft gekeken, aldus Henk Compter.

Energie-expert Compter vindt dat Harbers kernenergie als dé oplossing presenteert ‘zonder dat hij goed naar het probleem heeft gekeken’. Dat zouden hij en minister Wiebes eens moeten doen, zegt hij. Volgens hem ontbeert Nederland een langetermijnvisie op energievoorziening. ,,Het plan van Harbers is daar een gevolg van.’’

Beter is het, zegt hij, om alle mogelijke energiebronnen op een rij te zetten en dan onderzoeken wat het beste samengaat met wind en zon.’’ Het rijtje van kolen, olie, aardgas, waterstof en kernenergie afgaand, ziet Compter het meeste heil in gascentrales. Minder duur, redelijk efficiënt en lage vervuiling, zegt hij. In het Rotterdamse havengebied staan al elf gascentrales.

Rapport: ‘Kernenergie niet duurder dan zon en wind’

Elsevier 23.09.2020 Kernenergie is betaalbaar en een geschikte energiebron voor de toekomstige stroomvoorziening, concludeert een nieuw rapport. Gelijktijdig pleit de VVD ervoor drie tot tien nieuwe kerncentrales te bouwen. Kernenergie heeft het tij mee, maar komen er nu ook echt concrete bouwplannen?

Kernenergie is CO2-neutraal, betaalbaar en kan variabele energiebronnen als wind- en zonne-energie aanvullen door de stroomvoorziening te stabiliseren. Het kan daarom een nuttige rol spelen in de toekomstige energievoorziening van Nederland.

Dat concludeert het Oostenrijkse consultancybureau ENCO in een rapport dat minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes (VVD) op 22 september naar de Tweede Kamer stuurde.

Kernenergie kan goed concurreren op kosten

Tot het rapport werd opdracht gegeven nadat een Kamermeerderheid in juli 2019 een motie van Dilan Yesilgöz (VVD) en Agnes Mulder (CDA) steunde. Coalitiepartijen D66 en ChristenUnie stemden tegen. De consultants voerden geen nieuw onderzoek uit, maar bundelden de huidige kennis over kernenergie.

Rob Jetten bepleit meer ondersteuning Kamerleden

Wat ook niet helpt, is dat de meeste grote energiebedrijven in buitenlandse handen zijn. Daar wordt besloten waar investeringsgeld heen gaat. Sowieso zwalkte het energiebeleid de afgelopen twintig jaar nogal hevig in Nederland. Denk aan de wens om kolencentrales te bouwen. Toen bedrijven hieraan voldeden, waren de centrales bij oplevering ongewenst – en een blok aan het been voor bedrijven.

Steeds meer zicht op langer openblijven ‘Borssele’

Een miljardeninvestering in een kerncentrale is een enorm risico voor een bedrijf. Een reactor moet decennia draaien voor een rendabele investering. Energiereuzen zullen dus echt willen weten welke koers Nederland gaat varen en of de overheid hierachter blijft staan.

Het langer openhouden van de kerncentrale in Borssele lijkt wel een steeds realistischer plan. De Tweede Kamer stemde er al voor om juridische obstakels weg te nemen. Minister Wiebes onderzoekt nu het draagvlak van dit plan. De consultants van ENCO vinden het een uitstekend idee. Kerncentrales langer openhouden is één van de goedkoopste manieren om minder CO2 uit te stoten.

Onderzoekers van ENCO stellen dat atoomstroom niet duurder is dan elektriciteit uit wind en zon als alle kosten op dezelfde manier worden meegenomen. Ⓒ ANP/HH

Onderzoekers weerleggen kritiek: ’Kernenergie is betaalbaar’

Telegraaf 23.09.2020 Een nieuwe kerncentrale in Nederland is goed betaalbaar. Onderzoekers van ENCO stellen dat atoomstroom niet duurder is dan elektriciteit uit wind en zon als alle kosten op dezelfde manier worden meegenomen.

De bijkomende kosten voor de aansluiting van windmolenparken en zonneweides, zo stelt het bureau uit Wenen, worden onvoldoende meegenomen. Die kosten nemen met miljarden toe als er meer stroom uit wind en zon wordt opgewekt. Ze concluderen dat als die investeringen wel worden meegenomen, kernenergie niet duurder is.

Struikelblok

ENCO, gespecialiseerd in nucleaire energie, heeft in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat onderzoek gedaan naar de opties en beperkingen voor kernenergie in Nederland voor 2040. Het kostenplaatje is politiek een van de belangrijkste struikelblokken.

De Algemene Rekenkamer wees minister Wiebes (Economische Zaken en Klimaat) eerder ook al terecht voor zijn ’claim’ met subsidieloze windmolenparken op zee. Onjuist, zo stelt de waakhond, want netbeheerder TenneT draait op voor mega-investeringen om de parken aan te sluiten op het stroomnet. Daarbij wordt gebruikgemaakt van subsidies die consumenten en bedrijven betalen door een belasting op de energienota.

Een warmtepomp, zonnepanelen of de veestapel halveren? Er zijn zoveel goedkopere en eenvoudigere manieren om het milieu ‘een kickstart te geven’, stelt documentairemaker Marijn Poels in een bijzondere aflevering van de podcast Het Land van Wierd Duk

BEKIJK MEER VAN; overheidsbeleid kernenergie Nederland Den Haag ENCO Economische Zaken en Klimaat

Kernenergie volgens Wiebes betaalbaar, experts twijfelen

NU 23.09.2020 De inzet van kernenergie naast wind- en zonne-energie kan een serieuze optie zijn voor Nederland, concludeert minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat) woensdag uit een onderzoek van ENCO, een in nucleaire energie gespecialiseerd adviesbureau. Volgens het onderzoek zouden de kosten van kernenergie namelijk te vergelijken zijn met die van wind- en zonne-energie.

Eerder werd gedacht dat de kosten van kernenergie relatief hoog waren vergeleken met die van wind- en zonne-energie. ENCO, dat het onderzoek uitvoerde in opdracht van de Tweede Kamer, stelde echter dat bij het vaststellen van de kosten voor energie uit wind en zon bepaalde kosten zoals aansluitingskosten en extra netwerkkosten, niet worden meegenomen in de berekeningen.

De levensduur van een kerncentrale zorgt er daarnaast voor dat nucleaire energie relatief goedkoper is. Daarvoor moeten nieuw te bouwen kerncentrales in het land wel worden gebouwd volgens de bestaande seriebouw.

“Deze studie bevestigt dat voor CO2-vrij regelbaar vermogen na 2030 kernenergie een van de kosteneffectieve opties is”, aldus Wiebes.

Zie ook: Klimaatvraag: Kunnen we het klimaatprobleem oplossen met kernenergie?

Kritiek van experts

Verscheidene wetenschappelijke experts laten in een reactie aan NU.nl echter weten vraagtekens te hebben bij de aannames in het rapport. Zij stellen dat elektriciteit uit zon en wind nu al goedkoper is dan nucleaire stroom. Bovendien zou dit prijsverschil tegen de tijd dat een eventuele nieuwe kerncentrale operationeel zou zijn – “mogelijk pas in 2040” – alleen nog maar groter zijn geworden.

Kernenergie-expert Wim Turkenburg van de Universiteit Utrecht is uiterst kritisch op het rapport: “Er zit geen complexe simulatiestudie onder het rapport, zoals wij aan de Universiteit Utrecht en bijvoorbeeld het Massachusetts Institute of Technology (MIT) in de VS wel hebben gedaan. Je krijgt dan heel andere cijfers.”

Volgens Turkenburg geeft het rapport “te optimistische conclusies” over het economisch renderen van investeringen in nieuwe kerncentrales. “Wel moet ik er dan bij zeggen dat naast zon en wind ook ander vermogen als back-up nodig is. Bijvoorbeeld biomassacentrales of gasgestookte centrales met CO2-opslag. Als we die niet willen, komen kerncentrales economisch gezien wél weer in beeld.”

Overheid zou moeten bijspringen

Heleen de Coninck, hoogleraar klimaatbeleid aan de Technische Universiteit Eindhoven: “Het is bij dergelijke energie-investeringen ook belangrijk om niet alleen te kijken naar de elektriciteitskosten, maar ook naar de financiële risico’s voor de bank. Bij kernenergie zijn die risico’s hoog, omdat de looptijd van bouw wel twintig jaar kan bedragen, en de levensduur van een kerncentrale wel zestig jaar kan zijn.”

Daarom zijn het volgens De Coninck ook vooral landen waar de energievoorziening in handen is van de overheid, zoals China en de Verenigde Arabische Emiraten, die nog kerncentrales bouwen. “Anders moet de overheid flink bijspringen, zoals in Groot-Brittannië, en draagt de belastingbetaler dus het risico.”

‘Inzet kernenergie om verdere klimaatverandering tegen te gaan’

Volgens het adviesbureau zouden veel belangrijke internationale organisaties, waaronder de IPCC van de Verenigde Naties en het IEA, kernenergie als een belangrijk deel zien van de “energiemix die nodig is om verdere klimaatverandering tegen te gaan”.

Heleen de Coninck, zelf IPCC-hoofdauteur van het bewuste hoofdstuk, waarin kernenergie wordt genoemd, zegt dat dit een onjuiste voorstelling van zaken is. “Het IPCC doet daarover ten eerste geen uitspraken, dat zou beleidsoverschrijdend zijn. Daarnaast werken we met verschillende scenario’s voor de energiemix. Er zijn VN-scenario’s waarin kernenergie toeneemt, maar zelfs scenario’s waarin het volledig uit de mix verdwijnt.”

