Debat in de Digitale Hofstad

Stemmen uit de Haagse Wijken

Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 20

Hoger beroep 

Het hoger beroep in de zaak tegen Geert Wilders loopt nog altijd en gaat op 29 juni 2020 weer verder.

De rechtszaak in hoger beroep tegen PVV-leider Geert Wilders, om zijn ‘minder Marokkanen’-uitspraak, was eerder al uitgesteld. De inhoudelijke behandeling, die op maandag 6 april 2020 zou starten, ging vanwege de coronacrisis niet door.

Minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid heeft inmiddels goed genoeg gezocht naar documenten die gaan over de beslissing om PVV-leider Geert Wilders te vervolgen. Dat heeft de rechtbank in Utrecht donderdag 07.05.2020 bepaald in een procedure die was aangespannen door RTL Nieuws.

De omroep probeert met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) documenten boven water te krijgen die gaan over de vervolging van Wilders. De politicus staat in hoger beroep terecht voor zijn ‘minder-Marokkanen’-uitspraak in 2014.

RTL Nieuws wil weten of toenmalig minister Opstelten heeft aangedrongen op vervolging, zoals de verdediging van Wilders beweert. Het Openbaar Ministerie ontkent dit en zegt dat het zelfstandig heeft besloten om de PVV-voorman voor de rechter te brengen wegens groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie.

Omdat RTL aanvankelijk maar één document kreeg van de minister, oordeelde de rechtbank in november dat Grapperhaus beter zijn best moest doen. Een nieuw zoekactie leverde vervolgens 475 documenten op, die inmiddels ook allemaal zijn gepubliceerd.

Appjes

Toch vermoedt RTL Nieuws dat de minister nog altijd gegevens over besprekingen in de ministerraad en de top van het Openbaar Ministerie achterhoudt. Maar volgens de rechtbank is er zorgvuldig en grondig genoeg gezocht en zijn ook stukken uit de ministerraad meegenomen, net als appjes en sms’jes van Opstelten.

De rechtbank zegt dat onvoldoende vaststaat dat in de ministerraad is gesproken over de vervolging van Wilders, en dat dus niet zeker is dat er daadwerkelijk documenten bestaan. Dat geldt ook voor notulen van de OM-top.

Wel is het volgens de rechtbank aan de journalisten te danken dat er een groot aantal relevante documenten over de zaak is gevonden.

Debat

De Tweede Kamer besloot al eerder tot een debat over mogelijke bemoeienis van het ministerie van Justitie met de strafzaak tegen PVV-leider Wilders. Aanvankelijk wilde de Kamer dat niet doen zolang de zaak nog onder de rechter is, maar na een nieuwe oproep van Wilders ging de Kamer akkoord.

Wilders is er zeer stellig van overtuigd dat de vervolging door het Openbaar Ministerie vanwege zijn “minder Marokkanen”-uitspraken politiek gemotiveerd is. Al eerder stuurde minister Grapperhaus nieuwe documenten over de zaak naar de Kamer en Wilders vond die nogal schokkend:

“We hebben nu gezien dat volgens verschillende stukken mijn vervolging in de ministerraad is besproken en dat het Openbaar Ministerie wilde dat mijn vervolging nog voor de Provinciale Statenverkiezingen bekend werd.”

meer: Proces Wilders NU

Meer voor wilders minder

Bekijk ook: Zaak-Wilders 

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 19

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 18

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 17

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 16

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 15

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 14

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 13

Zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 12

Zie ook nog: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 11

En zie dan ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 10

zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 9

zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 8

nog verder dan maar: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 7

en dan ook weer: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 6

zie ook: Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder Marokkanen

zie ook: Haagse Islam Democraten doen aangifte tegen Haatzaaier Geert Wilders PVV

en dan ook nog: Rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 5

zie verder ook: Rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 4

zie dan ook nog: Rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 3

zie verder ook: Rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder minder – deel 2

zie ook verder: Rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder minder deel 1

zie ook: Geert Wilders PVV strafvervolging met uitspraak Minder Marokkanen

Wilders: ik sta voor de rechter, maar bedreigers lopen vrij rond

Telegraaf 03.07.2020  PVV-leider Geert Wilders zei vrijdag tijdens een zitting van het hof in Den Haag het onbegrijpelijk te vinden dat niet de radicalen die hem met de dood bedreigen in het beklaagdenbankje zitten, maar hijzelf. „Inmiddels sta ik vanwege mijn politieke mening al 10 jaar voor de rechter terwijl de islamitische radicalen die fatwa’s over me hebben uitgesproken nog steeds vrij rondlopen. Het is moeilijk te bevatten.”

Wilders was wederom aanwezig bij de behandeling van zijn zaak. Hij kon af en toe een gaap tijdens het urenlange betoog van het OM niet onderdrukken. Hij vertelde de voorzitter van het hof dat hij een hele korte nacht had gehad, vanwege drukte in de Tweede Kamer en de lange debatten rond racisme en discriminatie. Hij benadrukte dat het debat daarover in de Kamer moet worden gevoerd, en niet in de rechtbank.

Wilders staat terecht voor uitspraken die hij deed in maart 2014. Tijdens een bijeenkomst in maart van dat jaar stelde de politicus zijn publiek drie vragen: of ze meer of minder Europese Unie, Partij van de Arbeid en ten slotte Marokkanen wilden. Het publiek scandeerde steeds harder „Minder! Minder!” als antwoord. Daarmee zette de PVV’er volgens het OM aan tot haat.

Geert Wilders en zijn advocaat Geert-Jan Knoops (r.). Ⓒ HOLLANDSE HOOGTE / ANP

De PVV’er is ervan overtuigd dat de beslissing om hem te vervolgen een politieke is. Volgens hem heeft toenmalig justitieminister Ivo Opstelten een stevige vinger in de pap gehad om hem strafrechtelijk aan te pakken en dat is wettelijk niet toegestaan. Zijn advocaten hebben meerdere documenten zoals e-mails ingebracht als bewijs daarvoor. Wilders vindt daarom dat de zaak de prullenbak in moet. „Het is politieke manipulatie van de zuiverste soort”, aldus Wilders vrijdag. „Ik hoop echt, wat u ook van mij vindt, dat u dit niet zal toestaan.”

Einde in zicht

Het ’minder Marokkanen’-proces van politicus Geert Wilders duurt „onevenredig” lang en er wordt „steeds verder afgedwaald van de kern van de zaak.” Dat zei de advocaat-generaal vrijdag tijdens een zitting van het hof Den Haag in de langslepende zaak. Mogelijk is het einde nu in zicht: woensdag beslist het gerechtshof of er nog meer onderzoek nodig is, of dat er een datum voor de uitspraak in het strafproces komt.

Het Openbaar Ministerie zei vrijdag – nogmaals – dat er „nooit, nooit, nooit” sprake is geweest van enige vorm van beïnvloeding of bemoeienis vanuit het ministerie. „De verwijten die de verdediging aan het adres van het OM heeft gemaakt zijn zeer kwalijk. Het gaat om ongefundeerde en ernstige verwijten.”

BEKIJK OOK:

Wilders: ’Ik ben nog lang niet met ze klaar’

BEKIJK OOK:

Wilders: ’Dat is niet fair, en corrupt’

Laatste woord

Als het hof aanstaande woensdag besluit dat er geen extra onderzoek nodig is en er geen aanvullende vragen zijn, krijgt de politicus de ruimte voor zijn laatste woord. Daarna wordt de zaak gesloten en laat het hof weten wanneer de uitspraak is.

In hoger beroep heeft het OM net als in eerste aanleg een geldboete van 5000 euro geëist. De rechtbank veroordeelde Wilders in 2016 voor groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie, maar legde geen straf op. Zowel het OM als de politicus ging in beroep.

BEKIJK OOK:

Polarisatie heeft veel weg van racisme

BEKIJK OOK:

Racisme splijt Kamer: botsingen, verwijten en gescheld

BEKIJK OOK:

Frits Barend: ’Antisemitisme van linkse activisten komt hard aan’

BEKIJK MEER VAN; proces racisme Geert Wilders OM

Advocaat: ministerie betrokken bij beslissing vervolging Wilders

Den HaagFM 29.06.2020 Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft invloed uitgeoefend op het Openbaar Ministerie bij zowel de beslissing om Geert Wilders strafrechtelijk te vervolgen en de vervolging zelf. Dat zei de advocaat van de PVV’er. Advocaat Geert-Jan Knoops heeft dit al vaker gezegd tijdens het inmiddels jarenlang slepende proces.

Maandag, tijdens de voortzetting van het hoger beroep, kwam Knoops met een uitgebreide tijdlijn hoe die beïnvloeding er volgens hem heeft uitgezien. De politicus is aanwezig in de extra beveiligde rechtbank op Schiphol.

Wilders deed de gewraakte uitspraken in 2014 in een Haags café. Tijdens een bijeenkomst in maart van dat jaar stelde de politicus zijn publiek drie vragen: of ze meer of minder Europese Unie, Partij van de Arbeid en ten slotte Marokkanen wilden. Het publiek scandeerde steeds harder “Minder! Minder!” als antwoord. Daarmee zette de PVV’er volgens het OM aan tot haat.

Knoops presenteerde maandag onder meer e-mails tussen het ministerie en het OM, waarin over de zaak werd gesproken. Wilders is overtuigd dat de beslissing om hem te vervolgen een politieke is. Volgens hem heeft toenmalig justitieminister Ivo Opstelten een stevige vinger in de pap gehad om hem strafrechtelijk aan te pakken en dat is wettelijk niet toegestaan. Het OM heeft keer op keer met klem tegengesproken dat er sprake is van enige beïnvloeding.

In hoger beroep heeft het OM net als in eerste aanleg een geldboete van 5.000 euro geëist. De rechtbank veroordeelde Wilders in 2016 voor groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie, maar legde geen straf op. Zowel het OM als de politicus ging in beroep. Wanneer het hof uitspraak doet, is niet duidelijk.

Strafproces tegen Wilders eind juni hervat

Telegraaf 03.06.2020  Het hoger beroep in de zaak tegen PVV-leider Geert Wilders wordt op 29 juni hervat. De zitting is in het Justitieel Complex Schiphol, kondigt het gerechtshof in Den Haag woensdag aan.

Wilders staat in hoger beroep voor het gerechtshof in Den Haag terecht voor zijn uitspraken in maart 2014 over ’minder Marokkanen’. De zittingen in maart en april werden uitgesteld door de uitbraak van het coronavirus.

De rechtbank bevond Wilders eerder schuldig, maar legde geen straf op. De zaak sleept al jaren. Wilders is ervan overtuigd dat hij geen eerlijk proces krijgt, omdat de politiek zich zou hebben bemoeid met de beslissing hem te vervolgen.

BEKIJK OOK:

LIVE | Van Rijn: eind juni genoeg beschermingsmiddelen voor tweede golf

BEKIJK OOK:

Frontale botsing tussen Wilders en OM: ’Schaam u, advocaten-generaal’

BEKIJK OOK:

Waarom Wilders weer uitstel vraagt in zijn proces

BEKIJK MEER VAN; rechtbank Geert Wilders Den Haag

 

 

mei 8, 2020 Posted by | 2e kamer, aangifte, etnisch profileren, geert wilders, geert wilders pvv, groepsbelediging, grondwet, haatzaaien, marokkaan, marokkanen, minder, minder Marokkanen-proces., politiek, PVV, racisme, tweede kamer, vervolging | , , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Uitspraak rechtzaak Geert Wilders PVV – Minder, minder, minder – deel 20

Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 11 nasleep onderzoek Hawija Irak

AD 08.05.2020

Debat 14.05.2020

De Tweede Kamer vergadert donderdag 14.05.2020 plenair over het Nederlandse bombardement op de Iraakse plaats Hawija in 2015.

Het is voor het eerst sinds het uitbreken van de coronacrisis dat er in de plenaire zaal over iets anders wordt gepraat dan de coronacrisis. Voor de vierde keer moet minister Bijleveld van Defensie zich verantwoorden over de kwestie.

Telegraaf 15.05.2020

AD 15.05.2020

Het debat werd in maart al aangevraagd naar aanleiding van publicaties van de NOS en NRC. Daarin stond dat voorafgaand aan het bombardement op de bommenfabriek van IS al rekening werd gehouden met “nevenschade”, ook al bleek uit de berekeningen dat er nul burgerdoden bij zouden vallen.

In werkelijkheid kwamen 70 mensen om en werden 400 gebouwen verwoest of beschadigd. In de fabriek bleken veel meer bommen opgeslagen te liggen dan waar bij het opstellen van de berekeningen vanuit was gegaan.