Het kabinet gaat nu onderzoek doen of en in welke regio’s er belangstelling is voor de bouw van kerncentrales.

Zie ook: Klimaatvraag: Kunnen we het klimaatprobleem oplossen met kernenergie?

Lees meer over: Klimaat  Politiek

De kerncentrale in Borssele ANP

Wiebes: kernenergie betaalbare optie naast zonne- en windenergie

NOS 23.09.2020 Kernenergie kan gezien worden als een serieuze optie om Nederland van energie te voorzien. Dat schrijft minister Wiebes aan de Tweede Kamer. Uit onderzoek van ENCO, een adviesbureau dat gespecialiseerd is in nucleaire energie, blijkt dat kernenergie toch niet duurder is dan energie uit wind en zon.

Wiebes liet ENCO in opdracht van de Tweede Kamer onderzoek doen naar de mogelijkheden en beperkingen voor kernenergie in Nederland voor 2040. Er is onder meer gekeken naar de kosten van de bouw van nieuwe kerncentrales. Tot nu toe werd verondersteld dat dit in vergelijking met energie uit wind en zon veel duurder was.

Klimaatverandering

Het bureau rapporteert dat belangrijke internationale organisaties kernenergie als noodzakelijk onderdeel zien “van de energiemix die nodig is om verdere klimaatverandering tegen te gaan”. Het gaat dan onder meer om het IEA (International Energy Agency) en om de VN-organisatie IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change).

Bovendien, stellen de onderzoekers, is in eerdere onderzoeken te weinig gekeken naar de bijkomende kosten voor de aansluiting van windmolenparken en zonneweides. Daardoor kwam de bouw van nieuwe kerncentrales als een relatief dure mogelijkheid uit de bus. Als die kosten, “die onevenredig toenemen bij een hoger percentage zon en wind”, wel worden meegenomen is kernenergie ongeveer even duur, schrijft Wiebes.

De minister van Economische Zaken en Klimaat concludeert dat “deze studie bevestigt dat voor CO2-vrij regelbaar vermogen na 2030 een van de kosteneffectieve opties is”.

Kamermeerderheid

Er is al langer een Kamermeerderheid voor de bouw van nieuwe kerncentrales. Vorige week, bij de Algemene Politieke Beschouwingen, werd een motie van VVD, CDA, PVV en SGP aangenomen. Daarin wordt het kabinet gevraagd om te kijken hoe bedrijven kunnen worden overgehaald om daarin te investeren. In de praktijk is daar tot nu toe geen commerciële belangstelling voor. Ook moet worden uitgezocht in welke regio’s er belangstelling is voor de bouw van een kerncentrale.

De motie werd gesteund door Forum voor Democratie en de Kamerleden Krol en Van Haga. De linkse oppositiepartijen stemden niet voor. Zij voelen niet voor kernenergie vanwege de mogelijke risico’s van deze energiebron en van de opslag van kernafval. Bovendien is niet gebleken dat commerciële partijen bereid zouden zijn de noodzakelijke aanzienlijke investeringen te doen.

VVD en CDA: kernenergie nodig

Regeringspartij VVD wil dat er drie tot tien nieuwe kerncentrales worden gebouwd. VVD-Kamerlid Harbers denkt dat de klimaatdoelen in 2050 niet worden gehaald zonder kernenergie: “Je kunt inzetten op zon en wind, maar dan heb je achtervang nodig. Als je een paar kerncentrales toevoegt, heb je net wat meer stabiliteit.” Harbers wijst erop dat er ook steeds meer weerstand is tegen bijvoorbeeld kolencentrales, biomassa en gas uit Rusland.

Coalitiepartner CDA komt met een soortgelijke reactie. Kamerlid Mulder vindt het goede van het vandaag gepresenteerde rapport dat ook bijkomende kosten voor windmolenparken en zonneweides zijn meegerekend. “Normaal gebeurt dat niet; wij vermoedden deze uitkomst al.” Volgens Mulder toont het rapport aan dat kernenergie een reële optie is. “We moeten richting 2050 klimaatneutraal worden en dan hebben we gewoon alles nodig: wind, zonnepanelen en dus ook kernenergie”, zegt ze.

D66 en GroenLinks zeer kritisch

D66 is niet overtuigd door het onderzoek dat Wiebes heeft laten doen. “Dit staat haaks op een onafhankelijk rapport uit april, waaruit blijkt dat kernenergie overbodig is en het systeem alleen maar duurder maakt”, zegt Kamerlid Sienot van de regeringspartij. Hij wil een verklaring voor dat verschil. Sienot voegt eraan toe dat D66 de kans niet wil laten lopen, als kernenergie betaalbaar, betrouwbaar en duurzaam kan. “Maar op dit moment zijn we daar absoluut niet van overtuigd. We moeten nu CO2 reduceren en we moeten inzetten op de beschikbare schone technologie.”

Kamerlid Van der Lee van oppositiepartij GroenLinks vindt dat het onderzoek van vandaag mensen op het verkeerde been zet. “In het rapport staat duidelijk dat de prijs van elektriciteit uit kernenergie 40 procent hoger is dan die van energie uit wind en zon.” Volgens GroenLinks zijn de door de onderzoekers genoemde correctiefactoren niet reëel. “Bovendien geldt nog steeds: bij kernenergie produceer je radioactief afval, dat duizenden jaren gevaarlijk blijft. Het is gewoon gevaarlijk materiaal”, zegt Van der Lee.

Is kernenergie inderdaad een optie? NPO Focus zet in deze special de voor- en nadelen op een rij.

BEKIJK OOK;

Ook bij lokale overheden interesse voor kernenergie

NOS 23.09.2020 Nu de energietransitie steeds meer mensen bezig houdt, en er overal in het land klimaatplannen worden gemaakt, vragen ook lokale overheden zich af of kernenergie een optie kan zijn. Het nucleaire onderzoeksinstituut NRG in Petten heeft al uit meerdere regio’s vragen gekregen. En ook kernenergiedeskundige Wim Turkenburg vertelt door verschillende provincies om informatie te zijn gevraagd. Maar de antwoorden die de experts geven, zijn wisselend.

De VVD pleitte eerder vandaag voor de bouw van drie tot tien nieuwe kerncentrales in Nederland. De partij verwees naar een nieuwe studie, van het nucleaire adviesbureau ENCO, waaruit blijkt dat kernenergie niet duurder is dan zonne- en windenergie, als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.

Geert Jan de Haas van het Pettense instituut onderstreept het belang van het meenemen van àlle kosten voor iedere technologie, waardoor de kosten van kernenergie vergelijkbaar zijn met die voor zon en wind. Hij vertelt dat NRG met name uit het oosten van het land vragen heeft gekregen van mensen die bezig zijn met het maken van de zogenoemde Regionale Energie Strategieën. Ze gaven daarbij als reden dat ze niet hun hele gebied vol willen zetten met windmolens en zonneparken.

Bouwpakket

“Wij hebben geantwoord dat een besluit tot het bouwen van een kerncentrale op landelijk niveau wordt genomen. Maar als er bijvoorbeeld een nieuwe centrale in Zeeland komt, leidt dat er wel toe dat er elders minder zonne- en windenergie hoeft te komen.”

Volgens De Haas zijn er kernreactoren in alle soorten en maten, in Frankrijk bijvoorbeeld hele grote, terwijl die in Borssele van bescheiden omvang is. Tegenwoordig wordt gewerkt aan de ontwikkeling van nog kleinere reactoren. “Die kun je dan als het ware in blokken kopen, als een soort bouwpakket. Daarmee kun je er dan zoveel neerzetten als je op een bepaalde locatie nodig hebt. Bijvoorbeeld op de plekken waar veel energie wordt gebruikt, zoals in de Botlek, in Pernis of bij Chemelot.”

Omdat het productieproces van die modules is gestandaardiseerd, wordt de prijs ervan lager. Volgens De Haas kan kernenergie een goede rol spelen, naast zonne- en windenergie. “Vooral omdat een kerncentrale altijd elektriciteit kan leveren, ook op momenten dat de zon niet schijnt en de wind niet waait.”

Thorium-reactor

De provincies Zuid-Holland, Noord-Holland en Brabant hebben zich gewend tot onder anderen Wim Turkenburg. “Er komen bijvoorbeeld geregeld vragen over de zogenoemde thorium-reactor, die veiliger is dan de huidige kerncentrales en bovendien minder radioactief afval produceert. Maar dan moet ik ze teleurstellen”, zegt Turkenburg. “Het zal nog zeker dertig jaar duren, voordat de kennis hierover en de techniek ver genoeg gevorderd zijn om ze in ons land daadwerkelijk te kunnen bouwen.”

Turkenburg zit in de Raad van Toezicht van NRG, en ook van een nieuw te bouwen kleinere reactor in Petten, genaamd Pallas. Nieuwe reactoren in serie bouwen zal er inderdaad toe leiden dat ze goedkoper worden, verwacht ook hij. “Maar de eerste zal waarschijnlijk wel duur zijn. Tot nu toe zegt de politiek: iedereen mag een nieuwe centrale bouwen, maar je moet het zelf betalen. Dat doet dus geen enkel bedrijf. Ik vermoed dat de politiek een bedrag van vijf miljard euro op tafel zal moeten leggen om energiebedrijven zover te krijgen.”

Prijsdaling zonnecellen en windmolens

Eén van de barrières voor bedrijven is volgens Turkenburg de prijsdaling van zonne- en windenergie. “Als er veel zon en wind is, keldert de prijs van elektriciteit. Dat maakt dat kernenergie daar heel moeilijk nog mee kan concurreren.” De nieuwe studie van ENCO beschrijft dit soort ontwikkelingen onvoldoende, vindt hij. “De prijzen van zonnecellen en windturbines die zij noemen voor 2040, worden nu al ongeveer bereikt. Het ministerie zou dat toch ook moeten weten. En de prijsdaling gaat naar verwachting verder.”

Ook heeft de Universiteit Utrecht onderzoek gedaan, waarbij de toekomstige elektriciteitsvoorziening in Nederland en West-Europa in de periode 2040-2050 van uur tot uur is gesimuleerd. “Dit soort onderzoek is ook in de VS gedaan. Dat geeft inzichten die pessimistischer zijn voor kernenergie. Jammer dat in het ENCO-rapport dergelijke studies niet zijn meegenomen.”

Toch denkt ook Turkenburg dat zon en wind alleen onvoldoende zijn. Daarom vindt er net als naar kernenergie veel onderzoek plaats naar geothermie, waterstof, duurzame biomassa en het ondergronds opslaan van CO2.

BEKIJK OOK;

september 24, 2020 Posted by | 2e kamer, borsele, CO2-neutraal, debat, eemshaven, ENCO, kerncentrale, kernenergie, klimaat, Klimaatakkoord, klimaatakkoord Parijs, klimaatdoelen, maasvlakte, nucleaire energie, onderzoek, stikstofuitstoot | , , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Haalt het Klimaatkabinet Rutte 3 het jaar 2021 ??? – deel 8

Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 12

Telegraaf 24.09.2020

Nederlandse inzet Irak etc. verder afschalen

Op verzoek van de internationale coalitie tegen Islamitische Staat (IS) in Irak gaat Nederland de inzet van militairen in het land verder afschalen. Het doel van de Nederlandse missie in Irak verschuift van het trainen van militairen naar advisering van de Iraakse veiligheidssector, meldt Defensie woensdag 23.09.2020.

AD 24.02.2021

Nieuwe missie Nederlands leger in Irak ligt meteen onder vuur

De nieuwe Nederlandse missie naar Irak was amper aangekomen op het vliegveld dat ze moeten beveiligen of ze moesten de schuilkelders al in rennen voor een raketaanval. ,,Het lijkt hier vreedzaam, maar er zijn nog allerlei conflicten.”

Bij de raketaanval op de militaire luchtmachtbasis in de Iraaks-Koerdische stad Erbil vielen vorige week twee doden: een Filipijnse aannemer, die werkte voor de coalitietroepen en een Iraakse burger. Een Amerikaanse militair raakte gewond. De 120 nieuwe Nederlandse militairen die sinds half januari bij het vliegveld zijn gelegerd, bleven ongedeerd. Maar het laat wel zien dat de nieuwe missie van de Nederlanders weliswaar niet in oorlogsgebied is, maar ook niet zonder gevaar.

Lees ook;

© Thijs Unger

,,Je weet dat je naar een regio gaat waar van alles staat te gebeuren”, zegt kolonel Huub Klein Schaesberg, de leider van de Nederlandse manschappen op het vliegveld in de Koerdische regio in Noord-Irak. Voor het eerst spreekt de Nederlandse delegatie met de pers. ,,Erbil ziet er heel vreedzaam uit. Maar in de regio zijn nog allerlei conflicten. In de Koerdische regio is het wel relatief rustiger vergeleken met de rest van Irak.”

Nederlandse inzet in missies Noord-Irak

De ministerraad heeft ingestemd met uitzending van een compagnie van 100 tot 150 extra militairen naar Noord-Irak om de internationale luchthaven van Erbil te gaan beveiligen.

Noord-Irak

De anti-ISIS coalitie schakelt over op advisering van de regionale militaire autoriteiten nu de trainingen op de grond aan de Koerdische strijdkrachten zijn beëindigd. Met deze nieuwe adviestaak, waaraan Nederland vanaf volgend jaar leiding gaat geven, helpen we Irak om de eigen organisaties nog verder te professionaliseren zodat ze ISIS op termijn volledig zelf kunnen bestrijden. De anti-ISIS coalitie voert een belangrijk deel van haar activiteiten in het noorden van Irak uit vanaf deze luchthaven.

AD 19.11.2020

Terugtrekking US uit Irak

De onaangekondigde terugtrekking van amerikaanse  troepen in in Irak en Afghanistan heeft minister van Defensie Ank Bijleveldonaangenaam verrast’.

Voor medio januari 2021 willen de Verenigde Staten zo’n 3.000 militairen uit die landen naar huis halen, en dat heeft mogelijk ’zeer verstrekkende gevolgen’ voor de Nederlandse militairen aldaar, aldus de minister.

Dinsdagavond 17.11.2020 besloot de regering van de Amerikaanse president Donald Trump om de troepenmacht in Afghanistan te halveren en 500 van de 3000 militairen in Irak terug te halen. Het ministerie van Bijleveld is volgens haar ’kort van tevoren’ op de hoogte gebracht.

Nederland is tot zeker eind 2021 in Afghanistan aanwezig in het kader van de NAVO-missie Resolute Support en werkt daar nauw samen met Duitsland. Ook in Irak is ons land aanwezig met zo’n 100 man, die afhankelijk zijn van ondersteuning door de Amerikanen. De gevolgen van de Amerikaanse terugtrekking worden volgens Bijleveld nu in kaart gebracht.

De Verenigde Staten halen nog voor het einde van Trumps presidentschap een groot aantal troepen terug uit Afghanistan en Irak. In Afghanistan wordt het aantal militairen teruggebracht van 4500 naar  2.500, in Irak van 3000 naar 2500. De NAVO, bondgenoten en ook Republikeinse leiders vrezen dat het de Afghaanse regering verder verzwakt en de Taliban in de kaart speelt.

Minister van Defensie Christopher Miller, die er pas een week zit na het ontslag van minister Esper, maakte het nieuws gisteravond bekend. Miller zei dat de VS altijd klaarstaat om in te grijpen als de situatie daarom vraagt. Nationaal veiligheidsadviseur Robert O’Brien benadrukte kort daarna dat Trump altijd heeft beloofd de troepen terug te halen en dat het besluit niet als een verrassing kan komen.

De Amerikaanse president Trump komt binnenkort met zijn bevel om Amerikaanse troepen uit Afghanistan terug te trekken. Het aantal militairen moet voor midden januari 2021 zijn teruggebracht van ongeveer 4500 naar 2500, melden Amerikaanse Media. Volgens hen treffen de strijdkrachten al voorbereidingen.

Het kabinet heeft het parlement ingelicht over de nieuwe fase van de Nederlandse inzet in de strijd tegen ISIS in Irak: een verschuiving van training naar advisering van de Iraakse veiligheidssector. Daarnaast heeft de Belgische regering Nederland verzocht om bij te dragen aan de force protection van de Belgische F-16’s die vanuit Jordanië de strijd tegen ISIS voeren.

De anti-ISIS coalitie heeft ook een breed verzoek gedaan aan de leden van de coalitie, waaronder Nederland, voor force protection van Erbil International Airport. Tevens onderzoekt het kabinet een mogelijke bijdrage aan de VN-missie MINUSMA in Mali. In Afghanistan wijzigt de taakstelling van het Nederlands-Duitse Special Operations Team (SOAT).

VS veranderen focus van militaire missie in Irak

De Verenigde Staten veranderen de focus van hun militaire missie in Irak. Het Amerikaanse leger zal niet meer vechten, maar zich richten op onder meer het trainen, assisteren en helpen van het Iraakse leger in de strijd tegen de terroristische beweging Islamitische Staat (IS).

Het besluit werd bekendgemaakt tijdens een overleg van de Amerikaanse president Joe Biden en de Iraakse premier Mustafa al-Kadhemi in het Witte Huis in Washington. Het was de eerste ontmoeting tussen de leiders. De relatie tussen de twee landen gaat volgens Biden “een nieuwe fase in”.

VS veranderen focus van militaire missie in Irak

De Amerikaanse troepen focussen zich vanaf eind dit jaar op het ondersteunen van de Iraakse regeringstroepen. In de praktijk verandert er niet veel, omdat de Amerikanen nu al vooral bezig zijn met het trainen van Irakezen zodat zij zichzelf kunnen beschermen.

De VS hebben momenteel 2500 militairen in Irak. Of er veranderingen worden aangebracht in de omvang van de troepenmacht, is niet duidelijk. De Amerikanen trokken zich in 2011 terug uit Irak, nadat ze er in 2003 arriveerden om het regime van Saddam Hussein ten val te brengen, maar keerden in 2014 terug vanwege de strijd tegen IS.

Telegraaf 30.09.2020

Midden-Oosten

De anti-ISIS coalitie heeft de volgende fase in de strijd tegen ISIS aangekondigd, omdat de Iraakse veiligheidssector in toenemende mate in staat is om de dreiging van ISIS het hoofd te bieden. In deze fase wordt in plaats van training van militairen de focus gelegd op institutionele advisering van de Iraakse veiligheidssector.