Daar kwam in maart nog bij dat minister Bijleveld moest toegeven dat de Amerikanen al sinds 2017 de 70 burgerdoden meerekenden in hun statistieken. In december had Bijleveld nog het tegendeel beweerd. Voordat de minister in de Kamer verantwoording kon afleggen, brak de coronacrisis uit en werd het onderwerp vooruitgeschoven.

Telegraaf 09.09.2020

Schadevergoeding

Een Iraakse man krijgt van de Nederlandse Staat een schadevergoeding vanwege een vergissingsaanval in 2015 in de stad Mosoel. De Irakees Basim Razzo, verloor zijn hele gezin verloor toen een Nederlandse bom op zijn woning in Mosul viel. Dat schrijft minister Ank Bijleveld (Defensie) dinsdag in een Kamerbrief.

De Staat betaalt een hoge schadevergoeding aan Irakees Basim Razzo die in 2015 vrijwel zijn gehele familie verloor toen een Nederlandse vergisbom zijn huis trof. Die werd door een F-16 van de Koninklijke Luchtmacht gedropt in de overtuiging dat het een IS-hoofdkwartier was.

Over de exacte hoogte van de compensatie willen Razzo, zijn advocaat Liesbeth Zegveld en de Staat geen mededelingen doen. Maar hij vroeg ruim twee miljoen euro en zegt met het geaccepteerde tegenbod zeer tevreden te zijn. Het zou naar verluidt gaan om ruim een miljoen.

BEKIJK OOK:

Emotionele Irakees Razzo ’zeer tevreden’ met hoge schadevergoeding na vergisbom

’Vrijwillige vergoeding’

Minister Bijleveld (Defensie) stelt dat er vanwege het ’enorme menselijke leed’ dat de familie Razzo is aangedaan is besloten een ’vrijwillige vergoeding’ uit te keren. „Het is goed dat er overeenstemming is bereikt. Hopelijk helpt dit hem ook verder, al zal dit nooit het verlies van dierbaren kunnen vergoeden.”

Razzo verloor zijn vrouw, dochter, broer en neef tijdens de luchtoorlog tegen IS. Op aanwijzingen van de Amerikaanse bondgenoot bombardeerde een Nederlandse F-16 in september 2015 een huis in het Iraakse Mosul. Achteraf bleken Amerikaanse inlichtingenofficieren te snel tot de conclusie te zijn gekomen dat het een IS-hoofdkwartier was, zo erkenden ze volgens Basim Razzo tegenover hem.

AD 13.05.2020

Amerikanen waarschuwden voor burgerdoden

Twee weken geleden kwam er opnieuw informatie vrij. De NOS en NRC meldden op 21 april dat de CIA vooraf had gewaarschuwd dat er burgerdoden zouden kunnen vallen. Een Amerikaanse luchtmachtcommandant die betrokken was bij het Nederlandse bombardement op Hawija had bovendien bedenkingen bij die aanval, en hield rekening met burgerdoden.

AD 18.06.2020

AD 18.06.2020

Geheim

De informatie die ten grondslag lag aan de aanval kwam vorige maand naar buiten nadat NOS en NRC met succes een beroep deden op de Freedom of Information Act, de Amerikaanse versie van de Wet openbaarheid van bestuur. Bijleveld had de Kamer altijd voorgehouden dat de stukken geheim waren en niet met het parlement konden worden gedeeld.

Nederland was niet betrokken bij het deel van het proces waarmee de Amerikanen bepaalden welke doelen er in de strijd tegen IS werden gebombardeerd. De Amerikaanse aarzelingen bij de aanval, mede op basis van informatie die de Amerikaanse geheime dienst CIA van informanten kreeg, bleef tot ruim na de Nederlandse luchtaanval enkel in Amerikaanse handen. De risico’s die de VS zag, werden overigens ingeperkt in het uiteindelijke, aangepaste aanvalsplan waarmee de Nederlandse commandant akkoord ging.

Dossier luchtaanval Hawija

Live AD

Teruglezen: Het Tweede Kamerdebat over burgerdoden Irak NRC

Verslaggever Inge Lengton live bij het debat;

  Tweets by ‎@IngeLengton

Dossier Luchtaanval Hawija NRC

lees: Stand van zaken over de uitvoering van verschillende moties en toezeggingen 24.03.2020

lees: Brief van de minister van Defensie aan dhr. M. Esper, minister van Defensie van de Verenigde Staten bijlage 1 13.01.2020

lees: Vertaling van de antwoordbrief van de ondersecretaris van defensie van de Verenigde Staten bijlage 2 28.02.2020

lees: Besluit en bijlage Def op Wob-verzoek defensie onderzoek Hawija Redacted 17.02.2020

lees: Brief MIN DEF Antwoorden Kamervragen burgerslachtoffers Karabulut 25.11.2019

lees: Brief MIN DEF Beantwoording nadere vragen over de wapeninzet in Hawija 25.11.2019

lees: Brief MIN DEF SV Karabulut over passage uit boek missie F16 25.11.2019

lees: Beantwoording nadere vragen over de wapeninzet in Hawija brief 25.11.2019

lees: regeling Werkzaamheden over antwoorden op vragen over de 70 burgerdoden in Irak Brief 20.11.2019

lees: Feitenrelaas inzake de transparantie over burgerslachtoffers bij luchtaanvallen brief 05.11.2019

lees: Transparantie burgerslachtoffers bij luchtaanvallen in de strijd tegen ISIS brief 04.11.2019

lees: kamerbrief over het iob onderzoek naar stabilisatieprogrammas in syrie  7 september 2018

lees: rapport review of the monitoring systems of three projects in syria  7 september 2018

lees: Civilian Casualty Review Report Redacted 17.04.2018

lees: kamerbrief met voortgangsrapportage nederlandse bijdrage in strijd tegen isis 13.04.2018

lees: kamerbrief aanvullende artikel 100 brief nederlandse bijdrage aan de strijd tegen isis 29.01.2016

Zie ook: Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 10

Zie ook; Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 9

Zie ook: Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 8

Zie ook: Kabinet Rutte 2 en 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 7

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 6

zie ook:  Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 5

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 4

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 3

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 2

zie ook: Kabinet Rutte 2 – Nederland ook in de strijd tegen IS – deel 1

Advocate Zegveld (inzet links) noemt de schadevergoeding na de vergisbom ’een absoluut unicum’. Minister Bijleveld (inzet rechts) wees aansprakelijkheid in eerste instantie van de hand, maar Defensie legt nu toch een aanzienlijk deel van de geclaimde som op tafel. Ⓒ ANP/HH

Irakees die familie verloor bij vergisbom krijgt tonnen van Defensie

Telegraaf 08.09.2020  De Staat betaalt een hoge schadevergoeding aan Irakees Basim Razzo die in 2015 vrijwel zijn gehele familie verloor toen een Nederlandse bom zijn huis trof. Die werd door een F-16 van de Koninklijke Luchtmacht gedropt in de overtuiging dat het een IS-hoofdkwartier was.

Over de exacte hoogte van de compensatie willen Razzo, zijn advocaat Liesbeth Zegveld en de Staat geen mededelingen doen. Maar hij vroeg ruim twee miljoen euro en zegt met het geaccepteerde tegenbod zeer tevreden te zijn. Het zou naar verluidt gaan om ruim een miljoen.

BEKIJK OOK:

Emotionele Irakees Razzo ’zeer tevreden’ met hoge schadevergoeding na vergisbom

’Vrijwillige vergoeding’

Minister Bijleveld (Defensie) stelt dat er vanwege het ’enorme menselijke leed’ dat de familie Razzo is aangedaan is besloten een ’vrijwillige vergoeding’ uit te keren. „Het is goed dat er overeenstemming is bereikt. Hopelijk helpt dit hem ook verder, al zal dit nooit het verlies van dierbaren kunnen vergoeden.”

Razzo verloor zijn vrouw, dochter, broer en neef tijdens de luchtoorlog tegen IS. Op aanwijzingen van de Amerikaanse bondgenoot bombardeerde een Nederlandse F-16 in september 2015 een huis in het Iraakse Mosul. Achteraf bleken Amerikaanse inlichtingenofficieren te snel tot de conclusie te zijn gekomen dat het een IS-hoofdkwartier was, zo erkenden ze volgens Basim Razzo tegenover hem.

BEKIJK MEER VAN; gewapend conflict defensie Basim Razzo Bijleveld Liesbeth Zegveld Mosoel Staat Defensie Koninklijke Luchtmacht

Staat betaalt vergoeding aan man die familie verloor bij bombardement Irak

NU 08.09.2020 Een Iraakse man krijgt van de Nederlandse Staat een schadevergoeding vanwege een vergissingsaanval in 2015 in de stad Mosoel. Dat schrijft minister Ank Bijleveld (Defensie) dinsdag in een Kamerbrief.

In de nacht van 20 op 21 september 2015 gooiden Nederlandse F-16’s bommen op het huis van Basim Razzo. De internationale coalitie dacht ten onrechte dat zijn huis een hoofdkwartier was van terreurorganisatie Islamitische Staat (IS).

Razzo verloor bij het bombardement een groot deel van zijn familie en zelf raakte hij gewond. De Nederlandse Staat ontkende lange tijd dat Nederlandse bommen zijn huis hadden geraakt. Toen media vorig jaar over het incident gingen schrijven, gaf het kabinet de bombardementen alsnog toe.

Over de hoogte van de schadevergoeding willen het ministerie van Defensie, Razzo en zijn advocaat Liesbeth Zegveld, geen uitspraken doen. Tegen De Telegraaf zegt de man dat hij zeer tevreden is met de hoogte van het bedrag. Eerder eiste hij 2 miljoen euro voor de geleden materiële en immateriële schade.

Schadevergoeding geen erkenning van aansprakelijkheid

De minister hoopt met de schadevergoeding de man tegemoet te komen vanwege het “enorme menselijke leed” dat hem is overkomen. Wel voegt ze toe dat er geen sprake is geweest van onrechtmatig geweldsgebruik en dat de schadevergoeding uit “humanitaire overwegingen” tot stand is gekomen. Defensie benadrukt met de schadevergoeding geen aansprakelijkheid te erkennen.

Gesprekken met nabestaanden van een ander Iraaks bombardement op de stad Hawija, lopen nog. Bij dat bombardement met F-16’s in juni 2015 op een bommenfabriek van IS vielen zeker zeventig doden, onder wie veel burgerslachtoffers. Achteraf bleken er in de fabriek veel meer explosieven te liggen dan van tevoren was ingeschat.

Lees meer over: Irak   Ministerie van Defensie   Binnenland 

Het huis van Razzo na het bombardement BASIM RAZZO

Defensie betaalt tonnen aan nabestaande vergissingsaanval Irak

NOS 08.09.2020 Defensie gaat een schadevergoeding van tonnen uitkeren aan een Iraakse man, die in 2015 een groot deel van zijn familie verloor bij een bombardement door Nederlandse F16’s op zijn huis in Mosul. De internationale coalitie ging er ten onrechte van uit dat de bewoners banden hadden met terreurorganisatie IS.

Bij het bombardement kwamen de vrouw, dochter, een broer en een neef van Basim Razzo om het leven. Hijzelf overleefde de aanval.

In maart vertelde Basim Razzo aan de NOS hoe het bombardement verliep.

Het verhaal van Basim Razzo

In een brief aan de Tweede Kamer schrijft minister Bijleveld dat de vergoeding vrijwillig, uit humanitaire overwegingen wordt uitgekeerd en dat de Nederlandse Staat geen aansprakelijkheid erkent. Over de hoogte van de vergoeding doen beide partijen geen mededelingen, maar naar verluidt gaat het om iets minder dan een miljoen euro.

Onrechtmatige daad

Aanvankelijk eiste Razzo, die voor een telecombedrijf werkte, twee miljoen dollar als vergoeding voor de schade. Zijn advocaat, Liesbeth Zegveld, noemde het bombardement een “internationale onrechtmatige daad”, omdat de inlichtingen over het doel beperkt en tegenstrijdig waren.

In haar brief schrijft de minister nogmaals dat ze het daar niet mee eens is. “Er is geen sprake van onrechtmatig geweldsgebruik”. Met de vergoeding wil ze “namens het kabinet de heer Razzo tegemoetkomen vanwege het enorme menselijke leed dat hem is overkomen en de materiële schade die hij heeft geleden.” Razzo kreeg bij de aanval een granaatscherf in zijn rug en kan naar eigen zeggen niet meer werken.

Tranen van geluk

Advocaat Zegveld laat weten dat haar cliënt heel blij is met de schadevergoeding. “Hij heeft met tranen van geluk gereageerd nu hij weer enigszins de mogelijkheid heeft om aan de wederopbouw van zijn leven te beginnen”. Volgens Zegveld is de zaak uniek. “Meestal is Nederland niet zo bereid om uit te keren en komt zo’n zaak voor de rechter”.