Dit betekent een verminderde actieve deelname aan operaties, een reductie in troepenaantallen en een grotere nadruk op force protection van de resterende eenheden van de coalitie.

Door middel van regionale adviesteams, bestaande uit elk ongeveer 10 stafofficieren, worden de Iraakse, waaronder ook de Koerdische, veiligheidsinstituties geadviseerd. Ook komt er een adviesteam voor het Iraakse ministerie van Defensie.

Deze advisering is gericht op bijvoorbeeld het plannen, voorbereiden en uitvoeren van operaties. Het kabinet wil hieraan een bijdrage leveren met circa 5 tot 10 stafofficieren. Op deze manier helpt de coalitie de Iraakse strijdkrachten verder op eigen benen staan en kan de jarenlange trainingsinzet van onder andere Nederland op een duurzame manier worden geborgd.

In verband met COVID-19 was de Nederlandse trainingsmissie gericht op de Koerdische strijdkrachten in Irak sinds april reeds stilgelegd. Deze trainingen verzorgde Nederland samen met partnerlanden van de coalitie in Erbil. De circa 20 Nederlandse trainers die werkzaam waren in Erbil zijn in april 2020 teruggekeerd naar Nederland.

In het licht van de verschuiving naar institutionele advisering, heeft de anti-ISIS coalitie besloten om alle trainingen stop te zetten. Daarmee komt ook deze Nederlandse trainingsbijdrage tot een einde. Enkele Nederlandse stafofficieren die op dit moment nog wel in Erbil verblijven geven invulling aan de transitie van training naar de nieuwe adviserende taken.

Tegelijkertijd onderzoekt het kabinet de wenselijkheid en mogelijkheid om aan twee verzoeken tegemoet te komen die zijn gedaan in het kader van de strijd tegen ISIS. De Belgische regering heeft Nederland verzocht om een bijdrage te leveren aan de force protection van het Belgische F-16-detachement dat vanaf  oktober 2020 vanuit Jordanië wordt ingezet in de strijd tegen ISIS in Irak en Noordoost-Syrië.

Dit verzoek bouwt voort op de eerdere samenwerking met België tijdens de inzet van Nederlandse en Belgische F-16s in de strijd tegen ISIS. België en Nederland voorzagen elkaar toen afwisselend van force protection.

Het militaire hoofdkwartier van de anti-ISIS coalitie heeft daarnaast een breed verzoek gedaan aan de leden van de coalitie, waaronder Nederland, voor force protection van Erbil International Airport in de Koerdistan Autonome Regio in Irak, voor de periode vanaf najaar 2020 tot in ieder geval 1 mei 2021. De anti-ISIS coalitie ontplooit een deel van de activiteiten in het noorden van Irak vanaf deze luchthaven.

Sahel

Nederland voert overleg met de VN-missie MINUSMA in Mali en de betreffende landen over de levering van een militair transportvliegtuig aan de missie. VN-vredesmissies hebben een doorlopende behoefte aan luchttransport om hun mandaat effectief uit te kunnen voeren.

Sinds 2016 werken Denemarken, Portugal, België en Zweden samen in een rotatieschema om deze capaciteit aan MINUSMA te leveren. Het kabinet richt zich op deelname aan dit rotatieschema. De eerstvolgende beschikbare periode voor het leveren van een mogelijke bijdrage is vanaf november 2021, voor 6 maanden. Het kabinet onderzoekt de wenselijkheid en mogelijkheid van deze bijdrage.

Een Bushmaster.

Afghanistan

Het begeleiden, trainen en adviseren van de Afghaanse partnereenheid ATF-888 door het Nederlands-Duitse Special Operations Team (SOAT) heeft haar vruchten afgeworpen. Eerder dit jaar werd ATF-888 fully operational capable verklaard. Dit betekent dat deze eenheid nu ervaren genoeg is om operaties zonder de  begeleiding van het SOAT uit te voeren.

Daarom richt de inzet van het SOAT, onder de vlag van Resolute Support, zich nu op het stafniveau en het verbeteren van de bedrijfsvoering. Door deze veranderde taakstelling is minder infrastructuur benodigd en kunnen voertuigen zoals de gepantserde Bushmaster terug naar Nederland.

Zie ook: Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 11 nasleep onderzoek Hawija Irak

Zie ook: Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 10

Zie ook; Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 9

Zie ook: Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 8

Zie ook: Kabinet Rutte 2 en 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 7

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 6

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 5

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 4

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 3

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 2

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 1

VS veranderen focus van militaire missie in Irak

VS veranderen focus van militaire missie in Irak

MSN 27.07.2021 De Verenigde Staten veranderen de focus van hun militaire missie in Irak. Het Amerikaanse leger zal niet meer vechten, maar zich richten op onder meer het trainen, assisteren en helpen van het Iraakse leger in de strijd tegen de terroristische beweging Islamitische Staat (IS).

Het besluit werd bekendgemaakt tijdens een overleg van de Amerikaanse president Joe Biden en de Iraakse premier Mustafa al-Kadhemi in het Witte Huis in Washington. Het was de eerste ontmoeting tussen de leiders. De relatie tussen de twee landen gaat volgens Biden “een nieuwe fase in”.

De Amerikaanse troepen focussen zich vanaf eind dit jaar op het ondersteunen van de Iraakse regeringstroepen. In de praktijk verandert er niet veel, omdat de Amerikanen nu al vooral bezig zijn met het trainen van Irakezen zodat zij zichzelf kunnen beschermen.

De VS hebben momenteel 2500 militairen in Irak. Of er veranderingen worden aangebracht in de omvang van de troepenmacht, is niet duidelijk. De Amerikanen trokken zich in 2011 terug uit Irak, nadat ze er in 2003 arriveerden om het regime van Saddam Hussein ten val te brengen, maar keerden in 2014 terug vanwege de strijd tegen IS.

Kapitein Wouter. Sinds begin deze maand zitten 150 Nederlandse militairen in Erbil in Koerdisch Irak. Ze bewaken er het vliegveld. © Wladimir van Wilgenburg

Nieuwe missie Nederlands leger in Irak ligt meteen onder vuur

AD 24.02.2021 De nieuwe Nederlandse missie naar Irak was amper aangekomen op het vliegveld dat ze moeten beveiligen of ze moesten de schuilkelders al in rennen voor een raketaanval. ,,Het lijkt hier vreedzaam, maar er zijn nog allerlei conflicten.”

Bij de raketaanval op de militaire luchtmachtbasis in de Iraaks-Koerdische stad Erbil vielen vorige week twee doden: een Filipijnse aannemer, die werkte voor de coalitietroepen en een Iraakse burger. Een Amerikaanse militair raakte gewond. De 120 nieuwe Nederlandse militairen die sinds half januari bij het vliegveld zijn gelegerd, bleven ongedeerd. Maar het laat wel zien dat de nieuwe missie van de Nederlanders weliswaar niet in oorlogsgebied is, maar ook niet zonder gevaar.

Lees ook;

© Thijs Unger

,,Je weet dat je naar een regio gaat waar van alles staat te gebeuren”, zegt kolonel Huub Klein Schaesberg, de leider van de Nederlandse manschappen op het vliegveld in de Koerdische regio in Noord-Irak. Voor het eerst spreekt de Nederlandse delegatie met de pers. ,,Erbil ziet er heel vreedzaam uit. Maar in de regio zijn nog allerlei conflicten. In de Koerdische regio is het wel relatief rustiger vergeleken met de rest van Irak.”

Het is dan ook niet de eerste keer dat Iran of door Iran gesteunde milities raketten afvuren op Erbil. De derde stad van Irak was in januari en september 2020 ook al doelwit van raketaanvallen. In september werden ze vanuit Irak afgevuurd door pro-Iraanse milities en in januari 2020 vanuit Iran zelf. Die laatste aanval was een Iraanse vergelding na een actie van de Verenigde Staten. De VS had eerder die maand de Iraanse top-generaal Qassem Soleimani geliquideerd. In Erbil zijn ook Amerikaanse troepen gestationeerd.

Binnenring

Nederlandse militairen zijn al jaren in de regio. In eerste instantie trainden ze Koerdische strijders, de peshmerga, voor hun strijd tegen Islamitische Staat (IS). Ook deden Nederlandse F16’s mee aan de strijd tegen die terreurgroep. Nu zijn de Nederlanders medeverantwoordelijk voor de beveiliging van het militaire deel van het vliegveld in Erbil.

Klein Schaesberg: ,,Koerdische eenheden bewaken de buitenring van het vliegveld, wij vullen hen aan door de binnenring te beveiligen in samenwerking met andere coalitiepartners. Ook in geval van raketten, ongeacht de afzender. De beveiliging is er voor iedereen. Een dreiging maakt geen onderscheid in ontvanger.” De Nederlanders komen nauwelijks van de basis af, omdat hun werk dáár is en vanwege de ook in Irak geldende coronamaatregelen.

De dreiging komt hoofdzakelijk van Iran en haar goedgezinde milities. Maar ook ondergrondse cellen van terreurgroep IS kunnen nog in de regio aanwezig zijn. Volgens de Nederlandse regering beschikt de basis ‘over (een) adequate bescherming tegen mogelijke raketaanvallen’. Ondanks die bescherming kwam er vorige week toch een buitenlandse aannemer om bij de aanval.

Volgens Kapitein Wouter (29), verantwoordelijk voor de logistieke steun, zijn de soldaten voorbereid op de aanvallen. ,,We hebben een week voor de aanval een training gehad die precies over dit soort situaties ging, dus we konden snel reageren toen het echt gebeurde. Natuurlijk is dat spannend. Maar de alarmsignalen en de opsporingsradar die de inkomende raket detecteert, werkten prima. Dan kun je dus ook reageren op de manier waarop je getraind bent.”

Sinds begin deze maand zitten 150 Nederlandse militairen in Erbil in Koerdisch Irak. © Wladimir van Wilgenburg

Fusilier Rik (22), soldaat eerste klasse, rende tijdens de aanval direct de bunker in. ,,Ik ben blij dat de jongens om me heen ook gewoon zelfverzekerd zijn en dat ze weten wat ze moeten doen. Het was wel een bijzonder moment, zeker weten, maar dat is het risico van het vak.” De Nederlandse mannen en vrouwen in Erbil hadden na de aanval direct contact met familie via internet. ,,Ik kon direct zeggen dat het goed met ons ging, dat pikten ze thuis goed op.”

Rustiger

Ondanks de raketten is de Koerdische regio een stuk veiliger dan gebieden waar andere Nederlandse militaire missies zijn. Kapitein Wouter: ,,Ik denk dat het voor de mindset van de militairen niet heel veel uitmaakt, maar dat het voor het thuisfront wel zo fijn is om te weten dat het hier een iets rustiger gebied is dan bijvoorbeeld Zuid-Afghanistan.” Hij vindt zijn uitzending ‘een mooie kans’.  ,,Ik geniet elk moment van de dag dat ik hier ben.”

Volgens de Nederlandse ambassadeur in Irak Michel Rentenaar, die de troepen in Erbil bezoekt, bewijst de aanval dat de Nederlandse militairen nodig zijn. ,,Gelukkig zijn er geen Nederlanders gewond geraakt of gesneuveld. Maar de aanval onderstreept hoe fragiel de situatie in dit land nog is en waarom het dus ook zo belangrijk is dat we hier zijn.” Ook omdat terreurgroep  IS wel zijn grondgebied kwijt is, maar nog niet al haar steun. ,,IS is nog niet helemaal weg. Dat weet iedereen. Er blijft dreiging vanuit IS, dus Nederland blijft meedoen en dat is super belangrijk.”

Het mandaat van de Nederlandse missie in Erbil loopt tot 31 december 2021.

Kamer steunt het sturen tot 150 militairen naar noorden van Irak

MSN 17.12.2020 De Tweede Kamer steunt het sturen van 100 tot 150 militairen naar het noorden van Irak om daar de internationale luchthaven van Erbil te beveiligen. Dat bleek donderdag tijdens een debat over de uitzending, die tot eind volgend jaar zal duren.

De inzet maakt deel uit van de strijd tegen terreurgroep IS. Die campagne is een nieuwe fase ingegaan. De internationale coalitie zal zich gaan richten op het adviseren van de Koerdische en Iraakse strijdkrachten, hiervoor ging het om het trainen van de troepen.

“IS kan zo weer toeslaan”, aldus Joël Voordewind van de ChristenUnie. Volgens Salima Belhaj (D66) kan de “sfeer van extremisme” zo weer om zich heen slaan. Onder meer oppositiepartijen SP, PVV en DENK steunen de missie niet. Het geld kan beter naar humanitaire hulp en de wederopbouw gaan, vindt Sadet Karabulut (SP).

Rol Iraakse regering

Wel zijn er vragen over de rol van de Iraakse regering. De banden van de leiders in Bagdad met Iran en het neerslaan van demonstraties tegen corruptie baren veel partijen zorgen. Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) beloofde bij de Iraakse regering te blijven aandringen op “verdere stappen richting democratie en rechtsstaat”.

Volgens ministers Ank Bijleveld (Defensie) en Blok zijn de risico’s van de missie niet groot. De Nederlanders beveiligen het vliegveld samen met Amerikaanse eenheden. De Nederlandse militairen vertrekken volgende maand naar Erbil.

Nederlandse inzet in missies Noord-Irak en Mali

RO 20.11.2020 De ministerraad heeft ingestemd met uitzending van een compagnie van 100 tot 150 extra militairen naar Noord-Irak om de internationale luchthaven van Erbil te gaan beveiligen. Daarnaast heeft het kabinet besloten de VN-missie MINUSMA in Mali te ondersteunen met een C-130 transportvliegtuig, inclusief bemanning en ondersteunend personeel.

Noord-Irak

De anti-ISIS coalitie schakelt over op advisering van de regionale militaire autoriteiten nu de trainingen op de grond aan de Koerdische strijdkrachten zijn beëindigd. Met deze nieuwe adviestaak, waaraan Nederland vanaf volgend jaar leiding gaat geven, helpen we Irak om de eigen organisaties nog verder te professionaliseren zodat ze ISIS op termijn volledig zelf kunnen bestrijden. De anti-ISIS coalitie voert een belangrijk deel van haar activiteiten in het noorden van Irak uit vanaf deze luchthaven.

De Nederlandse force protection-eenheid gaat samen met de Verenigde Staten het personeel en materieel van de anti-ISIS coalitie op het vliegveld beveiligen. De eerste militairen worden waarschijnlijk begin januari 2021 uitgezonden. De exacte einddatum is afhankelijk van de ontwikkelingen in de bredere campagne van de anti-ISIS coalitie.

De bijdrage in het noorden past bij het Nederlandse uitgangspunt dat zowel de Koerdische als de centrale Iraakse strijdkrachten een belangrijke rol spelen bij de bestrijding van ISIS. De terreurorganisatie vormt nog altijd een bron van instabiliteit aan de randen van Europa. Na het verlies van haar kalifaat in maart 2019 is ISIS in Irak en Syrië overgegaan tot een ondergrondse guerrillastrijd. ISIS pleegt maandelijks tientallen aanslagen tegen de Iraakse overheid, veiligheidstroepen en de lokale bevolking.

Mali

De nieuwe bijdrage van luchttransportcapaciteit aan de VN-missie MINUSMA in Mali sluit aan op de bestaande Nederlandse inzet in Mali en de Sahel, waar de veiligheids- en humanitaire situatie verslechtert. Met de bijdrage van deze kritieke en schaarse transportcapaciteit beoogt het kabinet MINUSMA logistiek te ondersteunen zodat de missie haar taken ten behoeve van veiligheid en stabiliteit in Mali beter kan uitvoeren.

De inzet vindt plaats in een rotatieverband, waarbij Nederland in samenwerking en afwisseling met Noorwegen, Denemarken en Portugal de missie voorziet van transportcapaciteit. Naar verwachting zal Nederland deze bijdrage vanaf november 2021 leveren voor een periode van zes maanden. De bemanning en ondersteund personeel zal naar schatting bestaan uit 70 tot 130 militairen. Het kabinet is in gesprek met de deelnemende landen en de VN over de nadere uitwerking van de bijdrage.

Zie ook;

Nederland stuurt volgend jaar extra militairen naar Irak en Mali

NU 20.11.2020 Nederland stuurt volgend jaar extra militairen naar Irak en Mali, zo heeft premier Mark Rutte vrijdag na de wekelijkse ministerraad bekendgemaakt. Het gaat in totaal om een paar honderd militairen.

Nederland is in Irak al langer onderdeel van de coalitie tegen Islamitische Staat (IS). De Nederlandse trainingsmissies zijn recent stilgelegd omdat de coalitie een adviserende rol krijgt. Nederland heeft hier vanaf volgend jaar de leiding over.

Volgens Rutte bevindt de strijd tegen IS zich in een nieuwe fase, waarin de nadruk ligt op bescherming. Het doel is om de lokale organisaties te helpen professionaliseren, zodat zij op een later moment zelfstandig de strijd tegen de terroristische groepering kunnen voeren.

Er gaan 100 tot 150 militairen naar Erbil voor de beveiliging van de internationale luchthaven, vanaf waar de coalitie een belangrijk deel van de activiteiten uitvoert. De militairen gaan samen met de Verenigde Staten personeel en materieel beveiligen. De eerste Nederlanders vertrekken waarschijnlijk begin januari naar Erbil.

Nederland stuurt transportvliegtuig naar Mali

Daarnaast levert Nederland met een C-130 transportvliegtuig een logistieke bijdrage aan MINUSMA, de missie waarmee de Verenigde Naties (VN) de veiligheid en stabiliteit in Mali proberen te herstellen. De bemanning en het ondersteunend personeel bestaat naar schatting uit 70 tot 130 militairen.

Rutte wijst erop dat de situatie in het Afrikaanse land niet verbetert, maar juist verslechtert. Twee maanden geleden werd al bekendgemaakt dat het kabinet keek naar de mogelijkheden om deel uit te maken van het rotatieverband met Noorwegen, Denemarken en Portugal.

De drie landen wisselen elkaar al jarenlang elke zes maanden af bij de levering van een logistieke bijdrage aan de VN-missie. Nederland gaat naar verwachting vanaf november 2021 deel uitmaken van het rotatieverband. Deze bijdrage is in eerste instantie eenmalig.