Er loopt ook nog een schadeclaim van tientallen Irakezen die gedupeerd zijn door het Nederlandse bombardement op Hawija. Het bombardement op een autobommenfabriek van IS zette een reeks explosies in gang waardoor een hele wijk werd verwoest. Zeker zeventig burgers kwamen om.

Voordeel

Of de schadeclaims van Hawijaslachtoffers nu meer kans maken, is volgens advocaat Zegveld moeilijk te zeggen. “Geen enkele zaak is dezelfde. Tegelijkertijd toont de vergoeding van nu wel aan dat Nederland oorlogsschade vergoedt, dus dat kan een voordeel hebben”.

BEKIJK OOK;

Staat betaalt hoge schadevergoeding aan Irakees die gezin verloor door Nederlandse bom

AD 08.09.2020 De Irakees Basim Razzo, die in 2015 zijn hele gezin verloor toen een Nederlandse bom op zijn woning in Mosul viel, krijgt een hoge schadevergoeding van de Nederlandse Staat. Dat bevestigen zijn advocaat Liesbeth Zegveld en het ministerie van Defensie. Het bombardement was een vergissing.

Het bombardement, in september 2015, werd uitgevoerd tijdens de strijd van coalitietroepen tegen IS in Irak. Op basis van Amerikaanse inlichtingen was vastgesteld dat de huizen van Razzo en zijn broer, die naast elkaar staan, een hoofdkwartier zouden zijn van de terreurgroep. Na het bombardement bleken die inlichtingen onjuist, de familie had niets met IS te maken. De bommen vernielden de woningen van Razzo en zijn broer en doodde de vrouw en de dochter van Razzo. Ook zijn broer en diens zoon kwamen om. Razzo zelf raakte zwaargewond.

Lees ook;

Lees meer

Schadevergoeding

Defensie verzweeg lang dat het een Nederlandse bom was die op het huis viel. Pas nadat verschillende media, waaronder deze site, erover schreven, gaf het ministerie het uiteindelijk toe. Eind vorig jaar stelde Razzo, samen met de Nederlandse advocate Liesbeth Zegveld, Nederland alsnog aansprakelijk voor de materiële schade (zijn woning, zijn auto en de medische kosten) en de immateriële schade (het overlijden van vier familieleden).

De totale schade werd op zo’n twee miljoen euro berekend. Vanmiddag werd bekend dat Nederland inderdaad een schadevergoeding betaalt. Het precieze bedrag willen Defensie en Zegveld niet bekend maken. Het gaat waarschijnlijk om vele tonnen. Zegveld noemt het een ‘unieke schadevergoeding’.

Razzo zelf zei eerder tegen deze krant: ,,Ik heb vertrouwen in de menselijkheid van het Nederlandse systeem en ik vertrouw erop dat ik gerechtigheid zal krijgen.’’ Een eerdere ‘genoegdoening’ van het Amerikaanse leger van 15.000 dollar weigerde hij vanwege het lage bedrag en omdat de VS niet de verantwoordelijkheid voor de aanval op zich wilde nemen.

We spraken Basim een half jaar geleden over het bombardement waarbij hij zijn gezin verloor.

Het ministerie benadrukt dat het met de vergoeding geen aansprakelijkheid erkent. “Het ministerie is van Defensie van mening dat er geen sprake is van onrechtmatig geweldgebruik”, schrijft minister van Defensie Bijleveld aan de Tweede Kamer. Met de vergoeding wil het kabinet Razzo tegemoetkomen vanwege “het enorme menselijke leed dat hem is overkomen en de materiële schade”.

Het bombardement in Mosul is een van de twee Nederlandse ‘vergisbombardementen’. Bij een ander incident in de Iraakse stad Hawija, vielen mogelijk zelfs 70 burgerdoden na een Nederlands bombardement. Coalitie-straaljagers vielen daar een bommenfabriek van IS aan, maar daar bleek veel meer explosief materiaal in te liggen dan gedacht. Door de enorme explosie werd ook een nabijgelegen woonwijk getroffen. Gesprekken met nabestaanden en slachtoffers uit die stad lopen nog.

De dochter van Razzo op de avond voor de aanval. © privé

Sinds een jaar bestiert Jeroen Dijsselbloem, oud-minister van Financiën, de Onderzoeksraad Voor Veiligheid (OVV). Hij kampt met geldzorgen. © Guus Schoonewille

Onderzoeksraad: Geen geld voor onderzoek naar ‘Nederlands’ bombardement Hawija

AD 18.06.2020 De Onderzoeksraad Voor Veiligheid (OVV) weigert het bombardement in Hawija te onderzoeken. Opvallend is een van de redenen daarvoor: volgens de raad heeft het daarvoor te weinig geld. Dat zegt OVV-voorzitter Jeroen Dijsselbloem in een interview met deze krant.

Minister Ank Bijleveld (Defensie) had de OVV gevraagd om een onderzoek naar het bombardement, waarbij in 2015 vermoedelijk zeventig burgerdoden vielen. Het voorstel voor dat onderzoek werd gezien als een bezweringsformule om steun van D66 te houden voor haar positie als minister.

Dijsselbloem heeft haar echter laten weten dat het onmogelijk is dat de OVV ‘gevechtshandelingen’ onderzoekt. Dit is zo vastgelegd in de Rijkswet. Bijleveld drong er toch op aan een uitzondering te maken, maar dijsselbloem weigert dat. ,,We hadden een juridisch buitenommetje moeten maken.’’ En dat wil hij niet.

Opvallend genoeg stelt Dijsselbloem bovendien dat de OVV te weinig geld heeft voor het onderzoek. Het budget van de OVV, zo’n 13 miljoen, zou niet toereikend zijn. ,,We stonden kort geleden nog zwaar rood, om het maar huiselijk te zeggen.”

Dijsselbloem: ,,We hebben gewoon niet de financiële middelen nu voor een onderzoek naar Hawija en we willen niet aan ministers hoeven vragen om extra geld. Dat moet zeer uitzonderlijk zijn. Je loopt namelijk het risico om het verwijt te krijgen dat daarmee ook invloed op het onderzoek kan worden uitgeoefend. Wie betaalt, bepaalt. Dat willen we niet.”

Dat de OVV al een paar jaar met financiële tekorten kampt, steekt hem. ,,Ik wil daar niet cynisch over zijn, maar een cynicus zou kunnen zeggen dat we expres klein worden gehouden om dingen niet te onderzoeken. Daartegen pleit dat we steeds meer verzoeken krijgen, ook van ministers.”

Dijsselbloem is in gesprek met minister Ferd Grapperhaus (Justitie) over het budget en wil het liefst 1,5 miljoen euro per jaar meer.

De OVV kreeg voor het grote onderzoek naar de MH17-ramp wel apart budget. Volgens Dijsselbloem zou dat bij een onderzoek naar Hawija lastiger liggen omdat het kabinet dan zowel onderwerp van het onderzoek zou zijn, als de financier daarvan.

Een bezorgd mens is hij niet geworden van zijn baan als voorzitter van de Onderzoeksraad Voor Veiligheid (OVV). Toch heeft Jeroen Dijsselbloem (‘ik ben een optimist’) wel zorgen dat hij niet alles kan onderzoeken wat hij zou willen.

Lees ook;

Defensie houdt vol: genoeg informatie om te besluiten tot aanval Hawija

Lees meer

Defensie wist ten tijde van aanval op Hawija niet van Amerikaanse aarzelingen

Lees meer

Bijleveld doorstaat weer motie van wantrouwen na begrip voor ‘ergernis’ over Hawija

Lees meer

Bombardement op Hawija blijft Bijleveld achtervolgen

Lees meer

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) deed ook onderzoek naar de onderzoek van de ramp met vlucht MH17.

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) deed ook onderzoek naar de onderzoek van de ramp met vlucht MH17. © ANP

Halverwege het gesprek zegt Dijsselbloem, op gedempte toon nog wel, dat hij onlangs verrast werd over ‘hoeveel gebouwen er spontaan instorten in ons land’. De OVV wierp daar de blik op sinds het stadion van voetbalclub AZ instortte. ,,Het aantal ingestorte gebouwen blijkt een verontrustend rijtje dat je associeert met een ontwikkelingsland.” En dan zuinigjes: ,,Dat is niet bepaald acceptabel.”

Het maakt tegelijk de ‘ingenieur’ in hem ‘wakker’. ,,Heerlijk, ik houd van details.”

De oud-minister van Financiën kan zich op dat vlak uitleven, sinds hij een jaar geleden voorzitter werd van de Onderzoeksraad Voor Veiligheid (OVV). Een studie naar het ongeval met de Stint, het onderzoek naar de vliegramp in Faro, controleren wie ervoor zorgt dat we sinds de aanslag op MH17 niet over oorlogsgebied vliegen: het belandt allemaal op zijn bureau.

Optimist

Begrijp hem goed, Dijsselbloem is er geen ‘bezorgd mens’ door geworden. ,,Ik ben een optimist.” Maar: ,,Er is wel ruimte voor verbetering als het gaat om ons niveau van veiligheid.”

Als OVV-voorzitter landde hij alsnog in het hart van de politiek, maar dan in een onderzoekende taak. Gevraagd naar de miljarden die door zijn opvolger Wopke Hoekstra (Financiën) aan de corona-crisis worden besteed, antwoordt hij ontwijkend. ,,Van politiek ben ik niet meer. Ik probeer commentaar op mijn opvolger sowieso te vermijden.”

Tegelijk gaat de OVV de aanpak van de coronacrisis onderzoeken. Dat ligt politiek heel gevoelig, vooral als uw rapport voor de Tweede Kamerverkiezingen van volgend jaar verschijnt.

,,Dat zal wel, maar daar houden wij natuurlijk geen rekening mee. Bovendien doen wij al snel een jaar over een onderzoek, dus dat valt dan meen ik niet voor de verkiezingen te verwachten.”

We stonden kort geleden nog zwaar rood, om het maar huiselijk te zeggen, aldus Jeroen Dijsselbloem, Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Als voorzitter van de OVV trof hij een organisatie ‘met enorm gezag’, zegt hij. Wat niet wil zeggen dat Dijsselbloem geen ruimte voor verbetering ziet. Ging hij als minister over de besteding van honderden miljarden, nu bedraagt zijn budget bij de OVV zo’n 13 miljoen. En dat is te krap, oordeelt Dijsselbloem in het jaarverslag dat vandaag verschijnt. ,,We stonden kort geleden nog zwaar rood, om het maar huiselijk te zeggen. Terwijl we steeds meer vragen krijgen om onderzoeken te doen.”

Wat zijn daarvan de gevolgen?
,,Het dwingt ons om onderzoeken niet te doen.’’

Zoals?
,,Hoewel de Tweede Kamer en de minister het ons hebben gevraagd, gaan we geen onderzoek doen naar het bombardement in Hawija. Dat kunnen we niet doen.”

Volgens Dijsselbloem is de reden daarvoor tweeledig. De wet geeft de OVV namelijk alle ruimte om onderzoek te doen, behalve naar gevechtshandelingen van Defensie. Het ongeluk met mortiergranaten in Mali was in 2017 wel reden voor een studie van de OVV, maar dat was geen gevechtshandeling maar een ‘intern’ ongeval.

,,We hadden een juridisch buitenommetje moeten maken als we het bombardement hadden willen onderzoeken, maar dat raakt aan onze onafhankelijkheid omdat de ministerraad ons dan eenmalig, ad hoc, toestemming had moeten geven. Wij willen graag onderzoeken op basis van onze eigen OVV-wet, omdat die onze onafhankelijkheid garandeert.”

Het tweede punt is financiering, stelt Dijsselbloem. Hij zou er ‘structureel’ 1,5 miljoen bij willen hebben. ,,We hebben gewoon niet de financiële middelen nu voor een onderzoek naar Hawija en we willen niet aan ministers hoeven vragen om extra geld. Dat moet zeer uitzonderlijk zijn. Je loopt namelijk het risico om het verwijt te krijgen dat daarmee ook invloed op het onderzoek kan worden uitgeoefend. Wie betaalt, bepaalt. Dat willen we niet.”

Ank Bijleveld, minister van Defensie, en premier Mark Rutte tijdens het debat in de Tweede Kamer over het bericht dat de premier geïnformeerd zou zijn over de zeventig burgerdoden in Irak.

Ank Bijleveld, minister van Defensie, en premier Mark Rutte tijdens het debat in de Tweede Kamer over het bericht dat de premier geïnformeerd zou zijn over de zeventig burgerdoden in Irak. © ANP/Koen van Weel

Wat nu?
,,De wet aanpassen dat we dit wel kunnen onderzoeken. En de begroting.”

Het is toch armoedig dat er geen geld is voor belangrijk onderzoek?
,,Ik wil daar niet cynisch over zijn, maar een cynicus zou kunnen zeggen dat we expres klein worden gehouden om dingen niet te onderzoeken. Daartegen pleit dat we steeds meer verzoeken, ook van ministers, krijgen.”

De onderzoeken die hij het afgelopen voorbij zag komen, sterken hem dat het ‘best goed geregeld is’ in ons land, op het gebied van veiligheid. Tegelijk zegt hij: ,,Zelfs in een land als Nederland, dat zo goed georganiseerd is, blijkt er veel te verbeteren. Soms is het gewoon labbekakkerigheid. Er was wel over nagedacht, er was verantwoordelijkheidsverdeling, maar dan zijn afspraken of waarschuwingen genegeerd.’’

Er hoeven geen koppen te rollen. Als wij onderzoek doen is het ook niet van: ‘Je hebt het verknoeid, hier heb je een rapport’, aldus Jeroen Dijsselbloem, Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Daarbij gaat het niet ‘om afstraffen’. ,,Er hoeven geen koppen te rollen. Als wij onderzoek doen is het ook niet van: ‘Je hebt het verknoeid, hier heb je een rapport’. Een bestuurder die heeft gefaald, is meestal de meest gemotiveerde om te verbeteren.”

Bovendien gaat het steeds vaker mis in de ‘interactie tussen mens en machine’. Dat kan op het gebied van cybersecurity zijn. ,,Maar ook een auto met elektrische hulpmiddelen. Je hebt auto’s die via sensors zien of er iemand voor je rijdt, maar toen bleek dat die sensor bij een hoge vrachtwagen er onderdoor scande. Die zag hij dus helemaal niet. Terwijl de bestuurder kan denken: het is veilig.”

En dat brengt ‘de ingenieur’ in Dijsselbloem dan weer boven. ,,Dan wil ik weten hoe iets werkt. Heerlijk.”

Vorig jaar werd bekend dat Dijsselbloem de nieuwe voorzitter van de OVV werd.

Onderzoeksraad: wij mogen geen onderzoek doen naar Hawija

NOS 17.06.2020 De Onderzoeksraad voor Veiligheid gaat geen onderzoek doen naar het bombardement op de Iraakse stad Hawija. In mei nam de Tweede Kamer een motie aan waarin de regering werd opgedragen de OVV te vragen om een onderzoek naar het bombardement in 2015 waarbij zeker zeventig burgers om het leven kwamen.

De raad wees er kort daarna al op wettelijk geen onderzoek te mogen doen naar optreden van de krijgsmacht. In een brief aan de Kamer schrijft minister Bijleveld van Defensie nu dat ze desondanks in gesprek is gegaan om te kijken of er niet een rol zou kunnen zijn voor OVV.

“Vandaag heeft de voorzitter mij per brief geïnformeerd dat de Onderzoeksraad (…) heeft besloten dit onderzoek niet ter hand te nemen.” De voorzitter wijst de minister op wettelijke beperkingen en op beperkte financiële ruimte bij de raad.

Brede steun

Aan het eind van het Hawija-debat op 14 mei, het vierde over deze kwestie, diende D66-Kamerlid Belhaj de motie in. “Conclusies kan ik pas trekken als ik alles weet”, zei ze destijds. De voorstel kreeg brede steun in de Kamer.

“Voor D66 was dit onderzoek heel belangrijk”, zegt politiek verslaggever Wilco Boom. “Die partij overwoog om een motie van wantrouwen te steunen, maar zag daarvan af omdat ze veel verwachtten van dit onderzoek.”

Het Openbaar Ministerie heeft eerder al onderzoek gedaan naar het bombardement op Hawija, maar dat was beperkt en kwam pas laat op gang.

Hawija

Nederlandse F-16-piloten gooiden in 2015 meerdere bommen op een bommenfabriek van Islamitische Staat in Hawija, waarbij zeker zeventig burgers omkwamen en ruim 400 gebouwen werden beschadigd of verwoest. De piloten handelden op basis van informatie van de VS.

De CIA meldde al een week voor het bombardement dat er nevenschade zou kunnen ontstaan “omdat er een woonwijk vlakbij ligt”. Het aantal burgerslachtoffers werd vlak van tevoren toch ingeschat op 0, waarna groen licht voor de aanval werd gegeven.

BEKIJK OOK;

Bijleveld snapt irritatie over Hawija en belooft opnieuw beterschap

NU 14.05.2020 Dat de Tweede Kamer opnieuw geconfronteerd wordt met nieuwe informatie over het Nederlands bombardement op de Iraakse stad Hawija is ook minister Ank Bijleveld (Defensie) een doorn in het oog, maar aan haar ligt het niet. Dat er steeds nieuwe feiten via media boven tafel komen ligt volgens de minister aan de Amerikanen. “Ik baal hier ook van.”

“We zitten in hetzelfde schuitje”, hield zij de Kamer voor. Dat ziet een deel van de Kamer anders. “Ik denk niet dat de minister begrijpt waar het om gaat”, zei Sadet Karabulut (SP). “De Kamer vraagt om transparantie, de minister weigert dat.” Bram Van Ojik (GroenLinks): “U bent de minister, u gaat over dit beleid.”

De Tweede Kamer debatteerde donderdag voor alweer de vierde keer met minister Bijleveld over het Nederlands bombardement op de Iraakse stad Hawija waarbij zeventig burgerslachtoffers vielen.

In het vorige debat doorstond de minister ternauwernood een motie van wantrouwen en beloofde beterschap. Haar departement zou transparanter te werk gaan, maar een deel van de kamer ziet geen verbetering. Van Ojik (GroenLinks). “Het is te weinig, te laat en het gaat met overduidelijke tegenzin.” Een nieuwe motie van wantrouwen haalde donderdag wederom geen meerderheid.

Kamer opnieuw geïrriteerd over nieuwe onthullingen via media

Dit keer is de directe aanleiding voor het debat de erkenning van de defensieminister dat zij de Kamer onvolledig heeft geïnformeerd. Waar niet alleen zij, maar ook premier Mark Rutte, herhaaldelijk volhielden dat er niet over zeventig burgerdoden gesproken kon worden, schreef Bijleveld in maart aan de Kamer dat de Amerikanen in de statistieken wel degelijk zijn uitgegaan van dat aantal slachtoffers als gevolg van de Nederlandse luchtaanval.

Een maand na publicatie van de Kamerbrief kwamen NOS en NRC met opnieuw onthullingen over Hawija. De twee media wisten eerder aan het licht te brengen dat er, anders dan het kabinet de Kamer had voorgehouden, wel degelijk bekend was dat er mogelijk burgerslachtoffers waren gevallen. Dit keer meldden zij dat dat de Amerikanen op voorhand al wisten dat een bombardement op de IS-bommenfabriek grote risico’s met zich meebracht.

Het gaat hier om informatie die de Kamer graag had willen ontvangen, maar – tot de verbazing van alle fracties – via de media heeft moeten verkrijgen. “De Kamer lijkt afhankelijk te zijn van onthullingen via de media”, ziet Salima Belhaj (D66). Dat is in strijd met het grondwettelijk recht van de Kamer op informatie.”

Thierry Baudet (FVD): “De Kamer wordt al vijf jaar voorgelogen. Hoe kunnen wij ons werk goed doen als we niet kunnen vertrouwen dat we goed geïnformeerd worden?” Ondanks de harde woorden steunde hij de motie van wantrouwen niet, net als VVD, CDA, D66, CU, SGP en Groep Van Haga.

Amerikanen wilden informatie niet openbaar maken

Volgens minister Bijleveld kon zij de informatie niet met de Kamer delen, omdat de Amerikanen daar geen toestemming voor gaven. NOS en NRC hebben er wel de hand op weten te leggen door gebruik te maken van een Amerikaanse wob-procedure. “Ik vind het ook waardeloos dat journalisten meer informatie krijgen van wij”, zei Bijleveld. Ook na verschillende verzoeken bleven de Amerikanen erbij dat de informatie geclassificeerd moest blijven.

Ongemak over de manier waarop de Verenigde Staten als bondgenoot op deze wijze omgaat met verzoeken van het Nederlands parlement wordt Kamerbreed gevoeld. Ook VVD, CDA, D66 en CU zijn hier geïrriteerd over. De belofte dat dit in de toekomst beter moet, is voor de coalitie voldoende om het vertrouwen te behouden.

Kamer blijft zoeken naar antwoorden

Maar of dit ook het laatste Hawijadebat zal zijn, is de vraag. Zo zijn er nog vragen de of Nederlandse red card holder, de hoogste militair die groen licht moet geven voor een bombardement, wist van de waarschuwingen van de Amerikanen.

Ook zijn er berichten dat een andere bondgenoot een aanval op Hawija heeft geweigerd. SP en PvdA willen weten welk land dat is en willen weten wat de redenen zijn geweest voor dat land om af te zien van een luchtaanval, maar daar is Bijleveld niet toe bereid.

Voor SP’er Karabulut is het laatste woord over Hawija nog niet gezegd. Zij wil ook openheid over de 2.098 overige Nederlandse luchtaanvallen. “Hoeveel burgerslachtoffers zijn daar gevallen?”

Lees meer overPolitiek 

Minister Bijleveld slaat zich ook door vierde debat over Hawija

NOS 14.05.2020 Minister Bijleveld begrijpt dat de Tweede Kamer “gevoelens van ergernis en onbegrip” heeft over de communicatie over het bombardement op Hawija. “U en ik zitten in hetzelfde schuitje”, zei de Defensie-minister in het vierde debat over de kwestie-Hawija.

Bijleveld stelde dat zij het ook “moet doen” met de gegevens die er zijn. “Ik heb steeds de informatie gegeven, ook als die later gecorrigeerd werd. Ik geef u antwoorden, ook als het mij niet uitkomt.”

In de Iraakse stad Hawija kwamen in 2015 naar schatting zeventig burgers om bij een Nederlandse luchtaanval op een bommenfabriek van IS. Dat kwam vorig jaar aan het licht na onderzoek van NOS en NRC.

‘Nevenschade’

De Tweede Kamer vindt dat Bijleveld de afgelopen maanden onvoldoende haar best heeft gedaan om informatie boven tafel te krijgen als de Kamer daarom vroeg. Ze had meer moeten aandringen bij de VS, dat de leiding had in Irak, vindt een aantal partijen. De minister reageerde dat ze het ook “een vreemde gang van zaken” vindt dat zij informatie niet heeft gekregen van de Amerikanen en journalisten wel.

Die nieuwe informatie, onder meer over de inlichtingen die hebben geleid tot uiteindelijk goedkeuring van het bombardement, kwam recent naar boven nadat NOS en NRC documenten in de VS hadden opgevraagd. Daarin staat onder meer dat er al rekening werd gehouden met “nevenschade”, ook al bleek uit berekeningen dat er geen burgerdoden zouden vallen.

Motie van wantrouwen

Aan het eind van het debat diende Karabulut van de SP een motie van wantrouwen in tegen de minister, omdat ze “niet open en eerlijk” is geweest. Die motie werd gesteund door de oppositiepartijen PVV, PvdA, 50Plus, GroenLinks, Denk, Partij voor de Dieren en de groep Krol/Van Kooten-Arissen, maar haalde het niet.

Coalitiepartij D66 was bij monde van Kamerlid Belhaj in het debat ook kritisch op de CDA-minister, maar ondertekende de motie niet. Belhaj vroeg wel om een onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid naar het bombardement. “Conclusies kan ik pas trekken als ik alles weet.” Overigens mag de OVV geen onderzoek doen naar een optreden van de krijgsmacht.

Bijleveld benadrukte dat Nederland niet de afzonderlijke inlichtingen van Amerikanen inziet, “maar alleen de uitkomst van die inlichtingen”. Die uitkomst was dat er geen risico was op burgerdoden bij het bombardement op Hawija, zei de minister. “Er zouden, met maatregelen zoals specifieke munitie en ’s nachts vliegen, geen burgerslachtoffers vallen.”

Hawija

Nederlandse F-16-piloten gooiden in 2015 meerdere bommen op een IS-bommenfabriek in Hawija, waarbij zeker zeventig burgers om het leven kwamen en ruim 400 gebouwen werden beschadigd of verwoest. Zij handelden op basis van informatie van de VS.

De CIA meldde al een week voor het bombardement dat er nevenschade zou kunnen ontstaan “omdat er een woonwijk vlakbij ligt”. Het aantal burgerslachtoffers werd vlak van tevoren toch ingeschat op 0, waarna groen licht werd gegeven.

“Tragischerwijs” lag er meer explosief materiaal in het IS-bommenfabriek, zei Bijleveld. Met de kennis van nu was het doel afgekeurd, maar op dat moment is het goedkeuren goed gegaan, benadrukte ze.