Lees meer over: Irak  Defensie  Mali  Politiek  Buitenland

Een agent op het vliegveld van Erbil in Noord-Irak, november 2015 AFP

Nederlandse militairen naar Iraakse stad Erbil voor beveiligingstaken

NOS 20.11.2020 Tussen de 100 en 150 Nederlandse militairen gaan assisteren bij de beveiliging van het vliegveld in Erbil, in het Koerdische deel van Irak. Het militaire hoofdkwartier van de anti-IS-coalitie had daar om gevraagd en het kabinet heeft vandaag besloten op dat verzoek in te gaan. “De dreiging van aanslagen in Europa is nog steeds niet weg, dus het blijft van belang ervoor te zorgen dat IS niet opnieuw kan opkomen in Irak”, zegt minister Blok. De eerste militairen vertrekken waarschijnlijk in januari.

Eerder heeft Nederland in Irak Koerdische Peshmerga-strijders getraind, maar die missie is afgelopen. Wel zijn er nog Nederlandse officieren die het ministerie van Defensie in Irak adviseren.

Nederland helpt sinds kort ook weer mee met de bescherming van Belgische F-16’s die vanuit Jordanië anti-IS-operaties in Irak uitvoeren. Daarbij zijn zo’n 35 Nederlandse militairen betrokken.

Ook naar Mali

Het kabinet heeft ook een besluit genomen over een nieuwe bijdrage aan de VN-vredesmissie in Mali. Die missie is bedoeld om de situatie in het land te stabiliseren. Eind volgend jaar wordt een Hercules-transportvliegtuig naar Mali gestuurd, met bijbehorende militairen. Naar schatting doen er tussen de 70 en 130 Nederlanders aan mee.

Die bijdrage geldt voor een half jaar. Minister Blok noemt de stabiliteit in Mali van groot belang voor de veiligheid van Europa.

NOS

NOS

BEKIJK OOK;

Groen licht voor twee nieuwe militaire missies

Telegraaf 20.11.2020 Het kabinet geeft vrijdag groen licht voor twee militaire missies. Er gaan 100 tot 150 extra militairen naar Noord-Irak om de internationale luchthaven in Erbil te beveiligen. Ook wordt er extra ondersteuning gegeven aan de VN-missie in Mali met een transportvliegtuig met bemanning.

De internationale coalitie tegen Islamitische Staat (IS) besloot onlangs om de trainingsmissie in Noord-Irak om te zetten in een adviesrol voor regionale militairen. Nederland geeft vanaf volgend jaar leiding aan de adviestaak. De luchthaven van Erbil in Iraaks-Koerdistan functioneert als een belangrijke uitvalsbasis voor de activiteiten van de anti-IS-coalitie.

De Nederlandse trainingsmissie voor de Koerden in Irak was vanwege de coronacrisis in april al stilgegeld. De 20 Nederlandse militairen die daar werkzaam waren zijn in april dan ook teruggekeerd naar huis.

De Nederlandse beschermingseenheid trekt samen met de Verenigde Staten op om het personeel en materieel van de coalitie op de luchthaven te beschermen. Begin januari vertrekken waarschijnlijk de eerste militairen.

IS vormt nog altijd een bron van instabiliteit aan de randen van Europa, aldus het ministerie van Defensie. Na de ondergang van het kalifaat in 2019 is de terreurbeweging in Irak en Syrië overgegaan tot een ondergrondse guerillastrijd. Maandelijks pleegt IS tientallen aanslagen tegen de Iraakse overheid, veiligheidstroepen en burgers.

Met de nieuwe bijdrage in Mali vanaf november volgend jaar wil het kabinet de VN-missie logistiek steunen. Nederland wisselt de inzet van haar transportcapaciteit daar af met Noorwegen, Denemarken en Portugal. Naar verwachting worden er 70 tot 130 militairen heen gestuurd.

BEKIJK MEER VAN; krijgsmacht internationale militaire interventie Mali Den Haag Islamitische Staat Defensie

Ruim honderd Nederlandse militairen beveiligen luchthaven Erbil

MSN 20.11.2020 Tot 150 Nederlandse militairen gaan samen met Amerikanen de internationale luchthaven van Erbil in Noord-Irak beveiligen. Het kabinet heeft hier vrijdag het groene licht voor gegeven, zei minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken na de ministerraad.

Vanaf het vliegveld gaat de internationale coalitie tegen terreurbeweging Islamitische Staat (IS) de Koerdische strijdkrachten adviseren. Nederland gaat daar vanaf volgend jaar leiding aan geven. De Nederlandse militairen beginnen op z’n vroegst volgende maand en de verwachting is dat de inzet tot eind volgend jaar duurt.

De afgelopen jaren trainden Nederlandse militairen Koerdische strijders. Omdat IS bijna al haar grondgebied heeft verloren, gaat de internationale coalitie over op het adviseren van de Koerdische militaire autoriteiten. De veiligheidssituatie is in het noorden beter dan in de rest van het land.

Mali

De regering in Washington verraste deze week de bondgenoten met de aankondiging de komende twee maanden troepen terug te trekken uit Afghanistan en Irak. Wat de gevolgen hiervan zijn voor de Nederlandse inzet in Irak is nog niet bekend.

Ook wordt Nederland weer actief in Mali. Het kabinet besloot aan de VN-missie daar een C-130 transportvliegtuig ter beschikking te stellen. Tussen de 70 en 130 Nederlandse militairen gaan mee. Het gaat om bemanning en ondersteunend personeel. De uitzending begint volgend jaar november en duurt een half jaar.

Minusma

In het uitgestrekte Mali kampt de VN-missie Minusma met een groot tekort aan transportcapaciteit door de lucht. Nederland sluit zich aan bij Noorwegen, Denemarken en Portugal, die al afwisselend transportvliegtuigen aan de missie leveren. De C-130 wordt gestationeerd op een Noors kamp in de hoofdstad Bamako.

Nederland was tussen 2014 en 2019 al actief in Mali. Toen ging het om grondtroepen die informatie in het noorden verzamelden voor Minusma.

Groen licht voor twee nieuwe militaire missies

MSN 20.11.2020 Het kabinet geeft vrijdag groen licht voor twee militaire missies. Er gaan 100 tot 150 extra militairen naar Noord-Irak om de internationale luchthaven in Erbil te beveiligen. Ook wordt er extra ondersteuning gegeven aan de VN-missie in Mali met een transportvliegtuig met bemanning.

De internationale coalitie tegen Islamitische Staat (IS) besloot onlangs om de trainingsmissie in Noord-Irak om te zetten in een adviesrol voor regionale militairen. Nederland geeft vanaf volgend jaar leiding aan de adviestaak. De luchthaven van Erbil in Iraaks-Koerdistan functioneert als een belangrijke uitvalsbasis voor de activiteiten van de anti-IS-coalitie.

De Nederlandse trainingsmissie voor de Koerden in Irak was vanwege de coronacrisis in april al stilgegeld. De 20 Nederlandse militairen die daar werkzaam waren zijn in april dan ook teruggekeerd naar huis.

De Nederlandse beschermingseenheid trekt samen met de Verenigde Staten op om het personeel en materieel van de coalitie op de luchthaven te beschermen. Begin januari vertrekken waarschijnlijk de eerste militairen.

IS vormt nog altijd een bron van instabiliteit aan de randen van Europa, aldus het ministerie van Defensie. Na de ondergang van het kalifaat in 2019 is de terreurbeweging in Irak en Syrië overgegaan tot een ondergrondse guerillastrijd. Maandelijks pleegt IS tientallen aanslagen tegen de Iraakse overheid, veiligheidstroepen en burgers.

Met de nieuwe bijdrage in Mali vanaf november volgend jaar wil het kabinet de VN-missie logistiek steunen. Nederland wisselt de inzet van haar transportcapaciteit daar af met Noorwegen, Denemarken en Portugal. Naar verwachting worden er 70 tot 130 militairen heen gestuurd.

Nederland stuurt volgend jaar extra militairen naar Irak en Mali

MSN 20.11.2020 Nederland stuurt volgend jaar extra militairen naar Irak en Mali, zo heeft premier Mark Rutte vrijdag na de wekelijkse ministerraad bekendgemaakt. Het gaat in totaal om een paar honderd militairen.

Nederland is in Irak al langer onderdeel van de coalitie tegen Islamitische Staat (IS). De Nederlandse trainingsmissies zijn recent stilgelegd omdat de coalitie een adviserende rol krijgt. Nederland heeft hier vanaf volgend jaar de leiding over.

Volgens Rutte bevindt de strijd tegen IS zich in een nieuwe fase, waarin de nadruk ligt op bescherming. Het doel is om de lokale organisaties te helpen professionaliseren, zodat zij op een later moment zelfstandig de strijd tegen de terroristische groepering kunnen voeren.

Er gaan 100 tot 150 militairen naar Erbil voor de beveiliging van de internationale luchthaven, vanaf waar de coalitie een belangrijk deel van de activiteiten uitvoert. De militairen gaan samen met de Verenigde Staten personeel en materieel beveiligen. De eerste Nederlanders vertrekken waarschijnlijk begin januari naar Erbil.

Nederland stuurt transportvliegtuig naar Mali

Daarnaast levert Nederland met een C-130 transportvliegtuig een logistieke bijdrage aan MINUSMA, de missie waarmee de Verenigde Naties (VN) de veiligheid en stabiliteit in Mali proberen te herstellen. De bemanning en het ondersteunend personeel bestaat naar schatting uit 70 tot 130 militairen.

Rutte wijst erop dat de situatie in het Afrikaanse land niet verbetert, maar juist verslechtert. Twee maanden geleden werd al bekendgemaakt dat het kabinet keek naar de mogelijkheden om deel uit te maken van het rotatieverband met Noorwegen, Denemarken en Portugal.

De drie landen wisselen elkaar al jarenlang elke zes maanden af bij de levering van een logistieke bijdrage aan de VN-missie. Nederland gaat naar verwachting vanaf november 2021 deel uitmaken van het rotatieverband. Deze bijdrage is aanvankelijk eenmalig.

35 Nederlandse militairen naar Jordanië voor strijd tegen IS

NOS 28.09.2020 Het kabinet stuurt deze herfst 35 Nederlandse militairen naar Jordanië om daar de Belgische luchtmacht te beveiligen. De Belgen beginnen in oktober met een nieuwe missie in de strijd tegen IS in het Midden-Oosten. Vanaf de basis in Jordanië zetten ze F-16’s in naar Irak en Noordoost-Syrië.

Het is de bedoeling dat de Nederlandse militairen ongeveer een jaar in Jordanië blijven. Het is niet voor het eerst dat Nederland en België samenwerken in de strijd tegen IS: de landen hebben elkaar al regelmatig voorzien van force protection. Twee jaar geleden waren de rollen bijvoorbeeld omgedraaid: toen zorgden Belgische militairen voor de veiligheid van hun Nederlandse collega’s op de basis in Jordanië.

Volgens Defensie vormt IS nog steeds een bedreiging en een bron van instabiliteit aan de randen van Europa. Daarom is de Nederlandse bijdrage nu nodig, zegt minister Bijleveld. “ISIS pleegt maandelijks nog altijd tientallen aanslagen tegen de Iraakse overheid, veiligheidstroepen en andere bevolkingsgroepen. Ze worden hiervoor deels vanuit Syrië voorzien van wapens, munitie en grondstoffen voor geïmproviseerde explosieven.”

Kalifaat

In maart 2019 viel het kalifaat van IS in Syrië en Irak, maar toen werd al benadrukt dat de terreurgroep ook ondergronds een gevaar zou vormen. Volgens Defensie is nu sprake van een ondergrondse “guerrillastrijd” in Irak en Syrië.

De huidige leider van IS is Ibrahim al-Quraishi. Hij is de opvolger van Abu Bakr al-Baghdadi, die vorig jaar werd gedood bij een Amerikaanse militaire operatie.

“Mede dankzij Nederland bestaat het kalifaat niet meer”, zegt minister Blok van Buitenlandse Zaken. “Maar we moeten waakzaam blijven, om een terugkeer te voorkomen. Daarom blijft Nederland een bijdrage doen.”

Op eigen benen

Vorige week maakte het kabinet nog bekend te stoppen met de trainingsmissie in Irak, waarbij Nederlandse militairen Iraakse commando’s opleidden.

In plaats daarvan wil Nederland vijf tot tien stafofficieren naar Bagdad sturen, die veiligheidsorganisaties en het Iraakse ministerie van Defensie gaan adviseren over bijvoorbeeld het plannen, voorbereiden en uitvoeren van operaties. Daarmee moeten de Iraakse en Koerdische strijdkrachten verder op eigen benen komen te staan, is de inzet van de internationale anti-IS-coalitie.

BEKIJK OOK;

De Nederlandse trainingsmissie voor de Koerden in Irak was vanwege de coronacrisis in april al stilgelegd. Ⓒ EPA

Nederland zet stap terug bij anti-IS-missie in Irak

Telegraaf  23.09.2020 Het kabinet schaalt de Nederlandse bijdrage aan de strijd tegen Islamitische Staat (IS) in Irak af. In plaats van het trainen van militairen, neemt de internationale coalitie tegen IS een adviserende rol aan.

De Iraakse veiligheidssector is volgens de anti-IS-coalitie zelf steeds bekwamer in het bestrijden van terreurbeweging IS.

Ook Nederland gaat adviesteams leveren, die zich richten zich op de Iraakse en Koerdische veiligheidsinstituties. De teams opereren op regionaal niveau, maar ook het Iraakse ministerie van Defensie krijgt een eigen adviesteam.

De advisering richt zich op het „plannen, voorbereiden en uitvoeren van operaties,” aldus het ministerie van Defensie. Het kabinet levert een bijdrage met zo’n 5 tot 10 stafofficieren aan de adviseringsmissie.

De internationale coalitie tegen IS heeft besloten alle trainingen in het gebied stop te zetten. De Nederlandse trainingsmissie voor de Koerden in Irak was vanwege de coronacrisis in april al stilgegeld. De 20 Nederlandse militairen die daar werkzaam waren zijn in april dan ook teruggekomen naar Nederland.

Ook liggen er twee nieuwe verzoeken bij Nederland voor verdere medewerking aan de strijd tegen IS. De Belgische regering vraagt hulp bij het beveiligen van Belgische F-16’s in Jordanië. Die strijden vanaf oktober tegen IS-terroristen in Irak en het noordoosten van Syrië.

Daarnaast heeft de coalitie tegen IS al haar leden verzocht om te helpen bij het beschermen van de internationale luchthaven van Erbil, in Iraaks-Koerdistan. De coalitie gebruikt de luchthaven voor activiteiten in het noorden van Irak. Het kabinet heeft nog beslissing genomen over deze verzoeken.

BEKIJK MEER VAN; Islamitische Staat Irak

Defensie bouwt rol in Irak verder af, overweegt nieuwe bijdrage missie Mali

NU 23.09.2020 Op verzoek van de internationale coalitie tegen Islamitische Staat (IS) in Irak gaat Nederland de inzet van militairen in het land verder afschalen. Het doel van de Nederlandse missie in Irak verschuift van het trainen van militairen naar advisering van de Iraakse veiligheidssector, meldt Defensie woensdag.

Volgens de internationale coalitie kunnen de Iraakse veiligheidstroepen de dreiging van IS inmiddels voldoende aan. Nederlandse inzet bij operaties is daarom niet langer nodig.

In Irak waren in het begin van het jaar zo’n vijftig Nederlandse militairen actief. Twintig van hen werden in april al teruggeroepen vanwege het coronavirus. De militairen waren daar om strijders van Iraaks-Koerdische milities, de peshmerga’s, op te leiden. Deze milities speelden de afgelopen jaren een belangrijke rol bij de strijd tegen IS.

De nu nog aanwezige Nederlandse militairen zullen zich volgens Defensie gaan richten op het adviseren van de Iraakse troepen, bijvoorbeeld op het gebied van plannen, voorbereiden en uitvoeren van operaties.

De internationale coalitie heeft Nederland verder gevraagd om te helpen bij de beveiliging van Erbil International Airport in het Koerdische deel van Irak. Het kabinet onderzoekt nog of dit wenselijk en mogelijk is.

Hervatting deelname missie in Mali onderzocht

Defensie meldt daarnaast een eventuele hervatting van de Nederlandse deelname aan de VN-missie Minusma in Mali te onderzoeken.

De deelname zou bestaan uit het leveren van een militair transportvliegtuig om luchttransport te kunnen bieden voor de missie. Daarmee wil Nederland zich mengen in het rotatieschema met Denemarken, Portugal, België en Zweden, die dit sinds 2016 leveren.

De eerstvolgende mogelijkheid om deel te nemen aan het rotatieschema zal vanaf november 2021 zijn. Het kabinet zal daar voor die tijd een beslissing over nemen.

Lees meer over: Irak Defensie Minusma Missie Irak Buitenland

Archieffoto van een Nederlandse trainer in Irak. De taak verschuift nu van training naar advisering van de Iraakse veiligheidssector.

Nederlandse inzet in Minusma, Afghanistan en in de strijd tegen ISIS

RO 23.09.2020 Het kabinet heeft vandaag het parlement ingelicht over de nieuwe fase van de Nederlandse inzet in de strijd tegen ISIS in Irak: een verschuiving van training naar advisering van de Iraakse veiligheidssector. Daarnaast heeft de Belgische regering Nederland verzocht om bij te dragen aan de force protection van de Belgische F-16’s die vanuit Jordanië de strijd tegen ISIS voeren.

De anti-ISIS coalitie heeft ook een breed verzoek gedaan aan de leden van de coalitie, waaronder Nederland, voor force protection van Erbil International Airport. Tevens onderzoekt het kabinet een mogelijke bijdrage aan de VN-missie MINUSMA in Mali. In Afghanistan wijzigt de taakstelling van het Nederlands-Duitse Special Operations Team (SOAT).

Midden-Oosten

De anti-ISIS coalitie heeft de volgende fase in de strijd tegen ISIS aangekondigd, omdat de Iraakse veiligheidssector in toenemende mate in staat is om de dreiging van ISIS het hoofd te bieden. In deze fase wordt in plaats van training van militairen de focus gelegd op institutionele advisering van de Iraakse veiligheidssector.

Dit betekent een verminderde actieve deelname aan operaties, een reductie in troepenaantallen en een grotere nadruk op force protection van de resterende eenheden van de coalitie.

Door middel van regionale adviesteams, bestaande uit elk ongeveer 10 stafofficieren, worden de Iraakse, waaronder ook de Koerdische, veiligheidsinstituties geadviseerd. Ook komt er een adviesteam voor het Iraakse ministerie van Defensie.