Tegen het eind van het debat kwam Kamerlid Van Kooten-Arissen, die sinds kort met Krol een groep vormt, nog terug op de informatievoorziening. Ze wees erop dat een Nederlands defensierapport eerder naar de Kamer had kunnen worden gestuurd. “Maar het werd pas na een Wob-verzoek vrijgegeven.” Na wat geharrewar gaf Bijleveld uiteindelijk toe dat het eerder openbaar had kunnen worden gemaakt.

Tijdens de missie in Irak van 2014 tot en met 2018 is Defensie “terughoudend” geweest met de informatie aan de Kamer. “In de toekomst gaan we dat anders doen”, beloofde Bijleveld. Ze wil ook afspraken met bondgenoten maken over het delen van informatie bij toekomstige missies.

BEKIJK OOK;

Bijleveld met hakken over de sloot in Irak-debat

Telegraaf 14.05.2020 Opnieuw ontsnapt minister Bijleveld (Defensie) met de hakken over de sloot aan een motie van wantrouwen om de informatievoorziening over de luchtaanval in de Iraakse stad Hawija. Daarbij vielen zo’n zeventig slachtoffers, waaronder tientallen burgers.

Een motie van wantrouwen van de SP krijgt steun van de oppositie, afgezien van de SGP, Forum voor Democratie en voormalig VVD’er Van Haga.

Tijdens de missie in Irak die duurde van 2014 tot en met 2018 is Bijlevelds ministerie ’terughoudend’ geweest met de informatie aan de Kamer. „In de toekomst gaan we dat anders doen”, beloofde ze. De CDA-bewindsvrouw wil ook afspraken met bondgenoten maken over het delen van informatie bij toekomstige missies. „Wij willen hetzelfde”, zei ze tot de Kamer: „Meer transparantie.”

De Kamer werd door het ministerie verkeerd geïnformeerd over de aanval van juni 2015, zo gaf Bijleveld vorig jaar toe. Haar voorganger Hennis had jarenlang tegenover de Kamer volgehouden dat door Nederlands toedoen geen burgerslachtoffers waren gevallen in Irak.

Bijleveld is als zittend minister politiek verantwoordelijk voor de desinformatie, reden waarom bijna de voltallige oppositie in de Kamer tijdens een eerder debat het vertrouwen in Bijleveld had opgezegd. De weinig deemoedige houding die de bewindsvrouw daarbij aanvankelijk aannam, speelde daarbij ook een rol.

Die houding is inmiddels veranderd. „Ik begrijp heel goed dat het frustrerend is als journalisten eerder informatie naar boven krijgt dan Defensie”, zo bleef ze maar benadrukken. „Dat komt gek over. Dat vind ik zelf ook.” Alleen, zo hield GL-Kamerlid Van Ojik haar voor: „U bent de minister, u gaat hierover.”

Opmerkelijk

Het irriteert Kamerleden dat de minister ondanks een verzoek bij haar Amerikaanse collega onderzoeksrapporten over de aanval niet mocht delen met de Kamer, terwijl NOS en NRC die wel los kregen na een Amerikaanse Wob-procedure. „Dat moet anders”, zei de minister in inmiddels het vierde debat over de kwestie. Bijleveld leek desondanks de stof nog altijd niet helemaal in de vingers te hebben, getuige de vele haperingen als ze eens niet van papier las.

Ze vond het zelf ook ’opmerkelijk’ dat ze de informatie niet mocht delen. Tegelijkertijd was dat heel normaal, zo redeneerde ze, want de informatie was immers ’Amerikaanse geclassificeerd’, dus geheim. „Wij zouden het ook niet leuk vinden als Trump geclassificeerde informatie van Nederland zou openbaren.”

Boezem

D66-Kamerlid Belhaj, aanvankelijk zeer kritisch, is blij dat de minister ’de hand in eigen boezem steekt’. Ze zou wel willen dat Bijleveld erkent dat er in 2015 onverantwoorde aannames werden gedaan over burgerslachtoffers, omdat niet bekend was hoeveel explosieven in de fabriek lagen. „Dat zouden we nooit meer op die manier moeten doen.”

Ook stoort het Belhaj dat Bijleveld zegt dat alle procedures zorgvuldig zijn doorlopen omdat zij geen inzage heeft in de inlichtingen waar de Amerikanen zich op baseerden. Volgens die Amerikaanse inlichtingen waren er gerede twijfels over het voorkomen van burgerslachtoffers op het bommenfabriekje van Islamitische Staat, aangezien die middenin een woonwijk stond. De Nederlandse kolonel die als red card holder groen licht gaf voor het bombardement, had die informatie echter niet tot zijn beschikking.

Bij de aanval in de nacht van 2 op 3 juni 2015 op de bommenloods van IS bleken er veel meer explosieven opgeslagen dan verwacht. De ’secondaire explosies’ beschadigde tientallen gebouwen eromheen en zorgde voor tientallen burgerslachtoffers.

’Niet geloofwaardig’

De felste kritiek aan het adres van Bijleveld, kwam van de SP. Kamerlid Karabulut vindt Bijleveld niet langer geloofwaardig als minister en dient een motie van wantrouwen in. Die krijgt steun van PVV, GroenLinks, 50Plus en afscheiders, Denk en Dierenpartij.

BEKIJK OOK:

Bijleveld opnieuw in de problemen

BEKIJK OOK:

’Amerikanen waarschuwden voor burgerslachtoffers bij aanval Hawija’

BEKIJK OOK:

Woede om kwalificatie ’moordenaars’ voor militairen

BEKIJK MEER VAN; gewapend conflict defensie Ank Bijleveld Tweede Kamer der Staten-Generaal

Minister Bijleveld overleeft vierde debat over bombardement Irak

RTL 14.05.2020 Ondanks felle kritiek en weer een motie van wantrouwen, kan Ank Bijleveld aanblijven als minister van Defensie. Voor de vierde keer overleeft ze een pittig debat over het gevoelige Hawija-dossier. “Deze minister is niet open een eerlijk”, klonk de kritiek. Bijleveld moest erkennen: “Er heerst onbegrip en ergernis in de Kamer. Ik begrijp die gevoelens.”

En weer moest Ank Bijleveld zich in een urenlang debat verantwoorden over de bomaanval door Nederlandse straaljagers op de Iraakse stad Hawija. Het was het eerste debat sinds weken dat niet over de coronacrisis ging.

Vijf jaar geleden bombardeerde Nederland een bommenfabriek van IS in de stad Hwaija. Er vielen veel slachtoffers, ook burgerdoden. Het blijkt uiteindelijk door onderzoek van verschillende media om zo’n 70 burgerdoden te gaan.

Onvoldoende haar best gedaan

Uit informatie die de VS vrijgaf aan journalisten, bleek de Amerikanen vooraf waarschuwden voor de burgerdoden. De Tweede Kamer had al een aantal keren gevraagd voor die informatie en vindt dat Bijleveld onvoldoende haar best heeft gedaan om de informatie boven tafel te krijgen.

Dat leverde de minister opnieuw een motie van wantrouwen op, maar een krappe meerderheid houdt voldoende vertrouwen in de minister.

Volgens indiener Sadet Karabulut (SP)  is de minister ‘niet open en eerlijk’. Bijleveld overleefde ook nu net weer die motie van wantrouwen, maar ze moest wel diep door het stof. “In de toekomst gaan we dat anders doen”, beloofde ze.

Lees ook:

Het mysterie van de 70 burgerslachtoffers in Irak: wat wist premier Rutte?

Verbaasd 

Kamerleden zijn onder meer verbaasd dat de minister onderzoeksrapporten over de aanval niet mocht delen van de Amerikanen, terwijl NOS en NRC die wel kregen na een Amerikaanse Wob-procedure. Bijleveld heeft naar eigen zeggen haar Amerikaanse collega gevraagd de rapporten aan de Kamer te mogen geven, maar kreeg nul op het rekest.

Kamerleden vonden dat ze harder met haar vuist op de tafel moet slaan. “Dat moet anders”, gaf de minister in het vierde debat over de kwestie toe. Ze benadrukte dat ze niet het beleid ‘waardeloos vindt’, maar de communicatie. Bijleveld beloofde dan ook beterschap.

Een Nederlandse F16 boven Afghanistan. © ANP

‘Bombardement niet goedkeuren’

Bijleveld moest regelmatig het antwoord op vragen schuldig blijven. Ze vaart tijdens het debat, dat een dag lang duurde, veel op geschreven tekst. Bij sommige improvisaties haperde ze.

Salima Belhaj van coalitiepartner D66 is blij dat de minister ‘de hand in eigen boezem steekt’. Ze zou wel willen dat Bijleveld erkent dat er in 2015 onverantwoorde aannames werden gedaan over burgerslachtoffers, omdat niet bekend was hoeveel explosieven in de fabriek lagen.  “Dat zouden we nooit meer op die manier moeten doen.”

Kamerlid Bram van Ojik (GroenLinks) wil weten of het bombardement achteraf toch niet goedgekeurd had mogen worden. De minister erkende dat met de informatie achteraf er nooit gebombardeerd had moeten worden. “Als we hadden geweten dat er zoveel bommen lagen, dan hadden we dit doel niet geaccepteerd.”

Felste kritiek 

De felste kritiek aan het adres van Bijleveld, kwam uit de hoek van de SP die ook de motie van wantrouwen indiende. “Deze minister, het kabinet, het ministerie van Defensie, is niet open en eerlijk en al helemaal niet transparant”, stelde Karabulut.

Minister Bijleveld zegt verder dat er een cultuurverandering bij Defensie in gang is gezet. “Er is wel degelijk in de afgelopen maanden veel door mij gedaan.” Naar een vergoeding voor nabestaanden wordt door een speciale werkgroep naar gekeken. Bijleveld hoopt dat het snel geregeld wordt voor de slachtoffers van Hawija.

Gezien de vele vragen van Kamerleden om nog nader onderzoek te doen, mogelijk door de Onderzoeksraad voor de Veiligheid, zal dit waarschijnlijk nog  niet het laatste debat rondom dit gevoelige dossier zijn.

Hoe zat het rond het bombardement op Hawija?

Vanaf oktober 2014 tot juli 2016 neemt Nederland voor het eerst deel aan een F16-missie boven Irak en Syrië. Na publicaties van NRC en NOS blijkt dat Nederland verantwoordelijk is voor een bombardement op een bommenfabriek van IS in Hawija, Irak. Zeventig burgers zouden om het leven zijn gekomen.

Zowel Defensie als het Openbaar Ministerie hebben het bombardement onderzocht. Volgens Defensie zijn alle procedures gevolgd. Het OM vindt geen strafbare feiten.

De toenmalige minister van Defensie, Jeanine Hennis, weet al in 2015 over de burgerdoden, maar geeft foute informatie aan de Tweede Kamer. Op 23 juni 2015 zegt ze dat er geen sprake is geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers door luchtaanvallen in Irak.

Lees ook:

Minister Bijleveld maakt excuses voor fout informeren dodelijke aanval Irak

RTL Nieuws; Ank Bijleveld

Bijleveld doorstaat weer motie van wantrouwen na begrip voor ‘ergernis’ over Hawija

AD 14.05.2020 Ook na een vierde, moeizaam Kamerdebat over de Nederlandse aanval in Hawija, waarbij ongeveer zeventig burgerdoden vielen, kan minister Ank Bijleveld van Defensie aanblijven. Een motie van wantrouwen die de SP tegen haar indiende, kon niet op een meerderheid rekenen.

Bijleveld wist steun te houden van de regeringspartijen (inclusief kritische coalitiegenoot D66) en oppositiepartijen SGP, Forum voor Democratie en eenmansfractie Wybren van Haga. Dat deed ze door begrip te tonen voor het ‘onbegrip’ en de ‘ergernis’ van de Tweede Kamer over de rammelende informatie-voorziening aan het parlement.

,,Ik begrijp heel goed dat het frustrerend is als journalisten eerder informatie naar boven krijgen dan Defensie. Dat ben ik helemaal eens met uw Kamer. Eigenlijk willen we allemaal hetzelfde, meer transparantie.” Dat Bijleveld de hand in eigen boezem stak, wilde D66-Kamerlid Salima Belhaj markeren als ‘een belangrijk moment’. Daarmee werd ook duidelijk dat D66 Bijleveld niet het vuur na aan de schenen zou leggen.

Ook beloofde de CDA-bewindsvrouw beterschap rond het delen van informatie over mogelijke burgerslachtoffers. ,,De Kamer zal nooit meer zo lang hoeven wachten op informatie.” Ze erkende dat haar ministerie in de periode dat Nederlandse F-16’s meevochten in de strijd tegen terreurorganisatie Islamitische Staat (IS) in Irak (van 2014 tot 2018) ‘heel terughoudend’ was geweest met het delen van informatie. Dat gaat in de toekomst anders. Wel zei ze een balans te moeten vinden. ,,Transparantie moet er niet toe leiden dat we de vijand wijzer maken.”

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Balen van communicatie

Bijleveld zei ‘te balen’ van de manier van communiceren en hoe zij regelmatig informatie die aan de Kamer was gestuurd moest corrigeren. Bijvoorbeeld omdat de burgerdoden die tijdens een Nederlands bombardement in het Iraakse Hawija waren gevallen wél door de Amerikanen bleken te worden meegeteld.

Of nadat de Amerikanen een geheim rapport toch openbaar hadden gemaakt nadat journalisten van NOS en NRC een beroep hadden gedaan op de Amerikaanse variant van de Wet openbaarheid van bestuur.

Maar het verwijt van SP-Kamerlid Sadet Karabulut dat de minister ‘wederom de indruk wekt’ dat zij de waarheid niet wil vertellen, schoot Bijleveld in het verkeerde keelgat. ,,Ik geef alle informatie die ik kan delen, ook als het me niet goed uitkomt.” Die informatie stuurde ze altijd ‘onverwijld’, benadrukte ze. Die indruk deelden niet alle partijen in de Kamer.

Openheid

Het parlement blijft het minister Bijleveld verwijten dat informatie over de fatale Nederlandse aanval op het Iraakse Hawija niet, verkeerd of onvolledig naar de Kamer werd gestuurd. Eerder in het debat had D66’er Belhaj nog gezegd dat de minister ‘heel hard haar best moet doen om volstrekte openheid te geven’. Volgens haar is ‘dit het moment om alles te vertellen’. ,,Hoe lelijk het misschien ook is. We moeten het nú weten.”

De Kamer werd het afgelopen halfjaar keer op keer verrast met nieuwe informatie over het bombardement op een bommenfabriek, waarbij in juni 2015 waarschijnlijk zeventig burgerdoden vielen. Sindsdien voelt Belhaj zich ‘een detective’ die zelf de puzzel moet leggen, op basis van een door elkaar gehusselde doos met puzzelstukjes waarbij ook nog een deel van een andere puzzel is gestopt. ,,De boodschap aan de Kamer is: los het maar op.”

De boodschap aan de Kamer is: los het maar op, aldus Salima Belhaj (D66).

Transparantie

Ook de oppositie nam het Bijleveld kwalijk dat zij de Kamer ‘niet proactief informeert’ en dat Kamerleden belangrijke informatie uit de media moeten vernemen in plaats van uit Kamerbrieven. Onder andere SP, GroenLinks en PvdA willen weten wat de Defensieminister precies heeft gedaan om te zorgen dat er in de toekomst meer transparantie komt over eventuele burgerslachtoffers.

In eerdere debatten – vandaag moet Bijleveld zich voor de vierde keer in de Kamer verantwoorden over de aanval op Hawija – doorstond de CDA-bewindsvrouw al moties van wantrouwen over de kwestie, de laatste keer werd die motie gesteund door de gehele oppositie, met uitzondering van de SGP en eenmansfractie Wybren van Haga.

Die partijen toonden zich nu ook mild. SGP-Kamerlid Chris Stoffer stelde ‘niet de indruk te hebben dat de minister ons heeft gedesinformeerd’. Wel zette hij vragen bij de informatie-uitwisseling tussen de VS, die de strijd tegen IS in Irak leidde, en Nederland.

Onderzoeksrapport

De Amerikanen wilden niet dat Bijleveld het onderzoeksrapport dat na de aanval werd opgemaakt zou delen met de Kamer. Het was geheim, liet Bijlevelds ambtgenoot haar weten. Na een beroep op de Amerikaanse versie van de Wet openbaarheid van bestuur lukten het NOS en NRC wél om dat rapport openbaar te krijgen.

‘Onbestaanbaar’, oordeelde de Kamer, die zich afvraagt of Bijleveld wel ‘met haar vuist op tafel heeft geslagen’ om het Amerikaanse stuk alsnog te krijgen.

Dat had ze wel degelijk gedaan, bezweerde Bijleveld. ,,Een deel van de Kamer verkeert blijkbaar in de veronderstelling dat ik niet zelf met de Amerikaanse minister van defensie heb gesproken”, zei Bijleveld over het geheime VS-rapport. ,,Dat is wel zo. Op twee momenten. In persoon. Ik heb dus zeker met mijn vuist op tafel geslagen.”

Volgens CDA-Kamerlid Martijn van Helvert heeft zijn partijgenoot ‘genoeg gedaan’ om het stuk boven tafel te krijgen. ,,Het is niet aan de minister om eenzijdig een vertrouwelijk Amerikaans rapport openbaar te maken.” Wel wil hij dat afspraken met de VS ‘in een volgend conflict’ beter worden vastgelegd.

Uit het stuk bleek dat de Amerikanen aanvankelijk grote risico’s voorzagen bij de aanval en dat er mogelijk burgerdoden zouden vallen. Daarop werd het aanvalsplan aangepast: er werd precisiemunitie gebruikt en de aanval vond ’s nachts plaats.

Maar de eerdere aarzelingen van de Amerikanen waren niet bekend bij de Nederlandse militair die het groene licht voor de aanval moest geven. Ook wist deze zogenoemde red card holder niets van CIA-inlichtingen die wezen op mogelijke burgerslachtoffers.

Zorgvuldig

Volgens VVD-Kamerlid André Bosman is de procedure echter wel zorgvuldig geweest, zoals ook topmilitairen gisteren tijdens een technische briefing volhielden, ook al werd de gevolgde procedure een aantal maanden na de aanval aangepast om herhaling te voorkomen. ,,Dat men niet exact wist hoeveel springstof er in een fabriek lag, is niemand aan te rekenen.”

Volgens ChristenUnie-Kamerlid Joël Voordewind is het proces juist onzorgvuldig verlopen omdat er zoveel slachtoffers zijn gevallen. ,,Er is iets vreselijk misgegaan.”

Minister Ank Bijleveld van Defensie (CDA) tijdens het Tweede Kamerdebat over de burgerslachtoffers die vielen in Hawija. © ANP/Bart Maat

Bombardement op Hawija blijft Bijleveld achtervolgen

AD 14.05.2020 Voor de vierde keer moet minister Ank Bijleveld van Defensie zich vandaag in de Kamer verantwoorden over de misgelopen Nederlandse aanval op Hawija. En weer moet ze vechten voor haar politieke hachje.

Wat gebeurde er in Hawija?
In de nacht van 2 op 3 juni 2015 voerde een Nederlandse F-16 een missie uit in de strijd tegen IS in Irak en Syrië. Nederland was één van de landen die in een coalitie geleid door de Amerikanen luchtaanvallen uitvoerde in Irak.

Doelwit was een bommenfabriek in het Iraakse Hawija. Daar bleken echter veel meer explosieven opgeslagen te liggen dan werd verwacht, waardoor de explosie veel groter was. Naar schatting zijn daarbij zeventig burgerslachtoffers gevallen. Dat Nederland bij de misgelopen aanval was betrokken, erkende het ministerie van Defensie pas ruim vier jaar later, in november 2019.

Lees ook

Spanning in coalitie: iedereen wijst naar iedereen in Irakdossier

Lees meer

Iraaks slachtoffer Nederlandse bommen wacht nog steeds op ‘sorry’ van de minister

Lees meer

Minister Ank Bijleveld (Defensie ) tijdens een eerder debat over het bombardement op Hawija. Ze overleefde al twee moties van wantrouwen.

Minister Ank Bijleveld (Defensie ) tijdens een eerder debat over het bombardement op Hawija. Ze overleefde al twee moties van wantrouwen. © ANP

Wanneer wist het kabinet hiervan en waarom werd de Tweede Kamer niet ingelicht?
De Kamer kon zich niet voorstellen dat bij Defensie pas in het najaar van 2019 het besef was doorgedrongen dat er zoveel doden waren gevallen. De F-16-vlieger moest de ravage toch hebben gezien?

Toch bleef Bijlevelds voorganger, VVD’er Jeanine Hennis, in de jaren na de aanval tegen de Kamer zeggen dat er ‘voor zover bekend’ geen burgerslachtoffers waren gevallen. Daarmee, stelde Bijleveld, had zij de Kamer verkeerd geïnformeerd. Die erkenning leverde Bijleveld in november een zwaar debat op waarin zij, politiek verantwoordelijk voor de fout van haar voorganger, stuntelend een motie van wantrouwen overleefde.

Later bleek Hennis destijds wel geïnformeerd te zijn over de grote schade bij de aanval, maar dat ‘nader onderzoek’ moest vaststellen óf er doden waren gevallen. Ook zou zij premier Mark Rutte hebben geïnformeerd. Die zei daar ‘geen herinnering’ aan te hebben. Er volgde een tweede debat en een tweede (verworpen) motie van wantrouwen. Maar daarmee was de kous nog niet af.

Het Amerikaanse eindrapport leek eerst kwijt en bleek vervolgens nooit te zijn opgemaakt. Maar Amerikaanse defensiewoordvoerders meldden aan Nederlandse media dat er wel degelijk een eindrapport was. In een derde Kamerdebat zei Bijleveld dat Defensie alleen een voorlopig rapport en een aanvullend rapport kreeg. Waarom er geen derde rapport kwam met het stempel ‘closure’, is nog altijd onbekend.

Jeanine Hennis hield vol dat er ‘voor zover bekend’ geen burgerslachtoffers waren gevallen.

Jeanine Hennis hield vol dat er ‘voor zover bekend’ geen burgerslachtoffers waren gevallen. © ANP

Wisten de Amerikanen van de zeventig doden?
Dat is één van de punten waar de Kamer opheldering over wil. Bijleveld blijft zeggen dat het ‘tot op de dag van vandaag nog altijd niet zeker is hoeveel burgerslachtoffers er precies te betreuren zijn in Hawija’. Ook ontkende ze keer op keer dat de Amerikanen de zeventig slachtoffers meetelden in hun statistieken. Maar in maart moest Bijleveld daarvan terugkomen.

De doden werden wel degelijk meegeteld in de Amerikaanse rapportages over burgerslachtoffers die vielen in de strijd tegen IS, lieten de Amerikanen haar weten, alleen gebeurde dat door een administratieve fout pas sinds december 2019. Pijnlijk genoeg werd het nieuwe staatje – met een opmerkelijke piek tussen juni en juni 2015 – nog tijdens het derde Kamerdebat openbaar. Tegen Bijleveld hadden de Amerikanen gezegd ‘alleen bevestigde doden’ mee te tellen.

Is dat het enige waardoor Bijleveld in verlegenheid werd gebracht?
Nee. Zo vroeg de Kamer meermaals om het rapport dat de Amerikanen hadden opgemaakt van de Nederlandse aanval. Bijleveld weigerde dat te geven. Het was geheim, stelde haar Amerikaanse ambtsgenoot, dus ze kon het niet met het parlement delen – ook niet vertrouwelijk.

Maar wat Bijleveld niet lukte, lukte de NOS en NRC in de Amerikaanse rechtszaal wel. Met een beroep op de Amerikaanse versie van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) werd dat onderzoek alsnog openbaar. Daarop stuurde Bijleveld het rapport schielijk alsnog naar de Kamer.

Videostill van het persbureau van IS.

Wat bleek uit dat geheime rapport?
Dat de Amerikanen aanvankelijk grote risico’s zagen bij de aanval. Er zouden burgerslachtoffers kunnen vallen omdat er woongebieden in de buurt lagen van de fabriek, zo lieten ook informanten van de Amerikaanse geheime dienst CIA weten.

Daarop pasten de Amerikanen hun aanvalsplan aan: het bombardement moest ’s nachts plaatsvinden en met meerdere kleine precisiebommen. Op basis van die informatie keurde de Nederlandse commandant de aanval goed. Hij wist niets van de aanvankelijke risico’s. Nederland werd, net als de andere bombarderende landen, niet betrokken bij het deel van het proces waarmee de Amerikanen bepaalden welke doelen er in de strijd tegen IS werden bestookt.

Hoe spannend wordt dit debat?
De Tweede Kamer heeft de messen geslepen. De Tweede Kamer is het zat dat er telkens nieuwe informatie opduikt. ,,Ik ben er klaar mee dat ik steeds door de media geïnformeerd word en niet door de minister’’, zegt Kamerlid Salima Belhaj van regeringspartij D66.

,,Het is irritant. De vraag moet beantwoord worden of wel het maximale is gedaan om slachtoffers te voorkomen.’’ VVD’er André Bosman zegt niet te snappen dat informatie die al bekend leek op het departement, toch niet aan de Kamer werd gegeven.