Deze advisering is gericht op bijvoorbeeld het plannen, voorbereiden en uitvoeren van operaties. Het kabinet wil hieraan een bijdrage leveren met circa 5 tot 10 stafofficieren. Op deze manier helpt de coalitie de Iraakse strijdkrachten verder op eigen benen staan en kan de jarenlange trainingsinzet van onder andere Nederland op een duurzame manier worden geborgd.

In verband met COVID-19 was de Nederlandse trainingsmissie gericht op de Koerdische strijdkrachten in Irak sinds april reeds stilgelegd. Deze trainingen verzorgde Nederland samen met partnerlanden van de coalitie in Erbil. De circa 20 Nederlandse trainers die werkzaam waren in Erbil zijn in april 2020 teruggekeerd naar Nederland.

In het licht van de verschuiving naar institutionele advisering, heeft de anti-ISIS coalitie besloten om alle trainingen stop te zetten. Daarmee komt ook deze Nederlandse trainingsbijdrage tot een einde. Enkele Nederlandse stafofficieren die op dit moment nog wel in Erbil verblijven geven invulling aan de transitie van training naar de nieuwe adviserende taken.

Tegelijkertijd onderzoekt het kabinet de wenselijkheid en mogelijkheid om aan twee verzoeken tegemoet te komen die zijn gedaan in het kader van de strijd tegen ISIS. De Belgische regering heeft Nederland verzocht om een bijdrage te leveren aan de force protection van het Belgische F-16-detachement dat vanaf  oktober 2020 vanuit Jordanië wordt ingezet in de strijd tegen ISIS in Irak en Noordoost-Syrië.

Dit verzoek bouwt voort op de eerdere samenwerking met België tijdens de inzet van Nederlandse en Belgische F-16s in de strijd tegen ISIS. België en Nederland voorzagen elkaar toen afwisselend van force protection.

Het militaire hoofdkwartier van de anti-ISIS coalitie heeft daarnaast een breed verzoek gedaan aan de leden van de coalitie, waaronder Nederland, voor force protection van Erbil International Airport in de Koerdistan Autonome Regio in Irak, voor de periode vanaf najaar 2020 tot in ieder geval 1 mei 2021. De anti-ISIS coalitie ontplooit een deel van de activiteiten in het noorden van Irak vanaf deze luchthaven.

Sahel

Nederland voert overleg met de VN-missie MINUSMA in Mali en de betreffende landen over de levering van een militair transportvliegtuig aan de missie. VN-vredesmissies hebben een doorlopende behoefte aan luchttransport om hun mandaat effectief uit te kunnen voeren.

Sinds 2016 werken Denemarken, Portugal, België en Zweden samen in een rotatieschema om deze capaciteit aan MINUSMA te leveren. Het kabinet richt zich op deelname aan dit rotatieschema. De eerstvolgende beschikbare periode voor het leveren van een mogelijke bijdrage is vanaf november 2021, voor 6 maanden. Het kabinet onderzoekt de wenselijkheid en mogelijkheid van deze bijdrage.

Een Bushmaster.

Afghanistan

Het begeleiden, trainen en adviseren van de Afghaanse partnereenheid ATF-888 door het Nederlands-Duitse Special Operations Team (SOAT) heeft haar vruchten afgeworpen. Eerder dit jaar werd ATF-888 fully operational capable verklaard. Dit betekent dat deze eenheid nu ervaren genoeg is om operaties zonder de  begeleiding van het SOAT uit te voeren.

Daarom richt de inzet van het SOAT, onder de vlag van Resolute Support, zich nu op het stafniveau en het verbeteren van de bedrijfsvoering. Door deze veranderde taakstelling is minder infrastructuur benodigd en kunnen voertuigen zoals de gepantserde Bushmaster terug naar Nederland.

Zie ook;

Nederland stopt trainingsmissie Irak in strijd tegen IS

AD 23.09.2020 Nederland stopt met de training van Iraakse strijdkrachten in de strijd tegen Islamitische Staat. In plaats daarvan krijgt ons land een adviserende rol. Dat heeft het kabinet vandaag bekendgemaakt. Verder heeft België de Nederlandse regering verzocht bij te dragen aan de bescherming van de Belgische F-16’s die vanuit Jordanië strijdvoeren tegen de terreurgroep.

Het besluit betekent dat Nederland minder actief deel zal nemen aan militaire operaties, dat er minder militairen gestationeerd zullen zijn en dat er een grote nadruk komt te liggen op ‘force protection’ van de resterende leden van de gezamenlijke coalitie tegen IS.

Die ‘volgende fase’ is volgens het kabinet mogelijk omdat de Iraakse veiligheidsdiensten steeds beter in staat zijn om IS het hoofd te bieden. De circa twintig Nederlandse trainers die Koerdische strijdkrachten in Irak trainden, werden in april al teruggehaald vanwege de uitbraak van het coronavirus.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Via allerlei regionale adviesteams worden de Iraakse, waaronder ook de Koerdische, veiligheidsdiensten geadviseerd. Ook komt er een adviesteam voor het Iraakse ministerie van Defensie, gericht op het voorbereiden en uitvoeren van militaire operaties.

‘Op deze manier helpt de Coalitie de Iraakse strijdkrachten verder op eigen benen staan en kan de jarenlange trainingsinzet van onder andere Nederland op een duurzame manier worden geborgd’, laat Defensie weten.

Tegelijkertijd kijkt het kabinet naar twee andere verzoeken van de anti-IS-coalitie, waaronder een van België voor hulp bij de zogeheten ‘force protection’ van Belgische F-16’s die vanaf komende maand strijden tegen IS in Irak en Noordoost-Syrië.

Dat is in de afgelopen jaren ook al gebeurd. Toen Nederlandse F-16’s vanuit dat land IS-doelen aanvielen, beschermden Belgische militairen de basis. De Nederlandse inzet zou al volgende maand beginnen. Het gaat om dertig tot veertig militairen.

De coalitie heeft daarnaast alle leden, waaronder Nederland, verzocht te helpen bij de bescherming van Erbil International Airport. Daarbij zouden in totaal 100 tot 150 troepen nodig zijn.

Mali

Nederland overlegt ook over de levering van een militair transportvliegtuig aan de VN-missie Minusma in Mali. Sinds 2016 werken Denemarken, Portugal, België en Zweden al samen in een rotatieschema om luchttransport mogelijk te maken. Het transportvliegtuig zou, als het kabinet instemt, vanaf november volgend jaar voor zes maanden worden ingezet.

Nederland kondigde vorig jaar al aan weer een bijdrage te willen leveren aan een VN-missie. Tussen 2014 en 2019 waren Nederlandse special forces en eenheden van de luchtmobiele brigade actief in het noorden van Mali, om informatie te verzamelen voor de VN.

Nederland overlegt over missie Mali, trainingsmissie Irak gestopt

NOS 23.09.2020 Nederland overlegt met de VN of het opnieuw een bijdrage kan leveren aan de missie in Mali. Het gaat om de levering van een militair transportvliegtuig voor een half jaar, vanaf november 2021. Er zal ook een aantal militairen worden meegestuurd.

Minister Bijleveld schrijft in brief aan de Tweede Kamer dat er in het Afrikaanse land een voortdurende behoefte is aan luchttransport. Sinds 2016 voorzien Denemarken, Portugal, België en Zweden hier om beurten in. Het kabinet onderzoekt of Nederland ook mee kan draaien in dit rotatieschema.

Eerdere missie Mali

Nederland deed tussen 2014 en 2018 met ongeveer 250 militairen mee aan de VN-missie in Mali. Daar zijn vier Nederlanders bij omgekomen. Twee bij een helikopterongeluk en twee door een ongeluk met een ondeugdelijke mortier. Als Nederland eind volgend jaar weer een bijdrage levert, zal die veel kleiner zijn: een vliegtuig met militairen voor de bemanning, onderhoud en beveiliging.

Bijleveld meldt in haar brief ook dat Nederland is gestopt met de trainingsmissie in Irak. Begin dit jaar waren er nog ongeveer twintig trainers in het land. Zij zijn in verband met corona in april teruggekeerd naar Nederland. Sindsdien heeft het kabinet geconstateerd dat er in deze fase van de strijd tegen IS meer behoefte is adviseurs dan aan trainers.

Daarom wil Nederland nu vijf tot tien stafofficieren sturen, die veiligheidsinstituties en het Iraakse ministerie van Defensie gaan adviseren, bijvoorbeeld over het plannen, voorbereiden en uitvoeren van operaties. “Op deze manier helpt de internationale anti-IS-coalitie de Iraakse strijdkrachten verder op eigen benen te staan en kan de jarenlange trainingsinzet van onder andere Nederland op een duurzame manier worden geborgd.”

Luchthaven Erbil

Er ligt nóg een aantal verzoeken, schrijft de minister. Zo heeft het militaire hoofdkwartier van de anti-IS-coalitie verzocht om een bijdrage aan de militaire beveiliging van het vliegveld in Erbil vanaf dit najaar tot en met in elk geval 1 mei 2021. Verder wil België dat Nederland nog een keer meedoet aan de bescherming van het Belgische F-16-detachement dat vanuit Jordanië operaties in Irak uitvoert.

september 24, 2020 Posted by | 2e kamer, Erbil, Hawija, Irak, is, isis, islam, MINUSMA, politiek, Sahel | , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 12