De oppositie ruikt bloed. ,,Dit is het eerste debat sinds twee maanden dat niet over corona gaat. Dan is er dus wat aan de hand,’’ zegt PvdA-Kamerlid John Kerstens. ,,Dit gaat over de geloofwaardigheid van de minister. Opnieuw. Gek dat de minister zegt dat de VS geen informatie geeft die journalisten wel boven tafel krijgen. Het is lastig vast te stellen of sprake is van welbewuste strategie of van een aaneenschakeling van blunders. Allebei is even erg.’’

Tweede Kamer opnieuw kritisch over optreden minister in Hawija-dossier

NOS 14.05.2020 De Tweede Kamer is opnieuw kritisch over het optreden van minister Bijleveld in het dossier over Hawija, de Iraakse stad waar naar schatting zeventig burgerdoden vielen bij een Nederlandse luchtaanval op een bommenfabriek van IS.

De Kamer vindt dat Bijleveld onvoldoende haar best heeft gedaan om de informatie, waar verschillende Kamerleden om hadden gevraagd, boven tafel te krijgen. Zij wilden onder meer weten hoe tot het bombardement is besloten en of meteen duidelijk was dat er burgerslachtoffers waren gevallen.

Het debat is hier te volgen via NPO Politiek.

Bijleveld heeft informatieverzoeken gedaan, maar mocht van de Amerikanen geen rapporten en documenten aan het parlement geven. Een deel van de Kamerleden vindt dat de minister toen harder met haar vuist op tafel had moeten slaan.

Detective

De informatie kwam namelijk wel naar boven toen NOS en NRC de documenten in de VS hadden opgevraagd. D66-Kamerlid Belhaj: “De Kamer moet steeds als een soort detective optreden om feiten boven tafel te krijgen. Om vervolgens weer allemaal nieuwe feiten in de krant te lezen.”

Die nieuwe feiten waren dat de CIA vooraf had gewaarschuwd dat er burgerdoden zouden kunnen vallen. Een Amerikaanse luchtmachtcommandant die betrokken was bij het Nederlandse bombardement op Hawija had bovendien bedenkingen bij die aanval, en hield rekening met burgerdoden.

Hawija

Nederlandse F16-piloten gooiden in 2015 meerdere bommen op een IS-bommenfabriek in Hawija, waarbij zeker 70 burgers om het leven kwamen en ruim 400 gebouwen werden beschadigd of verwoest. Zij handelden op basis van informatie van de VS.

De CIA meldde al een week voor het bombardement dat er nevenschade zou kunnen ontstaan “omdat er een woonwijk vlakbij ligt”. Het aantal burgerslachtoffers werd vlak van tevoren toch ingeschat op 0, waarna groen licht werd gegeven.

GroenLinks vindt dat de minister zich heeft laten afschepen door een politiek gezien lagere Amerikaanse functionaris. Zij kreeg een afwijzing op haar vragen van een plaatsvervangend onderminister. Kamerlid Van Ojik: “Dat is een diplomatieke oorvijg. De minister heeft niet eens antwoord geëist van haar ambtgenoot.”

Regeringspartijen VVD en CDA vinden dat er geleerd moet worden van wat er fout is gegaan. Bijvoorbeeld door betere afspraken te maken met de Amerikaanse defensie-organisatie in gevallen dat Nederland daar weer mee gaat samenwerken.

Wantrouwen

Ook dit keer kan de minister een motie van wantrouwen verwachten. Dat gebeurde bij een eerder debat vorig jaar ook. Toen stemden de oppositiepartijen, behalve SGP en het Kamerlid Van Haga, voor. De motie haalde geen meerderheid.

Het is nog niet duidelijk hoe dat vandaag zal gaan. Dat hangt voor doorslaggevende partijen zoals D66 en ChristenUnie af van de antwoorden die de minister later vandaag gaat geven.

BEKIJK OOK;

Ank Bijleveld, minister van Defensie tijdens een eerder debat in de Tweede Kamer over de 70 burgerdoden in Irak. Bij een aanval van Nederlandse F-16’s op Hawija in juni 2015 vielen tientallen doden. © ANP

Defensie houdt vol: genoeg informatie om te besluiten tot aanval Hawija

AD 13.05.2020 De Nederlandse militair die goedkeuring moest geven aan de Nederlandse F-16-aanval op de Iraakse stad Hawija had ‘genoeg informatie om de afweging te maken’. Ook functioneerde het proces dat voorafgaand aan het bombardement werd doorlopen ‘voor een groot deel goed’.

Er wás geen andere informatie over wat er in Hawija was opgeslagen, aldus Onno Eichelsheim, plaatsvervangend commandant der strijdkrachten.

Dat zei plaatsvervangend commandant der strijdkrachten Onno Eichelsheim vanmiddag tijdens een briefing in de Tweede Kamer. Bij het Nederlandse bombardement kwamen in de nacht van 2 op 3 juni 2015 waarschijnlijk zeventig burgers om te leven.

De bommenfabriek die werd aangevallen, bevatte meer explosieven dan vooraf werd gedacht. Daarom bleef de schade niet beperkt tot de gebouwen op het industrieterrein, zoals vooraf werd ingeschat, maar werd ook een nabijgelegen woonwijk in puin gelegd.

Dat kwam als een verrassing, stelde luitenant-generaal Eichelsheim. ,,Er wás geen andere informatie over wat er in Hawija was opgeslagen.”

Lees ook;

Lees meer

CIA

De Amerikanen hadden in een eerdere inschatting van het doelwit burgerslachtoffers wél voorzien, onder andere op basis van inlichtingen van geheime dienst CIA. Om het risico daarop in te perken werd andere munitie gebruikt en vond de aanval ’s nachts plaats.

De Nederlandse militair die het groene licht voor de aanval moest geven, wist niets van die Amerikaanse informatie. ,,Nederland was niet betrokken bij het eerste deel van het doelontwikkelingsproces”, aldus Eichelsheim.

Dat kan volgens hem ook niet altijd, omdat niet alle landen dezelfde positie hebben als het om lichtingen gaat en dus ook niet altijd inzage hebben in dezelfde inlichtingen. Toch kon deze zogeheten red card holder een goede afweging maken op basis van de informatie die hij had, stelt de topmilitair.

‘Geen exacte wetenschap’

Kolonel-vlieger Peter Tankink benadrukte dat het doelproces ‘geen exacte wetenschap’ is. ,,Het houdt geen rekening met wapenfouten, verplaatsingen en secundaire explosies.” Juist die secundaire explosie zorgde in Hawija voor een groot aantal slachtoffers. Volgens Tankink vielen de secundaire explosies ‘op basis van eerdere aanvallen’ op dertien soortgelijke explosievenfabrieken juist mee.

Volgens Eichelsheim verloopt het proces ‘heel secuur en minutieus en kan het ‘weken, soms wel maanden duren’, maar is dat geen garantie dat ‘het altijd goed gaat’. ,,Het is een nachtmerrie als je achteraf moet constateren dat er burgerslachtoffers zijn gevallen.”

De Amerikanen pasten in september 2015 het proces waarbij doelen bepaald worden aan. Volgens Eichelsheim was dat de belangrijkste les van Hawija. Bij een aanval op zo’n fabriek ‘in bewoond gebied moet je nog nauwkeuriger beoordelen wat je kunt verwachten’.

Bijleveld weer naar Hawijadebat: ‘Heeft minister met vuist op tafel geslagen?’

NU 13.05.2020 Voor de vierde keer moet minister Ank Bijleveld (Defensie) zich voor de Tweede Kamer verantwoorden voor de gebrekkige informatievoorziening over het Nederlands bombardement op de Iraakse stad Hawija. Donderdag in het debat moet Bijleveld uitleggen waarom de Kamer opnieuw geconfronteerd is met nieuwe informatie over de luchtaanval waarbij zeventig mensen om het leven kwamen.

“We debatteren niet alleen over wat Nederland had moeten weten voorafgaand aan het bombardement, maar ook over de informatiepositie van de Tweede Kamer”, zegt SP-Kamerlid Sadet Karabulut. “Ik heb het gevoel dat de Kamer telkens gepiepeld wordt.”

Aanleiding voor het debat is de Kamerbrief van eind maart waarin Bijleveld erkent de Kamer verkeerd te hebben geïnformeerd over het bombardement. Anders dan dat zij de Kamer eerder meldde, zijn de Amerikanen er wel degelijk van uitgegaan dat bij de Nederlandse aanval zeventig burgerdoden zijn gevallen.

‘Hoe krijgt media informatie wel, maar minister niet?’

In het Kamerdebat van december vorig jaar, waar de defensieminister ternauwernood een motie van wantrouwen doorstond, verzekerde Bijleveld de Kamer nog dat de burgerslachtoffers van Hawija niet zijn meegeteld in de statistieken van de Amerikanen. Navraag achteraf leerde dat de zeventig burgerslachtoffers wel degelijk zijn meegeteld.

Daar komt bij dat uit onderzoek van NRC Handelsblad en NOS is gebleken dat de Amerikanen op voorhand al wisten dat een bombardement op de IS-bommenfabriek grote risico’s met zich meebracht.

Uit informatie, die de twee media op grond van de Amerikaanse Freedom of Information Act (FOIA) boven tafel wisten te krijgen, blijkt dat een aanval op de fabriek tot de hoogste risicocategorie behoorde.

Deze informatie had de Kamer graag willen hebben. “Hoe kan het dat media dit wel boven tafel krijgen, maar het de minister niet lukt?” vraagt Karabulut zich af. Zij wil weten wat Bijleveld heeft gedaan om deze informatie los te krijgen bij de Amerikanen.

ChristenUnie vindt Amerikaans optreden ‘gênant’

Ook coalitiepartijen VVD, D66 en CU zijn geïrriteerd. André Bosman (VVD): “Welke druk heeft de minister gezet op het Pentagon?” D66’er Salima Belhaj: “Heeft de minister met haar vuist op tafel geslagen? Ze heeft beterschap beloofd, dus ik wil weten wat zij heeft gedaan om informatie waar de Kamer om vraagt te krijgen”. Bosman: “De Kamer moet wel goed geïnformeerd worden.”

ChristenUnie-Kamerlid Joel Voordewind noemt de manier waarop de Amerikanen die informatie wel aan media openbaren maar niet delen met het Nederlands parlement zelfs “gênant”.

In een technische briefing woensdag zei plaatsvervangend commandant der strijdkrachten Onno Eichelsheim dat de procedures en processen in aanloop naar het bombardement goed zijn verlopen. Eichelsheim lichtte toe dat de zogenoemde red card holder, de hoogste militair die namens Nederland groen licht geeft voor aanvallen, zich onder meer baseert op inlichtingen van het Amerikaanse CENTCOM en de coalitie vanuit Qatar.

Wat Voordewind betreft had de informatie over de risico’s gedeeld moeten worden. “Generaal Eichelsheim zei dat Nederland waarschijnlijk een ander besluit had genomen als duidelijk was wat de gevaren waren.” Ook met het oog op toekomstige missies waar Nederland aan deel kan nemen is het voor hem van belang dat Nederland als bondgenoot “beter en sneller” geïnformeerd wordt door de Amerikanen.

‘Als alles goed is gegaan, wat is er dan mis gegaan?’

Voor D66 is het van belang dat er meer duidelijkheid komt over wat er exact op welk moment fout is gegaan. “Om te kunnen leren”, zegt Behlaj. “Nu horen we dat alles netjes via de procedures is verlopen. Maar als alles goed is gegaan, wat is er dan misgegaan?”

Dat vindt ook Karabulut. “Dat het kabinet zegt dat ze niets wisten van burgerslachtoffers en het ook niet hadden kunnen weten, leg ik mij niet bij neer.”

Ze verwijst naar berichten dat een ander land uit de internationale coalitie had geweigerd om de aanval op Hawija uit te voeren. “Heeft de minister geprobeerd erachter te komen welk land dit is geweest en op basis van welke informatie heeft dat land besloten af te zien van een luchtaanval?”

‘Nieuwe motie van wantrouwen niet uitgesloten’

De SP’er sluit een nieuwe motie van wantrouwen niet uit. Aan haar oordeel over Bijleveld is sinds het debat van december niet veel veranderd. “Haar optreden deugt niet. De Kamer is herhaaldelijk verkeerd geïnformeerd. Ik vind haar niet meer geloofwaardig.”

Maar hoewel coalitiepartijen VVD, D66 en CU zich hardop afvragen of de CDA-minister wel hard genoeg achter de informatie is aangegaan, zal Bijleveld een nieuwe motie van wantrouwen waarschijnlijk wel overleven.

Voordewind: “De Kamer is verkeerd geïnformeerd met de informatie die zij op dat moment had. Na navraag is dat rechtgezet. Het probleem zit bij de informatievoorziening vanuit de Amerikanen.”

D66’er Belhaj: “Dit is moment waar ze alles moet vertellen dat relevant is. Dit is haar kans om ons volledig te informeren.”

Lees meer over: Politiek 

Bijleveld opnieuw in de problemen

Telegraaf 12.05.2020  Voor de vierde keer moet minister Bijleveld (Defensie) naar de Tweede Kamer komen om verantwoording af te leggen over de burgerdoden die vielen bij een bombardement van Nederlandse F-16’s in het Iraakse Hawija, in juni 2015. De CDA-bewindsvrouw kan er zeker niet gerust op zijn dat ze het debat doorstaat. Het wordt nu wel ’heel ingewikkeld’, zegt coalitiepartner D66.

Aanleiding voor het debat van donderdag zijn documenten die de Amerikaanse overheid heeft vrijgegeven na een beroep op de Amerikaanse versie van de Wet openbaarheid van bestuur door NOS en NRC. Daaruit blijkt dat bij de Amerikaanse geheime dienst CIA twijfels waren over de aanval.

De inschattingen van het risico op burgerslachtoffers was doorgegeven aan de militaire planning van de coalitie tegen Islamitische Staat. De Kamer vroeg meermaals om deze informatie, en Bijleveld heeft er ook om gevraagd bij haar Amerikaanse ambtsgenoot Esper, maar kreeg de informatie niet omdat die vertrouwelijk was.

„Gênant”, vindt CU-Kamerlid Voordewind. „De pers krijgt informatie boven tafel die Defensie niet boven tafel krijgt.” D66-Kamerlid Belhaj vraag zich af: „Heeft Defensie er dan op aangedrongen?” Belhaj vindt het ’irritant’ dat Defensie in het Hawija-dossier ’telkens brokjes informatie’ naar buiten brengt. „We willen gewoon weten hoe het zit. Het wordt zo wel heel ingewikkeld om onze controlerende taak uit te voeren.”

’Militair wist nergens van’

Volgens Defensie was de Nederlandse militair die er in juni 2015 mee instemde bombardement uit te voeren niet op de hoogte van de aarzelingen van de militaire planner. Deze zogeheten red card holder voor Nederlandse deelname kon die informatie dan ook niet betrekken bij zijn beslissing om de aanval al dan niet door te laten gaan, zo meldde Bijleveld de Kamer vorige week.

Wel werd het aanvalsplan aangepast met ’mitigerende maatregelen’, die overigens grotendeels ’operationeel vertrouwelijk’ zijn. Zo werd er ’s nachts gevlogen en werd de munitie aangepast.

Op basis van de inschatting van de nevenschade en de mogelijke impact van secundaire explosies ’was de verwachting’ dat er bij het Nederlandse F-16-bombardement ’geen burgerslachtoffers zouden vallen’. Op basis daarvan besliste de Nederlandse militair die belast was met het eindoordeel, de zogeheten red card holder, na overleg met een Nederlandse juridisch adviseur dat de aanval kon worden uitgevoerd.

„Hoe kan het dat de Amerikanen hebben gewaarschuwd voor burgerslachtoffers terwijl wij er niks van wisten?”, vraagt Voordewind zich af. „Terwijl wij nu wel alle claims krijgen.” Nabestaanden bereiden een schadeclaim voor tegen de Nederlandse staat.

Geloofwaardigheid minister

SP-Kamerlid Karabulut vindt dat de positie van Bijleveld, die bij eerdere debatten ternauwernood een motie van wantrouwen en van afkeuring overleefde, onhoudbaar is geworden. „Alle toezeggingen in eerdere debatten zijn niet waargemaakt. De belofte transparanter te zijn blijkt boterzacht nu de pers informatie openbaart die Defensie had moeten openbaren. Voor burgerslachtoffers is nog niks gedaan. Ziet Defensie het probleem? Nee.”

Het debat van donderdag gaat over ’de geloofwaardigheid van de minister’, zegt PvdA-Kamerlid Kerstens. „Opnieuw. Soms is lastig vast te stellen of er sprake is van welbewuste strategie om de Kamer het bos in te sturen of een aaneenschakeling van blunders. Het is allebei even erg.” Ook de SGP, belangrijk voor steun voor het aanblijven van de minister, is kritisch. „De communicatie tussen de VS en Nederland blijkt in elk geval rommelig.”

Bij de aanval in de nacht van 2 op 3 juni 2015 op een IS-fabriekje van autobommen bleek er veel meer munitie opgeslagen dan vooraf was voorzien. Door ’secundaire explosies’ werden ook honderden gebouwen in de aangrenzende woonwijk getroffen. Er vielen naar schatting zo’n zeventig slachtoffers, waaronder tientallen burgers.

Het optreden van de Nederlandse militairen en het doelwit van de aanslag in de Kamer niet betwist. IS had destijds grote delen van Irak en Syrië onder controle, moordde yezidi’s, christenen en niet-soennitische moslims uit en pleegden veelvuldig aanslagen met autobommen.

BEKIJK MEER VAN; gewapend conflict defensie Ank Bijleveld Hawija

Bijleveld donderdag voor de vierde keer naar Kamer over Hawija

NOS 08.05.2020 De Tweede Kamer vergadert volgende week plenair over het Nederlandse bombardement op de Iraakse plaats Hawija in 2015. Het is voor het eerst sinds het uitbreken van de coronacrisis dat er in de plenaire zaal over iets anders wordt gepraat dan de coronacrisis. Voor de vierde keer moet minister Bijleveld van Defensie zich verantwoorden over de kwestie.

Het debat werd in maart al aangevraagd naar aanleiding van publicaties van de NOS en NRC. Daarin stond dat voorafgaand aan het bombardement op de bommenfabriek van IS al rekening werd gehouden met “nevenschade”, ook al bleek uit de berekeningen dat er nul burgerdoden bij zouden vallen. In werkelijkheid kwamen 70 mensen om en werden 400 gebouwen verwoest of beschadigd. In de fabriek bleken veel meer bommen opgeslagen te liggen dan waar bij het opstellen van de berekeningen vanuit was gegaan.

Daar kwam in maart nog bij dat minister Bijleveld moest toegeven dat de Amerikanen al sinds 2017 de 70 burgerdoden meerekenden in hun statistieken. In december had Bijleveld nog het tegendeel beweerd. Voordat de minister in de Kamer verantwoording kon afleggen, brak de coronacrisis uit en werd het onderwerp vooruitgeschoven.

Amerikanen waarschuwden voor burgerdoden

Twee weken geleden kwam er opnieuw informatie vrij. De NOS en NRC meldden op 21 april dat de CIA vooraf had gewaarschuwd dat er burgerdoden zouden kunnen vallen. Een Amerikaanse luchtmachtcommandant die betrokken was bij het Nederlandse bombardement op Hawija had bovendien bedenkingen bij die aanval, en hield rekening met burgerdoden.

Voor alle coalitielanden in de strijd tegen IS gold in 2015: als vooraf duidelijk was dat er ook maar één burgerdode zou vallen, mocht een aanval niet worden uitgevoerd. Ook de Tweede Kamer is voorgehouden dat het aantal ingecalculeerde burgerdoden nul moest zijn.

De Tweede Kamer heeft het afgelopen halfjaar meermaals gevraagd om het Amerikaanse defensieonderzoek naar de aanval. Maar volgens minister Bijleveld kon dat niet met de Kamer gedeeld worden, omdat het een vertrouwelijk document is.

BEKIJK OOK;

Defensie wist ten tijde van aanval op Hawija niet van Amerikaanse aarzelingen

AD 07.05.2020 De Nederlandse militair die in juni 2015 het groene licht gaf voor het Nederlandse bombardement op de Iraakse stad Hawija wist niet dat de Amerikaanse geheime dienst CIA had gewaarschuwd dat er bij de aanval burgerslachtoffers konden vallen. Hij kon die informatie niet meewegen bij zijn beslissing om de aanval goed te keuren. Uiteindelijk vielen er bij de aanval vermoedelijk zeventig burgerdoden.

Dat schrijft minister Ank Bijleveld van Defensie aan de Tweede Kamer. Nederland was niet betrokken bij het deel van het proces waarmee de Amerikanen bepaalden welke doelen er in de strijd tegen IS werden gebombardeerd.

De Amerikaanse aarzelingen bij de aanval, mede op basis van informatie die de Amerikaanse geheime dienst CIA van informanten kreeg, bleef tot ruim na de Nederlandse luchtaanval enkel in Amerikaanse handen. De risico’s die de VS zag, werden overigens ingeperkt in het uiteindelijke, aangepaste aanvalsplan waarmee de Nederlandse commandant akkoord ging.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Geheim

De informatie die ten grondslag lag aan de aanval kwam vorige maand naar buiten nadat NOS en NRC met succes een beroep deden op de Freedom of Information Act, de Amerikaanse versie van de Wet openbaarheid van bestuur. Bijleveld had de Kamer altijd voorgehouden dat de stukken geheim waren en niet met het parlement konden worden gedeeld.

Bijleveld zegt niet te weten waarom de documenten nu toch openbaar zijn gemaakt terwijl haar Amerikaanse ambtsgenoot Mark Esper in maart van dit jaar nog per brief benadrukte dat dat niet kon. Zelf kreeg Defensie het Amerikaanse onderzoek op 22 januari 2016.

Zorgvuldig proces

Toch houdt Bijleveld vol dat het proces uitgebreid was en zorgvuldig is verlopen. Omdat de Amerikanen in eerste instantie aarzelingen hadden, werden er ‘mitigerende maatregelen’ (die negatieve effecten verminderen of wegnemen) genomen die het risico op burgerslachtoffers tot nul moesten terugbrengen.

Zo werden er precisiebommen afgeworpen en vond de aanval ’s nachts plaats. Bij de berekening van de nevenschade zou die beperkt blijven tot het industriële gebied. ,,Daarnaast”, schrijft Bijleveld, ,,werd ingeschat dat bij een nachtaanval er enkel sprake zou zijn van materiële nevenschade.”

Op basis van de inschatting van de nevenschade en de mogelijke impact van secundaire explosies ‘was de verwachting’ dat er bij het Nederlandse F-16-bombardement ‘geen burgerslachtoffers zouden vallen’.

Op basis daarvan besliste de Nederlandse militair die belast was met het eindoordeel, de zogeheten red card holder, na overleg met een Nederlandse juridisch adviseur dat de aanval kon worden uitgevoerd.

Meer explosieven

Het liep anders. De luchtaanval op het doelwit, een fabriek waar bermbommen werden gemaakt, leverde veel meer schade op dan op basis van de Amerikaanse informatie werd verwacht en er kwamen vermoedelijk zeventig burgers om het leven. In de fabriek lagen veel meer explosieven ‘dan bekend was of kon worden ingeschat door de anti-IS-coalitie’.

De aanval op Hawija was anders dan aanvallen op andere bommenfabrieken, stelt Bijleveld. Toen het daar zo mis ging, pasten de Amerikanen hun procedures voor dergelijke aanvallen op ‘gelijksoortige bommenfabrieken’ aan.

Dat de werkwijze op basis van nieuwe informatie zou worden aangepast, was volgens de minister eveneens standaard gebruik. Ook zou het doelwit niet in de hoogste risicocategorie vallen, zoals uit de Amerikaanse stukken zou blijken.

Volgens Bijleveld wordt er in die categorie onderscheid gemaakt tussen ‘high’ en ‘low’ en viel de bommenfabriek in Hawija onder de lagere rubriek omdat ‘burgerslachtoffers kunnen worden voorkomen als daartoe geplande mitigerende maatregelen worden toegepast’.

Geen juridische verplichting

Zonder die maatregelen, stelt Bijleveld, ‘was deze aanval voor de coalitie überhaupt niet uitvoerbaar geweest, gezien uit de stukken blijkt dat er bij dit doel geen burgerslachtoffers mochten worden verwacht’. Dat er bij aanvallen geen burgerslachtoffers te betreuren mochten zijn, was volgens Bijleveld het ‘uitgangspunt’ van alle bombardementen tegen IS.

Dat was echter geen formele bindende afspraak en ook geen juridische verplichting. ,,Ieder land is immers zelf verantwoordelijk voor de eigen wapeninzet en de proportionaliteitsafweging die daar aan vooraf gaat.

mei 8, 2020 Posted by | 2e kamer, dreiging, Hawija, Irak, is, isis, islam, nederlandse missie, politiek, salafisten, terreur, terrorisme, tweede kamer, veiligheid | , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Kabinet Rutte 3 – Nederland ook in de strijd tegen IS in Irak en verder – deel 11 nasleep onderzoek Hawija Irak